CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Nota van zienswijzen aangevulde ontwerp

Raad Besluitvormingsronde 9 februari 2026, gemeente ZwolleBij agendapunt: Zienswijzen & zienswijzenota aangevulde ontwerp-Omgevingsvisie42.111 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage

Ad17. Ad18.

Ad19.

Ad20.

mobiliteit. De “nieuwe” wijken worden uiteraard ook goed bereikbaar met de auto en de auto kan hier ook geparkeerd worden. In dat opzicht wordt de auto ook in de toekomst gefaciliteerd. Maar we willen met het STOMP-principe af van de vanzelfsprekendheid dat het straatbeeld gedomineerd wordt door (geparkeerde) auto’s. De wijze van ontsluiting en de bereikbaarheid van de nieuwe wijk, maken onderdeel uit van het komend gebiedsproces. We verwijzen hiervoor naar ons antwoord bij 10 en 11. De nieuwe wijk zal qua woningbouwprogramma moeten voldoen aan onze uitgangspunten dat 30% bestaat uit sociale huur, 40% betaalbare/middeldure koop/huur en 30% dure koop/huur. We onderschrijven de oproep voor sociale cohesie en ontmoeting. Enerzijds ligt hier een ontwerpopgave, anderzijds vraag dit straks in het gebiedsproces goed te onderzoeken welke voorzieningen de nieuwe woonwijk nodig heeft, één en ander ook in afstemming met het voorzieningenniveau in de bestaande woonwijk Zwolle-Zuid. In de ontwerp-Omgevingsvisie benoemen we de doorstroming op de woningmarkt als een belangrijke opgave in de programmering van onze nieuwbouwopgave. Doorstroming leidt tot een verhuisketen, waardoor meerdere doelgroepen een passende woning kunnen vinden. We zien dit ook als kans om senioren in hun eigen wijk de stap naar een (betaalbare) nultredenwoning te kunnen zetten.

Het Volkshuisvestelijk programma dat nu wordt opgesteld biedt straks daarvoor de handvatten om hieraan invulling aan te geven.

Wat betekent dit voor de omgevingsvisie en/of omgevingseffectrapportage? ☒ Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing(en)

☐ Deze zienswijze leidt tot de volgende aanpassing(en): 2.2.8

Zienswijze nummer A08 Samenvatting zienswijze: 1. Indiener handhaaft de reactie zoals die 5 mei jl. is ingediend naar aanleiding van het Ruimtelijk Toekomstperspectief 2. Er zijn zorgen over de ontsluiting van de nieuwe woonwijk. Het voorstel wordt gedaan de ontsluiting langs het bestaande spoor te realiseren (Herfte), zodat Vechtpoort 2 daarop ook kan aansluiten en straks eventueel de nieuw aan te leggen rondweg. 3. Gevraagd de huidige bestemming op het adres van indieners te handhaven. Er wordt onzekerheid ervaren vanwege het voorkeursrecht dat gevestigd is. Men wil daar persoonlijk over geïnformeerd worden. 4. Er wordt overlast van loslopende honden ervaren. 5. De Gooseveldweg en andere wegen zijn vaak onbegaanbaar wat voor gevaarlijke situaties leidt. Met meer verkeer zal de overlast alleen maar toenemen. Zienswijze heeft betrekking op: 23/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage

☒ Ontwerp-omgevingsvisie ☐ Ontwerp-omgevingseffectrapportage ☒ Gebiedsprocessen Vechtrand en/of Zwolle-Zuid/zuid Reactie van de gemeente: Ad1.

Ad2.

Ad3.

Ad4. Ad5.

We gaan nu in op de zienswijze zoals deze is ingediend. De reactie van 5 mei 2025 is mede afgewogen voor het Ruimtelijk Toekomstperspectief, zoals dat door de gemeenteraad is vastgesteld. In de aangevulde ontwerp-Omgevingsvisie is aangegeven dat de nieuw te realiseren woonwijk apart ontsloten wordt. Op de kaart van Mobiliteit is dit indicatief geduid, zowel richting de Ceintuurbaan, als naar de Hessenweg/N340. De ontsluiting van de nieuwe woonwijk is onderdeel van het komende gebiedsproces en wordt daarin bepaald, als onderdeel van de totale integrale opgave. De opzet van de wijk en het aantal woningen is mede van invloed op de wijze van ontsluiting, de ligging daarvan en de benodigde capaciteit van de te realiseren ontsluitingswegen. Hierbij gaat het niet alleen om de nieuw aan te leggen wegen, maar ook om de capaciteit van het bestaande wegennet waarop deze nieuwe ontsluitingswegen aangesloten worden. De locatie van de nieuw aan te leggen weg in Vechtpoort 1 moet blijken uit het gebiedsproces. De Ceintuurbaan is als één van de prioritaire te onderzoeken gebieden in de ontwerp-Omgevingsvisie aangegeven (paragraaf 4.2.3, 4.3.5,4.3.7.2), waar we in 2026 uitvoering aan geven.

Wat betreft de suggestie die wordt gedaan over de wijze van ontsluiting geldt dat we Vechtpoort 2 niet zien als locatie voor grootschalige woningbouw, maar wel als een gebied waar we de opgave van het regionaal watersysteem om in extreme situaties water te bergen kunnen realiseren, met mogelijk kleinschalige woningbouw die ondergeschikt is aan deze opgave. We onderzoeken of de bestaande (recreatieve) functies onderdeel kunnen zijn van de beoogde ontwikkeling van het gebied met woningbouw. Dit met als kanttekening dat in het gebied ook een voorkeursrecht is gevestigd met als doel ook daadwerkelijk tot woningbouw te kunnen overgaan en daarop als gemeente de regie te kunnen voeren. Op percelen waar het voorkeursrecht is gevestigd, is op dit moment dan ook geen 100% garantie te geven of de bestaande functie behouden kan blijven. In het gebiedsproces moet daarop het definitieve antwoord komen. Op de website van de gemeente Zwolle is een pagina opgenomen die specifiek over het voorkeursrecht gaat, met daarbij vragen en antwoorden. Graag verwijzen we indiener daarnaar (Voorkeursrecht | Gemeente Zwolle). Vanzelfsprekend zijn we altijd bereid opnieuw met elkaar in gesprek te gaan. Dit is geen thema wat thuishoort in de ontwerp-Omgevingsvisie.

We nemen dit mee naar het komende gebiedsproces en als aandachtspunt bij het opstellen van het stedenbouwkundig plan waaraan in het komend gebiedsproces gewerkt zal worden.

Wat betekent dit voor de omgevingsvisie en/of omgevingseffectrapportage? 24/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage

☒ Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing(en) ☐ Deze zienswijze leidt tot de volgende aanpassing(en): 2.2.9

Zienswijze nummer A09 Samenvatting zienswijze: 1. De ontwikkeling van een groot aantal woningen in Vechtrand (incl. Vechtpoort 1) nabij Berkum vraagt om een nieuwe grote supermarkt. De indiener van de zienswijze komt graag in aanmerking voor de nieuwe supermarkt. Daarmee wil het (als eigenaar van de supermark in Berkum) lokaal ondernemerschap doortrekken in combinatie met andere functies en partijen. 2. Tevens is betrokkenheid bij de verdere planuitwerking gewenst. Zienswijze heeft betrekking op: ☒ Ontwerp-omgevingsvisie

☐ Ontwerp-omgevingseffectrapportage ☐ Gebiedsprocessen Vechtrand en/of Zwolle-Zuid/zuid Reactie van de gemeente: Ad1. In paragraaf 4.3 van de ontwerp-Omgevingsvisie hebben we generieke en specifieke condities opgenomen voor de ontwikkeling van onder andere Vechtrand (inclusief Vechtpoort 1) met woningbouw. Eén van de generieke condities is dat nieuw te ontwikkelen voorzieningen in de woonwijk (o.a. een supermarkt) het al aanwezige voorzieningenniveau versterkt. Bij de verdere planontwikkeling van Vechtrand gaan we dit nader onderzoeken. Daarna is te bepalen welke voorzieningen in welke omvang een plek gaan krijgen in de nieuwe woonwijk. We zijn als gemeente gebonden aan wet- en regelgeving bij een eventuele gunningprocedure bij uitgifte van grond voor gewenste functies. Daarbij zijn we ook afhankelijk zijn van de wensen en eisen van andere ontwikkelende partijen (grondeigenaren) in het gebied. In deze fase van planontwikkeling kunnen we geen toezegging doen over een gunning van gronden voor bepaalde functies. Ad2. Onderdeel van de planvontwikkeling voor Vechtrand is een stakeholdersanalyse. In die analyse onderzoeken we welke partijen een belang hebben bij de betreffende planvorming, wat hun invloed is en hoe deze betrokken moeten worden. We zullen de indiener van de zienwijze betrekken bij de stakeholdersanalyse.

Daarnaast maken we een participatieplan waarin staat hoe een ieder betrokken kan zijn bij verdere het planvormingsproces. Wat betekent dit voor de omgevingsvisie en/of omgevingseffectrapportage? ☒ Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing(en)

☐ Deze zienswijze leidt tot de volgende aanpassing(en): 2.2.10

Zienswijze nummer A10 Samenvatting zienswijze: 25/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage 1. Volgens de Omgevingsvisie voorziet de gemeente in een herontwikkeling van het gebied naar een gemengde stadswijk. Wij zien zelf óók mogelijkheden voor een herontwikkeling van ons perceel in de toekomst. Voor ons speelt daarbij nadrukkelijk de wens om als familie op deze plek te kunnen blijven wonen, met ruimte voor onze ouders en drie gezinnen. De richting die de Omgevingsvisie nu schetst wijkt af van de mogelijkheden die wij zagen voordat het voorkeursrecht werd uitgesproken. Daarom gaan wij graag met de gemeente in gesprek om gezamenlijk tot een plan te komen waarin de visie van de gemeente en onze eigen wensen elkaar kunnen versterken. 2. De in de visie geschetste bebouwingsdichtheid past naar ons oordeel niet bij het karakter van ons erf en de directe omgeving. Het gebied ligt direct tegen de bosrand en kent duidelijke cultuurhistorische kenmerken, met onder andere kleine percelen die gescheiden worden door houtwallen en heggen met fruitbomen in het land. Door deze samenhang functioneert dit deel van Zwolle nu al als een groene corridor, waar natuur, recreatie, kleinschalige landbouw en woongenot samenkomen. 3. Het voorkeursrecht dat in april 2025 op het gebied is gelegd, zorgt voor veel onzekerheid.

Wij weten niet of de gemeente inzet op aankoop, samenwerking of maatwerk. Deze onduidelijkheid maakt het lastig om eigen ontwikkelopties te verkennen, terwijl wij hier wél gemotiveerd toe zijn. Wij vragen de gemeente om helderheid en een open houding richting eigenaren die bereid zijn om mee te denken over een zorgvuldige toekomst voor het gebied. Daarnaast verzoeken wij de gemeente om het voorkeursrecht te heroverwegen, of op zijn minst te verduidelijken hoe eigenaren een positie krijgen binnen de gebiedsontwikkeling. 4. Wij willen graag met de gemeente in gesprek om plannen uit te werken waarin onze eigen wensen en de ambities van de gemeente Zwolle samenkomen. Wij staan open voor herontwikkeling, maar deze moet recht doen aan de landschappelijke kwaliteiten en de mogelijkheden die hier van nature aanwezig zijn. Zienswijze heeft betrekking op: ☒ Ontwerp-omgevingsvisie

☐ Ontwerp-omgevingseffectrapportage ☒ Gebiedsprocessen Vechtrand en/of Zwolle-Zuid/zuid Reactie van de gemeente: Ad1. Of sprake kan zijn van eigen ontwikkelingen in het gebied en in welke mate dit het geval is, is onderwerp van gesprek in het komende gebiedsproces. We sluiten dat niet uit. Hierbij geldt wel dat we naar één gebiedsvisie toewerken, met als uitgangspunt de algemene- en generieke condities zoals die in het ontwerp van de Omgevingsvisie beschreven staan. Daar hoort ook de gewenste woningbouwprogrammering bij met de opgave betaalbare woningen te realiseren. Op dit moment is dan ook niet te zeggen of de door indiener beoogde eigen ontwikkelingen passend is in het groter geheel. Ad2. De bebouwingsdichtheid, los van het aantal woningen dat in het gebied gerealiseerd wordt, is passend bij een groenstedelijk woonmilieu. Daarnaast is op dit moment nog niet aan te geven welke functie waar landt in het gebied. Dat 26/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage

Ad3.

Ad4.

is onderdeel van het komend gebiedsproces. Onderdeel daarvan is een cultuuren landschappelijke analyse waarin de bestaande, te behouden en te versterken kwaliteiten in beeld worden gebracht. Zoals is aangegeven als conditie voor de ontwikkeling van Zwolle-Zuid/zuid gaan we onderzoeken of de bestaande (recreatieve) functies onderdeel kunnen zijn van de beoogde ontwikkeling van het gebied met woningbouw en het doortrekken van de landschappelijke structuren. In het gebied is voorkeursrecht gevestigd met als doel ook daadwerkelijk tot woningbouw te kunnen overgaan en daarop als gemeente de regie te kunnen voeren. Voorkeursrecht betekent dat de gemeente de grond kan kopen wanneer eigenaren deze aanbieden. We zijn bereid om in gesprek te gaan met grondeigenaren of en hoe zij met hun eigen gronden onderdeel kunnen zijn van de ontwikkelstrategie ZwolleZuid/zuid. In het gebiedsproces moet daarop het definitieve antwoord komen. Op de website van de gemeente Zwolle is een pagina opgenomen die specifiek over het voorkeursrecht gaat, met daarbij vragen en antwoorden (Voorkeursrecht | Gemeente Zwolle). Zie hiervoor de beantwoording bij 1-3. We gaan graag met de indiener van de zienswijze in gesprek in het komende gebiedsproces.

Wat betekent dit voor de omgevingsvisie en/of omgevingseffectrapportage? ☒ Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing(en)

☐ Deze zienswijze leidt tot de volgende aanpassing(en): 2.2.11

Zienswijze nummer A11 Samenvatting zienswijze: 1. Met het oog op de impact van de woningbouwontwikkeling Vechtrand (incl. Vechtpoort 1) doet de indiener van de zienwijze een dringend beroep op de gemeente om als direct belanghebbenden actief te worden betrokken bij de verdere planvorming. Er is een wens om plaats te nemen in een werkgroep vanuit bewoners van de Maatgravenweg. 2. Worden in de plannen elementen opgenomen die voor ons als bewoners direct een positief of negatief effect kunnen hebben? 3. Welke ruimte bestaat er voor ons om het perceel zelf verder te ontwikkelen, bijvoorbeeld door het realiseren van extra woonruimte binnen het toekomstige ruimtelijk kader? 4. Wordt er gelegenheid geboden om in gesprek te gaan over de plannen die direct om ons perceel heen worden uitgewerkt? 5. Is het denkbaar dat de indiener van de zienswijze in het kader van de ontwikkeling hun perceel kan uitbreiden of aanliggende groenstroken kan verwerven, mits passend binnen de beoogde visie? 6. De ligging nabij het Natura 2000-gebied, met name richting de Vecht, vereist een zorgvuldige benadering. De indiener van de zienwijze constateert dat deze aspecten in de huidige ontwerp-Omgevingsvisie onvoldoende zijn verankerd. 7. De breed gedragen maatschappelijke zorg over de afname van biodiversiteit wordt gedeeld. Er wordt een oproep gedaan om bij verdere planvorming 27/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage concrete maatregelen op te nemen die bijdragen aan het behoud én de versterking van biodiversiteit, juist in de gebieden waar deze al rijk aanwezig is. Zienswijze heeft betrekking op: ☐ Ontwerp-Omgevingsvisie

☐ Ontwerp-omgevingseffectrapportage ☒ Gebiedsprocessen Vechtrand en/of Zwolle-Zuid/zuid Reactie van de gemeente: Ad1. In het eerste deel van 2026 wordt voor zowel Vechtrand als Zwolle-Zuid/zuid een startnotitie opgesteld. Deze startnotitie bevat ook een plan van aanpak voor participatie, waarin wordt beschreven hoe de omgeving wordt betrokken bij het proces. Het opzetten van werk- of begeleidingsgroepen vormt daarbij een belangrijk onderdeel. We nemen de wens van indiener om deel te nemen aan een werk- of begeleidingsgroep mee in het gebiedsproces naar de volgende fase voor gesprek. Ad2. In paragraaf 4.3 staan generieke en specifieke condities opgenomen voor de ontwikkeling van Vechtrand. Deze condities zijn uitgangspunt/voorwaarde voor de planuitwerking van het gebied met woningbouw. Het is nu niet mogelijk om aan te geven of bepaalde elementen van de aanstaande planuitwerking positief of negatief uitvallen voor de indiener van de zienwijze. Ad3. In de verdere planuitwerking volgt een ontwikkelstrategie hoe en met wie de beoogde plannen voor het gebied uitvoering kunnen krijgen. Daar kunnen nu nog geen toezeggingen over gedaan worden. Ad4. Op basis van een nog op te stellen participatieplan voor het gebiedsproces wordt inzichtelijk hoe iedereen wordt betrokken.

Daarbij maken we onderscheid tussen verschillende vormen van participatie: meeweten (informeren) en meedoen (actief bijdragen). Op basis van een nog op te stellen participatieplan voor het gebiedsproces wordt duidelijk op welke wijze iedereen betrokken wordt. We zijn altijd bereid met de indiener in gesprek te gaan. Ad5. In de verdere planuitwerking volgt een ontwikkelstrategie hoe en met wie de beoogde plannen voor het gebied uitvoering kunnen krijgen. Daar kunnen nu nog geen toezeggingen over gedaan worden. Ad6. Bij de planuitwerking voor Vechtrand is de gemeente gebonden aan geldende wet- en regelgeving. Ook de regelgeving met betrekking tot Natura200gebieden en ruimtelijke ontwikkelingen daarin en/of daarbuiten. Dit staat ook beschreven in de ontwerp-Omgevingsvisie in paragraaf 4.3.2: ‘de generieke en specifieke condities voor gebiedsontwikkeling’. Ad7. Ook de gemeente zet zich in voor het behoud en versterken van biodiversiteit. Dit maakt onderdeel uit van de planvorming voor Vechtrand. Basis voor een (stedenbouwkundige) planuitwerking is een analyse naar van de bestaande (ruimtelijke) kwaliteiten, waaronder biodiversiteit in het gebied. Daarnaast beoogt de ontwerp-Omgevingsvisie een nieuws stadspark in Vechtrand waar ruimte is voor meer biodiversiteit. Wat betekent dit voor de Omgevingsvisie en/of omgevingseffectrapportage? 28/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage

☒ Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing(en) ☐ Deze zienswijze leidt tot de volgende aanpassing(en): 2.2.12

Zienswijze nummer A12 Samenvatting zienswijze: 1. De indiener van de zienswijze kan zich niet verenigen met de ter inzage liggende Ontwerp-Omgevingsvisie Zwolle-Zuid onderdeel 4.3.7.3: ZwolleZuid/zuid: (nieuwe) stadswijk met nieuw station. De afgelopen twintig jaar is een langdurig en intensief traject doorlopen voor de stichting en ontwikkeling van een nieuw landgoed. De planologische situatie vastgelegd in (recent aangepaste) bestemmingsplannen en anterieure overeenkomst(en). Deze huidige planologische situatie van het Landgoed Herkulosche Esch is onvoldoende terug te lezen in het Ontwerp-Omgevingsvisie. De gronden van het Landgoed Herkulosche Esch moeten expliciet worden uitgezonderd van toevoeging van bebouwing c.q. grootschalige woningbouw; 2. De gemeente is recent met de indiener van de zienswijze een nieuwe anterieure overeenkomst (incl. verplichtingen) aangegaan voor de afronding van het landgoed Herkulosche Esch. De anterieure overeenkomst (AO) betreft publiekrechtelijke medewerking plus privaatrechtelijke verplichtingen. Daarnaast heeft de indiener van de zienswijze een 30-jarig durend contract afgesloten met de SGBDO (Stichting Groene en Blauwe Diensten Overijssel).

Door in de ontwerp-Omgevingsvisie deze privaatrechtelijke afspraken buiten beschouwing te laten, schendt de gemeente het vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel en veronachtzaamt zij financiële en planologische kaders. 3. Het terrein heeft een archeologische vondstkans van 90–100%, waarvoor geldt behoud in situ; 4. De ontwerp-Omgevingsvisie erkent het risico op overslag van IJsselwater, maar kiest toch voor grootschalige woningbouw in kwetsbaar gebied. Het risico op overslag van IJsselwater is onvoldoende onderzocht en gemotiveerd. Op dit punt is de Omgevingsvisie niet zorgvuldig tot stand gekomen (artikel 3:2 Awb). 5. Indien de gemeente, ondanks de genoemde bezwaren alsnog woningbouw wil ontwikkelen nabij het landgoed, dan wil de indiener van de zienswijze graag betrokken worden bij de ontwikkeling van dergelijke plannen en inspraak hebben. 6. De indiener van de zienswijze gaat graag in gesprek om de plannen uit de omgevingsvisie concreet te maken. a. Houd rekening met de bestaande bebouwing en landgoederenstructuur en zorg daarom voor passende nieuwe bebouwing (enkel laagbouw en grondgebonden woningen) met een lage woningdichtheid (10 per hectare maximaal); b. Houdt rekening met de historische en recentere (hoofd)groenstructuren. Geen extra bebouwing in de hoofdgroenstructuur.

Zorg voor een gesloten groene structuur vanaf het Bikkenrade bos naar het landgoed Herkulosche Esch (incl. gronden 29/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage golftuin Zwolle). Behoud het grootschalige groene karakter conform het inrichtingsplan Landgoed Herkulosche Esch (onderdeel van AO). c. Ontsluit toekomstige bebouwing via de Jan van Arkelweg en de Hollewandsweg het gebied in. Niet via de Wijheseweg (N337). Dit doorkruist de hoofdgroenstructuur. d. In het kader van nieuwe helpt bestaand; zorg voor vermindering van geluidshinder van de N337 (bijv. door een geluidswal) en daarnaast voor een rotonde bij de aansluiting N337 met de Jan van Arkelweg. e. Maak station Zwolle-Zuid randvoorwaardelijk voor deze gebiedsontwikkeling; f. Maak verwijderen/ondergronds brengen hoogspanningsmasten randvoorwaardelijk voor deze gebiedsontwikkeling. Zienswijze heeft betrekking op: ☒ Ontwerp-omgevingsvisie

☐ Ontwerp-omgevingseffectrapportage ☒ Gebiedsprocessen Vechtrand en/of Zwolle-Zuid/zuid Reactie van de gemeente: Ad1. Een Omgevingsvisie beschrijft op hoofdlijnen de gewenste ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. In dit geval de hele gemeente Zwolle. De visie gaat daarom niet specifiek in op de planologische situatie op het adres Harculose Esweg 5b (en nummer 4). De begrenzing van de het gebied waar woningen komen in Zwolle-zuid/zuid is indicatief en passen we nu niet aan. In de nadere uitwerking van de gebiedsontwikkeling moet blijken waar wel/geen woningen komen in het plangebied. Dit op basis van de gestelde generieke en specifieke condities die in het ontwerp-Omgevingsvisie zijn opgenomen. Die condities betreffen de thema’s landschap, cultuurhistorie en biodiversiteit. Eén van de condities is ook het maken van een afweging of en hoe bestaande functies behouden kunnen blijven in de toekomstige planuitwerking. Ad2. De gemeente handelt conform het geldende Omgevingsplan (en procedure om die aan te passen) en gesloten anterieure overeenkomst. Ad3. Wij zijn bekend met de archeologische waarde van het gebied. In de ontwerpOmgevingsvisie is als specifieke conditie voor de planuitwerking daarover het volgende opgenomen: “Het gebied ten zuiden van de wijk Zwolle-Zuid is archeologisch zeer waardevol.

De kans op archeologische vondsten op basis van deelonderzoeken in het gebied is 90% tot 100%. Het beleid is behoud ‘in situ’. Wanneer sprake is van grondverstoring, als gevolg van het ontwikkelen van een nieuwe woonwijk, is archeologisch onderzoek nodig. Naast benodigd onderzoek is de aanwezigheid van archeologische waarde een mogelijke inspiratiebron voor het stedenbouwkundig ontwerp van een nieuwe woonwijk. Het geeft een wijk identiteit en het is een kans verhalen uit het verleden weer tot leven te wekken”. Ad4. Als specifieke conditie voor de planuitwerking van Zwolle-Zuid/zuid is opgenomen dat we een klimaatadaptief (inclusief meerlaagsveiligheid met waterrobuuste inrichting) woongebied ontwikkelen. Een nadere uitwerking en 30/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage

Ad5.

Ad6.

onderbouwing daarvan volgt in de verdere planuitwerking. Met waterschap Drents Overijsselse Delta werken we nauw samen voor robuuste dijken langs de IJssel, nu en in de toekomst. Onderdeel van de planontwikkeling voor Zwolle-Zuid/zuid is een stakeholdersanalyse. In die analyse onderzoeken we welke partijen een belang hebben bij de betreffende planvorming, wat hun invloed is en hoe deze betrokken moeten worden. We betrekken de indiener van de zienwijze bij de stakeholdersanalyse. Daarnaast maken we een participatieplan waarin staat hoe een ieder betrokken wordt bij het verdere planvormingsproces. De ontwerp-Omgevingsvisie geeft specifieke en generieke condities voor de planuitwerking. De elementen die de indiener van de zienswijze noemt zijn een nadere uitwerking/vertaling daarvan. We zien die inbreng als input voor de verdere planuitwerking van Zwolle-Zuid/zuid.

Wat betekent dit voor de omgevingsvisie en/of omgevingseffectrapportage? ☒ Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing(en)

☐ Deze zienswijze leidt tot de volgende aanpassing(en): 2.2.13

Zienswijze nummer A13 Samenvatting zienswijze: 1. De indiener van de zienswijze vindt de impact van maximaal 3.000 woningen en daarmee 9.000 inwoners te groot voor Berkum als het gaat om de rust, veiligheid en natuur. Het wordt te druk in Berkum en daarmee gaat het karakter van Berkum verloren. 2. De aandacht wordt gevestigd op het prachtige landschap rond het Roodhuizerpad, Tussen de Verlaten en het Ambeltpad. Dit is een waardevol gebied dat erg wordt gewaardeerd. 3. Verzocht wordt van Vechtpoort 1 een autovrij of autoluwe wijk te maken. Als dit niet mogelijk blijk te zijn, wordt verzocht de ontsluiting van Vechtpoort 1 te realiseren tussen Tussen de Verlaten en het Ambeltpad. 4. Indiener merkt op dat de nieuwe wijk een eigen zelfstandig voorzieningenniveau moet hebben. 5. Voorgesteld wordt het stadspark door te trekken via het Roodhuizerpad, Tussen de Verlaten en het Ambeltpad. Zienswijze heeft betrekking op: ☒ Ontwerp-omgevingsvisie

☐ Ontwerp-omgevingseffectrapportage ☒ Gebiedsprocessen Vechtrand en/of Zwolle-Zuid/zuid Reactie van de gemeente: Ad1. We constateren dat in de zienswijze uitgegaan wordt van het maximaal aantal woningen van de bandbreedte, terwijl we juist aangegeven wendbaar en adaptief te willen zijn en uitgaan van een bandbreedte van 1.500 t/m 3.000 woningen. In het komend gebiedsproces wordt dit nader onderzocht. Hier ligt 31/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage

Ad2.

Ad3.

Ad4.

Ad5.

ook een ontwerpopgave als het gaat om de vormgeving van de woonwijk (met blauwgroen), de wijze van ontsluiting en het gewenste voorzieningenniveau. De mate van het voorzieningenniveau en de inkleuring daarvan, hangt mede af van het aantal woningen dat uiteindelijk in Vechtrand wordt gerealiseerd. Het is de bedoeling dat Berkum haar eigen identiteit behoud. Zo voorzien we een ‘blauwgroene’ buffer tussen Berkum en de nieuwe woonwijk Vechtpoort 1 en verloopt de ontsluiting per auto ervan via de Ceintuurbaan en de Hessenweg/N340. Dit ook overeenkomstig de generieke en specifieke condities voor de verdere planuitwerking van Vechtrand. In de ontwerp-Omgevingsvisie is te lezen dat een cultuurhistorische- en landschappelijke analyse gedaan wordt bij de start van het gebiedsproces. Daarbij worden bestaande en te behouden waarden in beeld gebracht. We hanteren het STOMP-principe. Een autoluwe wijk is dan ook ons uitgangspunt. De ontsluiting van de woonwijk is onderdeel van het komende gebiedsproces en wordt daarin bepaald, als onderdeel van de totale integrale opgave. De opzet van de wijk en het aantal woningen is mede van invloed op de wijze van ontsluiting, de ligging daarvan en de benodigde capaciteit van de ontsluitingswegen.

Hierbij gaat het niet alleen om de nieuw aan te leggen wegen, maar ook om de capaciteit van het bestaande wegennet waarop deze nieuwe ontsluitingswegen aangesloten worden. Eén van de ruimtelijke principes uit de ontwerp-Omgevingsvisie is dat nieuw bestaand helpt. Dit houdt in dat Vechtrand een bijdrage kan leveren aan bijvoorbeeld de instandhouding van het voorzieningenniveau in Berkum, of daaraan een nieuwe impuls kan geven. Hetzelfde geldt (met name als het gaat om de Ceintuurbaanzone) voor de andere aangrenzende wijken. Het gewenste voorzieningenniveau en de afstemming daarvan met het bestaande voorzieningenniveau, in bijvoorbeeld Berkum is onderdeel van het komend gebiedsproces. Op de kaart in de aangevulde ontwerp-Omgevingsvisie is te zien waar we het stadspark voor ogen hebben. Deze kaart is indicatief en in het gebiedsproces wordt het park nader ingevuld. Het deel dat indiener schets, is aangeduid voor wonen Daarop ligt de focus. Ook in dit deel zal de water- en groenopgave spelen. In welke mate dit is en welke verbindingen al dan niet gelegd kunnen worden met het beoogde stadspark, is onderdeel van het komend gebiedsproces

Wat betekent dit voor de omgevingsvisie en/of omgevingseffectrapportage? ☒ Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing(en)

☐ Deze zienswijze leidt tot de volgende aanpassing(en): 2.2.14

Zienswijze nummer A14 Samenvatting zienswijze: 1. De indiener stelt dat de tekst van de omgevingsvisie te ingewikkeld is voor de gemiddelde lezer. De indiener geeft aan dat volgens Hanza! alle Zwollenaren bereikt moeten worden via onder andere “eenvoudige taal”. Daar wordt volgens 32/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage de indiener op deze manier niet aan voldaan. De indiener vraagt of het 'versimpelteam' van de gemeente een rol heeft gespeeld bij het schrijven hiervan. 2. De indiener vraagt of de terinzagelegging en mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze onderdeel is van de participatie met inwoners. 3. Volgens de indiener is het vanwege de grote hoeveelheid informatie voor een 'leek' onmogelijk om gedetailleerd genoeg te lezen voor een volledige zienswijze, waardoor de reactie van de indiener slechts een selectie van opvallende onderwerpen bevat. 4. De indiener was niet op de hoogte van de plannen uit 2021 waarnaar verwezen wordt en vraagt op welke manier inwoners in die tijd zijn benaderd om te participeren. 5. Er wordt door de indiener gevraagd of de geplande bijeenkomst voor Vechtrand en Zwolle-Zuid/zuid voor najaar 2025 al heeft plaatsgevonden en, zo ja, op welke manier inwoners hiervoor zijn uitgenodigd. 6. De indiener merkt op dat termen Ceintuurbaanzone, Vechtrand en Vechtpoort door elkaar worden gebruikt, wat de tekst onleesbaar maakt. De indiener verzoekt om eenduidige benamingen en uitleg per gebied. 7.

De indiener wijst op een tegenstrijdigheid tussen het verwelkomen van alleenstaanden en stellen enerzijds en het tekort aan kleine woningen anderzijds, en vraagt voor welke doelgroep er gebouwd gaat worden. 8. De indiener constateert dat de term Ceintuurbaanzone pas laat in de tekst verschijnt en vraagt waarom dit gebied, in tegenstelling tot Vechtpoort 1 en 2, niet tijdens de informatiebijeenkomst in juni is besproken. 9. Het valt de indiener op dat het aantal geplande woningen in de Ceintuurbaanzone (2500-5000) niet is genoemd tijdens bijeenkomsten, terwijl dit veel meer is dan in Vechtpoort, en vraagt waarom hierover niet duidelijker is geïnformeerd. 10. De indiener vraagt om verduidelijking over de opmerking dat het gebied Vechtrand vanwege klimaat- en wateropgave "niet strak begrensd" is. 11. De indiener wil weten wat er precies bedoeld wordt met de stelling dat woningbouw "helpend is aan de bestaande wijk Berkum". 12. Er is volgens de indiener sprake van extra druk op Berkum door diverse plannen zoals Hessenpoort IV, een stadsrandhub en hoogbouw, wat negatieve gevolgen heeft voor Berkum, verlies van het landelijke karakter, meer drukte en meer geluid. 13. De indiener vraagt om uitleg over de zin dat park Vechtrand "Vechtpoort 1 ingetrokken kan worden" en naar welke afbeelding met "zwarte pijlen" in de tekst wordt verwezen. 14.

De indiener vraagt zich af waarom er gebouwd wordt rondom Berkum als het gebied tevens als "noodventiel" voor wateroverlast moet dienen, en waarom er dan niet voor Vechtpoort 2 wordt gekozen. 15. De indiener vraagt waar de genoemde "enkele honderden woningen" in het stadspark gebouwd zullen worden, aangezien de definitie van een stadspark geen woningbouw vermeldt, en wat de exacte aantallen en woningtypes zullen zijn. 33/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage 16. De indiener stelt dat de Campherbeeklaan ongeschikt is voor bouwverkeer vanwege de beperkte breedte en mogelijke schade aan woningen, en vraagt wat het alternatief is voor deze route. 17. Volgens een berekening van de indiener zal het verkeer op de Campherbeeklaan toenemen. De weg kan dit volgens de indiener niet aan en daarom vraagt de indiener naar een alternatieve ontsluiting voor bewoners. 18. De indiener benadrukt dat de Campherbeeklaan vanwege het huidige sluipverkeer helemaal niet gebruikt kan worden voor de ontsluiting van Vechtpoort 1, ook niet gedeeltelijk. 19. De indiener vraagt waarom er in de tekst gesproken wordt over één ontsluitingsweg terwijl er eerder sprake was van twee, en wat er gebeurt met de plannen als ontsluitingswegen niet mogelijk blijken. 20. De sfeerbeelden voor Vechtrand worden door de indiener als veel stedelijker en massaler ervaren dan die van Zwolle-Zuid, wat in strijd is met eerdere toezeggingen over een ruim opgezette wijk. 21. De indiener vindt dat hoogbouw tot 70 meter aan de rand van de stad afbreuk doen aan het imago van Zwolle en wijst op tegenstrijdigheden in de tekst over het sparen van het landschap door compact te bouwen. 22.

Tot slot stelt de indiener dat de ontwerp-omgevingsvisie door de vele tegenstellingen en onduidelijkheden ongeschikt is voor een akkoord door de gemeenteraad en roept op tot een duidelijkere en kortere beschrijving van de standpunten. Zienswijze heeft betrekking op: ☒ Ontwerp-omgevingsvisie

☐ Ontwerp-omgevingseffectrapportage ☒ Gebiedsprocessen Vechtrand en/of Zwolle-Zuid/zuid Reactie van de gemeente: Ad1. We nemen deze opmerking ter harte. In aanvulling daarop merken we op dat niet aan vaktaal te ontkomen is. Ad2. De zienswijzeperiode maakt deel uit van het totale participatieproces. De wet schrijft voor dat een ontwerp-Omgevingsvisie zes weken ter inzage gelegd moet worden en dat een ieder dan een zienswijze daartegen kan indienen. Ad3. De ontwerp-Omgevingsvisie is vervolg op het Ruimtelijk Toekomst Perspectief waarin de belangrijke keuzes voor na 2030 voor Zwolle staan beschreven. Het ontwerp bevat geen nieuwe inzichten ten opzichte daarvan. De termijn van zes weken is een wettelijk voorgeschreven termijn. Ad4. In 2021 is de huidige Omgevingsvisie door de gemeenteraad vastgesteld. Deze Omgevingsvisie heeft destijds ook als ontwerp zes weken ter inzage gelegen met de mogelijkheid daartegen een zienswijze in te dienen. Ad5. Deze gebiedsbijeenkomst staat gepland op 20 januari 2026. De uitnodiging voor deze bijeenkomst is verspreid via de nieuwsbrief Vechtrand. Aanmelden voor deze bijeenkomst kan door een e-mail te sturen naar omgevingsvisie@zwolle.nl. Wij adviseren, als dit nog niet is gedaan – indiener zich aan te melden voor de nieuwsbrief over Vechtrand via Gemeente Zwolle. 34/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage Ad6.

Ad7

Ad8.

Ad9.

Ad10.

Ad11.

Ad12.

Ad13.

Vechtrand betreft het totale gebied en gaat over de gebieden Ceintuurbaanzone, Vechtpoort 1 en Vechtpoort 2. Het gebied wordt in samenhang bezien vanwege de onderlinge afhankelijkheden als het bijvoorbeeld gaat over mobiliteit en klimaat/water. Daarnaast heeft elk gebied zijn specifieke opgave. Vandaar dat de drie gebieden ook apart benoemd en beschreven worden. We herkennen de genoemde tegenstelling niet. We realiseren woningen voor alle doelgroepen. Betaalbaarheid is daarbij belangrijk. We geven daarnaast aan dat er verschillen in type woning bestaat als het gaat om binnenstedelijk bouwen, bouwen ten behoeve van het versterken van de wijken en het realiseren van woningen in de stadsranden. De Ceintuurbaanzone betreft binnenstedelijk ontwikkelen en valt daarmee binnen de reikwijdte van het huidige beleid, zoals dat in 2021 is ingezet. Tijdens de informatiebijeenkomst lag de focus op Vechtpoort 1, als zijnde de nieuwe woonwijk naast Berkum. Daar lag ook de behoefte aan informatie destijds. Het klopt dat het in de gesprekken in Berkum over Vechtpoort 1 is gegaan. Daar waren ook nagenoeg alle zorgen en vragen op gericht. Vanaf het begin af aan is wel degelijk de invulling van de Ceintuurbaanzone benoemd. We hebben een opgave op water. Vechtpoort 2 zal vooral als blauwgroene zone ontwikkeld worden met beperkte woningbouw. Dit in tegenstelling tot Vechtpoort 1.

Daar ligt de focus op wonen, met ook de wateropgave daarbij. Water is niet gebonden aan grenzen en de wijze waarop we enerzijds rekening te houden hebben met water (Vechtpoort 1), en anderzijds moeten voorzien in tijdelijke waterberging (Vechtpoort 2) wordt in het gebiedsproces verder uitgezocht, samen met onder andere het waterschap, de provincie Overijssel en omliggende gemeenten. Helpend wil zeggen dat woningbouw in Vechtpoort 1 kan bijdragen aan de doorstroming in Berkum, mogelijkheden biedt om in de nabijheid van de eigen wijk een woning te kunnen vinden en leidt tot behoud en versterking van het voorzieningenniveau in Berkum, dan wel aanvullende voorzieningen in de nieuw te realiseren woonwijk. In het komende gebiedsproces is dit één van de gespreksonderwerpen in het participatieproces. In de ontwerp-Omgevingsvisie is te lezen dat het behoud van het karakter van Berkum belangrijk is. De blauwgroene corridor van de Nieuwe Vecht en het stadspark illustreren dat, evenals het uitgangspunt dat de nieuw te realiseren woonwijk ontsloten wordt naar de Ceintuurbaan en Hessenweg/N340. In het komend gebiedsproces wordt uitgewerkt hoe dit gestalte krijgt. Dat wordt mede gedaan via een participatief proces. Het stadspark is op kaart geduid. Dit houdt in dat we de realisatie daarvan belangrijk vinden en in dit gebied niet de woningbouwopgave landt.

De pijlen illustreren dat het stadspark in verbinding staat met de nieuwe woonwijk en de Ceintuurbaanzone, o.a. door middel van fiets- en wandelpaden. Tegelijk geeft het Stadspark aan dat groen belangrijk is. Daarmee is het één van de opgaven in het komend gebiedsproces om te bezien of en hoe dat groen in zowel de Ceintuurbaanzone, als Vechtpoort 1 meegenomen kan worden in de totale opgave in deze gebieden. 35/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage Ad14. Het klopt dat Vechtpoort 1 laag gelegen is. Dat is de reden waarom in de ontwerp-Omgevingsvisie ook de blauwgroene opgave in Vechtpoort 2 noodzakelijk is. We sluiten hierbij aan bij de regionale sponsstrategie van de Sallandse Weteringen dat uitgaat van een systeem van infiltreren, vertragen en bergen (extreme situatie). De komende periode vindt daarover verdere afstemming met betrokken gemeenten, het waterschap en de provincie plaats. Daarnaast is Zwolle onderdeel van de regio Zwolle, zijnde de klimaatadaptieve groeiregio. We ontwikkelen klimaatrobuust en zien daarin kansen. Leven met water is dan ook de paragraaf waarmee de ontwerp-Omgevingsvisie nagenoeg start. Wat betreft Vechtpoort 2 merken we op dat: • De inzet op één grote uitbreidingslocatie niet aansluit bij de basiswaarden, zoals geformuleerd in de ontwerp-Omgevingsvisie. • Dit tot grote aantasting van landschappelijke waarden leidt. • Daarmee grote investeringen zijn • In het verlengde van voorgaande: de mate van flexibiliteit is beperkt. Beginnen aan Vechtpoort 2 is het ook afmaken. Bijkomend risico is dat het de focus van investeerders verlegt van de bestaande stad naar de nieuwe uitbreidingswijk.

• Een grote uitbreidingslocatie staat op gespannen voet met (nieuw) provinciaal beleid. Ad15. Het uitgangspunt is dat ter plekke een stadspark gerealiseerd wordt. Omdat dit park aansluit op de nieuw te realiseren woonwijk en een bepaalde mate van flexibiliteit nodig is in het komend gebiedsproces is voor deze bewoordingen gekozen. Dit houdt ook in dat het aantal woningen beperkt kan zijn als uit het komend gebiedsproces en het daar op te stellen stedenbouwkundig- en landschappelijk plan blijkt dat beperkte woningbouw niet nodig, dan wel wenselijk is. Ad16-19 De ontsluiting van een woonwijk is onderdeel van het komende gebiedsproces en wordt daarin bepaald, als onderdeel van de totale integrale opgave. De opzet van de wijk en het aantal woningen is mede van invloed op de wijze van ontsluiting, de ligging daarvan en de benodigde capaciteit van de weg. Hierbij gaat het niet alleen om de nieuw aan te leggen wegen, maar ook om de capaciteit van het bestaande wegennet waarop deze nieuwe ontsluitingswegen aangesloten worden. We zetten in op een nieuwe extra wijkontsluitingsweg voor Vechtpoort 1 naar de Ceintuurbaan en de Hessenweg/N340 (paragraaf 4.3.7.2). Daarnaast staan op de kaart Mobiliteit die twee richtingen ook geduid.

Bij (grootschalige) bouwwerkzaamheden streven we er daarnaast altijd naar om de overlast voor de inwoners tot een minimum te beperken en de leefbaarheid en verkeersveiligheid te waarborgen. Idealiter zorgen we ervoor dat bouwverkeer via een eigen route (bouwweg) richting de bouwplaats rijdt. Dit is ook bij een eventuele realisatie en realisatiestrategie van Vechtrand het uitgangspunt. Om concreet te kunnen bepalen welke keuzes qua (tijdelijke) ontsluiting nodig zijn is het enerzijds nodig te weten hoe de woonwijk eruit te komt te zien en anderzijds de fasering van de aanleg daarvan in beeld te hebben.

36/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage Ad20. De sfeerbeelden hebben meer betrekking op de Ceintuurbaanzone dan op Vechtpoort 1 en we begrijpen dat dit tot misverstanden kan leiden. De sfeerbeelden van Zwolle-Zuid/zuid zijn in die zin dan meer toepasbaar voor Vechtpoort 1. We zullen andere sfeerbeelden voor Vechtpoort 1 toevoegen. Ad21. De hoogbouwvisie betreft de bestaande visie uit de Omgevingsvisie 2021 en of en hoe hoogbouw vormgegeven wordt, is nauwgezet omschreven met kwaliteitseisen. Hoogbouw kan daarnaast bijdragen aan binnenstedelijke ontwikkeling en verdichting, wat ook een dringende opdracht van het Rijk en de provincie Overijssel is. Ad22. We herkennen ons niet in deze zienswijze van de indiener. Graag komen we persoonlijk langs om met indiener het gesprek over de gemaakte keuzes aan te gaan en nader toe te lichten. Wat betekent dit voor de omgevingsvisie en/of omgevingseffectrapportage? ☐ Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing(en)

☒ Deze zienswijze leidt tot de volgende aanpassing(en): •

2.2.15

Voor Vechtpoort 1 voegen we andere sfeerbeelden toe aan de ontwerpomgevingsvisie.

Zienswijze nummer A15 Samenvatting zienswijze: 1. De indiener van de zienswijze stelt de gemeente in kennis van de uitgebreide inventarisatie van flora, fauna en ecologische structuren, uitgevoerd door deskundige werkgroepen rondom het landgoed Helmhorst. 2. Het ontbreekt in de ontwerp-Omgevingsvisie aan een integrale samenvatting van de ‘Natuurinventarisatie 2005-2010 landgoed Helmhorst’. Het verzoek is om de aanbevelingen uit het onderzoek op te nemen in de Omgevingsvisie. De belangrijkste elementen uit de aanbevelingen hebben betrekking op: a. De historische en ecologische waarde van het landgoed; b. Beheer en bescherming; c. Risico’s van verstedelijking; d. Recreatie en educatie. 3. De indiener van de zienwijze vraagt de gemeente een concreet beheersplan voor Landgoed Helmhorst te ontwikkelen, in samenwerking met natuurorganisaties. 4. Bufferzones en ecologische verbindingen juridisch te verankeren om negatieve effecten van verstedelijking te voorkomen. Zienswijze heeft betrekking op: ☒ Ontwerp-omgevingsvisie

☐ Ontwerp-omgevingseffectrapportage ☒ Gebiedsprocessen Vechtrand en/of Zwolle-Zuid/zuid Reactie van de gemeente: Ad1. De gemeente neemt kennis van het uitgevoerde natuuronderzoek; 37/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage Ad2.

Ad3.

Ad4.

Een Omgevingsvisie beschrijft op hoofdlijnen de gewenste ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. In dit geval de hele gemeente Zwolle. De visie gaat daarom niet specifiek in op Landgoed de Helmhorst en de uitgevoerde natuurinventarisatie. Wel zijn in de Omgevingsvisie voor het gebied waar het landgoed onderdeel uitmaakt planologische kaders van toepassing. Die kaders sluiten aan met de aanbevelingen uit de natuurinventarisatie. Het gebied waar landgoed Helmhorst in ligt is geduid als cultuurhistorisch zeer waardevol en is onderdeel van de hoofdgroenstructuur. Gemeente is geen eigenaar van dit landgoed. Wij stellen geen beheerplannen op voor derden. Wel liggen er (recreatieve) paden over/langs het terrein welke in beheer zijn bij de gemeente. Ook de naastgelegen bomen beheert de gemeente. Deze worden beheerd conform reguliere visie op bomenlanen en rijen. De Omgevingsvisie bevat op hoofdlijnen de gewenste ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. De juridische vertaling daarvan gebeurt in het Omgevingsplan. Daarnaast is het relevant dat landgoed Helmhorst ligt binnen de strategische ontwikkelzone Vechtrand (inclusief Vechtpoort 1) waar woningbouw is voorzien. De ontwerp-Omgevingsvisie benoemt generieke en specifieke condities voor de verdere planuitwerking daarvan. Eén zo’n conditie is dat we onderzoek doen naar de bestaande (ruimtelijke) kwaliteiten van het gebied.

Het betreft analyses op de thema’s cultuurhistorie, biodiversiteit, landschap en waterhuishouding. De natuurinventarisatie van de indiener van de zienswijze kunnen we gebruiken bij de verdere planuitwerking van Vechtrand.

Wat betekent dit voor de omgevingsvisie en/of omgevingseffectrapportage? ☒ Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing(en)

☐ Deze zienswijze leidt tot de volgende aanpassing(en): 2.2.16

Zienswijze nummer A16 Samenvatting zienswijze: 1. Indiener is niet tegen een station in Zuid, maar is wel tegen de beoogde locatie in de buurt van het winkelcentrum vanwege de drukte daar: a. Zwolle-Zuid heeft nu al een hoge verkeersdruk, met bekende knelpunten rondom de IJsselcentraleweg, IJsselallee, Oldeneelallee/Gouverneurlaan. b. De wijk kan deze extra toestroom van auto’s, kiss & ride en parkeerdruk niet opvangen. c. De Oldeneelallee wordt aangewezen als ontsluitingsroute, ondanks de bekende verkeersrisico’s en verkeersdichtheid. d. overlast/onveilige situaties in en rondom het station (voor met name ouderen en de bewoners van Frion) 2. Nieuw Harculo biedt betere kansen voor een toekomstgerichte mobiliteitsoplossing. a. Minder directe overlast voor bewoners b. Beter te integreren in de toekomstige gebiedsontwikkeling c. Aansluiting bij regionale OV-ambities d. Ruimte voor toekomstige groei 38/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage e. Betere verkeersveiligheid en doorstroming 3. Door de komst van het station verdwijnt het tijdelijk hondenuitlaatveld. 4. Indiener vraagt dan ook om een haalbaarheidsonderzoek naar het station bij Harculo (overeenkomstig de wens van de gemeenteraad van 30 juni 2025). 5. En met betrekking tot de huidige locatie een impactonderzoek met daarbij de punten genoemd onder 1 en de onderbouwing ten opzichte van mogelijke alternatieven. Zienswijze heeft betrekking op: ☒ Ontwerp-omgevingsvisie

☐ Ontwerp-omgevingseffectrapportage ☒ Gebiedsprocessen Vechtrand en/of Zwolle-Zuid/zuid Reactie van de gemeente: Ad1-5 Het college heeft op 30 juni, bij de behandeling van het Ruimtelijk Toekomstperspectief, aan de raad toegezegd om naast de in het verleden beoogde locatie nabij het winkelcentrum Zwolle-Zuid ook de locatie richting Harculo mee te nemen in de uit te voeren verkenning. Bij de verdere uitwerking van het Sleutelgebied Zwolle-Zuid/Zuid worden beide locaties dan ook meegenomen als mogelijk scenario en nader afgewogen. Bij de verdere uitwerking van Zwolle-Zuid/Zuid wordt uiteraard breed onderzoek gedaan naar de impact van een mogelijk nieuw station nabij het winkelcentrum Zwolle-Zuid, of meer richting Harculo. Hierbij wordt enerzijds gekeken naar mobiliteit, veiligheid en de consequenties (positief of negatief) voor andere voorzieningen. Anderzijds hebben we ook te maken met aspecten, de inpasbaarheid van het station, het invloedgebied van het station en de investeringen die daarmee gemoeid zijn. Bij de verdere verkenning zijn NS als vervoerder en ProRail als spoorbeheerder daarmee ook belangrijke partijen om te betrekken bij de nadere onderbouwing van de locatiekeuze van een mogelijk nieuw station. Bij de uitwerking van het Sleutelgebied Zwolle-Zuid/Zuid wordt de nadere onderbouwing inzichtelijk gemaakt.

Wat betekent dit voor de omgevingsvisie en/of omgevingseffectrapportage? ☒ Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing(en)

☐ Deze zienswijze leidt tot de volgende aanpassing(en): 2.2.17

Zienswijze nummer A17 Samenvatting zienswijze: 1. De indiener heeft met belangstelling en waardering kennis genomen van het ontwerp, met name voor de plannen inzake Zwolle Vechtrand en Ceintuurbaanzone. 2. De indiener vindt de mogelijkheid om de Campherbeeklaan te gebruiken als ontsluitingsroute niet uitvoerbaar. De indiener motiveert dit door aan te geven dat de Campherbeeklaan autoluw is ingericht en terugkeer naar een situatie met intensief en zwaar autoverkeer onwenselijk is. 39/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage 3. De indiener wijst erop dat de brug over de nieuwe Vecht qua inrichting en constructie niet geschikt is voor intensief zwaar verkeer en te smal is. 4. De indiener waarschuwt dat zwaar verkeer potentieel het risico van schade oplevert aan zijn eigen woning, wat een rijksmonument is uit de achttiende eeuw. De indiener stelt dat het de taak van de overheid is om dit rijksmonument te beschermen en in stand te houden, althans ‘niet in gevaar te brengen’. De indiener verwijst daarmee naar pagina 74 van de ontwerp-omgevingsvisie. 5. De indiener vindt het wenselijk de Campherbeeklaan in te richten als weg voor ‘fietsverkeer waar de auto te gast is’, zodat bewoners van de nieuwbouw toegang houden tot faciliteiten zonder veel overlast te veroorzaken. 6. De indiener doet het voorstel om in de ontwerp-omgevingsvisie op te nemen dat de Campherbeeklaan niet zal worden gebruikt als ontsluitingsweg door vóór de start van de bouw nieuwe ontsluitingswegen aan te leggen. 7. De indiener verzoekt om, indien toch onderzoek wordt gedaan naar de ontsluiting via de Campherbeeklaan, de bescherming van het rijksmonument van de indiener in het onderzoek te betrekken. 8.

De indiener stelt voor om de mogelijkheid te onderzoeken de Campherbeeklaan verder autoluw te maken in de vorm van een fietsstraat. 9. De indiener stelt dat het idee om de Nieuwe Vecht te ontwikkelen als een ‘blauwgroene vinger’ een aantrekkelijk perspectief is als aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. 10. De indiener stelt als voorwaarde dat het een ‘robuuste groene zone’ moet worden, waarbij de bouw van nieuwe woningen in deze strook, of direct aan het water en/of watergebonden woonruimte niet passend is. 11. De indiener geeft aan dat de bestaande bebouwing een prominente plaats dient te krijgen om het historische karakter van dit agrarisch gebied met natuurhistorische waarde te handhaven. 12. De indiener benadrukt dat de huidige flora en fauna in dit gebied beschermwaardig zijn en een duidelijke status dienen te krijgen. 13. De indiener merkt op dat rekening gehouden dient te worden met de aanwonenden ten noorden van de Nieuwe Vecht, omdat zij, volgens de indiener, een bijzonder belang hebben. De indiener verzoekt om hen te betrekken bij de planvorming voor het gebied aangrenzend aan de Nieuwe Vecht. 14. De indiener doet daarom het verzoek om in de definitieve omgevingsvisie duidelijker uit te werken wat onder een ‘groenblauwe vinger’ wordt verstaan en daarbij de randvoorwaarden expliciet op te nemen. Zienswijze heeft betrekking op: ☒ Ontwerp-omgevingsvisie

☐ Ontwerp-omgevingseffectrapportage ☒ Gebiedsprocessen Vechtrand en/of Zwolle-Zuid/zuid Reactie van de gemeente: Ad1. Het doet gemeente Zwolle goed om te lezen dat de indiener met belangstelling en waardering heeft kennisgenomen van de ontwerp-omgevingsvisie. 40/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage Ad2-5. De ontsluiting van een woonwijk is onderdeel van het komende gebiedsproces en wordt daarin bepaald, als onderdeel van de totale integrale opgave. De opzet van de wijk en het aantal woningen is mede van invloed op de wijze van ontsluiting, de ligging daarvan en de benodigde capaciteit van de (bestaande) wegen. Hierbij gaat het niet alleen om de nieuw aan te leggen wegen, maar ook om de capaciteit van het bestaande wegennet waarop deze nieuwe ontsluitingswegen aangesloten worden. De tekst in de ontwerp-omgevingsvisie in samenhang met de kaart “Raamwerk mobiliteit - Nieuwe gebiedswijkontsluiting” laat zien dat de auto-ontsluiting van de nieuwe woonwijk niet volledig via Berkum loopt, maar richting de Ceintuurbaanzone en de Nieuwe Hessenweg/N340. Op dit moment kunnen wij nog niet uitsluiten dat een beperkt aantal nieuwe woningen mogelijk wel ontsloten gaat worden via bestaande wegen, maar dat bij een grootschalige woningbouwontwikkeling zoals Vechtpoort altijd nieuwe auto infrastructuur nodig is richting bijvoorbeeld de Ceintuurbaan. De invulling daarvan is geen onderdeel van de ontwerpomgevingsvisie en vindt plaats in het gebiedsproces dat in 2026 start.

Er zal dan nader onderzoek worden gedaan naar de ontsluiting van het gebied, waarbij ook wordt gekeken wat bestaande wegen aankunnen en hoe deze ingericht zijn. Mogelijkheden om bestaande wegen anders in te richten is onderdeel van het gebiedsproces. Ad6. Bij (grootschalige) bouwwerkzaamheden streven we er altijd naar om de overlast voor de inwoners tot een minimum te beperken en de leefbaarheid en verkeersveiligheid te waarborgen. Idealiter zorgen we ervoor dat bouwverkeer via een eigen route (bouwweg) richting de bouwplaats rijdt. Dit is ook bij een eventuele realisatie en realisatiestrategie van Vechtrand het uitgangspunt. Om concreet te kunnen bepalen welke keuzes qua (tijdelijke) ontsluiting nodig zijn is het enerzijds nodig te weten hoe de woonwijk eruit te komt te zien en anderzijds de fasering van de aanleg daarvan in beeld te hebben. Ad7. Het is voor ons van belang dat aanwonenden zo min mogelijk overlast ervaren, ook wanneer het gaat om een inwoner met een monumentale woning. Dit is een aspect waar we in de uitwerking en bij onderzoeken rekening mee moeten houden. Ad8. Hiervoor verwijzen we naar het antwoord onder 2-5. Ad9. Het doet gemeente Zwolle goed om te lezen dat de indiener het idee om de Nieuwe Vecht te ontwikkelen als een ‘blauwgroene vinger’ een aantrekkelijk perspectief vindt. Ad10.

Wij nemen uw bedenkingen over de Nieuwe Vecht en de robuuste groene zone mee naar het komende gebiedsproces. Daar wordt, als onderdeel van het totale gebiedsproces, de Nieuwe Vecht en de rol daarvan verder uitgewerkt. Ad11. In de ontwerp-Omgevingsvisie is te lezen dat een cultuurhistorische- en landschappelijke analyse gedaan wordt bij de start van het gebiedsproces. Daarbij worden bestaande en te behouden waarden in beeld gebracht. Ad12. Bij de planuitwerking voor Vechtrand is de gemeente gebonden aan geldende wet- en regelgeving. Ook de regelgeving met betrekking tot Natura200gebieden en ruimtelijke ontwikkelingen daarin en/of daarbuiten. Dit staat ook beschreven in de ontwerp-Omgevingsvisie in paragraaf 4.3.2: ‘de generieke en 41/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage specifieke condities voor gebiedsontwikkeling’. De gemeente zet zich in voor het behoud en versterken van biodiversiteit. Dit maakt onderdeel uit van de planvorming voor Vechtrand. Basis voor een (stedenbouwkundige) planuitwerking is een analyse naar van de bestaande (ruimtelijke) kwaliteiten, waaronder biodiversiteit in het gebied. Daarnaast beoogt de ontwerpOmgevingsvisie een nieuws stadspark in Vechtrand waar ruimte is voor meer biodiversiteit. Ad13. Op basis van een nog op te stellen participatieplan voor de gebiedsprocessen wordt duidelijk op welke wijze iedereen, waaronder de aanwonenden van het gebied, betrokken wordt. Ad14. Hiervoor verwijzen we naar het antwoord onder 10. Wat betekent dit voor de omgevingsvisie en/of omgevingseffectrapportage? ☒ Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing(en)

☐ Deze zienswijze leidt tot de volgende aanpassing(en): 2.2.18

Zienswijze nummer A18 Samenvatting zienswijze: 1. De indiener van de zienswijze onderkent dat naast verdichten in de bestaande stad ook daarbuiten, in Vechtrand ruimte gevonden moet worden voor woningbouw. De indiener van de zienswijze stelt dat het noodzakelijk is randvoorwaarden te stellen voor woningbouw in Vechtrand. 2. Het is dan ook onbegrijpelijk dat in het laaggelegen gebied vele (duizenden) woningen gedacht worden, vanwege de kwetsbare ligging in de delta. Dat is korte termijnplanning en houdt geen rekening met de ontwikkeling van het klimaat op lange termijn. Er zijn andere gebieden in Zwolle waar dit probleem niet of veel minder speelt; 3. Uit de buurtonderzoeken die de gemeente Zwolle jaarlijks doet, blijkt telkens dat Berkum heel hoog scoort in vergelijking tot andere buurten in Zwolle. Het is dan ook noodzakelijk dat bij de uitwerking van de plannen voor Vechtrand als eis gesteld wordt dat de score van Berkum er niet op achteruit gaat door het ontwikkelen van Vechtrand. Of anders gezegd: nieuwbouw van woningen is akkoord volgens de indiener van de zienwijze, mits het de sociale, maatschappelijke en economische cohesie in het huidige Berkum versterkt. 4. Deze weg lopend van de Ceintuurbaan tot aan het dorp Berkum is van oudsher al een belangrijk weg.

De stedenbouwkundige, cultuurhistorische en landschappelijke kwaliteit van deze weg en directe omgeving moet bewaard blijven. Ofwel ingrepen in, langs of nabij deze weg mogen de huidige kwaliteit niet aantasten. 5. De gemeente Zwolle heeft beleid vastgesteld op welke manier zij de bewoners wil betrekken bij belangrijke ontwikkelingen. Bij de totstandkoming van deze ontwerp-Omgevingsvisie heeft de gemeente zich volgens indiener niet aan haar eigen beleid gehouden. De indiener van de zienswijze pleit er nadrukkelijk voor dat de gemeente bij de uitwerking van de plannen haar eigen beleid gaat volgen en haar burgers als serieuze en gelijkwaardige gesprekspartners gaat 42/154

Datum Titel

15 januari 2026 Nota van zienswijzen, reacties en wijzigingen aangevulde ontwerpOmgevingsvisie & ontwerp-Omgevingseffectrapportage beschouwen. Uiteraard beslist uiteindelijk de gemeenteraad (of een rechter). Indiener wil dat er niet eerst ambtelijk plannen worden opgesteld, maar dat direct betrokken bewoners vanaf het begin betrokken worden bij het opstellen en uitwerken van de plannen. 6. Berkum is o.a. één van de pilots in het Programma Aardgasvrij Wijken (PAW). Het is belangrijk dat bij de uitwerking van de plannen voor Vechtrand ook voldaan wordt aan de doelstellingen die bewoners via deze twee organisaties geformuleerd hebben. En niet alleen dat, de plannen moeten ook zodanig uitgewerkt worden dat deze doelstellingen voor geheel Berkum gerealiseerd kunnen worden. De twee belangrijkste doelstellingen: a. Berkum (incl. Vechtrand) is in 2040 energieneutraal; b. Streven is dat het hele gebied in 2040 zelfvoorzienend is De indiener van de zienswijze wil de doelstellingen in het omgevingsplan verankert zien. 7. De indiener van de zienswijze meldt dat een planschadeclaim wordt ingediend als de planontwikkeling gevolgen heeft voor de waarde van zijn woning. Zienswijze heeft betrekking op: ☒ Ontwerp-Omgevingsvisie

☐ Ontwerp-omgevingseffectrapportage ☒ Gebiedsprocessen Vechtrand en/of Zwolle-Zuid/zuid Reactie van de gemeente: Ad1. We nemen dit deel van de zienswijze voor kennisgeving aan. Daarbij merken we op dat in de ontwerp-Omgevingsvisie generieke en specifieke condities staan als voorwaarden/uitgangspunten voor de verdere gebiedsontwikkeling van Vechtrand. Ad2. Het klopt dat Vechtrand een laag gelegen gebied is en vatbaar is voor wateroverlast. Als specifieke conditie voor de planuitwerking van vechtrand is opgenomen dat we een klimaatadaptief en waterobuust woongebied ontwikkelen. We zien mogelijkheden om in het gebied een klimaatadaptieve ontwikkeling te ontwikkelen, waar wonen en water samengaan. Een nadere uitwerking en onderbouwing daarvan volgt in de verdere planuitwerking. Ad3. In de ontwerp-Omgevingsvisie zijn basiswaarden opgenomen als randvoorwaarde voor de verschillende gebiedsontwikkelingen in Zwolle. Eén basiswaarde gaat over het versterken van sociale netwerken, een andere over ‘nieuw helpt’ bestaand. Dit komt erop neer dat het toevoegen van woningen in Vechtrand bijdraagt aan de sociale cohesie van Zwolle en bijvoorbeeld versterkend is voor het bestaande voorzieningenniveau. Het is de bedoeling dat Berkum haat eigen identiteit behoud.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=858c5cd4-fba1-4cb4-9abc-e33826074208