CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 7 Bestemmingsplan Verlengde Molengangenpad – bijlagen A25.000209

Gemeenteraad 25 maart 2025, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Bestemmingsplan Verlengde Molengangenpad26.724 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

fi

fi

ff

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

ff

14

fi

fi

fi

fi

fi

fi

3.7 Belangenvereniging etsers (Fietsersbond Rotterdam+Regio, Fietsersbond Lansingerland)

Argumenten belangenver. wandelaars

Kwaliteiten

Knelpunten

DO

Deze weg/route ligt er al: doorleefde route; de enige verbinding die ontbreekt, is over de paardenweide. Dit is de mooiste en aantrekkelijkste route en meeste gericht op beleving en minder nadruk op ‘verbinding’.

Con ictgevaar De recreatieve waarde verkeersveiligheid vanwege wordt om zeep geholpen verschillende verkeerstromen. doordat het gehele pad verhard wordt uitgevoerd (dit wordt versterkt door de voorgestelde belijning en hekwerken); Er moet meer aandacht zijn voor de wandelaars bij de inrichting.

1/2/3 voorkeur

Alternatief 1a

Gunstig alternatief voor voetgangers op het deel waar de Rottedijk wordt ontlast.

Op het noordelijk deel waar de route nog steeds over de Rottedijk loopt, blijft het con ictgevaar verkeersveiligheid vanwege de interactie van de verschillende verkeersstromen. De belevingswaarde is lager dan bij DO, omdat deze route niet direct langs de molenstompen loopt. Zowel voor etsers als wandelaars minder aantrekkelijk dan DO, omdat het een nieuw aangelegd pad is.

Op het nieuw aan te leggen gedeelte moet ruimte gecreëerd worden voor een vrijliggend pad voor wandelaars.

1/2/3 voorkeur

Alternatief 1b

Idem 1a.

Idem 1b.

Idem 1a.

1/2/3 voorkeur

Aandachtspunten

Alternatief 2

Voorkeur

-

Alternatief 3

Je kunt hier niets of nauwelijks nog de Rotte zien.

4/5

De belangenverenigingen voor de wandelaars hebben geen expliciete uitspraak gedaan over hun voorkeuren voor de diverse routes. In bovenstaande tabel staat een indicatie van de voorkeuren o.b.v. de genoemde argumenten. De belangenverenigingen voor de wandelaars vinden een goede beleving van de route van groot belang. Hun grootste zorg is het con ictgevaar (verkeersveiligheid) wanneer verschillende verkeersstromen een route delen. Hun voorkeur gaat daarom uit naar een wandelpad over de bestaande Rottedijk (oostzijde) en een losliggend etspad aan de westzijde van de Rotte. De belangrijkste argumenten voor en tegen de alternatieven op een rij: De belangenverenigingen vinden het DO de mooiste en aantrekkelijkste route, omdat deze het meest doorleefd is. Men is echter bang voor con ictgevaar tussen de verschillende

fl

fl

fi

fl

15

fl

fi

3.8 Belangenvereniging wandelaars (TeVoet vereniging van wandelaars, Wandelwerkgroep Mooi Zuidplas)

verkeersstromen. Daarnaast vindt men dat de recreatieve waarde voor de wandelaar om zeep wordt geholpen doordat het hele pad van Moerkapelse Zijde tot aan het Bentwoud als verhard pad (incl. belijning en hekwerken) ontworpen is. Alternatief 1a en 1b vindt men gunstig voor de voetganger, maar alleen op die delen waar de Rottedijk wordt ontlast. De belevingswaarde van deze alternatieven is iets minder dan het DO, omdat de route niet direct langs de molenstompen loopt. Alternatief 3 vind men vanuit beleving geen goede optie, omdat je hier niet of nauwelijks de Rotte nog kunt zien. Over alternatief 2 hebben de belangenverenigingen voor de etser geen expliciete uitspraak gedaan.

3.9 Agrariërs/grondeigenaren (particulieren en Land- en Tuinbouwvereniging Rottepolders) Onderstaande conclusies (zie volgende pagina) zijn gebaseerd op het gesprek dat is gevoerd met diverse agrariërs en grondeigenaren. Los daarvan heeft de Land- en Tuinbouwvereniging Rottepolders per mail gereageerd op het DO en de alternatieven: De Land- en Tuinbouwvereniging Rottepolders heeft aangegeven zich niet te kunnen vinden in de voorstellen voor een etspad tussen de Hollevoeterbrug en het Bentwoud, omdat men vindt dat deze afbreuk doen aan het bestaande landschap en een gevaar vormen voor het agrarisch gebruik van de polders. Zij constateren dat etsers (vooral race etsers) zich niet gedragen in het landelijk gebied: “dit heeft te maken met de houding naar de plaatselijke bevolking en hun eigendommen, het roekeloze rijgedrag en de vervuiling”. Ook geven zij aan dat er al verschillende verbindingen bestaan naar het Bentwoud, zoals via Benthuizen, via de Herenweg en Middelweg van Moerkapelle, en twee verbindingen via Waddinxveens grondgebied. De Land- en tuinbouwvereniging Rottepolders heeft daarom verzocht om deze planvorming stop te zetten.!

fi

fi

fi

fi

16

Argumenten agrariërs/ grondeigenare n

Kwaliteiten

Knelpunten

Aandachtspunten

Voorkeur

DO

Meest logische tracé met de grootste belevingswaarde (Rotte, dichtst bij de molenstompen, zichtbare werking van het gemaal en het watersysteem van de polder); Rottedijk is ook gemeenschapsgrond, dus dat moet je gebruiken.

Risico op vervuiling en betreding van percelen; zorgen van de bewoners over de verkeersveiligheid zijn te begrijpen.

Langs het DO zit een bedrijf met 10 werknemers: dat kan extra complicaties opleveren m.b.t. verkeersveiligheid.

1

Alternatief 1a

Leuke vlonderbrug met beleving van de Rotte; uitzicht op de polder.

Risico op vervuiling en betreding van percelen; Slootonderhoud.

Alternatief 1b

Route maakt geen gebruik van agrarische grond; Beleving van de rotte en het uitzicht op de polder.

Risico op vervuiling en betreding van percelen Slootonderhoud.

Drenkplaats van de schapen moet toegankelijk blijven.

2/3

Alternatief 2

Verkeersveilige variant: deze variant neemt veel bezwaren weg van het DO, omdat deze losgekoppeld is van de Rottedijk; Beleving van de westelijke polder/agrarische velden; Kansen voor koppelen aan toekomstige ontwikkelingen aan de westzijde (Landschapspark de Rotte)

Risico op vervuiling en betreding van percelen (schade aan dieren en gewassen); Fietspad verstoort de natuurlijke scheiding/afscherming van percelen, dus moet bijv. verlegd worden; Drainagesystemen moeten worden aangepast (om de ca. 7m liggen drainagebuizen tot halverwege het perceel); Minder beleving, want je etst niet meer op de Rottedijk en ziet de molens niet; Fietsers kunnen overlast ondervinden van agrarische werkzaamheden (geur, haspels, stuiven e.d.)

Een hek als afrastering van de percelen is te weinig: watergang van 2-3m breed nodig met talud 1:3 (totaal ca. 10m breed); Drainagesystemen niet onder etspad door: moeten toegankelijk blijven, dus ook daar sloot tussen etspad en percelen voor nodig.

4

Alternatief 3

Verkeersveilige variant: deze variant neemt veel bezwaren weg van het DO, omdat deze losgekoppeld is van de Rottedijk; Natuurvriendelijke oever is waardevol

Idem 2.

Idem 2; Doorkruising particulier perceel; Grote gasleiding aan oostzijde die overkluist zou moeten worden.

5

fi

fi

fi

17

voorkeur

2/3

1. Uit het gesprek met de stakeholders is gebleken dat de agrariërs/grondeigenaren de meeste voorkeur hebben voor het DO, omdat deze variant de minste impact heeft op agrarische grond, zowel qua aankoop als risico’s van vandalisme en vervuiling. 2/3. Hoewel alternatief 1a en 1b door de grondeigenaren/agrariërs als aantrekkelijke routes worden aangemerkt, zijn hier risico’s aanwezig op vervuiling en betreding van agrarische percelen. Dit maakt deze alternatieven ongewenst. 4/5. Alternatief 2 en 3 zijn de slechtste alternatieven, vanwege de serieuze impact op de landbouw. Minder land betekent grofweg minder opbrengst. De voedselveiligheid risico’s zijn groot, doordat de recreant dicht op de percelen kan komen. Ook zijn er aanpassingen van drainagesystemen en sloten vereist, wat de percelen nog korter maakt en mogelijk ook het slootonderhoud bemoeilijkt. Kortom, de impact op de agrarische bedrijfsvoering van deze alternatieven is te groot.!

18

fi

4. Thematische beoordeling Om alle routes evenwichtig en zo objectief mogelijk te kunnen afwegen, zijn ze beoordeeld op een zestal thema’s. Deze beoordeling is uitgevoerd door Urban Synergy door middel van diverse gesprekken met relevante experts (o.a. verkeerskundigen, civiel technici, beleidsmedewerkers RO) vanuit gemeente Lansingerland, gemeente Zuidplas, HHSK en DickvanVeen.

4.1 Ruimtelijke kwaliteit Wanneer de ligging van de route veel overlap heeft met de bestaande Rottedijk en/of een logische samenhang vertoont met de ligging van de Rotte en de bestaande inrichting eromheen (m.n. de huidige weg met de molenstompen en het gemaal), dan scoort de route hoog op dit criterium. De belangrijkste landschappelijke lijnen rond de tracés zijn (in volgorde van prioriteit): de Rotte, de dijk, de bestaande wegen, de openheid van het landschap en de polderstructuur. Als belangrijkste cultuurhistorische waarden worden gezien (in volgorde van prioriteit): de Rotte, de molenstompen, het gemaal en de bestaande wegen (m.n. die langs de molenstompen). De impact van het toepassen van een vlonderbrug in de Rotte op de Rotte als landschappelijke eenheid is discutabel en afhankelijk van de ontwerp- en constructieve uitwerking. Tabel 4.1: Samenvatting score Ruimtelijke kwaliteit

Route

Behoud/versterking landschappelijke & cultuurhistorische waarden

Top-5

DO

zeer goed

1 beste

Alternatief 1a

goed

2/3

Alternatief 1b

goed

2/3

Alternatief 2

zeer slecht

4/5

Alternatief 3

zeer slecht

4/5

1. Het DO wordt qua ruimtelijke kwaliteit zeer goed beoordeeld, omdat daar het best gebruik

wordt gemaakt van bestaande structuren. Deze route volgt de Rottedijk aan één zijde en grotendeels via de oorspronkelijke weg langs de molenstompen. Hoe minder dicht het verbrede etspad op de molenstompen komt, hoe beter men de ruimtelijke inpassing vindt. 2/3. Omdat alternatief 1a & 1b nabij het gemaal afwijken van de Rottedijk en er geforceerd op aansluiten, scoren zij minder dan het DO, maar nog steeds goed, mits de vlonderbrug goed wordt ingepast en niet domineert in de Rotte. 4/5. Alternatief 2 en 3 veroorzaken een parallelle infrastructuur die de samenhang met en herkenbaarheid van de Rottedijk verstoort. Daarom scoren deze varianten zeer slecht.!

19

Voor dit thema is beoordeeld in hoeverre de natuurwaarden behouden of versterkt worden d.m.v. de verschillende routes. De natuurwaarden rond de tracés betre en het (bloemrijk) grasland, (riet)oevers, bosschages en open weidegebied. Tabel 4.2: Samenvatting score Ecologie

Route

Behoud/versterking natuurwaarden

Top-5

DO

goed

2/3

Alternatief 1a

twijfelachtig (e ect vlonderbrug?)

4/5

Alternatief 1b

twijfelachtig (e ect vlonderbrug?)

4/5

Alternatief 2

goed

2/3

Alternatief 3

zeer goed

1 beste

1. Bij alternatief 3 worden de natuurwaarden het meest versterkt, door het toevoegen van een natuurvriendelijke oever. 2. Voor alle varianten geldt een versterking van natuurwaarden (verhoging van de biodiversiteit) door toevoegen van bloemrijke akkerranden langs het nieuwe etspad. Dit is het minste bij het DO. Daarom komt alternatief 2 op plaats twee… 3. …en het DO op plaats 3. 4/5. Bij de varianten met de vlonderbrug in de Rotte (1a & 1b) worden de natuurwaarden in de Rotte mogelijk aangetast.

4.3 Verkeersveiligheid Verkeersveiligheid is gescoord op vier criteria: interactie met autoverkeer, interactie tussen etsers van verschillende snelheden, ruimte voor de wandelaar en sociale veiligheid. Tabel 4.3: Samenvatting score Verkeersveiligheid

Route

interactie met autoverkeer

interac e tussen etsers van verschillende snelheden

ruimte voor wandelaar

sociale veiligheid

Top-5

DO

goed

matig

matig

goed

2/3/4/5

Alternatief 1a

matig

goed

goed

matig

2/3/4/5

Alternatief 1b

matig

goed

goed

matig

2/3/4/5

Alternatief 2

goed

goed

zeer goed

matig

2/3/4/5

Alternatief 3

zeer goed

zeer goed

zeer goed

matig

1 beste

fi

fi

ff

ff

ff

20

ti

fi

4.2 Ecologie

Conclusie per criterium: Interactie met autoverkeer Dit betreft de pro elbreedte in relatie tot inhalen, hoeveelheid autoverkeer waar interactie mee is, al dan geen vrij liggend etspad. Alternatief 3 scoort op dit criterium zeer goed, omdat deze route vrijwel geheel con ictvrij is door de vrije ligging. Aandachtspunt/voorwaarde hierbij is dat de kruising bij Westland goed wordt vormgegeven. Het DO en Alternatief 2 scoren goed, omdat deze (gedeeltelijk) een gedeeld pro el bevatten van 3,5m breed. Het zijn zeer weinig verkeersdeelnemers waarmee de etsers de route moeten delen en dit betreft in principe alleen bestemmingsverkeer. De verkeersveiligheid komt daardoor op het (al zeer beperkt aanwezige) aantal smallere stukken* niet in het gedrang. Alhoewel verboden, is op deze routes een zeer kleine kans op verhindering van de doorrijdbreedte door mogelijk geparkeerde voertuigen. Alternatief 1a en 1b scoren matig op dit criterium, omdat (ten opzichte van het DO en alternatief 2) op deze routes een extra con ictmogelijkheid ontstaat, namelijk bij de aansluiting op de Rottedijk (nabij nr. 10, resp. 16). Hoewel een haakse aansluiting hier het meest veilig is, blijft er kans bestaan op con ict tussen weggebruikers. Getwijfeld wordt ook aan de mate van zicht op dit kruispunt, vanwege het te overbruggen hoogteverschil en de aanwezige rietoevers op deze punten.

Interactie met etsers van verschillende snelheden Dit betreft de pro elbreedte in relatie tot inhalen, hoeveelheid etsverkeer en type etsverkeer. Alternatief 3 scoort zeer goed op dit criterium, omdat deze route vrijwel geheel con ictvrij is door de vrije ligging en voetgangers de keuze hebben om nog steeds over de Rottedijk te lopen (die overigens aantrekkelijker is, maar meer con ictpunten kent). Alternatief 1a, 1b en 2 scoren goed op dit onderdeel. Allen vanwege de reden dat een pro el van 3,5m voldoende breed is voor twee etsduo’s om te passeren en etsverkeer zich kan verdelen over de oost- en westzijde van de Rotte. Het DO scoort matig op dit onderdeel omdat (ten opzichte van 1a, 1b en 2) op een paar stukken een maximaal pro el van 2,8m* mogelijk is, wat te smal is voor comfortabel passeren. *zie Bijlage II voor een analyse van de breedte van het etspad in het DO Ruimte voor de wandelaar Dit criterium wordt met name bepaald door beschikbare ruimte voor de wandelaar binnen het wegpro el en of die ruimte losliggend is/kan zijn. Alternatief 2 en 3 scoren hierop zeer goed, omdat het 3,5m brede pro el voldoende breed is om een wandelaar in te halen en er tevens ruimte is om het pro el nog breder aan te leggen. Daarnaast kunnen weggebruikers zich bij de keuze voor deze routes verdelen over de oost- en westzijde van de Rotte waardoor de kans op con icten afneemt.

Alternatief 1a en 1b scoren beiden minder, maar nog steeds goed, omdat hier (in tegenstelling tot alternatief 2 en 3) grotendeels geen aparte ruimte is voor de wandelaar. Het DO scoort het matig op dit criterium, omdat hier over de grootste lengte op de rijbaan moet worden gelopen. Sociale veiligheid Dit criterium wordt voornamelijk bepaald door de aanwezigheid van bebouwing en zicht daarvandaan/-op de route. Het DO scoort op dit onderdeel goed, vanwege het relatief vele zicht op route door andere weggebruikers, het open zicht op de omgeving en het feit dat de voorzijde van de woonbebouwing zich nabij en op een groot deel van de route bevindt. Alternatief 1a, 1b, 2 en 3 scoren matig, omdat het zicht op de route door enkele andere weggebruikers minimaal is en het feit dat de woonbebouwing zich grotendeels op afstand bevindt, zonder zicht op de route.

fi

fl

fl

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fl

fl

fi

fl

fi

fi

fl

fi

fi

fi

fi

fi

fi

21

Conclusie Verkeersveiligheid: 1. Wat betreft Verkeersveiligheid komt Alternatief 3 als beste uit de bus. Doordat de route een

aparte plek heeft naast de al bestaande routes en aan één stuk doorgaat vanaf Westland, is er weinig tot geen interactie met ander verkeer en is er geen kans op geparkeerde voertuigen op of direct naast de route. Stromen worden maximaal gesplitst en verspreid. Hier is ruimte om een breed etspad aan te leggen van ten minste 3,5m. Doordat de route gescheiden is van de bestaande Rottedijk, zullen wandelaars daar evenveel ruimte behouden als in de huidige situatie (ze moeten daar de weg alleen delen met auto-bestemmingsverkeer). Ook is de route overzichtelijk met weinig bochten. Doordat de route buiten de bebouwing om gaat, is er weinig interactie met andere weggebruikers wat de route veilig maakt. Race etsers zullen sowieso komen en dan is dit de veiligste route voor dat snelheidsverschil. 2/3/4/5. De andere alternatieven volgen op de voet. Alternatief 2, omdat hier ook weinig interactie is met ander verkeer, meer gescheiden ruimte voor de wandelaar en weinig kans op geparkeerde voertuigen op of direct naast de route. Ten opzichte van Alternatief 3 is hier meer kans op con icten omdat het recreatief verkeer alsnog de huidige Rottedijk zal kunnen volgen (omdat deze logischer en aantrekkelijker is), en hier dan alsnog con icten kunnen ontstaan.

In het algemeen wordt opgemerkt dat alternatief 1a en 1b maar een deel van het zogenaamde probleem van de bewoners aan de Rottedijk oplost, omdat de route zich nog steeds op een deel van de Rottedijk bevindt. Hierdoor scoren deze qua verkeersveiligheid minder goed dan alternatief 3. Het DO scoort minder goed dan alternatief 3, omdat het pro el op sommige punten nog steeds een aantal decimeter te smal is*, er een verschillende uitritten zijn en de weg met auto-bestemmingsverkeer moet worden gedeeld. *zie Bijlage II voor een analyse van de breedte van het etspad in het DO

4.4 Toegevoegde waarde voor de etser De Toegevoegde waarde voor de etser is gescoord op vier criteria: aantrekkelijkheid, comfort samenhang en directheid. Tabel 4.4: Samenvatting score Toegevoegde waarde voor de etser

Route

Aantrekkelijkhei d

Comfort

Samenhang

Directheid

Top-5

DO

meest aantrekkelijk

comfortabel

samenhangend

direct

2

Alternati ef 1a

redelijk aantrekkelijk

minst comfortabel

matig samenhangend

matig direct

3/4/5

Alternati ef 1b

redelijk aantrekkelijk

minst comfortabel

matig samenhangend

matig direct

3/4/5

Alternati ef 2

matig aantrekkelijk

comfortabel

matig samenhangend

matig direct

3/4/5

Alternati ef 3

matig aantrekkelijk

meest comfortabel

zeer samenhangend

zeer direct

1 beste

fi

fi

fl

fi

fi

fi

fi

fl

fi

22

Aantrekkelijkheid De aantrekkelijkheid van de route speelt met name een rol voor de recreatieve etser en in mindere mate voor de utilitaire/doorgaande/snel etser. Wanneer de beleving van het landschap en haar cultuurhistorie optimaal is, scoort een route hoog op dit criterium. Hierbij wordt gekeken naar (in volgorde van prioriteit): het zicht op de Rotte, het zicht op de molenstompen, de beleving van de dijk als continue lijn, de beleving van de openheid van het landschap, de beleving van de polderstructuur en de beleving van de oorsprong van de Rotte. Het DO is de meest aantrekkelijke route. Alternatief 1a & 1b zijn redelijk aantrekkelijke routes, omdat hier de continuïteit van de Rotte t/m de oorsprong goed beleefbaar is en er zicht is op de open polder, ondanks dat de molenstompen vanaf de route slechts deels zichtbaar zijn. Ook wordt het toevoegen van de vlonderbrug (in ieder geval door gemeente Lansingerland) gezien als toegevoegde waarde voor de beleving van de Rotte. Alternatief 2 en 3 zijn matig aantrekkelijk. Alternatief 2 omdat de Rottedijk en het gemaal wel beleefbaar zijn, maar de zichtrelatie met de Rotte en de molenstompen zeer matig is. Het afstand doen van de Rotte en vervolgens er weer naar toe te worden geleid maakt de route niet per de nitie onaantrekkelijk.

Alternatief 3 vanwege de afwezige zichtrelatie met de Rotte en de Rottedijk, hoewel de relatie van de molenstompen met het achterland hier wel enigszins beleefd kan worden. Comfort Het comfort van de route wordt bepaald door (in volgorde van prioriteit) de pro elbreedte, overbrugging van hoogteverschillen (verloop op/naast de dijk en bij bruggen), aantal mogelijke con icten (kruisingen, interactie met andere weggebruikers, geparkeerde auto’s, in- en uitritten (al dan geen vrij liggend etspad)), rechtstand van de route. Alternatief 3 wordt daarmee als meest comfortabel aangemerkt. Deze route is overzichtelijk, recht, direct en makkelijk te volgen. Doordat het etspad hier vrijligt, is er tevens voldoende ruimte voor een breed pro el en lage hellingpercentages over de gehele lengte van het tracé. Alternatief 2 is comfortabel, vanwege dezelfde redenen als alternatief 3, echter vraagt deze route om iets meer inspanning van de etser bij het overbruggen van hoogteverschillen bij de bestaande etsbrug, de dijk en de nieuwe benodigde brug achter het gemaal. Ook is deze route minder recht-toe-recht-aan dan alternatief 3. Het DO is vergelijkbaar comfortabel, omdat deze direct en gemakkelijk te volgen is en de hoeveelheid autoverkeer op de route laag.

Hoewel bij alternatief 1a & 1b grotendeels voldoende ruimte is voor een breed pro el en de route grotendeels con ictvrij is, zijn deze routes het minst comfortabel, omdat de vlonderbrug om extra inspanning van de etser vraagt (hoogteverschil en bochten) en er over de hele lengte meerdere hoogteverschillen te overbruggen zijn (op en naast dijk en twee bruggen). Samenhang De samenhang van een route wordt bepaald door (in volgorde van prioriteit): de aansluiting op omliggende ( ets)paden (overzichtelijkheid), de ligging van route ten opzichte van het verloop van de Rotte (herkenbaarheid) en de beleving van het gemaal en de afwateringsstructuur (lezen van het landschap). Alternatief 3 wordt daarmee als zeer samenhangend beoordeeld, omdat de route zeer eenduidig en overzichtelijk is door de lange rechtstand en de eenvoudige aansluiting op het etspad ten zuiden van de Moerkapelse Zijde. De route ligt daarmee logisch in het netwerk. De relatie met de Rottedijk is bij alternatief 3 niet zo sterk, omdat het alleen een beperkte zichtrelatie met de molenstompen heeft. Het DO wordt beoordeeld als samenhangend. Hoewel de bochten na het oversteken van de Moerkapelse Zijde de aansluiting minder logisch maken dan de aansluiting van alternatief 3, is dit wel een heel herkenbare en logische route over de dijk die de Rotte volgt.

Een heldere en veilige oversteek over de Moerkapelse Zijde kan de samenhang met het zuidelijk gelegen etspad langs de Rotte mogelijk versterken. Alternatief 1a, 1b en 2 zijn matig samenhangend. Hoewel alternatief 1a de Rotte in een langere rechtstand volgt dan 1b,

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fl

23

fl

fi

fi

Conclusie per criterium:

zijn beide routes minder overzichtelijk en logisch dan het DO door de extra bochten en het tweemaal oversteken van de Rotte. Zowel voor 1a als 1b geldt dat men zowel op een vrijliggend als een gemengd etspad rijdt. Verwacht kan worden dat een deel van de potentiële gebruikers daarom de erftoegangsweg op de oostoever zal blijven gebruiken, dat draagt niet bij aan de samenhang van de routes. Hoewel het zichtbaar passeren van het gemaal in alternatief 2 bijdraagt aan de leesbaarheid van het landschap, zijn de molenstompen minder goed zichtbaar. Alternatief 2 ligt dusdanig ver van de Rotte dat de route niet goed herkenbaar is als vervolg van de route naar het zuiden, langs de Rottemeren. Het tweemaal kruisen van de Rotte en het grotendeels uit het zicht verdwijnen van de Rotte verminderen de overzichtelijkheid van de route en maakt deze minder goed vindbaar (vooral vanuit het noorden). Directheid De directheid van een route wordt bepaald door de doorgaandheid van de route: recht-toe-rechtaanheid versus aantal en scherpte van bochten (omrijdtijd), de aansluiting op doorgaande routes, en de logische lijn ( etser hoeft niet te zoeken). Alternatief 3 is daarmee een zeer directe route, omdat deze vanaf de oversteek op de Moerkapelse Zijde in één doorgaande lijn naar het Bentwoud loopt.

De toevoeging van de toekomstige verkeersregelinstallatie op de Moerkapelse Zijde kan dit nog versterken. Het DO wordt beoordeeld als een minder maar nog steeds directe route, omdat deze de doorgaande route over de dijk volgt en geen extra bochten maakt naast de al bestaande. Alternatief 1a, 1b en 2 zijn matig direct. De etser moet bij 1a en 1b tweemaal de Rotte kruisen en men moet een aantal extra bochten maken om het gemaal te passeren en vervolgens weer aan te sluiten op de Rottedijk. Hoewel de omrijdtijd van alternatief 2 beperkt lijkt, is de directheid van deze route ook matig.

Conclusie Toegevoegde waarde voor de etser: 1. Alternatief 3 is de beste route als het gaat om de Toegevoegde waarde voor de etser. Deze route is het meest comfortabel, zeer samenhangend en zeer direct. Aandachtspunt is dat deze route matig aantrekkelijk is. 2. Het DO scoort daarna het beste. Deze route is het meest aantrekkelijk, samenhangend, direct en comfortabel. 3/4/5. Alternatief 1a, 1b en 2 scoren vergelijkbaar. Deze matig qua directheid en samenhang. Alternatief 1a en 1b zijn van deze drie het minst comfortabel en alternatief 2 het minst aantrekkelijk.

fi

fi

fi

fi

fi

24

4.5 Technische uitvoerbaarheid: De Technische uitvoerbaarheid is gescoord op de impact op de bodem en ondergrond en de uitvoerbaarheid van de kunstwerken. Tijdens de gesprekken kwamen nog allerlei andere benodigde technische maatregelen naar voren, vandaar dat ook op dat derde criterium is gescoord. Tabel 4.5: Samenvatting score Technische uitvoerbaarheid

Route

Bodem en ondergrond

Kunstwerken

Overige technische ingrepen

Top-5

DO

zeer goed

zeer goed

zeer goed

1 beste

Alternatief 1a

matig

5 no go

matig

5 no go

Alternatief 1b

slecht

5 no go

slecht

5 no go

Alternatief 2

redelijk

matig

slecht

3

Alternatief 3

goed

matig

slecht

2

Conclusie per criterium: Bodem en ondergrond Dit criterium betreft (rest)zettingsgevoeligheid: gebruik van bestaande wegverharding, ligging ten opzichte van de dijk; benodigde toepassing van lichte bouwmaterialen bij aanleg etspad. Tijdens de gesprekken kwam de aanwezigheid van kabels en leidingen ook aan de orde. In het algemeen geldt de beperking dat de huidige fundering van de weg over de Rottedijk slecht is en de taluds langs de Rotte zwak zijn. Voor zowel de maatregelen aan de bestaande weg over de Rottedijk als voor de aanleg van nieuwe paden op of naast de dijk zal er daarom bij de uitvoering (rest)zetting plaatsvinden. Aandachtspunt is om lichte (funderings)materialen te gebruiken om de zetting te beperken, wat duurder is dan de toepassing van de gebruikelijke materialen. Als we de verschillende varianten vergelijken, is voor het DO de minste zetting te verwachten, omdat deze route grotendeels gebruik maakt van bestaande fundering en wegverharding. Door de relatief kleine wegverbreding (maximaal ca. 50cm), treedt relatief weinig verschil in zetting t.o.v. de bestaande weg op, wat de technische uitvoerbaarheid relatief eenvoudig maakt. Aandachtspunt bij deze route is dat er ingrepen (zoals aanbrengen kleikist) nodig zullen zijn in/ dichtbij het zwakke talud van de Rotte.

Omdat alternatief 1a en 1b deels een nieuw etspad bevatten over het talud aan de westzijde van de Rottedijk, zijn hier extra maatregelen tegen zetten nodig dan bij de varianten die naast de dijk liggen (alternatief 2 en 3) of (grotendeels) over de bestaande weg gaan (DO). De kruin van de dijk zal verbreed moeten worden. Voor 1a en 1b zal ook het toegangspad naar het gemaal verbreed moeten worden op het zwakke dijktalud. Alternatief 1a is iets minder zettingsgevoelig dan 1b, omdat deze route over een langere afstand over de bestaande Rottedijk gaat. Alternatief 2 en 3 zijn minder zettingsgevoelig dan 1a en 1b, vanwege de aanleg van een volledig nieuw etspad onderlangs de dijk. Voordeel van deze routes is dat zij geheel op nieuwe fundering kunnen worden aangelegd en zich nauwelijks op het zwakke talud van de Rotte begeven. Alternatief 3 heeft als bijkomend voordeel dat zij zich vrijwel geheel los van de waterkering bevindt.

fi

fi

fi

25

Kunstwerken Dit criterium betreft de complexiteit en realiseerbaarheid van de benodigde kunstwerken. De brug naar Bentwoud is onderdeel van alle varianten en daarom niet beoordeeld. Het DO scoort op dit onderdeel zeer goed, omdat er, ten opzichte van de alternatieven, in dit ontwerp geen extra bruggen nodig zijn. Bij alternatief 2 en 3 is sprake van de aanleg van een brug langs de gemalen. Dit is een constructieve uitdaging i.v.m. de stroming uit het gemaal, de steilheid van de taluds en de bereikbaarheid van de gemalen. Hier gelden de eisen van HHSK voor een valbeveiliging (1,8m hoog hekwerk aan beide zijden) en een ligging op minimaal 10 meter afstand vanaf het betre ende gemaal. Daarnaast moet de brug een lange vrije overspanning hebben, omdat er gemiddeld 200m3/min water langs stroomt en een kroosreiniger bij het gemaal moet kunnen komen. Tot slot moeten er de nodige maatregelen worden genomen voor oeverbescherming. Het uitvoeren van deze bruggen is technisch niet onmogelijk. Bij alternatief 1a en 1b is er sprake van een lange vlonderburg bij het gemaal. Vanuit het waterschap zijn bouwwerken in de nabijheid van het gemaal (binnen 10 meter) niet toegestaan, wat resulteert in de markering van alternatief 1a en 1b als ‘no go’. Overige technische ingrepen Dit criterium omvat de benodigde overige technische ingrepen (oeverbescherming, behoud drainagesystemen, e.d.).

Grootste impact: Voor alle varianten die langs de agrarische percelen lopen (1b, 2 en 3) geldt dat deze opnieuw afgeschermd dienen te worden door het toevoegen van nieuwe sloten (agrariërs wensen minimaal 2m breed sloten, talud 1:3) en/of het vergraven van de huidige. Hierbij moeten de drainagesystemen in tact blijven (dat betekent veel aanpassingen, want om de ca 7m liggen er drainagebuizen). Voor zowel alternatief 1a als 1b geldt dat het openbaar maken van het toegangspad betekent afbakening door hekwerken (mogelijk past 3,5m dan niet). Extra aandachtspunt bij deze alternatieven: over het toegangspad komt 2 à 3x per week zwaar materieel om slootvuil te verwijderen, dit kan tot wegblokkering leiden. Daarnaast maakt de aanliggende bedrijfswoning gebruik van het toegangspad. De woning wordt momenteel verhuurd aan een particulier. Bij alternatief 1b raakt de drenkplaats voor vee ter hoogte van Rottedijk 14, nabij de oorsprong van de Rotte) buiten gebruik. Hiervoor moet een nieuwe oplossing worden ontworpen. Bij alternatief 3 moet een grote gasleiding overkluist worden.

Conclusie Technische uitvoerbaarheid: 1: Qua Technische uitvoerbaarheid is het DO het beste beoordeeld, want de andere varianten hebben vooral risico’s/grote impact rond het gemaal (veiligheid, oeverbescherming) en op agrarische bedrijfsvoering (impact die het aanpassen van de kopse kanten van de percelen met zich meebrengen (verlegging/nieuwe sloten en drainagebuizen), waardoor veel technische ingrepen nodig zijn. Ook is het DO naar verwachting het minst zettingsgevoelig, omdat deze route grotendeels over de bestaande weg loopt. 2: Alternatief 3 komt op de tweede plaats met een goede technische uitvoerbaarheid. Deze route bevat weinig kunstwerken en op deze route zijn minder maatregelen tegen zetting nodig dan bij de westelijke routes. Aandachtspunt is dat dit de enige route is waarbij de gasleiding overkluist moet worden. Ook heeft deze route een zeer grote impact op de afscherming en drainagesystemen van de agrarische percelen (veel aanvullende technische ingrepen zijn nodig). 3: Op de derde plek komt alternatief 2. Hoewel de impact op de bodem en ondergrond beperkt wordt ingeschat, scoort dit alternatief matig wat betreft de technische uitvoerbaarheid van

ff

26

kunstwerken en slecht wat betreft de overige technische ingrepen die nodig zullen zijn in en nabij de agrarische percelen. 4/5: Alternatief 1a en 1b kunnen vanwege de vlonderbrug constructie niet aan de (technische) eisen van HHSK voldoen, en zijn dus gemarkeerd als ‘no-go’. Alternatief 1b is daarnaast ook zeer dicht op de Rotte gelegen, wat daar een grote impact op bodem en ondergrond zal hebben en behoeft ook een aantal aanvullende ingrepen door het doorkruisen van agrarische percelen.

4.6 Juridisch/ nancieel Het thema Juridisch/ nancieel is beoordeeld op basis van een globale kostenraming van aanleg en grondverwerving en een inschatting van de benodigde planologische wijzigingen. De geschatte kosten zijn berekend over de gehele lengte van het verlengde Molengangenpad van Westland tot aan het Bentwoudpad, inclusief staartkosten. Zie Bijlage V voor een toelichting op de globale kostenramingen. Tabel 4.6: Samenvatting score Juridisch/ nancieel

Route

Planologie

Hoeveelheid grondverwerving

Aanlegkosten incl. Top-5 grondverwerving

DO

tracé is al verwerkt in een nieuw ontwerp bestemmingsplan

25.188 m2:

goedkoopste variant: € 2,1 miljoen

1

Alternatief 1a

ontwerp bestemmingsplan moet nog gemaakt worden

29.253 m2

goedkoopste alternatief: € 2,8 miljoen

2

Alternatief 1b

ontwerp bestemmingsplan moet nog gemaakt worden

31.503 m2

één-nagoedkoopste alternatief: € 3,0 miljoen

3

Alternatief 2

ontwerp bestemmingsplan moet nog gemaakt worden

45.989 m2

één-na-duurste alternatief: € 3,2 miljoen

4

Alternatief 3

ontwerp bestemmingsplan moet nog gemaakt worden

347.529 m2

duurste alternatief: € 3,7 miljoen

5

Conclusie per criterium: Planologie De score van deze criteria wordt bepaald door de hoeveelheid benodigde aanpassingen in het bestemmingsplan en eventuele overige juridische impact. Voor het DO en alle alternatieven moeten twee bestemmingsplan aangepast worden (zowel voor Lansingerland als voor Zuidplas). Voor het gehele tracé van het DO is dit momenteel al verwerkt in een ontwerp bestemmingsplan, dat in principe de procedure in kan. Voor alle alternatieven moet nog een ontwerp bestemmingsplan uitgewerkt worden. Grondverwerving De score van dit criterium wordt bepaald door de hoeveelheid aan te kopen grond en het type grondeigenaren.

fi

fi

fi

27

De hoeveelheid te verwerven gronden verschilt per alternatief. Ook zitten er verschillen in of deze gronden agrarische gronden zijn en/of gronden van het waterschap en/of private gronden. Daarnaast moet er bij alternatief 3 een grote gasleiding overkluist worden. Algemene opmerking: het is de vraag of beide gemeenten een onteigeningsbesluit willen nemen als de gronden niet minnelijk kunnen worden verworven. Voor het DO zijn er relatief weinig grondaankopen benodigd. Voor alternatief 1a en 1b zijn met name agrarische gronden en gronden van het waterschap benodigd. Voor alternatief 2 en 3 zal er relatief veel grond moeten worden aangekocht en grotendeels betre t dit ook agrarische grond. Bij alternatief 3 doorsnijdt de route ook een particuliere tuin. Aanlegkosten De verschillen in de aanlegkosten worden over het algemeen bepaald door: de ligging op bestaande weg versus toepassing lichte materialen op nieuwe paden, hoeveelheid en type bruggen. Het DO maakt het meeste gebruik van de bestaande infrastructuur, waardoor er relatief weinig nieuwe aanlegkosten hoeven worden gemaakt. Voor alternatief 1a en 1b moet grotendeels een nieuwe weg worden aangelegd. In deze varianten zit ook de aanleg van een (technisch relatief complexe) vlonderbrug nabij het gemaal. Voor alternatief 2 en 3 moet een volledig nieuwe weg worden aangelegd.

In deze varianten zit ook de aanleg van een (technisch relatief eenvoudige) brug nabij de gemalen. Voor deze alternatieven zijn ook veel aanpassingen nodig wat betreft de afwatering van de percelen, inclusief aanpassing van de aanwezige drainagesystemen van de aangrenzende agrarische percelen. Bij alternatief 3 verhoogt de overkluizing van de gasleiding de aanlegkosten nog iets (niet opgenomen in globale kostenberekening).

Conclusie Juridisch/ nancieel: 1. Het DO heeft de laagste aanlegkosten en hier moet de minste grond voor worden verworven. Planologisch is deze route al ver uitgewerkt. Vandaar dat deze route als beste is beoordeeld. 2. Voor alternatief 1a moet relatief veel grond worden verworven, met name agrarische gronden en gronden van het waterschap. 3. De aanlegkosten van alternatief 1b zijn relatief hoog, omdat er grotendeels een nieuwe weg moet worden aangelegd. Ook moet hier nog meer grond dan bij 1a worden verworven. 4. Alternatief 2 heeft net als alternatief 3 hoge aanlegkosten vanwege het feit dat dit compleet nieuwe wegen zijn. Qua grondverwerving zijn beide ook dure alternatieven, omdat er veel agrarische gronden moeten worden aangekocht en daar ook veel technische aanpassingen nodig voor zijn. 5. Alternatief 3 scoort het minst goed op dit thema, met name vanwege de grote hoeveelheid aan te kopen agrarische grond en de meeste kosten voor de mogelijk te verwachten schade.

ff

fi

28

Bijlage I: Toelich ng op de tracés

ti

29

30

31

Bijlage II: Analyse breedte etspad DO

fi

32

N.B. Alle onderstaande suggesties zijn niet meegenomen in de ramingen van dit rapport.

A. Suggesties bij de thema’s Ruimtelijke kwaliteit Suggestie: Gesuggereerd wordt dat een route over de westkant van de Rottedijk historisch gezien logisch is, omdat dat de echte molengang schijnt te zijn geweest [is tegengesproken door anderen] > zie laatste pagina Suggestie: Gesuggereerd wordt om langs de route informatie te verstrekken over de Hollevoeterbrug en het buurtschap daar. Daar wordt nu weinig ruchtbaarheid aan gegeven, maar kan wel onderdeel zijn van het verhaal van de Rotte.

Ecologie: Suggestie: Om de natuurwaarden nog meer te versterken wordt door de belangenvereniging natuur gesuggereerd om langs de route geriefbosjes toe te voegen. Voor alternatief 3 kan dit tevens voordelen opleveren voor de privacy van de bewoners aan de Rottedijk; en mogelijk zou dit ook kunnen fungeren als een ecologische verbinding naar Bentwoud. Zie ook het Ontwikkelplan Rottemeren ter inspiratie. Suggestie: Gesuggereerd wordt om natuurvriendelijke oevers toe te passen bij alternatief 2. Suggestie: Het zoveel mogelijk toevoegen van de bloemrijke bermen is een kans voor de ecologische structuur. Ontwikkeling: De provincie Zuid-Holland doet op dit moment onderzoek naar de realisatie van een ecologische Verbindingszone Krimpenerwaard – Bentwoud. Op basis van de resultaten van dit onderzoek wordt bezien in hoeverre de aanleg van het Verlengde Molengangenpad van invloed is op de ecologische verbindingszone Verbindingszone Krimpenerwaard – Bentwoud en welke mogelijkheden er zijn voor een ‘gezamenlijke’ aanpak. Verkeersveiligheid Opmerking interactie autoverkeer: De uitritjes bij de woningen maken het gevaarlijk, de andere kruisingen zijn overzichtelijk. >> Reactie verkeerskundigen: het beperktere zicht rond de uitritten van woningen wordt veroorzaakt door het hoogteverschil (de uitritten gaan op/af de dijk) en de aanwezige tuinbeplanting (hagen e.d.).

Aan de hoogteverschillen kan niets worden veranderd. Weghalen van zichtbeperkende tuinbeplanting is aan de betre ende eigenaren zelf. Het is een aanbeveling om in het ontwerp van het etspad de uitritten te markeren, zodat de weggebruikers worden geattendeerd op de mogelijk gevaarlijke punten. Bijvoorbeeld door een plaatselijk onderbroken langsmarkering. Opmerking interactie autoverkeer: Bij alle varianten is het gedeelte van het etspad tussen de Moerkapelse Zijde en de etsbrug nabij Westland onveilig: con ictgevaar vanwege te smal wegpro el. Bij variant 3 is dit het minst erg (afwezig). In het verlengde daarvan is bij alternatief 2 en 3 als aandachtspunt/voorwaarde meegegeven dat de kruising bij Westland goed (veilig) moet worden vormgegeven, bijvoorbeeld met een plateau. Suggestie interactie etsers van verschillende snelheden & Ruimte voor de wandelaar: Extra ruimte voor de wandelaar en minder interactie tussen etsers van verschillende snelheden kan worden gerealiseerd door het ontwerpen van een combinatie DO ( etsstraat) + alternatief 1 (onverplicht pad) voor wandelaars en langzame etsers, bijv. schelpenpad als ondergeschikt ets- en wandelpad.

fi

fi

fl

ff

fi

fi

fi

fi

ti

fi

33

fi

fi

Bijlage III: Sugges es/overige opmerkingen uit interviews

Suggestie interactie etsers van verschillende snelheden: Gesuggereerd wordt om te onderzoeken of bij alternatief 2 en 3 een pro el van 4 à 4,5m breedte mogelijk is om de interactie van etsers van verschillende snelheden zoveel mogelijk te beperken. Vanuit verkeerskundig oogpunt is dit een onnodige toevoeging. Opmerking ruimte voor de wandelaar: (Een deel van) de Rottedijk zal altijd nog als secundaire wandel/ etsverbinding blijven, aangezien dit dan minimaal als toegangsweg tot de molenstompen blijft behouden. Suggestie ruimte voor de wandelaar: Vanaf Rottedijk 16 is er in de brede berm ruimte waarin gelopen/uitgeweken kan worden. Gesuggereerd wordt om hier een semi-verhard pad aan te leggen. Waar mogelijk over de hele lengte van de route, afhankelijk van het gekozen alternatief. Suggestie ruimte voor de wandelaar: Bij alternatief 1a, 1b en 2 wordt als aandachtspunt/ voorwaarde meegegeven dat de (vlonder)brug breed genoeg moet zijn om comfortabel te wandelen. Verwacht wordt namelijk dat de leuningen de bruikbare breedte zullen beperken t.o.v. de rest van het etspad. Dit is een aandachtspunt voor verdere uitwerking. Suggestie ruimte voor de wandelaar: Je zou i.p.v. het etspad in alternatief 3 daar juist het wandelpad kunnen neerleggen, mogelijk kun je dan ook nog een rondje lopen.

Toegevoegde waarde voor de etser Suggestie directheid: Als je kiest voor alternatief 2, 1a of 1b, trek dan door tot voorbij Rottedijk 16, want 1a en 1b hebben nu weinig voordeel ten opzichte van het DO. Suggestie aantrekkelijkheid: Gesuggereerd wordt om de aantrekkelijkheid van alternatief 3 te verbeteren door de route tot aan Rottedijk 10 over de Rottedijk te laten lopen. Dan neemt de beleving van de Rotte en de Rottedijk toe (en blijft de impact op de bewoners van de Rottedijk beperkt). Echter blijft de Rottedijk altijd toegankelijk en dus beleefbaar, waardoor dit onnodig de directheid van alternatief 3 beperkt. Suggestie aantrekkelijkheid: Gesuggereerd is om bij alternatief 3 de mogelijkheid te bieden om ter hoogte van de oorsprong van de Rotte dit punt toegankelijk te maken. Deze suggestie is niet meegenomen in de uitwerking van de alternatieven, omdat de oorsprong van de Rotte altijd via de huidige Rottedijk te bezoeken is en de directe bereikbaarheid hiervan vanaf de etsroute voor aantrekkelijkheid van de route geen hoge prioriteit heeft. Suggestie samenhang: Gesuggereerd wordt dat een ligging van het etspad aan de westzijde logischer zou zijn als je het bekijkt vanaf de A12 in het zuiden. Een route aan de westzijde zal dan meer recht-toe-rechtaan zijn en nog steeds een aardige beleving van de Rotte en het uitzicht op de polder geven.

Deze suggestie brengt echter heel veel meerkosten met zich mee. Ook heeft men hier te maken met andere omwonenden. Suggestie samenhang: Gesuggereerd is om variant 1a & 1b door te trekken tot voorbij Rottedijk 16, zodat er meer verschil/voordeel ontstaat ten opzichte van het DO. Gesuggereerd wordt dat daarmee ook de bestaande drenkplaats van het vee nabij Rottedijk 14 in gebruik kan blijven. Suggestie samenhang: Voor alle varianten wordt gesuggereerd dat de route (welke dan ook gekozen wordt) goed moet worden aangeduid, bijvoorbeeld door middel van route-bordjes, zodat deze ook daadwerkelijk goed gebruikt zal worden. Suggestie directheid: Gesuggereerd wordt om de erftoegangsweg voor de bewoners aan de Rottedijk achter de woningen langs te leggen en daarmee etsers en wandelaars op de Rottedijk

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

fi

34

fi

fi

Suggestie interactie etsers van verschillende snelheden: Variant 3 kun je zodanig inrichten dat de snelle etsers deze directe route gebruiken en langzame (recreatieve) etsers en wandelaar alsnog de Rottedijk kunnen volgen. Hierbij kan een wildrooster op de overgang van de Rottedijk naar het nieuwe etspad worden toegepast, zodat deze route onaantrekkelijk is voor wielrenners. Wel betekent dit extra aanlegkosten op de overgang van bestaande Rottedijk naar het nieuwe etspad.

meer ruimte te bieden. Hoewel dit ervoor zorgt dat etsers en auto-bestemmingsverkeer gescheiden is, brengt dit veel meerkosten met zich mee.

Juridisch/ nancieel Opmerking kosten: Let op of voorbelasting voor bestaand deel Rottedijk is meegenomen in de kosten. Technische uitvoerbaarheid: Suggestie bodem en ondergrond: Toepassing van lichte materialen vergroot de technische uitvoerbaarheid.

B. Suggesties vanuit de verschillende partijen Bewoners/omwonenden: Opmerking algemeen: Een nieuw etspad is onnodig, want er zijn al genoeg etspaden in de buurt die naar Bentwoud leiden: via de provinciale weg 209 en Herenweg (in het verlengde van Moerkapelle). Je wilt voorkomen/niet dat er teveel routes naast elkaar komen nabij de Rottedijk. Daarnaast heeft Moerkapelle ook belang bij passanten, dus via de Herenweg zou daarom ook een goede recreatieve route zijn. Dat alternatief heeft niet zoveel belevingswaarde en is niet zo direct, maar het dorp krijgt zo wel meer bezoekers dan wanneer men over de Rottedijk blijft gaan. Belangenverenigingen etsers Suggestie meekoppelkans: In het plan voor doorontwikkeling Rottemeren zitten ook ruiterroutes en MTB-routes. Mogelijk deze meekoppelen, bijvoorbeeld door een stukje te maaien in de berm. Suggestie alternatieve verbinding: Neem voor het noordelijk deel (nieuwe etspad ten noorden van Stal Anna’s Hoeve) het alternatief over de Herenweg in overweging. Suggestie combineren van alternatieven: - Alternatief 2 combineren met 1b, zodat je de kwaliteit hebt van boven op de dijk en zit de meerwaarde in het zicht op de molens en de Rotte. - Fietsen op de westzijde en wandelen op de oostzijde. Suggestie materialisering: Misschien is het een idee om de kantmarkeringen uit te voeren in KoudSprayPlast.

Dit is een duurzame vorm van markeringsmateriaal. De verf wordt op de weg gespoten. Vervolgens wordt er glasparelmix overheen gestrooid. Deze mix reageert op de verf, waardoor een sterke markering ontstaat met een langere levensduur dan de standaard markering. De glasparelmix zorgt ook voor de re ectie, waardoor de lijnen, vooral als er licht op valt, goed zichtbaar zijn. Belangenvereniging natuur Suggestie combineren van alternatieven: Combineer alternatief 1b en 2, zodat je de voordelen hebt van hoog op de dijk waar het interessant is (= t/m de oorsprong: unieke beleving van de molens én de Rotte zelf). Daarbij geen voorkeur voor achter of vóór het gemaal langs. De voetganger blijft hierbij over de Rottedijk gaan. Suggestie alternatieve route: Voor het deel ten noorden van Stal Anna’s Hoeve graag ook verkennen om de route rechtsom te laten verlopen, dus niet over het Land van Belofte, maar rechtsom erlangs. En dan bloemrijke randen toevoegen en het etspad zoveel mogelijk op de akkerranden leggen. Belangenvereniging wandelaars Suggestie DO: geheel of gedeeltelijk in halfverharding uit te voeren of een andere verharding. Een andere kleur verharding of straatstenen zou een andere belevingswaarde geven.

fi

fi

fi

fi

fl

fi

fi

fi

35

Suggestie bij 1b: Vrijliggend wandelpad zo simpel mogelijk vormgeven (niet verhard): een wandelpad die door het groen meandert. Opmerking verkeersveiligheid: De Rottedijk is onderdeel van het route-netwerk vanuit Moordrecht, dus de wandelaar moet mee worden genomen in de inrichting. Als men zomaar op eigen risico moet lopen, wordt hier geen rekening mee gehouden. Belangrijk is om op het deel vanaf de paardenwei tot aan het Land van Belofte voldoende aparte ruimte te maken voor wandelaars. Hekken staan hier dicht op de weg. Suggestie algemeen: Laat het etspad zo laat mogelijk op de Rottedijk aansluiten. Opmerking aansluiting op de omgeving: Voorkeur voor route om het Land van Belofte heen. Niet er doorheen, want dat voelt teveel als privégebied en het Land van belofte heeft haar eigen identiteit/karakter dat het liefste zo behouden moet blijven. Agrariërs/grondeigenaren Opmerking algemeen: Er zijn allerlei plannen in ontwikkeling tussen Rottedijk en Zoetermeer (doelt op 1200ha parkontwikkeling Rottemeren), dus een variant aan de westzijde (nog verder westwaarts dan alternatief 1b) biedt kansen om ook dat gebied beter te ontsluiten. Opmerking algemeen: Zorg dat niet om de 50m een etspad nodig is. Opmerking algemeen: Aansluiting voorbij Rottedijk 16 heeft de voorkeur, omdat er dan geen problemen zijn met o.a. vee roosters.

Suggestie alternatief 1a: Leg de relatie met Landschapsplan de Rotte. Suggestie alternatief 1a en 1b: Voorkom desinvesteringen; als je kiest voor een westelijk tracé, trek die dan door tot voorbij Rottedijk 16, want alternatief 1a en 1b hebben weinig voordeel ten opzichte van het DO. Een extra voordeel van het doortrekken, is dat het nu gedeelde weiland weer één geheel wordt. Dat is makkelijker te beheren en de schapen hebben altijd toegang tot water. Suggestie alternatief 3: Voor de privacy van de bewoners zou je kunnen kijken wat je daar met haag en struiken zou kunnen doen. Iedereen heeft daar zijn paradijsje; belangrijk om privacy te waarborgen door bijvoorbeeld de bloemrijke berm in te richten met struiken die het etspad aan het zicht onttrekken; tevens verhoging biodiversiteit, wel meer onderhoud. Opmerking verkeersveiligheid: Aandachtspunt kruising Moerkapelse Zijde: verkeersveiligheid is hier in het gedrang. Veel landbouwverkeer heeft hier onthe ng voor (3,5m breed, 5m nodig), is dat daar voldoende meegenomen? En moet je dan niet aan de westzijde van de Rotte oversteken? Suggestie alternatief 1b: Tegenover Rottedijk 14, bij de oorsprong van de Rotte, is een drenkplaats voor de schapen. Dat is de enige plek waar ze kunnen drinken, want een alternatief van een buis door de dijk leggen mag niet.

Het stuk sloot links van dijk tussen Rottedijk 14 en 16 staat nu droog, dan zou je die moeten verdiepen vanuit het noorden.!

fi

ffi

fi

fi

36

Bijlage IV: Analyse historisch verloop wegen Hieronder een overzicht van het historisch verloop van de wegen rondom de oorsprong van de Rotte. Deze analyse is gemaakt door Urban Synergy naar aanleiding van de gevoerde gesprekken. Hieruit kan worden geconcludeerd dat zowel aan de oostelijke zijde van de Rotte als aan de westelijke zijde doorlopende paden zijn geweest tussen Moerkapelse Zijde en de Oostdijk nabij het Bentwoud. Hiermee kan het verloop van de toekomstige etsroute in perspectief worden gezet.

!

fi

37

Bijlage V: Toelichting op de globale kosten aanleg en grondverwerving Tabel IV.a: Samenvatting overzicht globale inschatting aanlegkosten incl. grondverwerving

Route

Voorbereidende werkzaamheden

Grondaankoop

Grondwerk en terrein inrichting

Staartkosten

Totaal

DO goedkoopste

€ 71.000

€ 380.760

€ 1.047.556

€ 628.534

€ 2.127.849

Alternatief 1a goedkoopste alternatief

€ 101.000

€ 447.889

€ 1.412.749

€ 875.509

€ 2.837.147

Alternatief 1b op-1-nagoedkoopste

€ 101.000

€ 485.014

€ 1.484.529

€ 890.718

€ 2.961.261

Alternatief 2 op-1-naduurste

€ 101.000

€ 632.776

€ 1.571.724

€ 943.034

€ 3.248.535

Alternatief 3 duurste

€ 101.000

€ 905.848

€ 1.655.579

€ 993.347

€ 3.655.774

Tabel IVb: Samenvatting overzicht globale inschatting kosten grondverwerving

Route

Oppervlakte aan te kopen grond (m2)

Marktwaarde incl. volledige schadeloosstelling Kosten

Prijs per m2

DO goedkoopste

€ 25.188

€ 380.760

€ 15,12

Alternatief 1a goedkoopste alternatief

€ 29.252

€ 447.889

€ 15,31

Alternatief 1b op-1-nagoedkoopste

€ 31.502

€ 485.014

€ 15,40

Alternatief 2 op-1-naduurste

€ 43.054

€ 632.776

€ 14,70

Alternatief 3 duurste

€ 52.400

€ 905.848

€ 17,29

38

Quickscan Wet natuurbescherming Verlengde Molengangenpad Oriënterend onderzoek ecologie in het kader van de Wet natuurbescherming

Colofon

Status:

Definitief

Project:

2022-0246

Datum:

10 maart 2022

Samensteller:

ir. ing. D. Bogers

Collegiale toets:

ing. M.A. Brinkbaumer

Opdrachtgever:

Buro SRO Utrecht

Contactpersoon:

H. van Arendonk

Disclaimer Blom Ecologie B.V. is niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit toepassing van de resultaten van werkzaamheden en/of gegevens verkregen van Blom Ecologie B.V. Niets uit deze rapportage mag zonder schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en Blom Ecologie B.V. worden gebruikt door derden. Onder gebruik worden alle vormen van kopie, openbaarmaking en elke andere toepassing begrepen. Deze rapportage mag alleen gebruikt worden voor het doel waarvoor het is samengesteld.

Inhoud 1 Inleiding

4

1.1

Planlocatie

5

1.2

Beoogde ruimtelijke ingreep

6

2 Methode

7

2.1

Uitvoering onderzoek

7

2.2

Soortenbescherming

7

2.3

Gebiedsbescherming

8

2.4

Houtopstanden

9

3 Beoordeling

11

3.1

Soortenbescherming

11

3.2

Gebiedsbescherming

15

3.3

Houtopstanden

17

4 Samenvatting

18

4.1

Soortenbescherming

18

4.2

Gebiedsbescherming

18

4.3

Houtopstanden

18

5 Conclusie

19

5.1

Conclusie

19

5.2

Uitvoerbaarheid

19

5.3

Vervolgstappen

19

5.4

Te treffen maatregelen

19

1 Inleiding Aan en nabij de Rottedijk te Moerkapelle zijn een openbare weg, verschillende agrarische percelen en een waterpoel gesitueerd. Ten behoeve van een nieuw fietspad (het Verlengde Molengangenpad) is de initiatiefnemer voornemens het bestaande wegdek van de Rottedijk en de onderliggende dijk te verbreden. Op de agrarische percelen worden een verhard fietspad en twee fietsbruggen gerealiseerd. Tevens dienen er twee duikers verplaatst/vervangen te worden en worden meerdere sloten aangelegd. Het bestemmingsplan voorziet niet in de beoogde ruimtelijke ingreep en dient derhalve te worden gewijzigd. De beoogde ruimtelijke ingreep heeft mogelijk een negatief effect op beschermde flora en fauna (soortenbescherming), beschermde natuurgebieden (gebiedsbescherming) en/of beschermde houtopstanden. Ten behoeve van de beoogde ruimtelijke ingreep geldt de wettelijke verplichting onderzoek te verrichten naar de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en de mogelijke effecten van de ruimtelijke ingreep daarop. Buro SRO Utrecht heeft Blom Ecologie verzocht de planlocatie te onderzoeken op aanwezigheid van beschermde soorten, gebieden en houtopstanden. Vervolgens wordt getoetst of de beoogde ruimtelijke ingreep uitvoerbaar is in het kader van de Wet natuurbescherming en/of provinciaal beleid.

Onderzoeksdoelen • Is het bestemmingsplan dat wordt opgesteld voor het project zoals hiervoor omschreven uitvoerbaar zoals het bepaalde in de Wro (art. 3.1.6 Bro)? • Welke, krachtens de Wet natuurbescherming, beschermde flora en fauna zijn (potentieel) aanwezig op de planlocatie en welke negatieve effecten kunnen optreden als gevolg van de beoogde ruimtelijke ingreep? • Heeft de beoogde ruimtelijke ingreep een negatief effect op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden of de wezenlijke kenmerken en waarden van provinciaal aangewezen beschermde gebieden? • Leidt de beoogde ruimtelijke ingreep tot kap van houtopstanden zoals bedoeld in de Wet natuurbescherming? • Dienen er vervolgstappen in het kader van de Wet natuurbescherming en/of provinciaal aangewezen beschermde gebieden te worden genomen, en zo ja, welke?

Figuur 1.1

De planlocatie bestaat uit de Rottedijk te Moerkapelle en (delen van) nabijgelegen agrarische percelen. 4

1.1

Planlocatie De planlocatie betreft een lijnvormig traject (circa 1,8 km lang) bestaande uit de Rottedijk te Moerkapelle en (delen van) nabijgelegen agrarische percelen (figuur 1.2). De planlocatie volgt in het zuiden de openbare, doodlopende weg van de Rottedijk. De planlocatie doorkruist verder naar het noorden verschillende agrarische percelen (akkers en weilanden). In het noorden van de planlocatie is de Oostkade en een waterpoel gesitueerd, welke binnen de beoogde ruimtelijke ingreep zullen worden overbrugd met fietsbruggen. Direct ten westen van de Rottedijk loopt de watergang ‘De Rotte’. Deze watergang is voorzien van oevers met rietkragen. In figuur 1.3 en bijlage 1 zijn een aantal foto’s opgenomen die een impressie geven van de planlocatie en de directe omgeving hiervan.

Figuur 1.2 De planlocatie (rood omkaderd) bestaat uit de Rottedijk te Moerkapelle en (delen van) nabijgelegen agrarische percelen. De directe omgeving van de planlocatie wordt gekenmerkt door agrarische percelen (akkers en weilanden), kavelsloten en enkele struwelen met bomen. Ten noorden van de planlocatie ligt het Bentwoud. Circa 1,2 km ten zuiden van de planlocatie ligt de A12. De planlocatie is gelegen tussen Moerkapelle (circa 500 m afstand) en Zoetermeer (circa 1 km afstand).

Figuur 1.3 Fotografische indruk van de omgeving van de planlocatie.

5

1.2

Beoogde ruimtelijke ingreep De beoogde ruimtelijke ingreep betreft de realisatie van het Verlengde Molengangenpad, een fietspad welke de verbinding vormt tussen de Rottemeren en het Bentwoud. Ten behoeve van dit fietspad wordt een gedeelte van de bestaande Rottedijk en het doodlopende wegdek verbreed. Dit wegdek wordt verder doorgetrokken over de agrarische percelen in het noorden van de planlocatie. Om dit te realiseren worden er twee duikers vervangen en/of verplaatst. In het noorden van de planlocatie worden, op het huidige akkerland, sloten gerealiseerd, waarvan de meest westelijke sloot van een natuurvriendelijke oever wordt voorzien. De omliggende grond rond het fietspad wordt ingericht als bloemrijk grasland. Tevens worden er twee fietsbruggen gerealiseerd, welke de Oostkade en de waterpoel zullen overbruggen. De functie van het gebied dient te wijzigen.

Onderstaand volgt een korte opsomming van de ingrepen en effecten: • kappen van bomen en rooien van struiken: kap- en rooiwerkzaamheden en afvoer hout; • kleinschalige werkzaamheden aan sloten (verplaatsen/vervangen van duikers): graaf- en (plaatselijke) dempwerkzaamheden; • verwijderen terreininrichting, waaronder gedeelte van het groen: graafwerkzaamheden, transport (afvoer) van materiaal en groen; • egaliseren terrein: graafwerkzaamheden en grondtransport; • realisatie nieuw wegdek en fietsbruggen: algemene bouwwerkzaamheden; • revitalisatie terrein en aanleg verharding: allerhande (straat- en hoveniers) werkzaamheden.

Figuur 1.4 Visuele representatie van de beoogde situatie (bron: Urban Synergy). De afbeelding betreft slechts het meest noordelijke gedeelte van de planlocatie.

6

2 Methode Dit oriënterend onderzoek verkent alle relevante vakgebieden met betrekking tot de Wet natuurbescherming. Hierbij wordt een beoordeling gegeven van de aanwezigheid van specifieke potentie voor beschermde flora en fauna op de planlocatie, de betekenis van de planlocatie voor de aanwezige soorten en de effecten van de voorgenomen ingrepen op de soorten. Dit onderzoek bestaat uit een veldbezoek en raadpleging van externe bronnen. De reikwijdte bestaat uit de Wet natuurbescherming en de provinciale omgevingsverordening.

2.1

Uitvoering onderzoek Het veldbezoek is een momentopname van de aanwezige flora en fauna. Op basis van dit veldbezoek wordt een inschatting gemaakt omtrent de mogelijke aanwezigheid van beschermde soorten. Tijdens het veldbezoek is de planlocatie nauwkeurig onderzocht, waarbij ook gelet werd op sporen en delen of restanten van planten en/of dieren. Het veldbezoek heeft plaatsgevonden op 2 maart 2022 en is uitgevoerd door ing. D.F. Knoops en ir. ing. D. Bogers. De weersomstandigheden tijdens het veldbezoek waren; droog, 1/8 bewolkt, 11,5 Celsius en windkracht 1-2 (Bft). Vaak zijn er al gegevens bekend over een planlocatie en de directe omgeving hiervan. Deze gegevens worden onder andere beheerd in rapporten en naslagwerken en door de Nationale Database Flora en Fauna (NDFF). In NDFF wordt normaliter hierbij een straal van 2 km aangehouden rondom de planlocatie. Afhankelijk van het karakter en ligging van de planlocatie kan een afwijkende afstand aangehouden worden. Raadpleging van externe bronnen levert vaak nuttige aanvullende informatie op en biedt daarmee een vollediger beeld van de (mogelijk) aanwezige flora en fauna.

2.2 Soortenbescherming De soortenbescherming is opgedeeld in de volgende beschermingsregimes: Vogelrichtlijnsoorten (Wnb art. 3.1), Habitatrichtlijnsoorten (Wnb art. 3.5) en Andere soorten (Wnb art. 3.10). Hierin worden rust- en voortplantingsverblijfplaatsen en het functioneel leefgebied beschermd. Bij overtreding van een verbodsbepaling geldt een ontheffingsplicht. Vogelrichtlijn (Wnb art. 3.1) 1. Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen. 2. Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen. 3. Het is verboden eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te rapen en deze onder zich te hebben. 4. Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen. 5. Het verbod, bedoeld in het vierde lid, is niet van toepassing indien de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. Habitatrichtlijn (Wnb art. 3.5) 1. Het is verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen.

2. Het is verboden dieren als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te verstoren. 3. Het is verboden eieren van dieren als bedoeld in het eerste lid in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen. 4. Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in het eerste lid te beschadigen of te vernielen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15160089/1