Agendabundel
Tekst van het document
Maatregel
Bedrag
Toelichting Dit gaat om Muldershof. Insteek is gelden vanuit provincie en anders binnen dit budget. Andere maateregelen in het centrum zijn al opgenomen in de € 3.000.000.
Voorstel raad: Aanpak centrum voor opening FOZ
490.000
Voorstel raad: Parkeerbeleid aanpassen, tot het nieuwe parkeerbeleid gereed is, het eerste uur gratis parkeren mogelijk maken.
Voorgesteld wordt een "tijdelijke" (herstel) maatregel ter stimulering van alle ondernemers in het centrum ter hoogte van een bedrag van € 100.000,-. Met dit bedrag wordt een éénmalige stimulans gegeven op het moment dat alle winkeliers en horeca 100.000 weer open is in het centrum. Het herstelplan ziet op stimuleringsmaatregelen en niet op regulier beleid. Het parkeerbeleid wordt met deze maatregel niet terzijde geschoven.
Voorstel raad: Precariobelasting: coulanceregeling 2021
Voorstel raad: De voorzieningen in openbare ruimte langs toeristisch route structuren inclusief de bewegwijzering van de Cluse naar Top Aerdt vice versa
Voorstel raad: Groeiversneller en innovatie-vouchers recreatie en toerisme Voorstel raad: Leefbaarheid in de (kleine) kernen stimuleren incl. de belangrijke voorzieningen Voorstel raad: Snelle coronatest voor werknemers bedrijven Zevenaar Voorstel raad: Projecten om vereenzaming van ouderen te voorkomen
50.000 Deze is doorgevoerd vanuit belastingen voor het jaar 2021. Uitgangspunt is dat voor de uitvoering van deze maatregel financiële middelen aan de provincie gevraagd worden, maar de kans van slagen is onzeker. Als provincie niets ter beschikking stelt, wil de raad graag dit bedrag beschikbaar voor realisatie. Wat is de stand van zaken. De opdracht is opgesteld en kan worden uitgezet. Deze maatregel bestaat uit 2 fasen. Fase 1 verkenning: Fase 2: uitvoering. Inschatting is dat het bedrag niet toereikend is. Voorstel is om met dit bedrag aan de slag te 137.000 gaan en bij de provincie om extra financiering te vragen. Gelet op de samenhang met het opleveren van het wandelnetwerk eind dit jaar, wordt voorgesteld om wel te starten in 2021 met de verkenning en de uitvoering te laten plaatsvinden in 2022 zodat deze maatregel goed aansluit op het gerealiseerde wandelnetwerk. Gelet op de formulering van dit amendement worden de kosten van Top Aardt (€ 2.000) ook meegenomen in dit voorstel. Vandaar dus een totaalbedrag van € 137.000. Vouchers vanuit de provincie voor innovatieve ideeën. Provincie gaat al extra hierin investeren, dus onzeker wat daar nog 18.000 extra te halen valt. Wordt aandacht voor gevraagd bij de regionale uitvoeringsagenda. Op basis van dit amendement wordt dit nu direct opgepakt.
Maatregelen om de leefbaarheid in de (kleine) kernen te stimuleren, worden opgepakt binnen amendement 11, niet binnen dit amendement. Deze voorgestelde maatregel is ingehaald door de praktijk. Niet meer opportuun. Vanuit Caleidoz is al veel opgepakt voor ouderen. Inzet wordt juist meer verwacht op moment dat de coronaperiode voorbij is,. Dan juist extra inzet op deze groep. Dit kan worden opgepakt vanuit de maatwerkvoorzieningen, waar we bij de provincie op inzetten. Als aanvullend nog wat nodig is, kan dit vanuit dit amendement worden opgepakt. Voor nu geen directe actie.
Voorstel aanvullend vanuit programma 1: Stimuleren ondernemers centrum Zevenaar. Aanvullend vanuit programma 3:
Voorgesteld wordt om een extra bedrag op te nemen van maximaal € 40.000,- . Dit bedrag is bedoeld voor de 40.000 centrumondernemers voor het organiseren van evenementen, activiteiten, waarvoor ze als gevolg van corona, te weinig middelen hebben.
Digitaal platform voor ondernemers Aanvullend vanuit programma 5:
Jongeren stimuleren om negatieve effecten corona en gebrek aan activiteiten en perspectief te verlichten.
Verkenning van mogelijkheden voor het Rijnobservatorium.
Totaal
Vanuit wens om ondernemers over verschillende onderwerpen (zoals corona maatregelen, maar ook wat te doen bij onrust op straat, info over deelname aan de MKB-deal) direct te kunnen informeren, is er behoefte aan een digitaal platform, met 15.000 hieraan gekoppeld een database, waar ondernemers zichzelf kunnen aanmelden en afmelden. Inschatting van de kosten inclusief capaciteit. Ataro Sportservice heeft een plan bedacht om de jeugd in de gemeente Zevenaar meer in beweging te krijgen. Hierbij gaan wij de basisschool-en middelbare schoolleeftijd aanspreken. Doelgroep: De twee leeftijdsgroepen die we willen bereiken met deze sportmiddagen zijn; -De basisschool kinderen (PO) 4 t/m 12 jaar -Voorgezet onderwijs (VO) 13 t/m 17 jaar Kinderen en jongeren die deel willen nemen aan de sportmiddagen moeten zich aanmelden via onze website. Op dit moment zijn jeugd en jongeren afhankelijk van de sportvereniging waar zij lid van zijn. Bij deze vereniging staat de eigen sport natuurlijk centraal. Om de jeugd en jongeren te stimuleren om extra te bewegen is het van belang om een breed en uitdagend aanbod 55.000 te bieden. Door alle sportverenigingen de ruimte te geven om hun sport aan te bieden en door zelf uitdagende activiteiten als Archery Tag/ Lasergamen/ etc. aan te bieden willen wij ervoor zorgen dat er een andere stimulans tot sporten wordt gegeven dan alleen de eigen vereniging.
Waarom willen wij deze doelgroep meer in beweging krijgen? Sport wordt gebruikt als middel om de jongeren uit een corona dip te halen en meer in beweging te krijgen. Met deze activiteiten zijn de kinderen samen in beweging en komen ze weer in contact met elkaar. Dit wordt gedaan op een sportieve manier. Het doel is niet alleen om jeugd meer in beweging te krijgen maar ook verveling bij de jeugd tegen te gaan. We stimuleren de jongeren om minimaal 1 keer in de week iets te ondernemen. Deze verkenning moet inzicht geven of dit project kans van slagen heeft/hoe haalbaar dit is, welke partijen betrokken moeten worden, wie de trekker wordt, wat de kosten zijn voor het gehele traject inclusief realisatie, looptijd en proces. Een 25.000 Rijnobservatorium biedt kansen voor bekendheid, toerisme, recreatie, leefbaarheid en sluit aan op doelen van de versterkte regio en sorteert voor op mogelijke grote opgaven in het gebied (dijkversterking, noodoverloop en grootschalige natuurontwikkeling).
€ 930.000
1 AANVAARD A 9. Versie 3 Amendement Lokaal Belang, CDA, PvdA, VVD, GL en SZ Herstelplan Verduurzaming (3) GETEKEND
LOKAAL BELANG zEVENAAR
GROEN PvdA uNKs Amendement
Herstelplan; versnellen verduurzaming
gebouwen van de
gemeente De ondergetekenden stellen volgend amendement voor bij voorstel 6 van de raadsvergadering van 4 november 2020:
De raad besluit: Het herstelplan en de daarin opgenomen maatregelen vast te stellen, inclusief de als bijlage
bijgevoegde lijst (lNT/ZO/ 985924); Budget beschikbaar te stellen voor de uitvoering van de maatregelen als is aangegeven in kolom 12 2,1 miljoen) van de lijst; 3,0 Budget beschikbaar te stellen voor de uitvoering van de maatregelen van kolom 9 miljoen) van de lijst, voor zover althans de daarbij aangegeven externe dekking door bijdragen van derden kan worden gerealiseerd. Indien en voor zover deze bijdragen van derden niet worden verkregen, wordt het budget voor de maatregelen van kolom 12 aangevuld met de extra maatregelen van kolom 13 (tot een totaal van 3 miljoen).
wordt gewijzigd in: Het herstelplan en de daarin opgenomen maatregelen vast te stellen, inclusief de als bijlage 1,24 miljoen voor bijgevoegde lijst (INT/20/985924), maar exclusief de nu geplande
verduurzaming van gemeentelijke gebouwen. Deze wordt niet hieraan besteed, maar geplaatst in de bestemmingsreserve herstelplan. Het college krijgt de opdracht in overleg te gaan met ondernemers en verenigingen/stichtingen in de getroffen sectoren en met hen tot een voorstel aan de Gemeenteraad te komen op welke manier het genoemde bedrag het beste besteed kan worden. De randvoorwaarde hierbij is dat de investering aantoonbaar een direct positief effect op de Zevenaarse economie en/ofsamenleving moet hebben. De volgende zaken moeten met voorrang in het kader van het Herstelplan opgepakt worden: Het centrum van Zevenaar (inclusief Muldershof) met voorrang aanpakken zodat het o
klaar is voor de opening van de Fashion 0utlet Zevenaar. o
Parkeerbeleid aanpassen, tot het nieuwe parkeerbeleid gereed is, het eerste uur gratis parkeren.
o
Leefbaarheid in de (kleine) kernen is waardevol. Als belangrijke voorzieningen (zoals
dorpshuizen, verenigingen, maar ook (dorps)voorzieningen in kleine kernen) om dreigen te vallen, dient de gemeente
deze te ondersteunen, afhankelijk van de
situatie met financiële of andere ondersteuning. o
Zolang de GGD nog geen snelle test beschikbaar heeft, een bedrag beschikbaar
stellen voor snelle coronatests
(80 euro per test vandaag verzonden
morgen
uitslag) voor werknemers van de bedrijven in Zevenaar (zorg, onderwijs, en bedrijfsleven), zodat het werk zo spoedig mogelijk door kan gaan. o
Inzake de precariobelasting van horecabedrijven wordt een coulanceregeling voor 2021 ingesteld zodat bij de (volledige) opening van de terrassen
economisch herstel
kan plaatsvinden. Projecten om vereenzaming van ouderen te voorkomen De voorzieningen
in openbare ruimte langs toeristisch route structuren
inclusiefde
bewegwijzering van de Cluse naar Top Aerdt vice versa o
Groeiversneller en innovatie-vouchers recreatie en toerisme
Budget beschikbaar te stellen voor de uitvoering van de maatregelen als is aangegeven in kolom 12 2,1 miljoen) van de lijst; 3,0 Budget beschikbaar te stellen voor de uitvoering van de maatregelen van kolom 9 miljoen) van de lijst, voor zover althans de daarbij aangegeven externe dekking door bijdragen van derden kan worden gerealiseerd. lndien en voor zover deze bijdragen van derden niet worden verkregen, wordt het budget voor de maatregelen van kolom 12 aangevuld met de extra maatregelen van kolom 13 (tot een totaal van 3 miljoen).
Toelichting ln het Herstelplan van september 2020 wordt een investering van in totaal 6 1,24 miljoen (excl. cofinanciering) over de jaren 2020 tot en met 2022 voorgesteld. Deze post is bedoeld voor het versnellen van de verduurzaming van de gebouwen van de gemeentelijke organisatie. Het Herstelplan is bedoeld om de effecten van COVlD-19 op de lokale economie of het sociaalmaatschappelijk en culturele leven te compenseren. Het is niet duidelijk hoe de maatregel verduurzaming daaraan bijdraagt. De indieners van dit amendement veronderstellen geen bijdrage. Daarnaast is het zo, dat de maatregel verduurzaming waarschijnlijk bedrijven zal stimuleren die in de Corona crisis niet of het minst getroffen worden. Dat moet anders. Daarom stellen de indieners van dit amendement voor de 6 1,24 miljoen die door het Herstelplan uit
de algemene reserve wordt gehaald voor de maatregel verduurzaming, vooralsnog te reserveren in de reserve herstelplan. Het is nog niet duidelijk wat de tweede Corona golf teweeg zal brengen. Maar duidelijk is dat de schade aan de Zevenaarse economie aanzienlijk zal zijn. En dan met name voor: horeca, evenementenbranche, toerisme, detailhandel en verenigingen. Wij dragen het college op om in samenspraak met de genoemde branches met voorstellen naar onze raad te komen om deze schade krachtdadig aan te pakken, zie bovengenoemde suggesties. Zevenaar, 4 november
Freek Jansen, CDA Zevenaar Joost du Croix, Lokaal Belang Zevenaar Peter Vos, VVD Zevenaar
Nathani Niebuur-Sluiter, PvdA Zevenaar
Bart Kagei, GroenLinks Zevenaar Huub Meijer, Sociaal Zevenaar
Dit amendement is aangenomen
in de vergadering van 4 november 2020
Stemverhouding: 25 voor, 2 tegen Fracties voor: Lokaal Belang, CDA, PvdA, VVD, D66, Sociaal Zevenaar, GroenLinks Fracties tegen: SP
De griffier,
van der Vlies
De voorzitter,
van Riswijk
6 Z/18/297304 Verklaring van geen bedenkingen Lentemorgen 122 Zevenaar 1 Dossier 2387 voorblad.pdf
Commissie Ruimte 2018-2022 Dossiernummer
2387
Vertrouwelijk
Nee
Vergaderdatum
7 april 2021
Agendapunt
6
Omschrijving
Z/18/297304 Verklaring van geen bedenkingen Lentemorgen 122 Zevenaar
Geagendeerd
Vergaderdatum
Commissie Ruimte 2018-2022
7 april 2021
Toelichting T.b.v. de raadsvergadering van 21 april 2021.
1 1014483 Raadsvoorstel en raadsbesluit Verklaring van geen bedenkingen Lentemorgen 122, Zevenaar
*Z03C9C5A5A3 * Raadsvoorstel Z/18/297304/INT/21/1014483
Onderwerp Zaaknummer Documentnummer Portefeuillehouder Portefeuille Behandelend ambtenaar/afdeling Telefoon E-mail
Verklaring van geen bedenkingen Lentemorgen 122, Zevenaar. Z/18/297304 INT/21/1014483 H. Winters Ruimtelijke Ontwikkeling G. Schut 0316-595437 g.schut@zevenaar.nl
1. Samenvatting Er is een omgevingsvergunning aangevraagd voor de bouw van een woning op het perceel Lentemorgen 122 te Zevenaar. De bestaande monumentale molenromp wordt hierbij geïntegreerd in de nieuwbouw. Het college heeft, nadat uw raad een verklaring van geen bedenkingen had verleend, op 1 november 2019 een omgevingsvergunning verleend voor het initiatief. Bij uitspraak van 24 november 2020 (die in een eerder stadium aan uw raad is toegezonden) heeft de rechtbank de omgevingsvergunning vernietigd en het college opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak van de rechtbank. De rechtbank is van mening dat ten aanzien van omliggende percelen beter gemotiveerd moet worden dat het woon- en leefklimaat niet wordt aangetast als gevolg van het initiatief. Daarnaast moeten volgens de rechtbank de monumentale waarden van de molenromp in beeld worden gebracht. Inmiddels is aan de opdracht van de rechtbank voldaan. Het college heeft besloten de omgevingsvergunning – met verbeterde motivering – opnieuw te verlenen nadat uw raad een verklaring van geen bedenkingen heeft verleend. 2. Waarom naar de raad In de wet- en regelgeving is geregeld dat voor een omgevingsvergunning die in strijd is met de regels van het bestemmingsplan een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) van uw gemeenteraad nodig is.
De aanvraag staat niet op de lijst van vastgestelde categorieën waarvoor u geen besluit hoeft te nemen over een verklaring van geen bedenkingen. Omdat er sprake is van een motiveringsgebrek, behoeft uw raad op grond van de wet- en regelgeving en heersende jurisprudentie niet eerst te besluiten over een ontwerp verklaring van geen bedenkingen. Uw raad kan meteen een definitieve verklaring van geen bedenkingen verlenen. Ook hoeft op grond van de wet- en regelgeving en heersende jurisprudentie niet eerst een ontwerpomgevingsvergunning ter inzage te worden gelegd, maar kan na een positief besluit van uw raad meteen een omgevingsvergunning worden verleend. 3. Doelstelling en beoogd resultaat Het realiseren van een woning met instandhouding van de bestaande molenromp op het perceel Lentemorgen 122 te Zevenaar.
4. Argumenten en alternatieven Argumenten 1.1 Een woonbestemming garandeert het herstel en behoud van het monument De molenromp is aangewezen als gemeentelijk monument. De molenromp verkeert in een slechte bouwkundige staat. Gelet op de hoge restauratiekosten is gezocht naar een nieuwe functie. Door de molen met het omliggende perceel een woonbestemming te geven, wordt het herstel en behoud gegarandeerd. 1.2 Uit de ruimtelijke onderbouwing en bijlagen blijkt dat wordt voldaan aan een goede ruimtelijke ordening Uw raad kan alleen een verklaring van geen bedenkingen afgeven indien er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. In een eerder stadium heeft uw raad daar al positief over besloten en de verklaring van geen bedenkingen verleend. De rechtbank is van mening dat een nadere motivering is vereist en heeft opdracht gegeven: (1) daarbij te onderzoeken en vooral te motiveren hoe de nieuwe woning past bij de (achter gelegen) woningen die niet aan de Lentemorgen zijn gelegen en of de woning het woon- en leefklimaat van de indieners van het beroep niet onevenredig raakt. Daarbij moet het uitzicht en de privacy van de indieners worden betrokken in relatie tot de omvang van de woning en de korte afstand tot de percelen van de indieners van het beroep.
(2) gemotiveerd moet worden welke monumentale waarden van de molenromp beschermenswaardig zijn, wat de effecten van het project op deze monumentale waarden zijn en of die effecten aan vergunningverlening in de weg staan. Door initiatiefnemers is een ruimtelijke onderbouwing aangeleverd. Het document voldoet aan de voorwaarden die hieraan in het Besluit omgevingsrecht zijn gesteld. In de ruimtelijke onderbouwing wordt ingegaan op de verschillende planologische en milieuaspecten en de relevante beleidskaders. Naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank hebben initiatiefnemers een nadere belangenafweging opgesteld, zijn de monumentale waarden van de molenromp in beeld gebracht, heeft de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit positief geadviseerd en heeft een extern bureau een – voor het initiatief – positieve second opinion gegeven ten aanzien van het woon- en leefklimaat van omwonenden. Deze resultaten zijn in de omgevingsvergunning onder de overwegingen verwerkt. De diverse documenten zijn toegevoegd aan de omgevingsvergunning en maken onlosmakelijk onderdeel uit van de nieuw te verlenen omgevingsvergunning. Gelet op het bovenstaande is de conclusie dat aan de opdracht van de rechtbank om het motiveringsgebrek te herstellen is voldaan.
De afweging ten aanzien van het woon- en leefklimaat van omwonenden is gemotiveerd en de monumentale waarden en effecten van het project daarop zijn in beeld gebracht. Geconcludeerd wordt dat ook nu de ontwikkeling zowel planologisch als beleidsmatig aanvaardbaar is. 1.2 Zonder uw verklaring van geen bedenkingen kan de omgevingsvergunning niet worden verleend. U kunt de gevraagde verklaring van geen bedenkingen alleen gemotiveerd weigeren in verband met de goede ruimtelijke ordening. Na de uitspraak van de rechtbank is ten opzichte van de eerder door uw raad afgegeven verklaring van geen bedenkingen slechts de motivering verbeterd. Met andere woorden: er is beter in beeld gebracht dat de aanvraag voldoet aan het vereiste van een goede ruimtelijke ordening.
Zaaknummer Z/18/297304
pagina 2 van 4
Alternatieven Het college moet uiteindelijk een besluit nemen op de aanvraag zoals deze is ingediend. Wanneer er sprake is van een aanvraag die voldoet aan het criterium van ‘goede ruimtelijke ordening’, is er geen reden de aanvraag te weigeren of om alternatieven te overwegen. 5. Hoe wordt dit bereikt en is evaluatie nodig? De aanvraag wordt in overeenstemming met de wettelijk voorgeschreven procedure afgehandeld. Er is geen evaluatie nodig. 6. Communicatie Na besluitvorming door uw raad kan het college – mits u besluit de verklaring van geen bedenkingen te verlenen – de omgevingsvergunning verlenen. Daarna worden de besluiten bekendgemaakt, ter inzage gelegd en toegestuurd aan initiatiefnemers en de indieners van het beroep bij de rechtbank en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De nieuwe besluiten hoeven niet als ontwerp ter inzage te worden gelegd, omdat er sprake is van een motiveringsgebrek – een en ander is afgestemd met de huisadvocaat. Daarnaast gaan de nieuwe besluiten (omgevingsvergunning en verklaring van geen bedenkingen) onderdeel uitmaken van de procedure die aanhangig is bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Een en ander heeft ermee te maken dat initiatiefnemers hoger beroep hebben ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank.
Op grond van de Algemene wet bestuursrecht maakt de door het college te verlenen omgevingsvergunning deel uit van die procedure. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zal dan ook niet alleen uitspraak doen over de uitspraak van de rechtbank, maar ook over de nieuwe omgevingsvergunning. 7. Kosten, baten en dekking Voor het in behandeling nemen van de aanvraag zijn aan initiatiefnemer leges in rekening gebracht. Met initiatiefnemer is tevens een planschadeovereenkomst gesloten. 8. Bijlagen De volgende bijlagen horen bij dit voorstel: Volgorde Documentnummer Naam 1. INK/19/928882 Ruimtelijke onderbouwing 2. INK/21/1014477 Uitspraak rechtbank Gelderland 3. INK/21/1014462 Tekeningen terreininrichting 4. INK/21/1014461 Vloeren en balklagen molen 5. INT/21/1014460 Inspectierapport Monumentenwacht 6. INK/21/1014459 Monumentenherstel - behoud molen 7. INK/21/1014457 Second opinion Lentemorgen 122 8. INK/21/1014456 Belangenafweging bouwplan Lentemorgen 122 9. UIT/21/0942083 Omgevingsvergunning Burgemeester en wethouders van Zevenaar
De secretaris Danielle Jansen
zaaknummer Z/18/297304
De burgemeester Lucien van Riswijk
pagina 3 van 4
Raadsbesluit Verklaring van geen bedenkingen Onderwerp Zaaknummer Documentnummer
Verklaring van geen bedenkingen Lentemorgen 122, Zevenaar. Z/18/297304 INT/21/1014483
De raad van de gemeente Zevenaar; Gezien de ontvangen aanvraag om omgevingsvergunning met nummer HZ_WABO-2018-0075 voor het realiseren van een woongebouw op het perceel Lentemorgen 122 te Zevenaar; Overwegende: dat de aanvraag niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan ‘Woongebied Kom Zevenaar’; dat medewerking aan dit plan kan worden verleend op basis van artikel 2.12, eerste lid, aanhef onder a. onder 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo); dat burgemeester en wethouders van de gemeente Zevenaar deze vergunning pas kunnen verlenen nadat de gemeenteraad hiervoor een verklaring van geen bedenkingen heeft afgegeven; dat de verklaring van geen bedenkingen alleen geweigerd kan worden in het belang van een goede ruimtelijke ordening; dat uit de bij de aanvraag overlegde ruimtelijke onderbouwing en overige bescheiden blijkt dat het plan in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening; dat er hiermee geen reden is de verklaring van geen bedenkingen te weigeren; Gelet op het bepaalde in artikel 2.27 van de Wabo en artikel 6.5 van het Besluit omgevingsrecht (Bor); Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Zevenaar: besluit: 1.
Voor de locatie Lentemorgen 122 een verklaring van geen bedenkingen af te geven voor het realiseren van een woongebouw in samenhang met de bestaande monumentale molenromp.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zevenaar, gehouden op 21 april 2021. De griffier W.M. van der Vlies
zaaknummer Z/18/297304
De burgemeester L.J.E.M. van Riswijk
pagina 4 van 4
1 0928882 Bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing.cleaned
Lentemorgen 122 te Zevenaar Project:
Renovatie Molen Baas, 't Grieth
Projectnummer:
47.17 (WABO_VO-2017-1170-04)
Initiatiefnemers:
Dhr. R. Langeveldt en mevr. S.N.M. Janssen Zonegge 17 23 6903 GP Zevenaar
Tekenburo:
MHtekenwerk ’t Slag 5 6931 EG Westervoort
Locatie:
Lentemorgen 122 6903 CT Zevenaar Gemeente Zevenaar
Datum:
14-03-2018
Wijzigingen:
06-05-2018
1
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding ........................................................................................................ 3 1.1 Aanleiding voor het bestemmingsplan ................................................................................. 3 1.2 Ligging plangebied .............................................................................................................. 3 1.3 Opbouw bestemmingsplan .................................................................................................. 3 1.4 Leeswijzer ........................................................................................................................... 5
Hoofdstuk 2 Beschrijving bestaande situatie ..................................................................... 5 2.1 Historisch perspectief .......................................................................................................... 5 2.2 Ruimtelijke structuur .......................................................................................................... 6 2.3 Huidige situatie ................................................................................................................... 6
Hoofdstuk 3 Het initiatief ................................................................................................. 9 Hoofdstuk 4 Beleidskader ............................................................................................... 10 4.1 Rijksbeleid algemeen en monumenten .............................................................................. 10 4.1.2. Monumenten....................................................................................................................... 11 4.2 Provinciaal beleid .............................................................................................................. 12 4.2.1 Omgevingsvisie en Omgevingsverordening Gelderland algemeen ...................................... 12 4.3 Gemeentelijk beleid .......................................................................................................... 14 4.3.1 Structuurvisie Zevenaar ........................................................................................................ 14 4.3.2 Woonvisie Zevenaar ............................................................................................................. 15 4.3.3. Ruimtelijke kwaliteit Zevenaar ...........................................................................................
16 4.3.3 Monumenten gemeente Zevenaar ...................................................................................... 17
Hoofdstuk 5 Uitvoerbaarheid .......................................................................................... 17 5.1 Milieu ............................................................................................................................... 18 5.1.1 Bodem .................................................................................................................................. 18 5.1.2 Lucht ..................................................................................................................................... 18 5.1.3 Geluid ................................................................................................................................... 20 5.1.4 Geur ...................................................................................................................................... 21 5.1.5 Externe veiligheid ................................................................................................................. 21 5.2 Water ............................................................................................................................... 24 5.3 Ecologie ............................................................................................................................
28 5.4 Verkeer............................................................................................................................. 32 5.5 Kabels en leidingen ........................................................................................................... 33 5.6 Cultuurhistorie en archeologie........................................................................................... 34 5.7 Economische uitvoerbaarheid ........................................................................................... 41 Bijlagen .................................................................................................................................. 42
2
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding voor het bestemmingsplan Deze ruimtelijke onderbouwing behoort bij de aanvraag voor de omgevingsvergunning, de restauratie en herbestemming van de voormalige korenmolen, type Bergmolen / Beltmolen en Pottenbakkerij (hierna: “de molen”) gelegen aan de Lentemorgen 122 te Zevenaar. Initiatiefnemers zijn voornemens de molen te renoveren en zijn voornemens een aanbouw te realiseren die bewoond gaat worden en waarvan de molen een centraal onderdeel uit gaat maken.
1.2 Ligging plangebied Het plangebied is gelegen aan de Lentemorgen, nummer 122 te Zevenaar, in de woonwijk Lentemorgen I.
1.3 Geldend bestemmingsplan Ter plaatse geldt het bestemmingsplan 'Woongebied Kom Zevenaar', dat door de raad is vastgesteld op 24 juli 2008. De bestaande molenromp is bestemd als 'bedrijf'. Op grond van de planregels is de molenromp bestemd voor creatieve activiteiten. Het onbebouwde deel van het perceel is bestemd als 'groen'. Op grond van het bestemmingsplan 'archeologie', dat is vastgesteld op 7 april 2010, heeft het perceel een middelhoge archeologische waarde.
3
Bron: Kadaster
4
Bron: ruimtelijkeplannen.nl
1.4 Leeswijzer Na dit inleidende hoofdstuk is in hoofdstuk 2 de bestaande situatie beschreven. In hoofdstuk 3 is het initiatief beschreven. In hoofdstuk 4 is een beschrijving van het relevante Rijks-, provinciale-, en gemeentelijke beleid en de relevante wetgeving opgenomen. In hoofdstuk 5 is het project inhoudelijk op haalbaarheid getoetst aan de hand van het geldende beleid en (milieu)wetgeving. Tevens is in dit hoofdstuk ingegaan op de economische haalbaarheid van het plan. In hoofdstuk 6 is vervolgens een juridische planbeschrijving gegeven. Tot slot bevat hoofdstuk 7 de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan, waarbij de uitkomsten van de inspraak en overlegmomenten zijn opgenomen.
Hoofdstuk 2 Beschrijving bestaande situatie 2.1 Historisch perspectief De molen is gebouwd in het jaar 1884. De Molenromp is gelegen in het voormalige buurtschap ‘Het Grieth’. Het is het restant van de windmolen die in 1884 werd gebouwd, in opdracht van de Didamse molenaar A.J. Bourgogne. In de molen werd met name veevoer en bakrogge gemalen. De wieken van de molen werden in 1936 al gesloopt. Een elektromotor nam hierna de aandrijving van de molenstenen over. De molenbult die om de molen lag werd in 1955 afgegraven, ter verbetering van de toegankelijkheid van de molen voor het moderne vrachtverkeer. In 1970 stopte de laatste molenaar met de werkzaamheden in de molen. Enige jaren daarna komt de molen in gebruik als pottenbakkerij annex winkel van de pottenbakker. Deze functie heeft de molenromp tot 2009 vervuld. Sindsdien staat de molen leeg. De molenaarswoning en het mosterdschuurtje die ooit naast de molen stonden, zijn verdwenen.
5
De molenromp is één van de laatste overblijfselen van de originele landelijke bebouwing in het voormalig buurtschap Het Grieth. Tussen de nieuwe woonbebouwing die de buurt kenmerkt, is het een opvallende verschijning. In bijlage 1 zijn enkele historische beschrijvingen, afbeeldingen en tekeningen weergegeven.
2.2 Ruimtelijke en functionele structuur Kenmerkend voor de stedelijke structuur van Zevenaar is de relatief open zuidflank. De grote uitbreidingen vanuit het centrum zijn vooral noordwaarts gegaan richting de grootschalige komgronden en de A12. In het westen ligt een brede stedelijke schil en oostelijk wordt met de ontwikkeling van Groot-Holthuizen deze schil afgemaakt. Zuidelijk is er een kleinschalig landschap met Oud-Zevenaar en verspreide bebouwing in het oeverwallandschap ontstaan. Op organische wijze heeft zich een parkachtig woonlandschap richting het Rijnstrangengebied ontwikkeld. De sporenbundel geeft een barrièrewerking tussen de stad en het landschap. De straat Lentemorgen wordt gezien als voorzieningen gebied. Dit doordat het zwembad, de grote sporthal en de bibliotheek aan deze straat gelegen zijn. Een van de gebouwen van het Liemers College maakt ook onderdeel uit van het straatbeeld. De straat ligt in een 30 kilometer zone. Er is ook een grote groenstrook aanwezig met veel grote bomen, die het straatbeeld verfraaien. Rond 2010 is er begonnen met de herontwikkeling van het terrein van de Maria Koningin Kerk. Hierbij is er gekozen voor een moderne herenhuis stijl, met hoge gevels, veel ramen en platte daken. Een deel van de woningen staat aan de Lentemorgen, tegenover de sporthal en de bibliotheek.
Aan de noordzijde van de molen staat op ca 55 meter een middelbare school en aan de oostzijde op ca 14 meter van de molen staan woningen. Aan de zuidzijde staat een transformatorhuisje op ca 13 meter met daarachter woningen op ca 27 meter van de molen. Aan de westzijde staat een bedrijfsverzamelgebouw op ca 27 meter van de molen.
2.3 Huidige situatie Op dit moment is de molen niet meer in gebruik. De pottenbakker heeft zijn werkzaamheden jaren geleden beëindigd. Het plan ligt, zoals reeds aangegeven, aan de straat Lentemorgen, nummer 122 te Zevenaar, in de woonwijk Lentemorgen I. Aan de noordzijde van de molen, op ca 55 meter staat een middelbare school en aan de oostzijde op ca 14 meter staan woningen. Aan de zuidzijde staat een transformatorhuisje op ca 13 meter met daarachter met woningen op ca 27 meter van de molen. Aan de westzijde staat een bedrijfsverzamelgebouw op ca 27 meter van de molen. De molen verkeert in een slechte bouwkundige staat en zowel het voegwerk als ook de stenen brokkelen af. De kou en de vochtigheid binnen in de molen tasten het houtwerk (balken) en het stucwerk aan de binnenkant aan. Mede door de vervallen en verlaten staat is de molen thans reeds meerdere keren onderwerp geweest van vandalisme. De voormalig eigenaar heeft dichte begroeiing om de molen aangebracht zodat vandalen de molen niet goed kunnen bereiken. De dichte begroeiing zorgt er echter voor dat de molen minder zichtbaar is. Op circa 13 meter van de molen staan enkele grote bomen die eigendom zijn van de gemeente.
6
De volgende foto's geven een impressie van de huidige situatie.
Voorzijde molen, gezien vanaf de straat.
Rechterzijde, gezien vanaf de straat.
7
Linkerzijde, gezien vanaf de straat.
Bron: CVZ (Cultuurhistorische Vereniging Zevenaar) Monumenten en beschermwaardige objecten in Zevenaar
8
Hoofdstuk 3 Het initiatief Initiatiefnemers zijn voornemens de molen te renoveren en zijn voornemens een aanbouw te realiseren die bewoond gaat worden en waarvan de molen een centraal onderdeel uit gaat maken. De molen zal als verkeersruimte en als kantoor aan huis gaan dienen. Door de vele ramen en de manier waarop de molen in de avond, uitgelicht gaat worden, zal de molen mooi zichtbaar blijven en een echte ‘eye catcher’ worden. De aanbouw wordt modern en kubistisch, zodat deze mooi afsteekt bij de oude ronde molen. Hierdoor komt de molen als het ware naar voren en daardoor nog meer tot haar recht. Initiatiefnemers hebben de wens, om van dit monumentale stukje Zevenaar, iets heel moois te maken.
9
Hoofdstuk 4 Beleidskader Dit hoofdstuk behandelt het rijks-, provinciaal en gemeentelijk beleid dat een relatie heeft met de gewenste ontwikkeling en/of het projectgebied.
4.1 Rijksbeleid algemeen en monumenten 4.1.1 Algemeen Het beleid van het rijk op de ruimtelijke ontwikkeling en mobiliteit van Nederland tot 2040 is neergelegd in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). Het Rijk kiest voor een selectievere inzet van rijksbeleid op slechts 13 nationale belangen. Voor deze belangen acht het Rijk zich verantwoordelijk en wil het resultaten boeken. Buiten deze 13 belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) vormt het juridisch kader om het rijksbeleid te borgen. Het rijk kiest drie doelen om Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te houden voor de middellange termijn (2028): 1. Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk-economische structuur; 2. Het verbeteren en ruimtelijk zekerstellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; 3. Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn. De 13 nationale belangen waarvoor het rijk zich verantwoordelijk acht, vloeien voort uit de hier voor genoemde 3 doelen. Deze belangen zijn gelijkwaardig aan elkaar en beïnvloeden elkaar onderling. In het SVIR is een eerste integrale afweging van deze belangen gemaakt.
De benoemde rijksbelangen hebben geen betrekking op de ontwikkeling die op de onderhavige locatie is voorgenomen.
De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) benoemt een aantal aspecten van nationaal ruimtelijk belang. In de SVIR worden, naast de onderwerpen van nationaal belang, accenten geplaatst op het gebied van bestuurlijke verantwoordelijkheden. Het beleid betekent een decentralisatie van rijkstaken en bevoegdheden. Het Rijk gaat zo min mogelijk op de stoel van provincies en gemeenten zitten en lagere overheden, burgers en bedrijven krijgen, zolang het nationaal belang niet in het geding is, de ruimte om oplossingen te creëren.
SVIR gaat in op de "duurzame verstedelijking". Via de 'ladder voor duurzame verstedelijking' wordt een zorgvuldige afweging en besluitvorming geborgd bij ruimtelijke vraagstukken in stedelijk gebied. Het gebruik van deze ladder is opgenomen in het Besluit Ruimtelijke Ordening (Bro) (artikel 3.1.6). De Ladder voor duurzame verstedelijking is van toepassing op bestemmingsplannen, uitwerkings- en wijzigingsplannen en omgevingsvergunningen als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub c in samenhang met artikel 2.12 lid 1 onder a sub 3 Wabo.
10
Per 1 juli 2017 is de ladder voor duurzame verstedelijking gewijzigd. De Ladder als motiveergrond voor ruimtelijke plannen blijft, maar wordt lichter in het gebruik. Gemeenten moeten plannen die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maken, motiveren volgens de Ladder. Het doel van de Ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving. De Ladder geeft daarmee invulling aan het nationaal ruimtelijk belang gericht op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten. Dit belang staat beschreven in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte binnen een breder kader van een goede ruimtelijke ordening. Het Bro beschrijft wat een stedelijke ontwikkeling is. Daar wordt het volgende onder verstaan: 'een ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'. Onder 'bestaand stedelijk gebied' wordt het volgende verstaan: 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'.
4.1.2. Monumenten De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed voert het rijksbeleid uit voor archeologie, monumenten, historisch landschap en roerend erfgoed in Nederland. Mensen voelen zich door erfgoed verbonden met het verleden en met elkaar, en ontlenen daaraan identiteit. De missie van de Rijksdienst is dan ook om de zorg voor erfgoed beter te laten functioneren. De Rijksdienst richt zich op bewustwording van betrokken partijen over de waarde van ons erfgoed en heeft hierin een bemiddelende rol. Met de specialistische kennis over de zorg voor ons erfgoed brengt de Rijksdienst een verbinding tot stand tussen beleid en praktijk. Eigenaren, beheerders, particuliere organisaties en overheden zijn hierin partners van de dienst. De bescherming van rijksmonumenten is wettelijk geregeld in de Erfgoedwet. Onder de wet vallen ook groene monumenten, zoals tuinen en parken, en archeologische monumenten. De wet richt zich op de aanwijzing van rijksmonumenten en rijksbeschermde stads- en dorpsgezichten, vergunningen en de instandhoudingssubsidie en herbestemmingssubsidie. De Rijksdienst wijst namens de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap rijksmonumenten aan. Alle rijksmonumenten staan opgenomen in het Monumentenregister. Planspecifiek Het project / de molen ligt niet in een van de aangewezen gebieden van nationaal belang.
Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van die ontwikkeling, in relatie tot de omgeving. Voor wonen geldt, dat voor woningbouwlocaties vanaf twaalf woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling die Ladderplichtig is. Het plan behelst slechts de realisatie van één woning. Er is daarom geen sprake van ‘verstedelijking ontwikkeling’1 en derhalve hoeft de ladder voor duurzame stedenbouw niet doorlopen te worden. Desondanks dient er wel sprake te zijn van een ‘goede ruimtelijke ordening’. Daarbij moet onder andere aandacht worden besteed aan de uitvoerbaarheid van het plan. In het kader van uitvoerbaarheid 1
https://www.infomil.nl/onderwerpen/ruimte/ontwikkelingen/ladder-duurzame/handreiking-ladder/wonen/ 11
moet aandacht worden besteed aan de behoefte. De realisatie van een extra woning in combinatie met de restauratie en het behoud van een gemeentelijk monument voorziet in de behoefte. De gemeente Zevenaar als ook de Monumenten- en Welstandscommissie hebben te kennen gegeven onder bepaalde voorwaarden medewerking te kunnen verlenen aan de voorgenomen ontwikkeling. De molen is daarnaast een gemeentelijk monument, daardoor worden de beslissingen hierover, niet op Rijksniveau genomen.
4.2 Provinciaal beleid 4.2.1 Omgevingsvisie en Omgevingsverordening Gelderland algemeen In de Omgevingsvisie (januari 2018) staat hoe de provincie Gelderland denkt dat de omgeving er in de toekomst uit moet zien. Het gaat over verkeer, water, natuur, milieu en ruimtelijke ordening en om een duurzame economie en een veilige leefomgeving van hoge kwaliteit. De inhoud is samen met inwoners, bedrijven en waterschappen bedacht. Naast de Omgevingsvisie is er de Omgevingsverordening. De Omgevingsverordening is een uitwerking van de Omgevingsvisie en stelt regels waaraan bestemmingsplannen moeten voldoen.
Per regio heeft de Provincie andere streefdoelen gesteld. Zevenaar valt binnen de regio ‘Arnhem Nijmegen City Region’.
De Stadsregio Arnhem Nijmegen wordt gekenmerkt door:
het grootste stedelijke netwerk van Oost-Nederland;
hoge kwaliteit van het voorzieningenniveau;
kennisinstellingen: universiteit en hogescholen;
de strategische ligging halverwege de Randstad en het Ruhrgebied;
economische kracht: brede basis en topsectoren;
goede bereikbaarheid over weg, water en spoor;
de combinatie van stedelijke kwaliteiten en een mooie natuurlijke omgeving.
12
De kwaliteiten van de Stadsregio bepalen in belangrijke mate de ontwikkelingsmogelijkheden en daarmee ook de concurrentiepositie van Gelderland in internationaal en nationaal verband. De innovatieve kwaliteiten bepalen de potenties van de regio. Prioritaire clusters, met samenwerking van overheid, ondernemingen en kennisinstellingen, zijn:
Health Valley: medische technologiecluster in Nijmegen en omgeving (verbondenheid bedrijven, overheid, gezondheidszorg en kennisinstellingen);
Creatieve Industrie: innovatie culturele sector met name in Arnhem;
Energie- en Milieutechnologie, met een zwaartepunt in Arnhem.
De provincie en haar partners streven in de regio naar: De inzet van de gemeenten, maatschappelijke organisaties, ondernemers en de provincie is nodig om in te kunnen spelen op de opgaven in de Stadsregio Arnhem Nijmegen. De gezamenlijke inspanningen richten zich op vier speerpunten: Innovatie en economische structuurversterking:
Topsector Health, Energie- en Milieutechnologie;
creatieve industrie, logistiek, agro, toerisme;
innovatie en samenwerking; overheid, ondernemingen, kennisinstellingen.
Bereikbaar en verbonden:
een goed bereikbare regio;
verbeteringen bestaande infrastructuur weg, water, spoor;
voorkomen, benutten, bouwen.
Sociaal economische vitaliteit en verstedelijking:
OV-knooppunten en versterking stedelijke structuur;
het belang van de bestaande woningvoorraad;
het voorzieningenniveau van de kernen staat onder druk;
voorkomen van overaanbod van bedrijventerreinen, detailhandel, kantoren.
Gebiedskwaliteiten benutten
kwaliteiten van het buitengebied (natuur en cultuurhistorie) verbinden met ontwikkelingsmogelijkheden.
Planspecifiek Het plan voldoet aan meerdere onderdelen van de Provinciale visie van de Stadregio Arnhem Nijmegen waarbinnen Zevenaar valt. Initiatiefnemers gaan energiebesparend en met behulp van energietechnologie bouwen, daarnaast zullen met het plan de oorspronkelijke structuren en cultuurhistorie in ere worden hersteld. Het provinciaal beleid staat uitvoering van het initiatief niet in de weg.
13
De molen is nu in vervallen staat en zal compleet gerenoveerd worden waardoor de gebiedskwaliteiten verbeteren. De molen behoudt zijn eigen identiteit en zal het straatbeeld weer sieren door zijn aanwezigheid. Het provinciaal beleid staat uitvoering van het initiatief niet in de weg, het wordt eerder aangemoedigd door middel van de subsidies die ter beschikking worden gesteld.
4.3 Gemeentelijk beleid 4.3.1 Structuurvisie Zevenaar In februari 2013 heeft de gemeenteraad de Structuurvisie "Samen kijken naar de toekomst 2012-2030" vastgesteld. De visie is opgesteld als kader voor het ruimtelijk beleid tot het jaar 2030 en betreft het gehele grondgebied van Zevenaar. In de structuurvisie wordt ingezet op een vijftal hoofdopgaven: 1.
Versterken van de identiteit van Zevenaar met aandacht voor de diversiteit in landschappen, kernen en functies;
2.
Voldoende plek voor stedelijke ontwikkelingen tot 2030;
3.
Behoud van kwalitatief goede woon- en werkgebieden en goede voorzieningen;
4.
Tegengaan van versnippering van de leefomgeving inclusief het leefbaar houden van de kernen;
5.
Nadrukkelijker inzetten op een duurzame ontwikkeling.
De opgaven worden benaderd vanuit de drie kernwaarden: 'verbinden', 'diversiteit' en 'kwaliteit'. Deze kernwaarden vormen de rode draad van waaruit de gemeente Zevenaar de komende jaren werkt. Planspecifiek Met het plan worden meerdere kernwaarden ruimschoots ingevuld. De molen wordt met haar nieuwe functie meer verbonden met de rest van de wijk. Ook de kwaliteit wordt verbeterd doordat er gerenoveerd gaat worden en er wordt een nieuwe toekomst gecreëerd voor een bouwwerk uit 1884.
14
Structuurvisieplankaart 2012-2030 (plangebied in gele cirkel)
De structuurvisie is voor wat betreft Lentemorgen I, al zo goed als gerealiseerd. De nieuwbouw op het terrein van de Maria KoninginKerk is een mooie aanvulling geworden op de wijk.
4.3.2 Woonvisie Zevenaar In de Woonvisie Zevenaar is de koers ten aanzien van wonen tot 2025 bepaald. Naast het visiedeel is er een uitvoeringsprogramma waarin is vastgelegd hoe deze koers vormgegeven gaat worden in de komende vier jaar. Het uitvoeringsprogramma wordt iedere 4 jaar bekeken en indien nodig bijgesteld. De gemeente blijft zich inzetten om een jonge populatie en hogere inkomensgroepen aan zich te binden. Dat is goed voor de lokale economie en noodzakelijk om voldoende draagvlak te behouden voor de voorzieningen. Deze voorzieningen zijn belangrijk voor een prettige woonomgeving en om de leefbaarheid op peil te houden. In de Woonvisie wordt de focus op de drie belangrijkste opgaven gelegd: 1.
Het aantrekkelijk houden van de bestaande woningvoorraad.
2.
Het verbeteren van de positie van doelgroepen met een kwetsbare positie;
3.
Bewaken dat de woningbouw aansluit bij de behoefte: om de potentiële groei maximaal op te vangen én tegelijkertijd het voorkomen van overaanbod;
Bij de invulling van deze drie opgaven komt ook het beleid en ambitie rondom duurzaamheid, wonen en zorg, leefbaarheid en het ruimtelijk beleid aan bod. Zevenaar blijft de centrumgemeente in de Liemers en biedt met het woningbouwprogramma ruimte om te groeien. Naast voldoende woningaanbod is een transparante woningmarkt, een goede bereikbaarheid, een
15
aantrekkelijk voorzieningenaanbod en voldoende werkgelegenheid cruciaal om deze ambitie waar te kunnen maken.
4.3.3. Ruimtelijke kwaliteit Zevenaar Ruimtelijke kwaliteit is geen zaak van de eigenaren van grond of gebouwen alleen, het is een waarde die niet geïndividualiseerd of geprivatiseerd kan worden. Een goede ruimtelijke kwaliteit levert een bijdrage aan de leefbaarheid, de duurzaamheid en de culturele betekenis van een gebied. Het versterkt de ‘eigenheid’ (of identiteit) van een plek of een gemeente. Een aantrekkelijke, goed verzorgde omgeving verhoogt bovendien de waarde van het onroerend goed en versterkt het vestigingsklimaat. Mensen zijn graag in gebieden met een goede ruimtelijke kwaliteit. Volgens de nota: Ruimtelijke kwaliteit Zevenaar van de Gemeente Zevenaar met publicatiedatum 1 november 2012, is de molen ingedeeld in gebied: Z06, Lentemorgen I, oost – west. Waardebepaling/welstandsniveau Het deelgebied Lentemorgen I oost – west wordt begrensd door de Arnhemseweg, de Ringbaan Noord en het Noordeinde, welke een belangrijke wijkontsluitingsfunctie hebben. Deze wegen vormen belangrijke ruimtelijke dragers voor de buurten. Voor het gedeelte van het Noordeinde tussen de Oude Doesburgseweg en de Ringbaan Oost is een bijzonder welstandsniveau toegekend, aangezien dit gedeelte een beeldbepalend onderdeel vormt van de toegangsroute naar het centrum. De rest van het gebied heeft geen waarden die bijzondere bescherming behoeven.
Bij een dergelijk beheersgebied past een regulier welstandsniveau. Welstandscriteria Ligging • de bebouwing in Lentemorgen oost alsmede de voorzieningen zijn georiënteerd op de straat, maar in Lentemorgen west niet; Massa • compositie van bouwmassa’s heeft in Lentemorgen west een orthogonaal (haaks) patroon. • de hoofdvorm is helder en blijft ook na aanpassingen duidelijk herkenbaar; • samenhang in hoofdmassa’s en kappensilhouet, waarbij de woningen overwegend zijn voorzien van een zadeldak, terwijl de bebouwing in de voorzieningenzone langs Lentemorgen plat afgedekt is; • blinde gevels aan de zijde van de openbare ruimte zijn niet toegestaan; hoekpanden hebben derhalve twee representatieve gevels; Materialen en kleuren • het materiaal en kleurgebruik is afgestemd op de materialen en kleuren van het betreffende bouwblok; • het gebruik van schreeuwerige, niet harmoniërende kleuren is niet toegestaan. Planspecifiek Initiatiefnemers hebben met het plan, in samenspraak met welstand, aansluiting bij de omgeving gezocht. Het plan voldoet aan de ruimtelijke kwaliteitseisen binnen het plangebied. Met de aanbouw wordt een modern pand gerealiseerd met twee bouwlagen dat hoekig (kubistisch) is met een plat dak en veel ramen, geheel in lijn met de omringende gebouwen. In de straat de Lentemorgen staan meerdere moderne kubistische gebouwen met grote ramen en een platte daken.
Voorbeelden hiervan zijn de bibliotheek de tegenoverstaande woningen, sporthal de lentemorgen, het bedrijfsverzamelgebouw pal tegenover de molen, het Liemers College en het zwembad. De materialen en kleur zijn eveneens met de Monumenten- en Welstandcommissie besproken.
16
Daarnaast is met de gemeente de groenstrook van de Lentemorgen besproken en wordt door het aanbrengen van groene begroeiing aan de randen van de kavel hieraan recht gedaan.
4.3.3 Monumenten gemeente Zevenaar Binnen de gemeente Zevenaar is een aantal rijks- en gemeentelijke monumenten aanwezig. Een integrale benadering bij de welstandsadvisering is hier een meerwaarde, zowel procedureel als inhoudelijk. Voor verbouw van gemeentelijke- of rijksmonumenten is een advies van de integrale Welstands- en Monumentencommissie benodigd. Op grond van de Wabo en de Bor dienen aanvragen voor een omgevingsvergunning voor de wijziging van een rijksmonument in een aantal gevallen voor advies te worden voorgelegd aan de minister van OCW, vertegenwoordigd door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, alsmede aan het college van Gedeputeerde Staten van de betreffende provincie. Het college van Burgemeester en Wethouders kan vervolgens, gehoord de ontvangen adviezen (inclusief het advies van de gemeentelijke monumentencommissie), een besluit nemen over de aanvraag om omgevingsvergunning.
Planspecifiek
Bron: CVZ (Cultuurhistorische Vereniging Zevenaar) Monumenten en beschermwaardige objecten in Zevenaar
Er is door de Monumenten- en Welstandcommissie een positief advies uitgebracht op de conceptvergunning aanvraag, die initiatiefnemers reeds gedaan hebben.
Hoofdstuk 5 Uitvoerbaarheid De uitvoerbaarheid van een bestemmingsplan moet als gevolg van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) aangetoond worden (artikel 3.1.6). Daaronder valt zowel de onderzoeksverplichting naar verschillende ruimtelijk relevante aspecten (milieu, kabels en leidingen, water, ecologie, verkeer en cultuurhistorie en archeologie) als ook de economische uitvoerbaarheid van het plan.
17
5.1 Milieu 5.1.1 Bodem In de Wet Bodembescherming (Wbb) is opgenomen dat aangetoond moet worden dat de kwaliteit van de bodem en het grondwater in het plangebied in overeenstemming is met het beoogde gebruik. De bodemkwaliteit kan namelijk van invloed zijn op de beoogde functie van het plangebied. Bij een functiewijziging zal in sommige gevallen een specifiek bodemonderzoek moeten worden uitgevoerd. Hiermee wordt in beeld gebracht of de bodemkwaliteit en de beoogde functie van het plangebied bij elkaar passen. Planspecifiek De historische situatie is beschreven is hoofdstuk 2.1. De historie van het plangebied en de in het verleden verrichte activiteiten zijn bekend. Ten aanzien van het beoogde bouwperceel rondom de molen heeft bodemonderzoek plaatsgevonden. Het onderzoek is uitgevoerd door Econsultancy te Doetinchem. Uit dit bodemonderzoek is het volgende gebleken: De bodem bestaat afwisselend uit zwak tot sterk zandige klei en zeer fijn tot matig grof zand. De bodem is daarnaast afwisselend zwak tot matig humeus. De ondergrond is plaatselijk gleyhoudend. In het opgeboorde bodemmateriaal is op een diepte tussen de circa 0,4-0,7 m -mv en plaatselijk 0,6-1,0 m -mv een zwakke tot matige bijmenging aan baksteen en/of beton en kolengruis waargenomen. Verder zijn er zintuiglijk geen bodemvreemde bijmengingen waargenomen.
Er zijn op basis van het vooronderzoek, tijdens de terreininspectie en bij de uitvoering van de veldwerkzaamheden geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten. Advies Econsultancy In het kader van de nieuwbouw kan gesteld worden dat de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem bij ongewijzigd gebruik niet tot gebruiksbeperkingen of gezondheidsrisico's zal leiden. Ook bij het aanvragen van een bouwvergunning in de nabije toekomst zullen, met het huidige beleid en de huidige normen, de aangetoonde verontreinigingen geen bezwaar vormen. Derhalve bestaan er met betrekking tot de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, volgens Econsultancy, geen belemmeringen voor de nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Voor verdere details ten aanzien van het bodemonderzoek verwijzen wij naar het aan het dossier toegevoegde rapport van Econsultancy.
5.1.2 Lucht De mate van blootstelling aan luchtverontreiniging speelt een rol in het kader van een goede ruimtelijke ordening. Met betrekking tot 'luchtkwaliteit' zijn twee aspecten van belang. Ten eerste of de luchtkwaliteit ter plaatse de nieuwe functie toelaat (de gevoeligheid van de bestemming) en ten tweede wat de bijdrage is van het plan aan die luchtkwaliteit.
18
Luchtkwaliteit ter plaatse Sinds juni 2008 is de luchtkwaliteitsrichtlijn 2008/50/EG van de Europese Unie (EU) van kracht. In de richtlijn staan doelstellingen voor de luchtkwaliteit met ambitieuze, kostenefficiënte doelen om de kwaliteit van de menselijke gezondheid en het milieu tot 2020 te verbeteren. Ook worden er manieren genoemd om deze te beoordelen en corrigerende maatregelen te nemen als de normen niet worden gehaald. De richtlijn bevat normen voor de concentraties van een aantal stoffen in de buitenlucht ter bescherming van de mens en de natuur. De twee belangrijkste stoffen zijn PM10 (fijnstof) en NO2(stikstofdioxide). De grenswaarde hiervan bedraagt 40 µg/m3.
Bijdrage aan luchtkwaliteit
Sinds 15 november 2007 zijn de belangrijkste bepalingen over luchtkwaliteitseisen opgenomen in de Wet milieubeheer (paragraaf 5.2). De Wet introduceert het onderscheid tussen 'kleine' en 'grote' projecten. Kleine projecten dragen 'niet in betekenende mate' (NIBM) bij aan verslechtering van de luchtkwaliteit. Een paar honderd grote projecten dragen juist wel 'in betekenende mate' bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Het gaat hierbij vooral om bedrijventerreinen en infrastructuur (wegen). Met de inwerkingtreding van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) op 1 augustus 2009, zijn deze grenzen zoals deze in de Wet luchtkwaliteit waren opgenomen verruimd. Een project draagt volgens het NSL "niet in betekende mate" bij zolang de toename van de concentratie fijnstof of stikstofdioxide maximaal 3% bedraagt van de grenswaarde. Het NSL zorgt voor een flexibele koppeling tussen ruimtelijke activiteiten en milieugevolgen zodat de luchtkwaliteit verbeterd en alsmede de gewenste ontwikkelingen in ruimtelijke ordening doorgang kunnen vinden. Wat het begrip 'in betekenende mate' precies inhoudt, staat in de algemene maatregel van bestuur "Niet in betekenende mate bijdragen" (Besluit NIBM).
Op hoofdlijnen komt het erop neer dat 'grote' projecten die jaarlijks meer dan 3 procent bijdragen aan de jaargemiddelde norm voor fijn stof en stikstofdioxide (1,2 microgram per m3) een 'betekenend' negatief effect hebben op de luchtkwaliteit. 'Kleine' projecten die minder dan 3 procent bijdragen, kunnen doorgaan zonder toetsing. Dat betekent bijvoorbeeld dat lokale overheden een toevoeging van minder dan 1.500 huizen niet hoeven te toetsen aan de normen voor luchtkwaliteit, omdat een dergelijk project per definitie niet boven de 3%-norm komt. Deze kwantitatieve vertaling naar verschillende functies is neergelegd in de Regeling 'niet in betekenende mate bijdragen'. Planspecifiek Bijdrage aan de luchtkwaliteit van het initiatief In de Regeling NIBM is een lijst met categorieën van projecten (inrichtingen, kantoor- en woningbouwlocaties) opgenomen die niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. Deze projecten kunnen zonder toetsing aan de grenswaarden voor het aspect luchtkwaliteit uitgevoerd worden. Voor woningbouwlocaties geldt dat voor maximaal 1.500 woningen (in geval van één ontsluitingsweg) of 3.000 woningen (in geval van twee
19
ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling) geen beoordeling op luchtkwaliteit meer hoeft plaats te vinden. Volgens het “Besluit niet in betekenende mate bijdragen (NIBM)” draagt toevoeging van een enkele woning qua verkeers(toename) niet in betekenende mate bij aan een verslechtering van de luchtkwaliteit. Daarom dient onderhavig plan niet wettelijk te worden getoetst aan de luchtkwaliteitsnormen. De heersende luchtkwaliteit is geschikt voor het initiatief. Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de ontwikkeling van het plan.
5.1.3 Geluid De mate waarin het geluid, het woonmilieu mag belasten, is geregeld in de Wet geluidhinder (Wgh). De kern van de wet is dat geluidsgevoelige objecten worden beschermd tegen geluidhinder uit de omgeving. In de Wgh worden de volgende objecten beschermd (artikel 1 Wgh):
1.
woningen;
2.
geluidsgevoelige terreinen (terreinen die behoren bij andere gezondheidszorggebouwen dan categorale en academische ziekenhuizen, verpleeghuizen, woonwagenstandplaatsen);
3.
andere geluidsgevoelige gebouwen, waaronder onderwijsgebouwen, ziekenhuizen en verpleeghuizen, andere gezondheidszorggebouwen dan ziekenhuizen en verpleeghuizen die zijn aangegeven in artikel 1.2 van het Besluit geluidhinder (Bgh): 1.
een verzorgingstehuis;
2.
een psychiatrische inrichting;
3.
een kinderdagverblijf.
Het beschermen van deze geluidsgevoelige objecten gebeurt aan de hand van vastgestelde zoneringen. Verder gaat de Wgh onder meer ook in op geluidwerende voorzieningen, geluidbelastingkaarten en actieplannen. De belangrijkste bronnen van geluidhinder die bij een ruimtelijke ontwikkeling aan de orde kunnen zijn betreffen: industrielawaai, wegverkeerslawaai en spoorweglawaai.
Planspecifiek Voor voorliggend document is het van belang te kijken naar de mogelijke gevolgen van wegverkeerslawaai, industrielawaai en spoorweglawaai. Het plangebied is gelegen binnen een 30 km zone. Noordeinde is de dichtstbijzijnde 50 km weg en ligt op c.a.185 meter afstand van de molen. De tussenliggende bebouwing en begroeiing heeft echter een geluidwerend effect. In de omgeving van het plangebied is geen snelweg, railverkeer of industrie aanwezig. Ten aanzien van het wegverkeer zal hiervan nauwelijks toename plaatsvinden door het project. Er is dan ook geen hinder van het verkeerslawaai te verwachten. Gezien de afwezige akoestische risico’s kan geconcludeerd worden dat er sprake is van een aanvaardbaar woonen leefklimaat. Een onderzoek naar mogelijke maatregelen is derhalve niet aan de orde. Het aspect geluid vormt geen belemmering voor de realisatie van de woning.