CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Herstelbesluit Bestemmingsplan ‘Verzamelplan Zuidplas 2023’ – Toelichting (aangepast) Z25.003412

Gemeenteraad 21 april 2026, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Herstelbesluit bestemmingsplan Verzamelplan Zuidplas 202328.404 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

2.3.6 's-Gravenweg 121 in Nieuwerkerk aan den IJssel Het bestemmingsplan ''s-Gravenweg 121/123' (vastgesteld op 6 maart 2013) is kort na vaststelling vervangen door het bestemmingsplan ''s-Gravenweg 2013' (vastgesteld op 11 juni 2013). Echter is daarbij de bouwaanduiding 'specifieke bouwaanduiding - carport' per abuis niet overgenomen. Met voorliggend bestemmingsplan wordt de aanduiding alsnog opgenomen in het bestemmingsplan.

48

Onderstaande afbeelding toont de begrenzing van de planlocatie.

Begrenzing plangebied - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

Vertaling in bestemmingsplan Middels voorliggend bestemmingsplan zal de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - carport' alsnog in het bestemmingsplan ''s-Gravenweg 2013' opgenomen worden. Hierbij wordt aangesloten op het bestemmingsplan ''s-Gravenweg 121/123'. Tevens wordt de archeologische dubbelbestemming 'Waarde Archeologie - 2' overgenomen uit het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie'.

2.3.7 Kortenoord naast 100 in Nieuwerkerk aan den IJssel In het bestemmingsplan 'Kortenoord 2013' (vastgesteld op 14 mei 2013) is de locatie aan het Kortenoord, naast nr. 100, voorzien van de bestemming 'Groen' zonder bouwvlak. De schuur maakt van oudsher onderdeel uit van het complex van de (voormalige) sluizen en het gemaal. Om het complex als geheel te behouden zou de schuur voorzien moeten worden van een bouwvlak. Met voorliggend bestemmingsplan wordt de locatie alsnog voorzien van een bouwvlak. Onderstaande afbeelding toont de begrenzing van de planlocatie.

Begrenzing plangebied - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

49

Vertaling in bestemmingsplan Middels voorliggend bestemmingsplan zal de locatie van een aanduidingsvlak voorzien worden met de aanduiding 'bijgebouwen'. Hierbij wordt qua bestemming aangesloten op het bestemmingsplan 'Kortenoord 2013', waarbinnen voor het aangrenzende perceel een groenbestemming geldt. In betreffende bijgebouw is uitsluitend opslag toegelaten. Er wordt een maatvoering opgenomen voor de goot- en bouwhoogte van bijgebouwen van respectievelijk maximaal 3 en 5 m. De dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 2' wordt ook in het voorliggende bestemmingsplan voor deze locatie opgenomen.

50

2.4 Omgevingsvergunningen 2.4.1 2e Tochtweg 51 in Nieuwerkerk aan den IJssel Op 4 april 2014 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie 2e Tochtweg 51 te Nieuwerkerk aan den IJssel. Het initiatief betreft een aanvraag voor de bouw van een woning met bijgebouwen. De bestaande bebouwing zal worden gesloopt. Het bouwen van een nieuwe woning met bijgebouwen is op basis van het geldende bestemmingsplan 'Restveen en Groene Waterparel' planologisch niet mogelijk. Om de woning mogelijk te kunnen maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 14. De vergunning is op 27 januari 2015 definitief verleend. Vertaling in bestemmingsplan Voor het perceel aan de 2e Tochtweg 51 wordt de bestemming 'Wonen' opgenomen. Ter plaatse van de nieuwe woning worden de gronden voorzien van een bouwvlak. De maximale goot- en bouwhoogten voor de woning bedragen resp. 5,7 en 8 m. De inhoud van de nieuwe woning mag ten hoogste 1.490 m³ zijn. Conform het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie' is geen archeologische dubbelbestemming opgenomen.

2.4.2 Vierde Tochtweg 3 in Moordrecht Op 21 december 2012 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie Vierde Tochtweg 3 te Moordrecht. Het initiatief betreft het oprichten van een schuur en de aanleg van een paardenbak. Het bouwen van een nieuwe schuur en de aanleg van een paardenbak is op basis van het geldende bestemmingsplan 'Restveen en Groene Waterparel' planologisch niet mogelijk. Om de ontwikkeling mogelijk te maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Er is gebruik gemaakt van de saneringsregeling uit het geldende bestemmingsplan. De sloop van 300 m² wordt ingebracht en daarvoor in de plaats wordt een schuur opgericht van 150 m² en wordt een paardenbak aangelegd. Het nieuw te bebouwen oppervlak blijft ruimschoots onder de 250 m² als bedoeld in de saneringsregeling.

Uitsnede geldend bestemmingsplan, plangebied rood omlijnd (Bron: Ruimtelijke onderbouwing, Adviesbureau IntROview, 11 maart 2014)

51

Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 15. De vergunning is op 11 maart 2014 definitief verleend.

Nieuwe situatie (Bron: Ruimtelijke onderbouwing, Adviesbureau IntROview, 11 maart 2014)

Vertaling in bestemmingsplan In navolging van het geldende bestemmingsplan 'Restveen en Groene Waterparel' is voor het perceel de bestemming 'Wonen' opgenomen. Ter plaatse van de nieuwe schuur worden de gronden voorzien van de aanduiding 'bijgebouwen', waarbij de bebouwing qua omvang is geregeld. Dat geldt ook voor de maximale goot- en bouwhoogte van resp. 3 en 5,5 m. De paardenbak. met een afmeting van 40 x 20 m, wordt eveneens aangeduid op de verbeelding, waarbij tevens een hekwerk met een hoogte van 1,5 m. De bestaande woning is voorzien van een bouwvlak. De opgenomen maximale goot- en bouwhoogten van resp. 4,5 en 8 m zijn overgenomen uit het geldende bestemmingsplan. Daarin was tevens een maximale inhoudsmaat van 750 m³ opgenomen; dat is nu eveneens van toepassing. Op basis van het bestemmingsplan 'Parapluherziening dubbelbestemming opgenomen.

Archeologie'

is

geen

archeologische

2.4.3 Rottedijk 4 in Moerkapelle Op 18 september 2017 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie Rottedijk 4 te Moerkapelle. Het initiatief betreft het realiseren van een bed & breakfast en bergruimte. Het realiseren van een bed & breakfast en een nieuwe bergruimte buiten het

52

bouwvlak is op basis van het geldende bestemmingsplan 'Tweemanspolder en polder De Wilde Veenen' planologisch niet mogelijk. Om de ontwikkeling mogelijk te maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 16. De vergunning is op 9 april 2019 definitief verleend.

Begrenzing plangebied (rood omlijnd)

Vertaling in bestemmingsplan Voor het perceel aan de Rottedijk 4 worden de bestemmingen 'Wonen' en 'Agrarisch' opgenomen, conform het geldende bestemmingsplan. De hooischuur is binnen de bestemming 'Agrarisch' voorzien van de aanduiding ’bijgebouwen’. De maximum goot- en bouwhoogten (resp. 5 en 8 m) worden in de regels geregeld. Tevens is de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering' uit het geldende bestemmingsplan overgenomen. Conform het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie' is de archeologische dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 2' opgenomen.

2.4.4 Raadhuisplein 1 in Nieuwerkerk aan den IJssel Op 24 mei 2018 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend voor het uitbreiden van de fietsenberging nabij Raadhuisplein 1 in Nieuwerkerk aan den IJssel. Het betreft het bouwen van een fietsenberging. Hiermee vindt een ontwikkeling plaats die destijds in strijd was met de 'Beheersverordening Nieuwerkerk aan den IJssel' en het bestemmingsplan 'Zuidplaspolder 2008'. De betreffende gronden zijn niet voorzien van een bouwvlak en het beoogde gebruik is niet ten dienste van de bestemming 'Verkeer - Verblijf' maar betreft een fietsenstalling voor het naastgelegen gemeentehuis (maatschappelijke bestemming). Om de ontwikkeling mogelijk te maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlagen bij toelichting bijlage 17. De vergunning is op 30 november 2018 definitief verleend.

53

Vertaling in bestemmingsplan Met voorliggend bestemmingsplan wordt voor de fietsenberging en voor een noodaggregaat nabij Raadhuisplein 1 de bestemming 'Maatschappelijk' opgenomen. De gronden worden voorzien van een bouwvlak, met een maximum bouwhoogte van 3 m. Conform het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie' is geen archeologische dubbelbestemming opgenomen.

2.4.5 's-Gravenweg 32a in Nieuwerkerk aan den IJssel Op 31 juli 2014 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie 's-Gravenweg 32a te Nieuwerkerk aan den IJssel. Het initiatief betreft een aanvraag voor het vergroten van het parkeerterrein van Autobedrijf Neleman. Het vergroten van het parkeerterrein is op basis van het geldende bestemmingsplan 'Groene Zoom 2012' planologisch niet mogelijk. Om de ontwikkeling mogelijk te kunnen maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Er is geen sprake van een uitbreiding van de huidige bedrijfsvoering. Het realiseren van de extra parkeerruimte op een deel van perceel E 787 resulteert in een efficiëntere bedrijfsvoering. De rijbaan ligt aan de oostkant, de kant van het Autobedrijf Neleman om zo de afstand naar de aangrenzende percelen zo groot mogelijk te houden. Daarbij wil aanvrager op het betreffende perceel een lage aarden wal aanbrengen op de grens met het buurperceel (racketcentrum Gravenhout) met daarop extra bomen en ander groen om enige vorm van overlast richting de recreatieve functie van dat perceel te vermijden. Deze inrichting zal de uitstraling van het gehele terrein verbeteren en beter laten inpassen in het gewenste landschap van de ’s-Gravenweg.

Ten behoeve van deze ontwikkeling is tevens het 'Aanvullend akoestisch onderzoek Autobedrijf Neleman te Nieuwerkerk aan den IJssel' (rapport 20121875-02) opgesteld. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 18. De vergunning is op 7 juli 2015 definitief verleend. Vertaling in bestemmingsplan Voor het perceel aan de 's-Gravenweg 32a wordt de bestemming 'Bedrijf' opgenomen, zonder bouwmogelijkheden. Conform het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie' is de archeologische dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 4' opgenomen.

2.4.6 's-Gravenweg 114 in Nieuwerkerk aan den IJssel Op 14 december 2015 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie 's-Gravenweg 114 te Nieuwerkerk aan den IJssel. Het initiatief betreft het plaatsen van een geluidsscherm om de condensors op het dak van het betreffende kalfsvleesproductiebedrijf. De ontwikkeling is op basis van het geldende bestemmingsplan ''sGravenweg 2013' planologisch niet mogelijk. De bouwhoogte voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde wordt overschreden. Om de ontwikkeling mogelijk te kunnen maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 19. De vergunning is op 15 september 2016 definitief verleend. Vertaling in bestemmingsplan Voor het perceel aan de 's-Gravenweg 114 dient geregeld te worden dat binnen de bestemming 'Bedrijf' een grotere maximale bouwhoogte voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogelijk is van 11 m. Dit gebeurt in de vorm van een administratieve bepaling (zie onder Overige regels), met een verwijzing naar de gebiedsaanduiding 'Overige zone - bouwhoogte geluidscherm' waar een geluidscherm met een hoogte van 11 meter wordt toegestaan.

54

2.4.7 Hennipgaarde Eendragtspolder in Zevenhuizen Op 3 januari 2017 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie in de Eendragtspolder te Zevenhuizen. Het betreft en gebied van negen hectare van Recreatieschap Rottemeren. Gebleken was dat als er op de nabijgelegen roeibaan grote evenementen plaatsvinden, er een tekort is aan parkeervoorziening op het terrein. Het doel van de herinrichting van de negen hectare grond is om de twee hectare die dicht bij de Slingerkade gelegen is, te gebruiken als groene parkeervoorziening. De overige zeven hectare worden ingericht als extensief recreatiegebied voor de inwoners van Zevenhuizen en de andere dorpen in Zuidplas. Deze ontwikkeling is op basis van het geldende bestemmingsplan 'Eendragtspolder' planologisch niet mogelijk. Om de ontwikkeling mogelijk te kunnen maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening.

Inrichting Hennipgaarde Eendragtspolder (bron: Ruimtelijke onderbouwing, gemeente Zuidplas d.d. 19 december 2016)

Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 20. De vergunning is op 16 mei 2017 definitief verleend. Vertaling in bestemmingsplan Voor het perceel wordt de bestemming 'Recreatie' opgenomen. Tevens wordt de functieaanduiding 'parkeerterrein' gehanteerd. Conform het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie' is de archeologische dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 3' opgenomen. Tevens zijn de dubbelbestemming 'Leiding-Rivierwatertransport' en de dubbelbestemming 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' opgenomen.

2.4.8 Herenweg 56 in Moerkapelle Op 23 maart 2016 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie aan de Herenweg 56 te Moerkapelle. Het initiatief betreft het uitbreiden van de bedrijfsruimte op het perceel. De ontwikkeling is op basis van het geldende bestemmingsplan 'Tweemanspolder en polder De Wilde Veenen (herziening)' planologisch niet mogelijk. Om de ontwikkeling mogelijk te kunnen maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 21. De vergunning is op 13 maart 2017 definitief verleend.

55

Vertaling in bestemmingsplan Voor het perceel aan de Herenweg 56 wordt de bestemming 'Bedrijf' opgenomen. Een deel wordt voorzien van een bouwvlak, waarbij een maximale bouwhoogte van 7 m is toegestaan. Hierbij is de aanduiding 'hovenier' opgenomen waarmee geregeld is dat ter plaatse uitsluitend een hoveniersbedrijf/aannemingsbedrijf is toegelaten. Conform het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie' is de archeologische dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 2' opgenomen.

2.4.9 Hoofdweg-Noord 47 in Nieuwerkerk aan den IJssel Op 28 februari 2013 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie aan de Hoofdweg-Noord 47 te Nieuwerkerk aan den IJssel. Het initiatief betreft het realiseren van een schuur ten behoeve van hobbymatig gebruik. Deze schuur met een oppervlakte van 83 m² zal bestaande bijgebouwen met een oppervlakte van 84 m² vervangen. De ontwikkeling is op basis van het geldende bestemmingsplan 'Groene Zoom' planologisch niet mogelijk. De maximum oppervlakte aan bijgebouwen bij een woning wordt overschreden. Om de ontwikkeling mogelijk te kunnen maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 22. De vergunning is op 24 juni 2014 definitief verleend. Vertaling in bestemmingsplan Voor het onderhavige perceel aan de Hoofdweg-Noord 47 wordt grotendeels de bestemming 'Wonen' opgenomen met een bouwvlak. Conform het geldende bestemmingsplan 'Groene Zoom' is per bouwvlak niet meer dan één woning toegestaan. Verder worden de maximum goot- en bouwhoogten overgenomen: maximaal resp. 4 en 8 meter, uitgaande van één bouwlaag met een kap. De onderhavige schuur valt binnen de mogelijkheden voor bijbehorende bouwwerken.

De grotere oppervlakte is toegestaan, middels de (standaard-)bepaling dat een afwijkende oppervlaktemaat is toegestaan voor legale aanwezige bijbehorende bouwwerken. Daarvan is hier immers sprake. Tevens is, conform afspraken in het kader van het bestemmingsplan 'Groene Zoom', een bouwvlak voor een vrijstaande woning op perceel A 5529 opgenomen. Het meest noordwestelijke deel van het onderhavige perceel behoudt de agrarische bestemming, zonder bouwmogelijkheden.

2.4.10 Knibbelweg 9c Zevenhuizen Op 14 mei 2013 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie aan de Knibbelweg 9c (uiteindelijk voorzien van het adres Knibbelweg 9b) te Zevenhuizen. Het initiatief betreft het realiseren van een bedrijfswoning ten behoeve van het naastgelegen bedrijf. De ontwikkeling is op basis van het geldende bestemmingsplan 'Zuidplas Noord' planologisch niet mogelijk. Er is geen aanduiding 'bedrijfswoning' met bijbehorend bouwvlak aanwezig. Om de ontwikkeling mogelijk te kunnen maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 23. De vergunning is op 21 januari 2014 definitief verleend. De betreffende woning is gebouwd en heeft het adres Knibbelweg 9b. Vertaling in bestemmingsplan Voor het perceel wordt de bestemming 'Agrarisch - Glastuinbouw' opgenomen met een bouwvlak. Er is aangesloten bij de regels voor bedrijfswoningen uit het geldende bestemmingsplan, maar wel met een maximale goot- en bouwhoogte van resp. 4 en 8 m. Het bouwvlak wordt voorzien van de functieaanduiding 'bedrijfswoning'. Verder wordt voor een deel van het plangebied de gebiedsaanduiding 'geluidzone - weg' overgenomen.

56

Conform het bestemmingsplan dubbelbestemming opgenomen.

'Parapluherziening

Archeologie'

is

geen

archeologische

2.4.11 Noordelijke Dwarsweg 3/5 Zevenhuizen Op 21 november 2011 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie aan de Noordelijke Dwarsweg 3/5 te Zevenhuizen. Het initiatief betreft het realiseren van een twee-onder-een-kapwoning. De destijds bestaande leegstaande en enigszins vervallen woning zal worden gesloopt om de nieuwe woning te kunnen realiseren. De ontwikkeling is op basis van het geldende bestemmingsplan 'Zevenhuizen Dorp' planologisch niet mogelijk. Om de ontwikkeling mogelijk te kunnen maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 24. De vergunning is op 28 mei 2013 definitief verleend. Vertaling in bestemmingsplan Voor het perceel Noordelijke Dwarsweg 3 en 5 wordt de bestemming 'Wonen' opgenomen met een bouwvlak voor de beide woningen. Daarnaast wordt een maximale goot- en bouwhoogte van 4 en 10 m opgenomen. Verder wordt de bouwaanduiding 'twee-aaneen' en de maatvoering 'maximum aantal wooneenheden: 2' opgenomen. Conform het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie' is de archeologische dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 3' opgenomen.

2.4.12 West Ringdijk 43b in Moordrecht Op 29 september 2013 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie aan de West Ringdijk 43b in Moordrecht. Het initiatief betreft het realiseren van een schuur. De bestaande schuren en bouwwerken op het perceel worden gesloopt waarvoor in de plaats één schuur wordt gerealiseerd. De schuur heeft een oppervlakte van 90 m². Daarnaast is sprake van een maximale goot- en bouwhoogte van 3 en 7,5 m. De ontwikkeling is op basis van het geldende bestemmingsplan 'Restveen en Groene Waterparel' planologisch niet mogelijk. Er is op het betreffende perceel geen sprake van een hoofdgebouw waar deze schuur bij wordt gebouwd en er is op de beoogde locatie geen bouwvlak aanwezig. Om de ontwikkeling mogelijk te kunnen maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 25. De vergunning is op 15 juli 2014 definitief verleend. Vertaling in bestemmingsplan Voor het perceel aan de West Ringdijk 43b wordt de bestemming 'Wonen' opgenomen met een aanduiding 'bijgebouwen' voor de nieuwe schuur.

Standaard wordt geregeld dat de bouwhoogte van vrijstaande bijbehorende bouwwerken niet meer dan 5,5 meter mag bedragen, maar hier is een grotere bouwhoogte (7,5 m) afgesproken; dit wordt als zodanig tekstueel geregeld. Conform het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie' is de archeologische dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 3' opgenomen, alsmede de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering'. 2.4.13 Vergunningsaanvraag N219a Op 9 januari 2012 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de reconstructie van de N219a te Nieuwerkerk aan den IJssel. Het initiatief betreft grootschalig onderhoud aan de N219a met onder andere fysieke wijzigingen aan de rijbaan en rotonde. De ontwikkeling is op basis van de geldende bestemmingsplannen 'Groene Zoom, 's-Gravenweg 1995, Esse Zoom, uitwerkingsplan Esse Zoom hoog, Kleinpolder Hoog en Esse/Kleinpolder' planologisch niet mogelijk. Door middel van een projectbesluit, als bedoeld in artikel 3.10 lid 1 van de Wet ruimtelijke ordening kan de

57

beoogde ontwikkeling mogelijk gemaakt worden. Om de ontwikkeling mogelijk te kunnen maken is met een ruimtelijke onderbouwing aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 26. De vergunning is op 18 december 2012 definitief verleend. Vertaling in bestemmingsplan Het betreffende gebied is voorzien van de bestemming 'Verkeer', wat recht doet aan de vergunde situatie. Binnen deze bestemming zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen toegestaan. Tevens zijn de van toepassing zijnde dubbelbestemmingen voor archeologie opgenomen, conform de 'Parapluherziening Archeologie' en zijn de dubbelbestemmingen 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' en 'Leiding - Hoogspanning' opgenomen.

2.4.14 Westeinde-Weteringstraat in Moordrecht Op 6 mei 2010 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan voor de locatie Westeinde-Weteringstraat in Moordrecht. Het initiatief betreft het realiseren van 16 woningen en een Zorggebouw met 25 appartementen. Na toetsing aan dat bestemmingsplan bleek dat voor wat betreft het gebouw Burgemeester Snelplein 10-33 sprake is van een tegenstrijdigheid. Opgenomen is dat de maximum bouwhoogte 12 m mag bedragen, terwijl de afspraak was dat dit 13 mocht bedragen. Abusievelijk was geen 10% afwijking opgenomen, dus het was ook niet via een binnenplanse afwijking te regelen. Middels een projectbesluit is overeengekomen de bouwhoogte aan te passen van 12 naar 13 m. Het college van burgemeester en wethouders heeft positief beslist op de aanvraag, zie bijlagen bij toelichting bijlage 27. De vergunning is op 1 november 2010 definitief verleend. Vertaling in bestemmingsplan In het voorliggende verzamelplan wordt het bestemmingsvlak van 'Maatschappelijk' voor de locatie Burgemeester Snelplein 10-33 in Moordrecht opnieuw geregeld, maar nu met een hoogtebepaling van 13 m. Tevens worden de geldende mogelijkheden uit het bestemmingsplan 'Westeinde-Weteringstraat' voor begeleid wonen, met bijbehorende ondersteunende voorzieningen zoals ondergeschikte gemeenschapsruimten, gerespecteerd.

58

hoofdstuk 3 Beleidskader Het bestemmingsplan omvat verschillende nieuwe ontwikkelingen en een reparatie van verschillende geldende bestemmingsplannen. Wat betreft de reparatie gaat het om een beperkte aanpassing of wijziging van de geldende bestemming, waarbij geen nieuwe bouwmogelijkheden worden gegeven. Voor de nieuwe ontwikkelingen wordt, waar nodig, ingegaan op de relevante beleidskaders.

3.1 Nationaal beleid 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) in werking getreden. Deze visie bevat de hoofdzaken van het strategisch rijksbeleid voor de fysieke leefomgeving. Dit is een combinatie van beleid uit de bestaande beleidsdocumenten, met en zonder wettelijke grondslag, en nieuw strategisch beleid. De grote en complexe opgaven zoals klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw zullen Nederland gaan veranderen. De NOVI schrijft een toekomstperspectief met de ambities van het rijk. In de NOVI zijn 21 nationale belangen met bijbehorende opgaven geformuleerd. Deze nationale belangen komen samen in vier prioriteiten: 1. 2. 3. 4.

ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; duurzaam economisch groeipotentieel; sterke en gezonde steden en regio's; toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

Voor de vier NOVI-prioriteiten geldt steeds dat zowel voor de lange als de korte termijn maatregelen nodig zijn. Deze maatregelen dienen in de praktijk voortdurend op elkaar in te spelen. Bij de afweging van de belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving centraal voor zowel de bovenals de ondergrond. Planspecifiek Het voorliggende bestemmingsplan heeft geen directe raakvlakken met de NOVI.

3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening Op 30 december 2011 is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) in werking getreden. Voortaan heeft de wetgever in de Wro, ter waarborging van de nationale of provinciale belangen, de besluitmogelijkheden van lagere overheden begrensd. Indien nationale of provinciale belangen dat met het oog op een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk maken, kunnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur respectievelijk bij of krachtens provinciale verordening regels worden gesteld omtrent de inhoud van bestemmingsplannen. In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn 14 nationale belangen opgenomen die in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) zijn herbevestigd. Voor deze belangen is het Rijk verantwoordelijk en wil het resultaten boeken. Buiten deze belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Een en ander is nader uitgewerkt in de Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro). Planspecifiek In de Rarro zijn op het grondgebied van de gemeente twee voorkeurstracés buisleidingen aangegeven. Enkele van de planonderdelen liggen in het zoekgebied van deze tracés. Het gaat om Hennipgaarde Eendrachtspolder, Rottedijk 4 in Moerkapelle, Vierde Tochtweg 3 in Moordrecht en een deel van de Zevenhuizerplas. Aangezien het om het zoekgebied gaat wordt verwacht dat dit geen belemmering

59

vormt. De planonderdelen vallen niet binnen één van de andere projecten uit het Barro/Rarro. Derhalve vormt het geen belemmering voor het onderhavige initiatief.

3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de verplichting opgenomen om in het geval van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in de toelichting een onderbouwing op te nemen van nut en noodzaak van de nieuwe stedelijke ruimtevraag en de ruimtelijke inpassing. Hierbij wordt uitgegaan van de 'ladder voor duurzame verstedelijking'. De 'stappen van de ladder' worden in artikel 3.1.6, leden 2 - 4 Bro als volgt omschreven:

•

De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.

•

Indien in een bestemmingsplan, als bedoeld in het tweede lid, toepassing is gegeven aan artikel 3.6, eerste lid, onder a of b, van de wet kan bij dat bestemmingsplan worden bepaald dat de beschrijving van de behoefte aan een nieuwe stedelijke ontwikkeling en een motivering als bedoeld in het tweede lid eerst wordt opgenomen in de toelichting bij het wijzigings- of het uitwerkingsplan als bedoeld in dat artikel.

•

Een onderzoek naar de behoefte als bedoeld in het tweede lid, heeft, in het geval dat een bestemmingsplan als bedoeld in het tweede lid, ziet op de vestiging van een dienst als bedoeld in artikel 1 van de Dienstenwet en dit onderzoek betrekking heeft op de economische behoefte, de marktvraag of de beoordeling van de mogelijke of actuele economische gevolgen van die vestiging, slechts tot doel na te gaan of de vestiging van een dienst in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.

Planspecifiek Stedelijke ontwikkeling Conform artikel 1.1.1, eerste lid onder i van het Bro wordt onder een stedelijke ontwikkeling verstaan: een 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.' Uit jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State blijkt dat de ondergrens van wat als nieuwe stedelijke ontwikkeling moet worden gezien, ligt tussen de 9 en 14 nieuwe woningen afhankelijk van de omgeving waarin de ontwikkeling plaatsvindt. Daarnaast geldt voor ontwikkelingen met een ruimtebeslag van minder dan 500 m² of een gebouw met een bruto-vloeroppervlakte kleiner dan 500 m², dat deze ontwikkeling in beginsel niet als een stedelijke ontwikkeling wordt aangemerkt. Aangezien bij onderhavige nieuwe ontwikkelingen steeds niet meer dan drie nieuwe woningen worden gerealiseerd, of een gebouw mogelijk wordt gemaakt met een bruto-vloeroppervlakte van meer dan 500 m² is er geen sprake van een stedelijke ontwikkeling en is er geen verantwoording noodzakelijk in het kader van de ladder voor duurzame verstedelijking. De planontwikkeling op de locatie Hoofdweg-Noord 5 in Nieuwerkerk aan den IJssel beslaat een grotere oppervlakte dan 500 m². Maar het betreft hier een binnenstedelijke locatie die reeds een bedrijvenbestemming heeft.

Het is ook een vorm van intensief ruimtegebruik, wat ook vanuit de provincie bevorderd wordt. Om die redenen past dit initiatief binnen de ladder voor duurzame verstedelijking. Andere ontwikkelingen, zoals die aan de Van Hasseltweg 1-3/Bredeweg 55-61 in Moerkapelle is veeleer een herstructurering die niet aan te merken zijn als nieuwe, stedelijke ontwikkeling/ De Ladder voor duurzame ontwikkeling vormt geen belemmering voor het onderhavige verzamelplan.

60

3.2 Provinciaal beleid 3.2.1 Omgevingsvisie Zuid-Holland De meeste recente versie van de Omgevingsvisie van de provincie Zuid-Holland bestaat uit 4 onderdelen: 1.

Ruimtelijke hoofdstructuur

De ruimtelijke hoofdstructuur toont de essentie en de samenhang van verschillende ruimtelijke beleidskeuzes uit de Omgevingsvisie. Het integrale kaartbeeld van de ruimtelijke hoofdstructuur is opgebouwd uit de volgende kaartbeelden:

•

het dagelijks stedelijk systeem, dat bestaat uit de stedelijke agglomeratie en de daarmee via hov(hoogwaardig openbaar vervoer) verbonden regiokernen;

• •

de hoogstedelijke zone tussen Leiden en Dordrecht;

• • • •

de samenhang van grote landschappelijke eenheden met de stedelijke agglomeratie;

het logistiek-industriële systeem van mainport, greenports langs vaarwegen en zware infrastructuur de groene ruimte en de groenblauwe structuur; het bodem- en watersysteem; energie.

In aanvulling hierop toont de ruimtelijke hoofdstructuur van de ondergrond indicatief de ruimtelijke situatie van de ondergrond. 2.

Ambities en sturing

De provincie wil meer vertrouwen geven aan maatschappelijke initiatieven. De provincie werkt daarom vanuit een aantal sturingsprincipes: opgavegericht, provinciaal belang en maatwerk. De provincie heeft zes richtinggevende ambities in de fysieke leefomgeving. Deze ambities zijn geworteld in de historie, ligging en economische structuur van Zuid-Holland en zijn gekoppeld aan de strategische uitdagingen waar de regio voor staat. De provincie heeft de volgende ambities:

• • • • • •

Naar een klimaatbestendige delta

3.

Omgevingskwaliteit

Naar een nieuwe economie: the next level Naar een levendig meerkernige metropool Energievernieuwing Best bereikbare provincie Gezonde en aantrekkelijke leefomgeving

Onder 'omgevingskwaliteit' wordt verstaan: het geheel aan kwaliteiten die de waarde van de fysieke leefomgeving bepalen. De volgende onderdelen vormen de basis van de omgevingskwaliteit:

•

Een beschrijving van de unieke kwaliteiten van Zuid-Holland: de drie deltalandschappen, de ZuidHollandse steden en de strategische ligging in internationale netwerken.

•

Een beschrijving van de bestaande omgevingskwaliteit op basis van de leefomgevingstoets, met aandacht voor aspecten van milieukwaliteit. Hiertoe implementeert de provincie de beleidscyclus en monitor Omgevingskwaliteit.

61

•

Een nadere uitwerking van het provinciale beleid voor het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit, op basis van de 'kwaliteitskaart' en de 'richtpunten ruimtelijke kwaliteit'.

4.

Beleidskeuzes

De provincie heeft in de Omgevingsvisie een overzicht gemaakt van samenhangende beleidskeuzes (zie Omgevingsvisie Zuid Holland). Planspecifiek Functiewijziging van bedrijfswoning naar plattelandswoning De ontwikkelingen aan de Van Hasseltweg en Bredeweg in Moerkapelle (deels) en aan Verbindingsweg 3 in Nieuwerkerk aan den IJssel en Zuidplasweg 23 in Zevenhuizen omvatten het omzetten van voormalige bedrijfswoningen naar plattelandswoningen. Dit bestemmingsplan maakt alleen een functiewijziging van een bestaande bedrijfswoning naar plattelandswoning mogelijk. Deze ontwikkeling is in overeenstemming is met de provinciale belangen. Functiewijziging van bedrijfswoning naar burgerwoning De ontwikkeling aan de Parallelweg-Noord 14/16 in Nieuwerkerk aan den IJssel betreft het omzetten van twee bedrijfswoningen naar een burgerwoning. Dit bestemmingsplan maakt alleen een functiewijziging van een bestaande bedrijfswoning naar burgerwoning mogelijk. Deze ontwikkeling is in overeenstemming is met de provinciale belangen. Woningbouwontwikkelingen De ontwikkelingen aan de Prins Bernhardstraat 7a in Nieuwerkerk aan den IJssel en Zuideinde 12/13 in Zevenhuizen sluiten aan bij de beleidskeuze: Behoud en versterking ruimtelijke kwaliteit.

Met de betreffende ontwikkelingen vindt respectievelijk de realisatie van twee woningen, de omzetting van een maatschappelijke bestemming naar een woonbestemming en de realisatie van twee nieuwe woningen plaats. De ontwikkelingen spelen zich af op het niveau van een kavel, derhalve is er geen sprake van aantasting van de ruimtelijke kwaliteit. Hoofdweg-Noord 5 realisatie nieuwe bedrijfsverzamelgebouwen De ontwikkeling aan de Hoofdweg-Noord 5 in Nieuwerkerk aan den IJssel sluit aan bij de beleidskeuze: Behoud en versterking ruimtelijke kwaliteit. Op deze locatie is reeds een bedrijf gesitueerd. De beoogde ontwikkeling voorziet in de realisatie van drie bedrijfsverzamelgebouwen. De toekomstige bebouwing wordt goed ingepast in de omgeving en zorgt ten opzichte van de huidige situatie voor een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Van Hasseltweg 1-3/Bredeweg 55-61 Moerkapelle De ontwikkeling sluit aan bij de beleidskeuze: behoud en versterking ruimtelijke kwaliteit. Op deze locatie zijn reeds bedrijven gesitueerd. De beoogde ontwikkeling voorziet o.a. in het verplaatsen van de bedrijven. Met de bebouwing wordt aangesloten op de bestaande bebouwing waardoor er geen sprake is van een verslechtering van de ruimtelijke kwaliteit. Conclusie Met de beoogde ontwikkeling zijn er geen belemmeringen vanuit de Omgevingsvisie Zuid-Holland. De ruimtelijke kwaliteit wordt niet aangetast.

De beoogde herontwikkelingen passen binnen de Omgevingsvisie en zijn in lijn met de provinciale ambities.

3.2.2 Omgevingsverordening Zuid-Holland Tegelijk met de Omgevingsvisie is de Omgevingsverordening in werking getreden. De Omgevingsverordening omvat in aanvulling op de Omgevingsvisie toetsbare criteria waaraan planvorming moet voldoen. Ladder voor duurzame verstedelijking In artikel 6.10 van de Omgevingsverordening is opgenomen dat een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, moet voldoen aan de volgende eisen:

62

a.

b.

de toelichting van het bestemmingsplan gaat in op de toepassing van de ladder voor duurzame verstedelijking overeenkomstig artikel 3.1.6, tweede, derde en vierde lid van het Besluit ruimtelijke ordening; Indien in de behoefte aan de stedelijke ontwikkeling niet binnen bestaand stads- en dorpsgebied kan worden voorzien en voor zover daarvoor een locatie groter dan 3 hectare nodig is, wordt gebruik gemaakt van grote buitenstedelijke bouwlocaties waarvan de plaats geometrisch is bepaald en verbeeld op kaart 19 in bijlage II en wordt rekening gehouden met de voor deze locaties opgenomen gegevens en criteria in bijlage X.

Bij het voorgenomen plan is in toelichting paragraaf 3.1.3 ingegaan op de ladder voor duurzame verstelijking. Sub b is niet van toepassing, omdat de ontwikkeling binnen het bestaand stads- en dorpsgebied is voorzien. Daarmee wordt er voldaan aan artikel 6.10 van de Omgevingsverordening. Ruimtelijke kwaliteit In artikel 6.9 lid 5 van de Omgevingsverordening is opgenomen dat een bestemmingsplan, onder de volgende voorwaarden ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit, kan voorzien in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling: a.

b.

c.

de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, voorziet geen wijziging op structuurniveau, past bij de aard en schaal van het gebied en houdt rekening met de relevante richtpunten ruimtelijke kwaliteit, zodanig dat de ruimtelijke kwaliteit per saldo ten minste gelijk blijft. In dit geval is er sprake van inpassen; de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, maar veroorzaakt wijziging op structuurniveau. Een dergelijke ontwikkeling wordt alleen toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit per saldo ten minste gelijk blijft door zorgvuldige inbedding van de ontwikkeling in de omgeving, rekening houdend met de relevante richtpunten ruimtelijke kwaliteit. In dit geval is er sprake van aanpassen; de ruimtelijke ontwikkeling past niet binnen de bestaande gebiedsidentiteit. Een dergelijke ontwikkeling wordt uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit van de nieuwe ontwikkeling is gewaarborgd door een integraal ontwerp. Daarin wordt behalve aan de ruimtelijke kwaliteit van het gehele gebied ook aandacht besteed aan de fysieke en visuele overgang naar de omgeving en de fasering in ruimte en tijd en wordt ook rekening gehouden met de relevante richtpunten ruimtelijke kwaliteit. In dit geval is er sprake van transformeren.

Ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit is sprake van een vorm van inpassen (sub a), omdat de ontwikkeling zich afspeelt op het niveau van een kavel en past bij de aard en de schaal van het gebied. Met de stedenbouwkundige invulling van de beoogde ontwikkelingen is zoveel mogelijk rekening gehouden met de bestaande gebiedsidentiteit. Risico's van klimaatverandering In artikel 6.27a van de Omgevingsverordening is opgenomen dat rekening gehouden moet worden met de gevolgen van de risico’s van klimaatverandering, tenminste voor zover het betreft de risico’s ten aanzien van: a. wateroverlast door overvloedige neerslag; b. overstroming; c. hitte; d. droogte. Bij de beoogde ontwikkelingen is in een eerder stadium reeds rekening gehouden met dit aspect of wordt nog zoveel als mogelijk rekening gehouden met de risico's van klimaatverandering. Greenports De Omgevingsverordening stelt regels aan de gebieden die op kaart 11 als Greenport staan aangeduid. Een bestemmingsplan voor deze gebieden laat alleen glastuinbouwbedrijven en openlucht tuinbouwbedrijven toe, alsmede de daarbij behorende voorzieningen en voorzieningen voor energieopwekking. De locaties Van

63

Hasseltweg 1-3 / Bredeweg 55-61 in Moerkapelle en Zuidplasweg 23 Zevenhuizen en Westringdijk 18 Nieuwerkerk aan den IJssel liggen binnen het Greenportgebied. Er zijn gevallen mogelijk waarin van dit uitgangspunt afgeweken kan worden (zie artikel 6.15 Omgevingsverordening Provincie Zuid-Holland). Locatie Van Hasseltweg 1-3 / Bredeweg 55-61 in Moerkapelle Voor de locatie Bredeweg 59 wordt voorzien in een herstructurering de glastuinbouwbedrijven met als doel deze bedrijven toekomstbestendiger te maken. Ook de herplaatsing van de bedrijfswoningen heeft tot doel de inrichting van het perceel te optimaliseren, zodat de glastuinbouwfunctie beter kan functioneren. Hierdoor wordt aangesloten op de uitgangspunten van het provinciaal beleid. Tevens maakt een warmtehub onderdeel uit van het initiatief. Dit past binnen het uitgangspunt van de Provincie Zuid-Holland om voorzieningen voor energieopwekking toe te staan. De mogelijkheden voor agrogerelateerde bedrijvigheid en overslag van agrarische producten zijn overgenomen uit het vigerende bestemmingsplan “Herziening Zuidplaspolder 2”. Locatie Zuidplasweg 23 in Zevenhuizen Het betreft een bestaande woning waarvan de bewoningsmogelijkheden worden verruimd: bewoning wordt nu ook door derden mogelijk.

Artikel 6.15 lid 4 van de Omgevingsverordening biedt de mogelijkheid om aan de randen van het glastuinbouwgebied rekening houden met lokale omstandigheden en bestaande bedrijven en functies af te wijken van de begrenzing van het Greenportgebied, mits de omvang en bruikbaarheid van het glastuinbouwgebied niet wordt aangetast. In voorliggend geval is hiervan sprake. Locatie Westringdijk 18 Nieuwerkerk aan den IJssel Het betreft een bestaande woning waarvan de bestemming wordt gerepareerd: de bestaande woning krijgt een woonbestemming. Artikel 6.15 lid 4 van de Omgevingsverordening biedt de mogelijkheid om aan de randen van het glastuinbouwgebied rekening houden met lokale omstandigheden en bestaande bedrijven en functies af te wijken van de begrenzing van het Greenportgebied, mits de omvang en bruikbaarheid van het glastuinbouwgebied niet wordt aangetast. In voorliggend geval is hiervan sprake. Conclusie Gezien het voorgaande dient er geconcludeerd te worden dat er geen belemmeringen zijn vanuit de Omgevingsverordening Zuid-Holland voor de onderhavige kleinschalige nieuwe ontwikkelingen.

3.3 Regionaal beleid 3.3.1 Recreatieschap Rottemeren In 2018 is voor de Rottemeren de notitie 'Ruimte voor een groenblauwe toekomst' opgesteld en voorjaar 2019 vastgesteld door de gemeenteraden van de gemeente Lansingerland, Rotterdam en Zuidplas. Hierin is voor de komende 30 à 40 jaar het kader en de koers aan voor het recreatief landschapspark Rottemeren aangegeven. In de notitie 'Ruimte voor een groenblauwe toekomst' worden de volgende vijf ambities genoemd voor het recreatiegebied Rottemeren:

• • • • •

Centrale schakel in de regionale groenblauwe-structuur. Landschapspark met Rotte en polderkamers als dragers. Duurzaam buiten zijn: sport en actieve vormen van vrijetijdsbesteding. Rondom bereikbaar en optimaal toegankelijk. Samenwerken vanuit een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid.

64

Het Ontwikkelplan landschapspark de Rotte is door het algemeen Bestuur van het Recreatieschap Rottemeren vastgesteld op 17 mei 2020. In het ontwikkelplan heeft het recreatieschap de gewenste ontwikkelingen in het gebied voor de komende tien jaar uitgewerkt en op welke manier het recreatieschap dit samen met andere organisaties wil realiseren. Zodat het gebied inspeelt op grote veranderingen zoals toenemende drukte in het gebied door woningbouw in de omgeving en klimaatverandering. Ook het vergroten van natuurwaarden en biodiversiteit en de functie die het gebied vervult voor maatschappelijke programma’s, zoals gezondheid, jeugdeducatie en zinvol werk voor kwetsbare groepen, zijn in het plan uitgewerkt. Planspecifiek Enkele ontwikkelingen liggen binnen het werkingsgebied van het Recreatieschap Rottemeren, zoals het recreatiegebied Hennipgaarde. Deze initiatieven zijn niet strijdig met de belangen van het Recreatieschap Rottemeren. Conclusie Geconcludeerd wordt dat met voorliggend bestemmingsplan er geen belemmeringen optreden voor het Recreatieschap Rottemeren.

3.4 Gemeentelijk beleid 3.4.1 Omgevingsvisie Zuidplas 2040 De gemeenteraad van de gemeente Zuidplas heeft op 13 juli 2021 de 'Omgevingsvisie Zuidplas 2040' vastgesteld voor een groot deel van het gemeentelijk grondgebied. In de omgevingsvisie staan de ambities voor de lange termijn, tot 2040. Met de omgevingsvisie wordt richting gegeven aan toekomstige ontwikkelingen die plaatsvinden in een veilige en gezonde fysieke leefomgeving met een goede omgevingskwaliteit voor inwoners. De fysieke leefomgeving gaat over bijna alles buiten, dus: gebouwen, bodem, water, natuur, lucht, maar ook wegen en duurzame opwek van energie. In de omgevingsvisie staan de volgende ambities centraal:

•

Aantrekkelijk Zuidplas: Ingezet wordt op het bouwen van inbreidingslocaties binnen de dorpen. Daarnaast wordt ingezet op aanpassingen van de bestaande woningvoorraad. Als dorpen in Zuidplas uit willen breiden kan dat, maar alleen als een bijdrage wordt geleverd aan hogere doelen.

•

Duurzaam Zuidplas: Nieuwe ontwikkelingen zijn zoveel mogelijk energieneutraal. Voor bestaande gebouwen wordt ook hierop ingezet, hoewel dit niet overal haalbaar zal zijn. Naast de energiedoelstellingen wordt gewerkt aan een klimaatbestendige omgeving. Klimaatadaptatie, onder andere het tegengaan van hittestress, verdroging en wateroverlast, heeft daarbij nadrukkelijk aandacht.

•

Ondernemend Zuidplas: Zuidplas wil in 2040 een aantrekkelijk gemeente zijn voor ondernemers en ervoor zorgen dat er voldoende eigen werkgelegenheid is. Een gemeente met een aantrekkelijk vestigingsklimaat en belangrijke speler in de regio.

•

Gezond Zuidplas: Zuidplas wil in 2040 een sociale en vitale gemeente zijn. Een gemeente met een gezonde en veilige leefomgeving én met aandacht voor de gezondheid van onze inwoners.

De omgevingsvisie is uitgewerkt in een visie per dorp. Hierin is aangegeven hoe een aantrekkelijk, duurzaam, ondernemend en gezond Zuidplas eruitziet per dorp. De omgevingsvisie geeft per thema, voor heel Zuidplas en per deelgebied en per dorp ambities, opgaven, kansen en te maken keuzes weer. Planspecifiek De omgevingsvisie heeft een hoog abstractieniveau waarin op perceelsniveau geen uitspraken worden gedaan. Vanuit planologisch oogpunt zijn de nieuwe ontwikkelingen goed inpasbaar. De ontwikkeling aan

65

Verbindingsweg 3 in Nieuwerkerk aan den IJssel betreft het omzetten van bedrijfswoningen naar plattelandswoningen, zonder verdere aanpassingen/werkzaamheden. De overige ontwikkelingen zijn goed inpasbaar omdat het om kleinschalige woningbouwontwikkelingen gaat. De bedrijven zijn goed inpasbaar omdat het gaat om locaties waar al bedrijven gevestigd zijn. Over het algemeen komen de ontwikkelingen de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving ten goede. Voor de nieuwe woningen wordt aangesloten bij de ambitie 'Duurzaam Zuidplas'. Nieuwe woningen zullen voldoen aan de geldende BENG-eisen. Met de ontwikkelingen gerelateerd aan bedrijven wordt aangesloten bij de ambitie 'ondernemend Zuidplas'. Deze dragen bij aan de werkgelegenheid en het vestigingsklimaat van Zuidplas. Conclusie Gelet op het bovenstaande kan geconcludeerd worden dat de beoogde initiatieven in lijn zijn met de ambities van de Omgevingsvisie Zuidplas 2040.

3.4.2 Woonvisie 2025 De 'Woonvisie 2025 - Dorps wonen in Zuidplas, nu en in de toekomst' is op 23 januari 2019 door de gemeenteraad vastgesteld. In de woonvisie wordt een doorkijk naar het wonen in Zuidplas rond het jaar 2025 gegeven en is richtinggevend van karakter. De woonvisie is tevens het programmatische toetsingskader voor nieuwbouwlocaties. In de woonvisie wordt gekozen voor de volgende strategie:

• • • • •

Sociale huursector op peil. Identiteit vasthouden. Langer thuis wonen. Duurzaam wonen en leven. Innovatieve woonvormen.

Om de visie te realiseren zijn de stappen verwoord in drie speerpunten: 1. 2. 3.

Een divers en betaalbaar woningaanbod voor alle doelgroepen. Duurzaam wonen. Experimenten in wonen en ontmoeten.

Met het eerste speerpunt wordt de visie van een evenwichtige bevolkingsopbouw verwezenlijkt. De andere twee dragen bij aan het realiseren van dat divers en betaalbaar woningaanbod. Woningbouwopgave Zuidplas bouwt volop nieuwe woningen om bij te dragen aan de woningbouwopgave in de Zuidvleugel. Uit onderzoek blijkt dat de vraag naar diverse woningtypen toeneemt. In de Woonvisie staan uitgangspunten voor de omvang van de diverse woon- en prijssegmenten die in Zuidplas nodig zijn. Deze uitgangspunten voor de woningvoorraad die in de Woonvisie staan, bieden houvast in de onderhandelingen over nieuwbouw met projectontwikkelaars en woningcorporaties. In de woonvisie staat geen woningverdeling per dorp. Nieuwbouwontwikkeling is maatwerk en daarom komen er randvoorwaarden voor elk nieuwbouwproject. Daarin wordt op basis van de locatie (het dorp), de marktomstandigheden en de grootte van het project aangegeven hoeveel woningen van welk type, prijsklasse, eigendomsverhoudingen (huur of koop) en kwaliteitsniveau gewenst zijn. Het toevoegen van één à twee woningen per perceel is in overeenstemming met de uitgangspunten van de Woonvisie. Planspecifiek De voorgenomen nieuwe ontwikkelingen passen binnen de kaders gesteld in de Woonvisie 2025.

66

3.4.3 Welstandsnota Zuidplas 2015 De gemeenteraad heeft op 13 mei 2015 de Welstandsnota Zuidplas 2015 vastgesteld. De welstandsnota is, kort gezegd, het beleidsdocument dat moet voorzien in de criteria die burgemeester en wethouders hanteren bij het beoordelen van een aanvraag omgevingsvergunning op welstandsvereisten. Middels de Welstandsnota Zuidplas 2015 geeft de gemeente Zuidplas aan hoe de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd. De gemeente hanteert het principe 'welstandsvrij, tenzij...'. Dat betekent dat de gemeente in principe welstandsvrij is. Uitzondering daarop zijn kwetsbare gebieden. Met de invoering van de Omgevingswet verdwijnt de term 'welstand'. Daarom heeft de gemeente Zuidplas als opvolger de Nota Omgevingskwaliteit Zuidplas in de maak. Hierin wordt aangegeven hoe de gemeente Zuidplas met omgevingskwaliteit om wil gaan. Er worden vier regieniveaus onderscheiden: minimaal (ca. gelijk aan welstandsvrij), basisregie, maatwerkregie (ca. gelijk aan zwaar regime) en eigen regie (ca. gelijk aan beeldkwaliteitplan). Planspecifiek De beoogde ontwikkelingen zijn/zullen zonodig getoetst worden aan de redelijke eisen van welstand, zoals die in het welstandsbeleid zijn opgenomen. In 2023 wordt de Nota Omgevingskwaliteit Zuidplas (NOZ) vastgesteld. Deze nota vervangt de Welstandsnota Zuidplas 2015.

In de NOZ is op verschillende schaalniveaus aandacht voor erfgoed, natuur(schoon) en landschap, stedenbouwkundige en architectonische kwaliteiten en inrichting van de openbare ruimte.

3.4.4 Programma Duurzaamheid en Klimaatadaptatie De gemeente Zuidplas heeft in het programma Duurzaamheid & Klimaatadaptatie 2019 – 2025 het doel gesteld om in 2050 een duurzame en toekomstbestendige gemeente te zijn. De gemeente Zuidplas wil echter verder kijken dan de energietransitie. Er wordt ook gekeken naar het veranderende klimaat en hoe gemeente Zuidplas een aantrekkelijke leefomgeving kan ontwikkelen en behouden. Het programma Duurzaamheid & Klimaatadaptatie 2019 – 2025 bestaat uit de volgende thema’s:

•

Energie en warmte: het besparen van energie, het opwekken van hernieuwbare energie en de bebouwde omgeving loskoppelen van aardgas.

•

Klimaatadaptatie: inrichten van de openbare ruimte om de gevolgen van klimaatverandering te beperken.

• •

Circulaire economie: Het bestaande lineaire systeem omzetten naar een nieuw circulair systeem. Leefomgeving: De leefomgeving wordt vooral vorm gegeven in de inrichting van de fysieke (openbare) buitenruimte door beplanting en gebruik van materialen. Voor een gezonde leefomgeving is een goede kwaliteit van bodem, lucht en water van belang.

Planspecifiek De voorgenomen nieuwe ontwikkelingen passen in algemene zin binnen de kaders gesteld in het Programma Duurzaamheid en Klimaatadaptatie.

3.4.5 Snippergroen De beleidsnota 'Snippergroen' is vastgesteld op 31 mei 2011 vastgesteld door college B&W en naderhand aangepast. Omdat de gemeente regelmatig verzoeken van burgers ontvangt inzake het aankopen, huren of gebruiken van gemeentelijke percelen die zijn ingericht als openbaar groen, ziet de gemeente het als taak om eenduidig beleid vast te stellen. Hierdoor wordt transparantie en uniformiteit in de wijze van behandeling van soortgelijke situaties gewaarborgd. Het doel van de beleidsnota 'Snippergroen' is:

•

vastleggen van een duidelijk en eenduidig beleid inzake de uitgifte van groenstroken;

67

•

daar waar mogelijk tot verkoop overgaan (uitsluitend snippergroen onder daarvoor gestelde criteria en voorwaarden);

•

zoveel mogelijk nieuwe verhuur-situaties voorkomen. De oude huurovereenkomsten van de drie gemeenten respecteren en toepassen van een uitsterfconstructie

•

handhaving van ongewenste ingebruiknemingen eenvoudiger maken door middel van eenduidig beleid.

Om een duidelijk en eenduidig beleid inzake de uitgifte van snippergroen te kunnen waarborgen, dient elk verzoek te worden getoetst aan vooraf vastgestelde criteria. Uitgifte snippergroen is alleen mogelijk indien: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j.

een strook snippergroen direct grenst aan het eigendom van de aanvrager; de strook snippergroen is gelegen tussen de particuliere erfgrens en de openbare verharding; de totale oppervlakte van de strook groen niet groter is dan 100 vierkante meter; er geen verkeerskundige bezwaren zijn; er geen nutsvoorzieningen in het betreffende perceel aanwezig zijn; er geen omgevingsbezwaren zijn; er geen onderhoudsbezwaren zijn; er geen stedenbouwkundige bezwaren zijn; er geen bestemmingsplantechnische bezwaren zijn; er geen milieutechnische bezwaren zijn.

Planspecifiek De ontwikkeling aan de Goudmos 68 in Nieuwerkerk aan den IJssel betreft de bestemmingswijziging naar 'Wonen' ten behoeve van een strook snippergroen. De strook snippergroen grenst direct aan het eigendom van de initiatiefnemers. Verder blijkt uit toelichting paragraaf 2.2.1 dat er wordt voldaan aan bovengenoemde criteria.

3.4.6 Milieubeleid Het bestemmingsplan omvat enkele nieuwe ontwikkelingen en reparaties van verschillende geldende bestemmingsplannen. Wat betreft de reparaties gaat het uitsluitend om een beperkte aanpassing of wijziging van de geldende bestemming, waarbij geen nieuwe bouwmogelijkheden worden geboden. Hierbij is niet opnieuw een toetsing aan de haalbaarheidsaspecten vereist. Het betreft immers het vastleggen van de bestaande situatie / bestaande rechten die in de geldende bestemmingsplannen niet juist zijn opgenomen. Wat betreft de omgevingsvergunningen is in de betreffende ruimtelijke onderbouwingen getoetst aan de haalbaarheidsaspecten. Deze zijn opgenomen in de bijlage. Voor de nieuwe ontwikkelingen is, waar nodig, in hoofdstuk 2 op de noodzakelijke uitvoerbaarheidsaspecten ingegaan. Milieu effectrapportage (m.e.r.) De wet- en regelgeving voor milieueffectrapportage (m.e.r.) is vastgelegd in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer en in de AMvB Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.). In de Wet milieubeheer zijn vooral de procedurele verplichtingen opgenomen. In Besluit m.e.r. is opgenomen wanneer een m.e.r. verplicht is. Een m.e.r.-beoordeling is wettelijk verplicht voor de activiteiten in kolom 1 van Bijlage D van het Besluit m.e.r.

Indien de activiteit groter is dan de getalsmatige drempelwaarden in kolom 2 van Bijlage D dient de in de wet milieubeheer beschreven m.e.r.-beoordelingsprocedure beschreven te worden. Indien de activiteit kleiner is dan de getalsmatige drempelwaarden in kolom 2 van Bijlage D dient beoordeeld te worden of de in de Wet milieubeheer beschreven m.e.r.-beoordelingsprocedure al dan niet nodig is. Dit noemt men vormvrije m.e.r.-beoordeling. De voorgenomen ontwikkelingen op de verschillende locaties, die in dit verzamelplan worden mogelijk gemaakt vallen niet onder een van de genoemde activiteiten uit de Bijlage D van het Besluit m.e.r. Een vormvrije m.e.r.-beoordeling voor dit verzamelplan is derhalve niet nodig.

68

3.5 Waterparagraaf 3.5.1 Generiek beleid Op Rijksniveau en Europees niveau zijn de laatste jaren veel plannen en wetten gemaakt met betrekking tot water. De belangrijkste hiervan zijn het Waterbeleid voor de 21e eeuw, de Waterwet en het Nationaal Water Programma. Waterbeleid voor de 21e eeuw De Commissie Waterbeheer 21ste eeuw heeft in augustus 2000 advies uitgebracht over het toekomstige waterbeleid in Nederland. De adviezen van de commissie staan in het rapport ‘Anders omgaan met water, Waterbeleid voor de 21e eeuw’ (WB21). De kern van het rapport WB21 is dat water de ruimte moet krijgen, voordat het die ruimte zelf neemt. In het Waterbeleid voor de 21e eeuw worden twee principes (drietrapsstrategieën) voor duurzaam waterbeheer geïntroduceerd:

•

vasthouden, bergen en afvoeren: dit houdt in dat overtollig water zoveel mogelijk bovenstrooms wordt vastgehouden in de bodem en in het oppervlaktewater. Vervolgens wordt zo nodig het water tijdelijk geborgen in bergingsgebieden en pas als vasthouden en bergen te weinig opleveren wordt het water afgevoerd.

•

schoonhouden, scheiden en zuiveren: hier gaat het erom dat het water zoveel mogelijk schoon wordt gehouden. Vervolgens worden schoon en vuil water zoveel mogelijk gescheiden en als laatste komt het zuiveren van verontreinigd water aan bod.

Waterwet Centraal in de Waterwet staat een integraal waterbeheer op basis van de ‘watersysteembenadering’. Deze benadering gaat uit van het geheel van relaties binnen watersystemen. Denk hierbij aan de relaties tussen waterkwaliteit, -kwantiteit, oppervlakte- en grondwater, maar ook aan de samenhang tussen water, grondgebruik en watergebruikers. Het doel van de Waterwet is het integreren van acht bestaande wetten voor waterbeheer. Door middel van één watervergunning regelt de wet het beheer van oppervlaktewater en grondwater en de juridische implementatie van Europese richtlijnen, waaronder de Kaderrichtlijn Water. Via de Waterwet gelden verschillende algemene regels. Niet alles is onder algemene regels te vangen en daarom is er de integrale watervergunning. In deze integrale watervergunning zijn zes vergunningen uit eerdere wetten (inclusief keurvergunning) opgegaan in één aparte watervergunning. Nationaal Water Programma Op basis van de Waterwet is het Nationaal Water Programma vastgesteld door het kabinet. Het Nationaal Water Programma geeft op hoofdlijnen aan welk beleid het Rijk in de periode 2022-2027 voert om te komen tot een duurzaam waterbeheer. Het Nationaal Water Programma richt zich op bescherming tegen overstromingen, beschikbaarheid van voldoende en schoon water en de diverse vormen van gebruik van water.

Het geeft maatregelen die in de periode 2022-2027 genomen moeten worden om Nederland ook voor toekomstige generaties veilig en leefbaar te houden en de kansen die water biedt te benutten.

3.5.2 Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard Waterbeheerprogramma 2022-2027 Het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard is verantwoordelijk voor het waterbeheer in het gebied tussen Zoetermeer, Gouda, Schoonhoven en Rotterdam. Op 26 januari 2022 heeft het algemeen bestuur van het hoogheemraadschap het Waterbeheerprogramma 2022-2027 vastgesteld. In het Waterbeheerprogramma worden de ambities van het hoogheemraadschap voor de komende jaren weergegeven. Met het waterbeheerprogramma worden allereerst veel van de taken van het waterschap op dezelfde wijze voortgezet. Het waterschap gaat zich de komende jaren richten op ook op de lange termijn te voldoen aan de doelen waarvoor waterschappen zijn opgericht:

• •

het voorkomen en waar mogelijk beperken van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste; het beschermen en verbeteren van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen;

69

• •

vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen; het zuiveren van afvalwater.

Het waterbeheer staat daarnaast voor een grote veranderopgave als gevolg van tal van grote ontwikkelingen. Om te kunnen blijven werken aan ‘droge voeten en schoon water’, moet het hoogheemraadschap zich nog nadrukkelijker en soms met nog meer inzet richten op deze ontwikkelingen. Het hoogheemraadschap gaat aan de hand van drie thema's voor de toekomst aan de slag met deze veranderopgave:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16778864/2