Rapport Toekomstbestendige Bedrijventerreinen
Tekst van het document
Tabel 6: Circulaire banen op bedrijventerreinen
Regio Zwolle Drenthe Flevoland Gelderland Overijssel
Banen op bedrijventerreinen 117.292 23.930 20.457 12.402 60.503
Circulaire banen
Percentage
9.737 1.806 1.618 630 5.683
8,3% 7,5% 7,9% 5,1% 9,4%
Tabel 7: Aanwezigheid warmtenet op bedrijventerreinen Absoluut Regio Zwolle Drenthe Flevoland Gelderland Overijssel
Ja 9 5 3 1
Percentage Nee 123 16 24 17 66
6,8% 23,8% 11,1% 0,0% 1,5%
Bedrijventerreinen met de hoogste score op het thema circulaire economie zijn Buitenhaven E.O./Oude Vaart in Meppel en Nat Industreiterrein Oevers D in Meppel.
3.3 Fysiek-ruimtelijk Figuur 16 toont de scores per thema voor de pijler fysiek-ruimtelijk. Met uitzondering van het thema uitbreidingsmogelijkheden scoren de bedrijventerreinen boven de 3,0 op de fysiek-ruimtelijke aspecten. Een toekomstbestendig bedrijventerrein heeft echter baat bij voldoende vestigings- en uitbreidingsruimte. We lichten dit thema daarom uit in de volgende paragraaf. Goede voorbeelden van koploperterreinen binnen de pijler fysiek-ruimtelijk zijn De Munt in Noordoostpolder, Poort Van Dronten in Dronten en Buitenvaart I en II in Hoogeveen.
26
Figuur 16: Score per thema voor pijler fysiek-ruimtelijk Regio Zwolle 5,0 4,5 4,0 3,5 3,0 2,5 2,0 1,5 1,0 0,5 0,0
Uitbreidingsmogelijkheden Op niveau van de regio is de druk op de ruimte hoog: door de woningbouwopgave, maar ook de energie-opgaven staan veel werkgebieden onder druk. Hierin speelt ook de begrenzing van natuurgebieden en de hoeveelheid stikstofdepositie een belangrijke rol. Enerzijds omdat er niet gebouwd mag worden in Natura 2000-gebieden en anderzijds omdat (veel) Natura 2000-gebieden stikstofgevoelige natuur omvatten. De redenatie is dat er bij de bouw tijdelijk veel stikstof vrij komt die neerslaat in de natuur. Als gevolg kunnen de uitbreidingsmogelijkheden beperkt zijn. Figuur 17 laat zien dat de bedrijventerreinen in de Regio Zwolle met name laag scoren op de indicator uitgeefbaar oppervlak. Van de 132 bedrijventerreinen hebben 75 terreinen geen uitgeefbare grond beschikbaar. Vijf van de 132 terreinen hebben veel uitbreidingsruimte (> 50 ha) en halen het gemiddelde omhoog. Er is op 5
Een economie waarin een belangrijke rol is weggelegd voor e-business en ecommerce, verhoogde productiviteit, ICT-enabled en geavanceerde productie en
een ruime meerderheid (57%) van de bedrijventerreinen, geen ruimte om uit te breiden of voor nieuwe bedrijven om zich te vestigen op het bedrijventerrein. Gemiddeld scoren de terreinen in Gelderland laag door de nabijheid van Natura 2000- gebieden. De groeiende ruimtevraag van sectoren zoals de circulaire economie kan ertoe leiden dat bedrijven elders gaan zoeken bij een gebrek aan ruimte in de regio. Figuur 17: Score voor uitbreidingsmogelijkheden op bedrijventerreinen
Digitale bereikbaarheid De aanwezigheid van glasvezel is een belangrijke voorwaarde voor het ontwikkelen van een smart economy5. Figuur 18 wijst uit dat een ruime meerderheid (55%) van de bedrijventerreinen beschikt over glasvezel. Ondanks de relatief hoge score op het thema digitale bereikbaarheid is er in een aantal gemeenten nog ruimte voor verbetering. In het Overijssels deel van de Regio Zwolle liggen nog kansen voor glasvezel op bedrijventerreinen in de gemeenten Steenwijkerland en Zwartewaterland, in het Flevolands deel liggen nog kansen voor glasvezel levering van diensten, ICT-enabled innovatie, evenals nieuwe producten, nieuwe diensten en bedrijfsmodellen.
27
in Dronten en in het Drents deel liggen nog kansen voor glasvezel in Meppel en Hoogeveen. Bij deze cijfers moet opmerkt worden dat van een aanzienlijk deel van de bedrijventerreinen (29%) onbekend is of er glasvezel aanwezig is. Figuur 18: Percentage bedrijventerreinen met glasvezel, Regio Zwolle
Figuur 19: Score per thema voor pijler sociaaleconomisch Regio Zwolle 5,0 4,5 4,0 3,5 3,0 2,5 2,0 1,5 1,0 0,5 0,0
3.4 Sociaaleconomisch Figuur 19 geeft de score per thema binnen de pijler sociaaleconomisch weer. Binnen de pijler sociaaleconomisch scoren de bedrijventerreinen gemiddeld genomen goed op het thema Next Economy. De terreinen scoren minder goed op de thema’s organisatiegraad en voorzieningen. We besteden in deze paragraaf extra aandacht aan de organisatiegraad van de bedrijventerreinen. Aanwezigheid van een vorm van organisatie is namelijk een essentiële voorwaarde voor een toekomstbestendig bedrijventerrein. Goede voorbeelden van koploperterreinen binnen de pijler sociaaleconomisch zijn Bedrijvenpark Rijksweg 50 en Zuiderzeehaven in Kampen, De Weyert in Steenwijkerland en Kruismaten 1 / 2 in Elburg.
Organisatiegraad Waar ondernemers georganiseerd zijn, is het gemakkelijker zaken gezamenlijk op te pakken en zien ze er ook eerder de meerwaarde van. Op goed georganiseerde bedrijventerreinen profiteren ondernemers bijvoorbeeld door gezamenlijke inkoop en investeringen (kostenvoordelen), een veiligere en prettigere werkomgeving, gezamenlijke projecten rond de werving van (technisch) personeel of stagairs, promotie en evenementen én simpelweg door het hebben van een goede buur. Bovendien zijn goed georganiseerde terreinen een volwaardige en effectieve gesprekspartner voor de gemeente of provincie. Op 86% van de bedrijventerreinen in de Regio Zwolle is een vorm van organisatiegraad aanwezig (figuur 20). Dat percentage lijkt hoog, maar opgemerkt moet worden dat een groot deel daarvan (39 %) alleen een ondernemersvereniging op gemeenteniveau kent. In de scoring van organisatiegraad wordt onderscheid gemaakt tussen samenwerking en financiering (zie technische verdieping). Bedrijventerreinen met een goede samenwerking met daaraan een financiering gekoppeld - om
28
daadwerkelijk ook zaken voor elkaar te krijgen - blijken doorgaans veel beter in staat te zijn om het terrein toekomstbestendig te houden en maken. In de Regio Zwolle is op slechts 5% van de bedrijventerreinen ook een vorm van financiering (BIZ of ondernemersfonds) gekoppeld aan de samenwerking.
komt met name een goede score omdat er veel terreinen zijn met glasvezelinternet (figuur 21). Op de indicatoren aantal banen in de circulaire economie en de HTSM ligt de score een stuk lager. Figuur 21: Score op het thema Next Economy
Figuur 20: Organisatiegraad op bedrijventerreinen
Next Economy De Next Economy staat voor de economie van morgen; vergaande digitalisering, het aan elkaar koppelen van producten, machines en mensen en de inzet van nieuwe productietechnologieën. We kijken voor dit thema naar in hoeverre bedrijventerreinen aansluiten bij die veranderende vraag. Zoals eerder vermeld wordt de circulaire economie steeds belangrijker, dus kijken we per terrein naar het aantal banen binnen de circulaire economie (pagina 27, tabel 6). Ook een onderscheidend hoger aandeel banen in de HTSM (High Tech Systemen en Materialen), staat voor een hogere score binnen het thema Next Economy. Een belangrijke voorwaarde van de Next Economy is snel internet, de aanwezigheid van glasvezel is daarom een belangrijke indicator. Het thema Next Economy scoort relatief hoog in de regio. Dat
Koploperterreinen met de hoogste scores op het thema Next Economy zijn Industrie 123 en Industrie V in Staphorst, Rondweg in Dalfsen, Schaarkampen in Steenwijkerland, Dyntes Tech Park/Nl in Noordoostpolder, Fazantendreef in Dronten, Zwolsevaart en Bedrijventerrein Ens in Noordoostpolder.
3.5 Potentie In dit onderzoek zijn behalve indicatoren die iets over de huidige stand van zaken op de terreinen zeggen, ook indicatoren meegenomen die een beeld schetsen van de potentie die een bedrijventerrein heeft om toekomstbestendig te worden. Voor alle pijlers hebben we hier inzicht in verschaft. In hoofdstuk 4 maken we een verdieping op de fysiekruimtelijke potentie en de potentie voor verduurzaming van terreinen in regio Zwolle. Daarbij gaan we in op de kansen en uitdaging voor specifieke terreinen in de regio.
29
Potentie: duurzaam en gezond In de Regio Zwolle valt er, net als in de provinciale onderzoeken, op het gebied van duurzaam en gezond nog flinke winst te behalen. De score valt, met name op het gebied van energietransitie en circulaire economie voor deze pijler laag uit, zo blijkt uit de resultaten in paragraaf 3.2. In figuur 22 zijn gemiddelde scores van de potentiethema’s binnen de pijler duurzaam en gezond te zien. Figuur 22: Gemiddelde scores voor potentie duurzaam en gezond 5 4 3 2 1 0 Potentie Potentie energietransitie klimaatadaptatie
Potentie circulaire economie
Potentie groene werkomgeving
Potentie energietransitie Voor de potentie van terreinen om stappen te zetten op het gebied van energietransitie kijken we bijvoorbeeld naar de potentie voor zon-op-dak, aardwarmtepotentie, de aanwezigheid van rioolwaterzuiveringen en de capaciteit van de energieinfrastructuur een belangrijke indicator. In figuur 23 is de capaciteit van de energie-infrastructuur in de Regio Zwolle weergegeven. Als er op terreinen meer duurzame energie wordt opgewekt, bijvoorbeeld door de potentie van zon-op-dak te benutten, dan kunnen er problemen ontstaan omdat er in de regio sprake is van een beperkte netcapaciteit. Toekomstbestendige energie-infrastructuur moet duurzame energie namelijk kunnen terugleveren aan het energienet. Als hier geen capaciteit voor is, dan is het opwekken van duurzame energie minder rendabel. De bedrijventerreinen met de hoogste potentiescores op het thema energietransitie zijn Meenteweg in Olst-Wijhe, Engeland in
Oldebroek, Feithenhof - Kom Nunspeet in Nunspeet, Kruismaten ½ in Elburg en Lepelingen in Nunspeet. Figuur 23: Capaciteit van de energie-infrastructuur Transportcapaciteit beschikbaar Geen transportcapaciteit… Beperkt transportcapaciteit… 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80%
Potentie klimaatadaptatie De potentiescore (zie figuur 22) voor klimaatadaptatie valt relatief laag uit. Deze lage score is voor een groot deel te verklaren door de lage score van de indicator ‘percentage uitgeefbaar’ krijgt. Er is relatief weinig uitgeefbare ruimte op bedrijventerreinen in de regio beschikbaar waar oplossingen voor water, droogte en hitte gerealiseerd kunnen worden. De oplossingen op bestaande terreinen zullen dus voornamelijk in de bestaande openbare ruimte en op kavels van gevestigde bedrijven gezocht moeten worden. De bedrijventerreinen met de hoogste potentiescores op het thema klimaatadaptatie zijn Uitbreiding Spoorlanden in Kampen, Bedrijvenpark H2O in Oldebroek en De Munt in Noordoostpolder. Circulaire economie Om de potentiescore voor de circulaire economie te bepalen kijken we onder andere naar de maximale toegestane milieuhindercategorie. Een groot deel van de circulair gerelateerde bedrijvigheid bevindt zich namelijk in een hogere milieucategorie. Het gaat hierbij om recycling, nieuwe productie en het refurbishen van producten. De vraag naar ruimte vanuit dit type bedrijvigheid zal in de toekomst toenemen. Terreinen die deze ruimte kunnen bieden hebben dus meer potentie om op het vlak van circulaire economie toekomstbestendig te worden.
Andere indicatoren die van belang zijn bij de potentie voor de circulaire economie zijn de restwarmte uit industriële processen, datacenters en condens. Ook
30
rioolwaterwaterzuiveringsinstallatie bieden kansen om met circulaire economie op een terrein aan de slag te gaan, doordat afvalwater grondstoffen bevat die hergebruikt kunnen worden. De bedrijventerreinen met de hoogste potentiescores op het thema circulaire economie zijn Voorst in Zwolle en de Brake in Nunspeet. Groene werkomgeving Bij de potentiescore voor groen werkomgeving valt op dat de score net als bij de potentie voor klimaatadaptatie relatief laag is. Ook dit komt met name door het ontbreken van uitgeefbare ruimte op terreinen. Het creëren van groen op terreinen zal dus met name in de bestaande openbare ruimte en op kavels van gevestigde bedrijven gedaan moeten worden. Figuur 24: Gemiddelde score voor potentie: circulaire economie 5 4 3 2 1
Potentie: fysiek-ruimtelijk Binnen het thema fysiek-ruimtelijk benaderen we de potentie door te kijken naar de fasen van veroudering van terreinen. Terreinen met geen of weinig veroudering kunnen als toekomstbestendig worden beschouwd, terwijl terreinen die veel verouderingskenmerken vertonen dat in mindere mate zijn. De fase waarin een terrein zich bevindt bepaalt welke maatregelen nodig zijn om een terrein vitaal te maken of te houden. We hebben de bedrijventerreinen van Regio Zwolle (figuur 25) in vier fasen van veroudering en bijbehorende maatregelen ingedeeld: Fase 1 (op orde / facelift): terreinen die geen of nauwelijks veroudering kennen. Enkel lichte maatregelen als een facelift en beheer om toekomstbestendigheid te vergroten. Fase 2 (revitalisering nodig): Er sprake van veroudering van (een deel van) het terrein. Revitalisering om de kwaliteit van het vastgoed en openbare ruimte te verbeteren. Fase 3 (zware revitalisering nodig): Het gehele terrein is verouderd. Er is zware revitalisering nodig om het terrein weer toekomstbestendig te maken. Fase 4 (herprofilering nodig): Het terrein is zwaar verouderd. Bij dit type terrein zijn zware maatregelen nodig om toekomstbestendig te kunnen zijn. Herprofilering, sloop en nieuwbouw, functiewijziging en transformatie zijn maatregelen die op dit type terrein nodig zijn.
0
In de technische verdieping staat beschreven hoe de terreinen in fasen zijn ingedeeld.
31
Figuur 25: Percentage van terreinen in Regio Zwolle per verouderingsfase Fase 4 Fase 3 Fase 2 Fase 1 0%
20%
40%
60%
80%
100%
Potentie: sociaaleconomisch Om de potentie voor de pijler sociaaleconomisch te meten, is de potentie op het thema Next Economy berekend. Een uitleg van het thema Next Economy is gegeven in paragraaf 3.4. In dit onderzoek kijken voor de potentie hiervan naar de aanwezigheid van een ‘anchorbedrijf ‘, het percentage uitgeefbare grond en de organisatiegraad. De aanwezigheid van een ‘anchorbedrijf ‘ biedt potentie voor het aantrekken van gerelateerde bedrijven, wat kan leiden tot een hogere werkgelegenheid en toegevoegde waarde op het terrein. Uitgeefbare grond is noodzakelijk om ruimte te kunnen bieden aan deze activiteiten met doorgaans een hogere industriële ruimtevraag. En een goede organisatiegraad stimuleert uitwisseling (van kennis) tussen bedrijven. Figuur 26: Gemiddelde score voor potentie Next Economy, per regio 5 4 3 2 1 0 Anchorbedrijven
Parkmanagement type Percentage uitgeefbaar
De bedrijventerreinen met de hoogste potentiescores binnen de pijler sociaaleconomisch zijn Hessenpoort in Zwolle, Zuiderzeehaven in Kampen, Poort Van Dronten in Dronten, Blankenstein A / B in Meppel, Buitenvaart I en Buitenvaart II in Hoogeveen.
32
4 Verdieping: lokale kansen om toekomstbestendigheid te vergroten In dit hoofdstuk gaan we dieper in op de lokale vertaling van verduurzamingsopgaven en opgaven op het thema fysiekruimtelijk.
verduurzaming. En bovendien liggen er op bedrijventerreinen belangrijke kansen op dit vlak. Overzicht: 22 terreinen verduurzaming, 13 terreinen met grote fysiekruimtelijke opgaven De gemaakte selectie komt neer op 13 terreinen met grote fysiekruimtelijke opgaven en 22 terreinen met goede kansen voor verduurzaming (waar het meest kansrijke terrein per gemeente is geselecteerd). Op figuur 27 zijn de terreinen op de kaart weergegeven, waarbij er enige overlap is tussen beide selecties.
Alle drie de pijlers (sociaaleconomisch, fysiek-ruimtelijk en duurzaam en gezond) zijn cruciaal voor een toekomstbestendig bedrijventerrein. Het is belangrijk altijd deze brede definitie van toekomstbestendigheid in het oog te houden bij aanpakken van specifieke opgaven. Op verzoek van de regio leggen we in deze verdieping de focus op twee pijlers: duurzaam en gezond en fysiek-ruimtelijk. Juist op die pijlers kan gebiedsgericht veel bereikt worden. Maar ook hierin zijn er facetten waarbij een aanpak op een hoger schaalniveau dan het bedrijventerrein of juist een integrale aanpak op meerdere pijlers, meerwaarde kan hebben. Voor verduurzaming is het uitgangspunt het meest kansrijke terrein per gemeente op dit gebied. Voor de fysiek-ruimtelijke opgaven kijken we daarbij naar de terreinen waar in de regio de grootste opgaven liggen. De insteek verschilt dus voor beide onderwerpen. De reden daarvoor is dat fysiek-ruimtelijke opgaven vooral zijn gekoppeld aan de huidige staat van bedrijventerreinen, terwijl verduurzaming veel meer te maken heeft met lokale, regionale en landelijke ambities voor de toekomst. Élke gemeente en elk terrein zal (op termijn) aan de slag moeten met
33
Figuur 27: kaart met kansrijke terreinen voor verduurzaming (blauw), fysiek-ruimtelijke opgaven (oranje) of een combinatie van beide (magenta)
34
4.1
Kansen en opgaven voor verduurzaming
Het onderzoek geeft de mogelijkheid om kansen en opgaven voor de verduurzaming in kaart te brengen. Daarbinnen richten we ons met name op de energietransitie. Hier liggen de grootste opgaven in termen van ambities en investeringen. Zo is de ambitie van het Rijk en Europa om landelijk in 2030 70% duurzame elektriciteit en 27% van de totale energie duurzaam op te wekken. Tot aan 2050 gaan de ambities nog verder, waarbij geschat wordt dat daar uiteindelijk een investering mee gepaard gaat met investeringen van honderden miljarden over tientallen jaren6. Tegelijkertijd zien we in de analyse dat terreinen juist op het thema energietransitie nog laag scoren, reden te meer om de kansen hiervoor als belangrijkste aspect van verduurzaming mee te nemen. De waarde van een verdieping op dit onderwerp In paragraaf 4.1.1. en 4.1.2 gaan we in op het resultaat van de verdieping: een selectie van terreinen met relatief grote kansen en opgaven voor verduurzaming. De aard van dit onderzoek (een overkoepelend onderzoek voor 132 terreinen, op basis van – een veelvoud van- vergelijkbare indicatoren en thema’s) leidt tot enige kanttekeningen bij de selectie. Zo is het mogelijk dat de praktijksituatie afwijkt van hetgeen we uit onze databases en schouw kunnen aflezen. Ondernemers of vastgoedeigenaren hebben plannen (in uitvoering) om hun pand of onderneming te verduurzamen.
Mogelijk zijn er al wel plannen verkend, maar leidt de financiële of eigendomssituatie ertoe dat deze niet tot uitvoering zijn gekomen. De lijst biedt wél een goede basis voor een vervolg, inzicht in de meest kansrijke plek per gemeente (en waarom) en wat daar interessante ontwikkelpunten zijn. 6
4.1.1
Factoren die meespelen bij de kansen en opgaven verduurzaming
Basis voor deze verdieping is het thema Energietransitie: potentie. Naast deze potentie speelt ook een aantal andere indicatoren en thema’s die de kansen voor verduurzaming mogelijk verder beïnvloeden. Op basis van de volgende elementen hebben we een selectie gemaakt van kansrijke terreinen voor verduurzaming: Potentie energietransitie: o.a. dakpotentie, mogelijkheden voor windturbines, capaciteit energie-infrastructuur en aardwarmtepotentie Reeds genomen maatregelen: Op plekken waar de huidige maatregelen nog beperkt zijn en de potentie hoog, valt energietechnisch de meeste winst te behalen. Klimaatadaptieve maatregelen: Om het draagvlak voor en doelmatigheid van investeringen in energiebesparende maatregelen of lokale opwekking te vergroten, kan het verstandig zijn energieopgaven te koppelen aan klimaatadaptieve maatregelen en circulaire initiatieven. Denk bijvoorbeeld aan de aanleg van groenblauwe daken mét zonnepanelen, of naast het uitwisselen van warmte en koude ook het benutten van elkaars restmaterialen. Circulaire economie: circulaire oplossingen zoals warmte-uitwisseling kunnen zorgen voor een significante energiebesparing. Koppeling fysiek-ruimtelijke opgaven: Het kan meerwaarde hebben om op terreinniveau de opgaven rond de energietransitie te koppelen aan fysiek-ruimtelijke opgaven.
Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van overkappingen met zonnepanelen boven parkeerplaatsen, of de aanleg van een warmtenet combineren met het vernieuwen van straat of riolering. Duurzame mobiliteit: Een directe relatie met opgaven rond energietransitie zit op dit thema met name in de mogelijkheden voor elektrisch rijden. Meer informatie over deze methodiek is opgenomen in bijlage 2.
Zie oa CE Delft (2017): https://www.ce.nl/publicaties/download/2293
35
4.1.2
Selectie van 22 kansrijke terreinen voor verduurzaming
Op basis van in de vorige paragraaf omschreven elementen komen we op een selectie één terrein per gemeente waar de grootste opgaven en kansen liggen op gebied van energietransitie en verduurzaming. In totaal gaat het dus om 22 terreinen. We gaan in op de belangrijkste opgaven / kansen per terrein, op alfabetische volgorde van de gemeenten. Uitbreiding de Grift III – Nieuwleusen, Dalfsen Bedrijventerrein is nog in ontwikkeling, biedt kansen om vastgoed en openbare ruimte direct duurzaam in te richten en daarvoor ook gebruik te maken van SDE-subsidies. Aandachtspunten: Grote hoeveelheid dakoppervlak om te benutten Energieinfrastructuur uitbreiden SDE subsidies promoten / benutten Zuiderkerkes I + II – Zuidwolde, De Wolden Het terrein bestaat uit verschillende delen, en de variatie in type vastgoed is groot: loodsen en meer kantoorachtige panden; verschillende typen daken, e.d. Mogelijk kunnen de (technische) bedrijven op het terrein lokaal aan oplossingen werken, zoals een staalbouwbedrijf, een bedrijf in waterzuiveringsinstallaties en een milieuadviesbureau. Aardwarmte kan met name van belang zijn bij lagetemperatuurverwarming van de detailhandel op het terrein.
Aandachtspunten: Potentie aardwarmte nader onderzoeken / benutten Energieinfrastructuur uitbreiden De Noord – Dronten, Dronten Terrein huisvest een aantal grotere hallen, maar vastgoed is op leeftijd waardoor onderzoek nodig is of dakconstructie geschikt is voor zonnepanelen. Er is detailhandel gevestigd, veelal onderdeel van ketens. Deze kennen mogelijk landelijke MVO-ambities waarop aangesloten kan
worden. Aantal onontwikkelde kavels bieden mogelijk kansen voor (tijdelijke) zonnepanelen. Aandachtspunten: SDE subsidies promoten / benutten Grote potentie aardwarmte benutten Nabijheid rioolwaterzuivering benutten Wateroverlast bij piekbuien aanpakken, gezien ligging aan het water kansrijk. Energieinfrastructuur uitbreiden Onderzoek verdachte asbestpanden Lichtvervuiling verminderen Kruismaten 1/2 – Elburg, Elburg Een deel van het terrein wordt getransformeerd. Daar moet rekening mee worden gehouden bij de verduurzaming, maar biedt ook kansen, zoals mogelijk warmte- of energielevering aan nabijgelegen / toe te voegen woningen. Aandachtspunten: Ruimte op energieinfrastructuur benutten Aardwarmtepotentie benutten Nabijheid rioolwaterzuivering benutten Geluidshinder waar mogelijk verminderen De Doorbraak – Gramsbergen, Hardenberg Er is een grote hoeveelheid dakoppervlak om te benutten, er is wel veel variatie in typen daken. Het gevestigde installatiebedrijf kan mogelijk lokaal een rol spelen in de verduurzaming. Aandachtspunten: SDE subsidies promoten / benutten Potentie aardwarmte nader onderzoeken / benutten Infiltratiemogelijkheden hemelwater vergroten, kansrijk vanwege ligging aan het water Onderzoek mogelijkheden om groen, voetgangers- en fietsvoorzieningen toe te voegen
36
Het Veen - Hattem Het terrein wordt deels getransformeerd, waarbij wonen met lichte bedrijfsactiviteiten worden gemengd. Het is het enige terrein in de gemeente Hattem waar meer dan 5 hectare is uitgegeven (en daarmee onderdeel is van dit onderzoek). Voor een gemengd woon-werkgebied kunnen verduurzamingsmaatregelen alsnog van meerwaarde zijn, door b.v. dakoppervlakken ter beschikking te stellen voor particuliere investeerders in zonnepanelen, het aanleggen van een warmtenet of van een smart grid om stroompieken van bedrijven (tijdens ‘kantooruren’) en huishoudens (buiten kantooruren) onderling af te vangen. Ook zijn er bij de bouw van duurzame woningen met warmtepomp mogelijk koppelkansen met de aanleg van een dergelijke installatie voor nieuwe / reeds gevestigd bedrijven. Industrieterrein Heerde (Moenweg / Europaweg) – Heerde, Heerde Goed bereikbaar, gemengd bedrijventerrein met technische en meer dienstverlenende bedrijven. Een grote drukkerij en bakkerij springen in het oog. Deze partijen bieden mogelijk kansen voor een warmteuitwisseling. Aandachtspunten: Redelijk grote hoeveelheid dakoppervlak om te benutten, al zijn er al panden met veel zonnepanelen. Ruimte op energieinfrastructuur benutten Potentie aardwarmte nader onderzoeken / benutten Groen toevoegen en infiltratiemaatregelen vergroten tegen hittestress en wateroverlast Energie lokaal opwekken t.b.v.
laadpalen, en palen mogelijk benutten voor smartgrid De Wieken – Hoogeveen, Hoogeveen Groot, gemengd terrein met kantoorachtige en productiegerelateerde bedrijven. Op een terrein van deze omvang kan al snel een flinke energiewinst behaald worden. Aandachtspunten:
Aardwarmtepotentie en reeds aangevraagde WKO-vergunningen benutten Energieinfrastructuur uitbreiden Groen / groen(blauwe) daken toevoegen / stimuleren om hittestress te verminderen Kantoorachtige panden mogelijk gemakkelijker te verduurzamen. Door omvang terrein en productiegerelateerde bedrijvigheid (meubel, kunststoffen, machines, fietsen) uitwisseling restmaterialen mogelijk kansrijk Spoorlanden – IJsselmuiden, Kampen Terrein met enkele grootschalige bedrijven, maar ook een flink aantal verspreide kleinere kavels en panden. Een aantal kavels is nog onbenut. Aandachtspunten: Aardwarmtepotentie en reeds aangevraagde WKO-vergunningen benutten, bijvoorbeeld voor koeling groothandel(s) Redelijk grote hoeveelheid dakoppervlak om te benutten, alhoewel grootste transportbedrijf al veel zonnepanelen heeft geplaatst. Er is ruimte op energie-infrastructuur Groen toevoegen is mogelijk en nodig ivm hittestress Aanpak roetconcentratie waar mogelijk Gevestigde installatiebedrijven kunnen mogelijk rol spelen in verduurzaming Noord fase I + II – Meppel, Meppel Op dit terrein in Meppel is al een warmtenet gerealiseerd. Er zijn industriële en logistieke bedrijven gevestigd. Op Noord II zijn nog kavels beschikbaar.
Aandachtspunten: Redelijk grote hoeveelheid dakoppervlak om te benutten, oa bij groothandels (al is er al een aantal panden met veel zonnepanelen) Energieinfrastructuur uitbreiden Nabijheid rioolwaterzuivering benutten
37
Warmtenet uitbreiden als / waar mogelijk, bv met twee industriële bakkerijen en drukkerij. Geluidshinder waar mogelijk verminderen Meer kantoorachtige panden relatief eenvoudiger te verduurzamen, daar mogelijk prioriteit leggen. A6 – Emmeloord, Noordoostpolder Op dit gemengde bedrijventerrein in Emmeloord zijn nog kavels beschikbaar. Het terrein grenst aan bedrijventerrein Nagelerweg 1+2, dit biedt mogelijk koppelkansen. Aandachtspunten: Aardwarmtepotentie en reeds aangevraagde WKO-vergunningen benutten Ruimte op energieinfrastructuur benutten. Hoewel er al behoorlijk wat zonnepanelen zijn geplaatst, kunnen er mogelijk nog daken benut worden Mogelijk kunnen nog niet ingevulde kavels (tijdelijk) benut worden voor lokale energieproductie. Feithenhof – Kom Nunspeet –Nunspeet Terrein met enkele grote transport en groothandels, ingeklemd tussen spoor en de bebouwde kom van Nunspeet. Aandachtspunten: Combinatie van relatief weinig SDE-subsidies, hoge geschiktheid van daken (o.a. enkele grote hallen aan spoorzijde) én ruimte in energieinfrastructuur. Dit kan benut worden. Aardwarmtepotentie benutten Groen en groen(blauwe) daken toevoegen ivm kans op hittestress (al is terrein in groene omgeving gelegen) Engeland – Wezep, Oldebroek Klein terrein met als meest opvallende vestigers tweetal bedrijven in de foodsector. Aandachtspunten:
Combinatie benutten van relatief weinig SDE-subsidies, vrij hoge geschiktheid van daken én ruimte in energieinfrastructuur Aardwarmtepotentie benutten als nodig / mogelijk (vanwege aard bedrijvigheid mogelijk juist warmte over) Ondanks krappe openbare ruimte zoeken naar mogelijkheden om groen en groen(blauwe) daken toe te voegen ivm hittestress en hemelwateroverlast Aanwezigheid grote hoeveelheden condenswarmte (McCain frites) benutten, mogelijk i.c.m. woonwijk Uitstoot gassen van bedrijven verminderen waar mogelijk Meenteweg, Olst, Olst-Wijhe De bedrijvigheid op dit gemengde, kleinschalige terrein is gevarieerd: van een bouwmarkt tot afvalverwerker tot een tankstation. Aandachtspunten: Combinatie benutten van relatief weinig SDE-subsidies, vrij hoge geschiktheid van daken (o.a. van biologicals-bedrijf) én ruimte in energieinfrastructuur Aardwarmtepotentie benutten Nabijheid rioolwaterzuiveringsinstallatie benutten Fijnstof- en roetconcentratie verminderen waar mogelijk Combineren met fysiek-ruimtelijke opgaven Alteveer – Ommen, Ommen Gemengd terrein, met o.a. een meubelwinkel en enkele technische bedrijven. Laatstgenoemden (o.a. een dakdekkings- en metaalbewerkingsbedrijf) kunnen lokaal mogelijk oplossingen bieden voor benutten dakoppervlak.
Aandachtspunten: Grootste hal op het terrein is al voorzien van zonnepanelen, maar ook andere daken in theorie geschikt. Energieinfrastructuur uitbreiden Fijnstof- en roetconcentratie verminderen waar mogelijk
38
Telgen I - Heeten, Raalte Ruim opgezet maar kleinschalig bedrijventerrein met veel ruimte voor groen. Aandachtspunten: Grote hoeveelheid dakoppervlak i.c.m. ruimte op energieinfrastructuur (mogelijk benut door nabijgelegen zonneveld) Fijnstof- en roetconcentratie verminderen waar mogelijk Kleinschalige karakter terrein beperkt kansen De Esch I – Staphorst Gemengd terrein, maar met name groot- en detailhandel. Enkele groote hallen. Het terrein gaat aan de zuidoostkant direct over in De Esch II, dat moderner en iets grootschaliger karakter kent. Hier mogelijk verbinding mee zoeken. Aandachtspunten: Grote hoeveelheid dakoppervlak om te benutten, met name strook met grootschalige detailhandel aan NO-kant. Energieinfrastructuur uitbreiden Fijnstof- en roetconcentratie verminderen waar mogelijk Hoeveelheid groen en infiltratiemogelijkheden vergroten en toevoegen fiets- en wandelmogelijkheden waar mogelijk, ondanks beperkte openbare ruimte (maar ruime kavels) De Weyert – Vollenhove, Steenwijkerland Vrij versteend terrein, gedomineerd door een grote veevoerhandel en een leegstaand bedrijfspand aan de oostkant. Aandachtspunten: Combinatie benutten van relatief weinig SDE-subsidies én ruimte in energieinfrastructuur.
Combineren met fysiek-ruimtelijke opgave(n), met name herontwikkeling leegstaand pand op gang brengen Koppelen aan klimaatadaptieve opgaven (vrij versteend terrein) Geluidshinder waar mogelijk verminderen
Kamperhoek - Urk, Urk Net als Zwolsehoek een terrein gedomineerd door visserijgerelateerde bedrijven. De vereniging van visgroothandelaars is initiatiefnemer voor de aanleg van een warmtenet. Aandachtspunten: Grote hoeveelheid dakoppervlak om te benutten, ook voor lokaal gebruik van energie (m.n. voor koeling). Aantal daken van grote panden is reeds in gebruik voor zonnepanelen. Energieinfrastructuur uitbreiden indien nodig. Onderzoek mogelijke asbestdaken Warmtenet uitbreiden naar andere bedrijven waar mogelijk Uitstoot gassen van bedrijven verminderen waar mogelijk Dieverbrug I + II – Dieverbrug, Westerveld Uit twee delen opgebouwd terrein, aan beide kanten van de N855. Dieverbrug II is duidelijk nieuwer, met recenter gebouwd vastgoed en iets ruimere opzet. Aandachtspunten: SDE subsidies promoten / benutten Op Dieverbrug II benutten aantal (gunstig gelegen) schuine daken voor zonnepanelen. Vervolgens waar nodig energieinfrastructuur uitbreiden Bt 1982 – Genemuiden, Zwartewaterland Gemengd terrein met nadruk op industrie: de tapijtindustrie, een machinefabriek en veevoederfabriek springen het meest in het oog.
Aandachtspunten: Grote hoeveelheid dakoppervlak, dat nog slechts deels wordt benut voor energieproductie Energieinfrastructuur uitbreiden Groen en groen(blauwe) daken toevoegen ivm hittestress, mogelijk nog ruimte (te maken) voor openbaar groen / groen op bedrijfskavels en -daken Combineren met fysiek-ruimtelijke opgaven Tapijtindustrie biedt mogelijkheden voor circulaire ontwikkelingen
39
Bij mogelijke overproductie elektriciteit op grote daken verbinding zoeken met kleinschalig zuidelijk deel van het terrein, of omliggende woonwijk Voorst – Zwolle Omvangrijk bedrijventerrein waar al een warmtenet is aangelegd en WKO-vergunningen zijn aangevraagd. Aandachtspunten: Aardwarmtepotentie en reeds aangevraagde WKO-vergunningen benutten Groen en groen(blauwe) daken toevoegen ivm hittestress én groene / gezonde werkomgeving. Benutten relatief hoge percentage openbare ruimte hiervoor Warmtenet uitbreiden waar mogelijk, ivm restwarmte grote industrie en rioolwaterzuivering Verminderen lichtvervuiling Gemeente Zwolle voert masterplan uit, gericht op verbetering parkeren, aanpassing wegprofiel, bewegwijzering en beveiliging.
De Weyert, Vollenhove
Bt 1982, Genemuiden
4.1.3
Kansen en opgaven in theorie en praktijk
Hoewel data en fysieke schouw een goede indruk kunnen geven van de potentie voor energiemaatregelen op een bedrijventerrein, doet het niet altijd recht aan de weerbarstigheid van de praktijk. Een aantal zaken die daarin meespelen zijn niet in een regionaal onderzoek te vatten, zoals de welwillendheid van ondernemers, de financiële ruimte en de koppelkansen met andere (individuele of collectieve) investeringen in de bedrijventerreinen. Wel is het mogelijk om uit dit onderzoek iets meer te zeggen over de potentie voor de bovengenoemde terreinen. Daarbij spelen mee: Organisatiegraad: een goede organisatiegraad bevordert gemiddeld gezien de mogelijkheden om de potentie voor energiemaatregelen te benutten. Een parkmanager of ondernemersvereniging kan werken als aanjager, kan werk uit handen nemen voor individuele ondernemers, en biedt het netwerk, de kennis en mogelijkheden om collectief in te kopen. Een gezamenlijke financieringsvorm zet met name dit laatste ook kracht bij. Van de 29 terreinen zoals in voorgaande tabel 13 genoemd zijn er vier waar geen enkele vorm van organisatie is. Negen terreinen hebben parkmanagement, waarbij op één terrein dit gecombineerd is met een financieringsmechanisme zoals een ondernemersfonds of BIZ. Op twee terreinen functioneert alleen een ondernemersvereniging op terreinniveau.
Voor de overige twaalf terreinen functioneert alleen een ondernemersvereniging op gemeentelijk niveau. Opvallend is dat een aantal terreinen, ondanks de hoge organisatiegraad, nog laag scoren op thema energietransitie. Dat zien we bijvoorbeeld op de terreinen Noord Fase I + II, Alteveer, Boterberg-Noord, De Weyert en Malle Gat, Dieverbrug I + II. Het omgekeerde (lage organisatiegraad, hoger dan gemiddelde score op gebied van energietransitie) komt minder voor. Wel zien we een aantal terreinen waar de organisatiegraad laag is en de score op het thema energietransitie eveneens. Er lijkt met andere woorden een verband zichtbaar tussen organisatiegraad en energiemaatregelen, maar een
40
goede organisatiegraad wil ook niet direct zeggen dat er al veel energiemaatregelen zijn genomen. Financieringsvorm: Investeringen in lokale energieopwekking of besparing leveren op termijn geld op, maar de kosten gaan vaak voor de baten uit. Ondernemers hebben een financiële buffer nodig om te kunnen investeren. Als bedrijven op een terrein het economisch goed doen, kan dat dus betekenen dat er meer ruimte is voor investeringen in verduurzaming. Gemiddeld scoren de terreinen in de regio een 2,9 op het thema economische ontwikkeling. De 29 geselecteerde terreinen scoren hier gemiddeld iets hoger op. Positieve uitschieters zijn Voorst, Zevenhont I + II, Kamperhoek, Engeland, die boven de 3,5 scoren op dit thema. Segment bedrijventerreinen: energieverbruik en potentie voor lokale opwekking varieert per bedrijventerrein op basis van de lokale situatie. Voor terreinen met veel industrie geldt dat het energieverbruik gemiddeld gezien een stuk hoger ligt. De potentiële winst die is te behalen met een paar procent energiebesparing of lokale productie kan daarmee hoog zijn. Tegelijkertijd zijn voor industriële processen waarvoor (nu) veel aardgas nodig is, nog nauwelijks goede alternatieven. Van de 27 terreinen zijn er vijf gekwalificeerd als industrieterreinen. Twee terreinen zijn logistieke terreinen.
Zeker moderne logistieke terreinen kennen gemiddeld gezien vaak een laag energieverbruik, terwijl er vaak grote hallen staan. Daarmee is de potentiële ruimte voor PV-panelen, groot. Gemiddelde bouwjaar van het vastgoed: deze factor is van belang vanwege zowel energiebesparing (oudere panden zijn niet altijd even makkelijk te isoleren) als energieopwekking voor de aanleg van zonnepanalen op daken. Al geldt zeker niet voor al het recent gebouwde vastgoed, dat de dakconstructie geschikt is voor zonnepanelen. Over het algemeen kan echter wel gezegd worden dat 7
waarbij een themascore hoger of gelijk aan 3 leidt tot een verouderingsfase 1; een themascore tussen de 2,9 en 3 leidt tot een verouderingsscore van 2; een themascore
nieuwe panden vaker geschikt zijn dan oudere panden. We zien dat van de 27 terreinen alleen Dieverbrug I+II positief afwijkt: daar staat veel recent gebouwd vastgoed.
4.2 Kansen en opgaven op gebied van fysiek-ruimtelijke kwaliteit Voor de toekomstbestendigheid en economische vitaliteit van bedrijventerreinen is de ruimtelijke kwaliteit van belang en typisch een aspect waar gemeenten, regio, provincie, ondernemers en vastgoedeigenaren gericht en gezamenlijk mee aan de slag kunnen. Het onderzoek naar de toekomstbestendigheid van bedrijventerreinen is breed georiënteerd en beziet de verschillende pijlers en thema’s in samenhang. Toch leent het zich goed om een uitsnede te maken van waar, op basis van de fysieke schouwdata, de grootste opgaven liggen als het gaat om fysiek-ruimtelijke kwaliteit. We hanteren daarbij vier invalshoeken: A. Terreinen die een 2,9 of lager scoren op het thema fysiek-ruimtelijk, en zich daarmee in verouderingsfase 3 of 4 bevinden. Deze score is bepaald op basis van de totaalscore op het thema fysiek-ruimtelijk7. Duidelijk is dat de achterliggende reden van veroudering, verschilt per terrein. Hierin is het ook van belang te kijken naar de bouwpotentie: verschillende terreinen scoren hierin erg laag. Dat kan de kansen voor aanpak van de problemen negatief beïnvloeden. B. Terreinen die enigszins verouderd zijn (verouderingsfase 2, 3 of 4) en waar opgaven liggen op gebied van klimaatadaptatie en een groene, gezonde werkomgeving. C.
Terreinen die enigszins verouderd zijn (verouderingsfase 2, 3 of 4) en waar veel leegstand is. Naast opgaven in de openbare ruimte, kan een tussen de 2,8 en 2,9 tot een verouderingsscore van 3; en een themascore lager dan 2,8 tot een verouderingsscore 4.
41
aanzienlijke leegstand invloed hebben op de fysiek-ruimtelijke kwaliteit van een terrein.8 D. Terreinen die enigszins verouderd zijn (verouderingsfase 2, 3 of 4) die op een groot aantal thema’s / indicatoren achterblijven. Naast de terreinen die laag scoren op de totale pijler fysiek-ruimtelijk, en daarmee een hoge verouderingsfase hebben bereikt, zijn er ook terreinen waar op specifieke thema’s of indicatoren opgaven liggen. Hiervoor hebben we gekeken naar licht verouderde terreinen die op meer dan vijf met fysiek-ruimtelijke indicatoren de laagst mogelijke score toegekend hebben gekregen9. Tezamen vormen deze vier invalshoeken een selectie met terreinen fysiek-ruimtelijke kansen en opgaven liggen. De waarde van een verdieping op dit onderwerp In paragraaf 4.2.1. en 4.2.2 gaan we in op het resultaat van de verdieping: een selectie van terreinen met relatief grote opgaven op fysiek-ruimtelijk vlak. De aard van dit onderzoek (een overkoepelend onderzoek voor 132 terreinen, op basis van – een veelvoud van- vergelijkbare indicatoren en thema’s) leidt tot enige kanttekeningen bij de selectie. Zo is het mogelijk dat de praktijksituatie afwijkt van hetgeen we uit onze databases en schouw kunnen aflezen.
Ondernemers of vastgoedeigenaren hebben mogelijk al plannen (in uitvoering) om hun pand te verbeteren, zijn al even met lokale partijen in gesprek hierover of kunnen prima hun onderneming voeren in de bestaande situatie. Mogelijk zijn er al wel plannen verkend, maar leidt de financiële of eigendomssituatie ertoe dat deze niet tot uitvoering zijn gekomen.
8
Leegstand hoeft niet altijd gepaard te gaan met enige veroudering. Leegstand kan ook voorkomen op relatief nieuwe, verzorgde terreinen waar kwantitatief geen marktvraag voor is. Voor (delen van) deze niet-verouderde terreinen met veel leegstand is transformatie te overwegen, waarbij uiteraard ook regionale marktsituatie (regionale vraag-aanbodconfrontatie) moet worden meegenomen in de beslissing.
De lijst biedt wél een goede basis voor een vervolg, geeft inzicht in de terreinen met de grootste opgaven in de regio (en waarom) en wat daar de opgaven en kansen zijn. 4.2.1
13 terreinen met fysiek-ruimtelijke opgaven
In tabel 8 is het totaaloverzicht gegeven van de terreinen waar de fysiekruimtelijke opgaven het grootst zijn. Op basis van de selectie-criteria zijn er 15 terreinen geselecteerd. Twee daarvan worden op dit moment getransformeerd naar (gemengde) woongebieden en zijn dus niet opgenomen in deze lijst. Binnen deze 13 terreinen zijn is er één terrein dat op basis van drie invalshoeken grote opgaven kent, en zes terreinen waar dat op basis van twee invalshoeken het geval is. Zes terreinen bevinden zich overall in de hoogste verouderingsfasen. Belangrijk is de score op gebied van uitbreidingsmogelijkheden, bijvoorbeeld om ruimte te kunnen maken voor groen en langzaam verkeer. Het gemiddelde van alle terreinen in de regio Zwolle op dit thema is een 2,8. Alle terreinen in deze ‘top 13’ scoren onder dit gemiddelde. Overijssel is sterk oververtegenwoordigd in de lijst: ongeveer de helft van de terreinen in de regio ligt in deze provincie, terwijl twee-derde van de terreinen in deze lijst in Overijssel is gelegen. Binnen de Overijsselse terreinen valt op dat de gemeente Zwartewaterland oververtegenwoordigd is met vijf terreinen. Drie van deze terreinen betreffen in totaal vier fasen van één bedrijventerrein. De score op deze terreinen wordt met name negatief beïnvloed door de krappe opzet en het sterk versteende karakter.
9
Daarbij nemen we bijvoorbeeld geen zaken mee die niet redelijkerwijs met fysieke ingrepen zijn op te lossen, zoals de afstand tot een treinstation.
42
In totaal beslaan deze 13 terreinen 387,5 hectare netto oppervlakte, dat is circa 9% van het totale hectare bedrijventerreinen in de regio.
4.2.2
Aandachtspunten per terrein
Voor deze terreinen zijn de belangrijkste aandachtspunten de volgende: Belangrijk is te vermelden dat buiten deze selectie, ook delen van andere terreinen mogelijk fysiek-ruimtelijke opgaven kennen, ook als de score voor het totale terrein daar niet op wijst. Een voorbeeld daarvan is bedrijventerrein Haatland in Kampen. Op dit laatste terrein zijn problemen met de ontsluiting, zijn er delen waar de uitstraling van het vastgoed te wensen overlaat en is de menging van functies ongewenst voor een aantal partijen. Het is met andere woorden, ondanks het integrale karakter van dit onderzoek, altijd van belang te kijken naar de specifieke lokale situatie.
Urk Steenwijkerland Zwartewaterland Zwartewaterland Zwartewaterland
Gem Ind Ind Ind Ind
Olst-Wijhe Steenwijkerland Olst-Wijhe Oldebroek Kampen Zwartewaterland
Gem Gem Log Gem Log Ind
4
x
17,0 73,0 11,4 40,1 16,8
4 4 3 3 3
81,8 16,7 6,3 7,6 9,1 33,3 28,1
2 2 2 2 2 2 2
D: Combi factoren Score Uitbreidingsmog.
46,3
C: Leegstand
B: Ruimt. asp. DG
Gem Hav
A: Veroudering
8. 9. 10. 11. 12. 13.
Zwartewaterland Meppel
Netto omvang
3. 4. 5. 6. 7.
Bt 1982 Buitenhaven E.O./Oude Vaart Zwolsehoek De Weyert Zevenhont I +II Zevenhont III Bedrijventerrein Hasselt De Enk Malle Gat Ii Meenteweg Oude Dijk Spoorlanden Zevenhont IV
Type
1. 2.
gemeente
Naam
Tabel 8: Terreinen met fysiek-ruimtelijke opgaven
x
2,0
x x
x x x x x
2,7 2,0 2,0 2,0 1,7
x x
x
x
x
x x x x x
x x
2,0 1,3 2,0 1,7 2,7 2,0 2,0
Bt 1982, Genemuiden, Zwartewaterland (Ov) Ondanks dat het terrein niet opvallend laag scoort op het thema openbare ruimte, is in de schouw wel veel buitenopslag op straat geconstateerd en enige parkeerproblematiek. Er valt op dat het terrein sterk versteend is, dat tot overlast kan leiden bij piekbuien of hitte. Het is een gemengd terrein qua bedrijvigheid (business-to-business, business-toconsumer, detailhandel, watergebonden en niet-watergebonden, grootschalige en kleinschalige bedrijvigheid), maar ook qua functies: zo zijn er op een aantal plekken woonblokken aanwezig. Het terrein wordt visueel gedomineerd door een machinefabriek en veevoerfabriek. De uitbreidingsruimte is beperkt doordat het dichtbij een Natura 2000gebied is gelegen en het uitgeefbaar oppervlak nog maar beperkt is. Er is niet erg veel leegstand, maar de invulling van de aanwezige leegstand lijkt moeizaam te gaan. Aan de randen van het terrein zijn de panden minder onderhouden. De (collectieve) camerabewaking laat zien dat er wel gezamenlijk stappen worden gezet op het terrein. Buitenhaven e.o. / Oude Vaart, Meppel (Dr) Het centrale deel van dit terrein is grotendeels in gebruik door een vestiging van Agrifirm. Het noordelijk deel is meer gemengd, terwijl het zuidelijk deel o.a. twee betonproducenten huisvest. Het gebied als geheel heeft een vrij grote parkeerdruk van auto’s en vrachtauto’s.
Daarnaast is, mede door de ingekapselde ligging, de uitbreidingsruimte beperkt. Ook is het gebied relatief dichtbij een Natura 2000-gebied gelegen. Het gebied scoort – waarschijnlijk vanwege de ligging in de stad – relatief laag op de bereikbaarheidsindex. Dat betekent dat er in de ochtend- en avondspits relatief veel extra reistijd is van en naar het terrein. Al met al is de fysiekruimtelijke opgave complex op dit terrein.
43
Zwolsehoek, Urk (Fle) Een helder ingedeeld, omvangrijk bedrijventerrein dat bestaat uit vijf fasen, waarbij o.a. de staat van het vastgoed en onderhoud van de wegen sterk varieert. Het terrein scoort laag als het gaat om onderhoud van de openbare ruimte: groen, bestrating, straatmeubilair en aanwezigheid van vandalisme. De leegstand is er relatief hoog en de invulling ervan blijft achter. Er is veel buitenopslag en hoewel er groen aanwezig is, is dat van lage kwaliteit (alleen grasstroken). Alleen op de hoofdas zijn fietspaden en trottoirs. Met name de delen waar kleinschaliger bedrijfsunits zijn gevestigd, kennen veel buitenopslag en zwerfafval. De uitbreidingsruimte is op dit terrein beperkt, maar aangrenzend wordt wel het terrein ‘Port of Urk’ ontwikkeld. Er is een buslijn, maar Urk scoort op de algehele bereikbaarheidsindex laag. De verschillen op het terrein komen terug op verschillende aspecten: zo is het terrein aan de zuidkant over de verschillende fasen heen iets ruimer van opzet, en is aan de (nieuwere) oostkant vaker een fietspad aanwezig. De fysiek-ruimtelijke opgaven zijn omvangrijk, maar er zijn zeker kansen deze op te lossen.
Impressie Buitenhaven e.o. / Oude Vaart, Meppel
Impressie Zwolsehoek, Urk
De Weyert, Vollenhove, Steenwijkerland (Ov) De Weyert is een ruim opgezet bedrijventerrein met redelijk onderhouden buitenruimte, dat niettemin versteend aandoet. Op een aantal grote panden zijn zonnepanelen geplaatst. Bovendien is er parkmanagement aanwezig. Het vastgoed is echter op leeftijd en de oostkant van het terrein wordt gedomineerd door een groot, vervallen, pand dat naar het zich laat aanzien al langere tijd leeg staat. Verder scoort het terrein slecht als het gaat om geluidhinder en voetgangersvriendelijkheid. Het terrein is wel goed ontsloten d.m.v. een bushalte nabij. Het tot ontwikkeling brengen van het leegstaande pand is de grootste fysiek-ruimtelijke opgave op dit terrein. Zevenhont I+ II, Zevenhont III, Genemuiden, Zwartewaterland (Ov) Zevenhont I+II is een terrein met een aantal grote bedrijfshallen. De tapijtindustrie daarin dominant aanwezig. Opvallend hierbij is het intensieve ruimtegebruik op het terrein: er is weinig openbare ruimte en groen en het terrein is vrijwel volledig versteend. Het laden en lossen van vrachtwagens gebeurt deels op de openbare weg; er zijn weinig hallen met laaddocks en voldoende manoeuvreerruimte voor trailers. De grens van de kavels loopt veelal tot aan de straat.
Er is niet of nauwelijks ruimte voor fietsers of wandelaars; waarbij op een aantal straten wel de mogelijkheid aanwezig lijkt groen en / of trottoirs en fietsstroken toe te voegen. De uitbreidingsruimte is beperkt. Het versteende karakter van dit terrein zorgt voor de grootste opgave: doordat er niet of nauwelijks groen is, is de kans op hittestress en wateroverlast bij piekbuien hier groot. Bodemdaling vergroot de opgave, en kan bovendien voor de bedrijfsvoering beperkend zijn. Het naastgelegen Zevenhont III kent soortgelijke opgaven, maar scoort iets beter als het gaat om de omvang van de openbare ruimte. De uitbreidingsruimte is op beide terreinen beperkt. Ook dit terrein heeft een sterk versteend karakter, waardoor klimaatadaptatie en belangrijke opgave is. Het meest zuidelijke deel is ruimer opgezet, met meer groen en kent mede daardoor geringe opgaven.
44
Bedrijventerrein Hasselt, Zwartewaterland (Ov) Bedrijventerrein Hasselt is in 2018 gerevitaliseerd, met de focus op de herinrichting en verbetering van de infrastructuur. Toch blijft het terrein qua resultaten achter in dit onderzoek. Hoewel de openbare ruimte goed is onderhouden, is de omvang van de openbare ruimte beperkt en liggen er klimaatadaptieve opgaven. Ook op gebied van een groene en gezonde werkomgeving blijft het terrein achter, bijvoorbeeld als het gaat om het percentage groen en mogelijkheden voor voetgangers. Ook scoort het terrein matig als het gaat om fijnstofconcentratie, roetconcentratie en geluidshinder. Voor dat laatste is op dit industrieterrein ook milieuruimte.
Meenteweg, Olst, Olst-Wijhe (Ov) Op de Meenteweg is relatief veel leegstand en de omvang van de openbare ruimte is beperkt. De fijnstof- en roetconcentratie is hoog, terwijl de uitbreidingsmogelijkheden zeer beperkt zijn. Op delen van het terrein is er weinig zichtbaar groen en goede voorzieningen voor voetgangers en fietsers zijn vrijwel afwezig. De bedrijvigheid is gevarieerd: van een bouwmarkt tot afvalverwerker tot een tankstation. Het terrein bevat een aantal doodlopende wegen, waardoor de interne bereikbaarheid niet optimaal is, zeker niet voor een terrein waar (kleinschalige) logistiek is gevestigd. Dit is waarschijnlijk de grootste fysiek-ruimtelijke opgave voor het terrein.
De Enk, Wijhe, Olst-Wijhe (Ov) De Enk is een gemengd bedrijventerrein waar recent een ingrijpende revitalisering is uitgevoerd. Er zijn verkeerstechnische maatregelen genomen (zoals een keerlus voor vrachtwagens) en het groen is aangepakt. Het terrein scoort nog laag als het gaat om uitbreidingsmogelijkheden, maar met name als het gaat om een gezonde werkomgeving liggen er nog opgaven: zo zijn er geen voorzieningen voor voetgangers of fietsers en is de fijnstof- en roetconcentratie hoog. Door het intensieve ruimtegebruik, de zeer beperkte uitbreidingsmogelijkheden op het terrein en de recente investeringen, is de indruk dat het niet realistisch is deze opgaven op te pakken.
Zevenhont, Genemuiden, Zwartewaterland en Oude Dijk, Oldebroek
Malle Gat II, Steenwijkerland (Ov) Een relatief kleinschalig (6,3 ha), gemengd bedrijventerrein waar parkmanagement aanwezig is. Een opslagbedrijf, brandweerkazerne, auto- en staalbedrijf en enkele braakliggende kavels bepalen de uitstraling van het terrein. Hier valt vooral op dat de leegstand hoog is en de uitbreidingsmogelijkheden beperkt. Ook zijn er nauwelijks mogelijkheden voor fietsers en is het percentage groen beperkt. Op het terrein wordt ook gewoond. Het lijkt vanuit dit oogpunt op de lange termijn logisch de bestemming als bedrijventerrein wellicht deels te heroverwegen.
Oude Dijk, Oldebroek (Gld) De Oude Dijk in Oldebroek is een gemengd bedrijventerrein dat vooral winkels en autobedrijven huisvest. Veel kavels zijn opgebouwd uit een bedrijfswoning met bedrijfsruimte. Er is weinig ruimte voor fietsers en weinig openbaar groen. Door het groen op de kavels van bedrijven en woningen, heeft het terrein wel een groene uitstraling. Verder valt op dat het leegstandspercentage er relatief hoog is. Vanwege de kleine omvang van het terrein, kan dat echter beïnvloed zijn door één of twee panden. Opvallend is de hoge fijnstofconcentratie. De aanvoerstraten richting het
45
terrein zijn krap en op enkele plekken staan panden leeg. Dat lijken de belangrijkste opgaven voor dit terrein. Spoorlanden, IJsselmuiden, Kampen (Ov) Bedrijventerrein Spoorlanden is een logistiek terrein in IJsselmuiden, maar er zijn ook andere typen bedrijven gevestigd. Er loopt op dit terrein een revitaliseringstraject, dat dit jaar wordt afgerond. Dit is ericht op het versterken van de ruimtelijke kwaliteit van het terrein. Er zijn onder andere LED-verlichting en parkeerstroken toegevoegd. Desondanks kent het terrein veel verharding, en is er redelijk veel buitenopslag. Verspreid over het terrein staan woningen en een aantal kavels ligt braak. Er zijn plannen om daar met name bedrijfsverzamelunits toe te voegen. Opwaardering van de niet-publieke buitenruimte lijkt een logische opgave voor dit terrein. Er is recent een uitbreiding gerealiseerd aan de oostkant van de Oosterlandeweg, die separaat in dit onderzoek is meegenomen.
Impressie Spoorlanden, IJsselmuiden, Kampen
46
5 Dashboards bedrijventerreinen Dashboards voor verdiepende analyses op maat Voor dit onderzoek zijn interactieve online dashboards ontwikkeld waarin alle relevante gegevens uit het onderzoek tot op bedrijventerreinniveau zijn ontsloten. Een link naar de dashboards is op aanvraag beschikbaar. Indeling dashboards De dashboards kennen de volgende tabbladen: De tab Totaalbeeld toekomstbestendigheid toont de toekomstbestendigheid per pijler en een dynamische totaalscore; u kunt daarbij zelf een weging toepassen aan de verschillende pijlers Drie tabs met een verdieping per pijler: – Sociaaleconomisch – Fysiek-ruimtelijk – Duurzaam en gezond Het tab verdieping potentie biedt u de potentie van de pijlers sociaal economische en duurzaam en gezond, plus de verouderingsfase. Werking dashboards De werking van ieder dashboards is in de basis hetzelfde, met aan de linker zijde een kaart en rechts de score van uw selectie: Als u het dashboard opent, start u met gegevens op het niveau van de regio Zwolle. De kaart is op de gehele regio gecentreerd en alle scores zijn gemiddelden voor de hele regio. De score-meters geven de totaalscore per thema weer, uitgedrukt op een schaal van 1 tot 5. Scrol met uw muis over de scoremeters voor informatie over de thema’s waarop de scores zijn gebaseerd en de relevantie van deze thema’s.
Door op een gemeentenaam te klikken in het gemeente-menu (bovenaan dashboard) zoomt de kaart in op deze gemeente. Ook de
scores passen zich automatisch aan. Door de zwarte balk in de staven kunt u de scores op gemeenteniveau vergelijken met de scores op provinciaal niveau. Op dezelfde manier kunt u in het bedrijventerrein-menu ook een bedrijventerrein selecteren. De kaart zoomt in op het terrein en de scores passen zich automatisch aan. U kunt ook een bedrijventerrein selecteren door op de kaart een terrein aan te klikken. Door nog een keer op het terrein te klikken maakt u de selectie ongedaan. Bijzonderheid bij tab Totaalbeeld Toekomstbestendigheid: Met behulp van de schuifbalkjes is het mogelijk om de drie pijlers een andere weging te geven in de totaalscore. Als voor de gebruiker bijvoorbeeld de pijler duurzaam & gezond het belangrijkst is voor een toekomstbestendig bedrijventerrein, dan kan de gebruiker die pijler een zwaardere weging geven. De totaalscore past zich dan automatisch aan. Downloads Heeft u toegang tot de dashboards en wilt u de achterliggende (ruwe) microdata downloaden? Klik daarvoor op het Excel symbool op de landingspagina. U kunt een tabblad downloaden als (statisch) pdf-bestand. Voor het genereren van pdf-bestand maakt u eerst uw selectie (regio, gemeente of terrein) en klikt uw vervolgens rechtsonder het dashboards op . Kies pdf. Selecteer bij include de optie ‘specific sheets from this workbook’ en selecteer daarna het tabblad dat u wilt downloaden.
Klik om ‘download’ om het tabblad te downloaden. Let op: u kunt slechts één tabblad per keer downloaden. Wilt u meerdere tabbladen downloaden? Dan moet u bovenstaande per tabblad herhalen.
47
6 Conclusies In dit onderzoek is een foto gemaakt van de bedrijventerreinen in de regio Zwolle om een beeld te krijgen van hun toekomstbestendigheid. In het rapport zijn de resultaten geanalyseerd aan de hand van de pijlers duurzaam en gezondheid, fysiek-ruimtelijk en sociaaleconomisch. Dit hoofdstuk schetst de voornaamste conclusies. 6.1
Algemene conclusies
Bedrijventerreinen als motor van de economie In dit onderzoek zijn 132 bedrijventerreinen meegenomen. Samen zijn deze terreinen goed voor bijna 120.000 part- en fulltime banen en een toegevoegde waarde van €9,7 miljard. De geanalyseerde terreinen hebben daarmee een aandeel van 35% van alle banen in de Regio Zwolle, dit is hoger dan het landelijke aandeel van ca 30%.
terreinen die één standaarddeviatie boven het gemiddelde zitten. De gemiddelde score van deze terreinen is 3,3. De achtervolgers, die één standaarddeviatie onder het gemiddelde zitten, hebben een gemiddelde score van 2,7. De variatie tussen de koplopers en achtervolgers is in de regio Zwolle daarmee minder groot dan in de provinciale onderzoeken. We zien dat 55% van de bedrijventerreinen een score heeft tussen de 2,7 – 3,0. Dit zijn terreinen die op overbrugbare afstand van het gemiddelde zitten en met een aantal gerichte ingrepen deze afstand kunnen verkleinen. Voor slechts 5 terreinen is de afstand groter. Uit de resultaten blijkt dat formaat van het terrein en het aantal banen dat zich op een terrein bevinden weinig effect op de toekomstbestendigheidsscores hebben. Figuur 28: Percentage en totaalscore van koploper, peloton en achtervolgers
Gemiddelde toekomstbestendigheidsscore: 3,0 Alle terreinen zijn voor 97 indicatoren gescoord op toekomstbestendigheid. Daarbij is een schaal gebruikt van 1-5, met 5 als maximale score. Voor alle geanalyseerde terreinen ligt de gemiddelde score van alle indicatoren op 3,0 10. Die score is een gemiddelde, waarbij het met name interessant is te kijken naar de achterliggende verschillen tussen de terreinen en tussen de pijlers. Om de verschillen tussen terreinen inzichtelijk te maken zijn de bedrijventerreinen ingedeeld in drie groepen: koplopers, peloton en achtervolgers. In het peloton zitten de bedrijventerreinen die rond het gemiddelde zitten. De koplopers zijn de 10 In de scores in het rapport is geen weging toegepast. In het dashboard kunnen
gebruikers zelf een weging toepassen per pijler.
48
Veel terreinen fysiek-ruimtelijk goed op orde De terreinen in de regio Zwolle scoren goed op de pijler fysiek-ruimtelijk. Gemiddeld is de score van terreinen in de regio op deze pijler een 3,4. Ondanks de iets hogere scores op deze pijler in Drenthe en Overijssel (beide 3,5), is dit nog steeds een hoge score. Koplopers scoren gemiddeld zelfs een 3,9 op dit thema. Ook de score van de achtervolgers (2,9) wijst erop dat in deze categorie de meeste bedrijventerreinen op orde zijn. Hieruit blijkt duidelijk dat de aanpak van de verschillende provincies en gemeenten om aan de vitaliteit van bedrijventerreinen te werken zijn vruchten heeft afgeworpen. Uiteraard blijft de fysieke gesteldheid van terreinen blijvend om aandacht vragen. Grootste uitdagingen binnen pijler duurzaam & gezond Uit de resultaten van dit onderzoek blijkt dat binnen de pijler duurzaam & gezond de grootste uitdagingen liggen. De pijler scoort gemiddeld een 2,7 en blijft daarmee achter bij de andere pijlers. Binnen de pijler duurzaam en gezond liggen voor vrijwel alle terreinen nog veel uitdagingen, met name op het gebied van energietransitie en circulaire economie. Weinig verschillen in totaalbeeld type terreinen Als we kijken naar de score op toekomstbestendigheid zijn er geen grote verschillen in de resultaten tussen de terreinen in de verschillende delen van de regio.