Bijlage 1 - Plantoelichting
Tekst van het document
Hier ligt overigens ook een relatie met een geplande ontwikkeling aan richting het oosten (ontwikkeling Bluehouse), eveneens gelegen aan de Engelandlaan. Ook voor deze ontwikkeling is herontwikkeling van het openbaar gebied nodig. Voor het geheel wordt in totaal voorzien in de aanplant van 19 nieuwe bomen. De uiteindelijke inrichting van het openbaar gebied zal worden meegenomen in de grondexploitatie en/of een anterieure overeenkomst op basis van het stedenbouwkundig plan voor de ontwikkeling. Op basis van de Visie Biodiversiteit geldt voor de locatie dat het gelegen is binnen het habitat 'bebouwing', en grenzend aan 'struweel en hagen'. In het kader van voorliggend bestemmingsplan is door onderzoeksbureau ATKB een Quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd. Daarin is ook getoetst aan het gemeentelijk beleid. Belemmeringen ten aanzien van soorten treden niet op. Groencompensatie is wel noodzakelijk. Dit is reeds hierboven besproken. Voor een nadere detaillering van de onderzoeksresultaten wordt verwezen naar
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
28/69
bijlage 5. De Quickscan wordt tevens behandeld in paragraaf 5.8 van deze Toelichting. Conclusie Voor de voorgenomen ontwikkeling zijn ingrepen in het bestaande groen noodzakelijk, waardoor verplichte groencompensatie of anderssoortige compensatie aan de orde is. Bij de herinrichting van het openbaar gebied wordt groen elders rondom de woontoren teruggebracht. De uiteindelijke inrichting wordt via andere (juridische) wegen geborgd en vormt geen onderdeel van dit bestemmingsplan. De Groentrilogie vormt geen belemmering voor de vaststelling van dit bestemmingsplan. 2.4.8
Mobiliteitsvisie Zoetermeer 2030
In de Mobiliteitsvisie Zoetermeer 2030 (de Mobiliteitsvisie) is beschreven op welke wijze de gemeente de komende jaren wil omgaan met zaken als vervoer, parkeren, fietsvoorzieningen en verkeersveiligheid. In de Mobiliteitsvisie wordt omschreven dat Zoetermeer een aantrekkelijke en uitstekend bereikbare en verkeersveilige stad zijn voor haar inwoners, werknemers en bezoekers. Om dit te kunnen bereiken is een prettige woon- en leefomgeving noodzakelijk. Daar leveren bereikbaarheid en mobiliteit een belangrijke bijdrage aan. In de Mobiliteitsvisie wordt onder andere de koppeling gelegd met het Zoetermeerse woonbeleid. De woningbouwopgave van 10.000 tot 16.000 woningen leidt tot een te verwachten toename van ca. 30.000 inwoners. De voorgestane groei van de stad betekent een impuls van o.a. het voorzieningenniveau en de onderwijsmogelijkheden. Een goed verkeers- en vervoersnetwerk aangevuld met nieuwe en slimme mobiliteitsconcepten zijn daarbij cruciaal. De Mobiliteitsvisie stelt vanuit de gestelde ambitie twee doelstellingen en een aantal daarmee samenhangende opgaven centraal: 1. Zoetermeer leefbaar en vitaal: a. mobiliteitssysteem en ruimtelijke ambities gaan hand in hand; b. versterken onderlinge verbondenheid gebieden rond de stadsring; c. verder verbeteren van de verkeersveiligheid; d. kwalitatief krachtig en robuust OV-netwerk opgebouwd vanuit drie hoofdknooppunten; e.
fietsen en lopen stimuleren door goede netwerken en stallingen; f. innovatie en duurzaamheid maximaal stimuleren. 2. Zoetermeer centraal in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag en de Randstad: a. samenwerking regionale en maatschappelijke partners intensiveren; b. versterken en robuuster maken OV-netwerk op regionaal niveau; c. nieuwe regionale noord-zuid autoverbinding onderzoeken; d. Zoetermeer laat zich zien binnen een aantrekkelijk regionaal fietsnetwerk. De gestelde opgaven betreffen grotendeels een voortzetting van de opgaven zoals verwoord in de voormalige Mobiliteitsvisie 2017, aangevuld met nieuwe opgaven en verder vormgegeven als gevolg van kennis en inzichten van nu. Relatie tot bestemmingsplan De geplande ontwikkeling raakt niet aan de belangen zoals verwoord in de Mobiliteitsvisie. Het bestemmingsplan vormt bovendien geen belemmering voor het verwezenlijken van de doelen die met de visie worden nagestreefd. Wel geldt dat het toevoegen van 85 wooneenheden enkel kan plaatsvinden wanneer het mobiliteitsnetwerk deze toename op kan vangen en kan verwerken. Het plangebied is gelegen langs de Engelandlaan (wijktoegangsweg) en op loopen fietsafstand verschillende OV-knooppunten. Hierdoor beweegt men zich gemakkelijk binnen de gemeentegrenzen, maar zijn omliggende dorpen- en steden, de Metropoolregio Rotterdam Den Haag en de Randstad eveneens goed bereikbaar.
Dit maakt de locatie ook aantrekkelijk als woonlocatie voor forenzen. Met het het stadscentrum op korte afstand van de locatie zijn noodzakelijke voorzieningen bovendien ook te voet of per fiets goed bereikbaar. Vanuit het oogpunt van mobiliteit en bereikbaarheid betreft het plangebied een goede locatie voor het toevoegen van een woontoren.
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
29/69
Conclusie Het bestemmingsplan levert niet direct een bijdrage aan het verwezenlijken van de doelstellingen en opgaven zoals verwoord in de Mobiliteitsvisie Zoetermeer 2030, maar is daarmee ook niet in strijd. Aanvullend geldt dat de locatie gelet op de situering in het stadscentrum en nabij het hoofdwegennet en OV-knooppunten een geschikte locatie is voor de realisatie van een woontoren. 2.4.9
Parkeerbeleid 2019
Het geactualiseerde parkeerbeleid Zoetermeer, zoals vastgelegd in de Nota Parkeerbeleid Zoetermeer 2019 en de Nota Parkeernormen en Uitvoeringsregels Zoetermeer 2019, is op 16 december 2019 door de gemeenteraad vastgesteld. In het geactualiseerde parkeerbeleid zijn de laatste inzichten ten aanzien van het parkeren en de toetsing op parkeernormen meegenomen. Voor alle functies zijn duidelijke vaste minimale parkeernormen per zone opgenomen. Hiervan kan in principe niet naar beneden afgeweken worden. Voor zeer kleine woonvormen, jongerenwoningen, studentenwoningen, zorgwoningen en sociale/goedkope huurwoningen zijn specifieke parkeernormen opgenomen. Hiermee is het parkeerbeleid doelgroepgericht. Verder verschilt de parkeernorm bij nieuwe ontwikkelingen afhankelijk van de locatie in de stad waar deze ontwikkeling wordt voorzien. Het parkeerbeleid is gebiedsgericht. Rekening is gehouden met een hoog, gemiddeld of laag autobezit, gebiedskenmerken zoals OV-bereikbaarheid, aanbod aan voorzieningen alsmede de ambities voor het gebied in de toekomst vanuit gewenst ruimtegebruik, duurzaamheid en leefbaarheid. Relatie bestemmingsplan De Nota Parkeernormen en Uitvoeringsregels Zoetermeer 2019 is van toepassing. In paragraaf 4.3.2 van voorliggend plan wordt nader ingegaan op het aspect parkeren. 2.4.10 Actieplan Fiets 2014-2030 Zoetermeer kent een fijnmazig uitgebouwd fietsroutenetwerk.
De gekozen stedenbouwkundige opzet van de stad zorgt voor een solitair, vrijliggend en barrièrevrij fietsnetwerk en daardoor een voor fietsers snelle, verkeersveilige en comfortabele bereikbaarheid van de voorzieningen, winkel- en werkgebieden, onderwijslocaties en woonwijken onderling. Desondanks bestaan er nog diverse hindernissen die de gemeente graag wegneemt. Met het Actieplan Fiets wil Zoetermeer de bewuste keuzemogelijkheden voor de verschillende vervoerswijzen vergroten door de laatste hindernissen weg te nemen en het fietsgebruik onder zowel bestaande als nieuwe inwoners en bezoekers verder stimuleren.
De belangrijkste speerpunten waar Zoetermeer zich binnen de beleidsperiode op zal richten zijn: het aantal fietsverplaatsingen per persoon binnen de stad in 2030 met 50% te verhogen ten opzichte van 2012; het gebruik van de fiets (als vervoerwijze) in het woonwerkverkeer met 5% verhogen ten opzichte van 2012; het gebruik van de fiets (als vervoerwijze) van en naar het Stadshart en Dorpsstraat met 5% verhogen ten opzichte van 2012; de concurrentiepositie van de fiets binnen Zoetermeer ten opzichte van andere vervoerwijzen te verbeteren; de fietsstallingsmogelijkheden zowel kwantitatief als kwalitatief optimaliseren; het comfort voor fietsers verhogen door een snel, veilig en hindernisvrij fietsnetwerk; innovatieve acties en maatregelen om het fietsgebruik onder verschillende doelgroepen te verhogen (onder andere fietsen leuk en aantrekkelijk maken, imago verbeteren). Relatie tot bestemmingsplan Voorliggend bestemmingsplan heeft in principe geen direct verband met het Actieplan Fiets. Zo worden bijvoorbeeld geen nieuwe fietsverbindingen aangelegd. Wel relevant om te benoemen is dat het plangebied direct gelegen is langs een zogeheten verbindend
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
30/69
fietsnetwerk. Dit maakt dat het plangebied voor gebruikers goed te bereiken is per fiets. De aanwezigheid van dit fietsnetwerk zorgt er ook voor dat omliggende voorzieningen in de directe omgeving van de woontoren alsmede in de rest van de stad bereikbaar zijn en zorgt tevens voor een goede aansluiting op het hoofdfietsnetwerk. Deze aansluiting maakt het bestemmings(fiets)verkeer toegankelijk, maar is ook vanuit recreatief oogpunt aantrekkelijk voor de toekomstige gebruikers van het plangebied.
figuur 2.11: Fietsnetwerkkaart, plangebied globaal aangeduid in oranje (bron: www.zoetermeer.nl/bestuur/verkeer-en-vervoer_47267)
Aanvullend geldt dat het plan als gevolg van een aantal maatregelen het fietsgebruik door bewoners van de woontoren stimuleert. Zo is sprake van een lagere parkeernorm, waardoor autogebruik in zekere mate wordt ontmoedigd. Daarnaast wordt voorzien in voldoende en hoogwaardige stallingsruimte voor de fiets. Daarbinnen wordt ook ruimte gecreëerd voor laadpalen voor elektrische fietsen. Conclusie Voorliggend bestemmingsplan kent enkele raakvlakken met het Actieplan Fiets 2014-2030 en draagt in beperkte mate bij aan de daarin gestelde doelstellingen. Zo kan gesproken worden van het stimuleren van fietsgebruik onder de toekomstige gebruikers van de woontoren. Daar levert ook de gunstige ligging binnen het fietsnetwerk een bijdrage aan. Voor het overige is het plan niet in strijd met het fietsbeleid. 2.4.11 Waterplan Zoetermeer (2002) Het Waterplan Zoetermeer is opgesteld door de gemeente Zoetermeer tezamen met het voormalige waterschap Wilck en Wiericke (dat inmiddels deel uitmaakt van het Hoogheemraadschap van Rijnland) en het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard. De doelstelling van het Waterplan Zoetermeer is het behouden en versterken van een duurzaam watersysteem. Kortom een watersysteem dat betrouwbaar, levend en boeiend is.
Om ook in de toekomst een veilig en goed functionerend watersysteem in Zoetermeer te behouden, moet meer ruimte voor water worden gerealiseerd. In het Waterplan Zoetermeer is afgesproken dat bij herontwikkeling gestreefd wordt naar het realiseren van extra water in het gebied dat (her)ontwikkeld wordt. In het stedelijk gebied wordt daarnaast ingezet op het vertragen van piekafvoeren, onder meer door het toepassen van open verharding of het realiseren van vegetatiedaken.
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
31/69
Een ander aandachtspunt uit het Waterplan is de waterkwaliteit. De kaderrichtlijn water (KRW) voorziet in het verbeteren van de waterkwaliteit. Er wordt gestreefd naar een waterkwaliteit, die minimaal voldoet aan de landelijk geldende normen en ook een aantrekkelijk leefgebied vormt voor plant en dier. Hiervoor is het van belang dat geen uitlogende, milieubelastende materialen, zoals zink, koper en lood, worden toegepast in oppervlakken welke direct of via het schoonwaterriool afwateren naar het oppervlaktewater. Lange duikers hebben een negatief effect op de waterkwaliteit, omdat het water aan licht en lucht onttrokken wordt. Bovendien is het water in duikers niet zichtbaar. In het Waterplan wordt er dan ook naar gestreefd waterpartijen zoveel mogelijk via open water met elkaar te verbinden. Relatie tot bestemmingsplan Voor dit plan is de wettelijk verplichte watertoets doorlopen, aan de hand waarvan het planvoornemen is afgestemd met het waterschap. In paragraaf 5.5 wordt aangegeven op welke manier de waterhuishoudkundige belangen worden gewaarborgd. Onder andere de onderwerpen waterkwaliteit en waterkwantiteit komen daarin aan bod. 2.4.12 Programma Duurzaam en Groen Zoetermeer (2020 - 2023) Het Programma Duurzaam & Groen Zoetermeer is geactualiseerd voor de periode 2020 – 2023.
Ambitie Energietransitie De ambitie voor de energietransitie is: “Een aardgasvrije gebouwde omgeving in 2040 i.c.m. met een verbetering van de kwaliteit van de woningen qua gezondheid (ventilatie en voorkomen oververhitting) en comfort/energiebesparing”. Maatregelen De belangrijkste maatregelen de komende jaren voor de energietransitie zijn: Het realiseren van een ondersteuningsaanbod voor particuliere huiseigenaren en VvE’s. Het maken van energietransitie-plannen in de regio en op stadsniveau. Het realiseren van een aardgasvrije energievoorziening voor ruim 1100 woningen en voorzieningen in de bestaande hoogbouw van Palenstein. Ambitie Groen/Biodiversiteit De ambitie voor groen/biodiversiteit is: "In 2040 een groenblauwe structuur in en om de stad hebben die onze concurrerende woonaantrekkelijkheid van Zoetermeer vergroot, leidt tot verhoging van de biodiversiteit en verbetering van de gezondheid en de klimaatadaptatie". Maatregelen De belangrijkste maatregelen in de komende jaren voor versterking groen/biodiversiteit zijn: Investeringsplannen in 2020 voor de Binnenstad (o.a. Central Park), het Entreegebied, en de bestaande wijken (pilot in Meerzicht). Vergroten van het areaal natuurlijk(er) beheerd gebied voor o.a. weidevogels (Nieuwe Driemanspolder en Meerpolder) en moerassige natuur (Nieuwe Driemanspolder en het Plassengebied).
Relatie tot bestemmingsplan Bij het ontwerpen van het te realiseren woongebouw zijn maatregelen ten behoeve van duurzaamheid in het ontwerp geïntegreerd. Meerdere maatregelen zijn verankerd in de huidige regelgeving t.a.v. bouwwerken. Andere zijn n.a.v. keuze van de initiatiefnemer of vanuit ambities van de plaatselijke gemeente Zoetermeer meegenomen. Het basis principe van duurzaamheid laat zich helder beschrijven in de trias energetica. De energievraag wordt beperkt door een goed isolerende jas om het gebouw te ontwerpen. Door warmteterugwinning worden warmteverliezen beperkt bij ventilatie. De compacte opzet van het woongebouw beperkt het aantal strekkende meters leidingen met de daarbij behorende
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
32/69
verliezen tot een minimum. Energiezuinige verlichting en liften, waterbesparende kranen, douche en toilet beperken eveneens de energievraag en verbruik van drinkwater. In de (bouw)wereld groeit het besef dat veel bronnen voor materialen eindig zijn. En aan de andere kant kan sloopmateriaal een waarde vertegenwoordigen. Steeds meer bouwproducten zijn beschikbaar, die deels zijn geproduceerd met hergebruikt materiaal. Bij toepassing van materialen zal gekeken worden of het product met duurzaamheidslabel is te verkrijgen. Zoals FSC voor hout, Beton Bewust CSC voor beton, compensatiesteen voor kalkzandsteenwanden, hergebruikt grondstoffen t.a.v. wand- en vloertegels. Voor de verwarming van de woningen wordt bodemenergie gebruikt. De intentie is gebruik te maken van een bron en installatie van de in de directe nabijheid gelegen Seatower. Deze installatie wordt daarmee geoptimaliseerd en wordt voorkomen dat een geheel nieuwe installatie wordt gerealiseerd. Het systeem is daarnaast in staat om enige koeling te realiseren in de woningen. Op de dakverdieping worden PV-panelen geplaatst, welke energie gaan leveren aan de algemene voorzieningen zoals de verlichting en liften. Verder wordt door de PV-panelen directe zonbelasting van het dak voorkomen. Aan de langsgevels zijn balkons opgenomen, in het ontwerp is rekening gehouden met toepassen van beplanting op de balkons.
Deze beplanting kan bijdragen aan CO2-reductie, en het verminderen van warmteopbouw ter plaatse van de gevels. In de plint van het woongebouw zijn voorzieningen opgenomen t.a.v. elektrische fietsen en scooters. In het omliggende parkeerterrein zullen laadpalen t.b.v. elektrische auto’s worden voorbereid. Tijdens de realisatie van de woontoren zullen alle betrokken partijen, recente ontwikkelingen in de markt t.a.v. duurzaamheid volgen en indien geschikt voorstellen om toe te passen.
figuur 2.12: Overzicht duurzaamheidsmaatregelen
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
33/69
2.4.13 Nota Duurzaam Bouwen (2009) De Nota Duurzaam Bouwen (vastgesteld door de gemeenteraad 21 september 2009) besteedt aandacht aan nieuwbouw, bestaande bouw en gemeentelijke gebouwen. Daarnaast wordt specifiek aandacht besteed aan klimaatbeleid, omdat het een speerpunt is binnen het Programma Duurzaam Zoetermeer. In de Nota is bepaald dat voor projecten vanaf 25 woningen of vergelijkbare grootte de ontwikkelaar van het vastgoed een energievisie dient uit te werken. Daarnaast geldt voor nieuwbouwlocaties met meer dan 1 woning dat GPR-gebouw wordt toegepast. Voor overige locaties zal voor alle labels van het instrument GPR een ambitieniveau van minimaal 7 worden gehanteerd. Voor 6 locaties die in het programma Duurzaam Zoetermeer waren aangewezen als innovatieve gebieden of projecten (o.a. Culturele As en Vlek A Oosterheem) blijven scherpe ambities gelden op energiebeleid. Relatie tot bestemmingsplan De beoogde woningen worden gasloos uitgevoerd. Daarnaast worden, zoals ook besproken in voorgaande paragraaf 2.4.12 aanvullende maatregelen uitgevoerd ter bevordering van een duurzaam concept. De verdere uitvoering van de nota Duurzaam Bouwen zal doorgang vinden in het traject van de omgevingsvergunning. 2.4.14 Welstandsnota In april 2012 is de nieuwe Welstandsnota Zoetermeer van kracht geworden.
In de Welstandsnota staan de criteria waarop de Stadsbouwmeester zijn advies over bouwplannen baseert. Er worden drie beleidsniveaus onderscheiden, die aan een gebied kunnen worden toegekend, te weten; intensief, regulier en een luw welstandsbeleid. Deze drie niveaus geven de kwalitatieve ambities en de mate van vrijheid aan in het omgaan met de bestaande structuur en het bebouwingsbeeld, stedenbouwkundig en architectonisch. Ze zijn vertaald in algemene criteria, die naar gelang het niveau hoger is, uitgebreider worden. Relatie tot bestemmingsplan Voor het plangebied geldt het regulier welstandsbeleid. In reguliere welstandsgebieden is het zich rekenschap geven van de hoofdkarakteristieken van de structuur en de architectuur uitgangspunt. Hier staat de samenhang van structuur en bebouwingsbeeld voorop. Binnen reguliere gebieden voldoet een gebouw aan redelijke eisen van welstand wanneer: 1. het volume, maat, schaal en verschijningsvorm past in zijn omgeving en daarmee in harmonie is (verwantschap) of zorgvuldig contrasteert; 2. het een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van de omgeving en de openbare ruimte; 3. het zich duidelijk herkenbaar richt op zijn omgeving en daar niet vanaf keert; 4. het is afgestemd op de stedenbouwkundige en architectonische typologie van het gebied; 5.
het belangrijke doorzichten en zichtlijnen op cultuurhistorisch waardevolle structuren en gebouwen respecteert. 6. het evenwichtig en beheerst is vormgegeven in goede maatverhoudingen en compositie van de onderdelen, daarin begrepen het materiaalgebruik, de constructie en het daklandschap; 7. het consistent is in de gekozen bouwstijl. Relatie tot bestemmingsplan Welstand is bij uitstek een onderwerp voor het traject van omgevingsvergunning. Op het moment dat een aanvraag omgevingsvergunning voor de activiteit 'bouwen' wordt ingediend voor de realisatie van het hoofdgebouw, zal dan ook aan bovenstaande criteria worden getoetst.
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
34/69
2.4.15 Planuitwerkingskader Engelandlaan 140 Het planuitwerkingskader Engelandlaan 140 is op 5 november 2019 vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders. In het planuitwerkingskader (PUK) zijn de voorwaarden opgenomen waaraan een plan dient te voldoen om de gemeentelijke publiekrechtelijke medewerking te verkrijgen. Relatie tot bestemmingsplan Op basis van het PUK wordt het plan verder uitgewerkt, waarbij de randvoorwaarden die zijn verwoord in het PUK, als doel hebben om in de verdere planontwikkeling als toetsingskader te fungeren. Hiermee wordt vorm en inhoud aan de planontwikkeling gegeven.
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
35/69
Hoofdstuk 3 3.1
Bestaande situatie
Ontstaansgeschiedenis
Het plangebied ligt geheel in de de Nieuwe Driemanspolder. Daarin ligt het oppervlaktewater peil met NAP - 5,82 m ruim vier meter onder het waterpeil van de Zoetermeerse Tussenboezem. Deze polder wordt begrensd door de Leidse Wallenwetering, de Voorweg, de dijk van de Zoetermeerse Meerpolder en de Elleboogse wetering boven de Zoetemeerse Plas. In de elfde eeuw ontstond een kleine nederzetting aan de oever van een natuurlijk meer (de huidige Meerpolder). Vanaf die tijd werd in het gebied van Zoetermeer grond ontgonnen en kwam de kolonisatie van de veengebieden op gang. Na 1670 zijn de uitgestrekte plassen die rondom het tweelingdorp Zoetermeer-Zegwaart waren ontstaan -door het uitsteken van de veengrond voor het winnen van turf- stapsgewijs weer drooggemalen en als landbouwgrond uitgegeven. De Nieuw Drooggemaakte Polder is de laatste van deze reeks inpolderingen. Binnen deze Nieuw Drooggemaakte Polder is het overgrote deel van het plangebied gelegen. De polder is drooggemalen met behulp van vier windmolens en in 1771 drooggevallen. Het peil van het land ligt nu ongeveer 5 meter beneden Nieuw Amsterdams Peil (NAP). Dit is ruim drie meter onder het niveau van de Leidse Wallenwetering en het water langs de Voorweg.
Figuur 3.1: De structuur v an het Stadscentrum, geplaatst ov er de structuur v an het oude polder landschap
De Grote Dobbe is eveneens een restant van het oude Zoetermeer en vormde vroeger een draaikom waar schepen konden keren en aanleggen. In de jaren tachtig van de vorige eeuw is de Grote Dobbe aanzienlijk vergroot. Daarvoor was het slechts een verbreding in de buurtvaart. Bij de bouw van het Stadscentrum is de dijk van de Grote Dobbe doorgestoken, waardoor de waterpartij bijna drie keer zo groot is geworden en het water nu tot aan de Markt loopt.
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
36/69
3.2
Ruimtelijke en functionele analyse plangebied
3.2.1
Stedenbouwkundige opzet
Het plangebied is gelegen in het Stadscentrum. Het Stadscentrum bestaat uit een aantal deelgebieden, zoals het kernwinkelgebied, de Dorpsstraat e.o., het Dobbegebied, de Engelse buurt, de Franse buurt en de Griekse buurt. Het plangebied is gelegen in de Engelse buurt.
Figuur 3.2: Deelgebieden binnen stadscentrum Zoetermeer, plangebied globaal aangeduid in het zwart
De Engelse buurt dateert uit het einde van de jaren '80 en bestaat uit een mix van laagbouw en gestapelde bouw. Aan de randen wordt aan de zijde van Markt, de Grote Dobbe en langs de Engellandlaan het beeld bepaald door bouwblokken met gestapelde woningen. Het middengedeelte van de Engelse buurt bestaat uit rijen met laagbouwwoningen. De Engelse buurt is hoofdzakelijk een monofunctioneel woongebied. Kenmerkend is de concentrische verkavelingsstructuur in de vorm van een kwartcirkel met het Dobbe-eiland als middelpunt. Naast de overwegende woonfunctie kende deze buurt ook een viertal solitaire
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
37/69
kantoorgebouwen te midden van groen en parkeerterreinen aan de Engelandlaan. Deze kantoorgebouwen zijn middels een transformatieopgave omgezet in wooncomplexen met gestapelde woningen. Hier ligt de overgang tussen de rustige woonbuurt en het kernwinkelgebied in het Stadscentrum. Het groene karakter van de buurt wordt met name bepaald door het groengebied aan de westzijde en de groene rand langs de Grote Dobbe. 3.2.2
Functionele analyse
Het plangebied omvat in de huidige situatie een grasveld (bestemming 'Groen'). Buiten het plangebied zijn diverse bestemmingen dan wel functies geprojecteerd. Centrumgebied Aan de noordzijde van het plangebied is het Stadshart gelegen. Hier wisselen centrum- en gemengde bestemmingen zich af. Binnen de bestemming centrum zijn centrumbestemmingen, zoals horeca en detailhandel mogelijk. Binnen de bestemming 'Gemengd' zijn vergelijkbare functies toegestaan, met als aanvullen daarop tevens woonfuncties. Kantoren Direct ten oosten en westen van het plangebied zijn langs de Engelandlaan twee voormalige kantoorgebouwen gesitueerd. Deze kantoorlocaties zijn met het oog op de transformatieopgave omgezet in appartementgebouwen met gestapelde woningen. Deze transformatie is tot stand gebracht onder gebruikmaking van de zogeheten Kruimelgevallenregeling (artikel 4, lid 9 bijlage II Besluit omgevingsrecht). Dit betekent dat de transformatie middels een reguliere omgevingsvergunningprocedure is mogelijk gemaakt. Om die reden is de woonfunctie op de vigerende bestemmingsplankaart niet zichtbaar en is aldaar nog de bestemming 'Kantoor' opgenomen. Verkeer en Verkeer - Verblijfsgebied en overige verkeersfuncties Gronden rondom de locatie zijn bestemd als 'Verkeer' en 'Verkeer - Verblijfsgebied.
De gronden zijn onder andere bestemd voor woonstraten, -erven en/of -pleinen, wegen en paden, langzaam verkeerroutes, parkeervoorzieningen, fietsenstallingen en andere daarbij behorende of daaraan ondergeschikte functies. Autoverkeer De Engelandlaan betreft de gebiedsontsluitingsweg van het plangebied. In Zoetermeer worden de wegen volgens het principe van Duurzaam Veilig vormgegeven. Dit is vastgelegd in de Nota Duurzaam Veilig 1e fase uit 1998 en de Nota Mobiliteit uit 2005. Het betekent dat wegen worden verdeeld in categorieën. Aan deze categorieën zijn snelheid, gebruik en inrichting gekoppeld. Doel is het verhogen van de herkenbaarheid en de verkeersveiligheid. De Engelandlaan valt binnen de categorie 'gebiedsontsluitingsweg'. Ditzelfde geldt voor de noordelijk gelegen Amsterdamstraat. In beide gevallen is sprake van een stille gebiedsontsluitingsweg. Richting het westen ligt tot slot de drukke gebiedsontsluitingsweg Bovenlangs. Op deze wegen geldt een snelheidsregime van 50 km/uur en zijn fietsers gescheiden van het autoverkeer. Fietsverkeer Het plangebied is gelegen langs een zogeheten verbindend fietsnetwerk. De aanwezigheid van dit fietsnetwerk zorgt er voor dat omliggende voorzieningen in de directe omgeving van het plangebied alsmede in de rest van de stad bereikbaar zijn en zorgt tevens voor een goede aansluiting op het hoofdfietsnetwerk.
Openbaar vervoer In de directe nabijheid van het plangebied zijn stations van de RandstadRail aanwezig. Het plangebied ligt ingeklemd tussen de haltes 'Stadhuis' (ten oosten) en Centrum-West (ten westen). Beiden liggen op loopafstand van het plangebied. Hier vertrekken tram 3 en 4 richting de Uithof (Den Haag) en Den Haag Loosduinen. Tevens geeft de Randstadrail een directe verbinding met het treinstation Lansingerland-Zoetermeer waar kan worden overgestapt op het nationale NS-railnet. De locatie ligt verder op korte fietsafstand van de treinstations Zoetermeer en Zoetermeer-Oost.
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
38/69
Centrum-West betreft tevens het busstation, waar een groot aantal buslijnen eindigen en vertrekken. Aan de Bordeaxtraat is een bushalte gelegen voor de lijnen 71 en 73. Daarnaast verzorgt De RegioTaxi Haaglanden het vervoer van deur tot deur van en naar iedere bestemming in Haaglanden. De regiotaxi komt daar waar het gewone openbaar vervoer niet komt. Parkeren Binnen het plangebied zijn een aantal parkeerplaatsen voor de parkeerbehoefte van de bewoners gelegen. Rondom de plangrens is eveneens sprake van een openbare parkeergelegenheid ten behoeve van bezoekers van bewoners. Wonen Ten zuidoosten en zuidwesten van het plangebied zijn bestaande woonbestemmingen geprojecteerd. Het typologie variëert van grondgebonden woningen tot gestapelde woningen.
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
39/69
Hoofdstuk 4 4.1
Planbeschrijving
Beoogd programma
Woontoren Binnen het plangebied wordt een woontoren opgericht dat ruimte biedt aan in totaal 85 woonobjecten. Het gebouw wordt ongeveer 46 mt hoog en bevat 15 bouwlagen.
Figuur 4.1: Impressie kopgevel met entree en plint (bron: 1-10 architecten oktober 2020)
De begane grond wordt vormgegeven als plint van het woongebouw, waarin naast de algemene (verkeers)ruimten, twee appartementen worden gerealiseerd. Op de eerste verdieping is ruimte voor vijf appartementen, alle daarboven gelegen verdiepingen bieden ruimte voor zes appartementen per bouwlaag. De appartementen worden gerealiseerd in de vorm van 2- en 3-kamer appartementen. Per appartement wordt voorzien in een individuele berging.
Figuur 4.2: Impressie woontoren (bron: 1-10 architecten oktober 2020)
Herinrichting openbare ruimte
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
40/69
Het plangebied betreft in de huidige situatie een onbebouwd kavel, waar een grasveld en bestaande bosschages en houtopstanden aanwezig zijn. Binnen dit kavel wordt ruimte gemaakt voor de woontoren, waarbij rekening wordt gehouden met de stedenbouwkundige opzet van de locatie en de directe omgeving.
Figuur 4.3: Opzet kavelpatroon en maaiveld (bron: ENG massastudie 17 dec 2018, Koster stedenbouw)
Groen Ter compensatie van het wegnemen van groen worden, in het kader van de Groentrilogie (zie paragraaf 2.4.7) en met het oog op de leefbaarheid, nieuwe bomen aangeplant. Rondom het plangebied gaat het om 10 nieuwe bomen. Een deel hiervan vindt plaats buiten de plangrenzen van dit plangebied. Daar waar de bomen worden voorzien zijn groenvoorzieningen reeds mogelijk op basis van de vigerende bestemmingen. De aanplant van bomen vindt bovendien plaats in samenhang met de herinrichting van de openbare ruimte in verband met de ontwikkeling van de woontoren Bluehouse, waar eveneens nieuwe bomen worden aangeplant. De totale toevoeging van groen binnen en rondom het plangebied bedraagt in totaal 19 bomen. Parkeren Bij woningbouwontwikkelingen dient voorts te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid. Hiertoe wordt het omliggende maaiveld geschikt gemaakt en ingericht met parkeervakken in openbaar gebied. In de directe omgeving van de woontoren is ruimte voor in totaal 43 parkeerplaatsen. In paragraaf 4.3.2 wordt nader ingegaan op de parkeerbehoefte. Niet alle parkeerplaatsen worden gerealiseerd binnen de plangrenzen. Een aantal parkeerplaatsen worden voorzien ten noorden van de locatie, waar reeds een verkeersbestemming geldt. Binnen die bestemming is het mogelijk parkeerplaatsen aan te leggen.
Omdat daar al een toereikend planologisch kader geldt, zijn die gronden niet meegenomen in de begrenzing van onderhavig plangebied. Stedenbouwkundige motivering Op basis van het geldende bestemmingsplan is aan de zuidkant van de Engelandlaan de bestemming 'Wonen' van toepassing. Hier is een appartementengebouw van zeven verdiepingen gelegen. Aan de noordkant van de Engelandlaan overheerst daarentegen de bestemming kantoor. De voormalige kantoorpanden City House en Dutch Port zijn inmiddels m.b.v. verleende omgevingsvergunningen getransformeerd naar appartementencomplexen van zes bouwlagen. Deze complexen zijn aan de oost- en westzijde van het plangebied gelegen. De realisatie van woningbouw op deze locatie past hiermee qua functie in zijn omgeving. De hoogte van het gebouw is met 15 bouwlagen een stuk hoger dan de naastgelegen
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
41/69
bebouwing. In de directe omgeving is reeds de stadhuistoren met een hoogte van circa 50 meter gelegen. Daarnaast worden op het Stadhuisplein en de Frankrijklaan / Reimsstraat nog woontorens voorzien die deze hoogte ruim zullen overstijgen (maximaal 90 en 70 meter voorzien. Het voorziene appartementencomplex aan de Engelandlaan past hiermee bij de skyline van het stadscentrum. De woontoren is een z.g.n. zes-spanner. Rondom een middenkern liggen vier 2-kamer woningen en twee 3-kamer woningen. De woontoren is opgebouwd uit 15 bouwlagen. De 85 sociale huurappartementen variëren in afmetingen tussen de 49 m2 en 65 m2 gebruiksoppervlakte. Het gebouw is met 46 meter aanzienlijk hoger dan de bestaande omgeving. Het ontwerp van de toren reageert hierop door een specifiek gevelontwerp en de posities van de buitenruimten. Op de hoger gelegen verdiepingen neemt de transparantie van de gevels toe. De structuur van de constructie maakt aanpassingen in de plattegrond mogelijk. Enerzijds door wapeningsvrije zones te definiëren in de dragende wanden waardoor woningen kunnen worden samengevoegd. De langsgevels zijn niet dragend ontworpen, hierdoor kan in de toekomst de woontoren aansluiten op een mogelijk toekomstige plintbebouwing, welke is verwoord in een bredere visie op de binnenstad door de gemeente Zoetermeer.
In deze toekomstige fase zal de toren een nieuwe entree krijgen via de plintbebouwing aan de Engelandlaan. Privacy t.o.v. naastliggende panden is geregeld door gebruik van borstweringen voor zowel de gevelramen als voor de balkons aan de gevel. In het woontorendeel hoger dan de belendende bebouwing zijn de borstweringen lager ontworpen, Hier speelt het probleem van privacy in geen of mindere mate. Daarnaast kan groen op de balkons worden ingezet als scherm om privacy te creëren en de mindere kwaliteit van het omliggende gebied af te schermen. 4.2
Omschrijving behoefte
Ladder voor duurzame verstedelijking De Ladder voor duurzame verstedelijking is voor het eerst geïntroduceerd in de SVIR en is als motiveringseis verankerd in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Het doel van de Ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Met de Ladder wordt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten nagestreefd.
Relatie tot bestemmingsplan Regio Haaglanden Naar verwachting komen er tot 2025 50.000 huishoudens bij in de regio Haaglanden. Onder hen bevinden zich met name veel jonge huishoudens in de leeftijd van 25 tot 40 jaar (circa 14.000), jonge ouderen van 55 tot 75 jaar (27.351) en ouderen van 75 jaar en ouder (circa
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
42/69
22.000). Het aantal huishoudens in de leeftijd van 40 tot 55 jaar neemt daarentegen juist met circa 11.000 af. Voor de regio betekenen deze cijfers dat er in de komende jaren een aanzienlijke bouwopgave ligt om iedereen aan een goede woning te helpen. Een opgave waarbij de focus niet alleen op eengezinswoningen, maar ook op gestapelde woningbouw gericht dient te zijn. Dit laatste vanwege de verwachte toename van het aantal kleinere huishoudens. Voorliggend plan voorziet in de realisatie van gestapelde woningbouw op een binnenstedelijke locatie. De primaire doelgroep betreft kleine huishoudens, zoals jonge starters en empty-nesters en sluit daarmee aan op de regionale doelstellingen. Tegelijkertijd worden gelet op de typologie en locatie ouderen niet uitgesloten. Ook voor deze groep geldt een behoefte aan nieuwe woningen. Gemeente Zoetermeer Op 13 februari 2017 is door de gemeenteraad van Zoetermeer de Woningbouwagenda Zoetermeer vastgesteld. De druk op de woningmarkt in Zoetermeer is groot en neemt snel toe. In de komende 10 tot 15 jaar bestaat de woningbouwprogrammering voor Zoetermeer uit het toevoegen van 10.000 woningen. Ook wordt gezocht naar het uitbreiden van het programma tot in totaal 16.000 woningen. Er zijn zo'n 700 woningen per jaar nodig om aan de behoefte te voldoen.
Het centrum van Zoetermeer, met als wenselijk woonmilieu "binnenstad (mix to the max)" kent een opgave van circa 2000 woningen voor de komende 10 tot 15 jaar. In navolging op de gemeentelijke woningbouwagenda is de Versnellingsagenda woningbouw 2018 vastgesteld. Hierin zijn 14 locaties aangewezen als ontwikkellocaties om op korte termijn te kunnen voorzien in een deel van de woningbehoefte. Het plangebied betreft één van deze locaties, waarvoor het 'Kavelpaspoort Engelandlaan (grasveld)' is opgesteld. Dit kavelpaspoort voorziet in stedenbouwkundige randvoorwaarden voor de ontwikkeling van een woontoren op deze locatie. Uit paragraaf 2.4.5 is reeds gebleken dat de ontwikkeling volledig past binnen deze kaders, zowel ten aanzien van aantallen als voor wat betreft de typologie en doelgroep. Dat de gemeente deze locatie heeft aangewezen als versnellingslocatie voor woningbouw toont de evidente behoefte aan de ontwikkeling. Conclusie Met voorliggend bestemmingsplan wordt een bijdrage geleverd aan het voorzien in de woningbouwbehoefte in Zoetermeer. Het planvoornemen past bovendien het regionaal afgestemde kader. Het plan voldoet daarmee aan de voorwaarden van de Ladder voor duurzame verstedelijking. 4.3
Verkeer en parkeren
In het kader van voorliggend bestemmingsplan dient onder andere te worden beoordeeld wat de gevolgen kunnen zijn van de planrealisatie voor de situatie ten aanzien van verkeer. Daarnaast dient te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid voor zowel de auto als de fiets. De relevante aspecten worden hieronder achtereenvolgens behandeld. 4.3.1
Verkeersgeneratie
De verkeersaantrekkende werking wordt bepaald met behulp van de kencijfers uit de CROW-publicatie 381. De verkeersaantrekkende werking is afhankelijk van de stedelijkheidsgraad en de stedelijke zone van een locatie. Het plangebied is gelegen in het centrum van Zoetermeer dat getypeerd kan worden als zeer sterk stedelijk gebied. Voor de sociale huurwoningen bedraagt de maximale verkeersgeneratie 2,0 motorvoertuigbewegingen per woning per weekdagetmaal. De maximale verkeersaantrekkende werking van de beoogde ontwikkeling, die bestaat uit de realisatie van 85 sociale huurwoningen, bedraagt 170 motorvoertuigbewegingen per weekdagetmaal. In bepaalde gevallen kan de verkeersgeneratie worden afgezet tegen het huidige gebruik. Aangezien het huidige gebruik in voorliggend geval geen verkeersgeneratie kent (het betreft immers een grasveld), dient van een toename van 170 mvt/e te worden
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
43/69
uitgegaan. Het plangebied is gelegen langs de Engelandlaan. In de directe nabijheid zijn tevens de Amsterdamstraat, Nederlandlaan en Bovenlangs gelegen. De Engelandlaan betreft, net als de Amsterdamstraat/Nederlandlaan en de Bovenlangs een gebiedsontsluitingsweg. Deze wegen zijn erop berekend grote aantallen verkeer te kunnen verwerken. De wegen zijn derhalve voldoende uitgerust om een toename van 170 mvt/e te kunnen afwikkelen. De berekende toename leidt daarom niet tot niet tot noodzakelijke infrastructurele aanpassingen. 4.3.2
Parkeren
Auto Normatieve parkeerbehoefte De locatie Engelandlaan 140 is gesitueerd in zone A. Het project betreft 85 sociale huurwoningen >40m2 (49 tot 65m2). De parkeernorm voor een sociale huurwoning >40m2 in zone A bedraagt 0,7 parkeerplaats per woning. Hiervan is 0,55 bestemd voor de bewoners (bewonersdeel) en 0,15 voor bezoekers (aandeel bezoek), zie onderstaande tabel, sociale/ goedkope huur Zone A.
In onderstaande tabel is de normatieve parkeerbehoefte uitgewerkt. 0,55 x 85 woningen = 46,8 0,15 x 85 woningen = 12,8
Woningen
Parkeerbehoefte bewonersdeel
Parkeerbehoefte bezoekersdeel
Sociale huurwoningen (85)
46,8 (47)
12,8 (13)
Totaal: 46,8 (47) +12,8 (13) = 59,6 (60) parkeerplaatsen
Dubbelgebruik
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
44/69
In totaal worden ten behoeve van het plan 43 nieuwe parkeerkeerplaatsen aangelegd welke openbaar toegankelijk zullen zijn. In het plan wordt het bezoekersdeel en het bewonersdeel in hetzelfde gebied openbaar toegankelijk opgelost. Dit betekent dat er uitwisseling mogelijk is tussen bewonersparkeren en bezoekersparkeren. In hoofdstuk 5.8 van de Nota parkeernormen en Uitvoeringsregels Zoetermeer 2019 wordt een en ander toegelicht over dubbelgebruik. Bij dubbelgebruik dient gekeken te worden naar het drukste dagdeel. Dit wordt op basis van aanwezigheidspercentages berekend. De aanwezigheidspercentages staan in bijlage 2 van de Nota parkeernormen en Uitvoeringsregels Zoetermeer 2019. In onderstaande tabel is het aantal benodigde parkeerplaatsen berekend, rekening houdend met de aanwezigheidspercentages.
Werkda Werkdag Werkda Koop g ochten g avond avond d middag
Werkda Zaterdag Zaterdag Zondag g nacht middag avond middag
Parkeren 23,4 bewoners
23,4
42,2
37,5
46,8
28,1
37,5
32,8
Parkeren 1,3 bezoekers
2,6
10,3
9,0
0
7,7
12,8
9,0
Totaal
26,0 (26) 52,5 (53) 46,5 (47) 46,8 (47) 35,8 (36) 50,3 (51) 41,8 (42)
25
Het maatgevend dagdeel is de werkdag avond. De totale parkeerbehoefte bedraagt dan 53 parkeerplaatsen waarbij is uitgegaan van openbaarheid en uitwisseling.
De conclusie luidt vervolgens dat er op het maatgevende dagdeel (werkdagavond) een tekort is van 10 parkeerplaatsen op eigen terrein (zie hieronder).
Nieuw gerealiseerde parkeerplaatsen 43 parkeerplaatsen
Parkeerbehoefte bedraagt maximaal 53 parkeerplaatsen op basis van uitwisseling
Parkeertekort op werkdagavond 10 parkeerplaatsen.
Benodigd maximaal in openbaar gebied omgeving 10 parkeerplaatsen op werkdagavond voor medegebruik
Parkeertekort op koopavond en werkdagnacht 4 parkeerplaatsen
Benodigd maximaal in openbaar gebied omgeving 4 parkeerplaatsen op werkdagavond voor medegebruik
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
45/69
Parkeertekort op zaterdagavond 8 parkeerplaatsen
Benodigd maximaal in openbaar gebied omgeving 8 parkeerplaatsen op zaterdagavond voor medegebruik
Parkeeroverschot op werkdagochtend (18), Extra nieuwe vrije openbare werkdagmiddag (17), zaterdagmiddag (7) en parkeerplaatsen beschikbaar op zondagmiddag (1). werkdagochtend, werkdagmiddag, zaterdagmiddag en zondagmiddag
Dat houdt in dat de gemeente het verzoek van de ontwikkelaar, voor medegebruik van 10 parkeerplaatsen in het openbaar gebied op werkdagavond, 4 parkeerplaatsen op werkdagnacht/koopavond en 8 parkeerplaatsen op zaterdagavond, moet beoordelen. Voor de werkdagochtend, werkdagmiddag, zaterdagmiddag en zondagmiddag verklaart de ontwikkelaar het overschot aan vrije parkeerplaatsen voor medegebruik van andere doelgroepen open te stellen.
Parkeeronderzoek Om na te gaan of er nog voldoende restruimte in de directe omgeving beschikbaar is dient een parkeeronderzoek te worden uitgevoerd of te worden geraadpleegd indien dit niet ouder is dan 2 jaar. Vanwege de huidige coronacrisis is de huidige parkeerbezetting in de omgeving van de ontwikkeling niet representatief te noemen voor de reguliere situatie zonder een coronacrisis. Het uitvoeren van een parkeeronderzoek op dit moment is dan ook niet opportuun. Aangezien we niet weten wanneer de situatie zich weer zal normaliseren is wachten met het plan ten behoeve van een nieuw parkeeronderzoek niet opportuun. Daarom wordt gebruik gemaakt van het representatieve parkeeronderzoek voor de Engelandlaan 270, dat is uitgevoerd door burea Rho, d.d.15 maart 2021 en als Bijlage 2 is opgenomen bij deze toelichting. In de rapportage is een parkeertelling opgenomen die is uitgeveord in 2019. Dit is vóór de coronacrisis uitbrak en is voldoende recent. Dit parkeeronderzoek geeft een worst-casesituatie aan waarbij het Stadhuis en omliggende kantoren nog een volle bezetting kenden en het Stadshart nog volledig was geopend met winkels en horeca. Dit parkeeronderzoek kan dan ook als representatief en maatgevend worden beschouwd.
Uit dit parkeeronderzoek blijkt dat binnen acceptabele loopafstand in het gebied van de Engelandlaan nog ruim voldoende openbare parkeerplaatsen beschikbaar zijn op de werkdagavond, de werkdagnacht en zaterdagmiddag. Zelfs met het plan voor Engelandlandlaan 270 (SeaTower) komt de bezettingsgraad van het gebied niet boven de 80% uit. Conform het parkeerbeleid 2019 is een opvulling tot 95% van de bezettingsgraad in gebied A toegestaan. Met het medegebruik van de hierboven genoemde aantallen parkeerplaatsen ten behoeve van het plan voor Engelandlaan 140 op de werkdagavond, werkdagnacht/ koopavond en zaterdagavond zal eveneens de maximale bezettingsgraad van 95% niet worden overschreden. Op basis van dit onderzoek kan geconcludeerd worden dat er voldoende restruimte is in het nabij gelegen openbaar gebied om het tekort aan parkeerplaatsen op te vangen.
Fiets In het Planuitwerkingskader, dat voor deze ontwikkeling is opgesteld en vastgesteld, is opgenomen dat voldaan dient te worden aan de fietsstallingskencijfers welke door de gemeente Zoetermeer worden gehanteerd. Omdat het Bouwbesluit vooralsnog regels bevat inzake het fietsparkeren, is de Nota Parkeernormen en Uitvoeringsregels Zoetermeer 2019 niet van toepassing.
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
46/69
Conform het Bouwbesluit heeft een woonfunctie als nevenfunctie een niet-gemeenschappelijke afsluitbare bergruimte met een vloeroppervlakte van ten minste 5 m2 bij een breedte van ten minste 1,8 m en een hoogte daarboven van ten minste 2,3 m. In afwijking hiervan kan bij een woonfunctie met een gebruiksoppervlakte van niet meer dan 50 m2 de bergruimte gemeenschappelijk zijn indien de vloeroppervlakte van de bergruimte ten minste 1,5 m2 per woonfunctie bedraagt. De driekamerappartementen (28 in totaal) beschikken allemaal over een berging op de verdieping van 5m2 met een breedte van minimaal 1,80m. De tweekamerappartementen (57 in totaal), die elk een gebruiksoppervlakte van niet meer dan 50 m2 hebben, beschikken niet over een afzonderlijke berging. Die 57 appartementen zijn kleiner dan 50m2. Hiervoor moet een gezamenlijke berging van 57 x 1,5m2 = 85,5m2 aanwezig zijn. Op de begane grond is voorzien in twee gezamenlijke bergingen van resp. ca. 72m2 en ca. 110m2 (180m2 in totaal). Hiermee wordt voldaan aan het Bouwbesluit. Het parkeren voor bezoekers van woningen dient altijd op openbaar toegankelijke parkeerplaatsen vormgegeven te worden. Dit betekent dat bezoekers altijd toegang moeten kunnen krijgen tot de voor hen bestemde parkeerplaatsen. De openbare ruimte zal door gemeente worden ingericht. Hier zullen minimaal 30 fietsparkeerplaatsen gerealiseerd worden.
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
47/69
Hoofdstuk 5 5.1
M ilieu en leefkwaliteit
Cultuurhistorie en archeologie
Op de kaart van de provinciale Cultuurhistorische Atlas (cultuurhistorische hoofdstructuur) is te zien dat binnen het gebied geen archeologische waarden aanwezig zijn. Ook op de Beleidskaart Archeologie van de gemeente Zoetermeer is te zien dat de locatie niet is gelegen in een gebied met archeologische waarden. Er is geen beschermingsregime nodig om de archeologische waarden te beschermen. De algemene meldingsplicht bij het aantreffen van oudheden is altijd van toepassing. Op basis van paragraaf 5.4 van de Erfgoedwet moet iedereen die, anders dan bij het doen van archeologisch onderzoek, iets vindt waarvan hij/zij weet of kan vermoeden dat het een (roerend of onroerend) monument betreft, dit melden bij de minister van OCW (en in deze, bij de gemeente Zoetermeer). Indien het bevoegd gezag van mening is dat dit noodzakelijk is, moet er tijd en ruimte geboden worden de resten te onderzoeken, documenteren en eventueel veiligstellen. Het niet melden van het aantreffen van oudheden is een overtreding van de Erfgoedwet. In het plangebied zijn voorts geen gemeentelijke of rijksmonumenten aanwezig.
Figuur 5.1: Prov inciale Cultuurhistorische Waardenkaart
5.2
Geluidhinder
De Wet geluidhinder, en het hierop gebaseerde Besluit geluidhinder, bevatten normen en regels ter voorkoming of beperking van geluidhinder ten gevolge van wegverkeerslawaai, spoorweglawaai, industrielawaai afkomstig van een gezoneerd industrieterrein. Aangegeven wordt welke objecten bescherming genieten tegen geluid. Naast woningen gaat het onder meer om scholen, ziekenhuizen en verpleeghuizen, psychiatrische ziekenhuizen. Woonwagenstandplaatsen en ligplaatsen voor woonschepen worden aangemerkt als geluidsgevoelige terrein.
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
48/69
5.2.1
Akoestisch onderzoek
Verplicht akoestisch onderzoek Bij de realisatie van woningen dient een akoestisch onderzoek te worden verricht waarin wordt aangetoond dat aan de geluidnormen krachtens de Wet geluidhinder wordt voldaan. Onderscheid wordt gemaakt tussen bestaande en nieuwe situaties. Voor nieuwe situaties gelden er strengere normen dan voor bestaande. Omdat de geluidsbelasting afneemt bij een toenemende afstand heeft de wetgever geluidszones gedefinieerd, een soort aandachtsgebieden, waarbinnen akoestisch onderzoek dient te worden verricht. Zonering Wegen, spoorwegen en zoneringsplichtige industrieterreinen kennen geluidszones. De geluidszone is het afgebakende gebied waarbinnen normen en grenswaarden van de Wet geluidhinder en de daarbij behorende uitvoeringsbesluiten van toepassing zijn. De omvang van de geluidszones voor wegverkeer zijn afhankelijk van het aantal rijstroken en zijn vastgelegd in de Wet geluidhinder. Bij railverkeer zijn de zonebreedtes eveneens landelijk bepaald. Deze zijn vastgelegd in het Besluit geluidhinder. Voor een zoneringsplichtig industrieterrein wordt de geluidszone voor ieder afzonderlijk industrieterrein vastgesteld. Deze geluidszone wordt vastgesteld door middel van Zonebesluit en vastgelegd op een zonekaart of door middel van een bestemmingsplan, waarbij de zone wordt vastgelegd op de bestemmingsplankaart. Niet ieder industrieterrein is zoneplichtig.
Zoneringsplichtig zijn alleen dié industrieterreinen waarop bepaalde soorten bedrijven die veel lawaai veroorzaken aanwezig zijn of zich kunnen vestigen. In onderdeel D, Bijlage 1 Besluit omgevingsrecht zijn de "grote lawaaimakers" volgens de Wet geluidhinder aangewezen. De geluidszonering van vliegvelden is gebaseerd op het werkelijke gebruik van die vliegvelden. De zonering is vastgelegd in zonekaarten per vliegveld. Het Zoetermeers grondgebied ligt niet binnen een geluidszone van een vliegveld. Normstelling De normstelling onderscheidt voorkeursgrenswaarden en maximale ontheffingswaarden. De voorkeursgrenswaarde wordt voor alle (nieuwe) situaties nagestreefd. Realisatie hiervan is echter niet altijd mogelijk. De wet biedt de mogelijkheid om ontheffing te verkrijgen van de voorkeursgrenswaarde tot de maximale ontheffingswaarde. Hogere waarde procedure Als uit het akoestisch onderzoek blijkt dat de geluidsbelasting de voorkeursgrenswaarde overschrijdt, moet worden onderzocht of er mogelijke maatregelen zijn te treffen om het geluidsniveau terug te brengen tot de voorkeursgrenswaarde. Hierbij moet eerst worden gekeken naar mogelijke maatregelen bij de bron (bijvoorbeeld geluidsreducerend wegdek), dan in de overdracht (bijvoorbeeld geluidsschermen) en dan pas bij het 'ontvangend' object (bijvoorbeeld. extra gevelisolatie).
Voor het verkrijgen van een ontheffing voor een hogere waarde dient een hogere waarde procedure te worden gevoerd. Geluidbeleid gemeente Zoetermeer De gemeente Zoetermeer hanteert een eigen geluidbeleid bij het vaststellen van hogere waarden. Dit beleid is omschreven in het 'Beleid hogere waarden, beleid voor bouwen bij een hogere geluidbelasting' van 29 september 2009. In dit geluidbeleid wordt naast de wettelijk vastgestelde hoofdcriteria eveneens een viertal aanvullende voorwaarden omschreven op grond waarvan de hogere waarden kunnen worden verleend. Aan dezevoorwaarden hoeft alleen te worden voldaan indien de voorkeursgrenswaarde met meer dan 5 dB wordt overschreden. Deze voorwaarden zijn: bij een aanvraag om bouwvergunning moet een bouwakoestisch onderzoek worden bijgevoegd en wordt getoetst of wordt voldaan aan de binnenwaarde zoals genoemd in het Bouwbesluit; bij appartementen en andere woningen dient minimaal 1 verblijfsruimte in de woning aan de geluidluwe zijde (maximaal 48 dB) te worden gerealiseerd;
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
49/69
aan de geluidluwe zijde wordt een volwaardige buitenruimte (tuin of balkon) gesitueerd (minimaal 6 m2); het stedenbouwkundige ontwerp wordt zodanig vormgegeven dat daarbij zoveel mogelijk afscherming voor het achterliggende gebied ontstaat. Op 6 juni 2017 heeft de gemeente een aanvulling vastgesteld op het voornoemde ontheffingenbeleid, zoals omschreven in 'Afwijkingsregels hogere waardenbeleid geluid'. Voor nieuwbouwsituaties in (krappe) binnenstedelijke omgevingen zijn de volgende beleidsregels opgenomen (citaat): de mogelijkheid om de eis van een eigen buitenruimte te laten vervangen door een gemeenschappelijke buitenruimte als er redelijkerwijs geen eigen buitenruimte voor elke woning mogelijk is; een balkon aan de geluidbelaste zijde met gesloten balkonschermen toe te staan in situaties waar een balkon aan de geluidluwe zijde niet mogelijk is; geen geluidluwe zijde te eisen in uitzonderingssituaties zoals bij hoekwoningen binnen een appartementengebouw dat is gelegen aan twee geluidbelaste wegen waardoor het niet mogelijk is om een geluidluwe zijde te realiseren. Voor onderhavig plan is in oktober 2019 door bureau Cauberg Huygen een akoestisch onderzoek uitgevoerd. De resultaten worden hieronder weergegeven. De gehele rapportage is opgenomen als Bijlage 3 bij deze Toelichting. 5.2.2
Railverkeerslawaai
De trajecten van RandstadRail zijn niet opgenomen op de geluidplafondkaart, vastgesteld op grond van artikel 11.18 van de Wet milieubeheer, maar zijn opgenomen op de zonekaart als bedoeld in artikel 106 van de Wet geluidhinder (Staatscourant nr. 11808 d.d. 27 juni 2012). Daarop is de RandstadRail aangeduid als trajectcode 542 en heeft het een zonebreedte van 100 meter. Het plangebied ligt daarmee binnen de geluidzone van RandstadRail (zowel de noord- als de zuidlijn). Conform de Wet geluidhinder betreft de voorkeursgrenswaarde voor de geluidbelasting vanwege een spoorweg ter plaatse van de gevels van woningen volgens artikel 4.9, lid 1 van het Besluit geluidhinder (hierna: Bgh) 55 dB. Omdat het nieuwe woningen in een stedelijk gebied betreft, kan volgens artikel 4.10 Bgh een hogere waarde voor de geluidbelasting vanwege een bestaande spoorweg van maximaal 68 dB worden toegestaan. De maximaal berekende geluidbelasting als gevolg van de RandstadRail bedraagt 58 dB, waarmee de maximaal te ontheffen waarde van 68 dB niet wordt overschreden. 5.2.3
Wegverkeerslawaai
In artikel 74 van de Wet geluidhinder (Wgh) is aangegeven hoe breed de geluidzone (het onderzoeksgebied) langs wegen is. Deze breedte hangt af van het aantal rijstroken en of de weg in stedelijk dan wel buitenstedelijk gebied ligt. De Wgh stelt geen eisen ten aanzien van 30 km/uur-wegen. Voor de 'juridische' geluidbelasting ten gevolge van wegverkeer op gevels van geluidgevoelige objecten binnen een geluidzone geldt volgens de Wgh een voorkeursgrenswaarde van 48 dB (Lden). Deze geluidbelasting is inclusief aftrek conform artikel 3.4 van het Reken- en Meetvoorschrift geluid 2012. De gemeentelijke overheid is in een aantal situaties bevoegd om van deze waarde van 48 dB af te wijken en een hogere grenswaarde vast te stellen tot een maximum van 63 dB indien sprake is van binnenstedelijk gebied, zoals in onderhavige situatie. Het plangebied bevindt zich volgens de Wet geluidhinder binnen de geluidzone van het wegverkeer op de Engelandlaan, Europaweg, Amsterdamstraat, Nederlandlaan, Bovenlangs en Jacob Leendert van Rijweg. Uit de akoestische berekeningen blijkt het volgende: De voorkeursgrenswaarde ten gevolge van het wegverkeer op de Engelandlaan wordt
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
50/69
overschreden. De maximaal berekende geluidbelasting bedraagt 55 dB, waarmee de maximaal te ontheffen waarde van 63 dB niet wordt overschreden. De voorkeursgrenswaarde ten gevolge van het wegverkeer op de Bovenlangs en Jacob Leendert van Rijweg wordt overschreden. De maximaal berekende geluidbelasting bedraagt 50 dB, waarmee de maximaal te ontheffen waarde van 63 dB niet wordt overschreden. De voorkeursgrenswaarde ten gevolge van het wegverkeer op de Amsterdamstraat en Nederlandlaan wordt overschreden. De maximaal berekende geluidbelasting bedraagt 52 dB, waarmee de maximaal te ontheffen waarde van 63 dB niet wordt overschreden. De voorkeursgrenswaarde ten gevolge van de overige wegen (inclusief 30 km/u wegen) wordt niet overschreden. Door de Wet geluidhinder worden geen restricties gesteld ten aanzien van de Europaweg. In het kader van een goede ruimtelijke ordening vormen de omliggende 30 km/u wegen weg geen belemmering voor het bouwplan. 5.2.4
Industrielawaai
Het plangebied ligt niet binnen een zone van een gezoneerd industrieterrein volgens de Wet geluidhinder. Voor de overige inrichtingen rondom het plangebied is de geluidsuitstraling geregeld middels de Wet milieubeheer. Dit levert geen belemmering op bij de verblijfsgebieden binnen het plangebied. 5.2.5
Luchtvaartlawaai
Zoetermeer ligt niet binnen een zone van een vliegveld. 5.2.6
Hogere waarden
Geconstateerd is dat de voorkeursgrenswaarden voor weg- en railverkeer worden overschreden. Voor het bestemmingsplan is het daarom noodzakelijk te onderzoeken of hogere waarden kunnen worden verleend voor de woningen/gevels waar de overschrijdingen plaatsvinden. Uit het onderzoek blijkt dat maatregelen ter reductie van de geluidbelasting vanwege overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige of financiële aard, niet realiseerbaar zijn. Het is daarom nodig conform onderstaande tabel een Besluit hogere waarden te nemen vanwege de Randstadrail, Engelandlaan, Bovenlangs/Jacob Leendert van Rijweg en Nederlandlaan/Amsterdamstraat.
Tabel 5.1: Grenswaarden Besluit hogere waarden Engelandlaan 140 (bron: akoestisch onderzoek Cauberg-Huy gen, oktober 2019)
De hogere waarde procedure vereist een zorgvuldige afweging tussen het toegestane
Engelandlaan 140 versie vastgesteld
51/69
geluidniveau en een voldoende bescherming van het leefklimaat. Om deze afweging gestalte te geven, is het gemeentelijk ‘Hogere waarden beleid’ van belang. De daarin opgenomen aanvullende voorwaarden gelden voor de woningen waar de voorkeursgrenswaarde met meer dan 5 dB wordt overschreden. Het gaat in totaal om 11 woningen. Deze 11 woningen zijn gelegen aan de zuidgevel (begane grond t/m 5e verdieping). Voor deze woningen geldt het volgende. 9 van de 11 woningen beschikken over een geluidluwe zijde met daaraan de buitenruimte na het uitvoeren van gesloten balustrades ter plaatse van de balkons, zie bijlage IV van het onderzoek. Daarmee wordt voldaan aan de aanvullende voorwaarden. Voor twee woningen op de begane grond zal een geluidluwe gevel en buitenruimte worden gecreëerd door een tuinscherm te plaatsen, zie bijlage IV van het onderzoek. Daarmee wordt voldaan aan de aanvullende voorwaarden. Tot slot geldt dat voor alle woningen (met hogere waarden) het noodzakelijk is om een aanvullend onderzoek naar de gevel geluidwering uit te voeren en te toetsen aan de eisen conform artikel 3.1 uit het Bouwbesluit. 5.2.7
Conclusie
Uit akoestisch onderzoek volgt dat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB voor rail- en wegverkeerslawaai ter plaatse van de woontoren wordt overschreden. De maximale ontheffingswaarde van 63 dB (weg) en 68 dB (spoor) wordt niet overschreden. Hieruit volgt dat er hogere waarden vastgesteld dienen te worden. Hierbij zal rekening gehouden moeten worden met de voorwaarden uit het gemeentelijk geluidbeleid. Deze voorwaarden zijn van toepassing op een beperkt aantal woningen (11). Aan de voorwaarden kan worden voldaan. Voor alle woningen waarvoor hogere waarden nodig zijn, dient nader onderzoek te worden uitgevoerd naar de geluidwering van de gevels. Dit vormt onderdeel van de aanvraag om omgevingsvergunning voor de activiteit 'bouwen' en maakt derhalve geen onderdeel uit van voorliggend bestemmingsplan. Het aspect geluid vormt, wanneer een Besluit hogere waarden wordt genomen, geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan. Het Besluit hogere waarden geluid is als Bijlage 4 bijgevoegd bij dit bestemmingsplan.
5.3
Bodemkwaliteit
5.3.1
Regelgeving en beleid
Een verontreinigde bodem kan zorgen voor gezondheidsproblemen en tast de kwaliteit van het natuurlijk leefmilieu aan. Daarom is het belangrijk om bij ruimtelijke plannen de bodemkwaliteit mee te nemen in de overwegingen. De Wet bodembescherming (Wbb), het Besluit bodemkwaliteit en de Woningwet stellen grenzen aan de aanvaardbaarheid van verontreinigingen. Indien bij planvorming blijkt dat (ernstige) verontreinigingen in het plangebied aanwezig zijn, wordt op basis van de aard en omvang van de verontreiniging én de aard van de ruimtelijke plannen beoordeeld welke gevolgen dit heeft. Wet bodembescherming De Wet bodembescherming (Wbb) regelt zaken rond bodembescherming en bodemsanering. Vertrekpunt van de Wbb is dat in het merendeel van de gevallen van bodemverontreiniging, de daadwerkelijke bodemsanering wordt meegenomen in de ontwikkeling dan wel herontwikkeling van plangebied of project locatie. De wettelijke doelstelling is functiegericht saneren. De wet houdt rekening met het gebruik van de bodem en de (im)mobiliteit van de verontreiniging. De volgende uitgangspunten overheersen: a. het geschikt maken van de bodem voor het voorgenomen gebruik; b. het beperken van blootstelling aan en de verspreiding van de verontreiniging; c. het wegnemen van actuele risico's.