CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Jaarstukken 2022 van de Omgevingsdienst Midden-Holland F 413 E23.002992

Gemeenteraad 27 juni 2023, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Conceptbegroting 2024 en jaarrekening 2022 Omgevingsdienst Midden-Holland23.694 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Financieringskosten De enige financieringskosten van de ODMH zijn de rentelasten voor de langlopende lening die afgesloten is voor het pand. Dit betreft een annuïtaire lening, zodat de rentelasten jaarlijks verminderen. Mutaties reserves De mutaties in de reserves zijn deels (€ 46.543) ter dekking van de afschrijvingslasten. Hiervoor zijn jaren geleden bestemmingsreserves aangemaakt. De geraamde onttrekking ad € 60.000 aan de bestemmingsreserve Ontwikkeling is niet uitgevoerd. Als gevolg van het verdere uitstel van de invoering van zowel de Ow als de Wkb schuift deze onttrekking door naar 2023, ter dekking van de gemaakte kosten ter voorbereiding op de inwerkingtreding van de genoemde, nieuwe wetten.

3.1.4

Algemene dekkingsmiddelen

In de programmaverantwoording moet ook het overzicht Algemene dekkingsmiddelen worden gegeven. Voor onze gemeenschappelijke regeling interpreteren wij dit als de bijdragen, die de deelnemende gemeenten en provincie betalen aan de ODMH (hoewel dit volgens het BBV niet als zodanig kwalificeert). De algemene bijdragen worden verantwoord in de programma’s milieu en BWT en worden ook weergegeven in de bijlagen 1 en 2 van deze jaarstukken. Financieringsfunctie Met ingang van 2014 zijn deze rentebaten bijna geheel weggevallen door de invoering van het schatkistbankieren. Door deze invoering is de ODMH, net als andere lagere overheden, verplicht overtollige middelen weg te zetten bij het rijk. De rentevergoeding die hier tegenover staat is vooralsnog nihil. Wel kent de ODMH sinds 2015 rentelasten. Bij de overname van het Midden-Hollandhuis is ook de geldlening van het ISMH bij de BNG overgenomen. Voor deze lening, die ultimo 2022 € 2,77 miljoen bedroeg, was de rentelast over het jaar 2022 € 103.823.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

20 van 67

Op 1 juli 2023 loopt de huidige renteperiode met een rente van 3,62% voor de lening ten einde. De looptijd van de lening is dan nog 10 jaar. In het eerste half jaar van 2023 zal een nieuwe rentevastperiode aangegaan worden met de BNG.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

21 van 67

3.2

Paragrafen

Artikel 26 van het BBV schrijft voor dat in het jaarverslag dezelfde paragrafen opgenomen moeten worden als die in de begroting opgenomen zijn. Op advies van het Ministerie van Binnenlandse Zaken is een extra paragraaf toegevoegd: de corona-paragraaf. In deze paragraaf zijn de gevolgen van de Covid-19 op de begroting en de getroffen maatregelen weergegeven.

3.2.1

Lokale heffingen

De paragraaf betreffende de lokale heffingen is voor de ODMH niet van toepassing.

3.2.2

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

De paragraaf weerstandsvermogen dient te omvatten: a. Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de ODMH beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken; b. Een inventarisatie van de risico's, waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Hierbij dient bijvoorbeeld te worden gedacht aan risico’s in het kader van organisatieontwikkelingen, rechtmatigheid, garantieverplichtingen, voldoen aan formele voorschriften met betrekking tot de uitvoering van regelingen door de ODMH; c. Het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risicobeheersing. Weerstandsvermogen: Het weerstandsvermogen is in artikel 11 van het BBV gedefinieerd als “De relatie tussen de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken, en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie.” Het weerstandsvermogen weerspiegelt de mate waarin de ODMH in staat is middelen vrij te maken om de risico’s, die zich in de praktijk voordoen, op te vangen, zonder dat dit betekent dat het beleid gewijzigd dient te worden. Het vermogen om het beleid door te zetten is afhankelijk van de omvang van de weerstandscapaciteit.

Er zijn geen algemeen geldende normen voor de gewenste omvang van het weerstandsvermogen. Iedere gemeenschappelijke regeling moet zelf invulling geven aan de gewenste omvang, gelet op haar eigen situatie en context. De omvang van het weerstandsvermogen moet in verhouding staan tot de risico’s die de organisatie loopt en die niet kunnen worden opgevangen door stuur- en beheersmaatregelen en ook niet financieel kunnen worden afgedekt door voorzieningen. Weerstandscapaciteit Onder weerstandscapaciteit wordt verstaan: het geheel aan beschikbare en vrij aanwendbare financiële middelen om mogelijke “resterende” risico’s met financieel gevolg op te kunnen vangen. Met “resterende” risico’s worden bedoeld: de risico’s die onvoldoende “in control” zijn of kunnen worden gehouden door stuur- en beheersmaatregelen en/of waarvoor (nog) geen specifieke voorzieningen zijn of kunnen worden getroffen. Bij de weerstandscapaciteit wordt een onderverdeling gemaakt naar: 1. Stille reserves: Materiële en financiële vaste activa In de materiële en financiële vaste activa van de ODMH komen geen stille reserves voor. Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

22 van 67

2.

3.

Vrije deel passiva: Reserves en voorzieningen Bij het bepalen van het vrije deel van de reserves en voorzieningen moet voorzichtigheid betracht worden. Criterium is of het algemeen bestuur de betreffende reserve in geval van een calamiteit kan vrijmaken zonder dat hierdoor een exploitatietekort ontstaat. Van de reserves is alleen de algemene reserves aan te merken als beschikbare weerstandscapaciteit. Overige componenten In de gemeenschappelijke regeling is opgenomen dat de deelnemende gemeenten en provincie als achtervang dienen. Zij dienen derhalve in hun risicoparagrafen, naar rato van hun aandeel in de gemeenschappelijke regeling, rekening te houden met de weerstandscapaciteit van de ODMH.

Op grond van voorgaande kan gesteld worden dat het weerstandsvermogen van de ODMH slechts gevormd wordt door de algemene reserves. Kenmerken van een algemene reserve zijn: • Algemene reserve is eigen vermogen • Het totaal van de algemene reserve dient als dekkingsmiddel • Bedragen zijn vrij besteedbaar • Het algemeen bestuur besluit over de vorming en besteding van de algemene reserve. • Toevoegingen en onttrekkingen verlopen via de exploitatie (maar blijven buiten resultaatbepaling) De algemene reserve bestaat uit de componenten van het eigen vermogen waaraan het algemeen bestuur geen ‘bepaalde’ bestemming heeft gegeven. De algemene reserve heeft als belangrijkste functie het dienen als een buffer voor financiële tegenvallers. Het exploitatieresultaat van de jaarrekening (zowel voordelig als nadelig) komt in principe ten gunste respectievelijk ten laste van de algemene reserve en bepaalt dus in beginsel de werkelijke hoogte van de algemene reserve. Omvangbepaling van het weerstandsvermogen De omvangbepaling van het weerstandsvermogen vindt plaats op basis van een risico-inventarisatie. Jaarlijks wordt deze risico-inventarisatie geactualiseerd. De werkelijk beschikbare weerstandscapaciteit Wanneer een risico zich voordoet, welke niet kan worden opgevangen in de reguliere exploitatie, zal in eerste instantie een beroep gedaan worden op de weerstandscapaciteit.

In de navolgende tabel is een overzicht van de reserves opgenomen die tot de weerstandscapaciteit worden gerekend. De hoogte van de weerstandscapaciteit op basis van de stand per 31-12-2022 in de jaarrekening 2022 (vóór resultaatbestemming): Vrij aanwendbare reserves behorend tot weerstandscapaciteit Algemene reserve Totaal weerstandscapaciteit

Bedrag in € 1.402.500 1.402.500

Risico-inventarisatie Nadat in 2017 de risicoanalyse volgens de methodiek van het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR) uitgevoerd is, is de risicoanalyse begin 2022 volgens diezelfde methodiek geactualiseerd. Om aan te sluiten bij algemeen aanvaarde grondslagen wordt hiervoor gebruik Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

23 van 67

gemaakt van NARIS, de methodiek van het NAR. De uitkomsten van de risicoanalyse in 2017 zijn meegenomen in de Nota Weerstandsvermogen & Risicomanagement 2018. Deze nota is vastgesteld op 21 juni 2018. De uitgevoerde risico-inventarisatie inclusief kwantificering is een logische basis voor het bepalen van het gewenste weerstandsvermogen. Bij de actualisatie van begin 2023 is vooral gekeken naar de invloeden van de krappe arbeidsmarkt en de digitalisering van processen. De arbeidsmarkt is momenteel moeizaam en zorgt daarmee voor een risicoverhogend effect. Dit effect wordt door ons bestreden door het inzetten van goed scorende wervingsacties, al dan niet optrekkend met de andere omgevingsdiensten in Zuid-Holland. De digitalisering van de processen brengt vooral ICT-risico’s met zich mee. Hiervoor zijn diverse maatregelen getroffen om die te verkleinen. Die maatregelen betreffen onder andere de back-up en de beveiliging van alle systemen. Ook de Wifi binnen het MiddenHollandhuis is vernieuwd, waardoor een beter en stabiel bereik gerealiseerd is en uitval van systemen voorkomen wordt. De uitgevoerde actualisatie van de risico-inventarisatie leidt tot een kleiner totaal aan risico’s dan in voorgaand jaar. Ook het gewenste weerstandsvermogen is daarom afgenomen ten opzichte van vorig jaar.

De in NARIS uitgevoerde risicosimulatie op basis van de geactualiseerde inventarisatie levert de volgende tabel met de bij de zekerheidspercentages behorende bedragen voor het benodigde weerstandsvermogen op:

Zekerheidspercentage 10% 25% 50% 75% 80% 90% 95% 99%

Bedrag € 365.159 € 539.845 € 796.092 € 1.141.447 € 1.244.045 € 1.531.515 € 1.785.315 € 2.328.626

Uitgaande van het door het NAR geadviseerde zekerheidspercentage van 90% voor het totaal aan risico’s wordt het gewenste weerstandvermogen (streefhoogte van de algemene reserve) op basis van deze risico-inventarisatie bepaald op € 1.531.515 (in 2021: € 1.693.201). Conform de wens van het algemeen bestuur om het weerstandsvermogen van de ODMH te compartimenteren in een BWT- en een milieudeel, wordt het weerstandsvermogen in 2 delen gesplitst. Voor deze splitsing wordt de verhouding in risico’s tussen BWT en milieu als verdeelsleutel gehanteerd: 13% voor BWT en 31% voor milieu. Ook de overheadrisico’s van in totaal 56% worden in die verhouding verdeeld. Het gewenste gecompartimenteerde weerstandvermogen ziet er dan als volgt uit: Gewenst weerstandvermogen: Aandeel BWT Aandeel milieu Totaal

€ 452.493 € 1.079.022 € 1.531.515

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

24 van 67

Het streefsaldo van het weerstandsvermogen bedraagt dus € 1.531.515. De aanwezige weerstandscapaciteit bedraagt per 31 december 2022 € 1.402.500. Geconcludeerd kan worden dat de berekende aanwezige weerstandscapaciteit 91,6% (in 2021: 82,8%) van het gewenste weerstandvermogen bedraagt. Kengetallen Op grond van een ministeriële regeling moeten jaarlijks de volgende financiële kengetallen weergegeven worden.

Verloop van de kengetallen

Kengetallen: netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte grondexploitatie belastingcapaciteit

Verslag 2021 12,4% 12,4% 21,7% 1,1% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2022 14,1% 14,1% 20,8% 1,6% n.v.t. n.v.t.

Verslag 2022 12,5% 12,5% 18,8% 0,0% n.v.t. n.v.t.

De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de medeoverheid ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Normaliter ligt de netto schuldquote tussen 0% en 90%. Pas bij 100% wordt de kritische norm bereikt. De ODMH voldoet dus ruim aan de norm. Het corrigeren voor alle verstrekte leningen wijzigt de netto schuldquote niet. De ODMH verstrekt immers geen leningen. Solvabiliteit gaat over de vraag of een organisatie in staat is om aan alle financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteit van de ODMH is stabiel. De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Uit de resultaten blijkt dat de structurele baten van de ODMH maar beperkt lager zijn dan de structurele lasten, hetgeen een financieel gezonde situatie weergeeft. De kengetallen voor de grondexploitatie en de belastingcapaciteit zijn niet van toepassing op de ODMH.

3.2.3

Onderhoud kapitaalgoederen

In deze paragraaf dient inzicht te worden gegeven in de realisatie van het beleid ten aanzien van het onderhoud van kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties ten opzichte van de begroting. Het gaat hierbij ook om het verlangde onderhoudsniveau, de (lange termijn) onderhoudsplanning voor alle belangrijke activa en het voorzieningenbeleid. Voor de voorziening wordt uitgegaan van een horizon van 20 jaar. Het meerjarenonderhoudsplan geldt als een planningsinstrument. In werkelijkheid wordt altijd voordat een post wordt uitgevoerd bezien of dit inderdaad noodzakelijk is of dat enig uitstel verantwoord is of dat er beter een alternatieve oplossing kan worden gekozen. Dit leidt er toe dat sommige posten naar een volgend jaar

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

25 van 67

doorschuiven. Daar staat tegenover dat soms blijkt dat vervroegd onderhoud of vervanging noodzakelijk is of dat het veel duurder uitvalt dan voorzien. Sinds begin 2015 is het Midden-Hollandhuis eigendom van de ODMH. Voor het meerjaren onderhoud is een voorziening beschikbaar, die gebaseerd is op het meerjarenonderhoudsplan. In het laatste kwartaal van 2020 is het meerjaren onderhoudsplan van het Midden-Hollandhuis geactualiseerd. Dit plan bestaat uit 2 delen. Een voor het onderhoud van het pand en een voor de technische installaties. Op basis van de actuele stand van zaken is voor beide delen in 2021 een langjarige begroting opgesteld. Beide kennen een looptijd van 30 jaar. Op basis van deze actuele gegevens is in 2021 de jaarlijks benodigde dotatie opnieuw berekend. Voor het uitvoeren van het onderhoud gedurende de komende 30 jaar bleek een dotatie van € 117.755 nodig voor het jaar 2021. Met ingang van 2022 wordt dit bedrag jaarlijks geïndexeerd met dezelfde index die ook gehanteerd wordt voor het uurtarief. De dotatie in 2022 bedraagt € 119.333.

3.2.4

Financiering

In deze paragraaf dient de realisatie van de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille te worden opgenomen. In de vergadering van het algemeen bestuur van 14 maart 2019 is het Treasurystatuut van de ODMH geactualiseerd vastgesteld. In dit statuut wordt de beleidsmatige infrastructuur van de treasuryfunctie vastgelegd in de vorm van uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten. Het statuut maakt een objectieve en transparante verantwoording vooraf en achteraf mogelijk. Jaarlijks wordt zowel in de begroting als in de jaarrekening een treasuryparagraaf opgenomen. In deze paragraaf worden de specifieke beleidsvoornemens respectievelijk de uitvoering van het beleid op het gebied van de treasury vastgelegd. In het kort wordt de huidige situatie weergegeven met betrekking tot een aantal aandachtspunten: Financieringspositie De financieringspositie wordt als volgt weergegeven (bedragen x € 1.000): Ultimo 2022 6.270 0 6.270

Ultimo 2021 6.693 0 6.693

Langlopende schulden Eigen vermogen Voorzieningen Totaal financiering

2.767 2.281 1.005 6.053

2.969 2.646 1.051 6.666

Financieringstekort

-216

-27

Toename financieringstekort

-189

Boekwaarde vaste activa Overige verbonden partijen Totaal vaste activa Deze boekwaarde wordt gefinancierd met:

Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft aan in welke mate in de financiering van investeringen mag worden voorzien in de vorm van kortlopende middelen. Volgens de wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) bedraagt de kasgeldlimiet 8,2% van het totaal van de (primitieve) begroting ad € 21.352.778 (zie hoofdstuk 4.4) ofwel € 1.750.928. Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

26 van 67

Volgens de jaarrekening 2022 bedraagt het overschot aan vlottende middelen (bedragen x € 1.000): Totaal vlottende passiva Totaal vlottende activa Tekort middelen

6.101 5.885 -216

De confrontatie van de kasgeldlimiet aan de netto vlottende schuld heeft periodiek plaatsgevonden. Renterisicobeheer Bij het aantrekken van langlopende financiering stelt de wet Fido een norm waaraan het renterisico van de langlopende opgenomen leningen als geheel moet voldoen. Deze norm wordt aangeduid als de renterisiconorm en bedraagt 20% van het begrotingstotaal. De aflossingen en renteherzieningen van de bestaande leningenportefeuille mogen jaarlijks deze norm niet overschrijden. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal van € 21.238.815 ofwel € 4.270.556. De toetsing van het renterisico aan de norm laat zien dat de ODMH binnen de norm blijft. De berekening van deze toetsing is als volgt: Renterisico's Renteherzieningen 2022 Aflossingen 2022 Renterisico 2022

202 202

Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal 2022 Percentage conform regeling Renterisiconorm 2022

21.353 20% 4.271

Toetsing renterisico aan norm Renterisico Renterisiconorm Onderschrijding

202 4.271 4.069

Bedragen x € 1.000,-

Geldstromenbeheer De kosten van het geldstromenbeheer hebben wij beperkt door gebruik te maken van het “pakket geïntegreerde dienstverlening“ van de Bank voor Nederlandse Gemeenten (BNG). Het betalingsverkeer is zoveel mogelijk uitgevoerd door de BNG. Met de Rabobank en de BNG zijn afspraken gemaakt om beschikbare middelen vast te zetten en daardoor meer aan liquiditeitsplanning te gaan doen met als doel om meer rendement te behalen. Schatkistbankieren Op grond van de Wet Schatkistbankieren is een drempel vastgesteld met het bedrag dat decentrale overheden buiten de schatkist mogen aanhouden. De drempel is vastgesteld op 0,75% van het jaarlijkse begrotingstotaal, met een minimum van € 250.000. Vanaf 1 juli 2022 is de drempel opgehoogd naar 2% van het jaarlijkse begrotingstotaal, met een minimum van € 1.000.000. De toegestane drempel is lager dan het minimumbedrag, zodat voor de ODMH het minimumbedrag van

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

27 van 67

€ 250.000 van toepassing is voor het eerste half jaar van 2022 en € 1.000.000 voor het tweede half jaar.

Berekening drempel schatkistbankieren Primitieve begroting 2022: 21.352.778 Percentage: 0,75% Toegestane drempel: 160.146 De toegestane drempel is lager dan het minimumbedrag, zodat voor de ODMH het minimumbedrag van € 1.000.000 van toepassing is. Het gemiddelde saldo per kwartaal dat in 2022 buiten de schatkist is gehouden bedroeg: 1e kwartaal 2e kwartaal 3e kwartaal 4e kwartaal

501.389 501.248 504.417 500.583

De ODMH heeft voldaan aan de norm. EMU-saldo De begroting en jaarrekening van de ODMH is opgesteld conform een (gemodificeerd) stelsel van baten en lasten. Het EMU-saldo gaat niet uit van baten en lasten, maar gaat uit van ontvangsten en uitgaven van de overheidsorganisatie, berekend op transactiebasis en overeenkomst de voorschriften van het Europese systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

28 van 67

(bedragen x € 1.000)

1 2 3 4

5

6

7 8 9

10

11

Omschrijving Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c) (een nadelig saldo wordt negatief weergegeven) Afschrijvingen ten laste van de exploitatie + Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van + de exploitatie minus de vrijval van de voorzieningen ten bate van de exploitatie Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn + verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4

Raming 2022

Rekening 2022

328

-114

-

562

567

607

112

98

108

415

335

184

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

+

-

-

-

-

16

155

79

-

-

-

-

+

571

61

452

Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa:Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen + verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan) Baten bouwgrondexploitatie:Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten Boekwinst bij verkoop effecten Berekend EMU-saldo

Rekening 2021

Als gevolg van Europese regelgeving mogen EU-lidstaten een begrotingstekort (EMU-saldo) hebben van maximaal 3% van het bruto binnenlands product (BBP). Aan dit maximale tekort van 3% hebben, naast de Rijksoverheid, ook de decentrale overheden een aandeel. Zoals eerder aangegeven werkt de EMU-systematiek op een andere manier dan het (gemodificeerde) baten- en lastenstelsel dat de gemeentelijke organisaties hanteren. Investeringen tellen bijvoorbeeld niet mee in het stelsel van baten en lasten, daarbij wordt uitgegaan van de afschrijvingslasten van de investeringen. Investeringen in een jaar tellen echter wel volledig mee in het EMU-saldo. Bij een sluitende begroting kan een gemeente daardoor toch een negatief EMU-saldo hebben. Het EMU-saldo van de ODMH voor het jaar 2022 komt uit op € 453.000 positief. Het betekent dat in EMU-termen de uitgaven € 453.000 groter zijn dan de inkomsten. Financiering Tot en met 2014 had de ODMH geen leningen. Met ingang van 2015 is daar verandering in gekomen. Met de overname van het Midden-Hollandhuis van het ISMH op 12 januari 2015 is ook de geldlening van ruim € 4 miljoen overgenomen.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

29 van 67

De leningportefeuille bestaat uit één lening met een totale omvang van € 4.198.259 per 12 januari 2015. Deze lening is in 1993 afgesloten bij de BNG. Oorspronkelijk bedroeg deze € 5.923.193 tegen een rente van 6,84 % en een looptijd van 40 jaar. De restantschuld bedraagt per 31 december 2019 € 3.351.962. In de leningsovereenkomst van deze lening zijn per 1 juli 2003, 1 juli 2013 en 1 juli 2023 momenten voorzien waarop de rentevoet kan worden herzien. Als gevolg van renteherziening per 1 juli 2013 is de huidige rente 3,62%. De rentelasten bedroegen in 2022 € 103.823.

3.2.5

Bedrijfsvoering

De afdeling Bedrijfsvoering werkt voornamelijk voor de ODMH, maar verricht ook diensten aan de RMH, het Streekarchief Midden-Holland en de RDOG. Human Resources (HR) Nieuwe cao Begin 2022 is er een nieuwe cao tot stand gekomen, met een looptijd van 2 jaar: Met terugwerkende kracht van 1 januari 2021 tot en met 1 januari 2023. Dit betekent dat een aantal zaken richting de medewerkers (deels met terugwerkende kracht) wordt uitgevoerd: o.a. een eenmalige vergoeding voor thuiswerken, een loonstijging in twee stappen. Daarnaast is er sprake van verlofharmonisatie. De impact hiervan op de organisatie wordt met zowel teamleiders als medewerkers gecommuniceerd en vraagt de nodige aandacht, enerzijds in de communicatie en uitvoering voor 2022 maar ook bij de inrichting van de verlofsystemen voor 2023. Vanaf de zomerperiode worden de medewerkers frequenter meegenomen in wat de wijzigingen betekenen voor het bestaande verlof. In het najaar volgen hierover meerdere infobulletins op het intranet. Medewerkers kunnen een app downloaden van RAP (Rechtspositieregeling) met daarin de arbeidsvoorwaarden en cao, zodat ze deze altijd snel kunnen terugvinden. Arbeidsmarkt De krapte op de arbeidsmarkt blijft merkbaar in de interne organisatie.

Het uitzetten van een vacature kost het HR-team gemiddeld tweemaal zoveel tijd als voorheen en daarnaast vraagt ook het bedenken van nieuwe initiatieven veel tijd en energie. In 2022 is de tijdelijke bonusregeling uitgebreid voor alle vacatures. Hiermee stimuleren wij medewerkers om mee te helpen bij het werven van nieuwe collega’s. Arbeidsmarktcommunicatie Met betrekking tot arbeidsmarktcommunicatie wordt steeds meer de samenwerking gezocht tussen Communicatie en het HR-team. Vooruitlopend op de nieuwe website is samen nagedacht hoe de werken-bij-pagina van de ODMH visueel aantrekkelijker gemaakt kan worden. Ook het effectiever inzetten van LinkedIn is onderzocht om ervoor te zorgen dat de ODMH als werkgever meer naamsbekendheid krijgt. Daarnaast is actief aan medewerkers gevraagd om de vacatures op LinkedIn te delen. Gezamenlijke opdracht vijf omgevingsdiensten regio De vijf omgevingsdiensten in de regio Zuid-Holland (ODH, OZHZ, ODWH, DCMR en de ODMH) werken verder aan de voorbereiding voor het Plan van Aanpak voor 2023 en bundelen de krachten, mede vanuit de bestuurlijke opdracht. In 2022 heeft de samenwerking concreet al deelname aan de Nationale Carrièrebeurs (april) en een gezamenlijk traineeship opgeleverd.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

30 van 67

Gezamenlijk traineeship In mei is een gezamenlijk traineeship gestart, met drie andere OD’s (OZHZ, DCMR en ODWH). Per 1 september 2022 heeft elke OD een aantal trainees kunnen laten starten. De trainees zijn geworven in een gezamenlijke campagne, met vergelijkbare arbeidsvoorwaarden maar ze kiezen bewust voor één van de omgevingsdiensten en treden daar in dienst, minimaal voor een periode van 1,5 jaar. In deze periode krijgen zij 3x een opdracht van 6 maanden op verschillende plekken in de organisatie. De groep trainees zal als groep (gezamenlijk van alle OD’s) een incompany opleidingstraject volgen. We bieden de kandidaten daarmee een mooi en omgevingsdienst-overstijgend programma! Stages Na de inwerkperiode van de nieuwe HR adviseur en de zomerperiode zullen we de aanpak van stages binnen de ODMH verder onder de loep nemen. Er is een inventarisatie gemaakt voor de stagebehoefte per team / afdeling voor het komende jaar. Deze inventarisatie zal als uitgangspunt gebruikt voor het nieuwe stagebeleid. De praktische uitvoering en plaatsing van stagiairs gaat intussen gewoon door. Ontwikkeling: Goodhabitz Sinds 1 januari werken we met het leer- en ontwikkelprogramma Goodhabitz. Alle medewerkers hebben doorlopend toegang tot een aanbod van ca 140 trainingen, variërend van persoonlijke ontwikkeling, ICT en socials, talen, etc. De medewerkers worden ca.

1x per maand via intranet gewezen op een bepaalde training, die er wordt uitgelicht. Veranderende wetgeving Met ingang van 1 augustus 2022 verandert de landelijke wetgeving rondom ouderschapsverlof en daarnaast zijn er ook nieuwe cao-bepalingen van kracht. Medewerkers worden hierover via intranet geïnformeerd en op individueel niveau indien nodig. Eveneens per 1 augustus 2022 is de wet implementatie EU-richtlijn transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden van kracht. De richtlijn heeft als algemeen doel de inhoud van het werk vooraf transparanter en beter voorspelbaar te maken. Afas-software In juni 2022 is er een inspiratiesessie rondom nieuwe mogelijkheden in updates van Afas geweest, ons e-hrm-pakket, waarvoor leden van het team waren uitgenodigd. In het najaar is de look-and-feel van Afas in een moderner jasje gekomen, om het zo nog klantvriendelijker te maken. ICT en functioneel applicatiebeheer De activiteiten, genoemd in de 2e managementrapportage van 2022, zijn inmiddels in een volgend stadium: • Voor wat betreft de CoLo zijn de verbindingen inmiddels allemaal in gebruik. De nieuwe firewallconstructie is actief, waardoor zowel de beveiliging van de primaire als secundaire locatie sterk is gemoderniseerd. Ook zijn vervolgens de servers geplaatst, waardoor de ODMH een volledig functionele uitwijklocatie heeft. • De back-up is ook op deze CoLo actief.

Daardoor is een secundaire gespiegelde back-up gerealiseerd op een externe locatie. De ODMH heeft nu 3 back-up-locaties: de interne kluis, de externe kluis en de CoLo.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

31 van 67

•

•

De glasvezelverbinding van de ODMH is opgewaardeerd. Hybride maar ook intern werken binnen het bedrijf is hiermee maximaal ondersteund. Ook externe partijen profiteren hiervan, de verbindingen van en naar de ODMH infrastructuur verlopen veel sneller. Ook tussen de CoLo en de hoofdlocatie liggen snelle glasvezelverbindingen. De overstap naar de nieuwe telecomprovider is geëffectueerd. Dit ging dusdanig geruisloos dat de organisatie daar geen enkel oponthoud door heeft ervaren.

Met al deze ingrepen is de beveiliging, efficiency en digitale ondersteuning van de dienstverlening op een hoger plan gekomen. Functioneel en gegevensbeheer Het jaar 2022 stond grotendeels in het teken van de voorbereidingen op de invoering van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Deze nieuwe wetten gaan we ondersteunen met Rx.Mission, de opvolger van onze huidige VTH-applicatie Squit XO. We hebben gewerkt aan onder andere de volgende zaken: • De implementatie van Zaaksysteem.nl is afgerond; de applicatie is in beheer genomen. Alle ondersteunende processen worden nu ondersteund door Zaaksysteem.nl. Verseon wordt alleen nog gebruikt voor de archivering van primaire processen. Dit tot de invoering van Rx.Mission. • Enkele medewerkers van het cluster functioneel en gegevensbeheer waren op de achtergrond al bezig met de implementatie van Rx.Mission. Vanaf begin april werkt het gehele cluster aan Rx.Mission en zijn de keyusers vanuit alle inhoudelijke teams weer aangehaakt. We verwachten eind medio februari 2023 in productie te gaan met Rx.Mission. • Gezien de toenemende vraag naar het anonimiseren van stukken is de SaaS-applicatie DataMask aangeschaft en geïmplementeerd.

Op een later moment wordt een koppeling naar Rx.Mission gerealiseerd, zodat direct vanuit de bron stukken ter anonimisering kunnen worden aangeboden en de geanonimiseerde stukken ook direct kunnen worden weggeschreven bij de betreffende zaak. • Gezien de toenemende behoefte om KLIC-data te kunnen inzien in GeoWeb en te gebruiken in analyses is een tool om deze data te kunnen hanteren, aangeschaft en geïmplementeerd. • De ODMH is betrokken bij de Haal Centraal pilot m.b.t. de Basisregistratie Personen (BRP). Dit in nauwe samenwerking met VNG Realisatie en leveranciers Yenlo (intermediair) en Roxit (leverancier VTH-applicatie).

3.2.6

Verbonden partijen

De ODMH heeft geen verbonden partijen (een privaat- dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeenschappelijke regeling een bestuurlijk én een financieel belang heeft). De relatie tussen de ODMH en de deelnemende gemeenten en provincie valt niet onder deze noemer.

3.2.7

Rechtmatigheid

Hierna wordt ingegaan op welke wijze rechtmatigheid gevolgen heeft voor de jaarstukken. Getrouwe financiële verantwoording van een onrechtmatig beheer De getrouw opgestelde financiële verantwoording kan reeds inzicht geven in een mogelijk onrechtmatig financieel beheer. De financiële gevolgen van een mogelijk onrechtmatig beheer kunnen immers getrouw in de jaarrekening worden verwerkt, dan wel worden toegelicht.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

32 van 67

Getrouwe vermelding in het jaarverslag van een (on)rechtmatig beheer Voor de rechtmatigheid controles is het belangrijk dat de gemeenschappelijke regeling zelf vastlegt welke normeringen men onderkent inzake de uitvoering van de rechtmatigheid controle. Welke verordeningen zijn geïnventariseerd, welke betekenis is er aan de relevante bepalingen gegeven, hanteert men in het eerste jaar een “gedoogbeleid”, welke zaken zijn tussentijds geaccordeerd, enzovoorts.

3.2.8

Openbaarheid

Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden. Deze wet verplicht bestuursorganen om op termijn verschillende categorieën documenten uit eigen beweging openbaar te maken (actieve openbaarmakingsplicht). De ODMH is hiermee gestart.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

33 van 67

4

Jaarrekening

Hierna wordt via de balans met toelichting en het overzicht van baten en lasten met toelichting de financiële verantwoording afgelegd over het in het jaar 2022 gerealiseerde beleid.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

34 van 67

4.1

Balans per 31 december 2022

(bedragen x € 1.000)

ACTIVA

Ultimo 2022

Ultimo 2021

Vaste activa Materiële vaste activa - Investeringen met economisch nut

6.270 6.270

Totaal vaste activa

6.693 6.693

6.270

6.693

Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Vorderingen op openbare lichamen - Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige vorderingen Liquide middelen - Kas- en banksaldi Overlopende activa - De van Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen - Nog te ontvangen bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen - Vooruitbetaalde bedragen die ten gunste van volgende begrotingsjaren komen

4.840

3.519

114

345

4.712

3.170

14

4 505

505

501 501

540

1.082

151 73

54 55

92

790

224

183

Totaal vlottende activa

5.885

5.101

Totaal activa

12.155

11.795

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

35 van 67

(bedragen x € 1.000)

PASSIVA

Ultimo 2022

Ultimo 2021

Vaste passiva Eigen vermogen - Algemene reserve - Bestemmingsreserves - Gerealiseerd resultaat Voorzieningen - Onderhoudsegalisatievoorzieningen - Voorzieningen voor verplichtingen en risico's Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer - Onderhandse lening van: Binnenlandse banken en overige financiële instellingen

2.280 1.403 791 87

2.646 1.403 878 366

1.005 961 44

1.051 940 111

2.767 2.767

Totaal vaste passiva

2.969 2.969

6.052

6.666

588

386

Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige schulden

Overlopende passiva - De van Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen - Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume

588

386

5.513

4.743

930 1.320

884 690

3.264

3.170

Totaal vlottende passiva

6.101

5.129

Totaal passiva

12.153

11.795

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

36 van 67

4.2

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft.

4.2.1

Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening

De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Producten worden afgerekend volgens de methoden, zoals omschreven in de productenboeken van milieu en BWT. Bij langlopende producten van toezicht op bouwprojecten worden tussentijds uren afgerekend tot maximaal de betreffende kentallen. Systematiek afrekening Uitgangspunt is om zoveel mogelijk producten op basis van kentallen te verrekenen. De kentallen zijn gebaseerd op ervaringen en worden jaarlijks gevalideerd, evenals de regionale producten. Voor producten die vanwege hun aard of omvang niet geschikt zijn om op grond van de kentallen af te rekenen, vindt verrekening plaats op basis van een inschatting van het benodigd aantal uren per jaar en een nacalculatie op daadwerkelijk gemaakte uren na afronding van het product (maatwerk).

Er zijn werkzaamheden en activiteiten die voor de hele regio van belang zijn. Hierbij kan gedacht worden aan de instandhouding van regionale beleidsontwikkeling, juridische advisering bij wetswijzigingen en de helpdesk. Voor deze producten wordt veelal een regionale verdeelsleutel gebruikt, wat wil zeggen dat de betrokken deelnemers een deel van de totale urenbesteding afrekenen op grond van bijvoorbeeld inwonersaantallen, indien en voor zover van toepassing. Iedere twee maanden wordt gerapporteerd. Tot slot is er voor de (nieuw toetredende) deelnemers de mogelijkheid om producten op basis van lumpsum af te rekenen. Bij lumpsum bepalen opdrachtgever en opdrachtnemer gezamenlijk hoeveel uren er begroot worden per product, en wordt dit aantal uren in rekening gebracht, ongeacht het werkelijk aantal geleverde uren. Vaak wordt in rapportages het werkelijk aantal producten en uren wel in beeld gebracht, om inzicht te krijgen of de inschattingen reëel zijn. Samengevat kennen we de volgende vier afrekenmethoden:

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

37 van 67

Begroting

Afrekening

Kentallen

Kental * aantal ingeschatte producten = begroot aantal uren

Kental * werkelijk aantal producten = af te rekenen uren

Urenbasis

Inschatting van het benodigd aantal uren

Werkelijk aantal gemaakte uren (op basis van het tijdschrijfsysteem Timetell) of begrote uren worden lineair afgerekend (na twee maanden 2/12e van het totaal, na zes maanden 6/12e van het totaal, enz.)

Regionaal

Uren die alle deelnemers gezamenlijk betalen voor onder meer gemeenteoverstijgend beleid of het up-to-date houden van modellen

Begrote uren worden lineair afgerekend (na twee maanden 2/12e van het totaal, na zes maanden 6/12e van het totaal, enz.)

Lumpsum

Inschatting van het benodigd aantal uren.

Begroot aantal uren

De in de jaarrekening 2022 verantwoorde opbrengsten zijn gebaseerd op de in de kolom afrekening opgenomen methodiek. Personeelslasten Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (reorganisaties) dient wel een verplichting gevormd te worden.

4.2.2

Vaste activa

Materiële vaste activa - Investeringen met economisch nut Overige investeringen met economisch nut De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven over de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden. Dergelijke afwaarderingen worden teruggenomen als ze niet langer noodzakelijk blijken.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

38 van 67

De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: Materiële vaste activa (*) Afschrijvingstermijn (in jaren)

Afschrijvingsmethode

Gronden en terreinen Gronden en terreinen

n.v.t.

n.v.t.

Bedrijfsgebouwen

50

annuïtair

Aanpassingen gebouw / verbouwingen

20

lineair

4

lineair

Installaties bedrijfsgebouw

25

annuïtair

Airconditioning

10

lineair

Airconditioning serverruimte

5

lineair

Telefooncentrale

7

lineair

Mobiele telefoons

2

lineair

Apparatuur kantine

5

lineair

Automatisering

4

lineair

Automatisering (Financiën)

6

lineair

Apparatuur (Milieu)

5

lineair

Overige machines, apparaten en installaties

10

lineair

Meubilair

10

lineair

Bodemkwaliteitskaarten

4

lineair

Bedrijfsgebouwen

Vervoermiddelen Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties

Overige materiële vaste activa

(*) Afschrijvingstermijnen van de materiële vaste activa, indien en voor zover aanwezig op de balans van de ODMH

Operational leasing wordt niet als actief in de balans verwerkt. Wel wordt de omvang van de langjarige verplichtingen die uit hoofde van leasing, huur en anderszins zijn aangegaan, in de toelichting vermeld.

4.2.3

Vlottende activa

Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Vooruitlopend op te ontvangen bijdragen van overheden worden de daarvoor gemaakte kosten ondergebracht bij de vlottende activa. De waardering is gebaseerd op kosten minus eventuele bijdragen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

39 van 67

4.2.4

Voorzieningen

Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De onderhoudsegalisatievoorzieningen stoelen op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan de kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn. Voorzieningen worden op grond van artikel 44 BBV gevormd voor: a. verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op balansdatum onzeker is doch redelijkerwijs te schatten. b. bestaande risico’s op balansdatum ter zake van verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs te schatten is. c. kosten die in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt maar de oorsprong hebben in het begrotingsjaar of een eerder begrotingsjaar en de voorziening strekt tot kostenegalisatie.

4.2.5

Vaste schulden

Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer.

4.2.6

Vlottende passiva

De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Verplichtingen die voortvloeien uit bijdragen van overheden ondergebracht bij de vlottende passiva. De waardering is gebaseerd op bijdragen minus bestedingen.

4.2.7

Waarderingsgrondslagen WNT

Voor de uitvoering van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen in de (semi)publieke sector (WNT) heeft de instelling zich gehouden aan de Beleidsregel toepassing WNT.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

40 van 67

4.3

Toelichting op de balans per 31 december 2022

ACTIVA 4.3.1

Materiële vaste activa

De materiële vaste activa bestaan uit overige investeringen met een economisch nut. Deze investeringen kunnen als volgt worden onderverdeeld: Boekwaarde 31-12-2022

Boekwaarde 31-12-2021

638.771 4.736.526 894.672

638.771 4.949.810 1.104.696

6.269.968

6.693.276

Gronden Bedrijfsgebouwen Machines, apparaten en installaties

De balans per 31-12-2021 wijkt af van de gepresenteerde balans in de jaarrekening 2021. Daarin was een rubriceerfout geslopen, waardoor de boekwaarde van de bedrijfsgebouwen ruim € 85.000 te hoog is weergegeven en de boekwaarde van machines, apparaten en installaties hetzelfde bedrag te laag. Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met economisch nut weer: Investeringen

Boekwaarde 31-12-2021

Grond Bedrijfsgebouwen Machines, apparaten en installaties

638.771 4.949.810 1.104.696

Totaal

6.693.276

Afwaardering

Bijdrage van derden

Afschrijvingen

Desinvesteringen

Investeringen

213.284 393.997 0

0

607.281

0

Boekwaarde 31-12-2022

183.973

638.771 4.736.526 894.672

183.973

6.269.968

Een deel van de kapitaallasten op de materiële vaste activa wordt gedekt uit bestemmingsreserves. Dit betreft enerzijds de bodemkwaliteitskaarten en anderzijds een deel van de verbouwings- en automatiseringslasten. Voor het verloop van deze reserves wordt verwezen naar hoofdstuk 4.3.3 Vaste Passiva. De afschrijvingen op bijna alle activa zijn lineair. Alleen op de oorspronkelijke bouwkosten van het Midden-Hollandhuis en de bijbehorende technische installaties wordt annuïtair afgeschreven. De totale investeringen in heel 2022 worden in het hierna volgende overzicht getoond. Beschikbaar gesteld krediet

Werkelijk besteed in 2022

Automatisering Apparatuur Bodemkwaliteitskaarten Meubilair - overig huisvesting

250.000 50.000 40.000 75.000

126.138 16.808 25.989 15.039

Totaal

415.000

183.973

Investeringsomschrijving

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

41 van 67

De investeringen die in 2022 gedaan zijn op het gebied van automatisering zijn diverse vervangingsinvesteringen, waaronder de vervanging van onze VTH-applicatie, welke in februari 2023 in gebruik genomen is. De bestedingen voor apparatuur betreffen geluidsapparatuur en een datalogger. In 2022 is gestart met de actualisatie van de bodemkwaliteitskaarten. De verwachting is dat deze in 2023 afgerond wordt. De afschrijvingslasten van deze kaarten worden gedekt vanuit de hiervoor beschikbare bestemmingsreserve. Het investeringsbedrag op het gebied van huisvesting is besteed aan onder andere het vervangen van de intercominstallatie en voor vergadermeubilair.

4.3.2

Vlottende activa

Onder deze paragraaf lichten we de volgende zaken toe: • uitzettingen korter dan één jaar; • liquide middelen; • overlopende activa.

Uitzettingen korter dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden: Soort vordering

Saldo 31-12-2022

Voorziening voor oninbaarheid

Saldo 31-12-2021

Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen

114.213

0

345.087

4.712.169 13.862

0 0

3.170.264 3.530

Totaal

4.840.245

0

3.518.881

De uitstaande vorderingen betreffen voor het merendeel vorderingen op openbare lichamen, waartoe ook de deelnemende gemeenten en provincie behoren. Het restant betreft vorderingen op marktpartijen. De ODMH heeft geen voorziening voor oninbaarheid. Op grond van de Wet Schatkistbankieren is een drempel vastgesteld met het bedrag dat decentrale overheden buiten de schatkist mogen aanhouden. De drempel is vastgesteld op 0,75% van het jaarlijkse begrotingstotaal, met een minimum van € 250.000. Vanaf 1 juli 2022 is de drempel opgehoogd naar 2% van het jaarlijkse begrotingstotaal, met een minimum van € 1.000.000. De toegestane drempel is lager dan het minimumbedrag, zodat voor de ODMH het minimumbedrag van € 250.000 van toepassing is voor het eerste half jaar van 2022 en € 1.000.000 voor het tweede half jaar.

Berekening drempel schatkistbankieren Primitieve begroting 2022: 21.352.778 Percentage: 0,75% Toegestane drempel: 160.146 De toegestane drempel is lager dan het minimumbedrag, zodat voor de ODMH het minimumbedrag van € 1.000.000 van toepassing is.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

42 van 67

1e kwartaal 2e kwartaal 3e kwartaal 4e kwartaal

501.389 501.248 504.417 500.583

De ODMH heeft voldaan aan de norm.

Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten:

Kassaldi Banksaldi

Boekwaarde 31-12-2022

Boekwaarde 31-12-2021

50 504.486

451 500.105

504.536

500.556

De rekening-courantverhouding met het Rijk voor het schatkistbankieren is opgenomen onder de uitzettingen korter dan één jaar.

Overlopende activa De post overlopende activa kan als volgt onderscheiden worden:

De van Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan zijn door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel het Rijk overige Nederlandse overheidslichamen Nog te ontvangen bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Vooruitbetaalde bedragen die ten gunste van volgende begrotingsjaren komen

Boekwaarde 31-12-2022

Boekwaarde 31-12-2021

151.308 72.611

53.673 55.229

91.993

789.933

224.070

183.165

539.983

1.082.000

De posten nog te ontvangen bedragen van de verschillende overheidslichamen betreffen het saldo van reeds gedane uitgaven. Hiertegenover zijn door overheidsinstellingen nog bijdragen en/of subsidies toegezegd. Deze moeten op balansdatum echter nog worden ontvangen. De specificatie van dit bedrag luidt:

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

43 van 67

Omschrijving project

Nazorg Groenhovenpark Gouda Raadhuis-Zoutmansweg - afh. won. saneringslijst Reeuwijk Voorbereidingssubsidie Fluwelensingel Gouda Voorbereidingssubsidie gevelmtr. Schielandweg Zuidplas Voorbereidingssubsidie gevelmtr. Noordeinde Zuidplas N207 en Zijde Boskoop BSV uitvoeringssubsidie Voorbereidingssubsidie Rijnhavenbrug Alphen aan den Rijn Uitvoeringssubsidie Dammekant Bodegraven Reeuwijk Inkooptraject groene stroom Uitvoeringssubsidie Noordeinde Zuidplas Voorber.subs. 1e Tochtweg Zuidplas, deel reconstructie Uitvoeringssubsidie Kerkweg-oost Waddinxveen Uitvoeringssubsidie Fluwelensingel cluster 1 Gouda PFAS-onderzoek BKK Midden-Holland Begeleiding Ecoschool Uitvoeringssubsidie Blekersingel cluster 2 Gouda Uitvoeringssubsidie Fluwelensingel cluster 5 Gouda Uitvoeringssubsidie Fluwelen- en Blekersingel Gouda cluster 6 TGG Moordrechtboog Waddinxveen en Zuidplas Provinciale werkvoorraad bodemsanering Advies subsidieaanvraag Warmtebedrijf Ede Inventariseren dienstverlening aan HHSK i.v.m. Omgevingswet

Middelen te ontvangen van:

Ov. Ned. overheidslichamen Het Rijk Het Rijk Het Rijk Het Rijk Ov. Ned. overheidslichamen Ov. Ned. overheidslichamen Het Rijk Ov. Ned. overheidslichamen Het Rijk Ov. Ned. overheidslichamen Het Rijk Het Rijk Ov. Ned. overheidslichamen Ov. Ned. overheidslichamen Het Rijk Het Rijk Het Rijk Ov. Ned. overheidslichamen Ov. Ned. overheidslichamen Ov. Ned. overheidslichamen Ov. Ned. overheidslichamen

Totaal

Saldo per 1-1-2022 3.333 89 1.201 2.023 491 18.575 1.490 1.964 3.506 13.610 777 14.353 5.830 652 29.269 0 0 5.972 3.511 2.257 0

108.902

Mutaties balans +

Aanwending

Vrijval

Toevoegingen

+

+

-/600-

2.733

1

1.490 1.966

1.689,64-

5.830 1.250

Saldo per 31-12-2022

2.154 4.887

2.765-

10.634

2.799 2.287 25.61331.250-

69.309 108.564 23.496

31.250

3.511834

-63.139

224.963

-2.288

44.519

2.243 6.087 2.023 491 18.575 7.868 3.506 13.610 777 17.152 29.269 43.696 46.064 29.468 2.257 834 223.919

Algemene toelichting op de verschillende soorten mutaties: Mutaties balans: Deze projecten muteren van activa naar passiva of omgekeerd, afhankelijk van het saldo van deze projecten; Aanwending: In deze kolom worden de bestedingen voor de projecten weergegeven; Vrijval: Ten gunste of ten laste van de exploitatie komende resultaten van de projecten. Een negatief bedrag toont een tekort in het project. Een positief bedrag laat zien dat project met een overschot eindigt; Toevoegingen: In deze kolom worden de inkomsten van de projecten weergegeven.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

44 van 67

PASSIVA 4.3.3

Vaste passiva

Eigen Vermogen Het in de balans opgenomen Eigen Vermogen bestaat uit de volgende posten:

Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerd resultaat

Boekwaarde 31-12-2022

Boekwaarde 31-12-2021

1.402.500 790.575 86.670

1.402.500 877.517 365.608

2.279.745

2.645.625

Het totale resultaat van de ODMH over het jaar 2022 bedraagt € 86.670 positief. In onderstaand overzicht wordt een uiteenzetting gedaan van de stand en de mutaties van de reserves. Hierin is nog geen rekening gehouden met de bestemming van het resultaat 2022. Omschrijving

Saldo aan het begin 2022

Bestemming resultaat vorig jaar

Saldo begin 2022 na resultaatbestemming

Toevoegingen

Vrijval

Onttrekkingen

Vermindering ter dekking van afschrijving

Saldo ultimo 2022

0

0

1.402.500

6.075

72.896 84.747 395.624 90.000 87.307 60.000

Algemene Reserve Algemene reserve

Totaal Algemene Reserve

1.402.500

1.402.500

1.402.500

0

1.402.500

1.402.500

0

0

Bestemmingsreserves BR Informatisering/Automatisering BR Bodemkwaliteitskaarten BR Verbouwing BR Digitalisering BR Externe Veiligheid BR Ontwikkelingen Totaal Bestemmingsreserves

78.971 125.147 428.592 97.500 87.307 60.000

78.971 125.147 428.592 97.500 87.307 60.000

9.530

49.930 32.968 7.500

877.517

0

877.517

9.530

0

49.930

46.543

790.575

2.280.017

0

2.280.017

9.530

0

49.930

46.543

2.193.075

Resultaat

365.608

-365.608

0

86.670

Totaal Resultaat

365.608

-365.608

0

86.670

0

0

0

86.670

2.645.625

-365.608

2.280.017

96.200

0

49.930

46.543

2.279.745

Totaal Reserves

Resultaat

Totaal Eigen Vermogen

86.670

Slechts de onttrekking aan de bestemmingsreserve ontwikkelingen heeft een incidenteel karakter. Structureel zijn de toevoeging aan de bestemmingsreserve bodemkwaliteitskaarten en de onttrekkingen ter dekking van kapitaallasten. Begin 2022 had de ODMH de beschikking over 6 bestemmingsreserves. Onderstaand volgt per bestemmingsreserve een korte toelichting: - De bestemmingsreserve informatisering/automatisering dient ter structurele dekking van investeringen op automatiseringsgebied. Deze reserve bedroeg oorspronkelijk ruim € 120.000 en wordt gedurende 20 jaar als dekkingsmiddel ingezet. - Uit de bestemmingsreserve bodemkwaliteitskaarten zijn in 2022 de kosten gedekt voor de toekomstige overdracht van de provinciale bodemtaken naar de gemeenten, ter voorbereiding op de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Daarnaast worden de jaarlijkse kapitaallasten van de bodemkwaliteitskaarten uit deze reserve gedekt. Deze zijn op 1 januari 2012 in gebruik genomen en daarna in 2016 geactualiseerd. Eind 2019 zijn de kaarten vanuit financieel oogpunt bekeken volledig afgeschreven. In 2022 is gestart met de actualisatie van de kaarten. We verwachten dat Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

45 van 67

-

-

-

-

deze in 2023 afgerond wordt. Sinds 2012 wordt ook jaarlijks een bedrag gelijk aan 100 productieve uren in der reserve gestort. Hiermee wordt gereserveerd voor toekomstige actualisering/vervanging van de kaarten. Dit betreft dus een structurele toevoeging. In 2013 is de bestemmingsreserve verbouwing gevormd. Deze reserve dient ter structurele dekking van de kapitaallasten van de verbouwing van het Midden-Hollandhuis. De reserve wordt gedurende 20 jaar ingezet, hetgeen gelijk is aan de afschrijvingstermijn van de verbouwing. De bestemmingsreserve digitalisering is gevormd in 2013 en dient ter structurele dekking van de kapitaallasten van de digitaliseringsinvesteringen, die verband houden met de van de invoering van het flexwerken. Deze reserve bedroeg oorspronkelijk € 150.000 en wordt gedurende 20 jaar als dekkingsmiddel ingezet. De bestemmingsreserve externe veiligheid is in 2014 gevormd en is bedoeld ter dekking van afnemende subsidiebijdragen in de komende jaren. De onttrekkingen zullen een incidenteel karakter hebben. De bestemmingsreserve ontwikkelingen is gevormd in 2016 via de resultaatbestemming. Deze bestemmingsreserve dient ter dekking van de implementatiekosten van nieuwe wetgeving, zoals de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. De invoering van beide wetten wordt steeds uitgesteld. De onttrekking aan deze reserve is incidenteel van aard.

De voor 2022 geraamde onttrekking is niet uitgevoerd vanwege het verdere uitstel van de invoering van de Omgevingswet. De hieraan verbonden implementatiekosten worden nu in 2023 verwacht, zodat ook de onttrekking voor dat jaar gepland is.

Voorzieningen Voorzieningen zijn in de volgende categorieën in te delen: 1 onderhoudsvoorzieningen; 2 bestaande risico's ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is in te schatten; 3 verplichtingen of verliezen waarvan de omvang onzeker is, doch waarvan de omvang redelijkerwijs is in te schatten; 4 van derden verkregen middelen welke specifiek besteed moeten worden.

Onderhoudsegalisatievoorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen en risico's

Boekwaarde 31-12-2022

Boekwaarde 31-12-2021

961.103 44.100

940.304 110.606

1.005.203

1.050.910

In 2013 is de voorziening personeel gevormd. Deze voorziening is bestemd voor de dekking van incidentele personeelslasten. Deze voorziening valt onder categorie 2. In de voorziening was een bedrag voorzien voor het optredende nadelig effect van de coronapandemie. Het nadelig affect is in 2022 sterk gereduceerd, zodat een groot deel van de voorziening vrij is komen te vallen. De voorziening verlofsparen is nieuw. De aanleiding om deze voorziening te vormen ligt in de cao, waarin de verlofspaarregeling is opgenomen. Op grond van het BBV moet voor het via deze regeling gespaarde verlof verplicht een voorziening getroffen worden. In 2022 hebben nog maar 2 medewerkers van de ODMH gebruik gemaakt van deze regeling, waardoor de omvang van de voorziening nog gering is.

Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

46 van 67

De voorziening onderhoud valt onder categorie 1 en betreft het groot onderhoud van het MiddenHollandhuis. Het onderhoudsplan is in 2020 volledig herzien en in 2022 is de 30-jarige begroting geactualiseerd. Vanwege de sterk stijgende prijzen is deze actualisatie ook begin 2023 weer uitgevoerd. Op grond van deze actualisatie is de jaarlijks benodigde dotatie aan de voorziening herberekend. Voor 2022 bedraagt deze € 100.000. De dotatie aan de voorziening onderhoud wordt jaarlijks geïndexeerd. In het hierna volgende overzicht wordt een uiteenzetting gedaan van de stand en de mutaties van beide voorzieningen.

Saldo 1-1-2022

Voorzieningen

Onttrekkingen

Voorziening personeel Voorziening verlofsparen Voorziening onderhoud

110.606 0 940.304

79.201

Totaal voorzieningen

1.050.910

79.201

Vermindering Toevoegingen ter dekking van afschrijving

Vrijval

Saldo 31-12-2022

74.513

36.093 8.007 961.103

8.007 100.000 74.513

108.007

0

1.005.203

Vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar De onderverdeling van de in de balans opgenomen langlopende schulden is als volgt:

Onderhandse lening van: Binnenlandse banken en overige financiële instellingen

Boekwaarde 31-12-2022

Boekwaarde 31-12-2021

2.767.060

2.969.000

2.767.060

2.969.000

In onderstaand overzicht wordt het verloop weergegeven van de vaste schulden over het jaar 2022.

Soort vordering

Saldo 31-12-2021

Onderhandse lening

2.969.000

Totaal

2.969.000

Vermeerderingen

Aflossingen

-

201.940

2.767.060

201.940

2.767.060

-

Saldo 31-12-2022

In 2015 is tegelijkertijd met het Midden-Hollandhuis de langlopende lening van het ISMH overgenomen. De voorwaarden van deze geldlening zijn gelijk gebleven. De rentevast periode loopt af op 30 juni 2023. Tot die tijd bedraagt het rentepercentage 3,62%. De totale rentelast voor het jaar 2022 met betrekking tot de vaste schulden bedraagt € 103.823.

4.3.4

Vlottende passiva

Op basis van het BBV dienen niet-bestede middelen van uitkeringen van Europese en Nederlandse overheidslichamen met een specifiek bestedingsdoel als ‘vooruitontvangen middelen’ op de balans verantwoord te worden onder de overlopende passiva. Verder zijn onder de vlottende passiva ook kortlopende schulden opgenomen. Jaarstukken 2022, Omgevingsdienst Midden-Holland

47 van 67

Boekwaarde 31-12-2022

Boekwaarde 31-12-2021

587.871 5.514.854

385.855 4.743.325

6.102.725

5.129.180

Boekwaarde 31-12-2022

Boekwaarde 31-12-2021

587.871

385.855

587.871

385.855

Boekwaarde 31-12-2022

Boekwaarde 31-12-2021

929.619 1.321.530

883.911 689.818

3.263.705

3.169.596

5.514.854

4.743.325

Overige schulden < 1 jaar Overlopende passiva

Kortlopende schulden < 1 jaar De samenstelling van de kortlopende schulden is als volgt:

Crediteuren

Overlopende passiva De post overlopende passiva kan als volgt onderscheiden worden:

De van Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren het Rijk overige Nederlandse overheidslichamen Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume

De verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen (met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume) zijn de volgende schulden:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12837642/1