CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim_vastgesteld_15-04-2024

Raad Besluitvormingsronde 15 april 2024, gemeente ZwolleBij agendapunt: Bestemmingsplan Buitengebied, Landgoed Windesheim28.546 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Verder zijn in het Gemeentelijk Rioleringsplan 2022-2026 (GRP) ontwerprichtlijnen en beleidskeuzes beschreven waaraan voldaan moet worden. Ook heeft Zwolle een raamwerk klimaat- en watersysteem vastgesteld als onderdeel van de Omgevingsvisie van 2021. Conclusie In paragraaf 3.6 is de uitvoerbaarheid van het plan op het aspect water beschreven. De conclusie is dat het plan voldoet aan de eisen die worden gesteld vanuit het waterbeleid. 2.4.2.6 Economisch beleid Beroep- en bedrijf aan huis Beroep aan huis wordt toegestaan. Conclusie Het plan is in overeenstemming met het economisch beleid. 2.4.2.7 Milieubeleid 2.4.2.7.1 Algemeen beleid Zwolle beschouwt milieu in de omgevingsvisie als een integraal onderdeel van de fysieke leefomgeving. Milieuruimte is niet fysiek zichtbaar maar van groot belang om de bewoners, werkers en bezoekers van Zwolle te beschermen tegen de nadelige effecten van een groeiende en verdere verstedelijking van de stad van bijvoorbeeld de nadelige effecten op de gezondheid van werklocaties, infrastructuur en energiewinning. Aan de andere kant hebben bijvoorbeeld werklocaties maar ook energiewinning voldoende milieuruimte nodig om optimaal te kunnen functioneren en zich te kunnen ontwikkelen.

Het betekent overigens niet dat ontwikkelingen of gebruik door kwetsbare functies binnen de zones uitgesloten worden, er dient wel rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van de milieuruimte (en de bijbehorende belangen). De volgende milieuaspecten kennen milieuzones: geluid, trillingen, externe veiligheid, luchtkwaliteit, bodem, ondergrond en tenslotte geur. Op diverse thema's is separaat beleid geformuleerd in Zwolle. Het beleid voor de aspecten die relevant zijn voor het plangebied wordt hierna beschreven.

23/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

2.4.2.7.2 Bedrijvigheid Zowel de ruimtelijke ordening als het milieubeleid stellen zich ten doel een goede kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Dit gebeurt onder andere door milieuzonering. Onder milieuzonering verstaan we enerzijds het aanbrengen van voldoende ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende bedrijven of inrichtingen en gevoelige bestemmingen zoals woningen. Anderzijds worden milieugevoelige functies zoals wonen en recreëren beoordeeld. De ruimtelijke scheiding bestaat doorgaans uit het aanhouden van een bepaalde afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. De onderlinge afstand moet groter zijn naarmate de milieubelastende functie het milieu sterker belast. Milieuzonering heeft twee doelen:  Het voorkomen of zoveel mogelijk beperken van hinder en gevaar bij woningen en andere gevoelige functies;  Het bieden van voldoende zekerheid aan bedrijven dat zij hun activiteit duurzaam onder aanvaardbare voorwaarden kunnen uitvoeren. Zwolle hanteert bij de uitwerking van het bovenstaande principe de veel gebruikte VNG-handreiking “Bedrijven en Milieuzonering” (2009). Hierin zijn richtafstanden aangegeven die aangehouden kunnen worden tussen bedrijven c.q. voorzieningen en woningen. 2.4.2.7.3 Geluid In de omgevingsvisie wordt beschreven dat rondom de belangrijkste werkgebieden van Zwolle geluidzones zijn vastgelegd.

Deze geluidzones hebben als doel de bewoners te beschermen tegen het geluid van de bedrijven. De bedrijven hebben deze geluidruimte nodig om te werken en geen overlast te veroorzaken naar omwonenden. In de door de gemeenteraad vastgestelde 'Handreiking gebiedsgericht werken aan milieu gemeente Zwolle' (2007) en in de beleidsregel 'Hogere waarden Wet geluidhinder' (2007) worden de ambities en de grenswaarden (dit is de maximale waarde waarvoor nog hogere grenswaarden worden vastgesteld) per gebiedstype genoemd. Het plangebied is gelegen binnen 'gemengd landelijk gebied' op grond van de gebiedsprofielen van de Omgevingsvisie. De diversiteit binnen dit type gebied is groot, waardoor ook de milieukwaliteit divers is. Het plangebied ligt onder meer in de omgeving van een spoorlijn in de richting van Zwolle. Voor deze spoorlijn is een geluidcontour opgenomen van circa 200 meter naar beide zijden. Het plangebied ligt niet binnen deze geluidcontour. Andere geluidcontouren zijn nog verder gelegen. 2.4.2.7.4 Luchtkwaliteit Het luchtkwaliteitsplan gemeente Zwolle 2007-2011 beschrijft de luchtkwaliteitssituatie in Zwolle, de opgave, de ambitie en de aanpak om de vastgestelde doelen te bereiken. Zwolle wil binnen de beïnvloedingssfeer van de gemeente, een significante bijdrage leveren aan de verbetering van de luchtkwaliteit.

Om dat te bereiken zijn de volgende doelen geformuleerd:  voldoen aan wet- en regelgeving;  anticiperen op de toekomst;  knelpunten in de toekomst moeten voorkomen worden. Dit betekent dat de luchtkwaliteit in het planvormingsproces van ruimtelijke plannen en verkeersplannen wordt meegenomen;  beleid ten aanzien van luchtkwaliteit inbedden in bestaand gemeentelijk beleid. De gemeente streeft ernaar dat het aspect door gaat werken in het verkeers- en vervoersbeleid, het ruimtelijke ordeningsbeleid en het beleid van vergunningen en handhaving. 2.4.2.7.5 Externe veiligheid De beleidsvisie externe veiligheid is op 6 maart 2007 vastgesteld door de gemeenteraad. De gemeente streeft ernaar voor haar gehele grondgebied te voldoen aan de basisveiligheid. Dit betekent dat:  Overal voldaan wordt aan de normen voor plaatsgebonden risico;  Een gebiedsgericht invulling wordt gegeven aan groepsrisicobeleid met een gebiedsgericht kader externe veiligheid;

24/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

 

Veiligheidsdoelstellingen passend bij de typering van het gebied worden ontwikkeld; Zoveel mogelijk geanticipeerd wordt op de landelijke beleidsontwikkeling die een ongunstige invloed kunnen hebben op de veiligheidssituatie in Zwolle met als doel het bewaken van een optimaal veiligheidsniveau. Op 20 januari 2009 heeft het college van B & W het gebiedsgericht beleidskader externe veiligheid vastgesteld. Het gaat om een ruimtelijke uitwerking van het externe veiligheidsbeleid dat aansluit op het gebiedsgerichte milieubeleid. Op basis van kenmerken (fysieke omgeving, hulpverleningsniveau en zelfredzaamheid) die bij een bepaald gebiedstype horen is een beleidsstandpunt bepaald ten aanzien van een mogelijke toename van het groepsrisico. Tevens is op basis van dezelfde kenmerken van een gebiedstype bepaald of er plaats is voor nieuwe risicobronnen. Op basis van de kaart 'gebiedstypen gebiedsgericht milieubeleid met risicoprofiel' liggen de deellocaties binnen het gebiedstype 'stroomzone'. Binnen de stroomzones gelden andere restrictiezones dan voor de rest van het grondgebied van de gemeente Zwolle. Hier wordt een hoger risiconiveau geaccepteerd. Reden hiervoor is dat in de stroomzones activiteiten vanuit maatschappelijke, economische en stedenbouwkundige motieven geclusterd zijn met de vervoersassen A28 en de spoorlijn.

Voor ontwikkelingen binnen de stroomzone geldt dat:  voldaan moet worden aan de basisveiligheid;  ontwikkelingen zijn toegestaan, mits verantwoording van het groepsrisico is uitgevoerd. Hierbij wordt opgemerkt dat de externe veiligheidssituaties in de stoomzones van Zwolle geen uitzonderlijke is in vergelijking met stroomzones in veel andere steden. 2.4.2.7.6 Bodemkwaliteit en ondergrond Het bodembeleidsplan (2017) kent in overeenstemming met het gemeentelijk milieubeleid een gebiedsgerichte benadering. In het plan wordt onderscheid gemaakt tussen de bovengrond en de ondergrond. Bovengrond De Wet bodembescherming (Wbb) voorziet in maatregelen indien sprake is van ernstige bodemverontreiniging. Het doel van de Wbb is in de eerste plaats het beschermen van de (land- of water) bodem zodat deze kan worden benut door mens, dier en plant, nu en in de toekomst. Via de Wbb heeft de Rijksoverheid de mogelijkheid algemene regels te stellen voor de uitvoering van werken, het transport van stoffen en het toevoegen van stoffen aan de bodem. Ontwikkelingen kunnen pas plaatsvinden als de bodem, waarop deze ontwikkelingen gaan plaatsvinden, geschikt is of geschikt is gemaakt voor het beoogde doel.

De Omgevingsverordening Overijssel stelt dat in bestemmingsplannen alleen nieuwe ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt als onderbouwd is dat deze ontwikkelingen bijdragen aan het behoud en het versterken van een klimaatrobuust water- en bodemsysteem. In de onderbouwing wordt bij een ontwikkeling in het landelijk gebied in ieder geval duidelijk gemaakt hoe de ontwikkeling bijdraagt aan het regionaal perspectief water en bodem dat op die locatie van toepassing is. Op 1 juli 2008 is het Besluit bodemkwaliteit in werking getreden. In dat kader heeft de gemeente Zwolle een bodemfunctieklassenkaart vastgesteld, waarop voor de hele gemeente wordt aangegeven welke functie de bodem heeft of welke functie in de toekomst wordt nagestreefd. De functieklassenindeling is gebaseerd op het gebiedsgericht milieubeleid van de gemeente. De volgende functies worden onderscheiden: wonen, industrie, water, buitendijksgebied, landbouw/natuur en hoofdwegen. De deellocaties vallen in de huidige situatie binnen het functieklassengebied 'Landbouw/natuur'. Met de invoering van het Besluit bodemkwaliteit zijn de kwaliteitsklassen landbouw/natuur, wonen en industrie ingevoerd. Volgens de meest recente Bodemkwaliteitskaart van de Gemeente Zwolle (2021) valt het plangebied binnen de kwaliteitsklasse 'samengevoegde zone buitengebied'.

25/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Volgens het gemeentelijke Bodembeleidsplan mag de bodemkwaliteitskaart als kwaliteitsbewijs worden gebruikt bij het ontwikkelen van een locatie. Een onderzoek is dan niet nodig. Eventueel vrijkomende grond mag volgens het bodembeleid binnen de gemeente worden hergebruikt met de bodemkwaliteitskaart als kwaliteitsbewijs. Voorwaarde hiervoor is dat de bodem niet verdacht is van verontreiniging op basis van het huidige of historische gebruik, en er geen (al dan niet gesaneerd) geval van bodemverontreiniging bekend is. Indien er aanwijzingen zijn dat de bodemkwaliteit niet geschikt is voor de functie, kan een bodemonderzoek nodig zijn om te bepalen of de locatie gesaneerd dient te worden. In principe worden verontreinigingen in de bovengrond functiegericht gesaneerd. Ondergrond De Omgevingsvisie Ons Zwolle van Morgen geeft aan dat Zwolle In de komende jaren in de (ondiepe) ondergrond te maken krijgt met een aantal grote ontwikkelingen en opgaven, zoals de klimaatopgave, de energietransitie en de verstedelijkingsopgave. Met de ondergrond willen we de verdere duurzame ontwikkeling van Zwolle mogelijk maken en de opgaves ondersteunen. De bijdrage van de ondergrond aan duurzame ontwikkeling richt zich op: een gezonde leefomgeving, de energietransitie, klimaatadaptatie en de netwerklaag. De netwerklaag is de ondiepe ondergrond met de kabels en leidingen.

In juni 2007 heeft de gemeenteraad van Zwolle ingestemd met de Visie op de Ondergrond en besloten de volgende vijf basisprincipes vast te stellen en te gaan toepassen in projecten:  Werken met ondergrondse bestemmingen / functies;  Structureel en georganiseerd gebruik maken van WKO (warmte- / koudeopslag) en WKO koppelen aan grondwatersanering en waterwinning en peilbeheer;  Bodemsanering gebiedsgericht benaderen;  Natuur, recreatie, agrarische activiteiten, waterwinning en bescherming van kwalitatief hoogwaardig grondwater met elkaar te combineren in één gebied;  Structureel en georganiseerd afstemmen van vraag en aanbod van (grond)water, koude en warmte. Deze vijf basisprincipes vormen ook het vertrekpunt voor de beleidsmatige invulling voor het omgaan met de ondergrond. Het bodembeleidsplan levert een bijdrage aan de implementatie van de basisprincipes door:  Het kader te geven voor gebiedsgericht benadering van de bodemsanering  De doelstelling voor sanering te koppelen aan de beoogde functies in de ondergrond  De mogelijkheid te creëren om de aanpak van bodemverontreiniging integraal af te wegen tegen en af te stemmen met koude-warmte opslag, peilbeheer en/of grondwaterwinning. 2.4.2.7.7 Conclusie milieubeleid Nadere toetsing aan milieuaspecten vindt plaats in hoofdstuk 3.8. Het plan is in overeenstemming met het milieubeleid.

26/94

15 april 2024

Hoofdstuk 3

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Planbeschrijving

In dit hoofdstuk wordt de bestaande ruimtelijke en functionele structuur van het plangebied omschreven. Daarnaast wordt een beschrijving gegeven van de uitgangspunten die gehanteerd zijn bij het maken van dit bestemmingsplan.

3.1

Stedenbouw

3.1.1

Huidige situatie

Wijheseweg 49, Zwolle Op het perceel Wijheseweg 49 was vroeger een varkensbedrijf met 730 m 2 aan bedrijfsgebouwen aanwezig. De overtollige bedrijfsbebouwing is inmiddels gesloopt, alleen de bedrijfswoning is nog aanwezig en inmiddels is er een nieuw bijgebouw gerealiseerd. In het kader van de rood-voor-roodregeling mag de oppervlakte aan gesloopte bebouwing worden meegerekend tot de ontwikkeling. Rond het perceel bevindt zich een houtsingel (op enkele plaatsen omvat deze niet meer dan een enkele struik). Het perceel wordt ontsloten door een eigen weg naar de Wijheseweg. Parkeren vindt plaats op eigen terrein. Navolgende afbeeldingen geven weer wat op de locatie aanwezig was en is.

Luchtfoto locatie Wijheseweg 49 voor sloop

27/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Luchtfoto huidige situatie locatie Wijheseweg 49 na sloop (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

Wijheseweg 59, Zwolle Op de locatie Wijheseweg 59 waren meerdere opstallen aanwezig. Door de slechte staat van sommige opstallen is een gedeelte ervan reeds gesloopt. In totaal betrof het een negental schuren (deels aaneengebouwd) en een voormalig mestbassin. Op het terrein is een bedrijfswoning aanwezig, daterend uit de jaren '30 van de vorige eeuw. Deze verkeert in een matige staat en wordt tijdelijk verhuurd. De woning staat in het aanzicht van het perceel op de voorgrond. Deze positionering is belangrijk voor de herkenbaarheid van het perceel als agrarisch erf. De bijgebouwen zijn qua beeld en situering ondergeschikt. De locatie wordt ontsloten door een inrit aan de Wijheseweg. Parkeren vindt plaats op eigen terrein. Navolgende afbeeldingen geven de situatie in het plangebied met alle (eerder) aanwezige bedrijfsgebouwen en de huidige situatie weer. De gezamenlijke oppervlakte van de te slopen gebouwen bedraagt ca. 1.060 m². Het mestbassin heeft een oppervlakte van ruim 800 m².

28/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Luchtfoto plangebied voor sloop

29/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Luchtfoto huidige situatie locatie Wijheseweg 59, Zwolle (bron: ruimtelijkeplannen.nl) 3.1.2

Uitgangspunt bestemmingsplan

Wijheseweg 49 Voorliggend plan voorziet in het omzetten van de agrarische bestemming op deze locatie naar een woonbestemming. Op de locatie verdwijnt 730 m 2 aan bebouwing (sloop overtollige bedrijfsbebouwing). De bestaande bedrijfswoning wordt omgezet naar een burgerwoning. De burgerwoning kent een maximale bouwhoogte van 8 m en een maximale goothoogte van 4 m. Op het erf is maximaal 150 m2 aan bijgebouwen toegestaan. De locatie blijft op dezelfde wijze ontsloten via de eigen weg naar de Wijheseweg.

30/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Schetsontwerp Wijheseweg 49, Zwolle (ontwerp: Buro SRO)

Landschappelijke inpassing De landschappelijke inpassing wordt verbeterd door een versterking van de bestaande houtsingels rondom het perceel. De houtsingels worden aangevuld met boom- en struikvormers van gebiedseigen soorten. Te denken valt aan de lijsterbes, meidoorn, zoete kers, zwarte els en rode kornoelje. De oppervlakte van de houtsingels bedraagt circa 430 m 2. In het inrichtings- en beplantingsplan (zie bijlage 1) is dit nader uitgewerkt. De landschappelijke inpassing voor Wijheseweg 49 is als een voorwaardelijke verplichting opgenomen in de regels van het plan.

Wijheseweg 59, Zwolle Voor de ontwikkeling op deze locatie is een schetsontwerp gemaakt voor de nieuwe inrichting, waarbij ten noorden en ten zuiden van de bestaande bedrijfswoning twee nieuwe woningen worden gebouwd. De nieuwe woningen staan met het oog op geluid en privacy verder van de Wijheseweg af dan de bestaande woning. De bestaande woning en karakteristieke schuur blijven gehandhaafd en vormen met elkaar de middelste woning. Hiermee blijft de huidige bedrijfswoning qua beeld en situering op de voorgrond.

31/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Uitgangspunt van het plan is dat in de toekomstige situatie nog altijd sprake is van één ensemble in het landschap. Doordat de twee nieuwe woningen direct aansluitend aan het bestaande erf liggen, is hiervan sprake. De ruimtelijke impact van het plan is hierdoor gering en qua omvang ongeveer vergelijkbaar met het huidige agrarisch erf. Op het schetsontwerp (zie tekening hieronder) zijn met stippellijnen de huidige bebouwingscontouren weergegeven. Het middelste erf maakt gebruik van de bestaande inrit aan de Wijheseweg. Het zuidelijke erf wordt ontsloten via de parallelweg. Het noordelijke erf wordt ontsloten via de bestaande landweg die de achtergelegen agrarische percelen ontsluit. Het landbouwverkeer kan gebruik blijven maken van de bestaande landweg aan de noordzijde. Het nieuwe erf takt hierop aan. Er wordt zo min mogelijk verharding toegepast en bij voorkeur in de vorm van klinkers of halfverharding. Navolgende afbeelding geeft de inrichting van de locatie in de toekomstige situatie weer.

Schetsontwerp Wijheseweg 59, Zwolle (ontwerp: Buro SRO) 32/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Beeldkwaliteit bebouwing Qua beeldkwaliteit is het belangrijk dat het plan herkenbaar blijft als (voormalig) agrarisch erf. Dit uit zich enerzijds in de positionering van de woningen en bijgebouwen en anderzijds in de vormgeving van de gebouwen. De positie van de nieuwe woningen benadrukt de hiërarchie op het erf, waarbij de nieuwe woningen ondergeschikt zijn ten opzichte van de bestaande boerderij op het erf. Hierdoor staat de bestaande boerderij nog steeds op de voorgrond. Bijgebouwen dienen qua beeld en situering ondergeschikt te zijn aan de woning en worden zo gepositioneerd dat ze ruimtelijk een eenheid vormen. Verspreid liggende bijgebouwen dienen zoveel mogelijk voorkomen te worden. Om die reden krijgt de zuidelijke woning een inpandige berging. Qua beeldkwaliteit voor de architectuur zijn de volgende aspecten vereist:  Verschijningsvorm verwijst naar agrarische bedrijfsbebouwing met dominantie dakvlakken.  De bouwhoogte is max. 9 meter, de goothoogte max.3 meter.  De materiaalkeuze van de woningen is gebaseerd op een landelijk/agrarisch beeld.  Materiaalgebruik gevels: (donkere) baksteen en/of hout, details in glas of metaal; materiaalgebruik daken: (matte) antracietkleurige pannen, zink of riet;.  Het materiaalgebruik van de bijgebouwen bestaat uit hout of een qua uitstraling vergelijkbaar materiaal, de daken zijn donker getint.

 Ander materiaalgebruik moet passen bij landelijke, agrarische sfeer. Altijd in mat, ingetogen kleurgebruik. De volgende afbeeldingen geven een impressie hoe de toekomstige woningen er uit kunnen zien.

33/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Landschappelijke inpassing Het erf aan de Wijheseweg 59 wordt landschappelijk ingepast door aanleg van een boomgaard, hagen en overige beplanting. De nieuwe erven worden eveneens landschappelijk ingepast met gebiedseigen plantensoorten. Voor de erfinrichting is gekeken naar de oorspronkelijke erfopzet zoals die in de regio werd toegepast. Vanwege de grote voorterreinen bij het noordelijke erf is ervoor gekozen om een boomgaard vóór het huis te situeren, voorzien van een haag. Verder worden de kavelgrenzen zichtbaar gemaakt maken door plaatsing van enkele bomen, een struweelhaag en een houtsingel. Door het opnemen van zichtlijnen wordt optimaal geprofiteerd van het weidse uitzicht richting het oosten. Het inrichtings- en beplantingsplan voor Wijheseweg 59 is in de regels van dit plan voorwaardelijk verplicht gesteld en opgenomen in bijlage 1 'Inrichtingsplan Wijheseweg 49 en 59' bij de regels.

3.2

Archeologie

3.2.1

Huidige situatie

Beide deellocaties hebben in het vigerende bestemmingsplan geen dubbelbestemming voor archeologie. Op grond van de archeologische waarderingskaart die de gemeente Zwolle hanteert is vast te stellen dat beide deellocaties een verwachtingswaarde van 10 procent (lage verwachtingswaarde) hebben.

Uitsnede archeologische waarderingskaart (bron: gemeente Zwolle)

34/94

15 april 2024

3.2.2

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Uitgangspunt bestemmingsplan

Wijheseweg 49, Zwolle Het plan voorziet niet in het aanbrengen van fysieke wijzigingen op deze locatie. Er vinden geen bouw- of sloopwerkzaamheden plaats. Een archeologisch onderzoek is niet nodig. Wijheseweg 59, Zwolle Voorliggend plan voorziet in het toevoegen van twee nieuwe woningen aan de deellocatie aan Wijheseweg 59. Omdat de verwachtingswaarde op de vondst van eventueel aanwezige archeologische resten op deze locatie gering is, is voorafgaand aan de werkzaamheden geen archeologisch onderzoek nodig. Het opnemen van een dubbelbestemming Archeologie is niet nodig. Het plan is uitvoerbaar met betrekking tot archeologie.

3.3

Cultuurhistorie

3.3.1

Huidige situatie

Volgens de bijlage bij de Omgevingsvisie 2030 van de gemeente Zwolle is het landgoed Windesheim een gebied met een hoge cultuurhistorische waarde. Dit geldt echter met name voor de kern van het landgoed, gelegen ten westen van de spoorlijn Zwolle - Deventer. De locaties Wijheseweg 49 en 59 zijn uit cultuurhistorisch oogpunt minder interessant. Zowel in het bestemmingsplan 'Buitengebied - IJsselzone Windesheim' als het plan 'Zwolle, parapluplan bouw- en cultuurhistorie' zijn voor deze locaties geen dubbelbestemmingen ter bescherming van cultuurhistorische waarden opgenomen. Wel ligt het perceel Wijheseweg 49 binnen de aanduiding 'vrijwaringszone - molenbiotoop'. Gronden met deze aanduiding zijn aangewezen voor het behoud en het herstel van een goede windvang van de windmolen Windesheim. De molen is gelegen op circa 300 meter van de locatie. Bouwwerken op 300 meter afstand mogen op grond van het vigerende bestemmingsplan een maximale bouwhoogte van 10,42 meter hebben. 3.3.2

Uitgangspunt bestemmingsplan

Wijheseweg 49, Zwolle Met voorliggend plan wordt de bestemming gewijzigd van een agrarische bedrijfslocatie naar Wonen. De bedrijfsgebouwen zijn inmiddels gesloopt. Met voorliggend plan worden geen ruimtelijke ingrepen gedaan. Daarmee heeft het plan geen verdere invloed op in de omgeving aanwezige cultuurhistorische waarden of structuren. Voorliggend bestemmingsplan laat geen bebouwing toe hoger dan 8 meter. De windvang van de molen wordt niet belemmerd. Wijheseweg 59, Zwolle Het plan voorziet in sanering van de agrarische bedrijfsbestemming en alle bijbehorende bedrijfsgebouwen. De bestaande woning en aangebouwde schuur kunnen worden opgeknapt of (gelet op de matige staat waarin het verkeert) worden herbouwd. Deze wordt in de toekomstige situatie de middelste woning op het erf, waardoor deze leidend blijft in de aanblik. Door de ligging van de twee nieuwe woningen in combinatie met beplantingen is er nog steeds sprake van één ensemble.

35/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Met de uitvoering van voorgenomen initiatief worden gelden gegenereerd. Als voorwaarde in het KGObeleid geldt dat (een deel van) het batig saldo ten goede komt aan investeringen in het kader van verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. In dit geval is dat in de uitvoering van het hoofdlijnenplan Windesheim. Het betreffende plan omvat onder meer het vervangen van bestaande bruggen en het toevoegen van 2 nieuwe bruggen. Deze investeringen, alsmede de landschappelijke inpassing van de te nieuwe kavels, maken onderdeel uit van de bij voorliggend plan behorende KGO-balans. Het plan leidt ertoe dat het initiatief een bijdrage levert aan de instandhouding van het cultuurhistorisch waardevolle landgoed. Conclusie Het plan is uitvoerbaar met betrekking tot het aspect cultuurhistorie.

3.4

Verkeer

3.4.1

Huidige situatie

De locatie aan de Wijheseweg 49 wordt ontsloten middels een eigen weg die uitkomt op de Wijheseweg. De locatie aan de Wijheseweg 59 wordt ontsloten door een inrit aan de Wijheseweg. Parkeren vindt op beide locaties plaats op eigen terrein. 3.4.2

Uitgangspunten bestemmingsplan

Verkeer Door het toevoegen van twee nieuwe woningen neemt het verkeer in beperkte toe. Daar staat tegenover dat door de beëindiging van de agrarische bedrijvigheid er geen sprake meer is van (zwaar) bedrijfsverkeer. De nieuwe woningen worden via de parallelweg langs de provinciale weg ontsloten. Per saldo zal er geen significante verandering zijn van het aantal verkeersbewegingen op de Wijheseweg. Parkeren Het parapluplan 'Zwolle, parapluplan parkeren' vormt de juridische borging van het beleidsstuk 'Regeling Parkeernormen 2016' en is van toepassing op het plangebied. In het parapluplan is geregeld dat bij ontwikkelingen voldaan dient te worden aan de voorwaarden uit de Regeling. In de Regeling staat beschreven dat de gemeente aansluit bij de parkeernormen van het CROW. Het plangebied is gelegen in het buitengebied van de gemeente Zwolle en de woningen kunnen getypeerd worden als een vrijstaande koopwoning. Hiervoor geldt een maximale parkeernorm van 2,8. Uitgangspunt is dat geparkeerd wordt op eigen terrein. Per (te realiseren) woning is voldoende ruimte beschikbaar voor minimaal 3 parkeerplaatsen. Daarmee wordt voldaan aan de parkeernormen. Conclusie Het plan is uitvoerbaar met betrekking tot verkeer.

3.5

Natuur

3.5.1

Huidige situatie

De locaties zijn gelegen in het buitengebied van Zwolle en worden omgeven door agrarische percelen. Het agrarische gebied heeft een vrij open karakter met relatief weinig opgaand groen, zoals bomenrijen en houtwallen. Ten westen van het plangebied loopt de rivier de IJssel.

36/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Navolgende afbeelding toont de ligging van de planlocaties ten opzichte van Natura 2000-gebied. Het gebied 'Rijntakken' ligt op circa 460 meter afstand van de Wijheseweg 59. Deze locatie omvat een oude woning met vervallen schuren, bomen en struiken op het erf en wat rommelhoekjes.

Uitsnede kaart Natura 2000-gebieden (bron: natura2000.nl)

De kortste afstand tot het Natuurnetwerk Nederland, gelegen ten zuiden van nr. 59, bedraagt circa 155 meter. Ten aanzien van provinciaal aangewezen gebieden geldt dat externe werking geen toetsingskader is. Voor een uitgebreidere beschrijving wordt verwezen naar de Quickscan Wet natuurbescherming in bijlage 1. 3.5.2

Uitgangspunt bestemmingsplan

3.5.2.1 Natuurbescherming Ten behoeve van de planontwikkeling is een Quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd. Dit rapport is opgenomen in bijlage 1 en heeft betrekking op de locatie Wijheseweg 59. Voor nr. 49 is het uitvoeren van ecologisch onderzoek niet nodig, omdat er geen ruimtelijke ingrepen plaatsvinden. Gelet op de afstand van het plangebied tot Natura 2000-gebied kan het optreden van effecten als gevolg van bijvoorbeeld trillingen, geluid, optische verstoring etc. worden uitgesloten. De emissie van stikstof kan tot op grotere afstand effect hebben op stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden. In het kader van de planontwikkeling is een Voortoets stikstofdepositie uitgevoerd. De rapportage hiervan is terug te vinden in bijlage 3. Uit de voortoets blijkt dat als een gevolg van de ontwikkelingen de stikstofdepositie op (bijna) overbelaste hexagonen van de Natura 2000-gebieden in zowel de gebruiks- als aanlegfase niet toeneemt. Er is dus geen sprake van mogelijke negatieve effecten op beschermde Natura 2000-gebieden. Het aanvragen van een Wnb-vergunning is niet nodig voor dit initiatief.

37/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

3.5.2.2 Flora en fauna In de Quickscan wet natuurbescherming in bijlage 1 wordt verslag gedaan van het onderzoek naar het voorkomen van mogelijk beschermde soorten. Hieronder worden de conclusies weergegeven, voor een volledige beschrijving wordt verwezen naar het rapport zelf. Naar aanleiding van de Quickscan is geadviseerd om met aanvullend onderzoek vast te stellen of de te slopen en te renoveren bebouwing een relevante functie heeft voor marterachtigen, gebouwbewonende vleermuizen, huismussen, boerenzwaluw en uilen (kerkuil en steenuil). Dit aanvullende onderzoek is uitgevoerd in de periode april - oktober 2023 (zie bijlage 2). Er zijn binnen het plangebied alleen twee actieve nesten van de boerenzwaluw aangetroffen en een nest van de witte kwikstaart. Van de overige genoemde soorten zijn geen nestlocaties, rustplaatsen en/of essentiële onderdelen van het leefgebied geconstateerd. Voor het weghalen van de nesten van de boerenzwaluw is een ontheffing van de Wet natuurbescherming nodig. Voor het weghalen van de nesten van de boerenzwaluw is een ontheffing van de Wet natuurbescherming nodig. Deze vergunningsaanvraag is op 05 maart 2024 ingediend bij het bevoegd gezag (provincie Overijssel). Onderdeel van de aanvraag is een mitigatieplan waarin is opgenomen welke maatregelen worden genomen om negatieve effecten te verzachten, te voorkomen en/of functies te herstellen: 

er wordt gewerkt buiten de kwetsbare periode. In het broedseizoen is de boerenzwaluw sterk gebonden aan het nest. Werkzaamheden zullen daarom worden uitgevoerd in de periode 1 september t/m 31 maart;

de nestlocaties worden (tegelijk met de sloop- en renovatiewerkzaamheden) verwijderd in de periode dat boerenzwaluwen niet in Nederland verblijven.

voordat dat boerenzwaluw terugkomt uit het zuiden (vóór 1 april) worden er in totaal 8 alternatieve nestplaatsen (kunstnesten) gerealiseerd.

Voorts geldt dat de vergunning alleen wordt verleend als: 1. de activiteit nodig is met een wettelijk belang. In dit geval is dat de volksgezondheid (sanering van asbestdaken, renovatie woning noodzakelijk vanwege gezondheidsrisico's door vochtproblemen en schimmel) en vanwege openbare veiligheid (leegstand, verhoogde kans op vandalisme, brandstichting en ongelukken). Met het realiseren van nieuwe woningen wordt ook een openbaar belang gediend. 2. er geen alternatieven zijn. Renovatie van de vervallen agrarische opstallen is hier geen optie. Sloop en nieuwbouw zijn hier gebonden aan dezelfde locatie. Met bovenstaande is onderbouwd waarom er voldoende uitzicht is dat de vergunning flora- en faunaactiviteit verleend zal worden. Vanwege de aanwezigheid van een nest van de witte kwikstaart is geen ontheffing nodig. Alle vogels in Nederland zijn beschermd tijdens het broedseizoen (indicatief 15 maart t/m 15 juli). Om overtreding van de Wet natuurbescherming te voorkomen dienen werkzaamheden die mogelijk leiden tot verstoring of aantasting van nesten buiten het broedseizoen te worden uitgevoerd. Uit de Quickscan blijkt dat het plangebied door de aanwezigheid van ruigtestroken, struwelen met ondergroei en bladerhopen geschikt is als rust- en verblijfplaats voor de egel. Voor de egel bestaat geen protocol voor vervolgonderzoek om de aanwezigheid van de egel te bevestigen.

Ook bij het aanvullende onderzoek naar de andere soorten zijn geen egels aangetroffen. Zo zijn er geen egels in de camerabeelden van het marteronderzoek gezien. Er dienen enkele algemene maatregelen te worden getroffen ten aanzien van de algemene zorgplicht, foeragerende vleermuizen en algemene broedvogels. Deze zijn genoemd in de Quickscan in bijlage 1. De ruimtelijke ingreep leidt niet tot overtreding van verbodsbepalingen omtrent houtopstanden in het kader van de Wet natuurbescherming.

38/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Conclusie Voor het weghalen van de nesten van de boerenzwaluw is een ontheffing van de Wet natuurbescherming nodig. De werkzaamheden voor de ontheffingsaanvraag zijn in gang gezet. Er is geen reden om aan te nemen dat, mits de juiste compenserende en mitigerende maatregelen worden getroffen, er sprake is van een gedegen alternatievenafweging en een wettelijk belang kan worden aangevoerd, de benodigde ontheffing niet verkregen zouden kunnen worden. De Wet natuurbescherming staat niet in de weg voor de uitvoerbaarheid van het plan.

3.6

Water

3.6.1

Huidige situatie

3.6.1.1 Waterstructuur Watergangen Langs het perceel aan Wijheseweg 49 ligt zowel een A- als B-watergang. Langs de A-watergang ligt een beschermingszone, te zien op navolgende afbeelding. De locatie aan de Wijheseweg 59 ligt niet in de omgeving van (beschermingszones van) watergangen. Aan de voorzijde van het perceel ligt een greppel, maar deze is niet in beheer van het waterschap.

Uitsnede legger (bron: waterschap Drents Overijsselse Delta )

Hemelwater Op beide locaties wordt het hemelwater dat op daken en verharding terecht komt via maaiveld afgevoerd.

39/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

3.6.1.2 Riolering De bestaande bedrijfswoningen zijn in de huidige situatie niet aangesloten op het rioolnetwerk, maar hebben een eigen iba-voorziening (individuele behandeling van afvalwater) waarbij het afvalwater lokaal wordt gezuiverd. Het dichtstbijzijnde riool bij nr. 49 is gelegen ter hoogte van de parallelweg van de Wijheseweg (afstand ca. 230 meter). Voor nr. 59 geldt eenzelfde afstand tot de riolering bij de Veldweg in Windesheim, zoals in onderstaande afbeelding is te zien.

Afstand Wijheseweg 59 tot bestaand rioleringsstelsel (bron: gemeente Zwolle) 3.6.1.3 Ontwateringsdiepte De locaties liggen in peilgebied 474 van het waterschap Drents Overijsselse Delta. Het peil ligt hier op minimaal -0,55m -mv en maximaal op -0,30m -mv. De gemiddelde hoogste grondwaterstand ligt op -0.05 m +NAP en de gemiddeld laagste grondwaterstand op -0,35 m +NAP (meetpunt B27E0134 van Vitens aan de Zuthemerweg). De hoogte van het maaiveld varieert van ca. 1 m +NAP aan de rand van het bouwvlak tot ca. +1,40m +NAP op het erf direct rond de bestaande gebouwen. 3.6.1.4 Overstromingsrisico Het plangebied ligt, net als een groot deel van de gemeente Zwolle, in overstroombaar gebied. Op grond van de website Klimaateffectatlas.nl is een risico-inventarisatie gemaakt met betrekking tot overstromingen. Uit de kaartbeelden blijkt dat er een kleine kans (1/300 tot 1/3000) is dat er in 2050 op deze locatie een waterdiepte van meer dan 20 cm ontstaat als gevolg van overstroming. De kans op een waterdiepte van 50 cm als gevolg van een overstroming kent een vergelijkbare kleine kans. Voor een waterdiepte van meer dan 200 cm geldt een zeer kleine kans (1/3000 tot 1/30000). De provincie Overijssel verplicht voor gebieden waar een kans op overstroming bestaat om een overstromingsrisicoparagraaf op te nemen.

Ten aanzien van de Wijheseweg 49 wijzigt niets dat relevant is met betrekking tot overstromingsrisico, omdat er reeds een woning aanwezig is. Een risico-inventarisatie is niet aan de orde.

40/94

15 april 2024

3.6.2

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Uitgangspunt bestemmingsplan

Algemeen Voor zowel de locatie Wijheseweg 49 als Wijheseweg 59 is een digitale watertoets uitgevoerd. De resultaten hiervan zijn opgenomen in bijlage 4 en 5. De uitkomst hiervan is dat er op de locatie Wijheseweg 49 geen waterschapsbelangen worden geraakt, omdat het hier slechts gaat om functieverandering van bestaande bebouwing. Voor Wijheseweg 59 geldt een normale procedure. Hieronder wordt voor deze locatie op de relevante wateraspecten ingegaan. 3.6.2.1 Waterstructuur De waterstructuur blijft bij uitvoering van de plannen ongewijzigd. 3.6.2.2 Riolering Gelet op de afstand tot de dichtstbijzijnde rioolstelsel (230m) is aansluiting van de bestaande en nieuwe woningen niet haalbaar en een te grote financiële kostenpost. De twee nieuw te bouwen woningen zullen worden voorzien van een iba-voorziening. Op grond van het Besluit lozing afvalwater huishoudens (Blah) is een dergelijke voorziening mogelijk als de afstand tot het dichtstbijzijnde vuilwaterriool meer dan 40 meter bedraagt. 3.6.2.3 Ontwateringsdiepte Om wateroverlast en schade in gebouwen te voorkomen wordt een ontwateringsdiepte van minimaal 80 centimeter geadviseerd tussen GHG en de onderzijde bouwvloer. De GHG ligt op -0,05 m +NAP, het huidige erf op ruim 1 m +NAP. Voor de nieuwe woningen wordt deze maaiveldhoogte aangehouden, indien nodig kan het terrein plaatselijk worden opgehoogd.

3.6.2.4 Wateroverlast Het hemelwater dat op de daken en verhard oppervlak valt wordt gescheiden opgevangen en afgevoerd. Om wateroverlast te voorkomen dient er voldoende ruimte te zijn om ook bij fikse regenbuien dit water te kunnen bergen. Het waterschap hanteert hiervoor de volgende regel: verhard oppervlak (m2) x 0,08 = m3 waterberging Voor de drie woonkavels op Wijseweg 59 wordt uitgegaan van ca. 450 m² aan verhard oppervlak per perceel (woning, bijgebouwen, erf en inrit). Per perceel bedraagt de benodigde waterberging 450 x 0,08 = 36 m3. De gemeente Zwolle hanteert de hemelwaterverordening waarbij voor plangebieden groter dan 1.500 m² een bergingseis van 60 mm per m² verhard oppervlak geldt (waarvan minimaal 20 mm in een infiltratievoorziening. Het hemelwater dat op daken en verharding valt, kan naar de tuin worden afgevoerd en daar in de bodem infiltreren. De tuin en de boomgaard liggen lager dan het erf, zodat het hemelwater daarheen afstroomt. Het hemelwater mag niet afstromen naar naastgelegen percelen. Indien nodig kan extra ruimte voor waterberging worden gerealiseerd in de vorm van een wadi of een vijver. De percelen variëren in grootte van 2585 m² tot 3780 m², waarmee gesteld wordt dat op eigen terrein voldoende ruimte aanwezig om deze waterberging te kunnen realiseren.

In welke vorm dit wordt uitgevoerd zal worden bepaald bij de verdere uitwerking van het bouwplan door de toekomstige eigenaren van de woning. Om te borgen dat deze waterberging wordt gerealiseerd is in artikel 5.5.3 van de regels een voorwaardelijke verplichting opgenomen.

41/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

3.6.2.5 Overstromingsrisico Bij de nieuwbouw van woningen dient rekening gehouden te worden met mogelijke overstromingen. Het betreft hierbij bewustwording dat bouwen in overstroombare gebieden bepaalde risico's met zich meebrengt. Hiermee dient adequaat omgegaan te worden. Ten aanzien van de bouw kan gedacht worden aan het verhogen van het perceel (indien mogelijk), voldoende hoog aanbrengen van het vloerppeil, verhoogde drempels en de mogelijkheid voor tijdelijke schotten. Ook kan bij de inrichting van de woningen rekening gehouden worden met een eventuele overstroming, zoals het plaatsen van de minder gevoelige ruimten op de begane grond. De woonkavels worden met korte verbinding ontsloten op de Wijheseweg. In geval van calamiteiten is de bereikbaarheid is zodoende gewaarborgd. Conclusie Het plan is uitvoerbaar met betrekking tot het aspect water.

3.7

Wonen

3.7.1

Huidige situatie

Beide deellocaties uit voorliggend plan hebben een agrarische bedrijfsbestemming met een bedrijfswoning. De bedrijfswoningen worden momenteel bewoond. 3.7.2

Uitgangspunt bestemmingsplan

Wijheseweg 49, Zwolle Op deze locatie worden geen nieuwe woningen gebouwd. De agrarische bedrijfswoning wordt omgezet in een burgerwoning. Er verandert niets aan de woonsituatie. Wijheseweg 59, Zwolle Op de locatie worden twee nieuwe vrijstaande burgerwoningen gerealiseerd in ruil voor de sloop van 1785 m² aan bedrijfsgebouwen, een mestbassin en bijbehorende erfverharding. De voormalige agrarische bedrijfswoning blijft gehandhaafd en wordt eveneens een burgerwoning.

3.8

Milieu

In deze paragraaf wordt ingegaan op de milieuaspecten die van belang zijn bij het toekennen van bestemmingen. Tevens komt de ligging van kabels, leidingen en straalpaden aan bod. 3.8.1

Geluid

Kaders De Wet geluidhinder (Wgh) heeft tot doel de mensen te beschermen tegen geluidsoverlast ten gevolge van weg-, spoorweg- of industrielawaai. Op basis van deze wet dient bij het opstellen van het bestemmingsplan dan ook aandacht te worden geschonken aan het aspect 'geluid'. In de Wet geluidhinder is een zonering van industrieterreinen, wegen en spoorwegen geregeld. Enerzijds betekent dit dat (geluids)eisen worden gesteld aan de milieubelastende functies, anderzijds betekent dit dat beperkingen worden opgelegd aan milieugevoelige functies.

42/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

De Omgevingsvisie Mijn Zwolle van Morgen stelt dat de voortdurende balans tussen het behouden van geluidsruimte voor geluidshinder veroorzakende functies enerzijds en het waarborgen van de leefbaarheid in gebieden met geluidsgevoelige functies anderzijds in de toekomst een belangrijke afweging blijft om bij plan- en beleidsvorming mee te nemen. Geluid speelt een belangrijke rol rondom de infrastructuur. Bij nieuwe ontwikkelingen dient rekening gehouden te worden met geluid om de leefbaarheid in de gebieden en de gezondheid van bewoners te waarborgen. In de door de gemeenteraad vastgestelde 'Handreiking gebiedsgericht werken aan milieu gemeente Zwolle' (juli 2007) en in de beleidsregel 'Hogere waarden Wet geluidhinder' (9 februari 2007) worden de ambities en de grenswaarden (dit is de maximale waarde waarvoor nog hogere grenswaarden worden vastgesteld) per gebiedstype genoemd. Wijheseweg 49, Zwolle De woning op deze locatie betreft een bestaande agrarische bedrijfswoning die als burgerwoning wordt bestemd. Er wordt daarmee geen nieuw geluidgevoelig object toegevoegd. Voor deze locatie is geen verdere toetsing nodig. Wijheseweg 59, Zwolle Voorliggend plan voorziet in het toevoegen van twee geluidgevoelige objecten (woningen) op deze locatie. De Wijheseweg (N337) is een weg met een maximale snelheid van 80 km/u. De locatie is gelegen binnen de geluidcontour van de Wijheseweg.

Er is daarom een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd. De rapportage hiervan is terug te vinden in bijlage 6. De nieuwe woningen liggen op ca. 58 resp. 68 meter van de wegas. De geluidbelasting op de westgevels van de woningen door wegverkeer op de Wijheseweg bedraagt ten hoogste 53 dB na aftrek. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt daarmee overschreden. De maximale hogere waarde van 53 dB wordt niet overschreden. De hoogste geluidbelasting door wegverkeer op de Wijheseweg bedraagt 57 dB zonder aftrek. Het treffen van maatregelen aan de Wijheseweg om de geluidbelasting op twee extra woningen te reduceren is financieel niet haalbaar. Het afschermen van de woningen is vanuit landschappelijke overwegingen niet mogelijk, omdat het scherm om toegang tot de locatie mogelijk te maken moet worden onderbroken. De woningen hebben ten minste één geluidluwe gevel aan de oostzijde met een geluidbelasting van ten hoogste 48 dB na aftrek. Buitenruimten zijn realiseerbaar aan de geluidluwe zijde van de woningen. Voor de twee woningen dient een hogere waarde te worden aangevraagd van 53 dB na aftrek. De woningen vervangen de bestaande bebouwing op dezelfde locatie. Volgens het gemeentelijk gebiedsgericht milieubeleid is de locatie aangemerkt als “gemengd landelijk gebied”. De geluidbelasting op de gevels liggen beneden de grenswaarde van 58 dB voor gemengd landelijk gebied.

De benodigde hogere grenswaarden kunnen daarom volgens het beleid van de gemeente na een eenvoudige administratieve toets worden vastgesteld. Er zal voor het aspect geluid sprake zijn van een goede ruimtelijke ordening als voor de woningen tevens wordt voldaan aan de eisen voor de geluidwering conform het Bouwbesluit. Bij het bepalen van de benodigde geluidwering mag geen aftrek plaatsvinden ex. artikel 110-g Wgh. De hoogste geluidbelasting op de gevels bedraagt 57 dB. De benodigde geluidwering GA;k bedraagt dan 24 dB(A). Het plangebied ligt niet in de omgeving van spoorwegen of industriegebieden, waardoor onderzoek naar deze mogelijke bronnen van lawaai niet aan de orde is. Conclusie Met de genoemde voorzieningen en maatregelen kan worden voldaan aan de wet- en regelgeving en het gemeentelijke beleid. Voor het toevoegen van twee geluidgevoelige objecten (woningen) moeten hogere grenswaarden worden vastgesteld. Dit wordt op grond van de Wet geluidhinder gedaan met een zogeheten hogere waarden besluit. In dit hogere waarde besluit zijn voorwaarden opgenomen om te voldoen aan de wet- en regelgeving rondom geluid en het gemeentelijke beleid. Dit besluit maakt onderdeel uit van deze procedure.

43/94

15 april 2024

3.8.2

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Bedrijvigheid (Wet milieubeheer)

Milieuzonering is het aanbrengen van een ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. Doel is om bij het opstellen van een ruimtelijk plan een goed en veilig leefklimaat te waarborgen, maar tegelijkertijd ook aan bedrijven voldoende milieuruimte te bieden voor het uitoefenen van hun activiteiten. De mate waarin bedrijven invloed hebben op hun omgeving is afhankelijk van de aard van de bedrijvigheid en de afstand tot een gevoelige bestemming. Milieugevoelige bestemmingen zijn gebouwen en terreinen die naar hun aard bestemd zijn voor het verblijf van personen gedurende de dag of nacht of een gedeelte daarvan (bijvoorbeeld woningen). Daarnaast kunnen ook landelijke gebieden en/of andere landschappen belangrijk zijn bij een zonering tot andere, minder gevoelige, functies zoals bedrijven. Milieuzonering heeft betrekking op aspecten met een ruimtelijke dimensie, zoals geluid, geur, gevaar en stof. De mate van belasting, en daarmee de gewenste aan te houden afstand, kan per aspect en per bedrijfstype en verschillen. In de publicatie 'Bedrijven en Milieuzonering' van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is een lijst opgenomen met daarin de minimale richtafstanden tussen een gevoelige bestemming en bedrijven. Van deze richtafstanden kan worden afgeweken, mits wordt onderbouwd waarom de feitelijke milieuhinder als minder belastend wordt gezien.

Het belang van milieuzonering wordt steeds groter aangezien functiemenging steeds vaker voorkomt. Hierbij is het motto: 'scheiden waar het moet, mengen waar het kan'. Planspecifiek Wijheseweg 49, Zwolle Het betreft hier een reeds bestaande woning. Deze wordt als burgerwoning in het kader van milieuzonering niet anders getoetst dan toen het een agrarische bedrijfswoning was. Bovendien liggen er in de directe omgeving geen bedrijven die mogelijke hinder zouden kunnen opleveren. Wijheseweg 59, Zwolle In de omgeving van het plangebied liggen voornamelijk (voormalige) agrarische bedrijven en vrijstaande woonhuizen, maar deze liggen allemaal op grote afstand. Binnen een straal van 300 meter rond de locatie bevinden zich geen andere bedrijven. Uitgesloten kan worden dat bij de nieuwe woningen hinder wordt ondervonden van bedrijven. Er is sprake van een goed woon- en leefklimaat uit oogpunt van milieuzonering. De bouw van twee nieuwe woningen zal evenmin leiden tot beperkingen in de ontwikkelingsmogelijkheden van bedrijven. Conclusie Het plan is uitvoerbaar met betrekking tot het aspect bedrijvigheid. 3.8.3

Luchtkwaliteit

De mate van blootstelling aan luchtverontreiniging speelt een rol in het kader van een goede ruimtelijke ordening. Met betrekking tot 'luchtkwaliteit' zijn twee aspecten van belang. Ten eerste of de luchtkwaliteit ter plaatse de nieuwe functie toelaat (de gevoeligheid van de bestemming) en ten tweede wat de bijdrage is van het plan aan die luchtkwaliteit. Luchtkwaliteit ter plaatse In de Wet milieubeheer zijn normen opgenomen voor de concentraties van een aantal stoffen in de buitenlucht ter bescherming van de mens. De twee belangrijkste stoffen zijn PM 10 en PM2,5(fijnstof) en NO2 (stikstofdioxide). Voor grenswaarde van PM10 en NOx bedraagt 40 µg/m3, van PM2,5 is dat 25 µg/m3.

44/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Bijdrage aan luchtkwaliteit In de Wet milieubeheer zijn de belangrijkste bepalingen over luchtkwaliteitseisen opgenomen. De Wet maakt een onderscheid tussen 'kleine' en 'grote' projecten. Kleine projecten dragen 'niet in betekenende mate' (NIBM) bij aan verslechtering van de luchtkwaliteit. Een paar honderd grote projecten dragen juist wel 'in betekenende mate' bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Het gaat hierbij vooral om bedrijventerreinen en infrastructuur (wegen). Wat het begrip 'in betekenende mate' precies inhoudt, staat in de algemene maatregel van bestuur "Niet in betekenende mate bijdragen" (Besluit NIBM). Op hoofdlijnen komt het erop neer dat 'grote' projecten die jaarlijks meer dan 3 procent bijdragen aan de jaargemiddelde norm voor fijn stof en stikstofdioxide (1,2 microgram per m 3) een 'betekenend' negatief effect hebben op de luchtkwaliteit. 'Kleine' projecten die minder dan 3 procent bijdragen, kunnen doorgaan zonder toetsing. Dat betekent bijvoorbeeld dat lokale overheden een toevoeging van minder dan 1.500 huizen niet hoeven te toetsen aan de normen voor luchtkwaliteit, omdat een dergelijk project per definitie niet boven de 3%-norm komt.

Planspecifiek Luchtkwaliteit ter plaatse Wijheseweg 49, Zwolle Op deze locatie worden geen nieuwe objecten toegevoegd. Er treden geen veranderingen op ten opzichte van de huidige situatie. Verdere toetsing is niet nodig. Wijheseweg 59, Zwolle Vanuit een goede ruimtelijke ordening is de huidige luchtkwaliteit ter plaatse getoetst met behulp van atlasleefomgeving.nl. Door de metingen ter plaatse te toetsen aan de grenswaarden is gekeken of er sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Uit de bij dit onderwerp horende kaartonderdelen zijn de volgende concentraties naar voren gekomen:

NO2 (stikstofdioxide) Gemeten totale concentratie 11,1 µg/m3 jaargemiddelde 2020 (µg/m3) Grenswaarde (µg/m3)

concentratie 40 µg/m3

PM10 (fijnstof)

PM2,5 (fijnere fractie van fijnstof)

14,2 µg/m3

7,5 µg/m3

40 µg/m3

25 µg/m3

De gemeten concentraties stikstofdioxide en fijn stof liggen ruim onder de gestelde grenswaarden. Met betrekking tot de luchtkwaliteit zijn geen belemmeringen voor onderhavig initiatief. Bijdrage initiatief Ten aanzien van de bijdrage aan luchtkwaliteit is het initiatief (toevoegen van twee woningen) van geringe omvang ten opzichte van de benoemde grenswaarde (3%, gelijk aan 1.500 woningen). Op basis van de te verwachten (zeer beperkte) toename aan verkeersbewegingen ten gevolge van het project is te concluderen dat dit project 'niet in betekende mate' bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Een nadere toetsing ten aanzien van het aspect luchtkwaliteit kan daarom achterwege blijven. Conclusie Het initiatief is uitvoerbaar met betrekking tot het aspect luchtkwaliteit.

45/94

15 april 2024

3.8.4

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Geur

In het kader van een goede ruimtelijke ordening is inzicht nodig in de gevolgen van de voorgenomen ontwikkeling voor het aspect geur. Enerzijds kunnen als gevolg van nieuwe ontwikkelingen nieuwe geurbronnen worden toegevoegd en anderzijds kunnen door de ontwikkelingen nieuwe geurgevoelige objecten worden toegevoegd die kunnen worden belast door bestaande of nieuwe geurbronnen. De Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) vormt het kader voor geurhinder vanuit veehouderijen. Deze wet heeft als doel om geurhinder van veehouderijen bij geurgevoelige objecten (zoals woningen) te voorkomen. Voor de realisatie van nieuwe geurgevoelige objecten nabij veehouderijen moet aan twee voorwaarden worden voldaan;  een goed woon- en leefklimaat worden gegarandeerd voor de nieuwe geurgevoelige objecten  geen van de bestaande veehouderijen onevenredig in zijn belangen geschaad. De Omgevingsvisie Ons Zwolle van Morgen geeft aan dat het thema geur met name in het landelijk gebied speelt en een aandachtspunt is bij de verdere functiemenging van dit gebied en de verweving tussen stad en land. We zoeken naar de juiste balans tussen bedrijven met geurhinder en bescherming van geurgevoelige functies anderzijds.

Planspecifiek Wijheseweg 49, Zwolle Het betreft hier een reeds bestaande woning. Deze wordt als burgerwoning in het kader van geurhinder niet anders getoetst dan toen het een agrarische bedrijfswoning was. Aan de situatie wijzigt derhalve niets. Nadere toetsing is niet nodig. De afstand tot het meest nabij gelegen bedrijf (Wijheseweg 53) bedraagt ruim 200 meter (zie hieronder). Wijheseweg 59, Zwolle Op deze locatie worden twee geurgevoelige objecten toegevoegd. Ook hier is het agrarisch bedrijf Wijheseweg 53 het enige bedrijf in de omgeving. Dit is een bedrijf met vaste afstandsdieren (rundvee) waarvoor een afstand van 50 meter moet worden aangehouden. De feitelijke afstand tussen het plangebied en het bedrijf bedraagt ca. 280 meter. Er wordt dus ruimschoots aan de afstandseis voldaan. Gesteld kan worden dat er uit oogpunt van geur sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Voorliggend plan leidt ook niet tot belemmeringen voor het agrarische bedrijf. Conclusie Het plan is uitvoerbaar met betrekking tot het aspect geur. 3.8.5

Bodemkwaliteit

Op grond van de Wet Bodembescherming (Wbb) moet aangetoond worden dat de kwaliteit van de bodem en het grondwater in het plangebied in overeenstemming zijn met het beoogde gebruik. De bodemkwaliteit kan namelijk van invloed zijn op de beoogde functie van het plangebied. Planspecifiek Wijheseweg 49, Zwolle De woning is reeds aanwezig op deze locatie. Er worden geen bouwwerkzaamheden verricht. Er wordt reeds gewoond, dus aan het gebruik verandert niets. Een bodemonderzoek is in het kader van het bestemmingsplan niet nodig.

46/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Wijheseweg 59, Zwolle In het kader van de bestemmingswijziging in voorliggend plan is een bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd. De rapportage hiervan is terug te vinden in bijlage 7. In een van de bovengrondmengmonsters is een lichte verhoging PAK aangetroffen, verder zijn er geen verhoogde concentraties geconstateerd. In het grondwatermonster is een lichte verhoging barium aangetroffen. Deze kunnen van nature verhoogd voorkomen. Er is geen asbest aangetoond. Op grond van de resultaten is een nader bodemonderzoek niet nodig. De onderzoekslocatie wordt vanuit milieuhygiënisch oogpunt geschikt geacht voor het beoogde gebruik. Conclusie Het plan is uitvoerbaar met betrekking tot het aspect bodem. 3.8.6

Externe veiligheid

Het beleid voor externe veiligheid is gericht op het beperken en beheersen van risico's voor de omgeving die ontstaan door opslag, productie, gebruik en vervoer van gevaarlijke stoffen. Hierbij gaat het om risicovolle inrichtingen, transportroutes voor het vervoer van gevaarlijke stoffen en buisleidingen. De verplichting om in een ruimtelijk plan in te gaan op deze risico's komt voort uit het 'Besluit externe veiligheid inrichtingen' (Bevi), het 'Besluit externe veiligheid transportroutes' (Bevt) en het 'Besluit externe veiligheid buisleidingen' (Bevb). Daarnaast zijn in het Activiteitenbesluit milieubeheer en het Vuurwerkbesluit veiligheidsafstanden genoemd die moeten worden aangehouden rond stationaire risicobronnen, niet zijnde een Bevi-inrichting. De wetgeving richt zich op het beschermen van kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten. Kwetsbaar zijn onder meer woningen, onderwijs- en gezondheidsinstellingen, en kinderopvang- en dagverblijven, en grote kantoorgebouwen (>1500 m²). Beperkt kwetsbaar zijn kleinere kantoren en winkels, horeca, parkeerterreinen en bedrijfsgebouwen waarin geen grote aantallen personen aanwezig zijn. Binnen het beoordelingskader voor externe veiligheid staan twee kernbegrippen centraal: het plaatsgebonden risico (PR) van 10-6 per jaar en het groepsrisico (GR).

Het plaatsgebonden risicobeleid bestaat uit harde afstandscontouren tussen risicobron en (beperkt) kwetsbaar object. Het wordt uitgedrukt in een contour van 10-6 per jaar (de kans dat per jaar 1 persoon overlijdt door een ongeluk met een gevaarlijke stof mag niet groter zijn dan 1 op een miljoen). Het groepsrisico legt een relatie tussen de kans op een ramp en het aantal mogelijke slachtoffers. Bij de berekening van het groepsrisico spelen mee de aard en hoeveelheid van de gevaarlijke stoffen en het aantal potentiële slachtoffers. Voor de beoordeling van een ruimtelijk plan moet worden vastgesteld of het plangebied is gelegen binnen de PR en/of de invloedsgebieden van het GR. Binnen de 10-6-contour is het realiseren van kwetsbare objecten niet toegestaan. In de Omgevingsvisie Ons Zwolle van Morgen van de gemeente worden de doelstellingen ten aanzien van externe veiligheid verwoord. De gemeente streeft ernaar voor haar gehele grondgebied te voldoen aan de basisveiligheid.

Dit betekent:  Er wordt altijd voldaan aan normen voor plaatsgebonden risico;  Er wordt een gebiedsgerichte invulling gegeven aan groepsrisicobeleid welke wordt opgenomen in het omgevingsplan;  Veiligheidsdoelstellingen passen bij de typering van het gebied;  Er wordt zoveel mogelijk geanticipeerd op de landelijke beleidsontwikkeling die een ongunstige invloed kunnen hebben op de veiligheidssituatie in Zwolle. Het doel is het bewaken van een optimaal veiligheidsniveau. Op 20 januari 2009 heeft het college van B & W het gebiedsgericht beleidskader externe veiligheid vastgesteld. Het gaat om een ruimtelijke uitwerking van het externe veiligheidsbeleid dat aansluit op het gebiedsgerichte milieubeleid. Op basis van kenmerken (fysieke omgeving, hulpverleningsniveau en zelfredzaamheid) die bij een bepaald gebiedstype horen is een beleidsstandpunt bepaald ten aanzien van een mogelijke toename van het groepsrisico. Tevens is op basis van dezelfde kenmerken van een gebiedstype bepaald of er plaats is voor nieuwe risicobronnen.

47/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Een afwijkend gebiedstype vormen de stroomzones. Stroomzones zijn gebieden rondom infrastructuur (spoorlijnen, wegen en waterwegen) waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Voor stroomzones is een apart beleidskader geformuleerd. Planspecifiek Via de website atlasleefomgeving.nl kan voor de locatie vastgesteld worden of er in de directe omgeving inrichtingen, buisleidingen en/of belangrijke transportroutes aanwezig zijn die in het kader van de externe veiligheid van belang zijn. Bijgevoegde afbeelding toont een uitsnede van die website. De deellocaties van dit plan zijn hierop aangegeven met de blauwe cirkels.

Uitsnede risicokaart (bron: atlasleefomgeving.nl)

Buisleiding gevaarlijke stoffen Op de kaart is de te zien dat op circa 650 meter ten oosten van beide locaties een buisleiding voor het transport van gevaarlijke stoffen loopt. Dit betreft een hogedrukaardgastransportleiding met een uitwendige diameter van 159 mm, wanddikte van 5 mm en maximale werkdruk van 40 bar. Voor dit type buisleidingen geldt een 1%-letaliteitsgrens van 70 meter. Het plangebied ligt hier ruim buiten. De buisleiding levert geen verhoogd veiligheidsrisico op voor het plangebied. Vervoer gevaarlijke stoffen per spoor Op circa 460 meter ten westen van het plangebied ligt de spoorlijn Zwolle - Deventer waarover vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. De PR 10-6 risicocontour reikt niet tot buiten de spoorlijn. Op grond van het Basisnet spoorweg geldt een plasbrandaandachtsgebied van 30 m gemeten vanaf de buitenste spoorstaaf. Binnen een plasbrandaandachtsgebied mag slechts onder bepaalde voorwaarden gebouwd worden. Het plangebied ligt op veel grotere afstand. Er is geen sprake van een verhoogd risico met betrekking tot externe veiligheid.

48/94

15 april 2024

Bestemmingsplan Buitengebied, landgoed Windesheim

Bevi-inrichting Op circa 250 meter ten westen van de locatie Wijheseweg 49 ligt een verkooppunt voor motorbrandstoffen waar ook LPG verkocht wordt. Op grond van de "Circulaire effectafstanden externe veiligheid LPGtankstations voor besluiten met gevolgen voor de externe veiligheid" gelden vaste afstanden tot het vulpunt, het reservoir en de afleverzuil. Daarnaast geldt de verantwoordingsplicht voor het groepsrisico binnen het invloedsgebied van 150 meter. De locatie Wijheseweg 49 ligt op circa 250 meter van het tankstation. Het ligt buiten het invloedsgebied en bovendien is hier reeds een woning aanwezig. De locatie Wijhseweg 59 ligt op nog grotere afstand. Geconcludeerd kan worden dat het LPG-verkooppunt niet leidt tot een verhoogd veiligheidsrisico. Conclusie Het plan is uitvoerbaar met betrekking tot het aspect externe veiligheid. 3.8.7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=ab17e11d-3567-481d-8c4e-2c468fa7e85b