CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Integraal Huisvestingsplan

Raadsplein besluitvormend (Statenzaal) 13 september 2021, gemeente ZwolleBij agendapunt: Voortgang uitvoering Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen28.792 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

€ 12.000.000 € 10.000.000 € 8.000.000 € 6.000.000 € 4.000.000 € 2.000.000

2035

2034

2033

2032

2031

2030

2029

2028

2027

2026

2025

2024

2023

2022

2021

2020

€-

Vervangende nieuwbouw…

www.icsadviseurs.nl

39/75

Onderwijshuisvesting

6.3

Total cost of Ownership (TCO)

De benadering Total Cost of Ownership (TCO) staat voor het nemen van investeringsbeslissingen op basis van de kosten van de gehele levensduur. Niet enkel de hoogte van de investering weegt mee. Ook voor- en nadelen van de investering op de exploitatiekosten wegen mee. Realisatie van energieneutrale scholen leidt tot een lagere energielast. De schoolbesturen zijn bereid de exploitatievoordelen aan te wenden ter dekking van een deel van de investering. In 6.3.1 is de methodiek uitgewerkt op welke wijze de investeringsbijdrage wordt vastgesteld. Door vaststelling van het IHP is er een beeld van de projecten die in een periode van 4 jaar worden uitgevoerd. Zodra zicht is op een aanstaand nieuwbouw- of renovatieproject kunnen schoolbesturen inzetten op het reduceren van de onderhoudsuitgave. In hoofdstuk 6.3.2 is een nadere toelichting gegeven.

6.3.1 Investeringsbijdrage door besparing op energie Onderscheid is gemaakt tussen een bijdrage bij nieuwbouw en een bijdrage bij levensduurverlengende renovatie. Nieuwbouw De uitgangspunten voor het bepalen van de investeringsbijdrage zijn:    

Het verschil tussen de geprognosticeerde energielast en rijksvergoeding voor energie wordt omgerekend naar investeringsruimte; Er is sprake van een toename van de onderhoudslast vanwege toename van duurzame installaties; Er is sprake van een reële terugverdienperiode; Een toekomstig exploitatievoordeel wordt benut waardoor sprake is van een financiering.

1) In de geprognosticeerde energielast na nieuwbouw wordt rekening gehouden met de kosten voor vastrecht en onvoorziene piekbelasting á € 4 per m² bvo. De vergoeding voor energie is bij primair onderwijs bekend. Voor het voortgezet onderwijs geldt geen vaste vergoeding, maar is reeds overeenstemming over de richtlijn waarover een vergoeding kan worden berekend. De bedragen zijn € 8,45 per m² bvo voor primair onderwijs en € 11,- per m² bvo voor voortgezet onderwijs. De bedragen worden jaarlijks herijkt. Daar waar de feitelijke energielast van de bestaande school lager is dan de vergoeding vanwege investeringen in duurzaamheid door het schoolbestuur zal de bijdrage worden bepaald op basis van de feitelijke energielast van de voorgaande 3 jaren. 2) Door een toename van duurzame installaties is een toename van de onderhoudslast te verwachten. Voor primair onderwijs wordt een aanvullende kostenpost van € 1,5 per m² bvo gehanteerd. Voor voortgezet onderwijs is dit € 1,- per m² bvo vanwege de grotere omvang van het gebouw. 3) Schoolbesturen mogen (onder andere) investeren vanuit besparingen in de exploitatie, mits de investering terug te verdienen is in een reële periode. Aangesloten wordt bij het wetsvoorstel van VNG, PO-raad en VOraad aangaande investeren in onderwijshuisvesting waarin een reële terugverdientijd van 20 jaar is opgenomen.

4) Na vaststelling van het IHP wordt nadere uitwerking gegeven aan het financieren van de toekomstige exploitatievoordelen. Besproken wordt in hoeverre de schoolbesturen vanuit eigen vermogen/financieringsbronnen in staat zijn de bijdrage te faciliteren. Indicatief is de eenmalige bijdrage vanuit primair- en voortgezet onderwijs € 62,- per m² bvo respectievelijke € 121,- per m² bvo welke jaarlijks voor het eerst in Q1 2020 wordt vastgesteld.19*

19 *Disclaimer: in het berekenen van de bijdrage is uitgegaan van de gemeentelijke rekenrente van 1,25%. Zoals onder 4) is genoemd zullen

de gesprekken over financiering nog plaatsvinden.

www.icsadviseurs.nl

40/75

Onderwijshuisvesting

Levensduurverlengende renovatie De uitgangspunten voor het bepalen van de investeringsbijdrage zijn: 1. 2. 3. 4. 5.

De bijdrage wordt per project vastgesteld; Het verschil tussen de geprognosticeerde energielasten en huidige energielasten wordt omgerekend als investeringsruimte; Afhankelijk van de aard van de renovatie en de keuzes in installaties zijn er gevolgen voor de onderhoudslasten en toename van onderhoud door toename van duurzame installaties; Er is sprake van een reële terugverdienperiode; Er is sprake van financiering, omdat een toekomstig voordeel wordt aangewend om op het moment van realisatie een investering te doen.

1) Vanwege de diversiteit in aard van renovaties wordt de bijdrage per project vastgesteld via de brede verkenning. 2) De geprognosticeerde energielast wordt afgezet tegen de energielast van de drie jaren voorafgaand aan de renovatie. Een periode van drie jaren wordt toegepast om de piek van een warm of koud jaar zo min mogelijk van invloed te laten zijn op de reële besparing. 3) Per renovatieproject wordt getoetst in hoeverre verduurzaming (economisch) mogelijk is en in hoeverre de keuzes daarin effect hebben op een eventuele toename van onderhoudskosten. De onderhoudskosten worden afgetrokken van het energievoordeel om zo de reële besparing in beeld te brengen. 4) Conform 3) als omschreven onder Nieuwbouw. 5) Conform 4) als omschreven onder Nieuwbouw.

6.3.2 Investeringsbijdrage door besparing op onderhoud Schoolbesturen ontvangen de Rijksbekostiging voor onderhoud van scholen. Uitvoering van het onderhoud wordt gedaan op basis van meerjarenonderhoudsplannen. Deze plannen geven inzicht in de uit te voeren onderhoudswerkzaamheden en benodigde vervangingen van bijvoorbeeld dak en installaties. Zodra er sprake is van een aanstaande nieuwbouw of renovatie ligt het voor de hand niet alle werkzaamheden meer uit te voeren. De schoolbesturen zijn bereid dit voordeel aan te wenden om bij te dragen aan de investering in onderwijshuisvestingsprojecten. De bijdrage van de schoolbesturen vanuit de besparing op het onderhoud wordt bepaald op basis van wat naar redelijkheid per project aan onderhoudswerkzaamheden is uit te stellen. De hoogte van de bijdrage wordt per project vastgesteld. Een passende methodiek zal door gemeente en schoolbesturen nader worden uitgewerkt en ontwikkeld op basis van ervaringen met projecten. Een indicatie van de te hanteren processtappen is:   

Een meerjarenonderhoudsplan en begroting wordt overlegd door het schoolbestuur die naar oordeel van het schoolbestuur en gemeente voorziet in een realistische weergave van het te verwachten onderhoud. De te verwachten onderhoudswerkzaamheden worden gesplitst in noodzakelijk uit te voeren - en uit te stellen werkzaamheden tot realisatie van de nieuwbouw/renovatie. De kosten van de uit te stellen onderhoudswerkzaamheden die naar oordeel van het schoolbestuur en de gemeente toe te rekenen zijn aan de onderhoudsverantwoordelijkheid van het schoolbestuur worden bijgedragen als investering in de nieuwbouw-, dan wel levensduurverlengende renovatie.

1)/2) Overeenstemming over het onderhoudsniveau van het te vervangen of te renoveren gebouw is gewenst. In situaties waarbij bijvoorbeeld het huidige schoolgebouw opgeleverd wordt ten behoeve van een andere school of functie is besparing op het onderhoud niet gewenst. Iedere situatie is uniek waarbij de gemeente en het schoolbestuur kritisch kijken in hoeverre het meerjarenonderhoudsplan past bij de fysieke staat van het gebouw.

www.icsadviseurs.nl

41/75

Onderwijshuisvesting

3) Hoewel de schoolbesturen de volledige verantwoordelijkheid voor het onderhoud dragen zijn niet alle vervangingskosten aan de schoolbesturen toe te rekenen. Zo is vervanging van installaties wel opgenomen in de rijksvergoeding voor onderhoud om gedurende de gehele levensduur van het gebouw te voorzien in goede onderwijshuisvesting. Echter, bij nieuwbouw/levensduurverlengde renovatie is sprake van einde levensduur waardoor kritisch gekeken moet worden welke verantwoordelijkheden redelijkerwijs zijn toe te kennen aan de gemeente en de schoolbesturen.

www.icsadviseurs.nl

42/75

Onderwijshuisvesting

7. Thema’s voor doorontwikkeling IHP Dit IHP is een eerste aanzet van een integrale benadering van een aantal inhoudelijke beleidsuitgangspunten, zoals verwoord in hoofdstuk 2, en een overzicht van projecten op korte termijn en huisvestingsvraagstukken op lange termijn, zoals verwoord in hoofdstuk 3 en 4. Voor de korte termijn hebben gemeente Zwolle en de schoolbesturen met dit IHP voldoende bouwstenen, kaders en spelregels om met de vernieuwingsopgave aan de slag te gaan. Echter, een aantal thema’s verdient de komende twee jaar een doorontwikkeling en of een aanscherping. In de uitwerking van dit hoofdstuk zijn de thema’s opgenomen, wat op hoofdlijnen moet gebeuren en wie verantwoordelijk is voor het betreffende onderwerp. Ook is een tijdspad gekoppeld aan het doorontwikkelen van de onderwerpen zodat deze gereed zijn voor de actualisatie van dit IHP eind 2022.

7.1

Visie onderwerpen

7.1.1 Integrale Kindcentra          

Benoemen gezamenlijke definitie van gemeente en schoolbesturen voor een IKC. Beschrijven rolopvatting van de gemeente bij een IKC. Beschrijven rolopvatting van een schoolbestuur bij een IKC. Beschrijven rolopvatting van kinderopvangorganisaties bij een IKC. In beeld brengen uitgangssituatie van de kinderopvang in Zwolle: organisaties, aanbod, vraag, spreiding behoefte, et cetera. Analyse rolopvatting gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties ten opzichte van de behoefte en het huidige aanbod. Resultaat: beleidslijn en Plan van Aanpak voor het IHP. Primaathouder: gemeente Zwolle en schoolbesturen. Planning: gereed november 2021. Consequenties bij het niet halen van de planning: gemeente Zwolle wordt terughouden bij het realiseren van kinderopvang vierkante meters.

7.1.2 Speciaal onderwijs – (speciaal basisonderwijs)            

Benoemen gezamenlijke definitie van gemeente en schoolbesturen voor speciaal onderwijs. Beschrijven rolopvatting van de gemeente bij speciaal onderwijs. Beschrijven rolopvatting en visie van schoolbesturen bij speciaal onderwijs. Positie samenwerkingsverband en betrokkenheid bij IHP. In beeld brengen uitgangssituatie: aanbod, vraag, spreiding behoefte, et cetera. Analyse rolopvatting gemeente en schoolbesturen ten opzichte van de behoefte en het huidige aanbod. Total Cost of Ownership: vaststellen van de bijdragen voor speciaal onderwijs waar mogelijk uitgaande van de methodiek als genoemd onder 6.3.1. en 6.3.2. Resultaat: een heldere rolopvatting van gemeente en schoolbesturen en visie van de schoolbesturen op speciaal onderwijs vertaald naar de randvoorwaarden voor voorzieningen. Primaathouder rolopvatting: gemeente Zwolle en schoolbesturen. Primaathouder visie: schoolbesturen. Planning: gereed november 2021. Consequenties bij het niet halen van de planning: er wordt niet door de gemeente geïnvesteerd in het vernieuwen van onderwijsvoorzieningen ten behoefte van speciaal onderwijs, speciaal basisonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs.

www.icsadviseurs.nl

43/75

Onderwijshuisvesting

7.2    

7.3      

7.4

Lokalen bewegingsonderwijs Analyse klokuurbehoefte bewegingsonderwijs (vraag). Analyse avondbenutting binnensportaccommodaties door sportverenigingen, et cetera (vraag). Analyse beschikbare capaciteit (aanbod – gemeente en overig). Strategische planning: invoegen in dit IHP en uitvoeringsagenda.

Energieneutraal maken bestaande onderwijsvoorzieningen Herdefiniëren convenant energietransitie. Aanscherpen rolopvatting gemeente Zwolle. Aanscherpen rolopvatting schoolbesturen en definiëren duidelijke behoefte. Primaathouder: gemeente Zwolle en schoolbesturen. Planning: gereed november 2021. Consequenties bij het niet halen van de planning: het convenant energietransitie wordt niet uitgevoerd en gemeente Zwolle houdt zich bij haar wettelijke taak (zorgplicht) aangaande het energieneutraal maken van onderwijsvoorzieningen die niet levensduurverlengend gerenoveerd of vervangen worden.

Aanscherpen beoordelingscriteria

In hoofdstuk 3, paragraaf 3.1 en 3.2 is de beoordeling van de kwaliteit en prioritering van onderwijsvoorzieningen opgenomen. De beoordeling is uitgevoerd op basis van de spelregels die zijn opgenomen in hoofdstuk 2, paragraaf 2.3. en afkomstig zijn uit de Notitie Toekomstgerichte Onderwijshuisvesting. In principe is deze prioritering leidend voor de volgorde van uitvoering van nieuwe huisvestingsvraagstukken vanaf 2024. Echter, hoewel de huidige prioritering tot stand is gekomen volgens een eenduidige methodiek, zijn gemeente Zwolle en de schoolbesturen van mening dat de beoordelingscriteria uit paragraaf 2.3 een nadere concretisering en objectivering verdienen. Aanleiding hiervan is dat de criteria, functionaliteit, duurzaamheid en exploitatie, op basis van te ruim te interpreteren uitgangspunten beoordeeld zijn. Het betreft alleen een beoordeling van de huisvestingsmedewerkers van de schoolbesturen. Het voorstel is dan ook dat gemeente Zwolle en de schoolbesturen in 2020-2021 energie steken in het aanscherpen van de beoordelingscriteria. Op basis van de nieuwe beoordelingscriteria worden de onderwijsvoorzieningen opnieuw beoordeeld en geprioriteerd met als doel een definitieve prioritering vast te stellen. Als onderdeel van de nieuwe beoordeling wordt tevens een technisch/functionele schouw uitgevoerd door een onafhankelijk adviesbureau.

Dit is een belangrijk onderdeel om tot een zorgvuldige beoordeling te komen. Vervolgens is het zaak dat de gemeente Zwolle en de schoolbesturen de bijgestelde prioritering met elkaar doornemen en vooraf (voor zover mogelijk) her-prioriteringsvraagstukken benoemen conform de in paragraaf 2.3 opgenomen uitgangspunten. Deze definitieve prioritering is de basis voor het formuleren van nieuwe projecten vanaf 2024 en de financiële uitwerking daarvan.

www.icsadviseurs.nl

44/75

Onderwijshuisvesting

Bijlage 1: Huidige onderwijsvoorzieningen Feitelijk aantal leerlingen en leerlingenontwikkeling De dienst uitvoering onderwijs (DUO) verzamelt ieder jaar van alle scholen het aantal leerlingen. Via een integrale leerlingentelling (ILT) worden alle op 1 oktober registreerde leerlingen op scholen via de ILT-opgave door DUO verzameld. De ILT-opgave van 1 oktober levert de basisgegevens voor de vaststelling van het bedrag voor personele- en materiële bekostiging voor de schoolbesturen. Daarnaast dienen de opgevraagde gegevens als basisgegevens voor onderwijsbeleid en statistiek, de uitvoering van het spreidingsbeleid van onderwijsvoorzieningen binnen gemeenten en de website van DUO. Ook vormt de ILTopgave voor schoolbesturen de basis voor het aanvragen van bekostiging van voorzieningen in de huisvesting bij de gemeente Zwolle. In deze paragraaf is op basis van de ILT-2018 het aantal leerlingen in beeld gebracht. Het betreffen leerlingen waarvoor de gemeente een huisvestingszorgplicht heeft. Voor het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs is tevens gekeken naar de verwachte leerlingenontwikkeling. Hiervoor is een leerlingenprognose opgesteld (zie bijlage X). Een samenvatting van de leerlingenprognose is in deze paragraaf opgenomen. Voor het speciaal basisonderwijs en het (voortgezet) speciaal onderwijs is geen leerlingenprognose op te stellen.

Dit heeft te maken met het feit dat deze onderwijssoorten anders (via het samenwerkingsverband) bekostigd worden en dat het aantal leerlingen in deze onderwijssoorten afhankelijk is van de situatie/ontwikkeling in het (regulier) basis- en voortgezet onderwijs. Gemeente Zwolle voert nauw overleg met de Zwolse schoolbesturen om voor de middellange termijn meer grip te krijgen in de leerlingenontwikkeling in het sbo, so en (v)so.

Aantal leerlingen per 1 oktober 2018 In onderstaande cirkeldiagram is voor alle onderwijssoorten het absoluut aantal leerlingen in kaart gebracht dat op 1 oktober 2018 was ingeschreven bij onderwijsvoorzieningen in Zwolle.

10.453

11.736

1.467

555

www.icsadviseurs.nl

Basisonderwijs

Speciaal basisonderwijs

Voortgezet (speciaal) onderwijs

Voortgezet onderwijs

45/75

Onderwijshuisvesting

Aantal leerlingen per 1 oktober 2018 procentueel In onderstaande cirkeldiagram is per onderwijssoort het aantal leerlingen per onderwijssoort procentueel in kaart gebracht dat op 1 oktober 2018 was ingeschreven bij onderwijsvoorzieningen in Zwolle.

43%

48%

6%

www.icsadviseurs.nl

2%

Basisonderwijs

Speciaal basisonderwijs

Voortgezet (speciaal) onderwijs

Voortgezet onderwijs

46/75

Onderwijshuisvesting

Leerlingen en ruimtebehoefte ontwikkeling 2019-2039 Op basis van de leerlingenprognose is voor het basisonderwijs en voortgezet onderwijs in deze paragraaf in beeld gebracht wat de huidige en verwachte ruimtebehoefte is op korte en lange termijn. Voor het speciaal basis onderwijs en het (voortgezet) speciaal onderwijs is het niet mogelijk een dergelijke doorkijk te geven. Reden hiervan is dat het sbo en (v)so anders georganiseerd zijn. De bekostiging van deze onderwijssoorten loopt via het samenwerkingsverband passend onderwijs 23-0520. Het samenwerkingsverband passend onderwijs heeft als doel om zoveel mogelijk kinderen op een school voor basisonderwijs of school voor voortgezet onderwijs te houden. Als uiteindelijk blijkt dat dit niet gaat in het belang van het kind vindt doorverwijzing plaats naar het sbo of (v)so. In praktijk betekent dit dat niet volgens een eenduidige systematiek, zoals dat wel kan voor het bo en vo, een leerlingenprognose op te stellen is.

Basisonderwijs In deze paragraaf is voor het basisonderwijs een analyse opgenomen van de leerlingenontwikkeling, gekoppeld aan de normatieve ruimtebehoefte. Door de normatieve ruimtebehoefte af te zetten tegen de beschikbare capaciteit is in beeld gebracht wat het saldo (leegstand versus capaciteitstekort) is.

Leerlingenontwikkeling (absoluut aantal) 12.800

12.607

12.600 12.400

12.277

12.200 12.000 11.800

11.736

11.600

11.637 11.510

11.400 11.200 11.000 10.800 2019

2023

2029

2034

2039

Toelichting De leerlingenontwikkeling voor het basisonderwijs laat de komende jaren een lichte daling zien tot 2023. Vanaf dat moment neemt het aantal leerlingen geleidelijk weer toe tot en met 2039. Echter, de verwachte leerlingentoename van 2019 tot en met 2039 is met circa 870 leerlingen niet substantieel te noemen.

20

https://www.2305po.nl/

www.icsadviseurs.nl

47/75

Onderwijshuisvesting

Ruimtebehoefte en leegstandsontwikkeling (m² bruto vloeroppervlakte) 100.000 90.000 80.000 70.000 60.000 50.000 40.000 30.000 20.000 10.000 0 2019

Ruimtebehoefte

2023

2029

Beschikbare capaciteit

2034

2039

Saldo/leegstand

Analyse Het basisonderwijs in Zwolle krijgt vanaf 2019 tot 2023 op macroniveau te maken met een leerlingendaling van circa 2 procentpunt. Vanaf 2023 stijgt naar verwachting het leerlingenaantal tot 2039 met circa 7,5 procentpunt. Voor de Zwolse scholen van basisonderwijs heeft de hiervoor geschetste leerlingenontwikkeling op macroniveau in essentie geen consequenties. Echter, op dit moment heeft het basisonderwijs al te maken met een normatieve leegstand in de schoolgebouwen. Deze bedraagt circa 17.547 vierkante meter bruto vloeroppervlakte. De normatieve leegstand is echter iets anders dan de feitelijke leegstand. Schoolbesturen geven in praktijk op verschillende manieren invulling aan deze leegstand. Zo worden lokalen gebruikt voor andere onderwijsaspecten/projecten of worden ingezet ten behoeve van kinderopvang of andere (maatschappelijke) activiteiten. Uiteindelijk blijft een (groot) deel van de normatieve leegstand in praktijk ook echt leeg staan. Hiermee is de normatieve leegstand voor schoolbesturen in de basis een probleem. Zo ontvangen de schoolbesturen voor deze leegstand geen MI-bekostiging van de rijksoverheid. Met andere woorden: normatieve leegstand kost de schoolbesturen en uiteindelijk ook de gemeente Zwolle geld.

Gemeente Zwolle en de schoolbesturen zijn zich hiervan bewust en streven ernaar om via het IHP de normatieve leegstand terug te dringen en de leegstand beter te benutten.

www.icsadviseurs.nl

48/75

Onderwijshuisvesting

Voortgezet onderwijs In onderstaande grafiek is de leerlingenontwikkeling weergegeven van het voortgezet onderwijs waarvoor de gemeente Zwolle een huisvestingszorgplicht heeft. Ook Landstede groep (hierna Landstede) biedt voortgezet onderwijs aan. Voor deze vo-leerlingen ontvangt Landstede rechtstreeks van de rijksoverheid bekostiging voor huisvesting, ook voor het vervangen dan wel renoveren van schoolgebouwen. De vo-leerlingen van Landstede en het Zone College zijn niet meegenomen in de analyse. Voor deze leerlingen heeft de gemeente geen huisvestingszorgplicht. Daarom wijken deze cijfers af van de leerlingenprognose zoals opgenomen in bijlage 8. Leerlingenontwikkeling (absoluut aantal)

10.600

10.453

10.400

10.329

10.200 10.000

10.082

9.941

9.800 9.663

9.600 9.400 9.200 2019

2024

2029

2034

2039

Ruimtebehoefte en leegstandsontwikkeling (m² bruto vloeroppervlakte) 90.000 80.000 70.000

80.200

80.380

77.818

75.942

5.020

4.840

7.402

9.278

78.742

60.000 50.000 40.000 30.000 20.000 10.000

6.478

0 2019 Ruimtebehoefte

www.icsadviseurs.nl

2024

2029 Beschikbare capaciteit

2034

2039 Saldo/leegstand

49/75

Onderwijshuisvesting

Analyse Het voortgezet onderwijs krijgt vanaf 2019 te maken met een daling van 790 leerlingen in 2035. Dit is een daling van 7,6 procent. De verwachte leerlingendaling vindt ook zijn uitwerking in de ruimtebehoefte ontwikkeling. De normatieve leegstand bedraagt in 2019 circa 5.000 vierkante meter en loopt op naar circa 9.250 vierkante meter. Net zoals voor het basisonderwijs geldt dat gemeente Zwolle in samenwerking met de schoolbesturen voor het voorgezet onderwijs via het IHP wil toewerken naar het reduceren van de normatieve leegstand en het beter benutten van schoolgebouwen.

www.icsadviseurs.nl

50/75

Onderwijshuisvesting

Spreiding onderwijsvoorzieningen De spreiding van de onderwijsvoorzieningen is per onderwijssoort in kaart gebracht. De gebouwen zijn gemarkeerd op basis van het bevoegd gezag.

Voorzieningen voor basisscholen naar bevoegd gezag

Legenda

www.icsadviseurs.nl

51/75

Onderwijshuisvesting

Voorzieningen voor speciaal basisonderwijs naar bevoegd gezag

Legenda

www.icsadviseurs.nl

52/75

Onderwijshuisvesting

Voorzieningen voor (voortgezet) speciaal onderwijs naar bevoegd gezag

Legenda

www.icsadviseurs.nl

53/75

Onderwijshuisvesting

Voorzieningen voor voortgezet onderwijs naar bevoegd gezag

Legenda

www.icsadviseurs.nl

54/75

Onderwijshuisvesting

Leeftijd onderwijsvoorzieningen In deze paragraaf is een analyse van de gebouw specifieke gegevens op hoofdlijnen gemaakt. Het gaat in op de gemiddelde leeftijd per onderwijssoort in 2020, gekoppeld aan het aantal gebouwen en de capaciteit in absoluut aantal m² bruto vloeroppervlakte en het percentage. Tot slot is een analyse gemaakt van de feitelijke leeftijd van de gebouwen per leeftijdscohort.

Absoluut aantal gebouwen naar leeftijdscohort

14

25

18

14 26

60 100

50 59

40 49

30 39

0 29

Analyse Uit de cirkeldiagram wordt duidelijk dat:     

er 97 schoolgebouwen zijn; in 2020 in totaal 54 gebouwen 40 jaar of ouder is; in 2020 in totaal 55% van alle gebouwen 40 jaar of ouder is; in 2029 in totaal 72 van de 97 gebouwen 40 jaar en ouder is; in 2029 in totaal 74% van alle gebouwen 40 jaar of ouder is.

www.icsadviseurs.nl

55/75

Onderwijshuisvesting

Capaciteit m² bvo van gebouwen naar leeftijdscohort

23.595

47.071

31.834 32.310

71.316

> 60

> 50 < 59

> 40 < 49

> 30 < 39

> 0 < 29

Analyse Uit de cirkeldiagram wordt duidelijk dat:     

er in totaal 206.126 m² bruto vloeroppervlakte beschikbaar is; in 2020 in totaal 126.745 m² bvo 40 jaar of ouder is; in 2020 in totaal 61% van alle capaciteit 40 jaar of ouder is; in 2029 in totaal 159.055 m² bvo 40 jaar of ouder is; in 2029 in totaal 77% van alle capaciteit 40 jaar of ouder is.

www.icsadviseurs.nl

56/75

Onderwijshuisvesting

Capaciteit onderwijsvoorzieningen NR

SCHOOL 1 Wilgenburg 2 De Wingerd 3 Geert Grote 4 Het Atelier 5 Kubus

BEVOEGD GEZAG Catent Catent Catent Catent Catent

TYOPE ONDERWIJS Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs

6 Phoenix 7 Vlieger, hoofdvestiging Buckhorstlaan 8 De Vlieger, Papaverweg 9 De Vlieger, Ingelandenhof 10 Boxem (form. disl. van De Vlieger) 11 Smaragd 12 Aquamarijn (dep. Van Smaragd) 13 De Schatgraver 14 Saffier (dep. Van De Sprankel) 15 De Sprankel, Hoofdvestiging 16 Toonladder 17 De Twijn (in voormalig gebouw Veldboeket) 18 Campherbeek 19 Springplank 20 Marshof 21 Marshof Florens Radewijnsschool 22 Oosterenk 23 Parkschool 24 Ridderspoor; is nu Ridder Joris, dep. Vrije Sch) 25 Werkschuit 26 Wieden 27 Markesteen 28 Octopus 29 Montessorischool 30 IJsselhof 31 Krullevaar 32 De Schatkamer 33 Het Festival 34 Hilal 35 Vrije School Michaël 36 Jenapleinschool 37 De Duyvencamp 38 Ichthus (overig gebouw) 39 Ichthus (kleutergebouw) 40 CBS de Zuidster 41 Ark 42 Het Mozaïek 43 Mozadance 44 Carillon Bachlaan 45 Carillon Monteverdi 46 Koningin Emma 47 Morgenster 48 Stroomdal 49 Aquarel 50 Talentum 51 Paperclip (form. disl.van De Zevensprong) 52 Zevensprong, Hoofdlocatie 53 Wendakker, locatie Kopakker 54 Wendakker, locatie Vuurtorenstraat

Catent Catent Catent Catent Catent Florion Florion Florion Florion Florion OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ St. Vrije School OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ Seioo St. Vrije School St. Jenapleinsch. Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente Vivente

Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs Basisonderwijs

www.icsadviseurs.nl

BOUWJAAR LEEFTIJD 1971 1980 1967 1956 2007

49 40 53 64 13

VIERKANTE METER CAPACITEIT m² BVO 1.679 1.266 1.277 1.215 867

1991 2003 1968 2001 2016 1961 2022 1961 2020 2009 1967 2004 1965 1965 1982 1975 1998 1929 1979 1974 1976 2012 1989 2005 1993 1998 2010 2013 2006 1961 1919 1965 1929 1929 1980 1987 1931

29 17 52 19 4 59 -2 59 0 11 53 16 55 55 38 45 22 91 41 46 44 8 31 15 27 22 10 7 14 59 101 55 91 91 40 33 89

1.202 2.141 550 2.060 1.767 1.408 1.052 1.300 1.500 2.025 2.228 1.300 1.098 2.571 2.231 718 1.073 1.298 1.112 2.056 1.473 1.298 3.146 1.734 2.395 2.211 2.851 2.660 1.060 1.432 1.950 1.185 2.442 0 1.154 2.150 2.724

1969 1967 1930 1976 1969 1976 2008 2016 2000 2001 2005

51 53 90 44 51 44 12 4 20 19 15

1.457 1.081 2.109 1.389 1.156 1.217 1.391 2.460 1.600 2.060 2.600

57/75

Onderwijshuisvesting

55 De Sluis 56 De Brug 57 Het Facet 58 Het Speelwerk 59 Eliezerschool

OOZ Vivente Catent Florion St. SO op Ger. Grondsl.

Speciaal Basisonderwijs Speciaal Basisonderwijs Speciaal Basisonderwijs Speciaal Basisonderwijs Speciaal Basisonderwijs

1960 1960 1973 1967 1971

60 60 47 53 49

1.960 2.204 2.891 1.272 2.228

60 Ambelt - Herfte 61 Ambelt - Herfte 62 Ambelt - Herfte 63 Ambelt - Herfte 64 Ambelt - Herfte 65 Ambelt - Herfte 66 Ambelt - Herfte 67 Ambelt - Herfte 68 Ambelt - Herfte 69 Ambelt - Herfte 70 Ambelt - Herfte 71 Ambelt - Oosterenk 72 Ambelt - Hengeveldcollege 73 Enkschool 74 Obadjaschool 75 Obadjaschool 76 De Twijn 77 Twijn - Hengeveldcollege

OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ Kentalis St. SO op Ger. Grondsl. St. SO op Ger. Grondsl. OOZ OOZ

Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Speciaal Onderwijs Voortgezet Speciaal Onderwijs

1989 1971 1974 1999 1976 1989 1968 1999 1974 1932 1989 1989 1989 1960 1954 2010 1980 1989

31 49 46 21 44 31 52 21 46 88 31 31 31 60 66 10 40 31

5.126

78 Carolus Clusius College 79 Carolus Clusius College 80 Carolus Clusius College 81 Carolus Clusius College 82 Meander 83 Talentstad 84 Praktijkschool (BOOG PRO) 85 Thorbecke SG (A) 86 Thorbecke SG (B) 87 Thorbecke SG (B) 88 Thorbecke SG (VMBO) 89 Thorbecke SG (PRO) 90 Van der Capellen SG 91 Van der Capellen SG (medegebr.) 92 Gymnasium Celeanum 93 Gymnasium Celeanum (dep.)

Landstede Landstede Landstede Landstede Landstede Landstede OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ OOZ

Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs

1925 1961 1985 2018 1978 1972 1950 1980 1996 1996 1986 1986 2020 1967 1976 1933

95 59 35 2 42 48 70 40 24 24 34 34 0 53 44 87

4.335 2.439 4.343 1.700 6.660 8.693 1.523 6.984 3.877 875 9.487 690 6.234 1.239 3.931 1.640

94 Greijdanus College (C 1983 en 2004) 95 Greijdanus College (E 1983) 96 Greijdanus College (F-H 1995) 97 Greijdanus College (G1-G5 1983)

Greijdanus Greijdanus Greijdanus Greijdanus

Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs

1983 1983 1995 1983

37 37 25 37

20.570

Basisonderwijs Speciaal basionderwijs Speciaal (voortgezet) onderwijs Voortgezet onderwijs

3.206 3.239 3.324 1.263 320 3.576 2.918

87.379 10.555 22.972 85.220 206.126

www.icsadviseurs.nl

58/75

Onderwijshuisvesting

Bijlage 2: Theoretische levensduur vastgoed Gemeente Zwolle schrijft investeringen in onderwijsgebouwen, uitgaande van nieuwbouw, af over een periode van 40 jaar. Deze periode wordt gehanteerd omdat het onderwijsgebouw vanuit technisch oogpunt is afgeschreven na 40 jaar. In praktijk wordt duidelijk dat deze afschrijvingstermijn en de daadwerkelijke leeftijd van gebouwen niet parallel lopen. In essentie is dat ook niet zo vreemd want schoolgebouwen die voor 1970 zijn gerealiseerd, beschikken over het algemeen over een goede bouwkundige kwaliteit. Dat blijkt ook wel, want in Zwolle zijn veel gebouwen die voor 1970 zijn gerealiseerd nog volop in gebruik en relatief weinig gerenoveerd. Echter, de bouwkundige staat heeft geen oneindig leven en na 60 jaar geldt dat ook deze gebouwen toe zijn aan een vernieuwingsimpuls. Voor veel gebouwen uit de jaren ’70 en ’80 geldt dat deze in zekere zin, vanuit bouwkundig oogpunt, van mindere kwaliteit zijn. Deze gebouwen vragen over het algemeen al na 40 jaar om een vernieuwingsimpuls. Aangevuld op de bouwkundige kwaliteit/staat van een gebouw is te zeggen dat de functionaliteit van een gebouw ook een afschrijvingsperiode kent met een sterker verval dan de bouwkundige staat.

Door een wijzigende maatschappelijke behoefte, of onderwijskundig concept en of de daarvoor benodigde faciliteiten zoals digi-borden, maar ook andere soorten ruimten (lokalen) in een schoolgebouw, zijn onderwijsgebouwen vanuit functioneel oogpunt eerder afgeschreven dan vanuit bouwkundig oogpunt. In onderstaande grafieken is voor zowel de bouwkundige-/technische staat, als voor de functionele staat het verloop van afschrijving uitgewerkt.

Verloop afschrijving bouwkundige staat 100%

100% 83%

80%

67%

60%

50% 33%

40%

17%

20%

1%

0% 0

www.icsadviseurs.nl

10

20

30

40

50

60

70

59/75

Onderwijshuisvesting

Verloop afschrijving functionele staat 100%

100% 80%

80%

60%

60%

40%

40%

20%

20%

0%

0% 0

www.icsadviseurs.nl

10

20

30

40

50

60

70

60/75

Onderwijshuisvesting

Bijlage 3: Zorgplicht gemeente Zorgplicht

De gemeente Zwolle heeft een permanente opdracht om te voorzien in adequate huisvesting voor onderwijs en bewegingsonderwijs zodat het onderwijs te allen tijde doorgang kan vinden. Deze wettelijke zorgplicht heeft de gemeente Zwolle sinds 1997 van de rijksoverheid overgedragen gekregen en staat beschreven in de Wet op het Primair onderwijs (WPO), de wet op de Expertisecentra (WEC)en de wet op het Voortgezet onderwijs(WVO). Op basis van deze wetgeving heeft de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) een modelverordening voorzieningen huisvesting onderwijs opgesteld. Deze verordening bevat een beoordelingskader voor bekostigingsvraagstukken waarvoor de gemeente een zorgplicht heeft. Gemeente Zwolle heeft deze modelverordening als uitgangspunt genomen 21 en vertaald naar een Zwolse verordening. Naast inhoudelijke toetsingskaders biedt de verordening ook procesmatige kaders. In de verordening staat onder andere het volgende beschreven:  hoe een schoolbestuur een aanvraag voor bekostiging van een tijdelijke dan wel permanente voorziening kan indienen;  aan welke eisen een aanvraag moet voldoen;  hoe de gemeente Zwolle deze aanvraag in behandeling moet nemen;  hoe het besluitvormingstraject moet worden doorlopen voor het al dan niet beschikbaar stellen van de bekostiging.

Een schoolbestuur kan voor de huisvesting onder andere bekostiging bij de gemeente Zwolle aanvragen voor de volgende typen voorzieningen: a. b. c. d.

Voor blijvend of voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen. Herstel van constructiefouten. Herstel van vervanging in verband met schade aan een gebouw, onderwijsleerpakket of meubilair in geval van bijzondere omstandigheden. Huur van een sportterrein, dat niet in het bezit is van een bevoegd gezag, voor een school voor voortgezet onderwijs voor het onderwijs in lichamelijke oefening.

Schoolbesturen kunnen volgens de uitgangspunten van de Zwolse verordening, via het jaarlijkse Programma onderwijsvoorzieningen, een aanvraag indienen voor bekostiging van onder andere uitbreidingsvraagstukken, (vervangende) nieuwbouw, levensduurverlengende renovatie, onderwijs leerpakket, meubilair, et cetera. De benodigde dekking voor het Programma onderwijsvoorzieningen wordt jaarlijks geregeld via de Perspectiefnota (PPN). Echter, in de Zwolse situatie vragen de schoolbesturen voor (vervangende) nieuwbouw of levensduurverlengende renovatie geen bekostiging aan via het Programma onderwijsvoorzieningen. Aanleiding hiervan is dat deze vraagstukken zijn omschreven in het voormalig Masterplan onderwijshuisvesting en de notitie Toekomstgerichte Onderwijsvoorzieningen Zwolle. Hieraan hebben de schoolbesturen zich via het OOGO gecommitteerd waardoor voor deze vraagstukken draagvlak is onder de schoolbesturen. De gemeente Zwolle regelt dekking voor deze vraagstukken via de perspectiefnota. Uiteindelijk wordt in een later stadium via een separaat voorstel aan de gemeenteraad een investeringskrediet aangevraagd.

Jaarlijkse cyclus ‘Programma voorzieningen Onderwijshuisvesting’

Gemeente Zwolle heeft de wettelijke taak om een jaarlijkse cyclus “Programma voorzieningen Onderwijshuisvesting” te organiseren. Via deze cyclus kunnen schoolbesturen bekostiging aanvragen ten behoeve van een tijdelijke of permanente voorziening. In de huisvestingsverordening van de gemeente Zwolle staan de type voorzieningen en de voorwaarden waaraan de aanvraag moet voldoen nader beschreven. De huisvestingsverordening vormt het toetsingskader voor het beoordelen van de ingediende aanvragen. Wanneer een aanvraag voldoet, wordt deze op het programma geplaatst. Voldoet een 21 Gemeenten zijn vrij om af te wijken van de modelverordening. Veel gemeenten doen dat om de couleur locale aan te

brengen. In praktijk betekent dit dat gemeenten de modelverordening van VNG op onderdeel aanpassen. Ook gemeente Zwolle heeft dat gedaan. De verordening van de gemeente Zwolle heet: Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Zwolle 2016.

www.icsadviseurs.nl

61/75

Onderwijshuisvesting

aanvraag niet, dan wordt deze op het overzicht geplaatst. Ten aanzien van beiden organiseert de gemeente Zwolle een “op overeenstemming gericht overleg” (OOGO). Tijdens dit overleg worden met alle schoolbesturen de aanvragen besproken die op het Programma of het overzicht worden geplaatst. Na besluitvorming in het OOGO vindt besluitvorming door het college en de gemeenteraad plaats. De essentie van de huisvestingsprogramma cyclus is tweeledig. Ten eerste zorgt het ervoor dat de gemeente handelt volgens de wet en algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Ten tweede biedt het programma de gemeente de mogelijkheid om de financiële consequenties van de bekostiging van voorzieningen tijdig te verwerken in haar begroting. De financiële middelen worden beschikbaar gesteld in januari van het kalenderjaar dat volgt op het kalenderjaar waarin een aanvraag is ingediend.

Procedure beschikbaar stellen bekostiging Gemeente Zwolle stelt bekostiging voor onderwijshuisvesting beschikbaar via de jaarlijkse cyclus van het Programma onderwijshuisvesting. Dit programma is gebaseerd op de aanvragen die schoolbesturen indienen. Het betreffen aanvragen die divers van aard zijn en financieel niet substantieel zijn. In het kader van het uitvoeren van het IHP is gemeente Zwolle voornemens om de jaarlijkse actualisatie van het IHP, procesmatig mee te laten lopen met de jaarlijkse cyclus van het Programma onderwijshuisvesting. De financiële actualisatie van het IHP heeft als doel om tijdig financiële ruimte in de gemeente begroting te realiseren voor omvangrijke investeringsvraagstukken. De actualisatie wordt jaarlijks via de perspectief nota (PPN) in de begroting verwerkt. In feite anticipeert de gemeente via de PPN op toekomstige investeringsvraagstukken. De gemeenteraad moet het daadwerkelijk benodigde investeringskrediet ten behoeve van een project altijd via separate besluitvorming beschikbaar stellen. Voor deze besluitvorming is gemeente Zwolle bereid af te wijken van de procedure die gekoppeld is aan het Programma onderwijshuisvesting.

Zo is er reeds draagvlak onder de schoolbesturen voor het betreffende huisvestingsvraagstuk omdat deze via de financiële actualisatie van het IHP (meerdere keren en in een eerder stadium) in het OOGO aan de orde is gekomenen en de schoolbesturen hiermee hebben ingestemd.

(Verplicht) opstellen, actualiseren en uitvoeren IHP Bij de sectorraden van het primair- en voortgezet onderwijs en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten leeft al langer de wens om gemeenten en schoolbesturen meer in staat te stellen om hun gezamenlijke verantwoordelijkheid voor (de kwaliteit van) onderwijshuisvesting waar te maken. Om dit tot uitdrukking te brengen hebben de drie partijen een gezamenlijk voorstel opgesteld: ‘Huisvestingsvoorstel VNG, PO-raad, VOraad’ d.d. 14 december 201622. Het voorstel beschrijft een aantal maatregelen die de beoogde gezamenlijke verantwoordelijkheid moet borgen en die meer evenwicht brengt in de relatie tussen gemeenten en schoolbesturen. Binnen het huidige stelsel zijn de beschikbare middelen – mede door de uitname in 2015 uit het gemeentefonds – ruim onvoldoende en biedt de bestaande regelgeving onvoldoende houvast om efficiënt met middelen om te gaan. Samengevat geeft het voorstel het volgende weer: 

  

Gemeenten en schoolbesturen stellen gezamenlijk een meerjarig IHP op, waarover Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) gevoerd wordt en dat in de plaats treedt van de bestaande jaarcyclus. Daarmee krijgt het IHP een wettelijke status. Renovatie wordt als voorziening in de wet opgenomen. Schoolbesturen stellen verplicht een meerjaren onderhoudsplan (MJOP) op waarin onderhoudswerkzaamheden en te besteden middelen zijn aangegeven. Het investeringsverbod als beschreven in de Wet op het Primair Onderwijs (WPO) wordt aangepast en versoepeld.

Ten tijde van het opstellen van dit document is het concretiseringsvoorstel van de PO-raad, VO-raad en de VNG nog niet verwerkt in de wet (WPO, WEC en WVO). Desondanks sorteert de gemeente Zwolle al wel voor op de beoogde wetswijzigingen door in samenwerking met schoolbesturen een IHP op te stellen met een planhorizon van minimaal 15 jaar en deze eens per twee jaar te actualiseren. Ook ziet de gemeente Zwolle

22 Bron: Concretisering huisvestingsvoorstel PO-raad, VO-raad en VNG.

www.icsadviseurs.nl

62/75

Onderwijshuisvesting

een rol voor zichzelf weggelegd als het gaat om het bekostigen van de levensduurverlengende renovatievraagstukken. Uitvoeren IHP In de uitvoering van het IHP vervult de gemeente een regisserende rol. Hierover is in paragraaf ‘2.2.3 samen geven we uitvoering aan toekomstbestendige onderwijsvoorzieningen’ beschreven wat de gemeente onder deze rol verstaat.

www.icsadviseurs.nl

63/75

Onderwijshuisvesting

Bijlage 4: Rolopvatting en verantwoordelijkheden Gemeente Zwolle heeft een zorgplicht in het onderwijshuisvestingsproces. Deze is omschreven in de huisvestingsverordening. Op basis van deze zorgplicht heeft gemeente Zwolle een wettelijke taak om bekostiging beschikbaar te stellen voor onderwijshuisvesting (een tijdelijke of permanente voorziening). De gemeente is daarmee automatisch ook verantwoordelijk voor het proces dat via de gemeenteraad doorlopen wordt. Tegelijkertijd heeft de gemeente een ambitie welke effect heeft op haar rolneming bij de totstandkoming en uitvoering van onderwijshuisvestingsvraagstukken. In deze bijlage wordt duiding gegeven aan de gemeentelijke rolopvatting toegespitst op haar wettelijke zorgplicht en haar ambitie.

Rol op basis van de wettelijke zorgplicht In het kader van de wettelijke zorgplicht geeft de gemeente jaarlijks uitvoering aan het huisvestingsprogramma cyclus ‘programma en overzicht’. Daarop aangevuld heeft de gemeente een wettelijke rol bij de positionering van het eigendom, het geven van invulling aan het bouwheerschap in overleg met de schoolbesturen, het terugnemen van gebouwen van schoolbesturen als deze niet meer voor onderwijs nodig zijn en het besluitvormingstraject voor het beschikbaar stellen van bekostiging.

Cyclus Programma voorzieningen onderwijshuisvesting Op basis van haar wettelijke zorgplicht geeft gemeente Zwolle jaarlijks invulling aan het Programma voorzieningen onderwijshuisvesting. Een schoolbestuur kan bij het college een aanvraag indienen voor een opname van een voorziening op het programma. Het college ontvangt deze aanvraag uiterlijk vóór 1 april van het jaar waarin het programma wordt vastgesteld. Voordat besluitvorming over het programma en overzicht wordt vastgesteld, wordt een zienswijze gevraagd via het OOGO. De aanvragen waarmee het college en de raad instemmen worden opgenomen op het programma. De aanvragen die worden afgewezen komen op het overzicht te staan. Het programma en overzicht geven inzicht over de aanvragen waarmee de raad instemt en aanvragen die de gemeenteraad afkeurt. Binnen vier weken nadat het programma is vastgesteld gaan gemeente en schoolbestuur in overleg over de aanvraag. In dit overleg wordt alle informatie verstrekt die nodig is voor het uitvoeren van de voorziening en worden afspraken gemaakt over: a. Bouwheerschap; b. Het tijdstip waarop het bouwplan en de begroting door het schoolbestuur worden ingediend; c. De wijze waarop het college het bouwplan en de begroting toetst; d. De controle op en het afleggen van verantwoording over het besteden van de beschikbare middelen; e. De wijze waarop de aanbesteding plaatsvindt.

Procedure beschikbaar stellen bekostiging Gemeente Zwolle stelt bekostiging voor onderwijshuisvesting in principe beschikbaar via het jaarlijkse cyclus programma en overzicht. Alleen voor huisvestingsvraagstukken, voortvloeiend uit het IHP, is gemeente Zwolle bereid af te wijken van het jaarlijkse cyclus programma en overzicht. De gemeente is daartoe bereid om de volgende redenen: 1. Er is draagvlak onder de schoolbesturen voor het betreffende huisvestingsvraagstuk omdat hierover in het OOGO besluitvorming heeft plaatsgevonden. 2. In de gemeentelijke begroting is dekking gecreëerd doordat de gemeenteraad het Integraal Huisvestingsplan heeft vastgesteld. Hierdoor hoeft de gemeenteraad alleen een ‘inhoudelijke’ beslissing te nemen of zij de middelen wel of niet beschikbaar wil stellen. 3. Voor aanvragen van voorzieningen die niet zijn opgenomen in het IHP hanteert de gemeente het huisvestingsprogramma cyclus programma en overzicht.

www.icsadviseurs.nl

64/75

Onderwijshuisvesting

Positionering eigendom (juridisch) Op basis van wetgeving wordt het gebouw en terrein aan schoolbesturen in eigendom overgedragen, tenzij anders wordt besloten. Indien de beoogde huisvesting niet voldoet aan de eisen van het schoolbestuur voor de eigendomsoverdracht (juridisch eigendom), dan geeft het college deze aan het bevoegd gezag in gebruik. Deze situatie kan zich voordoen als verschillende functies/organisaties onder één dak gehuisvest worden zoals bij multifunctionele accommodaties. Indien de gemeente (een deel van) het gebouw in gebruik geeft aan het bevoegd gezag, blijft de gemeente juridisch eigenaar van het gebouw. In dat geval maakt de gemeente met het bevoegd gezag afspraken over de uitvoering en bekostiging van de vastgoedtaken in een overeenkomst voor onbepaalde tijd. Door zaken voor onbepaalde tijd vast te leggen hebben gemeente en schoolbesturen zekerheid over het gebruik van het schoolgebouw en wie verantwoordelijk is voor de uitvoering en bekostiging van de instandhouding van het schoolgebouw.

Grondslag en definitie bouwheerschap Op basis van de WPO, WEC en WVO is een schoolbestuur als bouwheer verantwoordelijk voor het tot stand brengen van een voorziening met daartoe door gemeente beschikbaar te stellen gelden, tenzij het bevoegd gezag met het college overeenkomt dat de gemeente deze voorziening tot stand brengt. De bouwheer is in de basis verantwoordelijk voor de uitvoering van de vijf vastgoedontwikkelingsfasen. De bouwheer bezit rechtspersoonlijkheid en heeft de bevoegdheid om ‘in naam van het project’ zelfstandig beslissingen te nemen en contracten aan te gaan. De bouwheer is opdrachtgever van het project. Wanneer meerdere partijen betrokken zijn bij een project dient één partij het bouwheerschap in te vullen, al dan niet vanuit een daartoe ingesteld orgaan en mandaat. Een bouwheer moet opereren binnen wettelijke kaders. Zo dient de bouwheer te voldoen aan het bouwbesluit en is zij gehouden aan planologische procedures en procedures voor de omgevings- en gebruiksvergunning.

Einde gebruik onderwijsgebouwen en terreinen Een bevoegd gezag kan om verschillende redenen het college schriftelijke mededelen dat een gebouw of terrein niet meer nodig is voor het huisvesten van een school. Door bijvoorbeeld vervangende nieuwbouw of door het beëindigen van het voortbestaan van een school stopt het onderwijsgebruik in een schoolgebouw. Op dat moment komt het gebouw terug naar de gemeente. Indien hiervan sprake is stelt het college, op basis van de uitgangspunten uit haar huisvestingsverordening, vast of er sprake is van achterstallig onderhoud aan het gebouw of terrein en maakt gemeente Zwolle afspraken met het schoolbestuur over de teruggave van het gebouw. Voor het kunnen beoordelen of er sprake is van achterstallig onderhoud laat de gemeente het gebouw, door een onafhankelijk adviesbureau, onderwerpen aan een conditiemeting conform de richtlijnen uit de NEN 2767. Gemeente Zwolle bekijkt bij een verzoek van een bevoegd gezag voor teruggave van een schoolgebouw aan de gemeente of deze nog benodigd is voor onderwijs. Als dat niet het geval is wordt het schoolgebouw intern bij de gemeente bij een afdeling gepositioneerd.

College en gemeenteraad – besluitvorming

Naast alle bovengenoemde rollen hebben het College van Burgemeester en Wethouders en de gemeenteraad een besluitvormende rol bij:  Het jaarlijkse Programma voorzieningen onderwijshuisvesting.  Het vaststellen van het Integraal Huisvestingsplan.  Het actualiseren van de financiële paragraaf in de begroting via de PPN.  Het vaststellen van kredieten voor projecten.

www.icsadviseurs.nl

65/75

Onderwijshuisvesting

Rol op basis van ambitie Gemeente Zwolle heeft, in aanvulling op haar wettelijke taak, aanvullende ambities. In aanvulling op de huisvestingsverordening wil de gemeente beschikken over een actueel IHP. Hoewel het hebben van een IHP nog niet wettelijk is bepaald, wordt in deze paragraaf ingegaan op de beoogde wettelijke status van het IHP. Ook wordt ingegaan op de relatie tussen de huisvestingsverordening en het IHP en wat het belang en de rol is van de gemeentelijke leerlingenprognose.

Verankering Integraal Huisvestingsplan in de wet (WPO, WEC en WVO) Bij de sectorraden van het primair en voortgezet onderwijs en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten leeft al langer de wens om gemeenten en schoolbesturen meer in staat te stellen om hun gezamenlijke verantwoordelijkheid voor (de kwaliteit van) onderwijshuisvesting waar te maken. Om dit tot uitdrukking te brengen hebben de drie partijen een gezamenlijk voorstel opgesteld: ‘Huisvestingsvoorstel VNG, PO-raad, VOraad’ d.d. 14 december 201623. Het voorstel beschrijft een aantal maatregelen die de beoogde gezamenlijke verantwoordelijkheid moet borgen en die meer evenwicht brengt in de relatie tussen gemeenten en schoolbesturen. Binnen het huidige stelsel zijn de beschikbare middelen – mede door de uitname in 2015 uit het gemeentefonds – ruim onvoldoende, en biedt de bestaande regelgeving onvoldoende houvast om efficiënt met middelen om te gaan. Samengevat geeft het voorstel het volgende weer: 

  

Gemeenten en schoolbesturen stellen gezamenlijk een meerjarig IHP op, waarover Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) gevoerd wordt en dat in de plaats treedt van de bestaande jaarcyclus. Daarmee krijgt het IHP een wettelijke status. Renovatie wordt als voorziening in de wet opgenomen. Schoolbesturen stellen verplicht een Meerjarenonderhoudsplan op waarin onderhoudswerkzaamheden en te besteden middelen zijn aangegeven. Het investeringsverbod als beschreven in de Wet op het Primair Onderwijs (WPO) wordt aangepast en versoepeld.

Ten tijde van het opstellen van dit document is het concretiseringsvoorstel van de PO-raad, VO-raad en de VNG nog niet verwerkt in de wet (WPO, WEC en WVO). Desondanks sorteert de gemeente Zwolle al wel voor op de beoogde wetswijzigingen door in samenwerking met schoolbesturen een IHP op te stellen met een planhorizon van minimaal vijftien jaar en deze eens per twee jaar te actualiseren. Ook ziet de gemeente Zwolle een rol voor zichzelf weggelegd als het gaat om het bekostigen van de levensduurverlengende renovatievraagstukken.

23 Bron: Concretisering huisvestingsvoorstel PO-raad, VO-raad en VNG.

www.icsadviseurs.nl

66/75

Onderwijshuisvesting

Integraal Huisvestingsplan in relatie tot Programma voorzieningen onderwijshuisvesting Gemeente Zwolle hecht waarde aan een zorgvuldig en transparant besluitvormingsproces aangaande het beschikbaar stellen van bekostiging voor onderwijshuisvesting. De procedure van het jaarlijkse Programma onderwijshuisvesting, zoals opgenomen in de huisvestingsverordening van gemeente Zwolle, is volgens de gemeente hiervoor een goed instrument. Ten aanzien van de inhoud van de aanvragen voor het programma streeft gemeente Zwolle met de schoolbesturen een goede basis te leggen via het IHP. Met andere woorden: het IHP en de daarin opgenomen fasering van projecten is leidend voor de inhoud van de aanvragen voor het programma. Voor het beschikbaar stellen van bekostiging wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de procedure van het jaarlijkse Programma onderwijshuisvesting. De financiële paragraaf van het IHP wordt elk jaar geactualiseerd en meegenomen in de perspectiefnota (PPN). De PPN heeft een scoop van vier jaar. Door elk jaar de PPN te benutten voor het IHP is circa vier jaar vooruit inzicht in de financiële consequenties voor de gemeentebegroting. Ook hebben schoolbesturen hierdoor een vooruitblik van vier jaar en kunnen zij hiermee anticiperen op het beheer van hun gebouwen. Het IHP voorziet niet in bekostiging van onverwachtse uitbreidingsvraagstukken of onvoorziene calamiteiten.

Als hiervan sprake is worden de spelregels vanuit de huisvestingsverordening gehanteerd. Zo is via een spoedprocedure snel en adequaat op een calamiteit te reageren als deze voldoet aan de randvoorwaarden uit de verordening.

Leerlingenprognose Gemeente Zwolle vindt het belangrijk dat op macroniveau een goede afstemming is tussen de vraag naar en het aanbod van onderwijshuisvesting. Voor het kunnen bepalen van het toekomstig aantal leerlingen in het basis- en voortgezet onderwijs en de normatieve ruimtebehoefte die daaraan gekoppeld is, stelt de gemeente een leerlingenprognose op in samenwerking met de schoolbesturen. De gemeentelijke leerlingenprognose is leidend bij het vaststellen van de omvang van toekomstige huisvestingsvraagstukken. Voor het speciaal onderwijs (so) is geen leerlingenprognose op te stellen. Reden hiervan is dat so-leerlingen bekostigd worden via het samenwerkingsverband en dat geen sprake is van een stabiele leerlingenontwikkeling. Kortom: voor het so is geen betrouwbare leerlingenprognose te maken.

www.icsadviseurs.nl

67/75

Onderwijshuisvesting

Rol bij uitvoering huisvestingsprojecten In het kader van de rolbepaling bij de uitvoering van huisvestingsprojecten is in deze paragraaf een aantal zaken uitgewerkt waaronder de fasen van vastgoedontwikkeling, positionering eigendom en bouwheerschap en specifieke rollen tijdens het vastgoedontwikkelingsproces.

Fasen vastgoedontwikkeling Elke fase van vastgoedontwikkeling onderscheidt zich door een aantal specifieke elementen dat onderzocht en uitgewerkt wordt. Hierbij vervullen de gemeente en schoolbesturen elk een specifieke rol. In deze paragraaf is voor elke fase van het traditionele vastgoedontwikkelingsproces op hoofdlijnen in beeld gebracht welke elementen binnen de betreffende fase worden uitgewerkt. 1. Initiatieffase (uitwerken conceptprogramma voor gebouw en terrein)  In beeld brengen mogelijke huisvestingsoplossingen (varianten) voor het huisvestingsvraagstuk.  Bepalen of er sprake is van een brede maatschappelijke opgave.  Haalbaarheidsonderzoek: gericht op het vaststellen van de verwachte omvang van de voorziening gekoppeld aan organisaties en activiteiten.  Locatieonderzoek/locatiekeuze: gericht op het vaststellen van een voorkeurslocatie.  Eerste verkenning herontwikkelingsopbrengst.  Eerste financiële uitwerking waaronder globale investeringskostenraming o.b.v. kengetallen.  Inrichten projectorganisatie.  Opstellen planning.  Opstellen communicatieplan: ─ Opstellen projectorganisatie. ─ Communicatie intern gemeente (wethouder – college). ─ Communicatie extern richting inwoners uit de wijk. ─ Communicatie intern stakeholders bijvoorbeeld achterban schoolbesturen. 2.

Definitiefase (uitwerken definitief programma voor gebouw en terrein)  Bepalen positionering eigendom.  Bepalen positionering bouwheerschap.  Opstellen ruimtelijk-functioneel en technisch Programma van Eisen.  Opstellen plan voor (openbaar) terrein.  Verder uitwerken mogelijke herontwikkelingsopbrengsten.  Bepalen beoogd exploitatiemodel (afhankelijk van de opgave).  Bepalen aanbestedingsstrategie.  Aanbesteden en gunnen architect.  Uitwerken eerste aanzet van het bouwplan (projectplan en investeringskostenbegroting).  Bijstellen communicatieplan: ─ Communicatie intern gemeente (wethouder – college). ─ Communicatie extern richting inwoners uit de wijk. ─ Communicatie intern stakeholders bijvoorbeeld achterban schoolbesturen. 3. Ontwerpfase en bouwvoorbereidingsfase (traditioneel)  Schetsontwerp.  Voorlopig ontwerp.  Definitief ontwerp.  Opstellen bestek.  Uitwerken definitief bouwplan (projectplan en investeringskostenbegroting).  Beoordeling en besluitvorming (kwaliteit) bouwplan door college.  Aanbesteden en gunnen aannemer.

www.icsadviseurs.nl

68/75

Onderwijshuisvesting

4. Realisatiefase  Realisatie project conform ontwerp/bestek.  Monitoring project conform bouwprotocol.  Proces-verbaal oplevering.  Communicatie(plan) volledig bij bouwheer. 5. In stand houden (exploiteren en beheren)  Uitvoeren beheer en exploitatie conform beheer- en exploitatiemodel.

Fasen vastgoedontwikkeling en specifieke rol gemeente en schoolbesturen In deze paragraaf is voor enkele elementen uit een betreffende fase van het vastgoedontwikkelingsproces aangegeven welke specifieke rol gemeente Zwolle voor zichzelf ziet weggelegd. 1. Initiatieffase Bepalen brede maatschappelijke opgave In de initiatieffase van het vastgoedontwikkelingsproces ziet de gemeente Zwolle een actieve en regisserende rol voor zichzelf weggelegd. Hierin bekijkt de gemeente de huisvestingsopgave in relatie tot de (strategische) stadsbrede opgave en tot de wijk. Gemeente Zwolle neemt andere ontwikkelingen mee zoals de woningbouwopgave, eventuele vrijkomende locaties die tot een andere invulling kunnen leiden. Kortom, in deze fase bepaalt de gemeente Zwolle de brede maatschappelijke opgave en borgt via interne (inter)sectorale afstemming de gewenste integraliteit. Locatieonderzoek Gemeente Zwolle heeft een duidelijke en tevens zware rol bij het bepalen van de beoogde locatie van de nieuwe school. De zorgplicht voor het beschikbaar stellen van huisvesting geldt ook voor het beschikbaar stellen van grond. In overleg met het schoolbestuur worden de kaders en uitgangspunten geformuleerd voor het locatieonderzoek.

Gemeente Zwolle richt zich hierbij in de basis op de ruimtelijke aspecten zoals inventarisatie mogelijke locaties, verkeerssituatie, spreiding in de wijk/stad, veiligheid met betrekking tot tankstations, et cetera en het onderzoek van mogelijke herontwikkelingsopbrengsten. Het schoolbestuur richt zich hierbij op onderwijskundige zaken zoals het in beeld brengen van de herkomst van leerlingen, situering school op locatie, voedingsgebied van de school, et cetera. Communicatie naar inwoners uit de wijk en ouders van leerlingen In deze fase is nog niet definitief bekend wie invulling geeft aan het bouwheerschap. Daarbij is in het begin van deze fase niet geheel duidelijk hoe de beoogde ontwikkeling zich daadwerkelijk uitkristalliseert. Het effect hiervan is dat vanuit de wijk vragen kunnen komen over welk effect de beoogde ontwikkeling heeft op bijvoorbeeld de omliggende infrastructuur, verkeersbewegingen, sociale veiligheid en openbaar terrein. Dergelijke vragen zijn doorgaans niet te beantwoorden door een schoolbestuur. Om deze reden heeft de gemeente Zwolle, gelet op de casuïstiek en de benodigde kennis en verantwoordelijkheid, een grote rol/verantwoordelijkheid in de communicatie over de beoogde ontwikkeling naar de inwoners uit de wijk. 2.

Definitiefase Positionering eigendom (juridisch) Tijdens de definitiefase wordt invulling gegeven aan de beoogde positionering van het juridisch eigendom van het gebouw. De daadwerkelijke positionering van het juridisch eigendom is afhankelijk van verschillende factoren zoals het aantal partijen dat bij de ontwikkeling betrokken is (juridische entiteiten), de diversiteit aan activiteiten, de opvatting van de partijen over het eigendom, de opvatting van de gemeente over de positionering van het eigendom en de relatie tussen gemeente Zwolle met één of meerdere partijen die beoogd gebruiker worden van het gebouw. Gemeente Zwolle moet altijd in overleg met een schoolbestuur een gezamenlijke afweging maken wie eigenaar wordt van het gebouw.

www.icsadviseurs.nl

69/75

Onderwijshuisvesting

Positionering bouwheerschap Gemeente Zwolle hoeft niet per se invulling te geven aan het bouwheerschap. Schoolbesturen worden op basis van de wet bouwheer, tenzij anders wordt overeenkomen met de gemeente, omdat: 

het gaat om de totstandkoming van een multifunctionele accommodatie, in het kader van de brede maatschappelijke opgave, welke onderdak biedt aan verschillende partijen en waarbij de opgave dermate complex is; er sprake is van een Integraal Kindcentrum waarbij schoolbesturen er gezamenlijk niet uitkomen om invulling te geven aan het bouwheerschap.

Communicatie naar inwoners uit de omgeving/wijk en ouders van leerlingen In deze fase is bekend wie invulling geeft aan het bouwheerschap en wat de beoogde locatie wordt voor de nieuwe school. Echter, in het begin van deze fase is net zoals in de initiatieffase nog niet geheel duidelijk hoe de beoogde ontwikkeling zich daadwerkelijk uitkristalliseert. Het gevolg hiervan is dat vanuit de wijk vragen kunnen komen over welk effect de beoogde ontwikkeling heeft op bijvoorbeeld de verkeersveiligheid, de mate waarin de locatie wordt vol gebouwd of hoe hoog de school wordt en of er een afgesloten speelplein komt of dat deze toegankelijk is voor de kinderen uit de wijk. Dergelijke vragen zijn doorgaans niet alleen te beantwoorden door het schoolbestuur. Om deze reden geeft de gemeente Zwolle in deze fase te allen tijde, gelet op haar verantwoordelijkheid en de benodigde kennis en expertise, gezamenlijke invulling aan de communicatie over de beoogde ontwikkeling naar de inwoners uit de wijk. 3. Ontwerpfase Algemeen Gemeente Zwolle wil een toetsende rol vervullen in de ontwerpfase. Los van de aanbestedingsvorm wil de gemeente ter afronding van het schetsontwerp, het voorlopig ontwerp en het definitief ontwerp het ontwerp controleren op uitgangspunten (kwaliteit) en financiën.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=f6f44241-2db6-4fbd-9eca-363e0b882699