Bijlage 7 Bestemmingsplan Verlengde Molengangenpad – bijlagen A25.000209
Tekst van het document
Recreatieschap Rottemeren
Adres
T.a.v. mevr. M. de Gast Postbus 2 3800 AA AMERSFOORT
:
Van Beethovenlaan 35
:
3741 HX BAARN
:
Nederland
Telefoon
:
+31 (6) 41 96 88 97
Website
:
www.dickvanveen.nl
:
info@dickvanveen.nl
Plaats/datum
:
Baarn, 31 juli 2021
Ons kenmerk
:
2107_E2
Project
:
Fietsroute Verlengde Molengangenpad
1. Aanleiding, vraag Staatsbosbeheer werkt als beheerder van het Recreatiegebied Rottemeren aan een recreatieve fietsverbinding tussen Moerkapelle (en de Rottemeren) en het recreatiegebied Bentwoud. Zowel in het Bentwoud als langs de Rotte zijn reeds veel recreatieve fietsers, maar de directe verbinding ontbreekt. Daarvoor komt het zgn. Verlengde Molengangenpad in beeld. Deze beoogde route loopt over de Rottedijk oostzijde waarbij deels de bestaande verkeersstructuur (ontsluitend pad naar enkele woningen/bedrijven) gebruikt wordt, en deels een nieuw fietspad aangelegd wordt. Deze route is ontworpen en uitgewerkt door bureau Urban Synergy, in het (concept) Definitief Ontwerp Verlengde Molengangenpad. Figuur 1 laat het tracé van deze verbinding zien.
Figuur 1: F253 Verlengde Molengangenpad
De bewoners van dit zuidelijke gedeelte van de Rottedijk hebben hun zorgen geuit over de verkeersveiligheid van het toekomstig medegebruik van de (smalle) dijk, door bestemmingsverkeer, recreatieve fietsers, waaronder snellere fietsers, en voetgangers (met huisdieren). De gemeenteraad van Zuidplas heeft aan het Recreatieschap gevraagd om een verkeersstudie op te stellen die antwoord geeft op deze verkeersveiligheidsvragen. Het Recreatieschap vraagt aan Dickvanveen om een verkeerskundig advies uit te brengen op het (concept) Definitieve Ontwerp Verlengde Molengangenpad d.d. 10-11-2020. In deze memo ga ik daar dieper op in. Hierbij betrek ik de actuele en verwachte verkeersstromen en bekijk ik het vigerend ontwerp. Dit onderzoek betreft de zgn. ‘oostelijke variant’.
Conclusie Ten aanzien van de verkeersveiligheid op het nieuwe tracé Rottedijk/Verlengde Molenkade wordt geconcludeerd dat: 1. de verkeersfunctie en de gemotoriseerde verkeersintensiteit op het gedeelte tussen Moerkapelse Zijde en de 1e molenstomp (Rottedijk 16) met 30-40 motorvoertuigen per dag dermate laag is, dat de fietser in de toekomstige situatie duidelijk de geprioriteerde weggebruiker zal zijn. 2. de huidige snelheidslimiet van 30 km/u passend is bij de duurzaam veilige wegcategorie (erftoegangsweg type II), haar huidige (en toekomstige) inrichtingsvorm en het te verwachten verkeersgebruik (mengen van fietser en auto). Deze 30 km/u is de laagste snelheid die wettelijk mogelijk is op routes buiten de bebouwde kom. Wel ontbreken er in de bestaande situatie verschillende 30 km/u borden. [gemeente Zuidplas] 3. het beoogde ontwerp (op enkele puntvernauwingen na) qua wegbreedtes voldoet aan de richtlijnen van het CROW voor een erftoegangsweg type 2 dankzij het op veel punten verbreden van de dijk tot 3,50 m., aangevuld met de passeermogelijkheden bij inritten en passeerhavens. 4. inhalen van fietsers door auto’s op de route niet tot nauwelijks mogelijk is, waardoor frustratie bij automobilisten een risico vormt.
Dit kan worden gemitigeerd door de aanwijzing en inrichting van de route als fietsstraat op het gedeelte waar de het fietsverkeer de ruimte deelt met gemotoriseerd verkeer. 5. wanneer de aanbeveling om de weg als fietsstraat in te richten opgevolgd wordt, deze idealiter over de hele lengte idealiter 3,80 meter zou moeten zijn. Deze breedte is niet beschikbaar; de breedte van 3,50 m. (die als erftoegangsweg reeds voldeed) is het maximale. Een grotere breedte kan echter ook leiden tot hogere rijsnelheden voor de auto dan in de bestaande situatie.
2
6. voetgangers bij de grotere verkeerstromen (fiets) meer in conflict kunnen komen met fietsers (vooral snelle fietsers in fietspelotons), maar dat een inrichting als fietsstraat voor verlichting kan zorgen, dankzij een lagere rijsnelheid en kantmarkering. Bovendien kan onderzocht worden of een alternatief voetpad (westelijke zijde van de Rotte) mogelijk is. 7. de route op het oostwest gelegen gedeelte (tussen Westland en de fietsbrug) een grotere fietsverkeersfunctie heeft (want ook utilitair en recreatief fietsverkeer tussen Moerkapelle en het westen), maar dat de huidige wegbreedte op dat gedeelte met 3.2 m. het smalst is. Alhoewel dit wegvak buiten de projectgrens van het Definitief Ontwerp valt, wordt geadviseerd dit gedeelte te verbreden tot minimaal 3,50 m. [gemeente Zuidplas] 8. op het fietspad Verlengde Molengangenpad de breedte voldoende is voor tweerichtingsverkeer fiets en voor het inhalen van voetgangers, maar de snelheidsverschillen tussen de doelgroepen tot conflicten kunnen leiden. Een gedragsmaatregel in de vorm van bebording kan hier enig soelaas bieden. [gemeente Zuidplas, gemeente Alphen a/d Rijn] 9. er naast deze nieuwe recreatieve fietsroute alternatieven beschikbaar zijn voor snelle fietsers. Hierdoor is het acceptabel om van snelle fietsers op deze route te vragen zich aan te passen. Dit kan bijvoorbeeld door een bord ‘racefietser te gast’.
[gemeente Zuidplas, gemeente Alphen a/d Rijn] 10. de keermogelijkheid na de 1e Molenstomp (Rottedijk 16) door middel van een insteekhaven qua ontwerp minder veilig is dan de huidige keerlus. [gemeente Zuidplas] 11. de horizontale aanlanding bij de kruising Oostkade met 2 meter kort is waardoor fietsers van rechts slecht zichtbaar zijn voor verkeer op de Oostkade. Een langere rechtstand vergroot de zichtbaarheid en daarmee de veiligheid. [gemeente Lansingerland] 12. in het definitief ontwerp van kruising van het Verlengde Molengangenpad met het Bentwoudpad het Bentwoudpad voorrang heeft ten opzichte van het Verlengde Molengangenpad, terwijl dit gelijkwaardige fietsroutes zijn. Door hier een ruime, gelijkwaardige kruising van te maken sluit het ontwerp aan bij het te verwachten verkeersgedrag en de geldende verkeerskundige richtlijnen. [gemeente Lansingerland] Deze conclusies worden in de volgende paragrafen uiteengezet.
2. Verkeerssituatie De route betreft de missende recreatieve verbinding F253 tussen het Bentwoud en de Rottemeren. Deze route is noord-zuid gericht en het vervolg op de fietspadenstructuur langs de oostoever van de Rotte. Het plangebied start aan de zuidzijde bij de Moerkapelse Zijde. In het noorden sluit de route aan op de Oostkade, en aan de noordzijde daarvan aan op het Bentwoudpad.
3
Fietsroute F253 Verlengde Molengangenpad
Figuur 1: Uitsnede uit Mobiliteitsvisie Zuidplas, hoofdfietsnetwerk.
De route loopt vanaf de Moerkapelse Zijde eerst over het bestaande tracé van de Rottedijk. Op dit zuidelijke deel (tot de keerlus) rijdt gemotoriseerd bestemmingsverkeer in de toekomstige situatie samen met het recreatief fietsverkeer. Er zijn circa 10 huisaansluitingen (woningen) langs dit wegvak, een bedrijfsbestemming en een volkstuinencomplex. Er is geen landbouwverkeer dat via deze route rijdt. Uit tellingen1 komt naar voren dat er tussen de 30 tot 40 motorvoertuigen over dit wegvak rijden op een werkdag. Dat is circa 4 voertuigen per spitsuur. Het drukte punt hierbij is direct ten noorden van de kruising met de Moerkapelse Zijde. Hoe verder noordwaarts, hoe lager de verkeersintensiteit wordt (hoe rustiger de weg wordt). Het oost-west gedeelte van de Rottedijk overlapt met de oost-west fietsroute Westland. Deze loopt van Moerkapelle parallel aan de Moerkapelse Zijde (die ontoegankelijk is voor fietsverkeer) om met een fietsbrug over de Rotte aan de sluiten op de westzijde van de Hollevoeterbrug. Dit gedeelte heeft hierdoor een groter aandeel fietsverkeer: niet alleen recreatief noord-zuid gerichte fietsers maar ook recreatief en utilitair oost-west fietsverkeer. Vanaf deze kruising met de fietsbrug loopt aan de westzijde van de Rotte een tweede verkeersroute. Deze is echter niet toegankelijk voor verkeer: het is een
1 Bron: Goudappel Coffeng (2014): Fietspad F253 Bentwoud – Rottemeren, Resultaten Initiatief- en Definitiefase
4
private weg en onderhoudsroute voor het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard. De weg is afgesloten met een hekwerk. Na de laatste Molenstomp (Rottedijk 16) gaat het weggedeelte over in een recreatief fietspad. Bij de overgang is een keermogelijkheid aanwezig voor autoverkeer. Op het fietspad is geen dubbelgebruik met gemotoriseerd verkeer. Wel zijn er verschillende doelgroepen recreatieve fietsers, met verschillen in fietssnelheid en groepsvorming (pelotons), en zijn er wandelaars te verwachten. Het toekomstige fietspad kruist de toegangsweg van Stal Anna’s Hoeve. Deze boerderij wordt niet via de Rottedijk ontsloten (maar oostwaarts via de Herenweg). Het fietspad buigt ten noorden van de boerderij naar het westen af, en loopt als brug naar de Oostkade. De Oostkade is hier een voorrangskruising. De brug loopt noordwaarts verder en sluit aan op het Bentwoudpad. De Oostkade is een smalle dijkweg, gecategoriseerd als erftoegangsweg buiten de bebouwde kom. De weg sluit indirect aan op de Nieuwe Hoefweg, en dient voor de ontsluiting van enkele woningen/boerderijen. Het Bentwoudpad is een recreatief fietspad aan de zuidzijde van het nieuwe recreatiegebied Bentwoud. De exacte fietsintensiteit op dat pad is niet bekent, maar wordt geschat als ‘beperkt’ ( <50 fietsers per uur). De beoogde fietsbrug sluit onder een helling aan op de voorrangskruising.
3. Bevindingen Van zuid naar noord wordt ingegaan op de verschillende kruisingen en wegvakken. Hierbij worden per sectie de bevindingen benoemd en getoetst aan de richtlijnen. Waar mogelijk worden ook aanbevelingen gedaan.
5
dpad
Oo
sectie Moerkapelse Zijde - fietsbrug
Bentwou
ad
e
sectie: Verlengde Molengangenpad: 1e molenstomp tot Bentwoudpad
sectie: Rottedijk fietsbrug tot 1e molenstomp
stk
tland
te Wes fietsrou
e
else Zijd
Moerkap
3.1 Kruising Moerkapelse Zijde De Moerkapelse Zijde is bij de kruising met de Rottedijk niet toegankelijk voor fietsers, ook al is dit een erftoegangsweg. Fietsers kunnen bij deze kruising slechts van noord naar zuid of vice versa rijden. Om van het fietspad Rottedijk (ten zuiden van de Moerkapelse Zijde) naar Moerkapelle te fietsen, moet de noordelijk gelegen parallelle route Westland gebruikt worden. Naast fietsers zullen ook wandelaars gebruik maken van de route, alhoewel ze officieel mogen lopen langs de Moerkapelse Zijde. De inrichting van de Moerkapelse Zijde nodigt uit tot harder rijden door de rechtstand, de afwezigheid van ander dan gemotoriseerd verkeer, de materialisatie en de afwezigheid van duidelijke snelheidsremmers. De kruising is als relatief vlak asfaltplateau uitgevoerd. Bestuurders vanuit het noorden en zuiden dienen voorrang te verlenen op oostwest verkeer.
6
Het zicht vanaf de Moerkapelse Zijde op zowel het fietspad aan de zuidzijde als de Rottedijk aan de noordzijde is matig tot slecht. Langs de Moerkapelse Zijde is veel begroeiing aanwezig. Bovendien ligt zij op een dijk, waardoor een hoogteverschil is met de zijstraten. Dit wordt versterkt doordat men vanuit het westen van de smalle Hollevoeterbrug over de Rotte van een helling rijdt.
Figuur 2: Kruising Moerkapelse Zijde met de fietsroute/Rottedijk als voorrangskruising
Het door alle wegbeheerders (incl. gemeente Zuidplas) vastgestelde Duurzaam Veilig principe stelt dat kruisingen van erftoegangswegen in principe gelijkwaardig zijn. De CROW richtlijnen (ASVV) stellen hiervoor ofwel een plateau ofwel een ‘rechts gaat voor’ kruising voor. In de bestaande situatie is een voorrangsregime ingesteld. Dit wijkt af van de richtlijnen. Fietsers (en autoverkeer) in noord-zuid richting dienen voorrang te verlenen aan de Moerkapelse Zijde. Gezien de verkeerssituatie, met het relatief ongelijkwaardige verkeerskarakter van de oost-west en noord-zuid route, de hoogteverschillen van de brug en het dijklichaam ten opzichte van de Rottedijk en de hoge begroeiing langszij (weinig doorzicht op de kruising) is deze afwijkende voorrangssituatie vanuit verkeersveiligheidsoptiek gerechtvaardigd. De vormgeving met haaientanden en kanalisatiestrepen is daarmee passend. Wel wordt geadviseerd om de rijsnelheid op de Moerkapelse Zijde bij het naderen van de kruising te verlagen, door het aanbrengen van snelheidsremmers. Het huidige asfaltplateau heeft hier met haar geringe hoogte slechts een zeer beperkte invloed op.
7
in de zomer van 2021 opnieuw vorm te geven en daarbij verkeerslichten te plaatsen. Hierbij wordt de wegmarkering aangepast en opnieuw aangebracht. Deze aanpassingen maken de
sectie: Rottedijk fietsbrug tot 1e molenstomp
De gemeente Zuidplas is van plan dit kruispunt
kruising verkeersveiliger. Wel resteert de kans op
roodlichtnegatie
op
de
noord-zuid
fietsroute. De bovenstaande aanbevelingen blijven daarmee van kracht.
3.2 Rottedijk tussen Moerkapelse Zijde en fietsbrug asfaltverharding zonder wegindeling of markering. Het zuidelijk deel, tussen de Moerkapelse Zijde en het Westland is 3,53,7 m breed en omzoomd door hoge hagen en hekken. De weg sluit hier door middel van
een
gelijkwaardig
punaisemarkering
kruising om
(met deze
sectie Moerkapelse Zijde - fietsbrug
De Rottedijk is vormgegeven als een smalle
het fietspad Westland. Deze fietsroute verbindt Moerkapelle in het oosten met de fietsbrug over de Rotte naar het westen en vormt de belangrijkste oost-west verbinding voor lokaal langzaam verkeer (fiets, voetganger). Het gedeelte van de Rottedijk in deze route is 3.2 m breed, met een haag aan de zuidzijde. Aan de noordzijde is een passeerhaven aangebracht. Dit gedeelte valt buiten de scope van het Definitief Ontwerp. rijsnelheid De huidige snelheidslimiet op de Rottedijk is 30 km/uur. Een Duurzaam Veilige inrichting vraagt homogeniteit van snelheden en massa: Mengen van verkeerssoorten bij hoge snelheden moet voorkomen worden. Op basis van haar (slechts
bestemmingsverkeer
voor
e
else Zijd
Moerkap
gelijkwaardigheid te benadrukken) aan op
verkeersfunctie
nd
te Westla
fietsrou
een
beperkt
aantal
huisaansluitingen op een smalle route) ligt een duurzaam veilige wegcategorie ‘erftoegangsweg type 2 buiten bebouwde kom’ voor de hand. Op erftoegangswegen buiten de bebouwde kom kan men 60, ofwel 30 km/u instellen als maximum limiet. Gezien de aard van de route (bestemmingsverkeer, zeer lage autoverkeersintensiteit, zeer beperkte wegbreedte, ten dele beperkte zichtlijnen door hoge beplanting langszij) is 30 km/u op de Rottedijk een passende snelheidslimiet. Wel ontbreken er verkeersborden, bij de kruising Moerkapelse Zijde en bij de kruising Westland.
8
wegbreedte De SWOV stelt2 dat op erftoegangswegen type 2, met een wegbreedte va 3,0 – 4,5 m de maximaal toelaatbare verkeersintensiteit 350 mvt/etmaal mag bedragen. Dit is aanzienlijk hoger dan de huidige 30-40 mvt/etmaal. Op de weg hoeft geen as of kantmarkering aangebracht te worden. De huidige inrichting is hiermee conform. Bij de huidige wegbreedte kunnen op het smalste gedeelte (3.2 m) twee auto’s elkaar niet passeren3. Ook een auto en een fiets kunnen elkaar niet tot niet comfortabel passeren. Bij stijgende fietsintensiteit zal er (iets) vaker gewacht moeten worden in een passeervak. Tabel 1 laat de richtlijnen voor wegbreedtes zien van een erftoegangsweg (fietser en auto gemengd). In deze tabel is ook de breedte voor een tweerichtingsfietspad weergegeven. Bij de huidige breedte van 3,20 m voldoet de route aan de benodigde breedte voor de fietser bij een fietsintensiteit tot 150 fietsers/uur, maar is deze momenteel te krap voor een eenrichtingsweg auto. Op dit wegvak fietst recreatief verkeer tussen de Rotte en het Bentwoud, maar ook fietsverkeer tussen Moerkapelle en het westen: Het is het drukst bereden gedeelte. Alhoewel de exacte aantallen niet bekend zijn, zal de toekomstige fietsintensiteit ruimschoots lager liggen.4 Maatgevende situatie Tweerichtingsverkeer fiets, fietsintensiteiten > 150
Minimaal
Ideaal
profiel
profiel
3,50 m
fietsers/uur Tweerichtingsverkeer fiets, fietsintensiteiten 50-150
3,00 m
fietsers/uur Tweerichtingsverkeer
fiets,
fietsintensiteiten
<
50
2,.50 m
fietsers/uur Eenrichtingsverkeer auto +fiets
3,40 m
3,85 m
Eenrichtingsverkeer auto, tweerichtingsverkeer fiets
3,85 m
4,40 m
Tweerichtingsverkeer auto en tweerichtingsverkeer fiets
4,80 m
5,80 m
2 SWOV-Factsheet (2013), Kantstroken op erftoegangswegen buiten de bebouwde kom 3 De gehanteerde uitgangspunten hierbij waren:
• • • •
benodigde ruimte voor een rijdende fietser 1,00 m tot 1,45 m benodigde ruimte voor rijdende personenauto (30 km/h), inclusief koersafwijking 2,40 m benodigde ruimte voor een rijdende vrachtauto (30 km/h), inclusief koersafwijking 3,10 m benodigde ruimte voor een stilstaande vrachtauto, inclusief spiegels 3,00 m 4 Ter referentie voor de te verwachten fietsintensiteit is gekeken naar de fietsaantallen op de druk
bereden Rottekade in Bergschenhoek (de ‘linkeroever’, meer zuidelijk dan voorliggende locatie)) in Lansingerland. Daar rijden, conform tellingen juni 2021, circa 1000 -1100 fietsers/dag over, zowel door de weeks als in het weekend. Dat komt overeen met circa 100 fietsers/uur. 9
Tabel 1: Maatvoering wegvakvoorzieningen op erftoegangswegen (ASVV2012, CROW) en fietsvoorzieningen (Ontwerpwijzer Fiets, CROW)
Geadviseerd om het oost-west gedeelte van de Rottedijk tussen fietsbrug en kruising Westland te verbreden tot minimaal 3,5 meter, liefst 3,85 meter, aangezien de fietsintensiteit op dit deel hoger ligt. Bovendien is, met de passeerplaats, een groot deel al verbreed zodat de totale wegaanpassing tussen brug en kruising relatief beperkt is. Dit wegvak ligt tot op heden ‘buiten de scope’ van het Definitief Ontwerp.
Figuur 3: De Rottedijk tussen Westland en de fietsbrug Rotte, heeft een zeer beperkte breedte van 3.2 m.
Fietsstraat De weginrichting voldoet aan de Duurzaam Veilige inrichtingseisen van een erftoegangsweg type 2. Het mengen van de beperkte hoeveelheid autoverkeer, utilitair en het toekomstig te verwachten recreatief fietsverkeer is hiermee in principe verkeerveilig beoordeeld. Wel is het mogelijk de situatie nog veiliger te maken door de fietser prominenter in het straatbeeld te plaatsen. Een succesvolle methode hiervoor is door de weg aan te wijzen en in te richten als fietsstraat. Op veel, en steeds meer, plekken wordt gekozen voor deze oplossing om erftoegangswegen met veel fietsverkeer nog veiliger te maken. Recentelijk
10
onderzoek van het Fietsberaad5 toonde aan dat de snelheid van het autoverkeer op fietsstraten buiten de kom zo’n 10 km/u lager ligt dan op vergelijkbare erftoegangswegen buiten de kom. Dit komt de verkeersveiligheid ten goede. Automobilisten rijden rustiger, terwijl het voor fietsers prettiger fietsen is. Daarnaast vraagt een fietsstraat vaak kantmarkering, waardoor fietsers veiliger fietsen, en ook het aantal en de ernst van de conflicten met voetgangers verminderd worden. Figuur 4 laat het keuzeschema zien, en de voorkeurskeuze voor een fietsstraat daarin voor de Rottedijk.
Figuur 4: keuzeschema fietsinfrastructuur erftoegangsweg buiten de bebouwde kom (bron: CROW)
Voor een fietsstraat gelden de volgende ontwerpvoorwaarden (CROW): -
Verkeersintensiteiten zijn lager dan 500 mvt/etmaal (bij wegbreedtes smaller dan 3,8-4,8 m)
-
Maximumsnelheid autoverkeer 30 km/u (idealiter).
-
Verhouding intensiteiten fiets – auto > 1:1
Ruimtelijk is de fietsstraat, behalve aan het verkeersbord, herkenbaar aan de volgende onderdelen: -
De fietsstraat is onderdeel van het fietsnetwerk en verbindt belangrijke plekken met elkaar.
-
Voor het gemotoriseerde verkeer is de straat een erftoegangsweg
-
De fietsintensiteit is gelijk aan of hoger dan de auto-intensiteit
-
De snelheid moet worden beperkt door de inrichting: niet in open landschap, bochten, snelheidsremmers, plateaus, etc.
5 CROW Fietsberaad (2021): Fietsstraten buiten de bebouwde kom.
11
-
Herkenbaar en comfort: asfalt verharding (roodachtig) en goede verlichting en/of markering.
-
Voor overige verkeersdeelnemers zijn voldoende alternatieven. Voor voetgangers kan eventueel een apart voetpad toegepast worden.
De huidige Rottedijk is smal, en wordt in het Definitief Ontwerp vrijwel overal verbreed naar 3,50 meter. Waar mogelijk wordt ook een bermversteviging aangebracht. Hiermee wordt de effectieve breedte groter. Bij de bestaande wegbreedtes is inhalen van fietsers door automobilisten deels niet (bij het gedeelte met breedte < 3,50 m) en deels slechts met lage rijsnelheid (voorzichtig) mogelijk. Door de verbreding in het Definitief Ontwerp wordt het passeren vergemakkelijkt. Tegelijkertijd lokt dit harder rijden door autoverkeer uit. Door een fietsstraat inrichting/aanwijzing is zij meer ‘te gast’ en daardoor geneigd minder dicht achterop fietsers ‘te hangen’, terwijl het niet-inhalen meer geaccepteerd wordt. Wel is het zo dat een fietsstraat in de richtlijnen een minimale breedte kent van 3,80 m, een breedte die in het dijkprofiel tussen Rotte en woningen niet gehaald kan worden. Alhoewel smaller dan de richtlijn voor een fietsstraat wordt de situatie toch veiliger dan de situatie waar de weg wel verbreed wordt maar niet als fietsstraat
ingericht
wordt.
Bermversteviging
naast
de
rijbaan
kan
uitwijkmogelijkheden bieden. Daarnaast is er geen rood asfalt in het Definitief Ontwerp voorzien. Dit is een sterke ontwerpwens, omdat dit de herkenbaarheid van de prioriteit van de fietser vergroot. Wel is het zo dat rood asfalt in het buitengebied minder standaard dan binnen de bebouwde kom. Een combinatie met zwart bitumen maakt roodachtig, wat ook onderhoudstechnisch sterker is. Geadviseerd wordt om het wegvak tussen de Moerkapelse Zijde en de fietsbrug (Westland) aan te duiden als fietsstraat, ook al wordt met de breedte van 3,50 m de ideale wegbreedte van 3,8 niet behaald. De weg wordt veiliger en prettiger in gebruik voor fietser en voetganger. Bestemmingsverkeer rijdt hier mee met het fietsverkeer, waarbij de prioriteit duidelijk ligt bij het fietsverkeer. Inhalen gebeurt alleen als dit veilig kan. De wegbreedte – en de onaantrekkelijkheid om in te halen, functioneert
hiermee
voldoende
als
snelheidsremmer.
Het
aanbrengen van fietspad wegmarkering – een asmarkering en doorgetrokken kantmarkering, zorgt voor herkenbaarheid, waardoor roodachtig asfalt aan te bevelen is.
Door het aanbrengen van
passende kantmarkering is het toepassen van verlichting (lantaarnpalen) minder van belang. Voetgangers lopen op een fietsstraat nog steeds, net als in de bestaande situatie, langs de wegkant. Wel is deze veiliger door de lagere rijsnelheid en de kantmarkering (waardoor (fiets)verkeer verder van de wegrand af rijdt). 12
3.3 Rottedijk tussen fietsbrug en 1e Molenstomp (Rottedijk 16) Het gedeelte vanaf deze fietsbrug tot de 1e Molenstomp (Rottedijk 16) is gecategoriseerd als erftoegangsweg II buiten de bebouwde kom. Zij voldoet hier momenteel en in de toekomst als het wegvak ten zuiden hiervan (paragraaf 3.2). De weg voldoet hiermee aan de eisen van Duurzaam Veilig. Wegbreedte; passeren en inhalen Momenteel is het niet mogelijk voor twee
sectie: Rottedijk fietsbrug tot 1e molenstomp
qua inrichting en qua verkeersintensiteit aan, net
voertuigen om elkaar te passeren: Men moet gebruik maken van passeerplekken (havens en bij uitritten). In de toekomstige situatie wordt de route verbreed tot 3,50 meter. Het passeren van twee voertuigen is bij deze breedte nog steeds niet mogelijk. Wel is het door deze verbreding passeren. Een rustig rijdende auto vraagt 2.40 m breedte, een fietser 1,0 tot 1,45 m. Bij 3,50 m breedte kunnen een automobilist en een fietser als tegenligger elkaar (stapvoets) passeren. Bij hogere
rijsnelheden
dient
een
grotere
sectie Moerkapelse Zijde - fietsbrug
mogelijk voor een auto om een fietser te
and
te Westl
fietsrou
else Zijde
Moerkap
tussenafstand aangehouden te worden die niet beschikbaar is. Fietsers dienen bij deze passeerbeweging achter elkaar te fietsen en niet in fietsduo. Inhalen van fietsers in dezelfde richting is met deze wegbreedte niet gewenst. Gemotoriseerd verkeer blijft bij voorkeur achter de fietser rijden. Een inhaalmanoeuvre zou van fietsers vragen om in een enkele rij te fietsen, om de auto achter hen te laten passeren. Dit kan leiden tot conflicten en frustratie: automobilisten die afdwingen dat fietsers aan de kant gaan. Alhoewel de hoeveelheid auto’s erg beperkt is, is het niet prettig om bijna 1 km achter fietsers te rijden. Er zijn in het nieuwe ontwerp op een viertal plekken bij inritten mogelijkheden om elkaar te passeren, naast 2 passeerhavens. De onderlinge afstand hier varieert tussen de 250 en 125 m. Er zijn geen ontwerprichtlijnen voor onderlinge afstanden van passeermogelijkheden op fietspaden. De richtlijn bij landbouwwegen stelt dit op elke 2 km. Gezien de (zeer) beperkte intensiteit gemotoriseerd verkeer en daarmee de beperkte kans op inhaalbewegingen en langdurige vertraging (achter een fietser blijven hangen) worden de ontworpen tussenafstanden beoordeeld als acceptabel. Bij sommige verbredingen, of in de berm, staan in de huidige situatie af en toe voertuigen 13
geparkeerd, waarschijnlijk van recreanten of visite. Dat is niet toegestaan. Hier moet op gehandhaafd worden. Fietsers passeren elkaar bij de 3,5 m wegbreedte als fietsduo’s. Hierbij zijn geen bijzondere verkeersveiligheidsconflicten aanwezig; de breedte is conform verreweg de meeste tweerichtingsfietspaden in het land. Ook het passeren van voetgangers die aan de rand van het de weg lopen is relatief conflictarm. Er worden geen bijzondere verkeersonveilige situaties verwacht. Wel is het zo, dat zeker wanneer fietsers in pelotons met hogere snelheden passeren er een groter gevoel van onveiligheid optreed, zowel bij gepasseerde fietsers als voetgangers. Fietsstraat Om conflicten en frustratie voorts te verminderen wordt geadviseerd ook op dit gedeelte een fietsstraat in te stellen, conform het advies voor het gedeelte tussen Moerkapelse Zijde en de fietsbrug. Ook hier wordt voorgesteld om de bebording te plaatsen en passende as- en kantmarkering. Daarnaast kan onderzocht worden of het mogelijk is om een alternatief voetpad, bijvoorbeeld op de westelijke oever, aan te leggen.
Figuur 5: Fietsstraat buiten de bebouwde kom bij Pijnacker, overlopend in een fietspad na de laatste woning.
Huisaansluitingen Een klein aantal erfaansluitingen sluit momenteel aan op de Rottedijk onder een helling, of met een dichte haag. Zicht vanuit de erven op de Rottedijk is hiermee beperkt en vice versa. In principe voldoet de weg aan de richtlijnen. Bewoners dienen zelf zorg te dragen voor voldoende zicht vanuit hun uitrit, door 14
bijvoorbeeld het bijsnoeien van begroeiing. In het ontwerp kan een attentieverhoging worden aangebracht bij de huisaansluitingen, die gebruikers kan attenderen. Dit kan bijvoorbeeld door de kantmarkering ter plaatse onderbroken uit te voeren.
3.4 Verlengde Molengangenpad vanaf de 1e Molenstomp tot het Bentwoudpad Het beoogde fietspad is 3,5 m breed. De exacte verwachte fietsintensiteiten zijn onbekend, maar zullen relatief beperkt zijn. Het CROW stelt dat een fietspad van 3,50 breed, tweerichtingsverkeer, geschikt is voor fietsintensiteiten van > 150 fietsers per uur. Aannemelijk is dat de te verwachten fietsstromen aanzienlijk lager zullen liggen. De breedte van het fietspad voldoet. Ook voldoen de zichtafstanden op het fietspad: Er zijn geen scherpe bochten en er is veel doorzicht langszij. Geconcludeerd wordt dat op dit wegvak geen aanvullende infrastructurele verkeersveiligheidsmaatregelen noodzakelijk zijn. De doelgroepen op deze route zijn enerzijds recreatieve
fietsers,
als
ook
de
‘sportieve’
dpad
Oo
recreatieve fietsers (wielrenners). Er zijn grote
stk
Bentwou
ad
e
snelheidsverschillen tussen deze doelgroepen. Daarnaast is ook het rijden in pelotons bij verwachting dat er regelmatig ingehaald zal worden. Bij een breedte van 3,5 m is het inhalen van fietsers, of zelfs fietsduo’s, goed mogelijk. Wanneer er een tegenligger aan komt is dit niet het geval. De verwachting is dat het aantal momenten waarop er tegenliggers aan komen, terwijl ingehaald moet worden beperkt is. Wel is het
zo dat
conform artikel
sectie: Verlengde Molengangenpad: 1e molenstomp tot Bentwoudpad
wielrenners risicoverhogend. Het ligt in de lijn der
54 Reglement
Verkeersregels en Verkeerstekens (RVV) een inhaalbeweging een bijzondere manoeuvre is, waarbij het overige verkeer niet gehinderd mag worden. In de praktijk dient inhalen voorzichtig te gebeuren, slechts wanneer er ruimte is, met beperkte
snelheidsverschillen
en
zonder
de
andere bestuurders overlast te geven. Een gedragsmaatregel kan helpen dit opnieuw onder de aandacht te brengen.
15
Geadviseerd wordt om bewustwording tussen weggebruikers te vergroten door wielrenners te attenderen op hun gedrag door middel van bebording. Alhoewel de exacte toegevoegde waarde lastig meetbaar is, zijn resultaten van andere fietspaden (bijv. de Zeedijk in Putten) niet negatief. Een dergelijk bord is overigens informerend en heeft geen juridische status.
Figuur 6: (links): Zeedijk, Putten: Racer te gast. (onder links): Breda en (onder rechts): Loenen a/d Vecht: gedragscode wielrenners.
Aansluiting Rottedijk – Verlengde Molengangenpad Bij de aansluiting van het fietspad op de Rottedijk, 40 meter ten noorden van Rottedijk 16, is een keermogelijkheid ontworpen. In de bestaande situatie is dit een keerlus met een beperkte radius. In het Definitief Ontwerp is een insteekplaats voorgesteld, waar men inrijdt, achteruit steekt en terugrijdt. De keuze voor deze 16
insteekplaats biedt geen vergrote verkeersveiligheid. Beide keermogelijkheden zijn bijzondere verrichtingen waarbij de automobilist het overig (fiets)verkeer voor laat gaan, maar bij de optie met achteruitrijden is het zicht erg beperkt. De optie waar verkeer in een kleine keerlus langzaam draait biedt breed zicht via de voorruit, met lage rijsnelheid. De bestaande oplossing wordt als veiliger beoordeeld dan de beoogde nieuwe oplossing. Aansluiting Oostkade Het fietspad kruist de Oostkade, waarbij deze laatste voorrang heeft. De Oostkade is hier een landbouwweg met een zeer beperkte verkeersfunctie en zeer lage verkeersintensiteit. Het CROW stelt dat op kruisingen binnen en buiten de bebouwde kom de regel ‘bestuurders van rechts gaan voor’ de basis is. Hierbij maakt het niet uit of een van de zijstraten een fietspad is of niet. Door middel van voorrangsregime kan een route geprioriteerd worden ten opzichte van de ander. De keuze om de Oostkade te prioriteren ten opzichte van het fietspad is niet voor de hand liggend. Echter, het fietspad kruist de Oostkade door middel van een brug (hoogteverschil 2,1 m), zowel aan de noordzijde als de zuidzijde van de kade ligt het fietspad onder een helling. Hierdoor is het zicht vanaf de Oostkade op het fietsverkeer beperkt. Vanwege deze uitzonderlijke situatie wordt geconcludeerd dat een voorrangsregime op zijn plaats is.
Bovendien wordt geadviseerd om het horizontale gedeelte aan weerszijden van de kruising te verlengen van de huidige 2 meter om de zichtbaarheid van de kruisende fietser te vergroten en een horizontale opstelmogelijkheid te creëren voor wachtende fietsers in groepen groter dan 2. Het hellingspercentage van de fietsbruggen van 5.2% over de 2 m hoogteverschil valt binnen de marges van de fietsontwerprichtlijnen6. Bij de kruising valt voorts op dat het fietspad met haakse hoeken aansluit. Het is denkbaar dat fietsers bij de kruising west of oostwaarts willen fietsen. Geadviseerd wordt hier beperkte bochtstralen van R= 1 m aan te brengen. Grotere bochtstralen worden niet geadviseerd omdat het daardoor denkbaar wordt dat autoverkeer het fietspad oprijdt. Autoverkeer kan met enig steken de fietspaden oprijden vanaf de Oostkade, ondanks de krappe aansluiting. Behalve verkeersveiligheidsconflicten kunnen hierdoor ongewenste situaties ontstaan waar autoverkeer op de fietsbruggen rijdt. Om dit te voorkomen wordt geadviseerd aan beide zijden van de kruising een fietspaaltje te plaatsen, dat voldoet aan de CROW richtlijn voor fietspalen.
6 CROW: Ontwerpwijzer Fiets
17
Figuur 7: Ontwerprichtlijn Fietspaaltjes (CROW Fietsberaad)
Aansluiting op het Bentwoudpad Bij de aansluiting op het Bentwoudpad is deze laatste ontworpen als voorrangskruising. Beide fietspaden hebben een gelijkwaardig karakter. Het zijn beide recreatieve fietspaden. Daarnaast is er op de fietsbrug met hoogteverschil van 2 meter een hogere rijsnelheid naar beneden te verwachten. Geadviseerd wordt de kruising, conform de richtlijnen van het CROW, gelijkwaardig uit te voeren. Wel wordt dit een keuzepunt in het recreatief fietsnetwerk. Op een dergelijk punt stoppen fietsers regelmatig om de route te bepalen. Extra opstelruimte op het kruispunt komt de veiligheid hier ten goede. Die ruimte lijkt in het huidige ontwerp aanwezig.
4. Alternatieve routes. Alternatieve routes voor de fiets zijn het vrijliggende fietspad langs de N209 aan de westzijde en de Herenweg, een erftoegangsweg met gemengd verkeer, aan de oostzijde. Voor wielrenners zijn beide routes volwaardige bestaande alternatieven. Hierbij geldt dat de Herenweg iets directer is en door hetzelfde landschap loopt, terwijl het fietspad N209 conflictvrij is, maar iets minder direct 18
en minder landschappelijk interessant. In beide alternatieven rijden fietsers nog steeds het gedeelte van de Rottedijk tussen de Moerkapelse Zijde en het fietspad Westland. Daarnaast zijn er ideeën over een mogelijke nieuwe fietsverbinding door de polder, tussen de Verlengde Molendijk en de N209. Deze route is echter momenteel niet uitgewerkt als tracé, noch ontwerp en wordt in deze studie verder niet meegenomen. Geconcludeerd wordt dat voldoende alternatieve routes aanwezig zijn voor snelle fietsers, waardoor het stimuleren van ‘rustig fietsen’ op de Rottedijk/Verlengde Molendijk mogelijk is. Tegelijkertijd wordt geconcludeerd dat het niet mogelijk is om snelle fietsers te weren van de Verlengde Molendijk. Hier zijn geen fysieke noch juridische mogelijkheden (zoals een maximum snelheid op het fietspad) voor. Genoemde gedragsmaatregelen kunnen ingezet worden om de wrijving tussen verkeerssoorten te verminderen.
19
Vergelijking alternatieve tracés Verlengde Molengangenpad t.b.v. toekomstig recreatieve etsverbinding Rottemeren-Bentwoud
Datum: 27 oktober 2021 Versie: de nitief concept Opgesteld door: Urban Synergy In opdracht van: Recreatieschap Rottemeren!
fi
fi
1
Inhoudsopgave 1. Inleidin
3
2. Samenvattende conclusie
5
2.1 Conclusie draagvlak
5
2.2 Conclusie thematische beoordeling
6
2.3 Belangrijkste voors- en tegens van alle routes
7
3. Draagvla
8
3.1 Gemeente Lansingerland
8
3.2 Gemeente Zuidplas
8
3.3 Waterschap Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard 9 3.4 Recreatieschap Rottemeren/Staatsbosbeheer
10
3.5 Bewoners/omwonenden
11
3.6 Belangenverenigingen natuur
13
3.7 Belangenverenigingen voor de etser
14
3.8 Belangenverenigingen voor de wandelaar
15
3.9 Agrariërs/grondeigenaren
16
4. Thematische beoordelin
19
4.1 Ruimtelijke kwaliteit
20
4.2 Ecologie
20
4.3 Verkeersveiligheid
10
4.4 Toegevoegde waarde voor de etser
22
4.5 Technische uitvoerbaarheid
25
4.6 Juridisch/ nancieel
27
Bijlagen:
29
I: Toelichting op de tracés
29
II: Analyse breedte etspad DO
32
III: Suggesties/overige opmerkingen uit interviews
33
IV: Analyse historisch verloop wegen
37
V: Toelichting op de globale kosten aanleg en grondverwerving
38!
fi
fi
s
g
fi
fi
k
g
2
1. Inleiding Aanleiding Het recreatieschap Rottemeren, de Provincie Zuid Holland en de gemeente Zuidplas hebben de ambitie om recreatiegebied de Rottemeren en het Bentwoud met elkaar te verbinden. Het recreatieschap Rottemeren heeft in 2020, op basis van eerdere onderzoeken, een de nitief ontwerpvoorstel (DO Verlengde Molengangenpad) uit laten werken voor een verbinding tussen beide recreatiegebieden aan de oostkant van de Rotte, voornamelijk over de bestaande Rottedijk. De gemeenteraad van Zuidplas heeft in februari 2021 een motie aangenomen in verband met de realisatie van het voorgestelde tracé. De motie houdt op hoofdlijnen in dat er grote zorgen zijn bij de gemeenteraad over de verkeersveiligheid van het beoogde tracé. Naar aanleiding daarvan heeft Recreatieschap Rottemeren twee vragen uitgezet: 1) Onderzoek of en hoe het opgestelde DO Verlengde Molengangenpad toekomstbestendig en verkeersveilig kan worden aangelegd; 2) Verken en vergelijk vier alternatieve routes voor het opgestelde DO tussen Moerkapelse Zijde en het noordelijk einde van de bestaande weg Rottedijk. Het eerste onderzoek is uitgevoerd door DickVanVeen verkeerskundig ontwerp en openbare ruimte. Het tweede onderzoek is uitgevoerd door Urban Synergy ontwerpbureau voor stedenbouw en landschap. Voorliggend document is resultaat van het tweede onderzoek.
Over de totstandkoming van dit document Dit document omvat de resultaten van de verkenning en vergelijking van vier alternatieve tracés in verband met het toekomstig recreatieve etspad naar recreatiegebied Bentwoud, ook wel bekend als het Verlengde Molengangenpad. Hierin is inzichtelijk gemaakt hoe de vier alternatieven zich verhouden tot het eerder opgestelde DO Verlengde Molengangenpad. In dit document zijn twee typen conclusies opgenomen: •
Conclusies draagvlak o.b.v. de voorkeuren van alle partijen (opgehaald door het inventariseren van de kwaliteiten, knelpunten en kansen per variant);
•
Conclusies thematische beoordeling o.b.v. een expert beoordeling van een vijftal thema’s per variant (ruimtelijke kwaliteit, verkeersveiligheid, toegevoegde waarde van de etser, technische uitvoerbaarheid, juridisch/ nancieel).
De verkenning en vergelijking is uitgevoerd door het voeren van diverse gesprekken met betrokken partijen medio juni/juli 2021. De volgende partijen hebben bijgedragen aan de totstandkoming van dit document:
- Recreatieschap Rottemeren / Staatsbosbeheer (opdrachtgever) - Gemeente Lansingerland - Gemeente Zuidplas - Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard - Bewoners Rottedijk, omwonenden, belangenvereniging Stichting Rotteverband - Belangenverenigingen natuur: Natuur- en vogelwacht Rotta, Alliantie GroenBlauwe Rotte - Belangenvereniging etsers: Fietsersbond Rotterdam+Regio, Fietsersbond Lansingerland - Belangenvereniging wandelaars: TeVoet vereniging van wandelaars, Wandelwerkgroep Mooi Zuidplas
fi
fi
fi
fi
fi
3
Overzichtskaart onderzochte tracés In guur 1 zijn de in deze studie vergeleken tracés te zien. Bijlage I bevat een toelichting op de verschillende routes.
Figuur 1: Overzichtskaart van de vergeleken tracés
fi
4
fi
2. Samenvattende conclusies 2.1 Conclusie draagvlak In tabel 2.1 staan alle voorkeuren voor de routes per partij. Zie voor toelichting op de voorkeuren de conclusies per partij in Hoofdstuk 2. De laatste kolom geeft een indicatie van de ‘OverallTop-5’ van alle partijen samen, uitgegaan van de geconcludeerde prioritering in dat hoofdstuk. Hierbij wegen alle partijen even zwaar mee. In de tabel is af te lezen dat als de mening van alle partijen even zwaar meeweegt, het DO de voorkeur heeft, gevolgd door alternatief 3. Alternatief 1a en 1b zouden respectievelijk op plek 3 en 4 terecht zijn gekomen, maar omdat HHSK deze vanwege de technische uitvoerbaarheid van de vlonderbrug als ‘no go’ heeft aangemerkt, komt alternatief 2 op de derde plaats en vallen 1a en 1b af. Tabel 2.1: Overzicht voorkeuren van alle partijen, incl. indicatie overall top-5 Gemee nte Lansing erland
DO 1 1a
Gemee nte Zuidpla s
Waterschap HHSK
Recr. Rottem eren/ SSB
Bewon ers/ omwon enden
Belang enver. natuur
5
5
1
1
1
voorkeur
voorkeur
voorkeur
voorkeur
4/5
3
5
2/3/4
4/5
5
5
1 5
4
1/2
3/4
voorkeur
no go
1b
Belang enver. etsers
2/3/4
4
1/2
Agrariër Overall s/ score grondei genaren
Indicatie OverallTop-5
1/2/3
1
1
voorkeur
voorkeur
1/2/3
2/3
32
voorkeur
27
voorkeur
3/4
voorkeur
no go
Belang enver. wandel aars
1/2/3
5 no go
2/3
25
5 no go
voorkeur
2
2/3
4
3
5
4
3/4
-
-
4
22
3
3
2/3
2
2
2/3/4
4
3/4
2
4/5
5
28
2
5
fi
fi
2.2 Conclusie thematische beoordeling In tabel 2.2 staat de score van alle routes op alle beoordeelde thema’s. Zie voor toelichting op de score de conclusies per thema in Hoofdstuk 3. De laatste kolom geeft een indicatie van de ‘Overall-Top-5’ van alle thema’s samen, uitgegaan van de geconcludeerde prioritering in dat hoofdstuk. Hierbij wegen alle thema’s en criteria even zwaar mee. Omdat de technische uitvoerbaarheid van de vlonderbrug in alternatief 1a en 1b onmogelijk blijkt, zijn deze varianten als ‘no-go’ gemarkeerd. In de tabel is af te lezen dat als alle thema’s even zwaar meewegen, het DO de voorkeur heeft, gevolgd door alternatief 3. Daarna volgt alternatief 2. Omdat alternatief 1a en 1b technisch als niet uitvoerbaar zijn aangemerkt, zijn deze als ‘no-go’ beoordeeld.
Tabel 2.2: Overzicht conclusies van de beoordeelde thema’s, incl. indicatie overall top-5 Ruimtelijke kwaliteit
Ecologie
Verkeersveiligheid
Toegevoegde waarde voor de etser
Technische uitvoerbaarheid
Juridisch/ nancieel
Overall score
Overall Top-5
DO
1 voorkeur
2/3
2/3/4/5
2
1 voorkeur
1 voorkeur
27
1 voorkeur
1a
2/3
4/5
2/3/4/5
3/4/5
5 no go
2
19
5 no go
1b
2/3
4/5
2/3/4/5
3/4/5
5 no go
3
19
5 no go
2
4/5
2/3
2/3/4/5
3/4/5
3
4
18
3
3
4/5
1 voorkeur
1 voorkeur
1 voorkeur
2
5
22
2
6
In tabel 2.3 staan de belangrijkste argumenten vóór en tegen de verschillende alternatieven. Deze argumenten zijn het meest genoemd, dan wel beoordeeld als het meest cruciaal voor de realiseerbaarheid. Tabel 2.3: Belangrijkste voor- en tegenargumenten van de routes
Route
Belangrijkste argumenten vóór
Belangrijkste argumenten tegen
DO
• • •
Zeer goede ruimtelijke inpassing; Hoge belevingswaarde; Relatief eenvoudig technisch uitvoerbaar; Minste impact op agrarische grond; Laagste aanlegkosten incl. grondverwerving
•
Redelijk goede ruimtelijke inpassing; Prima verkeersveiligheid.
•
• • Alternatief 1a
• •
•
•
Op kleine delen is het wegpro el te smal voor alle verkeersstromen; Inbreuk op de privacy van de bewoners.
No go, omdat technische uitvoering van de vlonderbrug onmogelijk is door de eisen van HHSK Oncomfortabel en onveilig door hoogteverschillen en bochten
Alternatief 1b
Idem 1a.
Idem 1a.
Alternatief 2
• •
•
Redelijk goede verkeersveiligheid; Redelijk goede toegevoegde waarde voor de etser.
• Alternatief 3
• •
Zeer verkeersveilige route; Hoge toegevoegde waarde voor de etser (samenhangende, directe en comfortabele route).
•
• • •
fi
7
fi
fi
2.3 Belangrijkste voors- en tegens van alle routes
Grote impact op de landbouw (grondaankoop, risico"s op voedselveiligheid, hoge aanvullende kosten nodig om risico"s te vermijden/ beperken); Zeer slechte ruimtelijke inpassing. Grote impact op de landbouw (grondaankoop, risico"s op voedselveiligheid, hoge aanvullende kosten nodig om risico"s te vermijden/ beperken); Zeer weinig belevingswaarde; Inbreuk op de privacy van de bewoners; Hoogste aanlegkosten incl. grondverwerving
Tijdens de interviews met de verschillende partijen werden de routes besproken. Afhankelijk van de expertise van de partijen zijn de verschillende thema’s daarbij aan de orde gekomen en/of kwaliteiten, knelpunten en aandachtspunten benoemd. Tijdens ieder gesprek werd toegewerkt naar een prioritering van de routes. De prioritering van de routes is aangegeven middels kleuren van donker (best beoordeelde variant) naar licht (variant met minste voorkeur).
3.1 Gemeente Lansingerland Voorkeur Gemeente Lansingerland
Ruimtelijke kwaliteit
Verkeersveiligheid
Toegevoegde waarde voor de etser
Technische uitvoerbaarheid
Juridisch/ nancieel
Overall score
Overall Top-5
DO
1 voorkeur
2/3/4/5
1 voorkeur
1 voorkeur
1 voorkeur
24
1 voorkeur
Alternatief 1a
3/4/5
2/3/4/5
4/5
4/5
4
13
4/5
Alternatief 1b
3/4/5
2/3/4/5
4/5
4/5
4
13
4/5
Alternatief 2
2
2/3/4/5
2/3
2/3
2/3
20
2/3
Alternatief 3
3/4/5
1
2/3
2/3
2/3
20
2/3
1. Gemeente Lansingerland heeft voorkeur voor het DO, voornamelijk vanwege de zeer goede ruimtelijke inpassing en het benutten van de bestaande wegverharding. 2/3. Als tweede en derde gaat de voorkeur uit naar alternatief 2, vanwege de redelijk goede ruimtelijke inpassing, goede verkeersveiligheid en technische uitvoerbaarheid; en naar alternatief 3, vanwege de zeer goede verkeersveiligheid en goede toegevoegde waarde voor de etser, maar de matige ruimtelijke inpassing. 4/5. De minste voorkeur van gemeente Lansingerland gaat uit naar alternatief 1a en 1b, omdat zij deze routes ruimtelijk matig vinden ingepast, de routes minder goed scoren op verkeersveiligheid (door m.n. de te overbruggen hoogteverschillen), er te weinig beleving is van de Rotte & molenstompen en de (technische) haalbaarheid van de vlonderbrug om het gemaal in twijfel wordt getrokken.
3.2 Gemeente Zuidplas Beoordeling Gemeente Lansingerland
Ruimtelijke kwaliteit
Verkeersveiligheid
Toegevoegde waarde voor de etser
Technische uitvoerbaarheid
Juridisch/ nancieel
Overall score
Overall Top-5
DO
1 voorkeur
2/3/4/5
1/2 voorkeur
3/4
1 voorkeur
22
1 voorkeur
Alternatief 1a
3
2/3/4/5
4/5
3/4
2
16
3
Alternatief 1b
2
2/3/4/5
4/5
5
3
14
5
Alternatief 2
4/5
2/3/4/5
3
2
4/5
15
4
Alternatief 3
4/5
1 voorkeur
1/2 voorkeur
1 voorkeur
4/5
19
2
8
fi
fi
fi
fi
fi
3. Draagvlak
2. Als tweede heeft gemeente Zuidplas de voorkeur voor alternatief 3, vanwege de zeer goede verkeersveiligheid, toegevoegde waarde voor de etser en technische uitvoerbaarheid. Zorgen bij deze route zijn de zeer slechte ruimtelijke inpassing en de grote mate van impact op agrarische grond (en dan m.n. de kosten voor het project en de economische consequenties voor de agrariërs die dat met zich mee zal brengen). 3. Op plek drie staat alternatief 1a. De grootste kwaliteit van deze route is de beperkte impact op agrarische gronden. De grootste zorg is de onlogische route waardoor men moet omrijden. 4. Alternatief 2 komt op plek vier. Gemeente Zuidplas ziet de goede verkeersveiligheid en de technische uitvoerbaarheid als kwaliteiten. Echter vindt zij deze route slecht ruimtelijk ingepast, waardoor je tevens de beleving van de dijk mist, en vindt zij de impact op de agrarische gronden zorgelijk. 5. De minste voorkeur van gemeente Zuidplas gaat uit naar alternatief 1b, vanwege de slechte technische uitvoerbaarheid van de vlonderbrug en belasting van het westelijk talud van de Rottedijk. Net als alternatief 1a wordt ook alternatief 1b als oncomfortabel aangemerkt vanwege het omrijden. Als enige (beperkte) kwaliteit van deze route wordt de belevingswaarde van het landschap en haar cultuurhistorie benoemd.
3.3 HHSK Beoordeling Gemeente Lansingerland
Ruimtelijke kwaliteit
Verkeersveiligheid
Toegevoegde waarde voor de etser
Technische uitvoerbaarheid
Juridisch/ nancieel
Overall score
Overall Top-5
DO
1 voorkeur
1 voorkeur
Alternatief 1a
4/5 no go
4/5 no go
Alternatief 1b
4/5 no go
4/5 no go
Alternatief 2
3
3
Alternatief 3
2
2
HHSK heeft de routes enkel beoordeeld vanuit zijn technische expertise, namelijk op het thema van technische uitvoerbaarheid. Puur op dat thema heeft HHSK zijn voorkeur voor de routes als volgt uitgesproken: 1. HHSK heeft voorkeur voor het DO. De verbreding van de bestaande weg is (tot ca. 50cm) relatief eenvoudig uit te voeren. Het grootste deel van de wegbreedte wordt nu al belast. Ook veel van de bestaande bermen zijn daarmee al ink aangereden en behoeven voor de verbreding nog relatief weinig voorbelast te worden. 2. Als tweede gaat de voorkeur uit naar alternatief 3, omdat deze niet op de waterkering ligt en relatief weinig impact heeft op het bestaande watersysteem en de oevers van de Rotte. In deze variant is sprake van een brug over de hoofdwatergang naar het gemaal De Wilde Veenen. HHSK vereist dan ook dat deze brug ten minste 10 meter van het gemaal af ligt en een vrije overspanning heeft van ruim 10 meter, omdat er gemiddeld 200m3/min water langs stroomt en een kroosreiniger bij het gemaal moet kunnen komen. Ook moeten de veiligheidsrisico’s hier
fi
fl
9
fi
fi
fi
1. Gemeente Zuidplas heeft voorkeur voor het DO, vanwege de zeer goede ruimtelijke inpassing, goede toegevoegde waarde voor de etser en de voordelig juridische situatie.
3. Alternatief 2 is voor HHSK ongewenst. Net als bij alternatief 3 is de aanleg van een brug nabij het (in dit geval Binnenwegse Polder-) gemaal een constructieve uitdaging vanwege de stroming uit het gemaal, de steilheid van de taluds en de bereikbaarheid van het gemaal. Hier gelden de wederom de eisen van het hoogheemraadschap voor een valbeveiliging (1,8m hoog hekwerk aan beide zijden) en een ligging op minimaal 10 meter afstand vanaf het betre ende gemaal. Daarnaast moet de brug een lange vrije overspanning hebben, omdat er gemiddeld 200m3/min water langs stroomt en een kroosreiniger bij het gemaal moet kunnen komen. Ook moet een hekwerk worden geplaatst om toetreding tot het perceel waarop het gemaal Binnenwegse Polder staat te voorkomen. Tot slot moeten er de nodige maatregelen worden genomen t.b.v oeverbescherming. Het uitvoeren van deze brug is technisch echter niet onmogelijk. 4/5. Bij alternatief 1a en 1b is er sprake van een lange vlonderburg rond het gemaal Binnenwegse Polder. Vanuit het hoogheemraadschap zijn bouwwerken in de nabijheid van het gemaal (binnen 10 meter) niet toegestaan, wat resulteert in de markering van alternatief 1a en 1b als ‘no go’, omdat de vlonderbrug dan halverwege de Rotte zou komen te liggen wat onwenselijk is. Ook worden in deze varianten delen van de dijk belast die nog niet eerder belast zijn (met name bij 1b).
De impact daarop is groot, omdat de kruin nu vrij smal is, wat dan breder en robuuster zou moeten worden gemaakt. Tevens bevinden deze alternatieve routes zich op de waterkering en rijdt er 2 à 3x per week zwaar materieel voor onderhoud over de toegangsweg wat verkeersveiligheidscon icten kan veroorzaken.
3.4 Recreatieschap Rottemeren/Staatsbosbeheer Argumenten Recreatieschap/ SBB
Kwaliteiten
DO
Goede ruimtelijke inpassing
Knelpunten
Aandachtspunten
Voorkeur
1 voorkeur
Alternatief 1a
Aardige beleving van de Rotte en het uitzicht op de polder
2/3/4
Alternatief 1b
Idem als 1a
2/3/4
Alternatief 2
Alternatief 3
Minder beleving, omdat je niet meer op de dijk etst en de molens niet of nauwelijke zichtbaar zijn. Onoverzichtelijke kruising nabij de zuidelijke etsbrug. Op grote schaal bezien is de rechte lijn van dit etspad mooi. Op de Rottedijk kun je goed blijven wandelen, omdat de etsers een alternatief hebben.
Beleving van de Rotte voor etsers is minder.
ff
fl
fi
fi
fi
10
fi
fi
beperkt worden, bijvoorbeeeld door middel van de toepassing van 1,8m hoge hekwerken langs bruggen (en mogelijk deels paden) nabij het gemaal om toetreding tot het perceel van gemaal de Wilde Veenen te voorkomen. Tot slot moeten er de nodige maatregelen worden genomen ten behoeve van de oeverbescherming.
5
Deze route kan ecologisch een verbinding naar het Bentwoud zijn. Wat hakhout aan de westzijde zou ecologisch interessant zijn: misschien met hakhoutbeheer (daar zijn wel vrijwilligers voor te vinden).
2/3/4
2/3/4. Alternatief 1a en 1b hebben volgens hen een aardige beleving van de Rotte en het uitzicht op de polder. Alternatief 3 is op grote schaal bezien een logische route. Ondanks de mindere beleving van de Rotte voor etsers, is dit wel een route waar ecologische veel meerwaarde kan worden gecreëerd. Met deze argumenten plaatsen zij deze drie routes op een gedeelde tweede plaats. 5. De minste voorkeur gaat uit naar alternatief 2, omdat de beleving hier minder is dan de andere alternatieven en omdat hier nabij de zuidelijke etsbrug een onoverzichtelijke situatie ontstaat met veel infrastructuur.
3.5 Bewoners/omwonenden (bewoners Rottedijk, omwonenden, Stichting Rotteverband) Argumenten bewoners/ omwonende n
Kwaliteiten
Knelpunten
DO
De Rottedijk is gevoelsmatig veilig voor de wandelaar, vergelijkbaar met andere ets/ wandelpaden in de omgeving. (Dit is wel in tegenspraak met de genoemde knelpunten door andere geïnterviewden, zie hiernaast)
De bottlenecks van 2,7m breed zijn onveilig voor gebruik door de diverse weggebruikers (smal en onoverzichtelijk voor auto, snelle en langzame etsers, wandelaars). Toename van aantal recreatieve etsers zal voor meer con icten zorgen. Bij de zuidelijke bestaande etsbrug is het al gevaarlijk om over te steken vanwege de hoge snelheidsverschillen.
Alternatief 1a
Historisch gezien logische route aan de westzijde van de Rotte, omdat dat vroeger de echte molengang was. Een vlonderbrug maakt dit alternatief aantrekkelijker dan 2, omdat de Rotte daar beter te beleven is.
Bij de aansluiting op de Rottedijk zullen mensen hun auto (par)keren, wat deze kruising onveilig maakt. Ook is de route rond het gemaal niet recht-toe-recht-aan, wat hem duur, gevaarlijk en oncomfortabel maakt. Ook is er valgevaar rond het gemaal. Deze variant drukt nog steeds belasting op de bestaande Rottedijk. Voor dat deel gelden dezelfde argumenten als tegen het DO.
Alternatief 1b
Idem als 1a. Idem als 1a. Deze route gaat langer apart van de Rottedijk dan alternatief 1a, wat hem verkeersveiliger maakt. Aardige beleving van de Rotte en uitzicht op de polder.
fi
fi
fi
fi
fi
fl
fi
11
fi
fi
1. Recreatieschap/Staatsbosbeheer vindt het DO “gewoon goed ingepast”, vandaar dat daar de voorkeur daar naar uit gaat.
Aandachtspunten
Voorkeur
5
Voorwaarde is dat hier een zo breed mogelijk pro el wordt gewaarborgd van ten minste 3,5 meter.
4
Idem als 1a. Alleen logische route wanneer deze aansluiting vindt op het veel zuidelijker gelegen etspad langs de Rotte t.h.v. de A12.
4
Kwaliteiten
Knelpunten
Aandachtspunten
Voorkeur
Alternatief 2
Deze route zorgt voor een goede etsverbinding.
Geen beleving van de molenstompen, geen connectie met de Rotte. Route gaat over grond van bewoners die in het verleden al heel vaak gedupeerd zijn. Aansluiting ter hoogte van Rottedijk 14-16 is niet wenselijk i.v.m. gevaar op verkeersveiligheids-con icten
Bij de zuidelijke bestaande etsbrug is het al gevaarlijk om over te steken vanwege de hoge snelheidsverschillen. Ontmoedig de doorgang bij de keerlus.
4
Alternatief 3
Meest recht-toe-recht- aan route en maar één etsbrug nodig.
Geen optie. Inbreuk op de privacy van de bewoners. Deze route zorgt voor waardevermindering van de woningen. Tevens aanleg op zwakke gronden en geen beleving op de molenstompen en de Rotte.
4
Beste variant: Geen van de routes is wenselijk voor de bewoners/omwonenden. De grootste zorg die men heeft, is dat de nu doodlopende weg van karakter verandert en een drukke straat wordt. Men is bang voor con icten tussen verkeersdeelnemers met verschillende snelheden. En voor schade en vervuiling langs het etspad, bijvoorbeeld in de paardenwei. Men heeft daarom de voorkeur om snel- en langzaamverkeer zoveel mogelijk te scheiden op ruime afstand van elkaar. De meningen lopen uiteen over de waarde voor een route dat gebruikers van het recreatieve etspad de (oorsprong van de) Rotte en de molenstompen moet kunnen beleven. Als aandachtspunt benadrukt men de veiligheid van de kruising met de Moerkapelse Zijde. Men verwacht dat na aanleg van het Verlengde Molengangenpad hier meer etsers overheen zullen gaan, wat meer kans op con icten veroorzaakt op dit door hen nu al aangemerkte onveilige kruispunt. Belangrijkste argumenten tegen de routes: Alternatief 1a en 1b lossen niet de problemen op de Rottedijk op, omdat de route hier nog steeds overheen gaat. Men verwacht tevens dat de aansluitingen op de Rottedijk extra verkeersveiligheidscon icten zullen veroorzaken. Bij alternatief 2 blijft de aansluiting op de etsbrug t.h.v. Westland een gevaarlijke kruising door de hoge snelheid van etsers die de brug over komen.
Dit alternatief heeft verder geen connectie met de Rotte en de molenstompen en loopt over gronden van bewoners/omwonenden die in het verleden eerder gedupeerd zouden zijn geweest. Alternatief 3 doet inbreuk op de privacy van de bewoners en men verwacht dat dit tot waardevermindering van de woningen leidt. Alternatief 1b vindt men van deze routes nog het meest logisch, mits deze aangesloten wordt op het veel zuidelijk gelegen etspad aan de westkant van de Rotte nabij de A12. Benoemde kwaliteiten van deze route zijn de aardige beleving van de Rotte en het uitzicht op de polder. Slechtste variant: Bewoners/omwonenden vinden het DO de slechtste optie, met name vanwege de verwachte verkeersveiligheidscon icten tussen de verschillende verkeersstromen (vooral op de delen van het etspad die niet verbreed kunnen worden), veroorzaakt door de te verwachten toename van recreatieve etsers en de verschillende snelheden die alle gebruikers hebben. Daarnaast vindt men dat de privacy van de bewoners doorslaggevend moet zijn in de keuze voor een route, welke niet voldoende gewaarborgd wordt in het DO.
fi
fl
fi
fl
fi
fl
fi
fl
fi
fl
fi
fi
fi
fi
12
fi
fi
Argumenten bewoners/ omwonende n
fi
3.6 Belangenvereniging natuur (Natuur- en vogelwacht Rotta, Alliantie GroenBlauwe Rotte) Argumenten belangenver. natuur
Kwaliteiten
Knelpunten
DO
Landschappelijk gezien de mooiste route: zicht de Rotte, de molens en de open polders richting Zoetermeer
NO GO, vanwege de reactie van de bewoners en de Raad van Zuidplas
5
Alternatief 1a
Route gaat bovenlangs de dijk, biedt goed zicht op de polder
Minimale beleving van de molens en de Rotte
1/2 voorkeur
Alternatief 1b
Idem 1a.
Idem 1a.
1/2 voorkeur
Alternatief 2
Idem 3.
Alternatief 3
Ruimte voor een optimale en aantrekkelijke weg: rechtstreeks traject van voldoende breedte, met ruimte voor een brede groenstrook
Aandachtspunten
Voorkeur
3/4 Voor bewoners van de Rottedijk komt dit alternatief als verrassing en is dit een onwenselijke route; geen zicht op de dijk vanaf het etspad: de erfbeplanting is dicht en ontneemt zicht op de dijk en de molens zie je nauwelijks; minder aantrekkelijk: zichtbare tuintjes ipv prachtige molenstompen
3/4
1/2. Wat betreft de belangenverengingen natuur gaat de voorkeur uit naar alternatief 1a en 1b. Beide routes liggen aan de westkant van de Rotte en hebben volgens hen een mooie landschappelijk beleving doordat deze de dijk volgen en niet onderaan het talud liggen. Als nadeel is benoemd dat de beleving van de molenstompen en de Rotte minimaal is. Als suggestie wordt meegegeven om te verkennen in hoeverre deze routes een ecologische (verbindings)zone kunnen worden (zie ook de suggesties in Bijlage III). 3/4. Bij Alternatief 2 en 3 ziet men grote waarde in de vele ruimte die op deze tracés beschikbaar is. Hier zou een optimale en aantrekkelijke route kunnen worden gerealiseerd met voldoende ruimte voor een brede groenstrook. 5. De minste voorkeur van de belangenverenigingen natuur gaat uit naar het DO. Hoewel men vindt dat dit landschappelijk gezien de mooiste route is, vindt men deze route ‘geen optie’ vanwege de reactie van de bewoners en de Raad van Zuidplas.
13
Argumenten belangenver. etsers
Kwaliteiten
Knelpunten
DO
Een mooi landschappelijk ingepast etspad langs de Rotte en verder naar Bentwoud. (argument van etsersbond Lansingerland)
De Rottedijk moet vrij blijven voor de bewoners en voetgangers. Leg het etspad elders. (argument van etsersbond Rotterdam+Regio)
Aandachtspunten
Voorkeur
1
5
Alternatief 1a
Gunstig alternatief voor voetgangers op het deel waar de Rottedijk wordt ontlast.
Op het noordelijk deel waar de route nog steeds over de Rottedijk loopt, blijft de situatie onprettig/ onveilig voor wandelaars.
Hoe aantrekkelijker een deze route wordt, hoe groter de functie als belangrijke schakel in het etsnetwerk wordt en hoe meer utilitaire etsers deze zal gaan aantrekken.
3/4
Alternatief 1b
Idem 1a.
Idem 1a.
Idem 1a.
3/4
Alternatief 2
-
Alternatief 3
Voldoende ruimte om een mooi etspad aan te leggen.
Groot deel van de aantrekkelijke routebeleving verdwijnt.
De vraag is of deze route doeltre end is; verwacht wordt dat deze voornamelijk door wielrenners zal worden gebruikt en de oude (doodlopende) route dan nog steeds door de recreatieve etsers.
2
De belangenverenigingen voor de etser hebben beiden een andere mening wat betreft de voorkeuren voor de routes. Ook hebben zij geen uitspraak gedaan over alle routes. Fietsersbond Lansingerland heeft alleen het DO bekeken en vindt dit een mooi landschappelijk ingepast etspad langs de Rotte en verder naar Bentwoud. Fietsersbond Rotterdam+Regio vindt het DO juist het slechtste alternatief, omdat zij vindt dat de Rottedijk vrij moet blijven voor de bewoners en voetgangers. Hoewel deze etsersbond van mening is dat het etspad elders moet liggen, heeft de bond geen expliciete voorkeuren uitgesproken over de andere alternatieven. Alternatief 3 lijkt wel het beste uit de bus te komen, aangezien dit als mooie etsroute wordt aangemerkt, hoewel concessies worden gedaan aan de beleving en betwijfeld wordt of deze route wel doeltre end is. Alternatief 1a en 1b worden gezien als een gunstig alternatief op die delen waar de Rottedijk niet gebruikt wordt. Maar op de noordelijke delen, waar de route de Rottedijk volgt, vindt men de situatie nog steeds onprettig/ onveilig voor wandelaars. Men verwacht ook dat hoe aantrekkelijker zo’n route zal worden, hoe groter de functie wordt als belangrijke schakel in het etsnetwerk en hoe meer utilitaire etsers deze zal gaan trekken. Over alternatief 2 heeft zij geen uitspraak gedaan.