CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 ROP Nieuw Harculo

Raad Besluitvormingsronde 6 mei 2025, gemeente ZwolleBij agendapunt: Ruimtelijk Ontwikkelplan en Natuurontwikkelplan Nieuw Harculo22.753 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Figuur 1.1.1 | Integrale uitwerking van landschap & stedenbouw

28

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

DEEL 2 | 2. Landschap & Stedenbouw 2.1 Vertrekpunt & inspiratie Natuurontwikkeling Nieuw Harculo De ontwikkeling van Nieuw Harculo biedt de kans om de waarden van de IJsseldelta, Natura 2000 en de hoofdgroenstructuur van Zwolle te versterken. Deze waarden omvatten niet alleen de robuuste groenstructuur en biodiversiteit, maar ook een passend extensief recreatief gebruik voor de bewoners en als onderdeel van een recreatief netwerk; ‘het rondje Zwolle’. De verschillende natuurdoeltypen die in het NOP naar voren zijn gekomen, worden zoveel mogelijk teruggebracht in de nieuwe wijk. De herontwikkeling van het gebied heeft positieve effecten voor zowel de gebiedseigen flora en fauna als voor de huidige omwonenden en de toekomstige bewoners. Van grote schaal op structuurniveau, tot aan de kleinste schaal in tuinen en op daken.

plagen en een gezond bomenbestand) en beheer. Onderling zijn de gebieden verbonden met bijvoorbeeld het Oldenelerpark en de IJsseldijk, waardoor een fijnmazig netwerk ontstaat waarin gewandeld, gespeeld en verbleven kan worden. In Nieuw Harculo woon je in de natuur. Een toegankelijke groene omgeving die uitnodigt om te bewegen en te ontspannen en die sociale interactie stimuleert. Een natuurinclusieve wijk voor mens en dier.

Cultuurhistorie Harculo Zwolle ís water. Al vanaf de eerste bewoning tot nu hebben de bewoners bijgedragen aan de vorming van het landschap, het landschap bewerkt en met de effecten van die bewerking op het waterbeheer leren omgaan. Het hedendaagse landschap van Zwolle toont de historische continuïteit van een cultuur van leven met water.

Met de inrichting van het gebied wordt geprobeerd zo dicht mogelijk bij oorspronkelijke en gebiedseigen flora en fauna te blijven. In het stedelijke gebied wordt rekening gehouden met groeiomstandigheden, biodiversiteit (in relatie tot ziekten,

De geschiedenis van het plangebied is sterk bepaald door de ligging aan de IJsseldelta en de aanleg van een sluitend dijkenstelsel tegen de overstromingen. Dit in tegenstelling tot de stedelijke ontwikkeling van Zwolle langs het Zwarte Water. Begin twintigste eeuw was het natuurlandschap van de IJssel met het Kristalbad (in de zuidelijke kolk) een geliefde plek voor waterrecreatie. De kenmerkende

Figuur 2.1.1 | 1917 Harculo als onderdeel van het

Figuur 2.1.2 | 1994 Harculo als energielandschap

IJssellandschap

slingerende dijken en kolken werden rond 1950 vergraven om de bouw van de IJsselcentrale op deze plek mogelijk te maken. De kolken werden onderdeel van de twee buitendijkse havenkommen met daartussen het nieuw ingedijkte terrein voor de IJsselcentrale. Door de maat en schaal van de IJsselcentrale en het omliggende werklandschap is deze ontwikkeling gezichtsbepalend geweest. In dezelfde periode groeide de stad Zwolle fors en breidde zich vooral in noordelijke en zuidelijke richting uit met nieuwe woonwijken. Sinds de realisatie van de woonwijken Ittersumerbroek en Oldenelerbroek begin 2000, sluit het plangebied aan de noordzijde aan op het stedelijk weefsel. De kenmerkende historisch geïsoleerde ligging aan de IJssel op grote afstand van de stad, kreeg hiermee een andere betekenis. De cultuurhistorische waarden zijn nader onderzocht door Het Oversticht en vastgelegd in de Gebiedsvisie ‘IJsselcentrale & omgeving’ (2021).

Nieuw Harculo Voor de uitwerking van Nieuw Harculo zijn de cultuurhistorische waarden samen met het NOP als vertekpunt en inspiratie genomen om deze opnieuw betekenis te geven in het natuur- en woonlandschap van Nieuw Harculo.

Figuur 2.1.3 | 2021 Nieuw Harculo als (woon)landschap aan de IJssel

Nieuw Harculo

||

29

Cultuurhistorie waardestelling Het Oversticht heeft de cultuurhistorische waardestelling uitgevoerd conform de ‘Richtlijnen cultuurhistorisch onderzoek 2013’. Enkele bevindingen uit de eindrapportage ‘Cultuurhistorische waardestelling & aanbevelingen ontwikkeluitgangspunten Terrein centrale Harculo, Het Oversticht (22 februari 2021)’ zijn hieronder beschreven en dienen als belangrijke onderlegger en inspitatie. Het terrein van de voormalige centrale Harculo bestaat uit een aantal kenmerkende onderdelen: • r echthoekig, functioneel en pragmatisch ingericht fabrieksterrein; • de havens met uiterwaarden; • het schakelstation; • dienstwoningen in een parkachtige setting. Het gebied kent een eigen inrichtingswijze en schaal, die uniek is in de omgeving. De van ver zichtbare elektriciteitscentrale was een in het oog springend ontwerp van architect

De Gruyter. Het krachtige gebouwensemble van de centrale was omgeven door een sterk landschappelijk kader, ontworpen door landschapsarchitect Hein Otto. Samen gaven ze betekenis aan het nog steeds herkenbare concept ‘Volumes in het landschap’. De centrale-units PE 1 t/m 6 vormden de meest sprekende en vroege voorbeelden van de montagebouw bij elektriciteitscentrales. De centrale Harculo lag geïsoleerd in het landschap met een duidelijke functionele en visuele relatie met de IJssel. Het terrein werd ontsloten door een hoofdtoegangsweg langs de dienstwoningen en een spooraftakking van het traject Zwolle-Deventer. De geïsoleerde ligging van het terrein aan de IJssel ten opzichte van Zwolle kenmerkt de plek. Behoud van het waardevolle ensemble van dienstwoningen aan de Professor Feldmannweg in de parkachtige inbedding en het open veld bij de noordoostelijke toegang van het gebied geeft het gebied een f raaie, groene en landschappelijke entree. Een groot

deel van de industriële overblijfselen van de centrale is gesloopt. Van de bestaande bebouwing zijn ondanks enige latere aanpassingen en verbouwingen de buitenkant en de binnenkant grotendeels intact gebleven. Met uitzondering van de voormalige Hijshal kenmerken de overgebleven gebouwen zich door een mix van de eerdere baksteenarchitectuur en montagegebouw. De robuuste betonnen steigerconstructies vormen de enige fysieke herinnering aan de industriële activiteiten in en aan de havens. Het terrein is door de ingrijpende sloop het grootste deel van zijn oorspronkelijke imposante karakter kwijtgeraakt. In het afgelopen decennium zijn daarnaast grote delen van de terreininrichting en het beplantingsplan verloren gegaan. De resterende bomen aan de waterkant van de dijk van de zuidelijke haven zijn gerooid en als gevolg van de dijkversterking en er moeten nog een aantal bomen gerooid worden.

Hoge waarde

Positieve waarde

Geen waarde

•

uiterwaarden

•

voormalig magazijn

•

portiersloge

•

oude ijsseldijk

•

vacuumgebouwtjes

•

garages bij dienstwoningen

•

kolk

•

restant industriespoor

•

sluisje of duiker

•

industriehavens

•

schakelstation met zendmast

•

kolensteiger

•

onderdelen waterhuishouding fabrieksterrein

•

materiaal- of oliesteiger

•

pad met stelconplaten naar de dijk

•

koelwaterfilter- of pompgebouw

•

zichtrelatie dienstwoningen - kolk

•

dienstengebouw

•

machinehal

•

voormalige hoofdtoegang Prof. Feldmanweg / IJsselcentraleweg met esdoornlaan

•

andere onderdelen vanuit het plan van Hein Otto:

•

rijen populieren en essen op het binnenterrein en daarbuiten

•

solitaire kastanjes

•

bossage en schietwilg rond de kolk

•

percelen met bomen en dichte heesterbegroeiing voorterrein

•

park rondom de dienstwoningen

Figuur 2.1.4 | In bovenstaande tabel zijn de waardevolle elementen in het plangebied conform de richtlijnen voor bouwhistorisch onderzoek gewaardeerd. (bron: 2021 Het Oversticht - Cultuurhistorische waardestelling & aanbevelingen ontwikkeluitgangspunten terrein vm centrale Harculo)

30

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

eringsplattegrond

Legenda waardevolle elementen

Figuurelementen 2.1.5 | Kaart met op en de rondvoormalige het terrein van IJsselcentrale de voormalige IJsselcentrale de waardevolle op de enwaardevolle rond hetelementen terrein van Harculo.Harculo.

(bron: 2021 Het Oversticht - Cultuurhistorische waardestelling & aanbevelingen ontwikkeluitgangspunten terrein vm centrale Harculo)

Nieuw Harculo

||

31

Werklandschap als inspiratie

Centra le

Figuur 2.1.6

|

Schematische weergave van het terrein van de centrale met ‘volumes

in het landschap’. De structuur was rationeel en modulair en daarmee geschikt voor de uitbreiding over tijd met nieuwe machinehallen binnen het bestaande bouwsysteem.

IJssellandschap als inspiratie

Figuur 2.1.7 | Zicht vanaf de dijk met links de IJssel en rechts de voormalige IJsselcentrale

32

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

IJsselcentrale als inspiratie

1

2

+

+

+ + Figuur 2.1.8

|

3

+

Bureau de Gruyter beschreef de centrale als ‘volumes in het landschap’; de techniek van de machines is ondergeschikt aan de abstractie van de

afzonderlijke volumes. Deze volumes zijn zo verbonden en samengesteld dat de perceptie van het ensemble wisselt per zijde en daarmee reageert op de context en de manier waarop je het gebouw benaderde. Gezien vanuit het achterland domineert de horizontaliteit en een afbouwend volume, terwijl vanuit het IJssellandschap de verticale geleding in combinatie met de schoorstenen het beeld beheerste.

Figuur 2.1.9 | Tekening van de IJsselcentrale door Bureau de Gruyter

Nieuw Harculo

||

33

2.2 Concept Nieuw Harculo Essentie gebiedsvisie Nieuw Harculo geeft invulling aan de groeiambitie van Zwolle met woon-, werk- en cultuurfuncties in een groenstedelijke, biodiverse, klimaatadaptieve en gezonde omgeving. De stedenbouwkundige en landschappelijke opzet van de gebiedsvisie vormen de basis voor de uitwerking van een compacte woonbuurt, gelegen aan de IJssel. De woningen bevinden zich rondom een nieuw park en hebben met een sterke relatie met de Uitspanning, de centrale ontmoetingsplek met culturele- en maatschappelijke functies. Vanaf de Uitspanning verbindt een directe fietsverbinding het gebied met de stad. De auto wordt ontsloten via het westelijk deel van de IJsselcentraleweg, meer op afstand van de bestaande woningen en de (recreatieve) langzame verkeersroutes.

Figuur 2.2.1 | Essentie gebiedsvisie

Versterken cultuurhistorie De unieke, geïsoleerde ligging van het voormalige werklandschap en de typerende knikken in de rivierdijk rondom Harculo en de insteekhavens, zijn belangrijke pijlers voor het behoud van de geschiedenis. De Koelwaterhal, de Hijshal, het Dienstengebouw en het Magazijn hebben een nieuwe bestemming gekregen en blijven herkenbaar als cultuurhistorische bebouwing. De positie en de maat en schaal van de voormalige bebouwing (‘volumes in het landschap’) is vertaald naar een ruimtelijk concept voor Nieuw Harculo. Hierbij geven de stedenbouwkundige opzet en de architectuur een hedendaagse betekenis aan de cultuurhistorische waarden. Het landschapsplan van Hein Otto vormt samen met resterende onderdelen van het voormalig gebruik van het terrein (sporen, steigers) de inspiratie voor de uitwerking van de openbare ruimte, in samenhang met de natuurontwikkeling. Figuur 2.2.2 | Waardevolle cultuurhistorische elementen

34

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Adaptatie gebiedsvisie Gezien de ligging naast en deels in het Natura 2000-gebied, heeft de raad bij vaststelling van de gebiedsvisie besloten om niet alleen een Ruimtelijk ontwikkelplan, maar ook een Natuurontwikkelplan op te stellen. Daarbij is verzocht om de natuur zoveel als mogelijk te beschermen en daarom geen struinpad door de uiterwaarden mogelijk te maken. Het recreatieve gebruik van de buitendijkse gebieden is grotendeels geschrapt om het Natura 2000-gebied optimaal te beschermen en te versterken. De uiterwaarden en de steigers zijn niet meer publiek toegankelijk en worden onderdeel van de natuurontwikkeling met op de zuidelijke steiger mogelijk in combinatie met een beperkt cultureel programma. Op verzoek van omwonenende is besloten geen fietspad door te trekken over de IJsseldijk naar het zuiden. Wat blijft is een dijk die openbaar wordt (voor voetgangers), deels openbare oevers van de havens, de Uitspanning en verbeterde recreatie en wandelmogelijkheden achter de dijk en rondom de kolk. De voortzetting van het pad rond de kolk is echter pas mogelijk wanneer Tennet uit het plangebied verdwijnt. Rondom de kolk is het bovendien ecologisch gezien van belang de kwaliteit van het groen en de waardevolle bomen te behouden. Rijkswaterstaat heeft vanuit de Kaderrichtlijn Water (KRW) de opgave om de waterkwaliteit van de IJssel te verbeteren.

Een van de maatregelen is de aanleg van een nevengeul in de uiterwaarden van Nieuw Harculo. Dit biedt meekoppelkansen voor de natuurontwikkeling en de realisatie van een vogeleiland. Bij de uitwerking van de gebiedsvisie is het Klimaatpark verschoven naar het oosten. Hiervoor is een praktische aanleiding, namelijk de aanwezigheid van resterende fundering en kelders in

Figuur 2.2.3 | Adaptatie gebiedsvisie

de bodem, maar ook de wens het Klimaatpark meer centraal in de woonbuurt te positioneren en te verbinden met het programma rondom de Uitspanning. In de gewijzigde opzet verbindt het Klimaatpark nog steeds beide havens en de woonbuurten, zoals in de gebiedsvisie, maar sluit nu ook direct aan op de ‘Uitspanning’. Op deze centrale ontmoetingsplek voor de wijk en de stad, komen binnendijks en buitendijks gebied bij elkaar. Een openbare plek waar Zwolle en de IJssel samen komen.

Nieuw Harculo

||

35

Ecologische zonering als drager Het Natuurontwikkelplan (NOP) draagt zorg voor de verdere ontwikkeling van de bestaande natuurwaarden van de landschappelijke hoofdstructuren; zone 1 ‘Uiterwaard en nevengeul IJssel’ en zone 2 ‘Parken en landgoederen’. Juist de samenhang tussen het NOP en het ROP biedt de extra kans om nieuwe natuurwaarden en waardevolle ecologische overgangen toe te voegen aan het bestaande landschap, die nu niet (meer) aanwezig zijn in het gebied. Deze samenhang resulteert in een aanvullende zonering voor Nieuw Harculo: • zone 3 ‘Klimaatpark’; • zone 4 ‘Tussen de Dijken’; • zone 5 ‘In de Centrale’. Deze indeling geeft ruimtelijk en ecologisch extra betekenis aan de ontwikkeling van een woon- en leefomgeving in een natuurlijke setting, met gradaties naar gebruik en toegankelijkheid waarbij ook het Oldenelerpark een samenhang kan gaan vormen met het klimaatpark als grotere groene structuur in de stad voor recreatie en buiten activiteiten. Een parkachtig landschap waar ook voor ecologie een boeiende leefwereld ontstaat.

1

Figuur 2.2.4 | Ecologische zonering

4

3

5

2

Figuur 2.2.5 | Doorsnede Nieuw Harculo oost-west

1

Figuur 2.2.6 | Doorsnede Nieuw Harculo noord-zuid

36

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

4

1

Landschappelijk raamwerk Het landschap van de IJsseldelta, met de meanderende rivier en dijken, smalle en brede uiterwaarden en lange zichtlijnen bepaalt de ruimtelijke beleving van Nieuw Harculo. De IJsseldelta is een uniek gebied waar de seizoenen samen met de weersomstandigheid voelbaar zijn. Van een waterkoude wind op de dijk naar de luwte in de woonhoven, tot heldere vergezichten over de IJsseldelta, die in contrast staan met verstilde beelden door nevel en mist. De Energietuin is onderdeel van de aangrenzende stadsrandzone als overgang naar het buitengebied. Het landschappelijk raamwerk versterkt de overgangen van de IJssel en de uiterwaarden met het binnendijkse landschap

en verbindt de natuur- en de landschapswaarden van Windesheim, (Nieuw) Harculo en het Oldenelerpark met elkaar. De natuur- en cultuurhistorische waarden in het ontwerp vormen de voedingsbodem voor de recreatieve functie van Nieuw Harculo. Het nieuwe halfverharde pad op de dijk sluit aan op de bestaande wandelroutes langs de IJssel, richting de stad en het buitengebied. Het binnendijkse gebied wordt toegankelijk door nieuwe wandel- en fietsroutes, die Zwolle beter verbinden met het zuidelijke IJssellandschap.

Figuur 2.2.7 | Landschappelijk raamwerk

Nieuw Harculo

||

37

Ruimtelijk raamwerk Nieuw Harculo ligt niet aan de dijk, maar tussen de dijken. Het oogt als een balkon aan de IJssel, geflankeerd door de twee insteekhavens. Het plangebied is volledig omgeven door het landschap met een parkachtige omgeving als overgang naar Zwolle-Zuid. Hier kan een hechte gemeenschap ontstaan met een eigen positie in de stad en twee herkenbare entree routes die samenkomen bij de Uitspanning. Het gebied wordt uitgewerkt als één samenhangend (suburbaan) woongebied. Hierbinnen worden vijf deelgebieden onderscheiden: ‘de Uitspanning’, ‘In de Centrale’, ‘Tussen de Dijken’, ‘Het Klimaatpark’ en ‘de Energietuin’.

Figuur 2.2.8 | Ruimtelijk raamwerk

38

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Het stedenbouwkundig concept sluit aan bij de geschiedenis van het terrein: • De Uitspanning (6) met de bestaande gebouwen vormt de vanzelfsprekende entree van de wijk en sluit aan op het centraal gelegen Klimaatpark (3); • Het oostelijke deel, In de Centrale (5), herinnert aan de voormalige IJsselcentrale;

• H et westelijk deel, Tussen de Dijken (4), is open en groen van karakter, herinnert aan het groen ingerichte gedeelte van de IJsselcentrale met de opslagtanks en markeert de landschappelijke overgang naar de IJssel (1); • In de Energietuin (2) is de bebouwing zorgvuldig ingepast in het bestaande landschap; • D e zone tussen de Energietuin en In de Centrale & Uitspanning is een gezamenlijk entree- en parkeergebied, terwijl de woongebieden een groen en autoluw karakter krijgen.

2.2.1 Essenties per deelgebied

6

De essenties vanuit het concept voor Nieuw Harculo zijn per deelgebied bondig weergeven als drager voor de uitwerking, de onderlinge samenhang en een herkenbare identiteit.

Deelgebied de Uitspanning De Uitspanning (6), met de bestaande bebouwing, ligt op het knooppunt van belangrijke (recreatieve) routes; het ligt centraal tussen de IJsseldijk en het Klimaatpark, vormt de hoofdentree voor Nieuw Harculo vanaf de IJsselcentraleweg en is onderdeel van de stedelijke route uit de omgevingsvisie, die denkbeeldig loopt vanaf de Spoorzone tot aan de Uitspanning.

Figuur 2.2.9 | Deelgebied de Uitspanning

De Uitspanning geeft Nieuw Harculo haar identiteit. De functies en het gebruik zijn afgestemd op de nieuwe woonwijk en passend bij de natuurwaarden van het gebied. Als onderdeel van het recreatieve landschap ontstaat in de stadsrandzone een unieke ontmoetingsplek voor de wijk en stad, duidelijk zichtbaar aan de IJssel.

Figuur 2.2.10 | Beelden van de Uitspanning

Nieuw Harculo

||

39

Deelgebied In de Centrale

5

In de Centrale (5) grenst aan de Uitspanning en is opgezet als een compacte woonbuurt rondom intieme binnenruimtes. Het refereert subtiel aan de cultuurhistorische betekenis en vormentaal van de IJsselcentrale en de Uitspanning. De randen vormen een duidelijke overgang naar het park en ‘omlijsten’ het woongebied. Met gebouwde voorzieningen zoals poorten en erfafscheidingen wordt de cultuurhistorie van het voormalige werklandschap beleefbaar gemaakt. Figuur 2.2.11 | Deelgebied In de Centrale

Figuur 2.2.12 | Inspiratiebeelden In de Centrale

40

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Deelgebied Tussen de Dijken De ruimtelijke opzet van Tussen de Dijken (4) is gebaseerd op kleinschalige woonvelden te gast in het landschap. De maat en schaal van de bebouwing is bescheiden en ondergeschikt aan het IJssellandschap. Informele lijnen verbinden het gebied met het klimaatpark en de omliggende IJsseldijk. Het halfverharde wandelpad op de kruin van de dijk biedt oriëntatie en doorzichten op de woonomgeving. De verschillende woonvelden onderscheiden zich door de wisselwerking tussen de woningtypologie en het aangrenzende landschap. De woningen grenzend aan de dijk oriënteren zich op het weidse IJssellandschap en de woningen aan beschutte groene hoven accentueren de landschappelijke overgang op het maaiveld tussen de woning en de openbare ruimte.

4

Figuur 2.2.13 | Deelgebied Tussen de Dijken

Figuur 2.2.14 | Inspiratiebeelden Tussen de Dijken

Nieuw Harculo

||

41

Deelgebied het Klimaatpark Het Klimaatpark (3) is verbindend. Het combineert natuur en cultuur, integreert klimaatopgaves vanzelfsprekend met een landschappelijke parkinrichting en biedt ontmoetingsplekken voor onder andere spel, kunst en cultuurhistorie. Het centraal gelegen Klimaatpark verbindt de omliggende woongebieden en de Uitspanning met elkaar en stimuleert gezamenlijkheid en ontmoeting. Vanuit het centraal gelegen Klimaatpark zijn directe verbindingen en zichtrelaties met het omliggende landschap, de IJsseldijk, de twee steigers en de Uitspanning. De inrichting van het park legt de koppeling met de Uitspanning.

Figuur 2.2.16 | Inspiratiebeelden het Klimaatpark

42

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

3

Figuur 2.2.15 | Deelgebied het Klimaatpark

2

Deelgebied de Energietuin De overgang tussen de zuidelijke stadsrand van Zwolle en Nieuw Harculo wordt gevormd door de Energietuin (2). Een hedendaags landgoed dat is samengesteld uit een lappendeken van cultuurhistorische, landschappelijke en industriële elementen. Programmatische toevoegingen zijn ‘te gast’ in De Energietuin en respecteren de waarden van deze elementen. Het tracé van de voormalige spoorlijn wordt ingericht als wandelpad en verbindt het bestaande wandelpad langs de kolk (vanaf de voormalige personeelswoningen aan de Professor Feldmannweg) met de Uitspanning en het woongebied. Hierdoor onstaat een recreatieve wandelroute door de Energietuin.

Figuur 2.2.17 | Deelgebied de Energietuin

Figuur 2.2.18 | Inspiratiebeelden de Energietuin

Nieuw Harculo

||

43

2.3 Stedenbouw­ kundige uitwerking De stedenbouwkundige uitwerking geeft invulling aan de doelstellingen rond natuur, cultuurhistorie, woonprogramma en duurzaamheid en toont hoe dit alles samenkomt in een natuurlijke en betekenisvolle woon- en leefomgeving. De resterende sporen van de cultuurhistorie en verhalen over de IJsselcentrale worden levend gehouden. Naast transformatie en een nieuw gebruik van de behouden gebouwen rondom De Uitspanning, refereert de stedenbouwkundige opzet en de inrichting van het openbaar gebied aan de verdwenen structuren en het landschap. In de gebiedsvisie wordt de inzet op duurzame mobiliteit genoemd, het stimuleren van een hechte, inclusieve gemeenschap en een klimaatadaptieve buurt die streeft naar natuurinclusiviteit en circulariteit. Voor de gebiedsontwikkeling worden zo veel mogelijk bewezen maatregelen toegepast op het gebied van klimaatadaptatie en circulariteit. Dit is uitgewerkt tot een realistisch stedenbouwkundig ontwerp, waarbij de cultuurhistorie van Harculo herleeft en de natuurwaarden van de IJsseldelta ruimtelijk betekenis krijgen. Het is de ambitie om de natuurontwikkeling (gebaseerd

Figuur 2.3.1 | Harculo vanaf de IJssel

44

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

op het NOP) zo veel mogelijk onderdeel uit te laten maken van het dagelijkse leven om hiermee het ‘ecologisch’ bewustzijn te vergroten. Een integrale aanpak waarbij de ecologische waarden van de beperkt toegankelijke IJsseldelta samen gaan met de belevings- en gebruikskwaliteit van het toegankelijke landschap tussen de dijken en de kolk. Het landschap van Nieuw Harculo vormt hiermee een verbindende schakel tussen het Oldenelerpark, het buitengebied en de zuidelijke IJsselroute via het Harculosepad richting Windesheim.

IJsseldijk en uiterwaarden Verschillende ontwikkelingen hebben invloed op het plangebied, onafhankelijk van de realisatie van Nieuw Harculo. Deze ontwikkelingen hebben tevens gevolgen voor het gebruik van het gebied en de huidige en toekomstige natuurwaarden. Het dijkversterkingsproject in het kader van het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) heeft voornamelijk gevolgen voor de buitenzijde van de IJsseldijk. Hier wordt een nieuwe kleilaag op aangebracht in opdracht van het Waterschap (zie paragraaf 8.1.). De IJsseldijk rondom de insteekhavens en Nieuw Harculo blijft daarmee redelijk intakt en na de dijkversterkingsopgave wordt de dijk voorzien van gebiedseigen dijkflora en ingezaaid met glanshaverhooilandmengsel.

Vanuit het Kaderrichtlijn Water (KRW)-project van Rijkswaterstaat wordt een meestromende nevengeul in de uiterwaarden van Nieuw Harculo aangelegd (zie paragraaf 8.2). De nevengeul is integraal uitgewerkt in samenhang met het NOP en ROP. In de nevengeul, parallel aan de hoofdgeul van de IJssel, mogen ondiepten, langzaam stromend water, sedimentatie en erosie terugkeren, waar in de hoofdgeul geen plaats meer voor is. Het doel van de nevengeul is om de waterkwaliteit van de IJssel te verbeteren. Daarnaast wordt ook de aquatische- en ecologische waarde van de uiterwaarden vergroot. Het eiland dat ontstaat door de geul biedt een veilige verblijfplaats voor (broed)vogels.

Identiteit woonmilieu De sterke identiteit van het IJssellandschap (natuur) en de voormalige IJsselcentrale (cultuur) zijn de voedingsbodem om het woongebied uit te werken in twee samenhangende woonmilieus rondom het Klimaatpark. Een stoer woonmilieu, geïnspireerd op de IJsselcentrale, die de cultuurhistorie actief beleefbaar houdt en een nieuwe betekenis geeft voor de toekomst. En een landschappelijk woonmilieu, beschut en compact onder aan de IJsseldijk. Juist deze onderscheidende identiteiten maken het mogelijk om de ambities en doelstellingen, divers en betekenisvol te maken.

N Figuur 2.3.2 | Plankaart Nieuw Harculo met landschappelijke en stedenbouwkundige inpassing

Nieuw Harculo

||

45

2.3.1 Vijf ruimtelijke principes voor Nieuw Harculo Landschappelijk raamwerk defineert opzet voor samenhangende woonbuurt De stedenbouwkundige opzet is gericht op verwantschap in beeld door herkenbare woonvelden met geometrische hoofdvormen en gelaagdheid in massaopbouw. De woonvelden verkleuren in korrelgrootte en ruimtewerking naar gelang de positie ten opzichte van de landschappelijke hoofdstructuren en de natuurwaarden uit het NOP. Deze verkleuring krijgt karakter aan de oostzijde door een herinnering aan de voormalige IJsselcentrale en aan de westzijde door deze meer onderdeel te maken van het natuurlijke en landschappelijke karakter. De stoere entreelaan markeert de Uitspanning, het Klimaatpark verbindt natuur en cultuur en de dijk omsluit en beschut Nieuw Harculo.

Figuur 2.3.3 | Landschappelijk raamwerk

46

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Ruimtelijke accenten maken cultuurhistorie en landschap beleefbaar De hiërarchie in maat en schaal van de openbare ruimte, straatprofielen en gebouwen benadrukt de landschappelijke hoofdstructuur en maakt de cultuurhistorie zichtbaar. Vanuit het noorden wordt de f ietsroute naar het Klimaatpark en de Uitspanning gemarkeerd door de stoere bebouwing van In de Centrale (A), terwijl de zichtlijnen langs de IJsseldijk en In de Centrale de indrukwekkende schaal van het voormalige werklandschap weerspiegelen (B). De hoofdentree vanaf de IJsselcentraleweg is gericht op het ruimtelijke ensemble rondom de UItspanning, waarmee op verschillende schaalniveaus de cultuurhistorie betekenis krijgt in Nieuw Harculo (C). Vanaf deze centrale ontmoetingsplek tonen verschillende zichtlijnen de relatie tussen de cultuurhistorie, het landschap en Nieuw Harculo. De twee ruimtelijke accenten (D) in het Klimaatpark positioneren het Klimaatpark in het hart van de wijk, koppelen deze met de Uitspanning en verbinden de langzaam verkeersroutes tussen de twee steigers met elkaar. Vanaf het Klimaatpark bieden de doorgaande routes een landschappelijk vizier op de IJsseldijk (E).

B

A

D E

C

E

D

Figuur 2.3.4 | Ruimtelijke accenten

Nieuw Harculo

||

47

Groene leefstraten verbinden de woonbuurten met het landschappelijk raamwerk Tussen de woonbuurten bevinden zich intieme en geborgen groene leefstraten met kleinschalige speel- en verblijfsplekken. Deze autovrije leefstraten verweven het Klimaatpark met de Energietuin en de IJsseldijk. Hierdoor ontstaat een fijnmazig netwerk van wandelroutes gecombineerd met de ecologische zonering uit het NOP.

Figuur 2.3.5 | Autovrije woonhoven

48

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Landschappelijke routing met geclusterd parkeren rondom de woonvelden De verkeersstructuur is eenvoudig van opzet en ondergeschikt aan het landschappelijk raamwerk en de verblijfswaarden van de openbare ruimte. De routing is herkenbaar door een breed landschappelijk profiel met langs de route zicht op herkenbare ruimtelijke elementen, zoals de IJsseldijk en de Uitspanning. Tussen de woonvelden krijgt de routing het karakter van een autoluwe woonstraat met toegang tot de verschillende geclusterde parkeeroplossingen per woonbuurt. Parkeeroplossingen rondom een collectief woonerf zijn gecombineerd met kleinschalige groene speel- en ontmoetingsplekken.

Figuur 2.3.6 | Landschappelijke hoofdrouting

Nieuw Harculo

||

49

Verbindende scharrelroutes en ontmoetingsplekken Dwars door de woonvelden en tussen de woningen door, verbinden informele routes de collectieve ontmoetingsplekken met elkaar en met de openbare ruimte. Afhankelijk van de positie en de omliggende woonvormen verkleuren deze ontmoetingsplekken van karakter. Van intiem, kleinschalig en collectief rondom de woningen naar openbaar, levendig en uitdagend rondom de Uitspanning. De kleinschalige ontmoetingsplekken in de woonhoven zijn informeel van karakter en bieden ruimte voor spontane ontmoeting en initiatieven vanuit de bewoners. De scharrelroutes nodigen uit tot ontdekking en ontmoeting voor kind en volwassenen. Ontdekking en verwondering, die als kind start rondom de woning en tuin, en via de woonhoven, het Klimaatpark en de IJsseldijk iedereen verbindt met de cultuur rondom de Uitspanning en de natuurwaarden van het omliggende landschap.

Figuur 2.3.7 | Verbindende scharrelroutes en ontmoetingsplekken

50

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

N Figuur 2.3.8 | Plankaart Nieuw Harculo

Nieuw Harculo

||

51

2.3.2 Mobiliteit De stedenbouwkundige uitwerking is gebaseerd op de ambities en ontwerp principes vanuit duurzame mobiliteit (STOMP). Een fijnmazig netwerk van langzaam verkeer verbindt Nieuw Harculo met de omliggende wijken en het centrum. De vele informele wandelroutes tussen de woonvelden stimuleren het beperken van autogebruik binnen de buurt. De directe f ietsverbindingen naar de stad en de IJsseldijk bieden een snelle en veilige route naar de scholen, het Winkelcentrum Zwolle Zuid en het station. De regionale recreatieve f ietsverbinding langs de IJssel wordt verbeterd door de koppeling van de fietsstraat tot aan de Uitspanning. Dit nodigt niet alleen bewoners uit tot het gebruik van de f iets maar ook bezoekers en gebruikers van de voorzieningen rondom de

Figuur 2.3.9 | Ruimte voor de voetganger

52

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Uitspanning. Rondom de Uitspanning worden voldoende opstelplekken voor fietsen gerealiseerd. Ook bij de appartementen wordt fietsen gestimuleerd door zichtbare en goed bereikbare collectieve fietsenbergingen. Harculo is beperkt breikbaar met het openbaar vervoer. Station Zwolle is circa 20 minuten fietsen en de stadsbus halteert op de Commissarislaan (loopafstand van circa 10-15 min). In de planopzet is rekening gehouden met een mogelijke busroute door Nieuw Harculo met een halte en draailus bij de Uitspanning of met rondrijden via de IJsselcentraleweg en Professor Feldmannweg met een extra halte. Het autoverkeer wordt via de IJsselcentraleweg ontsloten en tot aan de entree van de wijk gescheiden van de doorgaande fietsroutes. Vanaf de zuidelijke entree verdeelt het autoverkeer zich in drie delen. Bezoekers en gebruikers

van de Uitspanning parkeren de auto direct rondom het entreegebied. Bewoners van In de Centrale parkeren in de oostelijke ontvangstzone tussen de bomen of rijden via de kleinschalige woonstraten naar de parkeerplaatsen op eigen terrein en de gemeenschappelijke parkeerhofjes. Bewoners van Tussen de Dijken rijden aan de zuidzijde langs de Uitspanning naar de parkeerplaatsen op eigen terrein, onder de drie parkeerdekken of in de gemeenschappelijke parkeerhofjes. De verschillende parkeeroplossingen maken het mogelijk in te spelen op het stimuleren van deelauto’s en het voorzien in passende laadmogelijkheden, zowel privé als collectief, voor elektrische auto’s. Uitgangspunt binnen de twee woongebieden is zoveel mogelijk parkeren op eigen terrein of als collectieve oplossing, waarbij de inrichting flexibel is aan te passen bij een veranderde mobiliteitsvraag; van parkeerhof naar collectieve tuin.

Figuur 2.3.10 | Directe fietsverbinding met de stad

Figuur 2.3.11 | Bereikbaar met de auto

2.3.3 Beschrijving deelgebieden In de Centrale In de Centrale is opgezet als compact stoer woonmilieu, met twee duidelijke gezichten. Gelijk de voormalige IJsselcentrale; één gericht op de stad en de ander op de IJssel. De strakke buitenrand geeft het deelgebied een duidelijk herkenbare positie in het gebied, zoals de centrale vroeger solitair in het landschap stond. Wanneer je straks naar Nieuw Harculo fietst vanaf de stad, ervaar je de overgang van stadsrand naar de IJssel. Je fietst door de Energietuin met de voormalige personeelswoningen en langs de slingerende IJsseldijk. De oostzijde van In de Centrale is het ontvangstgebied, met een fietsstraat in het verlengde van de IJsselcentraleweg en een bomenlaan langs de verbrede

watergang waar de ontsluiting en parkeren voor de woningen geconcentreerd is. Deze opzet refereert aan het gebruik van de IJsselcentrale, waarbij de logistiek aan deze zijde van het gebouw was gelegen en de hele dag voor bedrijvigheid zorgde. Met de auto kom je juist via de IJsselcentraleweg, langs het spoor en de Energietuin door de voormalige entreepoort recht op de Uitspanning afrijden. Deze landschappelijke route versterkt de historische context van de IJsselcentrale op afstand van de stad en markeert de centrale positie van de Uitspanning ruimtelijk en programmatisch. Een nieuw ontvangstgebied, waar de hedendaagse logistiek van de parkeeropgave voor de woonwijk en het medegebruik voor het dagelijkse en tijdelijke programma rondom de Uitspanning zorgvuldig zijn ingepast. De westzijde grenst aan het Klimaatpark. De

buitenruimtes zijn onderdeel van de architectuur en massaopbouw en refereren aan het scherpe contrast tussen het landschap en de voormalige IJsselcentrale. De identiteit sluit aan bij de ecologische opzet voor dit gebied vanuit het NOP, een ecologische programma voor stedelijk wonen, gebaseerd op een stenige biotoop en stadstuin. Dit ruimtelijke contrast tussen de deelgebieden geeft niet alleen betekenis aan de cultuurhistorie maar juist ook aan de diversiteit voor de natuurontwikkeling. De geometrische opzet van de verkaveling en de eenduidige bebouwingsrand refereert aan de functionele opzet en het industriële karakter van de IJsselcentrale. De verkaveling en bebouwingstypologie benutten deze maat en schaal en zijn aanleiding voor een grote diversiteit aan woonvormen en bewoners betrokkenheid.

Figuur 2.3.12 | Schetsimpressie oostzijde In de Centrale met zicht op de Uitspanning

Nieuw Harculo

||

53

N Figuur 2.3.13 | Deelgebied In de Centrale

54

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

De binnenzijde van In de Centrale is geïnspireerd op de binnenwereld van de IJsselcentrale. Een opeenvolging van ruimtes, waar entrees van woningen zich bevinden, parkeerhoven, autovrije hofjes en collectieve groene binnenhoven. De woonstraten zijn ingericht voor verblijven en bestemmingsverkeer en de parkeerplaatsen zijn zoveel mogelijk op eigen terrein of in mandelige parkeerhoven gerealiseerd. Dit sluit aan op het parkeerbeleid van de gemeente Zwolle en biedt de mogelijkheid om bij of dichtbij huis ook een oplaadpunt voor de auto te realiseren. De parkeerhoven zijn gecombineerd met een gezamenlijke buitenruimte. Deze groene buitenruimte worden als speel- en

ontmoetingsplekken voor en met de bewoners ingericht en zijn met elkaar verbonden via autovrije steegjes en woonhofjes als kindvriendelijke route die spelen, bewegen en ontmoeten rondom de woning stimuleert. Deze parkeerhoven zijn flexibel van opzet. Bij een eventuele verminderde parkeerbehoefte in de toekomst, bijvoorbeeld als gevolg van meer deelmobiliteit, zijn deze eenvoudig te transformeren in meer (collectief) groen. In de Centrale bevat een grote verscheidenheid aan woningtypologieën, die betekenis geven aan de voorgestelde massa met een stoere buitenrand en de wens een gemengde

bewonersgroep aan te spreken. Belangrijke inzet daarbij is de collectiviteit van de hoven met gemeenschapsvorming en zorg voor elkaar. Samen met de woningcorporaties wordt invulling gegeven aan een meergeneratiehof, waarbij verschillende doelgroepen en levensfases samen leven rondom een autovrij hof. Deze woonvormen delen voorzieningen, zodat ook 1- en 2-persoonhuishoudens met kleinere compacte woonvormen toegang hebben tot extra faciliteiten, die niet dagelijks noodzakelijk zijn. Deze opzet sluit ook goed aan op de aangeboden voorzieningen rondom de Uitspanning, als centraal ontmoetingspunt voor de wijk.

Figuur 2.3.14 | Vogelvlucht impressie In de Centrale vanaf de IJssel richting het oosten

Nieuw Harculo

||

55

Figuur 2.3.12 | Schetsimpressie autovrije woonhof In de Centrale

Figuur 2.3.13 | Schetsimpressie van de collectieve groene ruimte van een mogelijke meergeneratiehof

56

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Tussen de Dijken Het woonmilieu van Tussen de Dijken benut de directe ligging aan de IJssel en biedt tegelijkertijd beschutting en intimiteit aan de directe leefomgeving van de woning. Tussen de Dijken grenst aan drie zijdes aan de IJsseldijk. Deze bebouwingsrand bestaat voornamelijk uit woningtypes die het zicht op de IJssel benutten met woonruimte op de eerste verdieping en beperkte tuinen op de begane grond. Tussen de woningen door lopen verschillende informele wandelpaden die aansluiten op de opgangen naar de dijk en de wandelroutes door het gebied. De bebouwing is ondergeschikt aan de maat en schaal van het landschap en de twee bescheiden appartementengebouwen zijn zorgvuldig gepositioneerd aan de noord- en zuidzijde van het Klimaatpark. De woningen houden afstand van de dijk, niet alleen voor het beheer van de

dijken, maar ook om de beleving van de dijk en het versterken van de natuurwaardes voldoende ruimte te geven. In contrast met de open ruimte op de dijk en de vergezichten over de IJssel is de verkaveling tussen de dijken opgebouwd uit subtiel verspringende woonblokken van verschillende grootte. In tegenstelling tot de geometrische opzet van In de Centrale, verspringen de rooilijnen en wisselt de korrelgrootte van de woningen spontaan in aansluiting op de grilligheid van het landschap. De woonblokken bieden beschutting achter de dijk, creëren een intieme meer besloten ruimte en verbinden tegelijkertijd de wandelroutes over de dijk door autovrije groene hoven met het Klimaatpark. De twee appartementengebouwen omsluiten het Klimaatpark, accentueren de overgang naar de twee insteekhavens en het zuidelijk gelegen hedendaagse appartementengebouw geeft samen met de

cultuurhistorische bebouwing betekenis (ruimtelijk en programmatisch) aan de overgangen tussen het Klimaatpark, de verschillende (semi-) openbare ruimtes rondom de Uitspanning en de zuidelijke steiger. Een beleefbaar verschil met het woonmilieu van In de Centrale is de uitwerking van de overgang tussen de woning en het openbaar gebied. Ingegeven vanuit het NOP wordt Tussen de Dijken uitgewerkt als landschappelijk wonen met biotopen van het (historisch) rivierengebied. De wisselende woonvelden met groene dooradering verbinden de IJsseldijk met het Klimaatpark met als uitgangspunt groene buitenruimtes met landschappelijke en natuur inclusieve erfafscheidingen. De landschappelijke inrichting wordt mede bepaald door kleinschalige wadi’s in aansluiting op de wadi’s in het Klimaatpark.

Figuur 2.3.14 | Vogelvlucht impressieTussen de Dijken vanaf de IJssel richting het oosten

Nieuw Harculo

||

57

N Figuur 2.3.15 | Deelgebied Tussen de Dijken

58

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Figuur 2.3.16 | Schetsimpressie wandelroute IJsseldijk langs de westelijke gelegen dijkwoningen

Figuur 2.3.17 | Schetsimpressie van groene leefstraat vanaf het Klimaatpark richting de IJsseldijk

Nieuw Harculo

||

59

De Uitspanning De Uitspanning met de bestaande Koelwaterhal en het complex bestaande uit het Dienstengebouw, de Hijshal en het Magazijn, vormt dé ontvangstplek van Nieuw Harculo en is de schakel met het omliggende gebied. Kunst, daghoreca, werkruimtes en voorzieningen geven deze plek een collectief en uitnodigend karakter. Daarnaast worden er woningen boven in de Hijshal gerealiseerd. De gelaagde ruimtelijke opbouw van de

Uitspanning weerspiegelt deze ontvangst- en schakelfunctie: het is de entreeplek met ruimte voor parkeren maar tegelijkertijd een groen plein verweven met kunst, diverse verblijfsgedeeltes en terras. In de buitenranden ontstaat de schakeling naar het omliggende landschap en het woongebied, waarbij de inrichting is geïnspireerd op verdwenen elementen uit het voormalige werklandschap van de IJsselcentrale. Een nieuw kunstatelier achter de Koelwaterhal voor RAW markeert het oude werkspoor. In samenwerking met RAW worden kunstwerken

(tijdelijk) geïntegreerd in het Klimaatpark en onderdeel van de nieuwe cultuur van Nieuw Harculo. Voor de zuidelijke steiger wordt de mogelijkheid onderzocht om een kunstatelier /’artist in residence’ te realiseren als onderdeel van de Uitspanning. De noordelijke steiger wordt ontoegankelijk gemaakt (onveilig) en verandert in een vogelbroedplaats als onderdeel van de natuurontwikkeling.

Figuur 2.3.18 | Schetsimpressie van het entreeplein tussen de Koelwaterhal en het Dienstengebouw vanaf de IJsselcentraleweg

60

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

N Figuur 2.3.19 | Deelgebied de Uitspanning en uitsnede van deelgebied de Energietuin

Nieuw Harculo

||

61

De Energietuin Aan de oostzijde van In de Centrale en de Uitspanning grenst de Energietuin. Belangrijke inzet voor de Energietuin is het versterken van de ecologische waarden, waarmee de overgang en samenhang tussen de omliggende natuurwaarden wordt versterkt. Met beperkte ingrepen wordt de toegang tot het gebied als onderdeel van de recreatieve wandelroutes verbeterd.

De IJsselcentraleweg wordt als hoofdontsluiting duurzaam veilig ingericht en op twee plekken worden tijdelijke parkeeplaatsen voor evenementen ingepast. Rondom de hoofdentree van Nieuw Harculo en grenzend aan de Uitspanning worden twee bescheiden woonvolumes gerealiseerd. De woningen zijn te gast in het landschap en

Figuur 2.3.20 | Vogelvlucht impressie van de Uitspanning en aangrenzende Energietuin vanaf de zuidelijke insteekhaven

62

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

worden zorgvuldig ingepast. Programmatisch sluit het woonvolume naast de hoofdentree aan op de Uitspanning, mogelijk gecombineerd met een kleinschalige voorziening zoals een kinderdagverblijf.

Figuur 2.3.21 | Het centraal gelegen Klimaatpark verbindt bewoners, natuur en cultuur.

Nieuw Harculo

||

63

Het Klimaatpark Het centraal gelegen Klimaatpark biedt beschutting en intimiteit als verblijfsgebied en verbindt op een vanzelfsprekende manier de leefruimtes van de woongebieden, de Uitspanning en het omliggende landschap. In het Klimaatpark worden de rationele ontwerpgedachten van landschapsarchitect Hein Otto voor de IJsselcentrale, subtiel gecombineerd met natuurontwikkeling en verrassende plant- en boomgroepen.

Half verharde wandelpaden verbinden de diverse speelplekken en natuurlijke speelaanleidingen, die soms zijn doorsneden door strakke industriële lijnen, zoals paden van hergebruikte stelconplaten of oude spoorlijnen. Tussen de wadi’s en de natuurlijke parkinrichting zijn verwijzingen naar de positie van de markante schoorstenen van de IJsselcentrale en restanten van de fundering van de gebouwen terug te vinden. Afwisselend als relict in het landschap of als basis voor een speel- of ontmoetingsplek.

Figuur 2.3.22 | Schetsimpressie van ontmoetingsplek in het Klimaatpark en verbinding met de omliggende groene leefstraten

64

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

N Figuur 2.3.23 | Het Klimaatpark

Nieuw Harculo

||

65

2.4 Openbare ruimte In Nieuw Harculo leef je aan én met de IJssel. Aan de ene kant kijk je uit over de natuur in de IJsseldelta en binnendijks ervaar je de geborgenheid van de nieuwe woonbuurten. De zichtbaar wisselende waterstanden en het continue veranderende IJssellandschap zorgen ervoor dat je bewust met de natuur en het water leeft. De dijk is een belangrijke ruimtelijke drager voor de stedenbouwkundige opzet en de openbare ruimte. De openbare ruimte onder aan de dijk wordt zo ingericht dat de IJssel beleefbaar en de dijk toegankelijk is vanuit de wijk.

Goed ingerichte, aantrekkelijke en sociaal veilige (recreatieve) routes zetten aan tot beweging en maken het Oldenelerpark, de Energietuin en de omliggende wijken bereikbaar en ervaarbaar.De openbare ruimte is verbindend en uitdagend. De inrichting combineert natuur, historie en cultuur en geeft invulling aan de klimaatambities. Er is alle ruimte voor sporten, spelen, verblijven en ontmoeten. Relaxend op het terras bij de Uitspanning, mijmerend over de dijk, struinend langs de Kolk of bij een expositie in de Koelwaterhal. Een openbare ruimte, die toegankelijk en uitnodigend is voor bewoners, buurtbewoners, Zwollenaren en (toevallige) bezoekers.

In Nieuw Harculo wordt rekening gehouden met speelvoorzieningen voor kinderen in alle leeftijden. De spreiding van speelvoorzieningen wordt gecategoriseerd in de volgende leeftijden: 0-4 jaar, 0-12 jaar en 12 jaar en ouder. Voor de leeftijdscategorie 0-4 jaar worden de speelplekken voornamelijk bij de woonblokken gesitueerd (maximaal 100 meter van de woningen). Voor de overige leeftijdscategorieën worden in het Klimaatpark speelvoorzieningen gerealiseerd. zoals beschreven in de hoofdstuk 4.7 communityvorming.

Figuur 2.4.1 | Netwerk van routes verbindt de openbare ruimte van Nieuw Harculo met het omliggende landschap en de aangrenzende parken en buurten.

66

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

2.4.1 NOP als uitgangspunt voor natuurlijke inrichting In Nieuw Harculo woon je in en met de natuur. De uitwerking van de nieuwe woonwijk is gebaseerd op de ecologische opzet van het NOP en sluit aan op het landschappelijk raamwerk, het groen in de omgeving én op de hoofdgroenstructuur van de Zwolle. De verschillende natuurdoeltypen die in het NOP naar voren zijn gekomen, worden zoveel mogelijk versterkt en/ of teruggebracht in het gebied. De herontwikkeling van het gebied heeft positieve effecten voor zowel de gebiedseigen flora en fauna als voor de toekomstige bewoners. Van grote schaal op structuurniveau, tot aan de kleinste schaal in tuinen en op daken. Met de inrichting van het gebied wordt geprobeerd zo dicht mogelijk bij het systeem en de beplanting van de verschillende natuurdoeltypen uit

het NOP te komen en een duurzame structuur op te zetten met aandacht voor de overgangen tussen de verschillende natuurdoeltypen en deelgebieden. In het stedelijke gebied wordt rekening gehouden met groeiomstandigheden, biodiversiteit (in relatie tot ziekten, plagen en een gezond bomenbestand). De beplantingskeuze wordt afgestemd met de gemeente Zwolle. Vanwege de groeiomstandigheden van bomen in verharding, stedelijk beheer en mogelijke overlast (bijvoorbeeld door vruchtval, luisaantasting en wortelopdruk) is het lastig om de ambitie van een 100% inheemse beplanting uit het NOP te relaiseren. Door een verdeling aan te houden van minimaal 80% inheems en maximaal 20% uitheems/ bijzonder sortiment is het mogelijk om zo dicht mogelijk bij de natuurdoeltypen te blijven en ook te zorgen voor een goed te beheren divers groenbestand.

Landschapsontwerp Hein Otto Op verschillende plekken in het gebied zijn nog oude boomstructuren terug te vinden uit

het oorspronkelijke ontwerp, dat Hein Otto in de jaren ‘50 tekende. Hij ontwierp op een landschappelijke manier met voornamelijk inheemse soorten. Maar op bepaalde plekken, zoals bij de entree van een gebouw, koos hij voor een accentboom (een boom die een toegang benadrukt) uit het sierassortiment. De westzijde van het gebied heeft een meer sobere, transparante en functionele structuur in relatie tot de dijk en de IJssel en de oostzijde een meer parkachtige sfeer rondom de kolk en de voormalige dienstwoningen. De verschillende gebieden kregen elk een eigen karakter en sfeer door het gebruik van bepaalde boomsoorten. De boomrijen langs de dijk op het centrale terrein worden zoveel mogelijk behouden en ingepast in het plan.

Uiterwaarden De huidige uiterwaarden van de IJssel ondergaan een metamorfose door de realisatie van de meestromende nevengeul, waardoor een broedvogeleiland onstaat. Op het broedvogeleiland zijn de vogels extra beschermd tegen natuurlijke

Figuur 2.4.2 | Zicht op de uiterwaarden vanaf de IJsseldijk met de spoorbrug over de IJssel op de achtergrond

Nieuw Harculo

||

67

vijanden en ongewenste verstoring door honden en katten. Tussen de nevengeul en de IJsseldijk ontstaat een gebied met bloemrijk grasland en glanshaverhooiland. Onderaan de dijk staat een wilde haag als afscheiding van de uiterwaarden, met verschillende landschappelijke soorten erin, zoals meidoorn, sleedoorn, wilde liguster, vlier, hondsroos en veldesdoorn. De natuur krijgt hier de rust en ruimte om uit te breiden en vanaf de wandelroute op de kruin van de dijk is er een prachtig uitzicht over het gebied.

Groenstructuur Nieuw Harculo In Nieuw Harculo wordt een gezond ecosysteem gecreëerd voor mens, dier en plant. Een samenhangend landschap met natuur, ruimte voor beweging en fraaie park- en groenstructuren (zie figuur 2.4.4). De zorgvuldig ingepaste fietsen wandelroutes verbinden deze gebieden, waar afwisselend ontmoetings- en rustplekken zijn. Tussen de landschappelijke hoofdstructuren van de Dijk, het Klimaatpark en de Laan, ontstaat een kleinschalige groenstructuur met hofjes, gemeenschappelijke tuinen en gevelgroen. Voor de inrichting wordt voornamelijk inheemse beplanting toegepast, die beperkt wordt aangevuld met uitheemse soorten, omdat deze beter bestand zijn tegen droge en natte periodes, passen bij het Zwolse groenbeheer en resistenter zijn tegen ziekten en plagen. Het fijnmazig netwerk van wandelroutes in de woonwijk krijgt door de verschillende natuurdoeltypen een eigen karakter en sluit aan op de wandelroutes over de IJsseldijk en naar het Oldenelerpark.

verscheidenheid aan haagsoorten, die passen bij de natuurdoeltypen, worden toegepast, zoals onder andere de wilde liguster, haagbeuk, veldesdoorn en meidoorn. De randen vormen geen barrière voor flora en fauna, maar hebben juist toegevoegde waarde als schuil- en foerageerplek voor specifieke soorten zoals de heggenmus, merels, diverse vlindersoorten en kleine zoogdieren, zoals egels en muizen. Stapelmuurtjes of gebouwde erfscheidingen worden zorgvuldig mee-ontworpen, zodat er ook plekken voor verschillende insecten ontstaan. Nieuwe bewoners worden geinformeerd over de natuurwaarden van het gebied. Naast voorlichting over de betekenis van het landschap, biedt dit ook de mogelijkheid bewoners te inspireren voor een natuurinclusieve inrichting van voor- en achtertuin en de collectieve binnenhoven.

Landschappelijk en natuurinclusief wonen De overgang van privé naar openbaar bij de woningen wordt bij de uitwerking zorgvuldig afgestemd op de aangrenzende natuurwaarden. Deze overgangen kunnen worden ontworpen als gebouwde oplossing of als een robuuste natuurlijke rand met hagen en struiken. Een Figuur 2.4.3 | Inventarisatie bestaande bomen

68

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Bestaande bomen De bestaande bomen rondom de IJsseldijk en het te bebouwen gebied zijn geïnventariseerd (zie figuur 2.4.3). Alle rode en gele bomen worden gekapt voor de IJsselwerken. De paarse bomen (20 stuks) zijn van onvoldoende kwaliteit en/of ongezond. Deze worden gekapt door Reales. Reales plant ruim 350 nieuwe bomen terug als onderdeel van de gebiedsontwikkeling. Alle andere bomen binnen het plangebied blijven behouden, waaronder de als bijzondere bomen aangewezen moerascipressen ten noorden van de kolk. Voor de bebouwing in de hoofdgroenstructuur als onderdeel van de Energietuin wordt op een later moment een Bomen Effect Analyse (BEA) uitgevoerd. Uitgangspunt voor de positionering van de gebouwen is dat ze bij de realisatie niet binnen de kwetsbare boomzone komen.

Figuur 2.4.4 |

Groenstructuur Nieuw Harculo met groepering van biotopen gebaseerd op het NOP

Nieuw Harculo

||

69

2.4.2 Beschrijving openbare ruimte en groenstructuur Het Klimaatpark In het centraal gelegen Klimaatpark komen meerdere landschapstypen bij elkaar; bloemrijk grasland, glanshaverhooiland, hardhout ooibos en natte ruigte. Het park is daarin losjes opgedeeld in een west- en oostzijde, waarin het beeld van elkaar verschilt. Een hoofdwandelroute deelt het park op, maar verschillende nevenpaden lopen van de ene naar de andere kant en verbinden de deelgebieden met elkaar. In het centrum komen spelen en ontmoeten samen. De westkant is geïnspireerd op de natte ruigte, hier ontstaan nattere zones met wilgen en berkenstruweel en bloemrijke oevers. Boomgroepen met onder andere iep, eik en grauwe abeel en een diverse onderbegroeiing zorgen voor een meer gesloten groenbeeld en avontuurlijk groen, waarin ook gespeeld kan worden. Deze zijde is wat meer beschaduwd en zorgt voor schuilplekken voor vogels zoals de putter,

boomklever en appelvink en kleine zoogdieren, zoals de bunzing en de egel. De oostkant is wat meer open en daarmee ook warmer en zonniger. Het sluit zodoende aan op het hardhout ooibos. Bloemrijk grasland zal zich hier erg goed ontwikkelen met een rijke bloei. Diersoorten zoals de Cetti’s zanger, gouden sprinkhaan en de koninginnenpage voelen zich hier thuis. Op een aantal plekken wordt wat vaker gemaaid zodat hier een balletje getrapt kan worden. Boomsoorten zoals de iep, zomerlinde, eik, zoete kers en ruwe berk passen goed in dit beeld. In het Klimaatpark komen de verschillende opgaves samen. De wateropgave krijgt een plek in de nattere zones met wadi’s als onderdeel van de natuurwaarden en de landschappelijke speel- en ontmoetingsplekken kunnen worden gecombineerd met de cultuurhistorie van het werklandschap en/of hedendaagse kunst in samenwerking met RAW. Deze plekken worden, zoals Hein Otto in het verleden optekende, gemarkeerd met een bijzondere boomsoort zoals een zuilvormige populier, een bijzondere sierkers, tamme kastanje of berk.

Figuur 2.4.6 | Inspiratiebeelden voor de inrichting van het Klimaatpark

70

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Figuur 2.4.5 | Deelgebied het Klimaatpark

Figuur 2.4.7 | Schetsimpressie van het Klimaatpark

Figuur 2.4.8 | Schetsimpressie van het Klimaatpark

Nieuw Harculo

||

71

De dijk is goed toegankelijk en verbindt het park met de steiger.

De padenstructuur door het Klimaatpark verbindt de twee steigers en vormt de verbinding tussen de omliggende woongebieden en de Uitspanning.

De oostzijde van het Klimaatpark heeft een open karakter met ruimte voor bloemrijk grasland en is in opzet geïnspireerd op de rationele ontwerpgedachte van landschapsontwerper Hein Otto en de positionering van de IJsselcentrale.

In het park is er ruimte voor diverse speelplekken (op buurtniveau) en natuurlijke speelaanleidingen.

Als referentie naar de cultuurhistorie worden de posities van de voormalige schoorstenen vormgegeven als relict in het landschap of als basis voor speel- of ontmoetingsplekken.

De westzijde van het Klimaatpark is geïnspireerd op de natte ruigte. Deze natte zone met wadi’s geeft invulling aan de wateropgave in combinatie met natuurontwikkeling.

De beplanting geeft invulling aan de natuurwaarden zoals gedefinieerd in het NOP.

G’

Afwisselende breedtematen van het Klimaatpark aan de westzijde van circa 40 meter tot circa 50 meter.

Het terrein rondom de Uitspanning wordt openbaar toegankelijk ingericht als ontmoetingsplek van de wijk.

G

De loop van de voormalige spoorlijnen krijgt een plaats in de inrichting van de openbare ruimte als referentie aan de cultuurhistorie.

De dijk is goed toegankelijk en verbindt het park met de steiger.

Het nieuwe atelier en de afscheiding van het werkterrein worden zorgvuldig ingepast.

Buurtplein als ontmoetingsplek en verbinding tussen de Uitspanning, de dijk en de steiger.

N Figuur 2.4.9 | Uitgangspunten voor het Klimaatpark en de aansluiting op de dijk en de Uitspanning

72

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Figuur 2.5.12 | Profiel G-G’: het Klimaatpark

44m

Figuur 2.4.10 | Profiel G-G’: het Klimaatpark met indicatie verschillende biotopen vanuit NOP

Nieuw Harculo

||

73

F

D’

F’

E

D

E’ N Figuur 2.4.11 | Openbare ruimte Tussen de Dijken met aanduiding doorsnedes en indicatie verschillende biotopen vanuit NOP

74

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

Tussen de Dijken Het landschap loopt door in het deelgebied Tussen de Dijken, in een robuuste groenstructuur die aansluit bij de uiterwaarden, natte ruigten en ooibossen. De hoofdroute wordt begeleid door boomsoorten zoals (resistente) iepensoorten, veldesdoorn, linde, wilg, zachte berk en zwarte populier. Deze staan zoveel mogelijk in weelderige, bloemrijke brede bermen die zo veel mogelijk met rust worden gelaten. Diverse vlindersoorten zoals het kleine koolwitje en atalanta zijn hier te vinden. Vogels zoals de huismus, koolmees en roodborstje maken dankbaar gebruik van de bosjes om in de schuilen en foerageren. Een duidelijke padenstructuur verbindt de hoofd­­routes met de meer intiemere groen­gebieden in de groene uitlopers. In deze uitlopers tussen de woongebieden is ruimte om te spelen en van het groen te genieten. Hier staan grotere en kleinere bomen door elkaar die verwijzen naar het omliggende

14m

4.5m

landschap. Op verschillende plekken staan plukjes (knot)wilg, vuilboom of berk om doorzichten te maken of accentueren. Hier leven verschillende soorten vogels zoals bijvoorbeeld een groene specht en gekraagde roodstaart. Eetbare boomsoorten zoals de mispel, wilde appel en wilde peer komen ook terug in het plan en maken het woonlandschap eetbaar en voelbaar. In dit deelgebied is alles niet altijd even ‘aangeharkt’, zodat het voor mens en dier een prettige leefomgeving vormt. De ruigtes zijn het leefgebied voor insecten, zoals het klein vliegend hert, de gehoornde metselbij en de distelvlinder.

Figuur 2.4.12 | Deelgebied Tussen de dijken

24.5m

9m

1.8m

5m

4m

Figuur 2.4.13 | Profiel D-D: overgang van IJsseldijk naar woonstraat Tussen de Dijken

Nieuw Harculo

||

75

2m

4m

5m

8m

2m

Figuur 2.4.14 | Profiel E-E’: entree Tussen de Dijken

1.5m Figuur 2.4.15 | Profiel F-F’: wonen aan de groene vingers

Figuur 2.4.16 | Inspiratiebeelden landschap en openbare ruimte Tussen de Dijken

76

| | Ruimtelijk ontwikkelplan

17m

2m

H’

C

H

C’ A A’

B

B’

N Figuur 2.4.17 | Openbare ruimte In de Centrale met aanduiding doorsnedes en indicatie verschillende biotopen vanuit NOP

Nieuw Harculo

||

77

In de Centrale Het openbaar gebied In de Centrale bestaat uit een fijnmazig netwerk van pleintjes, leefstraten en groene hofjes. Ontmoeting staat centraal en door het fijnmazige netwerk ontstaat er een veilige speelroute van plek naar plek. Hier slingeren klimplanten zoals de bosrank, hop en kamperfoelie over gevels en dakranden en is er plek voor gemeenschappelijke tuinen in de hofjes. De bebouwing staat dichter op elkaar, waarbij plekken worden opgenomen voor gebouw bewonende soorten, zoals de ruige dwergvleermuis, laatvlieger en de huismus. Langs de hoofdstructuur staan smallere of zuilvormige bomen in hagen die voor een bijzonder groen beeld zorgen met soorten zoals de haagbeuk, veldesdoorn en zoete kers. Verschillende soorten inheemse hagen zoals gewone liguster, veldesdoorn, meidoorn en haagbeuk zorgen voor een diverse aanplant en groen beeld. Hier ontstaan schuil- of broedplekken voor mezen, mussen en egels. In de leefstraat is plek voor kleinere bomen die veel sfeer en schaduw geven en mogelijk zelfs eetbaar zijn. Denk hierbij aan soorten als de (sier)appel, (knot)wilg of bijzondere meerstammige boom. Samen met bewoners kan gekeken worden naar passende plekken voor fruitbomen die zij kunnen adopteren. Verharding wordt beperkt zodat klimplanten, vaste planten en kruiden zoals salie, wilde marjolein en rozemarijn hier kunnen groeien.

Door een zorgvuldige positionering van de beplanting en inrichtingselementen wordt ongewenst doorgaand fietsverkeer zoveel mogelijk voorkomen. In de stedelijke wadi’s (ondiepe, natuurlijke waterberging) ontstaan bijzondere plekken met een grote diversiteit aan beplanting, met waardplanten (een plant waarop een insect haar eitjes afzet) voor verschillende insecten zoals koolwitjes, citroenvlinders en verschillende soorten hommels. De planten geven de binnenhoven beleving, kleur en structuur.

2.5m

4m

2m

3m

Figuur 2.4.18 | Profiel C-C’: leefstraat met stedelijke wadi

Aan de oostrand van de In de Centrale vormt een stevige laan het aanzicht van Nieuw Harculo. Met het gedachtengoed van Hein Otto in het achterhoofd wordt langs deze fietsstraat een gemengde bomenlaan van inheemse ‘eerste grootte bomen’ (bomen die hoger worden dan twaalf meter) voorgesteld, met soorten zoals iep, esdoorn en linde. In de groenvakken tussen de woningen en het parkeren wordt ingezet op beleefbaar, eetbaar en zichtbaar groen op ooghoogte. Lagere soorten worden afgewisseld met bomen van een tweede (zes tot twaalf meter) en derde grootte (kleiner dan zes meter) zoals sierappel, gele kornoelje, sierkers, berk en meidoorn. Deze soorten bloeien in het voorjaar rijkelijk en zorgen voor seizoensbeleving in de laan. Vleermuizen en houtduiven zullen gebruik maken van de bomenlaan. Langs de sloot ontstaat een natte biotoop waar vogelsoorten zoals de waterhoen, kleine karekiet en de rietgors hun plek innemen. Diverse waterdieren

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=571c26cb-cde1-4bfc-b28e-ccc5f12f206c