CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 29 Bijlage 26 Nota van Beantwoording (en Wijzigingen) A24.000193

Gemeenteraad 14 mei 2024, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 141.611 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

78

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

gedaan samen met gemeente Gouda. Op basis van dit onderzoek zal een strategie voor het vervolg worden bepaald. Verder worden er opmerkingen gemaakt over de ontsluiting van het plangebied. In een eerder stadium is gekeken naar de mogelijkheid om de ontsluitingsweg voor de auto richting de N219 parallel aan de A20 te leggen. Hiervoor is uiteindelijk niet gekozen. Belangrijkste reden daarvoor is dat het technisch niet inpasbaar is om de ontsluitingsroute ter hoogte van Noordelijke Parallelweg/Hoogeveenenweg op de N219 te laten aansluiten. Verkeerskundig is meer afstand nodig vanaf de aansluiting op de A20. Om die reden is gekozen om de ontsluitingsweg Hartlijn meer richting het noordwesten te positioneren. CONCLUSIE Deze reactie leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Nummer R25 – Reclamant 25

Nummer gemeente Corsanummer E23.005480

Datum indiening 18 oktober 2023

VERKORTE WEERGAVE REACTIE

1

Bewonersparticipatie Reclamant is van mening dat bewonersparticipatie bij de planontwikkeling te beperkt is geweest. Wij vertrouwen erop dat het bestuur van Zuidplas meer interactieve participatieopties gaat toepassen bij toekomstige planvorming en -realisatie.

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

REACTIE VAN GEMEENTE Beantwoording gemeente

De gemeente is van mening dat de verschillende persoonlijke gesprekken, gecombineerd met de door gemeente georganiseerde informatie- en participatiebijeenkomsten sinds 2017 en de periode van ter inzagelegging van dit bestemmingsplan voldoende is voor een weging van alle belangen. In deze integrale afweging betrekt de gemeente tevens onderzoeksuitkomsten, (overkoepeld) beleid, en vigerende wet- en regelgeving. Verder zijn er in het vervolgproces ook informatie- en participatiemogelijkheden voorzien over de stedenbouwkundige uitwerkingen op basis van het bestemmingsplan. Het college van B&W heeft afgelopen september hierover een raadsinformatienota gepubliceerd: https://zuidplas.raadsinformatie.nl/document/13246979/1#search=%22z23

79

Wijziging bestemmingsplan ja/nee nee

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

002509%22. Hierbij zal, aan de hand van het Kader Participatie (2021), bekeken worden welke vorm van participatie gekozen zal worden. 2

Ontwerp Bestemmingsplan Reclamant pleit voor een integrale aanpak waarbij de ontwikkeling en inrichting van buitengebieden gelijktijdig plaatsvinden met de bouw van het nieuwe Dorp. Het opdelen van het integrale bestemmingsplan in afzonderlijke delen zorgt voor het verlaten van de integrale aanpak en gaat ten koste van de leefbaarheid en welzijn van de inwoners van Zuidplas.

3

Energielandschappen Reclamant is tegen het reserveren/bestemmen van gronden voor zonneweiden in het Middengebied van Zuidplas en andere gebieden binnen de gemeente. Ze vinden dat zonneweiden een onevenredig deel van de openbare ruimte innemen en pleiten ervoor om zonnepanelen op daken van nieuwe en bestaande gebouwen te plaatsen in plaats van grote zonneweiden aan te leggen. Reclamant is voorstander van het onderzoeken van de mogelijkheid om windmolens langs de A12 aan te vullen en te plaatsen langs de A20 binnen de gemeente Zuidplas, omdat dit een effectievere manier zou zijn om groene stroom op te wekken. Ze geloven dat een beperkt aantal windmolens minder impact heeft op het landschap en de biodiversiteit dan grote zonneweiden.

4

Reclamant vindt de term 'energielandschap' misplaatst voor grote zonneweiden en stelt voor om windmolens te overwegen als een effectievere oplossing voor groene energieopwekking. Bedrijventerreinen Reclamant is tegen de aanleg van het bedrijventerrein Gouwepark II naast het bestaande Gouwepark. Ze twijfelen aan de behoefte aan meer bedrijventerreinen in dit gebied en zijn bezorgd over de toename van verkeersdruk en huisvestingsproblematiek voor arbeidskrachten. Ze stellen voor om het gebied van Gouwepark II te bestemmen voor waterberging, wat zou bijdragen aan biodiversiteit en mogelijke toekomstige klimaatproblematiek.

De keuze om te komen tot twee bestemmingsplannen is gelegen in de twee unieke karakters van de gebieden. Het bestemmingsplan voor onder andere het woningbouwgebied vraagt om een andersoortig bestemmingsplan dan het bestemmingsplan voor het tweede gebied dat grotendeels conserverend van aard is. Door de bestemmingsplannen kort na elkaar in procedure te brengen en vast te stellen blijft een integrale aanpak mogelijk. Ook is er één integrale MER opgesteld voor beide bestemmingsplangebieden. Een van de ambities van de gemeente is het realiseren van een energieneutraal dorp, waarbij op gebiedsniveau evenveel energie (stroom) wordt opgewekt als gebruikt. In de berekeningen is de totale stroomvraag meegenomen, waaronder de vraag van gebouwen, mobiliteit, verlichting, gemalen, riolering etc. Het uitgangspunt is ten eerste dat alle daken maximaal benut worden om via PV-panelen (zonnepanelen) elektriciteit op te wekken. De hoeveelheid die dan nog over blijft zal vanuit een andere duurzame energiebron moeten komen. In het MER zijn verschillende varianten hiervoor onderzocht. De gemeenteraad kiest daarbij voor zon op land. De inzet van windmolens langs de A12 is een van de onderzochte duurzame energiebronnen in de MER,, maar blijkt niet mogelijk vanwege bestaande hindercirkels.

Windenergie langs de A20 is op dit moment nog niet voldoende onderzocht, omdat het zuidelijke deel van de A20 buiten het plangebied valt.

nee

Gelet op de regionale behoefte aan bedrijventerrein, het provinciale beleid en de regionale programmering van bedrijventerreinen kiest de gemeente om twee nieuwe bedrijventerreinen gefaseerd te ontwikkelen in het plangebied. Het onderzoek naar de behoefte aan bedrijventerreinen heeft uitgewezen dat er de benodigde marktruimte is. De behoefteraming van de Provincie en de regio onderbouwen de kwantitatieve behoefte naar nieuwe bedrijventerreinen in de gemeente. Het voorstel van reclamant om het gebied te bestemmen voor waterberging wordt niet overgenomen omdat de onderzoeken aantonen dat er behoefte is aan bedrijventerreinen. Voorts worden er andere maatregelen voor waterberging getroffen in het plangebied.

nee

80

nee

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

5

Dorps en landelijk woonmilieu Reclamant pleit voor het behoud van een 'dorpse en landelijke woonmilieu' in het nieuwe Dorp. Ze willen maximaal 4.200 woningen in niet meer dan 4 woonlagen, bij uitzondering 6 woonlagen, gebouwd met natuurlijke materialen. Groene wijken met waterpartijen, bloemperken, bomen en parken zijn essentieel. Reclamant eist minimaal 30% sociale woningen en diversiteit in woningtypes voor verschillende generaties. Ze benadrukken een zorgvuldig, organisch groeiend beleid voor een leefbare omgeving.

Een karakteristiek kenmerk van een dorp is dat deze vrij ligt in het landschap omringd door groen en dat er een programma aan voorzieningen aanwezig is. Met de ontwikkeling van 8.000 woningen is een volwaardig voorzieningen programma haalbaar. Door de woonopgave deels in gestapelde bouw te realiseren kan er worden voldaan aan diversiteit in woningtypes en kan er worden voorzien in een bredere woonbehoefte. Door gestapelde bouw blijft er ook voldoende ruimte over voor groen en water in en om het dorp. Naar aanleiding van (onder meer) deze zienswijze is opnieuw gekeken naar de mate van flexibiliteit, met name in relatie tot de bestaande functies in het gebied die blijven bestaan. Dat heeft geleid tot een aanpassing in het bestemmingsplan, waarbij: 2. in de bestemming ‘Woongebied’ beperkingen zijn opgenomen voor de bouwmogelijkheden nabij bestaande woningen. Dit betreft: hoogtebeperking tot maximaal 3 bouwlagen in een zone van 50 meter van de bestemming ‘Wonen’ en hiervoor tevens een afstand aan te houden van 175 meter vanaf de wegas van de linten langs de Middelweg, Bredeweg en 3e Tochtweg/Knibbelweg ; geen gebouwen toegestaan in een zone van 5 meter van de bestemming ‘Wonen’; en 3.

een voorwaarde is toegevoegd dat in het kader van de beoordeling van een aanvraag omgevingsvergunning voor het oprichten van een gebouw advies wordt gevraagd aan een door het college van B&W in te stellen Supervisor, die ook beoordeelt of er sprake is van een samenhangend en passende stedenbouwkundige opzet. De aparte bestemming ‘Wonen’ is gegeven aan de bestaande woonbebouwing in het gebied. Met bovenstaande aanpassing wordt gestreefd naar een voldoende afstand tot bestaande functies en een geleidelijke overgang van bestaande bebouwing naar het nieuw te ontwikkelen dorp. Verder bevestigt de gemeente het uitgangspunt om 30% sociale woningen te realiseren in het plangebied, waarbij wordt ingezet op een diversiteit in woningtypes voor verschillende generaties én type huishoudens passend bij de marktvraag.

81

ja

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

6

Groenblauwe buitengebieden Reclamant benadrukt het belang van groenblauwe gebieden zoals het Koning Willem I bos, Groene Waterparel en Groene Schakel voor de leefbaarheid en het welzijn van de inwoners in de Zuidplas. Ze willen het KWI-bos als een robuust broekbos behouden, met minimale ruimte voor recreatie en inheemse plantensoorten. Reclamant pleit voor een brede en effectieve Ecologische Verbindingszone (EVZ) tussen Krimpenerwaard/Groene Hart en Rottemeren/Bentwoud. Ze willen de EVZ in de Groene Schakel breder ingericht (circa 100 meter) en afgebogen via de Eendragtspolder/Rottemeren naar het Bentwoud. Het doorsnijden van de Groene Schakel met een weg naar de N219 wordt gezien als een barrière voor de EVZ. De Groene Waterparel moet ontwikkeld worden als natuurgebied met aandacht voor de doelsoorten ringslang en otter. Het Restveengebied tussen A20 en Hollandsche IJssel moet worden meegenomen in de ontwikkeling van het Middengebied.

De ecologische verbindingszone (EVZ) is een natuuropgave van de Provincie dat in samenwerking met de gemeente zal worden gefaciliteerd. De ligging is bepaald door de Provincie. Om de EVZ volwaardig te kunnen laten functioneren heeft de Provincie onderzoek laten doen naar de gewenste ligging en invulling. Bij het bepalen van deze ligging is onder meer gekeken naar aanwezigheid van bedrijven en landbouw. De ligging is zo gekozen dat er zo min mogelijk hinder ontstaat van (richting EVZ) en voor (vanuit de EVZ) bedrijven. De gemeente faciliteert, op grond van de instructieregels van de provinciale verordening, de EVZ door het tracé met bestemming ‘Natuur’ op te nemen in het Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 2. Dit doet de gemeente op grond van de instructieregels van de provinciale verordening. Mocht de uiteindelijke inrichting van de EVZ leiden tot schade aan panden of voor bedrijfsvoering, dan kan in het kader van de omgevingsvergunning nadeelcompensatie worden aangevraagd*. Uitgangspunt is echter dat de inrichting van de EVZ niet tot hinder of beperkingen leidt voor omliggend bestaand gebruik. *Onder de Omgevingswet is de term planschade vervangen door de term nadeelcompensatie. Schade als gevolg van het vaststellen van het bestemmingsplan valt onder de planschaderegeling.

Schade als gevolg van verleende omgevingsvergunningen valt onder de nadeelcompensatieregeling omdat deze omgevingsvergunningen allemaal na invoering van de Omgevingswet aangevraagd en verleend zullen worden. De Groene Waterparel is tevens een natuuropgave van de Provincie. De Provincie stelt momenteel een inrichtingsplan op voor dit gebied. De meest recente informatie over de plannen voor de Groene Waterparel is hier te vinden: https://www.zuid-holland.nl/onderwerpen/natuurlandschap/natuurrijk-zuid/realisatie-nnn/de-groene-waterparel-zuidplas-0/ Voor het Koning Willem I-bos zal de gemeente ook een inrichtingsplan opstellen. Afstemming hierover met inwoners en ondernemers zal nog in een nader te bepalen stadium plaatsvinden.

82

nee

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

7

Mobiliteit Gedeputeerde Staten benadrukken dat een nieuw Dorp alleen mogelijk is als de mobiliteit goed geregeld is ('eerst bewegen en dan bouwen'). Het gebied rondom het nieuwe Dorp is nu al zwaar belast door snelwegen, provinciale wegen, spoorlijnen en andere dorpen. De voorgestelde maatregelen in het plan, zoals fietsgebruik stimuleren en beperking van parkeerplaatsen, zijn volgens reclamant onvoldoende om de verkeersdruk te verminderen. Het ontbreken van duidelijkheid over vervangend openbaar vervoer versterkt dit standpunt.

De gemeente heeft samen met Provincie Zuid-Holland en de gemeenten Gouda en Rotterdam een Deelovereenkomst Mobiliteit vastgesteld (28 & 29 juni 2023). Deze overeenkomst is een belangrijk kader waar partijen de komende jaren met elkaar samenwerken aan realisatie van de gemaakte afspraken. Dit betreft o.a. maatregelen aan de N219, de N457, het realiseren van een fietsroutenetwerk (fietsverbindingen) en een onderzoek naar realisatie van een nieuw treinstation en/of (H)OV-hub. De Provincie heeft tevens toegezegd in te zetten op het toevoegen van een buslijn die vanaf het begin van de ontwikkeling door het plangebied zal rijden.

Reclamant pleit voor een gedegen plan in samenwerking met buurgemeenten, de Provincie Zuid-Holland, het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, en de OV-branche, inclusief een gemeentelijk fietsroutenetwerk.

Parallel is en blijft de gemeente met Rijkswaterstaat in gesprek over de uitwerking van de plannen voor de verbreding van de A20, aanpassing van de aansluitingen op de N219 en de N457-Moordrechtboog, gewenste fietsverbindingen en de uitwerking van de aansluiting Moordrecht.

nee

Met gemeente Waddinxveen is het gesprek gestart over de ontsluiting van de nieuwe bedrijventerrein Doelwijk II via de bestaande bedrijventerrein Doelwijk I, het optimaliseren van de fietsverbinding via de Zuidelijke Dwarsweg richting treinstation Waddinxveen Triangel en de verkeersafwikkeling nabij de aansluitingen op de A12 en A20.

8

Waterveiligheid Het waterveiligheidsplan omvat een vluchtweg naar de 2e verdieping, maar 2/3 van de woningen heeft geen 2e verdieping en zou gebruik moeten maken van publieksruimten (shelters). Reclamant dringt aan op het bouwen van shelters in bestaande lagere wijken in Zuidplas. Het advies van de Veiligheidsregio (punt 18, blz. 85 van het ontwerpbestemmingsplan) moet worden afgewacht. Evacuatiemogelijkheden en draaiboeken bij wateroverlast zijn cruciaal voor de hele regio.

Ook is de gemeente in gesprek met de Provincie en de nieuwe concessiehouder QBuzz (vanaf eind 2024) over bereikbaarheid van het bestemmingsplangebied met openbaar vervoer (inclusief de genoemde eerste buslijn) en mogelijk innovatieve nieuwe concepten daarin. De aanspraak op het waterveiligheidsplan is nodig bij extreme weersomstandigheden in combinatie met meerdere falende waterkeringen. In die extremiteit verwacht de gemeente dat de gebouwde tweede verdiepingen (en hoger) ook voor de andere dorpsbewoners beschikbaar zijn. Hetgeen reclamant stelt over 2/3 van de woningen en het ontbreken van een tweede verdieping klopt niet. Het bestemmingsplan heeft voorwaarden opgenomen om te zorgen voor voldoende vluchtmogelijkheden in het gebied. De gemeente is het met reclamant eens dat shelters c.q. schuilplaatsen belangrijk zijn voor alle bestaande laaggelegen wijken binnen de gemeente. Dit kan echter niet in dit bestemmingsplan geregeld worden, maar wordt bij verdere planvorming meegenomen. CONCLUSIE

Deze reactie leidt wel tot aanpassing van het bestemmingsplan.

83

nee

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

Nummer R26 – Reclamant 26 1

Datum indiening 16 oktober 2023

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

Nummer gemeente Corsanummer E23.005487

Datum indiening 16 oktober 2023

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

Nummer gemeente Corsanummer E23.05488 en E23.005544

Datum indiening 18 oktober 2023

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

Nummer gemeente Corsanummer E23.005489

Datum indiening 18 oktober 2023

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

Zie voor beantwoording R12

Nummer R30 – Reclamant 30 1

Nummer gemeente Corsanummer E23.005485 en I23.003623

Zie voor beantwoording R12

Nummer R29 – Reclamant 29 1

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

Zie voor beantwoording R24

Nummer R28 – Reclamant 28 1

Datum indiening 17 oktober 2023

Zie voor beantwoording R24

Nummer R27 – Reclamant 27 1

Nummer gemeente Corsanummer E23.005484 en I23.003620

Zie voor beantwoording R12

84

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

Nummer R31 – Reclamant 31

Nummer gemeente Corsanummer E23.005490 en I23.003644

1

Zie voor algemene beantwoording R12

2

Aanvulling verwachte toename verkeer Mijn bezwaar is gebaseerd op de verwachte toename van verkeer op de N219 en de gevolgen daarvan voor geluid, bereikbaarheid, veiligheid en gezondheid. Er wordt niet voldaan aan de Wet Geluidshinder voor de bewoners van de 1e Tochtweg, waaronder mijn woning. Dit zal de leefbaarheid voor mij als bewoner van de 1e Tochtweg aanzienlijk verminderen. Data van onder andere de Milieu Effect Rapportage bevestigen deze negatieve effecten. Ook zijn er fouten gemaakt in het onderzoek en andere factoren die tot een onderschatting leiden, waardoor in werkelijkheid de normen voor de woningen aan de 1e Tochtweg fors worden overschreden.

Datum indiening 18 oktober 2023

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

Er zijn voor het bestemmingsplan twee verschillende onderzoeken uitgevoerd. In het kader van het MER zijn onderzoeken uitgevoerd waarin in brede zin de effecten van het planvoornemen in beeld zijn gebracht. Daarnaast zijn voor het bestemmingsplan zelf onderzoeken uitgevoerd die uitgaan van de wet- en regelgeving, zoals opgenomen in de Wet geluidhinder. Voor het MER is gekeken naar zogeheten cumulatieve effecten. Dat houdt in dat de effecten van alle wegen gezamenlijk in beeld zijn gebracht. Daarin is ook de N219 meegenomen. Dit leidt tot samengestelde geluidcontouren van in dit geval het effect van de nieuwe ontsluitingswegen én de N219. Deze cumulatieve effecten zijn beschreven in het deelrapport Geluid bij het MER. Voor het bestemmingsplan moet worden getoetst op grond van de Wet geluidhinder. Deze wet schrijft voor dat alleen getoetst hoeft te worden als er sprake is van een nieuwe weg of van een fysieke wijziging van een weg. De N219 wordt in dit bestemmingsplan niet aangepast. Daarom is in dit onderzoek alleen gekeken naar de geluidbelasting als gevolg van de nieuwe ontsluitingsweg. Op basis van die geluidbelasting is de toetsing aan wettelijke normen uitgevoerd. Uit het akoestisch onderzoek voor het bestemmingsplan blijkt dat als gevolg van deze weg ter plaatse van vijf woningen de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden.

Dit heeft voor deze woningen geleid tot het vaststellen van hogere waarden in het hogerewaardenbesluit. Via het hogerewaardenbesluit worden voor de Nieuwe Dwarsweg hogere waarden vastgesteld op bestaande woningen van respectievelijk 49, 50, 51 en (2x) 52 dB. Dit is ruim onder de maximale grenswaarde van 58 dB voor buitenstedelijke woningen. In het akoestisch onderzoek en het ontwerpbesluit hogere waarden staat per abuis 63 dB genoemd als

85

nee

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

maximale grenswaarde in een buitenstedelijke situatie. Dit zal in het onderzoek en het besluit worden gecorrigeerd. Dit heeft echter geen consequenties op de conclusies en aan te vragen hogere waarden. Er wordt ook geen ontheffing tot 63 dB aangevraagd, er worden voor twee woningen langs de 1e Tochtweg hogere waarden aangevraagd van 49 en 52 dB. Er is geen sprake van een onderschatting van de effecten. Dat in het kader van het bestemmingsplan niet getoetst hoeft te worden aan de N219, betekent niet dat deze niet is meegenomen in de besluitvorming over dit bestemmingsplan. Zoals aangegeven is in het MER wel gekeken naar de effecten van o.a. de verkeerstoename op de N219. Het effect dat daar ontstaat is afgewogen tegen het landelijke, provinciale en regionale belang van de ontwikkeling van voldoende nieuwe woningen om aan het (grote) woningbehoefte te voldoen. Er moeten in Nederland ruim 961.000 nieuwe woningen gebouwd zijn in 2030, waarvan nu nog ongeveer 150.000 nieuwe woningen in ZuidHolland. CONCLUSIE Deze reactie leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Nummer R32 – Reclamant 32

Nummer gemeente Corsanummer E23.005491

Datum indiening 18 oktober 2023

VERKORTE WEERGAVE REACTIE

1

Zorgen aanleg twee bedrijventerreinen De gemeente is van plan bij het Middengebied twee bedrijventerreinen mogelijk te maken in aansluiting op de bestaande bedrijventerreinen. De ontwikkelingen in Nieuwerkerk-Noord zijn stop gezet en de ontwikkelingen in het Middengebied kregen voorrang. De ontwikkeling van Nieuwerkerk-Noord ligt op dit moment zelfs volledig stil. Daarmee laat u inwoners en ondernemers in Nieuwerkerk-Noord in onzekerheid achter. De onduidelijke toekomst van Nieuwerkerk-Noord heeft ernstige gevolgen voor de lokale economie, het welzijn van de Nieuwerkerkgemeenschap, zorgt voor economische stagnatie, heeft een negatieve

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

REACTIE VAN GEMEENTE Beantwoording gemeente

De ontwikkeling van de bedrijventerreinen vindt plaats in afstemming met de Provincie en de Regio Midden-Holland. De ontwikkeling van Nieuwerkerk-Noord, gelegen buiten het bestemmingsplangebied, is (voor)alsnog niet in overeenstemming met Provinciaal beleid. In het omgevingsbeleid van de Provincie is Nieuwerkerk-Noord namelijk van de 3 ha-kaart gehaald. Dit betekent dat de gemeente geen grootschalige woningbouw meer mag ontwikkelen in het gebied. De ontwikkeling van het bestemmingsplangebied is daarentegen wel toegestaan in het provinciale beleid.

86

Wijziging bestemmingsplan ja/nee nee

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

invloed op de werkgelegenheid in Nieuwerkerk-Noord en zorgt voor een leegloop van gevestigde bedrijven. Ook ontmoedigt dit potentiële investeerders te investeren in gevestigde of potentiële nieuwe bedrijven in Nieuwerkerk-Noord. Ondernemers in Nieuwerkerk-Noord wachten al jaren op duidelijkheid en we verzoeken u dan ook om ons duidelijkheid te bieden over wat de gemeente wil bereiken in Nieuwerkerk-Noord.

De nadere verkenning in het kader van het project ‘Nieuwerkerk-Noord: Ruimte voor de toekomst’ leidt tot de conclusie dat ontwikkeling van tijdelijke woningbouw ruimtelijk uitdagend is, maar (technisch) wel mogelijk zou zijn. Echter, financieel kan de ontwikkeling nu niet zonder een groot tekort plaatsvinden, zelfs als de beschikbare subsidie hiervoor wordt ingezet. Het tekort is dusdanig groot, dat ook de inzet van eigen middelen (voor zover beschikbaar) of aanvullende subsidies daarvoor geen oplossing bieden. Tijdelijke woningbouw is op dit moment momenteel financieel niet haalbaar en vormt daarmee geen basis voor het langetermijnperspectief van Nieuwerkerk-Noord. De gemeente realiseert zich dat met deze conclusie nog geen duidelijkheid gegeven kan worden aan de bewoners en ondernemers in het gebied. Daarom blijft het college zich inspannen om creatief te zoeken naar kostendragers en oplossingsrichtingen die een integraal ontwikkelperspectief voor Nieuwerkerk-Noord dichterbij brengen. Het college kijkt hierbij mede naar het co-creatietraject van het Gebiedspaspoort Nieuwerkerk aan den IJssel. Door het gebied te vergroten, ontstaan wellicht opties die binnen de scope van NieuwerkerkNoord niet aan de orde zijn. De ervaring in Moerkapelle en Zevenhuizen leert dat het gebiedspaspoortentraject de mogelijkheden vergroot, mede door het ontstaan van een breder (en nieuw) netwerk.

De gemeente blijft onderzoek doen naar een haalbare invulling voor de korte, middellange en lange termijn voor héél Nieuwerkerk-Noord. De gemeente wil doorgaan met een passend programma, dat mogelijk bestaat uit een mix van wonen, werken, recreëren, sport en onderwijs. Hierbij zoekt het college actief naar aansluiting, synergievoordelen en koppelkansen voor de gemeente Zuidplas. In dit kader is een aanvang gemaakt met de keukentafelgesprekken. Het doel van deze gesprekken is om informatie op te halen bij ondernemers en bewoners en van gedachten te wisselen over het perspectief voor Nieuwerkerk-Noord, aan te geven waar de gemeente in dit perspectief staat en specifieke problematiek bij ondernemers en bewoners op te halen. Daarnaast zal tijdens de gesprekken aan de orde komen hoe ondernemers en bewoners zélf zien hoe Nieuwerkerk-Noord een perspectief kan worden geboden. CONCLUSIE

Deze reactie leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.

87

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

Nummer R33 – Reclamant 33 1

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

Nummer gemeente Corsanummer E23.005493

Datum indiening 18 oktober 2023

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

Nummer gemeente Corsanummer E23.005494

Datum indiening 18 oktober 2023

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

Zie voor beantwoording R12

Nummer R35 – Reclamant 35 1

Datum indiening 18 oktober 2023

Zie voor beantwoording R12

Nummer R34 – Reclamant 34 1

Nummer gemeente Corsanummer E23.005492

Zie voor beantwoording R12

Nummer

Nummer gemeente

Datum indiening

R36 – Reclamant 36

Corsanummer I23.003579

15 oktober 2023

VERKORTE WEERGAVE REACTIE

1

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

REACTIE VAN GEMEENTE Beantwoording gemeente

De bestemming van gebied 2b en 3 moet worden omgedraaid In het ontwerpbestemmingsplan is gebied 2b bestemd als bedrijventerrein en gebied 3 als bos. Reclamant is van mening dat het ontwerpbestemmingsplan een verdere versnippering van het bos en de bedrijventerreinen creëert. Het bos is slecht bereikbaar voor omwonenden en recreanten. Het bos is omsloten door bedrijventerreinen en het ecosysteem is niet gebaat bij een bedrijventerrein midden in het bos. Bewoners van gebied 1 moeten om het bedrijventerrein (2a) heen om in het tweede gedeelte van het bos te komen. Door het omdraaien van gebied 2b en

88

De door reclamant aangehaalde omdraaiing van de twee gebieden is niet mogelijk. De voorgestelde ontsluiting van gebied 3 is niet mogelijk vanwege de aanwezige spoorlijn. Daarmee is het gebied voor een bedrijventerrein ongeschikt. In de verdere planuitwerking zal de gemeente uiteraard wel aandacht hebben voor de aansluiting van de verschillende groene verbindingszones op elkaar.

Wijziging bestemmingspl an ja/nee nee

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

gebied 3 ontstaat er een groene corridor richting Waddinxveen en is het gebied beter toegankelijk voor de toekomstige bewoners. De ontsluiting van het gebied zou dan kunnen via de Zuidelijke Dwarsweg en daarmee een directe ontsluiting op de N457 Reclamant verzoekt de gemeente om het bedrijventerrein te concentreren rondom Gouwepark I (gebied 4) en het Visje (gebied 3) en Doelwijk II (gebied 2a en 2b) te reserveren voor Bos.

CONCLUSIE Deze reactie leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Nummer R37 – Reclamant 37

Nummer gemeente Corsanummer I23.003579

Datum indiening 16 oktober 2023

VERKORTE WEERGAVE REACTIE

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

REACTIE VAN GEMEENTE

89

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

Beantwoording gemeente

1

De economische uitvoerbaarheid van het plan Er wordt verwezen naar de Crisis- en Herstelwet om de exploitatie berekening door te schuiven naar de toekomst, met name naar de fase van het verlenen van de omgevingsvergunning. Er wordt onterecht verwezen naar de Crisis- en Herstelwet. De ontwikkeling van het nieuwe dorp is echter een dermate grote ontwikkeling dat er ongekend veel kapitaal nodig is met als gevolg een zeer groot financieel risico. Reclamant vindt dat er informatie ontbreekt over waar de rekening van het financiële risico wordt neergelegd als er zich later een exploitatietekort voordoet. De gemeente Zuidplas heeft een veel te kleine begroting om de ontwikkeling van het nieuwe dorp op zich te nemen. Daarnaast maakt reclamant zich zorgen over het nu begrote tekort wat ontstaan is door de opstart van het project. Het is niet bekend hoe Zuidplas dit tekort wil wegwerken. De ontwikkeling van het nieuwe dorp past niet binnen de financiële mogelijkheden van de gemeente Zuidplas. Het is onverantwoord om het bestemmingsplan te wijzigen zonder exploitatie berekening, voorts dient voor het wijzigen van de bestemming bekend te zijn welke partij/partner voor welke gedeelte van het risico aansprakelijk is.

De gemeenteraad heeft een grondexploitatie voor de eerste fase van de ontwikkeling van het Middengebied vastgesteld, waarbij sprake is van een negatief resultaat van circa 6 miljoen euro. De gemeenteraad heeft bij eerdere besluitvorming al middelen gereserveerd voor de ontwikkeling van het Middengebied en zet deze middelen in ter dekking van het negatieve resultaat van de grondexploitatie. Er is sprake van grote vraag naar woningen en locaties voor bedrijventerreinen. Voor de ontwikkeling van het totale plangebied voorziet de gemeente binnen de planregels, de verbeelding en de looptijd van het bestemmingsplan voldoende mogelijkheden en ruimte voor een uitvoerbare ontwikkeling.

Wijziging bestemmingsplan ja/nee nee

De Crisis- en herstelwet maakt het in dit plangebied mogelijk om het verplichte kostenverhaal door te schuiven naar de fase van vergunningverlening. Daarom is nu geen exploitatieplan noodzakelijk, maar is wel geborgd dat voordat bouwplannen gerealiseerd worden, het kostenverhaal is verzekerd. Gelet op de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 is de toelichting op het punt van het overgangsrecht aangevuld.

Reclamant stelt dat het niet zo mag zijn dat de inwoners van de gemeente worden blootgesteld aan de financiële risico’s terwijl de woningen in het nieuwe dorp gebouwd worden voor de rest van Nederland.

2

Reclamant stelt voor om onder 6. Economische uitvoerbaarheid op te nemen dat het financiële risico niet/op geen enkele wijze wordt afgewend op de inwoners van gemeente Zuidplas. Gewenstheid nieuwe woonomgeving De vraag is gerechtvaardigd of mensen in een dergelijke wijk willen wonen, mogelijk is er een zeer grote groep mensen die een dergelijke woonomgeving niet wensen.

Er is een landelijk, provinciaal en regionaal belang om voldoende nieuwe woningen om aan het (grote) woningtekort te voldoen. Er moeten in Nederland ruim 961.000 nieuwe woningen worden gebouwd in 2030, waarvan nu nog ongeveer 150.000 nieuwe woningen in Zuid-Holland. De gemeente draagt hieraan bij met de ontwikkeling van 8.000 woningen in het bestemmingsplangebied. De gemeente beoogt daarbij een gemengd

90

nee

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

woningbouwprogramma dat plek biedt aan verschillende doelgroepen. De gemeente beseft zich tegelijk dat deze ontwikkeling niet op ieders wensen en behoeften aan zal sluiten. Desondanks ziet de gemeente voldoende doelgroepen die wel interesse hebben in woningen en deze nieuwe ontwikkeling. CONCLUSIE Deze reactie leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Nummer R38 – Reclamant 38 1

Nummer gemeente Corsanummer E23.005533

Datum indiening 18 oktober 2023

Datum binnenkomst gemeente 19 oktober 2023

Nummer gemeente Corsanummer E23.005513 en I23.003582

Datum indiening 17 oktober 2023

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

Zie voor beantwoording R12

Nummer R39 – Reclamant 39

VERKORTE WEERGAVE REACTIE

1

2

Voorwaardelijk akkoord met ontwikkeling nieuwe Dorp Reclamant heeft in beginsel geen moeite met de ontwikkeling van het nieuwe dorp. Voorwaarden zijn om bij verplaatsing volledig schadeloos te worden gesteld en de gemeente bereidwillig is een alternatieve locatie aan te bieden. Zonder de ontwikkeling wil reclamant graag haar werkzaamheden op de huidige locatie voortzetten. Gehele perceel binnen bestemming Woongebied Het perceel van reclamant is bij uitstek geschikt voor de bestemming ‘Woongebied’. Verzocht wordt de verkeersbestemming dat gedeeltelijk binnen dit perceel ligt, hierbuiten te houden en de percelen rondom dit perceel niet met ‘Bos’ te bestemmen, maar een andere bestemming zodat voor reclamant de mogelijkheid behouden blijft om ter plaatse uit te breiden.

REACTIE VAN GEMEENTE Beantwoording gemeente

Met reclamant wordt gesproken over aankoop van de eigendommen door de gemeente. Voorzetting van de werkzaamheden op de huidige locatie is met de ontwikkeling van het bestemmingsplangebied niet meer aan de orde.

Het perceel van reclamant is onderdeel van de ontwikkeling van het bestemmingsplangebied. Het uitgangspunt van de gemeente is dat het perceel ontwikkeld wordt in lijn met de ambities en uitgangspunten zoals vastgesteld in het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder (2021) en Nota van Uitgangspunten (2023). Als gevolg hiervan wordt het perceel gedeeltelijk bestemd als ‘Woongebied', gedeeltelijk als ‘Bos’ en gedeeltelijk als ‘Verkeer’ (ten behoeve van een ontsluitingsweg).

91

Wijziging bestemmingsplan ja/nee nee

nee

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

Niet uitgesloten is dat het nieuwe Dorp zoals voorgenomen niet ontwikkeld wordt. Reclamant wil dan geen planologisch nadeel ondervinden, door op de huidige locatie te kunnen blijven, met behoud van de mogelijkheid om uit te breiden. In het ontwerp is hier onvoldoende rekening mee gehouden.

De locatie van het ‘kreekrugdorp’ – het deel van het woongebied binnen de Groene Slinger – is mede bepaald door de huidige structuren van het gebied. Het kreekrugdorp wordt voor een deel aan de noordoostzijde van de Middelweg doorgezet om een nieuwe ontsluitingsweg te realiseren, waarmee wordt voorkomen dat de bestaande linten met veel meer verkeer worden belast. Daarnaast is ook rekening gehouden met de ruimtelijke inpassing van het beoogde woningbouw- en voorzieningenprogramma. Tot slot is de ondergrond van het kreekrugdorp relatief meer draagkrachtig. Daarnaast zal het gebied door middel van ophoging geschikt gemaakt worden voor de woningen en voorzieningen. Daarmee is de draagkracht van de ondergrond verzekerd. Uitbreiding van het huidige gebruik op het perceel van de reclamant is niet in lijn met de ambities en uitgangspunten van de gemeente en daarom niet mogelijk gemaakt in dit bestemmingsplan. Voortzetting van het huidige gebruik is op grond van het overgangsrecht in het bestemmingsplan wel mogelijk. Voorts is de gemeente, op grond van het gevestigde voorkeursrecht (Wvg), voornemens de gronden van reclamant aan te kopen voor de ontwikkeling van het bestemmingsplangebied. Voor zover sprake is van schade, kan reclamant een verzoek tot planschade/nadeelcompensatie indienen*. *Onder de Omgevingswet is de term planschade vervangen door de term nadeelcompensatie.

Schade als gevolg van het vaststellen van het bestemmingsplan valt onder de planschaderegeling. Schade als gevolg van verleende omgevingsvergunningen valt onder de nadeelcompensatieregeling omdat deze omgevingsvergunningen allemaal na invoering van de Omgevingswet aangevraagd en verleend zullen worden. CONCLUSIE

Deze reactie leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Nummer R40 – Reclamant 40

Nummer gemeente Corsanummer E23.005514 en I23.003584

Datum indiening 17 oktober 2023

VERKORTE WEERGAVE REACTIE

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

REACTIE VAN GEMEENTE

92

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

Beantwoording gemeente

1

Afspraken bij verkoop niet nagekomen Reclamant heeft in 2008 de gronden achter zijn bedrijfswoning verkocht aan de Grondbank ten behoeve van de ontwikkeling van de Zuidplaspolder. Daarbij is onder andere afgesproken dat reclamant bouwvergunning zou krijgen voor het vergroten van zijn woning en een loods op het niet verkochte deel. Uit een gespreksverslag van 14 mei 2009 blijkt dat met de gemeente een concrete afspraak is gemaakt dat in het nieuw vast te stellen bestemmingsplan het perceel van reclamant een bedrijfsbestemming zal krijgen ‘voor de nieuwe loods met daarbij de aanduiding ‘lint’ voor het gedeelte van de loods (=woning) en het naastliggende perceel tot aan achterzijde loods’. Naar mening van reclamant zijn de afspraken die indertijd zijn gemaakt niet in het (oude) bestemmingsplan opgenomen. Ook in het thans ter inzage gelegde bestemmingsplan worden de afspraken niet nagekomen, nu wederom geen bouwvlak is toegekend. Hiermee pleegt de gemeente wanprestatie en schendt vertrouwensbeginsel. Reclamant verzoekt om de betreffende afspraken eindelijk gestand te doen en alsnog het bepaalde in de koopovereenkomst geheel in het bestemmingsplan op te nemen.

‘Dat wil zeggen dat naast de bedrijfsbestemming tot en met milieucategorie 2 die aan het overblijvende perceel naast de bedrijfswoning is toegekend, ook een bouwkavel wordt toegekend teneinde daar conform de gemaakte afspraken een vervangend gebouw te kunnen realiseren.’

De gemeente betreurt het dat er nog steeds een verschil van inzicht bestaat over de destijds gemaakte afspraken. Met reclamant is hierover veelvuldig overlegd en gecorrespondeerd over de afspraken uit de koopovereenkomst tussen reclamant en Grondbank RZG Zuidplas. Ten tijde van het aangaan van deze koopovereenkomst, althans kort nadat de reclamant de overeenkomst heeft getekend, was er reeds een nieuw bestemmingsplan in de maak. Het voorontwerpbestemmingsplan “Het Nieuwe Midden” heeft met ingang van 16 oktober 2008 gedurende vier weken ter inzage gelegen in de voormalige gemeente ZevenhuizenMoerkapelle en was het voor iedereen mogelijk een inspraakreactie in te dienen. Uit de Nota van Beantwoording (en wijziging) bij dit bestemmingsplan blijkt dat reclamant destijds, daarbij bijgestaan door adviseur Vellekoop Makelaardij, gebruik heeft gemaakt van deze inspraakmogelijkheid. Ook blijkt dat de inspraakreactie van reclamant heeft geleid tot inhoudelijke aanpassing van het (voor)ontwerpbestemmingsplan en uiteindelijk vastgestelde bestemmingsplan, conform de ontbindende voorwaarden uit de genoemde koopovereenkomst. Uit de aanvullende afspraken blijkt dat de bestemming voor de nieuwe loods op het perceel zal worden aangepast (in het bestemmingsplan ‘Het Nieuwe Midden’) conform de betreffende voorwaarde uit de koopovereenkomst alsook blijkt hieruit de verdere duiding van het perceel.

Voor de nieuwe loods was op dat moment al een vergunningsaanvraag door reclamant ingediend en door de gemeente in behandeling genomen. Dit betrof de nieuwe en tevens grotere loods die op de plaats van de bestaande loods zou worden gerealiseerd. Dit is in het bestemmingsplan ‘Het Nieuwe Midden’ meegenomen op de verbeelding en in de regels. Het deel van het perceel naast de woning was bestemd als “lint”; Deze bestemming is conform de aanvullende voorwaarde uit de koopovereenkomst bepaald voor het gedeelte voor de loods (=woning) en het naastliggende perceel tot aan de achterzijde loods. Het

93

Wijziging bestemmingsplan ja/nee nee

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’ bestemmingsplan “Het Nieuwe Midden” is hierop ook aangepast met de bestemming Bedrijf en de bestemming Lintzone. Reclamant had daarbij de mogelijkheid om de koop te ontbinden voor vaststelling van het bestemmingsplan. Hier heeft reclamant echter geen gebruik van gemaakt. Ook heeft reclamant geen gebruik gemaakt van de gang naar de rechtbank om de in het bestemmingsplan ‘Het Nieuwe Midden’ opgenomen regeling te bestrijden. Door de levering van de gronden aan de Grondbank RZG Zuidplas is reclamant akkoord gegaan met alle ontbindende voorwaarden. De gemeente is van mening dat zij aan alle voorwaarden uit de koopovereenkomst heeft voldaan. CONCLUSIE Deze reactie leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Nummer R41 – Reclamant 41

1

Nummer gemeente

Datum indiening

Corsanummer E23.005515 / E23.005524 / E23.005549 / I23.003585 / I23.003628 / I23.003617 / I23.003628 VERKORTE WEERGAVE REACTIE

Gebreken in het MER en ontwerpbestemmingsplan Reclamant geeft een uitgebreide inleiding over het advies van de (onafhankelijke) Commissie m.e.r. en de daarin gedane uitspraken. Reclamant heeft het MER bezien op de punten waarop zij nadere zienswijzen indient en constateert dat het MER op meerdere onderdelen niet voldoet aan het advies van de Commissie m.e.r. van 20 oktober 2021. Daarmee kan het MER volgens reclamant niet ten grondslag worden gelegd aan het ontwerpbestemmingsplan. Onder punt 2 t/m 8 wordt op deze onderdelen specifieker ingegaan. Aanvulling zienswijze Reclamant constateert in een aanvulling op de eerste zienswijze dat in de bekendmaking van de tervisielegging van de stukken, waaronder het ontwerpbestemmingsplan, MER en concept Nota parkeren, ten onrechte

17 oktober 2023

Datum binnenkomst gemeente 18 oktober 2023

REACTIE VAN GEMEENTE Beantwoording gemeente

De gemeente heeft zowel het advies (op de NRD) als het tussentijdse advies (op het concept-MER) van de Commissie voor de m.e.r. (hierna Commissie m.e.r.) meegenomen bij het opstellen van het MER. Daarbij zijn vrijwel alle punten die de Commissie m.e.r. heeft aangedragen meegenomen of is aangegeven waarom adviezen niet of anders zijn verwerkt. De Commissie m.e.r. heeft op 8 november 2023 tevens haar eindadvies gepubliceerd over het MER. Daarin geeft de Commissie m.e.r. aan dat het MER grondig de gevolgen voor het milieu beschrijft. De Commissie heeft ook aangegeven dat haar (tussentijdse) adviezen goed zijn opgevolgd c.q. verwerkt in het MER. De commissie is van oordeel dat het MER goede en relevante informatie geeft voor besluitvorming en de essentiële informatie bevat om een besluit te nemen voer het bestemmingsplan. Wel heeft de Commissie m.e.r. nog enkele

94

Wijziging bestemmingspl an ja/nee nee

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

niet over dit tussentijdse advies is gerept. Dat is onzorgvuldig. In dit tussentijdse advies staat dat er een duidelijk voorkeursalternatief moet zijn uitgewerkt met mogelijke conflicten tussen doelstellingen moet worden benoemd. Dit wordt gemist in het definitieve MER. Ook mist reclamant een duidelijke publiekssamenvatting, hetgeen wel wordt geadviseerd. De ontwikkeling van het nieuwe dorp heeft negatief effect op het landschap en op de openbare ruimte. Daar staat het ontwikkelen van natuur tegenover. Het tussentijdse advies constateert hoge ambities voor het landschap en weinig concrete aanbevelingen voor het realiseren van dit “robuuste groen”. Reclamant constateert dat de Groene Schakel ten onrechte uit het voorkeursalternatief is gehouden. Aan de hand van dit tussentijds advies blijkt dat verstedelijking hand in hand gaat met aanleg van veel groen (o.a Groene Schakel), maar dat de consequenties daarvan voor bestaand gebruik van de gronden zoals die eigendom van zijn en door reclamant worden gebruikt, onvoldoende worden/zijn meegenomen. Dit is een conflicterende doelstelling en die moet worden benoemd én nog belangrijker er moet ook naar worden gehandeld.

Dat de Groene Schakel niet meer is meegenomen in VKA duidt erop dat de doelstelling van het realiseren van natuur botst met het huidige gebruik van de gronden in de Groene Schakel en wellicht ook met de kwestie van het waterpeil voor de rest van het gebied. Reclamant is van mening dat, indien Zuidplas al dan niet samen met de Provincie Zuid-Holland hier een robuuste natuur wil realiseren, daar dan ook geld voor moet worden vrijgemaakt om de huidige gebruikers te onteigenen.

aanbevelingen gedaan voor het vervolgtraject, na vaststelling van het bestemmingsplan. Meer specifiek over de punten van reclamant:  In het MER is, passend bij het detailniveau van het bestemmingsplan, een duidelijk voorkeursalternatief (VKA) uitgewerkt. Het VKA is uitgebreid beschreven in hoofdstuk 8 van bijlage 4 bij het MER (Alternatievenbeschrijving). De effecten van het VKA zijn in het MER in hoofdstuk 8 beschreven.  In bijlage 5 bij het MER (Ambities) is uitgebreid gekeken naar het doelbereik. In bijlage 6 zijn alle gekozen maatregelen om de ambities te halen met elkaar geconfronteerd, om te kijken of er conflicterende maatregelen/ambities zijn. De resultaten hiervan zijn kort samengevat opgenomen in paragraaf 8.3 en 8.4 van het MER.  Voorin het MER is een publieksvriendelijke samenvatting opgenomen van het MER.  De Groene Schakel maakt onderdeel uit van het VKA. Het VKA is echter niet in zijn geheel in één bestemmingsplan vertaald naar planologische kaders. In het bestemmingsplan waarop reclamant een zienswijze heeft ingediend (Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1), wordt de Groene Schakel niet meegenomen. Dit gebied is wel meegenomen in Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 2, dat vanaf vrijdag 10 november t/m donderdag 21 december 2023 ter inzage heeft gelegen. Op basis van bovenstaande constateert de gemeente (evenals de Commissie m.e.r.

zelf heeft geconstateerd in haar eindadvies) dat is voldaan aan de adviezen van de Commissie m.e.r.. Er is daarom geen sprake van het onzorgvuldig tot stand komen van het MER, de Nota maatwerk parkeren Middengebied en daarmee het bestemmingsplan. Uitgangspunt voor de ontwikkeling van het Middengebied is dat er geen sprake is van gedwongen onteigening. De gemeente streeft naar de uitvoering van het planvoornemen, zonder dat daarvoor onteigening ingezet hoeft te worden. Dit is dan ook het uitgangspunt bij de vervolgonderzoeken en de maatregelen die in het vervolgproces meegenomen zullen worden. Desondanks zal de gemeente overgaan tot het middel onteigening als dit voor de planontwikkeling nodig blijkt te zijn en een andere (minnelijke) oplossing niet mogelijk is.

95

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

2

Verkeersontsluiting in realisatie en gebruiksfase en verkeers(on)veiligheid A. Reclamant is van mening dat het MER op het punt van verkeersveiligheid onvoldoende alle consequenties voor deze ontwikkeling, inclusief het bestaande gebruik in het overige deel van de polder, waaronder bedrijvigheid, heeft bezien. Monitoring op dit punt is nergens vastgelegd.

A. Op verkeersveiligheid is in het MER op voldoende wijze ingegaan om het vaststellingsbesluit over het bestemmingsplan te kunnen nemen. De Commissie m.e.r. doet in haar eindadvies de aanbeveling om verkeersveiligheid te monitoren in het vervolgproces. Deze aanbeveling wordt door de gemeente overgenomen en komt vast te liggen in een nog op te stellen monitoringsprogramma.

C. Het is de bedoeling van de gemeente Zuidplas om autogebruik te ontmoedigen en het gebruik van OV en de fiets te stimuleren. Het is onduidelijk hoe de gemeente Zuidplas die doelstelling wenst te realiseren. Dat doel is niet verankerd in de regels van dit ontwerp bestemmingsplan.

B. Het uitgangspunt “Eerst bewegen, dan bouwen” zet in op het realiseren van voldoende bereikbaarheid voor de voorgenomen ontwikkeling om daarmee toekomstige problemen in de verkeersafwikkeling te voorkomen. De eerste 100 woningen kunnen gerealiseerd worden door alleen gebruik te maken van de bestaande Middelweg en Zuidelijke Dwarsweg. Daarbij wordt in fase 1a van de ontwikkeling de realisatie van een nieuwe ontsluitingsweg richting N219/A12 voorzien, waarna de Zuidelijke Dwarsweg alleen nog als langzaam verkeersroute en voor bestemmingsverkeer gebruikt mag worden. Op basis van deze ontsluiting kunnen circa 4.500 woningen worden gerealiseerd. Bij de ontwikkeling van fase 1a (waar de gemeente mee gaat starten) wordt dus voorzien in twee ontsluitingen van het bestemmingsplangebied.

D. Reclamant maakt zich zorgen over de concept-Nota maatwerk parkeren Middengebied. Het is op basis van deze nota mogelijk om de “klassieke” parkeernormen te hanteren, waarbij de vraag rijst of er in de rapportages over mobiliteit uitgegaan is van de correcte uitgangspunten.

Voordat de grens van deze 4.500 woningen wordt overschreden dient – in het kader van eerst bewegen, dan bouwen - de derde ontsluitingsweg richting N219/A20 gerealiseerd te worden. Dit is ook als zodanig geregeld in de bouwregels van het bestemmingsplan.

E. Het is onduidelijk waar de busbaan komt en of deze over de Zuidelijke Dwarsweg komt te lopen. Het profiel van deze weg is te smal om hier een busbaan te realiseren, temeer omdat op deze weg ook een hoofdfietsroute geprojecteerd is.

Naast automaatregelen onderzoekt en realiseert de gemeente in fase 1a ook maatregelen gericht op duurzame mobiliteit (fiets, openbaar vervoer en deelmobiliteit), omdat deze ook in belangrijke mate bijdragen aan het invullen van de mobiliteitsopgave en het mitigeren van de toename van autobewegingen.

B. Reclamant constateert dat er 1.499 woningen opgericht kunnen worden zonder dat er additionele ontsluitingen gerealiseerd zijn. Dit voldoet niet aan de door de raad gestelde voorwaarde “eerst bewegen dan bouwen”. Daarbij constateert reclamant ook dat ontsluiting 2 niet aantakt op de Moordrechtboog maar wel op de Zuidelijke Dwarsweg wat niet de bedoeling kan zijn.

F. Het is onduidelijk hoe de gemeente omgaat met het bouwverkeer in de aanlegfase en het autogebruik van de Zuidelijke Dwarsweg. Ook is het onduidelijk hoe de hoofdfietsroute op de Zuidelijke Dwarsweg veilig

-

96

De gemeente merkt op dat de kaartbeelden in de zienswijze van de reclamant enkele onjuistheden bevatten. De eerste

ja

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

gerealiseerd kan worden, o.a. omdat totdat 1500 woningen zijn gerealiseerd meer gemotoriseerd autoverkeer gebruik kan maken van de Zuidelijke Dwarsweg dan nu het geval is. Daarbij is ook onvoldoende onderzocht wat het effect is van zwaarder (vracht)verkeer dat als bestemming de bedrijven aan de Bierhoogtweg en omgeving heeft. Tot slot is niet duidelijk hoe de ‘strategisch geplaatste knippen’ op de Zuidelijke Dwarsweg zal plaatsvinden. G. Reclamant is in het bijzonder verontrust over de volgende aspecten:  Er wordt niet voorkomen dat gemotoriseerd verkeer vanuit het nieuwe dorp gebruik zal maken van de Zuidelijke Dwarsweg, althans dit blijkt onvoldoende uit het ontwerpbestemmingsplan;  Uit de Bestuurlijke Overeenkomst blijkt dat de bedrijven van reclamanten en de bewoners gebruik kunnen blijven maken van de huidige ontsluiting over de Bierhoogtweg, Zuidelijke Dwarsweg naar de N219. Onduidelijk is hoe dit, uitgaande van het door B&W vastgestelde VKA met de genoemde “strategisch geplaatste knippen”, zal worden gerealiseerd;  Het is onduidelijk hoe aan de hoofdfietsroute op de Zuidelijke Dwarsweg invulling wordt gegeven en hoe de verkeersveiligheid met andere kruisingen, zoals de Bierhoogtweg en de Tweede Tochtweg wordt gegarandeerd. Dit geldt zowel in de aanleg- als na de realisatiefase. H.

Voor wat betreft de derde ontsluiting die volgens de bestemmingsplanregels moet zijn gerealiseerd voordat meer dan 4.500 woningen kunnen worden opgericht (bedoeld zal zijn meer dan 4.000, want dat getal wordt steeds in de onderzoeken genoemd), vraagt reclamant om een bevestiging dat deze nieuwe derde ontsluiting voldoende ruimte zal bieden om ook zwaarder verkeer waaronder LZV’s (het onderkende in het MER aanwezige zware vrachtverkeer, inclusief landbouwvoertuigen) de draai op deze weg vanuit de 2e Tochtweg en vanaf de derde ontsluiting naar de N219 kunnen gaan maken.

-

-

ontsluitingsroute die de gemeente voorziet is de Middelweg: deze ontbreekt in de reactie van reclamant. Route ‘1’ die reclamant onder 3.1 noemt is in de fasering de tweede ontsluitingsroute, namelijk de route richting N219/A12. Route ‘2’ die reclamant onder 3.1 noemt is geen ontsluitingsroute van het bestemmingsplangebied, maar maakt onderdeel uit van de te realiseren Groene Slinger en zal ook als zodanig worden ingericht. Route ‘3’ die reclamant onder 3.1 noemt is in de fasering inderdaad ook de derde ontsluitingsroute richting N219/A20.

C. In de Deelovereenkomst Mobiliteit (2023) zijn verschillende maatregelen vastgelegd voor duurzame mobiliteit (waaronder de uitwerking van een fietsroutenetwerk, specifieke fietsverbindingen, deelmobiliteit en een nieuw treinstation of (H)OV-hub). Deze maatregelen worden in de vervolgfase verder uitgewerkt gericht op concrete realisatie. D. In het MER, het bestemmingsplan, de Nota maatwerk parkeren Middengebied en de stedenbouwkundige uitwerkingen is uitgegaan van een mobiliteitsconcept gericht op het STOMP-principe, en een daarbij behorende parkeernorm. STOMP staat voor de voorkeursvolgorde Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Mobiliteit als een dienst, en tot slot de Privéauto. De parkeernorm is daarbij voorwaardelijk gebaseerd op de aanwezigheid van maatregelen gericht op duurzame mobiliteit. De gemeente zet zich daarbij in op de realisatie van goed openbaar vervoer, en op termijn mogelijk een nieuw treinstation of (H)OV-hub, nieuwe fietsverbindingen, het functioneren van deelmobiliteit. De gemeente is voor de realisatie hiervan echter ook afhankelijk van andere overheden, concessieverleners en –houders en marktpartijen. Om die reden is de Nota maatwerk parkeren Middengebied in de basis gebaseerd op de Parkeernota Zuidplas 2019.

Op het moment dat in voldoende mate aan de voorwaarden voor duurzame mobiliteit invulling wordt gegeven, kan onderbouwd een verdere reductie op de parkeernormen van 2019 worden toegepast. Vooralsnog is daarom ook gerekend met een modal shift gericht op een autoverkeersreductie van 5%, conform de Deelovereenkomst Mobiliteit (2023).

97

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

E. De gemeente is het met reclamant eens dat het profiel van de Zuidelijke Dwarsweg nu niet geschikt is als busbaan. Het tracé van de busbaan wordt daarom voorzien over de nieuw te realiseren Noordelijke Hartlijn. De Zuidelijke Dwarsweg wordt inderdaad wel een route voor langzaam verkeer (fiets) alsmede bestemmingsverkeer. Dat is aangepast in het bestemmingsplan. De exacte locatie waar de ´knip´ in de weg gerealiseerd wordt, en hoe die eruit komt te zien, is punt van nader onderzoek. De gemeente past de bestemming op delen van de Zuidelijke Dwarsweg aan om de knip mogelijk te maken en te voorkomen dat in de uiteindelijke situatie verkeer vanuit het dorp over deze weg zal gaan rijden. Bestemmingsverkeer en langzaam verkeer blijven uiteraard wel mogelijk. F. De punten die reclamant aangeeft maken allemaal onderdeel uit van een nadere uitwerking naar concrete verkeers- en bereikbaarheidsmaatregelen voor de ontwikkeling. De gemeente zal voor de uitvoeringsfase een plan voor bereikbaarheid en verkeersveiligheid opstellen, rekening houdend met onder andere bouw- en fietsverkeer, conform afspraken die hierover zijn vastgelegd in de Deelovereenkomst Mobiliteit (2023). De locatie en vormgeving van de knip(pen) op de Zuidelijke Dwarsweg wordt in het vervolg ook nader uitgewerkt.

Het doel van deze knip(pen) is het voorkomen van doorgaand verkeer alsmede verkeer tussen het bestemmingsplanverkeer en de N219. Daarmee wordt voorkomen dat de Zuidelijke Dwarsweg als hoofdontsluitingsweg voor het bestemmingsplangebied wordt gebruikt. Bestaande woningen en bedrijven blijven tevens bereikbaar, alhoewel een nieuwe routering mogelijk kan zijn. Hier zijn afspraken over vastgelegd in de Deelovereenkomst Mobiliteit (2023). G. Zie F voor de beantwoording van het eerste punt over de Zuidelijke Dwarsweg. Ten aanzien van het tweede punt, merkt de gemeente op dat er in de Bestuurlijke Overeenkomst Ontwikkeling Middengebied Zuidplaspolder (2021) geen afspraken zijn gemaakt over de bereikbaarheid van bestaande woningen en bedrijven over deze specifieke wegen. In deze overeenkomst is wel vastgelegd dat de bereikbaarheid van deze woningen en bedrijven gegarandeerd blijft. Het is daarbij mogelijk dat een nieuwe routering nodig is, met oog op de nieuwe ontsluitingswegen in het bestemmingsplangebied.

98

Nota van Beantwoording (en wijziging) Bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’

3

Waterhuishouding, waterpeil en de (onbekende) gevolgen voor het overige deel van het plangebied A. Het bouwen van 8.000 woningen gaat gepaard met een noodzakelijke verhoging van het waterpeil in het gebied. Er is onvoldoende zicht op de gevolgen en effecten van een dergelijke maatregel voor de overige delen van het plangebied (Groene Schakel) waar het bedrijf van reclamant gevestigd is. Dit is absoluut onacceptabel en voorziet niet in een goede ruimtelijke ordening. Er zal onderzoek gedaan moeten worden naar de gevolgen van de waterpeilen en dit mag er niet toe leiden dat het huidige gebruik van de gronden niet meer mogelijk is, tenzij er een voornemen bestaat om die gebruikers te onteigen. B. Voor zover uit het MER blijkt dat het verhogen van het waterpeil, ook in de Groene Schakel goed is voor het stimuleren van moerasachtige natuur (natte voeten derhalve), constateert reclamant dat daarmee niet met de gerechtvaardigde belangen van de bestaande bewoners en bedrijvigheid rekening wordt gehouden. Er is immers geen voornemen om te onteigenen. Reclamant acht dat niet acceptabel en dit geeft blijk van onzorgvuldige besluitvorming, met name nu het realiseren van de woningbouw hand in hand gaan met het ontwikkelen van groen/en recreatieve natuur (de Groene Schakel).

De doelen zijn feitelijk niet met elkaar te verenigen, tenzij financiën worden vrijgemaakt voor de beoogde transitie van de Groene Schakel inclusief EVZ. C. Het aspect voldoende waterberging is nergens in de regels van het ontwerpbestemmingsplan geborgd.

Het derde punt is onderdeel van voornoemd bereikbaarheids- en verkeerveiligheidsplan. H. De zaken die reclamant noemt zijn van belang voor de uitwerking van voornoemd verkeerskundig ontwerp van de derde ontsluitingsweg en de aansluiting van bestaande wegen daarop. Daarin zal de gemeente rekening houden met uitgangspunten de bereikbaarheid van bestaande woningen en bedrijven die van deze infrastructuur gebruik zullen maken. A. De planontwikkeling is een langjarig proces. Daarbij worden in elke fase de onderzoeken uitgevoerd op het detailniveau dat nodig is om in die fase de juiste besluiten te kunnen nemen. Het voorliggende besluit betreft de vaststelling van het Crisis- en herstelwet (Chw) bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1 door de gemeenteraad. De Groene Schakel valt niet onder dit bestemmingsplan, maar onder het Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 2, dat ter inzage heeft gelegen van vrijdag 10 november t/m donderdag 21 december 2023. De aspecten die reclamant noemt zijn wel integraal onderzocht in één MER voor beide bestemmingsplannen. In het bestemmingsplan worden alleen de bestemmingen vastgelegd. Er wordt nog niet vastgelegd op welke manier de ontwikkeling precies gaat plaatsvinden. De onderzoeken voor het bestemmingsplan en bijbehorende MER zijn uitgevoerd op een bijpassend detailniveau.

Daarmee is voldoende inzicht gegeven in de te verwachten effecten van de ontwikkeling en de mogelijkheid om die effecten weg te nemen of te beperken. Hierbij is ook aandacht besteed aan de effecten van waterpeilverhoging. Uit het MER blijkt dat een waterpeilverhoging in bestemmingsplan 1 geen significant effect heeft op de omliggende gebieden (inclusief het huidige agrarische gebruik) in bestemmingsplan 2. Waterpeilverhoging wordt overigens alleen voorzien in delen van het gebied van bestemmingsplan 1. Er zijn vooralsnog geen besluiten genomen om de waterpeilen in het gebied van bestemmingsplan 2 te verhogen. Bij de verdere uitwerking van de plannen – passende bij de dan te nemen besluiten – worden vervolg(detail)onderzoeken uitgevoerd. Hierbij blijft aandacht voor mogelijke effecten van waterpeilverhoging op omliggende gebieden, zoals de door reclamant genoemde Groene Schakel. Daarmee wordt uiteindelijk geborgd dat vóór de start van de ontwikkeling de effecten gedetailleerder in beeld zijn gebracht en voldoende maatregelen worden getroffen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14084323/1