Bpl Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14 vaststelling__TOELICHTING
Tekst van het document
Het uitgangspunt van het STOMP-principe is dat lopen (Stappen) en fietsen (Trappen), al dan niet in combinatie met bus en trein (Openbaar Vervoer), de norm worden bij alle nieuwe ontwikkelingen. Hierbij wordt zoveel mogelijk het principe van Mobility as a Service (MaaS) toegepast: Het bieden van slimme (digitale) oplossingen voor het bijvoorbeeld het kunnen reserveren van deelauto's of het checken van de beschikbaarheid en betalen van deelmobiliteit of openbaar vervoer. De auto (Privé voertuigen) komt op de laatste plaats en vanuit de methode van de 'ladder voor duurzame mobiliteit' wordt er bij ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving gestreefd naar een zo klein mogelijke groei van autobezit en autogebruik en stimuleren van alternatieven. Om te waarborgen dat beide leidende principes ook daadwerkelijk worden toegepast leggen we bij alle toekomstige fysieke gebiedsontwikkelingen in de stad altijd verplicht een Mobiliteits Programma van Eisen (MPvE) op. Hiermee wordt gewaarborgd dat duurzame mobiliteit integraal bij de gebiedsontwikkeling wordt meegenomen. Het STOMP-principe en de Ladder vormen daarbij het uitgangspunt.
28/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
Mobiliteitsbeleid Het op dit moment vigerende Zwolse mobiliteitsbeleid vloeit voort uit het rijks - en provinciaal beleid en is verwoord in de Mobiliteitsvisie. De Mobiliteitsvisie is door de gemeenteraad vastgesteld op 16 december 2019. In de mobiliteitsvisie komt naar voren dat de verdere groei van de mobiliteit niet zondermeer opgevangen wordt door de mobiliteitsvraag te faciliteren met nieuwe infrastructuur. En dat de ambitie is voornamelijk te investeren in een bereikbaar en toegankelijk Zwolle, waarbij mobiliteit gaat bijdragen aan andere Zwolse doelstellingen. Van economische groei tot de woningbouwopgave; van klimaat neutrale gemeente tot gezonde en vitale wijken. De ambitie is dat we ervoor zorgen dat Zwolle ook in de toekomst goed bereikbaar is door fietsen, lopen en reizen met het openbaar vervoer te stimuleren én door het autogebruik te verminderen, beter te spreiden en alternatieven te stimuleren. Alleen met al deze maatregelen kunnen we de knelpunten in het Zwolse verkeer voldoende wegnemen om de verwachte groei van verkeersdeelnemers op te vangen en Zwolle bereikbaar, veilig en leefbaar te houden. Zwolle heeft een gunstige positie qua ontwikkeling. In de na te streven doelen op het gebied van duurzaamheid, milieu, bereikbaarheid, economische groei en leefbaarheid is het daarom noodzakelijk keuzes te maken.
Zwolle pakt haar mobiliteitsopgave aan door bereikbaarheid te realiseren in combinatie met leefbaarheid en gezondheid De STOMP-methode is in Zwolle leidend bij onze ontwerpopgaven voor infrastructuur bij de inrichting van de buitenruimte. De Regeling Parkeernormen 2016 welke voor het laatst in 2021 is geactualiseerd, is het toetsingskader voor parkeren in het geval van vastgoedontwikkelingen, bestemmingsplannen en aanvragen van een omgevingsvergunning in de gemeente Zwolle. Het beleid van de Gemeente Zwolle is dat de parkeeropgave van een bouwplan of een ontwikkeling primair op eigen terrein van het bouwplan of ontwikkeling gerealiseerd moet worden.
Gebiedsvisie Zwartewaterallee De Zwartewaterallee is onderdeel van de Ring van Zwolle. die onder andere de wijken Aa-landen en Holtenbroek ontsluit in diverse richtingen. Het functioneren van de Zwartewaterallee met de daarop aansluitende wegen speelt een belangrijke in het stedelijk netwerk. In het kader van de gebiedsvisie Zwartewaterallee is er verkeersonderzoek uitgevoerd naar het effect van de woningbouw langs de Zwartewaterallee, omdat de toename in programma extra verkeersbewegingen oplevert die een mogelijke impact op de bereikbaarheid, verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid in de directe omgeving van de diverse kruispunten. Geanalyseerd is in hoeverre de ontwikkelingen impact hebben op de doorstroming op de kruispunten. Uitkomst van die studie is dat het verkeer op de Zwartewaterallee goed doorstroomt tot zij bij de aansluiting A28 noord komen. Op dat kruispuntcomplex kan het verkeer niet verwerkt worden zonder wachtrijvorming. De reistijdverhouding tussen spits en dal op het traject Zwartewaterallee/Blaloweg blijft net onder de 2,0 is daarmee nog acceptabel. Op andere kruispunten is de kruispuntafwikkeling ten opzichte van het scenario 2030 autonoom iets verslechterd. Dit gebeurt met name op de kruispunten bij de Holtenbroekerbrug en Mozartlaan (Deltion) en bij de Rijnlaan. De ontwikkeling Zwartewaterallee 14 vormde geen onderdeel van dit onderzoek.
Echter is in "Mobiliteitsnotitie Transformatie Zwartewaterallee 14" (zie bijlage) aangetoond dat de verkeersgeneratie van de nieuwe functie vergelijkbaar is met de huidige functie. Waardoor naar verwachting het verkeerseffect verwaarloosbaar is en vergelijkbaar is met de huidige situatie.
29/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
3.2.2
Beoordeling
Er is voor het voorliggende plan een Mobiliteitsnotitie Transformatie Zwartewaterallee 14 (Tauw, 25 april 2023, zie bijlage) opgesteld. Ingegaan wordt op het mobiliteitsconcept, het parkeren, de ontsluiting en de effecten op de doorstroming en de verkeersveiligheid. Deze notitie geeft de volgende conclusies. Uit het onderzoek blijkt dat de verkeersgeneratie van de nieuwe functie op de Zwartewaterallee 14 vrijwel gelijk is aan die van de huidige functie. De verdeling over de dag zal verschuiven: minder in de ochtend- en avondspits en meer geleidelijk over de dag. Vanwege de beperkte verkeersgeneratie zal het verkeer relatief snel opgaan in het bestaande verkeersbeeld. Het effect op verkeersveiligheid en de doorstroming op de Monteverdilaan en de aansluiting met de Nijverheidsstraat is beperkt. Vanwege de beperkte verkeersbewegingen ten opzichte van het geheel aan bewegingen is de impact beperkt en zijn geen significante effecten te verwachten ten aanzien van doorstroming en verkeersveiligheid. Bij de Zwartewaterallee 14 zijn in de huidige situatie 140 parkeerplaatsen beschikbaar op eigen terrein. Na de herontwikkeling blijven er 45 parkeerplaatsen over. Gelet op de doelgroepen en type woningen in combinatie met het mobiliteitsconcept is het aannemelijk dat dit aantal voldoende is voor deze transformatie 3.2.3
Conclusie
Op basis van bovenstaande beoordeling is de conclusie dat het plan miet in strijd is met de geldende kaders, waaronder de Regeling Parkeernormen. 3.2.4
Uitgangspunten planregel
De algemeen toegepaste bestemmingsplanregel voor parkeren wordt in dit plan opgenomen.
3.3
Omgevingskwaliteit
3.3.1
Stedenbouw
3.3.1.1 Kaders
Omgevingsvisie Het plan geeft op hoofdlijnen voldoende invulling aan de kaders van de omgevingsvisie voor Zwolle en van de gebiedsvisie voor de Zwartewaterallee. Bij de uitwerking is aandacht nodig voor de kwaliteit van het gebouw en de directe omgeving daarvan. Stedenbouwkundig is specifiek aandacht vooral nodig voor de effecten van hoogbouw op de omgeving en voor de inrichting van de buitenruimte. De omgevingsvisie bevat een visie op hoogbouw in de gemeente. Zwolle wil 6.000 nieuwe woningen bouwen voor 2030, waarbij inbreiding voor uitbreiding gaat. Bij inbreiding komen in de bestaande stad op hetzelfde totale oppervlak meer woningen. Dat betekent dat er meer woningen gestapeld zullen worden en er hogere woongebouwen komen. Dat betekent ook dat er meer mensen, meer auto's, fietsen en meer behoefte aan groen en buitenruimte per vierkante meter. Op het gebied van stedenbouw is hoogbouw een middel om op belangrijke knooppunten voor openbaar vervoer een stedelijke dynamiek en sfeer te creëren. Een sterke verbinding met het openbaar vervoer maakt de afhankelijkheid van de auto kleiner. Het creëert de noodzakelijke ruimte voor een kwalitatief
30/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
hoogwaardige buitenruimte, met onder meer groen. Ook kunnen hogere gebouwen een functie hebben om specifieke plekken in de stad te duiden, zoals het station, winkelcentra, een gebied met ontspanning en vertier of de entree van een wijk. We noemen dat het leesbaar maken van de stad. Onder hoogbouw verstaan we gebouwen hoger dan de gemiddelde kroonhoogte van de bomen, en dat begint bij ongeveer 25 meter of ongeveer 8 bouwlagen. Vanaf deze hoogte is het verplicht om effecten van de hoogbouw op de omgeving in beeld te brengen. Hoogbouw moet wel kwaliteit toevoegen aan onze stad. Na de transformatie en het toevoegen van een verticaal bouwdeel wordt het voormalige LTO-gebouwhoger dan 25 meter en dat betekent dat een hoogbouw effectrapportage nodig is. Een Hoogbouw Effect Rapportage (HER) toont aan hoe een plan zich verhoudt tot de gestelde uitgangspunten. Daarnaast geeft het inzicht in de gevolgen voor schaduwwerking, windval, sociale veiligheid, het landschap en het omliggende gebied (o.a. cultuurhistorische waarden). Het rapport maakt onderdeel uit van de besluitvorming door college en gemeenteraad, zodat een integrale beoordeling mogelijk is.
Verder geeft de visie op hoogbouw voor de locatie enkele uitgangspunten voor de architectonische uitstraling: Onderdeel van een stedelijk ensemble; Minimale verhouding breedte - hoogte is 1:3; Altijd een driedeling, hetzij horizontaal (stapelen) of verticaal (opdelen); Alzijdige uitstraling, alle kanten zijn voorkanten van het gebouw; Publieke begane grond en bij voorkeur ook de eerste verdieping; Menselijke maat en schaal, variatie en afleesbare eenheden in de opbouw.
3.3.1.2 Beoordeling
Hoogbouw Er is een Hoogbouw Effect Rapportage Transformatie Zwartewaterallee 14, Zwolle opgesteld (Tauw, 17 april 2023, zie bijlage). Deze HER geeft een nadere onderbouwing van de stedenbouwkundige inpassing, met in achtneming van de omgevingsvisie. Er wordt onder andere ingegaan op de ruimtelijke impact op de omgeving, sociale veiligheid, schaduwwerking en windval. Het initiatief is de eerste maar een passende invulling van de kaders en de beelden in de Omgevingsvisie en de Gebiedsvisie Zwartewaterallee. Op basis van het bezonningsonderzoek kan worden geconcludeerd dat de schaduwwerking van het initiatief op de directe omgeving volgens de lichte TNO-normering acceptabel is en geen onevenredig negatieve effecten op de bezonning van omliggende gebouwen tot gevolg heeft. Op het gebied van sociale veiligheid voldoet de planontontwikkeling op basis van een beknopte toets aan de ZETA-richtlijnen. Het initiatief zal leiden tot een sterke verbetering van de sociale veiligheid in en om het gebouw, ten opzichte van de huidige situatie. De beoogde optopping van het bestaande gebouw met 2 bouwlagen heeft wel een beperkte toename van windhinder tot gevolg, vooral bij de gebouwhoeken.
Naar aanleiding van de verwachte toename van windhinder wordt het navolgende geadviseerd: Nabij de zuidoosthoek de aanwezige begroeiing handhaven om optredende windeffecten te dempen De aanwezige struikbegroeiing bij de noordwesthoek verhogen tot 1,5 meter hoogte Optioneel het plaatsen van terrasschermen of afschermende begroeiing aan de zuidwestzijde van het terras. Een beoordeling 'slecht' volgens de norm NEN 8100 of een overschrijding van de criteria voor windgevaar zijn echter nergens in het plangebied of directe omgeving te verwachten. Architectonische uitstraling
31/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
De meest uitgangspunten voor de architectonische uitstraling waren al onderdeel van de toetsing aan het ruimtelijk beleid van de gemeente. Alleen de breedte-hoogteverhouding van 1:3 en de driedeling horizontaal (stapelen) of verticaal (opdelen) kwamen nog niet aan bod. Omdat eigenlijk alleen het verticale bouwdeel onder hoogbouw is te rekenen en dat voldoet de breedte-hoogteverhouding is de beoordeling positief. Het verticale bouwdeel kent in horizontale zin maar twee delen, de ingang en de woonverdiepingen. Omdat de 'toren' niet veel hoger is dan en onderdeel van de compositie van het gebouw is dat geen bezwaar. Inrichting buitenruimte Behalve door een transparante plint en een levendig programma in de plint, sluit het gebouw na de transformatie goed aan op het groene beeld in de gebiedsvisie door een terras en een tuin aan de zijde van de Zwartewaterallee met een afschermende haag. Al het parkeren ligt aan de achterzijde van het gebouw en uit het zicht van de Zwartewaterallee. Op de geringe ruimte die overblijft op het parkeerdeel zet de ontwikkeling op een groene invulling met geveltuintjes, gevelbegroeiing en bomen tussen de parkeerplaatsen. Daarmee krijgt het terrein ook een meer alzijdige uitstraling en kwaliteit. 3.3.1.3 Conclusie Het plan is niet in strijd met de kaders voor stedenbouw.
3.3.1.4 Uitgangspunten planregel De bouwmogelijkheden worden met het opnemen van een bouwvlak en een maxmale hoogtemaat op de plankaart begrensd. 3.3.2
Cultuurhistorie en archeologie
3.3.2.1 Kaders Het Besluit ruimtelijke ordening (art. 3.1.6) geeft aan dat de plantoelichting moet beschrijven op welke wijze met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden.
Omgevingsvisie De in Zwolle aanwezige cultuurhistorische waarden maken deel uit van het fysieke kapitaal van Zwolle, zoals beschreven in de Omgevingsvisie Ons Zwolle van Morgen. Het Zwolse erfgoed met haar waardevolle gebouwen, structuren, landschappen en archeologische rijkdommen heeft naast de historische en identiteitswaarde een onderscheidende en aantrekkende kracht voor de stad. We richten ons op de instandhouding van en onderzoek naar historisch waardevolle objecten, complexen, stedenbouwkundige en landschappelijke structuren en archeologische waarden. We koesteren het Zwolse erfgoed en zetten het in als één van de leidende en inspirerend principes bij (ruimtelijke) ontwikkelingen. Belangrijk is dat de waarden van het fysiek kapitaal op een zorgvuldige wijze wordt meegewogen bij ingrepen in de fysieke leegomgeving. Daarvoor zijn spelregels vastgelegd. Vanuit cultuurhistorie zijn dat: benut het maatschappelijk belang van erfgoed als identiteits-, kwaliteits-, en waarde vermeerderende factor bij ingrepen in de fysieke leefomgeving. Dit geldt ook voor niet wettelijk beschermde cultuurhistorisch waardevolle gebieden en gebouwen; aansluitend op vorige spelregel; cultuurhistorische waarden, ook niet beschermde, vormen een inspiratiebron voor ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving; het hergebruik van (cultuurhistorisch waardevolle) gebouwen heeft de voorkeur boven nieuwbouw.
gemeentelijke- en rijksmonumenten en archeologie zijn beschermd (ook qua instandhouding) via landelijke en gemeentelijke wet/regelgeving. Dit berschermingsregime is voor de gemeente leidend bij
32/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
ingrepen in de fysieke leefomgeving. Beleid cultuurhistorie en archeologie Het Zwolse beleid zoals verwoord in de vastgestelde beleidsnota voor het Zwols monumenten- en archeologiebeleid (Dynamiek van Oud & Nieuw, 2000) is gericht op de instandhouding van historisch waardevolle objecten, complexen, openbare ruimte en stedenbouwkundige en landschappelijke structuren. Om op een goede wijze rekening te houden met het cultureel erfgoed zijn de cultuurhistorische waarden binnen de gemeente geïnventariseerd, beschreven en gekwalificeerd. Op basis hiervan is in bestemmingsplannen een beschermende regeling opgenomen voor cultuurhistorisch waardevolle objecten en structuren. Op 18 augustus 2008 heeft de raad archeologiebeleid vastgesteld. Centraal thema is dat de archeologische waarden waar nodig worden beschermd, zonder dat er meer maatschappelijke lasten in het leven worden geroepen dan noodzakelijk zijn. Het archeologiebeleid Zwolle bevat onder andere de Archeologische Waarderingskaart Zwolle en de Lokale Onderzoeksagenda Archeologie Zwolle (archeologische onderzoeksthema's). Op basis hiervan is in bestemmingsplannen een beschermende regeling opgenomen. De beschermende regels richten zich op activiteiten in gebieden met een archeologische waarde welke kunnen leiden tot het verstoren van de bodem op een grotere diepte dan 0,5 meter en over een grotere oppervlakte dan 100 m².
3.3.2.2 Beoordeling Met dit besluit wordt de transormatie vvan een kantoorgebouw naar wonen mogelijk gemaakt. Binnen het plangebied bevinden zich geen cultuurhistorische waarden. De werkzaamheden zullen voor het bestaande pand bestaan uit werkzaamheden aan het pand zelf. Hier worden geen graafwerkzaamheden verricht dieper dan 0,5 m. In het nieuw te bouwen deel (circa 70 m2) worden graafwerkzaamheden uitgevoerd, afhankelijk van de nog te kiezen bouwmethode zal dit wel of niet dieper dan 0,5 m zijn. De binnen het plangebied al geldende dubbelbestemming Waarde-Archeologie stelt dat in zo'n geval geen onderzoek nodig is. 3.3.2.3 Conclusie Het plan is niet in strijd met de kaders voor cultuurhistorie en archeologie. 3.3.2.4 Uitgangspunten planregel De al geldende dubbelbestemming Waarde-Archeologie wordt overgenomen.
3.4
Gezondheid en veiligheid
De fysieke leefomgeving heeft alles in zich om een positieve bijdrage te leveren aan gezondheid. Om dat te bewerkstellingen is in de Omgevingsvisie Ons Zwolle van Morgen gekozen voor een brede benadering die uitgaat van beschermen, bevorderen en faciliteren van een betere gezondheid van bewoners en bezoekers van Zwolle. Er zijn meerdere aspecten die de gezondheid van mensen bepalen. In Zwolle vinden we het belangrijk dat die aspecten van betekenis zijn voor de ontwikkeling van Zwolle: 'Zwolle gezond'.
33/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
Gezondheid heeft raakvlakken met meerdere thema's, zoals klimaatadaptatie, biodiversiteit en milieu. We stellen 'Zwolle gezond' centraal als leidend principe voor een toekomstbestendig Zwolle. Hiervandaan zoeken we continu naar win-win situaties. We zetten Zwolle gezond in als handvat voor afwegingen in de fysieke leefomgeving. Daarbij beschouwt Zwolle milieu als een integraal onderdeel van de fysieke leefomgeving. Milieu is een thema dat van oudsher centraal geregeld is en waarbij in de laatste decennia ook de Europese Unie een grotere rol is gaan spelen. Naast het werken binnen de nationale en Europese kaders op het gebied van milieu krijgen gemeenten ook meer eigen afwegingsruimte om te handelen. Elk gebied is anders, maatwerk en flexibiliteit is daarom nodig. Vanuit dit oogpunt hanteert de gemeente Zwolle onder andere de volgende uitgangspunten: De door de Rijksoverheid wettelijk vastgestelde kwaliteitseisen vormen het minimale niveau voor de gemeente Zwolle. Daar waar afwegingsruimte beschikbaar is vanuit milieu, hanteren wij voornamelijk het 'ja, mits' uitgangspunt. We willen graag ontwikkelingen binnen de gemeente mogelijk maken; De milieukwaliteit wordt per saldo behouden.
Waar nodig én mogelijk wordt de milieukwaliteit verbeterd; Bij de bescherming en de verbetering van de milieukwaliteit zoeken naar synergie met ruimtelijke ontwikkelingen en andere beleidsvelden; Gebiedsgericht milieubeleid: de milieukwaliteit in een gebied is passend voor de functie van dat gebied; Bij de bescherming en verbetering van het milieu hanteren we een ketenbenadering: aanpak bij de bron heeft in principe de voorkeur. Maatregelen in het overdrachtsgebied en bij de ontvanger worden bij de afweging over de te bereiken milieukwaliteit integraal meegewogen.
34/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
3.4.1
Klimaat, energie en circulariteit
3.4.1.1 Kaders De Omgevingsvisie Mijn Zwolle van Morgen geeft aan dat bij nieuwe initiatieven altijd een KEC-toets wordt opgesteld. KEC staat voor klimaatadaptatie, energietransitie en circulariteit. We vinden het belangrijk dat bij elke ontwikkeling in de fysieke leefomgeving deze drie thema's integraal afgewogen worden. Om op dat een goede en transparante wijze te doen, stellen we een KEC-toets op. Klimaatadaptie Kernopgave uit de omgevingsvisie is dat Zwolle in 2050 klimaatbestendig is ingericht en daarmee veilig voor overstromingen en aangepast aan extreem weer. Door het veranderende klimaat is dat een ambitie die impact heeft op de fysieke leefomgeving om ook in de toekomst veilig en beschermt tegen het water te kunnen wonen, ondernemen en recreëren in Zwolle. We benutten en versterken de samenhang in het watersysteem dat bestaat uit verschillende onderdelen. Ten eerste het hoofdwatersysteem met de hoofdwater-keringen en het regionale watersysteem. Ten tweede de groen- blauwe structuur in de bestaande stad met daarin ruimte voor sponswerking en het tegengaan van hittestress. Onderling zijn de verschillende onderdelen met elkaar verbonden en vormen ze een fysieke onderlegger voor de omgevingsvisie om te komen tot een klimaatbestendig en adaptief Zwolle.
De klimaatadaptatie maatregelen die onderdeel zijn van het streefbeeld groenblauwe structuur hebben als doel om schade te reduceren en meerwaarde te leveren aan een aantrekkelijk en robuust Zwolle nu en in de toekomst. Met klimaatadaptatie maken we voor de uitvoer van maatregelen koppelingen met andere opgaven waar Zwolle voor staat, zoals het vergroten van biodiversiteit, versterken van de omgevingskwaliteit en het verbeteren van de gezondheid van Zwolse inwoners. Energieneutraal Energietransitie betekent de overgang van stroom en warmte uit fossiele brandstoffen, zoals gas, kernenergie en steenkolen, naar volledig hernieuwbare energie, zoals energie uit zon, wind, biomassa, de diepe ondergrond en water. De ontwikkeling naar een duurzame energievoorziening kent twee sporen. Het eerste is het verminderen van het energieverbruik. Het tweede de opwekking van duurzame energie (wind, zon, aardwarmte, waterkracht). Uitgangspunt is dat bij nieuwbouwontwikkelingen en herontwikkelingen deze energie neutraal zijn en bij voorkeur 'Nul op de Meter'. Het landelijke klimaatakkoord is de komende jaren de leidraad voor de energietransitie. Hierin wordt richting gegeven hoe klimaatdoelen te gaan realiseren. Zwolle wil in 2040 een volledig energieneutrale stad zijn (Zwolse coalitieakkoord 2022-2026).
Dat betekent dat alle energie die in Zwolle wordt gebruikt ook lokaal en duurzaam wordt opgewekt.. De voornaamste raakvlakken richten zich op de duurzame opwek van elektriciteit en warmte, de gebouwde omgeving en mobiliteit. De Transitievisie Warmte (TVW) van de gemeente Zwolle beschrijft op welke wijze de gemeente de warmtevraag op een aardgasvrije en duurzame manier wil gaan invullen. Holtenbroek is in de Transitievisie Warmte ingekleurd als warmtenet. Hiervoor wordt de haalbaarheid van een warmtenet op geothermie onderzocht.
Circulariteit Circulariteit betreft de circulaire economie, welke een essentieel onderdeel vormt van de duurzame ontwikkeling van de stad Zwolle. De circulaire economie is een economie waarin de waarde van grondstoffen zoveel mogelijk behouden blijft. Ook is het niet vanzelfsprekend meer dat producten worden aangeschaft en afgedankt, maar bijvoorbeeld worden gedeeld, gehuurd of geleased. Nederland wil in 2050 een circulaire economie zijn; een economie zonder afval, waarbij alles draait op
35/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
herbruikbare grondstoffen. We maken de transitie van onze huidige take-make-waste, lineaire economie naar een circulaire. Voor onze eigen bedrijfsvoering en projecten waar we als opdrachtgever betrokken zijn, geldt dat we een voorbeeldfunctie willen vervullen. We willen de stad en de regio inspireren hoe de transitie naar een circulaire economie te maken. De ambities op het gebied van circulaire gebiedsontwikkeling worden in de omgevingsvisie al deels vertaald naar de ambities op het gebied van mobiliteit, energie, klimaat, water, natuur inclusief bouwen en nieuwe stedelijkheid. Algemeen uitgangspunt voor een circulaire gebiedsontwikkeling zijn vier principes: Reductie (verminderen van de vraag naar grondstoffen); Synergie (het lokaal uitwisselen van stromen); Productie en inkoop (de resterende vraag duurzaam en circulair produceren en inkopen); Management (het monitoren van de stromen, om inzicht te krijgen in waar en wanneer er kans is voor verbetering). Circulair bouwen gaat om beschermen van grondstoffen, het beschermen van het milieu en het behouden van functionaliteit. Daarvoor zetten we de eerste stappen naar een Zwolse aanpak. Zwolle stelt een Zwolse standaard op voor het circulair bouwen van nieuwbouw, renovatie en de aanleg en beheer van de buitenruimte. Hierbij wordt zoveel mogelijk aangesloten bij landelijke keurmerken en regelgeving.
3.4.1.2 Beoordeling Door het gebouw niet geheel te slopen, maar de structuur juist te hergebruiken worden grondstoffen niet onnodig verspild. Het gebouw zal verder verduurzaamd worden, niet alleen door de toepassing van duurzame installaties, maar ook door het toepassen van gevelgroen, groene daken (gecombineerd met zonnepanelen) en natuur inclusieve voorzieningen zoals nestkasten e.d. Hierdoor wordt de biodiversiteit vergroot. Met de beoogde transformatie wordt het bestaande gebouw ontdaan van de gevels welke worden vervangen door geprefabriceerde geveldelen. Het kantoorinbouwpakket wordt gedemonteerd en voornamelijk hergebruikt op andere kantoorlocaties. Het bestaande casco wordt hergebruikt voor de invulling van de woningen. Bij de sloop en demontage worden zoveel mogelijk onderdelen die voor Re-Use in aanmerking komen geoogst. De ambitie voor dit plan is om gasloos te verwarmen. De intentie is om het gebouw aan te sluiten op het Geothermie netwerk wat de gemeente voornemens is aan te leggen in Holtenbroek. Om deze periode te overbruggen zal er tijdelijk gebruik worden gemaakt van een cascadeopstelling van de huidige cv-ketels die nu aanwezig zijn. Het leidingwerk in het gebouw wordt zo ontworpen en aangelegd dat het gebouw kan worden door gekoppeld op het Geothermie netwerk totdat deze beschikbaar is om aan te sluiten.
Op het dak komen zonnepanelen die stroom opwekken voor de woningen en de algemene voorzieningen van het gebouw. De hoeveelheid wordt bepaald aan de hand van de beschikbare ruimte op het dak. Ditzelfde dak zal worden uitgevoerd met een Sedumdak. Dit om oververhitting tegen te gaan. 3.4.1.3 Conclusie Het plan is niet in strijd met de kaders over klimaat, energie en circulaititeit. 3.4.1.4 Uitgangspunten planregel Er zijn geen specifieke planregels nodig.
36/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
3.4.2
Water
3.4.2.1 Kaders Europees en nationaal beleid Duurzaam schoon oppervlaktewater en bescherming van het drinkwater voor de toekomst. Dat zijn heel in het kort de belangrijkste doelstellingen van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) en het Waterbeheer 21e eeuw (WB21).
Europese Kaderrichtlijn Water De Kaderrichtlijn Water moet ervoor zorgen dat de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater uiterlijk in 2027 op orde is. In dat jaar moet het oppervlaktewater voldoen aan normen voor bepaalde chemische stoffen (waaronder de zogeheten prioritaire (gevaarlijke) stoffen). Worden die normen gehaald, dan spreken we van 'een goede chemische toestand'. Daarnaast moet het oppervlaktewater goed zijn voor een gevarieerde planten- en dierenwereld. Is dat het geval, dan heet dat “een goede ecologische toestand”. Hieronder valt ook een groot aantal andere chemische stoffen dan de hierboven al genoemde prioritaire (gevaarlijke) stoffen. Voor het grondwater gelden aparte normen voor chemische stoffen. Daarnaast moet de grondwatervoorraad stabiel zijn en mogen bijvoorbeeld natuurgebieden niet verdrogen door een te lage grondwaterstand (goede kwantitatieve toestand). In de geldende Europese richtlijnen en de EU richtlijn Prioritaire Stoffen staat precies omschreven wat een goede chemische toestand voor oppervlaktewater is. De ecologische doelstellingen stellen de lidstaten onderling vast in zogeheten (internationale) stroomgebiedbeheersplannen. Voor verschillende typen wateren gelden verschillende ecologische doelstellingen. In een plas leven bijvoorbeeld andere planten- en dierensoorten dan in kustwater. Daarom verschillen de ecologische doelen per watertype.
De chemische normen zijn bij ieder water ongeveer hetzelfde, met uitzondering van de nutriënten. Daarvoor geldt weer wel een benadering die per watertype kan verschillen.
Waterwet De Waterwet stelt integraal waterbeheer op basis van de watersysteembenadering centraal. Er wordt uitgegaan van het geheel van relaties tussen waterkwaliteit, waterkwantiteit, oppervlaktewater, grondwater, watergebruikers en grondgebruikers. Hierbij wordt het juridische kader geschept voor het Nederlandse waterbeheer in de komende decennia. Per 1 januari 2017 is de Waterwet gewijzigd. De beoordeling van de veiligheid van primaire waterkeringen wordt nu gebaseerd op de overstromingskans. In 2050 moeten de waterkeringen voldoen aan de normen die per 1 januari 2017 van kracht zijn.
Waterbeheer 21e eeuw WB21 anticipeert op toekomstige ontwikkelingen zoals klimaatverandering, bodemdaling en zeespiegelstijging. Deze ontwikkelingen stellen strengere eisen aan het waterbeheer. In WB21 wordt uitgegaan van twee principes (tritsen) voor duurzame waterkwantiteit- en duurzaam waterkwaliteitsbeheer: vasthouden, bergen en vertraagd afvoeren schoonhouden, scheiden en zuiveren. Bij 'vasthouden, bergen en afvoeren' wordt (overtollig) regenwater zoveel als mogelijk lokaal bovenstrooms vastgehouden in de bodem en in het oppervlaktewater. Wanneer er nog meer valt wordt het water eerst tijdelijk geborgen in grotere bergingsgebieden en pas daarna vertraagd afgevoerd.
37/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
Bij 'schoonhouden, scheiden en zuiveren' gaat het om een milieutechnische voorkeursvolgorde waarbij de voorkeur uitgaat naar het voorkomen van verontreiniging (schoonhouden). Als er toch verontreiniging ontstaat, moeten schoon en vuil water zoveel mogelijk worden gescheiden. Ten slotte wordt het verontreinigde water zo goed mogelijk gezuiverd.
Deltawet Het doel van de Deltawet, aangenomen op 28 juni 2011, is ons land nu en in de toekomst beschermen tegen hoogwater en de zoetwatervoorziening op orde houden. De afgelopen eeuw is de zeespiegel sneller gestegen dan daarvoor, de bodem gedaald en is het snel gemiddeld bezien warmer geworden. Deze trend zet door, blijkt uit de cijfers van het KNMI. Hevigere weersomstandigheden, zoals meer regen en periodes van droogte, zijn zaken om rekening mee te houden. Het Deltaprogramma is er om de huidige veiligheid op orde te krijgen en ervoor te zorgen dat ons land beter is voorbereid op de toekomst en daarbij de juiste maatregelen te nemen voor een veilig en aantrekkelijk Nederland met voldoende zoetwater. In het Deltaprogramma werken het Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen samen met maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven en kennisinstituten. Dit gebeurt onder regie van de Deltacommissaris. Naast de lopende programma's, zoals Ruimte voor de Rivier, Maaswerken, Zwakke Schakels Kust en HWBP, staan in het Deltaprogramma vijf deltabeslissingen centraal.
Deze beslissingen gaan over de normen van onze belangrijkste dijken en andere waterkeringen en de strategieën voor onze waterveiligheid, over de beschikbaarheid en verdeling van zoetwater, over het peil van het IJsselmeer, over de manier waarop gebieden veilig kunnen blijven zonder aan economische waarde in te boeten en over hoe bij het bouwen van buurten en wijken rekening kan worden gehouden met water. In 2014 zijn de deltabeslissingen in de Tweede Kamer besproken.
Provinciaal beleid Provincie Overijssel heeft haar beleid vastgelegd in een omgevingsvisie en de omgevingsverordening. Op 12 april 2017 zijn de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening vastgesteld. Hierin is het ruimtelijk beleid van de provincie vastgelegd. De Omgevingsvisie heeft tevens de status van Regionaal Waterplan onder de Waterwet en het Milieubeleidsplan onder de Wet milieubeheer.
Waterschapsbeleid Zwolle ligt in het beheergebied van Waterschap Drents Overijsselse Delta (WDOD). Het algemene beleid van WDOD is verwoord in het Waterbeheerprogramma 2022-2027, de beleidsnota Leven met Water in Stedelijk Gebied, de Strategische Nota Rioleringsbeleid 2007, Visie Beheer en Onderhoud 2050 en het Beleidskader Recreatief Medegebruik. Het beleid van het waterschap sluit nauw aan bij de uitgangspunten van WB21. In 2013 is de beleidsnota 'Water raakt!' door het Algemeen Bestuur vastgesteld en in 2021 geactualiseerd. Deze nota beschrijft de voor het waterschap gewenste situatie in bestaand en nieuw stedelijk gebied. Om deze situatie te bereiken heeft het waterschap in 2015 het beheer en onderhoud van deze wateren overgenomen van de gemeente Zwolle. Op watergangen van Waterschap Drents Overijsselse Delta is de keur van toepassing. In de keur is aangegeven wat wel en niet mag bij watergangen, waterkeringen en kernzones. Bijvoorbeeld regels voor bouwwerken op of langs watergangen.
Gemeentelijk beleid De gemeente Zwolle heeft haar beleid ten aanzien van hemelwaterinfiltratie vastgelegd in de Hemelwaterverordening van 2022. Verder zijn in het Gemeentelijk Rioleringsplan 2022-2026 (GRP) ontwerprichtlijnen en beleidskeuzes beschreven waaraan voldaan moet worden.
38/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
Ook heeft Zwolle een raamwerk klimaat- en watersysteem vastgesteld als onderdeel van de Omgevingsvisie van 2021, 3.4.2.2 Beoordeling Voor dit plan is een Watertoets transformatie Zwartewaterallee 14 opgesteld (Tauw, 17 april 2023, zie bijlage)
Huidige situatie Waterstructuur Binnen het plangebied is geen oppervlaktewater als onderdeel van de legger van het waterschap aanwezig (zie figuur 1). Er zijn ook geen andere watergangen binnen het plangebied. Tevens zijn er geen waterkeringen, bergingsgebieden of vaarwegen aanwezig in en rondom het plangebied. Meer dan 500 meter ten noordwesten en ten zuidoosten van het plangebied liggen primaire watergangen. Verder ten westen ligt het Zwarte Water op circa 1 km van het plangebied. Het plangebied ligt binnen peilgebied 409 met een minimaal peil van -0,50 m NAP en een maximaal peil van -0,30 m NAP. Het plangebied valt binnen hoofdstroomgebied Salland, stroomgebied Sallandse weteringen en deelstroomgebied Westerveldse Aa.
Figuur 1: Oppervlaktewatersysteem (bron: legger Waterschap Drents Overijsselse Delta)
Bodem en grondwater Het maaiveld binnen het plangebied ligt ongeveer tussen +1,3 en +2,7 m NAP (zie figuur 2).
39/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
Figuur 2: Overzicht hoogteligging in en nabij het plangebied (geel/oranje is hoger NAP, groen/blauw is lager NAP) (bron: AHN3) In tabel 1 staat een overzicht van de bodemopbouw. In alle bodemlagen komt zand voor (fijn tot grof), dit resulteert in redelijke tot zeer goede doorlaatbaarheid van de bodem en goede mogelijkheden voor infiltratie van hemelwater. Tabel 1 Bodemopbouw gebaseerd op REGIS II v 2.2 (bron: Dinoloket) Bovenkant laag (m NAP) Onderkant laag (m NAP)
Naam laag
Samenstelling
+1,5
+0
Holocene afzettingen
Verscheidene
+0,0
-6,0
Formatie van Boxtel
Zand, matig tot fijn
-6,0
-20,0
Formatie van Kreftenheye Zand, matig tot grof
-0,3
-6,0
Formatie van Waalre
Zand, fijn tot midden
Er zijn weinig grondwaterstandsmetingen beschikbaar rondom het plangebied. Op basis van beschikbare gegevens in het DINO loket ligt de grondwaterstand ongeveer tussen de -0,4 en +0,4 m ten opzichte van NAP (circa 1,6 tot 2,4 m beneden maaiveld). Op basis van deze gegevens worden geen grondwaterproblemen verwacht in het plangebied. Het plangebied ligt niet binnen een grondwaterbeschermingsgebied. De kwel- en infiltratiekaart geeft een lichte infiltratie van 0,1 tot 1,0 mm/dag aan rondom het plangebied.
Riolering In het plangebied ligt riolering van het type gemengd. Het riool is uit het jaar 1964 en voorlopig nog niet aan vervanging toe.
Wateroverlast In de huidige situatie is er geen sprake van wateroverlast. Bij een neerslaggebeurtenis van eens in de 100 jaar (70 mm in 1 uur) staat er geen water tegen het pand. Aan de achterzijde van het pand staat water op het terrein, wat is berekend op maximaal 0,11 m (zie figuur 3).
40/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
Figuur 3: Water op straat bij 70 mm in 1 uur (bron: gemeente Zwolle)
Uitgangspunt bestemmingsplan Waterstructuur De waterstructuur blijft bij uitvoering van het plan ongewijzigd. Wateroverlast en waterberging Hieronder staat uitgewerkt hoe binnen het plangebied wordt omgegaan met hemelwater en hoe voldoende waterberging wordt gerealiseerd. Uitgangspunten waterschap Het huidige pand blijft gehandhaafd, en wordt getransformeerd. Het waterschap stelt eisen voor toename verharding, omdat toename verharding leidt tot versnelde waterafvoer en het risico op wateroverlast vergroot. Bij een herstructurering neemt het verhard oppervlak vaak niet of nauwelijks toe of af. Toch moet het toekomstig gebied voldoen aan het watersysteem, waarin rekening is gehouden met klimaatverandering. Daarom hanteert het waterschap als uitgangspunt voor herstructurering dat het hemelwater bij een gebeurtenis die minimaal eenmaal in de 100 jaar (111 mm in 48 uur) voor komt binnen het plangebied verwerkt moet worden. Het gaat hierbij om dynamische berging; er kan tijdens de neerslaggebeurtenis al water worden afgevoerd volgens de afvoernormen en er kan al water infiltreren. Rekening houdend met de afvoernorm die het waterschap hanteert is binnen het plangebied een voorziening nodig die 80 mm water kan bergen en infiltreren binnen 48 uur.
Uitgangspunten gemeente De hemelwaterverordening van gemeente Zwolle stelt dat bij ontwikkelingen waar verhardingen worden aangelegd waterberging noodzakelijk is. Bij ontwikkelingen met een perceelsomvang van meer dan 1.500 m2 geldt als eis dat 60 liter hemelwater per vierkante meter moet kunnen worden opgevangen binnen de grenzen van de totale ontwikkeling (statische berging). Statische versus dynamische berging De gemeente gaat uit van 60 mm statische berging. Dit betekent dat dit volume geheel aanwezig is, en er
41/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
geen rekening gehouden wordt met infiltratie of afvoer (binnen 48 uur). Wanneer voor 60 mm berging/infiltratievoorzieningen wordt aangelegd en deze een oppervlak heeft van 485 m2 zal er tijdens de 48 uur durende bui al hemelwater infiltreren. Binnen de waterberging is ruimte voor 60 mm. Dit betekent dat minimaal de aanvullende 20 mm moet infiltreren binnen 48 uur. Dit komt overeen met 48 m3 water over een oppervlak van 485 m2. Aangenomen wordt dat de doorlatendheid van de bodem redelijk tot zeer goed is. Het bestaat uit zandgrond. De doorlatendheid (k-waarde) van zandgronden varieert van 0,5 tot 250 m/dag. Voor deze locatie wordt de doorlatendheid geschat op circa 5 m/dag. Bij een porositeit van circa 40 % kan 48 m3 hier binnen iets meer dan een uur al infiltreren. De praktijk kan anders zijn, maar met deze indicatieve berekening blijkt het water veel sneller dan nodig te infiltreren om aan het uitgangspunt van het waterschap te voldoen. Er worden dan ook geen problemen voorzien om 80 mm dynamisch berging te realiseren wanneer er 60 mm statische berging in het plan wordt ingepast. Waterberging in het plan Binnen het plangebied is 2.420 m2 verharding: 983 m2 gebouw en 1.437 m2 overige verhardingen zoals parkeren en verharde wegen/paden. Dat leidt voor dit plan, volgens gemeentelijke uitgangspunten, tot een bergingsopgave van 2.420 m2 * 60 liter = 145.200 liter, oftewel 145 m3.
De hemelwaterberging wordt zo ontworpen en in stand gehouden dat deze binnen twee dagen weer volledig beschikbaar is, waarbij het water geleidelijk wordt afgevoerd (geïnfiltreerd in de bodem) tijdens en na afloop van de bui. De hemelwaterberging wordt zoveel mogelijk vormgegeven door infiltratie via groen. Dit zal niet toereikend zijn en daarom worden infiltratiekratten toegepast onder de parkeerplaatsen. Met een oppervlak parkeren van 485 m2 en een bergingsopgave van 145 m3 is deze opgave in te passen binnen het oppervlak parkeren (uitgaande van een minimale berging van 90% en dikte van circa 50 cm voor de infiltratiekratten). In heel extreme situaties kan de waterberging van 60 mm (statisch) en 80 mm (dynamisch) niet toereikend zijn. De hoeveelheid hemelwater die dan niet kan worden geborgen, kan indirect en bovengronds door overloop naar het openbaar gebied worden geloosd op de openbare riolering of in het omliggende groen. Bij bovenstaande berekening is uitgegaan van alle berging in kratten en alles in verharding in plaats van half-verharding. Waar mogelijk wordt voor de parkeerplaatsen half-verharding toegepast waardoor een bepaalde mate van infiltratie mogelijk is en daarnaast wordt groen ingepast binnen het plangebied en waar mogelijk worden hier infiltratie mogelijkheden in opgenomen. Dan is in overleg met de gemeente een mindering van infiltratiekratten mogelijk.
Het terreinontwerp hiervoor is in bewerking, op basis van de gehanteerde uitgangspunten wordt geborgd dat het ontwerp altijd voldoet aan de benodigde waterberging. Bij de aanvraag van de omgevingsvergunning moeten de infiltratievoorzieningen nader uitgewerkt worden, waarbij de volgende uitgangspunten van toepassing zijn: Onderzoek naar de exacte bodemopbouw en doorlatendheid ter plaatse van de infiltratievoorzieningen, bij een k-waarde kleiner dan 1 m/dag dient grondverbetering toegepast te worden en bij de aanwezigheid van storende lagen dient een verbinding met de vaste zandlaag gerealiseerd te worden. Infiltratievoorzieningen moeten 60 liter per m2 verhard oppervlak kunnen bergen, oftewel een capaciteit hebben van 145 m2. De onderkant van de infiltratievoorzieningen moet boven de gemiddeld hoogste grondwaterstand liggen. De infiltratievoorziening moet binnen 48 uur weer volledig beschikbaar zijn. Ontwateringsdiepte Het bestaande pand aan de Zwartewaterallee 14 wordt getransformeerd van kantoor naar woonappartementen. De ontwateringsdiepte verandert daarbij niet. Afvalwater en riolering
42/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
Gevolg van de wijziging van kantoor naar woningen is dat er in de nieuwe situatie meer afvalwater vrijkomt. Het afvalwater wordt aangesloten op de bestaande riolering. Er worden 88 appartementen gerealiseerd. Deels zijn dit studio's. De bewoning van de appartementen zal hierdoor veelal beperkt zijn tot 1 of 2 persoons huishoudens. De grootste pieken in de afvoer van water naar de riolering zitten in de hevige neerslaggebeurtenissen. Doordat het hemelwater binnen het plangebied wordt afgekoppeld gaat het hemelwater niet meer naar de riolering. Wel zal de DWA (DroogWeerAfvoer) toenemen, maar dit leidt niet tot knelpunten omdat het hemelwater niet meer naar de riolering gaat. Overstromingsrisico Het plangebied is binnendijks gelegen achter een waterkering, waarbij alleen in extreme situaties een kans op overstroming bestaat. Het gebied dat dan overstroomt, wordt omsloten door de Vecht aan de noordzijde, de IJssel aan de westzijde, het Zwolle-IJsselkanaal en Zwarte Water aan de noordwestzijde en aan de oostzijde door hooggelegen gronden. Voor bestemmingsplannen in gebieden waar een kans op overstroming vanuit het primaire watersysteem bestaat, is een overstromingsrisicoparagraaf vereist. Risico-inventarisatie Het plangebied is gelegen in dijkring 53, 'Salland'. De locatie Zwartewaterallee ligt nabij Dijktraject 53-3 (zie figuur 4).
Deze dijkring heeft een risico op een overstroming.
Figuur 4: Dijkring 53, met indicatief het gebied waar Zwartewaterallee 14 ligt (rode cirk el)
Voor de keringen van dijkring 53 geldt een veiligheidsnorm van 1/3.000 per jaar (overschrijdingskans). Met behulp van de risicokaart (Figuur 5) wordt de maximale waterdiepte in het plangebied tijdens een overstroming geschat tussen de 0,1 en 1,5 m. Het plangebied ligt op een grensvlak van verschillende waterdieptes. Dit is in detail weergegeven in Figuur 6.
43/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
Figuur 5: Maximale waterhoogte bij een dijkdoorbraak (meters waterdiepte), met indicatief het gebied waar Zwartewaterallee 14 ligt (rode cirkel)
Figuur 6: Detailuitsnede maximale waterdiepte bij dijkdoorbraak Zwartewaterallee 14, plangebied indicatief aangegeven met rode omlijning.
Maatregelen
44/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
Bij de omvorming naar bewoning van het plangebied dient rekening te worden gehouden met mogelijke overstroming(en). Het betreft hierbij ook bewustwording dat wonen in risicovolle gebieden bepaalde risico's met zich meebrengt en dat hier adequaat mee omgesprongen dient te worden. Het betreft hier een herontwikkeling van een bestaand gebouw binnen bestaand bebouwd gebied. Hierdoor zijn de mogelijkheden voor maatregelen kleiner dan bij een geheel nieuwe ontwikkeling. Binnen deze ontwikkeling geldt dat de wooneenheden niet op de begane grond komen. Dit zorgt ervoor dat woningen niet onder water komen te staan. De verwarmingsinstallatie komt hoog waardoor deze ook veilig is voor overstromingen. Meer informatie is o.a. te vinden op de website www.onswater.nl. Watertoets In het kader van de watertoets zijn de uitgangspunten en de rapportage van TAUW besproken met initiatiefnemers, Waterschap Drents Overijsselse Delta en Gemeente Zwolle.
3.4.2.3 Conclusie Het plan is niet in strijd met de kaders over water. 3.4.2.4 Uitgangspunten planregel Er zijn geen specifieke planregels omtrent water. 3.4.3
Bodemkwaliteit en ondergrond
3.4.3.1 Kaders De Wet bodembescherming (Wbb) voorziet in maatregelen indien sprake is van ernstige bodemverontreiniging. Het doel van de Wbb is in de eerste plaats het beschermen van de (land- of water-) bodem zodat deze kan worden benut door mens, dier en plant, nu en in de toekomst. Via de Wbb heeft de Rijksoverheid de mogelijkheid algemene regels te stellen voor de uitvoering van werken, het transport van stoffen en het toevoegen van stoffen aan de bodem. Ontwikkelingen kunnen pas plaatsvinden als de bodem, waarop deze ontwikkelingen gaan plaatsvinden, geschikt is of geschikt is gemaakt voor het beoogde doel.
De Omgevingsverordening Overijssel stelt dat in bestemmingsplannen alleen nieuwe ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt als onderbouwd is dat deze ontwikkelingen bijdragen aan het behoud en het versterken van een klimaatrobuust water- en bodemsysteem. In de onderbouwing wordt bij een ontwikkeling in het landelijk gebied in ieder geval duidelijk gemaakt hoe de ontwikkeling bijdraagt aan het regionaal perspectief water en bodem dat op die locatie van toepassing is.
Op 1 juli 2008 is het Besluit bodemkwaliteit in werking getreden. In dat kader heeft de gemeente Zwolle een bodemfunctieklassenkaart vastgesteld, waarop voor de hele gemeente wordt aangegeven welke functie de bodem heeft of welke functie in de toekomst wordt nagestreefd. De functieklassenindeling is gebaseerd op het gebiedsgericht milieubeleid van de gemeente. De volgende functies worden onderscheiden: wonen, industrie, water, buitendijksgebied, landbouw/natuur en hoofdwegen. Met de invoering van het Besluit bodemkwaliteit zijn de kwaliteitsklassen landbouw/natuur, wonen en industrie ingevoerd. Volgens de meest recente Bodemkwaliteitskaart van de Gemeente Zwolle (2021) valt het plangebied binnen de kwaliteitsklasse wonen.
Het gemeentelijke Bodembeleidsplan kent in overeenstemming met het gemeentelijk milieubeleid een
45/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
gebiedsgerichte benadering. In het plan wordt onderscheid gemaakt tussen de bovengrond en de ondergrond.
Bovengrond Volgens het gemeentelijke Bodembeleidsplan mag de bodemkwaliteitskaart als kwaliteitsbewijs worden gebruikt bij het ontwikkelen van een locatie. Een onderzoek is dan niet nodig. Eventueel vrijkomende grond mag volgens het bodembeleid binnen de gemeente worden hergebruikt met de bodemkwaliteitskaart als kwaliteitsbewijs. Voorwaarde hiervoor is dat de bodem niet verdacht is van verontreiniging op basis van het huidige of historische gebruik, en er geen (al dan niet gesaneerd) geval van bodemverontreiniging bekend is. Indien er aanwijzingen zijn dat de bodemkwaliteit niet geschikt is voor de functie, kan een bodemonderzoek nodig zijn om te bepalen of de locatie gesaneerd dient te worden. In principe worden verontreinigingen in de bovengrond functiegericht gesaneerd. Bij nieuwbouwactiviteiten dient de bodemkwaliteit door middel van onderzoek in beeld te zijn gebracht. In het algemeen geldt dat nieuwe bestemmingen bij voorkeur op een schone bodem dienen te worden gerealiseerd.
De Omgevingsvisie Ons Zwolle van Morgen gaat in op de bodemkwaliteit. Vaak door historisch gebruik en bedrijfsactiviteiten is op verschillende plekken in Zwolle de bodem verontreinigd geraakt. Daarom hebben we de afgelopen jaren veel van deze verontreinigingen aangepakt door ze te saneren en/ of gebiedsgericht te beheren. Hierdoor zijn eventuele risico's voor mens en dier weggenomen. Nieuwe bodemverontreiniging willen we voorkomen, en als dit toch gebeurt dan moet deze verontreiniging zoveel mogelijk worden beperkt dan wel ongedaan worden gemaakt door de vervuiler. Daarnaast stimuleren we het hergebruik van grond die vrijkomt binnen de stad en geschikt is om elders toe te passen. Het hiervoor geldende beleidskader bevat een goede balans tussen hergebruiksmogelijkheden en bescherming van de bodemkwaliteit in Zwolle. Op de langere termijn verbetert dit beleid de bestaande bodemkwaliteit en draagt hiermee bij aan een gezonde Zwolse leefomgeving.
Ondergrond De Omgevingsvisie Ons Zwolle van Morgen geeft aan dat Zwolle In de komende jaren in de (ondiepe) ondergrond te maken krijgt met een aantal grote ontwikkelingen en opgaven, zoals de klimaatopgave, de energietransitie en de verstedelijkingsopgave. Met de ondergrond willen we de verdere duurzame ontwikkeling van Zwolle mogelijk maken en de opgaves ondersteunen. De bijdrage van de ondergrond aan duurzame ontwikkeling richt zich op: een gezonde leefomgeving, de energietransitie, klimaatadaptatie en de netwerklaag. De netwerklaag is de ondiepe ondergrond met de kabels en leidingen.
In juni 2007 heeft de gemeenteraad van Zwolle ingestemd met de Visie op de Ondergrond en besloten de volgende vijf basisprincipes vast te stellen en te gaan toepassen in projecten: Werken met ondergrondse bestemmingen / functies Structureel en georganiseerd gebruik maken van WKO (warmte- / koudeopslag) en WKO koppelen aan grondwatersanering en waterwinning en peilbeheer Bodemsanering gebiedsgericht benaderen Natuur, recreatie, agrarische activiteiten, waterwinning en bescherming van kwalitatief hoogwaardig grondwater met elkaar te combineren in één gebied Structureel en georganiseerd afstemmen van vraag en aanbod van (grond)water, koude en warmte Deze vijf basisprincipes vormen ook het vertrekpunt voor de beleidsmatige invulling voor het omgaan met de ondergrond. Het Bodembeleidsplan levert een bijdrage aan de implementatie van de vijf basisprincipes door:
46/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
Het kader te geven voor gebiedsgericht benadering van de bodemsanering De doelstelling voor sanering te koppelen aan de beoogde functies in de ondergrond De mogelijkheid te creëren om de aanpak van bodemverontreiniging integraal af te wegen tegen en af te stemmen met koudewarmte opslag, peilbeheer, grondwaterwinning. 3.4.3.2 Beoordeling Het plangebied is met het Verkennend bodemonderzoek transformatie Zwartewaterallee 14 te Zwolle (Tauw, 21 februari 2023) onderzocht. Dit onderzoek volgens NEN 5740 is als bijlage opgenomen. Met dit onderzoek is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond- en grondwater) ter plaatse van de onderzoeklocatie in voldoende mate vastgesteld. Er zijn in zowel de grond als in het grondwater geen verontreinigingen aangetoond. Na indicatieve toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit blijkt dat de grond ter plaatse van de onderzoekslocatie indicatief voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse ‘altijd toepasbaar’. De resultaten geven in relatie tot de nieuwe bestemming geen aanleiding tot het uitvoeren van aanvullend onderzoek. Aannemelijk is dat de locatie geschikt is voor de nieuwe woonbestemming. 3.4.3.3 Conclusie Het plan is niet in strijd met de kaders over bodemkwaliteit en ondergrond. 3.4.3.4 Uitgangspunten planregel Er zijn geen specifieke planregels nodig. 3.4.4
Milieuzonering
3.4.4.1 Kaders In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het van belang dat bij de aanwezigheid van bedrijven in de omgeving van geplande milieugevoelige functies, zoals woningen, ter plaatse van de woningen een goed woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd en dat rekening wordt gehouden met de bedrijfsvoering en de milieuruimte van de betreffende milieubelastende functies. Om te komen tot een ruimtelijk relevante toetsing van bedrijfsvestigingen op milieuhygiënische aspecten wordt milieuzonering gehanteerd. Hieronder wordt verstaan een voldoende ruimtelijke scheiding tussen enerzijds milieubelastende bedrijven of inrichtingen en anderzijds milieugevoelige gebieden zoals woongebieden. Milieuzonering beperkt zich tot milieuaspecten met een ruimtelijke dimensie: geluid, geur, gevaar en stof. Om milieuzonering hanteerbaar te maken wordt gebruik gemaakt van de VNG publicatie 'Bedrijven en milieuzonering' (uitgave 2009). Deze publicatie bevat onder meer lijsten met richtafstanden van diverse milieuhinderlijke activiteiten en stappenplannen voor concrete situaties. De richtafstanden uit bijlage 1 van de VNG publicatie gaan uit van een 'rustige woonwijk'. Indien er sprake is van het omgevingstype 'gemengd gebied' dan kan de richtafstand terug worden gebracht met één afstandsstap.
Zwolle beschouwt in de Omgevingsvisie Ons Zwolle van Morgen milieu als een integraal onderdeel van de fysieke leefomgeving. Milieuruimte is niet fysiek zichtbaar maar van groot belang om de bewoners, werkers en bezoekers van Zwolle te beschermen tegen de nadelige effecten van een groeiende en verdere verstedelijking van de stad van bijvoorbeeld de nadelige effecten op de gezondheid van werklocaties, infrastructuur en energiewinning. Aan de andere kant hebben bijvoorbeeld werklocaties maar ook energiewinning voldoende milieuruimte nodig om optimaal te kunnen functioneren en zich te kunnen ontwikkelen. Het betekent overigens niet dat ontwikkelingen of gebruik door kwetsbare functies binnen de zones uitgesloten worden, er dient wel rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van de
47/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
milieuruimte (en de bijbehorende belangen) 3.4.4.2 Beoordeling Tauw heeft met de notitie Bedrijven en milieuzonering Zwartewaterallee 14 Zwolle (5 april 2023) onderzoek gedaan naar de milieuzonering. Dit onderzoek is als bijlage opgenomen. Voor dit onderzoek is uitgegaan van de VNG-handreiking ‘Bedrijven- en milieuzonering. Het plangebied Zwartewaterallee 14 wordt getypeerd als ‘gemengd gebied’, aangezien er sprake is van een grote diversiteit aan functies in de directe omgeving. Het plangebied is direct gelegen aan de drukke doorgaande wegen Zwartewaterallee en Monteverdilaan en in de nabijheid van de snelweg A28. In onderstaande tabel zijn de planologische bestemmingen opgenomen die in de directe nabijheid rondom het pand aan de Zwartewaterallee 14 zijn gelegen. De bestemmingen zijn gebaseerd op de vigerende bestemmingsplannen ‘Holtenbroek Zuid’ en ‘Holtenbroek’. Aan de hand van de toegestane bestemmingen en bedrijvigheden zijn de maximale milieucategorieën bepaald, gebaseerd op de VNG-handreiking ‘Bedrijven- en milieuzonering
48/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
49/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
Uit de resultaten blijkt dat de voorgenomen ontwikkeling (woningen) niet wordt gehinderd door de omliggende inrichtingen. De richtafstanden van omliggende inrichtingen overschrijden de geplande milieugevoelige woonfunctie niet. De dichtstbijzijnde huidige inrichtingen (Vitens en CIBAP) zijn daarnaast in de praktijk geen bronnen van zware geluidsproductie. Daarmee wordt de transformatie van de Zwartewaterallee 14 waar het gaat om milieuzonering door omliggende instellingen en bedrijven niet gehinderd. De afstanden leiden tot een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor de Zwartewaterallee 14. 3.4.4.3 Conclusie Het plan is niet in strijd met de kaders over milieuzonering. 3.4.4.4 Uitgangspunten planregel Er zijn geen specifieke planregels nodig. 3.4.5
Geluid
3.4.5.1 Kaders De Wet geluidhinder (Wgh) heeft tot doel de mensen te beschermen tegen geluidsoverlast ten gevolge van weg-, spoorweg- of industrielawaai. Op basis van deze wet dient bij het opstellen van het bestemmingsplan dan ook aandacht te worden geschonken aan het aspect 'geluid'. In de Wet geluidhinder is een zonering van industrieterreinen, wegen en spoorwegen geregeld. Enerzijds betekent dit dat (geluids)eisen worden gesteld aan de milieubelastende functies, anderzijds betekent dit dat beperkingen worden opgelegd aan milieugevoelige functies. De Omgevingsvisie Mijn Zwolle van Morgen stelt dat de voortdurende balans tussen het behouden van geluidsruimte voor geluidshinder veroorzakende functies enerzijds en het waarborgen van de leefbaarheid in
50/80
4 juli 2023 bestemmingsplan Holtenbroek Zuid, Zwartewaterallee 14
gebieden met geluidsgevoelige functies anderzijds in de toekomst een belangrijke afweging blijft om bij plan- en beleidsvorming mee te nemen. Geluid speelt een belangrijke rol rondom de infrastructuur. Bij nieuwe ontwikkelingen dient rekening gehouden te worden met geluid om de leefbaarheid in de gebieden en de gezondheid van bewoners te waarborgen. In de door de gemeenteraad vastgestelde 'Handreiking gebiedsgericht werken aan milieu gemeente Zwolle' (juli 2007) en in de beleidsregel 'Hogere waarden Wet geluidhinder' (9 februari 2007) worden de ambities en de grenswaarden (dit is de maximale waarde waarvoor nog hogere grenswaarden worden vastgesteld) per gebiedstype genoemd. 3.4.5.2 Beoordeling Tauw heeft met het Akoestisch onderzoek Transformatie Zwartewaterallee 14 Zwolle (2 juni 2023) onderzoek gedaan naar geluid. Dit onderzoek is als bijlage opgenomen. Uit de resultaten volgt dat vanwege het verkeer op de A28 niet alleen sprake is van een geluidbelasting hoger dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB, maar ook hoger dan de maximaal te ontheffen waarde van 53 dB. Daar waar de maximaal te ontheffen waarde wordt overschreden, dient de gevel als zogenaamde 'dove' gevel uitgevoerd te worden. Een dove gevel is een gevel zonder te openen delen in de geluidgevoelige ruimten (onder meer woonkamer en slaapkamers).
In bijlage 7 van bovengenoemd akoestisch onderzoek wordt een overzicht gegeven van de gevels die als dove gevel uitgevoerd moeten worden. In de planregels zijn hiervoor regels opgenomen om dit te borgen. Uit de resultaten volgt ook dat vanwege het verkeer op de Zwartewaterallee en de Monteverdilaan sprake is van een geluidbelasting hoger dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. De maximaal te ontheffen waarde van 63 dB wordt niet overschreden. De appartementen moeten daarnaast onder meer geluidluw kunnen spuien en toegang hebben tot een geluidluwe buitenruimte. Met de voorzieningen zoals omschreven in hoofdstuk 5 van het akoestisch rapport kan aan deze voorwaarden worden voldaan. Bij het nader uitwerken van het ontwerp dient rekening te worden gehouden met deze voorzieningen. Dit is dan ook in de planregels opgenomen. Ook dient bij de nadere uitwerking aangetoond te worden dat voor de te realiseren appartementen voldaan kan worden aan de eisen zoals gesteld aan de geluidwering van de gevel in het Bouwbesluit 2012 in nieuwbouw situaties. Hierbij dient uitgegaan te worden van de gecumuleerde geluidbelasting, veroorzaakt door alle wegen tezamen, zoals weergegeven in bijlage 6 van het akoestisch onderzoek.
Wanneer het ontwerp meer definitief is, zal ten behoeve van de aanvraag van de omgevingsvergunning een aanvullend akoestisch onderzoek naar de geluidwering van de gevel uitgevoerd worden. Verder dient ook de geluidwering tussen de appartementen te voldoen aan de eisen van het Bouwbesluit 2012 voor nieuwbouw situaties. Dit kan gerealiseerd worden door de woning scheidende wanden zodanig uit te voeren dat een voldoende geluidwering wordt gerealiseerd. Dit kan bijvoorbeeld door deze woning scheidende wand als volgt uit te voeren: Regelwerk met dubbel gips en minerale wol - kleine luchtspouw en weer regelwerk met dubbel gips en minerale wol. 3.4.5.3 Conclusie Met de in 3.4.5.2 genoemde voorzieningen en maatregelen kan worden voldaan aan de wet- en regelgeving en het gemeentelijke beleid. Voor het transformeren van dit gebouw van kantoor naar wonen moeten hogere grenswaarden worden vastgesteld. Dit wordt op grond van de Wet geluidhinder gedaan met een zogeheten hogere waarden besluit. In dit hogere waarde besluit zijn voorwaarden opgenomen om te voldoen aan de wet- en regelgeving rondom geluid en het gemeentelijke beleid. Dit besluit is op 28 juni 2023 genomen (kenmerk ZWRP-2023-06-28-BP23001).