C8 d.d. 9-4-2026 GMR 2026-015 aanbieden jaarstukken 2025
Tekst van het document
Zo legden we de basis om met kennisinstellingen en bedrijven in onze regio verdere toegang te hebben tot financiering van onderzoeksprojecten en een internationaal netwerk van partijen, waarbij in onderzoeksprojecten kan worden samengewerkt. Dit heeft onder meer geleid tot een betere verbinding met het project Toekomstbestendig Bouwen. Als verbinder werken we als overheden samen met onderwijsinstellingen en bedrijven in onze regio en daarbuiten. En we bouwen veel kennis op over thema'’s als hitte, droogte en extreme regenval, maar ook nieuwe thema's als klimaatadaptieve bedrijventerreinen en drinkwaterbesparing. We werken nauw samen met de triple helix-groep Slimme Duurzaamheid van TEB. Denk aan het project Groen Blauwe Stad waar met hulp van Hogeschool Van Hall Larenstein kennis over groene en blauwe structuren in de gebouwde omgeving is gedeeld tussen vijf gemeenten. Of een bijdrage aan het Regio Deal-project Lifeport Cool Lab waar met de hulp van de HAN kennis over vergroening en hittestress wordt gedeeld met vijf gemeenten. De ervaringen van het Cool Cities project van Arnhem zijn gedeeld met andere gemeenten op het Circulaire Jaarevent. We hebben actief deelgenomen aan leerprojecten, zoals het Living Lab Park Lingezegen.
De inwonerbijdrage die voor dit speerpunt was gereserveerd, is volledig benut, met name voor de taak speerpuntcodrdinatie, de bijdrage aan Pathways2Resilience en de bijdrage aan een kostenverkenningsonderzoek, samen met Ontspannen regio. Transitie naar duurzame energie Dit onderdeel van de Opgave Circulaire regio kent relatief veel externe financieringsbronnen. Regionale Energiestrategie (RES) Financiering door het Rijk en de beschikbare inwonerbijdrage zorgen vooralsnog voor een solide basis om de regionale ambities op het gebied van energietransitie te realiseren. De belangrijkste bijdragen en bestedingen worden hieronder toegelicht: . Bijdragen vanuit het Rijk Decentrale uitkering ondersteuning RES. Deze bijdrage bedroeg € 5.1.2f . Het niet bestede gedeelte uit voorgaande jaren bedraagt € 5.1.2f . Specifieke Uitkering Warmte: een bedrag van € 5.1.2f is nog beschikbaar voor de periode 20252026.
Decentrale uitkering toekomstbestendig maken energiesysteem. In 2025 is twee keer een bedrag van € 5.1.2f toegekend, met een looptijd van 2025-2026. Kwaliteitsbudget voor biodiversiteit bij duurzame opwekprojecten. Een bedrag van € 5.1.2f is beschikbaar voor de periode 2025-2026. . Inwonerbijdrage Voor de uitvoering van taken voor de RES is in 2025 een inwonerbijdrage beschikbaar van €
5.1.2f
.
18
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
Het accent in 2025 lag op het opstellen van de RES 2.0. De RES 2.0 ligt sinds december ter inzage en wordt naar verwachting in februari 2026 vastgesteld door de colleges, Gedeputeerde Staten en het dagelijks bestuur van de waterschappen. Daarnaast is er gewerkt aan de actielijnen uit het regionaal uitvoeringsplan Warmte. Hierdoor is er met behulp van Rijksmiddelen (Specifieke Uitkering) een solide basis gelegd voor de aanpak van regionale en subregionale warmteprojecten. Het uitvoeringsplan Energiesysteem is langs een drietal lijnen gestart: netbewuste nieuwbouw, netbewuste bedrijventerrein en versnellen energie infra. Voor beide uitvoeringsplannen stelden we in november een voortgangsrapportage op. Om het kwaliteitsbudget uit te kunnen keren is een regeling opgesteld. Gemeenten en andere initiatiefnemers kunnen projecten indienen om in aanmerking te komen voor een financiéle bijdrage. Andere energieprojecten: . Dit jaar is voor de tweede maal de rapportage gemaakt van de CO2-uitstoot in de GMR. De GMR volgt de landelijke trend. Al is er extra besparing nodig om de landelijke doelstellingen te kunnen behalen. Er is een adviesbureau ingezet om de data, gemakkelijk en geordend naar regio, uit de Klimaatmonitor te halen.
Het Regionaal Expertiseteam Energie (REE) heeft dit jaar bijna 150 bedrijven geholpen op het gebied van energieadvies en met meer dan 500 bedrijven contact gehad. Er zijn 20 nieuwe subsidies aangevraagd en het REE heeft 4 collectieven van bedrijven ondersteund. De inzet van het REE-team is betaald uit onderstaande financieringsbronnen: SPUK-subsidie via de provincie Gelderland: in 2025 is besteed € 5.1.2f , Regio Deal middelen binnen het programma Toekomstbestendige bedrijventerreinen is in 5.1.2f 2025 besteed € , 5.1.2f Inwonerbijdrage € is geheel benut. 5.1.2f De subsidie van de provincie voor het REE voor de jaren 2023 en 2024 is € lager vastgesteld, omdat we minder subsidiabele kosten hebben gemaakt. Dit bedrag is opgevangen met een hogere co-financiering vanuit de inwonerbijdrage. Het Europese CO2-beprijzingsproject DeCarb Pro besteedde de Europese subsidie dit jaar volgens begroting. De projectleider is ingehuurd voor dat bedrag. Hij werkte inhoudelijk aan het project, verzorgde een workshop voor regionale bestuurders uit het bestuurlijk opgaveteam en nam deel aan de (Europese) projectbijeenkomsten. Er is gewerkt aan concrete CO; beprijzingsstrategieén en aan een training om gemeenten in Noordwest-Europa te helpen CO: beprijzing toe te gaan passen. Ambtenaren uit onze regio kunnen in 2026 deelnemen aan die training.
Het organiseren van de gezamenlijke inkoop van groene energie is wederom gefinancierd vanuit de inwonerbijdrage. Op deze manier hoeven gemeenten zelf geen projectleiderscapaciteit in te zetten met deze specifieke expertise. De inzet van zowel de regionale projectleider als de externe adviseur Hellemans is volgens begroting. Dankzij deze inzet betalen de gemeenten een zo goed mogelijke prijs voor elektriciteit en groen gas en krijgen zij verdere verduurzamingsprikkels. Dit jaar zijn de prijsafspraken voor 2028 gemaakt met Greenchoice. Ook is de nieuwe inkoopstrategie voor aardgas 2028 vastgelegd. Hiermee kunnen we beter inspelen op de huidige trend van dalende prijzen. En GMR-gemeenten konden hun bespaarplannen voor vastgoed indienen en krijgen gericht hulp van experts uit onze eigen organisaties. Er zijn elf gemeenten die hierop reageerden. De GMR speelde een codrdinerende rol rondom de knelpunten tussen natuurwetgeving in relatie tot woningisolatie-aanpak binnen gemeenten. Samengevat 5.1.2f Circulaire regio heeft volgens de primaire begroting in 2025 € vanuit inwonerbijdrage te 5.1.2f besteden. Ook zijn nog middelen beschikbaar (€ ) die in 2024 in verplichtingen zijn vastgelegd. In totaal is € 5.1.2f besteed waardoor een tekort van € 5.1.2f resteert.
19
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
1.3.7 Wat hebben de opgaven gekost? (alle bedragen in €)
Verschil Begroting 2025
Groene groeiregio Lasten Baten
5.1.2f
Lasten Baten
-
714.221 714.221
Lasten Baten
Lasten Baten
Lasten Baten
Baten
Mutaties bestemmingsreserve Saldo
-
2.202
657.080 657.080
641.898 662.803
-15.182 5.723
-
-
-
20.905
20.905
891.351 1.003.293
-76.835 35.107
-
-
-
2.453.310 2. 5.1.2f
Mutaties bestemmingsreserve Saldo
Totaal Lasten
-
-
1.224.000 1.224.000
1.273.066 1.273.066 -
486.907
begroting
2.202
968.186 968.186
-
[CEIRENT
-
264.846 264.846
-
Realisatie 2025
-
703.340 703.340
Mutaties bestemmingsreserve Saldo
Circulaire regio
1. 5.1.2f 1. 5.1.2f
-
-
Mutaties bestemmingsreserve Saldo
Verbonden regio
-57.141 -57.141
-
Mutaties bestemmingsreserve Saldo
Ontspannen regio
Begroting gewijzigd
2 2
5.1.2f
Mutaties bestemmingsreserve Saldo
Productieve regio
Wijziging begroting
-
2.497.066 2. 5.1.2f 66 -
2.940.217
-
-
111.942
111.942
2.538.816 2.631 5.1.2f
41.750 426
92.676
92.676
3.011.133
70.916
-
-
-
-
-
-
-
-
5.1.2f
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
5.1.2f
574
5.1.2f 5.1.2f
-
-
5.1.2f
1.4 Resultaat 2025 uitgelegd en samengevat De inwonerbijdrage bij de GMR kan gerelateerd worden aan twee programma's binnen de jaarrekening. Enerzijds het regiobureau met een exploitatierekening en anderzijds het programma Opgaven met een projectadministratie. Kenmerkend voor het regiobureau is dat het de bedrijfsvoering betreft en de activiteiten over het algemeen aan een kalenderjaar zijn gerelateerd. De ontvangen inwonerbijdrage bij het regiobureau wordt volledig in de staat van baten en lasten opgenomen. Daartegenover komen de uitgaven te staan en per saldo resteert het rekeningresultaat. Een positief resultaat vioeit terug naar de deelnemende gemeenten. Een negatief saldo komt, mits toereikend, ten laste van de algemene reserve. Het programma Opgaven omvat een groot aantal activiteiten die elk afzonderlijk als een project gedefinieerd kunnen worden. Deze projecten zijn vastgelegd in de regionale agenda en voor deze projecten heeft de GMR met zeventien gemeenten een opgavenovereenkomst afgesloten. De doorlooptijd van de projecten wijkt in veel gevallen af van het kalenderjaar. Daarom worden in het programma Opgaven de ontvangen bijdragen van deelnemende gemeenten en ontvangen subsidies en andere externe bijdragen niet volledig in de staat van baten en lasten opgenomen, maar slechts dat deel ter dekking van de kosten van de projecten.
Einde boekjaar resulteert een rekeningresultaat. Subsidies en andere externe middelen blijven conform looptijd van de beschikking
20 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
beschikbaar voor het project. Is het project voltooid of niet uitgevoerd, dan wordt het restant van de beschikbare externe middelen terugbetaald. Voor 2025 is het resultaat als vol t opgebouwd: 5.1.2f +€ Regiobureau 5.1.2f +€ Opgaven 5.1.2f Totaal +€ Een nadere toelichting op de terug te betalen inwonerbijdrage is opgenomen in paragraaf 3.8. Volgens artikel 31 lid 8 van de gemeenschappelijke regeling vioeit een positief saldo naar rato terug naar de deelnemende gemeenten.
1.5 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien (alle bedragen in €)
Begroting 2025 Lasten Baten
Wijziging
Eee
Begroting gewi izigd
Realisatie 2025
Verschil realisatie/ begroting
Mutaties bestemmingsreserve Saldo
Volgens Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) moet de post Onvoorzien apart als programma worden gepresenteerd. In 2025 zijn geen kosten ten laste van de post onvoorzien geboekt. De post muteert dus niet in het resultaat. In artikel 25, lid 1, onder c (BBV) wordt gevraagd om in de programmaverantwoording het gebruik van het geraamde bedrag voor onvoorzien op te nemen.
1.6 Vennootschapsbelasting In artikel 25, lid 1, onder b (BBV) wordt gevraagd het bedrag voor vennootschapsbelasting te vermelden. Dit is voor de GMR niet van toepassing. Samenwerkingsverbanden zijn vrijgesteld voor de vennootschapsbelasting, wanneer aan drie cumulatieve voorwaarden is voldaan: De activiteiten van het samenwerkingsverband moeten worden verricht voor de onmiddellijk of middellijke participerende publiekrechterlijke rechtspersonen; 2 De activiteiten zouden de participanten in het samenwerkingsverband niet tot belastingplicht hebben geleid of zouden zijn vrijgesteld als zij de activiteiten zelf zouden hebben verricht; 3 De participanten moeten naar evenredigheid van de afname van de activiteiten van het samenwerkingsverband bijdragen in kosten van het samenwerkingsverband. Bij een gemeenschappelijke regeling wordt geacht hieraan te zijn voldaan. Nadrukkelijk is deze vrijstelling bedoeld voor activiteiten aan of ten behoeve van de deelnemers aan een samenwerkingsverband en voor activiteiten ten behoeve van of aan een derde partij. De vrijstelling heeft alleen betrekking op het overschot dat wordt gerealiseerd door levering aan de deelnemende gemeenten.
Wanneer winst wordt gerealiseerd in verband met de levering aan derden, moet hierover in beginsel vennootschapsbelasting betaald worden De GMR verricht voor derden vooral werk voor “activiteiten verricht in verband met de uitoefening van een overheidstaak of van een publiekrechtelijke bevoegdheid”. Daarbij worden de werkzaamheden kostendekkend uitgevoerd. 1
De organisatie voldoet aan bovenstaande drie voorwaarden en is daarom vrijgesteld voor de vennootschapsbelasting.
21
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
2 Paragrafen 2.1 Risicobeheersing en weerstandsvermogen Op grond van artikel 11 BBV moet de GMR in de paragraaf weerstandsvermogen’ inzicht verschaffen in de robuustheid van de rekening. Het weerstandsvermogen van de GMR is het vermogen om niet structurele financiéle tegenvallers op te vangen, zodat taken kunnen voortgezet.
211
Risico’s
De risico’s kunnen worden ingedeeld in: 1 Risico’s voortvioeiend uit eigen beleid; 2 Risico’s voortvioeiend uit het beleid van een hogere overheid; 3 Risico’s voortvloeiend uit de samenwerking met andere gemeenten en instanties; 4 Risico’s voortvioeiend uit het doen/nalaten van derden; 5 Risico’s voortvloeiend uit voor de regio niet te beinvioeden autonome ontwikkelingen Risico’s voortvioeiend uit het eigen beleid Er zijn geen risico’s voortvloeiend uit het eigen beleid. Om eventuele kortingen op de exploitatie op te vangen, is er op grond van de gemeenschappelijke regeling artikel 31, lid 8 een reserve van in 5.1.2f totaal € gevormd.
Risico’s voortvloeiend uit het beleid van een hogere overheid Het risico dat een gemeente niet aan zijn betalingsverplichting (de inwonerbijdrage) voldoet, wordt zeer klein geacht. Daarnaast is in de gemeenschappelijke regeling artikel 29, lid 6 vastgelegd dat gemeenten zorgen dat het samenwerkingsverband te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan haar verplichtingen te kunnen voldoen. Het risico voor de GMR bedraagt bij de zeventien deelnemende gemeenten, conform de begroting 2025, gemiddeld € 5.1.2f . Daarbij geldt een bandbreedte van € 5.1.2f voor de gemeente 5.1.2e tot € 5.1.2f voor de gemeente Nijmegen. Risico’s voortvioeiend uit de samenwerking met andere gemeenten en instanties Gekeken naar de voorgaande punten en de flexibele inzet van adviseurs, kan het achterwege blijven van financiering van gemeenten, provincie en andere partijen opgevangen worden door het afvloeien van flexibele inzet. Er is een zeer laag risico dat gelden niet betaald worden. Mocht dit het geval zijn, dan worden projecten on-hold gezet en stroomt de flexibele inzet per direct uit. Risico’s voortvioeiend uit het doen/nalaten van derden
De risico’s worden beperkt door het hanteren van onze eigen inkoopvoorwaarden. Het maximale 5.1.2f risico volgens het verplichtingenregister begin 2025 bedroeg € voor een leverancier. Risico’s voortvloeiend uit voor de regio niet te beinvloeden/autonome ontwikkelingen Vanaf 2025 gaat de Belastingdienst handhaven op de Wet DBA (Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties). Deze wet heeft als doel schijnzelfstandigheid tegen te gaan en duidelijkheid te scheppen over de arbeidsrelatie tussen opdrachtgevers en zelfstandigen zonder personeel (zzp'ers). De opheffing van het handhavingsmoratorium is een van de maatregelen die genomen zijn om schijnconstructies te bestrijden en draagt bij aan meer zekerheid op de arbeidsmarkt. Bedrijven en organisaties die mensen als zzp’er inhuren voor werk dat zij niet zelfstandig uitvoeren, kunnen een boete en naheffingen krijgen. De GMR heeft ongeveer 20 inhuurcontracten die voldoen, die te duiden zijn als zzp’er. Deze worden aan de hand van een beoordelingskader getoetst op schijnzelfstandigheid. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de weerstandscapaciteit (zijinde de middelen waarover de GMR beschikt of kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken) en de risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen of verzekeringen zijn afgesloten.
Het weerstandsvermogen is van belang voor het bepalen van de gezondheid van de financiéle positie van de GMR.
22 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
Overige verzekerde risico De GMR heeft de inventaris verzekerd tegen brand en diefstal. Voor personeel is een aansprakelijkheids- en ongevallenverzekering afgesloten. De aansprakelijkheid van bestuurders in de GMR is afgedekt door de verzekering van de gemeente voor de betreffende bestuurder.
Overzicht reserves 2025 Op grond van de bepalingen in de gemeenschappelijke regeling bedraagt de toegestane omvang van de algemene reserve € 5.1.2f . Deze algemene reserve is per eind 2022 gevormd op basis van het rekeningresultaat over het jaar 2021. In verband met de uittreding van de gemeente Montferland is in 2024 een bedrag van € 5.1.2f aan de algemene reserve onttrokken. In 2025 is de algemene reserve aangevuld vanuit het resultaat over het jaar 2024. 2.1.2
213
Rente Ten aanzien van de rente van de middelen vastgelegd in schatkistbankieren, is het algemene beleidsuitgangspunt om deze ten gunste van de exploitatie te brengen.
2.1.4 Financiéle kengetallen
In de paragraaf worden enkele financiéle kengetallen opgenomen. De berekeningswijze is via een ministeriéle regeling voorgeschreven. Hiermee wordt de (onderlinge) vergelijkbaarheid (van gemeenschappelijke regelingen) bevorderd.
Netto schuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
-2,15% 5,15% 2,17%
De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. De uitkomst geeft geen aanleiding tot verhoogde risico’s. De solvabiliteitsratio geeft het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal weer. Deze ratio ligt net onder de gebruikelijke norm van de provincie, maar past bij een startende organisatie. Een positief percentage structurele exploitatieruimte geeft aan dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken.
2.1.5 Conclusie Kenmerkend voor het risicoprofiel is dat de organisatie beperkt risico loopt en dat voor dit risico een algemene reserve is gevormd. Op basis van de gemeenschappelijke regeling Regio ArnhemNijmegen, artikel 29 lid 6, is de beschikking over voldoende middelen en het nakomen van verplichtingen te allen tijde door de deelnemende gemeenten gewaarborgd.
2.2 Financiering Algemeen Artikel 13 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat de GMR beschrijft hoe zij in 2025 de investeringen heeft gefinancierd. Het doel van deze paragraaf is inzicht te verschaffen in de financieringssystematiek en de risico’s die daarmee samenhangen. Met deze paragraaf wordt eveneens voldaan aan een aantal verplichtingen volgend uit de Wet Financiering Decentrale Overheden (wet Fido). In de vergadering van het algemeen bestuur op 6 september 2023 is het Treasury statuut vastgesteld.
23 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
Rentelasten/baten
De GMR heeft in 2021 met de Rabobank een rekeningcourant-overeenkomst gesloten. Per 1 maart 2022 wordt deelgenomen aan het voor gemeenschappelijke regelingen verplicht gestelde schatkistbankieren. Rentelasten: In 2025 sprake van minimale rentelasten Rentebaten: In 2025 ongeveer € 5.1.2f aan rentebaten ontvangen Renteresultaat: In 2025 geen sprake van renteresultaat Toerekening rente aan taakvelden: In 2025 geen rente toegerekend aan taakvelden Financieringspositie Er is een rekeningcourant-overeenkomst met de Rabobank met een tegoed van € 5.1.2f GMR kent geen langlopende financieringsmiddelen.
. De
Rente-risiconorm
Om het herfinancieringsrisico voor de samenwerkingsverbanden te beperken, is een norm ingesteld waaraan de samenwerkingsverbanden worden getoetst: de rente-risiconorm. De rente-risiconorm is voor de GMR niet van toepassing aangezien er geen externe langdurige financiering is afgesloten. Geldstroombeheer De GMR is verplicht liquiditeitsoverschotten met een drempelbedrag van € 5.1.2f het Rijk (schatkistbankieren).
af te storten bij
2.3 Bedrijfsvoering Algemeen Artikel 14 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) verplicht de GMR om in elk geval de stand van zaken en de voornemens voor de bedrijfsvoering weer te geven. Met bedrijfsvoering worden bedrijfsprocessen bedoeld, die nodig zijn om de beleidsdoelstellingen uit de vijf opgaven te realiseren. Hierbij staat het belang van een rechtmatig, doelmatig en doeltreffend beleid en beheer voorop. Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor een adequate bedrijfsvoering, het algemeen bestuur heeft hierbij een kaderstellende en controlerende taak. De directeur is tekeningsbevoegd en heeft mandaat om personeel aan te nemen, verplichtingen aan te gaan tot € 5.1.2f en om opdracht tot betaling tot € 5.1.2f te geven. Huisvesting Vanaf september 2021 heeft de GMR haar kantoor in Elst met dertien werkplekken, maar met de groei van het personeelbestand en de omvang van de flexibele schil, ontstond grote druk op de beschikbare werkplekken en ontmoetings- en vergadermogelijkheden in het kantoor. Inmiddels is een passende nieuwe werkplek gevonden in de WTC-toren in Arnhem. Personeelszaken
Met de gemeente Nijmegen is een dienstenverleningsovereenkomst voor het uitbesteden van salarisadministratie en ondersteuning op personeelszaken verlengd. Archief en informatiemanagement De archiefinspectie is toevertrouwd aan de archiefinspecteur van Rijk van Nijmegen. De GMR heeft afgelopen jaren stappen gezet om te voldoen aan de bepalingen van de Archiefwet en de eigen Archiefverordening. In 2025 vonden meerdere gesprekken plaats met de Archiefinspecteur om de selectie en waardering van archiefwaardige stukken verder te verbeteren. In 2025 is de samenwerking met M&I partners voortgezet. M&I partners is verantwoordelijk voor: functionaris gegevensbescherming, privacy officer, SISA functioneel beheer en informatiemanagement.
24 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
Verbonden partijen De GMR heeft, zoals bedoeld in de BBV-voorschriften, geen verbonden partijen. Schatkistbankieren De GMR maakt sinds 2022 gebruik van een schatkistbankieren-faciliteit. Planning & control en administratie Naast reguliere werkzaamheden uit de planning en control cyclus en het (laten) voeren van de financiéle administratie, zijn ondersteunende werkzaamheden voor de vijf opgaven bijvoorbeeld subsidieaanvragen en -verantwoordingen. Btw-compensatiefonds De zogenaamde transparante c.q. doorschuif btw kan door de GMR aan de deelnemende gemeenten worden gefactureerd. Deze gemeenten kunnen deze facturen vervolgens bij het zogenaamde btw-compensatiefonds verhalen. In dit jaarverslag worden de cijfers exclusief btw gepresenteerd. Juridische zaken en inkoop Ook in 2025 leverde de gemeente Arnhem juridische expertise op het gebied van publiek- en privaatrecht. Op het gebied van inkoop en aanbesteding werd in 2025 gebruik gemaakt van externe adviseur voor de meer complexe vraagstukken. Rechtmatigheidsverantwoording Vanaf het verslagjaar 2023 is het dagelijks bestuur verantwoordelijk om een rechtmatigheidsverantwoording af te geven en deze op te nemen in de jaarrekening.
Het dagelijks bestuur verantwoordt aan het algemeen bestuur in hoeverre de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen. Dit houdt in, of afwijkingen in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals begroting en interne verordeningen en met de bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Het algemeen bestuur bepaalt de verantwoordingsgrens en spelregels. De uitgangspunten waar het dagelijks bestuur aan moet voldoen zijn vastgelegd in de door de commissie BBV uitgegeven kadernota Rechtmatigheid 2025. In hoofdstuk 3.3 van dit jaarverslag is de rechtmatigheidsverantwoording opgenomen over het boekjaar 2025. De uitkomst is dat naar oordeel van het dagelijks bestuur een aanzienlijk deel van de overschrijdingen van de begrote lasten en de totale niet acceptabele afwijkingen blijven onder de verantwoordingsgrens (2% van de lasten). Op basis van de spelregels, opgesteld door het algemeen bestuur, moeten individuele afwijkingen groter dan € 5.1.2f aanvullend worden toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. Volgens de door de commissie BBV uitgegeven kadernota Rechtmatigheid 2025 in combinatie met de Financiéle verordening 2025 e.v., vastgesteld in de vergadering van het algemeen bestuur op 26 november 2025, worden alleen de overschrijdingen van de lasten in dit jaarverslag toegelicht.
Deze overschrijdingen zijn niet meegenomen in tussentijdse begrotingswijzigingen en niet aan het algemeen bestuur gecommuniceerd. In de financiéle verordening is tijdig melden als volgt gedefinieerd: onder ‘tijdig melden’ wordt verstaan het melden van de afwijkingen in de P&C producten gedurende het jaar of in de jaarstukken. Uit de analyse op de begrotingsrechtmatigheid blijkt dat sprake is van afwijkingen van begrote baten en lasten. De afwijkingen zijn toegelicht in hoofdstuk 3.5 Analyse begrotingsrechtmatigheid. De afwijkingen bestaan uit: 5.1.2f 5.1.2f - Regiobureau — overschrijding van lasten (€ en overschrijding van baten (€ 5.1.2f 5.1.2f - Groene groeiregio — overschrijding van lasten (€ ) en overschrijding van baten (€ ) 5.1.2f 5.1.2f - Productieve regio — onderschrijding van lasten (€ en overschrijding van baten (€ 5.1.2f 5.1.2f - Ontspannen regio — onderschrijding van lasten (€ ) en overschrijding van baten (€ )
25 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
- Verbonden regio — overschrijding van lasten (€ 5.1.2f - Circulaire regio — overschrijding van lasten (€ 5.1.2f
) en overschrijding van baten (€ 5.1.2f en overschrijding van baten (€ 5.1.2f
.
Voorwaardencriterium Als onderdeel van de controle op het voorwaardencriterium heeft de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen een zogeheten ‘SPEND-analyse’ uitgevoerd. Hiermee toetsen wij de rechtmatigheid van aanbestedingen. Uit deze analyse blijken twee onrechtmatigheden die hieronder nader worden toegelicht. Categorie Administratieve
Bedra
€
5.1.2f
dienstverlening
Projectmanagement
€
5.1.2f
Toelichting Betreft een bestaand contract in het kader van
administratieve dienstverlening, waarvan de besteding ultimo 2025 boven de Europese drempelwaarde uitkomt. Daarmee zijn bestedingen in 2025 onrechtmatig gebleken. De GMR heeft passende maatregelen getroffen en eind 2025 een Europese aanbestedingsprocedure gestart. De GMR heeft met deze leverancier contracten verlengd om projecten te kunnen laten doorlopen, waar dit niet aansluit op de contractpositie met deze leverancier. Daarmee zijn deze verlengingen onrechtmatig gebleken. Nieuwe contracten vanaf juni 2025 zijn via een DAS procedure aanbesteed, waarmee toekomstige onrechtmatigheden kunnen worden voorkomen.
Misbruik en oneigenlijk gebruik (M&O) De basis voor de toetsing op mogelijke risico’s van misbruik en oneigenlijk gebruik (M&O) is de uitgevoerde verbijzonderde interne controles en evaluaties. Uit deze werkzaamheden zijn geen bevindingen gebleken die moeten worden opgenomen voor de rechtmatigheidsverantwoording.
26 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
3.
Jaarrekening
In dit hoofdstuk staan de volgende paragrafen: Staat van baten en lasten Toelichting op staat van baten en lasten Rechtmatigheidsverantwoording 2025 Incidentele en structurele baten en lasten Analyse begrotingsrechtmatigheid Balans per 31 december 2025 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Toelichting op de posten van de jaarrekening Niet in de balans opgenomen verplichtingen Publicatie Wet normering topinkomens (WNT) Taakvelden Overige gegevens
27 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
3.1 Staat van baten en lasten (alle bedragenin €)
Mutaties bestemmingsreserve Saldo Programma Opgaven Groene groeiregio Lasten Baten
Begroting gewijzigd
Realisatie 2025
3.071.384 3.071.384
22.456 22.456
3.093.840 3.093.840
3.109.586 3.193.470
-15.746 -99.630
83.884
-83.884
1.923.083 1.925.285
-87.577 -89.779
Lasten Baten
Mutaties bestemmingsreserve Saldo Ontspannen regio Lasten Baten
Mutaties bestemmingsreserve Saldo Verbonden regio Lasten Baten
Mutaties bestemmingsreserve Saldo Circulaire regio Lasten Baten
Mutaties bestemmingsreserve Saldo Totaal programma opgaven Lasten Baten
Mutaties bestemmingsreserve Saldo
-
52.962 52.962
1.835.506 1.835.506
-
-
-
-
begroting
-
-
-
2.202
-2.202
657.080 657.080
15.182 -5.723
-
-
641.898 662.803
-
-
20.905
-20.905
89 51 5.1.2f 1.00 93
76.835 -35.107
714.221 714.221
703.340 70 5.1.2f
-57.141 -57.141
264 46 264 46
96 86 96 5.1.2f 5.1.2f
-
-
5.1.2f
-
-
-
-
-
-
-
111.942
-111.942
2.538.816 2.631.492
-41.750 -134.426
1.224.000 1.224.000
2.497.066 2.497.066
1.273.066 1.273.066
-
-
-
-
-
-
-
-
-
92.676
-92.676
3.011.133 2.957.559
-70.916 -17.342
2.453.310 2.453.310
486.907 486.907
2.940.217 2.940.217
-
-
-
-
-
-
-
-
-53.574
53.574
9.006.281 9.180.432
-108.226 -282.377
6.877.415 6.877.415
Mutaties bestemmingsreserve Saldo
Programma Regiobureau en Opgaven Lasten Baten
-
1.782.544 1.782.544
Mutaties bestemmingsreserve Saldo
Productieve regio
-
-
2.020.640 2.020.640
8.898.055 8.898.055
-
-
-
-
-
-
9.948.799 5.1.2f
2.043.096 96
11.99 95 5.1.2f 11.99 95 5.1.2f
-
-
-
-
-
-
-
-
174.151
-174.151
12.115 867 5.1.2f 12.37 02
-123.972 -382.007
5.1.2f
Lasten Baten
Wijziging begroting
5.1.2f 5.1.2f
Programma Regiobureau
Verschil realisatie/
Begroting 2025
-
-
5.1.2f
3.2 Toelichting op staat van baten en lasten De baten en lasten over 2025 bedragen respectievelijk € 5.1.2f en € 5.1.2f . Het verschil in baten en lasten en mutatie bestemmingsreserve resulteert in een voordelig rekeningresultaat van 5.1.2f totaal € . Programma regiobureau De baten en lasten van het regiobureau bedragen respectievelijk € 5.1.2f
en € 5.1.2f
.
28 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
(alle bedragen in €)
Lasten 1.1 Salarissen en sociale lasten 3.5.1 Ingeleend personeel 3.8. Overige goederen en diensten 4.3.8 Inkomensoverdrachten - overige instellingen en personen 5.1 Rentelasten 7.3 Afschrijvingen Saldo lasten Baten 3.8 Overige goederen en diensten 4.3.2 Inkomensoverdrachten - gemeenten 4.3.4 Inkomensoverdrachten - provincies 4.3.8 Inkomensoverdrachten - overige instellingen en personen 5.1 Rentebaten Saldo baten Saldo
Wijziging begroting
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f
-60 5.1.2f
-
-
3.0 5.1.2f
-
Realisatie 2025
Verschil realisatie/ begroting
5.1.2f 5.1.2f
74 5.1.2f -60.000
124.000 2.872.384 75.000
Begroting gewijzigd
-
3.799 21.164
5.1.2f
-9.464 31. 5.1.2f
12 5.1.2f 2 5.1.2f 7 5.1.2f -
2
N
37.818 -59 5.1.2f
-
5.1.2f
5.1.2f B
-63 799 -21.164 46 5.1.2f
Begroting 2025
5.1.2f
7 5.1.2f -4 5.1.2f - 5.1.2f 4
-9 5.1.2f 884
Bestemmingsreserve Toevoeging reserve Onttrekking reserve
Mutaties bestemmingsreserve Resultaat Regiobureau
5.1.2f
Programma opgaven 5.1.2f Voor de opgaven zijn door de GMR € aan lasten gerealiseerd. Deze lasten worden gefinancierd door de inwonerbijdrage van de deelnemende gemeenten en subsidies van o.a. provincie en Rijk.
Bij de opgaven Verbonden regio, Circulaire regio en Ontspannen regio zijn drie vorderingen verwerkt die niet realiseerbaar zijn, ontstaan door een lager vastgestelde subsidie dan verwacht. Groene groeiregio (alle bedragen in €)
Begroting 2025
Lasten Algemeen Versnellingsopgave woningbouw Gebiedsprocessen Ruimtelijke integrate opgave
Saldo lasten Baten Inwonerbijdrage deelnemende gemeenten Andere bijdrage deelnemende gemeenten Bijdrage uit subsidies Overige ontvangen bijdragen
Saldo baten Saldo Bestemmingsreserve
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f 1 5.1.2f 5.1.2f
Wijziging begroting
-1.244
Begroting gewijzigd
Realisatie 2025
5.1.2f -17 5.1.2f
78
577
5.1.2f
24 -
-
5.1.2f -
Verschil realisatie/ begroting
20.000
-20.000 -29 3 -40 5.1.2f 5.1.2f
5.1.2f
5.1.2f BN
N
5.1.2f
Reserves toevoeging Reserves onttrekking
Mutatie Resultaat
5.1.2f
29 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
Productieve regio (alle bedragen in €)
Begroting 2025
Lasten
Saldo lasten Baten Inwonerbijdrage deelnemende gemeenten Andere bijdrage deelnemende gemeenten Bijdrage uit subsidies Overige ontvangen bijdragen
Saldo baten Saldo Bestemmingsreserve
31 5.1.2f 5.1.2f 158.000 7 21 5.1.2f 5.1.2f
Begroting gewijzigd
Realisatie 2025
-8 5.1.2f
-3.935 10. 5.1.2f
15 5.1.2f
5.1.2f 1
5.1.2f -
R
R
begroting
55 31.568 -8.886 45 2
R
5.1.2f _
_
714.221
Verschil realisatie/
71 R
452
5
-452 23 -20.905
20.905
-20.905
_
-57 5.1.2f N
BN
N
20.
5.1.2f
Algemeen Toekomstbestendige werklocaties Human Capital Stimuleren ondernemersschap MKB
Wijziging begroting
Reserves toevoeging Reserves onttrekking
Mutatie Resultaat Productieve regio
Ontspannen regio (alle bedragen in €)
Begroting 2025
Lasten Algemeen Recreatie en toerisme
Groen-blauw raamwerk en landelijk gebied Cultuur Saldo lasten Baten Inwonerbijdrage deelnemende gemeenten Andere bijdrage deelnemende gemeenten Bijdrage uit subsidies Overige ontvangen bijdragen Saldo baten Saldo
14 5.1.2f 321 5.1.2f 211 5.1.2f 25.000 5.1.2f
Wijziging begroting
Begroting gewijzigd
Realisatie 2025
5.1.2f
Verschil realisatie/ begroting
673 69 6
5.1.2f
-23 5.1.2f
5.1.2f
11 5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f N
BN
5.1.2f
-35 5.1.2f -11 5.1.2f
Bestemmingsreserve Reserves toevoeging Reserves onttrekking
R
_
Mutatie Resultaat Ontspannen regio
BN
5.1.2f
-11 5.1.2f
Verbonden regio (alle bedragen in €)
Begroting 2025
Lasten Algemeen Voorzieningen en infrastructuur Duurzame mobiliteit en gedrag
Saldo lasten Baten Inwonerbijdrage deelnemende gemeenten Andere bijdrage deelnemende gemeenten Bijdrage uit subsidies Overige ontvangen bijdragen
Saldo baten Saldo Bestemmingsreserve
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f
Wijziging begroting
Begroting gewijzigd
Realisatie 2025
5.1.2f
Verschil realisatie/ begroting
-24 5.1.2f 750
5.1.2f _
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f
28 -12 5.1.2f
5.1.2f -
-
-
5.1.2f
Toevoeging reserve Onttrekking reserve
Mutaties bestemmingsreserve Resultaat Verbonden regio
5.1.2f
30 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
Circulaire regio (alle bedragen in €)
Begroting 2025
Lasten
Inwonerbijdrage deelnemende gemeenten Andere bijdrage deelnemende gemeenten Bijdrage uit subsidies Overige ontvangen bijdragen Saldo baten Saldo
igd
Realisatie 2025
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f 6 5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f
Verschil realisatie/ begroting
-27
95 54 -70 365 5.1.2f
5.1.2f
Water en klimaatadaptie Energietransitie Saldo lasten Baten
begr
ng
16
5.1.2f -
5.1.2f -
5.1.2f -
5.1.2f -
5.1.2f
5.1.2f
-17 342 5.1.2f
Algemeen Circulaire bouw- en infrastructuur Grondstoffen en ketens
Begr
BN
N
5.1.2f
Bestemmingsreserve Reserves toevoeging Reserves onttrekking
Mutatie Resultaat Circulaire regio
5.1.2f
3.3 Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid dagelijks bestuur De baten en lasten, evenals de balansmutaties, worden getrouw in de jaarrekening verantwoord. Het getrouw opnemen van deze posten maakt drie rechtmatigheidscriteria echter niet rechtstreeks inzichtelijk: het begrotingscriterium, het voorwaardencriterium en het criterium misbruik en oneigenlijk gebruik. In deze rechtmatigheidsverantwoording geeft het dagelijks bestuur aan in welke mate bij de in de jaarrekening opgenomen baten, lasten en balansmutaties aan deze criteria is voldaan. Hierbij geldt dat de verantwoorde posten in overeenstemming moeten zijn met de door het algemeen bestuur vastgestelde kaders, waaronder de begroting en de verordeningen van de GMR, alsmede met de relevante wet- en regelgeving. In de waarderingsgrondslagen van de jaarrekening is het door het algemeen bestuur op 26 november 2025 vastgestelde normenkader van toepasselijke wet- en regelgeving nader toegelicht. Voor de rechtmatigheidsverantwoording wordt een materialiteitsgrens gehanteerd, waarbij uitsluitend financieel materiéle afwijkingen worden betrokken. Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald en bedraagt 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee 5.1.2f vastgesteld op € . De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid van de Commissie BBV van september 2025.
Rechtmatigheidsbevindingen
Het dagelijks bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en 5.1.2f lasten, evenals de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen, € bedraagt. 5.1.2f Dit is hoger dan dan de daarvoor gestelde grens van € . Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het bestuur 5.1.2f overigens en bedrag van € acceptabel op basis van door het algemeen bestuur vastgestelde afspraken.
31
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
(alle bedragen in €)
Begrotingscriterium 1a. Overschrijding lasten programma's (of indien van toepassing een ander door het dagelijks bestuur vastgesteld autorisatieniveau) 1b. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten) 2 Ongeautoriseerde reservermutaties 3 Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten, investeringen en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of niet tijdig aan de raad zijn gemeld.
Totaal begrotingsonrechtmatigheden
Afwijking 215.989
5.1.2f
5.1.2f
onderdeel 1 en 2) dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daar vooraf als acceptabel is geduid. In de rechtmatigheidsverantwoording wordt verwezen naar dit vooraf vastgestelde beleid.
De niet-accpetabele begrotingsonrechtmatigheden worden inhoudelijk in de rechtmatigheidsverantwoording en in de paragraaf bedrijfsvoering toegelicht
Voorwaardencriterium 5
Inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed (indien van toepassing inhoudelijk hier toegelicht en in de paragraaf bedrijfsvoering)
5.1.2f
M&O criterium
6. Geen bevindingen Totaal onrechtmatigheden Waarvan acceptabel Waarvan niet-acceptabel
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f
In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het algemeen bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiéle rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het dagelijks bestuur ook beschreven welke actie zij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen. Onderschrijding/Overschrijding van lasten welke tijdig via jaarstukken wordt gemeld en verklaard Regiobureau In 2025 zijn individuele bijdragen van deelnemers van de Regioreis verantwoord als baten, in tegenstelling tot voorgaande jaren (negatieve lasten). Groene groeiregio In 2025 is co-financiering aan lasten verantwoord als baten in plaats van negatieve lasten. Productieve regio In 2025 zijn werkzaamheden getemporiseerd. De lagere lasten zijn onvoldoende tot uiting gekomen in een begrotingswijziging. Ontspannen regio In 2025 zijn werkzaamheden van projecten doorgeschoven naar volgende jaren. De lagere lasten onvoldoende tot uiting gekomen in een begrotingswijziging. Verbonden regio In 2025 hebben sommige activiteiten extra lasten en baten gegenereerd die onvoldoende tot uiting zijn gekomen in begrotingswijziging. Circulaire regio In 2025 zijn extra lasten met betrekking tot Circualaire bouw- en infrastructuur onvoldoende tot uiting gekomen in de begrotingswijziging.
32 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
3.4 Incidentele en structurele baten en lasten (alle bedragen in €)
Lasten 1.1 Salarissen en sociale lasten 3.5.1 Ingeleend personeel 3.8. Overige goederen en diensten 4.3.8 Inkomensoverdrachten - Overige instellingen en personen 5.1 Rentelasten 7.3 Afschrijvingen
Totaal lasten Baten
3.8 Goederen en diensten
4.3.2 Inkomensoverdrachten - gemeenten 4.3.4 Inkomensoverdrachten - provincies 4.3.8 Inkomensoverdrachten - Overige instellingen en personen 5.1 Rentebaten Totaal baten Saldo
Realisatie 2025
-10 5.1.2f
5.1.2f 5.1.2f
-
Structureel 2025
5.1.2f
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f
-10 5.1.2f
5.1.2f
-
5.1.2f 5.1.2f
-21 5.1.2f
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f
Bestemmingsreserve Toevoeging reserve
Onttrekking reserve
Mutaties bestemmingsreserve Resultaat Regiobureau
Incidenteel
-
-
-
-
-
-
-
-
-
5.1.2f
Conform de Financiéle verordening artikel worden incidentele baten en lasten onder € het overzicht als incidenteel opgenomen.;
5.1.2f
niet in
In 2025 is een uitkering van het UWV ontvangen voor de loonkosten over 2023 en 2024, inclusief, betreffende rentederving een werknemer die langdurig arbeidsongeschikt is geweest. Binnen de opgaven Verbonden regio, Circualire regio en Ontspannen regio zijn drie vorderingen verwerkt die niet invorderbaar blijken als gevolg van een lager dan verwacht vastgestelde subsidie. Deze vorderingen zijn afgeboekt ten laste van de niet bestede inwonerbijdrage. GMR heeft in 2025 twee medewerkers op detacheringsbasis uitgeleend aan de NOVEX.
3.5 Analyse begrotingsrechtmatigheid Bij de totstandkoming van de rechtmatigheidsverantwoording over 2025, zoals opgenomen in hoofdstuk 2.3, heeft de GMR een toets uitgevoerd op het begrotingscriterium. In de toelichting op het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) wordt begrotingsrechtmatigheid als volgt omschreven: “Financiéle beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten en lasten, alsmede de balansposten, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). In de begroting zijn de maxima voor de lasten vermeld die door de raad zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiéle beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma, de toereikendheid van het begrotingsbedrag, evenals het begrotingsjaar van belang zijn.” Conform de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de commissie BBV wordt onderscheid gemaakt tussen begrotingsafwijkingen die wel en niet meetellen in de foutevaluatie ten behoeve van de rechtmatigheidsverantwoording.
33 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
In de onderstaande tabel zijn per programma de overschrijdingen ten opzichte van de begroting weergegeven, uitgesplitst naar de verschillende typen begrotingsafwijkingen. Aansluitend wordt per type begrotingsafwijking een toelichting gegeven. (alle bedragen in €) Afwijking lasten Programma Regiobureau Regiobureau Programma Opgaven Groene groeiregio
Afwijking baten
Over- of
Conclusie t.a.v. rechtmatigheid
Onderschrijding
5.1.2f
overschrijding
rechtmatig indien tijdig gemeld
5.1.2f
overschrijding
Productieve regio Ontspannen regio Verbonden regio
5.1.2f
onderschrijding onderschrijding overschrijding
Circulaire regio
5.1.2f
Overschrijding baten indien tijdig gemeld, overschrijding lasten onrechtmatig maar acceptabel rechtmatig indien tijdig gemeld rechtmatig indien tijdig gemeld Overschrijding baten indien tijdig gemeld, overschrijding lasten onrechtmatig maar acceptabel Overschrijding baten indien tijdig gemeld, overschrijding lasten onrechtmatig maar acceptabel
5.1.2f 5.1.2f
overschrijding
Op basis van de bepalingen van de Kadernota Rechtmatigheid 2025 worden de afwijkingen hieronder individueel toegelicht. Overschrijdingen van baten en/of onderschrijding van lasten en baten die tot een begrotingswijziging hebben geleid maar bij tijdig melden niet meetellen in foutevaluatie Uit de analyse op de begrotingsrechtmatigheid blijkt dat voor de opgaven Groene groeiregio, Verbonden regio en Circulaire regio sprake is van afwijkingen van begrote baten en lasten. Het algemeen bestuur autoriseert de begroting op het saldo van baten en lasten; in bovenstaande analyse is daarmee rekening gehouden. Toelichting op begrotingsafwijkingen In hoofdstuk 2.3 (Bedrijfsvoering) is per programma een toelichting opgenomen op de begrotingsafwijkingen.
34 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
3.6 Balans per 31 december 2025 €
ACTIVA Vaste activa Materiéle vaste activa
5.1.2f
Investeringen met economisch nut
5.1.2f
Financiéle vaste activa Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of lange!
5.1.2f
2
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist
Liquide middelen Overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
5.1.2f
5.1.2f 5.1.2f
5.1.2f
5.1.2f 5.1.2f
5.1.2f
TOTAAL ACTIVA
5.1.2f
€
PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserve Onverdeeld resultaat boekjaar
5.1.2f
-
5.1.2f
5.1.2f 5.1.2f
Voorzieningen Voorziening verlofuren Voorziening verlieslatend contract
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan éér Overige schulden
Overlopende passiva Vooruit ontvangen bedragen van overige Nederlandse overheidslichamen Overige overlopende passiva
5.1.2f
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f
5.1.2f
5.1.2f
TOTAAL PASSIVA
5.1.2f 5.1.2f
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
3.7 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Algemene grondslagen De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. De vergelijkende cijfers van het voorgaande boekjaar zijn waar nodig, slechts qua rubricering voor vergelijkingsdoeleinden aangepast. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zijn betrekking hebben. Verliezen en risico’s, die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen al zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd.
Bedrag heffing vennootschapsbelasting Samenwerkingsverbanden zijn vrijgesteld voor de vennootschapsbelasting, ingeval aan drie cumulatieve voorwaarden is voldaan: 1
2 3
De activiteiten van het samenwerkingsverband moeten worden verricht voor de onmiddellijk of middellijke participerende publiekrechtelijke rechtspersonen; De activiteiten zouden de participanten in het samenwerkingsverband niet tot belastingplicht hebben geleid of zouden zijn vrijgesteld als zij de activiteiten zelf zouden hebben verricht; De participanten moeten naar evenredigheid van de afname van de activiteiten van het samenwerkingsverband bijdragen in kosten van het samenwerkingsverband. Bij een gemeenschappelijke regeling wordt geacht hieraan te zijn voldaan.
Nadrukkelijk is deze vrijstelling bedoeld voor activiteiten aan of ten behoeve van de deelnemers aan een samenwerkingsverband en voor activiteiten ten behoeve van of aan een derde partij. De vrijstelling heeft alleen betrekking op het overschot dat wordt gerealiseerd door levering aan de deelnemende gemeenten. Wanneer winst wordt gerealiseerd in verband met de levering aan derden moet hierover in beginsel vennootschapsbelasting betaald worden.
Gebruik van schattingen De opstelling van de jaarrekening vereist dat het management oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van de activa en verplichtingen en van baten en lasten. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurends beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft.
Algemene waarderingsgrondslagen voor rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van het kader zoals besloten in de financiéle verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekend dat:
.
De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiéle rechtmatigheid van baten en lasten en balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van artikel 17, Financiéle verhoudingswet; De financiéle rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en misbruik en oneigenlijk gebruik criterium omvat:
36 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 26 november 2025 door het algemeen bestuur is vastgesteld; Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiéle verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderschrijdingen van lasten onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het algemeen bestuur zijn gemeld; Ten aanzien van het M&O criterium is de in diverse beleidsnotities (o.a. Controleprotocol) opgenomen onderdelen van M&O leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de commissie BBV alsmede onze eigen financiéle verordening. Dit betekent dat: o
Een verantwoordingsgrens van 2% is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; Een rapporteringstolerantie van € 5.1.2f is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.
Grondslagen voor de waardering van de activa en passiva Materiéle vaste activa
De materiéle vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs. De afschrijvingen zijn in het algemeen lineair berekend en gerelateerd aan de verwachte economische levensduur, met inachtneming van de restwaarde. Eventuele tegemoetkomingen worden in mindering gebracht op de verkrijgingsprijs. Duurzame waardevermindering van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in acht genomen. In de financiéle verordening is het afschrijvingsbeleid opgenomen. Activa met economisch nut en een verkrijgingsprijs onder € 5.1.2f worden niet geactiveerd. Voor inrichting van gebouwen en inventaris is de afschrijvingstermijn 15 jaar.Voor computers en telefoons (mobiele apparatuur) is de afschrijvingstermijn op 3 jaar gesteld. Financiéle vaste activa
De financiéle vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Voorzieningen wegens oninbaarheid zijn in mindering gebracht op de aldus bepaalde waarde van de vordering. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt statisch bepaald. Liquide middelen De liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor zover liquide middelen niet ter vrije beschikking staan, is hiermee indien noodzakelijk, bij de waardering rekening gehouden.
Overige activa en passiva Activa worden conform artikel 63, lid 1 (BBV) gewaardeerd op basis van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Passiva worden gewaardeerd conform artikel 63, lid 7 (BBV) op basis van nominale waarde. Eigen vermogen
37 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
De grondslag van het eigen vermogen is bepaald als de resultante van de, volgens wettelijke voorschriften van BBV, afzonderlijk gewaardeerde activa en de schulden, voorzieningen en overlopende posten. In het BBV worden reserves omschreven als vermogensbestanddelen die als eigen vermogen zijn aan te merken en die vanuit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden zijn. De vaststelling van de noodzakelijke omvang van reserves is een zaak van het algemeen bestuur. In de gemeenschappelijke regeling is opgenomen dat de algemene reserve maximaal € 5.1.2f bedraagt. Reserves worden onderverdeeld in algemene reserve en bestemmingsreserve. Zodra het algemeen bestuur aan een reserve een bepaalde bestemming heeft gegeven, is er sprake van een bestemmingsreserve. Om die reden kunnen bestemmingsreserves naar de situatie per ultimo verslagjaar geen negatieve stand kennen. Heeft een reserve geen bestemming dan wordt het een algemene reserve genoemd. Mutaties in reserves zijn enkel mogelijk op basis een bestuursbesiuit genomen voor het einde van het beteffende begrotingsjaar. De reserves worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Grondslagen voor resultaatbepaling Alle posten in de rekening van baten en lasten worden opgenomen voor de aan het verslagjaar toe te rekenen bedragen.
Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd voor verplichtingen en verliezen die op de balansdatum in rechte afdwingbaar zijn of zijn aan te merken als een ‘feitelijke’ verplichting waarbij het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling van die verplichtingen of verliezen middelen of andere activa de onderneming zullen verlaten en van de verplichtingen en verliezen een betrouwbare schatting is te maken. Het bedrag dat als voorziening wordt opgenomen, is de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de betreffende verplichtingen en verliezen af te wikkelen. Bij deze schatting is zoveel mogelijk rekening gehouden met alle risico’s en onzekerheden die samenhangen met de voorziening. Voor zover de uitgaven voor de afwikkeling van voorzieningen op derden kunnen verhaald, zijn deze vergoedingen niet in de voorziening betrokken maar als afzonderlijk actief op de balans opgenomen. Tenzij anders vermeld in deze toelichting, zijn de voorzieningen gewaardeerd tegen de nominale waarde. Bij waardering tegen de contante waarde is de voorziening contant gemaakt tegen de actuele marktrente per balansdatum (disconteringsvoet voér belastingen), gebaseerd op hoogwaardige ondernemingsobligaties. De vorming van een voorziening, dan wel een dotatie aan een al bestaande voorziening, is als een last in het betreffende boekjaar verantwoord.
Alle aanwendingen aan voorzieningen zijn rechtstreeks ten laste van de voorziening gebracht en in het verslagjaar niet ten laste van de exploitatie verantwoord. Voorzieningen worden niet gevormd voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Voor het bepalen van ‘het jaarlijks vergelijkbaar volume’ is een tijdsperiode van vier jaar gehanteerd.
38 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
3.8 Toelichting op de posten van de balans 1. Materiéle vaste activa Het waardeverloop van de overige materiéle vast activa is als volgt samen te vatten: Investeringen met economisch nut
Inventaris
5.1.2f
Computers en telefoons Totale materiéle vaste activa
5.1.2f
-
5.1.2f
Verloopoverzicht materiéle vaste activa
Inventaris Computers en telefoon Totaal
5.1.2f 5.1.2f
-
5.1.2f
-
5.1.2f
-
-
-
-
-
-
-
5.1.2f
-
-
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f
De afschrijvingen zijn in het algemeen lineair berekend en gerelateerd aan de verwachte economische levensduur, met inachtneming van de restwaarde. Verloopoverzicht investeringskrediet
Inventaris
Verbouwingskosten Inrichtingskosten Aanpassing automatisering Computers en telefoons Laptops
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f
5.1.2f
-
5.1.2f 5.1.2f
2. Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één of langer Alle vorderingen hebben een looptijd langer dan 1 jaar.
5.1.2f
Borgsom
Totaal
5.1.2f
3. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Alle vorderingen hebben een looptijd korter dan 1 jaar. Vorderingen op openbare lichamen €
€
5.1.2f 5.1.2f 5.1.2f
5.1.2f
Btw-compensatiefonds samenwerkingsverband Debiteuren Totaal
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
Uitzettingen in ’s Rijksschatkist
Schatkistbankieren 5.1.2f
5.1.2f
Totaal
Uitzettingen in ’s Rijksschatkist Voor het schatkistbankieren is een drempelbedrag berekend. Dit drempelbedrag is ingesteld om te voorkomen dat elke dag alle positieve banksaldi afgeroomd moeten worden naar nihil. Het drempelbedrag is € 5.1.2f (0,75% van de begrote lasten met een minimum van € 5.1.2f ). alle bedragen x € 5.1.2f
a 2) (3a)=(1)>(2) (3b)=(1)>(2)
Verslagjaar
Drempelbedrag
5.1.2f
Kwartaal 2
Kwartaal 1
Kwartaalcijfers op dagbasis buiten 's rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
Kwartaal 3
Kwartaal 4
Kwartaal 3
Kwartaal 4
5.1.2f 5.1.2f
Overschrijding van het
drempelbedrag Verslagjaar
(1) Berekening drempelbedrag (4a)
Begrotingstotaal verslagjaar
(4b)
Hetdeelvan hetbegrotingstotaal datkleiner of gelijk is aan €
5.1.2f
5.1.2f
5.1.2f
5.1.2f
(4c)
Hetdeelvan hetbegrotingstotaal dat € 5.1.2f te boven gaat
(1) = (4b) x 0,02 + (4c) 0,002 met een minimum van € 5.1.2f als het begrotingstotaal kleiner of gelijkis aan € 5.1.2f . En als begrotingstotaal groter dan € 5.1.2f is, is hetdrempelbedrag Drempelbedrag gelijk aan € 5.1.2f , vermeerderd met 0,2% van hetdeelvan het begrotingstotaal dat de € 5.1.2f 5.1.2f te boven gaat
5.1.2f
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 1
(5a)
(8b)
(2)-(5a)/ (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagenin het kwartaal Kwartaalcijfers op dagbasis buiten 's rijks schatkist aangehouden
5.1.2f
90
91
92
92
5.1.2f
middelen
4. Liquide middelen
Rabobank 5.1.2f 5.1.2f
5.1.2f
Totaal
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
5. Overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen €
€
5.1.2f
Nog te ontvangen rente Nog te ontvangen subsidies overige Nederlandse overheidslichamen Nog te ontvangen subsidies overige Europese overheidslichamen Nog te vorderen inwonerbijdrage Netto lonen
5.1.2f
-
5.1.2f
-
5.1.2f
-
5.1.2f
5.1.2f
-
Overige vorderingen
Totaal
5.1.2f
Voor de verwerking in het verloopoverzicht is de definitief vastgestelde subsidieresultaatpositie (eindstand) bepalend. Als gevolg hiervan sluit het saldo per 1 januari 2025 in het individuele verloopoverzicht niet één-op-één aan op de eindstand zoals opgenomen in de jaarrekening 2024. De geaggregeerde beginstand sluit echter wel aan bij de gepresenteerde stand in de jaarrekening 2024.
Verloopoverzicht Nog te ontvangen subsidies overige Nederlandse overheidslichamen (alle bedragen in €)
-
VAT kosten
5.1.2f 5.1.2f
-3 5.1.2f 3 1.650 -44 965 5.1.2f -54 2
Slim en Schoon Onderweg Arnhem-Nijmegen 2024 Multidisciplinaire leerlijn Bouwen en Regiseren Jaarplan circulair opdrachtgeverschap GMR 2023 Ondersteuning procesbegeleiding GMR voor netcongestie Toekomst bestendig bouwen
2.083
5.1.2f
2024-001929 2024-011861 2024-004576 2024-009190 2024-012745 Totaal
5.1.2f
5.1.2f
5.1.2f
6 5.1.2f 66 5.1.2f
3 33 4
5.1.2f
Verloopoverzicht nog te ontvangen overige Europese overheidslichamen (alle bedragen in €) Omschrijving 5.1.2f
DeCarb-Pro
- 5.1.2f
Pathways2Reslience
5.1.2f
_
- 5.1.2f
5.1.2f
- 5.1.2f
Vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen €
Vooruitbetaalde kosten Totaal
€
5.1.2f 5.1.2f
6. Eigen vermogen 5.1.2f
Het eigen vermogen bedraagt € en bestaat uit een algemene reserve van € 5.1.2f onverdeeld resultaat boekjaar van € .
5.1.2f
en
Verloop overzicht eigen vermogen: Algemene reserve
Beginstand Allocatie van het resultaat voorgaand jaar Onttrekking Eindstand
5.1.2f 5.1.2f
-
- 5.1.2f 5.1.2f
4 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen e Jaarstukken 2025 8 april 2026
Op grond van de gemeenschappelijke regeling mag de algemene reserve € 5.1.2f zijn. Deze algemene reserve is eind 2022 gevormd uit het rekeningresultaat van 2021. Op basis van allocatie van het resultaat van voorgaand jaar is de algemene reserve aangevuld tot € 5.1.2f . Bestemmingsreserve Beginstand Allocatie van het resultaat voorgaand jaar Onttrekking Eindstand
5.1.2f 5.1.2f
-
-
- 5.1.2f 5.1.2f
Op basis van de allocatie van het resultaat voorgaand jaar de bestemmingsreserve gerestitueerd aan de 17 deelnemende gemeenten. Resultaat boekjaar
Beginstand Allocatie van het resultaat voorgaand jaar Mutatie uit resultaatbestemming Eindstand
5.1.2f
-24 5.1.2f
5.1.2f
5.1.2f 5.1.2f
De resultaatbestemming over het verslagjaar 2024 is op 9 juli 2025 door het algemeen bestuur vastgesteld. Het gerealiseerde resultaat over 2024 bedroeg € 5.1.2f . Het algemeen bestuur heeft besloten dit resultaat als volgt te bestemmen. Een bedrag van € 5.1.2f wordt toegevoegd aan de algemene reserve. Het resterende bedrag € 5.1.2f wordt, conform artikel 31 van de Gemeenschappelijke Regeling, terugbetaald aan de deelnemende gemeenten. Daarnaast is het niet-benutte deel van de bestemmingsreserve 2021, ter 5.1.2f grootte van € , terugbetaald.
7. Voorziening Voorziening verlofuren
Op basis van overzicht verlofuren per ultimo 2025 is er geen bovenmatig saldo van bovenwettelijk verlofuren.
Beginstand Dotatie Vrijval Eindstand
-
5.1.2f
-
-
-
5.1.2f
-
-2
-
Voorziening verlieslatend contract Als gevolg van de verhuizing naar de nieuwe locatie in Arnhem en het uitblijven van een nieuwe huurder voor de locatie in Elst, is voor de resterende huurverplichtingen een voorziening voor een verlieslatend contract gevormd. In december 2025 is een factuur voor de huurpenningen voor januari 2026 ontvangen. Deze is ten laste van de gevormde voorziening gebracht.