CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

Bpl Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten) toelichting.pdf

Raad Besluitvormingsronde 19 september 2022, gemeente ZwolleBij agendapunt: Bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten) en Welstandsnota 2022, versie mei 202228.355 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

3.9

Milieu

In deze paragraaf wordt ingegaan op de milieuaspecten die van belang zijn bij het toekennen van bestemmingen. Tevens komt de ligging van kabels, leidingen en straalpaden aan bod.

48/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

3.9.1

Geluid

De Wet geluidhinder (Wgh) heeft tot doel de mensen te beschermen tegen geluidsoverlast ten gevolge van weg-, spoorweg- of industrielawaai. Op basis van deze wet dient bij het opstellen van het bestemmingsplan dan ook aandacht te worden geschonken aan het aspect 'geluid'. In de Wet geluidhinder is een zonering van industrieterreinen, wegen en spoorwegen geregeld. Enerzijds betekent dit dat (geluids)eisen worden gesteld aan de milieubelastende functies, anderzijds betekent dit dat beperkingen worden opgelegd aan milieugevoelige functies. Het plangebied ligt niet in de zones van gezoneerde industrieterreinen en spoorlijnen. Akoestisch onderzoek naar gezoneerde industrieterreinen en spoorlijnen is derhalve niet nodig.Nabij het plangebied liggen wel wegen en een aantal bedrijven. Met betrekking tot geluid veroorzaakt hierdoor is in de Wet geluidhinder de verplichting opgenomen tot het verrichten van onderzoek naar de geluidsbelasting op de gevels van (nieuw geprojecteerde) woningen en andere geluidgevoelige objecten.

Wegverkeerslawaai Door de nieuwe ontwikkeling worden woningen (geluidsgevoelige bestemmingen) gerealiseerd. Voor de realisatie van deze nieuwe woningen is akoestisch onderzoek verricht. De geluidsbelasting van de van de omliggende wegen wordt getoetst aan de normen uit de Wet geluidhinder (Wgh) en het gemeentelijke geluidbeleid. Dit onderzoek is opgenomen in Bijlage 4 en de conclusies zijn als volgt.

Toetsing aan de Wet geluidhinder De hoogste geluidsbelasting, afkomstig van de Erfgenamenweg in de huidige situatie, bedraagt 53 dB, inclusief aftrek op grond van artikel 110g Wgh. Bij 12 nieuwe woningen wordt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB uit de Wgh overschreden, echter de hoogst toelaatbare geluidsbelasting van 63 dB wordt niet overschreden. Tevens wordt voldaan aan de grenswaarde van 58 dB uit het gemeentelijke geluidsbeleid. De hoogste geluidsbelasting, afkomstig van de N35, bedraagt 44 dB, inclusief aftrek op grond van artikel 110g Wgh. Bij de nieuwe woningen wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB uit de Wgh. Tevens wordt voldaan aan de doelstelling van 48 dB uit het gemeentelijke geluidsbeleid.

Verlening hogere grenswaarden Het doel van de Wgh is geluidhinder te voorkomen. Aangezien wordt voldaan aan de doelstelling van 58 dB uit het gemeentelijke geluidsbeleid is verlening van hogere waarden mogelijk op basis van het gemeentelijke geluidbeleid ‘Beleidsregel Hogere waarden Wet geluidhinder’, d.d. 2 april 2007. De nieuwe woningen worden langs de Erfgenamenweg gerealiseerd. De eerstelijns woningen, waarvoor een hogere waarde nodig is, zorgt er voor dat bij de achterliggende woningen wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarden. Hierdoor is sprake van een stedenbouwkundig bezwaar uit het geluidbeleid, te weten: ‘door de gekozen situering of bouwvorm een doelmatige akoestisch afschermende functie gaan vervullen voor andere woningen of voor andere geluidsgevoelige objecten’. Overigens hebben alle woningen in het plan minimaal 1 geluidsluwe gevel. Maatregelen om de voorkeursgrenswaarde te bereiken zijn bijvoorbeeld verlagen snelheid naar 30 km-regime, het vergroten van de afstand tussen de woningen, plaatsen van een geluidsscherm en de weg of het toepassen van dove gevels. De gemeente Zwolle acht toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting vanwege de weg, van de gevel van de betrokken woningen tot

49/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

voorkeursgrenswaarde van 48 dB onvoldoende doeltreffend zijn dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard dan kan de gemeente Zwolle op basis van het gemeentelijke geluidbeleid een hogere waarden verlenen voor geluid afkomstig van de Erfgenamenweg. Het besluit hogere grenswaarde is verleend op 6 juli 2022, kenmerk ZWRP-2022-07-06-BP20007.

Toetsing aan het Bouwbesluit 2012 Op grond van het Bouwbesluit 2012 dient bij woningen een akoestische binnenwaarde van 33 dB ten gevolge van wegverkeerslawaai te worden gegarandeerd. Volgens artikel 3.2 van het Bouwbesluit 2012 bezit een standaard gevelconstructie een minimale geluidsisolatie van 20 dB. Voor enkele woningen geldt een verhoogde gevelwering. De maximale gevelwering die nodig is 25 dB. Ter indicatie: volgens artikel 3.2 van het Bouwbesluit 2012 bezit een standaard gevelconstructie een minimale geluidsisolatie van 20 dB. Echter door de hogere eisen voor de thermische isolatie voor nieuwe woningen is ook de geluidsisolatie van nieuwe woningen verbeterd. Bij nieuwe woningen is een gevelisolatie van 25 dB zonder extra geluidsisolatie goed mogelijk, wanneer er is gekozen voor goed geluidsgeïsoleerde ventilatievoorzieningen. Naar verwachting wordt de binnenwaarde van 33 dB in de nieuwe woning gehaald zonder dat er aanvullende geluidsisolerende maatregelen worden getroffen. Bij de aanvraag van een ‘Omgevingsvergunning bouwen’ (voormalige bouwvergunning) kan door middel van een aanvullend bouwakoestisch onderzoek worden aangetoond dat de binnenwaarde van 33 dB uit het Bouwbesluit 2012 wordt gehaald.

Industrielawaai Voor de realisatie van deze nieuwe woningen is akoestisch onderzoek verricht naar de optredende geluidshinder afkomstig van de sportvereniging, de basisschool en het kinderdagverblijf. De afstand tussen deze functies en de nieuw geplande woningen is namelijk gering. De geluidsbelasting van deze functies is getoetst aan de normen uit het Activiteitenbesluit en de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’. In paragraaf 3.9.2 wordt hier verder op ingegaan. 3.9.2

Bedrijvigheid (Wet milieubeheer)

Uit het oogpunt van goede ruimtelijke ordening moet bij nieuwe ontwikkelingen worden nagegaan welke bronnen in of nabij het plangebied een belemmering kunnen vormen voor gevoelige functies als wonen. Hierbij zijn naast de feitelijk aanwezige bronnen ook de planologisch maximale toegestane functies relevant. Daarnaast dient te worden bezien of sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat (de 'omgekeerde werking'). Het is gebruikelijk om voor ruimtelijke ontwikkelingen in de omgeving van bedrijvigheid aansluiting te zoeken bij de afstanden uit de publicatie Bedrijven en milieuzonering (VNG-uitgeverij, 2009). Andersom kan deze publicatie worden gebruikt voor het op verantwoorde wijze inpassen van bedrijvigheid in de fysieke omgeving. De VNG-handreiking geeft op systematische wijze informatie over de milieukenmerken van vrijwel alle voorkomende bedrijfstypen. Het biedt daarmee een hulpmiddel om ruimtelijke ordening en milieu op gemeentelijk niveau op elkaar af te stemmen. In de publicatie zijn richtafstanden gegeven. Hierbij wordt onderscheid gemaakt naar richtafstanden voor de ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. De afstanden gaan uit van gemiddeld moderne bedrijven.

Indien bekend is welke activiteiten concreet worden beoogd, dan kan gemotiveerd worden uitgegaan van de daadwerkelijk te verwachten milieubelasting (in plaats van de richtafstanden).

50/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

Van plangebied naar omgeving Binnen het plangebied worden geen milieubelastende activiteiten mogelijk gemaakt. Wel neemt door de nieuwe woningen de verkeersintensiteit op de Erfgenamenweg toe. Hierdoor zal de geluidsbelastingen bij de bestaande woningen aan de Erfgenamen toenemen. In Bijlage 5 is een berekening van deze toename weergegeven. De grootste toename van de geluidsbelasting door het plan bedraagt 2,2 dB. Deze toename wordt berekend op de woning Erfgenamenweg 18 en 18a. Een verhoging van het geluidsniveau met 3 dB is waarneembaar voor het menselijke gehoor. De optredende toename van 2,2 dB door het plan Erfgenamenweg is dan ook niet waarneembaar. Hierdoor is de toename van de geluidsbelasting acceptabel. De hoogste geluidsbelasting bij de omliggende bestaande woningen bedraagt 51 dB, inclusief aftrek ex artikel 110g Wgh. Bij de omliggende bestaande woningen wordt ruim voldaan aan de grenswaarde van 58 dB uit het gemeentelijke geluidsbeleid. Op basis van het gemeentelijke geluidsbeleid zijn de optredende geluidsbelastingen bij de omliggende bestaande woningen acceptabel. Verder zijn er vanuit het plangebied naar de omgeving geen belemmeringen voor de voorgenomen ontwikkeling. Van omgeving naar plangebied Er is sprake van een ‘goede ruimtelijke ordening’ indien aan de richtwaarde wordt voldaan.

Is dit niet het geval, dan is nader onderzoek nodig om vast te stellen of sprake is van een ‘goede ruimtelijke ordening’. De VNG-richtafstanden zijn afhankelijk van de bedrijfsactiviteiten en de gebiedstypering. Bij de gebiedstypering wordt in deze publicatie onderscheid gemaakt tussen een rustige woonwijk enerzijds en woningen in een gemengd gebied (menging van bedrijven en woningen) anderzijds. In een rustige woonwijk is minder geluidshinder acceptabel dan in een gemengd gebied. Aan de noordwestzijde ligt het Kulturhus. In dit Kulturhus zijn een school, bso, sporthal en voetbalvereniging gevestigd. Tevens zijn er nabij woningbouwlocatie diverse veehouderijen gelegen. Aan de zuidzijde van ontwikkeling ligt de N35, de ontwikkeling ligt binnen de zone van deze N35. Gezien de activiteiten van het Kulturhus en van de veehouderijen en nabijheid van N35 is sprake van een gemengd gebied. In onderstaande tabel is een overzicht gegeven van de omliggende bedrijven, met de daarbij behorende bedrijfscategorie en richtafstand voor geluid.

Bedrijfscategorie

Richtafstand voor Richtafstand voor Afstand tot de geluid in meters geluid in meters nieuwe woningen (rustige woonwijk) (gemengd gebied) in meters

Basisschool De Kubus (Erfgenamenweg 14a)

2 (SBI-2008: 852)

30

10

25

BSO BoemBoem

2 (SBI-2008: 8891)

30

10

25

Voetbalvereniging 3.1 (SBI-2008: Wijthmen 931G) (Erfgenamenweg 14)

50

30

26

Sporthal (Erfgenamenweg 14)

50

30

60

(Erfgenamenweg 14a)

3.1 (SBI-2008: 931G)

Afbeelding: Overzicht richtafstanden VNG

51/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

Uit bovenstaande tabel blijkt dat bij voetbalvereniging Wijthmen (Erfgenamenweg 14) niet wordt voldaan aan de richtafstanden uit de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’ (zogenoemde stap 1 uit de VNG-publicatie). Voor deze voetbalvereniging is akoestisch onderzoek noodzakelijk. Bij basisschool De Kubus en BSO BoemBoem wordt net voldaan aan de richtafstand, echter in het kader van een goede ruimtelijke ordening is de basisschool toch betrokken in het akoestisch onderzoek. Bij alle bovenstaande bedrijven heeft de grootste richtafstand betrekking op het aspect geluid. Ten aanzien van stof, gevaar en geur geldt geen grotere afstand dan 10 meter. Echter is het zo dat met betrekking tot de voetbalvereniging ook sprake kan zijn van lichthinder afkomstig van de lichtmasten rondom de voetbalvelden.Er heeft daarom akoestisch onderzoek plaatsgevonden en onderzoek naar lichthinder afkomstig van de voetbalvelden. De boerderij in het plangebied (Erfgenamenweg 16) stopt en de bedrijfsopstallen worden gesloopt. De nieuwe woningen komen in plaats van deze boerderij. Aangezien deze boerderij stopt om de woningen mogelijk te maken, hoeft de boerderij Erfgenamenweg 16 niet in het akoestisch onderzoek te worden betrokken. Op de hoek van de Veldwijkweg en de Erfgenamenweg staat een voormalige boerderij (Erfgenamenweg 49).

Van deze boerderij zijn de bedrijfsactiviteiten al geruime tijd beëindigd. Ook is de agrarische bestemming van het perceel gewijzigd in een woonbestemming, hierdoor is het niet meer mogelijk op dit perceel een agrarisch bedrijf te vestigen. Het agrarisch bedrijf aan de Erfgenamenweg 45 voldoet aan de richtafstand van de VNG ten aanzien van geluid, stof en gevaar, maar met betrekking tot het aspect geur worden de afstandsnormen overschreden. Hier wordt verder op ingegaan in paragraaf 3.9.4. Akoestisch onderzoek Het akoestisch onderzoek dat is uitgevoerd is opgenomen in Bijlage 3 en de conclusie hiervan is dat bij de nieuwe woningen de grenswaarden van de Activiteitenbesluit, de Schrikkelcirculaire en richtwaarden van de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’ niet worden overschreden. Hierop is ook al ingegaan in paragraaf 3.9.1. De relatie tussen de inrichtingen en de woningen is uitgebreid onderzocht. Stap 3 uit de VNG publicatie is noodzakelijk voor overschrijding richtwaarden in de avondperiode. Maatregelen om dat te voorkomen zijn onderzocht maar stuiten op landschappelijke en stedenbouwkundige bezwaren. Ook een bronmaatregel (niet oefenen in de avondperiode) is ongewenst vanuit het belang club.

Bij de nieuwe woningen wordt ook voldaan aan de grenswaarden uit het Activiteitenbesluit van de maximale geluidsbelasting ten gevolge van de omliggende basisschool, het kinderdagverblijf en de voetbalvereniging. Bij de vergunningverlening wordt getoetst aan het Activiteitenbesluit. Doordat er bij de nieuwe woningen ruim wordt voldaan de grenswaarden uit het Activiteitenbesluit, worden de basisschool, de BSO, de voetbalvereniging, de sporthal niet beperkt in hun bedrijfsvoering door de nieuwe ontwikkeling. Als daarnaast wordt gekeken naar de maximale planologische invulling van de milieubelastende functies dan is het Kulturhus bestemd als 'Gemengd -3' en kent het het perceel een bouwvlak. Dit bouwvlak is momenteel al maximaal bebouwd en mag conform de bestemmingsomschrijving enkel worden gebruikt voor 'maatschappelijke voorzieningen' en/of sport. Deze functies bevinden zich momenteel ook al het perceel en er zijn binnen de VNG-bedrijvenlijst geen functies die binnen deze bestemming zouden passen met een grotere richtafstand dan de huidig functies hebben. Hetzelfde geldt voor de bestemming 'Sport'. Momenteel wordt gehele gebied dat bestemd is voor 'Sport' gebruikt als sportvelden voor de voetbalvereniging. Er zijn binnen de VNG-bedrijvenlijst geen functies die binnen deze bestemming zouden passen met een grotere richtafstand dan de huidig functie heeft.

Bij de nieuwe woningen is hierdoor sprake van een goed woon- en leefklimaat. Lichthinder onderzoek Daarnaast heeft onderzoek plaatsgevonden ten aanzien van de lichthinder afkomstig van de sportvelden. Dit onderzoek is opgenomen in Bijlage 9. Hieruit blijkt dat de grenswaarden uit de Richtlijn Lichthinder worden overschreden. Door het nemen van maatregelen kan er alsnog aan de grenswaarden worden voldaan. Deze

52/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

maatregelen hebben betrekking op de verlichtingsinstallatie en zijn beschreven in de rapportage van het onderzoek. Door het nemen van deze maatregelen ontstaat een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en ondervinden zowel de vereniging als de nieuwe woningen geen belemmeringen als gevolg van het plan. In de regels van dit bestemmingsplan is een voorwaardelijke verplichting opgenomen dat de woningen pas in gebruik mogen worden genomen wanneer er is voorzien in de maatregelen voortvloeiend uit het lichthinderonderzoek. Omliggende bedrijven en milieuzoneringen leveren geen belemmeringen op voor het plan. 3.9.3

Luchtkwaliteit

Met betrekking tot luchtkwaliteit moet rekening worden gehouden met het gestelde in de Wet milieubeheer (Wm), hoofdstuk 5, titel 5.2 Luchtkwaliteitseisen en de bijbehorende bijlagen. Op basis van artikel 5.16 Wm kan, samengevat, een bestemmingsplan worden vastgesteld, indien: a. aannemelijk is gemaakt dat de mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt, niet leiden tot het overschrijden van een in bijlage 2 van de Wet milieubeheer opgenomen grenswaarde, of b. aannemelijk is gemaakt dat de mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt, leiden tot een verbetering per saldo van de concentratie in de buitenlucht van de desbetreffende stof dan wel, bij een beperkte toename van de concentratie van de desbetreffende stof, de luchtkwaliteit per saldo verbetert door een samenhangende maatregel of een optredend effect, of c. aannemelijk is gemaakt dat de mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt niet in betekenende mate bijdragen aan de concentratie in de buitenlucht van een stof waarvoor in bijlage 2 een grenswaarde is opgenomen of d. het project is genoemd of beschreven dan wel past binnen een programma van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (in werking getreden per 01-08-2009).

Ruimtelijk-economische besluiten die 'niet in betekenende mate' bijdragen aan de concentraties in de buitenlucht van stoffen waarvoor bijlage 2 van de Wet milieubeheer een grenswaarde bevat, worden niet individueel getoetst aan die grenswaarden. De effecten van deze projecten op de luchtkwaliteit worden verdisconteerd in de trendmatige ontwikkeling van de luchtkwaliteit, zoals beschreven in het Nationaal Samenwerkingsprogramma luchtkwaliteit (NSL). Bij besluitvorming is het dus van belang om te bepalen of een initiatief 'niet in betekenende mate' bijdraagt aan de luchtkwaliteit. In de algemene maatregel van bestuur 'Niet in betekenende mate' (Besluit NIBM) en de ministeriële regeling NIBM (Regeling NIBM) zijn uitvoeringsregels vastgelegd die betrekking hebben op het begrip NIBM. Het begrip 'niet in betekenende mate' is gedefinieerd als 3% van de grenswaarde voor NO2 en PM10. In de Regeling NIBM is een lijst met categorieën van gevallen (inrichtingen, kantoor- en woningbouwlocaties) opgenomen die niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. Deze gevallen kunnen zonder toetsing aan de grenswaarden voor het aspect luchtkwaliteit uitgevoerd worden.

Vooralsnog geldt dat: voor woningbouwlocaties met minder dan 1.500 woningen (in geval van één ontsluitingsweg) of 3.000 woningen (in geval van twee ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling) geen beoordeling op luchtkwaliteit meer hoeft plaats te vinden; voor infrastructuur dat bij minder dan 3% concentratiebijdrage (verkeerseffecten gecorrigeerd voor minder congestie) ook geen beoordeling op luchtkwaliteit meer hoeft plaats te vinden; voor kantoorlocaties is dat bij minder dan 100.000 m2 brutovloeroppervlak bij 1 ontsluitende weg, of 200.000 m2 brutovloeroppervlak bij 2 ontsluitende wegen

53/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

De voorgenomen ontwikkeling betreft een woningbouwlocatie met minder dan 1.500 woningen en valt hiermee onder het begrip 'niet in betekenende mate'. Daarnaast wordt geconstateerd uit onderstaande afbeeldingen dat de concentratie NO2 in 2019 12-14 µg/m3 bedraagt. De concentratie fijnstof bedraagt in 2019 15-17 µg/m3. De wettelijke normen worden niet overschreden

Afbeelding: Stikstofdioxide 2019 (NO2)

Afbeedling: FIjnstof 2019 (PM10)

Onderzoek naar de luchtkwaliteit kan achterwege blijven. 54/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

3.9.4

Geur

De Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) heeft als doel om geurhinder van veehouderijen bij geurgevoelige objecten (zoals woningen) te voorkomen. Voor de realisatie van nieuwe geurgevoelige objecten nabij veehouderijen moet aan twee voorwaarden worden voldaan; een goed woon- en leefklimaat worden gegarandeerd voor de nieuwe geurgevoelige objecten geen van de bestaande veehouderijen onevenredig in zijn belangen geschaad. In de nabijheid van het plangebied liggen enkele melkveehouderijen. Binnen een straal van 1 kilometer van het plangebied liggen twee agrarische inrichtingen met dieren met een geuremissiefactor (Erfgenamenweg 45 en Kroesenallee 27) en diverse agrarische inrichtingen met dieren met vaste afstanden, waarvan twee te dicht bij het plangebied liggen (Erfgenamenweg 16 en 45). Daarom is een geurgebiedsvisie opgesteld die op 7 maart 2022 is vastgesteld. Deze geurgebiedsvisie is opgenomen in Bijlage 8 en de conclusies zijn als volgt. De gemeente Zwolle heeft in haar ruimtelijk beleid de visie op en de doelen voor de ontwikkeling van haar grondgebied beschreven. Voor het dorp Wijthmen en directe omgeving is het ruimtelijk beleid gespecificeerd in het Dorpsplan Wijthmen. Enerzijds is er een agrarische opgave en anderzijds zijn er doelen om woningbouw te realiseren.

Het gemeentelijk beleid zet in op het zoeken van een juiste balans tussen bedrijven met geuremissie enerzijds en bescherming van geurgevoelige functies anderzijds. Qua woningbouw wordt in het Dorpsplan Wijthmen ingestoken op een gefaseerde ontwikkeling, waarvan het eerste bouwplan ‘Het Buyten van Zwolle’, nu in voorbereiding is. Bij de verdere uitwerking van de woningbouwplannen is naar voren gekomen dat geuremissies van agrarische inrichtingen de beoogde ontwikkeling van woningbouw in de weg staan. Doel van onderhavige geurgebiedsvisie is om inzichtelijk te maken onder welke voorwaarden het mogelijk is woningbouw mogelijk te maken in gebieden waar het vinden van de juiste balans tussen het woon- en leefklimaat enerzijds en de geuremissies vanuit agrarische inrichtingen anderzijds een opgave is. Uitgangspunt daarbij is dat veehouderijen zo min mogelijk in hun bedrijfsvoering worden belemmerd en het woon- en leefklimaat van (toekomstige) bewoners zo veel mogelijk gewaarborgd is. Aangezien de overige in het Dorpsplan Wijthmen genoemde ontwikkellocaties nog niet concreet in voorbereiding zijn, richt de geurgebiedsvisie zich in het bijzonder op het plangebied van ‘Het Buyten van Zwolle’. Het Buyten van Zwolle betreft de ontwikkeling van 112 woningen in dorpse setting.

Inrichtingen met geuremissiefactor Inrichtingen met geuremissiefactor: Uit de berekeningen van de huidige situatie blijkt dat de geurnorm van 2 ouE/m3 wordt overschreden vanwege de agrarische inrichting aan de Erfgenamenweg 45. Het bedrijf aan de Kroesenallee 27 veroorzaakt in de huidige situatie een geurbelasting van maximaal 1,7 ouE/m3 op het plangebied en vormt dus geen belemmering. De eigenaar van het bedrijf aan de Erfgenamenweg 45 is bereid om maatregelen te treffen om de geuremissie te beperken. Na uitvoering van de maatregelen betreft de maximale geurbelasting van het bedrijf aan de Erfgenamenweg 45 op het plangebied voor de nieuwe woonwijk 2,5 ouE/m3 en 2,7 ouE/m3 op de naastgelegen bestaande woning (Erfgenamenweg 14/1). Bij slechts enkele woningen is dan nog sprake van een overschrijding van de standaard geurnorm van 2,0 ouE/m3. Bij de rest van de woningen binnen het plangebied wordt voldaan aan de standaard geurnorm van 2,0 ouE/m3. Bij de bestaande woning Erfgenamenweg 14/1 is in de nieuwe situatie sprake van een maximale geurbelasting van 2,7 ouE/m3, terwijl dit in de bestaande situatie 6,6 ouE/m3 is. Door middel van een geurverordening een geurnorm van 3,0 ouE/m3 toe te staan in het plangebied wordt nog steeds een redelijk goed woon- en leefklimaat gehaald voor het aspect geur. Dit is een aanvaardbaar geurhinderniveau

55/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

voor wonen in een landelijk gebied. Daarnaast wordt in het gehele gebied de geurhinder minder vanwege de wijziging van de bedrijfsvoering op het perceel Erfgenamenweg 45.

Inrichtingen met vaste afstanden De agrarische inrichtingen aan de Erfgenamenweg 16 en 45 liggen te dicht bij het plangebied wanneer wordt uitgegaan van een vaste afstand van 100 meter. Het bedrijf aan de Erfgenamenweg 16 wordt echter verplaatst waardoor de geurcontour van dit bedrijf komt te vervallen. Voor het bedrijf aan de Erfgenamenweg 45 kan middels een geurverordening besloten worden om een afstand van 50 meter aan te houden. Het plangebied is gelegen in een gebied waar veel agrarische inrichtingen zijn gelegen. Het dorpsplan Wijthmen heeft als doel om een juiste balans te vinden tussen bedrijven met geuremissie enerzijds en bescherming van geurgevoelige functies anderzijds. Derhalve wordt het acceptabel geacht om de vaste afstand tussen agrarische inrichtingen en geurgevoelige objecten binnen het plangebied terug te brengen naar 50 meter. De Wgv maakt het mogelijk om binnen zekere grenzen gebiedsgericht geurbeleid op te stellen. In onderhavige geurgebiedsvisie is onderbouwd dat het acceptabel is om in een geurverordening voor het plangebied Het Buyten van Zwolle de geurnorm van 3 ouE/m3 op te nemen en om de te hanteren vaste afstand tot het plangebied terug te brengen naar 50 meter.

Afweging Bij de afweging om een hogere geurnorm vast te stellen worden de volgende punten in overweging genomen: De gemeenten ten zuiden en oosten van de gemeente Zwolle liggen in het concentratiegebied, waar de standaard geurnorm voor woningen binnen de bebouwde kom 3,0 ouE/m3 bedraagt. De indeling van concentratiegebieden en niet-concentratiegebieden in Nederland is grofmazig. Afhankelijk van de feiten en omstandigheden binnen een gemeente, kan het alleszins redelijk zijn dat het beoordelingskader dat behoort bij concentratiegebieden, van toepassing is voor gemeenten die in niet-concentratiegebieden zijn gelegen. Een geurbelasting van 2,0 ouE/m3 (standaard geurnorm) komt overeen met 11% geurgehinderden in een niet-concentratiegebied. Een geurbelasting van 3,0 ouE/m3 komt overeen met 15% geurgehinderden in een niet-concentratiegebied. In beide situaties wordt het leefklimaat gekwalificeerd als ‘Redelijk goed’. Het aantal geurgehinderden neemt per saldo niet of nauwelijks toe, omdat de maatregelen bij het bedrijf aan de Erfgenamenweg 45 ook tot een verlaging van de geurhinder in de verdere omgeving leiden. Door een geurnorm van 3,0 ouE/m3 toe te staan in het plangebied wordt nog steeds een redelijk goed woon- en leefklimaat gehaald voor het aspect geur. Dit is een aanvaardbaar geurhinderniveau voor wonen in een landelijk gebied.

Met toepassing van deze geurnorm is de duurzame bedrijfsvoering van de veehouderij aan de Erfgenamenweg 45 geborgd.

56/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

Afbeelding: Waardering van de geurkwaliteit van een gebied weergegeven volgens de GGD-richtlijn medische milieukunde over geur en gezondheid (RIVM Rapport 2015-0106).

Conclusie Met de op 7 maart 2022 vastgestelde geurgebiedsvisie is invulling gegeven aan het bereiken van een goede balans tussen bedrijven met geuremissie enerzijds en bescherming van geurgevoelige functies anderzijds. De geurverordening Wijthmen-deelgebied Het Buyten van Zwolle is vastgesteld met daarin enkele specifieke geurnormen. Daarmee is het geurbeleid ter plaatse verankerd en kan worden gesteld dat ten aanzien van de voorgenomen ontwikkeling sprake is van een goed- woon en leefklimaat en agrarische bedrijven in de omgeving worden niet onevenredig in hun belangen geschaad. Om te verzekeren dat de woningen niet in gebruik worden genomen voordat met maatregelen bij de veehouderij Erfgenamenweg 45 voldaan wordt aan de geurnorm is een voorwaardelijke verplichting opgenomen. Alvorens de woningen worden opgericht en in gebruik worden genomen moeten de bedrijfsactiviteiten op het perceel aan de Erfgenamenweg 45 zijn gewijzigd conform hetgeen dat is opgenomen in de gebiedsvisie in Bijlage 8. Het aspect 'geur' levert geen belemmeringen op bij de voorgenomen ontwikkeling. 3.9.5

Bodemkwaliteit

Kader Wet bodembescherming De Wet bodembescherming (Wbb) voorziet in maatregelen indien sprake is van ernstige bodemverontreiniging. Het doel van de Wbb is in de eerste plaats het beschermen van de (land- of water-) bodem zodat deze kan worden benut door mens, dier en plant, nu en in de toekomst. Via de Wbb heeft de Rijksoverheid de mogelijkheid algemene regels te stellen voor de uitvoering van werken, het transport van stoffen en het toevoegen van stoffen aan de bodem. Ontwikkelingen kunnen pas plaatsvinden als de bodem, waarop deze ontwikkelingen gaan plaatsvinden, geschikt is of geschikt is gemaakt voor het beoogde doel. Bij nieuwbouwactiviteiten dient de bodemkwaliteit door middel van onderzoek in beeld te zijn gebracht. In het algemeen geldt dat nieuwe bestemmingen bij voorkeur op een schone bodem dienen te worden gerealiseerd. Besluit bodemkwaliteit Het doel van het Besluit bodemkwaliteit (2008) is de bodem beter te beschermen en meer ruimte te bieden voor nieuwe bouwprojecten. Ook geeft het besluit gemeenten en provincies meer verantwoordelijkheid om de bodem te beheren. Het Bouwstoffenbesluit (Bsb) is opgenomen in het Besluit bodemkwaliteit.

Relatie Wabo, Wbb en Woningwet (Wonw) De inwerkingtreding van de Wabo (1 oktober 2010) heeft ook effect op de Wbb en de Woningwet (Ww): in de Wabo is aangegeven dat in de plaats van de aanhoudingsgrond (uit de Ww) een afstemmingsregeling wordt opgesteld waarbij de inwerkingtreding van de omgevingsvergunning wordt afgestemd op de acties ten aanzien van de bodemverontreiniging. Voorts geldt ten aanzien van de bodem dat de Woningwet gemeenten verplicht in hun bouwverordening voorschriften omtrent het tegengaan van bouwen op verontreinigde bodem op te nemen. Die voorschriften moeten in elk geval betrekking te hebben op het verrichten van onderzoek naar aard en mate van verontreiniging van de bodem, op de aard en omvang van dat onderzoek en op inrichting van het op te stellen onderzoeksrapport. Onderzoek en conclusie Er is een verkennend bodemonderzoek en verkennend en nader asbestonderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is opgenomen in Bijlage 13.

57/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

Verkennend chemisch bodemonderzoek Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat in de bovengrond van het erf en in het grondwater overschrijdingen van de achtergrond- en streefwaarden uit de Wet bodembescherming zijn aangetoond. De in het grondwater gemeten overschrijdingen van de streefwaarden betreffen zware metalen van natuurlijke herkomst. Gezien de aard en de concentraties van de aangetoonde parameters in relatie tot de toekomstige woonbestemming van het terrein, wordt geconcludeerd dat verhoogde risico's voor de volksgezondheid en/of het milieu op basis van de aangetoonde milieuhygiënische chemische bodemkwaliteit, niet te verwachten zijn. De resultaten van het verkennend chemsich onderzoek vormen dan ook geen aanleiding tot nader onderzoek en zijn geen milieuhygiënische belemmering in relatie tot de toekomstige woonbestemming van het terrein. Verkennend en nader asbestonderzoek Op basis van de onderzoeksresultaten van het asbestonderzoek wordt geconcludeerd dat in het plangebied asbest is aangetoond. De onderzoekshypothese verdacht voor het voorkomen van asbest wordt bevestigd. De verontreiniging met asbest ter plaatse van het puinpad en de verontreiniging met asbest ter plaatse van de onverharde druppelzones dient te worden gesaneerd voordat het terrein kan worden herontwikkeld. Dit staat de uitvoerbaarheid van de plannen niet in de weg. 3.9.6

Externe veiligheid

Bij externe veiligheid gaat het om de gevaren die de directe omgeving loopt in het geval er iets mis mocht gaan tijdens de productie, het behandelen of het vervoer van gevaarlijke stoffen. De daaraan verbonden risico's moeten aanvaardbaar blijven. De wetgeving rond externe veiligheid richt zich op het beschermen van kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten. Kwetsbaar zijn onder meer woningen, onderwijs- en gezondheidsinstellingen, en kinderopvang- en dagverblijven. Beperkt kwetsbaar zijn onder meer kantoren, winkels, horeca en parkeerterreinen. Bij externe veiligheid wordt onderscheid gemaakt tussen inrichtingen waar gevaarlijke stoffen worden bewaard en/of bewerkt en transportroutes waarlangs gevaarlijke stoffen worden vervoerd.

Van de ramptypes die verband houden met externe veiligheid ('Indeling Leidraad maatramp') zijn met name ongevallen met brandbare/explosieve of giftige stoffen van belang. Deze ongevallen kunnen nader worden onderscheiden in ongevallen met betrekking tot: inrichtingen; vervoer gevaarlijke stoffen door buisleidingen; vervoer gevaarlijke stoffen over weg, water of spoor. Binnen de externe veiligheid worden twee normstellingen gehanteerd: het Plaatsgebonden Risico (PR) richt zich vooral op de te realiseren basisveiligheid voor burgers; het Groepsrisico (GR) stelt beperkingen aan de maatschappelijke ontwrichting als gevolg van calamiteiten met gevaarlijke stoffen. Kwetsbare objecten, zoals woningen en functies met veel bezoekers, zijn niet toegestaan binnen de 10-6-contour van het PR rond inrichtingen waarin opslag en productie van gevaarlijke stoffen plaatsvindt en langs transportroutes (weg, spoor, water, buisleiding) waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Bij het toekennen van bepaalde bestemmingen dient te worden onderzocht: Of voldoende afstand in acht wordt genomen tussen (beperkt) kwetsbare objecten enerzijds en risicovolle inrichtingen anderzijds in verband met het plaatsgebonden risico. Of (beperkt) kwetsbare objecten liggen binnen in het invloedsgebied van risicovolle inrichtingen en zo ja,

58/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

wat de bijdrage is aan het groepsrisico. Inrichting Er worden door het plan geen risicovolle inrichtingen mogelijk gemaakt. Vervoer gevaarlijke stoffen door buisleidingen In de directe nabijheid van het plangebied liggen geen buisleidingen waardoor vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Vervoer gevaarlijke stoffen over weg, water of spoor In de directe nabijheid van het plangebied vindt geen transport van gevaarlijke stoffen over water of spoor plaats. Op de N35 vindt er ervoer van gevaarlijke stoffen over weg plaats. Deze weg ligt op een afstand van 450 meter van het plangebied en deze afstand is dusdanig groot dat het vervoer dat daar plaatsvindt niet voor een belemmering voor het wonen in het plangebied zorgt. Risicokaart Op de volgende afbeelding is een uitsnede van de risicokaart te zien. Daarom zijn geen inrichtingen en/of trajecten van gevaarlijke stoffen over spoor en water of door buisleidingen in de nabijheid van het plangebied te zien. In het groen is de route weergegeven waar gevaarlijk stoffen over de weg plaatsvinden.

Afbeelding: Uitsnede risicok aart met route gevaarlijke stoffen over weg in het groen aangegeven

59/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

3.9.7

Kabels, leidingen en straalpaden

Bij de uitvoering van ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de aanwezigheid van elektriciteit- en communicatiekabels en nutsleidingen in de grond. Hier gelden beperkingen voor ingrepen in de bodem. Daarnaast zijn zones, bijvoorbeeld rondom hoogspanningsverbindingen, straalpaden en radarsystemen van belang. Deze vragen vaak om het beperken van gevoelige functies of van de hoogte van bouwwerken. Voor ruimtelijke plannen zijn alleen de hoofdleidingen van belang. De kleinere, lokale leidingen worden bij de uitvoering door middel van een Klic-melding in kaart gebracht. In of nabij van beide gebied liggen geen kabels of leidingen die moeten worden voorzien van een planologische regeling. 3.9.8

M.e.r. beoordeling

De milieueffectrapportage is een wettelijk instrument met als doel het aspect milieu een volwaardige plaats in deze integrale afweging te geven. Een bestemmingsplan kan op drie manieren met milieueffectrapportage in aanraking komen: 1. Op basis van artikel 7.2a, lid 1 Wm (als wettelijk plan); Er ontstaat een m.e.r.-plicht wanneer er een passende beoordeling op basis van art. 2.8, lid 1 Wet natuurbescherming nodig is. 2. Op basis van Besluit milieueffectrapportage (bestemmingsplan in kolom 3); Er ontstaat een m.e.r.-plicht voor die activiteiten en gevallen uit de onderdelen C en D van de bijlage van dit besluit waar het bestemmingsplan genoemd is in kolom 3 (plannen). 3. Op basis van Besluit milieueffectrapportage (bestemmingsplan in kolom 4); Er ontstaat een m.e.r.-(beoordelings)plicht voor die activiteiten en gevallen uit de onderdelen C en D van de bijlage van dit besluit waar het bestemmingsplan genoemd is in kolom 4 (besluiten).

Drempelwaarden Besluit m.e.r Voor wat betreft het gehele plangebied wordt voorzien in directe eindbestemmingen waardoor het voldoet aan de definitie van een 'besluit' als bedoeld in het Besluit m.e.r. Dit betekent dat dit bestemmingsplan m.e.r.-(beoordelings)plichtig is indien activiteiten mogelijk worden gemaakt die genoemd worden in onderdeel C of D van het Besluit m.e.r. en de daarin opgenomen drempel-waarden overschrijden. In het voorliggende geval is geen sprake van activiteiten die op grond van onderdeel C van het Besluit milieueffectrapportage m.e.r.-plichtig zijn. Wel is sprake van een activiteit die is opgenomen in onderdeel D van het Besluit m.e.r., namelijk: 'de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen'. Aangezien in dit geval er sprake van is dient te worden getoetst of sprake is van m.e.r-beoordelingsplicht. Hier is sprake van indien de activiteiten de volgende drempelwaarden uit onderdeel D overschrijden: 1. een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2. een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat, of 3. een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer. De (indicatieve) drempelwaarden uit het Besluit m.e.r. worden niet overschreden, zodat op basis daarvan geen m.e.r.-(beoordelings)plicht geldt. Indien een activiteit een omvang heeft die onder de drempelwaarden

60/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

ligt, dient op grond van de selectiecriteria in de Europese richtlijn milieueffectbeoordeling te worden vastgesteld of belangrijke nadelige gevolgen van de activiteit voor het milieu kunnen worden uitgesloten, een zogenaamde ‘vormvrije m.e.r.-beoordeling’. Pas als dat het geval is, is de activiteit niet m.e.r.-(beoordelings)plichtig. De vormvrije m.e.r.-beoordeling bestaat uit een toets aan Bijlage III EU richtlijn milieubeoordeling projecten. In hoofdlijnen dient het project te worden getoetst aan: 1. Kenmerken van het project; 2. Plaats van het project; 3. Kenmerken van het potentiële effect. Het betreft een bestemmingsplan met directe bouwtitel. Daardoor is het een project (kolom 4) in de zin van het besluit m.e.r. Omvang van het project (relatie met drempel D lijst) - Activiteit D11.2 uit Besluit m.e.r.. Er is een aanmeldnotitie m.e.r. opgesteld (zie Bijlage 1) op basis waarvan een Mer-beoordelingsbesluit is genomen genomen (zie Bijlage 11). De conclusie van dat besluit is dat gezien de omvang in relatie tot de drempelwaarde en de verwachte effecten, er geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn. Nadere analyse in een MER/m.e.r.-beoordeling is niet noodzakelijk.

3.10

Duurzaamheid

De Omgevingsvisie Mijn Zwolle van Morgen geeft aan dat bij nieuwe initiatieven altijd een KEC-toets wordt opgesteld. KEC staat voor klimaatadaptatie, energietransitie en circulariteit. We vinden het belangrijk dat bij elke ontwikkeling in de fysieke leefomgeving deze drie thema's integraal afgewogen worden. Om op dat een goede en transparante wijze te doen, stellen we een KEC-toets op. Klimaatadaptatie = Het inrichten van de stad en de omgeving op het veranderende klimaat. Met veranderend klimaat wordt bedoeld, een grotere kans op extremer weer. Voorbeelden van extremer weer zijn natter, droger en heter. Mogelijke gevolgen kunnen zijn: wateroverlast, hittestress, schade aan groen en funderingen. In het plangebied is een Wadi opgenomen voor de opvang van hemelwater. Het doel is om al het hemelwater in de bodem te infiltreren. Hiermee wordt aansluiting op het riool voorkomen en zal bij hevige regenbuien de rioolwaterzuivering niet overbelast worden. Verder is het doel om veel groen in de wijk aan te planten waarmee hittestress kan worden beperkt. Energietransitie = De ontwikkeling naar een duurzame energievoorziening. Deze ontwikkeling kent twee sporen. Het eerste is het verminderen van het energieverbruik. Het tweede de opwekking van duurzame energie (wind, zon, aardwarmte, waterkracht).

Circulariteit = De circulaire economie is een essentieel onderdeel van de duurzame ontwikkeling van de stad Zwolle. De circulaire economie is een economie waarin de waarde van grondstoffen zoveel mogelijk behouden blijft. Ook is het niet vanzelfsprekend meer dat producten worden aangeschaft en afgedankt, maar bijvoorbeeld worden gedeeld, gehuurd of geleased. De nieuw te bouwen woningen zijn onderhoudsarm en zullen van een hoge kwaliteit zijn. Alle woningen zullen gasloos worden aangelegd, wat betekent dat gewerkt wordt met aardwarmtepompen en zonnepanelen. Daarnaast zullen de nieuwe woningen gebouwd worden middels materialen als steen, hout, staal en kunststof wat op zichzelf duurzame materialen zijn. Tot slot voldoen de te bouwen woningen aan de meest recente eisen wat betreft isolatie. Conclusie

61/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

De nieuw te bouwen woningen zullen aan bovenstaande doelstelling (moeten) voldoen.Voor dit plan is het volgende van belang: levensloopbestendige woningen: voor een deel van de woningen wordt het volledige woonprogramma realiseerbaar is op de begane grond. Voor de koopwoningen is dit één van de opties in de verdere uitwerking. De appartementen worden in ieder geval zo uitgevoerd; energieneutrale woningen: Zwolle wil in 2050 energieneutraal zijn. Er is sprake zijn van een hoge standaard wat betreft duurzaamheid en de woningen zullen in ieder geval gasloos zijn en naar keuze van de bewoners eenvoudig energieneutraal te maken door toevoeging van extra zonnepanelen. Dit is een bewuste keuze omdat "gasloos" een extra investering vraagt. De stap naar energieneutraal is op dit moment economisch niet realistisch. De voorzieningen zijn echter aanwezig om in 2050 energieneutraal te zijn. Hiermee tegemoet komend aan de ambitiedoelstelling van de gemeente De wettelijke eis van EPC 0,4 wordt gehaald; inwoners voelen zich betrokken bij de buurt: het project mengt verschillende type woningen en een deel van de bewoners zal uit Wijthmen komen en een deel van buitenaf waardoor een sociaal gemengde wijk ontstaat. Het plan voorziet tevens in de mogelijkheid voor huisvesting van senioren, omdat er ruimte is voor levensloopbestendige woningen.

Water: Regenwater wat valt op de verharde oppervlaktes wordt opgevangen in wadi's en infiltreert op natuurlijke wijze in de bodem.

62/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

Hoofdstuk 4 4.1

Juridische aspecten

Inleiding

Dit bestemmingsplan is gemaakt conform het 'Handboek bestemmingsplannen Zwolle' versie 21. Dit handboek is gebaseerd op de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen SVBP2012, zoals vastgelegd in de Regeling standaarden ruimtelijke ordening 2012. De regels zijn binnen de systematiek van de SVBP2012 aangepast aan de Zwolse situatie en uitgebreid met extra standaardbestemmingen, waaraan in Zwolle behoefte is. De regels van Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten) zijn voor zover nodig op hun beurt weer aangepast aan specifieke situaties in het plangebied van het bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten).

De regels van het bestemmingsplan bestaan uit de volgende hoofdstukken: Inleidende regels; Bestemmingsregels; Algemene regels; Overgangs- en slotregels Hoofdstuk 1 Inleidende regels: De inleidende regels zijn van algemene aard en bestaan uit de volgende regels: Artikel 1 Begrippen; Artikel 2 Wijze van meten.

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels: Toelichting op de regels voor de enkelbestemmingen: Het gehele plangebied is onderverdeeld in enkelbestemmingen. Dit in tegenstelling tot een bestemming die andere bestemmingen als dubbelbestemming overlapt. De dubbelbestemmingen behoeven niet in het gehele plangebied voor te komen. Een enkelbestemming kan in het plangebied op één plaats, maar ook op meerdere plaatsen voorkomen. De bij deze bestemmingen behorende regels zijn per bestemming in een apart artikel ondergebracht. Alle regels die op een bepaalde bestemming van toepassing zijn, worden zoveel mogelijk in de bestemmingsregels zelf geregeld. Op deze wijze wordt bij de digitale versie van het plan bij het aanklikken op adres of bestemmingsvlak zo veel mogelijk informatie gegeven zonder dat er verder doorgeklikt behoeft te worden. De opbouw van een bestemmingsregel is als volgt: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

Bestemmingsomschrijving; Bouwregels; Nadere eisen; Afwijken van de bouwregels; Specifieke gebruiksregels; Afwijken van de gebruiksregels; Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden; Wijzigingsbevoegdheid.

Per bestemmingsonderdeel wordt hierna een korte toelichting wordt gegeven. 1. Bestemmingsomschrijving:

63/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

In de bestemmingsomschrijving wordt een nadere omschrijving gegeven van de aan de gronden toegekende functie(s). De hoofdfunctie wordt als eerste genoemd. Indien van toepassing, worden ook aan de hoofdfunctie ondergeschikte functies mogelijk gemaakt. De ondergeschiktheid wordt aangegeven door de zin 'met daaraan ondergeschikt'. De bestemmingsomschrijving is niet alleen functioneel maar bevat ook inrichtingsaspecten. 2. Bouwregels: In de bouwregels worden voor alle bouwwerken de van toepassing zijnde bebouwingsregels geregeld. Bij woningen wordt een onderscheid gemaakt tussen 'hoofdgebouwen', 'bijbehorende bouwwerken' en 'overige bouwwerken'. Een 'bijbehorend bouwwerk' is een 'uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel een functioneel met een zich op het zelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak'. Deze definitie is gelijk aan de definitie in het Besluit omgevingsrecht (Bor). Voor de andere functies geldt dat er meestal geen sprake is van 'bijbehorende bouwwerken'. Bij deze functies wordt dan alleen gebruik gemaakt van de begrippen 'gebouwen' en 'overige bouwwerken'. De maatvoering waaraan een (hoofd)gebouw, bijbehorend bouwwerk c.q. bouwwerk, geen gebouw zijnde, dient te voldoen wordt in deze regel opgenomen.

De maximum goothoogte en maximum bouwhoogte worden in meters weergegeven, de dakhelling in graden. De hoogte van de gebouwen wordt op de kaart aangegeven, indien er geen uniforme hoogteregels voor de gehele bestemming van toepassing zijn. Dit wordt in de verbeelding op papier van het plan gedaan door middel van een symbool in de vorm van een rondje verdeeld in een matrix met 2 of 3 vlakken. Linksboven staat bijvoorbeeld de maximum goothoogte in meters vermeld, rechtsboven de maximum bouwhoogte in meters en onderaan staat zo nodig het maximum bebouwingspercentage aangegeven. Het symbool is gekoppeld aan het bouwvlak, of indien er geen bouwvlak aanwezig is, aan het bestemmingsvlak. 3. Nadere eisen: In het bestemmingsplan is bepaald dat door burgemeester en wethouders nadere eisen kunnen worden gesteld. Het betreft hier nadere eisen ten behoeve van bepaalde doorgaans kwalitatief omschreven criteria, zoals stedenbouwkundig beeld, woonsituatie, en verkeersveiligheid. De nadere eisenregeling biedt de mogelijkheid om in concrete situaties in het kader van het verlenen van een omgevingsvergunning sturend op te treden door het stellen van nadere eisen. De criteria zijn in de bepaling van nadere eisen zelf opgenomen. De procedure voor het stellen van nadere eisen is in deze bestemmingsregels omschreven in Algemene procedureregels. 4.

Afwijken van de bouwregels: In het bestemmingsplan is bepaald dat bij een omgevingsvergunning van het bestemmingsplan kan worden afgeweken. In deze bepaling wordt een opsomming gegeven van de bouwregels waarvan kan worden afgeweken. Een afwijkingsmogelijkheid van de bouwregels wordt alleen opgenomen, indien dit noodzakelijk wordt geacht in verband met het gewenste beleid en het een afwijking of verduidelijking betreft van de algemene afwijkingsregels. De criteria zijn in de afwijkingsregel zelf opgenomen. De procedure voor het afwijken van de bouwregels is omschreven in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). 5. Specifieke gebruiksregels: In artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wabo wordt aangegeven dat het verboden is zonder omgevingsvergunning gronden en bouwwerken te gebruiken in strijd met het bestemmingsplan. Ter verduidelijking worden in een aantal bestemmingen in de specifieke gebruiksregels specifieke vormen van gebruik met name uitgesloten. Dit zijn gebruiksvormen, waarvan het op voorhand gewenst is aan te geven dat deze in ieder geval niet zijn toegestaan. 6. Afwijken van de gebruiksregels:

64/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

Bij specifieke gebruiksregels wordt in een aantal bestemmingen een daarop gerichte afwijkingsbevoegdheid opgenomen. Bij zo'n specifieke afwijkingsbevoegdheid zijn ook hier de criteria opgenomen. Ook deze afwijkingsbevoegdheid is gebaseerd op artikel 3.6, eerste lid onder c, van de Wro De procedure voor het afwijken van de gebruiksregels is omschreven in de Wabo. 7. Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden: Door het opnemen van de eis voor een omgevingsvergunning overeenkomstig artikel 2.1, eerste lid onder b, van de Wabo, kunnen specifieke inrichtingsactiviteiten aan een omgevingsvergunning worden verbonden. Het betreft het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden. Het bouwen wordt niet aangemerkt als zo'n inrichtingsactiviteit. De eis voor een dergelijke omgevingsvergunning wordt opgenomen om extra bescherming aan een specifieke waarde van de bestemming te bieden, zoals de landschappelijke of cultuurhistorische waarde. De eis voor deze omgevingsvergunning wordt met de criteria voor vergunningverlening in de bestemmingsregel opgenomen.

Toelichting op de regels voor dubbelbestemmingen: Een dubbelbestemming wordt opgenomen in een bestemmingsplan wanneer er sprake is van twee functies die onafhankelijk van elkaar op dezelfde plaats voorkomen. Het opnemen van een dubbelbestemming zorgt met het oog op een specifiek belang voor bescherming van het betreffende gebied. Deze bestemmingen liggen als het ware over de reguliere (enkel)bestemmingen heen. De bestemmingsomschrijving van de dubbelbestemming geeft aan dat de gronden, naast de andere aan die gronden gegeven (enkel)bestemmingen, mede voor deze dubbelbestemming zijn bestemd. De opbouw van een dubbelbestemmingregel is dezelfde als die van een (enkel)bestemmingsregel, maar alleen die regels worden ter aanvulling opgenomen die noodzakelijk zijn. De regels in de dubbelbestemming geven de verhouding van de enkelbestemming ten opzicht van de dubbelbestemming aan.

Hoofdstuk 3 Algemene regels: In de algemene regels zijn de volgende regels in onderstaande volgorde opgenomen: Artikel 11 Anti-dubbeltelregel; Artikel 12 Algemene afwijkingsregels; Artikel 13 Algemene procedureregels; Artikel 14 Overige regels.

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels: In dit laatste hoofdstuk komen de overgangsregels en de slotbepaling aan de orde.

4.2

Inleidende regels

Artikel 1 Begrippen Hierin worden de in de regels gebruikte begrippen gedefinieerd. Ze zijn alfabetisch gerangschikt met uitzondering van de begrippen plan en bestemmingplan die als eerste zijn genoemd. Het doel van deze regels is om misverstanden of verschillen in interpretatie te voorkomen. Dit als aanvulling op de gevallen waarbij het woordenboek van Van Dale geen uitsluitsel geeft.

65/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

Artikel 2 Wijze van meten Dit is de handleiding voor de manier van meten van diverse in het plan bepaalde maten.

4.3

Bestemmingsregels

Hierna wordt - voor zover nog nodig - een toelichting op een aantal artikelen van de bestemmingsregels gegeven:

Artikel 3 Groen Het structuurgroen en het buurtgroen is bestemd tot 'Groen'. In de bestemming Groen zijn paden voor langzaam verkeer toegestaan. Bermen en groenstroken langs wegen, die geen structuur- of buurtgroen zijn, zijn opgenomen in de verkeersbestemmingen. De bestemming Groen laat overal trapveldjes en speelvoorzieningen toe. Ook mogen binnen deze bestemming gebouwtjes voor openbare nutsvoorzieningen en maatschappelijke voorzieningen tot 50 m² en met een goothoogte tot 3 meter en een nokhoogte tot 6 meter worden gebouwd. Binnen de bestemming zijn wadi's toegestaan.

Artikel 4 Tuin Binnen deze bestemming mogen geen gebouwen en carports bij recht worden gebouwd. Hier zijn enkel overige bouwwerken toegestaan en ondergeschikt aan de tuin zijn opritten, parkeervoorzieningen en paden toegestaan.

Artikel 5 Verkeer - Erftoegangsweg Deze bestemming is opgenomen voor het verkeers- en verblijfgebied. Behalve de rijbanen zelf worden ook de bijbehorende bermen, voetpaden, fietspaden en parkeerplaatsen in de bestemming opgenomen. Ook groenvoorzieningen en speelvoorzieningen zijn als onderdeel van de verblijfsfunctie mogelijk in deze bestemming. Binnen deze bestemming mogen ook gebouwtjes voor openbare nutsvoorzieningen en maatschappelijke voorzieningen tot 50 m2 en met een goothoogte tot 3 meter en een nokhoogte tot 6 meter worden gebouwd.

Artikel 6 Wonen Deze bestemming is bedoelt voor eengezinshuizen. Eengezinshuizen zijn gebouwen, welke één woning omvatten. Beroep aan huis is toegestaan. Uitgangspunten: Binnen het bouwvlak mogen hoofdgebouwen, bijbehorende bouwwerken en overige bouwwerken worden gebouwd. Per bouwvlak zijn het maximum aantal wooneenheden, goot- en bouwhoogte bepaald. De dakhelling van het hoofdgebouw is bepaald. Op het erf binnen deze bestemming (buiten het bouwvlak), mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd maar geen zelfstandige hoofdgebouwen. Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken geldt dat het gezamenlijke oppervlakte van de bijbehorende bouwwerken buiten het bouwvlak niet meer mag bedragen dan 50% van de oppervlakte van het erf tot een maximum van 100 m². Artikel 7 Woongebied

66/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

Deze bestemming is bedoeld voor eengezinshuizen en meergezinshuizen. Eengezinshuizen zijn gebouwen, welke één woning omvatten. Meergezinshuizen zijn gebouwen, welke meerdere woningen bevatten. Meergezinshuizen zijn uitsluitend toegestaan binnen de desbetreffende aanduiding. Ter plekke van die aanduiding zijn geen eengezinshuizen toegestaan. Naast woningen zijn onder andere opritten, parkeerplaatsen, carports, tuinen en erven toegestaan. Ondergeschikt aan de hoofdbestemming wonen zijn onder andere erftoegangswegen, infrastructurele voorzieninen en groenvoorzieningen toegestaan.

Uitgangspunten: Binnen het bouwvlak mogen hoofdgebouwen, bijbehorende bouwwerken en overige bouwwerken, worden gebouwd. Per (gedeelte van een) bouwvlak zijn het maximum aantal wooneenheden, goot- en bouwhoogte bepaald. De dakhelling van het hoofdgebouw is bepaald Op het erf binnen deze bestemming, dat buiten het bouwvlak is gelegen, mogen bijbehorende bouwwerken en overige bouwwerken worden gebouwd, maar geen zelfstandige hoofdgebouwen. De afstand van de voorgevel van de eengezinshuzien is vastgelegd op maximaal 5 meter tot de voorste bouwperceelsgrens. Bij de bepaling van de voorzijde wordt gekeken waar de naar de weg toegekeerde grens van een bouwvlak en de naar de weg toegekeerde grens van de gevel van een hoofdgebouw is gelegen. De voorgevel kan maar één gevel betreffen, ook bij hoeksituaties. Bij hoeksituaties ligt de voorgevel meestal aan de kant waar ook de ontsluiting is van het perceel en aan welke straat het genummerd is. Per situatie wordt dit beoordeeld. Bij twee onder één kap woningen en vrijstaande woningen zijn de hoofdgebouwen aan één danwel twee zijden niet aaneen gebouwd. In die situatie dient de afstand van het hoofdgebouw tot de aanliggende zijdelingse perceelsgrens minimaal 2 meter te bedragen. De afstand van (de gevels van) het hoofdgebouw van meergezinshuizen tot een bouwperceelsgrens bedraagt minimaal 4 meter.

Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij meergezinshuizen geldt dat deze uitsluitend inpandig mogen worden gebouwd. Voor de eengezinshuizen mag het bebouwingspercentage per bouwperceel niet meer dan 60% bedragen. Voor de meergezinshuizen geldt dat binnen de aanduiding 'meergezinshuizen' het gezamenlijke oppervlak aan bouwwerken maximaal 1.000 m² mag bedragen; Bijhorende bouwwerken In de artikelen over bijbehorende bouwwerken wordt gesproken over de naar de weg gekeerde gevel. De definitie van voorgevel luidt: de naar de weg gekeerde gevel. Gelet hierop kan het maar één gevel betreffen, ook bij hoeksituaties. Bij hoeksituaties is het dan dus mogelijk om aan de zijkant van de woning te bouwen. Ditzelfde geldt voor de overige bouwwerken zoals de erfscheiding.

Afwijken van de bouwregels In de regels zijn een aantal bepalingen opgenomen hoe kan worden afgeweken van de bouwregels. De belangrijkste afwijkingsregel is dat de goothoogte van een eengezinshuis kan worden vergroot tot een maximale goothoogte van 6 meter, indien dit past in het stedenbouwkundig beeld. Hiermee wordt het stedenbouwkundig beeld bedoelt dat in het beeldregiekader dat is opgenomen in Bijlage 6 is bepaald. Er wordt in het beeldregiekader onderscheid gemaakt in woningen met:

67/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

goothoogte op de tweede bouwlaag; goothoogte aan de achterzijde op de eerste bouwlaag en aan de voorzijde op de eerste of tweede bouwlaag; goothoogte op de eerste of anderhalve bouwlaag; goothoogte op de eerste of tweede bouwlaag. Op de volgende afbeelding is te zien dat een verschil in goothoogtes het gewenste stedenbouwkundig beeld is en waar welke goothoogte gewenst is. Indien passend in dit stedenbouwkundig beeld wordt afgeweken van de bouwregels.

Afbeelding: Uitsnede beeldregiekader, gewenst stedenbouwkundig beeld mbt goothoogtes

Verder zijn er in het beeldregiekader enkele accentgebouwen aangewezen. Dit zijn gebouwen die een op een markante plek in een zichtlijn, op een hoek of aan een belangrijke plek liggen. Voor deze gebouwen is het stedenbouwkundig beeld dat hier de goothoogte in ieder geval op de tweede bouwlaag komt te liggen. Op de volgende afbeelding is weergegeven om welke locaties voor de accentgebouwen het gaat.

68/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

Afbeelding: Uitsnede beeldregiekader, gewenst stedenbouwkundig beeld mbt accentgebouwen

Beroep aan huis: Volgens vaste jurisprudentie moet binnen een woonbestemming ook een aan huis verbonden beroep worden toegelaten. Uit de jurisprudentie kan als enige ruimtelijk relevant criterium worden afgeleid het hebben van 'een ruimtelijke uitwerking of uitstraling, die in overeenstemming is met de woonfunctie van het betrokken perceel'. Er is in dit plan een regeling opgenomen voor het gebruik van een deel van een woning voor een aan huis verbonden beroep, zoals in de gemeente Zwolle bij deze bestemming gebruikelijk is. De beperking van het ruimtebeslag van de woning met inbegrip van de bijgebouwen tot 30% van het vloeroppervlak van de woning (met een absoluut maximum van 50 m²) dient om het verlies of de bovenmatige aantasting van de woonfunctie of van het woonkarakter tegen te gaan. Op deze wijze wordt tevens voorkomen dat de verkeersaantrekkende werking te groot zal worden. Het verhuren of anderszins beschikbaar stellen van woonruimte aan derden voor de uitoefening van een beroep of bedrijf, hoe gering ook van omvang, is zonder meer als strijdig met de woonbestemming aan te merken. In de begrippen is een definitie opgenomen over wat onder een aan huis verbonden beroep moet worden verstaan. Het gaat om een dienstverlenend beroep. De definitie van beroep aan huis is gelijk aan de landelijk gehanteerde standaarddefinitie.

Indien er personeel in dienst wordt genomen kan er eerder sprake zijn van een ruimtelijke uitwerking of uitstraling die niet met de woonfunctie in overeenstemming is. Overige bouwwerken: Bij de regeling van deze bouwwerken is geen verschil gemaakt tussen verschillende soorten bouwwerken.

69/75

september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)

Elk bouwwerk dat functioneel past in de bestemming kan worden toegelaten. Volstaan is met algemene bepalingen omtrent de maximum hoogte. Daarbij is voor erf- of perceelafscheidingen aansluiting gezocht bij het criterium voor vergunningvrij bouwen van het Bor en voor de afwijking bij het criterium van de Bouwverordening. Voorwaardelijke verplichting In de bestemming is een voorwaardelijk verplichting opgenomen waarin is geregeld dat de maatregelen voortvloeiend uit de geurgebiedsvisie ter plaatse van het agrarische bedrijf aan de Erfgenamenweg 45, welke als bijlage onderdeel uitmaken van de planregels, moeten zijn uitgevoerd alvorens de woningen in gebruik mogen worden genomen. Met het uitvoeren van de maatregelen kan voldaan worden aan de geurnormen uit de geurverordening welke een aanvaardbaar woon- en leefklimaat borgen.Alternatieve maatregelen zijn toegestaan als deze aantoonbaar hetzelfde danwel een beter resultaat geven en daarmee voldoen aan de geurnormen uit de geurverordening. Daarnaast is een voorwaardelijke verplichting opgenomen waarin is geregeld dat de maatregelen voortvloeiend uit het lichthinderonderzoek ter plaatse van de naastgelegen sportvelden, welke als bijlage onderdeel uitmaken van de planregels, moeten zijn uitgevoerd alvorens de woningen binnen de aanduiding 'overige zone - voorwaardelijke verplichting lichtmasten' in gebruik mogen worden genomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=aa07901e-b279-4c4e-af5a-db0167a9f092