Bpl Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten) toelichting.pdf
Tekst van het document
In WB21 wordt uitgegaan van twee principes (tritsen) voor duurzame waterkwantiteit- en duurzaam waterkwaliteitsbeheer: vasthouden, bergen en vertraagd afvoeren; schoonhouden, scheiden en zuiveren. Bij 'vasthouden, bergen en afvoeren' wordt regenwater zoveel als mogelijk bovenstrooms vastgehouden in de bodem en het oppervlaktewater. Wanneer er toch een wateroverschot ontstaat wordt het water eerst tijdelijk geborgen in bergingsgebieden en dan pas afgevoerd. Bij 'schoonhouden, scheiden en zuiveren' gaat het om een voorkeursvolgorde waarbij de voorkeur uitgaat naar het voorkomen van verontreiniging (schoonhouden). Als toch verontreiniging ontstaat, moeten schoon en vuil water zoveel mogelijk worden gescheiden. Ten slotte wordt het verontreinigde water zo goed mogelijk gezuiverd.
24/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Deltawet Het doel van de Deltawet, aangenomen op 28 juni 2011, is ons land nu en in de toekomst beschermen tegen hoogwater en de zoetwatervoorziening op orde houden. De afgelopen eeuw is de zeespiegel gestegen, de bodem gedaald en het is warmer geworden. Dat zet door, blijkt uit de cijfers van het KNMI. Hevigere weersomstandigheden, zoals meer regen en periodes van droogte, zijn zaken om rekening mee te houden. Het Deltaprogramma is er om de huidige veiligheid op orde te krijgen en ervoor te zorgen dat ons land is voorbereid op de toekomst. En om daarbij de juiste maatregelen te nemen voor een veilig en aantrekkelijk Nederland met voldoende zoetwater. In het Deltaprogramma werken het Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen samen met maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven en kennisinstituten. Dit gebeurt onder regie van de Deltacommissaris. Naast de lopende programma's, zoals Ruimte voor de Rivier, Maaswerken, Zwakke Schakels Kust en HWBP, staan in het Deltaprogramma vijf deltabeslissingen centraal.
Deze beslissingen gaan over de normen van onze belangrijkste dijken en andere waterkeringen en de strategieën voor onze waterveiligheid, over de beschikbaarheid en verdeling van zoetwater, over het peil van het IJsselmeer, over de manier waarop gebieden veilig kunnen blijven zonder aan economische waarde in te boeten en over hoe bij het bouwen van buurten en wijken rekening kan worden gehouden met water. In 2014 zijn de deltabeslissingen in de Tweede Kamer besproken. Provinciaal beleid Provincie Overijssel heeft haar beleid vastgelegd in een omgevingsvisie en de omgevingsverordening. Op 12 april 2017 zijn de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening vastgesteld. Hierin is het ruimtelijk beleid van de provincie vastgelegd. De Omgevingsvisie heeft tevens de status van Regionaal Waterplan onder de Waterwet en het Milieubeleidsplan onder de Wet milieubeheer. Waterschapsbeleid Het algemene beleid van Waterschap Drents Overijsselse Delta is verwoord in het Waterbeheerplan 2016-2021, de beleidsnota Leven met Water in Stedelijk Gebied, de beleidsnota Water Raakt!,,de Strategische Nota Rioleringsbeleid 2007, Visie Beheer en Onderhoud 2050 en het Beleidskader Recreatief Medegebruik. Het beleid van het waterschap sluit nauw aan bij de uitgangspunten van WB21. In 2007 is de nota "Leven met Water in stedelijk gebied" vastgesteld.
Deze nota beschrijft de voor het waterschap gewenste situatie in bestaand en nieuw stedelijk gebied. Om deze situatie te bereiken heeft het waterschap in 2015 het beheer en onderhoud van deze wateren overgenomen van de gemeente Zwolle. Op watergangen van Waterschap Drents Overijsselse Delta is de keur van toepassing. In de keur is aangegeven wat wel en niet mag bij watergangen, waterkeringen en kernzones. Bijvoorbeeld regels voor bouwwerken op of langs watergangen. De genoemde beleidsdocumenten liggen ter inzage op het hoofdkantoor van Waterschap Drents Overijsselse Delta. Ook zijn deze te raadplegen op de website: www.wdodelta.nl. Gemeentelijk beleid Gemeente Zwolle heeft haar beleid ten aanzien van hemelwaterinfiltratie vastgelegd in de gemeentelijke bouwverordening. Verder zijn in het Gemeentelijk Rioleringsplan 2016-2020 ontwerprichtlijnen en beleidskeuzes beschreven waaraan voldaan moet worden. Aandachtspunt is het belang van het in stand houden van in de omgeving aanwezige waterstaatkundige functies. Conclusie Het plan is in overeenstemming met het waterbeleid. Dit is aangetoond in paragraaf 3.7.
25/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
2.8
Woonbeleid
De Woonvisie Ruimte voor Wonen 2017 is vastgesteld door de raad op 8 mei 2017 en geldt als onderlegger voor de Omgevingsvisie. Daarin beogen we dat Zwolle een aantrekkelijke en inclusieve stad moet blijven waar voor iedereen een plek is om fijn te wonen. Tegelijk groeit Zwolle groeit hard en staat voor de grote uitdaging veel nieuwe woningen toe te voegen. Dat vraagt om vernieuwing van de woonopgave, ruimte voor creativiteit en innovatie in bouwtechnologie in relatie tot thema’s als duurzaamheid, circulariteit, gezondheid, betaalbaarheid en inclusiviteit. Uitgangspunt in onze woonvisie is dan ook dat we stedelijke woonkwaliteit toevoegen door ons te ontwikkelen als een sterke groeistad, een vernieuwende woonstad, een solidaire leefstad en een duurzame deltastad. Op 14 Oktober 2019 heeft de raad Ontwikkelstrategie Wonen 2019-2024 vastgesteld als actualisatie en uitvoeringsprogramma van de Woonvisie 2017. Tot 2030 willen we jaarlijks 1000 woningen toevoegen aan onze gemeente. Dat doen we om het huidige woningtekort aan te pakken waarbij we zien dat de vraag blijft toenemen. Een woningtekort dat velen merken, jong en oud. Studenten, schoolverlaters, starters op de arbeidsmarkt, allemaal groepen die moeilijk aan een woning komen. Dat geldt ook voor ouderen die nu langer zelfstandig blijven wonen, en daar wel de passende voorzieningen bij willen.
In ons woonbeleid zetten we sterker in op een doelgroepen benadering. Bijzondere aandacht is er ook voor de groei van een- en tweepersoons huishoudens, de groeiende behoefte aan stedelijk wonen. Die ontwikkeling onderbouwt de kwalitatieve behoefte aan kleinere woningen/ appartementen binnen bestaand stedelijk gebied. Met 1000 woningen per jaar tot 2030 willen het woningtekort op alle fronten aanpakken met onderscheidende woonmilieus en een gevarieerd woonaanbod voor iedere inkomenscategorie. Het is de kunst hier adaptief, flexibel en schaalbaar mee om te gaan; “de toekomst is niet voorspelbaar, wel voorstelbaar”. We bouwen in de prijsverhouding 30-40- 30. Dat wil zeggen 30% van het woonprogramma bestaat uit goedkope woningen, 40% is middelduur en 30% duur.
Tabel: Verdeling prijscategorie en met prijspeil 2019 Grofweg landt 60% van de nieuwe woningen in de bestaande stad met verschillende stedelijke woonmilieus en stedelijke woonvormen. We volgen hiermee ook de landelijke trend dat jonge gezinnen vaker in of nabij de binnenstad willen wonen. Ook voor grondgebonden woningen met een tuin blijven we ruimte bieden. Grofweg 40% van de woningen wordt gerealiseerd in de suburbane woonmilieus van Zwolle wat hoofzakelijk bestaat uit grondgebonden woningen met tuin.
26/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
In de ontwikkeling van de woningen streven we naar nieuwe onderscheidende, stedelijke woonvormen en combinaties van wonen en werken. In het verlengde daarvan zetten Woonvisie en Ontwikkelstrategie in op doorstroming in de bestaande voorraad waarbij huishoudens die door gezinsverdunning klein zijn geworden, intrek nemen in een kleinere woning/appartement waardoor ook op die manier grondgebonden gezinswoningen vrij komen. De Ontwikkelstrategie is ook een werkwijze hoe we samen onze stad in balans laten groeien en stedelijke woonkwaliteit toevoegen. We werken gebiedsgericht, datagedreven en samen met onze partners op de woningmarkt. Daarvoor zijn samenwerkingsafspraken gemaakt. Onder andere basisregels voor een inclusieve stad en het Zwols pakket van maatregelen zodat we voldoende betaalbare huur- en koopwoningen voor huishoudens met een inkomen tot de huurtoeslaggrens (€ 42.436, peildatum 1 januari 2019) en voor de middeninkomens realiseren. Conclusie Het plan is in overeenstemming met het woonbeleid.
2.9
Recreatiebeleid
Recreatievisie In de Recreatievisie 2004 wordt het belang van goede recreatieve mogelijkheden in en om de stad benadrukt. Het aantrekkelijke en afwisselende buitengebied van Zwolle biedt veel mogelijkheden voor uiteenlopende vormen van recreatie en toerisme. In de Visie wordt gesteld dat deze mogelijkheden moeten worden versterkt, uitgebreid en gedifferentieerd. De voorzieningen zullen voortdurend afgestemd moeten worden op de veranderende behoeften en wensen van de recreant en toerist. Voorts wordt geconstateerd dat het recreatieve routenetwerk in en om de stad verder geoptimaliseerd kan worden. Als algemeen geldende ambitie kan gesteld worden dat de gemeente Zwolle ernaar streeft de hoeveelheid voorzieningen mee te laten groeien met de recreatie behoefte van de stad. In het beleid wordt onderscheid gemaakt in watergebonden, intensieve en extensieve recreatie. Speelbeleid Het Zwolse speelbeleid is vastgelegd in de Nota Speelruimte in Zwolle uit 2000. Hierin is onder meer vastgelegd dat voor kinderen van 0 tot 6 jaar binnen 100 meter van hun woning een speelplek zou moeten zijn. Voor kinderen van 7 tot 12 is dat binnen 400 meter van hun woning. In de Speelruimtekaarten van 2004 zijn deze zogenaamde 100- en 400 meter speelvoorzieningen aangegeven. Conclusie In het plangebied is ruimte gereserveerd voor openbaar groen waar gespeeld kan worden.
Daarnaast bevinden zich ten noord-westen van het plangebied sportvelden van de lokale voetbalvereniging. Het plan is in overeenstemming met het recreatiebeleid.
27/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
2.10
Beleid overige maatschappelijke voorzieningen
Het accommodatiebeleid is ondersteunend aan het gemeentelijk sociaal beleid. Accommodaties vormen de fysieke uitkomst van beleidsontwikkeling op terreinen als welzijn, zorg, sport, onderwijs en cultuur. Voor zover belanghebbende groepen daartoe niet in staat zijn, zorgt de gemeente in de voorwaardenscheppende sfeer voor voldoende en kwalitatief goede accommodaties, evenwichtig over de stad gespreid. Voorts moet het strategisch accommodatiebeleid een belangrijke bijdrage leveren aan de doelstelling dat Zwolle levensloopbestendige wijken krijgt. Hiervoor moet het voorzieningenniveau op peil, toegankelijk en aantrekkelijk zijn. Voorzieningen voor jong en oud, draagkrachtig en minder draagkrachtig, autochtoon en allochtoon, mensen met of zonder beperking. Dit bestemmingsplan maakt geen 'overige maatschappelijke voorzieningen' mogelijk en zorgt ook niet voor de verdwijning van bestaande voorzieningen. Conclusie Het toevoegen van woningen in Wijthmen kan zorgen voor de in stand houding van en de ontwikkeling van voorzieningen in het dorp. Door het toevoegen van woningen en bewoners ontstaat er meer draagvlak. Het plan is in overeenstemming met het beleid.
2.11
Economisch beleid
Beroep- en bedrijf aan huis Beroep aan huis wordt toegestaan. Conclusie Het plan is in overeenstemming met het economisch beleid.
2.12
Milieubeleid
Algemeen beleid Op 13 september heeft de gemeenteraad van Zwolle de omgevingsvisie vastgesteld. Zwolle beschouwt milieu in de omgevingsvisie als een integraal onderdeel van de fysieke leefomgeving. Milieuruimte is niet fysiek zichtbaar maar van groot belang om de bewoners, werkers en bezoekers van Zwolle te beschermen tegen de nadelige effecten van een groeiende en verdere verstedelijking van de stad van bijvoorbeeld de nadelige effecten op de gezondheid van werklocaties, infrastructuur en energiewinning. Aan de andere kant hebben bijvoorbeeld werklocaties maar ook energiewinning voldoende milieuruimte nodig om optimaal te kunnen functioneren en zich te kunnen ontwikkelen. Het betekent overigens niet dat ontwikkelingen of gebruik door kwetsbare functies binnen de zones uitgesloten worden, er dient wel rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van de milieuruimte (en de bijbehorende belangen). Geluid De Omgevingsvisie Ons Zwolle van Morgen stelt dat de voortdurende balans tussen het behouden van geluidsruimte voor geluidshinder veroorzakende functies enerzijds en het waarborgen van de leefbaarheid in gebieden met geluidsgevoelige functies anderzijds in de toekomst een belangrijke afweging blijft om bij plan- en beleidsvorming mee te nemen. Geluid speelt een belangrijke rol rondom de infrastructuur, waarbij met name de A28 een belangrijke rol speelt.
In de door de gemeenteraad vastgestelde 'Handreiking gebiedsgericht werken aan milieu gemeente Zwolle' (juli 2007) en in de beleidsregel 'Hogere waarden Wet geluidhinder' (9 februari 2007 ) worden de ambities en de grenswaarden (dit is de maximale waarde waarvoor nog hogere grenswaarden worden vastgesteld) per gebiedstype genoemd. Is de geluidsbelasting lager dan de grenswaarde uit het Gebiedsgericht Milieubeleid dan kan na een eenvoudige administratieve toets de hogere waarde worden vastgesteld. Is de geluidsbelasting hoger dan de grenswaarde uit het Gebiedsgericht Milieubeleid, maar onder het wettelijke maximum dan is een meer diepgaande beoordeling noodzakelijk. Bij de beoordeling komt het onderzoeken
28/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
van varianten nadrukkelijk aan bod en wordt gekeken naar mogelijkheden van bijvoorbeeld een geluidsluwe gevel, aangepaste indeling van de woning (hoofdslaapkamer aan de geluidsluwe gevel), een balkon of tuin aan de geluidsluwe zijde van de woning, indien het balkon aan de voorzijde is gesitueerd wordt gekeken naar mogelijkheden om deze afsluitbaar te maken, waardoor akoestische compensatie wordt verkregen. Bij dit plan wordt er een ontwikkeling mogelijk gemaakt waarvoor akoestisch onderzoek nodig is. hier wordt verder op ingegaan in 3.9.1. Bedrijvigheid Zowel de ruimtelijke ordening als het milieubeleid stellen zich ten doel een goede kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Dit gebeurt onder andere door milieuzonering. Onder milieuzonering verstaan we enerzijds het aanbrengen van voldoende ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende bedrijven of inrichtingen en gevoelige bestemmingen zoals woningen. Anderzijds worden milieugevoelige functies zoals wonen en recreëren beoordeeld. De ruimtelijke scheiding bestaat doorgaans uit het aanhouden van een bepaalde afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. De onderlinge afstand moet groter zijn naarmate de milieubelastende functie het milieu sterker belast.
Milieuzonering heeft twee doelen: Het voorkomen of zoveel mogelijk beperken van hinder en gevaar bij woningen en andere gevoelige functies; Het bieden van voldoende zekerheid aan bedrijven dat zij hun activiteit duurzaam onder aanvaardbare voorwaarden kunnen uitvoeren. Zwolle hanteert bij de uitwerking van het bovenstaande principe de veel gebruikte VNG-handreiking “Bedrijven en Milieuzonering” (2009). Hierin zijn richtafstanden aangegeven die aangehouden kunnen worden tussen bedrijven c.q. voorzieningen en woningen. Wat betreft bedrijvigheid wordt verder ingegaan in paragraaf 3.9.2. Luchtkwaliteit De omgevingsvisie beschrijft de luchtkwaliteitssituatie in Zwolle, de opgave, de ambitie en de aanpak om de vastgestelde doelen te bereiken. Zwolle wil binnen de beïnvloedingssfeer van de gemeente, een significante bijdrage leveren aan de verbetering van de luchtkwaliteit. Om dat te bereiken zijn de volgende doelen geformuleerd: voldoen aan wet- en regelgeving; anticiperen op de toekomst; knelpunten in de toekomst moeten voorkomen worden. Dit betekent dat de luchtkwaliteit in het planvormingsproces van ruimtelijke plannen en verkeersplannen wordt meegenomen; beleid ten aanzien van luchtkwaliteit inbedden in bestaand gemeentelijk beleid.
De gemeente streeft ernaar dat het aspect door gaat werken in het verkeers- en vervoersbeleid, het ruimtelijke ordeningsbeleid en het beleid van vergunningen en handhaving. Wat betreft luchtkwaliteit wordt verder ingegaan in paragraaf 3.9.3. Externe veiligheid In de omgevingsvisie van de gemeente worden de doelstellingen ten aanzien van externe veiligheid verwoord. De gemeente streeft ernaar voor haar gehele grondgebied te voldoen aan de basisveiligheid. Dit betekent dat: Overal voldaan wordt aan de normen voor plaatsgebonden risico; Een gebiedsgericht invulling wordt gegeven aan groepsrisicobeleid met een gebiedsgericht kader externe veiligheid; Veiligheidsdoelstellingen passend bij de typering van het gebied worden ontwikkeld;
29/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Zoveel mogelijk geanticipeerd wordt op de landelijke beleidsontwikkeling die een ongunstige invloed kunnen hebben op de veiligheidssituatie in Zwolle met als doel het bewaken van een optimaal veiligheidsniveau. Op 20 januari 2009 heeft het college van B & W het gebiedsgericht beleidskader externe veiligheid vastgesteld. Het gaat om een ruimtelijke uitwerking van het externe veiligheidsbeleid dat aansluit op het gebiedsgerichte milieubeleid. Op basis van kenmerken (fysieke omgeving, hulpverleningsniveau en zelfredzaamheid) die bij een bepaald gebiedstype horen is een beleidsstandpunt bepaald ten aanzien van ene mogelijke toename van het groepsrisico. Tevens is op basis van dezelfde kenmerken van een gebiedstype bepaald of er plaats is voor nieuwe risicobronnen. Een afwijkend gebiedstype vormen de stroomzones. Stroomzones zijn gebieden rondom infrastructuur (spoorlijnen, wegen en waterwegen) waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Voor stroomzones is een apart beleidskader geformuleerd. Voor het plan zijn geen externe veiligheid aspecten aan de orde. Dit komt verder aan bod in paragraaf 3.9.6.
Duurzaamheid en energie In paragraaf 5.3, 5.6 en 5.7 wordt in de omgevingsvisie ingegaan op het thema duurzaamheid en energie. Klimaatadaptatie Zwolle wil in 2050 klimaatbestendig ingericht zijn en daarmee veilig voor overstromingen en aangepast aan extreem weer. Door het veranderende klimaat is dat een ambitie die impact heeft op de fysieke leefomgeving om ook in de toekomst veilig en beschermt tegen het water te kunnen wonen, ondernemen en recreëren in Zwolle. We benutten en versterken de samenhang in het watersysteem dat bestaat uit verschillende onderdelen. Ten eerste het hoofdwatersysteem met de hoofdwaterkeringen en het regionale watersysteem. Ten tweede de groen- blauwe structuur in de bestaande stad met daarin ruimte voor sponswerking en het tegengaan van hittestress. Onderling zijn de verschillende onderdelen met elkaar verbonden en vormen ze een fysieke onderlegger voor de Omgevingsvisie om te komen tot een klimaatbestendig en adaptief Zwolle. De klimaatadaptatie maatregelen die onderdeel zijn van het streefbeeld groenblauwe structuur hebben als doel om schade te reduceren en meerwaarde te leveren aan een aantrekkelijk en robuust Zwolle nu en in de toekomst.
Met klimaatadaptatie worden koppelingen met andere opgaven waar Zwolle voor staat gemaakt, zoals het vergroten van biodiversiteit, versterken van de omgevingskwaliteit en het verbeteren van de gezondheid van Zwolse inwoners In dit plan wordt al het hemelwater in de bodem geïnfiltreerd (zie paragraaf 3.7) en is er ruimte voor groen in het stedenbouwkundig plan (zie Bijlage 6).
Zwolle energieneutraal Het landelijke klimaatakkoord is de komende jaren de Leidraad voor de energietransitie. Hierin wordt richting gegeven hoe klimaatdoelen te gaan realiseren. Dit vanuit 5 verschillende invalshoeken: Industrie, Landbouw, Elektriciteit, gebouwde omgeving en Mobiliteit. De energietransitie en de wens van de gemeente Zwolle om in 2050 energieneutraal te zijn heeft impact op Zwolle als geheel en de omliggende regio. De voornaamste raakvlakken richten zich op de duurzame opwek van elektriciteit en warmte, de gebouwde omgeving en mobiliteit. De komende jaren zal de energietransitie in plannen concreter vorm krijgen. Bijvoorbeeld de wijze waarop
30/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
de gebouwde omgeving aardgasvrij gemaakt kan worden met het ontwikkelen van wijkuitvoeringsplannen per wijk/ gebied. Daarnaast moet invulling worden gegeven aan het verduurzamen van onze elektriciteits- en warmtebehoefte. Dit proces kan niet alleen op gemeentelijk niveau worden aangepakt. Vanuit landelijke regie (klimaatakkoord) zijn er 30 RES-regio’s (Regionale EnergieStrategie) gevormd die gezamenlijk de opgave van 35 Twh op land geproduceerde duurzame energie in 2030 moeten realiseren en een doorkijk moeten geven richting 2050. De RES bevat ook de Regionale Structuur Warmte. Zwolle is onderdeel van de RES West-Overijssel (11 gemeenten). Onze RES-regio gaat (ruimtelijke) bouwstenen aanleveren in 2021 voor verwerking in een update van de Zwolse Omgevingsvisie.
Zwolle circulair Nederland wil in 2050 een circulaire economie zijn; een economie zonder afval, waarbij alles draait op herbruikbare grondstoffen. We maken de transitie van onze huidige take-make-waste, lineaire economie naar een circulaire economie. Voor projecten uit de stad geldt dat we zoveel mogelijk willen samenwerken en inspireren. Op duurzaamheid en energie wordt verder ingegaan in paragraaf 3.10 Ondergrond In juni 2007 heeft de gemeenteraad van Zwolle ingestemd met de Visie op de Ondergrond en besloten de volgende vijf basisprincipes vast te stellen en te gaan toepassen in projecten: Werken met ondergrondse bestemmingen / functies Structureel en georganiseerd gebruik maken van WKO (warmte- / koudeopslag) en WKO koppelen aan grondwatersanering en waterwinning en peilbeheer Bodemsanering gebiedsgericht benaderen Natuur, recreatie, agrarische activiteiten, waterwinning en bescherming van kwalitatief hoogwaardig grondwater met elkaar te combineren in één gebied Structureel en georganiseerd afstemmen van vraag en aanbod van (grond)water, koude en warmte Deze vijf basisprincipes vormen ook het vertrekpunt voor de beleidsmatige invulling voor het omgaan met de ondergrond.
Het bodembeleidsplan levert een bijdrage aan de implementatie van de vijf basisprincipes door: Het kader te geven voor gebiedsgericht benadering van de bodemsanering De doelstelling voor sanering te koppelen aan de beoogde functies in de ondergrond De mogelijkheid te creëren om de aanpak van bodemverontreiniging integraal af te wegen tegen en af te stemmen met koudewarmte opslag, peilbeheer, grondwaterwinning Bodem Het bodembeleidsplan (2017) kent in overeenstemming met het gemeentelijk milieubeleid een gebiedsgerichte benadering. Voor dit plan is de bodem van het gehele plangebied onderzocht. Wat betreft bodem en ondergrond wordt verder ingegaan in paragraaf 3.9.5. Geur Het thema geur speelt met name in het landelijk gebied en is een aandachtspunt bij de verdere functiemenging van dit gebied en de verweving tussen stad en land. De gemeente zoekt naar de juiste balans tussen bedrijven met geurhinder en bescherming van geurgevoelige functies anderzijds. Wat betreft geur wordt verder ingegaan in paragraaf 3.9.4. Conclusie Het plan is in overeenstemming met het milieubeleid.
31/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Hoofdstuk 3
Planbeschrijving
In dit hoofdstuk wordt de bestaande ruimtelijke en functionele structuur van het plangebied omschreven. Daarnaast wordt een beschrijving gegeven van de uitgangspunten die gehanteerd zijn bij het maken van dit bestemmingsplan.
3.1
Stedenbouw
3.1.1
Huidige situatie
In de huidige situatie is het plangebied agrarisch grasland. Stedenbouwkundig is hier dus nooit wat ontwikkeld. In het plangebied bevindt zich een agrarisch bedrijf aan de Erfgenamenweg 16. Daarnaast is het plangebied aangeduid met de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' en kent het gebied dus mogelijk archeologische waarden. Hier is verder op ingegaan in paragraaf 3.3. Middels de navolgende afbeeldingen wordt een impressie gegeven van de huidige situatie.
Afbeelding: Impressie plangebied vanaf de Erfgenamenweg
32/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Afbeelding: Impressie plangebied hoek Erfgenamenweg - Veldwijkweg
Afbeelding: Impressie agrarisch bedrijf Erfgenamenweg 16
33/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
3.1.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
In het nieuwbouwproject ‘Het Buyten van Zwolle’ worden circa 112 woningen gerealiseerd op een stuk grond van 4,3 hectare. Daarnaast wordt er één woning op de hoek Erfgenamenweg - Veldwijkweg gebouwd. Het bestaande agrarische bedrijf in het plangebied wordt gesloopt. Hierover is een overeenkomst gesloten met de ontwikkelaar van het gebied. De nieuwe woonbuurt Het Buyten van Zwolle oriënteert zich rondom een brink die ruimte creëert voor ontmoeting. De opzet van het stedenbouwkundige weefsel is rondom deze centrale groene plek georganiseerd. Deze plek wordt door informele routes verbonden met de rest van het plan en het omliggende landschap. Naast de fysieke verbindingen zijn er op een aantal plekken aan de randen van het plan ook visuele verbindingen met het omliggende landschap. Het stedenbouwkundig plan kent een ongedwongen structuur van groene informele woonstraatjes. Aan deze straatjes staan overwegend kleine bouwvolumes in een moderne vertaling van traditionele historiserende architectuur. De beleving van de openbare ruimte wordt mede bepaald door de positie en vormgeving van de bebouwing. Hierbij spelen zogenaamde ‘accentgebouwen’ een belangrijke rol. Deze gebouwenstaan op hoeken van straten en in zichtlijnen en verrijken op die manier de belevingswaarde van de openbare ruimte.
Het plan krijgt een groene identiteit die wordt bepaald door bomen en gras in de openbare ruimte, hagen op de erfafscheidingen en het groen van de percelen. Aan de brink is een woonhof gepositioneerd. Een intieme, met kleine appartementenblokjes omsloten woonhof met een groene ruimte in het midden. Parkeren wordt zoveel mogelijk opgelost binnen de bouwvelden in parkeerhoven onttrokken aan het zicht vanuit de openbare ruimte. Een aantal van deze parkeerhoven worden in mandeligheid uitgegeven. Met de bovengenoemde componenten sluit de nieuwe buurt naadloos aan bij de identiteit en de eigenheid van Wijthmen: landelijk en rijk geschakeerd, met open zichtlijnen naar de omliggende weilanden en bosschages. Voor de ontwikkeling is een beeldregiekader opgesteld. Dit kader is uitgangspunt voor dit bestemmingsplan en is opgenomen in Bijlage 6. Een uitsnede van dit beeldregiekader is weergegeven op onderstaande afbeelding. In afwijking op onderstaande afbeelding is er een groenzone gepland tussen het appartementgebouw en het sportveld en wordt deze ook als dusdanig bestemd.
34/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Afbeelding: Uitsnede beeldregiekader De voorkant van de woning die op de hoek Erfgenamenweg - Veldwijkweg wordt gerealiseerd zal gericht zijn op de Erfgenamenweg. Wat betreft de rooilijn is aangesloten op de verdere woningen die zich aan de Erfgenamenweg bevinden. Met een aanduiding is op de verbeelding geregeld dat ter plaatse van de de kavel op de hoek Erfgenamenweg - Veldwijkweg niet het gehele perceel bebouwd kan worden en er dus rekening wordt gehouden met het kenmerkende open landschap met doorzichten.
3.2
Groen
3.2.1
Huidige situatie
Het plangebied ligt in de hoofdgroenstructuur. De kenmerken van dit gedeelte van de hoofdgroenstructuur worden enerzijds bepaald door het oude essenlandschap bij Wijthmen die richting Dalfsen over gaat in een open slagenlandschap; er zijn bossen en weides. In het buitengebied van Wijthmen is ook de afwisseling tussen het oude hoevenlandschap (met daarin kleine dekzandkopjes) en het maten- en flierenlandschap (gekenmerkt door het onbebouwde karakter) bepalend geweest voor de huidige (groene) verschijningsvormen in het landschap. Kenmerkend in de omgeving van Wijthmen zijn een aantal buitengoeden, die van invloed zijn op de ruimtelijke ontwikkelingen van Wijthmen in de afgelopen eeuwen. De aanleg van laanstructuren en sterrenbossen zijn hierbij bepalend geweest. Een deel van de oude laanstructuren is later gebruikt bij de aanleg van ontsluitingswegen in het gebied. Anderzijds is de hoofdgroenstructuur tussen de stadsranden van Zwolle en het dorp Wijthmen de afgelopen decennia sterk ontwikkeld en ingericht met nieuwe recreatieve fiets- en wandelroutes in aangelegd groen.
35/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
De dikke groene vinger op de kaart wordt mede bepaald door aan elkaar geregen recreatieterreinen in de periferie van Zwolle richting Wijthmen en fungeert als belangrijk uitloop- en natuurgebied voor de inwoners van Zwolle. Kenmerkende kwaliteit van het landschap zijn de bossages, singels en oude bomen afgewisseld met weilanden. Zij bieden een samenhangende en daarmee een waardevolle en geïntegreerde landschappelijke structuur. 3.2.2
Uitgangspunten bestemmingsplan
Bij het vormgeven van het woningbouwplan zijn de aanwezige kenmerkende landschappelijke waarden meegewogen. Met het plan, dat voorziet in een groot maatschappelijk belang, wordt een goede landschappelijke en stedelijke inpassing bereikt, passend bij de kenmerken van het landschap. De woningbouw vindt met name plaats op het bestaande agrarische weiland. De woonbuurt krijgt een dorps karakter, passend bij de kenmerken van Wijthmen en omgeving, met open zichtlijnen naar de omliggende weilanden en bosschages. De buurt krijgt een groene identiteit die wordt bepaald door bomen en gras in de openbare ruimte, hagen op de erfafscheidingen en het groen van de percelen. Inpassing van het woningbouwplan in de omgeving vindt verder plaats aan de randen gelegen aan het open landschap. Daar wordt onder meer uitgegaan van lagere goothoogtes van de woningbouw. De voor een dekzandruggenlandschap kenmerkende steilrand die is ontstaan door afgraving van de es fungeert als een natuurlijke erfscheiding. Ter plekke wordt een bebouwingsvrije zone ingesteld van 5 m. De planlocatie grenst aan twee bestaande groenstructuren, langs de Erfgenamenweg en aan de westzijde. Deze bestaande groenstructuren blijven als zodanig intact en behouden vanwege hun positie en betekenis voor de hoofdgroenstructuur. Langs de Erfgenamenweg worden ter plekke van de aan te leggen ontsluitingen twee bomen gekapt.
Deze worden langs de Erfgenamenweg en elders binnen het plangebied gecompenseerd. De overige bomen en laanstructuur worden beschermd. Uit het advies van Econsultancy (Bijlage 10) blijkt dat met het toepassen van de dubbelbestemming Waarde – Bomen wordt voorkomen wordt dat door bijvoorbeeld het oprichten van gebouwen of aanleggen van verharding blijvende schade optreedt. De groenzone aan de westzijde van het woningbouwplan blijft intact. Het plan voorziet in een verbreding van een deel van deze groenzone. Het gedeelte tussen het appartementengebouw en de zone krijgt een parkachtige inrichting. Uit het advies van Econsultancy (Bijlage 10) blijkt dat met het woningbouwplan geen negatieve effecten optreden, mits de beoogde woning in de zuidwestelijke hoek wordt opgeschoven. Met het opnemen van de dubbelbestemming Waarde – Landschap openheid ter plekke van die woonkavel wordt dit geborgd.
3.3
Archeologie
3.3.1
Huidige situatie
Het plangebied is op de Archeologische Waarderingskaart Zwolle aangegeven met een archeologische waarde van 90 %. Deze archeologische waarde is gebaseerd op eerder uitgevoerd onderzoek in Wijthmen (o.a. onderzoek in het kader N35). Uit dit onderzoek komt naar voren dat er een grote kans (90%) bestaat op de aanwezigheid van belangrijke archeologische vindplaatsen uit de periode van Vroege Prehistorie tot Late Middeleeuwen. Wijthmen lag in de Prehistorie en Vroege Middeleeuwen aan de Overijsselse Vecht. De Overijsselse Vechtstreek behoort tot één van de rijkste archeologische gebieden van Nederland. Recent hebben de vondsten in Dalfsen dit aangetoond. Het plangebied ligt in een essenlandschap, in dit geval onderdeel uitmakend van de Stramp Esch.
36/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Vindplaatsen onder essen zijn vrijwel uitsluitend door proefsleufonderzoek te lokaliseren. Onder het es- of plaggendek is de oorspronkelijke bodemopbouw veelal verdwenen en opgenomen in een zogenaamde ‘mollenlaag’. Deze mollenlaag is belangrijk voor de inventarisatie van de eventuele sporen die eronder liggen. In het plangebied is in de 19de en 20ste eeuw veel zand gewonnen. Hierdoor is het oorspronkelijk reliëf niet meer herkenbaar. De steilkanten getuigen hiervan. Onderzoek in het kader van de N35 heeft aangetoond dat ondanks de zandwinning de kans op archeologische sporen groot is. Bij een bodemingreep van meer dan 100 vierkante meter en 0,5 meter diep is in het plangebied een archeologisch onderzoek noodzakelijk. De ontwikkelaar heeft de wettelijke verplichting om dit onderzoek inclusief rapportage uit te laten voeren. In dit geval is een Inventariserend Veldonderzoek Proefsleuven (IVO-P) verreisd. Dit onderzoek bestaat uit een verkennende en waarderende fase. De waarderende fase kan pas plaatsvinden als er een archeologische vindplaats aanwezig is. Voorafgaand aan het onderzoek is een Programma van Eisen (PvE) vereist dat goedgekeurd moet worden door het bevoegd gezag (gemeente Zwolle). Na afloop volgt een rapport inclusief selectiebesluit. Dit selectiebesluit kan bestaan uit drie opties: beschermen, opgraven of vrijgave.
Na het selectiebesluit opgraven volgt een Definitief Onderzoek (DO) waarbij de vindplaatsen ex-situ worden opgegraven. 3.3.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
Ten tijde van de bestemmingsplanprocedure vindt het Inventariserend Veldonderzoek Proefsleuven (IVO-P) plaats. Naar aanleiding van dit onderzoek zal worden overgegaan tot beschermen, opgraven of vrijgave. Voor het hele plangebied is nu de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' opgenomen.
3.4
Cultuurhistorie
3.4.1
Huidige situatie
het plangebied is onderdeel van het dekzandruggenlandschap. De hoogste delen van het dekzandlandschap, met de oudste nederzettingspatronen in de vorm van hoevenzwermen, kriskras verlopende veldwegen, voormalige akkerbouwcomplexen, soms in de vorm van een es of enk (Strampes bij Wijthmen). Sommige delen zijn in historische tijd door overexploitatie verstoven (Eierbelten, Erfgenamenbos) en met eikenhakhout (akkermaalshout) ingeplant. Akkers komen nu nauwelijks meer voor. Nu voornamelijk grasland en maisland, met afrasteringen (sloten ontbreken), soms boomsingels als kavelscheiding. Door kleinschalige ontzandingen zijn hier en daar steilrandjes ontstaan. Vanouds veel buitenplaatsen, vaak gelegen op de uiterste rand (brink) van de rug vanwege de aanwezigheid van water voor grachten en vijvers. Vele groeiden uit tot een klein landgoed, met bospercelen, vijvers en lanen. Veel forensenwoningen in linten langs de wegen die de gehuchten verbinden (Herfterlaan). Het gebied is recreatief erg aantrekkelijk en bovendien goed ontsloten. Gaaf hoevenlandschap is te vinden in delen van Herfte en Wijthmen en in Soeslo. Door stedelijke bebouwing minder gaaf langs Kuijerhuislaan, delen van de Herfterlaan en rond Wijthmen. Landgoederen en stuifduinen met akkermaalshout (Erfgenamenbos) gaaf aanwezig. Steilranden gaaf rond Selhorst.
In het hoevenlandschap als oude bewoningsplaats is veel menselijke activiteit passend. De kwaliteit van de bebouwing is snel ontoereikend, hoewel woonbebouwing op zich geen afbreuk doet. De extensieve delen (landgoederen en bossen) zijn gevoelig voor verstoring en bemesting. Het reliëf en de archeologische waarden zijn gevoelig voor ver- en afgravingen. De bestaande boerderij op het perceel Erfgenamenweg 16 is geen monument en kent geen specifieke cultuurhistorische waarden. Wel vormt het perceel een boerenerf dat kenmerkend is voor de omgeving. Deze bebouwing zal verdwijnen en de nieuwe woningen die hier terug zullen komen zullen worden ingepast in aansluiting op de bebouwing en het landschap in de omgeving.
37/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
3.4.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
Het plangebied is momenteel als agrarisch in gebruik en kent in ieder geval geen cultuurhistorische bebouwing die van belang is. De bestaande boerderij op het perceel Erfgenamenweg 16 is geen monument en kent geen specifieke cultuurhistorische waarden. Wel vormt het perceel een boerenerf dat kenmerkend is voor de omgeving. Deze bebouwing zal verdwijnen en de nieuwe woningen die hier terug zullen komen worden overeenkomstig het heersende beeld langs de Erfgenamenweg uitgevoerd in volumes met een kap waarbij de goot op de eerste of één en een half bouwlaag is gelegen. Dit is vastgelegd in het beeldregiekader dat is opgenomen in Bijlage 6. Hierin is ook rekening gehouden met de landschappelijke structuur.
3.5
Verkeer
3.5.1
Huidige situatie
In de huidige situatie is het plangebied een agrarisch perceel en kent het plangebied dus geen ontsluitingswegen of parkeerplaatsen ten behoeve van het openbaar verkeer. De Erfgenamenweg bestaat uit twee rijstroken en er geldt een maximum snelheid van 60 kilometer per uur. In het jaar 2021 heeft een verkeerstelling plaatsgevonden waaruit bleek dat er 597 motorverkeersbewegingen per etmaal plaatsvinden over de Erfgenamenweg. 3.5.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
Het plangebied kent voor het gemotoriseerd verkeer twee aan-sluitingen op de Erfgenamenweg. De ontsluitingswegen hebben het karakter van woonpaden of erven, met een maximum snelheid van 30 km/uur. Het accent ligt hier op de verblijfskwaliteit in een aangename groene omgeving, waar de auto slechts te gast is. Dat sluit aan op het STOP-principe dat de gemeente Zwolle hanteert: Stappen, Trappen, Openbaar Vervoer, Privé-vervoer. In eerste instantie wordt uitgegaan van wandelaars (Stappen), vervolgens wordt gekeken naar de fietsers (trappen) en daarna naar het OV en personenvervoer. Wat betreft het extra verkeer op de Erfgenamenweg is het zo dat er rekening is gehouden met een verkeersintensiteit van 1.103 motorvoertuig verkeersbewegingen per etmaal in het maatgevende jaar 2030. Zie ook de verkeersgegevens in het akoestisch onderzoek dat is opgenomen in Bijlage 4. Er is geen reden om aan te nemen dat de Erfgenamenweg dit aantal verkeersbewegingen niet zou aankunnen, deze weg kan dit aan gezien de inrichting en huidige intensiteit. Langzaam verkeer In het stedenbouwkundig plan is ruimte gereserveerd om te voldoen aan de wens voor een goede verbinding met de kern van Wijthmen en het omringende landschap. Met een nieuwe fietsverbinding over de (oude) Erfgenamenweg en wandelpaden naar de voetbalvereniging wordt het nieuwe buurtschap onderdeel van een groter recreatief netwerk.
In afwijking op onderstaande afbeelding is er een groenzone gepland tussen het appartementgebouw en het sportveld en wordt deze ook als dusdanig bestemd. De weg is daar niet (meer) toegankelijk voor auto's, wel komt hier een langzaamverkeersverbinding. Parkeren Het streven is de geparkeerde auto zo goed als mogelijk te weren uit het straatbeeld. Om die reden vindt het parkeren zoveel mogelijk plaats op de eigen kavel. Bij twee-onder-één-kapwoningen en vrijstaande woningen kan dit eenvoudig worden gerealiseerd. Bij rijwoningen en gestapelde woningen worden de
38/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
benodigde parkeerplaatsen in principe voorzien in parkeerhoven afgescheiden van de openbare ruimte. Daarnaast is in de openbare ruimte rekening gehouden met bezoekersparkeren. Eén en ander in samenhang met het woningtype. Parkeernorm In het plangebied zijn nu circa 220 parkeerplaatsen ingetekend. Dat is te zien op de volgende afbeelding. Met dat aantal kan voldaan worden aan de gestelde parkeernorm. Parkeren van de te woning aan de hoek Veldwijkweg - Erfgenamenweg vindt plaats op eigen terrein.
Afbeelding: Ontsluiting en parkeren
3.6
Natuur
3.6.1
Huidige situatie
Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de natuurwaarden ter plaatse. De nieuwe Wet natuurbescherming heeft per 1 januari 2017 de Boswet, de Flora- en faunawet en de Natuurbeschermingswet 1998 vervangen. Taken en verantwoordelijkheden voor bescherming van natuur worden zoveel mogelijk bij provincies neergelegd, overeenkomstig het uitgangspunt 'decentraal tenzij'. De grootste veranderingen treden op bij de soortenbescherming. Zo vervalt de beschermingsstatus van een groot aantal planten en van soorten als Kleine modderkruiper en Bittervoorn. Daarnaast krijgt een aantal bijzondere niet eerder beschermde libellen, dagvlinders, planten en één vissoort (Kwabaal) juist een beschermde status. Provincies krijgen meer bevoegdheid bij het benoemen van beschermde soorten. Bij gebiedsbescherming vervalt de status van Beschermde Natuurmonumenten. De bescherming van Natura 2000-gebieden verandert niet.
39/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Uitgangspunt van de wetgeving is een integrale bescherming van de aangewezen natuurwaarden en -gebieden. Dit betekent dat in beginsel elke aantasting, die schadelijke gevolgen kan hebben voor het aangewezen waarden dient te worden gereguleerd. Dit kan worden omschreven als een algehele zorgplicht. Het is verboden om, zonder vergunning, projecten of andere handelingen te realiseren/verrichten die gelet op de instandhoudingsdoelstelling de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten kunnen verslechteren of een verstorend effect kunnen hebben op aangewezen waarden.
Onderzoek Er is een quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd ter plaatse van Erfgenamenweg 16 te Wijthmen. Dit onderzoek is opgenomen in Bijlage 7. Aanleiding tot het onderzoek is de ontwikkeling van nieuwbouw ter plaatse van Erfgenamenweg 16 te Wijthmen. Hiervoor wordt het aanwezige agrarische bedrijf (woning en opstallen) gesloopt en aan de zuidzijde van de Erfgenamenweg nieuw gebouwd. Ook het opgaand groen in het plangebied wordt verwijderd. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 4,4 ha en bestaat uit een boerderij met tuin met bomen en bosschages, diverse schuren, een hooischuur en omliggende weilanden. Omdat het initiatief negatieve gevolgen kan hebben op beschermde natuurwaarden, is het voornemen getoetst aan het natuurbeschermingsrecht. Doel van de quickscan Wet natuurbescherming is inzicht verkrijgen in de mogelijke effecten op de lokaal aanwezige beschermde natuurwaarden als gevolg van de beoogde ontwikkeling. Tevens kunnen verstorende effecten op natuurwaarden buiten het plangebied optreden. Tot slot dient een uitspraak gedaan te worden ten aanzien van mogelijke stikstofdepositie op de omgeving. Volgens de quick scan kan niet worden uitgesloten dat er verblijfplaatsen van vleermuizen, marterachtigen, egels en nestplaatsen van huismussen en kerkuilen aanwezig zijn in de bebouwing en de op het erf aanwezige bomen en bosschages.
Nestplaatsen van huismussen en kerkuilen en verblijfplaatsen van vleermuizen, egels en marterachtigen zijn streng beschermd in het kader van de Wet natuurbescherming. Daarom is er een aanvullend onderzoek uitgevoerd dat is opgenomen in Bijlage 12. Hieruit bleek ontheffing Wet Natuurbescherming noodzakelijk. Deze ontheffing is door de provincie voor de soorten egel, boerenzwaluw, vleermuis en huismus verleend. Soortenbescherming Binnen het plangebied zijn verblijfplaatsen van vleermuizen en nestplaatsen van de boerenzwaluw en huismus vastgesteld. Daarnaast valt het niet uit te sluiten dat er verblijfplaatsen van de egel aanwezig zijn op het erf. Het plangebied is eveneens een essentieel leefgebied voor de aanwezige huismussen en andere aangetroffen soorten. Bij de voorgenomen werkzaamheden wordt een overtreding verwacht op de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming. Voor het wegnemen of verstoren van een functionele verblijfplaats van de egel, gewone dwergvleermuis en gewone grootoorvleermuis en nestplaatsen van boerenzwaluw en huismus en overige broedvogels tijdens het broedseizoen, is een ontheffing van de Wet natuurbescherming noodzakelijk. Voor vaste rust- en verblijfplaatsen van egels en vleermuizen geldt dat er alternatieve verblijfplaatsen moeten worden aangeboden als de huidige verblijfplaatsen worden aangetast.
Ook voor nestplaatsen van boerenzwaluwen en huismussen geldt dat er alternatieve nestplaatsen moeten worden aangeboden als de huidige nestplaatsen worden aangetast. Deze alternatieve nest- of verblijfplaatsen moeten tijdig voor de werkzaamheden worden aangeboden, omdat er rekening gehouden moet worden met een gewenningsperiode. Daarnaast geldt als maatregel dat het plangebied een natuurinclusieve planontwikkeling ondervindt, waarbij zowel de woningen als de omgeving natuurinclusief ontwikkeld worden. Hierin is het van belang om van nature voorkomende soorten terug te brengen in de
40/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
omgeving. De concrete uitwerking van de benodigde mitigerende en compenserende maatregelen vindt plaats in het activiteitenplan dat is opgenomen in Bijlage 2. Een samenvatting hiervan is hieronder weergegeven. Om aan de ontheffingsvoorwaarden te voldoen worden neststenen voor vleermuizen en nestkasten voor huismussen aangebracht (zie tabel).Daarnaast wordt er beplanting toegepast in de vorm van hagen wat voor de egel wenselijk is. Voor de boerenzwaluw wordt in de omgeving van het plangebied, op het terrein van het agrarisch bedrijf aan de Erfgenamenweg 45 aan de schuren 16 voorzieningen geplaatst in de vorm van nestkommen en/of nestplanken. Van belang is dat voorafgaand aan de sloopwerkzaamheden in fase 3 van het bouwproject het minimale aantal permanente mitigerende voorzieningen aanwezig is en dat voor deze voorzieningen is voldaan aan de weergegeven gewenningsperiodes. soort
gewenningsperiode
Minimum aantal voorzieningen aanwezig voorafgaande aan de sloop
boerenzwaluw
Mitigatie aanwezig vóór 15 maart 2022
16 voorzieningen t.p.v. Ergenamenweg 45
egel
Mitigatie aanwezig vóór 1 mei 2023
2 voorzieningen en aanwezigheid groenstructuren in nieuwbouwplan
huismus
Mitigatie aanwezig tenminste 3 maanden voorafgaand natuurvrij maken te slopen gebouwen
12 voorzieningen en aanwezigheid groenstructuren in nieuwbouwplan
gewone dwergvleermuis
Mitigatie aanwezig tenminste 6 8 voorzieningen in nieuwbouwplan maanden voorafgaand natuurvrij maken te slopen gebouwen (tijdens actieve periode tussen april en oktober)
gewone grootoorvleermuis
Mitigatie aanwezig tenminste 1 4 voorzieningen in nieuwbouwplan maand voorafgaand natuurvrij maken te slopen gebouwen (tijdens actieve periode tussen april en oktober)
De aantallen en soort maatregelen zijn als volgt: woningtype
huismus
gierzwaluw
vleermuis
Vrijstaand (19)
2 per woning
1 per woning
1 klein verblijf per woning
Dubbel (2x18)
2 per woning
1 per woning
1 klein verblijf per woning
Blok (9)
2 per woning
2 per blok
9 kleine en 9 grote verblijven
Totaal
224
73
64 kleine en 9 grote verblijven
41/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Tijdens de aanleg wordt gewerkt volgens een ecologisch werkprotocol waardoor de werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd volgens de voorwaarden uit de ontheffing. Met behulp van een ecoloog wordt bepaald waar de voorzieningen worden ingebouwd.
Gebiedsbescherming Het plangebied ligt buiten de begrenzing van Natura 2000-gebied (zie figuur 2.9). De meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden zijn Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht (2,9 km afstand), Rijntakken (4,5 km afstand) en Veluwe (8 km afstand). Andere Natura 2000-gebieden zoals het Vecht- en Beneden Reggegebied liggen op grotere afstand (>14 km). Aangezien het plangebied buiten de begrenzing van Natura 2000-gebied ligt, beperken eventuele effecten zich tot externe werking. Gezien de afstand tot het meest nabij gelegen Natura 2000-gebied (2,9 km), bekende dosis-effectrelaties (Vegte et al. 2014, Krijgsveld et al. 2008) en de aard en omvang van de plannen zijn indirecte effecten – met uitzondering van stikstofdepositie – op voorhand uitgesloten. Door de voorgenomen ontwikkeling kan in de aanleg- en/of gebruiksfase stikstofdepositie ontstaan. Stikstofdepositie kan tot vele kilometers ver reiken en negatieve (verzurende/vermestende) effecten hebben op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Voor voorliggend plan wordt geadviseerd om met behulp van het rekenmiddel AERIUS Calculator te berekenen of het plan (tijdelijke) stikstofdepositie op Natura 2000-gebied(en) tot gevolg heeft.
Het plangebied ligt buiten de begrenzing van zowel het NNN als de Zone Ondernemen met Natuur en Water (zie figuur 2.10). Het dichtstbijzijnde NNN-gebied ligt ten zuiden van het plangebied, op 540 meter afstand. Gezien de afstand (>500m), de aard en omvang van het plan en het tussenliggende afschermende gebied (bebouwing, wegen) is geen sprake van negatieve effecten op de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN Nederland. Vervolgstappen ten aanzien van het NNN zijn niet aan de orde. Berekening stikstofdepositie Door de voorgenomen ontwikkeling kan in de aanleg- en/of gebruiksfase stikstofdepositie ontstaan. Stikstofdepositie kan tot vele kilometers ver reiken en negatieve (verzurende/vermestende) effecten hebben op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Voor voorliggend plan is met behulp van het rekenmiddel AERIUS Calculator een stikstofberekening uitgevoerd en dit rapport is opgenomen in Bijlage 14. Sinds 1 juli 2021 is de aanlegfase van ontwikkelingen vrijgesteld van de vergunningplicht Wet natuurbescherming. Voor deze fase is dus geen stikstofberekening nodig. Enkel de gebruiksfase is dus ook opgenomen in de berekening. Het gebruik van de woningen veroorzaakt op de Natura 2000-gebieden geen bijdrage aan stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/j.
Als gevolg van de ontwikkelingen in het plangebied waarvoor de berekeningen zijn uitgevoerd neemt de stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden in de gebruiksfase niet toe. Er is dus geen sprake van mogelijke negatieve effecten op beschermde Natura 2000-gebieden. Het aanvragen van een Wnb-vergunning is daarom niet nodig voor dit project. 3.6.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
In het kader van de voorgenomen ontwikkeling is een ontheffing van de Wet natuurbescherming verleend, waarbij de benodigde mitigerende maatregelen zijn vastgelegd in een activiteitenplan dat is opgenomen in Bijlage 2. Bij de voorgenomen herontwikkeling van het plangebied is er mogelijkheid om omstandigheden voor een verbeterde biodiversiteit te creëren, wat wordt meegenomen in de planvorming. Daarnaast blijft de zorgplicht ten allen tijde gelden. Deze zorgplicht houdt in dat nadelige gevolgen voor flora en fauna zoveel mogelijk moeten worden voorkomen. Deze zorg geldt voor alle individuen van in Nederland
42/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
voorkomende soorten planten en dieren, ongeacht of deze soort beschermd is en ongeacht of ontheffing of vrijstelling is verleend.
3.7
Water
3.7.1
Huidige situatie
3.7.1.1 Waterstructuur In de huidige situatie bevinden zich geen watergangen of (primaire) waterkeringen in het plangebied. 3.7.1.2 Overstromingsrisico Het plangebied is gelegen achter een waterkering, waarbij in extreme situaties een kans op overstroming bestaat. Het gebied dat dan overstroomt, wordt omsloten door IJssel, Zwolle-IJsselkanaal, Vecht en hoger gelegen gronden aan de oostzijde. Voor bestemmingsplannen in gebieden waar een kans op overstroming vanuit het primaire watersysteem bestaat, is een overstromingsrisicoparagraaf vereist. Risico-inventarisatie Dijktrajecten die een gebied tegen overstromingen beschermen, kennen een overstromingskans. Voor de primaire dijktrajecten nabij het plangebied geldt een overstromingskans van 1 op 10.000 per jaar. De overstromingskans wordt in de Waterwet toegelicht als: “kans op verlies van waterkerend vermogen van een dijktraject, waardoor het door het dijktraject beschermde gebied zodanig overstroomt, dat dit leidt tot dodelijke slachtoffers of substantiële economische schade”.
Met behulp van de risicokaart wordt de maximale waterdiepte in het plangebied tijdens een overstroming geschat tussen de 0,8 tot 2,0 meter. De mogelijke waterdiepte kan daarmee worden aangeduid als redelijk diep tot diep. Verder duurt het relatief lang voordat het plangebied overstroomt bij een dijkdoorbraak.
43/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Afbeelding: Maximale waterdiepte nabij het plangebied
44/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Afbeelding: Plangebied in het geel aangeduid wat betekend dat het relatief lang duurt voordat het plangebied overstroomt bij een dijkdoorbraak
Maatregelen Bij de ontwikkeling in het plangebied dient rekening te worden gehouden met mogelijke overstroming(en). Het betreft hierbij ook bewustwording dat bouwen in risicovolle gebieden bepaalde risico's met zich meebrengt en dat hier adequaat mee omgesprongen dient te worden. Wat betreft maatregelen kan worden gedacht aan: aanvullend ophogen (voor zover mogelijk) van het plangebied, voldoende hoog aanbrengen vloerpeil, verhoogde drempels, zodanige inrichting gebouw dat bij eventuele overstroming schade zoveel mogelijk wordt beperkt (denk aan materiaalgebruik en minder gevoelige ruimten op de begane grond), aansluiting van het plangebied op dichtstbijzijnde weg waardoor bereikbaarheid gewaarborgd blijft en opstellen van een evacuatieplan. 3.7.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
In het kader van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is het verplicht ruimtelijke plannen te 'toetsen op water', de zogenaamde watertoets. De watertoets is een waarborg voor water in ruimtelijke plannen en besluiten. De watertoets is het gehele proces van vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van waterhuishoudkundige aspecten in ruimtelijke plannen en besluiten. De watertoets wordt uitgevoerd binnen de bestaande wet- en regelgeving op het gebied van ruimtelijke ordening en water en vormt de verbindende schakel tussen het waterbeheer en de ruimtelijke ordening. Op basis van de waterparagraaf wordt een wateradvies aangevraagd bij Waterschap Drents Overijsselse Delta. In dit kader worden dan ook
45/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
alle relevante waterhuishoudkundige aspecten meegenomen in het onderhavige plan. Op 16 oktober 2019 is de digitale watertoets ingevuld. De watertoets is opgenomen in Bijlage 15. Daaruit kwam naar voren dat de normale procedure gevolgd moet worden. Op basis daarvan heeft het waterschap een uitgangspuntennotitie opgesteld. In overleg met waterschap Drents Overijsselse Delta is bepaald welke maatregelen getroffen moeten worden. Zo is er een waterhuishoudkundig plan opgesteld waarin de bepaalde maatregelen zijn verwerkt. Uitgangspunt voor het waterhuishoudkundig plan is het principe om regenwater daar waar mogelijk zo lang mogelijk vast te houden en vertraagd af te voeren. Niet alleen om wateroverlast te voorkomen, maar ook omdat water in de woonomgeving bijdraagt aan de belevingskwaliteit en het educatieve karakter van de wijk. Er komt een gescheiden rioolstelsel. De hoofdwaterstructuur van het hemelwater loopt vanuit de randen van het plangebied naar de lager gelegen centrale brink. Onder de brink komt een buffering ten behoeve van het riool. Hierdoor kan het rioolgemaal in Wijthem ontlast worden bij pieken. De straatprofielen zijn voorzien van groene bermen en zorgen daarmee voor de nodige infiltratie van regenwater in de bodem.
Bij de technische uitwerking van het plangebied moet er rekening mee worden gehouden dat er bij extreme neerslagsituaties geen hemelwater naar de lager gelegen omliggende percelen kan afstromen. Dit kan door bijvoorbeeld een greppel of zandkoffer aan te leggen, tussen het lager gelegen perceel en het plangebied. Bij de technische uitwerking van het plangebied zal gekeken moeten worden of/waar dit nodig is. Daarnaast zal verder uitgewerkt moeten worden hoeveel water hier afstroomt. Op basis daarvan kan bepaald worden wat de dimensies van de greppel/zandkoffer moeten zijn. Al het overtollige regenwater loopt naar de wadi alwaar het langzaam kan infiltreren in de ondergrond. Ter ondersteuning van de wadi moet op ieder perceel 20 mm berging worden gerealiseerd. Dit kan door bijvoorbeeld infiltratiekratten op ieder perceel aan te leggen. Dit zal in het technisch ontwerp verder gespecificeerd en uitgewerkt worden. De groene bermen en de infiltratie op eigen perceel zorgen samen voor de nodige waterberging en infiltratie om overcapaciteit op te vangen en de wadi zoveel mogelijk te ontlasten. Op de volgende afbeelding zijn de voorgestelde maatregelen weergegeven.
46/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Afbeelding: Watersysteem
De vuilwaterafvoeren van de woningen worden aangesloten op een aan te leggen vrij verval riool, waarmee al het vuilwater wordt verzameld naar een pompkelder. Onder de Erfgenamenweg langs het plangebied ligt een drukriool. De gemeente Zwolle heeft aangegeven dat dit drukriool geen overcapaciteit heeft zodat het vuilwaterriool van het plangebied hier niet op kan worden aangesloten. Het vuilwaterriool van het plangebied zal door middel van een persleiding direct worden aangesloten op het eindgemaal Wijthmen. Het tracé van de persleiding naar het eindegemaal dient in overleg met de gemeente bepaald te worden.
3.8
Wonen
3.8.1
Huidige situatie
Wythmen bevindt zich in het buitengebied van Zwolle. Het karakteriseert zich als een dorps woonmilieu. In Wijthmen wonen op dit moment circa 620 mensen. In vergelijking tot het gemeentelijke beeld wonen in het dorp relatief veel gezinnen met kinderen en ouderen. De totale woningvoorraad bestaat uit circa 250 woningen waarvan het merendeel grondgebonden woningen met tuin. Het gaat veelal om relatief ruime, grote koopwoningen. De ruimtelijke structuur kan worden beschreven als een open en landelijke structuur met een diversiteit aan cultuurlandschappen.
47/75
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
3.8.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
Het bestemmingsplan beoogt de ontwikkeling van circa 112 woningen. Zoals ook in paragraaf 2.2.1.2 is aangetoond is er behoefte aan woningen in Wijthmen. De voorgenomen ontwikkeling bestaat uit de bouw van een gevarieerd aanbod bestaande uit levensloopgeschikte, rij-, twee-onder-één-kap- en vrijstaande woningen. De verdeling binnen het plan is als volgt: minimaal 22% goedkope (sociale) huur- en koopwoningen (met een VON-prijs inclusief BTW tot 210.000 euro (excl. meerwerk kopers) minimaal 14% laagmiddeldure koopwoningen (met een VON-prijs inclusief BTW tussen 210.000 en 260.000 euro (excl. meerwerk kopers) minimaal 18% hoogmiddeldure koopwoningen (met een VON-prijs inclusief BTW tussen 260.000 en 325.000 euro (excl. meerwerk kopers) maximaal 46% duurdere koopwoningen (met een VON-prijs inclusief BTW vanaf 325.000 euro (excl. meer/minderwerk kopers) Daarmee wordt afgeweken van de normale verdeling van 30/40/30 zoals opgenomen in de Ontwikkelstrategie Wonen 2019-2024 uit 2019. Wijthmen is een aparte kern die zich kenmerkt door haar dorpse identiteit en solitaire ligging buiten de stad. In de ontwikkeling is daarom aandacht geweest voor de behoeftes vanuit het dorp en gekeken naar een programma dat aanvullend is voor deze kern. Hierover zijn in 2018 afspraken gemaakt.
In het Dorpsplan Wijthmen uit 2010 is genoemd dat uitbreiding van het dorp Wijthmen op basis van de identiteit en behoeften van het dorp moet gebeuren. De uitbreiding heeft daarbij vooral betrekking op nieuwbouw van woningen en voorzieningen. De woningen moeten passen in het dorpse karakter van Wijthmen en het landelijke karakter van de omgeving. Uitgangspunt is de behoefte van de bewoners van het dorp zelf, aangevuld met nieuwkomers van elders. De beoogde doelgroepen voor de te bouwen woningen in heel Wijthmen zijn dan ook: Starters uit het dorp Doorstromers uit het dorp Ouderen Terugkeerders Nieuwkomers Ook is in het Dorpsplan opgenomen dat bij de uitwerking van de plannen de differentiatie in Wijthmen kan worden bijgesteld. Met het woningbouwprogramma zoals nu opgenomen in de voorgenomen ontwikkeling ontstaat er een passende mix van woningtypen en prijssegmenten die een goede toevoeging voor de kern Wijthmen is. Op basis van het Zwols Pakket geldt voor de goedkope en middelduur 1 woningen een zelfbewoningsplicht en een antispeculatiebeding. Het Zwols pakket is een set van maatregelen dat samengesteld is door het Zwols Concilium om starters en mensen met lagere inkomens een betere positie te geven op de woningmarkt, een doelgroep waar ook op gericht wordt met deze ontwikkeling.