CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Woordelijk verslag besluitronde 29 november 2023

Besluitronde (raadsvergadering) 20 december 2023, gemeente NijmegenBij agendapunt: Vaststelling notulen van de vergadering van 29 november 202334.244 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Even kijken, wie wenst nog het woord te voeren in eerste termijn? Niet. want dan ga ik nog even naar wethouder Brom namens het college.

Spreker 4: meneer Brom (Wethouder) Dank je wel voorzitter. Een mooie motie en ook ook mooi om te horen dat we dat we met zijn allen, dat we ook om de kwetsbare jongeren, dat we daar oog voor hebben en dat we die graag willen helpen. En op welke wijze helpen wij die? Wij zorgen voor dat wij de jongeren van 18 tot 21, die noodzakelijk uitwonend zijn en ook andere jongeren overigens, en die aan de kant staan, die daar zorgen we voor dat ze een eigen klantmanager hebben. Die eigen klantmanager die zorgt ervoor dat ze kijken: wat hebben we nodig? We hebben bijvoorbeeld nodig de keuze tussen werk en onderwijs. We hebben misschien nodig schuldhulpverlening. We hebben misschien nodig individuele bijzondere bijstand, zodat ze niet onder het bestaansminimum vallen. Dat doen wij ook voor de 18- en 21-jarigen. We geven niet het lage bijstandstarief, maar dan krijgen ze ook een hoog bijstandstarief om te zorgen dat ze rondkomen. Ze krijgen eventueel ondersteuning van bijvoorbeeld het Werkbedrijf van hoe ga je solliciteren. Ze krijgen ondersteuning van een ROC of van een HAM van wat kun je later worden? En hoe gaan we jou goed op de rit zetten en de de de kickstart geven, de jumpsprong geven, verder het levenen met elkaar. Dat doen wij allemaal heel bewust hier in Nijmegen, als sociale stad voor de jongeren van 18 tot 21 jaar en ook andere jongeren.

Maar we hebben het nu eventjes over de jongeren die dan noodzakelijk uitwonend zijn. In 2022 waren die de jongeren van 18 tot 21 jaar, waren ook door de wet uitgesloten. Toen hebben wij met zijn allen gezegd: wij blijven deze jongeren blijven wij ondersteunen, want iedereen in Nijmegen krijgt de steun die hij of zij verdient om het goed te hebben in het leven en om een fatsoenlijk bestaan te hebben. Dat hebben wij bij de vorige energietoeslag hebben we dat ook bij mekaar afgesproken. En ik hoorde ook zeggen, bijvoorbeeld ook door meneer Galijasevic: hoe gaat u dan zorgen dat ze ondersteund blijven? En we hebben toentertijd heb ik gezegd als wethouder: wij zorgen voor de individuele bijzondere bijstand om te zorgen dat die jongeren, als ze dat nodig hebben, die steun gaan krijgen. Nu hebben deze jongeren, die hebben zoveel verschillende…

Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Een vraag van de heer Galijasevic. Spreker 7: meneer Galijasevic (PvdA) Dank u wel voorzitter. Nou, ik moet zeggen allereerst, ik ben wel heel blij dat dat wij vanuit de gemeente zoveel maatregelen nemen. Ik denk ook, als ik de raadzaal zo hoor, is niemand daartegen. Dus ik ben daar heel blij om. Maar ik ik ik wil even een verduidelijkende vraag, wethouder: is het mogelijk dat wij naast al deze maatregelen die er zijn, ook gewoon de energietoeslag uitkeren aan deze jongeren?

Spreker 4: meneer Brom (Wethouder) Hoewel we dan in mijn ogen de wet overtreden want de wet is, is daar heel duidelijk in en ik heb zelf teruggezocht de Memorie van Toelichting van van de Tweede Kamer en hier staat in de laatste zin staat op pagina acht van Memorie van Toelichting voor deze jongeren zijn maatwerk mogelijk, oplossingen mogelijk via de bestaande instrument van individuele bijzondere bijstand. Nu hebben wij een lijn, hebben wij met elkaar gekozen. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter)

Maakt u het antwoord maar af, of was dat vraag beantwoord? Spreker 4: meneer Brom (Wethouder) Nu hebben wij een lijn met elkaar gekozen om dit juist via de individuele bijzondere bijstand te doen, want niet alle jongeren die hebben dezelfde ondersteuning of hulp nodig. Sommigen die hebben het nodig om bijvoorbeeld bijvoorbeeld, ik ik noem maar wat, inrichting voor hun kamer te krijgen, maar ze hebben gehuurd, bijvoorbeeld inclusief gas, water, elektra, Die zouden niet in aanmerking komen voor energietoeslag, maar ik kan ze wel aan de andere kant weer helpen om te zorgen dat het, dat ze dan wel die inrichting voor die kamer krijgen. Juist daarom is het zo belangrijk dat wij die individuele bijzondere bijstand voor die jongeren, dat we die goed in de gaten houden en ik kan u toezeggen aan de hele raad, de jongeren, die zullen wij actief gaan benaderen om te zorgen om nogmaals te kijken: wat hebben jullie nodig? Hoe kunnen we jullie ondersteunen? In de breedste zin des woords, dus niet alleen met de energietoeslag. En dit is de reden waarom ik de motie dan ook graag wil ontraden. Ja. Want er is veel meer nodig.

Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Maar we waren wethouder pas bij een antwoord vragen en ik zou u willen verzoeken wat compact te zijn, want er zijn eigenlijk nauwelijks vragen aan het college gesteld en ik merk aan uw inleiding dat u eigenlijk de beantwoording bent overdoen die in de raad is aangegeven. Dus de heer Galijasevic had in ieder geval een tweede vraag En daar gaan we het nu over hebben. Spreker 7: meneer Galijasevic (PvdA) Dank u wel voorzitter. Ja, ik ik ik kan het juridische antwoord van de wethouder niet rijmen. Wij hebben een antwoord gehad vanuit de ambtelijke ondersteuning waarin heel duidelijk staat: voor deze doelgroep kunnen we de de energietoeslag uit gaan keren. Nou, dat is al één. Twee: afgelopen maand heeft het hoge Gerechthof in Noord-Holland heeft heeft de gemeente Haarlemmermeer op de vingers getikt met de argumentatie dat de bijzondere bijstand geen gelijkwaardig alternatief is voor de energietoeslag omdat deze niet zo laagdrempel ligt als als de energietoeslag. Dus, wij hebben van de jurist van de gemeente gehoord dat het niet kan. Het Gerechtshof van Noord-Holland heeft de gemeente op de vingers getikt en wij horen nu weer iets tegenstrijdigs. Wethouder, ik wil gewoon graag weten: kan dit juridisch of niet? Wethouder. Spreker 4: meneer Brom (Wethouder) Als de jurist zegt dat dat het mogelijk kan, dan zal het misschien mogelijk zijn.

Maar in eerdere beleidsstukken hebben we ook meegemaakt dat de jurist ook heeft gezegd van: ja, het kan mogelijk zijn en toen hebben we twee rechtszaken verloren. Dus ik wil u zeker, ik wil u er even zeker op wijzen: wij geven hele goede, wij geven hele goede goede maatwerk en niemand zal iets tekort komen. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) De heer Galijasevic, nogmaals. Spreker 7: meneer Galijasevic (PvdA) Ja, dan toch nog een verduidelijkende vraag, want de vorige keer zijn we op de vingers getikt omdat we mensen uitsloten en nu doen, draaien we het de andere kant op. We willen mensen niet uitsluiten, we willen ze juist toegang geven. Dus waarom zouden we in Godsnaam op de vingers worden toe getikt omdat we mensen toegang geven? Ik snap het gewoon niet. Spreker 4: meneer Brom (Wethouder)

Klopt, we geven toegang middels middels maatwerk en de wet sluit 18- tot 21-jarigen uit en dat heb ik gezien. En we sluiten ze in middels maatwerk. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Goed, ja, dat was het wethouder? Kijk even nog of we er behoefte is aan een tweede termijn? Reacties? De heer Hussen in ieder geval. Ja, meneer Hussen. Spreker 11: meneer Hussen (GroenLinks) Zeker, dank je wel voorzitter. Voorzitter, in Nijmegen voeren we de energietoeslag uit. GroenLinks is trots dat we dat geven aan alle mensen, net als alle armoedebeleid die in Nijmegen met een inkomen tot 130 procent van het minimuminkomen. De groep jongeren waar hierover gesproken wordt, wordt uitgesloten door het beleid van het Rijk. Dit is geen gemeentelijke keuze. Er zijn dan op dat moment twee oplossingen voor deze onrechtvaardige uitkomst. Één, een procesmatige oplossing, zoals deze motie van de Partij van de Arbeid voorstaat. Maar voorzitter, of twee dat je dat we zeggen, we gaan het op een andere manier oplossen. Maar, voorzitter, het mooie nieuws is dat in onze sociale en eerlijke stad deze jongeren niet alleen geholpen worden met energie als dat nodig is, maar dat ze al geholpen worden op alle mogelijke manieren die er zijn, met bijzondere bijstand en met de algemene bijstand. De wethouder heeft toegezegd deze jongeren nog meer te helpen dat dat dan nodig hoeft, moet zijn.

Voorzitter, GroenLinks kiest voor een inhoudelijke oplossing. Genoeg inkomen om energie te betalen met maatwerk voor groepen die door het Rijk worden uitgesloten. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Kijk, ik dacht de heer Galijasevic voor de tweede termijn? Ja. Spreker 7: meneer Galijasevic (PvdA) Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik ik ik weet niet waar ik moet beginnen. Allereerst even een korte reflectie op dit debat. Eén ding wat ik wel merk en dat wil ik echt wel de Raad een compliment geven. Volgens mij wil iedereen deze jongeren helpen. Dat dat staat vast en ik hoop dat het college dit ook meeneemt als een hart onder de riem. Maar wat ik gewoon niet snap, is dat er een tegenstelling wordt gecreëerd tussen enerzijds het het uitkeren van de energietoeslag en alle mooie mooie individuele maatwerkregelingen die wij hebben. En als wij, ik heb dus ook informatie opgevraagd bij de ambtenaren en waar ik, wat ik heb gezien, is dat drie van de 50 ik zei net volgens mij 30 van de 50 het afgelopen jaar zijn geholpen om een aanvulling op de energierekening te krijgen vanuit de bijzondere bijstand. Ja, dat is gewoon te weinig en we zijn heel trots dat we met de energietoeslag 90 procent van de mensen bereiken. Heel mooi. Maar met die bijzondere bijstand hebben we dus op de energierekening zes procent van de mensen bereikt.

Dus ik ik wil echt op op een oproep doen aan de raad, want we zijn we staan allemaal voor deze jongeren. Voorzitter? Waarom doen we in Godsnaam zo moeilijk over die toeslag? Keer het gewoon uit en dan dan hebben die jongeren gewoon een snelle laagdrempelige op oplossing en dan kunnen we daarna nog altijd de bijzondere bijstand, als die nodig is, dan kunnen we die ook bieden, want dat dat zeggen we allemaal. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Bij interruptie de heer van Gent. Spreker 16: meneer van Gent ( D66 ) Ja, volgens mij heeft het college net toegezegd dat ze al die 50 jongeren actief zullen benaderen. Heeft u dat ook gehoord?

Spreker 7: meneer Galijasevic ( PvdA ) Ja, dat heb ik gehoord. Maar dat, zoals ik zeg, vorig jaar zijn ze ook benaderd. Ze zijn in beeld. We hebben er drie van de 50 een een een bedrag uitgekeerd. Actief benaderen is niet genoeg, want de bijzondere bijstand is niet zo laagdrempelig als de energietoeslag. Er zijn jongeren die met met met stress lopen, die niet door al die hoepels heen willen willen springen. Die niet bereid zijn om hun vermogen in kaart te brengen, om te laten zien hoe hoe, waar, hoeveel een auto waard is. Dat zijn allerlei vragen die we stellen bij de bijzondere bijstand, die we bij de energietoeslag niet doen. Dus, ik ik snap het gewoon echt bij, vanuit de grond van mijn hart niet. Waarom doen we niet gewoon allebei, want we willen die jongeren toch helpen? Ik snap het gewoon niet. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Oké. Ik kijk verder of er nog andere termijn, ja, de heer de Gram. Spreker 17: meneer Gram ( Partij voor de Dieren ) Dank u wel voorzitter. Ik ik ik ga het vlammende betoog mijn collega niet niet overdoen. Maar ik wilde wel nog even iets opmerken over het feit dat ons wordt aangegeven dat we tegen de wet zouden zijn als we voor deze motie zouden stemmen, wat de portefeuillehouder noemt, en daarna een passage opleest waarin staat wat er wordt gedaan voor die jongeren, maar er staat niet dat we niks extra mogen doen.

Dus ik wil toch wel even vragen of dat terug kan worden genomen als we voor deze motie hebben, dat we dan tegen de wet instemmen. Want we mogen altijd iets extra doen naast wat er staat en dat was het. Dank u wel. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) We kijken nog twee, de heer Eigenhuijsen. Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Ja, dank u wel voorzitter. Voorzitter, we we pogen een sociale stad te zijn, we pogen mensen tot 130 procent van bestaansminimum te voorzien in in in armoedebehoefte. Raadsbreed hebben we met zijn allen gezegd, we moeten niet pleiters aan plakken. We moeten misschien naar een nieuw nieuw beleid, helemaal voor. Maar dit gaat om de energietoeslag, voorzitter en volgens mij deze energietoeslag moet moet toegekend worden aan de mensen die hem nodig hebben en om dan te zeggen bij het ene kleine groepje: ja, daar gaan we maatwerk voor leveren en maatwerk lees goed, dat is bijzondere bijstand, zoals de heer Gakijasevic zegt. Dat is niet heel eenvoudig en bij de gewone energie energietoeslag die kennen we toe, die maken we over. Dat kan bij deze jongeren ook. Dus ik zou zeggen: waarom zou je het niet doen? Ik snap het ook oprecht niet. Dan de opmerking van de wethouder dat het mogelijk juridisch kan, vind ik, met alle respect duiken. Het kan of het kan niet.

En als het in Wychen kan en als het in Groningen kan, dan kan het in Nijmegen ook. Dat het een politieke keuze is, die snap ik. Maar dan moet je het ook zeggen. Dan moet je zeggen: meneer Eigenhuijsen of raad het kan, maar ik wil het niet. Dat is prima. Maar niet zeggen: het is mogelijk juri, het zou juridisch mogelijk kunnen zijn. Voorzitter, het kan juridisch of het kan niet. En het kan in Wychen en het kan in Groningen. Dus dan kan het ook in Nijmegen, dus ik ga er vanuit dat de wethouder zo meteen zegt dat het juridisch kan en dat die het niet wil, en ik verwacht omdat D66 zegt: hé, het kan juridisch, dus ik steun deze motie van harte. Dank u wel, voorzitter. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Mevrouw Exel bij interruptie. Spreker 15: mevrouw Exel ( Stadspartij Nijmegen ) Ja, ik ben benieuwd waar u heeft gelezen dat het in Wychen wel kan, want ik heb de stukken ook gelezen, dan heb ik eroverheen gelezen, dus ik zou van u graag willen horen waar u het gelezen heeft, dat het in Wychen kan.

Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Voetnoot nummertje twee. Van de motie, als u op de iPad kunt aanklikken dan ziet u meteen, dan ik had ook meteen dat blauwe linkje. Spreker 15: mevrouw Exel ( Stadspartij Nijmegen ) Dat heb ik gedaan. Maar nogmaals, ik heb daar niet kunnen lezen dat Wychen dat ook doet. Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Dan zou de wethouder zeggen dat het juridisch niet kan. Maar nogmaals, ik heb de ambtelijke toelichting gelezen en de ambtelijke toelichting van de juridische experts hier in de gemeente die zeggen dat het kan. En nogmaals, als het niet kan, mag de wethouder dat ook zeggen, maar dan geven geven antwoord zijn zijn ambtenaren verkeerde informatie aan. Dan hebben we een ander probleem, want voor zover ik het kan lezen, kan het gewoon. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Andere woordmeldingen tweede termijn. De heer van Gent. Spreker 16: meneer van Gent ( D66 ) Ja, dank u wel voorzitter. En ook wat de PvdA net meldde, daar zijn wij het ook helemaal mee eens. We zijn het hier over de wat-vraag met elkaar allemaal eens. We willen allemaal voor zorgen dat er geen jongeren tussen het wal en schip belandt. Over de hoe-vraag hebben we hier een discussie. En wat D66 betreft maken we nu juist gebruik van de maas in de wet door het middels de bijzondere bijstand te doen.

Als we het via de andere manier proberen te doen, dan kunnen we meer in conflict met de regels die het Rijk opstelt en doen we het nu via de bijzondere bijstand. Trouwens is dat ook de manier waarop Wychen het doet, dan kunnen we die jongeren vooruithelpen en dat ben ik ook heel blij dat we dat kunnen doen. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Goed nog ander woordmeldingen in tweede termijn? De heer van Luik. Spreker 2: meneer van Luik ( CDA) Ja, sorry misschien als interruptie op de heer van Gent. Nou, de heer van Gent zegt inderdaad van: nou ja, het is we kunnen het oplossen via de bijzondere bijstand, want het mag niet volgens het Rijk. Tegelijkertijd doet, kiest deze gemeente er ook voor om die regel, die groep, op te hogen naar 130 procent van het sociaal minimum. Dus kennelijk kan het wel om die regeling die het Rijk aanbiedt uit te breiden als gemeente. Waarom kiest de heer van Gent er dan niet voor om dat ook te doen voor deze groep mensen? Spreker 16: meneer van Gent ( D66 ) Dank u wel voorzitter. Nou, wij kiezen ervoor om die 130 procent wel te doen, omdat dat helemaal aansluit bij ons sociaal beleid dat wij over de gehele linie hebben.

En als je kijkt naar het specifieke geval van deze 50 jongeren, daarvan zeggen wij: die kun je op een andere manier veel beter helpen door niet alleen te kijken naar wat ze financieel nodig hebben, maar ook hoe je ze perspectief kan bieden en verder vooruit kan helpen. En dat doe je dus middels bijzondere bijstand, mocht het nodig zijn voor een financiële ondersteuning. Hebben ze andere vragen dus dan kunnen we ze daarmee vooruit helpen. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Nog één keer de heer van Luik?

Spreker 2: meneer van Luik ( CDA) Ja, dank u wel voorzitter. Ik ik begrijp helemaal het maatwerk wat u wilt doen voor deze groep mensen, maar ik hoor u ook zeggen dat het juridisch niet kan. Het kan dus wel, maar het kan ook met die 130 procent en dan hoop ik in ieder geval ook dat u daar ook, u zei eerder ook al: als het juridisch kan, zullen we dat zeker in ogenschouw nemen. Dan hoop ik dat u dit ook in ogenschouw neemt. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Goed, dat is een statement. Mevrouw Geers nog een interruptie? Spreker 12: mevrouw Geers ( SP ) Ja, dank u wel voorzitter. Ja, de vraag is dan toch: we hebben het nog steeds over energietoeslag hè, dus hoe ingewikkeld is het om het even uit elkaar te te halen. Van maar feitelijk wat u dus zegt, ook wat ik u hoor zeggen, u moet maar zeggen, als het niet oké is, dat u niet wilt dat deze groep van 50 jongeren hooguit, dat die er warmpjes bij komen zitten omdat ze niet bang hoeven te zijn dat ze een te hoge energierekening krijgen. Spreker 16: meneer van Gent ( D66 ) Dat was een vraag aan mij gericht, voorzitter? Ja. Nee, dat heeft u verkeerd gehoord, dat heb ik niet gezegd. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Oké, nou, dan is dat ook opgehelderd. Zijn nog andere woordmeldingen tweede termijn? Er zijn geen specifieke vragen meer richting het college gesteld, constateer ik.

Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Voorzitter, dat is zeker wel. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Zijn er? Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Nou, of het juridisch kan of niet, was een zeer specifieke vraag. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ja. Ja, dan geef ik wethouder Brom gelegenheid op die vraag te antwoorden. Spreker 4: meneer Brom ( Wethouder ) Misschien is het een juridisch schijn gepraatje. Ik durf daar niet voor mijn hand voor in het vuur te steken of het juridisch wel kan, want misschien komen we de volgende keer dan ook andere... Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Voorzitter? Dus. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ja, meneer Eigenhuijsen. Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Dan heb ik nu toch wel weer een probleem. Dan gaan we maar weer even schorsen want dan wil ik wel weten of de wethouder het aan zijn ambtenaren kan vragen, want we hebben expliciet van de ambtenaar te horen

gekregen dat het kan. En als de wethouder nu zegt: ik weet het niet, dan ga schorsen dan gaan we maar even met de ambtenaar praten. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Nee, dat laat ik aan het college over uiteraard. We voeren het debat hier aan de hand van wat hier gezegd wordt, in principe, maar kijk even naar de wethouder. Niet, maar geen. Spreker 4: meneer Brom ( Wethouder ) Nee, sorry ik kan er verder weinig meer aan toevoegen. Mijn keus, in ieder geval de keuze van het college is om deze motie te ontraden en daar houd ik hou ik het nu even bij. Spreker 2: meneer van Luik ( CDA) Voorzitter? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) De heer van Luik. Spreker 2: meneer van Luik ( CDA) Ja, voorzitter, volgens mij gaat het college hier ook over de uitvoerbaarheid van de stukken die voorliggen. Wij stellen een vrij duidelijke vraag aan het college: kan dit juridisch of kan dit juridisch niet? Het college zegt: kan mijn handen niet voor in het vuur steken. Is dat omdat het college die politieke afweging maakt of is dat omdat het technisch, de technische stukken met daarin de juridische beantwoording niet klopt, want dat is wel degelijk, voorzitter, heel belangrijk, ook voor de stemming die hierna plaatsvindt, dat we wel over de juiste feiten praten en dat het niet ook gaat of ja, dat in ieder geval de feiten van de politieke meningen duidelijk kunnen scheiden.

Spreker 4: meneer Brom ( Wethouder ) Dan ga ik u even helpen, naast de juri de eventuele juridische afweging die er zou zijn, het is ook een politieke keuze. Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Voorzitter? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ja. Dat is zo. Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Dan blijft mijn vraag staan: kan het juridisch, ja of nee? Want er is nu een juridische afweging, maar ik wil graag weten of het kan. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Kijk naar het college. Spreker 4: meneer Brom ( Wethouder ) Nogmaals, ik weet niet of het wel of niet kan. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter)

Ja, dat is dan het antwoord. Ja, goed, als dat dan het antwoord is, dat. ik begrijp uw vraag wel, maar dan ligt dat zo voor. De heer Galijasevic. Spreker 7: meneer Galijasevic ( PvdA ) Dank u wel. Ja, ik wil toch even even schorsen dat ook misschien de partijen even kunnen overwegen wat ze willen gaan doen, want dit is allemaal nieuwe informatie. We maken een afweging op basis van informatie die tegenstrijdig is. Eerst zegt de wethouder dat het juridisch niet kan. Nu zegt die: ik kan mijn hand niet in het vuur afsteken. Ik kan me voorstellen dat een aantal partijen zijn die zeggen: oké, we willen hier, we weten al wat we willen gaan doen. Ik kan me ook voorstellen dat een aantal partijen zijn die nu echt gaan twijfelen. Dus laten we even schorsen, zodat we met elkaar kunnen overleggen. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Nou, ik stel voor om vijf minuten te schorsen maximaal. Spreker 15: mevrouw Exel ( Stadspartij Nijmegen ) Voorzitter? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) En dan gaan we daarna verder. Spreker 15: mevrouw Exel ( Stadspartij Nijmegen ) Voorzitter? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Mevrouw Exel. Spreker 15: mevrouw Exel ( Stadspartij Nijmegen ) Wij hebben als Stadspartij die tijd niet nodig. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Nee, maar goed, ik reageer op het verzoek wat hier gedaan wordt.

Nee, maar goed, dan kunt u een andere invulling geven. U moet maar denken aan Max Verstappen die heeft het ook niet nodig. Maar soms is een pit, soms is een pitstop toch handig om net die nieuwe zachte bandjes te hebben en dan met de winst vandoor gaan. Ik heb dat ook allemaal maar geleerd door de televisie te kijken. Nee, alle ernst, ik honoreer het verzoek van de heer Galijasevic voor schorsen vijf minuten. Spreker 18: meneer van Hooft ( SP. ) Voorzitter, voorzitter, maar krijgen we... Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) De vergadering is geschorst, meneer van Hooft. Spreker 18: meneer van Hooft ( SP. ) Ja, nee, natuurlijk. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ja, heb ik net gezegd, ja, ja, ja, ja.

Spreker 18: meneer van Hooft ( SP. ) Maar ik zou wel graag dan een antwoord van de wethouder willen hebben: ja of nee juridisch mogelijk. Dat is wat ik wil.

Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ja, de vergadering is geschorst en uw vraag moet u maar een ander moment… Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Dames en heren, ik stel voor dat we weer gaan beginnen. Iedereen heeft de tijd gehad om zich te bezinnen, juridische adviezen nog eens na te lezen of andere dingen na te lezen. Want dan ga ik even de heer Galijasevic het woord geven, die heeft de schorsing gevraagd en dan gaan we daarna waarschijnlijk over naar de stemming over de motie. Neemt u plaats. De vergadering is heropend. Meneer Galijasevic, heeft u nog iets te zeggen naar aanleiding van de schorsing? U heeft het tenslotte aangevraagd. Spreker 7: meneer Galijasevic ( PvdA ) Dank u wel voorzitter. Ja, we willen gewoon even een duidelijk antwoord van van de voorzitter en als van God, van de van de wethouder en als dat niet kan, dan willen we een ordevoorstel doen. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Even de vraag even even goed herhalen, want… Spreker 7: meneer Galijasevic ( PvdA ) Of of het juridisch kan of niet? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Oké. Geef ik het college uiteraard bij monde van de wethouder daartoe de gelegenheid.

Spreker 4: meneer Brom ( Wethouder ) Het ambtelijk advies zoals die is gegeven, die volgt het college niet. Dus we denken dat het niet kan. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ja, meneer Galijasevic. Spreker 7: meneer Galijasevic ( PvdA ) Ja, dan dan willen we een ordevoorstel doen, dat het goed uitgezocht wordt, want ja, ik weet niet waar, dit is onduidelijk. En op basis waarvan heeft dan de wethouder deze conclusie getrokken? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Onduidelijk is het niet, constateer ik. U bent het er niet meer eens. Dat is iets anders? Spreker 7: meneer Galijasevic ( PvdA ) nee, nee, nee. Alle stukken liggen op tafel, dus dat moet wel een betere reden zijn. Hoe moeten we nou vertrouwen op de ambtelijke ondersteuning of wat de wethouder zegt? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter)

Ja, u doet zaken met het college. Dat is heel eenvoudig. Dat is heel eenvoudig en het college kan een appreciatie geven van de adviezen, die haar gegeven is, en het college heeft bij monde van de wethouder en wat negatievere appreciatie gegeven de juridische mogelijkheden dan wat er in alle neutraliteit ambtelijk is opgegeven. Ik heb het zelf ook gelezen. Het is een appreciatie kwestie en het college geeft haar appreciatie. Daar heeft u het mee te doen. Daarom ligt alle informatie op tafel, inclusief ambtelijk advies. U krijgt geen ander advies, want dat zou pas echt raar zijn als we nou nog gaan uitstellen dus het is aan u om weging te maken, welke route u wil wil kiezen. Mevrouw Geers. Spreker 12: mevrouw Geers ( SP ) Ja, dank u wel voorzitter. De wethouder zegt: ik denk dat het juridisch niet kan wat ik heb geleerd in de juridische wereld: van je zoekt bewijzen, je weet feiten en dan zeg je ja of nee. Ik, je bent schuldig of je bent niet schuldig. Bijvoorbeeld. Waarom denkt de wethouder dit alleen en vindt hij dat zelf voldoende? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Andere vragen zijn, want dan doen we nog één rondje met vraag en antwoord. Dan gaan over naar de stemming. Mevrouw van Doorn. Spreker 14: mevrouw van Doorn ( ODV ) Ja, dank u wel zo.

Als ik uit het laatste antwoord van het college goed begrijp, dan is het zo dat het juridisch wel kan, maar dat, wordt er nou naar mij geluisterd? Oké, ga verder. Maar dat het het college, dat standpunt van de ambtelijke organisatie, de juristen in de ambtelijke organisatie niet volgt op eigen bevindingen of dat ze zeggen: ja, we we we erkennen wel dat het juridisch wel kan, maar we maken politiek een andere afweging? Want als het eerste het, als als het college het ambtelijk bevindingen, of het wel of niet kan, en zij zeggen dus dat het wel niet, dat het wel kan, als we daar niet op kunnen vertrouwen, wat hebben wij dan als raad aan het instrument dat wij technische uitvraag kunnen doen bij de organisatie? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ja, toch even voor dat laatste is niet aan de orde. Die informatie, die ambtelijke informatie ligt op tafel en het college geeft haar standpunt, haar appreciatie daarvan. En u kunt op basis daarvan een andere overweging maken dan het college. Dat is zuiver en dat gebeurt hier nu ook. Dus gaat u nou niet iets van maken waar je op kunt vertrouwen? Nee, u kunt, waar u op vertrouwt, bent u er zelf bij, maar alles ligt op tafel en dat wordt niet anders als we dat over twee weken. Spreker 14: mevrouw van Doorn ( ODV ) Laat ik de vraag dan heel scherp stellen.

Kan het volgens de juristen van de gemeente Nijmegen wel of niet? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ja, daar zult u, denk ik geen antwoord krijgen, want u doet zaken hier met het college, dat dat kan niet anders. U kunt niet rechtstreeks de ambtelijke organisatie hier ter verantwoording roepen, dat sta ik niet toe. Dat spijt me voor u. Als er nog andere vragen zijn aan het college, dan geef ik daar graag de ruimte voor. De heer Eigenhuijsen wil dat doen. Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Voorzitter, ja, dan weet ik dat, dat weet ik dan wel. Ja, maar ik, ja, ik vind dit toch lastig. Laat laat ik het maar gewoon heel eerlijk zijn. We zitten nu een anderhalf uur te vergaderen en het standpunt van het college gaat van het het kan niet, maar ik steek mijn handen niet in het vuur. En nou, het is een en we maken een andere afweging en ik neem mijn werk redelijk serieus en ik wil graag mijn werk doen op basis van van de juiste informatie. En laat ik het maar heel simpel zeggen: ik wil graag van het van het college weten of het juridisch

kan of dat het juridisch niet kan. Want als het college zegt: we maken een andere weging dan wil ik graag een een ordevoorstel doen. Wil ik graag schorsen, dan wil ik graag of denk ik wil schorsen dan wil ik gewoon. naar de volgende termijn, naar 20 december, zodat we het juridisch hebben uitgezocht. Voorzitter, wij zetten geen haast achter dit stuk. Het is cruciaal voor voor de stemming of het juridisch kan of niet. Dat is cruciaal en volgens mij kan het. En als de wethouder zegt: het kan, maar we willen het niet, dan wil ik die duidelijkheid ook hebben en dan kunnen we wat mij betreft gaan stemmen. Maar als ik geen duidelijkheid... Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Heeft u een vraag aan het college? Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Ja, kan het juridisch of kan het niet, voorzitter. Ik vraag het nu voor de 27ste keer: kan het juridisch of kan het niet? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Maar dan hoeft u het niet te herhalen, want we hebben andere collega's, ik wil alle rust hè. Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Ik wil voeding geven aan aan waarom ik deze vraag stel en ik ik vind de manier waarop het nu gaat, ik vind het niet zuiver. Ik vind niet dat dat je kan zeggen als wethouder van: goh, het kan niet of ik steek mijn hand niet, het het traject naar naar waar we nu zitten is niet zuiver, voorzitter.

En u kunt zeggen: daar heeft u het mee te doen. Nou, daar doe ik het dus niet mee. Zo simpel is het. Dank u wel. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Oké. Zijn nog andere vragen aan het college, want daar had ik nog de gelegenheid toe geven. Ik wijs u erop: we zitten nu in een derde een soort van derde termijn al. Spreker 16: meneer van Gent ( D66 ) Voorzitter? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Meneer van Gent. Spreker 16: meneer van Gent ( D66 ) Ja, dank u wel en je zou dit niet willen moeten willen uitstellen, want als we mensen bij Kerst nog niet in de steek hebben gelaten, dan moeten we dus wel nu dit gewoon vaststellen. Het is heel simpel. Volgens mij hebben we hier net in de Raad het de overeenstemming van dat we het wat geborgd moet zijn. En mijn vraag aan het college is nu: hebben we nu alleen een discussie over de hoe-vraag dus op welke manier borgen we het, maar staat er wat gewoon vast. Met andere woorden, laten we nu dus niemand tussen wal en schip vallen. Dat is mijn enige vraag die ik aan het college heb. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Andere vragen nog? De heer van Hooft. Spreker 18: meneer van Hooft ( SP. ) Ja, voorzitter, toch even als nestor want ik ben geen woordvoerder op dit punt. Het gaat volgens mij om de informatieplicht van het college aan de Raad en de informatie die gevraagd wordt, is: kan het juridisch wel of

niet? Dat gaat niet over een appreciatie dat gaat over een feit. Over dat feit dient u de raad correct in te lichten. Dat betekent dus, als u dat niet doet, dat u een politieke doodzonde begaat. En het enige wat de Raad hier vraagt, is of u de Raad juist wil inlichten over het feit of het juridisch wel of niet kan. Wat uw politieke afwegingen zijn, die daarover kunnen we van mening verschillen, maar volgens mij, over dit feit moeten we niet van mening kunnen verschillen, want anders kunnen wij hier geen besluiten meer nemen. Want als wij niet meer op de feiten kunnen vertrouwen. Daar kunnen we dan ook wel op vertrouwen. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ja, ik blijf weg van het feit of je dit wel als een hard feit kunt zijn. Juridische feiten kunnen ook vragen zijn. Dat is niet, daar kunt u anders over denken, maar dat kan niemand u garanderen. Maar dat is iets anders en voor het overige, heeft u natuurlijk gelijk, dat moet informatie geleverd worden als die gevraagd wordt en dan moet die informatie ook kloppen, daar heeft u gelijk in. Mevrouw Exel, nog vragen aan het college? Spreker 15: mevrouw Exel ( Stadspartij Nijmegen ) Ja, voorzitter. Wij zijn ook tegen uitstel. Het is een motie en als de motie niet uitvoerbaar is, komt het college weer terug bij de raad.

Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Andere vragen nog aan de wethouder? Want dan ga ik namelijk de wethouder nog één keer het woord geven om op de vragen die gesteld zijn nog een keer duidelijk en bondig in te gaan. Ja, wethouder Brom. Spreker 4: meneer Brom ( Wethouder ) Het college heeft ervoor gekozen om de wet in deze zuiver te volgen, om geen enkel risico te lopen. Daarmee volgen we dan ook het pad van het maatwerk en inderdaad, wat staat vast: wij gaan iedereen helpen, wij gaan iedereen ondersteunen. Dus daarmee gezegd hebbende wij gaan de 50 jongeren die gaan we echt, die gaan we echt heel goed ondersteunen en we gaan ze ook actief gaan we gaan we ze benaderen. En om uit het juridische grijze gebied te blijven is het verstandig om deze motie te ontraden. Spreker 13: meneer Eigenhuijsen ( GewoonNijmegen.Nu ) Voorzitter? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) De heer Eigenhuijsen. Ik wil graag een ordevoorstel indienen om dit dit stuk 20 december te gaan behandelen, omdat ik graag duidelijkheid wil hebben of het juridisch haalbaar is of niet. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Oké. Ja, dan stelt u voor om het voorstel dus een maand uit te stellen. Nou, dan kijk ik even naar u, raad. We gaan daar misschien maar over stemmen. Dat is dan het meest helder.

Ook: wie is er voor uitstel van dit agendapunt naar de decembervergadering? Als u op de knopjes drukt. Je mag ook met hand opsteken, dat is ook goed. Dan gaan we ouderwets tellen. Volgens mij is dat geen meerderheid als ik zo zie. Nee, dat is geen meerderheid. Dus dan gaan we het niet uitstellen en omdat het zo is en volgens mij we uitgebreid hebben gesproken en gedebatteerd... Spreker 15: mevrouw Exel ( Stadspartij Nijmegen ) Voorzitter? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Kunnen we overgaan naar de stemming. Niet, mevrouw Exel?

Spreker 15: mevrouw Exel ( Stadspartij Nijmegen ) Jawel, ik wil graag een stemverklaring. U wil een stemverklaring. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Zijn er nog meer mensen met een stemverklaring? Kan ik vermoeden, kan ik vermoeden hoe die gaan. Ja, twee stemverklaringen dan stel ik voor: eerst te gaan stemmen en dan de twee stemverklaringen. Doen. Ja, uw stemmen over de motie een inclusieve energietoeslag. Met 13 stemmen voor en 25 tegen: is die motie verworpen. Mevrouw Exel voor een stemverklaring. Spreker 15: mevrouw Exel ( Stadspartij Nijmegen ) We merken dat het een emotioneel en verwarrend debat is. Daarom willen wij nog dit meegeven: Stadspartij vindt het belangrijk dat deze groep geholpen wordt, maar dan in de breedte en niet alleen met energie. Daarom geloven wij in de kracht van maatwerk, omdat we deze kwetsbare groep dan juist ook bredere hulp kunnen bieden. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) De heer Galijasevic voor een stemverklaring.

Spreker 7: meneer Galijasevic ( PvdA ) Excuus, bij het bij het raadsvoorstel. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Nou, prima. Dan gaan we over het raadsvoorstel stemmen en geef ik de heer Galijasevic daarna gelegenheid voor een stemverklaring. Uw stemmen over het raadsvoorstel graag. Met 33 stemmen voor en vijf tegen: is het raadsvoorstel aanvaard. De heer Galijasevic, stemverklaring. Spreker 7: meneer Galijasevic ( PvdA ) Wij hebben voorgestemd omdat we niet de grote groep de dupe willen laten zijn, maar we vinden het gewoon onacceptabel dat door het gebrek aan informatievoorziening we deze kleine groep nu uitsluiten, en dat wil ik wel echt gezegd hebben. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Dank u wel. Daarmee zijn we aan het eind gekomen van dit agendapunt. En dat brengt ons bij het volgende agendapunt onder 7.3 het raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Nijmegen Centrum Stationsomgeving hoek Tunnelweg - Koninginnelaan. Wie mag ik daar het woord geven? O, sla ik één te snel over. Excuus, 7.2. Had ik gewoon omgedraaid hoor, het was niet weggelopen. Maar het raadsvoorstel Huisvestingverordening staat uiteraard eerder op de agenda, dus dat is nu aan de aan de orde. Wie kan ik het woord geven? Mevrouw den Ouden. Spreker 19: mevrouw den Ouden ( D66 ) Dank u wel voorzitter.

Op dit moment zijn er 390 duizend woningen tekort in Nederland en Nijmegen staat nog steeds in de top drie steden met het grootste tekort. Er moeten dus nog heel veel woningen bijkomen. Juist omdat de woningnood zo hoog is, hebben we deze Huisvestingsverordening nodig. Woonruimteverdeling en dat is waar deze verordening om draait, lost het grote tekort niet op. Maar in tijden van schaarste is het extra belangrijk dat we goed sturen op een eerlijke en rechtvaardige verdeling van de woningen in onze stad. Voorzitter, mijn fractie vindt dit een prima Huisvestingsverordening. We vinden het

goed om te lezen dat het percentage voor loting is verhoogd. Dit is bij uitstek een manier om gelijkheid en eerlijke kansen op de woningmarkt te bevorderen. Dit maakt het systeem inclusiever en toegankelijker specifiek voor jongeren en starters op de woningmarkt. Voorzitter, ondanks dat wij dit een prima verordening vinden, zijn we er nog lang niet. De Huisvestingsverordening blijft pleisters plakken, maar lost de grote oorzaak, namelijk het woningtekort niet op. Mijn fractie kijkt daarom uit naar de Woonvisie die hopelijk op korte termijn naar onze raad komt. We weten dat we de wooncrisis niet enkel oplossen met bouwen, bouwen, bouwen. Er is echt meer nodig dan dat. We moeten drempels wegnemen die nu worden opgeworpen waardoor we nog geen optimaal gebruik maken van de bestaande woningvoorraad. Wij verwachten in de Woonvisie die er aankomt daarom veel aandacht voor het versoepelen van regels rondom het splitsen, optoppen en delen van woningen. Mijn partij zal kritisch zijn op dit onderdeel in de Woonvisie en ziet daarin veel ruimte om in korte tijd mooie stappen te zetten, zodat nog veel meer mensen die dat willen, fijn kunnen wonen in onze stad. Dank u wel. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Dank u wel. Ik vind dat versneld pauze, om het zo maar uit te drukken. Mevrouw Grutters. Spreker 20: mevrouw Grutters ( Stadspartij Nijmegen ) Ik zou bijna zeggen: gezondheid.

Dank u wel. Dank u wel, voorzitter. Ja, zoals velen van u ook wel weten, is voor de Stadspartij het kunnen labelen van woningen op basis van leeftijd altijd een belangrijk speerpunt geweest en tot onze grote vreugde hebben we mogen constateren dat de nieuwe Huisvestingsverordening daar weer alle mogelijkheiden heden toe biedt. Sinds 2013 mocht dat niet meer op basis van leeftijdsdiscriminatie met alle ellende en verdriet van van dien. In 2020 hebben wij met vele partijen hier in de raad een motie ingediend omdat toen bleek dat er nog een heel klein beetje voor 20 procent ineens weer wel mocht. En aan de hand van die motie heeft het college notitie geschreven over de spreiding en de behoefte en heeft woningcorporatie Talis is toen gestart met een, althans een jaar of twee geleden, met een pilot voor vier complexen om toch weer die leeftijdslabeling terug te brengen. Nou, het is heel goed om te kunnen lezen dat dat nu weer alle mogelijkheden gaat bieden. We hebben daarom een motie gemaakt om en die motie dien ik bij deze in het Gouden Jaren Label en die motie roept eigenlijk op om in navolging van die motie van destijds en die notitie van het college van des destijds en de pilots die nu lopen, eigenlijk was versneld vervolg daaraan te geven. Een pilot loopt meerdere jaren.

Wij vragen ons af: is het niet heel goed als het college in gesprek gaat met corporaties en stakeholders om te kijken of die pilots dusdanig goed zijn dat ze sneller uitgebreid kunnen worden? Uit de notitie van destijds bleek ook dat daar eigenlijk een hele grote behoefte is om een soort van meer Nijmeegs beleid los te laten op dat labelen, omdat we natuurlijk ook zeggen: we willen mensen graag oud laten worden in de eigen wijk. Dat vraagt, denken wij voor de toekomst een echt beleidsplan van waar ga je dat doen en hoe ga je dat doen? En we zien eigenlijk dit als een belangrijke opmaat daarvan. En nogmaals, daarom roepen we het college op om eens te onderzoeken wat daar de mogelijkheden in zijn en wat dan ook de mogelijkheden zijn om te herladen want we kennen wat complexen waar men tot groot verdriet is gaan wonen vanuit de gedachte van nou, hier woon ik met leeftijdsgenoten maar vanwege die leeftijdsdiscriminatie is dat toch gestopt. Om te kijken, kunnen we herlabelen en als we dan kunnen herlabelen, past dat dan in die spreiding? Dus niet bedoeld dat college met een heel zwaar onderzoek het bos in wordt gestuurd, maar gewoon het gesprek aangaan met het oog op de toekomst en een beetje te versnellen. Tot zover, voorzitter. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Dank u wel. Wie kan ik dan het woord geven? Mevrouw Geers. Spreker 12: mevrouw Geers ( SP )

Dank u. Ik had toch nog even een vraag. Ja, het labelen van woningen, onder andere voor de ouderen, dat dat is dat kan, hè. Of dat succesvol is of niet, is ook weer afhankelijk van, denk ik, en dat is dan ook gelijk de vraag. Ouderen willen nu graag, die verhuizen nu niet zo graag, ondanks verhuiscoaches en hulp die er geboden wordt, omdat ze vaak geconfronteerd worden met een veel hogere huurprijs op het moment dat ze wel gaan verhuizen, hè, de opgebouwde jaren en daardoor een lagere huur vallen dan weg, met name dan de huur. Is de Stadspartij staat die daar dan ook achter dat daar heel nadrukkelijk naar wordt gekeken, zodat we inderdaad die doorstroom kunnen krijgen en ouderen ook, zeg maar, in een leeftijdsbestendige woning/appartement kunnen gaan wonen? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Dank u wel. Mevrouw Geers. Spreker 20: mevrouw Grutters ( Stadspartij Nijmegen ) Ja, ik ik begrijp uw vraag, maar het zijn eigenlijk twee verschillende dingen, hè. Wij vragen van: goh, laten we nou, we weten, we gaan flink vergrijzen. Er komt een grote groep ouderen. We weten, we willen allemaal oud worden in onze eigen wijk, wij waarschijnlijk ook straks, althans voor mij iets eerder als voor de de gemiddelde raadsleden hier. Maar u ziet het niet, hè, zeg dat er maar bij.

We willen allemaal oud oud worden in de in de in de eigen wijk, dus in de eerste instantie moet je dat mogelijk maken. En ik ben het met u eens, het zou mooi zijn, je moet het ook mogelijk maken in de sociale sector. Natuurlijk zou het mooi zijn dat je dat kunt gaan doen in een bepaalde huurrange, zodat het ook aantrekkelijk wordt voor ouderen om daar te gaan wonen. Ik vind dat wel weer een een ander aspect, hè. Dat moet je dan, denk ik, straks gaan doen met die verhuiscoaches waarvan we van het college al weten dat die doorgang gaan vinden. En dan zou je moeten kijken wat je kunt doen om die pijn langdurig te verzachten. Maar dat heeft in dit geval nog niet echt met onze vraag te maken. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Goed, ja, wie kan ik het woord geven? Mevrouw Brand. Spreker 9: mevrouw Brand ( PvdA ) Ja, dank u wel voorzitter. Nou ja, de huidige verordening loopt af, dus we hebben gewoon een nieuwe verordening nodig. En het doel van deze verordening is natuurlijk om de schaarse woonruimte op een rechtvaardige, uniforme en transparante wijze te verdelen en daar kunnen we denk ik niet tegen zijn. Dus daar zijn wij ook heel erg blij mee. En een aantal zaken wordt al aangepast in deze nieuwe verordening. Percentage loting gaat omhoog, hè, zodat starters meer kansen krijgen. Er worden meer woningen gelabeld bijvoorbeeld voor ouderen of grotere gezinnen.

En mevrouw Grutters vertelde net dat ze de motie over de oudere, labelen voor oudere woningen. Nou, daar heeft u ons al eerder aan uw zijde gevonden, maar ik vraag even ook aan de wethouder dat staat, dat is toch al mogelijk, hè, hetgeen wat mevrouw Grutters voorstelt ja, is die mogelijkheid er al met deze nieuwe verordening of is dit nog extra nodig? Zou u daarop willen reflecteren? Daar ben ik benieuwd naar. En ook worden de prijsgrenzen geactualiseerd voor de opkoopbescherming en dat is broodnodig in de stad, waar ook nog een groot woningtekort is en ik zeg het nog maar eens, woningen zijn in te wonen en niet om mee te belag beleggen. Goed. Verder refereerde mevrouw den Ouden ook al aan de Woonvisie die er aankomt en natuurlijk kijk de PvdA daar ook naar uit. Maar waar wij mogelijk ook nog wel meer naar uitkijken, is leegstandsbeleid. Dat zou deze periode komen. Dus nou, dat is nog een paar weken, dus ik hoop dat het nog voor het einde van het jaar de raad bereikt. Misschien kan de wethouder daar iets over zeggen? De opkoopbescherming daarvoor komen wij met een amendement en dat heet de juiste WOZ grens voor de opkoopbescherming en dan dienen de PvdA in samen met CDA, GewoonNijmegen.Nu en de SP. Want volgens mij gebruikt het college de verkeerde cijfers. Er worden cijfers gebruikt uit 2022 en dat doet het college op

basis van een schaarste onderzoek. Dat is natuurlijk goed, maar van het verkeerde jaar en daardoor loop je eigenlijk achter en is die grens op dit moment lager dan die zou moeten zijn als je de juiste grens zou gebruiken. En in andere steden, zoals Utrecht en Groningen, wordt er gerekend met de WOZ-waarde van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de opkoopbescherming geldt. Dus, dat willen we eigenlijk repareren met dit amendement. Dank u wel. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ik dank u. De heer van Luik. Spreker 2: meneer van Luik ( CDA) Dank u wel voorzitter. Huisvesting raakt de kern van wat een stad een thuis maakt en het is meer dan alleen een dak boven ons hoofd en het gaat ook om de gemeenschappen die we bouwen en die we koesteren en een met bij deze nieuwe Huisvestingverordening kijken we als CDA-fractie ook nog altijd met een kritische blik naar de essentiële elementen die we daar graag terug zouden willen zien. En daarbij constateren wij dat er een belangrijk aspect ontbreekt bij de voorgestelde verordening. Het college geeft namelijk aan geen gebruik te willen maken van de mogelijkheden die de Huisvestingswet biedt om een groter deel van de woningen toe te wijzen aan onze eigen inwoners en andere mensen met maatschappelijke en economische binding met de stad.

En dit staat haaks op het beleid waar we als CDA enige tijd voor samen optrekken met ook GewoonNijmegen.Nu. Wij zien namelijk ook dat het aantal woningen aan wat dan inwoners van onze stad wordt toegewezen daalt sinds 2013 en dat is een zorgelijke trend die onze aandacht vergt. Het CDA streeft namelijk naar gemeenschappen waarin iedereen zich thuis voelt en dat gaat veel verder dan enkel de uitdagingen van jongeren op de woningmarkt. Nijmeegse gezinnen en starters horen een eerlijke kans te krijgen in het vinden van een woning in de stad Nijmegen. En de markt bouwt namelijk geen gemeenschappen. Dat vereist regie van de overheid op volkshuisvesting en dat is precies waar zo een Huisvestingsverordening goed op kan inspelen. En het ontbreken van voorrang voor inwoners van Nijmegen en andere met maatschappelijke en economische binding met de stad in het voorstel van het college beschouwen wij dan ook als een tekortkoming voor deze Nijmeegse gemeenschappen. Daarom dringen wij aan op het opnemen van voorrang aan eigen inwoners, niet alleen voor nieuwbouw, maar mogelijk ook voor vrijgekomen woningen. Daarom kondigen wij het amendement aan, dienen wij die ook in samen met de heer Eigenhuijsen: Huisvestingsbeleid is keuzes maken in schaarste die dat bewerkstelligt, omdat wij ervan overtuigd zijn dat het wezenlijk belang is om onze stad leefbaar en betaalbaar te maken.

Dus ik hoop dat dit amendement op brede steun van deze raad kan rekenen en wij dus ook weer kunnen werken aan huisvesting en gemeenschappen in onze stad. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Een vraag van mevrouw Grutters. Spreker 20: mevrouw Grutters ( Stadspartij Nijmegen ) Ja, een verduidelijkende vraag aan de heer van Luik, CDA: ja, weet je, als Stadspartij zijn we natuurlijk altijd ja, lokaal voorstander voor die Nijmegenaar die in Nijmegen kan blijven wonen. We weten uit de cijfers dat het toch al om 60 procent gaat. U vraagt nou om 50 procent, dat is eigenlijk minder, als dat het al is. Dat is mijn eerste vraag en dan een tweede vraag, en dan wil ik graag even goed bereid begrijpen: ik zie dat u ook schrijft dat daar dus voorrang is voor iedereen die econoom maatschappelijk en economisch verbonden is aan Nijmegen. Betekent dat voor het CDA dat misschien die belangrijke politieagenten uit Utrecht ook voorrang krijgt, maar ook dat iemand uit het Sjirk Stistriadeel die één uur in de week een economische binding heeft, omdat die een straatsteen omhoog tilt en weer terug legt, ook voorrang krijgt op woningen in Nijmegen, want dan gaat dat ten koste van die nijmegenaren. Dus daar zou ik wel graag wat verduidelijking over willen?

Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) De heer van Luik. Spreker 2: meneer van Luik ( CDA) Ja, voorzitter, ik ben blij met deze vraag, want het is wel belangrijk om het onderscheid te maken tussen het aantal woningen dat verdeeld wordt en het aantal woningen dat met voorrang verdeeld wordt. Want wat nu ook al in het stuk van het college staat, is dat er ook 50 procent van de nieuwe woningen met voorrang worden toegewezen aan mensen die bij inwoners van Nijmegen. Dat willen wij uitbreiden met dit voorstel, ook voor de bestaande woningen die vrijkomen. Maar 50 procent van de woningen met voorrang verlenen is iets anders dan 50 procent van de woningen die naar Nijmegenaren gaan. Dus het gaat echt om dat voorrangs- aspect. En ja, met voorrang wordt op dit moment nul procent verdeeld. Dus, ik denk dat daar alleen maar winst te behalen valt. Ten aanzien van die economische en maatschappelijke binding. Nou ja, daar zijn ook landelijk verschillende duidingen over. Belangrijkste is nou van dat iemand een duidelijk aantoonbare binding met de stad heeft. Als je één keer hier een steen komt leggen, heb je niet echt een binding met deze stad. Maar inderdaad, als je een politieagent bent, overigens in Nijmegen en niet in Utrecht, dan heb je wel aantoonbare binding met deze stad. Dus dat onderscheid zou wel duidelijk moeten zijn.

Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) De heer van der Goes ook. O. O, nee, nog één keer een vraag van mevrouw Grutters, hoe we de binding gaan toelichten. Spreker 20: mevrouw Grutters ( Stadspartij Nijmegen ) Ja, dus dat betekent dus dat, ongeacht het beroep, ook al hebben we dit soort beroepen hier in Nijmegen, rot gezegd niet nodig, dan diegene krijgt dan voorrang op een woning, op een Nijmegenaar, als die van buiten Nijmegen en de regio komt. Spreker 2: meneer van Luik ( CDA) Nou, voorzitter, ik zou een politieagent geen rot beroep noemen. Ik denk dat we die juist heel erg nodig hebben. Volgens mij wordt de landelijke wetgeving ook definieert ook wat die economische en maatschappelijke binding is en daar kunnen wij, hoeven wij niet onze eigen jurisprudentie op te maken als gemeente. Spreker 20: mevrouw Grutters ( Stadspartij Nijmegen ) Even correctie, dat zei ik niet. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Mevrouw Grutters, er zijn ook wat andere vragen nog. Spreker 20: mevrouw Grutters ( Stadspartij Nijmegen Ja, maar ik vind het wel belangrijk om te corrigeren dat ik dat niet heb gezegd. Nou. Dus nogmaals, het gaat erom om het gaat om beroepen die we, rot gezegd, hier niet nodig hebben. Dus dan heb ik het juist niet over die verpleegkundige of die politieagent. Dan heb ik het over een beroep waar we voldoende mensen in de Nijmeegse arbeidsmarkt voor hebben.

Ook al hebben we dat hier niet extra nodig, u, laat ze dan toch vanuit andere regio, andere provincies voor met voorrang hier wonen. Klopt dat? Spreker 2: meneer van Luik ( CDA)

Voorzitter, volgens mij willen we met z'n allen ook dat in ieder geval mensen die hier in Nijmegen wonen ook hier kunnen werken en dat die combinatie bestaat. Dus het gaat erom mensen die er werken, dat die hier ook kunnen wonen, daadwerkelijk dan die voorrang kunnen krijgen. Het gaat er dus ook om een student die hier woont, die na zijn studie uit Ermelo hier in Nijmegen is komen gaan studeren, dat die ook voorrang krijgt hiermee. Dat willen we hiermee bereiken en dat is dus juist een ja, een bredere versie dan hoe het college dit interpreteert. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Nou, ik ga er vanuit iedereen die deze stream volgt, benieuwd is of zijn of haar woonplaats ook nog genoemd gaat worden, de heer van der Goes. Spreker 21: meneer van der Goes ( GroenLinks ) Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik maak in ieder geval op uit dat de student die dus in Wychen woont als starter niet meer als als aan het CDA ligt, minder snel aan de bak kan in Nijmegen. Ik had een andere vraag, want u geeft aan dat de gemeente eigen jurisprudentie kan maken over wat dan een een nou, een gebonden groep is of wat dan niet? Nou, ik heb de Huisvestingswet gelezen en volgens mij is dat niet zo. Volgens mij heeft de gemeente redelijk vrij spel en ik vind het ook wel makkelijk om te zeggen: nou, college, wij willen dat de mensen met een binding, wat het dan ook is, die voorrang krijgen.

Dus ik zou u ook willen uitdagen om wat meer specifiek te te uit te drukken welke mensen dat dan precies zijn en welke groep je dan dus ook uitsluit, want dat is natuurlijk de andere kant van het insluiten. Spreker 2: meneer van Luik ( CDA) Ja, voorzitter, we hebben dit bewust ook op deze manier ook opgeschreven omdat het nu ook gaat over wat wij nu in deze Huisvestingsverordening willen vastleggen. Wij gaan er vanuit in ieder geval dat we op deze manier ook willen aansluiten op de landelijke wetgeving. Lijkt me niet verstandig om in deze regeling ook de individuele beroepen te gaan identificeren die we daaraan willen vastkoppelen. Dat zou dan eventueel een vervolgbeleid moeten komen. Dus stemt u vooral voor dit amendement en dan kunt u daar vannacht over meedenken. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Mevrouw Geers bij interruptie. Spreker 12: mevrouw Geers ( SP ) Ja, dank u wel voorzitter. Voorrang geven: ik heb natuurlijk het amande amendement gelezen. Het kwam ook al eerder voor. De grote vraag is natuurlijk van: moet je dat willen, ook omdat de woningen waar deze mensen graag in zouden willen wonen, zowel koop als huur hè, we weten dat dat vaak een probleem is. De onbetaalbaarheid van woningen, ook in de Randstad, als ze daar willen gaan werken. Dus dat betekent feitelijk wat u dan nu zegt van we willen toch daar voorrang aan geven.

Over binding moeten we het verder nog hebben en daarmee maakt u de hoeveelheid woningen die voor iedereen beschikbaar zijn, de hè de betaalbare woningen, betaalbare huur maakt u daardoor nog kleiner. U sluit dus bijzonder veel uit. Of zegt u nou, we gaan zoveel bouwen en hebben we dat opgelost? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ja, dank u voorzitter. Kijk, mensen dat je voorrang krijgt op een woning wil niet zeggen dat je daarmee dus ook een hele groep mensen uitsluit. Want de meeste mensen die een woning zoeken in Nijmegen, die wonen ook in Nijmegen. Dus je sluit daarmee juist helemaal niemand uit. Je geeft alleen, zorgt alleen voor dat mensen die hier in deze stad wonen ook die voorrang kunnen krijgen. En nee, door een woning voorraad te verdelen, komen er niet ineens meer woningen in. Dat is ook het hele idee van dat we het gaan verdelen in

schaarste, zodat de mensen die hier wonen, die een binding hebben met deze stad, hier ook voorrang kunnen krijgen. Dat is wat wij hiermee beogen niet het bouwen van meer woningen bijvoorbeeld. Spreker 19: mevrouw den Ouden ( D66 ) Voorzitter? Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Ja, nog een vraag mevrouw den Ouden. Spreker 19: mevrouw den Ouden ( D66 ) Ja, ik heb nog één vraag aan de heer van Luik. Het uitgangspunt in uw voorstel is eigenlijk dat er op dit moment te weinig mensen in Nijmegen wonen die een binding hebben met de stad. Ik hoor in uw verhaal geen enkel argument waaruit blijkt dat dit zo is en waar u dit op baseert en het klinkt echt enorm alsof alsof u oplossing aan het creëren bent voor een niet bestaand probleem. Klopt dat? Spreker 2: meneer van Luik ( CDA) Nou, voorzitter, ik zeg niet dat dat nu niet zo is. Ik zeg alleen dat we ook moeten voorkomen, dat dit een probleem is, zal verder ontstaan. We zien namelijk dat ook de hoeveelheid woningen die aan inwoners van onze stad wordt toegewezen daalt. Dat daalt al sinds 2013. De wethouder zegt ook bijvoorbeeld in de kamerronde ook van: nou ja, dat zijn ook, dingen die in de Randstad voorkomen, dat zijn geen problemen in Nijmegen, maar we moeten ook voorkomen dat wij de Randstad achterna gaan.

Daarom is het juist goed om deze Huisvestingsverordening die wij maar eens in de vier jaar hebben, al vaststellen, dat we ook voorsorteren op een ander probleem, om te voorkomen dat die problemen, dat wel gaat ontstaan, die ik wel degelijk zie aankomen. Spreker 1: meneer Hubert Bruls (voorzitter) Oké, ik kijk verder voor het uw inbreng, meneer van der Goes? Ja? Dan geef ik u het woord.

Spreker 21: meneer van der Goes ( GroenLinks ) Ja, dank u wel voorzitter. En nogmaals dank voor de Huisvestingsverordening richting het college. Laat ik een iets ander geluid geven dan de vorige spreker. Ik ben er heel blij mee dat we dit regionaal hebben opgepakt. Het maakt mij niet uit als de politieagent in Wychen woont dat die in Nijmegen werkt of dat die - ik zeg het tussen ons even - dat die vanuit Arnhem komt met de trein. Dat kan ook nog allemaal. Dus laat ik voorop stellen dat ik heel blij ben dat we dit met de hele regio hebben opgepakt, net als de woningmarktregio ook nou, ongeveer is ingedeeld. Er is een aantal dingen waar ik heel blij mee ben, wat in de verordening is opgenomen. Ik ben heel blij met de loting, dat er is toegenomen dat aandeel, waar ik nog veel blijer mee ben, voorzitter, dat is met dat we het het huisvesten van mantelzorgers regionaal oppakken. Mevrouw Gutters zegt compleet terecht: de groep ouderen in onze stad groeit. De groep mantelzorgers dus ook en volgens mij werd het echt coördinatie om ervoor te zorgen dat er voor iedereen die ook oud wordt, dat die goed kan oud worden, dat er goede mantelzorg voor die persoon is en het scheelt natuurlijk ook voor de mantelzorger zelf dat die niet elke dag met de trein of de auto ga ik niet noemen, met de fiets op en neer moet.

Voorzitter, ik ben ook heel blij dat de wethouder heeft toegezegd dat we jaarlijks een evaluatie krijgen over de prijsgrenzen in het kader van de opkoopbescherming ik maak er ook even uit op en dat zou ik graag even willen checken bij de wethouder of het ook zo is dat die dan ook worden aangepast, mocht het nieuwe schaarste toets het uitwijzen, want dat was natuurlijk waar mijn vraag vandaan kwam. En even doorgaand op de opkoopbescherming voorzitter, vanochtend stond in de krant dat de WOZ-

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=9732d3a3-7ad8-40b0-b593-7f6c8e2e83e6