CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

9. Bijlage bij de toelichting deel 1a

Besluitronde (raadsvergadering) 28 april 2021, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling paraplubestemmingsplan Nijmegen Dijkversterking Wolferen - Sprok (27/2021) (STEMSTUK)32.925 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Het bestemmingsplan is in 2014 vastgesteld, waarmee de exploitatiegrenzen voor de woningbouw vastliggen. Ter hoogte van De Stelt Zuid is de dijk verlegd in het project Ruimte voor de Waal. Het waterschap heeft in overleg met de gemeente een voorkeursalternatief voor dit trajectdeel opgesteld. En als uitwerking van de samenwerkingsovereenkomst uit 2016 een realisatieovereenkomst. De gemeente realiseert dit deel van de dijkversterking. Dit is voor de Waterwet geregeld via een watervergunning die in 2019 is afgegeven; - woningbouwlocaties Dijkzone-Hof van Holland en Dijkzone-Woenderskamp. Gemeente Nijmegen ontwikkelt aan dijksectie 6 en 7 de Dijkzone. De bestemmingsplannen zijn in 2019 vastgesteld. Het gebied wordt al bouwrijp gemaakt. De Dijkzone is onderdeel van de samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente en het waterschap. Op een deel van het plan gaat het binnendijkse deel van het voorkeursontwerp voor dijkversterking gaat uit van een pipingberm. Door het profiel vervolgens op te waarderen tot een bebouwbare dijk is hier woningbouw mogelijk. Het ontwerp is in nauw overleg tussen de gemeente en waterschap tot stand gekomen. De woningbouw vindt plaats buiten het profiel van vrije ruimte (zie uitleg in paragraaf 2.1).

Het waterschap werkt mede daarom mee om het relevante deel van de dijk (de binnendijkse berm) vooruitlopend op de dijkversterking aan te (laten) leggen op basis van een watervergunning. Dit wordt vastgelegd in een realisatieovereenkomst; - plan Hoge wei. Een projectontwikkelaar ontwikkelt bij Oosterhout een woningbouwplan voor maximaal 62 woningen. Het bestemmingsplan werd in juni 2017 vastgesteld door gemeente Overbetuwe. Inmiddels is het bestemmingsplan onherroepelijk in werking getreden. In het plan is een beschermingszone opgenomen voor de huidige Waaldijk. Hierdoor heeft het plan geen directe invloed op de dijkversterking. Overige ontwikkelingen Projecten waarover geen besluit is genomen, of waar besluitvorming niet op korte termijn plaatsvindt (binnen deze planuitwerking) zijn geen onderdeel van de referentiesituatie. Het betreft de volgende plannen: - Integraal Riviermanagement. Binnen het programma werken het Rijk en de regionale (water)partners aan een veilig, functioneel en aantrekkelijk Maas- en Rijngebied. Voor de riviertakken wordt een visie opgesteld met opgaven op het gebied van waterveiligheid, waterkwaliteit, natuur- en economische ontwikkeling, zoetwatervoorziening en een vlotte en

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 23 van 189

10 juli 2020

veilige doorvaart van de scheepvaart. De dijkteruglegging Oosterhout wordt binnen dit programma onderzocht; - Bestemmingsplan Landschapspark De Danenberg. Landschapspark De Danenberg (langs dijksectie 13 vervult een rol als ‘groen prikkeldraad’, omdat het verdere verstedelijking van de bedrijven langs de A15 tegenhoudt. In De Danenberg ligt de nadruk op het aanleggen van een groene structuur en landschappelijke verbindingen. Ook worden woningen gebouwd. In augustus 2017 lag het voorontwerpbestemmingsplan ter inzage, dit bevat alleen de gedeelten waar een bestemmingsplanwijziging nodig was om het plan te kunnen realiseren. Binnen het ruimtebeslag van de dijkversterking is in het bestemmingsplan natuur voorzien. In het inrichtingsplan gaat het om bloemrijk grasland of weide. Ten oosten van Waaldijk 31 is een dijkopgang voorzien in het inrichtingsplan. In het inrichtingsplan is ook bos voorzien binnendijks van Altena. Dit zijn nietgegarandeerde planonderdelen (geen onderdeel van bestemmingsplan).

2.5 Wettelijk- en beleidskader Wettelijke- en beleidskaders geven randvoorwaarden aan de voorgenomen activiteit. Het MER heeft hier rekening mee gehouden bij het opstellen van het beoordelingskader en het concretiseren van de beoordeling. In het MER fase 1, hoofdstuk 2 (bijlage 5 van dit document) zijn de belangrijkste richtinggevende wetten en kaders voor de planvorming al toegelicht. Bijlage II-X van bijlage 5 gaan in op de themaspecifieke wettelijke- en beleidskaders en richtlijnen. Bij de beoordeling is rekening gehouden met eventuele nieuwere wetgeving, zoals voor bodem.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 24 van 189

10 juli 2020

3 Alternatievenafweging Dit hoofdstuk licht het trechteringsproces tot aan het voorkeursalternatief toe en het kader voor de planuitwerking.

3.1 Ontwerpproces verkenning De kern van de verkenningsfase was het trechteringsproces: van veel bouwstenen en oplossingsrichtingen naar een beperkt aantal alternatieven en vervolgens naar één voorkeursalternatief. Het ontwerpproces verliep van grof naar fijn. In de verkenning zijn dus veelal ‘çonservatieve’ aannames gedaan voor de dimensies van de alternatieven. Deze trechtering vond plaats van juli 2017 tot januari 2018. Bijlage 2 geeft een samenvatting van de trechtering naar alternatieven. Op basis van doelmatigheid, kosten en milieu/omgeving nam het bestuur van het waterschap in maart 2019 een besluit over het voorkeursalternatief. Het voorkeursalternatief uit de verkenning bestaat uit een keuze voor het basisprofiel grondoplossing met pipingmaatregel. En op ruim 50 locaties aanvullende maatregelen en maatwerklocaties. De afweging tussen alternatieven is hieronder kort toegelicht.

3.2 Alternatieven Het ontwerp- en participatieproces in het eerste deel van de verkenning (zie bijlage 2) leidde tot drie alternatieven voor dijkversterking. Tabel 3.1 geeft de gehanteerde dimensies. N.B. De namen van de alternatieven zijn gebaseerd op het grootste onderscheid: hoe de stabiliteit wordt opgelost, in grond of met een constructie. Tabel 3.1 Overzichtstabel kenmerken alternatieven Nr. Naam

Kenmerk

Kruin

Binnendijks

1

versterken in grond

grootste ruimtebeslag stabiliteitsberm circa 10 m, verbreding hoogte (maximaal 6 m)

Buitendijks

in grond (maximaal 1 m hoger)

2

binnendijkse constructie

3

binnen- en buitendijkse constructie

binnendijks ruimtebeslag geoptimaliseerd binnen- en buitendijks ruimtebeslag geoptimaliseerd

in grond (maximaal 1 m hoger) in grond (maximaal 1 m hoger)

stabiliteitsberm circa 10-50 m, verbreding hoogte (maximaal 6 m), pipingmaatregel stabiliteits- en pipingconstructie

stabiliteitsberm circa 10 m, verbreding hoogte (maximaal 6 m) stabiliteits- en pipingconstructie, verbreding hoogte (maximaal 3 m)

stabiliteits- en pipingconstructie, verbreding hoogte (maximaal 3 m)

Alternatief dijkversterking 1: versterken in grond Doordat de dijk wordt opgehoogd, neemt het dijklichaam meer ruimte in. Een ophoging met 1 m neemt ongeveer 6 m meer ruimte in. Binnen dit alternatief is het mogelijk dat het ruimtebeslag binnen- of buitendijks wordt gezocht, of gelijkmatig verdeeld over de beide zijden.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 25 van 189

10 juli 2020

Afbeelding 3.1 Alternatief 1 voor dijkversterking: versterken in grond

‘schuifruimte’ hoogte

Aan beide kanten van de dijk wordt er bovendien versteviging aangebracht om ervoor te zorgen dat de stabiliteit van de taluds niet in gevaar komt. Dit wordt gedaan met nieuwe (stabiliteits)bermen. De berm aanvullen tot een volledig functionele pipingberm neemt te veel ruimte in (200-300 m). Daarom is ervoor gekozen om een pipingmaatregel te plaatsen in de nieuwe binnenteen van de dijk (onderkant van het talud van de stabiliteitsberm). Een pipingmaatregel kan bijvoorbeeld bestaan uit een kunststof damwand of uit een verticaal zanddicht geotextiel. Dit is niet vastgelegd. Alternatief dijkversterking 2: buitendijks versterken in grond en constructie binnendijks Vanaf de kruin wordt de dijk opgehoogd en verbreed richting de rivier. De stabiliteit van het buitentalud wordt sterker door het toevoegen van grond aan de buitendijkse zijde. Een constructie aan de binnendijkse zijde moet ervoor zorgen dat er geen piping kan ontstaan, en waarborgt de stabiliteit van het binnentalud. De locatie en uitvoering van de constructie is hierbij niet vastgelegd.

Afbeelding 3.2 Alternatief 2 voor dijkversterking: buitendijks versterken met constructie binnendijks

Alternatief dijkversterking 3: ophogen in grond en versterken met constructies Vanaf de kruin wordt de dijk opgehoogd en beperkt verbreed. De dijkstabiliteit wordt door constructies aan beide zijden gewaarborgd. De locatie en uitvoering van de constructies is hierbij niet vastgelegd.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 26 van 189

10 juli 2020

Afbeelding 3.3 Alternatief 3: ophogen en versterken met constructies

3.3 Beoordeling alternatieven De paragraaf geeft een korte samenvatting van de beoordeling van de alternatieven. Deze beoordeling staat uitgebreid toegelicht in MER fase 1 (bijlage 5). In de bijlagen van het MER fase 1 staan ook de thema’s, criteria en de operationalisering daarvan (de maatlatten voor de beoordeling). De beoordeling vindt plaats op een vijfpuntschaal, zoals aangegeven in tabel 3.2. De beoordeling is in principe ten opzichte van de referentiesituatie. Dat betekent dat als er geen wijziging is, dus geen effect, en dat de beoordeling neutraal is ten opzichte van de referentiesituatie. Tabel 3.2 Scoretabel Kwalitatieve score

Betekenis

--

zeer negatief effect ten opzichte van de referentiesituatie (risico voor haalbaarheid van het plan)

-

negatieve effect ten opzichte van de referentiesituatie

0

geen effect ten opzichte van de referentiesituatie

+

positief effect ten opzichte van de referentiesituatie

++

zeer positief effect ten opzichte van de referentiesituatie

Hoogwaterveiligheid (doelbereik) Alle alternatieven voldoen aan de technische eisen voor een veilige dijk en hebben een goed uitgangspunt voor beheerbaarheid. Alle alternatieven zijn haalbaar binnen de uitvoeringstermijn. Hierbij is één kleine kanttekening te maken. Voor alternatief 1 ‘versterken in grond’ zijn meer transportbewegingen nodig. Dit is op te lossen door meer capaciteit te organiseren. Het belangrijkste onderscheid voor het thema hoogwaterveiligheid tijdens de verkenning was robuustheid of klimaatadaptiviteit van de waterkering (zie tabel 3.3). Een grondoplossing is het meest robuust, aangezien een dijk in grond makkelijk kan worden opgehoogd of aangevuld. Het gebruikte materiaal kan in de toekomst blijven liggen. Een constructie voldoet bij een volgende dijkversterking vaak niet meer aan de eisen. Er is dan een nieuwe constructie nodig. Omdat het uit de grond halen van een constructie ook risico’s met zich meebrengt, blijft de constructie vaak liggen. Hergebruik van het gebruikte materiaal is daarom ook niet zeker.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 27 van 189

10 juli 2020

De pipingmaatregel in alternatief 1 (bijvoorbeeld een grofzandbarrière of een damwand) is minder robuust dan een pipingberm. Alternatief 2 ‘buitendijks versterken met constructie binnendijks’ en 3 ‘ophogen en versterken met constructies’ bevatten een stabiliteitsconstructie die wordt gecombineerd met een pipingmaatregel. Deze combinatie is minder makkelijk aan te passen en daardoor minder robuust dan de eventuele damwand voor piping in alternatief 1. Alternatief 1 ‘versterken in grond’ heeft daarom de voorkeur vanuit hoogwaterveiligheid.

Tabel 3.3 Overzichtstabel hoogwaterveiligheid thema

beoordelingscriteria, invloed op

1

2

3

hoogwaterveiligheidsfunctie

robuustheid/klimaatadaptatie waterkering

0

-

-

Omgeving De beoordeling vanuit de omgevingseffecten is samengevat in tabel 3.4. Alternatief 1 leidt tot de grootste omgevingseffecten. Vanwege het kleinste ruimtebeslag leidt alternatief 3 tot de minste effecten op omliggende omgevingswaarden, gevolgd door alternatief 2. Daarom is op vrijwel alle dijksecties de voorkeur voor alternatief 3 of soms ook alternatief 2 als het om een binnendijks effect gaat. Ook deze alternatieven hebben significant negatieve effecten op natuur en erfgoed. Alternatief 1 is alleen zonder grote effecten mogelijk als lokaal bij panden, monumenten, houtopstanden en bomen, kolken en watergangen wordt gekozen voor een ander alternatief, een maatwerkoplossing of compensatie. Op vrijwel elke dijksectie zijn meerdere waardevolle elementen aanwezig. Ook bij alternatief 2 en 3 is er een inpassingsopgave op verschillende locaties.

Tabel 3.4 Overzichtstabel onderscheidende omgevingseffecten Thema

Beoordelingscriteria, invloed op

1

2

3

rivierkunde

waterstandsdaling en opstuwing

--

--

0

natuur

wet natuurbescherming - houtopstanden en bomen

--

-

-

bodem

bodemkwaliteit benodigd grondverzet

+ -

0 0

0 +

water

oppervlaktewater grondwater

-0

0 -

0 -

erfgoed

historisch-geografische structuren, ensembles en elementen

-

-

0

gebruikswaarde

woonfunctie - woningen werkfunctie - areaal

---

-

-

werkfunctie - werkkwaliteit recreatiefunctie

-

0 0

0 0

duurzaam materiaal- en energiegebruik

--

-

-

toekomstwaarde

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 28 van 189

10 juli 2020

Kosten Tabel 3.5 geeft het overzicht van de kosten. De investeringskosten bevatten de kosten voor het realiseren van de kansrijke alternatieven. Hieronder vallen de kosten voor de aanleg van de dijkversterking, inclusief risicoreservering (bouwkosten), kosten voor het verwerven van gronden en woningen (vastgoedkosten), kosten voor de engineering (engineeringskosten) en kosten voor vergunningen, verleggen van kabels en leidingen en natuur/KRW- compensaties en overige bijkomende kosten. Alternatief 1 (ophogen in grond) heeft de laagste investeringskosten zonder vastgoed. Een ‘kale’ grondoplossing is veel goedkoper dan een damwandconstructie. Anderzijds is voor dit alternatief meer grondverwerving nodig en liggen er meer woningen binnen het ruimtebeslag. Daarom zijn de vastgoedkosten van alternatief 1 significant hoger dan de vastgoedkosten van de andere twee alternatieven. De totale investeringskosten van alternatief 3 zijn iets hoger dan van alternatief 2. Dit komt door het kleinere ruimtebeslag (minder vastgoed, minder compensatie), maar ook doordat de buitendijkse constructie minder zwaar is dan de binnendijkse. In de levensduurkosten zijn aanvullend de kosten voor het beheer en onderhoud van de kansrijke alternatieven opgenomen voor een periode van 100 jaar.

Alternatief 1 (versterken in grond) heeft lagere beheer- en onderhoudskosten dan alternatief 2 (binnendijkse constructie) en 3 (binnen- en buitendijkse constructie). Dit komt doordat in alternatief 1 geen damwandconstructie aanwezig is. Het vervangen van een damwand is duurder dan het onderhoud aan het grondlichaam gedurende deze tijd. Om inzicht te geven in beheer- en onderhoud zonder vervanging van de damwanden, is ook een raming gemaakt voor de periode van 50 jaar. Tabel 3.5 Overzichtstabel kosten (exclusief BTW) Thema

Beoordelingscriteria, invloed op

1

2

3

kosten

investeringskosten inclusief vastgoed (M€)

71 - 116

72 - 116

80 - 131

investeringskosten exclusief vastgoed (M€)

42 - 68

60 - 97

70 - 113

levenscycluskosten, 100 jaar (M€)

143 - 232

153 - 249

180 - 293

levenscycluskosten, 50 jaar (M€)

111 - 180

99 - 161

105 - 170

3.4 Voorkeursalternatief aan het eind van de verkenning Grondoplossing als basis Het voorkeursalternatief is in 2018 tot stand gekomen. De Notitie Voorkeursalternatief (Waterschap Rivierenland, 2018) beschrijft waar voor welke oplossing is gekozen. Mede op basis van de informatie uit het MER fase 1 is een keuze gemaakt voor het voorkeursalternatief. De Notitie Voorkeursalternatief en MER fase 1 lagen ter consultatie van 12 oktober 2018 tot en met 9 november 2018. In deze periode was het mogelijk om schriftelijk of mondeling te reageren op de stukken. Het algemeen bestuur van Waterschap Rivierenland stelde het voorkeursalternatief in maart 2019 vast. Het voorkeursalternatief bestaat in principe uit het versterken in grond (zoals alternatief 1) met op bepaalde ‘bijzondere locaties’ optimalisatie van de grondoplossing, een keuze voor ander alternatief of een maatwerkoplossing die in de planuitwerking nader gedetailleerd wordt. Onderstaande alinea’s lichten de keuze achter én de vorm van het voorkeursalternatief verder toe.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 29 van 189

10 juli 2020

Onderbouwing voorkeursalternatief Het waterschap heeft vanuit robuustheid en beheer de voorkeur voor versterking in grond, zowel op dit dijktraject als op de naburige dijktrajecten. Hierbij heeft het waterschap (in lijn met eerder beleid) de voorkeur voor een zoveel mogelijk binnendijkse versterking met het behoud van de huidige kruinlijn. Vanwege het grote ruimtebeslag en daardoor de grote effecten van pipingbermen is in het voorkeursalternatief rekening gehouden met een verticale maatregel tegen piping. Een grondoplossing is robuuster en klimaatadaptiever in vergelijking met oplossingen met een constructie. Toekomstige dijkversterkingen zijn bij een grondoplossing makkelijker op te vangen. Alternatief 1, de grondoplossing met pipingmaatregel, is het meest robuust van de beschouwde alternatieven. Alternatief 1 is over het hele dijktraject bekeken op de lange termijn ook goedkoper, zelfs inclusief vastgoedkosten en kosten voor mitigatie en compensatie vanuit omgevingsthema’s. Omdat alternatief 1 ten opzichte van het huidige dijklichaam een groot ruimtebeslag heeft, is er vanuit de meeste omgevingsthema’s op vrijwel alle dijksecties primair voorkeur voor alternatief 3. Door optimalisaties in het ontwerp en aanvullende mitigerende maatregelen te nemen, is het effect van het voorkeursalternatief op thema’s zoals wonen en cultuurhistorie minder groot.

Hierop scoort het voorkeursalternatief vergelijkbaar met alternatief 3. Daarmee staan deze effecten dit voorkeursalternatief niet in de weg. Ontwerpprincipe voorkeursalternatief Het voorgestelde voorkeursalternatief volgt deels de ontwerpprincipes van alternatief 1, de grondoplossing met pipingmaatregel. Tabel 3.6 geeft de principes voor buitendijks, de kruin en binnendijks aan. De schuifruimte die binnen alternatief 1 mogelijk was, wordt in het voorkeursalternatief zoveel mogelijk binnendijks opgevuld (zie afbeelding 3.4). Ruimtebeslag op Natura 2000 is niet mogelijk als er binnendijks een mogelijkheid is om de benodigde breedte voor de verhoging uit te voeren. Dit is het geval op grote delen van dit dijktraject. Hierdoor is er minder ruimtebeslag op buitendijks Natura 2000-gebied. Bovendien is er minder opstuwing op de as van de rivier bij maatgevend hoogwater. Deze twee aspecten leiden tot een betere vergunbaarheid voor de dijkversterking. Tabel 3.6 Kenmerken basisontwerp voorkeursalternatief Buitendijks stabiliteitsberm (maximaal circa 10 m breed)

Kruin in grond (maximaal circa 1 m hoog)

Binnendijks stabiliteitsberm (maximaal circa 10-50 m breed), verbreding hoogte (maximaal circa 6 m breed), pipingmaatregel

Afbeelding 3.4 Basisprincipeprofiel voorkeursalternatief

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 30 van 189

10 juli 2020

Bijzondere locaties Op bijna 50 locaties is sprake van een conflict met het versterken in grond met pipingconstructie. Hier liggen panden, monumenten, houtopstanden en bomen, kolken en watergangen. Op deze ‘bijzondere locaties’ is bekeken of de grondoplossing geoptimaliseerd kan worden, of hier beter alternatief 2 of 3 gekozen kan worden, of dat een maatwerkoplossing mogelijk is. Met de optimalisaties in grond, op enkele locaties de keuze voor het toepassen van een constructie, en het opnemen van maatwerklocaties zijn de effecten voor gebouwen (inclusief gebouwde monumenten) beter dan bij alternatief met over de volledige lengte van het dijktraject een constructie (2 of 3). Ook is op de meeste locaties het probleem met de cultuurhistorisch waardevolle kolken opgelost of is een inpassingsopgave vastgelegd bij een maatwerklocatie. Hierdoor scoort het voorkeursalternatief op veel criteria vergelijkbaar met alternatief 3. Natura 2000 Een blijvend effect van het voorgestelde voorkeursalternatief was het grote ruimtebeslag buitendijks door de berm. Aan het einde van de verkenning had het waterschap de verwachting dat de buitendijkse opgave veelal verminderd kon worden. Door betere informatie over de ondergrond te verkrijgen en gedetailleerdere berekeningen uit te voeren. Dit was een duidelijke opgave voor de planuitwerking.

Mocht er dan alsnog sprake zijn van significante negatieve effecten door het ruimtebeslag, dan kon alsnog als mitigerende maatregel een constructie of andere innovatieve techniek worden overwogen.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 31 van 189

10 juli 2020

Afbeelding 3.5 Overzichtskaart voorkeursalternatief aan het einde van de verkenning

3.5 Ontwerpopgave voor de planuitwerkingsfase Het voorkeursalternatief aan het einde van de verkenning was vastgelegd in een principeprofiel en keuzen over bijzondere locaties, waaronder maatwerklocaties. Deze keuze laat ruimte voor nadere detaillering en optimalisaties van het ontwerp. In een dijkversterkingsproject wordt gewerkt van grof naar fijn. Tijdens de verschillende fasen komt steeds meer informatie vrij, bijvoorbeeld over de bodemomstandigheden of door gedetailleerdere inmetingen van de dijk of vanuit het omgevingsproces. Door in de verkenning te rekenen met ‘conservatieve’ aannames, leidt de planuitwerking over het algemeen tot een kleiner ruimtebeslag. Het voorkeursalternatief kan dus op onderdelen wijzigen, maar het uitgangspunt is dat dit leidt tot een verbetering van de omgevingswaarden, of in ieder geval niet tot een verslechtering voor deze waarden.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 32 van 189

10 juli 2020

4 Ontwerp en gebruik Dit hoofdstuk licht het ontwerp voor de dijkversterking toe. Dit is het ontwerp zoals is opgenomen in het projectplan Waterwet. Hiervoor wordt achtereenvolgens ingegaan op: - visie en uitgangspunten ruimtelijke kwaliteit (4.1); - technische uitgangspunten en principes (4.2); - overzicht ontwerp (4.3); - gebruik, beheer en onderhoud (4.4).

4.1 Visie en uitgangspunten ruimtelijke kwaliteit 4.1.1 Visie op de versterkingsopgave vanuit ruimtelijke kwaliteit Het Ruimtelijk Kwaliteitskader Wolferen-Sprok (Witteveen+Bos, 2017) gaf uitgangspunten voor de dijkversterking, zoals in een beschrijving van het kenmerkende Waaldijkprofiel (zie afbeelding 4.1). Het Ruimtelijke Kwaliteitskader is verder geconcretiseerd in een ‘Visie en Uitgangspunten Ruimtelijke Kwaliteit (De Betuwse Waard, 2020a). Hierin staan een basisprofiel en inrichtingsprincipes voor veelvoorkomende situaties van het voorkeursalternatief. De uitgangpunten vanuit ruimtelijke kwaliteit zijn hieronder beschreven.

Afbeelding 4.1 Waaldijkprofiel vanuit het Ruimtelijk Kwaliteitskader Wolferen-Sprok

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 33 van 189

10 juli 2020

Het huidige dijktracé vormt de basis De dijk in zijn huidige vorm is het resultaat van een eeuwenlang proces. De dijkversterking bouwt voort op de huidige dijk als landschappelijke en cultuurhistorische structuur en waterkering. De dijk is groen De dijk is onderdeel van het landschap van het rivierengebied. Dit rivierengebied, en de oeverwalzone waarin de dijk zich bevindt, heeft een overwegend luw, landelijk en groen karakter: De ‘hoofdvorm’ van de dijk oogt compact (dwarsprofiel) en continu (lengteprofiel) Eén van de kwaliteiten van de huidige dijk is dat deze een smalle lijn in het landschap vormt. Het aangrenzende landschap is dichtbij: boomgaarden, weiden en bebouwing lopen tot aan de dijkvoet door. In dit deel van het Waaldijktraject vormt de dijk een scherpe grens tussen land en water. De 'scherpe grens' houdt in dat het landschapsbeeld binnendijks sterk verschilt van het landschap buitendijks. Door benodigde aanbermingen laag op de ‘hoofdvorm’ van de dijk aan te laten sluiten, en medegebruik mogelijk te maken, lijkt het landschap tot aan de hoofdvorm door te lopen. Door de aandacht te richten op de hoofdvorm als compacte structuur, blijft de dijk ook na de dijkversterking een continue geheel. Het landschap van de dijkzone is afwisselend en ‘raakt de dijk’ Het landschap van de dijkzone krijgt bij deze dijkversterking bijzondere aandacht.

Allereerst omdat de dijkzone vele eigenaren, gebruikers en bewoners kent, wiens belangen zo goed mogelijk worden meegewogen in deze visie. Bovendien draagt de afwisseling in het gebruik (kleinschaligheid) en nabijheid van het aangrenzende landschap bij aan een kwalitatief hoogwaardige beleving van de dijk als ‘lijn’ en ‘scherpe grens’. Behoud en versterking van beplanting, begroeiing en natuur Het landschap van de dijkzone is rijk aan boomgaarden en beplanting op erven en erfgrenzen. Binnen deze beplantingsstructuur zijn in dit dijktraject onder andere de landgoederen, strangen met beplanting en een aantal monumentale bomen, bijv. bij het kerkje Slijk-Ewijk van bijzonder belang. Voortbouwen op cultuurhistorie De dijk en omgeving kennen een lange geschiedenis van menselijke bewoning en gebruik. De toekomstige dijkversterking houdt hiermee zoveel mogelijk rekening én voegt een volgende stap toe aan in de vele dijkversterkingen die in de afgelopen eeuwen hebben plaatsgevonden. Maatwerk en meekoppeling lokale ambities Op en rond de dijk spelen wensen of ontwikkelingen vanuit de omgeving die niet direct voortkomen uit de technische versterkingsopgave, maar wel verbetering van de ruimtelijke kwaliteit kunnen betekenen. Deze kansen worden verkend en waar mogelijk benut, en uitgewerkt in het landschapsplan.

Kansen na deze dijkversterking Deze dijkversterking is niet de laatste ontwikkeling die zich in dit gebied voltrekt. Bij toekomstige ontwikkeling wordt voortgebouwd op de ruimtelijke uitgangspunten en principes uit de visie.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 34 van 189

10 juli 2020

4.1.2 Basisprofiel Het document ‘Visie en Uitgangspunten Ruimtelijke Kwaliteit’ (De Betuwse Waard, 2020a) beschrijft het gewenste basisprofiel van de dijkversterking vanuit ruimtelijke kwaliteit. Het basisprofiel heeft de volgende ruimtelijke kenmerken: - de ‘hoofdvorm van de dijk’: de dijkkruin is in principe 7 m breed met aan weerszijden taluds met een helling van 1:3 of 1:3,5 . Het talud loopt ononderbroken door tot aan de teen. Het 1:3-talud is het gewenste talud. Vanuit technische noodzaak kan het talud licht worden verflauwd, waarbij de verflauwing liefst onder in het talud plaatsvindt; - binnendijks: - de berm is relatief laag. Uitgangspunt is dat deze bij het insteekpunt5 3,5 m onder de kruin ligt; - vanaf het insteekpunt ligt een vlakke beheerstrook op de berm. Deze is 5 meter breed. De beheerstrook wordt gemarkeerd met een raster (hekwerk). De beheerstrook is in eigendom van het waterschap; - de pipingconstructie ligt, waar benodigd, in de beheerstrook; - de berm is flauw aflopend. Dit is nodig voor behoud van het Waaldijkprofiel en om medegebruik van de berm mogelijk te maken. Een deel van de berm heeft geen functie voor hoogwaterveiligheid; - (particulier) landgebruik loopt ononderbroken door vanuit de aangrenzende percelen tot aan het raster en de beheerstrook. De bovenste laag van de berm bestaat waar nodig uit teelaarde van 0,5 m diep.

Dit is bij landgebruik als tuin, boomgaard, of wei voor groot vee nodig. Het waterschap vestigt zakelijk recht op de bermen die in particulier eigendom zijn. Paragraaf 4.4 gaat hier verder op in; - als terugvaloptie, bij beperkte ruimte voor de berm, is deze zo laag mogelijk en minder breed. De berm is mogelijk in eigendom van het waterschap; - als er geen sprake is van een berm, maar van een bijzondere locatie met binnendijkse constructie, dan is in eerste instantie wel een beheerstrook van 4 meter breed voorzien. De maten voor de stroken volgen uit het beleid van het waterschap; buitendijks wordt een beheerstrook mogelijk gemaakt van 4 meter breed met een aansluitend raster. De beheerstrook is in eigendom van het waterschap. 4

Afbeelding 4.2 Basisprofiel (grondoplossing met pipingconstructie en flauwaflopende berm) in het open gebied met een aantal (indicatieve) maten. Links is de rivierzijde

Buitendijks

4

5

Binnendijks

Een helling die ontstaat bij een talud met een hoogte van 1 meter en een breedte van 3 of 3,5 meter of een meer- of mindervoud daarvan. De helling is respectievelijk 33 % en 29 %. Het punt waar de berm het talud van de hoofdvorm van de dijk raakt.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 35 van 189

10 juli 2020

4.2 Technische uitgangspunten en principes Deze paragraaf gaat in op de technische achtergronden bij het ontwerp. De technische uitgangspunten en ontwerpvereisten zijn betrokken bij de ruimtelijke visie en het basisprofiel.

4.2.1 Uitgangspunten Levensduur De dijk moet gedurende langere tijd voldoen aan de eisen. Het jaar 2075 is als zichtjaar aangehouden voor oplossingen in grond (50 jaar vanaf oplevering in 2025). Dit betekent dat wat er nu wordt neergelegd in ieder geval tot 2075 moet voldoen aan de huidige ontwerpeisen. Voor constructies is het zichtjaar 2125 gehanteerd (100 jaar vanaf oplevering). Voor constructies is deze langere termijn nodig vanwege de relatief zware inspanning om een constructie in de toekomst te kunnen uitbreiden. Voor de grondoplossing rondom de constructie wordt daarom rekening gehouden met een ontwerp voor 50 jaar. Beheerbaarheid Een belangrijke voorwaarde om de versterkte dijk goed te kunnen beheren is een goede toegankelijkheid van de dijk voor beheerbaarheid en inspecteerbaarheid. Het gaat daarbij om de aanwezigheid van beheer- en onderhoudstroken, niet te steile taluds (>1:3) en inspecteerbare taluds. De breedte van de stroken is voorgeschreven vanuit het beleid van het waterschap. Het waterschap is de beheerder van de dijk en onderhoudt deze stroken in principe zelf. De beheerstrook bevindt zich op het binnentalud bovenaan de berm (van 5 m breed), of aan de teen van de dijk als er geen berm aanwezig is (dan 4 meter breed). Aan de buitenzijde van de beheerstrook ligt een rasterafscheiding.

Op die plaatsen waar binnendijkse omgevingswaarden een beheerstrook verhinderen, is met de dijkbeheerder van het waterschap afstemming geweest hoe een uitzondering gemaakt kan worden op de aanleg van een volwaardige beheer- en onderhoudstrook. Buitendijks wordt, waar nodig een licht verhoogde, beheerstrook aangelegd van 4 m breed en maximaal 1,50 m hoger dan maaiveld. Ook hier ligt aan de buitenzijde een rasterafscheiding. Uitvoerbaarheid Het opgestelde ontwerp van de dijkversterking is op een veilige wijze uitvoerbaar. Dit is in het ontwerpproces geborgd door het vroegtijdig betrekken van uitvoeringsexpertise vanuit de aannemerscombinatie. Meegedacht is bij het vormgeven en maken van keuzes in het basisprofiel van de versterking in grond, maar in het bijzonder bij de variantkeuze van de maatwerklocaties. Dit zijn veelal locaties met weinig werkruimte waar constructieve maatregelen zoals damwanden aangebracht moeten worden. Medegebruik berm Het waterschap stemt in principe in met vormen van medegebruik op de waterkeringen, maar stelt daaraan wel voorwaarden (Waterschap Rivierenland, 2019). Medegebruik op de binnenberm is toegestaan vanaf 5 m vanaf het insteekpunt op het talud. In dit project komt dat overeen met de zone meer binnendijks vanaf de beheerstrook op de berm.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 36 van 189

10 juli 2020

Bij fruitteelt, boomkwekerijen (bomen < 5 m) en bepaalde vormen van akkerbouw (aardappelen, en regelmatig ploegen) moet een aanvullende leeflaag op de (technische) berm worden aangebracht van 0,5 m hoog. Dit geldt ook bij een enkele boom van meer dan 5 m hoog. Door buiten de beheerstrook een getrapt technisch profiel toe te passen, hoeft de berm niet omhoog. De leeflaag loopt door in de beheerstrook en de landschapsberm. Het medegebruik wordt geregeld in contracten via het zakelijk recht. Als voor bepaalde percelen medegebruik wordt toegepast waarvoor een leeflaag nodig is, en dat bij tussenliggende percelen dat niet nodig is, dan kan vanuit ruimtelijke kwaliteitseisen besloten worden dat daar toch toe te passen. Bij gebruik voor overige akkerbouw, grasland met kleinvee en grootvee, een enkele kleine boom, tuinbeplanting, bestrating, een klein en eenvoudig tuinhuisje, heggen, schuttingen en hekwerk is dit niet nodig. Het aanleggen van een tuinhuis is niet toegestaan. Wegen, parkeerplaatsen, perceelontsluitingen worden buiten het PVVR gelegd. Overdimensies Op locaties waar de kruin van de dijk verplaatst, zal er deels sprake zijn van overdimensies. Dus: er ligt grond op de kruin of het talud waar het niet (meer) functioneel is voor hoogwaterveiligheid. Conform het beleid van het waterschap blijft dit vaak liggen.

In sommige gevallen kan extra grond leiden tot problemen met drainage. In dat geval wordt de overhoogte wel weggegraven. Ook bij de kleine dijkverlegging bij Wolferen (zie paragraaf 4.3.7) wordt de huidige dijk wel weggegraven. Watergangen In de planuitwerking bleek dat er geen functionele watergangen gedempt worden. Er is daarmee geen opgave voor het terugbrengen van watergangen.

4.2.2 Hoofdvorm van de dijk In de planuitwerking zijn de technische uitgangspunten gedetailleerder opgesteld dan in de verkenning. Ondermeer koos het waterschap soepelere eisen voor het overslagdebiet. Dat is de hoeveelheid water in liter die in maatgevende omstandigheden per seconde over de kruin mag slaan. Dit is nu maximaal 10 l/m/s bij het basisprofiel. Voor het voorkeursalternatief uit de verkenning werd 5 l/m/s/ toegepast. Hierdoor hoeft de kruin minder hoog te zijn dan werd aangenomen in de verkenning. De verhoging is nu maximaal 0,46 cm en gemiddeld 0,14 cm. Over ongeveer 4,5 km van het dijktraject WolferenSprok is helemaal geen verhoging meer nodig. Door de hogere overslag wordt er binnendijks wel extra klei ingegraven om erosie te voorkomen. Lokaal wordt soms afgeweken van het overslagdebiet van 10 l/m/s. Dit is vooral toegepast op locaties waar het aanvullende ruimtebeslag of het toepassen van erosiebeperkende maatregelen inpassingsproblemen geeft. Dit is het geval bij Sprok, de entree van Slijk – Ewijk, Waaldijk 13, Waaldijk 6 en Waalbandijk 131. Door een lager overslagdebiet toe te staan hoeven er minder strenge eisen aan de erosiebestendigheid van het binnentalud gesteld te worden. Hierdoor is een steiler talud mogelijk en gelden er voor het beheer minder strenge eisen. De bestaande situatie kan beter worden ingepast.

Wel is het zo dat de kruin opgehoogd moet worden.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 37 van 189

10 juli 2020

Kruinbreedte Het uitgangspunt voor de kruinbreedte en de verharde wegbreedte is dat van dezelfde breedte blijven. Het VKA uit de verkenning ging uit van een gemiddelde kruinbreedte van 6 m. Uit een latere analyse van de kruinbreedte bleek dat circa 7 m te zijn. Daarom gaat het basisprofiel uit van een gemiddelde wegbreedte van 7 m. Binnendijkse verbreding en vierkante verbreding voor de benodigde ophoging De bekleding op het huidige buitentalud voldoet op veel locaties aan de technische vereisten voor hoogwaterveiligheid. Op deze locaties is het logisch het ruimtelijk kwaliteitskader te volgen en de verbreding voor verhoging zo veel mogelijk binnendijks te laten plaatsvinden. Het huidige buitentalud kan dan behouden blijven. Dit betekent wel dat de as van de dijk en de weg circa 60 cm binnenwaarts verplaatsen. Uit onderzoek blijkt er teerhoudend materiaal in de fundering van de weg aanwezig te zijn. Bij binnendijks verplaatsen moet dit materiaal afgevoerd naar een erkende inrichting, zodat voldaan wordt aan de eisen voor voorkomen van bodemverontreiniging. In tegenstelling tot het uitgangspunt in de Notitie Voorkeursalternatief en het ruimtelijk kwaliteitskader is op de overige locaties daarom een vierkante dijkversterking toegepast. Dat wil zeggen dat voor de benodigde breedte voor de ophoging van de kruin zowel de binnendijkse als buitendijkse zijde wordt benut.

Omdat er sprake is van beperkte verhoging, geeft dit niet veel extra ruimtebeslag buiten het huidige dijklichaam. Bodemdaling In dit gebied is geen bodemdaling aan de orde. Dit is niet opgenomen in de ontwerphoogte. Wel is in de aanleghoogte de zetting van het nieuw aangebrachte materiaal meegerekend.

4.2.3 Buitenwaartse maatregelen Geen buitenberm In het VKA aan het einde van de verkenning was nagenoeg langs het hele traject een grote stabiliteitsberm nodig van 10 m lengte met een hoogte tot halverwege het buitentalud. Dit was zowel vanuit ruimtebeslag (rivierkundig, natuur) als vanuit landschappelijk oogpunt ongewenst. In afstemming met de andere dijkversterkingsprojecten langs de Waal en met het waterschap is gezocht naar een manier om stabiliteit van het buitentalud goed te beschouwen. De projectoverstijgende afstemming leidde tot het inzicht dat voor veel projecten langs de Waal een taludhelling van 1:3 voldoende is om de buitenwaartse stabiliteit van de dijk te borgen. Ook dijkversterking Wolferen-Sprok hanteert dit uitgangspunt. Daarmee is de toepassing van een buitenberm vervallen. Voorzieningen tegen dierlijke graverij Dieren kunnen door het graven van gangen 'pipingachtige’ faalmechismen veroorzaken. Bij het ontwerp zijn daarom maatregelen opgenomen op plekken waar de afgelopen 5 jaren bevers gevestigd zijn of waar aannemelijk is dat bevers zich vestigen. Waar binnendijks al een pipingconstructie wordt toegepast, is geen aanvullende maatregel nodig. Op de overige locaties wordt buitendijks een verticaal gaas tot ongeveer 3 m onder maaiveld aangebracht. Het gaat om de strang in dijksectie 13 en drie locaties in de Loenense buitenpolder (dijksectie 14/15).

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 38 van 189

10 juli 2020

4.2.4 Binnenwaartse maatregelen Inpassing stabiliteitsberm Het basisprofiel (afbeelding 4.2) gaat uit van een binnendijkse stabiliteitsberm om de stabiliteit van de dijk aan de binnendijkse zijde te borgen. Bij het insteekpunt is de hoogte in principe 3 of 3,5 m onder de kruin. De bermbreedte varieert over het dijktraject, van 8 tot 21 m vanaf het insteekpunt op het talud tot het knikpunt van de berm. De breedte is afhankelijk van de lokale ontwerpopgave. Dit gedeelte van de berm heeft een helling van 1:20. In open gebieden heeft het daaropvolgende talud een helling van 1:10. Het ontwerp neemt, met dit verflauwde deel van de berm erbij, geen aanvullend ruimtebeslag in ten opzichte van alternatief 1 (oplossen in grond) in MER deel 1. Het is wel omvangrijker dan het voorkeursalternatief uit de verkenning. Stabiliteitsconstructie Op plaatsen waar binnendijks te weinig ruimte is, wordt een constructie toegepast. De stabiliteitsconstructie wordt uitgevoerd als een stalen damwand. De damwand is zo aangepast dat deze ook voldoet voor het tegengaan van piping. De lengte van de damwand varieert op dit dijktraject van ongeveer 7 tot 16 m. Deze variatie is afhankelijk van de hoogte waarop de damwand wordt ingebracht (hoe hoger op de dijk, hoe langer de constructie), de bodemomstandigheden, en of de constructie ook piping tegen moet gaan (dan iets langer).

Door de dikte van het watervoerende pakket onder de dijk, is er met deze damwandlengte voor vrijwel de hele dijk geen belemmering voor de natuurlijke waterhuishouding onder de dijk. Hoofdstuk 5 gaat hierop in bij het thema water. Als de grond rondom de damwand niet draagkrachtig genoeg is, wordt de damwand verankerd met een stalen staaf door de damwanden en het dijklichaam. Verankering vindt plaats richting de hoofdvorm van de dijk, daarmee wordt voorkomen dat ze onder huizen terechtkomen. De verankering is in geen geval zichtbaar. Dit wordt gedaan bij Sprok, Oosterhout en Tergouw. Verankering vindt plaats richting de hoofdvorm van de dijk, daarmee wordt voorkomen dat ze onder huizen terechtkomen. De verankering is in geen geval zichtbaar. Pipingconstructie Uit nieuw bodemonderzoek bleek dat het voorland langs het dijktraject Wolferen-Sprok relatief doorlatend is. Het biedt weinig belemmering voor ondergrondse waterstromen. Op 12,5 km van het dijktraject blijft een pipingmaatregel nodig. Op bepaalde delen van het traject is de pipingmaatregel geïntegreerd met de stalen damwand voor binnenwaartse stabiliteit. In totaal is er over een lengte van 4.400 meter een enkele pipingmaatregel nodig. Deze wordt uitgevoerd als lichte, kunststof constructie, een ‘heavescherm’. In het vervolg van dit document wordt het heavescherm als pipingconstructie aangeduid.

De pipingconstructie ligt in de binnendijkse berm, in principe binnen de beheerstrook van 5 m. Daarmee ligt de constructie binnen het eigendom van het waterschap en is beheer en onderhoud goed mogelijk. De pipingconstructie is gemiddeld ongeveer 7,5 m en maximaal 12 m lang. De constructie laat geen water door. Door de dikte van het watervoerende pakket onder de dijk, is er met deze lengte voor vrijwel de hele dijk geen belemmering voor de natuurlijke waterhuishouding onder de dijk. Hoofdstuk 5 gaat hierop in bij het thema water. Erosiebeschermende maatregelen Door het toestaan van een hoger overslagdebiet zijn vanaf de insteek van de berm over 6 m (zie afbeelding 4.2) extra maatregelen nodig om de dijk te beschermen tegen erosie van de bodem door het overslaande water. Dit betekent in de praktijk dat op het eerste deel van de berm de bovenste laag uit een dikke laag klei bestaat met daarop grasbekleding. 2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 39 van 189

10 juli 2020

Als er sprake is van een binnentalud met een stabiliteitsconstructie, dan wordt alleen de beheerstrook van 4 m erosiebestendig in klei met daarop gras uitgevoerd. Dit is voldoende om erosie rondom de hier aanwezige stabiliteitsconstructie te voorkomen. Waar geen beheerstrook van minimaal 4 m mogelijk is, door beperkte ruimte, wordt de constructie zo ontworpen dat deze bestand is tegen erosie van het grondlichaam.

4.2.5 Bekleding De dijk wordt zoveel mogelijk groen. Het overgrote deel van de taluds krijgt een kruidenrijke grasbekleding. Er komen geen extra stukken steen ten opzichte van de huidige situatie. Het uitgangspunt in het ontwerp is dat harde open bekledingen terugkomen waar deze nu zijn toegepast, met als functie te beschermen tegen erosie door drijvend vuil. Basaltonbekledingen blijven behouden op de locatie waar het buitendijkse talud niet wordt aangepast. Bij wijziging van het buitentalud wordt een basaltonbekleding van 15 cm dik aangebracht. In de Loenense Buitenpolder komt geen harde bekleding terug. Op de dijk bevindt zich een verbindingsweg in asfalt. Uitgangspunt bij het ontwerp is dat de kruinbreedte (gemiddeld 7 m) niet veranderd, en dat de breedte van de asfaltverharding vrijwel gelijk blijft. Vanwege de inrichting conform de ‘Gastvrije Waaldijk’ krijgt het hele tracé een eenduidige inrichting en materialisatie. De wegverharding bestaat uit een asfaltverharding met aan weerszijden een betonband van 60 cm breed (zie afbeelding 4.3). De totale verhardingsbreedte is tussen de 5,4-5,8 m. De gemeenten zijn als wegbeheerder verantwoordelijk voor de rijweg en staan in voor de verkeersveiligheid van dit ontwerp. Afbeelding 4.3 Basisprincipe weginrichting Gastvrije Waaldijk

Bij een belevingspunt van de Gastvrije Waaldijk, een soort belvedère, is meer verharding nodig. Door buitendijks een constructie toe te passen is er geen extra ruimtebeslag.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 40 van 189

10 juli 2020

4.2.6 Aanvullend ruimtebeslag op- en afritten en verlegging Wolferen Het ontwerp ligt grotendeels binnen het ruimtebeslag van de alternatieven van MER deel 1, met daarbij twee uitzonderingen. Een daarvan is het ruimtebeslag voor de benodigde aanpassingen van een groot deel van de op- en afritten. De andere uitzondering een beperkte verlegging van de dijk bij Wolferen (zie paragraaf 4.3.7).

4.3 Overzicht ontwerp Het uiteindelijke ontwerp voor de dijkversterking is een verfijning van het vastgestelde voorkeursalternatief uit de verkenning. Dat geldt ook voor het ontwerp bij de bijzondere locaties. In de planuitwerking is voor deze locaties het voorkeursalternatief opnieuw beschouwd. Vaak is daarbij, voor behoud van ruimtelijke kwaliteit, een groter gebied betrokken. Ook is op enkele aanvullende locaties alsnog een afwijkende oplossing toegepast in plaats van de grondoplossing. Deze paragraaf geeft een korte samenvatting van het ontwerp en waar nodig een aanvullende onderbouwing voor de gemaakte keuzes in het ontwerp.

4.3.1 Dijksectie 1-4 Voorkeursalternatief verkenning Het voorkeursalternatief in de verkenning ging in deze vier dijksecties uit van een grondoplossing met op vijf bijzondere locaties een andere uitwerking. Tabel 4.1 bevat de voorziene oplossing voor deze locaties aan het einde van de verkenning. Ontwerp planuitwerking Om de aanwezige omgevingswaarden en -functies, zoals huizen, tuinen en de kolk te behouden, bevat het ontwerp voor dijksectie 1 tot en met 3 over de hele strekking uiteindelijk een stabiliteitsconstructie in plaats van een grondoplossing. Dit betekent dat hier een stalen damwand geplaatst wordt. De aanvullingen van het grondlichaam zijn over deze strekking zeer beperkt. Het dijkversterkingsontwerp van dijksectie 4 en bij 4.1 wordt grotendeels bepaald door de toekomstige woningbouw. Bij de woningbouw bestaat de binnendijkse dijkversterking uit het aanleggen van een korte berm zonder landschappelijk inpassing. Bij het perceel van de bestaande woning aan de Vossepelsstraat komt hetzelfde profiel, maar hier loopt de pipingconstructie vanuit het oosten nog in door. Op de kruin en buitendijks zijn nauwelijks aanpassingen nodig. Afbeelding 4.4 geeft de maximale grenzen van het ontwerp weer voor dijksectie 1-4, inclusief een korte uitleg. Tabel 4.1 geeft de overwegingen bij de bijzondere locaties aan.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 41 van 189

10 juli 2020

Afbeelding 4.4 Ontwerp met bijzondere locaties, dijksecties 1 tot en met 4

Grondoplossing met korte berm, alleen bij perceel pipingconstructie

Constructie met behoud tuin en schuur, toepassen weinig overslag toestaan (vrijwel geen grondaanvulling)

Constructie en natuurvriendelijke oever, weinig overslag toestaan (vrijwel geen grondaanvulling)

Constructie in kruin met behoud huis

Constructie met behoud restaurant Sprok, weinig overslag toestaan (weinig grondaanvulling)

Tabel 4.1 Bijzondere locaties dijksectie 1 tot en met 4 #

Locatie

VKA verkenning

1.1

Doornikshof, Waaldijk 24

1.2

Restaurant Sprok, Waaldijk 9

2.1

Kolk van Van Elferen aansluitend op Zijdewinde (Waaldijk 28)

Geoptimaliseerde grondoplossing eventueel aangevuld met mogelijk asverschuiving binnen huidige ruimtebeslag, met behoud huis Maatwerk, met mogelijk maken meekoppelkansen (hierbij is herbouw van de horeca mogelijk als onderdeel van de meekoppelkans) Maatwerk met als basis grondoplossing, voorkomt of beperkt het dempen van de kolk (bijvoorbeeld door beschoeiing of onderwaterbestorting)

Uitgewerkt ontwerp planuitwerking Constructie in kruin met behoud huis en erf

Uitleg

Constructie en handhaven restaurant Sprok, toepassen 1 l/m/s

Vanuit de dijkversterking gaat de voorkeur uit naar sloop en herbouw van het restaurant, maar hier is geen overeenkomst over. Een constructie geeft ruimte voor verdere ontwikkelingen.

Constructie met toepassen natuurvriendelijke oever, toepassen 1 l/s/m

Bij het toepassen van een constructie is er geen onderwaterbestorting nodig. Dit geeft de minste aanpassingen aan de huidige situatie en creëert ruimte voor het aanleggen van een natuurvriendelijke oever. Dit is opgenomen in het ontwerp.

Een aangepaste grondoplossing al dan niet met verlegging is niet goed inpasbaar met behoud van woonen landschappelijke kwaliteit. Daarom is de keuze voor een constructie gemaakt.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 42 van 189

10 juli 2020

#

Locatie

VKA verkenning

3.1

Schuur

Geoptimaliseerde grondoplossing met behoud schuur

4.1

Vossepels (Vossepelsstraat 5)

Grondoplossing, inpassing met oplossing gemeente Nijmegen

Uitgewerkt ontwerp planuitwerking Constructie, toepassen 1 l/s/m

Grondoplossing met korte berm en pipingconstructie

Uitleg Bij een geoptimaliseerde grondoplossing blijft de schuur behouden, maar neemt de kwaliteit van de tuin af. Daarom is toch gekozen voor een constructie. De oplossing bij dit perceel sluit aan bij dat bij het woningbouwplan van de gemeente. De pipingconstructie vanuit het oosten loopt nog door, om dat er sprake is van een vrij groot hoogteverschil tussen de berm en perceel zelf.

4.3.2 Dijksectie 6 en 7 Voorkeursalternatief verkenning Het voorkeursalternatief in de verkenning ging voor deze twee dijksecties grotendeels uit van een grondoplossing. Voor de woonlocaties bij het buurtschap Lent (6.1, 6.2, 6.3), werd in de verkenning op basis van expert judgement een grondoplossing met een lichte verschuiving van de dijk mogelijk geacht. Bij het Fort Beneden-Lent (6.4) was gekozen voor een constructie. Bij de Dijkzone (7.1) waren afspraken gemaakt met de gemeente om een bebouwbare dijk toe te passen (woningbouw Dijkzone). Tabel 4.2 bevat een overzicht van de voorziene oplossing voor deze locaties aan het einde van de verkenning. Ontwerp planuitwerking In dijksecties 6 en 7 wisselen het basisprofiel van de dijkversterking en een profiel met toepassing van constructies elkaar af. Bij het buurtschap Lent (6.1, 6.2, 6.3) en Fort Beneden-Lent voorkomen langere constructie de aantasting van de aanwezige omgevingswaarden. Het buitendijkse talud wordt niet of nauwelijks aangevuld. Er is beperkt sprake van ophoging. In de Dijkzone (7.1) vindt woningbouw plaats op een bebouwbare dijk. Langs de hoofdvorm van de dijk wordt geen pipingconstructie aangelegd, maar een pipingberm. Op de berm is onder voorwaarden woningbouw mogelijk. Dit kan als de woningen buiten het PVVR liggen.

De pipingconstructie van en naar omliggende dijksecties wordt nog wel langs de oostelijke en westelijke zijkanten van de berm doorgezet. Afbeelding 4.5 geeft de maximale grenzen van het ontwerp weer voor dijksectie 6 en 7, inclusief een korte uitleg. Tabel 4.2 geeft de overwegingen bij de bijzondere locaties aan.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 43 van 189

10 juli 2020

Afbeelding 4.5 Ontwerp dijksecties 6 en 7 en een deel van 8 Constructie met zoveel mogelijk behoud landgoed

Bebouwbare dijk Constructie met behoud fort en tuin nr. 88

Basisprofiel

Constructie bij hele buurtschap met behoud tuinen en huizen

Basisprofiel Basisprofiel

Tabel 4.2 Bijzondere locaties dijksectie 6 en 7 #

Locatie

VKA verkenning

6.1

Buurtschap Lent

6.2

Oosterhoutsedijk 74, gemeentelijk monument woonhuis

6.3

Oosterhoutsedijk 78, gemeentelijke monumenten schuur en directeurswoning

Maatwerk met inpassing huidige keermuur en kwelscherm Maatwerk met als basis grondoplossing en mogelijk kleine asverschuiving (circa 510m) buitenwaarts, met aandacht voor aanwezige kwelscherm, met behoud monument Maatwerk met als basis grondoplossing en mogelijk kleine asverschuiving als gevolg asverschuiving bij nummer 74, met behoud monument

6.4

Fort BenedenLent

Buitendijkse dijkversterking in grond met een binnendijkse constructie om ruimtebeslag op het fort te voorkomen

Uitgewerkt ontwerp planuitwerking Constructie Constructie

Constructie

(Iets langere) constructie. Geen maatregelen aan het buitentalud.

Uitleg Een buitenwaartse asverschuiving is onvergunbaar vanwege het ruimtebeslag op het buitendijkse Natura 2000-gebied als er sprake is van een goed alternatief. Met verschuiving buitenwaarts is er bovendien gedurende langere tijd overlast tijdens de uitvoeringsfase. Zonder verschuiving is er bij een grondoplossing een groot ruimtebeslag op tuinen en open afritten. Een constructie leidt zowel tot minder ruimtebeslag als tot minder overlast. Technisch is het makkelijker om een constructie aan te leggen over de gehele lengte van het buurtschap (DD162 DD166) in plaats van op korte stukjes. Dit geeft een homogeen beeld, wat bijdraagt aan de ruimtelijke kwaliteit. De constructie wordt verlengd tot voorbij het perceel van de Oosterhoutsedijk 88. Hiermee wordt de tuin inclusief beplanting behouden. Buitendijks zijn geen maatregelen meer nodig.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 44 van 189

10 juli 2020

7.1

Dijkzone, Hof van Holland en Woenderskamp

Mogelijk maken woningbouw. Basis voor de uitwerking van deze locatie is een geoptimaliseerde grondoplossing met een pipingberm

Bebouwbare dijk

Het toepassen van een pipingberm is robuust. Er is aan de zijkanten van de berm nog wel een pipingconstructie nodig. De pipingberm maakt (buiten het PVVR) woningbouw mogelijk.

4.3.3 Dijksectie 8 en 9 Voorkeursalternatief verkenning Het voorkeursalternatief in de verkenning werd grotendeels bepaald door de ligging van het rijksmonument buitenplaats Oosterhout binnendijks en de Oosterhoutse Waarden met Natura 2000 en kolken buitendijks. Het ging voor deze twee dijksecties grotendeels uit van een geoptimaliseerde grondoplossing, rekening houdend met de uitstraling en monumentale waarde van het landgoed (8.1, 8.4). Om het sterrenbos (8.2) te behouden, was hier een constructie voorzien. Aandachtspunt was ook de maatwerkoplossing bij de hoogspanningsleidingen met buitendijkse kolk (8.3). Tabel 4.3 bevat een overzicht van de voorziene oplossing voor deze locaties aan het einde van de verkenning. Ontwerp planuitwerking Buitenwaarts verplaatsen van de dijk is niet mogelijk vanwege het hier aanwezige buitendijkse Natura 2000-gebied. Omdat er alternatieve oplossingen zijn boven buitendijks verplaatsen, is dat laatste onvergunbaar. Ook geeft dit verlies van een landschappelijk en cultuurhistorisch waardevolle kolk met samenhang met het landgoed. In de verkenning is gelijk ingezet op het behoud van het sterrenbos (8.2), omdat dit bos een hoge waarde vertegenwoordigd. Zowel voor het rijksmonument zelf, voor natuur en voor de belevingswaarde langs de dijk.

In de planuitwerking is het volledig behouden van het sterrenbos door het toepassen van een constructie nog steeds mogelijk gebleken. De beperkte verbreding van de hoofdvorm van de dijk vindt buitendijks plaats. Vanwege continue uitstraling van de dijk en de inpassing op de naastgelegen dijksecties was bij 8.1 en 9.1 in de verkenning gekozen voor het toepassing van het basisprofiel. In overleg met de gemeente Nijmegen en de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed is besloten om een constructie te plaatsen langs de gehele landgoed. Dit was nodig om de cultuurhistorische waarden te sparen. Hierdoor ontstaat een eenduidige oplossing bij het landgoed. De te laag hangende hoogspanningskabels (8.2) worden aangespannen, zodat deze hoog genoeg hangen om de dijkversterking uit te voeren. Daaronder vindt maatwerk plaats vanwege de aanwezigheid van de buitenplaats. Afbeelding 4.5 en 4.6 geven het ontwerp weer voor dijksecties 8 en 9, inclusief een korte uitleg. Tabel 4.3 geeft kort de overwegingen bij de bijzondere locaties aan.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 45 van 189

10 juli 2020

Afbeelding 4.6 Ontwerp dijksectie 8 (deels), 9, 10, 11 en deels 12 Constructie met behoud huizen, weinig overslag toestaan

Constructie met behoud bomen en toegang, weinig overslag toestaan

Basisprofiel

Basisprofiel

Constructie met zoveel mogelijk behoud landgoed

Geoptimaliseerde grondoplossing met behoud huis

Constructie met behoud bos

Aanspannen hoogspanningskabels zodat dijkontwerp kan worden gerealiseerd

Tabel 4.3 Bijzondere locaties dijksectie 8 en 9 #

Locatie

VKA verkenning

8.1

Buitenplaats Oosterhout, rijksmonume nt, ten oosten van sterrenbos

8.2

Buitenplaats Oosterhout, rijksmonume nt, sterrenbos

9.1

Buitenplaats Oosterhout, rijksmonume nt, westelijk

Maatwerk met als uitgangspunt grondoplossing in combinatie met inpassing bomen (streven naar behoud, of nieuwe aanplant voor behoud uitstraling landgoed) Maatwerk binnenzijde met als basis constructieve oplossing met behoud bos van landgoed en rekening houdend met aanwezige constructie in de kruin Maatwerk met als basis grondoplossing,

Uitgewerkt ontwerp planuitwerking Maatwerk binnenzijde met als basis constructieve oplossing, met inpassing landgoed

Uitleg Het basisprofiel draagt bij aan een continue uitstraling van de dijk. De keuze voor een constructie bij het sterrenbos, betekent echter dat bij het landgoed gefragmenteerde oplossingen plaatsvinden. Bovendien is er ruimtebeslag op het rijksmonument, waarmee aantasting van de cultuurhistorische waarden niet kon worden uitgesloten. Een ingepaste grondoplossing bleek daarom niet vergunbaar. Met de keuze voor een constructie langs het gehele landgoed is het ruimtebeslag geminimaliseerd en ligt er een vergunbaar ontwerp.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 46 van 189

10 juli 2020

8.3

van sterrenbos Buitenplaats Oosterhout, rijksmonume nt, hoogspanning sleiding

met inpassing landgoed Maatwerk gericht op inpassing functies (weg en hoogspanningskabe l) en de buitendijks gelegen kolk

Aanspannen hoogspanningskabels, zodat dijkversterking doorgang kan vinden

Als de lijnen te laag hangen, dan kan de dijkversterking maar gedeeltelijk worden uitgevoerd. Als de lijnen opgehoogd zijn, kan het ontwerp in het geheel worden aangelegd. Op deze manier is er geen ruimtebeslag in Natura 2000-gebied en de kolk. De oplossing sluit aan bij oplossing bij 9.1. Andere oplossingen als verplaatsen van de dijk en het plaatsen van een muurtje op de dijk zijn niet kansrijk vanwege de effecten op natuur, erfgoed en landschap. Het toepassen van tijdelijke maatregelen bij hoogwater (zandzakken) valt niet binnen het beleid van het waterschap om voor robuuste en toekomstvaste oplossingen te kiezen.

4.3.4 Dijksectie 10, 11 en 12 Voorkeursalternatief verkenning Dijksectie 10 bevat de woningen in ‘Residence Tergouw’ in Oosterhout en dijksectie 11 het gedeelte Hoge Wei van Oosterhout. Dijksectie 12 ligt rond de camping de Grote Altena en Brasserie de Altena. Het voorkeursalternatief in de verkenning bestond in dijksectie 10 uit een constructie om de woningen bij ‘Residence Tergouw’ in Oosterhout te behouden. Het voorkeursalternatief bestond in dijksectie 11 en 12 vooral uit de grondoplossing met pipingconstructie. Bij vijf bijzondere locaties (11.2, 12.1, 12.2, 12.4, 12.6) werd ter behoud van woningen een geoptimaliseerde grondoplossing voorzien, mogelijk in combinatie met een beperkte verlegging van de dijk. Bij de locatie 12.5 was een constructie voorzien om een woning te behouden. Ontwerp planuitwerking In dijksecties 10, 11 en 12 wisselen het basisprofiel van de dijkversterking en een profiel met toepassing van constructies elkaar af. Bij enkele locaties is sprake van een aangepaste oplossing. Het ontwerp voor de planuitwerking bestaat voor ‘Residence Tergouw’ (9.1) nog steeds uit het toepassen van constructie. In dijksectie 11 wordt bijna in het geheel het basisprofiel toegepast. De beperkte verlegging is niet toegepast door de complexe vergunbaarheid van ruimtebeslag in Natura 2000-gebied. Bij 11.2 is wordt daarom een constructie toegepast.

Het toestaan van een lager overslagdebiet zorgt dat er bij het huis geen erosiebestendige maatregelen nodig zijn. Tegelijkertijd betekent dat dat de dijk ongeveer 40 cm hoger wordt. Buitendijks is een enkele meter ruimte nodig. Dijksectie 12 bestaat verder ook grotendeels uit een oplossing met basisprofiel. De oplossing bij 11.2 wordt doorgezet tot bij Waaldijk 47 in dijksectie 12 en omvat daarmee ook de locatie 12.1. Bij 12.2 is de woning op voldoende hoogte en is er op de kruin en buitendijks maar beperkt een grondaanvulling nodig en weinig ruimtebeslag. Bij 12.3 en 12.4 wordt geen beperkte kruinverlegging toegepast. Het basisprofiel wordt aangehouden, waarbij de woningen bij Waaldijk 43 en 42 worden gesloopt en herbouwd verder van de dijk af. De woningen staan nu vlak aan de weg. De herbouw is in overeenstemming met de bewoners en met instemming van de gemeente.

2 Dijkversterking Wolferen-Sprok

pagina 47 van 189

10 juli 2020

Bij 12.5, Brasserie de Altena, vinden buitendijks geen maatregelen plaats. Binnendijks wordt een constructie geplaatst, er is sprake van een lichte kruinverhoging. Bij 12.6 en 12.7 vindt geen verlegging plaats. Bij Waaldijk 38 (buitendijks) vindt grondaanvulling plaats vanaf vlak voor het huis, op de kruin en binnendijks. Er is geen constructie nodig. Bij Waaldijk 36 (binnendijks) komt er deels een constructie te liggen, zodat het erf en het huis behouden blijven. Hieromheen wordt wel een berm aangelegd. Tegelijkertijd wordt de hoofdvorm van de dijk aangevuld met grond.

Afbeelding 4.7 Ontwerp op een deel van dijksectie 12 en 13 Constructie in combinatie met een binnenwaartse asverlegging, behoud woningen en monumentale bomen, bescherming beschermde soorten

Basisprofiel

Constructie met behoud woning en erf

Constructie met behoud huizen, enig verlies parkeerplaats bij Brasserie

Geoptimaliseerde grondoplossing met behoud huis

Basisprofiel Basisprofiel met herbouw woningen

Afbeelding 4.6 en 4.7 geven de maximale grenzen van het ontwerp weer voor dijksectie 10, 11 en 12, inclusief een korte uitleg. Tabel 4.4 geeft de overwegingen bij de bijzondere locaties aan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=b43eb590-47ef-48ba-a136-b87ec3e2aa87