Bijlage 2 F 785 Conceptbegroting 2026 van Hecht en jaarstukken 2024 E25.001335
Tekst van het document
GTG
Voor GTG zien we op productniveau zowel positieve als negatieve resultaten. De maatregelen die halverwege het jaar genomen zijn om het dreigende tekort te ondervangen hebben bijgedragen aan een positief resultaat en een minder negatief resultaat waar dit niet te vermijden was. ,
We zien een duidelijk positief resultaat bij reizigerszorg en beroepsvaccinaties: de vraag blijft onverminderd hoog. Een negatief resultaat zien we bij: Forensische geneeskunde Als eerste speelt hier de krapte op de arbeidsmarkt een belangrijke rol. Dit leidt tot noodzakelijke inhuur om 24/7 paraatheid (met een hoge mate zekere inzet) te kunnen garanderen. Ook het uitstel van de aanbesteding Medische Arrestanten Zorg speelt mee en het besluit overeenkomst FME heeft geleid dat we extra kosten maken. Daarnaast is de vraag toegenomen voor lijkschouw (+8%) en euthanasie (25%). Door demografische ontwikkelingen zien we nog steeds een oplopende vraag. De toename zal vanaf 2025 o. b. v. nacalculatie via facturatie met de gemeenten worden verrekend.
Sociaal medische advisering Door problemen met de personele bezetting (de krappe arbeidsmarkt) is de verwachte omzet niet gehaald. Ook de problemen met de nieuwe applicatie hebben zich doorgezet in 2024 dit is van invloed geweest op de productie. ,
Toezicht kinderopvang (IKO) Het team toezicht kinderopvang heeft in 2024 te maken gehad met uitval als gevolg van langdurige ziekte zwangerschapsverlof en ouderschapsverlof. Dit resulteerde in een tekort van zeven toezichthouders voor langere termijn. Hierdoor is het niet gelukt om alle locaties te onderzoeken. Als gevolg van de financieringsafspraken met gemeenten zijn de kosten voor niet uitgevoerde inspecties terugbetaald over 2024. Dit leidt echter wel samen met de extra kosten voor vervanging die wel gerealiseerd is tot een tekort ten opzichte van de begroting. ,
,
,
Toezicht WMO Hoewel het aantal gemeenten waarvoor het proactief toezicht WMO uitgevoerd wordt groeit is het jaar toch met een verlies afgesloten. Belangrijkste reden hiervoor is dat het langer duurde dan verwacht voordat gestart kon worden bij de nieuwe gemeenten terwijl de capaciteit al wel beschikbaar was. Ook zien we dat het toezicht WMO in ontwikkeling is zowel in beleid als in uitvoering. Naarmate meer ,
,
,
10
gemeenten gezamenlijk de dienstverlening afnemen zien we dat de overlap in aanbieders beter zichtbaar wordt. Voor gemeenten is dit een gunstige ontwikkeling want door gezamenlijk het toezicht te beleggen worden de kosten voor hen minder. Ook landelijk wordt gestuurd op het regionaal beleggen van het toezicht. De uitvoering van het toezicht en de capaciteit die hiervoor nodig is moeten echter nog beter met elkaar in balans komen. ,
,
GHOR Per 1-1-2025 is het GHOR-bureau overgedragen aan de Veiligheidsregio. De transitie van het GHORbureau naar de Veiligheidsregio is volgens bestuursbesluit budget neutraal uitgevoerd. Een informatiebrief waarin de overgang door Veiligheidsregio en Hecht wordt verantwoord volgt separaat. 1. 2. 4.
ZVH
ZVH sluit 2024 af met een positief resultaat ten opzichte van de begroting. Dit heeft te maken met de bezuinigingen die vanaf half 2024 zijn doorgevoerd om zo de verwachte overschrijding voor 2024 terug te dringen. Om de verzochte en door het Algemeen Bestuur geaccordeerde reserve van ZVH rechtmatig te kunnen gebruiken voor het algemene tekort Hecht heeft er een BPI-correctie plaatsgevonden. ,
,
Halverwege het jaar is er gestopt met het vervullen van vacatures. Dit heeft geleid tot een forse besparing op personeelslasten. Daarnaast is de inhuur van BMC voor specifiek Veilig Thuis versneld afgebouwd van twaalf uitzendkrachten halverwege het jaar naar 0 aan het einde van 2024. Ook dit is een flinke besparing. Natuurlijk was dit ook een risico aangezien er geen afname is van het aantal aanmeldingen. Dit betekende dus een hogere werklast bij alle collega’s en het oplopen dan wel ontstaan van wachttijden bij meerdere teams binnen het ZVH. ,
Door het stopzetten van alle niet-noodzakelijke opleidingen voor medewerkers is er nog een verdere besparing gerealiseerd. Het doorzetten van deze bezuinigingen is niet houdbaar voor de lange termijn. We zagen het ziekteverzuim oplopen in 2024 tot boven de 10%. Wachttijden ontstaan en nemen toe en daardoor kunnen we niet voldoen aan landelijke richtlijnen alsmede kwaliteitseisen zoals gesteld in de WMO en de jeugdwet. Het stopzetten van de niet-noodzakelijke opleidingen gaat ten koste van de verdere professionalisering van onze medewerkers op specifieke thema’s die zich in casuïstiek aandienen. Het realiseren van structurele bezuinigingen met behoud van kwaliteit van dienstverlening kan binnen het ZVH alleen door een keuze te maken in de taken. 1. 2. 5.
RAV
In 2024 heeft de RVE RAV Hollands Midden aanzienlijke stappen gezet om de basis van de organisatie te verstevigen. Het managementteam is nu volledig op sterkte met alle vacatures in zowel het RVE- als het operationele management ingevuld. Daarnaast is de capaciteit voor medische en beleidsmatige ondersteuning uitgebreid waardoor de organisatie klaar is voor de toekomst. ,
,
Er is geïnvesteerd in het programma ‘mentale gezondheid’. Het Team Collegiale Ondersteuning is nieuw leven ingeblazen en ARQ het Nationaal Psychotrauma Centrum heeft waardevolle expertise ingebracht tijdens de onboarding van nieuwe medewerkers en verwantenavonden. Dit helpt bij het herkennen en aanpakken van psychosociale arbeidsbelasting. Daarnaast is er veel aandacht besteed aan vitaliteit en duurzame inzetbaarheid. ,
,
,
Een applicatie voor de berekening van optimale spreiding en beschikbaarheid van ambulancezorg (S&B-tool) is in gebruik genomen wat ons helpt om een goed beeld te krijgen van de actuele verdeling van en de benodigde paraatheid in de regio. Met dit instrument kunnen we gerichte keuzes maken bij het inzetten van ambulances bijvoorbeeld door te bepalen welke diensten de minste gevolgen hebben als een ambulance uitvalt of door gunstige diensten toe te voegen als er capaciteit over is. ,
,
Daarnaast is de nieuwe huisvesting in Leiderdorp gerealiseerd
,
naast de 11
Spoedeisende Hulp van het Alrijne ziekenhuis. Deze strategische locatie zorgt voor een betere samenwerking en snellere responstijden bij noodgevallen. Begin 2024 werd de meldkamer bekroond met de ACE-status een belangrijke mijlpaal die de kwaliteit van onze meldkamer onderstreept. De introductie van de 112 centralist een niet-verpleegkundige centralist zal een belangrijke bijdrage leveren aan de verwerking van spoedmeldingen op de meldkamer ambulancezorg. Deze nieuwe rol helpt ons om structurele capaciteitsproblemen in de toekomst te voorkomen en zorgt voor een efficiëntere afhandeling van noodoproepen. ,
,
,
De samenwerking in de keten is op diverse fronten verstevigd. Deze samenwerkingen zorgen voor een betere coördinatie en afstemming van zorg wat uiteindelijk ten goede komt aan de patiëntenzorg. Daarnaast lopen er veel projecten die gericht zijn op zorgcoördinatie zoals digitale gegevensuitwisseling. Deze projecten verbeteren de communicatie en samenwerking tussen verschillende zorgverleners wat leidt tot een meer geïntegreerde en efficiënte zorgverlening. ,
,
,
1. 2. 6.
COD
In het afgelopen jaar is er binnen de COD (Centraal Ondersteunende Diensten) een goede vooruitgang geboekt in het verbeteren van de ondersteuning facilitering en advisering aan alle RVEen binnen Hecht. ,
Gedurende 2024 zijn er belangrijke projecten opgepakt zoals: ,
−
− − − − −
−
De herinrichting procesoptimalisatie en uitbreiding van het personeels- en salarisadministratiesysteem; Verscheidene verhuizingen/renovaties van CJG-locaties; Aanbestedingen op het gebied van afvalverwerking gas en elektra; Het uitrollen van Strategische PersoneelsOntwikkeling (SPO); Groot onderhoud en herziening van het functiegebouw; De lancering van openbare aanbestedingen voor het ICT-netwerk en de moderne digitale werkplek en de integratie van de RAV binnen het netwerk; De herstructurering van de afdeling Informatievoorziening is ontworpen (startdatum 1 januari 2025) en zal bijdragen aan een gerichtere support met een strakkere regie op interne processen transparantere samenwerking met ketenpartners en zakelijkere regie op externe leveranciers. ,
,
,
,
De COD heeft in 2024 goede vooruitgang geboekt in haar ondersteunende en adviserende rollen. De basis is gelegd voor het versterken van het moderne werkgeverschap en het vergroten van de effectiviteit van de organisatie. Voor 2025 ligt de nadruk op het mee ontwikkelen en aanpassen passend bij de huidige (financiële) ontwikkelingen van de RVE-en binnen Hecht. De continuïteit van de ingezette koers de verdere professionalisering van interne processen en de afronding van strategische trajecten zijn essentieel om de komende jaren succesvol te kunnen blijven functioneren als organisatie. ,
,
1. 2. 7.
CCS
De CCS (Control en Concern Staf) heeft wederom een enerverend jaar achter de rug. Onder andere de bijdrage aan de takendialoog en het ondersteunen van 19 grote aanbestedingen vroegen veel inzet. Daarnaast is een verschuiving van twee CCS teams ter versterking van de financiële kolom voorbereid en was er veel communicatie inzet m. b. t. de financiële ontwikkelingen intern en extern. De voortschrijdende inbedding van de RAV binnen Hecht bracht opnieuw diverse teams in aanraking met de daaruit voortkomende ontwikkelingen. De CCS kent een laag verloop van medewerkers maar kreeg afgelopen jaar te maken met niet werk gerelateerd bovengemiddeld langdurig verzuim. Zoals verwacht vroeg dit veel van de overwegend kleine teams binnen de CCS. ,
,
12
Het jaar wordt financieel afgesloten met een kleine plus. Een positief resultaat waarvoor soms lastige besluiten nodig waren. Additionele budgetdekking werd gevonden in overname van taken van de RAV en in een herverdeling van coördinatiekosten binnen het budget Publieke Gezondheidzorg voor Asielzoekers. Daarnaast is proactief ingespeeld op de verwachte budgetreducties van 2025 en 2026. Hecht24 is in 2024 afgerond en gepresenteerd aan het Algemeen Bestuur. De eindrapportage kan hier worden teruggelezen. 1. 3.
Financiële paragrafen
Hieronder worden de vanuit de BBV verplicht gestelde financiële paragrafen beschreven. 1. 3. 1.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Weerstandscapaciteit Het weerstandsvermogen van Hecht wordt bepaald door de omvang van de reserves. Hierdoor kunnen niet begrote uitgaven worden opgevangen. De deelnemende gemeenten zijn op grond van artikel 27 lid 7 van de Gemeenschappelijke Regeling Hecht verplicht ervoor te zorgen dat Hecht beschikt over voldoende middelen om aan al zijn verplichtingen te kunnen voldoen. De uitganspunten voor de reserves zijn opgenomen in de Nota Reserves en Voorzieningen die door het Algemeen Bestuur op 18 december 2024 is vastgesteld. ,
,
De omvang van de reserves bedraagt €90k na toevoeging van het resultaat 2024. Het weerstandsvermogen bedraagt ultimo 2024 €-10k (2023: €174k). Dit is bepaald door de reserves waarvoor het Algemeen Bestuur al een doel heeft vastgesteld niet mee te tellen als vrij besteedbaar vermogen. Wat resteert is het weerstandsvermogen cf. onderstaande tabel. Een nadere toelichting op het eigen vermogen is opgenomen in paragraaf 2. 4. van de jaarrekening. ,
,
Het Algemeen Bestuur heeft op 18 december 2023 besloten om te streven naar een weerstandsvermogen tussen de €3 mln. en €6 mln. Op grond van het huidige resultaat komt het weerstandsvermogen eind 2024 onder het minimumbedrag. Dit saldo is gebaseerd op het voorlopige resultaat waarbij vooralsnog het gehele resultaat ten laste van het weerstandsdeel is gebracht. De weerstandsratio is de beschikbare weerstandscapaciteit ten opzichte van de benodigde weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die is gebaseerd op het risicomanagementsysteem is op ultimo 2024 bepaald op €5. 850k. De weerstandsratio is €10k/€5. 850k = 0%. Door het jaarresultaat 2024 is er een verslechtering van de weerstandscapaciteit zichtbaar. Op basis van het huidige niveau van het eigen vermogen is Hecht niet meer in staat om de risico’s zelfstandig op te vangen. Dit is uiteraard afhankelijk van welke risico’s zich gaan voordoen. ,
,
Conform de “Nota reserves en Voorzieningen ” heeft de directie een herstelplan Eigen Vermogen opgesteld om het Eigen Vermogen aantoonbaar te herstellen tot binnen de afgesproken bandbreedte. €1. 000 Algemene reserve GGD Reserve verplichtingen voormalig personeel Reserve programma Hecht24 Reserve onderhoud huisvesting Reserves GGD
31-12-2023Bestemming 1. 147 -4. 447 0 357 0 1. 504 -4. 447
1-1-2024 -3. 300 0 357 0 -2. 943
31-12-2024 -3. 300 0 0 0 -3. 300
niet vrijWeerstand -3. 300 0 0 0 0 -3. 300
Algemene reserve ZVH Reserves ZV H
471 471
287 287
758 758
758 758
0
Algemene reserve GHOR Reserve project OvDG Reserves GHOR
354 100 454
105 105
459 100 559
354 100 454
100 100
2. 121 2. 121 0 4. 550
153 153 0 -3. 902
2. 274 2. 274 0 648
1. 998 1. 998 180 90
0 0 100
Reserve aanvaardbare kosten RAV Reserves RAV Onverdeelde resultaat Eigen vermogen
758 758 354 354 1. 998 1. 998 180 -10
Tabel 2: Weerstand Risicomanagementsysteem Het risicomanagementsysteem (RMS) is door het Algemeen Bestuur op 8 december 2021 13
vastgesteld. Hieronder volgt een actuele inschatting van de risico’s. Alle risico’s zijn gebaseerd op mitigerende maatregelen. Het risicoprofiel is €5. 850k. Er zijn meerdere risico’s geïdentificeerd maar door de geringe impact in combinatie met de lage kans dat een dergelijk risico zich voordoet zijn deze hieronder niet opgenomen. Bij de risicoanalyse en de risico voortgangsanalyse wordt wel beoordeeld of er een wijziging heeft plaatsgevonden. ,
,
In de realisatie van 2024 bleken de indexaties op de exploitatie en de salariskosten hoger te zijn dan de opgenomen begroting van 2024 hiervoor is een begrotingswijziging in 2024 goedgekeurd. ,
De onzekerheid die we tegemoet gaan door veranderende financieringsgrondslagen de politieke situatie in binnen- en buitenland en de invloed op de financiering en de wijziging van de focus op het staken of stoppen van projecten. Zorgt voor een onzekerheid in de realisatie die door Hecht niet beïnvloedbaar is. ,
Impact niet merkbaar (1)
klein (2)
gemiddeld (3)
groot (4)
desatreus (5)
dagelijks (5) sn a
K
wekelijks (4)
5
maandelijks (3)
1 , 2 , 3 , 4 , 9.
jaarlijks (2)
7 , 10 , 11. 6. 8.
4.
> jaarlijks (1)
Tabel 3: Risicomatrix
14
Specificatie van de risico’s en beheersmaatregelen
Nr.
1
2
Belangrijkste risico’s Risico's
* 1. 000
Totaal
Toelichting
Maatregelen
Primaire taken
€
Verlies aanvullende opdrachten.
Door verlies van opdrachten is er geen continuïteit op bepaalde onderdelen. Afbouw van onderdelen kost geld.
Onjuiste registratie leidt tot omzet verlies en mogelijk imago schade.
€ 5. 850
1. 000 Volgen ontwikkelingen en opvangen van grootste schommelingen met flexibele schil. Afspraken in nieuwe GR opnemen.
Door onjuist gebruik van systemen of Continu proces van verbetering onjuiste vastlegging in de systemen is er inrichting en instructie , gericht op geen volledigheid in de registratie en de standaard gebruik. ingebouwde interne controles werken Interne controles moeten problemen onvoldoende. impact zichtbaar maken en
en
leiden tot betere controles.
3
Onzekerheid over structurele financiering VIP.
4
Uitgestelde zorg leidt op een bepaald moment tot te grote druk.
Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid (VIP) tijdelijk gefinancierd door het ministerie van VWS. Financiering is tijdelijk , continuïteit of toekomstige financiering is onzeker. Door gebrek aan capaciteit maar ook doordat door uitstel van de vraag de problemen groter zijn geworden.
Informatiemanagement
€
Digitalisering leidt tot aanpassingsproblemen bij medewerkers.
Voortdurende ontwikkeling en Opleidingen en continu veranderingen van de systemen en de ondersteuning aanpassen op deze digitalisering van hele processen leidt tot groep medewerkers. problemen bij bepaalde medewerkers.
Onvoldoende beveiligde systemen (cyber security).
Door de bekendheid van de organisatie is er een groot risico op (bewust of onbewust) ongewenste toegang tot de systemen wat leidt tot grote extra reparatie uitgaven.
5
6
Duur van de verplichting in overeenstemming brengen met de looptijd van de gegarandeerde financiering. Scenarioplanning en op de hoogte blijven van de ontwikkelingen bij de verschillende gemeenten.
300
Zorgdragen dat alle systemen up to date zijn en er uitwijkmogelijkheden zijn bij calamiteiten.
15
Financiën
7
8
9
4. 550
De nieuwe indexeringsssystematiek leidt tot onvoldoende inkomsten om de vaste uitgave te kunnen
Een belangrijk deel van de vaste kosten van de organisatie (overhead) wordt bekostigd uit de opbrengsten voor aanvullende subsidies. De wettelijke taken van de GGD zijn hierdoor relatief goedkoop. Hecht begroot op basis van de jaarlijks werkelijk verwachte kosten. De loonstijgingen als gevolg van de tredestijgingen worden niet automatisch vergoed door de gemeenten. De cao en de indexering van leveranciers is naar verwachting hoger dan de BNP die vanaf 2026 als index gebruikt wordt door de FKGR.
Totaal
€
Vaste kosten organisatie betaald uit variabele subsidie opbrengsten.
Begroting op reële kosten en
10 niet op een eind loonschaal.
11
€
De FKGR houdt rekening met een correctie op de index maar die komt pas Verschillen tussen de extra na twee jaar en voorziet niet in inkomsten door inflatie en cao compensatie voor de gemiste index in worden niet direct gedekt door die twee jaar. Met name een risico bij de gemeenten. niet verwachte hoge inflatie en cao stijging. De vaststelling van de index op de Stijging personeelskosten hoger begroting van een jaar is ver voor dat dan de index in de begroting jaar vastgesteld. Afwijking in de (subsidies en langlopende realisatie kan leiden tot grote structurele contracten). verliezen door verkeerde inschattingen.
Doorvoeren van begrotingswijziging of dekken uit het eigen vermogen.
Aanvullende financieringsafspraken of oplossen uit reserve. Door wegvallen van aanvullende omzet ontstaan er frictiekosten of worden door de toegenomen overheadkosten de tarieven hoger voor de deelnemers. De verborgen kostenstijgingen worden onder de aandacht gebracht van het bestuur. Hecht blijft continu zoeken naar mogelijkheden om de dienstverlening nog efficenter uit te voeren.
5 . 850
Tabel 4: Risico specificaties
2. 1. 1. Kengetallen
De kengetallen geven een indicatie van de financiële gezondheid van de organisatie. In onderstaande tabel zijn de voorgeschreven kengetallen gepresenteerd en vervolgens verder toegelicht. 2024 Realisatie2024 Begroting HECHT
HECHT
2023 Realisatie HECHT
Solvabiliteitsratio
018% ,
780% ,
165% ,
Netto Schuldquote
, 1534%
, 2070%
, 1517%
Netto Schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen
1534% ,
2070% ,
1517% ,
Structurele exploitatieruimte
-035% ,
020% ,
-182% ,
Tabel 5: Kengetallen
Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de organisatie in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Als signaalwaarde voor de solvabiliteitsratio geldt een percentage van
20%.
De solvabiliteitsratio is gedaald van 165% naar 018%. Met dit percentage is de financiële positie van Hecht slechter geworden. ,
,
16
Netto schuldquote Investeringen worden niet betaald met reserves maar met geld. Als dat niet op de bank staat dan moet dat worden geleend. Daarmee stijgt de schuld. Als signaalwaarde voor de netto schuldquote geldt: als de netto schuld groter is dan 130% van de inkomsten is er sprake van een erg hoge schuld. Het licht staat dan op rood. Maar al bij een netto schuld die 100% van de inkomsten te boven gaat springt het licht op oranje. ,
,
,
,
De netto schuldquote van Hecht is gestegen van 1517% naar 1534%. Dat is toereikend om aan de schuldverplichtingen te voldoen. ,
,
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen geeft aan in hoeverre sprake is van doorlenen. Zo wordt in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast.
Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de jaarrekening is afgezet tegen de inkomsten. Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. De structurele baten van Hecht zijn in 2024 minder dan de structurele lasten. De structurele exploitatieruimte is 035% negatief door een andere baten-lasten verhouding. Dit is in 2024 veroorzaakt door de financiering vanuit de reserves die worden gekwalificeerd als incidentele baten. Dit waren voorziene uitgaven die gedekt worden uit de betreffen de bestemmingsreserves. De structurele ontwikkelingen zijn meegenomen in de begrotingswijzigingen en de meerjarenbegroting. De structurele lasten van de begroting en meerjarenraming zijn gedekt door structurele baten. Het structurele resultaat is toegelicht in paragraaf 2. 5. 13. ,
,
EMU-saldo Het EMU-saldo geeft het saldo van de inkomende en uitgaande geldstromen die daadwerkelijk in het kalenderjaar 2024 hebben plaatsgevonden minus deelname aan bedrijven en inkomsten uit kredietverstrekking. 2024 Omschrijving
1.
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c. q. onttrekking uit reserves (zie BBV , artikel 17c)
2.
Mutatie (im)materiële vaste activa
3. 4.
Mutatie voorzieningen Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)
5.
Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa , alsmede de afwaardering van financiële vaste activa
x € 1000-,
-559 1. 227 83 27 0
Berekend EMU-saldo
-1. 730
Tabel 6: EMU-saldo Het EMU-saldo kan gezien worden als een extra financieel kengetal naast de andere vijf verplichte financiële kengetallen zoals de solvabiliteit en de (netto) schuldquote. Het EMU-saldo heeft een vergelijkbare functie als het kasstroomoverzicht in het bedrijfsleven. Het negatieve EMU-saldo over 2024 geeft aan dat we als Hecht via reële transacties afgelopen jaar meer uitgegeven hebben dan dat we hebben ontvangen. ,
17
1. 3. 2.
Financiering
Algemeen In 2023 heeft het Algemeen Bestuur van Hecht een geactualiseerd Treasurystatuut vastgesteld. Dit Treasurystatuut regelt de verantwoordelijkheden en randvoorwaarden voor het aangaan garanderen en verstrekken van geldleningen. Het Treasurystatuut verbiedt het gebruik van financiële derivaten. ,
Financiering Het programma GGD en ZVH worden voor het basispakket gefinancierd door de deelnemende gemeenten naar rato van hun inwonertal. De aanvullende diensten zijn gefinancierd op basis van door het Algemeen Bestuur vastgestelde tarieven of op basis van met deze afnemers gesloten overeenkomsten. Geplande investeringen worden gefinancierd uit de beschikbare liquide middelen. De financiering van het programma GHOR geschiedt sinds 1 januari 2014 door de deelnemende gemeenten van Hecht. Geplande investeringen worden gefinancierd uit de beschikbare liquide middelen. Het programma is per 1-1-2025 ondergebracht bij de Veiligheidsregio. De zorgverzekeraars financieren het programma RAV op basis van contractafspraken. Renterisico De renterisiconorm wordt niet overschreden. Het renterisico is nihil. Er zijn geen gelden uitgezet voor langer dan een jaar. Het pand aan de Parmentierweg te Leiden is in 2003 gefinancierd met een 20-jarige lineaire lening van de BNG Bank. De rentevaste periode voor de financiering is gelijk aan de aflossingsperiode. De verbouwing aan de Parmentierweg is in 2023 gefinancierd met een lening bij de BNG Bank met een looptijd van 15 jaar tot 2-1-2038. De rentevaste periode voor de financiering is gelijk aan de ,
,
aflossingsperiode. In 2011 zijn twee 50-jarige leningen afgesloten voor de financiering van de nieuwbouw van de RAV in Leiden en Gouda. De rentevaste periode voor beide geldleningen bedraagt 25 jaar met een rentewijziging in 2037. De eerste aflossing van beide leningen was in januari 2013. Medio 2012 is een aanvullende 495-jarige lening afgesloten voor de RAV. De aflossingen en rentevaste periode daarvan lopen synchroon met de beide 50-jarige leningen. De rente van deze drie leningen wordt volledig vergoed door de zorgverzekeraar. ,
,
In 2024 is een lening afgesloten voor de aanbouw van de ambulancepost bij het Alrijne in Leiderdorp met een looptijd van 40 jaar. 1. 3. 3.
,
Onderhoud kapitaalgoederen
Beleidskader Hecht streeft naar een optimale staat van haar kapitaalgoederen. Hiervoor is onderhoud noodzakelijk. De kapitaalgoederen kennen vier onderdelen. Namelijk: gebouwen; vervoermiddelen; machines apparaten installaties en overige materiële vaste activa. ,
,
Gebouwen Naast panden in eigendom heeft Hecht ook panden gehuurd waar verbouwingen zijn uitgevoerd. Onderhoud aan de panden wordt zo veel mogelijk gespreid en zijn onderdeel van de exploitatiekosten.
Op basis van de investeringen en verwachte levensduur zal nog beoordeeld worden of een onderhoudsvoorziening wenselijk is. Dit is op 31-12-2024 nog niet het geval. Vervoermiddelen Voor voertuigen van de ambulancedienst is een voorziening gevormd. De kosten voor onderhoud van de ambulances worden van deze voorziening geboekt. Machines , apparaten , en installaties Hieronder zitten de medische apparaten; voor een groot deel hiervan zijn onderhoudscontracten
afgesloten. 18
Overige materiële vaste activa
Onder deze post is het meubilair ICT-hardware en software en telefoons opgenomen. Voor de belangrijkste bedrijfsapplicaties zijn dienstverleningsovereenkomsten gesloten. ,
1. 3. 4.
Bedrijfsvoering
Vennootschapsbelasting Hecht heeft haar vennootschapsbelasting (vpb) positie fiscaal getoetst. Op grond van deze toetsing door een fiscalist concludeert Hecht dat de activiteiten niet leiden tot vpb-plicht respectievelijk tot heffing van vpb. De Belastingdienst is op basis van de fiscale toetsing en de beoordeling van vpb-plicht gevraagd te bevestigen dat Hecht bij ongewijzigde omstandigheden vanaf 2016 niet zal zijn onderworpen aan de heffing van vpb. Hierop heeft de Belastingdienst in haar schriftelijke reactie aangegeven dat zij niet kan bevestigen dat Hecht met ingang van 1 januari 2016 niet vennootschapsbelastingplichtig is. De reactie van de Belastingdienst geeft geen aanleiding om de analyse en conclusie van de fiscale toetsing bij te stellen waar het de handelwijze met betrekking tot de beoordeling van vpb-plicht betreft. Indien Hecht wel onderworpen zou zijn aan vpb-heffing dan ontstaat overigens een aanzienlijke post te verrekenen verliezen waardoor van feitelijke betaling van vpb in de komende jaren naar verwachting geen sprake zal zijn. Het financiële risico wordt voor de komende jaren op nihil geschat. Hecht is niet vpb-plichtig en de vpb is dan ook niet opgenomen in de staat van Baten en lasten.
Er is in de begroting en de realisatie geen sprake van algemene dekkingsmiddelen (zijn de baten die niet specifiek tot een programma behoren deze kennen wettelijk geen vooraf bepaald bestedingsdoel en zijn daarmee vrij aanwendbaar) of Onvoorziene middelen. ,
,
,
Fraude In 2022 zijn we gestart met het actualiseren van de frauderisicoanalyse; deze analyse vormt een onderdeel van de risicoanalyse zoals deze gebruikt zal worden als onderdeel van de rechtmatigheidsverklaring. Doel van de frauderisicoanalyse is het inventariseren van Hecht specifieke frauderisico’s. Na inventarisatie kan beoordeeld worden of de maatregelen afdoende zijn om de risico’s af te dekken. Tevens kunnen de ingeschatte risico’s betrokken worden bij de controles in het kader van de rechtmatigheid. Er zijn in 2024 geen gevallen van fraude bekend. Misbruik
en
oneigenlijk
Het Algemeen Bestuur heeft op 20 september 2023 de beleidsnotitie M&O rechtmatigheid vastgesteld en met terugwerkende kracht per 1 januari 2023 van toepassing verklaard. In deze beleidsnotitie zijn de belangrijkste risicogebieden onderkend. Vanuit de interne controle zijn diverse werkzaamheden uitgevoerd gericht op de toetsing van interne beheersingsmaatregelen die de belangrijkste risico's tot een aanvaardbaar niveau moeten terugbrengen. Uit deze werkzaamheden zijn geen fouten en/of onduidelijkheden gebleken die moeten worden gerapporteerd. Continuïteit Hecht is als gemeenschappelijk regeling een onderdeel van 18 gemeenten hiermee is de continuïteit gewaarborgd. Om ook de bedrijfsvoering continuïteit te waarborgen wordt jaarlijks in het eerste half jaar de begroting van het volgende jaar inclusief de financiering vastgelegd. ,
Toelichting
op
de rechtmatigheidsverantwoording
Vanaf het verslagjaar 2023 is het Dagelijks Bestuur verantwoordelijk om een rechtmatigheidsverantwoording af te geven en deze op te nemen in de jaarrekening. In deze verklaring verantwoordt het Dagelijks Bestuur zich direct tot het Algemeen Bestuur over het (financieel) rechtmatig handelen van de organisatie. Het Dagelijks Bestuur verantwoordt aan het Algemeen Bestuur in hoeverre de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen. Dit houdt in dat afwijkingen wel of niet in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en interne verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Het Algemeen Bestuur bepaalt vanaf het begrotingsjaar 2023 de verantwoordingsgrens en de spelregels. De uitgangspunten waaraan het Dagelijks Bestuur moet ,
,
,
19
voldoen zijn vastgelegd in het op 12 april 2023 vastgestelde normenkader en de door Commissie BBV uitgegeven Kadernota Rechtmatigheid 2023. De rechtmatigheidsverantwoording zal in het volgende concept van de jaarstukken worden bijgevoegd na een inhoudelijk gesprek over de niet behandelde begrotingswijziging 2024 met het Dagelijks Bestuur. ,
Voorwaardencriterium Hecht heeft een zogeheten ‘SPEND-analyse’ uitgevoerd waarmee tevens de rechtmatigheid van aanbestedingen wordt getoetst. Op basis van regelgeving is hierbij uitsluitend een analyse gemaakt ten opzichte van de wettelijke bepalingen in de Aanbestedingswet. Uit deze analyse blijken een aantal onrechtmatigheden die hieronder voor zover boven de rapportagegrens van €100k uitkomend nader worden toegelicht. ,
,
Voor 2024 volgt deze na controle van de accountant
,
tijdens de jaarrekening controle.
Misbruik & Oneigenlijk gebruik criterium In 2024 zijn geen rechtmatigheidsfouten en/of -onduidelijkheden geconstateerd die het gevolg zijn van misbruik & oneigenlijk gebruik. 1. 3. 5.
Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid
Op grond van artikel 3. 5 van de Wet open overheid dient een openbaarheidsparagraaf te worden opgenomen in de begroting. In deze paragraaf wordt toegelicht hoe Hecht middelen zal inzetten om in het kader van Open op Orde de informatiehuishouding op orde te brengen om te kunnen voldoen aan de eisen van een transparante organisatie en de Wet open overheid. Belangrijke speerpunten zijn daarbij de actieve en passieve openbaarmaking van documenten en het verder op orde brengen van de informatiehuishouding. Actieve openbaarmaking
Stukken met betrekking tot de openbare vergaderingen van het Algemeen Bestuur worden – van tevoren – gepubliceerd op onze website. Daarmee voldoet Hecht aan het actief openbaar maken van vergaderstukken. Met ingang van juni 2022 worden ook de agenda’s en besluitenlijsten van vergaderingen van het Dagelijks Bestuur op onze website geplaatst. Dit is nog niet verplicht vanuit de Woo maar draagt wel bij aan een transparante overheid. ,
Passieve openbaarmaking Het is van groot belang om burgers wetenschappers en journalisten tijdig van informatie te kunnen voorzien ingeval zij een Woo- of informatieverzoek indienen. Hiervoor is het noodzakelijk het afhandelingsproces van de Woo-verzoeken efficiënt in te richten teneinde een tijdige afhandeling mogelijk te maken. Binnen Hecht is aandacht voor het continue verbeteren van het proces van indienen en afhandelen van een Woo-verzoek. Daar waar nodig werkt Hecht bij complexe Wooverzoeken intensief samen met gemeenten of landelijk via de branchevereniging. ,
Informatiehuishouding Hecht heeft continue aandacht voor de verbetering van de digitale informatiehuishouding. Zo kunnen wij sneller en makkelijker op verzoeken om informatie reageren. Daarnaast helpt dit bij het actief openbaar maken van documenten. Binnen Hecht zal een informatienetwerk worden opgetuigd om dit te bewerkstelligen. Investeringen Naast de gerealiseerde investeringen zoals opgenomen in de gewijzigde begroting heeft het bestuur een investeringskrediet goedgekeurd voor de bouw van een ambulancepost bij het Alrijne in Leiderdorp is in 2024 opgeleverd. ,
20
OverschrijdingOnderschrijding € 205. 000 € 427. 000 362. 000 € 100. 000€ € -
Categorie Gebouwen en terreinen Vervoermiddelen Machines , apparaten en installaties Overige ICT Overige
€ € € € €
Investeringen 3 . 918. 000€ 998. 000€ 295. 000€ 890. 000€ 255. 000€
Begroting 4. 123. 000 1. 425. 000 657. 000 790. 000 255. 000
€ € € € €
Totaal
€
6 . 356. 000€
7 . 250. 000
€
1 00. 000€
9 94. 000
Tabel 7: Investeringen Een deel van de overschrijding van de investeringsbegroting is veroorzaakt door het verschuiven tussen de categorie ICT en Machines apparaten en installaties. In Q4 van 2024 zijn er op verzoek van de Veiligheidsregio nog investeringen gedaan bi het GHOR-bureau deze worden onderdeel van de overdracht naar de Veiligheidsregio. Voor €275k waarvan €60k inventaris en €10k ICT middelen. ,
,
,
1. 3. 6.
VWS-verantwoording
In de verantwoordingsinstructie van VWS is opgenomen dat er in het jaarverslag een Covid-19 paragraaf wordt opgenomen. Hierin wordt alle relevante informatie over Covid-19 beschreven waarvan de kosten door VWS zijn vergoed. De afrekening 2024 van VWS volgt. Deze wordt toegevoegd met de accountantscontrole.
2. Jaarrekening In dit hoofdstuk wordt de financiële verantwoording afgelegd over het gerealiseerde beleid in het jaar 2024 via de balans met toelichting en het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening eveneens met toelichting. ,
,
21
2. 1.
Balans
22
Tabel 8: Balans
23
2. 2.
Overzicht van baten en lasten
De baten en lasten per programma (GGD overhead weergegeven.
,
GHOR
,
ZVH en RAV) worden hieronder met en zonder
Overzicht exclusief overhead Omschrijving Programma GGD GHOR
Baten
Programma begroting 2024 excl. OH Saldo Lasten
Baten
Gewijzigde begroting 2024 excl. OH Saldo Lasten
Baten
Realisatie 2024 Excl. OH Saldo Lasten
48. 426 2. 585
35. 989 2. 029
12. 438 556
50. 784 2. 585
35. 989 2. 029
14. 796 556
43. 033 2. 598
45. 786 1. 857
-2. 753 741
22. 414 41. 192 114. 617
17. 210 35. 717 90. 945
5. 204 5. 475 23. 672
20. 523 41. 192 115. 084
14. 546 35. 717 88. 281
5. 976 5. 475 26. 803
16. 527 44. 006 106. 164
16. 629 36. 743 101. 015
-102 7. 263 5. 149
Overhead Gerealiseerd saldo
2. 641 2. 641
26. 364 26. 364
-23. 722 -50
5. 884 120. 968
29. 027 117. 308
-23. 143 3. 659
30. 402 136. 566
36. 110 137. 125
-5. 708 -559
Mutatie reserves
50
0
50
50
0
50
738
0
738
Gerealiseerd resultaat
2. 691
26. 364
0
121. 018
117. 308
3. 710
137. 304
137. 125
179
Tabel 9: Overzicht baten
en
ZVH RAV Subtotaal
lasten excl. overhead
Overzicht inclusief overhead Omschrijving Programma GGD
-1
Gewijzigde begroting 2024 incl. OH Lasten Saldo 53. 352 50. 910
2. 442
Realisatie 2024 incl. OH Lasten Saldo 66. 293 66. 323
GHOR ZVH
2. 585 22. 572
2. 635 22. 571
-50 0
2. 585 23. 839
2. 635 22. 571
-50 1. 267
2. 614 23. 561
2. 643 23. 669
-29 -108
RAV Subtotaal
76. 067
76. 118
-51
41. 192 120. 968
41. 192 117. 308
0 3. 659
44. 098 136. 566
44. 490 137. 125
-392 -559
50
0
50
50
0
50
738
0
738
76. 117
76. 118
-1
121. 018
117. 308
3. 710
137. 304
137. 125
179
Baten
Programma begroting 2024 incl OH Lasten Saldo 50. 910 50. 911
Mutatie reserves Gerealiseerd resultaat
Tabel 10: Overzicht baten
en
Baten
Baten
-30
lasten incl. overhead
Toelichting In bovenstaande tabel worden de baten en lasten en het saldo hiervan per programma weergegeven. De bovenste tabel geeft inzicht in de programma’s exclusief overhead en in de onderste tabel zijn de cijfers gepresenteerd inclusief overhead. 2. 3.
Grondslagen voor balanswaardering en resultaatbepaling
De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. 2. 3. 1.
Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening
De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. ,
De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. ,
Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als 24
gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen en schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken. ,
Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten bijvoorbeeld door reorganisaties dient wel een verplichting opgenomen te worden. ,
,
,
2. 3. 2.
Grondslagen voor de waardering van de balans
Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. ,
Indien een vast actief buiten gebruik is gesteld heeft op het moment van buitengebruikstelling een afwaardering van de boekwaarde plaatsgevonden naar de lagere restwaarde. ,
Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde als deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden. Dergelijke afwaarderingen worden teruggenomen als ze niet langer noodzakelijk blijken. De waardering en afschrijving van materiële vaste activa behorend tot het programma RAV die vallen onder de voorschriften van de Nza kunnen te eniger tijd worden gewijzigd door de Nza. In die gevallen prevaleren de voorschriften ter zake van Nza.
Gronden en terreinen worden altijd geactiveerd maar niet afgeschreven. Activa met een verkrijgingsprijs van minder dan €5. 000 (GGD ZVH en GHOR) of €2. 500 (RAV) worden niet geactiveerd maar direct in ,
,
,
de kosten opgenomen.
25
De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn weergegeven in de volgende tabel.
Tabel 11: Afschrijvingstermijnen
Financiële vaste activa De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Indien nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht.
Grond- en hulpstoffen De grond- en hulpstoffen kostprijs.
,
gereed product en handelsgoederen zijn gewaardeerd tegen historische
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen.
Overlopende activa De overlopende activa worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Eigen vermogen In het BBV worden reserves omschreven als vermogensbestanddelen die als eigen vermogen zijn aan te merken en die vanuit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden zijn. De vaststelling van de noodzakelijke omvang van reserves is de verantwoordelijkheid van het Algemeen Bestuur. Daarom worden reserves onderverdeeld in algemene en bestemmingsreserves. Zodra het AB aan een reserve een bepaalde bestemming heeft gegeven is er sprake van een bestemmingsreserve. Om die reden kunnen bestemmingsreserves per ultimo verslagjaar geen negatieve stand vertonen. Heeft een reserve geen bestemming dan wordt deze een algemene reserve genoemd. Mutaties in reserves zijn enkel mogelijk op basis van een AB-besluit genomen vóór het einde van het betreffende begrotingsjaar. De reserves worden gewaardeerd tegen nominale waarde. ,
,
,
26
Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op basis van (jaarlijkse) schattingen van de te verwachten kosten. Voorzieningen behoren tot het vreemd vermogen (schulden). Om die reden kunnen voorzieningen per ultimo verslagjaar geen negatieve stand vertonen. Voorzieningen worden gewaardeerd op de contante waarde of het nominale bedrag van de betrokken verplichting dan wel het voorzienbare verlies. De vorming van een voorziening of een dotatie aan een reeds bestaande voorziening wordt als een last in het betreffende boekjaar verantwoord. Alle aanwendingen van voorzieningen worden rechtstreeks ten laste van de voorziening gebracht en in het verslagjaar niet ten laste van de exploitatie verantwoord. ,
,
Schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. Deze schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. ,
Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. 2. 3. 3.
Algemene waarderingsgrondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording
De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dit betekent dat: De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten lasten balansmutaties alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 ,
,
,
Financiële-verhoudingswet; De financiële rechtmatigheid waaronder het Voorwaardencriterium het Begrotingscriterium en het Misbruik & Oneigenlijk gebruik (M&O) criterium omvat de volgende onderdelen: − Voor het Voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 18 december 2024 door het Algemeen Bestuur is vastgesteld; − Voor het Begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het Algemeen Bestuur zijn gemeld; − Ten aanzien van het Misbruik & Oneigenlijk gebruik criterium is de beleidsnotitie M&O van de organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. ,
,
,
,
De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV alsmede de eigen financiële verordening. Dit betekent dat: Een verantwoordingsgrens van 3% is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en − onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; Een rapporteringstolerantie van €100k is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in − de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.
27
2. 4.
Toelichting op de balans
2. 4. 1.
Materiële vaste activa
Het onderstaande overzicht toont het verloop van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut.
Tabel 12: Verloop investeringen met economisch nut In 2024 is de aanbouw voor de ambulancepost op het terrein van het Alrijne Ziekenhuis in Leiderdorp gerealiseerd en geactiveerd. Eind 2023 was deze als activa in aanbouw een bedrag van €1. 222k handmatig op de balans opgenomen maar niet in de administratie op de activa geboekt. ,
2. 4. 2.
Financiële vaste activa
Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het boekjaar is in het volgende overzicht weergegeven:
Tabel 13: Verloop vaste activa In 2008 is een 20-jarige lening verstrekt aan de personeelsstichting Hecht voor de aankoop van een sloep die als onderpand dient voor de lening. In 2018 is een aanvullende lening verstrekt vanwege onvoorziene onderhoudskosten. Op het lening bedrag wordt vanaf 2022 jaarlijks €2. 500 afgelost. ,
2. 4. 3.
Voorraden
De voorraden grond- en hulpstoffen zijn gewaardeerd tegen historische kostprijs.
Tabel 14: Voorraden Dit betreft de voorraad van vaccins.
28
2. 4. 4.
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
De uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar zijn als volgt gespecificeerd.
Tabel 15: Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De post ‘vorderingen op openbare lichamen’ betreft de nog te ontvangen bedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen die dienen ter dekking van de lasten van het huidige begrotingsjaar. ,
Schatkistbankieren Onderstaand overzicht toont het gemiddelde saldo van de liquide middelen die buiten de schatkist zijn gebleven.
Schatkistbankieren €1. 000 Gemiddeld saldo per kwartaal Limiet Ruimte ten opzichte van de limiet
1e kwartaal
16 2. 346 2. 362 -
2e kwartaal 3e kwartaal4e kwartaal 57 188 80 2. 346 2. 346 2. 346 2. 158 2. 266 2. 289
Tabel 16: Schatkist Het maximale gemiddelde saldo per kwartaal van de buiten de schatkist gebleven middelen is lager dan 2% van het begrotingstotaal van de begroting. Dit komt neer op een bedrag van €117. 309k x 2% = €2. 346k. 2. 4. 5.
Liquide middelen
Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten:
Tabel 17: Liquide middelen De rekening-courant bij de huisbankiers is niet rentedragend.
29
2. 4. 6.
Overlopende activa
De post overlopende activa kan als volgt worden onderscheiden.
Tabel 18: Overlopende activa De post ‘overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen' betreft overige bedragen die nog te ontvangen zijn en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van de volgende begrotingsjaren komen. De post ‘overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen’ betreft nog te ontvangen bedragen van zorgverzekeraars en niet-Europese en Nederlandse overheidslichamen met betrekking tot het huidige begrotingsjaar. De post ‘vooruitbetaalde bedragen’ betreft uitgaven die betrekking hebben op het volgende begrotingsjaar. De in de balans opgenomen nog te ontvangen voorschotbedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel kunnen als volgt worden gespecificeerd: ,
,
,
Tabel 19: Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen
30
2. 4. 7.
Eigen Vermogen
De post ‘overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen' betreft overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van de volgende begrotingsjaren komen. Algemene reserve Hecht heeft een algemene reserve GGD en GHOR voor het opvangen van eventuele tegenvallers in de bedrijfsvoering van de GGD en de GHOR. Hecht heeft een Reserve Aanvaardbare Kosten (RAK) voor het opvangen van fluctuaties in de exploitatie van de RAV. Het resultaat dient volledig ten goede te komen aan de RAV. Indien de gelden van de RAK niet worden besteed aan de RAV dan wordt dat bedrag door de zorgverzekeraars in mindering gebracht op het initiële budget van het daaropvolgende boekjaar. ,
Bestemmingsreserves Hecht heeft per einde boekjaar de volgende bestemmingsreserve: − reserve OvDG: de reserve OvDG is een reserve van de GHOR. Het doel is de kosten van werving en opleiding van nieuwe Officieren van Dienst te bekostigen. Toelichting op het eigen vermogen Hieronder staat het eigen vermogen na de bestemming van het resultaat over het boekjaar 2024. De saldi per 31 december 2023 zijn overgenomen uit de jaarrekening 2023. Na de verdeling van het resultaat over 2023 resteert het saldo per 1 januari 2024. Tevens zijn van ieder programma de vermogensmutaties over het jaar 2024 weergegeven en in de laatste kolom staat de stand per eind 2024. Stand 31-122023
€1. 000 Algemene reserve GGD Algemene reserve ZVH Algemene reserve GHOR Reserve aanvaardbare kosten RAV Algemene reserve Reserve programma Hecht24 Reserve project OvDG Bestemmingsreserves Onverdeeld resultaat GGD Onverdeeld resultaat ZVH Onverdeel resultaat GHOR Onverdeeld resultaat RAV Onverdeeld resultaat Eigen vermogen GGD ZVH GHOR RAV Eigen vermogen
1. 147 471 354 2. 121 4. 093 357 100 457 -4. 447 287 105 153 -3. 902 648 -2. 943 758 559 2. 274 648
BestemmingStand 1-1-2024Onttrekking -4. 447 287 105 153 -3. 902 -
4. 447 -287 -105 -153 3. 902 -
Resultaat
31-12-2024
-3. 300 758 459 2. 274 191 357 100 457
105 275 380 357 357
-
-
-
-
-
-
-
-
-
360 -94 76 -163 179 179 360 -94 76 -163 179
-
-
-
-
-
-
-
648 -2. 943 758 559 2. 274 648
737 357 -
105 275 737
-
-3. 300 758 354 1. 999 -190
-
-
-
100 100 360 -94 76 -163 179 89 -2. 940 664 530 1. 836 89
Tabel 20: Toelichting op het eigen vermogen Het eigen vermogen neemt toe als gevolg van het positieve resultaat van Hecht in 2024. In 2024 zijn de verantwoorde onttrekkingen op de bestemmingsreserves op basis van een afspraak met de zorgverzekeraar bij de RAV en op basis van een afrekenafspraak met de Veiligheidsregio voor het GHOR bureau in bovenstaande tabel opgenomen. De reserves zijn in de opbouw programma overschrijdend. Aangezien wij de splitsing maken op het niveau van de desbetreffende bestemmingsreserves is dit niet nader uitgesplitst en zijn onttrekkingen samengevoegd. Daarmee ,
31
houden we aansluiting met de balans per 1-1-2023 en volgen een consistente gedragslijn ten opzichte van voorgaande jaren. Reserve Officieren van Dienst Geneeskundig (OvDG’en) De Bestemmingsreserve Officieren van Dienst Geneeskundig is bestemd voor de financiering van de werving en opleiding van crisisfunctionarissen binnen de GHOR. De bestemmingsreserve heeft het doel om in de planperiode de incidentele kosten op te vangen van de verwachte wisseling van OvDG’en en andere crisisfunctionarissen GHOR en van de initiële opleiding van toekomstige crisisfunctionarissen. Deze reserve zal op 1-1-2025 aan de Veiligheidsregio worden overgedragen. 2. 4. 8.
Voorzieningen
Het verloop van de voorzieningen wordt in de hierna opgenomen overzichten weergegeven. Voorzieningen voor verplichtingen , verliezen en risico's €1. 000 Spaarverlof
31-12-2023
Voorziening voor verplichtingen , verliezen en risico's
Onttrekking
Storting
1 . 276 1 . 276
297 297
Vrijval
31-12-2024
-
-
-
-
1. 573 1. 573
Tabel 21: Voorzieningen voor verplichtingen , verliezen en risico's Vanuit de cao zijn er afspraken over het aanhouden van bovenwettelijke verlofuren door de medewerkers. De BBV heeft richtlijnen gegeven over de verwerking van deze voorziening. De voorziening verlofsparen is ingesteld als gevolg van wijziging van de Cao SGO waarin medewerkers ongelimiteerd een verlofsaldo kunnen opbouwen voor spaarverlof. Voor de wijze van opbouw is aangesloten bij de toelichting vanuit de commissie BBV. Daarbij wordt gesteld dat mag worden aangesloten bij het gemeentelijk beleid alsmede dat van de gemeenschappelijke regeling ter bepaling van het maximale bovenwettelijk verlof dat mag meegenomen worden naar een volgend jaar. ,
Door de verruiming van de regels rond het spaarverlof in de cao zijn er in 2024 meer medewerkers gaan sparen voor verlof. De wettelijke verlofregels leiden tot een extra last in het huidige boekjaar en in de toekomst. De spaarverlofregeling bleek een interessante vorm van extra verlof te zijn met name om hiermee eerder met pensioen te kunnen gaan. Inschattingen maken is lastig omdat het niet altijd duidelijk is of er direct verlof opgenomen wordt of er gespaard wordt voor de toekomst. Op basis van een prognose is voor een deel van de gespaarde uren een verlofvoorziening gevormd. ,
,
Tabel 22: Egalisatievoorziening De RAV heeft het onderhoud van de ambulances in eigen beheer. Voor het onderhoud heeft de RAV een onderhoudsvoorziening gevormd. De voorziening is gebaseerd op de ingeschatte onderhoudskosten op basis van een gebruiksperiode van 5 jaar en 300. 000 gereden kilometers. 2. 4. 9.
Overige leningen met een rente typische looptijd van één jaar of langer
Deze balanspost betreft vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer en omvat onderhandse leningen van binnenlandse banken en financiële instellingen evenals verplichtingen uit hoofde van vaststellingsovereenkomsten. ,
Tabel 23: Vaste schulden met
een
rente typische looptijd , langer dan één jaar
Hecht heeft vijf langlopende leningen afgesloten bij de BNG Bank. Het rentepercentage van de lening voor het gebouw aan de Parmentierweg 49 te Leiden staat gedurende de gehele looptijd vast. De drie 32
leningen voor de RAV zijn per 4 januari 2021 opnieuw afgesloten met een vast rentepercentage tot het einde van de looptijd (2 januari 2062). Per 29 februari 2024 is de vijfde lening voor de RAV bij de BNG Bank afgesloten met een vast rentepercentage tot het einde van de looptijd (28 februari 2064) bestemd voor de aanbouw voor de ambulancepost op het terrein van het Alrijne Ziekenhuis in Leiderdorp. ,
Bij de ING Bank is in 2019 een financial leaseovereenkomst afgesloten voor de aanschaf van ambulances met een looptijd van 58 maanden. De laatste termijnen worden begin 2025 voldaan. Hecht heeft ten gunste van de lessor een pandrecht gevestigd op het bedrijfsmiddel en de verzekering van het bedrijfsmiddel als aanvullende zekerheid verschaft. ,
Tabel 24: Leningen Hieronder wordt de onderverdeling en het verloop van de vaste schulden met een looptijd van langer dan één jaar weergegeven. Na de kolom met de stand per 31 december van het boekjaar is het aandeel van het lening bedrag weergegeven waarvan de resterende looptijd meer dan vijf jaar is. In de laatste kolom staat het rentebedrag over de lening in het boekjaar. De aflossingen op de langlopende leningen vinden jaarlijks plaats per 1 januari voor de leningen van de RAV en voor de lening Parmentierweg Leiden. ,
Tabel 25: Leningen 2. 4. 10. Schulden met een looptijd korter dan één jaar Deze post omvat de volgende netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd van korter dan één jaar.
Tabel 26: Schulden , korter dan één jaar Op 22-02-2024 heft hecht een kasgeldlening bij de BNG afgesloten van € 5.000k deze zal op 24-03-2025 inclusief de verschuldigde rente afgelost worden. ,
,
33
2. 4. 11. Overlopende passiva De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt:
Tabel 27: Overlopende passiva De post ‘in het begrotingsjaar opgebouwde verplichtingen’ betreft verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidsgerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. ,
Van overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen De post ‘van overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen’ betreft de voorschotbedragen die zijn ontvangen van Europese en Nederlandse overheidslichamen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van de volgende begrotingsjaren. ,
De in de balans opgenomen ontvangen voorschotbedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van de volgende begrotingsjaren kunnen als volgt worden gespecificeerd: ,
,
34
Tabel 28: Overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen 2. 4. 12 Niet uit de balans blijkende financiële verplichtingen Hecht is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende niet uit de balans blijkende financiële verplichtingen. Hierna volgt een opsomming van de belangrijkste van deze verplichtingen. ,
,
Huurverplichtingen De looptijd van de huurverplichtingen inzake onroerend goed verschilt per gehuurd object. De totale 35
jaarlijkse verplichting bedraagt voor het programma GGD €1. 386 voor CJG-huisvesting. Deze huurverplichtingen worden jaarlijks vergoed vanuit de deelnemende gemeenten. De grootste algemene post betreft huurverplichtingen rond de vestiging in Gouda (€350k) voor verlenging verlengd. De GHOR heeft huurverplichtingen van €43k maar gaan over naar de Veiligheidsregio vanaf 2025. ,
,
De RAV heeft huurverplichtingen inzake onroerend goed. De totale jaarlast bedraagt €486k. De looptijd van de huurverplichtingen verschilt per standplaats. Naast de huurverplichting Vondellaan Leiden met een looptijd van 25 jaar heeft geen van de verplichtingen een looptijd langer dan vijf jaar. ,
Standplaats Gouda. Deze standplaats wordt gehuurd van Promen. Per 30 april 2021 liep het huurcontract af en is vervolgens automatisch verlengd. Dit contract bevat een opzegtermijn van drie jaar. Verplichtingen uit hoofde van meerjarige overeenkomsten Deze verplichtingen betreffen overeenkomsten ter zake van softwarelicenties mobiele telefonie en dergelijke met een inkoopwaarde van circa €55 m per jaar. Verplichtingen uit hoofde van investeringen en onderhoudscontracten van de RAV bedragen €16m per jaar. De overeenkomsten hebben verschillende looptijden. ,
,
,
,
Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen Het saldo van het opgebouwd verlof betreffende RVE’en zonder RAV en de RAV apart. Voor het deel van opgebouwd spaarverlof is per begin 2023 een voorziening is ingesteld. Buiten de balans gebleven verlof is voor de Hecht zonder de RAV €4. 472k (2023: €5. 274k) en voor de RAV €3. 616k (2023: Niet 772k). uit de balans blijkende financiele verplichtingen €3. €1. 000 Opgebouwde vakantiegelden Niet opgenomen vakantie-uren Overwerk , onregelmatigheid en PLB-uren RAV Totaal opgebouwde vakantiegelden
GGD-GHOR/ZVH
RAV
4472
708 2908
4. 472
3. 616
31-12-2024GGD-GHOR/ZVH 708 7380 5. 274 8. 088
5 . 274
RAV 666 3. 106
31-12-2023 666 8. 380
3 . 772
9 . 046
Tabel 29: Niet uit de balans blijkende financiële verplichtingen Verplichtingen RAV inzake functioneel leeftijdsontslag (FLO) Per 1 januari 2006 is het Flexibel Pensioen en Uittreden (FPU) afgeschaft en hier is de FLO voor terug gekomen. Collectieve waardeoverdracht pensioenen uit Sociaal Plan Naar aanleiding van vier fusies dienen oorspronkelijk 150 pensioenen overgedragen te worden naar het ABP. Mogelijk ontstaat daarbij een kostenpost voor Hecht indien de voorwaarden bij ABP minder zijn dan van de oorspronkelijke pensioenfondsen en zal Hecht moeten bijstorten. Als de kosten daarvan berekend zijn zal er duidelijkheid komen over de mogelijke kosten. ,
,
,
36
2. 5. Toelichting op het overzicht van baten en lasten Hieronder volgen de toelichtingen op het overzicht van baten en lasten per RVE. Als eerste zijn er tabellen toegevoegd als totaal overzicht op RVE-niveau vervolgens wordt er per RVE uitgebreider toegelicht. Daarna volgen vertaaltabellen naar programma’s zoals de begroting is opgesteld. ,
Realisatie per RVE: x € 1000
Salarissen en sociale lasten Tijdelijk personeel Overige personeelslasten Subtotaal personeelslasten Kapitaallasten Huisvesting Organisatiekosten Materialen Voorzieningen Kosten meldkamer Onvoorzien Lasten vorig boekjaar Doorbelasting overhead Subtotaal overige lasten Lasten Gemeenten BPI/BPK Gemeenten overig Derden Zorgverzekeraars Rijk Baten vorig boekjaar Dekking overhead Baten Gerealiseerde saldo van baten en lasten Storting reserves Onttrekking reserves Gerealiseerde resultaat
Directie - 1. 038 - 122 - 399 - 1. 559
CCS
COD 4. 091 - 489 - 144 - 4. 724 -
-
-
36 - 944 -
-
104 - 506 -
-
29
3
GTG
GBO
4. 909 - 670 - 1. 063 - 6. 642 - 1. 938 - 2. 428 - 5. 453 - 25 - 28
9. 002 - 2. 217 - 365 - 11. 584 - 109 - 56 - 1. 504 - 970 19
-
JGZ
4. 876 - 261 - 141 - 5. 278
-
- 20 787 - 41 - 29
23. 102 - 575 - 597 - 24. 274 - 66 - 45 - 497 - 138 - 48
-
-
-
ZVH - 14. 722 - 1. 300 - 433 - 16. 455 -1 -9 - 546 -
42
Corona - 1. 666 - 2. 288 - 215 - 4. 169
RAV - 31. 062 - 1. 497 - 1. 816 - 34. 375 - 2. 120 - 1. 274 - 1. 126 - 246 - 3. 204 -5 - 1. 418 - 225 26 - 197