bijlage 2 - Onderzoeksrapport ‘Over (de gemeentelijke aanpak van) ondermijning in Zoetermeer’
Tekst van het document
Dit gebeurde naar aanleiding van een politieonderzoek naar valse kentekenplaten en drugshandel. Ook werd een woonwagenkamp aan de Noord Aa doorzocht. Verdwenen auto’s doken op bij drugsdumpingen en zware geweldsdelicten, met valse kentekenplaten.17 Drugshandel en witwassen: acht arrestanten; doorzoekingen in Zoetermeer, Den Haag en Rijswijk De politie hield in maart 2022 acht mannen (tussen de 21 en 48 jaar oud) aan voor drugshandel en witwassen. In Den Haag, Zoetermeer en Rijswijk werden gisteren twaalf panden doorzocht. Daarbij werden twee hennepkwekerijen, materiaal om een hennepkwekerij te bouwen, een woning, meerdere voertuigen, wapens, hard- en softdrugs, een computer om bitcoins mee te minen en contant geld in beslag genomen. Het onderzoek startte vanwege een brandstichting, waarna dit werd uitgebreid naar handel in soft- en harddrugs en witwassen.18 Inval in bedrijfspand en woningen: drugs, wapens, contant geld en geldtelmachines In mei 2022 doorzocht de politie drie woningen en een loods in Zoetermeer en Pijnacker. Daarbij zijn onder meer verdovende middelen, een bivakmuts, contant geld, geldtelmachines en wapens gevonden. Twee mannen uit Zoetermeer (dertigers) werden aangehouden vanwege “grootschalige handel in verdovende middelen”. In een woning werden nog twee mannen aangehouden. 19
16
Bron: https://www.omroepwest.nl/nieuws/4463651/vijftal-opgepakt-voor-grootschalige-drugshandel-inzoetermeer-en-den-haag 17 Bron: https://www.ad.nl/zoetermeer/zoetermeerders-aangehouden-voor-drugshandel-witwassen-enambtelijke-corruptie~aa02df3b/ 18 Bron: https://zoetermeersdagblad.nl/Lokaal/arrestaties-in-zoetermeer-om-drugshandel-en-witwassen 19 Bron: https://www.telstar-online.nl/nieuws/actueel/138227/politie-valt-bedrijfspand-binnen-drugs-wapenscontant-geld-en-g
21
Detailhandel in drugs lijkt keutercriminaliteit, maar is om drie redenen een interessant crimineel verdienmodel: − −
−
organiserende netwerken kunnen verschillende soorten drugs goedkoop inkopen en de prijs ligt hoog in de detailhandel, waardoor per transactie een ruime winstmarge wordt geboekt. er is ruim voldoende vraag naar drugs, al is de gebruikersmarkt niet goed in beeld. dealers die actief klanten werven (pushen) en binden (marketing en dienstverlening) wakkeren de vraag naar drugs aan, ook onder jongeren.
De (opzichtige) detailhandel in drugs heeft ondermijnende effecten. Kwetsbare gebruikers kunnen schulden opbouwen. Er zijn ook risico’s op verslaving en op verstoring van het studie- en werkritme, namelijk als in de avond of nacht drugs worden gekocht en gebruikt. Het werkt in de hand dat jongeren zonder diploma van school gaan. Dat is één van de problemen die het onderzoek van Louter en Van Eikeren (2019) in Zoetermeer onderstreept en agendeert.
3.3
Criminele netwerkvorming: lokaal en bovenlokaal
Respondenten signaleren dat bovenlokale criminele netwerken, Zoetermeer weten te vinden. Er bestaan relaties tussen lokale criminelen en criminele netwerken die actief zijn in de regio, door het hele land of in het buitenland. Respondenten noemen criminelen uit onder meer Den Haag, Leiden, Delft, Rotterdam en Utrecht. De volgende vormen van criminele netwerkvorming komen in beeld: a. b. c. d.
Nachthoreca Outlaw Motorgangs Criminele veelzijdigheid: combinatie van misdaadmarkten Criminele paden (van jongeren en jongvolwassenen): klassieke en moderne stijgers
Ad a.) Nachthoreca De gestructureerde (integrale) aanpak van ondermijning is in Zoetermeer opgestart in reactie op ernstige incidenten rondom zogenoemde nachthoreca, gesitueerd buiten het centrum, in het Van Tuyllpark. In november 2018 en in februari 2019 wordt een handgranaat voor de deur van Club Magnum geplaatst. Op 4 september 2018 werd deze club beschoten, getuige “zeker tien” kogelgaten in de deur. Het zijn drie heftige gebeurtenissen in een reeks gewelddadigheden rond nachtclubs die (in de media) op een rij worden gezet: ▪
▪ ▪ ▪
2014. Een massale vechtpartij als piek in een “reeks incidenten” bij Club Magnum; een man die in zijn been wordt geschoten in de nabijgelegen club No Limit, met daarvoor “keer op keer geweldsincidenten” bij deze club; en “geweldsincidenten” bij club Envy. 2015. Brandstichting bij club Magnum, grootschalige ordeverstoringen bij club Envy en een schietpartij bij Club No Limit. Eind 2015/2016. De vergunning van Club Magnum wordt voor onbepaalde tijd ingetrokken en er worden in 2016 bestuurlijke sluitingen opgelegd bij de clubs Envy en No Limit. 2018. Een “kogelregen (…) op de deuren van Club One”, gevestigd in het pand waar eerst No Limit zat; vechtpartijen en schietpartij bij Club Cobra, gevestigd in het pand waar voorheen club Envy zat; en een schietpartij en neergelegde handgranaat bij Club Magnum.
De opsomming getuigt van een opeenstapeling van geweld en (criminele) incidenten, bestuurlijke maatregelen en naamswijzigingen. Respondenten wijzen op criminele ontmoetingen van personen (inclusief kopstukken) uit criminele netwerken uit stad, regio, land en buitenland. Het is ronduit 22
ondermijnend dat onder meer netwerken uit het topsegment van de Randstedelijke en (inter)nationale drugscriminaliteit voet aan de grond krijgen in Zoetermeer. Zeker, omdat dit gepaard ging met machtsvertoon in het publieke domein, mede door zogenoemd patsergedrag, zoals (soms grove) verkeersovertredingen in kostbare auto’s. Er werd veel geld betaald voor VIP-tafels. Er wordt vermoed dat er criminele zaken werden gedaan en besproken en dat geld werd witgewassen. Bestuurlijke maatregelen hebben geleid tot minder geweld en minder crimineel machtsvertoon, alsook tot leegstand op afgelegen horecalocaties. Ook wijzen respondenten op gedeeltelijke verplaatsing: naar horeca in het centrum (voor de corona-uitbraak) en later naar zaken (genoemd worden horeca, afhaalzaken of fastfood) door de stad heen. Dit laatste betekent ten dele verplaatsing in de tijd: van de nacht naar de (late) avond en namiddag. In hoeverre het heeft geresulteerd in veranderingen in het type crimineel dat naar Zoetermeer trekt, of in afname van de criminele bezoeken, is onduidelijk. Ad b.) Outlaw Motorgangs Bij de aanpak van ondermijning gaat prioriteit uit naar bedrijventerreinen en, tot voor kort, nachthoreca. Die beleidsinspanningen leveren de nodige informatie op over outlaw motorgangs (verder: OMG), al is er geen specifieke OMG-aanpak. Respondenten wijzen op voorlopers en afsplitsingen van Caloh Wagoh.
Caloh Wagoh komt voort uit de woonwagenwereld en de Haagse straatbende Crips. Kopstukken van Caloh Wagoh zijn vervolgd en veroordeeld voor het (in opdracht) uitvoeren van moorden.20 In augustus startte het proces tegen 21 mannelijke verdachten, met twee kopstukken, afkomstig uit Leiden en Mijdrecht. De overige verdachten komen van oorsprong uit de Haagse regio, zoals Den Haag (5) en één uit Zoetermeer, en verder uit Delft, Alphen aan den Rijn en Rijswijk.21 Respondenten wijzen niet zozeer op de aanwezigheid van dit criminele netwerk in Zoetermeer, maar op gelieerde groepen of netwerkjes met jonge mensen. Die wonen onder meer in Palenstein en in wooncomplexen elders in Zoetermeer. Vorming van overlast-gevende en criminele groepen of netwerkjes, daaraan gekoppelde identiteitsontwikkeling (status, muziek, kleedgedrag) en territorium-bewaking komen voor in Zoetermeer. Al ruim een decennium. Een respondent constateert dat het weliswaar resulteerde in criminaliteit en onveiligheid, maar dat de groepen op hun manier de orde bewaakten. Het beeld van een ‘rustig’ Zoetermeer kon mede daardoor blijven bestaan. OMG-netwerken hadden in het verleden ontmoetingsplaatsen op bedrijventerrein Zoeterhage, in een horecazaak in het centrum en in een historisch pand.
De aanwezigheid is tegenwoordig minder opzichtig, maar ze zijn er nog steeds, waarbij ze zich volgens respondenten onder andere verschuilen achter weldoenerij. De onderstaande casus laat zien dat ook de Satudarah voet aan de grond kreeg in Zoetermeer en daarbij onder meer gebruikmaakte van informatie van een ‘lekkende’ (en inmiddels ontslagen en veroordeelde) wijkagent. Tabel 3.4: Satudarah-casus in Zoetermeer (mediabericht) Wijkagent lekt naar Satudarah Tegen een voormalig wijkagent uit Zoetermeer eiste de officier van justitie in mei 2017 acht maanden cel (waarvan 4 maanden voorwaardelijk). Hij werd onder meer verdacht van het geregeld lekken van informatie uit politiesystemen aan leden van motorclub Satudarah en aan familieleden. De wijkagent had als taakaccent Outlaw Motor Gangs vanwege de aanwezigheid van Satudarah Westcoast in Zoetermeer. Hij werd echter zo close met leden van Satudarah dat hij ‘zijn verantwoordelijkheid als politieman volledig uit 20
Bron: https://nos.nl/artikel/2435740-vierde-keer-levenslang-in-caloh-wagoh-zaak Bron: https://www.omroepwest.nl/nieuws/4445935/moordmakelaars-voor-de-rechter-acht-vragen-overmegaproces-eris 21
23
het oog verloor’, aldus de officier van justitie. Zo zou hij in 2014 ten minste drie keer op verzoek van Satudarah Westcoast informatie uit de systemen van de uniformdienst aan hen hebben verstrekt. Het ging daarbij onder meer om informatie over een zogeheten ‘hangaround’ van de club en over een ex-partner van een van de leden. Ook heeft de agent volgens de officier een vals proces-verbaal opgemaakt over een afspraak van ruim een uur met een Satudarah-lid in een fastfood-zaak. In dat proces-verbaal deed de agent voorkomen alsof het ging om een toevallige ontmoeting van enkele minuten. Sms-verkeer tussen de agent en het Satudarah-lid, een telefoongesprek met hem en de agenda van verdachte bewijzen dat het ging om een geplande afspraak die veel langer duurde, aldus justitie.22 De rechter vonniste anders: een voorwaardelijk taakstraf van 80 uur. Volgens de rechtbank was de informatie die de wijkagent lekte niet cruciaal. De rechters waren mild voor de man “omdat hij al ontslagen is door de politie.” 23
Ad c.) Criminele veelzijdigheid: combinatie van misdaadmarkten Het inkomen en de status die worden verdiend met drugscriminaliteit worden benut bij andere criminele activiteiten. Deze ‘criminele olievlekwerking’ onderstreept het ondermijnende effect van drugscriminaliteit in Zoetermeer. Drugsgeld legt de basis voor investeringen, onder meer in bedrijven. Drugsgeld vergt witwassen, om te kunnen investeren in de bovenwereld. Op criminele ontmoetingsplaatsen - zoals horeca of bedrijfspanden - gaat het niet alleen om drugshandel en drugsproductie, maar bijvoorbeeld ook om illegaal gokken. Zo ontstaat criminele veelzijdigheid, met verdiensten op verschillende misdaadmarkten. Bij de ondermijningsaanpak in Zoetermeer lopen er doorgaans tussen de tien en achttien casus, gericht op een klein aantal (rechts)personen. Daarbij valt een aantal zaken op: −
Bedrijfsactiviteiten worden gecombineerd in meer dan één risicobranche. Respondenten spreken over een ‘gouden combinatie’ van kapper en/of een ander bedrijf in de beautysector, eenvoudige horeca (afhaalzaken), een bedrijf in de autosector en/of een zorgaanbieder. Het zijn branches die toegankelijk zijn voor nieuwkomers, waarin contant geld omgaat en waarmee criminele netwerken vertrouwd zijn.
−
De combinatie van bedrijfsactiviteiten gaat gepaard met spreiding over de stad: verschillende wijken en winkelcentra, bedrijventerreinen en het centrum. Die spreiding draagt eraan bij dat de (negatieve invloed vanwege) criminaliteit lang werd onderschat in Zoetermeer. Tegelijkertijd verstevigt het juist de positie van criminelen in de stad.
−
Er bestaan geregeld dwarsverbanden tussen afzonderlijke casus. Een pand of persoon wordt bijvoorbeeld herkend uit een eerdere casus. De casusgerichte aanpak wordt afgebakend in de tijd en qua subjecten, maar al doende ontstaat inzicht in allerhande vertakkingen - van criminele netwerkjes, families en coalities - in een uitgebreid los-vast netwerk.
−
‘Hoofdsubjecten’ in de casus zijn meestal afkomstig uit Zoetermeer en minder vaak uit de regio (b.v. Delft of Rijswijk) of uit het land. Criminele kopstukken die van buitenaf invloed hebben in Zoetermeer, en zo nu en dan in de stad zijn, vallen al snel buiten de casusgerichte aanpak. Voor zware misdaad ‘van buiten’ geldt dat justitieel optreden is geboden. Voor minder prominente subjecten van buitenaf geldt dat ze eerder elders worden aangepakt dan in Zoetermeer. De Zoetermeerse ondermijningsaanpak, met de gemeente als trekker, wordt
22
Bron: https://www.om.nl/actueel/nieuws/2017/05/31/eis-8-maanden-cel-voor-lekkende-wijkagentzoetermeer 23 Bron: https://www.ad.nl/zoetermeer/rechtbank-mild-voor-lekkende-agent~a5fdafcf/
24
dus primair gericht op lokale signalen, subjecten en praktijken. Die lokale subjecten kunnen wel weer in ‘land en regio’ actief zijn, zo blijkt onder meer uit aanhoudingen voor brandstichting in Drenthe. −
Het wordt zichtbaar dat subjecten uit de jeugdaanpak zijn doorgegroeid van overlast en zichtbare (geregistreerde) criminaliteit naar afgeschermde criminele praktijken. De misdaad wordt instrumenteler, gericht op het verdienen van geld en status. Zie punt d.
Ad d.) Criminele paden (van jongeren en jongvolwassenen): klassieke en moderne stijgers Een belangrijk ondermijnend effect van de georganiseerde (drugs)criminaliteit in Zoetermeer is dat jongeren en jongvolwassenen als het ware de misdaad in worden gezogen. Respondenten wijzen op twee criminele paden van personen die opklimmen in de criminele wereld, in die zin dat ze van lieverlee meer doel- en omzetgericht gaan opereren: −
Het eerste criminele profiel is het geijkte pad: de klassieke stijgers. Daarbij groeien jongeren en jongvolwassenen vanuit een kansarme sociale positie, via een vriendenkring of jeugdgroep, naar vormen van instrumentele criminaliteit. Met drugscriminaliteit als een belangrijk verdienmodel. De problemen beginnen met (ernstige) overlast en met aangiftedelicten, zoals diefstal of overvallen. Dit gaat op bepaalde locaties en tijden - onder meer op locaties in Palenstein, Meerzicht, Oosterheem, Buytenwegh, Seghwaert en in het buitengebied - gepaard met territoriaal claimgedrag. In die zin dat jeugdigen (met jongvolwassenen) de gang van zaken op een stukje publiek domein (tijdelijk) domineren. Daarbij worden bewoners geïntimideerd. Een deel van de jongeren gaat van lieverlee meer calculerend tewerk, gericht op inkomsten, interne status en afscherming. Respondenten wijzen op jeugdigen die als jonge of middelbare tiener overlast veroorzaakten en daarna uit beeld verdwenen, om vervolgens - bijvoorbeeld bij de casusgerichte aanpak van ondermijning - in beeld terug te keren als drugscrimineel of als eigenaar van een bedrijf met criminele of verdachte praktijken. Andere tieners slaan de overlast- en misdaadfase ‘op straat’ bijna over en treden snel toe tot de criminele (drugs)wereld.
−
Het tweede criminele pad heeft betrekking op (jonge) criminele organisatoren en netwerkjes met digitale criminaliteit als verdienmodel: moderne stijgers. Er wordt geld verdiend met digitale fraude, met het stelen van gegevens en met het daartoe opbellen van mensen. Het betreft onder meer spoofing (daders doen alsof ze bellen namens de bank, met het telefoonnummer van de bank) of fraude bij internethandel (b.v. marktplaatsfraude).24 Politierespondenten wijzen op hoge criminele verdiensten, bijvoorbeeld “een paar ton per maand.” De daders zouden onder meer middelbare of oudere tieners zijn. De criminele loopbanen verplaatsen daarmee gedeeltelijk van de fysieke omgeving (op straat of in een zaak) naar het internet. Ook de rekrutering verschuift. Naast het werven van eenvoudige uitvoerders voor onder meer drugsactiviteiten, worden zogenoemde geldezels ingezet door criminelen. Dat zijn personen die, tegen betaling, hun bankrekening laten gebruiken om er misdaadgeld op te laten storten. In één geval werd grof geweld gebruikt om de geldezels in het gareel te houden. Zie de onderstaande tabel.
24
Daarbij wordt - nadat is aangedrongen op het overmaken van een cent - een mobielbanksysteem van het slachtoffer overgenomen.
25
Tabel 3. 5: Casus met grof geweld door twintigers (Bron: om.nl) Geldezels beschoten en ontvoerd door afpersers Op 5 oktober 2019 gingen een 22-jarige Hagenaar en een 23-jarige Zoetermeerder naar een huis in Zoetermeer om druk te zetten op iemand die het geld van hun oplichtingen op zijn rekening had gekregen. Een ander slachtoffer werd gedwongen om mee te gaan en de ramen in te gooien. Toen die daarna weg rende, werd er op hem geschoten. Kogels sloegen tegen het schuurtje in de tuin en aan de overkant van de straat in de gevel van twee woningen. Daarna richtten de twee hun wapens nog op het huis waar ze voor kwamen en schoten ook daar op. Een ander slachtoffer werd in januari 2020 op straat opgepikt en een tijdje in een auto vastgehouden, omdat hij de verdachten geld schuldig zou zijn. Hij moest zijn kleren uittrekken, werd bedreigd en gefilmd, en later weer uit de auto gezet. Een ander slachtoffer werd op 4 september 2019 in een auto meegenomen en even later op een parkeerplaats eruit gezet en beschoten. Ook bij hem wilden de verdachte "terug waar ze recht op hadden". Beide jonge mannen hebben zich op grote schaal bezig gehouden met oplichting, waarmee ze zo veel mogelijk geld wilden "verdienen". (…) De verdachten werden aangehouden in een waar rovershol in Zoetermeer, een uitvalsbasis die door een 25-jarige Zoetermeerder ter beschikking werd gesteld.
Hij speelde indirect een belangrijke rol in het faciliteren van het criminele gedrag. Ook een 21-jarige Hagenaar had betrokkenheid bij de wapens en het witwassen van geld. 25
De huidige preventieve en repressieve aanpak van jeugdcriminaliteit kampt met een informatietekort. Er is aan universitaire criminologen gevraagd om onderzoek te doen naar jeugdnetwerken, waarin misdaad, machtsvertoon en muziek lijken samen te gaan. De politie zal ook een (netwerk)analyse uitvoeren.
3.4
Overig
Naast de fenomenen en praktijken die in de voorgaande paragrafen zijn beschreven, worden de onderstaande ondermijnende activiteiten genoemd. Het betreft deels zogenoemde blinde vlekken. Er zijn dan weliswaar signalen of beredeneerde vermoedens dat een fenomeen voorkomt in Zoetermeer, maar de problematiek is slecht in beeld. Het betreft: ▪
Zorgfraude. Het betreft systematische fraudepraktijken door zorgaanbieders die doelbewust (lijken te) zijn opgezet om te frauderen met Wmo-zorg (vgl. Van der Torre, 2022). Hiertoe worden cliënten geworven. Personen uit criminele netwerken zouden private zorgopleidingen volgen om - zonder spoor van affiniteit met zorg - toe te kunnen treden tot de zorgmarkt. Er wordt gesignaleerd dat zorgfraude in netwerken samengaat met klassieke onderwereldpraktijken, zoals witwassen of drugscriminaliteit. Dergelijk misbruik van zorggeld is een schoolvoorbeeld van een schadelijk (ondermijnend) effect van georganiseerde criminaliteit.
▪
Wapenbezit en (wapen)geweld. Er wordt gewezen op wapenbezit en wapengebruik onder jongeren, mede getuige twee recente (schokkende) schietpartijen in 2022. Wapenbezit is deels het product van conflicten tussen criminele jeugdgroepen of -netwerkjes. Daarnaast
25
Letterlijk geciteerd van: https://www.om.nl/actueel/nieuws/2021/11/09/geldezels-beschoten-en-ontvoerddoor-hun-afpersers
26
signaleren respondenten wapenbezit en onderling geweld, zonder dat dit kan worden gekoppeld aan delicten. Wapenbezit en geweld lijken haast een doel op, gericht op statusverwerving, mogelijk aangemoedigd door muziek(video’s), onder meer in het drillrapp-genre. Tabel 3.6: Twee schietpartijen met jonge slachtoffers in mei 2022 (mediaberichten) Dinsdag 31 mei 2022. Een 17-jarige jongen uit Delft raakte gewond geraakt bij een schietpartij, op een parkeerterrein van een school op het Van Doornenplantsoen. Meteen na de schietpartij renden “meerdere jongens met zwarte kleding” weg. Zondag 15 mei 2022. Bij een schietpartij in een speeltuin aan de Paganinirode (Buytenwegh) raakt een jongen zwaargewond. Na een zoektocht werden vier verdachten opgepakt. Het Openbaar Ministerie (OM) liet toen weten dat de incidenten mogelijk het gevolg zijn van een ruzie tussen groepen jongeren. Er zijn er in en rond de wijk meerdere incidenten geweest. Er werd vuurwerk tot ontploffing gebracht bij een huis. Enkele dagen later werd een kogelgat aangetroffen in een woning. De burgemeester kondigde voor een deel van de wijk Buytenwegh, maar ook delen van Meerzicht en Driemanspolder, een samenscholingsverbod. In Buytenwegh en Meerzicht werd op een extra aantal locaties cameratoezicht ingevoerd.
▪
Illegaal gokken. Illegaal gokken wordt gesignaleerd in de horeca en aanverwante zaken, zoals lounges. Illegaal gokken leidt tot sociale (ondermijnende) problemen, in de vorm van gokverslaving, schulden en een daar op gebaseerde afhankelijkheid richting criminele organisatoren. Respondenten signaleren dat bij illegaal gokken wordt samengewerkt met Duitse criminelen.
▪
Mensenhandel: arbeidsuitbuiting. In de Haagse regio ligt arbeidsuitbuiting voor een groot deel in handen van enkele netwerken, waaronder dominante netwerken met een uitzendbureau (RIEC Den Haag, 2018). Ongunstige omstandigheden - zoals onderbetaling, te lange werktijden, slechte huisvesting en/of intimidatie – plaatsen arbeidsmigranten in een sterk afhankelijke positie.26 Koppeling tussen werk en huisvesting zet hen onder druk. Als ze de gang van zaken op één domein niet accepteren, verliezen ze werk én woning. Dit soort praktijken veroorzaakt in Den Haag overlast vanwege overvolle woningen met kamerverhuur. In Zoetermeer is arbeidsuitbuiting een blinde vlek, net als panden (met kamerverhuur) waar arbeidsmigranten wonen en mogelijk problemen ondervinden en veroorzaken.27 Toch stuiten ondermijningsspecialisten geregeld op casus in Zoetermeer. Arbeidsmigranten worden onder meer gehuisvest in bedrijfspanden op bedrijventerreinen. De leefomstandigheden zijn slecht, er slapen veel mensen in een beperkte ruimte en de arbeidsmigranten zijn voor werk en wonen afhankelijk van werkgever en verhuurder. Enkele
26
Het is lastig om uit te zoeken of er daadwerkelijk sprake is van strafbare arbeidsuitbuiting, onder meer omdat arbeidsmigranten weinig informatie verstrekken en vanwege geringe opsporingscapaciteit bij de Inspectie SZW. 27 Een onderzoek uit 2015 (Kalisvaart, 2015) schat het aantal zogenoemde MOE-landers dat op 1 januari 2015 in Zoetermeer woont op 1.040. Het aantal neemt dan toe, met Polen, Roemenen en Hongaren als grootste groepen. In 2018 schommelt het aantal niet-ingezetenen die als arbeidsmigrant per maand in Zoetermeer werken tussen de 335 (januari) en 624 (november), met een gemiddelde van 494 (PBLQ, 2020). Op drie meetmomenten (in de maanden januari, juli en december) wonen er dat jaar gemiddeld 210 ingezetenen als arbeidsmigrant in Zoetermeer.
27
keren wordt miserabele huisvesting van arbeidsmigranten in woonwijken geconstateerd. In een flatgebouw had een uitzendbureau bijvoorbeeld appartementen onderverhuurd aan arbeidsmigranten. ▪
Illegale prostitutie en drugspanden. Er is geen overzicht beschikbaar van panden met illegale prostitutie en van panden met drugshandel. Toch wijzen observaties, (straat)gesprekken met burgers en een krantenbericht over de Eilandenbuurt28 op - sterke vermoedens omtrent dergelijke panden op specifieke locaties (complexen of enkele straten). Het betreft onder meer Palenstein, Buytenwegh en de Eilandenbuurt (Oosterheem).
▪
Vastgoed als blinde vlek. Een veel voorkomend ondermijnend patroon in Nederlandse steden bestaat eruit dat netwerken of vermogende (rechts)personen met (witgewassen) misdaadgeld investeren in vastgoed (Noordanus e.a., 2020). Een deel van dergelijke investeerders ontpopt zich vervolgens als huisjesmelker: minimaal onderhoud en hoge huurprijzen, hetgeen gepaard kan gaan met allerhande overtredingen (b.v. over-bewoning). Dit patroon wordt niet geagendeerd in de gespreksronde wat betreft woningen. Wel wordt gewezen op verdachte investeringen in bedrijfspanden, al gaat het daarbij niet om grote aantallen. Er zijn signalen van woon- en adresfraude. Dit kan wijzen op uitkeringsfraude en onderverhuur-praktijken, net als op mogelijke arbeidsuitbuiting.
28
Bron: https://www.ad.nl/zoetermeer/drugspanden-prostitutie-en-steekpartijen-in-eilandenbuurt-dit-is-hetafvoerputje-van-zoetermeer~aa76409b/
28
4.
De politiek-bestuurlijke dimensie: ondermijning als stedelijke opgave
Inleiding Dit hoofdstuk beschrijft op hoofdpunten de politiek-bestuurlijke betrokkenheid bij de aanpak van ondermijning. Dit komt tot uitdrukking in besluiten en standpunten, zoals de typering van veiligheid als stedelijke topprioriteit in het coalitieakkoord 2022-2026. Die prioritering komt aan bod in paragraaf 4.1, met bijzondere aandacht voor de aanpak van ondermijning. Toch is ondermijning pas laat (echt) op de politieke agenda in Zoetermeer beland. Zie paragraaf 4.2. Vervolgens wordt ingegaan op de (plaats van ondermijning in de) Kadernota Veiligheid 2019-2022, inclusief de verantwoording daarover. Zie paragraaf 4.3. Daarna gaat paragraaf 4.4 in op enkele momenten waarop politieke steun belangrijk was voor de ondermijningsaanpak. Slotparagraaf 4.5 concludeert dat politieke steun voor de financiering van de ondermijningsaanpak belangrijk is geweest, want ambtelijk liep dit vast.
4.1
Anno 2022: veiligheid als gemeentelijke topprioriteit
Het coalitieakkoord 2022-2026 benoemt veiligheid als een gemeentelijke “topprioriteit”. Dat is een keerpunt in het gemeentelijke beleid. Bij ons veldwerk treffen we een gemeentelijke veiligheidsorganisatie aan die is een lastig parket zit: het budget en de formatie staan niet in verhouding tot de lokale veiligheidsproblematiek. Dit komt mede door de dubbele groei van de veiligheidsproblematiek: meer mensen en bezoekers (alleen al vanwege de enorme groei van het inwonertal van Zoetermeer), meer complexe problematiek (o.a. ernstige en structurele jeugdproblematiek en juridische vraagstukken bij handhaving) en meer veiligheidstaken. De burgemeester-taken op het veiligheidsdossier zijn gestaag gegroeid en de politie stoot taken af, onder meer richting buitengewone opsporingsambtenaren (verder: BOA’s) van de gemeente. In een groeigemeente als Zoetermeer is politiek-bestuurlijke prioriteit voor ‘fysiek’ en ‘sociaal’ logisch, al raakte daardoor de veiligheidsorganisatie achterop. Dit verandert in het coalitieakkoord 2022-2026. Er wordt “fors” geïnvesteerd in het veiligheidsbeleid, gericht op “(…) de aanpak van jeugdgroepen, geweldsincidenten, veiligheid in en rondom scholen en de ondermijnende criminaliteit in buurten, industrieterreinen en horeca.” Voor de aanpak van ondermijning wordt structureel een jaarbedrag beschikbaar gesteld van € 650.000,-.
Voorts gaat extra geld naar het team Handhaving (de BOA-organisatie), namelijk 1,2 miljoen voor de komende vier jaren, met een tijdelijk jaarbudget van € 621.000,- van 2022 tot en met 2026. Uit deze investeringen, alsook uit het groepsgesprek met gemeenteraadsleden, blijkt dat het gemeentebestuur en de gemeenteraad inzien dat de onveiligheid in Zoetermeer - inclusief ondermijning - een structureel karakter heeft.
4.2
Tot 2022: ondermijning laat op de politieke agenda
In de - door de gemeenteraad vastgestelde - Kadernota Integraal Veiligheidsbeleid Zoetermeer 20192022 (verder: Kadernota Veiligheid 2019-2022) wordt ondermijning benoemd als één van de vier speerpunten.29 Dit gaat in 2019 nog niet gepaard met een ruim of structureel budget. Drie ambtelijke professionals worden namelijk gefinancierd uit tijdelijk geld (voor de periode van 2019 tot en met 2021) uit het zogenoemde landelijke ondermijningsfonds. In het coalitieakkoord werd wel, tot en
29
Naast high impact crimes, extremisme en radicalisering, en problematische jeugdgroepen.
29
met 2023, tijdelijk geld beschikbaar gesteld voor een regisseur ondermijning. Dit akkoord voorziet ook in tijdelijke financiering van zeven extra BOA’s. In 2018 had Zoetermeer al een subsidie gekregen van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor een gebiedsgerichte aanpak van ondermijning, met de focus op bedrijventerreinen. Dit bleef daarna een speerpunt. Ondermijning krijgt weliswaar een plaats in het veiligheidsplan en er wordt een regisseur ondermijning gefinancierd, maar het politiek-bestuurlijke urgentiegevoel omtrent de veiligheidssituatie in Zoetermeer ontbreekt in 2018. Het coalitieakkoord constateerde destijds dat “het met de veiligheid in Zoetermeer relatief goed [is] gesteld. Maar het kan altijd beter”. De gemeentelijke topprioriteiten liggen in 2018 elders, namelijk bij ‘wijkgericht werken’, op het sociaal domein en bij de verdere groei (‘schaalsprong’) van de stad qua woningen en inwoners. Ondermijning komt laat écht hoog op de politieke agenda, namelijk in het coalitieakkoord 20222026, nadat dit in veel nabijgelegen gemeenten eerder het geval was. Die trage agendering droeg bij aan de criminele kansen in Zoetermeer. Het komt onder meer tot uitdrukking in het achterop geraakt Bibob-beleid en in het lange tijd regelarme horecabeleid: geen sluitingstijden en tot 2018 helemaal geen exploitatievergunning.
4.3
Kadernota Veiligheid 2019-2022: vijf ondermijnings-thema’s
De Kadernota Veiligheid 2019-2022 benoemt bij de ondermijningsaanpak vijf “inspanningen”, namelijk: 1.) integrale aanpak hennepteelt; 2.) het toepassen van het Bibob-beleid; 3.) de integrale aanpak van OMG’s; 4.) interne en externe voorlichting, om zo de bewustwording in de eigen organisatie en daarbuiten (professionals en ondernemers) te versterken, en 5.) samenwerking met het RIEC. In maart 2021 wordt hierover (kort) politieke verantwoording afgelegd. Er wordt geconstateerd dat jaarlijks “diverse illegale hennepkwekerijen” worden opgerold, waarna bestuursrechtelijke maatregelen worden getroffen. Het Bibob-beleid wordt kort gememoreerd: standaard wordt getoetst bij horeca- en omgevingsvergunningen. De aanpak van OMG’s is in handen gelegd van het RIEC. Er wordt gemeld dat professionals bewust zijn gemaakt van signalen die wijzen op ondermijning en dat de ondermijnings-BOA ondernemers op bedrijventerreinen attendeert op dergelijke signalen. Er is voorts een casusgerichte aanpak van ondermijning van de grond gekomen, waarbij het RIEC een rol vervult (zie paragraaf 5.2). Het RIEC stelt in 2020 een zogenoemd vertrouwelijk ondermijningsbeeld op: een rapport dat de belangrijkste criminele fenomenen beschrijft. Een infographic met belangrijke bevindingen wordt openbaar gemaakt. Er worden vijf fenomenen benoemd, namelijk: risicovolle bedrijvigheid (o.a.
de auto- en horecabranche); fraude en witwassen; criminele groepen; drugscriminaliteit; en mensenhandel. Vier fenomenen worden tegelijkertijd (deels) getypeerd als fenomeen of plek “waar weinig zicht op is”, namelijk witwassen via luxe goederen; horeca; criminele netwerken en de huisvesting van arbeidsmigranten. Het RIEC voert ook een zogenoemde weerbaarheidsscan uit, waarin onder meer wordt aangedrongen op het aanstellen van een Bibob-coördinator, op bredere benutting van de Wet Bibob en op maatregelen om mogelijke arbeidsuitbuiting te voorkomen.
4.4
Politieke steun: onmisbaar bij de aanpak van ondermijning
De twee RIEC-rapporten constateren dat het nodig is om (meer) te investeren in de aanpak van ondermijning. Die constatering kan in 2020 rekenen op politieke bijval, al resulteert dat tot aan het coalitieakkoord 2022-2026 niet in structurele formatie. Tot 2021 werd op verschillende momenten politieke steun gegeven aan gemeentelijke inspanningen, namelijk: 30
▪
In 2016 wordt hennepteelt een politieke prioriteit, als dit wordt besproken in een commissievergadering. Twee hennepbranden (in een woning en in een bedrijfspand) hadden de veiligheidsrisico’s aangetoond. De burgemeester wijst op verharding en schaalvergroting in de wereld van de illegale hennepteelt. Hennepteelt is sindsdien een thema in de ondermijningsaanpak.
▪
In november 2018 gaat de gemeenteraad akkoord met invoering van een exploitatievergunning voor horecabedrijven. Dit wordt doorgevoerd in maart 2019. Dit is een reactie op een reeks met criminele incidenten in nachthorecazaken in Zoetermeer. De burgemeester stuurde een lijst van dergelijke gebeurtenissen naar de gemeenteraad. De vergunningplicht wordt opgelegd aan nieuwe horecazaken. Reeds gevestigde horecaondernemers zijn hiervan vrijgesteld, totdat: a) de ondernemer een wijziging aanvraagt van de Drank- en horecawetvergunning (m.u.v. een wijziging of aanvulling van het leidinggevendenaanhangsel); b) de ondernemer een geheel nieuwe Drank- en horecawetvergunning aanvraagt; c) en/of de burgemeester de ondernemer een waarschuwing en/of een maatregel op basis van de Horecasanctie-strategie Openbare Orde, het Coffeeshopbeleid Zoetermeer en/of het Toezicht- en Handhavingsmodel Drank- en horecawet oplegt. De exploitatievergunning maakt het eenvoudiger om bij misstanden een horecabedrijf definitief te sluiten, namelijk door het intrekken van de exploitatievergunning. Ook kan in het voortraject, bij de aanvraag van de exploitatievergunning, een Bibob-toets worden uitgevoerd naar de (financiële) integriteit van ondernemer en leidinggevenden. Het is opmerkelijk dat er geen exploitatievergunning nodig was tot en met 2018. Temeer omdat er geen horeca-sluitingstijden gelden in Zoetermeer.
Dit maakte het voor niet-integere (rechts)personen aantrekkelijk om (nacht)horeca in Zoetermeer te runnen of te bezoeken. Deze regelvrijheid beoogde het (horeca)ondernemerschap te stimuleren, al had dit als neveneffect dat het resulteerde in een gunstig crimineel vestigingsklimaat. Deregulering was jarenlang, vanaf ongeveer 2010, een bestuurlijk uitgangspunt.
▪
De gemeenteraad steunt de tijdelijke financiering van zeven extra BOA’s, zoals opgenomen in het coalitieakkoord 2018-2022. Het laat onverlet dat de totale operationele BOA-formatie (19,12 fte vast, plus 7 tijdelijk) systematisch wordt overvraagd door het werkaanbod. Er is één BOA beschikbaar voor de ondermijningsaanpak. Politieke wensen om meer te doen – bijvoorbeeld BOA-inzet op zaterdagavond – kunnen pas worden doorgevoerd bij capaciteitsuitbreiding. In november 2021 steunt de gemeenteraad een raadsvoorstel om de tijdelijke financiering van de zeven BOA’s te verlengen tot en met 2023. Dit vergt een budget van € 610.885,-. In een toelichting op het raadsvoorstel wordt opgesomd dat een fors aantal bestaande BOA-activiteiten zou wegvallen of zou worden verminderd zonder deze zeven BOA’s. De jeugdboa’s zouden bijvoorbeeld komen te vervallen, er zou onvoldoende capaciteit zijn om tijdens evenementen toezicht te houden en het toezicht rondom scholen zou worden gereduceerd, net als de controles van het Digitaal Opkoopregister. Dit legt kwetsbaarheden in de BOA-organisatie bloot. Dat heeft bijgedragen aan de (politieke steun voor de) stevige uitbreiding van de BOA-capaciteit die is opgenomen in het coalitieakkoord 2022-2026.
31
▪
4.5
De gemeenteraad heeft, bij amendement, eenmalig € 157.000,- beschikbaar gesteld om in het kalenderjaar 2022 twee ambtenaren (een projectmedewerker en een analist) te financieren die - onder aansturing van de regisseur ondermijning - zijn belast met de gemeentelijke en integrale aanpak van ondermijning. Deze twee medewerkers werden voor de periode van 2019 tot en met 2021 tijdelijk gefinancierd met een subsidie uit het zogenoemde Ondermijningsfonds van het ministerie van Veiligheid en Justitie. De financiering van de regisseur ondermijning was namelijk gebaseerd op het coalitieakkoord uit 2018 en loopt door tot en met 2023. Bij de start van ons veldwerk (mei 2022) had de financiering van de gemeentelijke ondermijningsaanpak dus een politieke en tijdelijke grondslag.
Slotsom: politieke steun en grenzen
Bij de formatie lukte het om de ondermijningsaanpak structureel te financieren, getuige het coalitieakkoord 2022-2026. Een politieke meerderheid lijkt de ondermijningsaanpak in Zoetermeer te zien als een kwestie van een lange adem die veel ambtelijke inspanningen vergt. Een raadslid was bijvoorbeeld te spreken over de 6,5 ton die het recente coalitieakkoord beschikbaar stelt voor de ondermijningsaanpak, maar vraagt zich af of dit afdoende zal zijn, onder meer vanwege de grote sommen geld waarover criminelen beschikken. Het is de vraag of zes of zeven structureel gefinancierde ambtenaren toereikend zijn in een stad met criminele kansen en ongunstige sociaaleconomische trends. Respondenten hebben richting de politiek nog wel een belangrijke wens wat betreft ondermijning. Die komt erop neer dat in de visie op de stad, gericht op het jaar 2040, bijna het gehele perspectief is gericht op sociale en fysieke ingrepen en niet op (ondermijnende) criminaliteit. Ondermijning is nu benoemd als stedelijke topprioriteit. Om dat ten volle waar te maken vergt bestrijding van (georganiseerde) criminaliteit in twee opzichten een volwaardige plaats op de stedelijke strategische agenda: a.) bij visie en beleid ten behoeve van Zoetermeer 2040, en b.) bij wijkgerichte inspanningen.
Op deze twee punten ontbreken politieke kaders en dat stelt grenzen aan de (mogelijke) effecten van de ondermijningsaanpak. Dit is één van de thema’s die aan bod komt in het volgende hoofdstuk, over de gemeentelijke aanpak van ondermijning.
32
5.
De gemeentelijke aanpak van ondermijning
Inleiding Dit hoofdstuk beschrijft en analyseert de gemeentelijke aanpak van ondermijning. Paragraaf 5.1 gaat in op thema’s waarop actie wordt ondernomen, met de criminele praktijken in de nachthoreca als startpunt. Paragraaf 5.2 analyseert tegen welke grenzen de huidige ondermijnaanpak aanloopt.
5.1
De ondermijnings-aanpak
De gemeentelijke veiligheidstaak is in Zoetermeer ondergebracht op de Afdeling Veiligheid, Vergunningen en Handhaving. Deze afdeling telt twee teams, namelijk Openbare Orde en Veiligheid (verder: team OOV) en het Team Vergunningen, Toezicht en Handhaving (verder: team VTH). Het OOV-team telt beleidsadviseurs, (netwerk-)regisseurs en handhavers en toezichthouders (BOA’s). Team VTH verleent onder meer vergunningen en telt handhavingsjuristen. Het OOV-team vervult het overgrote deel van de harde kern van de gemeentelijke veiligheidstaak, zoals de aanpak van radicalisering, de aanpak van jeugdoverlast en -criminaliteit, crisisbeheersing, de ondermijningsaanpak (inclusief coördinatie van Bibob-toetsing), de (geüniformeerde) BOA-taken op domein 1 (openbare ruimte) en de bijna dagelijkse afstemming en advisering richting burgemeester. Het team trekt complexe gemeentelijke veiligheidsopgaven en vangt de hectiek op bij crises (corona), incidenten (b.v. beschietingen of schietpartijen) of slepende kwesties (b.v. criminele invloeden in de nachthoreca). Voorts ligt het externe relatiebeheer op het veiligheidsdossier - met onder meer politie, justitie, RIEC en veiligheidsregio - vrijwel volledig in handen van het OOV-team. De bovenlokale (grootstedelijke) criminele invloeden op de nachthoreca in Zoetermeer hebben de aanpak van ondermijning omstreeks 2018 geagendeerd.
Bij de start van ons veldwerk was binnen het OOV-team drie fte beschikbaar voor de ondermijningsaanpak: de regisseur ondermijning, een projectmedewerker en ongeveer één formatieplaats voor data-analyse, verdeeld over twee analisten. Voorts is er fulltime een BOA beschikbaar voor de ondermijningsaanpak. Het OOV-team telt geen handhavingsjuristen. Er werken (ingehuurde) handhavingsjuristen bij het VTH-team. Ze werken mee bij juridische trajecten in het kader van de ondermijningsaanpak. Over de duim wordt geschat dat dit neerkomt op één fte. De belangrijkste inspanningen bij de gemeentelijke aanpak van ondermijning worden langs de volgende lijnen geleverd: a. b. c. d. e.
Nachthoreca: actie en slepende dossiers De casusgerichte aanpak Bestuurlijke rapportages Controles in soorten en maten Bibob-toetsing en -coördinatie
Ad a.) Nachthoreca: actie en slepende dossiers Een reeks gewelddadigheden bij nachthorecazaken in Zoetermeer, geconcentreerd in het Van Tuyllpark, heeft geresulteerd in langdurige en stevige ambtelijke inspanningen. Met de (toenmalige) burgemeester als aanjager. De noodzaak daartoe hield verband met criminele ontmoetingen, conflicten en invloeden. Voorts diende een stevige aanpak te worden opgebouwd, omdat het Zoetermeerse horecabeleid juist sterk gedereguleerd was, tot november 2018 zonder exploitatievergunning. Ambtenaren konden niet zomaar (langdurige) handhavingstrajecten opstarten. Daartoe dienden eerst ambtenaren te worden gepositioneerd (de komst van drie ondermijningsspecialisten) en moesten werkprocessen worden ingericht. Daarbij diende onder meer 33
- over de grenzen van het OOV-team en VTH-team heen - te worden geregeld welke juristen beschikbaar waren. In november 2018 wordt de exploitatievergunning ingevoerd, onder meer voor zaken - zoals de nachthoreca - die een bestuursrechtelijke waarschuwing of sluiting krijgen opgelegd. Club Cobra werd bijvoorbeeld in februari 2019 voor de duur van twaalf maanden gesloten. Club Magnum kreeg op 13 september 2019 een bevel tot sluiting gedurende twee weken, met aansluitend een sluiting voor zes maanden, tot en met 26 maart 2020. In juni 2016 werd No Limit al gesloten voor de duur van zes maanden.30 Bestuursrechtelijke handhaving ging gelijk op met aanvragen van exploitatievergunningen voor nachthoreca. Daartoe werd een Bibob-toets uitgevoerd. Dergelijke Bibob-toetsing is tijdrovend en een neventaak van de regisseur ondermijning. Parallel aan bestuursrechtelijke trajecten werd justitieel (strafrechtelijk) onderzoek verricht. Nieuwe incidenten of strafbare feiten vergden steeds weer ambtelijke tijd en energie. Ambtenaren leerden schakelen: tussen strafrecht en bestuursrecht, en met de OOV-manager en met de burgemeester. De nachthoreca was de vuurdoop van de ‘ondermijningsambtenaren’.
Ad b.) De casusgerichte aanpak De regisseur ondermijning (OOV-team) trekt en coördineert de gemeentelijke en integrale casusgerichte aanpak van ondermijning. Dit krijgt gestalte in het zogenoemde Kernteam Ondermijning dat eens in de drie weken vergadert. De regisseur is voorzitter. Hieraan wordt vanuit de gemeente deelgenomen door de drie ondermijningsspecialisten (OOV-team), een handhavingsjurist (VTH-team) en een sociaal rechercheur. Voorts sluiten de politie en het RIEC aan. Het team beziet of een ‘signaal’ als casus wordt opgepakt. Op enig moment lopen er in 2020 en 2021 steeds tussen de tien en achttien casus. Zie tabel 5.1. De casus betreffen voornamelijk drugs, witwassen en mogelijke arbeidsuitbuiting. Wat locaties betreft, gaat het “voornamelijk” om bedrijventerreinen en winkelgebieden. Voorts betreft het “voornamelijk” autobedrijven en horeca. Er komen ook meldingen binnen over woningen in wijken, maar omdat de “interventiemogelijkheden” daar lager worden ingeschat, worden dergelijke casus “minder” opgepakt. Bij signalen over mogelijk uitbuiting wordt “wel eens” een woning betreden met een machtiging, maar “die drempel ligt (…) veel hoger dan bij een bedrijfsgebouw.” Signalen over hennepteelt worden opgepakt door de politie.
De aanpak kan worden gericht op een klein netwerk (van personen en rechtspersonen) of op enkele personen uit een familie, maar ook op één (rechts)persoon. In 2021 wordt de helft (14) van het aantal nieuwe casus in 2020 (28) opgestart. Dit komt niet door een afname van het aantal signalen of mogelijke casus. In 2021 kwamen 88 signalen over mogelijke ondermijning binnen: 70 via Meld Misdaad Anoniem, tien via partners en acht via het mailadres van het gemeentelijke meldpunt voor ondermijning. Zie tabel 5.2. De afname van het aantal opgepakte casus in 2021 komt door strengere selectie aan de voorkant. Er wordt beoordeeld wat passende casus zijn om op te pakken in het Kernteam en wat de haalbaarheid is van een casus. In 2020 en 2021 werden 38 casus ‘afgerond’ door het Kernteam. Bij dertig casus werd geen resultaat geboekt. De volgende verklaringen worden gegeven: −
Het Kernteam vervult bij casus - als “eerste stap in de opschaling” - voornamelijk een “ondersteunende rol” bij inspanningen vanuit het RIEC of door de politie. Dit houdt in dat de beoordeling in het Kernteam van beschikbare informatie voornamelijk leidt tot een strafrechtelijke onderzoek (‘opsporing’) of tot een integrale aanpak binnen RIEC-structuren.
30
Dit overzicht is onvolledig. Handhavingsjuristen kunnen door een ICT-probleem niet verder terugzoeken dan 2020 en 2019 vanwege “migratie naar een andere versie van het systeem”.
34
− −
Bestuurlijke rapportages van de politie vanwege drugshandel of drugsproductie die worden verstrekt aan de gemeente zijn nog nooit verstrekt aan de regisseur ondermijning. Het ontbreekt in het Kernteam vaak aan ‘overtuigende informatie’ over strafbare feiten of overtredingen, zoals die wel beschikbaar was op het nachthoreca-dossier. Een respondent: “Het komt voor dat we het onderbuikgevoel met onze middelen niet concreet genoeg krijgen. We moeten de casus daarom laten vallen”. Een casus is dan voor de politie (het basisteam) vaak niet ‘groot’ of ‘concreet’ genoeg om over te gaan tot opsporing. Een andere mogelijk is dat een zaak juist ‘te groot’ is voor het basisteam als het gaat om informatie over landelijk actieve kopstukken of netwerken.
Het bovenstaande verklaart waarom een ruime meerderheid van de casus (30 van de 38) niet in een interventie resulteert. Er zijn “enkele keren” opsporingsonderzoeken opgestart via het Kernteam Ondermijning. In de praktijk loopt er doorgaans één RIEC-casus met een substantieel aandeel in de gemeente Zoetermeer. Daarnaast kan beschikbare informatie uitmonden in controles (zie onder punt c.) of in preventieve gesprekken met ondernemers op bedrijventerreinen. Ook kan een signaal een reden zijn om het gemeentelijke toezicht op een concrete locatie te versterken. Soms gaat alleen al van gemeentelijke aanwezigheid en oplettendheid een gunstig effect uit. Bijvoorbeeld als een dubieus bedrijf daarom lijkt te vertrekken. Tabel 5.1: Lopende en nieuwe casus in 2020 en 2021 in het Kernteam Ondermijning 31 Kernteam casus
Q1
Q2
Q3
Q4
Totaal
12 4
11 5
28
13 1
10 4
14
2020 Lopend Nieuw
14 15
18 4
Lopend Nieuw
13 3
17 3
2021
Tabel 5.2: In 2021 ontvangen signalen over mogelijke ondermijning en aantal casus dat door het Kernteam Ondermijning is opgepakt Signalen in 2021 Signalen ontvangen via.. - Meld Misdaad Anoniem - Partners - Mailadres meldpunt Door Kernteam opgepakte signalen
70 10 8 14
Tabel 5.3: Aantal afgeronde kernteam-casus in 2020 en 2021, uitgesplitst naar resultaat (‘geen’ of ‘positief’) Kernteam-casus Aantal casus: afgerond, geen resultaat Aantal casus: afgerond, positief resultaat
31
2020 19
2021 11
Totaal 30
5
3
8
Bron van de tabellen 5.1 tot en met 5.9 is de gemeente Zoetermeer.
35
Ad c.) Controles in soorten en maten De actiegerichtheid van de ondermijningsaanpak van de gemeente Zoetermeer komt tot uitdrukking in verschillende soorten controles: −
Controles met het Haags Economisch Interventie Team (verder: HEIT).32 Het HEIT bezoekt met een integraal team ondernemers op basis van meldingen over misstanden. Er zijn in Zoetermeer in 2020 acht controles uitgevoerd door het HEIT en zeventien in 2021. Zie tabel 5.4.
−
Er worden controles uitgevoerd in panden op bedrijventerreinen. De gemeente (de regisseur en de ondermijnings-BOA) neemt daarbij het voortouw. De controles worden uitgevoerd door gemeente en politie, met de mogelijkheid dat een bouwinspecteur aansluit of medewerkers van de brandweer of Arbeidsinspectie. Het vergt, vanwege schaarse capaciteit bij de politie, een lange voorbereidingstijd (via het Kernteam) om controles in te plannen. De politie controleert in 2022, met de gemeente, om de twee maanden “aandachts-locaties”.33 In 2020 zijn 33 bedrijven gecontroleerd, inclusief horecabedrijven (er is geen specificatie beschikbaar). In 2021 zijn negen bedrijven gecontroleerd, waaronder twee bedrijven in de autosector. Zie tabel 5.4. Dit is - ook met inachtneming van de HEIT-controles - een klein aantal gecontroleerde bedrijven. Dit is een rem op het versterken van de informatieposities door middel van gerichte controles, gebaseerd op voorinformatie en analyses. Er worden wel veel (meer) zachte controles uitgevoerd; zie de derde controlevariant.
−
De gemeente streeft naar flexibilisering van toezicht en controle, in aanvulling op de schaarse actiedagen waarop de politie beschikbaar is. Er worden (ook buiten actiedagen) gesprekken gevoerd met ondernemers. Daarbij wordt kennisgemaakt of het contact wordt hernieuwd, er wordt gewezen op signalen van ondermijning en er wordt duidelijk gemaakt waar en hoe dergelijke signalen kunnen worden gemeld. Er zijn op bedrijventerreinen in 2020 in totaal 74 gesprekken gevoerd met ondernemers en in 2021 betrof het 414 gesprekken. Er zijn in die twee jaren 484 brieven - ondertekend door de burgemeester verstuurd aan ondernemers, waarin wordt gewezen op signalen van ondermijning en op mogelijkheden om deze te melden: via een mailadres van de gemeente of via Meld Misdaad Anoniem. Op de surveillanceroute over de bedrijventerreinen wordt het toezicht op panden waarover signalen bekend zijn ‘meegenomen’. Het (preventieve) effect hiervan laat zich niet of nauwelijks meten, al constateert de gemeente dat elf bedrijven zijn vertrokken na “verscherpt toezicht”: vier in 2020 en zeven in 2021. Er is echter ook een indicatie voor tegenvallende resultaten. Het forse aantal gesprekken levert in 2020 namelijk slechts zeven meldingen op en in 2021 slechts nul. Zie tabel 5.5. Er komen wel meldingen binnen bij Meld Misdaad Anoniem, maar het is niet bekend of de melders ondernemer zijn.
Het lage aantal meldingen strookt met een andere constatering: in direct contact met gemeenteambtenaren - tijdens de vele gesprekken – zijn ondernemers terughoudend om informatie te geven. Het vergt nader onderzoek om deze teleurstellende informatiestroom te verklaren. Er zijn in
32
Het HEIT voert integrale controles uit in alle stadsdelen van Den Haag en sinds 2016 ook in gemeenten in de regio, zoals Zoetermeer. Het HEIT bestrijdt misstanden, zoals: belasting- en uitkeringsfraude; zwartwerken; illegale tewerkstelling; illegaal gokken; onderbetaling en uitbuiting; overtreding van vergunning-voorwaarden; en overtredingen van andere wet- en regelgeving. 33 Voorts is de politie in 2022 beschikbaar voor twee controledagen, om grote acties te organiseren, zoals het controleren van opslagboxen. Elk kwartaal neemt de politie een dag deel aan controles van het opkoopregister.
36
2021 twee preventieve controles uitgevoerd. Eén bij een bedrijf dat opslagboxen verhuurd. De andere controle door politie en gemeente, inclusief speurhonden, was een willekeurige wandelroute over twee bedrijventerreinen, gericht op zichtbare aanwezigheid en op dialoog met ondernemers. Voor 2022 staan twee soortgelijke controles gepland. −
Er worden (onaangekondigde) integrale horecacontroles uitgevoerd. Dit wordt getrokken door de BOA met horeca als specialisatie. Naast de drank- en horecatoezichthouder nemen de politie, Stedin en sociale recherche deel. Er is afgesproken dat minimaal honderd integrale controles per jaar worden uitgevoerd. Na drie maanden staat in 2022 de teller reeds op ongeveer zestig controles. In 2021 werden vanwege corona minder horecacontroles uitgevoerd, namelijk 42. Hoeveel horecacontroles zijn uitgevoerd in 2021 blijkt niet uit de aangeleverde cijfers. Zie tabel 5.4.
−
Ook worden controles uitgevoerd van zogenoemde digitale opkoopregisters. Met dergelijke registers wordt getracht heling, witwassen of fiscale fraude te voorkomen. Er wordt vier keer per jaar gecontroleerd, gedurende een hele dag. In 2020 zijn veertig controles uitgevoerd en in 2021 slechts één, met name vanwege schaarse politiecapaciteit.
Tabel 5.4: Uitgevoerde controles in Zoetermeer in 2020 en 2021 Controles Bedrijventerrein (geen auto, geen DOR) Autobranche (geen DOR-controle) Horeca-controle DOR-controle (*) HEIT
2020 33 40 8
2021 7 2 42 1 17
Totaal 81 41 25
Noot: (*) Digitaal Opkoopregister Tabel 5.5: Informatie over de aanpak van bedrijventerreinen - maatregelen, signalen en vetrokken bedrijven Aanpak bedrijventerreinen Laagdrempelige gesprekken met ondernemers Bewustwordingsbrieven naar ondernemers Signalen van ondernemers n.a.v. gesprekken Vertrek bedrijf dat ‘aandacht’ krijgt
2020 74 188 7 4
2021 414 296 0 7
Totaal 488 484 7 11
Ad d.) Bestuurlijke rapportages De politie en de BOA’s stellen zogenoemde bestuurlijke rapportages op. De politie doet dit bijvoorbeeld na aanhoudingen en drugsvondsten. De politie mailt bestuurlijke rapportages naar de handhavingsjuristen (VTH-team). De onderstaande tabel vermeldt hoeveel rapportages in 2020 en 2021 zijn opgesteld. We hebben gevraagd naar specificatie van de inhoud (aard van de constatering) van de rapportages en naar informatie over het type pand (huurwoning, koopwoning of bedrijfspand) en de wijk. In het registratiesysteem van de gemeente was dit niet – of met veel handwerk – te doen. De rapportages gaan, zo kregen we te horen, voor “95 procent” over drugshandel of drugsproductie. En “een enkele keer” over illegale prostitutie, illegaal gokken of misstanden met het digitaal opkoopregister.
37
Tabel 5.6: Bestuurlijke rapportages in 2020 en 2021, opgesteld door politie en BOA’s. Bestuurlijke rapportages Politie BOA’s
2020 37 5
2021 40 4
Totaal 77 9
We hebben informatie ontvangen over tachtig bestuurlijke maatregelen (handhaving) die zijn opgelegd in 2020 en 2021. Volgens artikel 13b van de Opiumwet heeft de burgemeester voor de handhaving van de handel of productie in drugs in panden de mogelijkheid bestuursdwang toe te passen: het zogenoemde Damocles-beleid. Er is 37 keer bestuursdwang toegepast op basis van dit beleid. In de praktijk is dit feitelijk sluiting van een pand.34 Voorts is 27 keer een waarschuwing uitgedeeld. Zie verder tabel 5.7. We hebben gevraagd of deze gegevens konden worden gespecificeerd, wat betreft de aard van het feit (b.v. drugshandel of drugsproductie), het type pand of de wijk in de stad. Voorts is gevraagd wat de bron van de maatregel was, bijvoorbeeld een bestuurlijke rapportage van de politie of van een BOA, een casus-aanpak van het Kernteam (zie punt b.) of een uitgevoerde controle (zie punt c.). Die informatie was niet voorhanden. Het ontbreken van dergelijke overzichten is een interne hindernis bij de ondermijningsaanpak. Zie paragraaf 5.2. Tabel 5.7: Bestuurlijke handhaving door de gemeente Zoetermeer in 2020 en 2021 Bestuurlijke handhaving Bestuurlijke boete Bestuursdwang – Ondermijningsartikel APV Bestuursdwang – Damocles Bestuursdwang – Overig Last onder dwangsom Bestuurlijke waarschuwing Bestuurlijke waarschuwing DOR Totaal
2020 0 0 20 1 2 10 3 36
2021 1 0 17 2 6 17 1 44
Totaal 1 0 37 3 8 27 4 80
Om nadere informatie te kunnen geven over de bestuurlijke handhaving heeft een handhavingsjurist, in de persoonlijke werkomgeving, gezocht naar gegevens die het gemeentelijke systeem niet genereert. Het gaat om 59 dossiers die in 2021 hebben gelopen. Dit is geen totaaloverzicht; het betreft dossiers waarover de onderstaande gegevens beschikbaar waren. De basis van het optreden is 54 keer een bestuurlijke rapportage van de politie en vijf keer van een BOA. Het betrof 31 keer drugscriminaliteit, voornamelijk drugshandel (21 keer), plus onder meer drie hennepkwekerijen en een drugslab. Voorts werd twintig keer illegaal vuurwerk aangetroffen, waaronder één keer een “vuurwerkbom” en één keer een “grote hoeveelheid illegaal vuurwerk”. Er werd slechts één keer (illegale) prostitutie geconstateerd. Zie verder de onderstaande tabel. In de top-5 van wijken of locaties waar deze feiten werden geconstateerd, staan: Oosterheem (10); Meerzicht (8); Noordhove (7); stadscentrum (6); Rokkeveen (6) en Buytenwegh (5). Zie de onderstaande tabel voor meer gegevens. Tabel 5.8: Overzicht van geconstateerde feiten en locaties van 59 bestuurlijke rapportages (die in 2021 in Zoetermeer zijn behandeld) Geconstateerde feiten Locaties Drugs 31 Oosterheem 10 Drugshandel – 19 Meerzicht 8 Drugshandel op straat - 2 Noordhove 7 Drugshandel en wapens – 1 Stadscentrum 6 34
Het gaat in dit geval om het aantreffen van verdovende middelen uit Lijst 1 en 2 Opiumwet.
38
Drugs-gerelateerde goederen – 4 Kleine hoeveelheid drugs en een wapen -1 Hennepkwekerij – 3 Drugslab - 1 Illegaal vuurwerk Waaronder: Vuurwerkbom – 1 Grote hoeveelheid illegaal vuurwerk - 1 Digitaal opkoopregister Wapens Prostitutie Inbrekers Overlast / ondermijningspand Totaal
20
3 2 1 1 1 59
Rokkeveen Buytenwegh Dorp Driemanspolder Palenstein Noordelijke bedrijventerreinen Seghwaert Rokkehage Lansinghage Straatlocatie
6 5 3 3 3 2 2 2 1 1
Totaal
59
Op deze 59 dossiers werd 34 keer gereageerd met een bestuurlijke waarschuwing, 18 keer werd overgegaan tot tijdelijke sluiting (voor een duur van één tot negen maanden) en zeven keer werd een last onder dwangsom opgelegd. Bij de 31 drugszaken werden de volgende bestuurlijke maatregelen opgelegd: ▪
▪ ▪ ▪ ▪ ▪
▪
Drugshandel o Last tot sluiten - 3 maanden (11) o Last onder dwangsom (3) o Last tot sluiten – 6 weken (2) o Bestuurlijke waarschuwing (2) o Last tot sluiten – 2 maanden (1) Drugshandel op straat o Last onder dwangsom (2) Drugshandel en wapens o Bestuurlijke waarschuwing (1) Drugs-gerelateerde goederen o Bestuurlijke waarschuwing (4) Kleine hoeveelheid drugs en een wapen o Bestuurlijke waarschuwing (1) Hennepkwekerij o Last onder dwangsom (1) o Bestuurlijke waarschuwing (1) o Last tot sluiten - 3 maanden (1) Drugslab o Last tot sluiten - 9 maanden (1)
Ad e.) Bibob-toetsing en -coördinatie De gemeente Zoetermeer voert Bibob-onderzoeken uit. Er wordt altijd (een ‘zal-bepaling’) een Bibob-toets uitgevoerd (bij vergunningen) in geijkte risicobranches, namelijk vechtsportgala’s, horeca (exploitatievergunning en Drank- en horecawet), speelgelegenheden en seksinrichtingen. Voorts kan een toets worden uitgevoerd bij subsidieverlening en voor een Wabo-vergunning: in zeventien genoemde risicobranches of bij een bouwsom van minimaal € 500.000,-. In de praktijk ligt het zwaartepunt in de horecasector, met 28 Bibob-toetsen in 2021 (hetgeen vier keer resulteerde in een weigering) en achttien35 in 2020. Daarnaast werden in 2020 en 35
Mogelijk ook één of enkele toetsen vanwege een vergunning voor seksinrichting, zo kregen we als toelichting; dat valt niet op te maken uit aangeleverde cijfers.
39
2021 in totaal 28 Bibob-onderzoeken uitgevoerd vanwege een Wabo-vergunning. Het OOV-team telt geen zogenoemde Bibob-coördinator, want dit is in feite een neventaak van de regisseur ondermijning. Deze functionaris werkte voorheen in het VTH-team. Het VTH-team telt ongeveer vijf medewerkers die Bibob-toetsen (Wabo en horeca) uitvoeren. ‘Zware’ Bibob-toetsen worden uitgevoerd door de regisseur ondermijning. In 2020 en 2021 is in totaal zes keer een RIEC-advies gevraagd in een Bibob-traject en twee bij het Landelijk Bureau Bibob (LBB). Zie tabel 5.9. Tabel 5.9 Informatie over Bibob-onderzoeken in Zoetermeer, uitgevoerd in 2020 en 2021 Bibob-onderzoeken Wabo APV * RIEC-adviezen LBB-adviezen Maatregelen / weigering **
2020 13 18 5 2 2
2021 13 28 1 0 4
Totaal 26 46 6 2 6
Noten: * Horeca en seksinrichtingen (bijna allemaal horeca; zie voetnoot 29) | ** weigeren vergunning; voorschriften opnemen in de vergunning; buiten behandeling stellen van de aanvraag
5.2
Grenzen aan de ondermijningsaanpak
In de Kadernota Veiligheid 2019-2022 is ondermijning één van de vier speerpunten. Dit resulteert in beleidsvoornemens en -praktijken, al lopen ambtelijke professionals daarbij aan tegen (soms knellende) grenzen. Het betreft: a. b. c. d. e. f.
De veiligheidsorganisatie: versterking en blijvende kwetsbaarheden De onder-bemenste BOA-organisatie: kansen en opdrachten Bibob-beleid: een strategische en operationele opdracht De ondermijningsaanpak: interne hindernissen Veiligheid als sluitstuk: wijkgericht werken Op het snijvlak van ondermijning en de jeugdaanpak: opgaven
Ad a.) De veiligheidsorganisatie: versterking en blijvende kwetsbaarheden Personele tekorten en beleidsachterstanden laten zich voelen op verschillende veiligheidsdossiers, onder meer bij Bibob-beleid en ondermijning. De ondermijningsaanpak loopt vaak achter de feiten. De 6,5 ton structurele financiering voor de ondermijningsaanpak in het coalitieakkoord 2022-2026 geeft eerder zekerheid dan extra personele ruimte. Een leidinggevende ambtenaar rekent voor dat dit bedrag voor ongeveer twee derde wordt besteed aan het “structureel maken” van tijdelijke financiering, terwijl het sentiment is dat er “veel extra’s” bij komt. De personele groei bedraagt ongeveer 1,5 fte. Er wordt overwogen die in te vullen met een Bibob-coördinator (OOV) en met een extra ondermijnings-BOA (Handhaving).