Concept Notulen Raad 15 december 2025
Tekst van het document
Laten we onze ogen niet sluiten voor wat zij nodig hebben en laten we samen de schouders eronder zetten om de woningmarkt zo spoedig mogelijk weer in balans te brengen. Dank u wel. Amendement 2512-F ingediend door GroenLinks, PvdA, D66 Voorkomen van leegstand in Zoetermeer "De raad van de gemeente Zoetermeer, in vergadering bijeen op 15 december 2025; gelezen het raadsbesluit 'Volkshuisvestingsprogramma" met nr. 2025-107990; besluit: onder besluitpunt 1 wordt een nieuw subpunt 1j toegevoegd, luidende: "Het college opdracht te geven om een beleidsvoorstel uit te werken over de invoering van een gemeentelijke leegstandsheffing in Zoetermeer."" De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Boerboom, voor uw eerste mijn, eerste termijn van GroenLinks en het ingediende amendement. Dan de fractie van de PDvZ, de heer Haak. Gaat uw gang. De heer Haak (PDvZ): Voorzitter, de PDvZ staat voor een leefbare, veilige en betaalbare stad waarin inwoners vanaf het begin serieus worden betrokken bij besluiten die hun wijk raken. Door te investeren in geschikte woningen voor senioren en met name de levensloopbestendige woningen op plekken die goed toegankelijk zijn met zorg in de buurt, zorgen we vooral voor doorstroming, mits deze nieuwe woningen betaalbaar zijn en blijven. Ook voor jongeren moeten we bouwen, zodat ook zij een plek in
Raad 15 december 2025
15
Zoetermeer kunnen krijgen en mee kunnen bouwen aan de toekomst van deze stad. Voor veel inwoners is echter nog onduidelijk wat er precies in hun wijk zal veranderen, wanneer dat gebeurt en in welke prijsklasse nieuwe woningen vallen. Op het gebied van communicatie is nog veel te winnen. De PDvZ hanteert voor het Volkshuisvestingsprogramma een pragmatische benadering. Plannen moeten haalbaar, betaalbaar en uitlegbaar zijn, waarbij betaalbaarheid voor de PDvZ een voorwaarde is. Al deze extra woningen moeten niet leiden tot grotere drukte, minder groen, nog minder parkeerruimte of tot overlast in de bestaande wijken. We hebben ook met elkaar afgesproken dat de percentages van 3030-40 een goede balans is om deze stad voor iedereen toegankelijk te maken en te houden. De titel van het raadsvoorstel is dan ook Stad in Balans. Ook een evenredige verdeling over de wijken in Zoetermeer heeft gewoon de voorkeur. Daarnaast hebben we ook te maken met de eisen die de provincie stelt aan het Volkshuisvestingsprogramma. De Woonvisie Zoetermeer uit 2015 en het Woningbouwprogramma uit 2017, waarin deze percentages zijn bekrachtigd en zijn doorontwikkeld in de Omgevingsvisie 2040, geven aan dat circa 30% sociale huur uitgangspunt is op stedelijk niveau. Op wijkniveau, praten we over Wijk in Balans, liggen die percentages wat meer uit elkaar.
Dat is van 23% tot 43% in alle categorieën sociale huur, middenhuur, betaalbare koop en dure huur en koop. De PDvZ ziet hierin wel dat er een bredere bandbreedte per wijk is gehanteerd om gebiedsgericht te kunnen sturen. Deze accentverschuiving is naar onze mening echter geen breuk met het voorgestelde beleid. Naar de mening van de PDvZ voldoet dit raadsvoorstel aan de eisen die ook wij belangrijk vinden. Het is een logische vertaling naar de Visie Zoetermeer 2040 en we spreken nu ook niet alleen van Stad in Balans, maar ook van Wijk in Balans. De extra aandacht voor senioren en de daarbij behorende doorstroom doet de PDvZ goed. Zijn er dan helemaal geen minpunten? Jazeker. Deze plannen zijn in grote mate afhankelijk van derden. Aangezien de gemeente niet zelf bouwt, kan de gemeente niet afdwingen dat corporaties hun huurbeleid aanpassen. Ook is men afhankelijk van marktpartijen die moeten blijven investeren en de veelgenoemde senioren moeten wel willen verhuizen naar een betaalbare woning om de doorstroom op gang te houden. Toevoegen van duurdere woningen in goedkope wijken of andersom kan leiden tot weerstand van de bewoners of spanningen oproepen rond de herstructurering. Voorzitter, 23% tot 43% per categorie is op zichzelf flexibel, maar maakt het voor de raad wel lastiger om concreet te controleren of de gestelde doelen wel gehaald worden. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel mijnheer Haak, voor uw eerste termijn van de PDvZ-fractie. Dan ga ik over naar de fractie van de SP, de heer Velner. Gaat uw gang. De heer Velner (SP): Nou ja, volgens mij heeft niemand moeite om mij te horen in deze raadzaal, ondanks het feit… Als die microfoon niet aanstaat, maar oké, misschien is het wel beter te horen. Ondanks het feit dat we zeer kritisch waren bij het Volkshuisvestingsprogramma Stad in Balans tijdens de commissievergadering en in onze bijdrage aangaven dat de definitie betaalbaarheid niet de definitie is zoals wij die voor ogen hebben, geeft het Volkshuisvestingsprogramma wel een hele duidelijke definitie en een heel duidelijk document mee waarmee we aan de slag kunnen. Het geeft namelijk heel duidelijk aan wat er per wijk moet gebeuren om de stad in balans te brengen. Dat betekent namelijk dat we sociale huurwoningen moeten gaan toevoegen in wijken als het Dorp, de Leyens, Rokkeveen en Oosterheem. De genoemde percentages zijn wat ons betreft een goede stap in de richting, maar de cijfers geven duidelijk aan dat de doelgroep nog wel groter is dan waar we nu voor bouwen, waarvoor GroenLinks ook al aandacht heeft gevraagd. In de reactie op het Volkshuisvestingsprogramma gaven de corporaties aan dat er aandacht moet zijn voor een eerlijke verdeling van de woonruimte, betaalbaarheid en de zogenaamde woonzorgopgave.
De groep jonge senioren gaf aan dat er te weinig seniorenwoningen zijn, waardoor er geen redelijke keus en redelijke prijs zou zijn. De provincie vraagt in het Volkshuisvestingsprogramma aandacht voor verkeersveiligheid, parkeren, mobiliteit en leefbaarheid. Het is een behoorlijke mix als je hier als college nog wat in wil gaan doen. Hoe gaat het college hier vervolgens invulling aan geven? We hebben dus wat ons betreft, zoals we er nu naar kijken, niet minder regie nodig, maar meer. Dat betekent dat we meer ruimte moeten gaan geven aan woningcorporaties wat ons betreft om meer betaalbare woningen te realiseren. Volgens het ministerie van Binnenlandse Zaken bedraagt het woningtekort op dit moment 400.000 woningen in Nederland en we hebben zo een 40.000 daklozen. Dat is voor een welvarend land als Nederland niet iets wat je zou mogen laten gebeuren. We moeten dan ook alle mogelijkheden aanpakken om deze aantallen terug te dringen. Dat kan wat ons betreft middels het ombouwen van kantoren naar woningen of door leegstand van woningen tegen te gaan. Daarom steunen we het amendement van GroenLinks-PvdA hiervoor. De noodzaak om te gaan bouwen is heel hoog. Het vaststellen van dit document is een goede stap in de richting hoe we willen gaan bouwen. Na het vaststellen moeten we dan ook echt werk gaan maken van het realiseren van die woningen. Tot zover de eerste termijn.
16
Raad 15 december 2025
De voorzitter: Dank u wel, maar ik zie een interruptie van de heer Van Gils, gaat uw gang. De heer Van Gils (VVD): Ja, voorzitter. De Socialistische Partij is positief over het Volkshuisvestingsprogramma. Ik vroeg me af, gaat de SP dan ook voorstemmen zo dadelijk? De voorzitter: De heer Velner, gaat uw gang. De heer Velner (SP): Dat hangt ervan af wat er met de amendementen gaat gebeuren. De voorzitter: De heer Van Gils. De heer Van Gils (VVD): Voorzitter, vooral aan de rest van de raad: de Socialistische Partij is voor dit Volkshuisvestingsprogramma. Volgens mij moeten we er dan wel wat aan veranderen. De voorzitter: De heer Velner nog een reactiebehoefte? Nee. Als er geen andere interrupties zijn, dan dank ik de heer Velner. Dan ga ik over naar de fractie van de LHN, de heer Broekman, gaat uw gang. De heer Broekman (LHN): Voorzitter, dank u. In de commissie is een goede gedachtewisseling geweest over beide voorstellen. De LHN onderschrijft de noodzaak van duidelijke kaders voor de woningbouwopgave. Richting en voorspelbaarheid zijn belangrijk om marktpartijen en corporaties aan boord te houden. Het rapport van de Stec Groep laat zien dat ook onze partners behoefte hebben aan helderheid. Wij benadrukken dat dit meerjarenbeleid juist moet bijdragen aan duidelijkheid voor de markt.
Vraag aan het college is hoe deze voorstellen ervoor zorgen dat procedures sneller en eenvoudiger verlopen zodat onze bouwpartners en investeerders daadwerkelijk worden gefaciliteerd. Risico ligt in de marktontwikkeling, zowel voor koop- als voor huurwoningen. Het Volkshuisvestingsprogramma voorziet in antwoord met nadruk op tempo maken. De LHN vraagt daarbij ook aandacht voor wijken waar we kunnen verduurzamen of optoppen. Vraag aan het college is hoe de voorstellen zich verhouden overigens tot de provinciale Omgevingswet, waar juist extra aandacht wordt gevraagd voor middenhuur en betaalbare koop. Ook voor onze hardwerkende inwoners moeten voldoende woningen beschikbaar zijn en komen. Ook de LHN zet in op toekomstbestendig en duurzaam bouwen. Dit moet terug te zien zijn in de woningbouwkwaliteit, zowel in huur als in koop. We willen dat wordt ingezet op de kwaliteit van woningen en leefomgeving. Ook hebben wij herhaald gevraagd om de realisatie van seniorenwoningen in combinatie met zorg. Vraag aan het college is of daarin wordt voorzien. Voorzitter, na de eerste termijn van partijen en het advies van het college zullen wij ons definitieve standpunt bepalen voor de motie en de amendementen.
Voor de LHN staat bij die afweging voorop dat het programma richting moet geven, partners moet binden en de woningbouwopgave moet versnellen met oog voor betaalbaarheid en voor de afgesproken balans in de wijken zodat bouwpartners weten waar ze aan toe zijn en hun plannen kunnen afstemmen op een stabiele koers. Tot zover, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Broekman voor de eerste termijn van de fractie van de LHN. Dan ga ik over naar Zó! Zoetermeer, de heer Van der Perk, gaat uw gang. De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Dank u wel, voorzitter. Vanavond bespreken we twee stukken die bij elkaar horen, het Volkshuisvestingsprogramma en de Beleidsregel betaalbare woningen bouwen en behouden. Zó! Zoetermeer staat achter de richting meer betaalbaar wonen en beter balans tussen wijken, maar we zijn nog niet overal van overtuigd. Ik begin met betaalbare koop. Op papier ziet het er aantrekkelijk uit, het wordt gepresenteerd als een oplossing voor veel starters en middeninkomens, maar in de praktijk voelt het voor veel mensen als een mooie etalage in de winkel. Er staan veel mensen voor het raam te kijken, maar als je naar binnen gaat, blijken de producten nauwelijks op voorraad. Er zijn veel belangstellenden, maar weinig woningen en daar komen nog allerlei regels en voorwaarden bij.
Zo lijkt het alsof er veel mogelijk is, terwijl de meeste starters uiteindelijk ontdekken dat deze route niet voor hen werkt. Voorzitter, daar hebben we afgelopen week veel contact over gehad met het college en ambtenaren. We hebben nu ook beter begrepen waarom een overwinstregeling niet is gekozen. Die zou ingewikkeld zijn en veel uitvoeringslast geven. Tegelijkertijd zagen wij die overwinstregeling juist als een van de manieren om betaalbare koop eerlijker te maken, maar uiteindelijk blijft voor Zó! Zoetermeer één ding centraal staan: we moeten bouwen en we moeten oppassen dat we het met betaalbare koop niet zo kapot regelen dat het in de praktijk voor bijna niemand werkt. Daarom dienen wij samen met de VVD een amendement in om dit onderdeel uit de beleidsregel te halen, niet omdat we tegen betaalbare koop zijn, maar omdat we geen papieren regeling willen die weinig oplevert. Dan de wijken in balans. Wij willen ook een goede mix van woningen, maar we zien dat in wijken waar al veel sociale
Raad 15 december 2025
17
huur is, er toch weer extra sociale huur wordt toegevoegd. Balans bereik je niet door te blijven stapelen op plekken die al zwaar belast zijn. Daarom steunen wij de VVD-amendementen die zorgen voor meer maatwerk. In sommige wijken meer ruimte voor middenhuur en betaalbare koop en in andere wijken sociale percentages die ook echt haalbaar zijn. De voorzitter: De heer Van der Perk, een interruptie van mevrouw Kraneveldt. Gaat uw gang. Mevrouw Kraneveldt (PvdA): Voorzitter, de VVD stelt voor om in acht wijken minder sociaal te bouwen dan in dit Volkshuisvestingsprogramma staat. Volgens mij staat u onder allebei de amendementen, als ik het wel heb. Waar vindt u dat ze dan wel gebouwd moeten worden om nog aan die 30% te voldoen? De voorzitter: De heer Van der Perk. De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Voorzitter, gewoon in die andere wijken en om die 30%, volgens mij hebben we nu veel meer dan 30% in Zoetermeer, dus laten wij gewoon de percentages naar 30% halen. De voorzitter: Mevrouw Kraneveldt. Mevrouw Kraneveldt (PvdA): Voorzitter, die 30% geldt voor nieuwbouw. Daar gaat het hier nu om. Als we in acht wijken al zeggen, daar moet het niet meer kunnen, of heel weinig, of een stuk minder dan gedacht, dan klopt ons hele plaatje niet meer voor overall de stad.
Wilt u dan al die woningen die in die acht wijken niet kunnen, nog in die andere paar wijken proppen? Dan klopt de balans toch ook niet meer? De voorzitter: Mijnheer Van der Perk. De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Ik wil een goede balans hebben in de wijken, maar inderdaad, 40% in een wijk proppen, volgens mij werkt dat ook niet. Natuurlijk moet het mogelijk blijven zijn, bijvoorbeeld in Buytenwegh, die willen we straks op 0% zetten als straks weer een project als Oostergo zich voordoet. Tuurlijk moeten we dat gewoon gaan doen, maar niet sturen op 20% in een wijk waar al een grote vraag is op sociale huurwoningen, daar moeten we niet nog extra woningen toevoegen. De voorzitter: Ja ik zie mevrouw Kraneveldt. Heel kort dan mevrouw Kraneveldt, dat sta ik dan even toe, maar heel kort graag. Mevrouw Kraneveldt (PvdA): U zegt, als er zo een project als Oostergo langs komt, moeten we dat gewoon doen, maar nul is dan nul, als het amendement wordt aangenomen, dus dan zou dat niet kunnen. Dan zet je toch de corporaties ook heel erg klem? De voorzitter: De heer Van der Perk daar nog een reactie op? De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Volgens mij is het artikel 12 in het voorstel die dat gewoon nog steeds mogelijk maakt. De voorzitter: De heer Boerboom.
De heer Boerboom (GroenLinks): Voorzitter, als dat het mogelijk maakt, dat artikel 12, dan kunnen we net zo goed ook die 20% houden. Dan kan het college daar ook van afwijken. Goed, mijn vraag is eigenlijk, u heeft in uw verkiezingsprogramma heel duidelijk aangegeven dat u een goede mix van woningen wilt. Dat u zegt, we willen niet kiezen voor alleen maar sociaal of alleen maar duur, maar we willen daar een goede balans in hebben. Als u nou vanavond met het voorstel was gekomen van ja, we willen juist in een aantal kritische wijken naar 10% en in een aantal andere wijken naar 50%, had ik dat nog begrepen want ik denk dat we dan in alle wijken meer die balans hadden teruggebracht. U kiest er specifiek voor door mee te gaan met de VVD om in alle wijken, of in acht wijken het percentage sociale huur drastisch te verminderen. Wat is dan die ambitie van Zó! Zoetermeer nog waard dat u in het verkiezingsprogramma heeft afgegeven? De voorzitter: De heer Van der Perk.
18
Raad 15 december 2025
De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Volgens mij is het nog steeds mogelijk. Volgens mij heb ik net uitgelegd dat in bijvoorbeeld een wijk als Buytenwegh waar 60% sociale huurwoningen is, dat we dat nu even op nul zetten om daar nu niet te sturen op 20% extra sociale huurwoningen. Nog steeds, als er een project van Oostergo zich voordoet kan het daar nog steeds gebouwd worden. De voorzitter: De heer Boerboom. De heer Boerboom (GroenLinks): Voorzitter, nogmaals, dan had u ook aan de andere kant de keuze kunnen maken om juist ook in wijken als Rokkeveen en andere wijken wat meer te bouwen, maar daar zegt u ook van, nee, juist daar vinden we 40% dan ook te veel, daar gaan we dan op 30% inzetten. Waar is dan die balans? De voorzitter: De heer Van der Perk. De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Volgens mij staat in het amendement dat er nog steeds 30% daar gebouwd kan worden en volgens mij is dat meer voldoende om daar te kunnen bouwen. Ik denk als we dat hoger doen, dan is het allemaal een papieren werkelijkheid en dan wordt er straks helemaal niks gebouwd. De voorzitter: Oké, ik stel voor, want deze discussie dreigt anders een herhaling te worden van een debat eerder, de heer Van der Perk, gaat u verder. De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Even zoeken waar ik ook alweer was. Daarom steunen wij de VVD-amendementen die zorgen voor meer qua maatwerk.
In sommige wijken meer ruimte voor middenhuur en betaalbare koop en in andere wijken sociale percentages die ook echt haalbaar zijn. Woonbeleid moet werken, anders bouwen we straks minder in plaats van meer. Tot slot het punt deliberaliseren, dat betekent woningen uit de vrije sector weer onder de sociale huurgrens brengen. Wij vinden dat niet eerlijk, vooral omdat het tekort verschuift van ene groep naar de andere, zonder dat er woningen bij komen. We willen dat schaarse middelen vooral gaan naar bouwen en naar doorstroming. Voorzitter, tot slot dient Zó! Zoetermeer samen met de VVD, D66 en 50PLUS een motie in om deze beleidsregel over een paar jaar goed te evalueren. Werkt het in de praktijk, per wijk, voor kleine projecten en voor groepen zoals jongeren en senioren? Dan kunnen we bijsturen op basis van ervaring, niet op aannames. Zó! Zoetermeer is niet tegen sociale huur, we willen juist dat mensen met een lager inkomen in meer wijken een kans hebben, niet alleen in een paar. Daarom kiezen wij voor maatwerk per wijk, voor doorstroming en voor voldoende betaalbare koop en middenhuur. De voorzitter: De heer Van der Perk. Ja, geen punt. U had twee interrupties al. De heer Van Rumpt, gaat uw gang. De heer Van Rumpt (ChristenUnie-SGP): Ja, voorzitter, dank u wel. Ja, voorzitter, over die evaluatie.
Volgens mij moeten we die beleidsregel helemaal samen zien, samen met het Volkshuisvestingsprogramma. Het programma gaan we elke twee jaar evalueren. Daar krijgen we een rapportage van. Zou het niet verstandiger zijn om dit gewoon daarin mee te nemen, daar te kunnen monitoren, wat gebeurt er nou met alles wat we hier optuigen in plaats van dat we nou iets los daarvan gaan opstellen en over drie jaar iets gaan doen en we eigenlijk al een tweejaarlijkse cyclus hebben met informatie? De voorzitter: De heer Van der Perk. De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Volgens mij gaan we met deze beleidsregel iets nieuws doen. Laten we daar nou eventjes gewoon één keer goed bij stilstaan hoe dat werkt in deze stad en niet een apart los documentje twee jaar terug laten komen. De voorzitter: De heer Van Rumpt. De heer Van Rumpt (ChristenUnie-SGP): Ja, voorzitter, dank u wel. Wat u vraagt in uw motie, dat staat volgens mij ook juist in de rapportage die we gaan krijgen van het Volkshuisvestingsprogramma. Daar gaan we het hebben over die aantallen, et cetera, en wat het allemaal voor effect heeft. Dat is toch niet zomaar een los documentje? Dat is toch gewoon een normale rapportage, zoals we dat gewend zijn met elkaar? Dat kan prima daar onderdeel van uitmaken.
Raad 15 december 2025
19
De voorzitter: De heer Van der Perk. De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Ja, voorzitter, ik blijf bij mijn vorige standpunt. De voorzitter: Ik zag mevrouw Kraneveldt nog. Gaat uw gang. Mevrouw Kraneveldt (PvdA): Ja, voorzitter, u zegt: de evaluatie over drie jaar, we kunnen altijd nog aanpassen, we kunnen het eens aankijken, willen het een kans geven, maar dan snap ik al die amendementen niet waar u onder staat. Als u zegt, geef het nou een kans, gaan we over drie jaar kijken en als het niet werkt, kunnen we het aanpassen. U gaat het nu al aanpassen, samen met de VVD. Is dat niet in tegenspraak met elkaar? De voorzitter: De heer Van der Perk. De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Nee, want er blijft nog steeds een beleidsdocument staan en dat kunnen we dan, als dat aangepast is, ook nog steeds evalueren. De voorzitter: De heer Van Gils. De heer Van Gils (VVD): Voorzitter, wij dienen de motie over de monitoring mee in met Zó! Zoetermeer. Ik wil daar ook aan toevoegen, ten opzichte van wat het nu anders is dan het Volkshuisvestingsprogramma richting de heer Van Rumpt, voor ons is het ook wel erg belangrijk om daar specifiek naar die beleidsregel te kijken, want die gaat echt over toekomstige nieuwe plannen, terwijl het Volkshuisvestingsprogramma breder gaat, ook over lopende projecten.
Ik denk dat het heel goed is om die twee los van elkaar te bezien als je het hebt over hoe die beleidsregel impact heeft. De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Van der Perk en ik stel voor dat u uw verhaal afrondt. De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Dank u wel, voorzitter. Dat was mijn laatste ding dat ik nog wilde zeggen. Motie 2512-02 ingediend door Zó! Zoetermeer, VVD, D66, 50PLUS Evaluatie beleidsregel betaalbare woningen "De raad van de gemeente Zoetermeer, in vergadering bijeen op 15 december 2025; constaterende dat: • met de beleidsregel wordt beoogd meer betaalbare woningen te realiseren en de balans tussen wijken te verbeteren; • op dit moment nog onzeker is hoe de regeling in de praktijk uitpakt voor verschillende wijken en doelgroepen; overwegende dat: • het wenselijk is om na een aantal jaren op basis van praktijkervaring te beoordelen of de beleidsregel doet wat de raad ermee beoogt; verzoekt het college: • de Beleidsregel betaalbare woningen bouwen en behouden binnen drie jaar na inwerkingtreding te evalueren; • en de raad hierover te informeren, waarbij in ieder geval wordt ingegaan op: de effecten op het aantal gerealiseerde betaalbare woningen per wijk; de effecten van de beleidsregel op senioren, jongeren en andere doelgroepen; de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van de beleidsregel voor de organisatie; en gaat over tot de orde van de dag." De
voorzitter: Nou, dat is wel kort en krachtig. Dank u wel. Dank voor uw eerste termijn en u dient een motie in, als ik het goed heb begrepen. Ja, die is bij dezen ingediend. Dan ga ik de vergadering voorstellen om kort even te schorsen. Dat lijkt mij heel verstandig. Ik schors de vergadering voor tien minuten, dus dat betekent 20.53 uur. De vergadering is geschorst.
20
Raad 15 december 2025
Schorsing De voorzitter: Ik heropen de vergadering en wij gaan verder met de eerste termijn van de gemeenteraad en daarvoor geef ik het woord aan de fractie CDA, de heer Weekenstroo, gaat uw gang. De heer Weekenstroo (CDA): Dank, voorzitter. Vandaag raken we aan iets wat heel fundamenteel is. Kunnen mensen in Zoetermeer een passende en betaalbare woning vinden in wijken die leefbaar en herkenbaar blijven? Voor het CDA is dat de kern van deze discussie. Niet de tabellen, niet de percentages maar de vraag of inwoners hier kunnen wonen, blijven wonen en doorstromen wanneer het nodig is. Het Volkshuisvestingsprogramma helpt daarbij, omdat het niet alleen aantallen noemt, maar ook kijkt naar de verschillen tussen de wijken. Zoetermeer is geen stad waar één formule overal past. Palenstein vraagt iets anders dan Oosterheem en Rokkeveen iets anders dan het Dorp. Alhoewel Zoetermeer lijkt soms wel een dorp, laatst was er een zoektocht naar een kip in de wijk Meerzicht. Die werd uiteindelijk gevonden ergens op een dak, maar goed. De gebiedsgerichte benadering in dit programma past daarom goed bij hoe wij ook naar Zoetermeer als stad kijken. Bouwen waar het kan, maar altijd met het gevoel voor de draagkracht van de wijk en behoud van de kwaliteit van de leefomgeving. Een punt dat we wel expliciet willen benoemen, deden we ook in de commissie, is de seniorenopgave.
Doorstroming ontstaat niet vanzelf. Veel inwoners willen graag klein wonen, maar nog steeds wel ruim en natuurlijk wel het liefst ook in hun eigen buurt. Dat lukt vaak niet. Het CDA waardeert dat er dus wel expliciet op dit programma wordt gestuurd, maar vraagt het college in de monitoring dat wel zo vorm te geven dat we jaarlijks kunnen zien hoe deze nieuwe woningen ook daadwerkelijk echt bijdragen aan beweging op de huurmarkt en op de woonmarkt in de wijken. Ook de beleidsregels vinden we waardevol, maar vragen een goede monitoring of deze regels wel het gewenste effect zullen hebben, want stilstand van woningbouw wil helemaal niemand. Duidelijke regels geven vooraf een beeld aan de initiatiefnemers. Betaalbare woningen zijn immers niet meer vanzelfsprekend, zowel voor starters niet als voor middeninkomens niet. Tevens leggen de beleidsregels vast wat we onder betaalbaar verstaan en hoe we voorkomen dat die woningen binnen hele korte tijd weer richting de vrije markt opschuiven. Tegelijkertijd moet het wel aantrekkelijk blijven om te bouwen voor ontwikkelaars. We verwachten dat het college de raad hier adequaat over informeert wat de ontwikkelingen zijn en zoals in de commissie aangegeven, zijn we kritisch op die 60%-norm en vragen aan het college ook hier goed zicht op te houden. Wat voor het CDA ook van belang blijft, is het beleid dat in de praktijk werkt.
Normen moeten de richting geven, maar niet blokkeren. Tegelijkertijd zien we dat in sommige wijken die norm invloed kan hebben op de haalbaarheid. Daarom vinden we het dus goed dat er is gekozen voor monitoring voor het gesprek op projectniveau. Waar een norm onhaalbaar blijkt, moet dat zichtbaar worden en kunnen we als raad ook bijsturen. Zo houden we ambitie en realisme bij elkaar. Voorzitter, we bouwen deze jaren niet alleen woningen, we bouwen aan vertrouwen. Inwoners moeten weten dat wij keuzes maken die niet alleen voor vandaag gelden, maar ook voor de generaties en de generaties daarna. Dat we bouwen op een manier die onze stad sterker maakt, maar niet eenzijdiger en dat Zoetermeer een plek blijft waar mensen met verschillende achtergronden en inkomens elkaar ook kunnen en blijven ontmoeten. De voorzitter: De heer Weekenstroo, een interruptie van de heer Van Gils, gaat uw gang.
De heer Van Gils (VVD): Voorzitter, de heer Weekenstroo had het over de beleidsregel en dat hij zich ook wel enigszins zorgen maakt over wat dat voor gevolgen kan hebben voor de haalbaarheid en dat we dan op termijn kunnen bijsturen en ik vroeg me af hoe het CDA aankijkt tegenover de ene kant de flexibiliteit die wij als raad in de toekomst zouden kunnen hebben, maar ook wel het gevolg voor tempo en ook de aantrekkingskracht van Zoetermeer naar buiten toe als wij nu die beleidsregels wel te streng zouden vaststellen, dan moeten we toch meer tijd nemen en misschien dat projectontwikkelaars wel helemaal geen plannen indienen. De voorzitter: De heer Weekenstroo. De heer Weekenstroo (CDA): Ik deel de zorgen van de VVD hierin. Tegelijkertijd vind ik ook dat we het college het vertrouwen moeten geven dat op basis van een best uitgebreid proces tot deze regels is gekomen. We zullen waarschijnlijk de motie van in ieder geval Zó! Zoetermeer steunen. We kijken ook kritisch naar wat de heer Van Rumpt aangaf over dat na twee jaar de volkshuisvesting wordt geëvalueerd. Dat is voor ons wel het geëigende moment om nu aan het einde van dit hele proces goed naar de hele besluitvorming te kijken en te kijken hoe we en waar we de regels kunnen gaan veranderen. Over twee jaar zouden we in ieder geval uitwerkingen moeten zien in de planvoorstellen die op tafel liggen.
Raad 15 december 2025
21
Als er inderdaad een volledige stilstand is waar de heer Van Gils bang voor is dan is er inderdaad nood aan de man om zo snel mogelijk bij te sturen. De voorzitter: De heer Van Gils. De heer Van Gils (VVD): Voorzitter, we hebben de afgelopen vier jaar, en ik werd hierdoor herinnerd door een artikel in het AD vandaag, ook afgesproken dat we met elkaar een aantal woningen per jaar willen bouwen elke keer en tot mijn grote spijt komen we daar nog steeds niet aan. Vindt u het dan nu het juiste moment om juist meer regels op te leggen in plaats van eigenlijk andersom? We komen nog steeds niet aan het aantal woningen per jaar om te zeggen misschien moeten we juist minder regels opleggen. De voorzitter: De heer Weekenstroo. De heer Weekenstroo (CDA): Aan de ene kant snap ik waar de VVD vandaan komt, aan de andere kant hebben we ook de afgelopen jaren weinig regels gehad, of minder regels gehad, en zijn de woningen ook niet gerealiseerd. Misschien juist nu door te gaan sturen en door anders te kijken naar de woningmarkt, kunnen we gaan sturen op wat er moet gaan komen en weten de ontwikkelaars veel beter wat er in de stad gebouwd moet gaan worden, hebben ze houvast, weten ze waar ze kunnen bouwen en weten wij waar wij aan toe zijn. De voorzitter: Ik zag ook een interruptie van de heer Boerboom, gaat uw gang.
De heer Boerboom (GroenLinks): Voorzitter, misschien nog even in reactie op de VVD. Volgens mij, en de heer Weekenstroo zei het ook, waren er de afgelopen jaren geen regels en was dat een van de problemen. Er was een en al onduidelijkheid en volgens mij heeft het college ook aangegeven, het grootste probleem was vooral dat die plancapaciteit niet groot genoeg is en daarvan hebben we nou juist met elkaar gezegd dat we die gaan we uitbreiden zodat we wel die aantallen woningen gaan halen. Ik volg dat frame van u niet en ik vind dat eigenlijk ook niet fair naar de rest van de raad om dat zo te framen. De voorzitter: De heer Van Gils nog kort. U mag erop reageren en dan ga ik terug naar de heer Weekenstroo, die is aan de orde. De heer Van Gils (VVD): Voorzitter, het is niet helemaal waar dat er natuurlijk geen regels waren. Die soort valse tegenstelling werd ook even bij de entree geschetst in het commissiedebat, maar dat was er natuurlijk wel. We hebben de afgelopen jaren natuurlijk heel veel last gehad van een rijksoverheid en de provincie, de provincie Zuid-Holland, die zelfs is teruggefloten, omdat ze veel te strenge en doorgeslagen betaalbaarheidseisen hebben gesteld, zonder daar het geld bij te doen. Datzelfde dreigen wij nu hier ook in Zoetermeer te doen. De voorzitter: Ik zou zeggen de heer Weekenstroo, gaat u verder met uw betoog.
De heer Weekenstroo (CDA): Dank voorzitter. Wat ik zei is dat het belangrijk is dat regels richting moeten geven maar niet moeten blokkeren. Daarom vinden we het dus goed dat er gekozen is voor monitoring en gesprekken op projectniveau. We bouwen niet alleen deze jaren voor deze inwoners, maar ook voor de volgende generaties en Zoetermeer moet een plek zijn om elkaar te kunnen blijven ontmoeten. Voorzitter, laatst zochten we in Meerzicht naar een kip op het dak. Vanavond zorgen we dat de inwoners in Zoetermeer überhaupt een dak kunnen vinden om onder te wonen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Weekenstroo, voor uw eerste termijn van de fractie van het CDA. Dan is Zoetermeer Vooruit, mevrouw Bink, gaat uw gang. Mevrouw Bink (Zoetermeer Vooruit): Voorzitter, dank u wel. Zoetermeer Vooruit was al eerder. Mijn tekst valt weg. We beginnen even opnieuw. Zoetermeer Vooruit was al eerder positief over de strekking van het conceptprogramma en dat zijn we opnieuw bij het voorliggende definitieve raadsvoorstel. De amendementen zijn wat ons betreft op een goede manier verwerkt. Mogelijk zullen we nog voorstellen ondersteunen die bijdragen aan een nog betere versie, maar laten we als raad waken voor vertraging voor onze eigen goede bedoelingen. Voorzitter, ik wil enkele overwegingen meegeven.
Wat ons betreft hadden de nieuwe woonvormen een prominente plek in het programma mogen krijgen. Dat heb ik ook
22
Raad 15 december 2025
ingebracht bij de meerjarige prestatieafspraken. Daarnaast missen we een doelgroep die een cruciale rol speelt bij het vrijspelen van onze voorraad aan gezinswoningen. De inwoners die nu met een grote woning zitten en misschien de ruimte niet allemaal nodig hebben. Willen we de startende gezinnen meer kansen bieden, dan moeten we deze inwoners verleiden om door te stromen. Niet omdat ze moeten, maar omdat we het aantrekkelijk maken en ontzorgen. Veel inwoners zien op tegen een verhuizing, zeker als zij kleiner gaan wonen. De seniorenmakelaar helpt er graag en goed bij. Voorzitter, de manier waarop er in dit programma wordt gezocht naar balans in de wijken en in de stad als geheel, spreekt ons aan. Dit is de manier waarop we de stad kunnen worden die we in 2040 willen zijn. Laten we eerlijk zijn, er is uitgebreid gesproken, er zijn genoeg woorden aan besteed. Jan van der Starre, die vorige week sprak, komt uit de Rotterdamse school, geen woorden, maar daden. Zelf ben ik van oorsprong een Hagenees, kap nou, dus laten we aan het werk gaan. Voorzitter, dan nog dit. Verschillen tussen wijken en buurten mogen er zijn. Sterker nog, die dragen bij aan de identiteit van onze stad. Iedere inwoner moet kunnen kiezen voor een wijk die bij hem of haar past. Diversiteit in woningaanbod helpt daarbij. Waar we wel voor moeten waken is dat verschillen niet uitgroeien tot ongelijkheid.
Wijken waar kansen zich opstapelen tegenover wijken waar problemen zich opstapelen. Dat is niet de stad die we willen zijn. Tijdens de thema-avond op 9 december over de meerjarige prestatieafspraken hebben we waardevolle gesprekken gevoerd met corporaties, de verhuurorganisaties, ambtenaren en wat wethouders ook over de veerkracht in Meerzicht, Buytenwegh en Seghwaert over doelgroepenhuisvesting, over duurzame en betaalbare woonkwaliteit, over wonen, welzijn, ondersteuning en zorg in levensfases. Veel van wat daar is besproken, zien we terug in de voorstellen die nu voor ons liggen. Een ander punt dat ik daar ook heb ingebracht, wil ik hier graag herhalen. We spraken over doelgroepen, zoals seniorenwoningen en jongerenwoningen. Wat ons betreft bouwen we niet voor specifiek genoemde doelgroepen, maar voor mensen. Laten we deze groepen vooral niet van elkaar scheiden, maar juist mengen. Laten we de woorden senioren en jongeren minder gebruiken. Laten we het hebben over ouderen en starters. Het zijn inwoners die meedoen, midden in het leven staan en overal kunnen wonen. Jong, oud, arm, rijk, gezond of hulpbehoevend. Iedereen woont door elkaar en zorgt voor elkaar. Dat is de stad die we willen bouwen. Samen bouwen we aan de stad van morgen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Bink voor uw eerste termijn van Zoetermeer Vooruit.
Dan ga ik over naar de fractie van de ChristenUnie-SGP, de heer Van Rumpt, gaat uw gang. De heer Van Rumpt (ChristenUnie-SGP): Ja, voorzitter, dank u wel. Voorzitter, we kennen allemaal de verhalen wel van mensen die ons aanspreken omdat ze geen woning kunnen vinden. Al jaren zijn we met elkaar bezig woningen toe te voegen aan deze stad, zodat iedereen een eigen dak boven het hoofd heeft. Voorzitter, het gaat niet alleen om zoveel mogelijk woningen bouwen, het gaat ook om het toevoegen van passende en betaalbare woningen. Daarnaast hebben wij als New Town ook een grote opgave om onze stad in balans te brengen. We zijn blij dat we vanavond het Volkshuisvestingsprogramma en de Beleidsregel woningen bouwen en behouden kunnen vaststellen. Het is bij volkshuisvesting van belang om te zoeken naar balans tussen aan de ene kant zo betaalbaar mogelijke woningen te realiseren maar ook aan de andere kant te voorkomen dat woningbouw stagneert door te hoge eisen te stellen. We zijn daarom blij dat de voorstellen in goed overleg met de markt zijn afgestemd. We zijn ervan overtuigd dat deze twee voorstellen ertoe bijdragen dat we de juiste woningen gaan toevoegen en dat we de stad in balans gaan brengen. Zoals we bij de commissiebehandeling ook al inbrachten blijven wij benadrukken dat woningen bouwen en volkshuisvesting nooit een doel op zich mag zijn.
Naar onze mening is het slechts een middel waarbij de belangen van onze inwoners centraal moeten staan. Het is daarom van belang dat de uitvoering van het Volkshuisvestingsprogramma en de beleidsregel goed gemonitord blijft worden en dat we bijsturen wanneer nodig. We zijn blij dat we daarom elke twee jaar een evaluatie uitvoeren zodat we kunnen bijsturen indien dat nodig blijkt te zijn. Zo kunnen we met elkaar blijven doen wat nodig is voor onze stad. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van Rumpt, voor uw eerste termijn. Dan gaan we over naar de fractie van de PVV, dat is de heer De Vogel, gaat uw gang. De heer De Vogel (PVV): Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, laat ik beginnen met te zeggen dat de PVV de steun kan geven aan het Volkshuisvestingsprogramma. Het ziet er goed uit, het is goed doordacht, dus prima. De PVV deelt de mening dat Zoetermeerders een grote vraag naar betaalbare huurwoningen kennen, terwijl in Zoetermeer jongeren, starters en doorstromers die hier al jarenlang wonen moeilijk aan een woning komen. Omdat betaalbare huurwoningen met publieke middelen en gemeentelijke regels mogelijk worden gemaakt, vindt de PVV Zoetermeer dat het redelijk zou zijn dat de inwoners met een duurzame binding aan Zoetermeer in de eerste toewijzing voorrang moet krijgen. Een termijn van
Raad 15 december 2025
23
zes jaar sluit aan bij de vergelijkbare juridische houdbare bindingseisen in andere gemeenten. Door het percentage te formuleren als ten minste 75% wordt verzekerd dat de bindingseis daadwerkelijk wordt toegepast met behoud van flexibiliteit als er tijdelijk onvoldoende kandidaten met lokale binding zijn. De opmerking van de PvdA dat de PVV het heeft over statushouders en de asielzoekers, is niet juist. Dat staat er helemaal niet in, maar goed, beter lezen zou ik zeggen. Wij praten over dat iedereen zes jaar moet wachten op een woning. De voorzitter: De heer De Vogel, een interruptie van mevrouw Kraneveldt, gaat uw gang. Mevrouw Kraneveldt (PvdA): Het klopt, voorzitter. Het woord statushouders zit er niet in, maar volgens mij wordt dat wel bedoeld door de PVV. De voorzitter: Via de voorzitter. Mijnheer De Vogel, gaat uw gang. De heer De Vogel (PVV): Dank u wel, voorzitter. Je mag alles suggereren, maar wel de waarheid. De voorzitter: Gaat u verder. De heer De Vogel (PVV): Dank u wel. Het is de PvdA die statushouders en asielzoekers voorrang geeft en de Zoetermeerse inwoners in de kou zet. Daarom dient de PVV Zoetermeer het volgende amendement in, lokale binding bij toewijzing van betaalbare huurwoningen. De voorzitter: Is dat het einde van uw… De heer De Vogel (PVV): Dat was mijn verhaal. De voorzitter: Oké, dank u wel.
Misschien nog even aangeven bij welk onderdeel u het indient? Bij welk raadsvoorstel? De heer De Vogel (PVV): Raadsvoorstel Beleidsregel betaalbare woningen bouwen en behouden. Amendement 2512-G ingediend door PVV Lokale binding bij toewijzing van betaalbare nieuwbouwwoningen "De raad van de gemeente Zoetermeer, in vergadering bijeen op maandag 15 december 2025; gelezen het raadsvoorstel Beleidsregel betaalbare woningen bouwen en behouden (2025-123926); besluit: beslispunt 2 van het raadsvoorstel als volgt te wijzigen: 2.
Artikel 1 tot en met artikel 11, artikel 12a tot en met artikel 13, artikel 19 tot en met artikel 22a en artikel 27 van de Beleidsregel Betaalbare Woningbouw Bouwen en Behouden vast te stellen, deze op te nemen in het Omgevingsplan gemeente Zoetermeer, met dien verstande dat het volgende artikel wordt toegevoegd aan de Beleidsregel Betaalbare Woningbouw Bouwen en Behouden:
"Lokale bindingseis: 1. minimaal 75% van de sociale huurwoningen en midden huurwoningen die onder deze beleidsregel vallen, dient bij eerste toewijzing te worden aangeboden aan huishoudens en inwoners die ten minste 6 jaar onafgebroken zijn ingeschreven in de Basisregistratie Personen van de gemeente Zoetermeer; 2. het college kan in uitzonderlijke gevallen ontheffing verlenen van dit percentage indien aantoonbaar onvoldoende kandidaten met lokale binding beschikbaar zijn."" De voorzitter: Bij die. Oké. Helemaal goed, dank u wel. Dan is daarmee het amendement ingediend. Ja, geef ik door aan de griffier. Dan ga ik over naar de fractie van 50PLUS Zoetermeer, mevrouw Mertens, gaat uw gang. Mevrouw Mertens (50PLUS): Voorzitter, het Volkshuisvestingsprogramma voor Zoetermeer is met de nodige aandacht behandeld, besproken, ter inzage gelegd, aangepast waar mogelijk en ligt nu voor als
24
Raad 15 december 2025
compleet document. Een programma waarmee we de komende vijftien jaar de woonbehoeften van de inwoners moeten kunnen vervullen. We hebben wel een enorme woningbouwopgave te verwezenlijken met plannen om de stad met circa 16.000 woningen tot 2040 uit te breiden. Alhoewel de daadwerkelijke realisatie een stuk minder zal zijn, maar wordt toch nog altijd gesproken over zo een 10.800 extra woonruimten. Nog steeds veel. De komende vijf jaar moeten er dan minimaal 3500 worden gerealiseerd. Je kunt je dus afvragen of het allemaal wel écht haalbaar is, want vlak de kwetsbaarheid door externe oorzaken, zoals stikstof, procedures, bouwcapaciteit, netcongestie en natuurlijk financiering niet uit. In de uitvoeringsagenda staat ook dat Zoetermeer tot 2040 ongeveer 4000 passende woningen voor senioren wil realiseren, maar omdat we weten dat netcongestie een flinke beperkende factor kan zijn voor nieuwe woningbouw, is dit dan überhaupt wel op te lossen? Zijn er bindende afspraken gemaakt met de netbeheerder over iets van een netverzwaring? Ik heb er geen verstand van, maar ik vraag het aan de wethouder. Of andere alternatieven? Ik hoor het graag. In de stukken is ook duidelijk dat er erkend wordt dat senioren vaak niet willen inleveren op woonkwaliteit en minimaal drie kamers, buitenruimte en goede toegankelijkheid wensen.
Er wordt ook benoemd dat als deze kwaliteit niet wordt geboden, senioren hun huidige woning niet graag verlaten en dus de gewenste doorstroming zal stokken. Hoe denkt het college dit op te lossen? Het zou mooi zijn dat er een minimumaantal seniorenwoningen met drie kamers per project geborgd zouden kunnen worden. Ik ben benieuwd naar de woonvormen die de gemeente nu voorstelt en in welk tempo deze allemaal gerealiseerd kunnen worden. Ik stem dan ook in met het raadsvoorstel voor het Volkshuisvestingsprogramma, want we kunnen hier voorlopig wel goed mee verder, met aandacht voor senioren en jongeren hopen we te komen tot een stad in evenwicht. Ook de motie van Zó! Zoetermeer dien ik mede in om binnen drie jaar de beleidsregel te evalueren en de effecten te meten op senioren, jongeren en andere doelgroepen. Dank u. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Mertens, voor uw eerste termijn. Dan gaan we over naar de fractie van D66. De heer Ekkelenkamp, gaat uw gang. De heer Ekkelenkamp (D66): Voorzitter, over het Volkshuisvestingsprogramma en de beleidsregel betaalbaar wonen zijn we als D66 Zoetermeer best tevreden. Het is belangrijk dat we, gelet op de visie Zoetermeer 2040, als stad beter in balans komen. Dit voorstel kan daaraan in belangrijke mate bijdragen denken wij. We zijn blij met de wijkgerichte aanpak.
De marges lijken ons zowel werkbaar voor ontwikkelaars als ook voor de woningbouwcorporaties. Het is goed om het nieuwe beleid wel te blijven monitoren. Het risico bestaat dat de voorstellen een papieren werkelijkheid worden en niet echt gaan bijdragen aan het bouwen van meer betaalbare woningen en een betere balans in de stad. Daarom dienen we de motie van Zó! Zoetermeer, evaluatie van de beleidsregel betaalbare woningen, mede in. De voorzitter: De heer Ekkelenkamp, een interruptie van de heer Van Gils, gaat uw gang. De heer Van Gils (VVD): Voorzitter, ik vroeg mij toch af, de heer Ekkelenkamp geeft aan dat D66 voorstander is van wijken die in balans zijn, maar we hebben een aantal best wel kwetsbare wijken in Zoetermeer, waaronder Meerzicht, maar ook Palenstein, Buytenwegh en Driemanspolder. Toch stelt dit kader, het Volkshuisvestingsprogramma, voor om daar ook nog flink sociale huurwoningen te blijven bouwen, terwijl we daar eigenlijk wel heel veel van hebben. Waarom is D66 nou niet ook voor om dat iets sneller naar echte balans te brengen door daar vooral op het andere segment te focussen? De voorzitter: De heer Ekkelenkamp. De heer Ekkelenkamp (D66): Nou ja, ik denk dat wat nu voorligt eigenlijk juist wel zorgt voor die balans. Zo snel kan je zo een werk ook niet omturnen.
Dat wil je misschien wel heel graag maar dat moet ook wel met nodige bedachtzaamheid gebeuren en dus vandaar dat we denken nou dit is de juiste weg voor zowel de wijken waar al veel sociale woningen zijn als de andere wijken waar het nog meer moet worden toegevoegd. De voorzitter: De heer Van Gils. De heer Van Gils (VVD): Voorzitter, tegelijkertijd is er natuurlijk in bijvoorbeeld Meerzicht niet zo heel veel ruimte meer voor aanvullende woningen, maar kiest dit Volkshuisvestingsprogramma om die beperkte ruimte die we dan dus kunnen gebruiken om ontbrekende woonsegmenten toe te voegen, ook te gebruiken voor sociale huur in zo een wijk waar 60% van de woningen dat al is. Uw partij zou toch ook, zeker als u bent voor balans, daar toch ook kritische noten bij moeten zetten.
Raad 15 december 2025
25
De voorzitter: De heer Ekkelenkamp. De heer Ekkelenkamp (D66): Dank u voorzitter. Het ingewikkelde is natuurlijk dat je die balans zoekt voor de hele stad, niet zozeer per wijk. Het uitgangspunt is dat we dus meer moeten spreiden met sociale woningen, maar een wijk als Meerzicht, daar is natuurlijk ook een deel van helemaal niet sociale huur. Er zijn zelfs duurdere woningen, dus de wijk Meerzicht kan ook nog wel wat extra sociale woningen gebruiken als je misschien ook nog wat andere verdeling hebt. Er is natuurlijk ook nog heel veel gespikkeld woningbezit, waar ook nog wat mee gedaan kan worden, dus kortom, er zitten meer kansen in de wijk Meerzicht dan wij allemaal denken. De voorzitter: Heel kort nog mijnheer Van Gils, dan stel ik voor dat de heer Ekkelenkamp verdergaat. De voorzitter: Voorzitter, de heer Ekkelenkamp zegt net dat het goed is dat er juist naar de wijken specifiek wordt gekeken voor balans. Dat spreekt hij nu tegen, want hij wil de stad in balans brengen. Dat is wel vreemd, maar u ziet dus vooral kansen om in Meerzicht tussen de al bestaande woningen mensen hun tuin bijvoorbeeld op te laten offeren om daar dan maar sociale huurwoningen bij te bouwen? Dat is wel wat u zegt, er is daar geen ruimte meer. De voorzitter: De heer Ekkelenkamp.
De heer Ekkelenkamp (D66): Dank u voorzitter, volgens mij wordt er ook in de wijk Meerzicht juist heel veel aangepakt de komende jaren en daar waar nieuwe plekken beschikbaar komen, moet je denk ik kijken, wat voeg je toe? Wat middenhuur zou best goed zijn, maar je moet ook niet uitvlakken dat het ook nodig is om daar nog wat meer sociale huur tussen te houden. Ik blijf gewoon bij mijn standpunt, mijnheer Van Gils. Dat is misschien jammer voor u, maar het is toch echt zo. De voorzitter: Dank u wel. Ik stel voor dat u verdergaat. De heer Ekkelenkamp (D66): Ik ga gauw verder, mijnheer de voorzitter, want het is wel weer tijd. Goed dat er per week wordt gekeken, dat zei ik zo even al naar waar we precies goed aan doen. Ook goed dat er een mogelijkheid voor particulieren komt om zonder ontwikkelaar bouwplannen te maken voor bijvoorbeeld een Knarrenhof. Heel belangrijk, denk ik. In het plan is terecht heel veel aandacht voor de doorstroming van senioren in onze vergrijzende stad. Ook dat is belangrijk, want dat is inmiddels een van de belangrijkste knoppen waaraan kan worden gedraaid. De doorstroming zal ook woningen opleveren voor jongeren. Belangrijk zijn echter ook de punten waar mijn fractiegenoot El Achkar steeds op wijst, het bouwen van woningen voor jongeren, dat is één, en de eerlijke toewijzing van woningen aan starters op de woningmarkt.
Hoe denkt de wethouder dat we de positie van de starters nog wat meer kunnen versterken? Ik zie dat hij dat mooi opschrijft. We missen in het voorstel maatregelen om leegstand te voorkomen. Daarom dienen we een amendement van GroenLinks om dit tegen te gaan, graag mee in. We zijn blij dat we verschillende signalen hebben ontvangen dat de woningcorporaties steeds beter worden meegenomen in deze ontwikkelingsplannen. Dat is belangrijk, want de wachtlijsten voor een sociale huurwoning zijn echt enorm in onze stad. We hebben op dit moment grote projecten lopen met de Entree en de Binnenstad en we zijn inmiddels ook aan het kijken naar het gebied Voorweg Centrum. Uiteindelijk is het belangrijk dat we bij dit soort grote projecten ook zorgen voor een juiste mix, want uiteindelijk zijn dat de grote slagen die we kunnen maken. Is het college bereid om, daar waar mogelijk, binnen al vergevorderde plannen, ook dit nieuwe beleid toe te passen? Voorzitter, we moeten echt aan de slag, voor iedereen die vastloopt op de woningmarkt. Deze voorstellen zijn een mooi begin, maar papier is geduldig, dus wethouders, commissie en raad, laten we er vol voor gaan om zo snel mogelijk voor zoveel mogelijk Zoetermeerders een passende en betaalbare woning te realiseren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Ekkelenkamp voor uw bijdrage in de eerste termijn.
Daarmee kom ik aan het einde van de eerste termijn van de gemeenteraad en ik kijk naar de wethouder en het college of hij behoefte heeft aan een schorsing. Dat heeft hij niet, zegt hij. Dan ga ik het woord aan het college geven. De eerste termijn voor het college is wethouder Weerwag. Wethouder Weerwag: Ja, dank u wel, voorzitter en ook bedankt aan de raad voor het levendige debat en natuurlijk voor de ingediende amendementen en de motie. Ik wil beginnen zoals ik ook al bij de commissie vorige week begon met toch nog even een erkenning mee te geven naar uw raad bij de totstandkoming van het proces dat dit toch iets langer heeft geduurd dan we allemaal hadden gewenst.
26
Raad 15 december 2025
Tegelijkertijd hebben we wel veel grote stappen gemaakt die onze stad naar een betere balans gaan brengen. Ik zal eerst eventjes kort ingaan op de vragen die gesteld zijn. De SP vroeg naar de zienswijze van sommige stakeholders. Deze hebben we uiteraard beantwoord en mogelijk ook zo verwerkt in het voorstel. Die zienswijzen zaten ook bij deze stukken. Verder hebben we ook in de ruimtelijke strategie uitvoering gegeven aan die ruimtelijke keuzes bij de verschillende ruimtevragers, zoals die mobiliteit, de economie, wonen en al die zaken meer. De LHN heeft een vraag gesteld over hoe dit voorstel de markt gaat faciliteren. We zoeken de samenwerking op met de marktpartijen. Dat doen we ook met de PMZ. Daar hebben we de afgelopen jaren ontzettend veel in geïnvesteerd en zij natuurlijk ook in ons. U bent daar ook als gemeenteraad bij betrokken geweest en bovendien zijn we bezig met een aantal pilots als bijvoorbeeld het parallel plannen op de Bijdorplaan en zijn we met de PMZ-partijen ook bezig samen met onder andere ook wethouder Iedema met een doorbouwakkoord dat we daarmee willen sluiten. Daarnaast vroeg u zich af hoe dit zich nou gaat verhouden tot die provinciale Omgevingswet en daar hebben we goede afstemming over. De provincie geeft ons de ruimte om lokaal die keuzes te maken om onze wijken ook daadwerkelijk in balans te brengen en daar hebben ze ook begrip voor.
Verder is er natuurlijk ontzettend veel aandacht, mijnheer Broekman, voor die woon-zorgwoningen. Mijn collegawethouder Frinking, die ook meegewerkt heeft aan dit stuk en u ook vorige week hebt kunnen zien bij de commissie, zij ziet ook toe op die woonzorgdelen in dit stuk. Verder kunnen we een aantal projecten noemen waar we ook specifiek kijken naar die woonzorg. We kunnen denken aan Karakter, Edisonpark enzovoort, maar ook natuurlijk de ontwikkelingen op straks wellicht Dr. J.W. Paltelaan. Ik heb u allemaal ook horen praten over ideeën rondom Knarrenhofjes. Even kijken hoor. 50PLUS, ja, hoe we de komende jaren ook voor starters en senioren gaan werken, overigens vroeg D66 daar ook naar. Ja, daar zijn we ook gewoon nu goed mee bezig en dat doen we niet alleen met de marktpartijen waar we, zeg maar, de uitvraag neerzetten maar dat doen we natuurlijk ook met de woningcorporaties waarin we die afspraken hebben gemaakt in die meerjarenprestatieafspraken en met marktpartijen doen we dat in de bekende anterieure overeenkomsten om voldoende passende woningen voor die diverse doelgroepen te maken. Volgens mij heeft u zelf bij Markt 10 nog een stuk geamendeerd om daar meer jongerenwoningen in te doen. U bent daar ook een oplettende speler. Even kijken, wat betreft de uitvoeringsagenda, voor 1 maart 2026 ontvangt u die geactualiseerde uitvoeringsagenda.
Ja, die staat ook zo opgeschreven in de aangenomen motie van u, van GroenLinks, actie voor de woningzoekenden bij de contourennotitie Woningbouw als aanjager. Het lijkt me ook gewoon redelijk dat we dat binnen deze periode aan u leveren. Verder, voorzitter, zal ik nog eventjes kort… De voorzitter: Wethouder Weerwag, een interruptie van de heer Boerboom, gaat uw gang. De heer Boerboom (GroenLinks): Voorzitter, dank voor de reactie van de wethouder op die uitvoeringsagenda. De enige vraag dat ik daar dan nog bij heb is, in de huidige uitvoeringsagenda staan een aantal acties die niet uitgevoerd kunnen worden vanwege de beperkte capaciteit. Ik hoop dat u in dat stuk dan voor eind maart ook kan ingaan op of die acties dan wel uitgevoerd kunnen worden en wat u anders nodig heeft om die acties uit te voeren zodat we daar eventueel bij de voorjaarsnota iets mee kunnen doen als dat nodig zou zijn. De voorzitter: Wethouder Weerwag. Wethouder Weerwag: Ja, voorzitter. Mijnheer Boerboom haalt de woorden uit mijn mond. Dat is nou precies wat u gaat ontvangen. De voorzitter: Mijnheer Boerboom. De heer Boerboom (GroenLinks): Nou, voorzitter, fijn en dank. Dat zou ik dan graag als toezegging ook genoteerd willen zien. De voorzitter: Wethouder Weerwag, gaat u verder. Wethouder Weerwag: Ja, voor mij gaan wij gewoon die motie uitvoeren voor 1 maart 2026 en voor mij is dat ook al zo bevestigd.
Voorzitter, ik was aangekomen bij de amendementen en ik zal ze inderdaad op volgorde en nummering met u doornemen. Allereerst het amendement 2512-A, dat heeft betrekking op de beleidsregels. Dit amendement verlaagt eigenlijk in vier wijken het aandeel sociale huur naar 0% of 10% en dit leidt ertoe dat we gemiddeld over ja, eigenlijk onder die provinciale norm belanden van 30% sociale huur. Daarnaast zet het eigenlijk de toekomstige investeringen van onze woningcorporaties onder druk en dat is eigenlijk waarom we ook eigenlijk deze ontraden.
Raad 15 december 2025
27
De voorzitter: Wethouder Weerwag, een interruptie van de heer Van Gils, gaat uw gang. De heer Van Gils (VVD): Misschien is het goed als hij het andere amendement over hetzelfde onderwerp ook nog beantwoordt. De voorzitter: Dan wethouder Weerwag, gaat u verder. Wethouder Weerwag: Daar heb ik geen aanmoediging voor nodig. Amendement 2512-B, voorzitter, die behoort ook bij de beleidsregels. Hierin wordt voorgesteld om in andere wijken, zoals Dorp, de Leyens, Rokkeveen, Oosterheem, alle betaalbare categorieën op 30-30 te zetten. Dat lijkt overzichtelijk, maar het beperkt juist ook die mogelijkheid om gericht te sturen op de balans in die genoemde wijken waar dat, zeg maar, juist nodig is. Die andere wijken, ja, het zal betekenen dat de Leyens en Rokkeveen, Oosterheem daar nou ja, eventjes de schouders onder zullen moeten zetten. De voorzitter: Wethouder Weerwag een interruptie van de heer Van Gils, gaat uw gang. De heer Van Gils (VVD): Ja, voorzitter, dat klinkt als een ongelooflijke aanmoediging aan die wijken om de schouders eronder te zetten, maar die wijken hebben natuurlijk geen ander stadsbestuur dan wat hier voor ons staat. De wethouder zal de schouders daaronder moeten zetten. Dan ben ik toch heel erg benieuwd wat als dit nou niet gaat lukken.
Stel dat wij nou in Oosterheem niet 40% sociale huur en een heel beperkt aantal woningbouwprojecten wat daar nog gerealiseerd kan worden, voor elkaar krijgen. Dat betekent dus ook iets, volgens de wethouder, voor de rest van de stad. Daar kunnen we dan ook niet meer bouwen, want dan komt de balans in gevaar. Ik ben benieuwd hoe de wethouder met, nou die mogelijkheid dat het toch niet zo voortvarend loopt als in de papieren werkelijkheid, om zou gaan. De voorzitter: Wethouder Weerwag. Wethouder Weerwag: Ja, dank u wel, voorzitter. Kijk, wat dit natuurlijk doet, en ik kom straks ook bij die motie van Zó! Zoetermeer, die ons dan in ieder geval de opdracht mee zou geven om dat te monitoren, dus ik denk dat dat sowieso een goede is. Wat we dan eigenlijk gaan doen, we hebben een opgeschreven ambitie om niet onder die 30% sociaal te willen zakken. We willen een balans, we willen voldoen aan de provinciale richtlijnen. Op dat moment, ja, dan krijg je gewoon een disbalans in je stad. Op dat moment telt het ook niet meer op tot die stadsbrede balans waar we naartoe willen werken. Op het moment dat je die dus niet haalt om de vraag van mijnheer Van Gils te beantwoorden ja, dan moeten we dus inderdaad goed gaan kijken waar we die dus wel gaan bouwen, maar op het moment dat je hem nu meegeeft aan de markt aan de woningcorporaties, dan geef je juist duidelijkheid.
U noemt het ook net steeds, ja, dat zijn allemaal beleidsregels dat snap ik, maar ik noem het duidelijkheid. Ik noem het duidelijkheid die we meegeven aan de markt waar we naartoe willen om de stad in balans te krijgen. Dat betekent dus dat je die schuifruimte zoekt, die zit op dit moment in dit stuk, en op het moment dat je daar ergens bouwsteentjes letterlijk en figuurlijk van af gaat halen, dan heeft dat invloed op de andere wijken en zak je dus door het ijs met die percentages. De voorzitter: De heer Van Gils. De heer Van Gils (VVD): Dat is denk ik wel de slogan van de avond. We zakken straks door het ijs met de percentages, want die hadden we hen niet gevraagd. Daar waren we juist van af met die percentages, maar de wethouder zelf is nu in een beleidsstuk weer keiharde percentages per wijk aan het vaststellen. Volgens mij verschuift daarmee alle schuifruimte naar het niets, want je kan straks niet meer schuiven tussen die wijken, want we hebben gewoon vaste percentages. Mijn vraag ging niet over wat mijn amendementen doen met die ruimte. Wat als de plannen niet meer van de grond komen? Wat gaat de wethouder dan doen om te zorgen dat we wel blijven bouwen? De voorzitter: Wethouder Weerwag.
Wethouder Weerwag: Goed, om met uw eigen woorden te spreken, volgens mij hebben we de komende jaren niks te vrezen, want daar zitten al heel veel plannen in en daar wordt dan al heel veel ingebouwd. Hiermee geven wij als stad, als college, dus niet alleen ik als wethouder, maar als college richting aan hoe we de stad in balans krijgen en dat is volgens mij ook het vertrekpunt geweest van het eerste onderzoek en dat is rapport Louter.
28
Raad 15 december 2025
De voorzitter: Ik ga heel kort naar de heer Van Gils en dan naar de heer Van der Perk, want die had ook een interruptie. De heer Van Gils. De heer Van Gils (VVD): Voorzitter, het rapport Louter ging natuurlijk juist over het toevoegen van de wat minder betaalbare, minder sociaal. We hebben juist eigenlijk te veel sociale huurwoningen, was het antwoord van Louter. Dat is een beetje vreemd, maar het is natuurlijk een beetje een vreemd antwoord. We hebben nu woningen al in de pijplijn zitten, juist door het beleid uit het verleden, maar dat is dan nu niet een argument dat het beleid zo dadelijk voor de toekomst goed is. De wethouder schept hier ook geen enkele hoop dat dat zo dadelijk goed gaat komen. Dat is dan voor een volgende raad om maar weer te repareren. De voorzitter: Wethouder Weerwag nog een reactie? Wethouder Weerwag: Ik wil daar best wel kort op reageren, voorzitter. Volgens mij staat er nergens in het stuk dat we over de hele stad meer sociaal willen toevoegen, om die zorg bij u weg te nemen. Dat staat helemaal nergens. Wat we hiermee willen doen, is de markt duidelijkheid geven. Daar heeft de markt ook om gevraagd.
Dat heeft u ook in de andere debatten kunnen horen vanavond en de markt geeft ook aan, wij kunnen hier prima mee uit de voeten en dat is eigenlijk op dit moment het onderdeel waar ik het bij wil laten voorzitter op dit amendement, dus wij zullen deze ontraden. De voorzitter: Ik ga in ieder geval naar de heer Van der Perk, want die had ook een interruptie, gaat uw gang. De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Dank u wel, voorzitter. Ik wil nog eventjes, we hadden natuurlijk net een discussie over artikel 12. Hoe ziet de wethouder de relatie met deze amendementen met artikel 12, dat het toch nog mogelijk is om woningen toe te voegen? De voorzitter: Wethouder Weerwag. Wethouder Weerwag: Dat is natuurlijk hartstikke leuk dat dat er zo staat, maar ik denk dat wij het ook gewoon vanuit de meerjarenprestatieafspraken en de relatie met de woningcorporaties, die dus op dit moment eigenlijk heel goed is, dat we dat ook aan hun verplicht zijn, ook als partner in projecten als Meerzicht, als Buytenwegh, als Seghwaert, waarin we straks toe willen werken naar een goede verdeling, waarin wij ook hen nodig hebben om hun bestaande bezit te verduurzamen, op te toppen, enzovoort. De voorzitter: Ik stel… De heer Van der Perk nog, gaat uw gang. De heer Van der Perk (Zó! Zoetermeer): Volgens mij is dat met die amendementen nog steeds mogelijk als dit artikel ook zo blijft staan.