CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

1b. BP Veghels Buiten Noordoost - Toelichting en regels

Raadsvergadering 27 juni 2024, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan en kwaliteitshandboek 'Veghels Buiten Noordoost'33.870 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

In zijn algemeenheid geldt ook dat de realisatie van meer wegcapaciteit vaak de aantrekking van extra verkeer betekent, waardoor vervolgens weer vertraging ontstaat. Daarom rijst steeds meer de vraag in hoeverre de groei van de automobiliteit gefaciliteerd moet blijven worden, en of daartoe steeds knelpunten in de doorstroming opgelost moeten worden. De gemeente Meierijstad zet daarom in op een mobiliteitstransitie. De gemeente kijkt nu anders aan tegen mobiliteit en zet sterk in op de fiets voor de kortere afstanden en spant zich in voor openbaar vervoer op de langere afstanden. De gemeente stuurt op het bouwen van nieuwe woningen zoveel mogelijk op loop- en fietsafstand van plekken waar werk is en waar voorzieningen zijn. De ontwikkeling van Veghels Buiten past hierbij. In Veghels Buiten Noordoost zijn de fietsroutes naar centrum- en werkgebieden korter dan het 'slingerende’ Lint voor het autoverkeer, zoals hierna wordt beschreven. Verkeersstructuur, -generatie en afwikkeling In hoofdstuk 2 is de verkeersstructuur reeds beschreven. Deze gaat voor gemotoriseerd verkeer uit van de realisatie van één centrale doorgaande ontsluiting van de woonbuurten. De ligging van deze

6

Bestemmingsplannen dienen te worden vastgesteld ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening (zie artikel 3.1, eerste lid, Wro).

Hoofdstuk 4

50

ontsluiting is zodanig gekozen dat deze geen doorstroomfunctie tussen de Erpseweg en de Udenseweg zal hebben. Ten behoeve van het bestemmingsplan Veghels Buiten Noordoost is een mobiliteitsonderzoek uitgevoerd (Mobiliteitsstudie Veghels Buiten Noordoost (referentie: 010666.20220417.R1.09, datum: 6 mei 2024)). Hierin zijn de effecten van Veghels Buiten Noordoost op de verkeersdruk op het omliggende en regionale wegennet bepaald met behulp van het regionale verkeersmodel BBMA. Vervolgens is ook bekeken hoeveel intensiteiten andere vervoerwijzen genereren. Vervolgens is op kruispuntniveau het planeffect bepaald en is onderzocht of er sprake is van een acceptabele doorstroming. De volledige rapportage is opgenomen als bijlage 5 bij de plantoelichting. Uit de studie blijkt dat het plangebied 6.000 motorvoertuigbewegingen per werkdagetmaal genereert voor maximaal 1.250 woningen. Met het verkeersmodel BBMA Noordoost Brabant is het planeffect van Veghels Buiten Noordoost in beeld gebracht. De referentievarianten 2015 en 2030 zijn in 2020 geactualiseerd in opdracht van de gemeente Meierijstad. De volgende varianten zijn opgenomen:  referentie 2015;  referentie 2030 (zonder Veghels Buiten Noordoost);  plan 2030 (met Veghels Buiten Noordoost).

Voorts zijn nog twee subvarianten bepaald:  planvariant 2030A: een variant waarbij 75% wordt afgewikkeld via de aansluiting Udenseweg en 25% via de aansluiting Erpseweg;  planvariant 2030B: een variant waarbij 35% wordt afgewikkeld via de aansluiting Udenseweg en 65% via de aansluiting Erpseweg. Voor de belangrijkste wegen rondom Veghels Buiten Noordoost zijn de verkeersintensiteiten in beeld gebracht. De totale verkeersgeneratie van Veghels Buiten Noordoost is: 6.000 motorvoertuigbewegingen per werkdagetmaal. Aan de hand van de vervoerwijzekeuzeverdeling uit het onderzoek Onderweg in Nederland (ODIN) van CBS is ook een inschatting gemaakt van het aantal ritten te voet, met de fiets en met het openbaar vervoer (zie tabel 4.1). Percentage

absoluut (aantal bewegingen per werkdag)

Auto

50%

6.000

Openbaar vervoer

2%

240

Fiets

20%

2.400

Te voet

11%

1.320

Overig

5%

600

Tabel 4.1 Vervoerwijze keuzeverdeling Veghels Buiten Noordoost

De nieuwbouwwijk Veghels Buiten Noordoost heeft een verkeersgeneratie van 6.000 motorvoertuigbewegingen per werkdagetmaal. Het verkeer verdeelt zich over de aansluiting Erpseweg en Udenseweg, op 2 erven (circa 40-50 woningen) na die ontsluiten op de Heuvel. De verkeersgeneratie is bepaald voor 3 planvarianten: Planvariant 2030, planvariant 2030A en planvariant 2030B. De verkeersdruk per aansluiting is weergegeven in tabel 4.2.

Hoofdstuk 4

51

wegvak

Plan 2030

Planvariant 2030A

Planvariant 2030B

Aansluiting VBNO

Zijde Udenseweg

3.500

4.300

2.000

Aansluiting VBNO

Zijde Erpseweg

2.200

1.400

3.700

Aansluiting VBNO

Zijde Heuvel

300

300

300

Tabel 4.2 Verkeersdruk per aansluiting

Beschouwing verkeerseffecten Voor de realisatie van het plan zijn aanpassingen op de kruispunten van Het Lint met de Udenseweg en Erpseweg een directe noodzaak. Een ruimtereservering voor deze kruispunten is meegenomen in het bestemmingsplan. Voor de andere kruispunten op de Erpseweg, met uitzondering van kruispunt Erpseweg-Scheifelaar, blijkt uit deze studie dat al in de referentiesituatie 2030 (ook zonder onderhavige ontwikkeling van Veghels Buiten Noordoost) aanpassingen wenselijk zijn, in verband met de reeds bestaande drukke situatie. In de mobiliteitstransitie die hierboven wordt benoemd (onder het kopje ‘Algemeen’) en het stimuleren van fiets en OV gebruik, hoort dat de gemeente minder inzet op doorstroming voor het autoverkeer. Vertraging is niet per definitie een probleem. Belangrijk is daarin dat het verkeer op een veilige manier afgewikkeld wordt. Drukte kan ertoe leiden dat weggebruikers bij het oprijden of het oversteken van in dit geval de Erpseweg een weg risico's nemen. Dit kan tot onveilige situaties leiden in met name de spitsperiodes. De bestaande knelpunten op de Erpseweg worden wel versterkt door alle ontwikkelingen in de omgeving (naast Veghels Buiten bijvoorbeeld ook De Bolst in Erp). De verkeersdruk op de Erpseweg neemt verder toe als gevolg van de ontwikkeling van Veghels Buiten Noordoost.

De weg kan dit verkeer wel verwerken, omdat vertraging voor autoverkeer geaccepteerd kan worden. Daarom acht de gemeente de afwikkeling van het verkeer van Veghels Buiten Noordoost via deze weg acceptabel. Wel is het zo dat de verkeersafwikkeling op de kruispunten verder zal verslechteren, waardoor weggebruikers mogelijk meer verkeersveiligheidsrisico's gaan nemen. In het mobiliteitsonderzoek zijn mede vanwege de bovenstaande conclusie alle kruispunten separaat bekeken, is per kruispunt afzonderlijk naar de verkeersafwikkeling gekeken en is een oplossingsrichting gegeven om de afwikkeling van het verkeer te verbeteren. Hierbij is vooral vanuit verkeersafwikkeling geredeneerd. Vanwege de ligging van deze kruispunten ten opzichte van elkaar, wordt vervolgonderzoek geadviseerd, om deze kruispunten en het wegvak in samenhang te bekijken en daarbij verder te kijken dan alleen afwikkeling van autoverkeer, maar juist ook naar fiets- en openbaar vervoer maatregelen. De mogelijke maatregelen en de kruispuntenanalyses zijn opgenomen in de mobiliteitsstudie in bijlage 5 en worden verderop in deze paragraaf nader beschouwd. In de mobiliteitsstudie wordt zoals gezegd op enkele vlakken nader onderzoek geadviseerd, voor de Erpseweg is hier reeds vervolg aan gegeven. Daar worden aanpassingen geadviseerd, met name vanwege de verkeersveiligheid op de kruispunten.

Gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan Veghels Buiten Noordoost, wordt daarom een besluit over de Erpseweg aan de gemeenteraad voorgelegd. Daarin wordt verzocht een voorbereidingskrediet beschikbaar te stellen om aanpassing van de Erpseweg voor te gaan bereiden, en om de kosten van de uitvoering van de werkzaamheden op te voeren voor de meerjarenbegroting.

Hoofdstuk 4

52

Voor de Udenseweg geldt dat de kruispunten met een verkeerslicht of rotonde zijn geregeld. In principe zijn dit verkeersveilige kruispuntoplossingen en is de verkeersveiligheid en -afwikkeling ook na realisatie van het plan niet in het geding. In de mobiliteitsstudie Veghels Buiten Noordoost wordt nader onderzoek aanbevolen. Dit wordt opgepakt in de verkeersstudie naar de as Corridor-RembrandtlaanUdenseweg. Om (sluip)verkeer via Het Melven en Het Broek naar de wegen in de Oude Ontginning (met name de weg Heuvel) te voorkomen, worden op een drietal punten verkeerskundige maatregelen aangebracht door middel van knippen op deze wegen (zie figuur 2.5, eerder in deze toelichting). Hiermee wordt doorgaand gemotoriseerd verkeer geweerd. Ter borging hiervan, is in de planregels een voorwaardelijke verplichting opgenomen. Maatregelen  fietspad aan beide zijden van de Erpseweg tussen de Heuvel en Rembrandtlaan;  fietsstroken op het Lint;  fietsenstalling HOV-halte Bundersweg uitbreiden circa 100 fietsparkeerplaatsen;  haltevoorzieningen bushalte Erpseweg uitbreiden. Als aanbeveling voor de uitwerking van de fietsgerelateerde maatregelen, wordt in de mobiliteitsstudie een nader onderzoek naar het fietsnetwerk van Veghels Buiten Noordoost geadviseerd.

Kruispuntanalyses Voor de kruispunten zoals weergegeven in figuur 4.1 zijn kruispuntberekeningen uitgevoerd voor zowel de referentievariant 2030 als de planvarianten 2030A en B (inclusief Veghels Buiten Noordoost). De analyses zijn uitgevoerd voor de drukste ochtend- en avondspitsuren. Het beoordelen van de afwikkeling van (ongeregelde) kruispunten gebeurt op basis van verliestijden, I/C waardes en in het geval van verkeersregelinstallaties (VRI’s) aan de hand van cyclustijden. Deze grenswaarden geven aan of een bepaald kruispunt wel of niet goed is af te wikkelen. De uitgevoerde kruispuntanalyses geven een eerste indruk welke maatregelen een bijdrage kunnen leveren aan het beter afwikkelen van het verkeer. Nader onderzoek en uitwerking van deze maatregelen is nodig. De voorgestelde maatregelen zullen verderop in het planvormingsproces en de uitvoeringsfase nader geanalyseerd en uitgewerkt worden. Deze maatregelen zullen integraal worden bekeken.

Hoofdstuk 4

53

Figuur 4.1 Uitgevoerde kruispuntberekeningen

Nadere mobiliteitsstudie effecten basisschool en gezondheidscentrum Nadat de mobiliteitsstudie is uitgevoerd hebben er wijzigingen plaatsgevonden in het programma. In de mobiliteitsstudie is geen rekening gehouden met de mogelijkheid tot het realiseren van een basisschool (met gymzaal) en een gezondheidscentrum in de wijk zelf. De verkeersgeneratie voor deze voorzieningen zijn separaat in beeld gebracht in de notitie ‘Aanvullende verkeersanalyse Veghels Buiten Noordoost’. Deze notitie is opgenomen als bijlage 4 bij de mobiliteitsstudie (bijlage 5 bij deze plantoelichting). Het uitgangspunt is dat de verkeersgeneratie ten opzichte van de eerder uitgevoerde mobiliteitsstudie (5.700 motorvoertuigbewegingen per werkdagetmaal) niet mag toenemen. Dit betekent dat het aantal woningen lager zal zijn bij realisatie van het onderwijs-, en zorg- en sportprogramma. De verkeersgeneratie per woning is op basis van het verkeersmodel van de gemeente Meierijstad ingeschat op (5.700 / 1.250 =) 4,56 motorvoertuigbewegingen per werkdagetmaal. Dit is een optelling van de verkeersgeneratie van verschillende verplaatsingsmotieven.

Als gevolg van de realisatie van een basisschool, kinderopvang, gymzalen, MFA (wijkgebouw en gymzaal) en een gezondheidscentrum met apotheek, huisarts- en fysiotherapie / praktijkruimte binnen Veghels Buiten Noordoost zal de verkeersgeneratie van de nieuwbouwwoningen voor een deel intern verkeer worden binnen de wijk en dus niet meer de wijk verlaten (waar in de mobiliteitsstudie vanuit gegaan was). In de aanvullende studie is gerekend met de verkeersgeneratie die hoort bij ‘diensten en persoonlijke verzorging’ en 1/3e deel van ‘sociaal recreatief’, te weten 0,18 en 0,22 motorvoertuigbewegingen per werkdagetmaal per woning.

Hoofdstuk 4

54

De totale verkeersgeneratie van de nieuwbouwwoningen is daarmee: 1.250 x (4,56 – 0,41) = 5.188 motorvoertuigbewegingen per werkdagetmaal. De verkeersgeneratie van Veghels Buiten Noordoost is daarmee 512 motorvoertuigbewegingen per werkdagetmaal lager dan waarin de mobiliteitsstudie mee gerekend is. De verkeersgeneratie van de voorzieningen bedraagt 739 motorvoertuigbewegingen per werkdagetmaal. Zoals bovenstaand staat aangegeven bleek dat als gevolg van de realisatie van de voorzieningen in Veghels Buiten Noordoost de verkeersgeneratie van de woningen daalt met 512 motorvoertuigbewegingen per werkdagetmaal. Dit betekent dat er sprake is van een afname van (739-512 =) +227 motorvoertuigen per werkdagetmaal ten opzichte van de mobiliteitsstudie. Wanneer alle niet-woonfuncties zoals hierboven benoemd worden gerealiseerd zal het aantal woningen in Veghels Buiten Noordoost verminderd dienen te worden met (227 / 4,56 =) 50 woningen. Hiermee wordt het uitgangspunt gehanteerd waarbij de verkeersgeneratie ten opzichte van de eerder uitgevoerde mobiliteitsstudie (5.700 motorvoertuigbewegingen per werkdagetmaal) niet mag toenemen. Dit is geborgd in de regels behorende bij dit bestemmingsplan. Het realiseren van de maatschappelijke functies (basisschool, kinderopvang, MFA en gymzaal) en een gezondheidscentrum is toegestaan middels een afwijkingsbevoegdheid.

In de regels is in de afwijkingsbevoegdheid opgenomen dat de bevoegdheid (het realiseren van de functies) uitsluitend mag worden toegepast, mits het aantal gerealiseerde en/of vergunde woningen niet meer dan 1.200 bedraagt, tenzij door middel van verkeerskundig onderzoek is aangetoond dat een hoger aantal woningen in combinatie toepassing van deze bevoegdheid/bevoegdheden niet leidt tot een onacceptabele verkeersafwikkeling op het omliggende wegennet. Parkeren In de buurten wordt het parkeren zo georganiseerd dat de auto zo min mogelijk in de weg en in het zicht staat. Het parkeren wordt zoveel als mogelijk uit het straatbeeld houden, straatparkeren is niet aan de orde. Parkeren vindt plaats in geconcentreerde parkeerkoffers of op eigen terrein. Er zal hierbij gekozen worden voor zoveel mogelijk parkeren in koffers om het straatbeeld vrij te houden van ‘blik’. De Parkeerkoffers worden zorgvuldig, groen, ingepast. Per buurttype gelden daarvoor andere principes hoe ze stedenbouwkundig goed ingepast kunnen worden. De parkeerplaatsen zullen op plekken worden gelegd die logisch beloopbaar zijn vanaf de woningen. Parkeren op eigen terrein is soms mogelijk. De gemeentelijke parkeernormen van de gemeente Meierijstad zijn gegeven in de ‘Nota Parkeernormen Meierijstad 2018’.

Voor Veghels Buiten Noordoost wordt aangesloten bij de parkeernormen van de gemeente Meierijstad die horen bij het gebied ‘rest bebouwde kom’ (zie tabel 4.3).

Hoofdstuk 4

55

Tabel 4.3: Parkeernormen wonen (Bron: Nota Parkeernormen Meierijstad 2018)

Met voorgenomen plan zullen er maximaal 1.250 woningen worden ontwikkeld in het gebied. Er zullen verschillende type woningen worden gerealiseerd binnen het plangebied. Aan de hand van de woonvisie wordt de volgende verdeling aangehouden voor Veghels Buiten Noordoost:  30% sociale huur  15% vrije sector huur  10% goedkope koop  20% middeldure koop  20% dure koop  5% variabel in te zetten. Parkeren zal plaatsvinden in geconcentreerde parkeerkoffers in de woonbuurten. Er zal hierbij gekozen worden voor zoveel mogelijk parkeren in koffers om het straatbeeld vrij te houden van ‘blik’. De parkeerkoffers worden zorgvuldig, groen, ingepast. De parkeerkoffers zullen op plekken worden gelegd die logisch beloopbaar zijn vanaf de woningen. Daarnaast zal het voor sommige woningen mogelijk zijn om op eigen perceel te parkeren. In de regels van dit bestemmingsplan is vastgelegd dat de omgevingsvergunning pas verleend kan worden als er sprake is van voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig de geldende parkeernormen. Vanuit het aspect parkeren worden daarom geen belemmeringen verwacht. 4.1.3 Conclusie Het aspect verkeer en parkeren zorgt niet voor belemmeringen.

4.2 Geluid 4.2.1 Toetsingskader Wegverkeer Op basis van de Wet geluidhinder (artikel 77 Wgh) dient bij een bestemmingsplan een akoestisch onderzoek te worden uitgevoerd als het plan mogelijkheden biedt voor:  de toevoeging van een nieuwe woning of andere geluidsgevoelige functie binnen de zone van een weg;  de aanleg van een nieuwe weg;

Hoofdstuk 4

56

de reconstructie van een bestaande weg.

De breedte van de zone van een weg is afhankelijk van het aantal rijstroken, het stedelijk gebied en de maximumsnelheid. In een akoestisch onderzoek kunnen wegen waarvoor een maximumsnelheid van 30 km/uur geldt buiten beschouwing worden gelaten. Tabel 4.4: Breedte geluidszones langs wegen

Stedelijk gebied

Buiten stedelijk gebied

Aantal rijstroken

Zone breedte

1 of 2

200 meter

3 of meer

350 meter

1 of 2

250 meter

3 of 4

400 meter

5 of meer

600 meter

In de Wgh zijn grenswaarden opgenomen met betrekking tot de geluidbelasting op de gevels van woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen. De voorkeursgrenswaarde voor de geluidbelasting op de gevel is 48 dB en mag in principe niet worden overschreden. Onder bepaalde voorwaarden, als maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn en het voldoen aan de grenswaarden onoverkomelijke bezwaren ontmoet van landschappelijke, stedenbouwkundige of financiële aard, mag de geluidbelasting hoger zijn dan de voorkeursgrenswaarde. Hiervoor dient middels een ontheffing een hogere waarde te worden vastgesteld. 4.2.2 Onderzoek Bij de projectie van een nieuwe geluidgevoelige bestemming, zoals wonen, binnen de zone van een weg is een akoestisch onderzoek verkeerslawaai noodzakelijk. Het plangebied is (deels) gelegen binnen de wettelijk vastgestelde geluidzone van meerdere gemeentelijke wegen, waaronder de Udenseweg, en de provinciale weg N616, ter plaatse de Erpseweg geheten. De locatie is niet gelegen binnen de zone van andere wegen, industrieterreinen of spoorwegen. Wel worden binnen het plangebied nieuwe (30 km/uur-)wegen aangelegd. Er is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting vanwege wegverkeer door Kragten.7 Onderstaand zijn de belangrijkste bevindingen uit het onderzoek opgenomen, voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar bijlage 6 bij deze plantoelichting.

De verkeersgegevens van de beschouwde gegevens zijn gebaseerd op een viertal scenario’s, waaronder twee toekomstvarianten voor Veghels Buiten Noordoost (variant 1 en 2). Daar waar de tellingen hogere intensiteiten toonden dan de modellen zijn de intensiteiten voor deze betreffende wegvakken ‘procentueel’ opgeplust. Daar waar de tellingen juist een lagere intensiteit tonen dan het model, is ervoor gekozen de intensiteiten van het model te hanteren. Op deze manier is sprake van een worstcase input voor de omgevingsonderzoeken. Met behulp van het rekenmodel zijn de geluidbelastingen berekend. In navolgende afbeeldingen zijn per weg de geluidscontouren ter plaatse van de relevante clusters binnen het plangebied weergegeven. Groene gebied

7

Kragten, Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Veghels Buiten Noordoost, d.d. 28 september 2023

Hoofdstuk 4

57

In het groene gebied bedraagt de geluidbelasting niet meer dan 48 dB. Er wordt in dit gebied voldaan aan de voorkeursgrenswaarde (48 dB). Woningbouw in dit gebied is zondermeer mogelijk. Gele gebied In het gele gebied bedraagt de geluidbelasting meer dan 48 dB, maar minder dan of is gelijk aan de maximale ontheffingswaarde. Woningbouw in dit gebied is mogelijk onder voorwaarden. Er dienen maatregelen voor het verlagen van de geluidbelasting aan de bron, in de overdracht en bij de ontvanger te worden onderzocht. Indien door maatregelen de geluidbelasting wordt verlaagd naar de voorkeursgrenswaarde (48 dB) is woningbouw zonder meer mogelijk. Indien maatregelen niet mogelijk zijn of niet afdoende zijn kan een hogere waarde worden verleend. Tevens dienen bij het realiseren van een woning de gevels wel een voldoende karakteristieke geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructies (GA;k) te hebben zodat een binnenniveau van 33 dB gerespecteerd blijft. Rode gebied De geluidbelasting in het rode gebied bedraagt meer dan de maximale ontheffingswaarde. Er dienen voor het verlagen van de geluidbelasting maatregelen aan de bron, in de overdracht en bij de ontvanger te worden onderzocht.

Indien maatregelen niet mogelijk zijn of niet afdoende zijn en de geluidbelasting ter plaatse van de woning de maximale ontheffingswaarde van 63 dB overschrijdt is woningbouw niet wenselijk en enkel mogelijk wanneer er ‘dove’ gevels worden toegepast. Udenseweg Ten gevolge van verkeer op de Udenseweg bedraagt de geluidbelasting ter plaatse van het gehele plangebied, behalve ter plaatse van de clusters (Klooster B en de Entreeschuur) nabij de Udenseweg, niet meer dan de voorkeursgrenswaarde (zie figuur 4.2). Ter plaatse van de relevante clusters bedraagt de geluidbelasting maximaal 54 dB. De voorkeurgrenswaarde (48 dB) uit de Wet geluidhinder wordt overschreden; de maximale ontheffingswaarde (63 dB) niet.

Figuur 4.2 Geluidsbelastingen (incl. aftrek artikel 110g Wgh) Udenseweg

Erpseweg (binnen en buiten de kom) Ten gevolge van verkeer op de Erpseweg (wegvakken binnen de bebouwde kom) bedraagt de geluidbelasting ter plaatse van het gehele plangebied niet meer dan de voorkeursgrenswaarde. Voor het wegvak buiten de bebouwde kom is de geluidbelasting in figuur 4.3 weergegeven. De geluidbelasting ter plaatse van het cluster (Hof A) nabij de weg bedraagt maximaal 51 dB. De voorkeurgrenswaarde (48 dB) uit de Wet geluidhinder wordt overschreden; de maximale ontheffingswaarde (63 dB) niet.

Hoofdstuk 4

58

Figuur 4.3: Geluidsbelastingen (incl. aftrek artikel 110g Wgh) Erpseweg

Overige wegen De geluidbelasting ten gevolge van de overige wegen bedraagt de geluidbelasting ter plaatse van het gehele plangebied niet meer dan de voorkeursgrenswaarde. Hogere grenswaarden Indien het toepassen van bron- en/of overdrachtsmaatregelen stuit op overwegende bezwaren is nieuwbouw binnen het gele gebied waar de geluidbelasting meer dan de voorkeursgrenswaarde bedraagt alleen mogelijk als het bevoegd gezag, de gemeente Meierijstad, hogere waarden vastgesteld voor de woningen met een overschrijding van de voorkeurswaarde vanwege de Udenseweg en de Erpseweg. Uit een onderzoek naar de geluidwering van de gevel moeten blijken of de vereiste karakteristieke geluidwering van de gevel (GA;k) voldoet aan de eisen uit het Bouwbesluit. 30 km/uur-wegen In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn de geluidbelastingen vanwege de nieuwe binnen het plangebied te realiseren 30 km/uur-wegen inzichtelijk gemaakt. Figuur 4.4 toont de contouren ter plaatse van het plangebied ten gevolge van alle 30 km/uur-wegen tezamen. Voor niet-zoneplichtige wegen zijn de normen uit de Wet geluidhinder niet van toepassing. Voor de 30 km/uur-wegen worden de geluidbelastingen ter vergelijking beoordeeld aan de hand van de voorkeursgrenswaarde (48 dB) en de maximale ontheffingswaarde (63 dB) uit de Wet geluidhinder voor een vergelijkbare 50 km/uur-weg.

Afhankelijk van de ligging van de weg(en) bedraagt de geluidbelasting op een afstand van maximaal 15 meter uit de as van de weg niet meer dan de voorkeurswaarde uit Wet geluidhinder, die de Wet geluidhinder voor 50 km/uur-wegen stelt. Bij de nadere uitwerking van het plan en de ligging van de woningen kan hiermee rekening gehouden worden. Op de gevels die niet georiënteerd zijn op de toegangswegen zal de geluidbelasting niet meer dan 48 dB bedragen. Zodoende is sprake van een aanvaardbaar akoestisch woon- en leefklimaat.

Hoofdstuk 4

59

Figuur 4.4 Geluidsbelastingen (incl. aftrek artikel 110g Wgh) 30 km/uur-wegen

Hoofdstuk 4

60

Cumulatie In het kader van goede ruimtelijke ordening is de ongecorrigeerde gecumuleerde geluidbelasting van alle wegen berekend. De gecumuleerde geluidbelasting ter plaatse van het plangebied is middels geluidcontouren weergegeven in figuur 4.5. In het kader van een goed woon- en leefklimaat wordt geadviseerd om (voor woningen binnen de oranje gebieden; geluidbelasting > 53 dB) rekening te houden met extra geluidwering van de gevel op basis van deze gecumuleerde ongecorrigeerde geluidbelastingen. In de planregels is voor de zones waar gecumuleerd een geluidsbelasting groter dan 53 dB is berekend een voorwaarde opgenomen dat gevels gekeerd naar de geluidsbron (weg) voldoende geluidwerend moeten zijn om een binnenwaarde van ten hoogste 33 dB te kunnen garanderen.

Figuur 4.5 Gecumuleerde geluidbelastingen alle wegen exclusief aftrek artikel 110g Wet geluidhinder [rekenhoogte 5 meter +MV] – variant 1 (links) en 2 (rechts)

Indirecte hinder De realisatie van Veghels Buiten Noordoost heeft ook gevolgen voor de verkeersafwikkeling op enkele wegen buiten het plangebied. Door de realisatie van de nieuwe gebiedsontsluitingsweg en de verkeerskundige knippen, wordt vrijwel al het verkeer direct afgewikkeld op de Udenseweg en Erpseweg. De bijdrage van het verkeer van het plangebied is beperkt ten opzichte van de bestaande verkeersintensiteiten. Een klein deel van het verkeer wordt afgewikkeld via Het Melven en de Heuvel. Aan deze wegen zijn bestaande woningen gesitueerd en bekeken is in hoeverre de bijdrage van het (extra) verkeer effect heeft op het woon- en leefklimaat ter plaatse van deze woningen. Voor de beoordeling van de eventuele toename van de geluidbelasting kan aangesloten worden bij de normstelling voor ‘reconstructies van wegen’ conform de Wet geluidhinder. Hierin geldt als uitgangspunt dat een toename van de geluidbelasting van (afgerond) minder dan 2 dB toelaatbaar is. Geluidbelastingen van 48 dB (de voorkeursgrenswaarde) of minder zijn sowieso toelaatbaar. Hierbij dient aangetekend te worden dat de Wet geluidhinder niet van toepassing is op wegen die liggen binnen een woonerf en voor 30 km/u-wegen, omdat er geen zones gelden. Deze wegen veroorzaken meestal geen geluidsbelastingen boven de voorkeurswaarde.

Het Melven is niet in het gemeentelijke verkeersmodel van de huidige situatie opgenomen omdat voor dergelijke wegen met een dusdanig lage intensiteit geen nauwkeurige gegevens worden opgeleverd.

Hoofdstuk 4

61

Gezien het aantal via deze weg ontsloten woonpercelen/ woningen (circa 12) wordt de intensiteit ingeschat op circa 100 mvt/etm. Voor de woningen aan deze weg zal gezien de huidige ingeschatte intensiteit (100 mvt/etm) en door Goudappel als toename aangegeven intensiteit (300 mvt/etm, zie het mobiliteitsonderzoek in bijlage 5) geen sprake zijn van een relevante geluidbelasting (van meer dan 48 dB). Op de Heuvel bedraagt de intensiteit in de huidige situatie circa 500 mvt/etm (tussen Het Melven en Erpseweg) en ruim meer dan 1.000 mvt/etm (De Boeksteeg en Erpseweg). De berekende toename van de intensiteit op Het Melven (300 mvt/etm) zal zich verspreiden over de wegvakken van de Heuvel. Voor de woningen aan deze wegvakken kan gesteld worden dat, bij ongewijzigde maximumsnelheid en wegdekverharding, er geen sprake zal zijn van een toename van de geluidbelasting van (afgerond) 2 dB of meer. Dit treedt pas op als sprake is van een toename van de verkeersintensiteit met 40% of meer. Hierdoor is er geen sprake van onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat voor bestaande woningen aan deze weg. Nader onderzoek naar indirecte hinder is daarom niet noodzakelijk geacht. 4.2.3 Conclusie Voor bepaalde clusters nabij de Udenseweg en de Erpseweg wordt de voorkeursgrenswaarde (48 dB) uit de Wet geluidhinder overschreden, de maximale ontheffingswaarde (63 dB) niet.

Om de woningbouw ter plaatse van de gebieden waar de geluidbelasting meer dan de voorkeursgrenswaarde bedraagt mogelijk te maken, dienen hogere waarden vastgesteld te worden. Voor de woningen waarvoor een hogere waarde is vastgesteld gelden op basis van het Bouwbesluit 2012 aanvullende eisen aan de geluidwering. In figuur 4.7 staan de aandachtspunten geluid Veghels Buiten Noordoost weergegeven. In deze kaart staat aangegeven voor welke gebieden een hogere waarde Wgh dient te worden vastgesteld. De ongecorrigeerde gecumuleerde geluidbelastingen vanwege wegverkeer van alle wegen bedraagt ter plaatse van een groot deel van (de clusters binnen) het plangebied minder dan 53 dB. In het kader van een goed woon-en leefklimaat wordt geadviseerd om (voor woningen met een geluidbelasting > 53 dB) rekening te houden met extra geluidwering van de gevel op basis van deze gecumuleerde ongecorrigeerde geluidbelastingen. In figuur 4.7 is de aanduiding ‘Borging goed woon-en leefklimaat > 53 dB’ opgenomen, hier is extra onderzoek nodig voor het waarborgen van een goed woon- en leefklimaat binnenwaarde. Dit is geborgd in de planregels behorende bij dit bestemmingsplan. Tot slot is er geen sprake van onevenredig negatieve effecten op het woon- en leefklimaat van bestaande woningen vanwege indirecte hinder.

4.3 Luchtkwaliteit 4.3.1 Toetsingskader De hoofdlijnen voor regelgeving rondom luchtkwaliteitseisen staan beschreven in de Wet milieubeheer (hoofdstuk 5, titel 5.2 Wm). Hierin zijn grenswaarden opgenomen voor luchtvervuilende stoffen. Voor ruimtelijke projecten zijn fijn stof (PM10 en PM2,5) en stikstofdioxide (NO2) de belangrijkste stoffen.

Hoofdstuk 4

62

Een project is toelaatbaar als aan (minstens) één van de volgende voorwaarden wordt voldaan:  Er is geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde.  Het project leidt per saldo niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit.  Het project draagt op zichzelf niet in betekenende mate bij aan de luchtverontreiniging.  Het project is opgenomen in het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) of een regionaal programma van maatregelen. Om te bepalen of een project niet in betekenende mate bijdraagt aan luchtverontreiniging is een algemene maatregel van bestuur 'Niet in betekenende mate' (Besluit NIBM) en een ministeriële regeling NIBM (Regeling NIBM) vastgesteld waarin de uitvoeringsregels zijn vastgelegd. Een project kan in twee situaties niet in betekenende mate bijdragen aan luchtverontreiniging:  Het project behoort tot de lijst met categorieën van gevallen (inrichtingen, kantoor- en woningbouwlocaties) die is opgenomen in de Regeling NIBM.  Het project zorgt voor een toename van minder dan 3% van de jaargemiddelde concentratie NO 2 en PM10 (1,2μg/m3). 4.3.2 Onderzoek Er is een onderzoek luchtkwaliteit uitgevoerd door Kragten 8. In deze toelichting worden de belangrijkste conclusies vermeld. Voor het gehele onderzoek wordt verwezen naar bijlage 9 bij deze plantoelichting.

Tabel 4.5 toont een overzicht van de hoogst berekende immissies NO 2, PM10 en PM2,5 ten gevolge van het plan. Uit de tabel blijkt dat de jaargemiddelde concentraties van NO 2, PM10 en PM2,5 ter plaatse van woningen ter plaatse van het plangebied en naast de toegangswegen tot het plan ver onder de wettelijke norm liggen.

Tabel 4.5 Rekenresultaten luchtkwaliteit referentiejaar 2023

Opgemerkt dient nog te worden dat de bijdragen van bestaande wegen reeds in de achtergrondconcentraties zijn meegenomen. Door deze ook in de modelberekeningen mee te nemen, geven de berekende emissies NO2, PM10 en PM2,5 een overschatting. 4.3.3 Conclusie Het aspect luchtkwaliteit zorgt niet voor belemmeringen.

8

Kragten, Onderzoek luchtkwaliteit bestemmingsplan Veghels Buiten Noordoost, d.d.5 oktober 2023

Hoofdstuk 4

63

4.4 Bedrijven en milieuzonering 4.4.1 Toetsingskader Milieuzonering is het waar nodig zorgen voor een voldoende ruimtelijke scheiding tussen enerzijds bedrijven of overige milieubelastende functies en anderzijds milieugevoelige functies zoals woningen. Bij de planontwikkeling moet rekening gehouden worden met milieuzonering om zo de kwaliteit van het woon- en leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Daarnaast moeten bedrijven echter ook voldoende zekerheid hebben dat zij hun activiteiten duurzaam binnen aanvaardbare voorwaarden kunnen uitvoeren. Richtafstanden Bij milieuzonering wordt gebruik gemaakt van de door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) opgestelde publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ 9. In de publicatie is een lijst opgenomen met bedrijfstypen. Voor de bedrijfstypen zijn indicatieve (richt)afstanden bepaald voor de milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. De richtafstanden vormen een indicatie van de aanvaardbaarheid in de situatie dat gevoelige functies in de nabijheid van milieubelastende functies worden gesitueerd. Indien bekend is welke activiteiten concreet worden beoogd of aanwezig zijn, kan gemotiveerd worden uitgegaan van de daadwerkelijk te verwachten milieubelasting (in plaats van de richtafstanden). Tabel 4.6: Richtafstanden Milieucategorie

Richtafstand rustig woongebied (m)

Richtafstand gemengd gebied (m)

1

10

0

2

30

10

3.1

50

30

3.2

100

50

4.1

200

100

4.2

300

200

5.1

500

300

5.2

700

500

5.3

1.000

700

6

1.500

1.000

Uit jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State komt naar voren hoe de aan te houden richtafstand gemeten dient te worden. Hierover zegt de Afdeling het volgende: “De richtafstanden gelden volgens de VNG-brochure tussen enerzijds de grens van de bestemming die bedrijven toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een woning die volgens het bestemmingsplan of via vergunningvrij bouwen mogelijk is10”. Omgevingstype De richtafstanden zijn afgestemd op de omgevingskwaliteit zoals die wordt nagestreefd in een rustige woonwijk of een vergelijkbaar omgevingstype (zoals een rustig buitengebied, een stiltegebied of een natuurgebied). Een rustige woonwijk is een woonwijk die is ingericht volgens het principe van functie-

9 10

Bedrijven en Milieuzonering, Uitgave VNG, Den Haag, 2009. Zie ABRvS 22 augustus 2012, 201113021/1/R1.

Hoofdstuk 4

64

scheiding. Afgezien van wijkgebonden voorzieningen komen vrijwel geen andere functies (zoals bedrijven en kantoren) voor. Binnen gemengde gebieden heeft men te maken met milieubelastende en milieugevoelige functies die op korte afstand van elkaar zijn gesitueerd. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Voorbeelden van gebieden met functiemenging zijn horecaconcentratiegebieden, stadscentra, winkelcentra en winkelgebieden van dorpskernen, woon-werkgebieden met kleinschalige ambachtelijke bedrijvigheid, gebieden langs stadstoegangswegen met meerdere functies en lintbebouwing in het buitengebied met veel agrarische en andere bedrijvigheid. 4.4.2 Onderzoek Effecten plangebied op omgeving Met dit initiatief worden woningen mogelijk gemaakt. Woningen kunnen niet gezien worden als milieubelastende functies. Een woning kent dan ook geen milieucategorie of een aan te houden richtafstand. Negatieve invloed op het woon- en leefklimaat bij omliggende milieugevoelige functies is dan ook uit te sluiten. Naast woningen wordt met het bestemmingsplan ook de mogelijkheid geboden tot het realiseren van een basisschool met MFA (wijkgebouw en gymzaal) en een gezondheidscentrum met apotheek, huisarts- en fysiotherapie / praktijkruimte binnen Veghels Buiten Noordoost.

Entreeschuur In het bestemmingsplan is ten westen van de noordelijk gelegen kloosterbuurt (WG – Klooster A) een locatie aangewezen voor de van opslag en beheer ten dienste van agrarisch gebruik van omliggende gronden. Evenals voor kleinschalige detailhandel en/of horeca in categorie 1a en 1b en kantoren. Hiervoor is de bestemming Gemengd opgenomen. De functies die hier mogelijk gemaakt worden behoren volgens de VNG-brochure tot milieucategorie 1 en 2. Hiervoor geldt een richtafstand van 30 meter (voor milieucategorie 2) tot rustige woonwijk / rustig buitengebied. Gezien er in deze zone van het plangebied sprake is van een Gemengd gebied, zie ook onderstaand onder het kopje Omgevingstype Veghels Buiten Noordoost en figuur 4.6, mag de richtafstand met één stap verlaagd worden. De richtafstand voor milieucategorie 2 bedraagt 10 meter tot gemengd gebied. Aan deze richtafstand wordt voldaan. Maatschappelijke functies (basisschool) en gezondheidscentrum In het bestemmingsplan is de zuidelijk gelegen kloosterbuurt (WG - Klooster B) aangewezen als locatie voor de realisatie van een onderwijsvoorzieningen al dan niet in combinatie met kinderopvang. Scholen voor basisonderwijs en kinderopvang behoren volgens de VNG-brochure tot milieucategorie 2. Hiervoor geldt een richtafstand van 30 meter tot rustige woonwijk / rustig buitengebied.

Sociaal maatschappelijke voorzieningen zoals een huisartsenpost en praktijkruimte zijn voorstelbaar. Dit moet dan passen bij de schaal van de woonomgeving. Er zijn 4 verschillende locaties aangewezen als passende plek voor dit soort voorzieningen, zoals aangeduid in de regiekaart (zie figuur 2.3) met ‘M-Maatschappelijk / gezondheidscentrum’. De voorzieningen kunnen worden gerealiseerd binnen woonbuurten. Voor dergelijke sociaal maatschappelijke voorzieningen geldt tot rustige woonwijk / rustig buitengebied een richtafstand van 10 meter voor apotheek/huisartsenpost of praktijkruimte (milieucategorie 1).

Hoofdstuk 4

65

Met het bestemmingsplan wordt middels een afwijkingsbevoegdheid met een omgevingsvergunning de mogelijkheid geboden om, onder voorwaarden maatschappelijke functies of medische dienstverlening (gezondheidscentrum) mogelijk te maken. Eén van de voorwaarden geeft aan dat het bedoeld gebruik geen onevenredige hinder voor het woonmilieu mag opleveren en geen onevenredige afbreuk mag doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt. Ook is als voorwaarde opgenomen dat het bedoeld gebruik geen onevenredige belemmering mag opleveren voor de omliggende bedrijven. De functies worden dus niet direct toegestaan in het bestemmingsplan maar met een afwijkingsbevoegdheid. Bij vergunningverlening wordt nader rekening gehouden met milieuzonering. 4.4.2.1 Quickscan Bedrijven en milieuzonering Er is om de richtafstanden van de milieubelastende functies rondom het plangebied Veghels Buiten Noordoost te achterhalen een Quickscan Bedrijven en milieuzonering uitgevoerd door De Roever11. In deze toelichting worden de belangrijkste conclusies vermeld. Voor het gehele onderzoek wordt verwezen naar bijlage 7 bij deze plantoelichting. Omgevingstype Veghels Buiten Noordoost Voor sommige clusters woningen zal er sprake zijn van een ligging (vrijwel) direct naast bedrijvigheid en andere functies en/of een ligging direct aan de hoofdinfrastructuur.

Deze clusters dienen te worden beschouwd als gelegen in het gebiedstype “gemengd gebied”. Voor de andere clusters woningen is van een dergelijke ligging geen sprake, deze dienen te worden beschouwd als gelegen in het gebiedstype “rustige woonwijk/rustig buitengebied”. Zie figuur 4.6.

11

De Roever, Quickscan Bedrijven en milieuzonering Veghels Buiten Noordoost, d.d. 6 mei 2024, Referentie: 20211702.v05

Hoofdstuk 4

66

Figuur 4.6 Toegepast gebiedstype per cluster woongebied Bruin: beschouwd als gemengd gebied Turquoise: beschouwd als rustige woonwijk / rustig buitengebied (Bron: De Roever, Quickscan bedrijven en milieuzonering d.d. 6 mei 2024)

Op basis van de vigerende bestemmingsplannen zijn de milieubelastende functies in de omgeving bepaald. Het betreft de richtafstanden tot een rustige woonwijk/rustig buitengebied of een gemengd gebied behorend bij de maximale planologische mogelijkheden per locatie. Er is per cluster beoordeeld welke richtafstanden van toepassing zijn, en zo ja of de milieubelasting van de bedrijven mogelijk een belemmering vormt. WG – HOF A Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een gemengd gebied. Ongeveer 60% van het cluster is gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van de puinbreker op het perceel Erpseweg 11. Er is nader onderzoek gedaan naar het aspect “geluid” van deze inrichting, zie paragraaf 4.4.2.2. Hierbij wordt aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van deze puinbreker geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is.

Hoofdstuk 4

67

Een noordoostelijke hoek van het cluster is gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van het waterwinbedrijf op de Blankenburg 2. Wanneer er in dit deel van het cluster woningen worden gerealiseerd dan zal er nader onderzoek gedaan moeten worden naar het aspect “geluid” van deze inrichting. Hierbij zal moeten worden aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van dit waterwinbedrijf er geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is. Dit aspect vormt naar verwachting geen belemmering voor de realisatie van woningen binnen dit cluster. De uiterst noordoostelijke hoek is gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “gevaar” van het waterwinbedrijf op de Blankenburg 2. Het is waarschijnlijk goed haalbaar om in deze kleine snipper land geen woning te realiseren. Dit aspect vormt geen belemmering voor de realisatie van woningen binnen dit cluster. Dit cluster is niet gelegen binnen andere richtafstanden. SBA – BAKEN (ten noorden van WG-Hof A) Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een gemengd gebied. Het oostelijke deel van het cluster is gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van het waterwinbedrijf op de Blankenburg 2. Wanneer er in dit deel van cluster woningen worden gerealiseerd dan zal er nader onderzoek gedaan moeten worden naar het aspect “geluid” van deze inrichting.

Hierbij zal moeten worden aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van dit waterwinbedrijf er geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is. Dit aspect vormt naar verwachting geen belemmering voor de realisatie van woningen binnen dit cluster. Dit cluster is niet gelegen binnen andere richtafstanden. WG – HOF B en verbonden SBA-BAKEN Deze clusters worden beschouwd als gelegen binnen een gemengd gebied. Deze clusters zijn deels gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van de puinbreker op het perceel De Stad 11. Er is nader onderzoek gedaan naar het aspect “geluid” van deze inrichting, zie paragraaf 4.4.2.2. Hierbij wordt aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van deze puinbreker geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is. Een kleine strook van de schuifruimte van deze clusters is ook gelegen binnen de richtafstand voor de milieuaspecten van het bedrijfsperceel Het Melven 5. Er is op dit perceel echter geen bedrijf gevestigd, waardoor het woon- en leefklimaat ten opzichte van dit perceel acceptabel zal zijn. Er zal planologisch worden vastgelegd dat er op deze strook geen woningen mogen gerealiseerd zonder dat er nader onderzoek is gedaan naar de milieubelasting vanuit deze bedrijfsbestemming.

Hierdoor vormen deze richtafstanden geen belemmering voor de realisatie van woningen binnen deze schuifruimte. Deze clusters zijn niet gelegen binnen andere richtafstanden. WG – HOF C Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een rustige woonwijk/rustig buitengebied. Een kleine strook grond van dit cluster is gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van het fruitteeltbedrijf aan Het Broek 5. Wanneer er in dit deel van cluster woningen worden gerealiseerd dan zal er nader onderzoek gedaan moeten worden naar het aspect “geluid” van deze inrichting. Hierbij zal moeten worden aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van dit fruitteeltbedrijf er geen

Hoofdstuk 4

68

sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is. Dit aspect vormt geen belemmering voor de realisatie van woningen binnen dit cluster. Dit cluster is niet gelegen binnen andere richtafstanden. Wel zal bij dit cluster het aspect “spuitzones” nader moeten worden beschouwd, zie hiervoor paragraaf 4.4.2.3. WG – Klooster B Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een rustige woonwijk/rustig buitengebied. Een deel in het zuiden van WG-Klooster B is gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geur” van de varkenshouder op het perceel Erpseweg 5. Er is nader onderzoek gedaan naar het aspect “geur” van deze inrichting. Hierbij is aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geur van deze veehouderij geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is. Dit is nader onderzocht in het onderzoek “Onderzoek geurhinder veehouderijen Veghels Buiten Noordoost” opgesteld door de Roever Omgevingsadvies d.d. 26-09-2023, zie paragraaf 4.5.2 en bijlage 12. Een strook grond aan de oostzijde dit cluster is gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van het waterwinbedrijf op de Blankenburg 2. Er is nader onderzoek gedaan naar het aspect “geluid” van deze inrichting, zie paragraaf 4.4.2.2.

Hierbij wordt aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van dit waterwinbedrijf geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woonen leefklimaat acceptabel is. Dit aspect vormt geen belemmering voor de realisatie van woningen binnen dit cluster. Een smallere strook grond aan de oostzijde dit cluster is ook gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “gevaar” van het waterwinbedrijf op de Blankenburg 2. Er zal nader bekeken moeten worden of er sprake is van mogelijk gevaar of dat het mogelijk is om op deze strook grond geen woningen te realiseren. Dit aspect vormt naar verwachting geen belemmering voor de realisatie van woningen binnen dit cluster. Dit cluster is niet gelegen binnen andere richtafstanden. WG – Klooster A Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een gemengd gebied. Dit cluster is gelegen naast de constructiewerkplaats op het perceel Udenseweg 11. Een deel in het noorden van dit cluster is gelegen binnen de richtafstand voor het aspect geluid van deze inrichting. Een smalle strook grond in het uiterste noorden van dit cluster is ook gelegen binnen de richtafstanden voor de aspecten stof, geur en gevaar. De maatgevende activiteit die op dit bedrijfsperceel plaatsvindt is (kleinschalige) fabricage van kennels. Planologisch toegestaan op dit perceel zijn de activiteiten “Dierenpension /Houtbewerkingsbedrijf”.

Deze activiteiten hebben een gelijke of soms lagere milieubelasting dan de activiteit constructiewerkplaats, waardoor hiermee ook de planologische mogelijkheden voldoende worden beschouwd. Er zal nader onderzoek gedaan moeten worden naar het aspect “geluid” van deze inrichting wanneer er in dit deel van het cluster woningen worden gerealiseerd. Hierbij zal moeten worden aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van deze constructiewerkplaats er geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is. Het is niet bij voorbaat uit te sluiten dat dit aspect een belemmering vormt voor de realisatie van woningen binnen dit cluster.

Hoofdstuk 4

69

Met betrekking tot de strook binnen de richtafstand voor geur, stof en gevaar wordt opgemerkt dat er planologisch zal worden vastgelegd dat er in deze strook geen woningen mogen gerealiseerd zonder dat er nader onderzoek is gedaan naar de milieubelasting vanuit deze bedrijfsbestemming. Hierdoor vormen deze richtafstanden geen belemmering voor de realisatie van woningen binnen dit cluster. Dit cluster is niet gelegen binnen andere richtafstanden. WG – ERF A en WG – ERF B Deze clusters worden beschouwd als gelegen binnen een gemengd gebied. Deze clusters zijn niet gelegen binnen een richtafstand van een bedrijf in de omgeving. WG – ERF C Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een gemengd gebied. Een smalle strook aan de zuidzijde van dit perceel is gelegen binnen de richtafstand voor de milieuaspecten van het bedrijfsperceel Het Melven 5. Er is op dit perceel echter geen bedrijf gevestigd, waardoor het woon- en leefklimaat ten opzichte van dit perceel acceptabel zal zijn. Er zal planologisch worden vastgelegd dat er in deze strook geen woningen mogen gerealiseerd zonder dat er nader onderzoek is gedaan naar de milieubelasting vanuit deze bedrijfsbestemming. Hierdoor vormen deze richtafstanden geen belemmering voor de realisatie van woningen binnen dit cluster.

Desalniettemin is in de planregels behorende bij dit bestemmingsplan geborgd dat er binnen de richtafstand geen geluidsgevoelige ruimten mogen worden opgericht in WG –Erf C. Dit cluster is niet gelegen binnen andere richtafstanden. WG – ERF D Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een rustige woonwijk/rustig buitengebied. Dit cluster is niet gelegen binnen een richtafstand van een bedrijf in de omgeving. WG – ERF E Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een rustige woonwijk/rustig buitengebied. De meest westelijke punt van dit cluster is gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van de puinbreker op het perceel De Stad 11. Er is nader onderzoek gedaan moeten worden naar het aspect “geluid” van deze inrichting, zie paragraaf 4.4.2.2. Hierbij wordt aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van deze puinbreker er geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woonen leefklimaat acceptabel is. Dit aspect vormt geen belemmering voor de realisatie van woningen binnen dit cluster. Dit cluster is niet gelegen binnen andere richtafstanden. WG – ERF F Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een rustige woonwijk/rustig buitengebied. Dit cluster is volledig gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van de puinbreker op het perceel De Stad 11.

Er is nader onderzoek gedaan moeten worden naar het aspect “geluid” van deze inrichting, zie paragraaf 4.4.2.2. Hierbij wordt aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van deze puinbreker er geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is.

Hoofdstuk 4

70

Een zuidelijke hoek van het cluster is gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van het glastuinbouwbedrijf op De Stad 8. Wanneer er in dit deel van cluster woningen worden gerealiseerd dan zal er eventueel nader onderzoek gedaan moeten worden naar het aspect “geluid” van deze inrichting. Hierbij zal moeten worden aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van dit glastuinbouwbedrijf er geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is. Dit aspect vormt naar verwachting geen belemmering voor de realisatie van woningen binnen dit cluster. Dit cluster is niet gelegen binnen andere richtafstanden. WG – ERF G Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een gemengd gebied. Het cluster is deels gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van de autosloper op het perceel Udenseweg 5A. Er is nader onderzoek gedaan moeten worden naar het aspect “geluid” van deze inrichting, zie paragraaf 4.4.2.2. Hierbij wordt aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van deze autosloper geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is. Het cluster is ook deels gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van de puinbreker op het perceel De Stad 11. Er is nader onderzoek gedaan moeten worden naar het aspect “geluid” van deze inrichting, zie paragraaf 4.4.2.2.

Hierbij wordt aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van deze puinbreker geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is. Het cluster is niet gelegen binnen andere richtafstanden. WG –ERF VS Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een gemengd gebied. Het cluster is deels gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van de autosloper op het perceel Udenseweg 5A. Er is nader onderzoek gedaan moeten worden naar het aspect “geluid” van deze inrichting, zie paragraaf 4.4.2.2. Hierbij wordt aangetoond dat er met betrekking tot het aspect geluid van deze autosloper geen sprake is van belemmering en bij de woningen het woon- en leefklimaat acceptabel is. Het cluster is niet gelegen binnen andere richtafstanden. WG – BOSWONEN Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een rustige woonwijk/rustig buitengebied. Het is niet gelegen binnen een richtafstand van een bedrijf in de omgeving. Wel zal bij het noorden van dit cluster het aspect “spuitzones” nader moeten worden beschouwd, zie hiervoor paragraaf 4.4.2.3. WG -GEHUCHT Dit cluster wordt beschouwd als gelegen binnen een rustige woonwijk/rustig buitengebied. Dit cluster is (grotendeels) gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van de puinbreker op het perceel Udenseweg 16.

De nieuwe woningen komen op een afstand van minstens 200 meter van dit bedrijf te liggen. Gezien er reeds bestaande woningen op kortere afstand van het bedrijf aan de Udenseweg 16 zijn gelegen vormen de nieuwe woningen die met voorliggend bestemmingsplan geen extra belemmering voor de bedrijfsvoering. De bestaande woningen zijn maatgevend. Bovendien is het in het geldende bestemmingsplan ‘Veghels Buiten - Noordoost’ voor het bedrijf een ‘gebiedsaanduiding

Hoofdstuk 4

71

geluidzone – industrie’ opgenomen. De door het bedrijf buiten de zonegrens veroorzaakte geluidsbelasting niet hoger mag zijn dan 45dB(A) etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau. Aangenomen kan worden dat er bij de nieuwe woningen die met voorliggend bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Dit cluster is niet gelegen binnen andere richtafstanden. 4.4.2.2 Akoestisch onderzoek industrielawaai Uit paragraaf 4.4.2.1 en het rapport ‘Quickscan Bedrijven en milieuzonering Veghels Buiten Noordoost’, referentie 20211702.v05 d.d. 6 mei 2024 van De Roever Omgevingsadvies blijkt dat een deel van de clusters (deels) is gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van een vijftal omliggende bedrijven: Udenseweg 5A, Udenseweg 11, Erpseweg 11, De Stad 11 en Blankenburg 2. Daar waar de woonbestemmingen in het plan niet aan de richtafstanden ten aanzien van de in de omgeving gelegen bedrijvigheid voldoet, is er een akoestisch onderzoek uitgevoerd door Kragten12. Hiermee wordt aangetoond dat in deze specifieke situatie toch sprake is van een voldoende woon- en leefklimaat. Voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar bijlage 8 van deze plantoelichting. Onderstaand zijn de belangrijkste conclusies vermeld.

Udenseweg 11 – Kennelbouw Exclusief (constructiewerkplaats/dierenpension) Vanuit de gronden Udenseweg 11 (bestemming Bedrijf – Dierenpension/Houtbewerkingsbedrijf; Kennelbouw Exclusief) zijn er beperkingen ten aanzien van de ontwikkeling van woningen binnen het cluster WG-Klooster A. Bij de bouw van woningen of andere geluidgevoelige functies binnen de 50 dB(A)contour (zie gele gebied in figuur 4.7) geldt dat het bedrijf (mogelijk) wordt beperkt in haar bedrijfsvoering en niet zondermeer sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Daarnaast geldt er een planologische afstandscontour van 50 meter waarmee rekening te houden is vanwege de toegelaten activiteiten en functies.

Figuur 4.7 Geluidniveaus (etmaalwaarden) Udenseweg 11

12

Kragten, Akoestisch onderzoek milieuzonering Veghels Buiten Noordoost, d.d. 8 mei 2024

Hoofdstuk 4

72

Mogelijke maatregelen zijn:  Het enkel realiseren van woningen of andere geluidgevoelige functies buiten de 50 dB(A)-contour;  Het creëren van een akoestische afscherming tussen het bedrijf(sperceel) en woningen;  Het toepassen van dove gevels aan de geluidbelaste zijde van de bebouwing. Dit is een gevel waarin geen te openen delen aanwezig zijn, met voldoende geluidwering om in de achterliggende geluidsgevoelige ruimte een geluidniveau van niet meer dan 35 dB(A) te borgen, of een gevel waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits de delen niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte. In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt tevens geadviseerd om buitenruimten aan de geluidluwe zijde van de bebouwing c.q. in het groene gebied in afbeelding 4.7 te situeren. Voor de overige clusters zijn er geen beperkingen ten aanzien van de ontwikkeling van woningen in relatie tot het bedrijf aan de Udenseweg 11. Udenseweg 5A – Autodemontagebedrijf van Zutphen Veghel Vanuit de gronden Udenseweg 5a (bestemming Bedrijf – Autosloperij; Autodemontagebedrijf Van Zutphen Veghel) zijn er geen beperkingen ten aanzien van de ontwikkeling van woningen binnen de clusters. De beoogde woningen liggen op voldoende afstand van het bedrijf. Erpseweg 8/9/11 – Van de Beeten B.V.

Vanuit de gronden Erpseweg 8/9/11 (bestemming Bedrijf – loon- en grondverzetbedrijf; Van de Beeten B.V.) zijn er, zowel in de representatieve als incidentele situatie, geen beperkingen ten aanzien van de ontwikkeling van woningen binnen de clusters. De beoogde woningen liggen op voldoende afstand van het bedrijf. De Stad 11 – Van de Linden B.V. Vanuit de gronden De Stad 11 (bestemming Bedrijf – Loonwerkbedrijf; A.J. Van der Linden Veghel B.V.) zijn er in de representatieve en incidentele situatie geen beperkingen ten aanzien van de ontwikkeling van woningen binnen de clusters. In de regelmatige afwijking ten opzichte van de representatieve bedrijfssituatie bedragen de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus ter plaatse van (een deel van) cluster WG-ERF F meer dan de 45 dB(A) en wordt niet voldaan aan de richtwaarde uit stap 2 van de VNG-publicatie. Deze geluidniveaus zorgen niet voor een beperking ten aanzien van de gronden De Stad 11 (bestemming Bedrijf), aangezien in het Besluit omgevingsvergunning voor het aldaar gevestigde bedrijf A.J. Van der Linden Veghel B.V. voor deze bedrijfssituatie ter plaatse van dit cluster geen beoordelingspunten met geluidvoorschriften zijn opgenomen.

Wel dient afgewogen te worden waarom in deze situatie afgeweken kan worden van het toetsingskader van de VNG dat door Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) wordt gehanteerd voor de regelmatige afwijkingensituatie voor de woningen in cluster WG-ERF F.  Ter plaatse van het cluster WG-ERF F wordt wel voldaan aan de ‘grenswaarden’ uit stap 3 van de VNG-publicatie. Deze bedragen voor woningen in een rustige woonwijk 50 dB(A) voor de optredende langtijdgemiddeld beoordelingsniveaus (LAr,LT).  Er is geen sprake van relevante cumulatie. o Cluster WG-ERF F is niet gelegen binnen de richtafstand voor het aspect “geluid” van overige omliggende bedrijfsbestemmingen c.q. milieubelastende functies. o De gecumuleerde geluidbelastingen (exclusief aftrek ex artikel 110g Wet geluidhinder)

Hoofdstuk 4

73

vanwege alle omliggende wegen bedraagt ter plaatse van het cluster ruim minder dan 48 dB. o Het cluster is niet gelegen in de zone van (overige) spoorwegen en/of industrieterreinen. Omdat er geen sprake is van geluidniveaus van meer dan 50 dB(A), noch van relevante cumulatie met andere geluidbronnen, is ook geen extra geluidwering op basis van het Bouwbesluit en/of het Besluit bouwwerken leefomgeving vereist. Bij de minimaal vereiste karakteristieke geluidwering van ten minste 20 dB zal sprake zijn van voldoende lage geluidniveaus in de woningen. Vergelijkbare geluidniveaus ook aanvaardbaar worden geacht op andere erven met relatief nieuwewoningen (omgeving De Haag 13e).

Blankenberg 2 – Brabant Water Vanuit de gronden Blankenberg 2 (bestemming Bedrijf – Waterwinbedrijf; Brabant Water) zijn er beperkingen ten aanzien van de ontwikkeling van woningen binnen de clusters WG-HOF A en WGklooster B. Het effect van de mogelijke activiteiten op het zuidelijk terrein leidt tot een groter invloedsgebied dan op grond van de richtafstanden verwacht mag worden (30 meter /50 meter). Qua maatregelen gedacht worden aan:  Dove gevels;  Geen geluidsgevoelige functies aan de zijde van Brabant Water;  Bebouwing opschuiven zodat het buiten de richtafstanden komt. Aandachtsgebieden geluid In figuur 4.8 zijn de aandachtspunten met betrekking tot geluid weergegeven. De oranje gearceerde zones zijn de aandachtsgebieden geluid die ontstaan naar aanleiding van de omliggende bedrijven en het uitgevoerde akoestisch onderzoek milieuzonering. Aandachtsgebied geluid 1 Voor aandachtsgebied geluid 1 geldt dat er geen geluidsgevoelige ruimten mogen worden opgericht, tenzij er maatregelen worden getroffen. Gedacht kan worden aan maatregelen ter reductie van het industrielawaai of het realiseren van dove gevels. Dit is voorwaardelijk verplichtend geregeld in de planregels behorend bij dit bestemmingsplan. Aandachtsgebied geluid 2 Voor aandachtsgebied geluid 2 (rondom Melven 5) geldt dat er geen geluidsgevoelige ruimten mogen worden opgericht.

Dit is geborgd in de planregels behorende bij dit bestemmingsplan.

Hoofdstuk 4

74

Figuur 4.8 Aandachtspunten geluid Veghels Buiten Noordoost (bron: BRO)

Hoofdstuk 4

75

4.4.2.3 Spuitzones Er is door SPA WNP een locatiespecifiek onderzoek spuitzone 13 uitgevoerd ten behoeve van het planvoornemen. De volledige rapportage is opgenomen als bijlage 10 bij deze plantoelichting. Enkele woonclusters bevinden zich op minder dan 50 meter afstand van agrarische percelen, waarop het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen niet is uitgesloten. Om die reden is een onderzoek uitgevoerd om te bepalen of de ontwikkeling op de beoogde locatie mogelijk is in relatie tot risico’s voor de volksgezondheid. Dit vanwege eventuele blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen via drift van agrarisch percelen. Ook is hiermee onderzocht of de voorgenomen ontwikkeling leidt tot een belemmering van de aanwezige agrarische bedrijfsvoering.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=8d54ae2c-607f-442b-9fc6-28414e2e7877