Hessenpoort 3 toelichting Bijlage 9 Ecologische beoordeling stikstofdepositie Hessenpoort 3.pdf
Tekst van het document
Binnen Rijntakken maakt de kwartelkoning onder andere gebruik van de leefgebieden Nat, matig voedselrijk grasland (Lg08) en Kamgrasweide op klei (Lg11) en habitattype Glanshaver- en vossenstaarthooilanden (H6510B). Op basis van het zeer beperkte voorkomen van de kwartelkoning in Rijntakken wordt de kwaliteit van het leefgebied slecht geacht. Een duidelijk beeld van de (trend in) kwaliteit van het leefgebied van de kwartelkoning binnen Rijntakken ontbreekt echter (Gebiedsanalyse-38, 2017). Berekende toename aan stikstofdepositie Op 6,8% (221,15 ha) van het totale stikstofgevoelige leefgebied van de broedvogelsoort Kwartelkoning vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 54/92
Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 3,9% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Dit is 0,3% van het totale areaal. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 6.4).
Figuur 6.4: De locatie in het Natura 2000-gebied Rijntakken met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op het leefgebied van Kwartelkoning (A122).
Knelpunten De kwartelkoning is in de Rijntakken afhankelijk van graslanden met een late maaidatum vanwege het broeden. Er kan ook gebruik worden gemaakt van extensief begraasde natuurontwikkelingsgebieden als broedgebied. Stikstofdepositie is geen belangrijk knelpunt wanneer deze vergeleken wordt met het knelpunt betreffende maaidatum (Gebiedsanalyse-38, 2017). Beoordeling toename aan stikstofdepositie De kwaliteit van het leefgebied van de kwartelkoning is slecht. Het langjarige seizoensgemiddelde van kwartelkoning is lager dan de instandhoudingsdoelstelling, de populatietrend is sterk negatief. Op 14% van het areaal aan stikstofgevoelig leefgebied is sprake van een relevante projectgebonden toename aan stikstofdepositie. De knelpunten liggen echter vooral in het te vroeg maaien van de hooilanden. Stikstofdepositie vormt een beperkt en ondergeschikt knelpunt. Om deze reden zullen de voorgenomen ontwikkeling daarom geen significant negatieve gevolgen hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van de kwartelkoning binnen het Natura 2000gebied.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 55/92
A153 - Watersnip Instandhoudingsdoelstelling De instandhoudingsdoelstelling voor de watersnip in Natura 2000-gebied Rijntakken is behoud van omvang en kwaliteit van het leefgebied met een draagkracht voor ten minste 17 broedparen. Huidig voorkomen en trend in populatie Recente onvolledige tellingen en schattingen van watersnip in Rijntakken variëren tussen de 4 en 7 broedparen, met een langjarig gemiddelde van 5 broedparen. De instandhoudingsdoelstelling wordt daarmee niet behaald. De trend in aantal broedparen sinds 2007 is negatief (Sovon). Omschrijving leefgebied De watersnip kan onder andere nestelen in vochtige hooilanden en extensief beweide natte graslanden met een waterpeil van 0-20 cm beneden het maaiveld. Het nest wordt gebouwd tussen graspollen van 15-20 cm hoogte. Het voedselbiotoop kan identiek zijn aan het nestbiotoop, maar kan ook apart liggen. De watersnip foerageert in ondiepe greppels, sloten, poeltjes, slikranden en in tot 10 cm diep water (Natura 2000-profielendocument; A153). Binnen de Rijntakken maakt de watersnip gebruik van de leefgebieden Dotterbloemgrasland van veen en klei en nat, matig voedselrijk grasland (Lg07 en Lg08). De kwaliteit van het leefgebied is onbekend, maar wordt op basis van het beperkte voorkomen van de watersnip in Rijntakken matig geacht.
Berekende toename aan stikstofdepositie Op 8,6% (67,89 ha) van het totale stikstofgevoelige leefgebied van de broedvogelsoort Watersnip vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats. Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 6% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Dit is 0,5% van het totale areaal. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 6.5).
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 56/92
Figuur 6.5: De locatie in het Natura 2000-gebied Rijntakken met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op het leefgebied van Watersnip (A153).
Knelpunten Het leefgebied van de watersnip in de Rijntakken is voornamelijk gevoelig voor verdroging en stikstofdepositie. Echter is verdroging het voornaamste knelpunt, omdat hierdoor moeras- en graslandgebieden ongeschikt om te foerageren. Alleen lokaal kunnen enkele negatieve effecten van stikstofdepositie worden verwacht (Gebiedsanalyse-38, 2017). Stikstofdepositie vormt daarmee een beperkt knelpunt. Voor de watersnip is vooral de structuur van de vegetatie belangrijk, effecten op Lg07 zijn bekend mogelijke effecten op Lg08 nog niet (Natura 2000-herstelstrategie, Lg07; Natura 2000-herstelstrategie, Lg08). Beoordeling toename aan stikstofdepositie De kwaliteit van het leefgebied van de watersnip is matig. Het langjarige seizoensgemiddelde van de watersnip is lager dan de instandhoudingsdoelstelling, de populatietrend is negatief. Op slechts 6% van het areaal aan stikstofgevoelig leefgebied is sprake van een relevante projectgebonden toename aan stikstofdepositie. Knelpunten liggen vooral in het optreden van verdroging, en in mindere mate in stikstofdepositie. Gezien stikstofdepositie in beperkte mate bijdraagt aan de matige kwaliteit en op een zeer beperkt areaal sprake is van een relevante projectbijdrage is zullen de voorgenomen ontwikkelingen geen significant negatieve gevolgen hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van de watersnip binnen het Natura 2000gebied.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 57/92
Conclusie Er zijn in het Natura 2000-gebied Rijntakken geen zodanige omstandigheden dat een relevante toename aan stikstofdepositie van maximaal mol N/ha/jaar kan leiden tot een in ecologische zin aantoonbare aantasting van de kwaliteit of oppervlakteverlies van het leefgebied van de in het gebied aangewezen broedvogels. De stikstoftoename ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling staat niet in de weg aan het behalen van de instandhoudingsdoelstellingen van stikstofgevoelige broedvogels. Significante gevolgen voor broedvogels binnen het Natura 2000-gebied Rijntakken door de toename aan stikstofdepositie ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling zijn hierom uitgesloten.
6.6 Beoordeling Niet-broedvogels Uit de AERIUS-berekening blijkt dat er binnen het Natura 2000-gebied Rijntakken geen sprake is van een toename aan stikstofdepositie op stikstofgevoelige leefgebieden van niet-broedvogels met een definitieve status. Conclusie De voorgenomen ontwikkeling leidt niet tot toename aan stikstofdepositie (>0,00 mol N/ha/jaar) op stikstofgevoelig leefgebied van de in het gebied aangewezen soorten. De toename aan stikstofdepositie heeft hierdoor met zekerheid geen invloed op het behoud, uitbreiding of verbetering van oppervlakte en kwaliteit van aangewezen niet-broedvogels in het Natura 2000-gebied Rijntakken. Significante gevolgen voor kwalificerende niet-broedvogels binnen het Natura 2000-gebied Rijntakken door de toename aan stikstofdepositie ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling zijn hierom uitgesloten.
6.7 Conclusie De voorgenomen ontwikkeling veroorzaakt een toename aan stikstofdepositie van maximaal 0,01 mol N/ha/jaar op stikstofgevoelige natuur binnen het Natura 2000-gebied Rijntakken. Voor de habitattypen en/of leefgebieden van kwalificerende soorten waarvoor geldt dat de KDW wordt overschreden, is onderzocht of de berekende toename aan stikstofdepositie kan leiden tot een in ecologische zin aantoonbare aantasting van de kwaliteit of oppervlakte verlies van het stikstofgevoelige areaal. Op basis van een gebiedsspecifieke analyse kan worden geconcludeerd dat de kans afwezig is dat de berekende toenames aan stikstofdepositie ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling zullen leiden tot ecologische effecten.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 58/92
7. Veluwe 7.1 Inleiding De Veluwe bestaat overwegend uit droge bossen, droge en natte heide, vennen en stuifzanden. In de voorlaatste ijstijd, zo'n 150.000 jaar geleden, duwden de ijslobben van het landijs enorme hoeveelheden door de rivieren aangevoerd zand en grond voor zich uit en opzij en vormden zo de stuwwallen. Hoewel de hoogteverschillen sindsdien door wind en water zijn afgevlakt, reiken de hoogste delen van de Veluwe tot ruim 100 m boven NAP. Tot 1900 was de Noord-Veluwe één uitgestrekt stuifzandgebied. Tegenwoordig is er in totaal nog 1400 hectare stuifzand op de Veluwe. Bij Kootwijk is één van de grootste actieve stuifzandgebieden van Europa. Plaatselijk komen in de heiden natte (o.a. Leemputten bij Staverden) of droge (o.a. Harskamp) heischrale graslanden, jeneverbesstruwelen, vennen, natte heide en hoogveenkernen (Mosterdveen) voor. In het beekdal van de Hierdense en Staverdense Beek worden schraallanden aangetroffen. Langs de randen van de Veluwe ontspringen de (sprengen)beken, waar beekvegetaties en zeer plaatselijk bronbossen voorkomen. De ligging van de richtlijngebieden is weergegeven in Figuur 7.1. (Veluwe, Natura2000.nl)
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 59/92
Figuur 7.1: Overzicht ligging richtlijngebieden gebied Veluwe.
7.2 Doelstellingen Hieronder volgt een overzicht van de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied Veluwe op basis van het aanwijzingsbesluit. Tabel 7-1: Instandhoudingsdoelstellingen habitattypen voor het Natura 2000-gebied Veluwe. Habitatcode
Habitattype
Status doel
Oppervla kte1
Kwalite
H2310
Stuifzandheiden met struikhei
definitief
>
>
H2320
Binnenlandse kraaiheibegroeiingen
definitief
=
=
H2330
Zandverstuivingen
definitief
>
>
H3130
Zwakgebufferde vennen
definitief
=
=
H3160
Zure vennen
definitief
=
>
H3260A
Beken en rivieren met waterplanten (waterranonkels)
definitief
>
>
H4010A
Vochtige heiden (hogere zandgronden)
definitief
>
>
H4030
Droge heiden
definitief
>
>
H5130
Jeneverbesstruwelen
definitief
=
>
H6230
Heischrale graslanden
definitief
>
>
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 60/92
Habitatcode
Habitattype
Status doel
Oppervla kte1
Kwalite
H6410
Blauwgraslanden
definitief
>
>
H7110B
Actieve hoogvenen (heideveentjes)
definitief
>
>
H7140A
Overgangs- en trilvenen (trilvenen)
definitief
=
=
H7150
Pioniervegetaties met snavelbiezen
definitief
>
>
H7230
Kalkmoerassen
definitief
=
=
H9120
Beuken-eikenbossen met hulst
definitief
>
>
H9190
Oude eikenbossen
definitief
>
>
H91D0
Hoogveenbossen
ontwerp
=
=
H91E0C
Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
definitief
=
>
1: doelstelling voor oppervlakte en/of kwaliteit behoud: =, uitbreiding: >, achteruitgang ten gunste van ander habitattype toegestaan: = (<), oppervlak staat op uitbreiding, maar mag achteruit gaan ten gunste van ander habitattype: > (<). Tabel 7-2: Instandhoudingsdoelstellingen habitatrichtlijnsoorten voor het Natura 2000-gebied Veluwe. Soortc ode
Soort
Status doel
Populatie
Omvang leefgebied1
Kwaliteit leefgebied 1
H1096
Beekprik
definitief
>
>
>
H1831
Drijvende waterweegbree
definitief
=
=
=
H1042
Gevlekte witsnuitlibel
definitief
>
>
>
H1166
Kamsalamander
definitief
=
=
=
H1318
Meervleermuis
definitief
=
=
=
H1163
Rivierdonderpad
definitief
>
>
=
H1083
Vliegend hert
definitief
>
>
>
1: doelstelling voor omvang en/of kwaliteit behoud: =, uitbreiding/verbetering: >, vestigend: +, achteruitgang ten gunste van ander leefgebied toegestaan: = (<).
Tabel 7-3: Instandhoudingsdoelstellingen broedvogels voor het Natura 2000-gebied Veluwe. Aantal broedpar en
Omvang leefgebied1
Kwaliteit leefgebied1
definitief
2400
=
=
definitief
(her)vesti ging
>
>
Soortc ode
Soort
Status doel
A246
Boomleeuwerik
A233
Draaihals
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 61/92
Soortc ode
Soort
Status doel
Aantal broedpar en
Omvang leefgebied1
Kwaliteit leefgebied1
A255
Duinpieper
definitief
(her)vesti ging
>
>
A338
Grauwe klauwier
definitief
40
>
>
A229
IJsvogel
definitief
30
=
=
A224
Nachtzwaluw
definitief
610
=
=
A276
Roodborsttapuit
definitief
1100
=
=
A277
Tapuit
definitief
100
>
>
A072
Wespendief
definitief
100
=
=
A236
Zwarte specht
definitief
400
=
=
1: doelstelling voor omvang en/of kwaliteit behoud: =, uitbreiding/verbetering: >, vestigend: +, achteruitgang ten gunste van ander leefgebied toegestaan: = (<).
7.3 Beoordeling Habitattypen Uit de AERIUS-berekening blijkt dat er binnen het Natura 2000-gebied Veluwe sprake is van een toename aan stikstofdepositie op 12 stikstofgevoelige habitattypen als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling (zie onderstaande tabel). De overige habitats zijn niet gevoelig voor stikstofdepositie, of er is geen sprake van een stikstoftoename ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling. Significant negatieve gevolgen voor deze overige habitattypen zijn daarom op voorhand uitgesloten. Tabel 7-4: Berekende stikstofdepositiewaarden in mol N/ha/jaar op de habitattypen binnen het Natura 2000-gebied Veluwe. Depositiewaarden zijn gebaseerd op de resultaten uit de meest recente versie van AERIUS Calculator en worden weergegeven in mol N/ha/jaar. Habitatcode
Habitattype
KDW1
Maximale achtergrond depositie2
Maximaal effect3
Maximaal relevant effect4
H2310
Stuifzandheiden met struikhei
1071
2602
0,01
0,01
H2320
Binnenlandse kraaiheibegroeiingen
1071
2069
0,00
-
H2330
Zandverstuivingen
714
1969
0,00
-
H3130
Zwakgebufferde vennen
571
1891
0,00
-
H3160
Zure vennen
714
1804
0,00
-
H4010A
Vochtige heiden (hogere zandgronden)
1214
1897
0,00
-
H4030
Droge heiden
1071
2011
0,01
0,01
H5130
Jeneverbesstruwelen
1071
2056
0,00
-
H6230
Heischrale graslanden
857
1516
0,00
-
H7150
Pioniervegetaties met snavelbiezen
1429
1804
0,00
-
H9120
Beuken-eikenbossen met hulst
1429
2232
0,01
0,01
H9190
Oude eikenbossen
1071
2207
0,01
0,01
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 62/92
1. KDW van habitattype volgens van Dobben et al. (2012) 2. Achtergronddepositie volgens de meest recente versie van AERIUS Calculator. kleuren betreffen: geen, naderend en overschrijding KDW. 3. De maximale toename aan stikstofdepositie ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling. 4. De maximale toename aan stikstofdepositie op hexagonen met een (naderende) overschrijding van de KDW door achtergronddepositie inclusief de berekende toename.
De habitattypen H7150, H6230, H2320, H2330, H4010A, H3160, H3130 en H5130 ondervinden op het moment geen (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie op hexagonen met een toename aan stikstofdepositie (>0,00 mol N/ha/jaar). Dit blijft zo, inclusief de berekende stikstofbijdrage ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling. Significante gevolgen door een toename aan stikstofdepositie zijn daarom uitgesloten. Voor de effectbeoordeling op de habitattypen met een relevante toename aan stikstofdepositie uit de bovenstaande tabel wordt de belangrijkste informatie samengevat in onderstaande tabel. De informatie uit deze tabel is verkregen uit het ecologisch onderzoek beschreven in de PAS gebiedsanalyse, het Natura 2000-beheerplan en de resultaten uit de AERIUS-berekening inclusief overige uit de AERIUS Calculator verkregen data. Tabel 7-5: Basisgegevens voor de effectbeoordeling van de toename van stikstofdepositie op habitattypen binnen het Natura 2000-gebied Veluwe. Habitatcode
Maximaal relevant effect1
Areaal met relevant effect (ha)2
Kwaliteit4
Relevant t.o.v. totaal areaal (%)3
H2310
0,01
0,63
0%
Onbekend
H4030
0,01
8,17
0,1%
Onbekend
H9120
0,01
5,39
0,1%
Onbekend
H9190
0,01
9,04
0,5%
Matig tot slecht
1. Maximale toename aan stikstofdepositie in mol N/ha/jaar op hexagonen met een (naderende) overschrijding van de KDW door achtergronddepositie inclusief de berekende stikstofdepositie. 2. Totaal gekarteerd oppervlak met een relevante toename aan stikstofdepositie. 3. Het percentage aan areaal met een relevante toename aan stikstofdepositie ten opzichte van het totale areaal binnen het Natura 2000-gebied. 4. De kwaliteit volgens de PAS-gebiedsanalyse of het Natura 2000beheerplan.
In de volgende paragrafen wordt de toename aan stikstofdepositie op ieder habitattype uit bovenstaande tabel beoordeeld. Zie Bijlage 3 voor een algemene omschrijving, een overzicht van de abiotische randvoorwaarden en een algemene effectbeschrijving stikstofdepositie per habitattype. H2310 - Stuifzandheiden met struikhei Instandhoudingsdoelstelling Het habitattype H2310 heeft in het Natura 2000-gebied Veluwe een uitbreidings- en verbeteringsdoelstelling in relatie tot het oppervlak en de kwaliteit van het habitattype.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 63/92
Huidige situatie en trend De huidige kwaliteit is onbekend. De kwaliteit van het habitattype is tot circa 1995 afgenomen en is sindsdien stabiel, al staan diverse typische soorten nog steeds onder druk. Eenzelfde trend is te zien in de oppervlakte en de verspreiding van het habitattype. Beide zijn tot circa 1995 afgenomen en sindsdien ongeveer gelijk gebleven. Berekende toename aan stikstofdepositie Op 0% (0,63 ha) van het aanwezig areaal met H2310 vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats. Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 100% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Het totale oppervlakte van dit habitattype, aangegeven in het beheerplan, bedraagt 1800 ha. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 7.2).
Figuur 7.2: De locatie in het Natura 2000-gebied Veluwe met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op Stuifzandheiden met struikhei (H2310).
Knelpunten Knelpunten betreffende habitattype H2310 omvatten stikstofdepositie, successie (zowel verbossing als vergrassing), versnippering, fosfaattekort en afname van micronutriënten. Op de Veluwe wordt de KDW al geruime tijd overschreden. Echter is de kwaliteit, verspreiding en oppervlakte van de stuifzandheiden met struikhei stabiel. Er kan dus geconcludeerd worden dat het huidige beheer, welke maaien en afvoeren, plaggen en afvoeren en branden omvat, succesvol is tegen de stikstofdepositie (Gebiedsanalyse-57, 2017).
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 64/92
Beoordeling toename aan stikstofdepositie De kwaliteit van habitattype H2310 is onbekend, de trend in kwaliteit is stabiel. Het huidige beheer is succesvol tegen de stikstofdepositie. De geringe toename van 0,01 mol N/ha/jaar op slechts een miniem gedeelte zal in dit geval met zekerheid geen ecologische gevolgen hebben voor de kwaliteit van het habitattype. Het voorgenomen project zal daarom geen significant negatieve gevolgen hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van dit habitattype binnen de Veluwe. H4030 - Droge heiden Instandhoudingsdoelstelling Het habitattype H4030 heeft in het Natura 2000-gebied Veluwe een uitbreidings- en verbeteringsdoelstelling in relatie tot het oppervlak en de kwaliteit van het habitattype. Huidige situatie en trend De huidige kwaliteit is onbekend. De oppervlakte en de verspreiding van droge heiden is sterk afgenomen sinds circa 1850. Sinds 1995 zijn de oppervlakte en de verspreiding stabiel gebleven. De kwaliteit van de droge heiden vormt eenzelfde trend. Sinds 1995 staan typische soorten echter nog steeds onder druk. Berekende toename aan stikstofdepositie Op 0,1% (8,17 ha) van het aanwezig areaal met H4030 vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats.
Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 100% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 7.3).
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 65/92
Figuur 7.3: De locatie in het Natura 2000-gebied Veluwe met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op Droge heiden (H4030).
Knelpunten Habitattype H4030 ondervindt negatieve effecten ten gevolge van stikstofdepositie, successie (vergrassing en verbossing), versnippering en tekort aan fosfaat en verminderde aanwezigheid micronutriënten. Verhoogde depositie van stikstof kan resulteren in verzuring, verhoogde ammonium- en aluminiumtoxiciteit, vermesting en dominantie van enkele snelgroeiende soorten. Enkele typische soorten van dit habitattype zijn gevoelig voor alle genoemde effecten. Bovendien liggen droge heiden meestal versnipperd welke migratie van organismen beperkt (Gebiedsanalyse-57, 2017). Beoordeling toename aan stikstofdepositie De kwaliteit van habitattype H4030 is onbekend, de trend in kwaliteit is stabiel, echter staan kenmerkende soorten nog steeds onder druk. Op 92% van het totale areaal van het habitattype binnen het Natura 2000-gebied is sprake van een relevante projectgebonden toename van stikstofdepositie. Gezien de uiterst geringe toename van 0,01 mol N/ha/jaar en de stabiele trend zal het voorgenomen project geen significante negatieve gevolgen hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van dit habitattype binnen de Veluwe. H9120 - Beuken-eikenbossen met hulst Instandhoudingsdoelstelling Het habitattype H9120 heeft in het Natura 2000-gebied Veluwe een uitbreidings- en verbeteringsdoelstelling in relatie tot het oppervlak en de kwaliteit van het habitattype.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 66/92
Huidige situatie en trend De kwaliteit is grotendeels onbekend. De oppervlakte en verspreiding van het habitattype zijn in de 20e eeuw achteruitgegaan door omvorming van loofblos naar snelgroeiend naaldbos. De laatste decennia is er geleidelijk sprake van uitbreiding door het ouder en minder voedselarm worden van groeiplaatsen. De kwaliteit van het habitattype is al enige decennia stabiel en staat niet onder druk. Het habitattype komt in ieder geval op een aantal locaties in goede kwaliteit voor. Berekende toename aan stikstofdepositie Op 0,1% (5,39 ha) van het aanwezig areaal met H9120 vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats. Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 100% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 7.4).
Figuur 7.4: De locatie in het Natura 2000-gebied Veluwe met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op Beuken-eikenbossen met hulst (H9120).
Knelpunten Voor habitattype beuken-eikenbossen met hulst zijn de voornaamste knelpunten stikstofdepositie, dominantie van beuk, versnippering en het afvoeren van dood hout. De stikstofdepositie leidt tot sterker voorkomen van grassen, blauwe bosbes, braam en beuk waardoor enkele typerende vaatplanten afnemen. Wanneer beuk dominant wordt in het gebied worden veel andere soorten beperkt in mogelijke vestiging in het gebied. Bovendien is het laten liggen van dood hout een belangrijke waarde voor het habitattype (Gebiedsanalyse-57, 2017).
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 67/92
Beoordeling toename aan stikstofdepositie De kwaliteit van habitattype H9120 is grotendeels onbekend echter wordt plaatselijk goede kwaliteit waargenomen. De trend in kwaliteit is stabiel. Stikstofdepositie vormt een knelpunt voor het habitattype. Op het volledige areaal van het habitattype binnen het Natura 2000-gebied is sprake van een relevante projectgebonden toename van stikstofdepositie. Gezien de stabiliteit, plaatselijke goede kwaliteit en de geringe toename van slechts 0,01 mol N/ha/jaar zijn significante negatieve effecten, ten gevolge van voorgenomen project, op dit habitattype op de Veluwe uitgesloten. H9190 - Oude eikenbossen Instandhoudingsdoelstelling Het habitattype H9190 heeft in het Natura 2000-gebied Veluwe een uitbreidings- en verbeteringsdoelstelling in relatie tot het oppervlak en de kwaliteit van het habitattype. Huidige situatie en trend Hoewel het oppervlakteaandeel voor H9190 op zich gunstig is, is het belangrijk om de ruimtelijke samenhang te verbeteren. Daarbij heeft het habitattype een matig tot slechte kwaliteit en kent het een negatieve trend in zowel oppervlak als kwaliteit (Beheerplan-57, 2018). Wel wordt hier de successie van naaldbos naar loofbos met als doel onder andere oude eikenbossen gestimuleerd. In totaal is 6660 ha bos op oude bosbodem geschikt voor omvorming naar oud loofbos (Beheerplan-57, 2018).
Wanneer gekeken wordt naar het areaal in 2011 genoemd in het beheerplan is zichtbaar dat toentertijd 1768 ha oude eikenbossen aanwezig was. Middels onderstaand percentage te gebruiken (0,5% = 9,04 ha) kan berekend worden dat 100% 1808 ha is. In de afgelopen periode is het oppervlak dus ietwat toegenomen. Berekende toename aan stikstofdepositie Op 0,5% (9,04 ha) van het aanwezig areaal met H9190 vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats. Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 100% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 7.5).
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 68/92
Figuur 7.5: De locatie in het Natura 2000-gebied Veluwe met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op Oude eikenbossen (H9190).
Knelpunten De problematiek omtrent habitattype H9190 ontstaat voornamelijk middels een overmaat aan stikstofdepositie, versnippering, verbossing en inadequaat beheer. Van nature zijn deze gebieden stikstofgelimiteerd en hebben een zure bodem (Gebiedsanalyse-57, 2017). Enkele kenmerkende vaatplanten voor dit habitattype zijn gevoelig voor de genoemde effecten. Bovendien neemt de vitaliteit van oude eikenbossen af waardoor flinke gaten kunnen vallen. Beoordeling toename aan stikstofdepositie Habitattype H9190 kent een matig tot slechte kwaliteit met een negatieve trend in kwaliteit. Wel is het oppervlak afgelopen jaren wat toegenomen en is er nog veel geschikt gebied aanwezig voor omvorming. Op het volledige areaal van het habitattype binnen het Natura 2000-gebied is sprake van een relevante projectgebonden toename van stikstofdepositie. Deze toename is echter dermate gering (maximaal 0,01 mol N/ha/jaar) dat er geen meetbare ecologische gevolgen zullen zijn voor de kwaliteit van het habitattype H9190. Het voorgenomen project zal geen significante negatieve gevolgen hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van dit habitattype. Conclusie Er zijn in het Natura 2000-gebied Veluwe enkele habitattype waar een stikstofdepositie van maximaal 0,01 mol N/ha/jaar verwacht wordt.
Echter vanwege sommige adequate beheermaatregelen en lokale goede kwaliteiten in combinatie met de geringe maximale toename zullen in ecologische zin geen aantoonbare aantasting van de kwaliteit of oppervlakteverlies plaatsvinden.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 69/92
7.4 Beoordeling Habitatrichtlijnsoorten Uit de AERIUS-berekening blijkt dat er, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, binnen het Natura 2000-gebied Veluwe sprake is van een toename aan stikstofdepositie op het leefgebied van 3 stikstofgevoelige habitatsoorten als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling (zie onderstaande tabel). De in de onderstaande tabel ontbrekende soorten met een instandhoudingsdoelstelling binnen het Natura 2000-gebied Veluwe, zijn niet gevoelig voor stikstofdepositie, of er vindt geen toename aan stikstofdepositie plaats op stikstofgevoelig leefgebied van deze soorten. Significant negatieve gevolgen voor deze overige habitatrichtlijnsoorten zijn daarom op voorhand uitgesloten. Tabel 7-6: Berekende stikstofdepositiewaarden in mol N/ha/jaar op de leefgebieden van aangewezen soorten binnen het Natura 2000-gebied Veluwe. Depositiewaarden zijn gebaseerd op de resultaten uit de meest recente versie van AERIUS Calculator en worden weergegeven in mol N/ha/jaar. Soortcode
Soortnaam
Leefgebied1
H1042
Gevlekte witsnuitlibel
H3130
H1096
Beekprik
H1831
Drijvende waterweegbree
KDW2
Maximaal effect4
571
Maximale achtergrond depositie3 1891
0,00
Maximaal relevant effect5 -
ZGLg01, Lg01
2399
2058
0,01
-
H3130
571
1891
0,00
-
1. De habitat- en/of leefgebiedtypen met een toename aan stikstoftoename binnen het leefgebied van de soort volgens de relatie-leefgebied tabel (BIJ12, 2020) 2. KDW van het meest gevoelige habitat- of leefgebiedtype binnen het leefgebied van de kwalificerende soort volgens van Dobben et al. (2012) 3. Achtergronddepositie volgens de meest recente versie van AERIUS Calculator. kleuren betreffen: geen, naderend en overschrijding KDW. 4. De maximale stikstofbijdrage op het leefgebied van de betreffende soort op basis van de meest recente versie van AERIUS Calculator. 5. De maximale toename aan stikstofdepositie op hexagonen met een (naderende) overschrijding van de KDW door achtergronddepositie inclusief de berekende toename.
Uit de AERIUS berekening blijkt dat de voorgenomen ontwikkeling niet leidt tot meetbare relevante toenames van >0,00 mol N/ha/jaar op stikstofgevoelig leefgebied van kwalificerende habitatrichtlijnsoorten binnen het Natura 2000gebied Veluwe (zie bovenstaande tabel). Significante gevolgen door een toename aan stikstofdepositie zijn hierom uitgesloten. Conclusie De voorgenomen ontwikkeling leidt niet tot toename aan stikstofdepositie (>0,00 mol N/ha/jaar) op stikstofgevoelig leefgebied van de in het gebied aangewezen soorten. De toename aan stikstofdepositie heeft hierdoor met zekerheid geen invloed op het behalen van de instandhoudingsdoelstellingen van aangewezen habitatrichtlijnsoorten in het Natura 2000-gebied Veluwe. Significante gevolgen voor habitatrichtlijnsoorten binnen het Natura 2000-gebied Veluwe door de toename aan stikstofdepositie ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling zijn hierom uitgesloten.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 70/92
7.5 Beoordeling Broedvogels Uit de AERIUS-berekening blijkt dat er, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, binnen het Natura 2000-gebied Veluwe sprake is van een toename aan stikstofdepositie op het leefgebied van 6 stikstofgevoelige broedvogels als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling (zie onderstaande tabel). De in de onderstaande tabel ontbrekende soorten met een instandhoudingsdoelstelling binnen het Natura 2000-gebied Veluwe, zijn niet gevoelig voor stikstofdepositie, of er vindt geen toename aan stikstofdepositie plaats op stikstofgevoelig leefgebied van deze soorten. Significant negatieve gevolgen voor deze overige broedvogelsoorten zijn daarom op voorhand uitgesloten. Tabel 7-7: Berekende stikstofdepositiewaarden in mol N/ha/jaar op de leefgebieden van aangewezen soorten binnen het Natura 2000-gebied Veluwe. Depositiewaarden zijn gebaseerd op de resultaten uit de meest recente versie van AERIUS Calculator en worden weergegeven in mol N/ha/jaar. Soortcode
Soortnaam
Leefgebied1
KDW2
A072
Wespendief
A233
Draaihals
A236
Zwarte Specht
A246
Boomleeuwerik
A255
Duinpieper
H4030, L4030, H2320, H2310, ZGH4030, ZGL4030 H2330, H4030, Lg13, L4030, ZGH9190, H2320, ZGH4030, H2310, ZGLg13, H9190, ZGL4030, H9120, ZGLg14, Lg14, ZGH9120 Lg13, ZGH9190, ZGLg13, H9190, H9120, Lg14, ZGH9120, ZGLg14 H2330, H6230dka, Lg09, ZGLg09, H4030, L4030, H2320, ZGH4030, H2310, ZGL4030 H2330, H2310
A277
Tapuit
H2330, H6230dka, Lg09, ZGLg09, H4030, L4030, H2320, ZGH4030, H2310, ZGL4030
Maximaal effect4
1071
Maximale achtergrond depositie3 2602
0,01
Maximaal relevant effect5 0,01
714
2773
0,01
0,01
1071
2773
0,01
0,01
714
2602
0,01
0,01
714
2602
0,01
0,01
714
2602
0,01
0,01
1. De habitat- en/of leefgebiedtypen met een toename aan stikstoftoename binnen het leefgebied van de soort volgens de relatie-leefgebied tabel (BIJ12, 2020) 2. KDW van het meest gevoelige habitat- of leefgebiedtype binnen het leefgebied van de kwalificerende soort volgens van Dobben et al. (2012) 3. Achtergronddepositie volgens de meest recente versie van AERIUS Calculator. kleuren betreffen: geen, naderend en overschrijding KDW. 4. De maximale stikstofbijdrage op het leefgebied van de betreffende soort op basis van de meest recente versie van AERIUS Calculator. 5. De maximale toename aan stikstofdepositie op hexagonen met een (naderende) overschrijding van de KDW door achtergronddepositie inclusief de berekende toename.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 71/92
Voor de effectbeoordeling op de aangewezen stikstofgevoelige broedvogels die gebruik maken van de leefgebieden met een relevante toename aan stikstofdepositie (zie bovenstaande tabel), wordt de belangrijkste informatie samengevat in onderstaande tabel. De informatie uit deze tabel is verkregen uit het ecologisch onderzoek beschreven in de PAS gebiedsanalyse, het Natura 2000-beheerplan en de resultaten uit de AERIUS-berekening inclusief overige uit de AERIUS Calculator verkregen data. Tabel 7-8: Basisgegevens voor de effectbeoordeling van de toename van stikstofdepositie op leefgebieden van broedvogels binnen het Natura 2000-gebied Veluwe. Soortcode
Soortnaam
Leefgebied1
A072
Wespendief
A233
Maximaal relevant effect2
Areaal met relevant effect (ha)3
Relevant t.o.v. totaal areaal (%)4
H4030, L4030, H2320, H2310, ZGH4030, ZGL4030
0,01
17,28
0,1%
Draaihals
H2330, H4030, Lg13, L4030, ZGH9190, H2320, ZGH4030, H2310, ZGLg13, H9190, ZGL4030, H9120, ZGLg14, Lg14, ZGH9120
0,01
1247,29
1,6%
A236
Zwarte Specht
Lg13, ZGH9190, ZGLg13, H9190, H9120, Lg14, ZGH9120, ZGLg14
0,01
1230,01
1,9%
A246
Boomleeuwerik
H2330, H6230dka, Lg09, ZGLg09, H4030, L4030, H2320, ZGH4030, H2310, ZGL4030
0,01
17,28
0,1%
A255
Duinpieper
H2330, H2310
0,01
0,63
0%
A277
Tapuit
H2330, H6230dka, Lg09, ZGLg09, H4030, L4030, H2320, ZGH4030, H2310, ZGL4030
0,01
17,28
0,1%
1. De habitat- en/of leefgebiedtypen met een toename aan stikstoftoename binnen het leefgebied van de soort volgens de relatie-leefgebied tabel (BIJ12, 2020) 2. Maximale toename aan stikstofdepositie in mol N/ha/jaar op hexagonen met een (naderende) overschrijding van de KDW door achtergronddepositie inclusief de berekende stikstofdepositie. 3. Totaal gekarteerd oppervlak met een relevante toename aan stikstofdepositie. 4. Het percentage aan areaal met een relevante toename aan stikstofdepositie ten opzichte van het totale areaal binnen het Natura 2000-gebied.
In de volgende paragrafen wordt de toename aan stikstofdepositie op het leefgebied van iedere broedvogelsoort uit bovenstaande tabel beoordeeld. Zie Bijlage 3 voor een algemene omschrijving per soort. A072 - Wespendief Instandhoudingsdoelstelling De instandhoudingsdoelstelling voor de wespendief in Natura 2000-gebied Veluwe is behoud van omvang en kwaliteit van het leefgebied met een draagkracht voor ten minste 100 broedparen.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 72/92
Huidig voorkomen en trend in populatie De wespendief komt met een langjarig seizoensgemiddelde van naar schatting 94 broedparen voor in de Veluwe, waarmee de instandhoudingsdoelstelling niet wordt behaald. De trend in aantal broedparen is onbekend (Sovon). Omschrijving leefgebied De wespendief heeft geschikt leefgebied in de stikstofgevoelige habitattypen Stuifzandheiden met struikhei (H2310), Binnenlandse kraaiheibegroeiingen (H2320), Droge heiden (H4030) en leefgebiedtype L4030. De kwaliteit van het leefgebied is onbekend. De omvang van het leefgebied is stabiel, de kwaliteit van het leefgebied gaat achteruit door een afname van prooidieren (Gebiedsanalyse-57, 2017). Berekende toename aan stikstofdepositie Op 0,1% (17,28 ha) van het totale stikstofgevoelige leefgebied van de broedvogelsoort Wespendief vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats. Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 100% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 7.6).
Figuur 7.6: De locatie in het Natura 2000-gebied Veluwe met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op het leefgebied van Wespendief (A072).
Knelpunten Het leefgebied van de wespendief varieert van uitgestrekt gesloten bos tot bosfragmenten in halfopen landschap. Momenteel is de relatie tussen stikstofbelasting in de stikstofgevoelige bossen en de voedselbeschikbaarheid nog onbekend (Gebiedsanalyse-57, 2017). Te hoge stikstofdepositie kan resulteren in een afname van de prooibeschikbaarheid. Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 73/92
Beoordeling toename aan stikstofdepositie De kwaliteit van het leefgebied van de wespendief is matig. Het langjarige seizoensgemiddelde is lager dan de instandhoudingsdoelstelling, de populatietrend is onbekend. Stikstofdepositie vormt een knelpunt voor de kwaliteit en omvang van het leefgebied. Op 92% van het areaal aan stikstofgevoelig leefgebied is sprake van een relevante projectgebonden toename aan stikstofdepositie. De toename in stikstofdepositie is dermate gering (maximaal 0,01 mol N/ha/jaar) dat dit geen meetbare ecologische gevolgen kan hebben voor de kwaliteit van het leefgebied van de wespendief. De voorgenomen ontwikkeling zal geen significante negatieve gevolgen hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van de wespendief binnen het Natura 2000-gebied de Veluwe. A233 - Draaihals Instandhoudingsdoelstelling De instandhoudingsdoelstelling voor de draaihals in Natura 2000-gebied Veluwe is uitbreiding van omvang en verbetering van kwaliteit van het leefgebied ten behoeve van (her)vestiging van de populatie. Huidig voorkomen en trend in populatie De draaihals komt met een langjarig seizoensgemiddelde van 47 broedparen voor in de Veluwe (Sovon), hetgeen aangeeft dat de kwaliteit en de omvang van het leefgebied voldoen aan de instandhoudingsdoelstelling. De populatietrend is onbekend (Sovon).
Omschrijving leefgebied De draaihals heeft geschikt leefgebied in de stikstofgevoelige habitattypen Stuifzandheiden met struikhei (H2310), Binnenlandse kraaiheibegroeiingen (H2320), Zandverstuivingen (H2330), Droge heiden (H4030), Beukeneikenbossen met hulst (H9120) en Oude eikenbossen (H9190) en de stikstofgevoelige leefgebiedtypen Bossen op arme zandgrond (Lg13), Eikenbeukenbossen op lemige zandgronden (Lg14) en Weinig vergraste heide en stuifzand (L4030). Berekende toename aan stikstofdepositie Op 1,6% (1247,29 ha) van het totale stikstofgevoelige leefgebied van de broedvogelsoort Draaihals vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats. Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 100% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 7.7).
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 74/92
Figuur 7.7: De locatie in het Natura 2000-gebied Veluwe met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op het leefgebied van Draaihals (A233).
Knelpunten De draaihals binnen de Veluwe is voornamelijk gevoelig voor verruiging, afname van nestgelegenheid, verdroging en recreatie. Draaihalzen hebben een sterke voorkeur voor leefgebieden met een flink aandeel open grond. Door middel van stikstofdepositie kunnen stikstofminnende vegetatiesoorten gaan woekeren waardoor deze open vlakken verdwijnen. Beoordeling toename aan stikstofdepositie De kwaliteit van het leefgebied van de draaihals is slecht. De draaihals is met een langjarige seizoensgemiddelde van 47 broedparen op de Veluwe aanwezig, de populatietrend is onbekend. Op 98% van het areaal aan stikstofgevoelig leefgebied is sprake van een relevante projectgebonden toename aan stikstofdepositie. Vanwege het langjarige stabiele seizoensgemiddelde en de zeer geringe toename in stikstofdepositie van slecht 0,01 mol N/ha/jaar zullen er geen meetbare ecologische gevolgen zijn voor de kwaliteit van het leefgebied van de draaihals. De voorgenomen ontwikkeling zal geen significante negatieve gevolgen hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van de draaihals binnen het Natura 2000-gebied de Veluwe. A236 - Zwarte Specht Instandhoudingsdoelstelling De instandhoudingsdoelstelling voor de zwarte specht in Natura 2000-gebied Veluwe is behoud van omvang en kwaliteit van het leefgebied met een draagkracht voor ten minste 400 broedparen.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 75/92
Huidig voorkomen en trend in populatie De zwarte specht komt met een langjarig seizoensgemiddelde van naar schatting 391 broedparen voor in de Veluwe, waarmee de instandhoudingsdoelstelling niet wordt behaald. De trend in aantal broedparen is stabiel (Sovon). Omschrijving leefgebied De zwarte specht heeft geschikt leefgebied in de stikstofgevoelige habitattypen Beuken-eikenbossen met Hulst (H9120) en Oude eikenbossen (H9190) en de stikstofgevoelige leefgebiedtypen Bos op arme zandgronden (Lg13) en Eikenen beukenbos van lemige zandgronden (Lg14). De kwaliteit van het leefgebied is goed. De omvang van het leefgebied is stabiel, de trend in kwaliteit is onduidelijk maar zou licht afnemend kunnen zijn (Gebiedsanalyse-57, 2017). Berekende toename aan stikstofdepositie Op 1,9% (1230,01 ha) van het totale stikstofgevoelige leefgebied van de broedvogelsoort Zwarte Specht vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats. Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 100% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 7.8).
Figuur 7.8: De locatie in het Natura 2000-gebied Veluwe met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op het leefgebied van Zwarte Specht (A236).
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 76/92
Knelpunten Het leefgebied van de zwarte specht bestaat uit aaneengesloten bos met kleinschalige onderbrekingen. Enkel middels langjarige overbelasting met stikstof kan vergrassing optreden welke een mogelijk negatief effect kan hebben op het verkrijgen van voedsel of de soortsamenstelling veranderd, voornamelijk hout- en bosmieren van belang voor zwarte specht. Beoordeling toename aan stikstofdepositie De kwaliteit van het leefgebied van de zwarte specht is goed. Het langjarige seizoensgemiddelde van de zwarte specht is lager dan de instandhoudingsdoelstelling, de populatietrend is stabiel. Stikstofdepositie vormt een knelpunt voor de kwaliteit het leefgebied en heeft met name effect op de beschikbaarheid van voedsel. Op 99% van het areaal aan stikstofgevoelig leefgebied is sprake van een relevante projectgebonden toename aan stikstofdepositie. De kwaliteit van het leefgebied is ondanks de overschrijding van de KDW echter goed en de populatietrend is stabiel is. Voorgenomen ontwikkelingen zullen geen significant negatief effect hebben op de instandhouding van de zwarte specht binnen het Natura 2000-gebied de Veluwe. A246 - Boomleeuwerik Instandhoudingsdoelstelling De instandhoudingsdoelstelling voor de boomleeuwerik in Natura 2000-gebied Veluwe is behoud van omvang en kwaliteit van het leefgebied met een draagkracht voor ten minste 2.400 broedparen.
Huidig voorkomen en trend in populatie De boomleeuwerik komt met een langjarig seizoensgemiddelde van naar schatting 1.674 broedparen voor in de Veluwe, waarmee de instandhoudingsdoelstelling niet wordt behaald. De trend in aantal broedparen is stabiel (Sovon). Omschrijving leefgebied De boomleeuwerik heeft geschikt leefgebied in de stikstofgevoelige habitattypen Stuifzandheiden met struikhei (H2310), Binnenlandse kraaiheibegroeiingen (H2320), Zandverstuivingen (H2330), Droge heiden (H4030, Heischrale graslanden (vka) (H6230) en de stikstofgevoelige leefgebieden Droog struisgrasland (Lg09) en Weinig vergraste heide en stuifzand (L4030). De stikstofgevoelige habitattypen en leefgebiedtypen beslaan samen ongeveer 22% van het geschikte areaal aan leefgebied van de boomleeuwerik op de Veluwe (Gebiedsanalyse-57, 2017). De kwaliteit van het leefgebied lijkt voldoende. De trend in omvang van het leefgebied is stabiel, maar de trend in kwaliteit lijkt licht negatief, ten gevolge van negatieve effecten van stikstofdepositie op de stikstofgevoelige delen van het leefgebied (Gebiedsanalyse-57, 2017). Berekende toename aan stikstofdepositie Op 0,1% (17,28 ha) van het totale stikstofgevoelige leefgebied van de broedvogelsoort Boomleeuwerik vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats.
Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 100% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 7.9).
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 77/92
Figuur 7.9: De locatie in het Natura 2000-gebied Veluwe met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op het leefgebied van Boomleeuwerik (A246).
Knelpunten Voor de boomleeuwerik zijn een aantal knelpunten samenhangend met stikstofdepositie beschreven. Zo kan een te hoge stikstofdepositie leiden tot het minder optimaal worden van het leefgebied en verminderde prooibeschikbaarheid en bereikbaarheid. Beoordeling toename aan stikstofdepositie De kwaliteit van het leefgebied van de boomleeuwerik is matig. Het langjarige seizoensgemiddelde van de boomleeuwerik is lager dan de instandhoudingsdoelstelling, de populatietrend is stabiel. Op 93% van het areaal aan stikstofgevoelig leefgebied is sprake van een relevante projectgebonden toename aan stikstofdepositie. Voor het stikstofgevoelige deel van het leefgebied (22%) van de boomleeuwerik vormt stikstofdepositie een knelpunt. Het overgrote deel van het leefgebied van de boomleeuwerik (namelijk 78%) op de Veluwe is echter niet stikstofgevoelig. Aangezien merendeel van het leefgebied niet stikstofgevoelig is en de toename van stikstofdepositie dermate gering (0,01 mol N/ha/jaar) zullen geen ecologische negatieve effecten plaatsvinden op de kwaliteit van het leefgebied van de boomleeuwerik. De voorgenomen ontwikkeling zal geen significante negatieve gevolgen hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van de boomleeuwerik binnen het Natura 2000-gebied de Veluwe.
A255 - Duinpieper Instandhoudingsdoelstelling De instandhoudingsdoelstelling voor de duinpieper in Natura 2000-gebied Veluwe is uitbreiding van omvang en verbetering van kwaliteit van het leefgebied ten behoeve van (her)vestiging van de populatie.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 78/92
Huidig voorkomen en trend in populatie De duinpieper komt met een langjarig seizoensgemiddelde van 0 broedparen voor in de Veluwe, waarmee de instandhoudingsdoelstelling niet wordt behaald. De trend in aantal broedparen is stabiel (Sovon). Omschrijving leefgebied De duinpieper heeft geschikt leefgebied in de stikstofgevoelige habitattypen Stuifzandheiden met struikhei (H2310) en Zandverstuivingen (H2330). De kwaliteit van het leefgebied is slecht. De omvang van het leefgebied is stabiel. Berekende toename aan stikstofdepositie Op 0% (0,63 ha) van het totale stikstofgevoelige leefgebied van de broedvogelsoort Duinpieper vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats. Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 100% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 7.10).
Figuur 7.10: De locatie in het Natura 2000-gebied Veluwe met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op het leefgebied van Duinpieper (A255).
Knelpunten Het leefgebied van de duinpieper bestaat uit aaneengesloten open stuifzandvegetatie van minimaal 50 ha. Mogelijk staat de oppervlakte van geschikt leefgebied op de Veluwe onder druk wegens dichtgroeien en vastlegging van stuifzanden. Een hoge stikstofdepositie draagt bij aan deze problematiek vanwege het versnellen van successie en vergrassing.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 79/92
Beoordeling toename aan stikstofdepositie De kwaliteit van het leefgebied van de duinpieper is slecht. De duinpieper komt al jaren niet voor op de Veluwe. Stikstofdepositie vormt één van de knelpunten voor het leefgebied van de duinpieper. Op 99% van het areaal aan stikstofgevoelig leefgebied is sprake van een relevante projectgebonden toename aan stikstofdepositie. Gezien de geringe toename in stikstofdepositie van maximaal 0,01 mol N/ha/jaar en het afwezig zijn van de Duinpieper zullen geen negatieve ecologische effecten plaatsvinden. De voorgenomen ontwikkeling zal geen significante negatieve gevolgen hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van de duinpieper binnen het Natura 2000gebied de Veluwe. A277 - Tapuit Instandhoudingsdoelstelling De instandhoudingsdoelstelling voor de tapuit in Natura 2000-gebied Veluwe is uitbreiding van omvang en verbetering van kwaliteit van het leefgebied met een draagkracht voor ten minste 100 broedparen. Huidig voorkomen en trend in populatie De tapuit komt met een langjarig seizoensgemiddelde van 2 broedparen voor in de Veluwe, waarmee de instandhoudingsdoelstelling niet wordt behaald. De trend in aantal broedparen sinds 2007 is onzeker, de trend sinds 1990 is sterk negatief (Sovon).
Omschrijving leefgebied De tapuit heeft geschikt leefgebied in de stikstofgevoelige habitattypen Stuifzandheiden met struikhei (H2310), Binnenlandse kraaiheibegroeiingen (H2320), Zandverstuivingen (H2330), Droge heiden (H4030) en Heischrale graslanden (H6230) en de stikstofgevoelige leefgebiedtypen Droog struisgrasland (Lg09) en Weinig vergraste heide en stuifzand (L4030). De kwaliteit van het leefgebied is slecht. De omvang van het leefgebied is afgenomen door onder andere verdergaande successie, opslag en verruiging van sommige terreinen. De kwaliteit van het leefgebied is eveneens afgenomen, onder andere door een afname in de konijnenstand en verzuring en vermesting (Gebiedsanalyse-57, 2017). Berekende toename aan stikstofdepositie Op 0,1% (17,28 ha) van het totale stikstofgevoelige leefgebied van de broedvogelsoort Tapuit vindt, ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling, een toename aan stikstofdepositie plaats. Van dit areaal met een toename aan stikstofdepositie, ondervindt 100% een (naderende) overschrijding van de KDW door de huidige achtergronddepositie inclusief de berekende toename aan stikstofdepositie. Het areaal met een (naderende) overschrijding van de KDW ondervindt een maximale toename aan stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar (Figuur 7.11).
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 80/92
Figuur 7.11: De locatie in het Natura 2000-gebied Veluwe met de maximale relevante toename aan stikstofdepositie op het leefgebied van Tapuit (A277).
Knelpunten De tapuit broedt in open landschappen en foerageert op kale bodem met vegetatie van korte grassen. Knelpunten voor de tapuit op de Veluwe zijn voornamelijk een gebrek aan geschikte terreinen van voldoende oppervlakte, vermesting en verzuring. Vermesting en verzuring resulteren in vergrassing en verruiging van geschikte gebieden. Beoordeling toename aan stikstofdepositie De kwaliteit van het leefgebied van de tapuit is slecht. Het langjarige seizoensgemiddelde van de tapuit is lager dan de instandhoudingsdoelstelling, de populatietrend is sterk negatief. Op 94% van het areaal aan stikstofgevoelig leefgebied is sprake van een relevante projectgebonden toename aan stikstofdepositie. De geringe toename van maximaal 0,01 mol N/ha/jaar aan stikstofdepositie zal geen meetbare ecologische effecten hebben op de kwaliteit van het leefgebied van de tapuit. De voorgenomen ontwikkeling zal geen significante negatieve gevolgen hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van de tapuit binnen het Natura 2000-gebied de Veluwe. Conclusie In het Natura 2000-gebied Veluwe is de toename aan stikstofdepositie van maximaal 0,01 mol N/ha/jaar te laag om te resulteren in ecologische aantoonbare aantasting van de kwaliteit of oppervlakteverlies van het leefgebied van aangewezen broedvogels. De kans op een ecologisch effect is volgens bovenstaande beoordeling afwezig.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 81/92
7.6 Beoordeling Niet-broedvogels Er zijn in het Natura 2000-gebied Veluwe geen niet-broedvogels aangewezen met een definitieve status. Er kan derhalve geen toename aan stikstofdepositie plaatsvinden op stikstofgevoelig leefgebied. Conclusie Significante effecten door toename aan stikstofdepositie ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling zijn uitgesloten.
7.7 Conclusie De voorgenomen ontwikkeling veroorzaakt een toename aan stikstofdepositie van maximaal 0,01 mol N/ha/jaar op stikstofgevoelige natuur binnen het Natura 2000-gebied Veluwe. Voor de habitattypen en/of leefgebieden van kwalificerende soorten waarvoor geldt dat de KDW wordt overschreden, is onderzocht of de berekende toename aan stikstofdepositie kan leiden tot een in ecologische zin aantoonbare aantasting van de kwaliteit of oppervlakte verlies van het stikstofgevoelige areaal. Op basis van een gebiedsspecifieke analyse kan worden geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkelingen niet zullen leiden tot een negatief ecologisch effect.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 82/92
8. Effectbeoordeling cumulatie Dit hoofdstuk gaat in op de toetsing van mogelijke cumulatieve effecten van stikstof. Cumulatie van stikstof kan ontstaan op habitattypen en/of leefgebieden binnen een Natura 2000-gebied. Uit onze inventarisatie zijn verschillende vergunningen naar voren gekomen waarmee een toename aan stikstofdepositie wordt toegestaan. Onderstaande tabellen geven een overzicht weer van de gevonden vergunde projecten met een significante toename aan stikstofdepositie op minstens één van de genoemde Natura 2000-gebieden. Voor het opstellen van de lijst met projecten waarmee cumulatie kan optreden is een vergunningeninventarisatie uitgevoerd. Hiervoor zijn bij provincies projectgegevens opgevraagd. Ook is via verschillende bekendmakingssites, zoals die van de provincies en LNV, de lijst aangevuld. Als laatste is er gezocht via de zoekmachine van Google op effecten op de betreffende Natura 2000gebieden. Dit tezamen heeft geleid tot een aantal projecten, waarvan de gegevens zijn samengevat in de onderstaande tabellen. Hoewel er een uitgebreide inventarisatie is gedaan, bestaat er sinds de PAS-uitspraak geen centrale registratie meer van natuurvergunningen voor projecten met effecten door stikstofdepositie. Het is daardoor niet mogelijk de lijst met vergunde projecten hieraan te valideren.
Echter, gelet op de gebruikte methodiek en de geleverde onderzoeksinspanning, wordt de gevonden informatie betreffende vergunde projecten als voldoende beschouwd. Conclusies over cumulatieve effecten die op basis van deze gegevens zijn opgesteld hebben de vereiste zekerheid. De totale cumulatieve depositie van TabellenTabel 8-1 t/m 8.4 gaan uit van een ‘worst-case’ situatie. Dit houdt in dat de analyse uitgaat van een situatie waar de volledige plan- of projectgebonden stikstofuitstoot uit deze tabellen, in cumulatie met de plangebonden stikstofuitstoot van Hessenpoort 3, op hetzelfde moment, in zijn volledige hoeveelheid neerslaat. In de praktijk zal de maximale depositie echter op verschillende locaties en habitattypen neerdalen. Daarbij kennen de vergunde plannen en projecten ook verschillende uitvoeringsjaren. De daadwerkelijk cumulatie van tijdelijke stikstofdepositie op het door het plan beïnvloed areaal is daarom minder.
Sweco | Ecologische beoordeling stikstofdepositie voorgenomen ontwikkeling van Hessenpoort 3 in Zwolle Projectnummer: 51008996 Datum: 25-05-2022 Versie: C1.0 83/92
Tabel 8-1: Vergunde Wnb stikstofplannen of -projecten sinds 29 mei 2019 met een stikstofdepositie op het Natura 2000-gebied Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht. Datum van bekendmaking, vergunningverlener en de maximale bijdragen staan vermeld in onderstaande tabel. * = ontwerpbesluit Datum van Plan of Project (kenmerk) Vergunning verlener Maximale bijdrage besluit [mol N/ha/jaar] Tijdelijk