Handelingen Raad 12 en 13 juli 2021
Tekst van het document
21.b - RAPPORTAGE DOOR DE COMMISSIE ONDERZOEK GELOOFSBRIEVEN (Audiopositie 03:31:04)
De VOORZITTER: “Dan komen we bij 21.b “Rapportage door de Commissie Onderzoek Geloofsbrieven’. Die bestond uit mevrouw Van Dijk, de heer Hissink en de heer Jansen. Drie personen. Ik moet er nog bij zeggen dat er ook een integriteitscreening is geweest. Die is ook aan mij overhandigd en waarin staat dat er geen beletselen zijn om tot benoeming over te gaan. Mag ik het woord geven aan de voorzitter, meneer Jansen?” De heer JANSEN: “Voorzitter, dat mag. Dank u wel. Voorzitter, de commissie is bijeengeweest en heeft als zodanig ook een verslag uitgebracht. Ik lees dat ook letterlijk voor, omdat het ook in de notulen van deze raadsvergadering opgenomen kan worden. Ik begin. Rapport, commissie onderzoek geloofsbrieven: “Aan de gemeenteraad van de gemeente Zutphen. De Commissie Onderzoek Geloofsbrieven uit de gemeenteraad van de gemeente Zutphen heeft onderzoek uitgevoerd naar het voldoen aan de vereisten voor het wethouderschap, zoals gesteld in de artikelen 36.a, juncto artikel 10, artikel 36.b, artikel 41.b en artikel 41.c, juncto, artikel 15, leden 1 en 2 van de Gemeentewet betreffende de voorgestelde kandidaat wethouder, mevrouw A.E.L. Boswinkel. Uit onderzoek van de Commissie is gebleken dat de kandidaat aan alle in de Gemeentewet gestelde eisen voldoet.
De kandidaat heeft geen formele, met het wethouderschap, onverenigbare betrekkingen of nevenfuncties bekleed, die een benoeming als wethouder van de gemeente Zutphen in de weg staan, zoals bedoeld in artikel 36.b, 41.b, 41.c, juncto 31.15, artikel 15, leden 1 en 2 van de Gemeentewet.
533
Hierbij constateert de commissie dat de kandidaat tot 1 augustus 2021 werkzaam is bij Aventus, Apeldoorn, maar niet langer operationele taken uitvoert. De commissie acht dit verder geen beletsel om haar als wethouder te kunnen benoemen. Voorzitter, de plaats is Zutphen. Daarmee is het vastgesteld op 9 juli 2021. De Commissie van Onderzoek van de Geloofsbrieven, bestaande uit mevrouw A. van Dijk, de heer H.W. Hissink en mijzelf, de heer A.W. Jansen. Ik zal u het document, dat is ondertekend, overhandigen.
21.c - BENOEMING STEMBUREAU (Audiopositie 03:33:39)
De VOORZITTER: “Dan gaan wij over tot benoeming van leden van het stembureau. Mijn voorstel is om daar dezelfde mensen voor te vragen: mevrouw Van Dijk, meneer Hissink en meneer Jansen. Of jullie zo het stembureau willen bemensen? Dan zijn de stembriefjes uitgedeeld als ik het goed gezien heb. Dan wordt u verzocht om daarop uw stem te geven en ‘m op te vouwen. Dan wordt die zo opgehaald door de bodes en dan kunt u in de trouwzaal gaan tellen, denk ik.
21.d - STEMMEN (MET STEMBRIEFJES) (Audiopositie 03:34:18)
De VOORZITTER: “Ja. De bode mag de briefjes halen. Als de briefjes dan zijn opgehaald, dan schors ik even. Dan kunnen sommige mensen even gaan wandelen.” De stembriefjes worden opgehaald (Audiopositie 03:34:31) De vergadering wordt geschorst (22.56 uur) (Audiopositie 03:35:00) De vergadering wordt hervat (23.05 uur) (Audiopositie 03:42:31) (Audiopositie 03:42:31)
De VOORZITTER: “Mag ik iedereen verzoeken hun plek weer in te nemen? Jij mag bellen, hoor. Ja. Dat is een wel een sollicitatie naar een belangrijk ambt. Wacht even, hoor. Ik zie nog niet iedereen ... Nee. Hier mist nog wat. De SP mist nog wat. Ik mis nog wel veel mensen. Meneer Bloem ook nog. Nou, we blijven dan nog maar heel even wachten dan.” ... “Fijn, iedereen is er weer. Graag uw plek innemen. Dank u wel. Dan ga ik naar de leden van het stembureau. Meneer Jansen, bent u daar ook voorzitter van geworden?” De heer JANSEN: “Voorzitter, ik heb de eer om vanavond dubbel voorzitter te zijn. In ieder geval, ook van het stembureau, zoals u ook heeft vastgesteld als raad. Er zijn 27 geldige stemmen uitgebracht. Er zijn 26 geldige voorstemmen en 1 tegenstem. Ik heb het document opgesteld met mevrouw Van Dijk en de heer Hissink. Ik heb het ook als voorzitter ondertekend. Ik heb de stembriefjes hier bij me. Ik ga het u overhandigen. Dan kunt u, indien u dat wenst, het ook zelf vaststellen, indien dat nodig is. Ik geef u het nu ter hand.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Wat fijn.”
21.e - BENOEMING OPVOLGER VOOR WETHOUDER MATSER GRIFFIENR. 2021-0076 (Audiopositie 03:46:04)
De VOORZITTER: “Dan is nu aan de orde ‘Benoeming opvolger voor Wethouder Matser. Daar is een duidelijke uitslag voor met de grootst mogelijke meerderheid.” Besluit: Aangenomen.
534
21.f - UITSPREKEN AANNEMING VAN DE BENOEMING ALS WETHOUDER (Audiopositie 03:46:17)
De VOORZITTER: “Dan vraag ik aan mevrouw Boswinkel of u de benoeming als de wethouder wilt aannemen. Mevrouw BOSWINKEL: “Dank, voorzitter. Ja. Dat wil ik. Fijn.”
21.g - AFLEGGEN EED OF BELOFTE DOOR DE BENOEMDE WETHOUDER (Audiopositie 03:46:34)
De VOORZITTER: “Eens even kijken hoe we dat nou een beetje … Want blijft u staan? Elegant. Is dit … Ja. Hoe we dat een beetje elegant doen. “Ik verklaar dat ik om tot wethouder benoemd te worden rechtstreeks nog middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of belooft. Ik verklaar en belooft dat ik, om iets in deze functie te doen of te laten, rechtstreeks nog middellijk, enig geschenk of enige belofte, heb aangenomen of zal aannemen. Ik beloof dat ik getrouw zou zijn aan de grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als wethouder naar eer en geweten zal vervullen.”” Mevrouw BOSWINKEL: “Dat verklaar en beloof ik.” De VOORZITTER: “Mooi. Dat mag wel een applausje. Ik wil je heel hartelijk welkom heten in ons midden. Fijn dat je er nu ook echt bent en ik weet dat je staat te popelen om aan de slag te gaan. Je gaat zo in het vak van de wethouders zitten. Dan gaat het feest beginnen. Ik hoop dat je je heel snel thuis zal voelen bij ons. Ik hoop op een mooie tijd samen.” De VOORZITTER: “Dan krijgen we nog even een kort, vrolijk intermezzo van de heer Brunsveld.” De heer BRUNSVELD: “Kijk, dat is wel weer leuk, hoor, om als raadslid hier gewoon weer te staan en eventjes naar de collega’s te kunnen kijken. Dat is buitengewoon prettig. Leuk om dat zo weer te doen. Dan kan ik meteen een beetje oefenen misschien wel voor later.
Ik denk dat ik wethouder Ten Broeke ook even succes moet wensen. Het is nu Mathijs’s Angels, denk ik zo. Als ik dit zo bekijk. Ongeveer zo’n beetje aan het eind van deze avond wil ik heel graag van dit leuke cadeautje afkomen. Dat wil ik graag overhandigen aan Jules Vullings. Hij is een heel seizoen lang toch onze griffier geweest. Onze interim-griffier geweest. Daar zijn wij heel erg blij mee. We hebben al een keer officieel van je afscheid genomen. Dat was een beetje een cadeauloos afscheid. Dat is een beetje spijtig altijd. Dan gaan we vanavond dan goedmaken. Ik zelf ben ook echt blij. Ik spreek namens alle raadsleden. Even met de pet zijn ze langs geweest. Toen hebben we een cadeau uitgezocht. Uiteraard natuurlijk wel passend bij de financiële situatie van Zutphen. Dat zal je begrijpen. Maar goed. Het is niet minder gegund. Het komt wel uit een warm hart, zeg maar. Ik denk ook dat je het blijft herinneren aan Zutphen. Jules, we willen je ontzettend bedanken voor je tijd, energie en je inzet, die je hier hebt gepleegd in Zutphen. Het is zoals een beetje echt de laatste dag, als het goed is. Het is natuurlijk wel een klein wereldje. Dus, ik vermoed zomaar dat we elkaar nog eens een keer ergens tegen gaan komen. Voor nu vast een fijne vakantie en het gaat je heel goed. Dank je wel.”
535
De heer Vullings krijgt een cadeau overhandigd
De heer BRUNSVELD: “Ik zal even de microfoon opzetten. Wij zijn ontzettend blij dat … Mevrouw Van Dijk heeft dit gekocht. Als het goed is, is het een beeldje van Ida Gerhardt. Een soort replica van het standbeeld dat op de IJsselkade staat. Deze is dan nog iets kleiner. Het was al niet zo groot, maar deze is nog echt kleiner. Het andere is een kaartspel. Een kwartetspel. Je kunt dat ook samendoen, je kunt ook patiencen in je eentje als je dat leuk zou vinden. Dat kan eventueel allemaal.” De VOORZITTER: “Dankjewel. Oké. Ik kom met een ordevoorstel. Nu komt het een keer van mij. We hebben twee smaken. We hebben niet zo gek veel stukken meer, maar ze kunnen toch wel wat tijd in beslag nemen. Ik zou het zeker niet willen afraffelen. Wij hebben natuurlijk net een wethouder geïnstalleerd en het zou ook wel fijn zijn om haar welkom te heten met een glas. Mijn voorstel is om dit toch te doen - gezien de tijd ook, het is natuurlijk kwart over elf - en morgen in dit huis gewoon verder te gaan. Ik breng het gewoon in stemming. Een zeer democratisch proces. Ik wil graag, zullen we het zo doen, de handen zien voor wie het eens is met het voorstel om morgen verder te vergaderen. Dan gaan we even handen tellen. Dat gaat per hoofd. De meerderheid steunt dit voorstel om morgen door te gaan. Wethouder De Jonge zal er morgen niet bij kan zijn. Zij heeft dat ruim tevoren aangekondigd.
Zij zal dan worden vervangen. Ja? Prima, dan … O. Meneer Bloem.” De heer BLOEM: “Ja. Dank u, voorzitter. Even een praktische vraag nog. Is het mogelijk om het voortzetten van de vergadering online te doen? Is dat technisch mogelijk? Ik vraag dat even, omdat ik dat van andere mensen heb gehoord. Dat er wel een wens is, maar als het niet kan, dan is dat ook een antwoord.” De VOORZITTER: “Nee. We hebben nu de lijn, dat we gewoon hier vergaderen in dit huis en dat wil ik ook zo houden. We hebben natuurlijk allemaal dit kunnen zien aankomen dat deze vergadering echt te vol zat. Ik heb begrip voor alle gevoelens, maar ik hak de knoop dan nu door.”
22
SLUITING
(Audiopositie 03:53:47)
De VOORZITTER: “Dan sluit ik deze vergadering en dan nodig ik u van harte uit voor een borrel, zodat we met z’n allen kunnen drinken op de komst van de nieuwe wethouder. De vergadering wordt geschorst om 23.15 uur De vergadering wordt hervat op 13 juli om 19.30 uur.
HANDELINGEN 13 JULI 2021 1
HEROPENING (Audiopositie 00:03:48)
De VOORZITTER: “Welkom allemaal bij deel twee van onze raadsvergadering. Afwezig zijn de heer Müller, de heer Brouwer, mevrouw Schriks, de heer Verschure, de heer Peteroff, mevrouw Ackermans en mevrouw Westerik. Twee raadsleden komen later: de heer Manders en mevrouw Van Wamel. Maar, we hebben wel het quorum! Dus dat is mooi.” De heer SIEMES: “De heer Yildirim moet ook nog komen.”
536
De VOORZITTER: “Komt hij nog?” De heer SIEMES: “Ik ga ervanuit van wel. Het was een hectische dag.” De VOORZITTER: “Wij ook. Er is een amendement aangekondigd door het CDA bij ‘Herinrichting Schupstoel’. Doet u dat bij het onderwerp zelf of wilt u dat nu doen?” De heer BRUNSVELD: “Ik wil het amendement nu graag indienen met de titel ‘Wilhelmina Fontein op de Schupstoel’. Dan is nu wel duidelijk waarover het gaat, denk ik. Ik zal het verder toelichten bij het betreffende onderwerp.” De VOORZITTER: “Overigens ben ik vergeten te melden dat wethouder De Jonge niet aanwezig is. Dat wist u allemaal. Dat betekent, dat wij collegiaal waarnemen. Misschien kunt u daarmee een beetje rekening houden. Meneer Yildirim, welkom. Fijn dat u er bent.”
2.a AMENDEMENT: GEBIEDSVISIE SAMEN EMERPARK – TOEGANKELIJKHEID EMERPARK GRIFFIENR. 2021-A0014 (Audiopositie 00:05:24)
De VOORZITTER: “Dan komen we bij agendapunt 2.a ‘Amendement: Gebiedsvisie samen Emerpark – Toegankelijkheid Emerpark’. De heer Logemann gaat nu ergens anders zitten. U vertrekt en komt straks weer terug, omdat u een bestuurslid bent.” De heer LOGEMANN: “U heeft het gisteren al aangekondigd, maar ik denk dat het goed is om voor de Handelingen even te melden, dat ik bij dit agendapunt de vergadering verlaat, omdat ik ook bestuurslid en één van de oprichters van Stichting Emerpark ben. Stichting Emerpark is een belangrijke partnerorganisatie geweest bij de totstandkoming van deze visie en waarschijnlijk ook bij de uitvoering. Ik vind dat dát gewoon niet past. Dus, ik heb met mezelf afgesproken, dat ik afwezig zal zijn bij onderwerpen die het Emerpark en De Kaardebol betreffen. Dat is mijn toelichting. Dan verlaat ik nu even de zaal.” De VOORZITTER: “Dat is fijn. Dank u wel. Dan zien wij u zo weer terug.”
2.b GEBIEDSVISIE SAMEN EMERPARK, DE GROENE HUISKAMER VAN ZUTPHEN GRIFFIENR. 2021-0066 (Audiopositie 00:06:26)
De VOORZITTER: “Dan gaan wij beginnen met het agendapunt betreffende het Emerpark. Wie mag ik het woord geven? Ik zie D66, VVD, Stadspartij, GroenLinks, ChristenUnie, Burgerbelang en BewustZW. Het woord is aan D66.” Eerste termijn Mevrouw TEN HOLDER: “Dank u wel, voorzitter. Ik zal de heer Brouwer als woordvoerder waarnemen. D66 kan op voorhand zeggen, dat wij blij zijn met de visie. Deze visie was ook nodig en geeft ons een mooi startpunt, vanuit waar je het gebied verder kan ontwikkelen: mooier en fijner maken om te verblijven, maar ook toegankelijk maken. Hiermee belanden we meteen bij het amendement. Onlangs is een motie aangenomen: ‘De Zutphense VN-ambassadeurs actief inzetten voor een inclusieve Zutphense samenleving’. Toen speelde meteen bij D66 de gedachte:
537
laten we dat met elkaar verbinden. Want, in de visie wordt een aantal keer verwezen naar toegankelijkheid. Dus, om de wens uit de motie in de visie te zetten. Het komt er simpelweg op neer, dat we de VN-ambassadeurs willen raadplegen bij het verder uitwerken van de plannen met betrekking tot Emerpark. Dit nemen we op in de visie. Je geeft de aangenomen motie hiermee handen en voeten. Ik heb nog twee aanvullende opmerkingen, voorzitter. Wij begrijpen uit de woorden van wethouder De Jonge in het Forum, dat in de aanloop naar de visie nog geen soortgelijk advies was gevraagd. In dat opzicht lijkt dit een zinnige aanvulling. Dus, er is geen sprake van dubbel werk of iets dergelijks. Er is contact geweest met in ieder geval twee van de drie ambassadeurs. Zij waren positief over de aanvullingen. Bij dezen hopen wij dat het amendement op steun kan rekenen. Dank u wel. Mevrouw VAN DIJK: “Dank u, voorzitter. De VVD is positief over het onderwerp, over Emerpark Gebiedsvisie, ‘Samen Emerpark, de groene huiskamer van Zutphen’. ‘De groene huiskamer van Zutphen’ vinden we wat minder geslaagd. Maar, ik heb nog een opmerking over het amendement. Terecht zegt mevrouw Ten Holder dat er een motie is aangenomen om de VN-ambassadeurs in te schakelen als er sprake is van toegankelijkheid. Ik vraag mij af, of dit dan ook bij ieder onderwerp dat wij zullen hebben, gaat leiden tot een amendement.
Ik kan mij ook voorstellen dat we zeggen: aangezien die motie eenmaal is aangenomen, mogen we erop rekenen, dat het College daaraan ook aandacht besteedt. Verder wil ik de aandacht erop vestigen, dat wij naar aanleiding van de motie ook bericht hebben gekregen van één van de VN-ambassadeurs, omdat er op dat moment nog weinig of geen contact met hem was geweest. Zij zitten eigenlijk niet in een bepaalde inbedding. Dus, ik wilde dat nog bij de wethouder onder de aandacht brengen, dat dát misschien toch verstandig is. Maar, misschien past dat meer ook voor het hele College om terug te komen bij de raad over hoe we dat doen. Want, ik vind het toch jammer, als we bij ieder voorstel apart aandacht moeten besteden aan de VN-ambassadeurs.” Mevrouw TEN HOLDER: “Dank u wel, voorzitter. Ik kan mij helemaal vinden in de woorden van mevrouw Van Dijk van de VVD. Ik denk dat het hier vooral de combinatie was, dat het eigenlijk een groot gebied is waarvan belangrijk is dat het toegankelijk is, en dat net die motie was aangenomen. Maar, ik ben het in theorie helemaal eens met de woorden van mevrouw Van Dijk.” De VOORZITTER: “Dank u wel. U was ook klaar, mevrouw Van Dijk?” Mevrouw VAN DIJK: “Ja, ik was klaar. Dank u wel.” De heer PELGRIM: “Dank u wel, voorzitter. Ook de Stadspartij vindt het een mooi plan, wat er nu ligt. Een mooie visie, in ieder geval.
Een visie die ook op die vijf kernvoorwaarden voor de toekomst is gebouwd. Het is ook duidelijk, dat de bewonersinitiatieven daaraan worden getoetst en dat het een prachtig groen hart is binnen Zutphen. Dat wil ik fors ondersteunen, want het is belangrijk dat we ook veel groen in Zutphen hebben en die waarden ook waarderen. Met betrekking tot het amendement: wij steunen het amendement. Ik ben het ook eens met mevrouw Van Dijk, dat dit standaardbeleid moet zijn. Maar, het staat niet in deze visie. Dus, daarom steunen wij dit amendement, zodat het park voor iedereen toegankelijk is en toegankelijk gemaakt kan worden. Dank u wel.” Mevrouw KLEINRENSINK: “Dank u wel, voorzitter. GroenLinks is ook heel blij met de voorliggende gebiedsvisie, vooral met de manier waarop het tot stand is gekomen. Het is mooi, dat iedereen betrokken is en dat mensen hun bijdrage herkennen in de visie. Ik ben mede-indiener van het amendement van D66. Dus, uiteraard zijn wij blij daarmee. Maar, ik ben het ook eens met mevrouw Van Dijk: het is mooi als het overal straks doorsijpelt.” De heer VAN DIJKEN: “Dank u, voorzitter. Een prachtige groenstrook van de Den Elterweg helemaal naar de rivier, wat kun je nog meer wensen?
538
Voor de rest heb ik niet veel woorden toe te voegen. Ik ben het eens met de motie. Jammer, eigenlijk zou die overbodig moeten zijn. Ook jammer dat er geen geld is voor de uitvoering. Maar, misschien kan de wethouder daarop nog reageren. Dank u wel.” (Audiopositie 00:12:30)
De heer SIEMES: “Dank u wel. Het is natuurlijk heel logisch, maar toch jammer dat de wethouder er niet is. Want, er is een aantal dingen dat ik toch graag van het College wil horen. In de laatste Forumvergadering hebben wij het hierover gehad. Ook al is dit inderdaad een visie, die er nu ligt, ook al zit er geen geld bij, het geeft kaders. Het werd aangehaald, dat de ambtenaren hierop zaten te wachten, omdat zij wat kaders nodig hadden bij bepaalde onderwerpen. Maar, ik heb wel begrepen van de wethouder, dat het toch nogal een ambtelijk gedrocht werd, in die zin dat er heel veel ambtenaren bij betrokken zouden zijn en dat het juist een zeer uiteenlopend scala is aan onderwerpen, zoals welzijn, groenbeheer en tiny houses. Ik had haar ook gevraagd: “Is dit een traject dat wij nog kunnen volhouden, ook met de woorden van de gemeentesecretaris in het achterhoofd, dat de fte’s maar één keer kunnen worden ingezet?” Bij iedere vergadering van ambtenaren kunnen zij zich niet richten op vergunningen en andere dingen. Dus, ik wil dat eigenlijk nu in de raad ook nog een keer horen. Hoe wordt dit traject ervaren? Is het toch mogelijk om paal en perk te stellen aan het aantal ambtenaren dat bij zo’n visie worden betrokken? Met het amendement zijn wij het natuurlijk eens. We zijn altijd al een groot pleitbezorger geweest om de ambassadeurs hiervoor in te zetten.
Dat past ook prima in deze visie. Daarbij wil ik het nu even laten.” De heer JANSEN: “Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, de visie is een prima document om de komende periode - hoe lang dat ook zal zijn - tot verdere uitwerking te komen en ook om in de processen die openbaar zijn verder een vervolg te geven. Het amendement steunen wij, maar het zou overbodig moeten zijn. Ik ben ervan uitgegaan, dat de motie die eerder is ingediend en unaniem is aangenomen, daarmee ook automatisch door het College naar de gemeentesecretaris is gestuurd, om deze op te nemen in de werkprocessen. Daar gaan wij niet over. Ik ben ervan uitgegaan dat dit zo is. Dat amendement is natuurlijk overbodig, maar misschien is het goed om dat aandachtspunt op deze manier hier te markeren. Ook voor de rest van de documenten die we hier nog met elkaar gaan bespreken - zoals mevrouw Van Dijk dat al aangaf - hoeven we dat niet elke keer met elkaar te doen. Dus, wat dat betreft, steunen wij wel het amendement, om extra aandacht hierop te vestigen. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de waarnemend wethouder.” Reactie College (Audiopositie 00:15:35)
Wethouder WERGER: “Dank u wel, voorzitter. In dit geval neem ik het even waar, maar ik moet u wel meteen zeggen, voorzitter, dat ik toevallig bij de verschillende sessies over het Emerpark aanwezig ben geweest. Daarbij heb ik op de achtergrond meegekeken. Dus, ik kan inderdaad melden, dat die sessies ontzettend positief zijn geweest en heel erg in co-creatie. Het mooie daaraan is juist geweest, dat alle verschillende partijen hun inbreng hebben kunnen geven, in de volle wetenschap dat er inderdaad geen budget was. Daarmee moet ik meteen iets zeggen over het voorliggende amendement. Het is namelijk zo, dat toen het proces rond het Emerpark startte, de motie nog niet was aangenomen. Sterker nog: die was op dat moment misschien nog niet eens in de maak. Dus, dat is de reden waarom het hierin niet is meegenomen. Maar, ik had het er net over met mijn collega’s en natuurlijk is het vanzelfsprekend dat de motie die toen is aangenomen, voortaan gewoon bij het gewone beleid hoort. Dus, dit zou in principe niet meer nodig moeten zijn in de toekomst. Maar, dan weet u waarom dat hier nog niet is meegenomen. Fijn dat u het toevoegt, want u heeft gewoon helemaal gelijk. Die toegankelijkheid van het park is iets moois. Dat moeten we ook regelen met elkaar. En, dat is ook meteen wel een interessant punt, omdat de heer Siemes vraagt: “Hoe zit het met al die ambtenaren?”
539
Het mooie van dit proces is geweest, dat het juist de mensen zelf, die in dit park bezig zijn - al die verschillende groepen - dit samen hebben ontwikkeld. Het is juist nièt de bedoeling dat het ambtenaren zijn. Het is de bedoeling dat die partijen zélf juist een heleboel dingen doen, dat ze elkaar hebben gevonden en zelf dingen oppakken. Al was het alleen maar omdat er eigenlijk gewoon geen budget is. Dus, dit is echt co-creatie. Dus, ik begrijp niet helemaal de vraag, want we proberen geen verwarring te creëren, we proberen de mensen zélf aan zet te laten zijn.” De heer SIEMES: “Dank u wel. Even ter verheldering: wij stellen, als raad, altijd budgetten vast. Dus: hoeveel geld kan hier worden ingezet? Ik sluit me ook aan bij de andere sprekers, dat deze rondes van inspraak zeer positief zijn ontvangen. Maar, ik hou me toch aan de woorden van de wethouder destijds, dat het heel veel ambtelijke inzet vereist. Dus, inderdaad ook deze inspraakronde en de sessies. U zegt, dat u bij meerdere sessies bent geweest. Daarmee moeten wij rekening gaan houden. Hoeveel fte’s zijn daarmee gemoeid? Dan is dit een heel groot - en hopelijk nooit meer terugkomend - visiestuk.
Maar, wij moeten ons wel ervan bewust zijn, dat het aardig oploopt als tien mensen voor een uur aan het vergaderen zijn.” Wethouder WERGER: “Voorzitter, volgens mij, is onze gemeentesecretaris bezig om ervoor te zorgen, dat we op een effectieve en efficiënte manier een aantal zaken vormgeven. Dat hebben we u ook laten zien. We hebben u vrij recentelijk ook gezegd, dat we eigenlijk wat meer geld nodig hebben om een aantal dingen te organiseren. Maar, dat is vooral om processen vorm te geven. Daar zit dan ook bij, dat er niet twintig ambtenaren aan tafel zitten, maar dat juist de samenleving dingen oppakt. Wel met een stukje ondersteuning van ons, maar dat hoeven niet twintig ambtenaren tegelijkertijd te zijn.” De heer VAN DIJKEN: “Ik wil graag nog even een antwoord op mijn vraag over het ontbrekende geld voor de uitvoering. Hoe zit dat precies?” Wethouder WERGER: “Voorzitter, volgens mij, was het van begin af aan heel helder, dat er geen extra budget was. Het gaat hier om het realiseren van een visie. Wat je vervolgens wel krijgt, is dat je een aantal zaken gaat uitvoeren, waarvoor je een aparte opdracht moet maken en dus ook moet kijken: heb je daar budget voor? Kan het uit bestaande plannen? Wie zetten we daar dan inderdaad voor in? Dat is nogal logisch; dat is de uitvoeringskant.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Welkom, mevrouw Van Wamel.
Heeft iemand nog behoefte aan een tweede termijn? Dat is niet het geval. Klopt het dat ik unanieme steun hoor voor het amendement, als ook voor het voorstel? Dat is het geval. Dan hamer ik ze allebei af. Aldus besloten.” Besluit: Amendement aangenomen.
3
HERINRICHTING SCHUPSTOEL GRIFFIENR. 2021-0068 (Audiopositie 00:19:43)
De VOORZITTER: “Dan komen we bij agendapunt 3 ‘Herinrichting Schupstoel’. Wie wil hierover het woord voeren? Het CDA, de ChristenUnie, de VVD, de Stadspartij, de PvdA, de SP, GroenLinks, BewustZW en Burgerbelang. Krijgt de heer Logemann een seintje, dat hij weer welkom is?
540
Het zou toch jammer zijn als we hem vergeten. Het woord is aan de heer Brunsveld van het CDA.” Eerste termijn De heer BRUNSVELD: “Voorzitter, dank u wel. De voorstellen voor het opknappen van De Schupstoel zien er echt prachtig uit. Het pleintje krijgt een enorme impuls en daarmee ook het hele gedeelte van het centrum. Die impuls zorgt voor nieuw elan. De wethouder zei in het Forum buitengewoon treffend: “Mooi gebied lokt mooi gedrag uit. Lelijk gebied lokt lelijk gedrag uit.” Nou, laten we maar gaan voor het mooie gedrag. Nu de voorstellen echt in de openbaarheid zijn gekomen, begint dat ook echt te leven onder de Zutphense bevolking en niet alleen maar bij de direct aanwonenden of betrokkenen. Bij een groep betrokken Zutphenaren en Zutphenezen komt dan ook altijd weer de pijn van de deplorabele staat van de Wilhelminafontein naar boven. Is dat gek? Volgens het CDA absoluut niet. Want, de liefde voor ons erfgoed zit er namelijk bij veel inwoners diep in. En, dat is mooi, dat is iets om trots op te zijn en dat is iets om te koesteren. Het is dus goed, dat we beseffen dat onze voorouders die fontein letterlijk met kwartjes bij elkaar hebben gespaard. Dus, dat die roep voor die fontein weer naar boven komt, vinden wij niet zo gek. Sterker nog: dat zou iedereen in deze raad en het College juist moeten toejuichen.
Maar, dat geluid, dat juichen, dat hoorde ik niet zo, moet ik zeggen. Tijdens de Forumbehandeling werden zelfs een beetje besmuikte opmerkingen gemaakt. In de zin van: “Bij elke verbouwing komt die fontein weer voorbij.” Of: “Tijdens de inspraakperiode is helemaal niemand daarover begonnen.” Een soort minachting, eigenlijk. Het lijkt een beetje op dat mensen met een afwijkende coronamening ‘wappies’ worden genoemd. Zo worden mensen met warme gevoelens voor die fontein ‘Willemientjes’ genoemd. (Gelach) Misschien is dat eigenlijk - zit ik me nu te bedenken - niet eens zo’n hele gekke naam. Maar, ik vind het ook niet vreemd dat er tijdens de inspraak en de voorbereidingen niet over de fontein is gesproken. Want, door corona was die inspraak natuurlijk gewoon een beetje gemankeerd en niet zo openbaar als gebruikelijk. Want, je moet maar nét op het juiste moment de krant hebben gelezen of op het juiste moment je Facebook-tijdlijn hebben gecheckt, omdat er een berichtje voorbijkwam. Dus, het feit dat niemand heeft geopperd om die fontein op De Schupstoel te plaatsen, kun je ook net zo goed omdraaien: er was ook niemand die ertegen was. Wethouder De Jonge verwijst naar een memo van februari 2018. Dat gaat over een locatieonderzoek van de fontein. Uit dat memo komt inderdaad naar voren, dat dit gebied rondom De Hanzehof een soort preferent gebied is.
Direct na het bekend worden van dat memo, heeft het CDA al aangegeven, dat het voor ons zeker niet de meest gewenste locatie is. We hebben ook eigenlijk aan het College opgedragen, om het huiswerk opnieuw te doen. Dat is nog niet gebeurd, maar dat kan natuurlijk nog steeds. Wat ons betreft vanaf vandaag. Dan de petitie: ‘Schupstoel op de schop, Wilhelminafontein erop.’ Nou, die is door een behoorlijk aantal mensen ondertekend. Stichting de Oude HBS heeft de raad gevraagd om het voorstel, dat we vanavond bespreken, nog even aan te houden en de financiële mogelijkheden van de plaatsing van de fontein te onderzoeken. Ik wil voor vanavond eigenlijk wat anders voorstellen: we nemen wel degelijk een besluit over dit voorstel, maar we verbinden er een voorwaarde aan, om eerst een onderzoek uit te voeren. Een onderzoek naar de mogelijkheid van plaatsing van de fontein op De Schupstoel. Vandaar ook dit amendement. Voorzitter, eigenlijk gaat dit amendement niet eens zozeer over de Wilhelminafontein, maar ten diepste over de waarden van inwonersparticipatie. Want, vind ik het, als raadslid, vervelend als er om vijf voor twaalf nog wordt ingesproken of een suggestie aan de hand wordt gedaan? En, hoe ga ik daar dan mee om? Rek ik het elastiekje nog een beetje uit of kies ik voor negen-tot-vijf-participatie? De keuze is aan deze raad.
Dan toch nog even praktisch: gaat er iets mis als de raad besluit om nu toch eerst een onderzoek naar de fontein te houden? Ik denk het niet. Want in het voorstel van het College worden al twee periodes genoemd, waarin de werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd. Ik durf de stelling ook wel aan, dat - gezien de huidige schaarste aan bouwmaterialen en de daaraan gekoppelde levertijden - het niet realistisch is, dat op 11 oktober kan worden gestart. Daarnaast is het ook wel verstandig om juist iets later
541
die bouwmaterialen te bestellen. Want, de verwachting is - over het algemeen - dat de prijzen weer iets gaan stabiliseren en wellicht zelfs gaan dalen. Dus, uitstel is helemaal niet zo gek. Tot slot: we staan nu aan de vooravond om De Schupstoel opnieuw in te richten voor - pak ‘m beet - de komende veertig jaar. Dan kunnen we nu ook nog wel even veertig dagen extra de tijd nemen voor een onderzoek en zo een nóg breder gedragen plan uitvoeren. Dank u wel.” (Audiopositie 00:25:29)
De heer VAN DIJKEN: “Dank u, voorzitter. Wat een pleidooi, voorzitter. Ik ben er een beetje stil van. Maar, ik vraag me wel af - maar dat zal uit het gevraagde onderzoek blijken - wat er gebeurt als we die fontein laten staan waar die nu staat. Ik ben eigenlijk wel gelukkig met dit plan, voorzitter. Ik heb alleen een heel specifiek vraagje. Daar hoeft geen amendement voor te worden ingediend. Op de hoek van de Beukerstraat en De Schupstoel staat een boom. En, om die boom staat een bankje. Dat bankje is ooit betaald door alle raadsleden.” De heer JANSEN: “Nee, door de fractievoorzitters.” De heer VAN DIJKEN: “Door alle fractievoorzitters zelfs. Die hebben dat uit eigen zak betaald. U merkt al waar ik heen wil: ik pleit ervoor, om dat bankje te behouden. Ik kan u zelfs allemaal nog een fotootje sturen, als daaraan behoefte is. Ik heb er vorige week apart nog een foto van gemaakt. Ik hoor graag een reactie hierop. Dank u wel, voorzitter.” Mevrouw VAN DIJK: “Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil ik heel graag mijn waardering uitspreken voor het ontwerp dat we hebben gezien van het plein de Schupstoel. Ook de wijze waarop het werd gepresenteerd, was zeer zorgvuldig en uitgebreid. Daar zijn wij blij mee. Wat het amendement betreft: als je nog meer spreektijd hebt en nog meer argumenten kunt toevoegen, dan lijkt het al helemaal een zaak die rond is.
Wat de VVD betreft, is een onderzoek naar de plaats van de fontein op De Schupstoel op dit moment niet het eerste waar wij aan denken. Ik denk wel, dat het heel verstandig is, dat in het vervolg op het memo van februari 2018, men wel komt tot een definitieve plek voor de fontein. Anders gaan we straks ook nog in de buurt van het parkeerplein van de Albert Heijn of ergens anders wandelen met de Wilhelminafontein. Dat lijkt me ook niet geslaagd. Ik zou graag blijven refereren aan de woorden van de wethouder, toen de Wilhelminafontein aan de orde kwam en zij het memo uit 2018 naar voren haalde. Zij zei dat De Schupstoel niet de gewenste plek zou zijn. Dan is ook nog aan de orde geweest, dat onder de keien van De Schupstoel eigenlijk heel weinig ruimte is. Maar, ik heb nog een ander argument: De Schupstoel moet een beetje woekeren met verschillende functies. Het lijkt mij heel onhandig. Je kunt op gegeven moment de stoelen van een terras opzijzetten, maar je kunt de Wilhelminafontein niet zomaar opzijzetten. Dus, de VVD zal niet vóór het amendement zijn, maar wel vóór het ontwerp.” De heer BOERSBROEK: “Dank, voorzitter. De Stadspartij is heel erg tevreden over het plan dat er ligt. Daarbij dagen wij het College nogmaals uit, om het zo groen mogelijk te gaan inrichten. Maar dat heb ik in het Forum ook al gemeld.
Het amendement en de discussie over de fontein, daarvan heeft de wethouder in het Forum al aangegeven, wat de moeilijkheden zijn, als het gaat om de bodem. Ik neem aan, dat al het een en ander is onderzocht. Desondanks is er ook met een voorstel gekomen om de fontein straks te plaatsen in de omgeving van De Hanzehof. Wij laten dat graag daar gebeuren. Tot zover, dank u wel.” De heer BLOEM: “Dank u, voorzitter. Voor de PvdA is de herinrichting van De Schupstoel een hoognodige investering in een aantrekkelijke binnenstad, de banenmotor van Zutphen. Het past ook binnen het initiatiefvoorstel voor het verbeteren van de poorten van de stad.” De VOORZITTER: “De heer Logemann?” De heer LOGEMANN: “Een verzoek of u mij op het lijstje van sprekers wilt zetten.”
542
De VOORZITTER: “Ja, natuurlijk. U staat er al op, hoor. Gaat u verder, de heer Bloem. Sorry, ik dacht dat er een interruptie was.” De heer BLOEM: “Ik dacht: nu al een interruptie? Dat zou wel snel zijn, inderdaad. Dit voorstel past ook binnen het initiatiefvoorstel voor het verbeteren van de poorten van de stad, dat we een jaar geleden hebben aangenomen voor de poort aan de oostelijke kant van het centrum. U ziet ook dat het een zichtbare spin-off heeft, deze investering. Vooruitlopend op deze aanpak, krijgt een leegstaand pand al nieuwe invulling. Wat ons betreft, is er dus ook wel een gevoel van urgentie, dat deze investering snel plaatsvindt. We komen uit een lockdown. Het is juist nù belangrijk om een impuls te geven aan de binnenstad. De winkeliers hebben dat nodig. Nu is men bereid om ook te investeren in dat gebied. We hebben ook signalen van ondernemers gehoord, die zeggen: “Maak alsjeblieft ook vaart.” We hebben een goed traject afgelopen met inspraak. Dat is nauwkeurig gegaan. Daaruit komt een aantrekkelijk ontwerp, gepresenteerd door een gerenommeerd architectenbureau. Om vijf voor twaalf komt er een stichting, die niet de moeite heeft genomen om contact te zoeken met omwonenden, met een plannetje om daar een oude fontein neer te zetten, die daar nooit heeft gestaan.
Daarbij vragen wij ons ook af, of het technisch überhaupt mogelijk is om daar die fontein neer te zetten. Dat is ook een vraag die wij aan het College willen stellen: is dat technisch überhaupt mogelijk? Als dat antwoord bekend is, dan is - wat ons betreft - een onderzoek niet nodig. Dan is dat weggegooid geld. Dan heb je die vertraging ook niet. Wat ons betreft, gaat De Schupstoel dus zo snel mogelijk op de schop, zodat we een aantrekkelijke plek creëren voor inwoners en bezoekers van onze mooie stad.” (Audiopositie 00:31:58)
De heer DE RIDDER: “Dank u wel, voorzitter. Laat ik beginnen met het voorstel over De Schupstoel zelf. Ik heb in de 21 jaar dat ik in Zutphen woon, vaak genoeg daar gestaan, bijvoorbeeld bij de Bokbierdag of de zomerfeesten. En, als ik dan zie hoe er wordt geïnvesteerd, om daar bijvoorbeeld podia en terrassen te kunnen neerzetten, dan zie ik daar eigenlijk alleen maar positieve dingen. Waar wij als SP wat minder enthousiast over zijn, is het amendement en het idee van de Wilhelminafontein. Want, het is nogal een beetje een mythische fontein, die haar eigen verhalen is gaan lopen. Ik wil er toch even bij zeggen: toen Wilhelmina, ergens begin twintigste eeuw, ooit naar de stad Zutphen toekwam met de trein, stonden er een paar - laat ik het maar zeggen in de woorden van de CDA-fractievoorzitter - twintigste-eeuwse ‘Willemientjes’, die heel trots en blij hun steun aan de koningin wilden tonen. Toen heeft Wilhelmina - dat is toentertijd opgeschreven - uit ‘n soort van afgunst haar gordijntjes dichtgedaan. De trein moest maar zo snel mogelijk Zutphen verlaten. Vanuit die reactie waren er een paar pro-Oranje mensen in Zutphen, in het rode Zutphen, die toch dachten: er moet een soort van PR-boost komen.
Toen hebben een paar welwillende organisaties het gros van het geld betaald voor deze mythische Wilhelminafontein en daar natuurlijk het verhaal aan gekoppeld, dat iedereen eraan kon meebetalen als hij/zij een kwartje of vijftig cent wilde mee-investeren. Dus, het verhaal dat het een mythische fontein is voor het koningshuis, betaald door de arme mensen van Zutphen, ligt eigenlijk al niet meer in de lijn van de waarheid. Daarnaast wil ik best de woorden van de PvdA herhalen: het is kort dag. En, volgens mij zijn ook nog allemaal technische dingen, die moeten worden aangepast om het mogelijk te maken. De gemeenschap, de Zutphenaren die hebben betaald, die belasting betalen waarvan wij geld kunnen uitgeven, die moeten dan gaan betalen voor een fontein waarover de waarheid eigenlijk niet wordt verteld. Vooral het pro-Oranje mythische verhaal erachter wordt verteld. Als Zutphense SP zijnde, zien wij niets in het voorstel om die Wilhelminafontein daar te plaatsen. Laat het koningshuis of koningshuisgezinde organisaties zelf maar betalen en met een goed voorstel komen. Dan kunnen ze altijd hier terecht om te kijken of er dan wél een raadsmeerderheid is. Maar, hopelijk zal voor de SP dat niet zo zijn. Verder: laten wij vooral vóór stemmen voor het voorstel, maar niet voor het amendement. Dank u wel.”
543
De heer LOGEMANN: “Dank u wel, voorzitter. Allereerst over het herinrichtingsvoorstel, waar we vanavond over besluiten: dat vinden wij een heel mooi en aantrekkelijk plan. Ik denk dat het ook heel nuttig is, omdat De Schupstoel toch een beetje ‘n rotte kies in de stad begon te worden. Er is nu een aantal nieuwe ondernemers, dat zich daar heeft gevestigd. En, ik denk dat het heel goed is, dat het gepaard gaat met een herinrichting van dat stukje van de binnenstad. Het ontwerp op zich is hartstikke mooi. Wij steunen dat van harte. In het Forum heb ik gepleit voor preventief overleg tussen omwonenden en de coffeeshophouder over de inrichting die gaat plaatsvinden, met name ook om te voorkomen dat daar zo meteen een nieuwe hangplek ontstaat voor jongeren die het heel gezellig vinden om op die bankjes te gaan zitten blowen. Ik denk dat dát voorkomen moet worden. Wethouder De Jonge - die er dus vanavond niet is - heeft daarop gezegd, dat zij dat zeker zou gaan doen. Ik neem aan dat het ook is gebeurd. Daarmee is dat ook afgekaart, wat mij betreft. Dan kom ik bij de Wilhelminafontein. Ik had er eigenlijk over willen zeggen, dat de beantwoording van het College in het Forum daarover afdoende was. Ik heb daar destijds ook een vraag over gesteld. Wat ons betreft, zou dat niet opnieuw aandacht hoeven te krijgen. Er ligt nu een amendement.
Dat dwingt tot het verder ingaan op de positie van die fontein. Mijn ervaring is, dat er heel verschillend wordt gedacht over die fontein. Sommigen vinden ‘m mooi of in ieder geval historisch interessant, hoewel je daar verschillend over kunt denken. Anderen vinden ‘m foeilelijk. Het is dus de vraag, of het een waardevolle toevoeging is. Maar, het belangrijke argument is denk ik - dat de fontein qua ruimte, heel erg concurreert met de andere functies. En, die functies heb ik de vorige keer ‘groen’ en ‘gezelligheid’ genoemd. De bomen en ook de tafeltjes die er zouden moeten komen van de terrassen: dat matcht heel slecht. De woordvoerder van het CDA - een andere dan de heer Brunsveld - had daarvoor de volgende oplossing: die fontein kon wel bovenop de Middeleeuwse waterput worden gezet. Dat vinden wij gewoon een absurd idee. Temeer ook omdat Zutphen toch al zo slecht omgaat met haar waterputten. Zie bijvoorbeeld de waterput op de Groenmarkt, die ook helemaal is ingebouwd. Dus, wij zullen het amendement niet steunen, maar het herinrichtingsvoorstel zullen wij wél steunen. Dank u wel.” (Audiopositie 00:37:35)
De heer JANSEN: “Voorzitter, het herinrichtingsplan ziet er goed uit. Het verdient ook een snelle uitvoering, wat mijn fractie betreft. In het Forum hebben wij een aantal technische vragen gesteld, onder andere: “Hoe zit het nou met de verkeersafwikkeling?” Maar goed, daar heeft wethouder De Jonge adequaat op gereageerd, naar onze inzichten. Er wordt ook uitgezocht, of dat eenrichtingsverkeer moet worden, in het kader van veiligheid. De fontein, zoals die op de markt heeft gestaan, heeft een lange geschiedenis. Elke geschiedenis heeft zijn eigen verhaal, zo ook in dit geval. De fontein was jarenlang zoek. Uiteindelijk is die teruggevonden in de gemeentelijke kwekerij aan de Gerard Doustraat destijds, heb ik begrepen. Waarom de fontein zo lang zoek is geweest, weten we niet. In ieder geval: in het centrale gebouw van de gemeente wisten ze het niet. Maar, daar bij de kwekerij wisten ze het al jaren. Maar goed, dat is ook geschiedenis, hè? Het loopt zoals het loopt. Mijn fractie is er wel voorstander van om de fontein op een of andere manier ook weer terug te plaatsen. Maar, ik vraag me af of dat wel past op De Schupstoel, enerzijds technisch, maar ook nog in het proces waarin we nu zitten. Want, wellicht dat de aanbesteding al loopt vòòr de uitvoering van dit werk. Ik hoor graag van het College, of dat zo is.
Daarnaast denk ik zelf, dat het geschiedvervalsing zou zijn als we de fontein op De Schupstoel gaan zetten, in plaats van op de locatie waar die vanaf het begin heeft gestaan. Dus, dan zou ik ervoor pleiten: zet ‘m daar neer op een of andere manier. Maar goed, daar zullen ook wel weer vraagtekens zijn. De Schupstoel heeft jarenlang een enorm probleem gehad met drank, drugs en onveiligheid. Er zijn mensen verhuisd. Dat is later ook fors aangepakt en dat is een stuk beter geworden. Deze verandering vraagt natuurlijk ook nauwlettend aandacht hierop, om een mogelijke ontwikkeling in die ruimte direct de kop in te drukken. Het amendement: van onderzoek kun je je afvragen, of dat wel verstandig is. Op dit moment is al onderzoek uitgevoerd. Dat heeft mevrouw De Jonge gezegd en dat weet ik zelf ook. Toen is De Hanzehoflocatie eruit gekomen. Toen heb ik mijn wenkbrauwen gefronst, met dezelfde bewoordingen zoals ik die net al aangaf: hij stond op de markt en daar zou hij eigenlijk naar terug moeten.
544
Maar goed, dat is een andere discussie, die we op een ander moment gaan voeren. Als er een meerderheid is om de fontein te plaatsen op deze locatie van De Schupstoel, dan zullen we daarin zeker meegaan, want dan hebben we ook geen keuze. Maar, ik vraag mij af, of dat - gezien de lopende processen - nog wel verstandig en handig en mogelijk is. Voorzitter, ik hoor het graag van het College.” De heer SIEMES: “Dank u wel. De heer Verschure kan vanavond helaas niet aanwezig zijn. Dit is wel een beetje zijn onderwerp. We kunnen in ieder geval over het plan van De Schupstoel zeggen, dat wij daarachter staan. We hebben wel een bedenking, die we ook hebben aangegeven in het Forum. Dit is eigenlijk net als met het Emerpark zojuist. We hebben de plannen gezien en we hebben vooral de stenen gezien en de gladde platen die erin verwerkt moeten worden. De dame die de presentatie gaf, gaf aan dat de architect en - volgens mij - ook de ontwikkelaar ermee rekening zou houden, dat het wel toegankelijk zou zijn. Maar, wij hebben in Zutphen nu eenmaal de ervaring, dat oude stenen die nieuw gelegd worden, niet altijd op heel veel enthousiasme kunnen rekenen. Ik wil toch benadrukken, dat in de gaten moet worden gehouden, dat we niet vastzittende rollators en rammelende kinderwagens daar zullen hebben. Wij hopen, dat dit gestand doet.
Over het amendement betreffende de Wilhelminafontein: ik voelde mij een klein beetje aangesproken door de heer Brunsveld en dat is misschien ook terecht. Want, ik heb ook wel wat schampend gedaan over de Wilhelminafontein in het Forum. Ik was ook degene die ernaar had gevraagd, omdat ik die ontwikkeling zag. Dat is niet geheel terecht. Ik denk dat het voortkomt uit wat u ‘Willemientjes’ noemt, maar het zijn vaak toch wel ‘Willempies’ die zich hier tegenaan bemoeien en dat niet heel subtiel, stil of beschaafd doen. Maar hun vraag is duidelijk en hun vraag is ook wel terecht, want eigenlijk zit niemand te wachten op het geleur met een fontein. En, een fontein waar geen water meer uitkomt, dat is natuurlijk ook niet iets dat mensen graag zien. En, het heeft een geschiedenis, die toch een groot deel van de bevolking inderdaad een warm hart toedraagt. Dus, wij willen wel graag van het College horen, hoe concreet die plannen zijn om de fontein toch daadwerkelijk een keer ergens te plaatsen. Mocht dat bij De Hanzehof zijn, dan heb ik een persoonlijke voorkeur om haar om te wisselen met het beeld van Sir Philip Sidney, dat die op de Bult van Ketjen kan worden geplaatst. Want, zover is hij zelf nooit gekomen, maar dat zou wel heel erg leuk voor hem zijn, als hij daar aankwam. En, het is ook een mooie blikvanger.
Dus, wij willen graag wel wat concrete duidelijkheid over de Wilhelminafontein. Maar, wij denken niet dat we het amendement kunnen steunen. Vooral niet omdat het nu niet op die plek past en ook technisch zeer moeilijk zou worden. Dank u wel.” (Audiopositie 00:43:15)
Mevrouw TEN HOLDER: “Dank u wel. D66 reageert ook even, dan kunnen we het wellicht in één termijn afdoen. Er is genoeg gezegd over het plan van De Schupstoel. Daarmee kunnen wij volledig instemmen. Prachtig dat dit opgepakt gaat worden. D66 vindt het wel een beetje bijzonder dat hier een soort geluid is alsof inwoners of organisaties te laat zijn om aan te geven, dat zij bepaalde inzichten hebben en dat graag zouden willen hebben meegenomen. Wij lezen het amendement eigenlijk gewoon als een verzoek naar het College: “Wilt u opnieuw een stuk duidelijkheid geven over het onderzoek dat heeft plaatsgevonden en het feit dat de beste locatie waarschijnlijk De Hanzehof zou zijn?” Want, het blijkt dat daar ook wel heel veel onduidelijkheid over is. Dus, wij omarmen juist het amendement van het CDA. Laten we nu de gelegenheid pakken om voor eens en voor altijd duidelijkheid te geven, of we nou koningsgezind zijn of niet. Ik weet niet of de SP überhaupt tegen iedere locatie bezwaar maakt. Maar, ik denk dat een stuk duidelijkheid voor iedereen ...” De VOORZITTER: “De SP heeft uiteraard een interruptie.” De heer DE RIDDER: “Dank u wel, voorzitter. Als er een vraag aan de fractie wordt gesteld, is het wel netjes om te reageren. De historische context is dat socialisten en het Oranjehuis nou niet bepaald de beste vrienden zijn geweest.
Als daadwerkelijk blijkt dat er én heel veel steun van de inwoners is én dat er een Oranjefonds of onze grote vriend, de Koning zelf, ervoor wil gaan
545
betalen, dan zien wij, als SP, niets tegen herplaatsing van de fontein. Zolang we maar niet met ons eigen belastinggeld gaan sjouwen, kan het best.” De VOORZITTER: “Dat is een duidelijk antwoord.” Mevrouw TEN HOLDER: “Zeker, dank u wel. Ik wil hiermee eigenlijk afronden, voorzitter.’’ De VOORZITTER: “Prima, dan zijn alle fracties aan het woord geweest. Dan zou ik wethouder Ten Broeke willen vragen om antwoord te geven op de gestelde vragen over het plan en over het amendement.” Reactie College (Audiopositie 00:45:22)
Wethouder TEN BROEKE: “Dank u wel, voorzitter. Ik zal even beginnen over het amendement. De meest nadrukkelijke vraag is toch wel: “Is het technisch mogelijk of niet?” Daar zal ik zo op terugkomen. Want, ik ga ook graag even in op alle verschillende historische waarheden die hier zijn genoemd. Om even af te trappen bij het initiatief, de petitie die is gestart, waarbij het idee wordt neergelegd om de fontein te plaatsen op de plek van de waterput, die nu ook is te zien op De Schupstoel. Volgens mij, is het goed om te weten, dat die waterput nog niet zo heel lang geleden, in 1975, is ontdekt. Daarna is die pas opgemetseld en zichtbaar gemaakt. Dus, dat is niet zo heel spannend. Maar, hij stamt uit de dertiende eeuw, deze waterput, die toen één van de 37 waterputten was die Zutphen heeft gekend. Iets later, in de vijftiende eeuw, kende die put een heuse ‘putmeester’, die verantwoordelijk was voor het onderhoud. Daar zijn meerdere families - generatie op generatie - verantwoordelijk voor geweest. Zelfs de omwonenden van die put vormden samen ook de ‘putgemeenschap’, die ook belang had bij schoon drinkwater. Dat was de voorloper van het moderne waterleidingbedrijf, zoals wij dat nu vandaag de dag georganiseerd hebben, om schoon drinkwater te hebben voor iedereen. Een collectieve voorziening dus.
In het plan voor De Schupstoel hebben we de gelegenheid om dit verhaal, dat dus eeuwen oud is, weer zichtbaar te maken. Zichtbaar voor onze eigen inwoners, voor toeristen, voor iedereen die daar voorbijloopt. Dus, dat gaat nog een tijdje verder terug dan de geschiedenis, de historie van die fontein. Wat je ook van die historie kunt vinden. Dat laat ik uiteraard in het midden. Ik vind daar, als socialist, ook wel wat van. Maar, dat doet er op dit moment even niet toe. Laat ik overgaan naar de technische aspecten. Want, het memo van februari 2018 werd al genoemd. Toen hebben wij er voor het laatst onderzoek naar gedaan. Dat was een uitvoerig onderzoek naar alle mogelijke locaties die logisch zouden zijn, die zouden kunnen voor de Wilhelminafontein. Daarin is ook duidelijk geworden, dat die plek op De Schupstoel ... Voor de fontein heb je ruimte nodig, zowel voor een waterreservoir, als voor een technische ruimte, waar je ook nog bij moet kunnen voor het onderhoud. En, die benodigde ruimte blijkt er niet te zijn op De Schupstoel. En er is het probleem in de grond: natuurlijk zit het vol met leidingwerk, maar ook archeologisch is dat erg lastig, om die ruimte in de grond daarvoor te krijgen. Maar, we moeten ook rekening houden met het gegeven, dat die locatie bereikbaar moet blijven voor hulpdiensten, afvalophaaldiensten en nog meer.
Uit dat onderzoek is al gebleken, dat De Schupstoel geen geschikte locatie is voor de fontein. Het is dus ook technisch onmogelijk om die daar te plaatsen en aan te sluiten. Het is ook al even genoemd: in het onderzoek is wel een voorkeursvariant neergelegd, namelijk De Hanzehof. Dit onderzoek is uitvoerig gedaan. Wat ons betreft, is dit ook het enige dat nodig is om een mogelijke locatie aan te wijzen en andere locaties uit te sluiten. Ik zou er ook echt voor waken om vanwege andere wensen opnieuw zo’n onderzoek te doen. Dat helpt ons echt niet verder. Dus, wat wij voor ons zien, is om door te gaan met het plan van De Schupstoel, zoals dat is voorgelegd, en voor de fontein echt een andere weg te kiezen.
546
In antwoord op de vraag van de heer Janssen: “Stel, dat er toch nog een onderzoek wordt gedaan, heeft dat nog consequenties voor het proces, in verband met aanbestedingen die al lopen?” Nou, met aanbestedingen hebben wij natuurlijk wel gewacht tot dit besluit door de raad is genomen. Dus, in die zin is er niet direct een consequentie. Maar, we hebben wel rekening gehouden met de planning van de komende tijd, om De Schupstoel wel te kunnen aanpakken. En, dit is wel belemmerend. Dit gaat wel uitstel betekenen voor het hele proces. De heer Van Dijken vroeg nog naar de boom die er op dit moment staat, met het bankje eromheen. Het is de bedoeling om de boom te laten staan. Daardoor kan het bankje ook blijven staan. Dus, dat moet geen probleem zijn. De vraag van de heer Logemann over het gesprek met Plein ‘48, vanwege mogelijke overlast die er zou kunnen komen: dat wordt nog voortgezet. Dat is nog bezig. Dus, daar is ook alle aandacht voor. Volgens mij, heb ik daarmee overal op gereageerd.”
De VOORZITTER: “Dank u wel, wethouder. Ik kijk even rond voor de tweede termijn. De heer Siemes, heeft u een aanvullende vraag?” De heer SIEMES: “Nee, ik heb nog geen antwoord gehad op mijn vraag. De wethouder gaf in het Forumdebat ook aan, dat er toch concrete plannen lagen - ook al zijn ze uit 2018 - waarin die Wilhelminafontein een plaats zou krijgen rondom De Hanzehof. Mijn vraag is: is dat als toezegging mogelijk? Of kunnen we toch eindelijk een keer iets zeggen over dat het ding een permanente plaats krijgt?” Wethouder TEN BROEKE: “Nou, volgens mij, is de status op dit moment, dat uit het onderzoek uit 2018 - waaraan ik refereerde - heel duidelijk naar voren is gekomen dat De Hanzehof de voorkeurslocatie voor de plaatsing van de Wilhelminafontein is. Dus, in de planvorming voor De Hanzehof zal dit logischerwijs een plek krijgen. Dat is de status op dit moment.” De VOORZITTER: “Dat is dus geen toezegging.” Tweede termijn (Audiopositie 00:51:50)
De heer BRUNSVELD: “Voorzitter, dank u wel. Laten we zeggen dat die Wilhelminafontein in ieder geval een bewogen historie heeft. Fijn dat we daarover vandaag weer even hebben kunnen doorpraten. Goed dat ook de wethouder nog het een en ander schetst, ook over De Schupstoel. Hij heeft een aantal zaken wel duidelijk geschetst. Er wordt gesproken over een onderzoek uit 2018. Ik heb dat onderzoek gezien, dat waren 2,5 A4’tjes. Heel uitgebreid vind ik dat niet, moet ik zeggen. Er staan een paar locaties in. De Schupstoel wordt daarin niet genoemd als mogelijk of onmogelijk. Het wordt überhaupt niet genoemd. Dus, ik vind dat wel bijzonder. Aan de andere kant: waar het amendement vooral over gaat, is inwonersparticipatie. Vinden wij het gepast als inwoners op een laat moment van zich laten horen? En, doen we daar dan wat mee? Dat aspect mis ik wel een beetje, ook in de beantwoording van andere collega-partijen die zeggen: “Ik vind die fontein gewoon niet mooi en die wil ik daar niet hebben.” Daar wordt op gefocust. Er wordt veel minder gefocust op: vinden we het wel perfect dat inwoners blijven meepraten en dat we ze daarvoor de ruimte geven? Dat mis ik enorm. Ik hoor ook wel wat wordt gezegd over de fontein op De Schupstoel. Dat gaat niet helemaal rekenen op de meest grote meerderheid binnen deze raad, denk ik zo.
Maar, ik wil echt vraag en oproep doen richting het College, om wat concreter te zijn met een echte locatie voor die fontein. Het wordt meegenomen in de planvorming voor De Hanzehof. Nou, daar hebben we - volgens mij - gisteravond over gesproken. Dat is natuurlijk ook een tempo waarvan je denkt: dat kan vast sneller. Dus, ik wil ook het College vragen: bedenk vast eens een mooie plek, waar de fontein kan staan. Ik vond het plekje in het Sidneypark ook wel heel aardig. Dat is toch in de buurt van
547
De Hanzehof. Maar goed, laten we daarover niet verder uitweiden. Ondanks alles dat is gezegd, vragen wij nog steeds wel stemming over dit amendement. Tot zover.” De VOORZITTER: “Dank u. Kan ik overgaan tot stemming? Ik denk het wel. Dan gaan we stemmen. Pardon, u zit zo achter de heer Brunsveld verschoven. De heer Jansen, ga uw gang.” De heer JANSEN: “Voorzitter, ik probeer me steeds te verplaatsen, maar dat lukt niet. Dank aan de wethouder voor de beantwoording van de vragen. Tenminste, wat de vragen betreft die ik heb gesteld. Ik heb gehoord dat het proces als zodanig gaat starten op het moment dat er groen licht komt van de gemeenteraad. Ik kijk even door - hoewel dat niet hoort – stel, dat het amendement wordt aangenomen, dan betekent dat toch dat ook het plan dat er nu ligt, sowieso aangepast moet worden, in ieder geval een kans moet krijgen om aangepast te worden. Dat betekent, dat wij teruggaan in het proces naar de opdrachtnemer, om het plan te ontwikkelen. Dat zullen wij voor een deel opnieuw moeten doen. Dat betekent ook dat dit in het vervolg mogelijke consequenties kan hebben, dat er een aanpassing zodanig is dat nieuwe inspraak nodig is. Ik weet het niet. Ik schat het maar even in. Het zou maar zo kunnen.” De VOORZITTER: “Ik zie interrupties. De heer Krans krijgt al eerste het woord.” De heer KRANS: “Voorzitter, dank u wel.
Volgens mij, waardeert de hele raad de inspanningen van de heer Jansen, onze gewaardeerde collega, om de zaken zo goed mogelijk te regelen. Maar, in dit geval hoeft er niets meer geregeld te worden, want, alle fracties gehoord hebbende, gaat dit amendement gewoon niet worden aangenomen. En, dan vind ik het - met alle respect een beetje té. Dank u.” Mevrouw VAN DIJK: “Voorzitter, ik wil graag nog even reageren naar de heer Brunsveld, die het heeft over inwonersparticipatie. Ik heb ook horen zeggen dat er een aantal inspraakbijeenkomsten is geweest. En, dat er wel degelijk aandacht is geweest voor de inwoners, om hun visie te geven. Dus, ik vind het niet helemaal correct om nu de suggestie te wekken, dat daarvoor te weinig aandacht is geweest.” De heer BRUNSVELD: “Maar, dat is wel mijn oproep, mevrouw Van Dijk. Hoe ga je om met inwonersparticipatie? Betreft dat alleen die bijeenkomsten, die vanuit dit huis worden georganiseerd, vanuit dit bolwerk? Of maken we gebruik van het netwerk binnen onze gemeente en geven we meer ruimte? Dus, als iemand net even vijf minuten te laat is, dat we hem/haar wél de ruimte geven voor inspraak. Dát is het verschil. Misschien is dat ook wel een verschil, hoe u en ik in de wedstrijd zitten. Dat u zegt: “Nee, ik ben voor de negen-tot-vijf-participatie. Het is nu vijf over vijf.” De VOORZITTER: “Nee, meneer Brunsveld, dat zegt mevrouw Van Dijk niet.
Dat heb ik haar niet horen zeggen.” Mevrouw VAN DIJK: “Nee, dat zeg ik zeker niet. Ik vind het niet juist. Ik ga over inwonersparticipatie erg graag met u in debat. Maar, ik vind het niet juist om dat nu, via dit amendement, op tafel te leggen.” De VOORZITTER: “U hebt uw punten gemaakt. Ik wil nu echt een stemming verbinden aan dit punt.” De heer JANSEN: “Voorzitter, met alle respect voor u, maar ik was nog met mijn tweede termijn bezig. Ik werd geïnterrumpeerd door de heer Krans. U geeft terecht ook de anderen de gelegenheid om daarop te reageren. Dan ga ik ervan uit dat u weer terugkomt bij mij.” De VOORZITTER: “Ik dacht dat u klaar was.”
548
De heer JANSEN: “Dat is uw gedachte, maar niet mijn gedachte. De heer Krans had op zich een terecht punt. Maar, ik wil in z’n algemeenheid dit punt maken, omdat zo simpel wordt gedacht: we gaan dit even aanpassen en dat heeft geen gevolgen. Als je kijkt naar de participatie: ja, Bewust Zutphen Warnsveld pleit er al jaren voor, in alle openheid, om participatie zo breed mogelijk met elkaar te voeren, maar wel op momenten dat het nog kan. En, als het op het laatste moment is, dan kun je je afvragen - en die afweging maak ik hier - of het nog kan of niet. Ik heb de indruk, dat het nu te laat is, ook gezien de memo over de fontein, die al eerder is gedeeld in de raad. Wat dat betreft, heb ik voldoende aan deze bewoording in de tweede termijn. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Prima. Dan gaan we stemmen over het amendement.” GroenLinks: “Tegen.” Het CDA: “Vòòr.” De VVD: “Tegen.” De Stadspartij: “Tegen.” De PvdA: “Tegen.” Burgerbelang: “Tegen.” De ChristenUnie: “Tegen.” BewustZW: “Tegen.” D66: “Vòòr.” De SP: “Tegen.” De VOORZITTER: “Dat zijn vier stemmen voor en achttien stemmen tegen. Daarmee is het amendement verworpen. En, mag ik constateren dat u allemaal unaniem akkoord bent met het voorstel? Dat is het geval. Dan sla ik ‘m even af met de hamer. Aldus besloten.” Besluit: Amendement verworpen.
4
BELEIDSPLAN JEUGD ZUTPHEN 2021-2024 GRIFFIENR. 2021-0055 (Audiopositie 00:58:51)
De VOORZITTER: “Dan gaan we over tot agendapunt 4 ‘Beleidsplan jeugd Zutphen 2021-2024’. Wie wil daarover het woord voeren? Iedereen wil dat. Dan begin ik bij D66.” Eerste termijn Mevrouw TEN HOLDER: “Dank u wel, voorzitter. De beleidsnotitie Jeugdzorg: we hebben een heel mooi interactief proces met het College achter de rug, maar ook met onze ketenpartners. Kinderen verdienen gelijke kansen op een goede start. Maar, in sommige gezinnen is extra hulp bij het opvoeden hard nodig. Bijvoorbeeld bij opvoedvragen, trauma, scheiding van de ouders of kinderen die worden geboren met een aandoening. Helaas lopen veel van deze kinderen, jongeren en ouders vast als zij gespecialiseerde jeugdzorg nodig hebben. Vanuit het oogpunt van kansengelijkheid, vindt D66 dat onverteerbaar. We zien een ambitieus, duurzaam en integraal plan voor Zutphen voor ons liggen. Onze welgemeende complimenten voor de wethouder, het College, de ambtelijke organisatie en natuurlijk ook voor onze ketenpartners. Essentiële knelpunten krijgen aandacht en we zien dat veel onderwerpen ook al volop worden opgepakt, zoals de thema’s: schulden, armoede, echtscheiding en multiprobleemgezinnen, maar, ook de knelpunten die op landelijk niveau om een oplossing vragen, zoals de structurele financiering van 18plus- en 18min-problematiek. We zien onze gedreven wethouder op alle niveaus actief.