CConstaterende datZutphen
Koppel je AI →
Document · PDF

rapport Fundamenten van woonbeleid

Raadsvergadering 3 juli 2023, gemeente ZutphenBij agendapunt: Rapport Rekenkamercommissie Bouwen en Wonen28.439 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Sociaal woningbouwprogramma opnemen in bestemmingsplan/ omgevingsplan In plaats van een doelgroepenverordening waarin wordt vastgelegd welke doelgroepen voor een bepaald woningbouwsegment in aanmerking komen is gekozen voor het vastleggen in bestemmingsplan. Bovendien is dit instrument niet kosteneffectief vanwege controle en handhaving. Privaatrechtelijke instrumenten inzetten op anterieure overeenkomsten Zelfbewoningsplicht voor nieuwbouw tot NHGgrens Mogelijk een beperkte inzet op een antispeculatiebeding voor nieuwbouw Prestatieafspraken met woningcorporaties Anterieure overeenkomsten vereisen het goede (wederkerige) gesprek met ontwikkelaars en/of initiatiefnemers. Voor zelfbewoningsplicht kunnen ook afspraken in de anterieure overeenkomsten worden opgenomen. Financiële instrumenten

inzet koopconstructies verkennen met regiogemeenten Starterslening beperkt inzetten. De beperkte inzet van startersleningen wordt ingegeven doordat er een fonds nodig is, uitvoeringscapaciteit en het een prijsopdrijvend effect op woningprijzen kan hebben.

49

Samengevat kiest het college meer voor ‘zachte’ dan voor ‘harde sturingsinstrumenten. Het college kiest ervoor geen huisvestingsverordening in te zetten voor woningsplitsing, verkamering en onttrekking omdat “uniformeren vanwege historisch karakter lastig is. Het alternatief is beleidsnotitie regie woningbouw actualiseren.” 20 Evenzo ook geen huisvestingsverordening voor toewijzen van sociale koop en middenhuur. Voor middenhuur wordt een alternatief gezocht en de doelgroepen sociale koop worden gemonitord.21 Tijdens het Forum werd de kanttekening geplaatst dat ten aanzien van betaalbaar wonen geen percentages werden genoemd. Ook werd erop gewezen dat het moeilijker is om beleidsregels te monitoren dan de uitvoering van een verordening. Ambtelijk is aangegeven dat er ook andere redenen zijn om niet te kiezen voor strikte sturing en handhaving middels een verordening (o.a. kostenefficiëntie en de mate waarin je met verschillende instrumenten je doel kunt bereiken). Dit is integraal afgewogen voor inzet van een instrumentarium als geheel. Evenals hiervoor is dan wel de vraag: wie bepaalt de afweging? In het collegebesluit blijkt de afweging van keuzes al te zijn gemaakt en dat de raad niet uit de instrumenten kan kiezen terwijl bij de instrumenten wel voordelen en nadelen genoemd staan.

De rekenkamercommissie wijst in deze nog eens op het rapport nulmeting raadsvoorstellen dat zij eind 2021 heeft gedaan en waarin werd geconcludeerd dat alternatieven en scenario’s niet in het sjabloon van raadsvoorstellen voorkomen. Tevens kan in aansluiting op het instrumentarium dat in de Forumspecial Wonen van 1901-2023 is gepresenteerd het stappenplan van Aedes wellicht in de voorbereiding op de nieuwe woonvisie worden meegenomen. Aedes, de vereniging van woningcorporaties heeft een gids opgesteld: Hoe bouwen we sociale huur? Een samenvatting is als bijlage B opgenomen bij dit rapport.

6.4 Prestatieafspraken met woningcorporaties In de eerdergenoemde regionale woonagenda van de Clean Tech regio zit een uitvraag richting de woningcorporaties over wat deze kunnen realiseren om de woonvisie uit te voeren. Woningcorporaties hebben hiertoe investeringsruimte gereserveerd voor bijvoorbeeld: Hoeveel woningen worden er verduurzaamd; Gaan de corporaties nog nieuwe woningen bouwen? zo ja, waar en hoeveel; Hoe worden de woonlasten verlaagd; Hoe blijven voldoende huurwoningen voor de doelgroep beschikbaar; Hoe wordt de slaagkans voor jongeren vergroot? 22

20 Sheet 18 bij presentatie Koers en Instrumentarium woningmarkt. Achtergrond bij collegebesluit

20-12-2022, Forumspecial Wonen 23-01-2023. 21 Ibidem. 22 Memo Forum/raad bij prestatieafspraken wonen 2020. 50

Hieronder wordt ingegaan op wat de prestatieafspraken met woningcorporaties concreet inhouden met betrekking tot betaalbaarheid en doorstroming én op de evaluaties van de afspraken. De rekenkamercommissie heeft ervoor gekozen om zowel de gemaakte afspraken als de evaluaties breed samengevat op te nemen in deze nota van bevindingen. De reden hiervoor is dat de inhoud ervan niet of niet geheel met de raadsleden wordt gedeeld zoals in dit hoofdstuk ‘4 wordt toegelicht. Samenvatting en eerste orde bevindingen prestatieafspraken De prestatieafspraken zijn voor wat betreft kwantitatieve gegevens niet als SMART (specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden) te kwalificeren. Bijvoorbeeld ten aanzien van aantallen te verduurzamen woningen staat wel genoemd per corporatie hoeveel woningen op jaarbasis zijn verduurzaamd, maar het blijft onduidelijk welk percentage dit is ten opzichte van het totaal en in welk tempo dit plaatsvindt. Ook ten aanzien van labelen van woningen specifiek voor jongeren kan de rekenkamercommissie niet vaststellen in hoeverre deze aantallen voorzien in de vraag van deze doelgroep. Voor de aspecten realistisch en tijdgebonden is de rekenkamercommissie geen indicatie tegengekomen. De gemeente is partner bij de stuurgroep overleggen en de ambtelijke werkgroep ter voorbereiding, uitvoering en evaluatie van de prestatieafspraken.

Uit de prestatieafspraken en evaluaties is niet op maken welke rol de gemeente in het samenspel inneemt ofwel: wie voert de regie. Gevraagde input van raadsfracties op nieuw te maken prestatieafspraken wordt niet specifiek teruggekoppeld. Bij de evaluaties valt het de rekenkamercommissie op dat niet op alle punten in de prestatieafspraken wordt ingegaan. Hierdoor wordt niet duidelijk of en in hoeverre aan prestatieafspraken is voldaan en of partijen hierop zijn aangesproken. Ten aanzien van de doorstroming stelt de rekenkamercommissie vast dat uit de evaluatie van 2022 blijkt dat de doorstroming, die al jaren als ambitie in de woonvisie staat, nog altijd niet tot stand is gekomen. Hetzelfde kan worden gesteld ten aanzien van jongerenhuisvesting en flexwoningen.

6.4.1 Hoe worden de prestatieafspraken gemonitord De prestatieafspraken worden jaarlijks geëvalueerd. De voorbereiding wordt gedaan door de ambtelijke werkgroep waarna de stuurgroep deze vaststelt. De regie op de uitvoering van de prestatieafspraken ligt bij de beleidsadviseurs Wonen van team RED. Elk voorjaar worden de prestatieafspraken geëvalueerd. De woningcorporaties maken een verslag, vanuit de gemeente wordt hieraan meegeschreven. Bij de jaarlijkse evaluaties in het voorjaar spreken partners elkaar er volgens het college op aan als

51

afspraken niet zijn nagekomen/gehaald. De uitkomst van de evaluatie wordt gebruikt bij het startgesprek om weer nieuwe prestatieafspraken te maken.23

6.4.2 Met welke partijen worden de prestatieafspraken gemaakt? Sinds 2015 werkt de gemeente op basis van de gewijzigde Woningwet samen met de lokaal werkzame woningcorporaties. Sinds 2017 doen de corporaties jaarlijks een bod op het gemeentelijk woonbeleid. In het bod zijn prestatieafspraken vastgelegd waarmee de corporaties toezeggen op welke manier zij bijdragen aan de uitvoering van de woonvisie. Het bod wordt, conform de Rijks procedure, op 1 juli formeel bij de gemeente ingediend. De corporaties hebben hierbij steeds de gemeente gevraagd het bod aan te vullen met gemeentelijke prestaties op het gebied van wonen. Ondanks dat de gemeente hiertoe niet verplicht is, geeft het college aan dit te hebben gedaan vanuit partnerschap en voor de volledigheid.24 De woningcorporaties dienen de prestatieafspraken af te stemmen met huurdersvertegenwoordigers. In het voorjaar wordt voorafgaand aan de gesprekken de raad om input gevraagd. Dit gebeurt schriftelijk via een uitvraag door de griffie. De opbrengsten worden ambtelijk doorgestuurd. Deze input brengt de gemeente in bij de gesprekken. Dit is het zogeheten prestatieafsprakenspel met woningcorporaties en huurdersvertegenwoordigers. De wethouder Wonen benadrukt vervolgens hetzelfde in het bestuurlijk Tripartite overleg: gemeente, woningcorporaties, huurders over het concept bod prestatieafspraken in het najaar.

Ter voorbereiding op dit overleg worden de concept prestatieafspraken vooraf besproken met de wethouder Duurzaamheid vanwege de strategische acties rondom energietransitie en verduurzaming van woningen. In het collegebesluit dat met het Forum wordt gedeeld over de nieuwe prestatieafspraken is geen afzonderlijke informatie toegevoegd waarin wordt ingegaan op hetgeen de fracties hebben aangedragen. De rekenkamercommissie heeft zo niet kunnen nagaan of en hoe deze input is verwerkt. Het college heeft mandaat om onder de woonvisie uitvoering te geven aan de opgave middels het maken van afspraken met de corporaties. Hoewel het formeel niet hoeft, wordt de raad jaarlijks om input gevraagd. Deze input wordt meegewogen in de gesprekken over de nieuwe prestatieafspraken. Van een (verplichte) specifieke terugkoppeling op aangedragen punten is nooit sprake geweest. De raadsfracties kunnen hun suggesties en aandachtpunten alleen in het document prestatieafspraken teruglezen of niet. Hoewel het hier een formeel correcte handelwijze betreft, wordt de raad zo wel via een te korte weg behandeld.

23 Ibidem. 24 O.a. collegebesluit 01-12-2020, 2020_BW_00546, zaaknummer 168925, p. 2.

52

6.4.3 Welke afspraken worden er gemaakt? Het vertrekpunt bij nieuwe afspraken vormen een zo goed en zo concreet mogelijk bod van de woningcorporaties op de opgaven die in woonvisie zijn geformuleerd. Volgens de woonvisie wordt er afgestemd over onder andere: Transformatie en sloop/nieuwbouw van kwalitatief slechte woningen en; Betaalbaarheid en toegankelijkheid van sociale huurvoorraad voor met name jongeren en huishoudens net boven de liberalisatiegrens. Prestatieafspraken 2018 en 2019 De afspraken van 2018 en 2019 zijn om onduidelijke redenen identiek. Ten aanzien van betaalbaarheid en beschikbaarheid heeft de gemeente voor zichzelf als uitgangspunt verwoord dat de kernvoorraad niet verder toeneemt én dat de wachttijden voor woningzoekenden niet onaanvaardbaar oplopen. Bij woonbedrijf Ieder1 is hierover niets te lezen. Bij Ons Huis staat dat het doel bij passend toewijzen is om de slaagkans voor de verschillende inkomensgroepen zo goed mogelijk te houden. Dit is iets anders dan de wachtlijstproblematiek. Voor het adequaat huisvesten van jongeren en koopstarters heeft de gemeente in 2017 startersleningen beschikbaar gesteld, maar geen nieuwe in 2018 en 2019. In 2017 heeft de gemeente een motie aangenomen over jongerenhuisvesting – zie verderop hoofdstuk4.2.3 – en hiervoor ook geld beschikbaar gesteld.

Het college concludeert vervolgens: de gemeente zet dus in op meer huisvesting voor jongeren. Zij denkt concreet mee met diverse initiatieven uit de markt om woonruimte te ontwikkelen. Woonbedrijf Ieder1 heeft het aantal woningen met jongerenlabel verhoogd naar 221 woningen. De rekenkamercommissie kan niet opmaken uit de prestatieafspraken hoeveel het aanvankelijke aantal bedroeg. Tevens is gestart met een Pilot ‘toepassen verhuurlabel jongeren bij aanbieding’. De pilot loopt door tot in 2019. Er wordt geen melding gedaan van evaluatie. 10% van de woningen in Zutphen wordt toegewezen via loting. Hierbij is de inschrijfduur niet relevant en dit wordt als gunstig gezien voor jongeren. Ons Huis geeft aan dat in overleg met de gemeente wordt gekeken hoe jongeren in de nieuwbouw geholpen kunnen worden. Hier wordt opnieuw naar gekeken in de stuurgroep. Ook Ons Huis ervaart de lotingwoningen als gunstig. Tevens doen ze het aanbod om te adviseren aan particulieren die jongerenhuisvesting willen realiseren. Prestatieafspraken 2020 Het kader voor het gemeentelijk woningbouwprogramma is formeel vastgelegd in de regionale woonagenda Cleantech regio 2018. In verband met hiermee maakt de gemeente jaarlijks een planningslijst met woningbouwplannen (huur en koop). De gemeente deelt deze informatie met de woningcorporaties en indien gewenst met de huurdersverenigingen.

Voor de verlaging van de woonlasten worden aan inwoners adviezen gegeven. Dit gebeurt via digitale loketten en energiecoaches die woningeigenaren coachen. Zutphen wil daarnaast zelf een aantal van deze coaches aanvullend opleiden speciaal voor huurders. Er is een plan in voorbereiding waarbij zij gaan samenwerken met schuldhulpmaatjes. Tevens is een plan in voorbereiding voor een lening aan inwoners die hun woning energiezuiniger willen maken. De rekenkamercommissie heeft dit plan niet aangetroffen. 53

In overeenstemming met strategische actie 9 woonlastenaanpak dienen de woonlasten middels verduurzaming te worden verlaagd. Om te voorkomen dat het voordeel van lagere energiekosten (bij een zogeheten energielabelsprong) teniet wordt gedaan door huurverhoging wil de gemeente de vergoedingentabel inzetten. Dit is in het sociaal huurakkoord opgenomen.25 In de tekst van de prestatieafspraken is verder niet te lezen hoe de gemeente wil bereiken dat de in het Sociaal Huurakkoord tussen Aedes en de Woonbond, als vertegenwoordigers van corporaties en huurders, afgesproken vergoedingentabel wordt toegepast.26 De tabel dient als leidraad voor de maximale huurverhoging die wordt toegepast bij een labelverbetering. De tabel wordt conform toegepast. Ieder1 en Ons Huis voeren grootschalig labelverbetering uit. Ons Huis vermeldt expliciet dat verduurzaming vooralsnog zonder extra huurverhoging wordt uitgevoerd. Ieder1 onderzoekt de mogelijkheid om hun kantoor te transformeren naar jongerenhuisvesting. Indien dit doorgaat start de bouw waarschijnlijk in 2021 met de oplevering in 2022. Prestatieafspraken 2021 De gemeente heeft ter voorbereiding op het bod prestatieafspraken 2021 aandacht gevraagd voor: 1. Verduurzaming van woningen; 2. Versterken van sociale netwerken in buurten en wijken; 3. Toezicht en handhaving in de wijken en; 4. Aandacht voor diversiteit in de wijken.

Daarnaast laat het college de raad weten dat in 2020 extra aandacht is besteed aan jongerenhuisvesting en mogelijkheden van woningcorporaties ten behoeve van middeldure huur. Hierbij gaat het om huishoudens die net te veel voor een sociale huurwoning (tot 737 Euro) verdienen, maar te weinig voor een marktsector huurwoning (vanaf 850 Euro). De rekenkamercommissie heeft niet kunnen achterhalen waar deze extra aandacht uit bestond of wat hier precies voor is gedaan. Bij verkoop van sociale huurwoningen van Ieder1 geldt een zelfbewoningsplicht en is een anti-speculatiebeding van toepassing voor een periode van een jaar.

25 In het Sociaal Huurakkoord van 2018 hebben Aedes en de Woonbond – de vertegenwoordigers

van de woningcorporaties en huurders – afgesproken dat het redelijk is dat huurders een bijdrage gaan leveren aan de kosten die het verduurzamen met zich meebrengt. Zij hebben immers het voordeel van een lagere energierekening en vaak een comfortabelere woning, terwijl de corporatie investeert. Deze bijdrage is een vergoeding voor duurzaamheidsinvesteringen. Er is wel afgesproken dat deze vergoeding normaal gesproken niet mag leiden tot hogere woonlasten voor huurders dan vóór het verduurzamen. Om te bepalen wat redelijk is wat de huurder als vergoeding betaalt, is de vergoedingentabel ontwikkeld. Bron: Vergoedingentabel voor faire huurverhogingen bij verduurzamingsmaatregelen. Handreiking versie 2, 8-12-2021. 26 Hierin is in ieder geval vastgelegd dat de gemeente uitgaat van een inflatievolgend huurbeleid en het continueren van maatwerk voor huurders die relatief weinig inkomen hebben ten opzichte van hun huurprijs en uitvoering van het Klimaatakkoord. 54

Voor doorstroming geeft Ons Huis aan senioren in een eengezinswoning aan te bieden door te stromen naar een kleinere woning. Met het woningbouwprogramma is gewerkt aan een beter evenwicht. Het gaat hier om het peil houden van de kernvoorraad. Op basis van het woningmarktonderzoek is de wens om de focus de komende jaren te verschuiven en verscherpte focus op het bieden van voldoende mogelijkheden voor gezinnen en jonge huishoudens om zo de sociale en economische draagkracht van Zutphen te bevorderen. De Gemeente Zutphen gaat met de corporaties het gesprek aan over een toevoeging in de sociale huur de komende jaren om woningen toe te voegen van (lage) middelhuur/vrije sector en de potentie van verkoop van een klein deel hiervan. Voor te slopen woningen geldt herbouwplicht om de kernvoorraad op peil te houden en om te voorzien in meer goedkope koopwoningen om doorstroming te bevorderen. Specifiek met Ieder1 werkt de gemeente aan de realisatie van huurwoningen om de directe druk op het sociale woningmarktsegment te verlichten en hoopt in de eerste helft van 2022 uitsluitsel te geven over een locatie. Om het doel ‘vergroten slaagkans voor jongeren’ vlot te trekken worden de corporaties betrokken bij dit onderwerp. Waar mogelijk worden zij op de hoogte gebracht van nieuwe initiatieven om samen te op te trekken en in deze van betekenis kunnen zijn.

Ten aanzien van de strategische actie actieve aandacht voor huisvesting van ouderen vindt de gemeente dat ouderen bij verhuizing hun huidige huurprijs mogen meenemen. Maar ook communicatie hierover is van belang. Achtergelaten woningen kunnen voorzien in de woningbehoefte van (jonge) gezinnen. Deze prestatieafspraak is conform evaluatie van de prestatieafspraken 2018 opgenomen. In de tekst wordt niet teruggekomen op het onderzoek naar de mogelijkheid van de transformatie van het kantoor van Ieder1 naar jongerenhuisvesting. Ons Huis geeft aan bij het adverteren voor woningen een schatting te geven van de energielasten. Prestatieafspraken 2022 De gemeente zet graag het gesprek voort met de corporaties over de bijdrage die zij kunnen leveren aan de kwalitatieve woningvraag op basis van het onderzoek van bureau Compaan (zie verderop), hun rol bij het bouwen en huurwoningen en hun bijdrage aan veerkrachtige wijken en buurten. Op de agenda staan ook de periode van zelfbewoningplicht en anti-speculatiebeding. De laatste punten zijn reeds van toepassing bij Ieder1. Beide corporaties willen samen met de Gemeente Zutphen kijken hoe vanuit gemengde wijken kan worden bijgedragen aan veerkracht. Ieder1 werkt verder aan een grootschalig project labelverbetering waardoor de woningen die verbeterd worden energielabel A en B krijgen.

De verduurzaming wordt gerealiseerd tegen een huurverhoging, maar niet hoger dan de streefhuurgrens conform de vergoedingentabel.

55

Ons Huis heeft de doelstelling gemiddeld energielabel B gehaald waarbij tot en met label B geen huurverhoging is gevraagd. Voor doorstroming van senioren is een regeling opgezet waarbij senioren de huur die zij vóór verhuizing betalen, mogen meenemen tot een maximale korting van 100 Euro. De regeling wordt omgezet in beleid. De Gemeente Zutphen verscherpt de focus op het bieden van voldoende mogelijkheden voor gezinnen en jonge huishoudens. Het gesprek met de corporaties wordt aangegaan over een toevoeging in het sociale segment om de druk te verminderen.

6.4.4 Houden partijen zich aan de afspraken? De prestatieafspraken worden ambtelijk geëvalueerd. Deze evaluaties vormen werkmateriaal voor de direct betrokkenen. De gemeentelijke beleidsambtenaren hebben daarmee elk jaar de meetlat gelegd en deze gezamenlijk besproken (corporaties/huurdersvertegenwoordigers/gemeente). De rekenkamercommissie is nagegaan in hoeverre bij de evaluatie alle gemaakte prestatieafspraken zijn nagegaan en of partijen zijn aangesproken op het niet nakomen/halen van afspraken. Hieronder wordt alleen ingegaan op niet of gedeeltelijk niet gehaald prestatieafspraken. In de jaarlijkse cyclus van het maken van prestatieafspraken, conform de Woningwet 2015, worden de prestatieafspraken gemaakt/getekend in december voorafgaand aan het jaar waarin ze uitgevoerd worden. Dus op het moment dat in het begin van het jaar wordt geëvalueerd, gaat het altijd over het afgelopen jaar. De uitkomsten van dat jaar worden meegenomen naar het jaar waarvoor nog prestatieafspraken gemaakt moeten worden. Zo zijn de evaluatie afspraken in voorjaar 2019 gehouden en de tips en tops zijn meegenomen voor 2020. Door het ontbreken van gespreksverslagen is het niet mogelijk om aan de hand hiervan na te gaan of en in hoeverre partijen zijn aangesproken op het niet of ten dele realiseren van afspraken.

Evaluatie prestatieafspraken 2018 De gemeente Zutphen had zich voorgenomen te onderzoeken met de corporaties dat de wachtlijsten niet onaanvaardbaar oplopen. Het resultaat hiervan is niet opgenomen en partijen zijn hier dus klaarblijkelijk niet op aangesproken. De kernvoorraad omvat 10.770 woningen (aanbod) tegenover een doelgroep van 10.960 huishoudens (behoefte). Ten aanzien van startersleningen heeft de gemeente de geplande startersleningen uitgegeven en het budget opgemaakt. Vervolgens staat te lezen bij de prestatieafspraken dat de gemeente mogelijk een jaar lang stopt met het beschikbaar stellen van deze leningen om (met de lokale makelaars) te beoordelen of deze vorm van financiële

56

stimulans nog langer nodig is.27 Deze toevoeging is niet opgenomen in het prestatieafsprakendocument zelf. De gemeente zou meedenken met diverse initiatieven uit de markt om woonruimte voor jongeren te ontwikkelen. In de evaluatie staat te lezen dat het de aandacht heeft. De raad heeft hiervoor in 2017 een bedrag van 500.000 Euro beschikbaar gesteld. Pas ná het aantreden van een nieuw college na de verkiezingen van 2018 heeft de toenmalige wethouder in 2019 de subsidieregeling laten vaststellen om dat geld te kunnen verdelen. De rekenkamercommissie heeft over de uitvoering van deze regeling alleen in de jaarstukken informatie aangetroffen in de zin dat er een forse onderbesteding van het budget is – zie verderop in hoofdstuk 4. In de latere evaluaties van de prestatieafspraken wordt hierover niets vermeld. Verder heeft de BOG op het Basseroord 2 pakhuizen aangekocht om hierin studio’s voor jongeren te maken. BOG maakte toen nog geen onderdeel uit van het convenant tussen woningcorporaties en gemeente. De mogelijkheid om in Noorderhaven voor een periode van 10 jaar jongerenwoningen te realiseren, is onderzocht. De business case voor dit tijdelijke project bleek niet haalbaar. De uitbreiding van het aantal jongerenwoningen zou op een andere wijze zijn gerealiseerd.

Uit de documentatie kan niet worden opgemaakt hoe dit dan wel heeft plaatsgevonden anders dan door herlabeling van woningen voor jongeren. Evaluatie prestatieafspraken 2019 Ten aanzien van jongerenhuisvesting staat dezelfde evaluatie te lezen als over 2018. Met de toevoeging dat een particuliere investeerder in het Waterkwartier 78 kamers voor jongeren heeft gerealiseerd. De gemeente heeft evenals aan het project Basseroord hieraan subsidie verleend. Bij navraag bij ambtenaren blijkt het hier om de subsidieregeling te zijn gegaan. Bij de doelstelling betaalbaarheid/beschikbaarheid staat bij voldoende goedkope woningen in de bestaande voorraad voor de primaire doelgroep dat de wachttijden zijn in opgelopen van 8,5 maand voor een sociale huurwoning naar 10,6 maand. Er staat niet te lezen of dit aanvaardbaar is. Wel staat bij de doelstelling passend huisvesten, waaronder stimuleren wooncarrière, te lezen dat de druk op huurmarkt toenam omdat de wachttijd langer is geworden. Evaluatie prestatieafspraken 2020 In december 2020 is het gemeentelijk woningbouwprogramma bijgesteld. In verband hiermee mag Zutphen meer woningen bouwen dan voorheen. Volgens de evaluatie zijn veel zorgwoningen toegevoegd aan het sociale segment en voor 2021 zijn nog eens 400 woningen in aanbouw. ‘Veel’ wordt niet nader aangeduid met een getal.

Verder is niet duidelijk of het hier om zorgwoningen gaat of andere woningen in het sociale segment. Verder is dit geen evaluatiepunt, maar een toekomstige prestatieafspraak. Voor woningcorporatie Ons Huis is vervangende nieuwbouw gerealiseerd in Warnsveld. Volgens de corporatie lijkt de toewijzing wat vreemd omdat het starters- en

27 Evaluatie prestatieafspraken Wonen 2018, versie 23 mei 2019, p.11.

57

seniorenwoningen zouden worden. Citaat uit evaluatiedocument: “het lijkt er nu op dat de woningen voornamelijk zijn verhuurd aan de middengroep. Starters hoeven niet per definitie in de leeftijdscategorie jonger dan 30 jaar te vallen. Daarnaast kan het zijn dat er onvoldoende is gereageerd door jongeren en senioren.” De gemeente heeft gevraagd of het misschien te maken kan hebben gehad met hoe de woningen in Woonkeus zijn gelabeld. Ons Huis zegt toe dit na te kijken. Voor de wijk Waterkwartier is een aanpassing van de sociale woningvoorraad naar de eisen van de tijd gepland. De gemeente denkt mee met de corporaties over herontwikkeling als blijkt dat bepaalde woningtypes niet meer courant zijn of als blijkt dat het verstandig is om te investeren in verduurzaming. Woningcorporatie Ieder1 heeft dit in voorbereiding voor Waterkwartier en De Hoven, al is het de rekenkamercommissie niet duidelijk of dit conform tijdsplanning is. Bij de keuzes omtrent transformatie gaat de gemeente ervan uit dat van sloop alleen sprake kan zijn zodra voor de huidige bewoners een goed alternatief is gevonden. Dit traject is vertraagd. Er bevinden zich relatief veel goedkope woningen. Om de wijk toekomstbestendig te maken en de samenstelling van de woningvoorraad te beïnvloeden, wordt kritisch gekeken naar de samenstelling van de woningvoorraad.

Waterkwartier bestaat uit 7 of 8 buurten waaronder de Zeeheldenbuurt. In 2020 is een project gestart voor woningverbetering en voor een mogelijke transformatie naar een ander segment van een deel van de buurt. Ieder1 heeft hier de regie met betrekking tot de uitvoering, de gemeente, wijkregisseur en de sociaal werkers zijn betrokken bij de visievorming. In het kader van de regionale woonagenda gaat de gemeente samen met de regiogemeenten in 2020 de mogelijke gevolgen van de vergrijzing verkennen en monitoren. De woningcorporaties wordt om medewerking gevraagd om mee te verkennen op welk moment dat in Zutphen gaat spelen en in welke delen van de woningvoorraad het voorkomt. Dit is de afspraak, maar in de evaluatie wordt hier niets over gezegd. Evaluatie prestatieafspraken 2021 De planningslijst ofwel het gemeentelijk woningbouwprogramma 2021 is gedeeld met de woningcorporaties. De huurdersvertegenwoordigers hebben er niet om gevraagd, maar de lijst kan volgens de gemeente alsnog worden toegestuurd. Dit komt overigens niet overeen met eerdere afspraken dat documenten sowieso worden toegestuurd aan huurdersvertegenwoordigers. De gemeente zou graag in 2021 het gesprek aangaan met de corporaties over hun rol bij de bouw van vrije sector huurwoningen. Hierover wordt in de evaluatie opgemerkt: “start intenties n.a.v.

onderzoek naar de lokale woning vraagontwikkeling (onderzoek bureau Companen) na de zomervakantie van 2021 in de Stuurgroep Wonen”. Er is zoals verwacht geen nieuwbouw gerealiseerd in 2021, er wordt wel rekening gehouden met vervangende nieuwbouw als gevolg van herstructurering. Gezien de toenemende druk op de woningmarkt is het onderwerp wel op de agenda gekomen. Op werkgroep niveau zijn voorstellen gedaan aan het bestuur. Dit heeft nog niet geleid tot 58

concrete plannen. In 2022 is duidelijk geworden dat concrete maatregelen nodig zijn om de doorstroming op gang te krijgen. In het Waterkwartier is een groot aantal woningen verbeterd. Evenals eerder bij prestatieafspraken over zorgwoningen is de rekenkamercommissie geen aantallen tegengekomen. De streefhuur (huur bij mutatie) is niet aangepast. Voor wat betreft de huisvesting voor jongeren zijn met een deel van het door de raad ter beschikking gestelde bedrag van 500.000 Euro twee projecten gerealiseerd (zie 2020). Er resteert nog een bedrag van 297.500,-: dat is dus 60%. Er zijn gesprekken gaande over inzet van het resterende subsidiegeld. Gesprekken met particulieren hebben tot niets geleid. Eind 2021 heeft de gemeente aan de corporaties en BOG gevraagd om een potentiële locatie te onderzoeken. Er zijn cijfers en percentages opgenomen inzake verhuur aan jongeren door de corporaties. Uit de cijfers valt niet af te leiden hoeveel van de jonge woningzoekenden aan een woning wordt geholpen. In vergelijking met 2018 telt de kernvoorraad 11.138 woningen (cijfers CBS) tegen toen 10.770 woningen. Dat getal is merkwaardig omdat de kernvoorraad niet zou toenemen volgens afspraak. Het aantal huishoudens staat nog steeds op 10.990 en dan zou de kernvoorraad rekenkundig gezien voldoende groot zijn om de doelgroep te huisvesten.

Het verduurzamen van de gebouwde omgeving en het verlagen van woonlasten is opgenomen als één strategische actie. Bij de grootschalige investeringen van corporaties in het verduurzamen van hun bezit heeft de gemeente de opmerking geplaatst of er aandacht is voor “Social return” bij bouwprojecten bij de corporaties. De rekenkamercommissie plaatst de vraag in hoeverre dit evaluatiepunt bij de prestatieafspraken met woningcorporaties hoort. Ook staan hier afspraken opgenomen over het bevorderen van circulair bouwen waarvoor dezelfde vraag geldt. De verduurzaming hoort te worden gerealiseerd met een huurverhoging conform het sociaal huurakkoord en wordt niet hoger dan de streefhuurgrens. De afspraken zijn toegepast in alle projecten uitgevoerd in 2018 en 2019. Dit is eind 2021 gemonitord. Alle blokken kennen een gasverbruik reductie. De monitoring wordt voortgezet in 2022. Voor senioren is het aanbod in een bepaalde categorie te laag. Hierdoor wordt doorstroming afgeremd vanuit gezinswoningen. De gemeente heeft opgemerkt dat het wellicht goed is om te kijken of er complexen zijn waar specifieke aandacht aan de toewijzing besteed moet worden in het kader van doorstroming en het passend huisvesten van ouderen.

6.4.5 Zijn de afspraken overeenkomstig de gestelde doelen in de visie? De prestatieafspraken zijn expliciet gerelateerd aan de ambities en strategische acties in de woonvisie. Er wordt ook aan gerefereerd. De ambities en acties zijn op zich niet concreet geformuleerd; er staan geen specifieke, meetbare of tijdgebonden doelen vermeld. Zo staat bijvoorbeeld niet aangegeven welk percentage woningen door corporaties verduurzaamd moet worden, waar en in welk tempo. De enige uitzondering vormt de cijfermatige informatie over de toegevoegde woningen. Deze informatie is niet 59

in tabelvorm opgenomen en er is evenmin een meerjarenoverzicht opgenomen waaruit het tempo valt op te maken.

6.4.6 Ervaring van de afspraken door de deelnemende partijen Woningcorporatie Ons Huis en woonbedrijf Ieder1 hebben aangegeven de ambtelijke samenwerking rondom de prestatieafspraken over het algemeen als positief te ervaren. Op bestuurlijk vlak hebben genoemde partijen veel minder samenwerking ervaren met het vorige college van burgemeester en wethouders. Dit kwam met name naar voren in de stuurgroep overleggen. Beide partijen hadden (en hebben) dringend behoefte aan bouwlocaties, zowel voor reguliere woningen als voor flexwoningen en hebben dit aangegeven bij de wethouder. Beide partijen constateerden evenwel dat Zutphen hen hierin niet tegemoet kwam. Het gevoel overheerst dat er allerlei redenen werden aangevoerd om bouwlocaties van de ambtelijke locatiestudie af te halen. Zo is in de afgelopen 8 jaren voor Ieder1 slechts één nieuwbouwproject gerealiseerd en heeft het woonbedrijf niet kunnen investeren in nieuwbouwprojecten. Een voornemen van woonbedrijf Ieder1 om jongerenhuisvesting mogelijk te maken in het voormalig kantoorpand aan de Piet Heinstraat kwam niet van de grond onder het vorige college. Het nieuwe college kwam begin dit jaar met het verzoek of Oekraïense vluchtelingen woonruimte konden krijgen in het pand. Woonbedrijf ieder1 heeft hierop de voorwaarde gesteld dat dit mogelijk was mits daarná er jongerenhuisvesting gerealiseerd zou worden.

Het college is hiermee akkoord gegaan. Inmiddels is de huisvesting voor Oekraïense vluchtelingen al gerealiseerd een paar maanden nadat het college is geïnstalleerd. Voor nieuwbouwprojecten is het volgens de betrokkenen nodig dat Zutphen een actieve grondpolitiek voert. Dit kan bijvoorbeeld door in bestemmingsplannen te acteren, via anterieure overeenkomsten voor een bouwproject én het definiëren van sociale woningbouw. Het gaat bij dit laatste om de hoogte van de huren in relatie tot de kwaliteit van de woning. Er zit een logische samenhang tussen huurprijs en kwaliteit van de woning (huurgrens). Met een goede grondpolitiek kan een woningcorporatie met kans van slagen aan de onderhandelingstafel komen ten opzichte van marktpartijen en projectontwikkelaars. Deze laatste willen namelijk een hoge grondprijs bieden en daarop zijn sociale huurwoningen niet te realiseren. De Gemeente Zutphen heeft ervoor gekozen om niet te sturen op uitbreiding van het vastgoed. Waarmee wordt bedoeld: de markt zijn werk laten doen.28

28 Hierbij moet volgens de Gemeente Zutphen worden meegewogen dat er een aantal jaren beleid

is geweest om géén sociale woningbouw toe te voegen maar juist in midden en hogere segment toe te voegen (in relatie tot 'krachtig Zutphen"). Dat beleid was in de maatschappelijke context tot circa 2020 ook gerechtvaardigd, aangezien de kernvoorraad voldoende groot was om de doelgroep te huisvesten. Ook in die tijd zijn overigens woningen toegevoegd in de sociale en betaalbare sfeer. 60

De woningcorporaties hebben ervoor gekozen om projecten op te starten waarvoor de Gemeente Zutphen als partner niet nodig was. Zo is fors ingezet op het verduurzamen van woningen, met name vooroorlogse woningen. Beide partijen geven ook aan wederkerigheid gemist te hebben in de prestatieafspraken. Medewerking aan het vorm en inhoud geven van veerkracht en diversiteit in wijken wordt gemist. Door in bestaande wijken naar minder sociale woningen te streven en meer in nieuw te bouwen wijken (of in wijken van recenter datum) ontstaat meer diversiteit in woningen en type huurders. Ook leefbaarheid is een thema in de woonvisie. Mogelijke verklaringen waarom het (niet) goed van de grond komt, kunnen zijn: De eerder genoemd veelheid van ambities en doelstellingen waarin leefbaarheid is ondergesneeuwd; Het ontbreken van wijkvisies bij de Gemeente Zutphen waarin alle partijen integraal samenwerken. De huidige portefeuillehouder pleit ervoor om bijvoorbeeld een wijk als Noorderhaven minder eenzijdig te richten op het hoge segment.

61

7. Bestuurlijk proces: raad versus college 7.1 Wat is de rol van de raad? Mandaat uitvoering woonbeleid berust bij college In de raadsvoorstellen behorend bij de vorige én de huidige woonvisie wordt duidelijk hoe de rolverdeling is tussen raad en college. Met het vaststellen van het woonbeleid krijgt het college het mandaat om de woonvisie uit te voeren en hiervoor prestatieafspraken te maken met partners, in het bijzonder met de woningcorporaties. 29 De rekenkamercommissie is nagegaan op welke wijze vervolgens de bestuursorganen zijn geïnformeerd en betrokken bij de voortgang en monitoring van de ambities en doelstellingen uit de woonvisie. Het betreft hier namelijk de controlerende functie van de raad. Samenvatting en eerste orde bevindingen rol raad De raad heeft enkel een formele rol bij de totstandkoming van de woonvisies. Gedurende de looptijd van de woonvisies is de raad niet geïnformeerd over de voortgang van de ambities en strategische acties. Informatievoorziening gaat richting het Forum wordt via ter inzage liggende stukken. Dit zijn de woningbouwplanningslijsten en de Factsheet Bevolking en Wonen. De prestatieafspraken worden vanuit het Forum niet doorgeleid naar de raad. De jaarlijkse evaluaties van de prestatieafspraken zijn ambtelijke stukken en worden in het geheel niet aangeleverd bij een Forum.

Forumleden kunnen uit de inhoud van de prestatieafspraken alleen niet beoordelen of en in hoeverre prestatieafspraken worden gerealiseerd en eventueel bijgesteld. Dit geldt ook voor de Factsheets Bevolking en Wonen. Regionale documenten zoals de regionale woonagenda worden de raad alleen ter vaststelling aangeboden. Op deze manier worden de Fora tamelijk vrijblijvend geïnformeerd over de voortgang van het gevoerde beleid. De Gemeente Zutphen probeert de huidige woonvisies voornamelijk te realiseren door middel van prestatieafspraken met woningcorporaties. De raad heeft wel om aanvullend instrumentarium gevraagd, maar hierbij niet de vraag gesteld of het tot nu ingezette instrumentarium juist en toereikend is en of de voorgestelde instrumenten de beoogde effecten kunnen versnellen. Informatie in de BURAPs maakt geen integraal onderdeel uit van beleidsinformatie Bouwen en Wonen en het is de vraag of het inhoudelijke voortgangs- en afwijkingsinformatie tot zijn recht komt in een document dat in eerste instantie is bedoeld om financiële voortgangsinformatie op te leveren. Ook de programmabegroting en jaarrekening bieden niet zodanige informatie dat het wel of niet realiseren van projecten aan de uitvoering van de woonvisie wordt gekoppeld.

29 Raadsvoorstel ‘vaststellen woonvisie : ‘Zutphen, daar wil ik wonen’, Zutphen 2019-2024, pag.5.

62

7.2 Betrokkenheid van de raad 7.2.1 Hoe wordt de raad betrokken bij het beleid en de uitvoering? Hieronder wordt ingegaan op de informatievoorziening rondom de uitvoering van de woonvisie. Het betreft zowel wel de documentatie als de wijze van aanbieding en/of behandeling. Forumspecial Het halfjaarlijks beleggen van een Forumspecial Wonen is bedoeld om de raad te informeren hoe het ervoor staat. Bij deze Forums worden partners van de Gemeente Zutphen zoals woningcorporaties en makelaars uitgenodigd voor een presentatie. Dit is iets anders dan de raad alomvattend te informeren over de resultaten van de ambities, strategische acties en over hetgeen wel en niet is gerealiseerd uit de woonvisie. Bovendien is het geen oordeelsvormend, regulier Forum. Bij de Forumspecials zijn onderstaande stukken wel aangeboden. Regionale Woonagenda en jaarverslag Woonkeus (regionaal orgaan woonruimteverdeling): ingekomen stukken De regionale woonagenda wordt vastgesteld door de colleges van de deelnemende gemeenten. Het is aan het college hoe zij deze in de eigen gemeente agenderen. In het verleden heeft de griffie geadviseerd deze te agenderen in een Forum, hier is geen gehoor aan gegeven. Ook recent is de woonagenda niet ter bespreking aangeboden, maar als ingekomen stuk aangeboden. Woonkeus zendt een jaarverslag over de woonruimteverdeling naar het college.

Vervolgens wordt het via de lijst van ingekomen stukken aan de raad aangeboden met de toevoeging dat het voor kennisgeving kan worden aangenomen. De lijst van ingekomen stukken kent 3 gradaties van voorgestelde behandeling. Astukken worden voorgesteld voor kennisgeving aan te nemen, B-stukken te beantwoorden conform bijgevoegde ontwerpbrief, C-stukken ter afdoening in handen van ander orgaan te stellen, D-stukken om advies in handen van het college te stellen en Estukken is de rubriek overig. Prestatieafspraken, Factsheets Bevolking en Wonen: ingekomen stukken In de collegebesluiten staat te lezen dat het college instemt met het bod prestatieafspraken en wordt verzocht om de raad hierover te informeren. Vervolgens worden de prestatieafspraken jaarlijks aangeboden via de lijst van ingekomen stukken aan het Technisch Blok (TB). Het TB is een Forumvergadering waar zaken behandeld worden die geen eigen Forum behoeven.30 Volgens de raadsinformatie betreft het veelal onderwerpen niet (zo) politiek of procedureel van aard zijn. Het college informeert over

30 Reglement van Orde raad Zutphen 2019, artikel 2:4.

63

zaken die zij wil delen met de raad, maar er vindt geen discussie plaats over de gedeelde informatie. Eenzelfde gang van zaken geldt ten aanzien van de Factsheets Bevolking en Wonen. Hoewel de stukken in een TB niet inhoudelijk worden besproken, is het conform reglement wel mogelijk dat een deelnemer kan vragen dit te doen in een eigen Forumvergadering. De rekenkamercommissie heeft geen zodanig agendaverzoek van Forumleden of het Presidium kunnen vinden. Planning en Control documenten De rekenkamercommissie is nagegaan in welke andere documenten de raad aanvullend kennis kan nemen van ontwikkelingen op het gebied van Bouwen en Wonen. Het betreft hier stukken uit de Planning en Control cyclus. De zogeheten BURAP: Bureau Rapportage wordt halfjaarlijks aangeleverd bij het Forum na bespreking in de auditcommissie. Dit stuk gaat niet door naar de raad terwijl hier wel financiële consequenties aan vast zitten. Na elke BURAP volgt ook halfjaarlijks een actualisatie van de BURAP voorzien van een memo. Deze wordt op de lijst van ingekomen stukken voor de raad geplaatst. Binnen programma 3 staat voor 2019 bijvoorbeeld vermeld dat een aantal grote bouwwerken op het gebied van volkshuisvesting zijn doorgeschoven naar 2020, onder andere door de stikstofcrisis. Verder dat de betaalbaarheid en beschikbaarheid van woningen voor de midden categorie afneemt.

In 2020 stagneerde ook de voortgang van het bouwen van grondgebonden woningen in Noorderhaven. In 2021 ging de woningbouw weer zeer voortvarend. Zodanig dat de voorbereiding van nieuwe locaties onder regie van de Gemeente Zutphen versneld diende te worden om aan de (toen huidige inzichten van de) woningbouwaanvraag te kunnen voldoen. Dit vroeg extra capaciteit en inzet vanuit de gemeente om de plannen op tijd uit te werken. In 2022 werden ook meer bouwvergunningen aangevraagd. Dit betekende eveneens dat de capaciteit hierop moest worden aangepast om deze te behandelen. Tegelijkertijd kwamen er vanuit de leges dan meer inkomsten binnen. Programmabegrotingen: gebiedsgerichte programma’s Tot 2021 werden in de programmabegroting na de programma’s ook gebiedsgerichte programma’s. Deze bevatten informatie over een groot aantal plekken waar in de gemeente wordt gewerkt ter sociale, fysieke en economische versterking. Vanaf 2022 worden geen gebiedsgerichte programma’s meer opgenomen in de programmabegroting. De reden hiervoor is de rekenkamer niet duidelijk geworden. In de programmabegroting 2018-2021, jaarschijf 2019 valt te lezen over het programma Waterkwartier dat hier in het kader van Krachtig Zutphen eind 2019 een nieuwe programma wordt geformuleerd. In die jaren viel ook woningbouw nog onder de pijlers van Krachtig Zutphen.

Voor Helbergen stond genoemd dat een kwalitatief hoogwaardige villawijk gebouwd “voor een doelgroep die bij onze ambities past”. Door bouwkavels aan particulieren uit te geven trekt en behoudt Zutphen economisch krachtige inwoners.

64

Voor het programma Noorderhaven wordt het woningbouwprogramma met Heijmans vervolgd voor ongeveer 1100 woningen waarbij het streven is naar “duurzame energiezuinige woningen en ruimte voor bijzondere doelgroepen”. De alinea’s over de gebiedsgerichte programma’s worden afgesloten met een beperkt financieel overzicht. Op deze manier kan niet worden afgelezen wat het effect is van de conform bij motie geaccordeerde onttrekking aan de reserves (zie ook hoofdstuk4). Het bedrag is bedoeld om woningnood tegen te gaan. In de begroting is een bedrag van 90.000 Euro hiervoor opgenomen.31 Het voorstel is gedaan bij de Voorjaarsnota 2021 met verzoek om in de jaarschijf 2022 van de meerjarenbegroting 2022-2025 een bedrag vrij te maken. Het verzoek is pas geëffectueerd in de jaarschijf van 2023. De rekenkamercommissie kon met veel moeite bepalen dat van dit bedrag 30.000 Euro in 2023 en 25.000 Euro in 2024 is belegd. Dit totaalbedrag van 55.000 Euro is onderverdeeld naar 10.000 voor een onderzoek naar flexwonen (waaronder ook woonwagenstandplaatsen), 25.000 voor het begeleiden / maken van een nieuwe woonvisie en 20.000 voor het maken van een woon-zorgvisie.32 De raad heeft geen vragen gesteld bij de voorgestelde besteding van de reserve ter voldoening aan de motie.

Programma Duurzame Leefomgeving waaronder Wonen In de hoofdteksten van de programmabegroting staat bij Ruimtelijke Ordening het product Wonen opgenomen . De verwoorde doelen van het product zijn de ambities uit de woonvisie. Onder inzet staan globale inspanningen genoemd zoals: ‘concrete locaties op de kaart zetten waar we groei willen realiseren [om vestiging in Zutphen aan te trekken]”. Tot nu toe is vooral gebouwd in het middeldure en dure segment. Er wordt vanaf 2021 ook ingezet op woningbouw tot de NHG -grens. De keuzes hieromtrent worden met de raad besproken aan de hand van het woningbehoeftenonderzoek. In Leesten wordt bijvoorbeeld gestart met de Bouwvisie voor 200-250 woningen. Het valt de rekenkamercommissie op dat het programma voor wat betreft onderdeel Wonen niet is voorzien van beleidsindicatoren. Jaarrekening en verantwoording In de jaarrekeningen wordt onder het programma Duurzame Leefomgeving een verantwoording gepresenteerd over Wonen. Deze verantwoordingen zijn zeer globaal. Hier wordt aangegeven hoeveel bruto woningen nieuwe woningen zijn gebouwd. Bruto is het aantal toegevoegde woningen minus de gesloopte, maar deze toelichting op de cijfers wordt niet vermeld. Deze specificatie wordt alleen opgenomen in de Factsheets Bevolking en Wonen, maar deze wordt niet met de raad gedeeld.

Verder staat te lezen dat er nieuwe prestatieafspraken met de woningcorporaties worden gemaakt en worden één of enkele kernpunten genoemd. Bijvoorbeeld in de jaarstukken over 2020 staat de woningcorporaties veel geïnvesteerd hebben in de verduurzaming

31 Programmabegroting Zutphen 2023-2026, jaarschijf 2023, pag. 136. 32 Bijlage 12 bij programmabegroting Zutphen 2023-2026, jaarschijf 2023, pag. 4.

65

van hun bestaand vastgoed en dat dit een belangrijk onderdeel is van de prestatieafspraken. In de jaarstukken over 2021 staat te lezen dat met name de verduurzaming van de bestaande voorraad en vernieuwing van verouderd bezit de komende jaren zijn beslag zal hebben. De rekenkamercommissie merkt op dat deze laatste passage niet als een verantwoording over gevoerd beleid is te kwalificeren. De evaluaties van de prestatieafspraken worden noch met het Forum, noch met de raad gedeeld. Voor duidelijkheid over de besteding van het bedrag dat de raad beschikbaar heeft gesteld voor het budget jongerenhuisvesting moet worden gezocht in de begroting op productniveau en veel verderop in de paragraaf structurele onttrekking aan bestemmingsreserves. Van de gereserveerde 500.000 Euro is over 2018 en 2019 een bedrag van 213.000 Euro uitgegeven. Sinds die tijd resteert jaar na jaar het bedrag van 297.000 Euro. Dit betekent dat nagenoeg 60% onuitgegeven blijft. De raad heeft geen vragen gesteld hoe dit komt en hoe dit bedrag beter aangewend kan worden.

7.2.2 In hoeverre heeft de raad invloed op de ambities, doelstellingen en realisatie van beleid? De raad kan woningbouwbeleid bijsturen via verschillende raadsinstrumenten. De belangrijkste zijn het stellen van vragen, het aannemen van moties en het indienen van amendementen. De raad heeft in de afgelopen collegeperiode wel moties en amendementen ingediend (zie verderop). Het raadsinstrument schriftelijke vragen is minder gebruikt tot 2021. Lokale woningbouwplanningslijst De regionale woonagenda wordt vertaald naar de lokale woningbouwplanningslijst. De woonagenda’s Cleantech regio met als bijlage de woningbouwplanningslijsten worden ter instemming voorgelegd aan de raad. De raad heeft hier voor zover de rekenkamercommissie heeft kunnen aantreffen, één keer inhoudelijk over gesproken. Dit is al een flink aantal jaren geleden. Omwille van de volledigheid én vanwege het advies van de griffie is ervoor gekozen dit toch hieronder op te nemen.

Bespreking woningbouwplanningslijst 2016 Bij de bespreking van de woningbouwplanningslijst in 2016 heeft het college ervoor gekozen dit tegen de oproep van de regio Stedendriehoek om dit niet door de raad te laten vaststellen, maar de raad alleen te informeren.33 In het dictum heeft de griffie aangegeven het presidium te hebben geadviseerd het onderwerp te agenderen voor bespreking in een Forumvergadering om zo toelichting te krijgen van het college waarin onder andere wordt ingegaan op de rol en bevoegdheid van de raad in dit proces. D66 heeft om een toelichting gevraagd op het ‘bestuurlijke’ proces van woningtoewijzing door de Regio en welke mogelijkheden er zijn om je als gemeente sterker te maken – dit omdat Zutphen er op achteruit is gegaan in het aantal te bouwen woningen en andere gemeenten niet.

33 Forum 19-12-2016.

66

GroenLinks vindt het onderwerp los van de besluitbevoegdheid belangrijk genoeg om te bespreken en vraagt waar in dit dossier knelpunten zitten die voor de raad van belang zijn. Een aantal fracties is wel opmerkzaam op de rol van de raad en de mogelijkheden tot sturing op doelstellingen – planning van te bouwen woningen. Hoewel de griffie de raad via het dictum de helpende hand biedt in haar rol is de raad niet verder gekomen dan vragen naar concrete doelstellingen en niet naar het gehele proces van het woonbeleid én de rol van de raad in deze. Tijdens de doorlooptijd van deze woonvisie heeft de raad bij de programmabegroting gevraagd op de voortgang van bepaalde doelstellingen, zij het dat niet specifiek is gerefereerd aan de in de woonvisie genoemde doelstellingen. Het betrof dan met name de beschikbaarheid van woningen voor specifieke doelgroepen zoals jongeren. Voor het overige zijn de woningbouwplanningslijsten voor zover aangeleverd bij het Technisch Blok - voor kennisgeving aangenomen. Hieronder de meest recente stand van zaken uit de lijst van 2022:

2020 2021 totaal

bruto woningtoename 397 417 814

sloop/onttrekking 13 40 53

netto woningtoename 384 377 761

Van de regionale woningbouwafspraak voor de gemeente Zutphen is tot 1-1-2022 30% gerealiseerd. Dit betreft dan 761 woningen over 2020-2021 van de totale woningbouwafspraak tot 2030. Het nog te bouwen aantal bedraagt dan 1939 woningen. Om de regionale woningbouwafspraak tot een goed resultaat te brengen is een gemiddelde woningtoevoeging nodig van 242 woningen per jaar. De totale beschikbare woningbouwplancapaciteit per 1-1-2022 bedraagt 1390 woningen (dit is het bruto 1518 minus 128 te slopen woningen). Voor het restant van de regionale woningbouwafspraak zijn nog nieuwe locaties voor circa 550 woningen. 34 Uit deze informatie valt niet af te lezen of en in hoeverre de realisatie op schema ligt met de planning en of eventueel bijsturing nodig is. Raad en prestatieafspraken Uit een Memo aan het Presidium van 24-2-2020 blijkt dat raadsleden nauwer betrokken willen worden bij het maken van prestatieafspraken. Het voorstel is om in een Forumbijeenkomst c.q. werksessie prioriteiten bekend te maken.35 Korte tijd later is vanwege de coronapandemie fysiek vergaderen voorlopig niet meer mogelijk. In het voorstel wordt de volgende suggestie gedaan voor het Forum: Inleiding / toelichting op het proces en wat van de raadsleden gevraagd wordt;

34 Collegebesluit 31-05-2022 met bijlage woningbouwplanningslijst 2022. 35 Memo Presidium 24-02-2020

67

-

-

Raadsleden kunnen per thema (bijv. duurzaamheid/leefbaarheid/betaalbaarheid en beschikbaarheid van huurwoningen) aangeven wat zij belangrijk vinden en waar dus dit jaar afspraken over gemaakt moeten worden Plenaire discussie (raadsleden onderling vooral), met conclusies die de wethouder vervolgens kan meenemen als hij om tafel zit met de corporaties en belangenorganisaties.

De wethouder en het college zouden na het overleg met de corporaties en huurdersorganisaties en bij het aanbieden van de prestatieafspraken onder andere verslag doen van hetgeen met de inbreng van de raad is gedaan. De rekenkamercommissie heeft geen raadsinformatie gevonden waaruit blijkt dat Forumleden of het Presidium hierop terug zijn gekomen nadat fysiek vergaderen weer mogelijk is. In 2021 en 2022 worden raadsleden vanuit de griffie per mail gevraagd om schriftelijk input te leveren voor nieuwe prestatieafspraken. Aan deze oproep wordt minimaal gehoor gegeven, slechts een paar fracties reageren in 2021 en één partij in 2022. Hiervoor in paragraaf 3.4.2 is al geconstateerd dat de vraag om input formeel niet zou hoeven en van een specifieke terugkoppeling op aangedragen punten nooit sprake is geweest. Fracties kunnen zelf teruglezen in de prestatieafspraken wat er is opgenomen ten aanzien van aangedragen suggesties en aandachtspunten. De rekenkamercommissie is niet tegen gekomen dat een fractie hier zelf op terug is gekomen.

7.2.3 Heeft de raad de kaderstellende rol vervuld / kunnen vervullen? De kaderstellende rol van de raad op het vlak van Bouwen en Wonen komt gezien het bovenstaande voor een belangrijk deel naar voren in het debat over de woonvisies. In deze debatten hebben fracties aanvullende wensen geuit ten aanzien van de doelstellingen. Vorige raadsperiode / vorige woonvisie: woningtekort aanpakken, jongerenhuisvesting Gaande de periode van de vorige woonvisie zijn ook al moties ingediend om het woningtekort versneld aan te pakken en op te lossen, om greep te krijgen op de woningmarkt en op de woningnood. Tevens is toen een verzoek gedaan om hiertoe een actueel woningmarktonderzoek uit te voeren en aansluitend het Forum een mogelijke beleidsrichting voor te leggen. Tijdens het debat over de Voorjaarsnota in 2015 is een motie jongerenhuisvesting aangenomen. Vanuit de raad werd toen geconstateerd dat al in 2013 was toegezegd om in het kader van de leegstandsnota hier aandacht aan te besteden en een concreet project op te starten. Dit omdat uit het woningmarktonderzoek 2014 naar voren kwam dat er onvoldoende betaalbare woningen voor jongeren zijn. Het college is toen opgedragen om binnen een jaar een concreet project op te starten en de raad uiterlijk februari 2016 te informeren over de voortgang van het project.

Ondanks deze aangenomen motie werd bij het debat over de voorjaarsnota in 2017 geconstateerd dat nog geen concreet project was opgestart. Uit bijvoorbeeld de opbrengst van de verkoop van het Broederenklooster is daarom een substantieel bedrag gevraagd om in te zetten voor de bouw van betaalbare jongerenwoningen. De financiële consequenties dienden te worden verwerkt in de programmabegroting.

68

De vorige wethouder Bouwen en Wonen constateerde kort na zijn aantreden dat hiervoor nog er nog geen (uitvoerings)regeling was opgesteld. Deze is in 2019 pas opgesteld. Huidige raadsperiode / huidige woonvisie In het raadsdebat over de huidige woonvisie is de vraag gesteld waar de woonvisie over gaat, waar de raad over gaat én: waar het niet over gaat. Bijvoorbeeld ook over of en hoe kan worden afgedwongen dat huurverhoging wordt terug gedraaid? Op deze vraag is na deze ene keer niet verder terug gekomen. Een amendement hierover is verworpen. Een amendement over invoering van woonlastenwaarborg (een verschil tussen de hoogte van de energierekening voor en na renovatie en op basis hiervan eventuele huurverhoging door de corporatie) is wel aangenomen. Een amendement naar onderzoek van de woningvoorraad sociale sector is eveneens verworpen. Bij de vaststelling van de woonvisie zijn 2 amendementen aangenomen: Invoering woonlastenwaarborg; Vernieuwend wonen Na de totstandkoming van de woonvisie in 2019 zijn in de jaren daarna bij de begrotingsdebatten voorstellen aangenomen inzake woonbeleid.

Hier gaat het niet zozeer om woningtekort, maar om de betaalbaarheid van woningen: Versnellen en oplossen woningtekort (2020); Greep op doorstroming woningmarkt (2020); Aanpak gevolgen woningnood (2020); Raadbesluit en alternatief initiatief raadsvoorstel voor meer betaalbare woningen (2021); Amendement voor meer betaalbare woningen en duurzaam bouwen (2021); Amendement op het alternatief initiatief raadsvoorstel voor meer betaalbare woningen- oog voor alle soorten woningen (2021); (amendement op het alternatief raadsvoorstel meer betaalbare woningen - realistische prijzen is verworpen 2021). Enkele sturingsinstrumenten voor de woningmarkt zijn vrij strikte maatregelen waar de raad eind vorig jaar/begin dit jaar ook om heeft gevraagd, zoals een anti-speculatiebeding en zelfbewoningsplicht. Die maatregelen worden integraal mee afgewogen. Ambtelijk wordt momenteel afgewogen of de gewenste effecten worden bereikt en haalbaar zijn en of ook ongewenste effecten optreden. De voorlopige uitkomsten zijn thans bekend. Op 23 januari 2023 zijn de uitkomsten met een Forum besproken (zie hiervoor). Bij ruimtelijke planvorming is ook een rol voor de gemeenteraad opgenomen. Het gaat dan om het stellen van kaders voor functies (of doelen), omvang (of richting), randvoorwaarden voor het beleid en aandachtspunten hierbij.

Dit is in de verkennende fase van gemeente of particuliere grondeigenaar over ontwikkeling van een ruimtelijk plan. Zoals aangegeven in kaders wordt het voorstel uitgewerkt in een Omgevingsplan en –ontwerp.

7.2.4 Heeft de raad de controlerende rol vervuld / kunnen vervullen? De rekenkamercommissie maakt op deze plaats onderscheid tussen het Forum en de raad. 69

Het Forum ontvangt jaarlijks de met partijen gemaakte prestatieafspraken via de lijst van ingekomen stukken. Deze worden niet standaard ter bespreking geagendeerd ter vergadering, dit is aan de agendacommissie voorbehouden. De jaarlijkse evaluaties van de prestatieafspraken worden niet als ingekomen stuk naar de Forumleden gezonden. De raad heeft moties en amendementen aangenomen, waarna vanuit het college vervolgens Memo’s naar de raad zijn gezonden om de raad te informeren over de uitvoering van de moties, bijvoorbeeld de monitoring van de woonlastenwaarborg. De rekenkamercommissie wijst in dit verband op de motie Verbeteren bestuurscultuur en sturingsinformatie uit 2019. Ofschoon hier aandacht wordt gevraagd voor de volgtijdelijkheid, opzet en inhoud van Planning en Control documenten als instrumenten voor de raad om te kunnen sturen, wordt eenzelfde aandacht gevraagd voor monitoring documenten op het beleidsterrein van Bouwen en Wonen om de raad in staat te stellen haar rollen te kunnen vervullen. Ambtelijk is aangegeven dat gestreefd om 2x per jaar een Forum special te organiseren, maar dat dit streven niet geheel gehaald is. De rekenkamercommissie is nagegaan hoe vaak dit de afgelopen raadsperiode daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. jaar 2018 2019 2020 2021 2022 2023

type bijeenkomst geen Forum(special) over woonthema’s geweest geen Forumspecial, wel Forum over woonvisie 2019-2024 1 Forumspecial Wonen 23 januari 1 Forum waarin Factsheet Bevolking en Wonen en bod prestatieafspraken zijn besproken geen Forum(special) over woonthema’s geweest Forumspecial Wonen

Het college heeft een informatieplicht en de raad heeft een informatierecht en kan te allen tijde het college om informatie vragen en zo de voortgang bewaken. Dit geldt ook voor het Presidium waar het gaat om het agenderen van Fora (specials). Het is een samenspel.

70

Bijlagen

71

Bijlage A

Deelvragen 1.1 en 1.2 1A

1B

1C

1D

1E

1F

1.3 1G

1H

1I

Normenkader

Normen

Uitkomsten

Evaluatie Woonvisie

De evaluatie van de Woonvisie van de voorgaande periode is grotendeels betrokken bij de afspraken en doelstellingen van de huidige Woonvisie. De resultaten uit de voorgaande periode zijn grotendeels betrokken bij de afspraken en doelstellingen van de huidige Woonvisie.

De uitkomsten van bestaande analyses naar woningmarkt ontwikkelingen en behoefte zijn voldoende betrokken in deze Woonvisie. Bij de uitvoering van de Woonvisie betrokken partijen zijn bij de evaluatie betrokken. De woningbouwambities uit de Woonvisie van de vorige periode zijn in grote mate gerealiseerd. De doelstellingen uit de Woonvisie van de vorige periode zijn in grote mate gerealiseerd behoudens dat voor doorstroming, betaalbaarheid en jongerenhuisvesting niet voldoende gegevens bekend zijn om dit te bepalen. Totstandkoming huidige Woonvisie Bij de uitvoering van de Woonvisie betrokken partijen zijn betrokken bij de totstandkoming ervan. Andere niet-gemeentelijke actoren zijn voldoende betrokken bij de ontwikkeling van de lokale Woonvisie Bij de totstandkoming is gebruik gemaakt van evaluatiepunten en resultaten van de vorige visie.

Zie 1B eerste zin.

De resultaten zijn betrokken bij de huidige Woonvisie in de zin dat de huidige woonvisie min of meer een voortzetting is van de vorige visie. Dat houdt in dat dezelfde ambities onverminderd om actie vragen en dus om resultaat vragen. Er zijn analyses gedaan door het externe bureau en deze zijn meegenomen in de opzet van de Woonvisie. Het was een ambtelijke evaluatie, niet duidelijk bij wie gegevens zijn opgevraagd. zie 1B: deze zijn in ieder geval maar ten dele gerealiseerd. zie onder 1B.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zutphen&id=2957be4d-d437-4b60-8306-adf2d37f1343