CConstaterende datZevenaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Ruimte 15 april 2026, gemeente Zevenaar28.347 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

inhoud van een bouwwerk

tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 3.7

oppervlakte van een bouwwerk

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; 3.8

oppervlakte van een bouwwerk, geen gebouw zijnde

tussen de buitenzijden van het bouwwerk, geen gebouw zijnde, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk, geen gebouw zijnde;

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 9 van 25

3.9

ondergeschikte bouwdelen

bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwonderdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, liftschachten, gevel- en kroonlijsten, luifels, droogstanden, ingangspartij, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw- en functiegrenzen niet meer dan 1 m bedraagt; airco's met een diepte groter dan 50 centimeter en warmtepompen worden hier niet onder verstaan.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 10 van 25

Artikel 4

Aanvraagvereisten

De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van het plan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit TAM-omgevingsplan.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 11 van 25

Artikel 5

Algemeen gebruiks- en bouwverbod

Niet genoemde gebruiks- en bouwactiviteiten en gebruiks- en bouwactiviteiten die in strijd zijn met dit plan zijn niet toegestaan.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 12 van 25

Hoofdstuk 2 Regels voor functies en activiteiten

Artikel 6 6.1

Groen

Functieomschrijving

In het voor 'Groen' aangewezen gebied zijn de volgende activiteiten toegestaan: het aanleggen, in gebruik nemen en in stand houden van: a. b. c. d. e. f. g.

groenvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; speelvoorzieningen; nutsvoorzieningen; verhardingen in de vorm van fiets- en voetpaden, parkeervoorzieningen en ontsluitingswegen; kunstwerken, waaronder bruggen; en daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met inbegrip van ondergrondse containers.

6.2

Bouwregels

6.2.1

Algemeen

De gronden mogen niet worden bebouwd, met uitzondering van gebouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 6.2.2

Geb ouwen

In aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 van het plan mogen gebouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen worden gebouwd als: a. b.

de oppervlakte van gebouwen niet meer bedraagt dan 30 m 2; de bouwhoogte van gebouwen niet meer bedraagt dan 3 meter.

6.2.3

Bouwwerken, geen geb ouwen zijnde

In aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 van het plan mogen bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd als: a. b. c. d. e.

de oppervlakte van een bouwwerk, geen gebouwen zijnde, niet meer bedraagt dan 30 m 2; de hoogte van speelvoorzieningen niet meer bedraagt dan 6 meter; de hoogte van palen, masten en verkeerstekens niet meer bedraagt dan 6 meter; de hoogte van kunstobjecten niet meer bedraagt dan 6 meter; de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet meer bedraagt dan 3 meter.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 13 van 25

Artikel 7 7.1

Wonen

Functieomschrijving

In het voor 'Wonen' aangewezen gebied zijn de volgende gebruiksactiviteiten toegestaan: a. b. c. d. e. f.

wonen; het verblijven in een gemeenschappelijke woonruimte of verblijfsruimte; het uitoefenen van een beroep of kleinschalige bedrijfsactiviteit aan huis; waterberging; parkeren; verhardingen in de vorm van fiets- en voetpaden, parkeervoorzieningen en ontsluitingswegen.

7.2

Bouwregels

7.2.1

Algemeen

a.

b.

Het is niet toegestaan om een bodemgevoelig gebouw te bouwen als de kwaliteit van de bodem niet voldoet aan de grenswaarden zoals opgenomen in bijlage IIa bij het Besluit activiteiten leefomgeving. Bij toepassing van artikel 22.36 van het plan bedraagt de oppervlakte van een bodemgevoelig bijbehorend bouwwerk niet meer dan 50 m 2.

7.2.2

Hoofdgeb ouwen

In aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 van het plan mogen hoofdgebouwen worden gebouwd als: a. b. c. d.

e. f. g. h.

het hoofdgebouw wordt gebouwd binnen het bouwvlak; de bouwhoogte van een hoofdgebouw niet meer bedraagt dan de ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' aangegeven bouwhoogte; het gezamenlijk aantal wooneenheden mag niet meer dan 80 bedragen; de afstand binnen het bouwvlak tussen twee niet aaneengebouwde hoofdgebouwen tot aan de onderlinge zijdelingse perceelgrens niet minder bedraagt dan 1 meter, of niet minder dan de bestaande afstand indien die kleiner is dan 1 meter; de diepte van een aaneengebouwd hoofdgebouw niet meer bedraagt dan 10 meter; de diepte van een rug aan rug gebouwd hoofdgebouw niet meer bedraagt dan 10 meter; de diepte van een twee-aaneen gebouwd hoofdgebouw niet meer bedraagt dan 12 meter; de diepte van een vrijstaand hoofdgebouw niet meer bedraagt dan 15 meter.

7.2.3

Bijbehorende b ouwwerken in het voorerfgebied van een gebouwerf

In aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 van het plan zijn in het voorerfgebied van het hoofdgebouw geen bijbehorende bouwwerken toegestaan, met uitzondering van een erker, een ingangspartij en een droogstand, als: a.

b. c.

de gezamenlijke diepte ten hoogste 30% bedraagt van de kortste afstand tussen de betreffende gevel en de perceelgrens evenwijdig aan die gevel, met een maximum van 1,5 meter; de afstand tot de zijdelingse perceelgrens van een erker, droogstand of ingangspartij niet minder bedraagt dan 1 meter; de gezamenlijke breedte niet meer bedraagt dan 3/5 van de breedte van de betreffende gevel, waarbij een erker tot 1,5 meter breder dan de breedte van die gevel mag zijn;

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 14 van 25

d.

de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 3,25 meter.

7.2.4

Bijbehorende b ouwwerken in het zijerfgebied van een gebouwerf

In aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 van het plan mogen bijbehorende bouwwerken in het zijerfgebied van het oorspronkelijke hoofdgebouw worden gebouwd als: 1. 2. 3.

de bijbehorende bouwwerken worden gebouwd achter de voorgevel en/of het verlengde daarvan; de gezamenlijke oppervlakte niet meer bedraagt dan 10 m 2; de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 3,25 meter.

7.2.5

Bijbehorende b ouwwerken in het achtererfgebied van een gebouwerf

In aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 van het plan mogen bijbehorende bouwwerken in het achtererfgebied van het hoofdgebouw worden gebouwd als: 1. 2. 3.

4.

de goothoogte niet meer bedraagt dan 3,25 meter; de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 5 meter; de gezamenlijke oppervlakte (inclusief overkappingen) niet meer dan 50% bedraagt van de oppervlakte van het gebouwerf, uitgezonderd de footprint van het hoofdgebouw en het voorerfgebied; onverminderd het bepaalde onder c mag de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken (exclusief overkappingen) bij elke woningen niet meer bedragen dan: a. 60 m 2 bij percelen met een oppervlakte tot 1.000 m 2; b. 100 m 2 bij percelen met een oppervlakte vanaf 1.000 m 2.

7.2.6

Bouwwerken, geen geb ouwen zijnde

In aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 van het plan mogen de volgende bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd indien; a. b. c.

de bouwhoogte van vlaggenmasten niet meer bedraagt dan 6 meter; de bouwhoogte van pergola's niet meer bedraagt dan 3 meter; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, voor zover gesitueerd in dan wel achter (het verlengde van) de voorgevel van de woning, niet meer bedraagt dan 2 meter.

7.3

Aanwijzing vergunningplichtige activiteit

7.3.1

Bouwen b uiten b ouwvlak

Het is verboden om zonder omgevingsvergunning af te wijken van de ligging in het bouwvlak zoals bedoeld in sublid 7.2.2 onder a. 7.4

Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteit

7.4.1

Bouwen b uiten het b ouwvlak

De omgevingsvergunning als bedoeld in sublid 7.3.1 wordt alleen verleend als: a. b. c. d. e.

het een nieuwbouwwoning betreft; sprake is van een zeer complex kavel qua ligging en vorm; de uitbreiding is gesitueerd aan een zijde die niet naar een ander woonperceel is gericht; vanuit de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit én Stedenbouw positief is geadviseerd; de belangen van belendende kavels niet onevenredig wordt aangetast ten opzicht van de mogelijkheid die het omgevingsplan biedt;

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 15 van 25

f.

het totaal aan oppervlakte wat buiten het bouwvlak komt te liggen de maximale toegestane oppervlakte van bijbehorende bouwwerken bij woningen niet overschrijdt.

7.5

Specifieke functieregels

7.5.1

Voorwaardelijke verplichting trillingen

Een omgevingsvergunning voor het bouwen van hoofdgebouwen ten behoeve van de in artikel 7.1 genoemde functies wordt uitsluitend verleend als de streefwaarden voor trillingssterkte uit de SBR-richtlijn "Meet- en beoordelingsrichtlijnen voor trillingen", deel B 'Hinder voor personen in gebouwen' niet worden overschreden, al dan dan niet door het nemen van maatregelen. 7.5.2

Uitoefenen van b eroep of kleinschalige bedrijfsactiviteit

De uitoefening van een beroep of kleinschalige bedrijfsactiviteit als bedoeld in lid 7.1 is toegestaan met dien verstande dat: a.

b. c.

d. e.

f. g. h.

i. j.

k.

uitsluitend een bedrijfsactiviteit van milieucategorie 1 is toegestaan zoals staat opgenomen in bijlage 1 (Staat van bedrijfsactiviteiten), of een naar zijn aard en omvang daarmee gelijk te stellen activiteit; horeca, detailhandel of groothandel niet is toegestaan; de gezamenlijke bruto vloeroppervlakte ten behoeve van de uitoefening van een beroep of kleinschalige bedrijfsactiviteit binnen een woning en de bijbehorende bouwwerken, in voorkomend geval samen met de bruto vloeroppervlakte ten behoeve van een beroep niet meer bedraagt dan 30% van de totale bruto vloeroppervlakte van de betreffende woning en de bijbehorende bouwwerken maar in ieder geval niet meer dan 75 m²; geen buitenopslag van goederen ten behoeve van een beroep of kleinschalige bedrijfsactiviteit op de bij de betreffende woning behorende gronden plaatsvindt; in de omgeving van de betreffende woning geen onevenredige vergroting van de verkeersen parkeerdruk mag optreden, met dien verstande dat het parkeren ten behoeve van een beroep of kleinschalige bedrijfsactiviteit zoveel mogelijk op eigen terrein plaatsvindt; behoudens in- en uitladen, geen activiteiten in de openbare ruimte rond de betreffende woning mogen plaatsvinden; het beroep of de kleinschalige bedrijfsactiviteit moet worden uitgeoefend door een bewoner (ingeschreven in de Gemeentelijke Basisadministratie) van de betreffende woning; per woning

maximaal twee personen ieder een eigen beroep of kleinschalige bedrijfsactiviteit mogen uitoefenen waarbij geldt dat het gezamenlijke bruto vloeroppervlakte niet meer bedraagt dan het gestelde onder c; per beroep of kleinschalige bedrijfsactiviteit maximaal 1 personeelslid in dienst mag zijn naast de bewoner van de betreffende woning; reclame-uitingen moeten voldoen aan hetgeen gesteld is in artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 7.2.1 van de Verordening Fysieke Leefomgeving gemeente Zevenaar 2024; en een bed & breakfast, als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: 1. De woonfunctie blijft als primaire functie behouden en herkenbaar. De activiteiten zijn kleinschalig van omvang en passen bij de kwaliteit en de schaal van de hoofdfunctie. 2. Ten behoeve van de bed & breakfast mag 30 % van de totale bruto-vloeroppervlakte van de betreffende woning en de daarbij behorende bouwwerken gebruikt worden, met een maximum van 75 m 2. Hierbij worden de ruimtes die gemeenschappelijk worden gebruikt buiten beschouwing gelaten. 3. Er mag aan maximaal 4 personen bedrijfsmatig nachtverblijf worden aangeboden. 4. De bed & breakfast voorziening moet binnen de bestaande woonbebouwing en de daarbij behorende aan-, uit- en bijgebouwen gerealiseerd worden.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 16 van 25

5. 6.

7.

8.

9. 7.5.3

De bed & breakfast activiteiten worden door de hoofdbewoner uitgeoefend; tijdens het nachtverblijf is de hoofdbewoner in de bijbehorende woning aanwezig. De activiteiten mogen geen ernstige c.q. onevenredige hinder voor het woonmilieu opleveren en geen afbreuk doen aan het woonkarakter van de omgeving (waaronder de volgens het omgevingsplan gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken). De voorziening mag door de bouwkundige opzet, indeling en maatvoering niet functioneren als een zelfstandige woning. Een aparte kookgelegenheid is niet toegestaan. Een naamsaanduiding mag alleen in zeer bescheiden vorm op de gevel aanwezig zijn; voor de afmetingen wordt aansluiting gezocht bij de vastgestelde nota Ruimtelijke Kwaliteit. Het parkeren dient op eigen terrein plaats te vinden. Parkeren op eigen terrein

Het gebruik van eigen terrein ten behoeve van parkeren zoals bedoeld in lid 7.1 is toegestaan met dien verstande dat: a.

parkeren voor de voorgevel niet is toegestaan.

7.5.4 a.

b.

c.

Voorwaardelijke verplichting geluid

Een omgevingsvergunning voor het bouwen van hoofdgebouwen ten behoeve van de in artikel 7.1 genoemde geluidgevoelige functies wordt uitsluitend verleend indien aangetoond wordt dat de van toepassing zijnde standaardwaarde voor een of meerdere geluidbronsoorten op grond het Besluit kwaliteit leefomgeving niet wordt overschreden; Indien de standaardwaarde op grond het Besluit kwaliteit leefomgeving wordt overschreden dient aangetoond te worden dat: 1. de woning beschikt over ten minste één geluidluwe gevel; en 2. de woning beschikt over een buitenruimte waarbij de geluidbelasting niet meer bedraagt dan 55 Lden als gevolg van de geluidbronsoort hoofdspoorwegen; Indien de grenswaarde op grond het Besluit kwaliteit leefomgeving wordt overschreden dient aangetoond te worden dat: 1. door het treffen van geluidbeperkende maatregelen voldoende geluidreductie behaald wordt om te voldoen aan de grenswaarde of de betreffende gevel uitgevoerd wordt als een niet geluidgevoelige gevel met bouwkundige maatregelen; en 2. de woning beschikt over ten minste één geluidluwe gevel; en 3. de woning beschikt over een buitenruimte waarbij de geluidbelasting niet meer bedraagt dan 55 Lden als gevolg van de geluidbronsoort hoofdspoorwegen.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 17 van 25

Artikel 8 8.1

Vrijwaringszone - molenbiotoop

Funtieomschrijving

Een locatie die is aangewezen als 'Vrijwaringszone - molenbiotoop' heeft mede als functie de bescherming en instandhouding van de functie van de molen als werktuig. 8.2

Bouwactiviteit

Binnen de in lid 8.1 bedoelde zone gelden in afwijking van het bepaalde bij de andere voorkomende functies de volgende maximale bouwhoogten voor bouwwerken anders dan op grond de bouwwerken die op grond van artikel 7 zijn toegestaan, welke wordt berekend met behulp van de formule: H = X/n + c.z Waarin: H = de toelaatbare bouwhoogte van een bouwwerk in m (op een afstand x meter uit de molen). De toelaatbare hoogte wordt gemeten vanaf het waterpasniveau van de begane grond of het maaiveld van de molen X = afstand in m vanaf het bouwwerk tot de molen n = 50 (ruwheidscoëfficient) c = constante = 0,2 (windreductiecoëfficient) z = askophoogte van de molen in m (½ lengte van gevlucht van molen + hoogte van de molenbelt) een en ander met dien verstande, dat de ingevolge de onderliggende functie maximaal toegestane bouwhoogte niet mag worden overschreden. 8.3

Afwijken beoordelingsregels bouwactiviteit

Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 8.2 voor het bouwen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde overeenkomstig de andere functies, mits: a. b.

de windvang van de molen daardoor niet wordt beperktt; vooraf schriftelijk positief advies is ontvangen van de provincie Gelderland.

8.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.4.1

Vergunningplicht

Het is verboden om zonder omgevingsvergunning de volgende aanlegactiviteiten te verrichten: a. b. c.

het wijzigen van het maaiveldniveau door ontgronding; het ophogen van gronden, hoger dan de hoogte die is toegestaan voor bouwwerken genoemd in artikel 8.2; het aanleggen van bovengrondse constructies, installaties en apparatuur met een hoogte

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 18 van 25

d.

die hoger is dan is toegestaan voor bouwwerken genoemd in artikel 8.2; het aanplanten van bomen en/of houtgewas en het aanbrengen van beplanting met een uitgroei hoogte die hoger is dan is toegestaan voor bouwwerken genoemd in artikel 8.2.

8.4.2

Uitzondering vergunningplicht

Het verbod van 8.4.1 geldt niet voor aanlegactiviteiten: a. b.

in het kader van het normale beheer en onderhoud; die op het moment van het van kracht worden van het plan in uitvoering zijn of uitgevoerd kunnen worden op grond van een voor dat tijdstip aangevraagde dan wel verleende vergunning.

8.4.3 a.

a.

Beoordelingsregels

De werken en werkzaamheden als bedoeld in artikel 8.4.1 zijn alleen toelaatbaar indien door die werken en werkzaamheden de windvang van de molen daardoor niet wordt beperkt; Alvorens te beslissen omtrent een omgevingsvergunning is schriftelijk positief advies ontvangen van de provincie Gelderland.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 19 van 25

Artikel 9 9.1

Waarde - Archeologie

Functieomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende functies, mede bestemd voor de bescherming van de vastgestelde en verwachte archeologische waarden. 9.2 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 9.2.1

Aanwijzing vergunningplichtige activiteit

Het is verboden om zonder omgevingsvergunning bodemingrepen uit te voeren: a.

dieper dan 2,0m ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie'';

9.2.2

Beoordelingsregels b innenplanse omgevingsplanactiviteit

De omgevingsvergunning als bedoeld in sublid 9.2.1 wordt alleen verleend als: a.

is gebleken dat de directe of indirecte gevolgen van deze activiteiten niet zullen leiden tot een verstoring van archeologisch materiaal dan wel dat de verstoring ervan redelijk is in relatie tot het belang van de te verrichten activiteiten en het archeologische belang daarbij voldoende is gewaarborgd.

9.2.3

Specifieke aanvraagvereisten

Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a.

een rapport waarin de archeologische waarde van de gronden die blijkens de aanvraag worden verstoord naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld.

9.2.4

Voorschriften

Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in sublid 9.2.1 kunnen in ieder geval de volgende voorschriften worden verbonden: a. b. c.

de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem worden behouden; de verplichting tot het doen van opgravingen; of de verplichting om de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 20 van 25

Hoofdstuk 3 Algemene regels

Artikel 10

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 21 van 25

Artikel 11

Algemene bouwregels

Indien de bestaande maatvoering afwijkt van hetgeen in deze planregels is bepaald mag deze afwijkende maatvoering te allen tijde worden gehandhaafd en/of vernieuwd, met dien verstande dat de afwijking niet mag worden vergroot.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 22 van 25

Artikel 12

Overige regels

12.1

Parkeren rest bebouwde kom

12.1.1

Parkeernormen

a.

b.

c. d.

Een omgevingsvergunning voor het bouwen en/of een omgevingsvergunning voor een wijziging van het gebruik kan pas worden verleend als is verzekerd dat op eigen terrein wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid voor motorvoertuigen. Hierbij gelden de normen als opgenomen in de onderstaande tabel: Functie

Per

Rest bebouw de kom

Koop, vrijstaand

w oning

1,8

Koop, tw ee-onder-een-kap

w oning

1,7

Koop, tussen/hoek

w oning

1.5

Koop, etage, duur

w oning

1,6

Koop, etage, midden

w oning

1,4

Koop, etage, goedkoop

w oning

1,3

Huurhuis, vrije sector

w oning

1,5

Huurhuis, sociale huur

w oning

1,3

Huur, etage, duur

w oning

1,4

Huur, etage, midden/goedkoop

w oning

1,1

Kamerverhuur, zelfstandig (niet-studenten)

kamer

0,55

Kamerverhuur, niet-zelfstandig, studenten

kamer

0,25

Aanleunw oning en serviceflat

kamer

1,05

de onder a bedoelde parkeerplaatsen voor motorvoertuigen dienen te voldoen aan de volgende maatvoering: 1. in geval van kops parkeren 2,5 x 5 m en in geval van langsparkeren 2 x 6 m; 2. in geval van een gereserveerde parkeerruimte voor een gehandicapte, voor zover die ruimte niet in de lengterichting aan een trottoir grenst, ten minste 3,5 x 6 m; de onder a bedoelde parkeerplaatsen dienen gerealiseerd en in stand te worden gehouden; in afwijking van het gestelde onder a, is het niet noodzakelijk om de nieuwe parkeerbehoefte op eigen terrein te voorzien, indien is aangetoond dat een omgevingsvergunning voor het bouwen en / of een omgevingsvergunning voor een wijziging van het gebruik resulteert in een lagere parkeerbehoefte dan het voorgaande legale gebruik.

12.1.2 a.

b.

Laden en lossen

Indien de functie van een bouwwerk of een terrein aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen met bijbehorende voorzieningen, moet, bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen en/of een omgevingsvergunning voor een wijziging van het gebruik, zijn verzekerd dat op eigen terrein wordt voorzien in voldoende ruimte voor het laden en lossen met bijbehorende voorzieningen; de onder a bedoelde ruimte voor het laden en lossen dient in stand te worden gehouden.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 23 van 25

12.1.3

Afwijken van de parkeerregels

Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in sublid 12.1.1 en 12.1.2 indien: a.

b. c.

het voldoen aan die bepalingen gezien het gebruik en/of het bouwplan van het betreffende plangebied, mede gezien de omgeving, niet noodzakelijk is en/of op overwegende bezwaren stuit, en/of; op andere wijze in de nodige parkeerruimte wordt voorzien; en de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd blijft.

12.1.4 1.

2.

Maatwerkvoorschriften

Burgemeester en wethouders kunnen maatwerkvoorschriften stellen aanvullend aan het bepaalde in sublid 12.1.1 en 12.1.2 ten behoeve van het verhogen van de parkeernormen en / of het aanleggen van voorzieningen voor het laden en lossen indien dat nodig is gelet op het gebruik en / of het bouwplan waarbij het (functioneren van) de omgeving mede betrokken wordt. Het besluit tot het stellen van maatwerkvoorschriften moet worden voorzien van een motivering waaruit in ieder geval blijkt dat het maatwerkvoorschrift noodzakelijk is in verband met de ruimtelijke kwaliteit en / of de verkeersveiligheid en / of de verkeerssituatie en / of gebruiksmogelijkheden op aangrenzende gronden. Een maatwerkvoorschrift kan tevens gesteld worden bij die (bouw)plannen waarvan de functie niet genoemd wordt in de tabel in sublid 12.1.1.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 24 van 25

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

Artikel 13 13.1 a.

b.

c. 13.2 a. b.

c.

d. e.

Overgangsrecht

Overgangsrecht bouwwerken Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. Het overgangsrecht voor bouwwerken zoals bedoeld in lid 13.1 heeft een geldingstermijn van 10 jaar vanaf de dag van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan. Overgangsrecht gebruik Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.

Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan. Het overgangsrecht voor gebruik zoals bedoeld in lid 13.2 heeft een geldingstermijn van 10 jaar vanaf de dag van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan.

planstatus vastgesteld

ref erentie TAM01VESTERSBOS /

pagina 25 van 25

staat van bedrijfsactiviteiten (categorie 1 t/m 3b) SBI

omschrijving

15 151

vervaardiging van voedingsmiddelen en dranken slachterijen en overige vleesverwerking: - slachterijen en pluimveeslachterijen - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken - loonslachterijen groente- en fruitconservenfabrieken: - jam - groente algemeen zuivelprodukten fabrieken: - melkprodukten fabrieken v.c. < 55.000 t/j consumptie-ijsfabrieken broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 2500 kg meel/week - brood- en beschuitfabrieken banket, biscuit- en koekfabrieken verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: - suikerwerkfabrieken zonder suiker branden deegwarenfabrieken koffiebranderijen en theepakkerijen: - theepakkerijen soep- en soeparomafabrieken: - zonder poederdrogen vervaardiging van wijn, cider en andere niet gedistilleerde, gegiste dranken mineraalwater- en frisdrankfabrieken

1532, 1533

1551 1552 1581

1582 1584 1585 1586 1589.2 1593 t/m 1595 1598 17 171 172

cat.

3b 3b 3a 3b 3b 3b 3b 2 3b 3b 3b 3a 3b 3b 2 3b

173 174, 175 176, 177

vervaardiging van textiel bewerken en spinnen van textielvezels weven van textiel: - aantal weefgetouwen < 50 textielveredelingsbedrijven vervaardiging van textielwaren vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen

3b 3a 3a 3a

18 181 182 183

vervaardiging van kleding; bereiden en verven van bont vervaardiging kleding van leer vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) bereiden en verven van bont; vervaardiging van artikelen van bont

3a 2 3a

19 192 193

vervaardiging van leer en lederwaren (excl. kleding) lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel) schoenenfabrieken

3a 3a

3b

staat van bedrijfsactiviteiten (categorie 1 t/m 3b) SBI

omschrijving

20 2010.1 2010.2

houtindustrie en vervaardiging artikelen van hout, riet, kurk e.d. houtzagerijen houtconserveringsbedrijven: - met zoutoplossingen fineer- en plaatmaterialenfabrieken timmerwerkfabrieken kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken

202 203, 204 205 21 2112 212 2121.2

vervaardiging van papier, karton en papier- en kartonwaren papier- en kartonfabrieken: - p.c. < 3 t/u papier- en kartonwarenfabrieken golfkartonfabrieken: - p.c. < 3 t/u

cat.

3b 3a 3b 3b 2

3a 3b 3b

22 221 2221 2222 2222.6 2223 2223 2224 2225 223

uitgeverijen, drukkerijen en reproductie van opgenomen media uitgeverijen (kantoren) drukkerijen van dagbladen drukkerijen (vlak- en rotatie-diepdrukkerijen) kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen grafische afwerking binderijen grafische reproductie en zetten overige grafische activiteiten reproductiebedrijven opgenomen media

1 3b 3b 2 1 2 2 2 1

23

aardolie-/steenkoolverwerkende industrie; bewerking van splijt- en kweekstoffen smeeroliën- en vettenfabrieken

3b

2320.2 24 2442

2462 2464 2466 25 2512 2513

vervaardiging van chemische producten farmaceutische productenfabrieken: - formulering en afvullen geneesmiddelen - verbandmiddelenfabrieken lijm- en plakmiddelenfabrieken: - zonder dierlijke grondstoffen fotochemische productenfabrieken chemische kantoorbenodigdhedenfabrieken vervaardiging van producten van rubber en kunststof loopvlakvernieuwingsbedrijven: - vloeroppervlak < 100 m2 rubber-artikelenfabrieken

3a 2 3b 3b 3a

3a 3b

staat van bedrijfsactiviteiten (categorie 1 t/m 3b) SBI

omschrijving

26 261

vervaardiging van glas, aardewerk, cement-, kalk- en gipsproducten glasfabrieken: - glas en glasproducten, p.c. < 5.000 t/j glasbewerkingsbedrijven aardewerkfabrieken: - vermogen elektrische ovens totaal < 40 kw - vermogen elektrische ovens totaal > 40 kw kalkzandsteenfabrieken: - p.c. < 100.000 t/j mineraalgebonden bouwplatenfabrieken betonmortelcentrales: - p.c. < 100 t/u vervaardiging van producten van beton, (vezel)cement en gips: - p.c. < 100 t/d natuursteenbewerkingsbedrijven: - zonder breken, zeven en drogen slijp- en polijstmiddelen fabrieken minerale productenfabrieken n.e.g.

2615 262, 263

2661.2 2662 2663, 2664 2665, 2666 267 2681 2682 28 281 284 2851

2852 287 29 29

cat.

3b 3a 3a 3b 3b 3b 3b 3b 3b 3a 3b

vervaardiging van producten van metaal (excl. machines/ transportmiddelen) constructiewerkplaatsen: - gesloten gebouw smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d. metaaloppervlaktebehandelingsbedrijven: - algemeen - scoperen (opspuiten van zink) - thermisch verzinken - thermisch vertinnen - mechanische oppervlaktebehandeling (slijpen, polijsten) - anodiseren, eloxeren - chemische oppervlaktebehandeling - emailleren - galvaniseren (vernikkelen, verchromen, verzinken, verkoperen e.d.) - metaalharden - lakspuiten en moffelen overige metaalbewerkende industrie overige metaalwarenfabrieken n.e.g.

3b 3b 3b 3b 3b 3b 3b 3b 3b 3b 3b 3b 3b

vervaardiging van machines en apparaten machine- en apparatenfabrieken: - p.o. < 2.000 m2

3b

3b 3b

staat van bedrijfsactiviteiten (categorie 1 t/m 3b) SBI

omschrijving

cat.

30 30

vervaardiging van kantoormachines en computers kantoormachines- en computerfabrieken

3a

31

vervaardiging van overige elektrische machines, apparaten en benodigdheden accumulatoren- en batterijenfabrieken elektrotechnische industrie n.e.g.

3b 3a

314 316 32 321 t/m 323 3210 33 33

vervaardiging van audio-, video-, telecomapparaten en -benodigdheden vervaardiging van audio-, video- en telecom-apparatuur en benodigdheden fabrieken voor gedrukte bedrading vervaardiging van medische en optische apparaten en instrumenten fabrieken voor medische apparaten en instrumenten, orthopedische artikelen, optische instrumenten en uurwerken

3a 3a

2

34 343

vervaardiging van auto's, aanhangwagens en opleggers auto-onderdelenfabrieken

35

vervaardiging van transportmiddelen (excl. auto's, aanhangwagens en opleggers) scheepsbouw- en reparatiebedrijven: - houten schepen - kunststof schepen wagonbouw- en spoorwegwerkplaatsen: - algemeen rijwiel- en motorrijwielfabrieken transportmiddelenindustrie n.e.g.

3b 3b 3b

vervaardiging van meubels; vervaardiging van overige goederen n.e.g. meubelfabrieken fabricage van munten, sieraden e.d. muziekinstrumentenfabrieken sportartikelenfabrieken speelgoedartikelenfabrieken vervaardiging van overige goederen n.e.g.

3b 2 2 3a 3a 3a

productie en distributie van elektriciteit, aardgas, stoom en warm water elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen: - < 10 mva

2

351

352 354 355 36 361 362 363 364 365 366 40 40

3b

3a 3b

staat van bedrijfsactiviteiten (categorie 1 t/m 3b) SBI

40

40

41 41 41

omschrijving

cat.

- 10 - 100 mva - 100 - 200 mva gasdistributiebedrijven: - gasdrukregel- en meetruimten (kasten en gebouwen), cat. b en c - gasontvang- en -verdeelstations, cat. d warmtevoorzieninginstallaties, gasgestookt: - stadsverwarming - blokverwarming

3a 3b

winning en distributie van water waterwinning-/ bereiding- bedrijven: - bereiding met chloorbleekloog e.d. en/of straling waterdistributiebedrijven met pompvermogen: - < 1 mw - 1 - 15 mw

45 45

bouwnijverheid bouwbedrijven en aannemersbedrijven met werkplaats

50 501, 502, 504 5020.4 5020.4 5020.4 5020.5 503, 504 505

handel/reparatie van auto's, motorfietsen; benzineservicestations handel in auto's en motorfietsen, reparatie- en servicebedrijven autoplaatwerkerijen autobeklederijen autospuitinrichtingen autowasserijen handel in auto- en motorfietsonderdelen en -accessoires benzineservicestations: - met lpg - zonder lpg

51 511 5121 5122 5123 5124 5125, 5131 5132, 5133 5134 5135 5136 5137 5138, 5139 514

groothandel en handelsbemiddeling handelsbemiddeling (kantoren) grth in akkerbouwproducten en veevoeders grth in bloemen en planten grth in levende dieren grth in huiden, vellen en leder grth in ruwe tabak, groenten, fruit en consumptieaardappelen grth in vlees, vleeswaren, zuivelproducten, eieren, spijsoliën grth in dranken grth in tabaksproducten grth in suiker, chocolade en suikerwerk grth in koffie, thee, cacao en specerijen grth in overige voedings- en genotmiddelen grth in overige consumentenartikelen

2 3b 3b 2

3a 2 3b

3a

2 3b 1 3a 2 2 3b 2

1 2 2 3b 3a 2 2 2 2 2 2 2 2

staat van bedrijfsactiviteiten (categorie 1 t/m 3b) SBI

omschrijving

5148.7

grth in vuurwerk - consumentenvuurwerk, verpakt, opslag tot 50 ton - consumentenvuurwerk, onverpakt, opslag tot 2 ton - consumentenvuurwerk, onverpakt, opslag 2-5 ton grth in vaste brandstoffen: - klein, lokaal verzorgingsgebied grth minerale olieproducten (excl. brandstoffen) grth in metalen en -halffabrikaten grth in hout en bouwmaterialen grth in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur grth in chemische producten grth in overige intermediaire goederen autosloperijen overige groothandel in afval en schroot grth in machines en apparaten overige grth (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d.)

3b 3b 3b 3a 3a 3b 2 3b 3b 2 2

5151.1 5151.3 5152.2 /.3 5153 5154 5155.1 5156 5157 5157.2 /.3 5162 517

cat.

2 2 3a

52 52 5211, 5212, 5246, 5249 5222, 5223 5224 5231, 5232 5249 527

detailhandel en reparatie t.b.v. particulieren detailhandel voor zover n.e.g. supermarkten, warenhuizen, hypermarkten, bouwmarkten, tuincentra

1 21

detailhandel vlees, wild, gevogelte, met roken, koken, bakken detailhandel brood en banket met bakken voor eigen winkel apotheken en drogisterijen detailhandel in vuurwerk reparatie t.b.v. particulieren (excl. auto's en motorfietsen)

2 2 1 1 1

55 5511, 5512 552 553 554 5551 5552

logies-, maaltijden- en drankenverstrekking hotels en pensions met keuken kampeerterreinen, vakantiecentra, e.d. (met keuken) restaurants, cafetaria's, snackbars, viskramen e.d. café's, bars, discotheken kantines cateringbedrijven

2 3a 2 3a 2 2

60 601

vervoer over land spoorwegen: - stations bus-, tram- en metrostations en -remises taxibedrijven, taxistandplaatsen touringcarbedrijven goederenwegvervoerbedrijven (zonder schoonmaken tanks) pomp- en compressorstations van pijpleidingen

3b 3b 2 3b 3b 3a

6021.1 6022 6023 6024 603 1

Indien koelinstallatie met ammoniak, anders 10m en categorie 1

staat van bedrijfsactiviteiten (categorie 1 t/m 3b) SBI

omschrijving

cat.

61, 62 61, 62 63 6311.2 6312 6321 6322, 6323 633 634

vervoer over water/door de lucht vervoersbedrijven (uitsluitend kantoren) dienstverlening t.b.v. het vervoer laad-, los- en overslagbedrijven t.b.v. binnenvaart: - stukgoederen veem- en pakhuisbedrijven, koelhuizen autoparkeerterreinen, parkeergarages overige dienstverlening t.b.v. vervoer (kantoren) reisorganisaties expediteurs, cargadoors (kantoren)

3b 3a 2 1 1 1

64 641 642 642

post en telecommunicatie post- en koeriersdiensten telecommunicatiebedrijven tv- en radiozendstations (zie ook tabel 2: zendinstallaties)

2 1 2

65, 66, 67 65, 66, 67

financiële instellingen en verzekeringswezen banken, verzekeringsbedrijven, beurzen

2

70 70

verhuur van en handel in onroerend goed verhuur van en handel in onroerend goed

1

71 711 712 713 714

verhuur van transportmiddelen, machines, andere roerende goederen personenautoverhuurbedrijven verhuurbedrijven voor transportmiddelen (excl. personenauto's) verhuurbedrijven voor machines en werktuigen verhuurbedrijven voor roerende goederen n.e.g.

2 3a 3a 2

72 72

computerservice- en informatietechnologie computerservice- en informatietechnologie-bureau's e.d.

1

73 731 732

speur- en ontwikkelingswerk natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek

2 1

74 74 747 7481.3 7484.4

overige zakelijke dienstverlening overige zakelijke dienstverlening: kantoren reinigingsbedrijven voor gebouwen foto- en filmontwikkelcentrales veilingen voor huisraad, kunst e.d.

1 3a 2 1

1

staat van bedrijfsactiviteiten (categorie 1 t/m 3b) SBI

omschrijving

75 75 7525 80 801, 802 803, 804

openbaar bestuur, overheidsdiensten, verplichte sociale verzekeringen openbaar bestuur (kantoren e.d.) brandweerkazernes onderwijs scholen voor basis- en algemeen voortgezet onderwijs scholen voor beroeps-, hoger en overig onderwijs

2 2

85 8511 8512, 8513 8514, 8515 853

gezondheids- en welzijnszorg ziekenhuizen artsenpraktijken, klinieken en dagverblijven consultatiebureaus verpleeghuizen

2 1 1 2

90 9000.2 9000.2 9000.3

milieudienstverlening vuilophaal-, straatreinigingsbedrijven e.d. gemeentewerven (afval-inzameldepots) afvalverwerkingsbedrijven: - kabelbranderijen - pathogeen afvalverbranding (voor ziekenhuizen) - oplosmiddelterugwinning - verwerking fotochemisch en galvano-afval composteerbedrijven: - gesloten

9000.3

91 9111 9131 9133.1 9133.1

diverse organisaties bedrijfs- en werknemersorganisaties (kantoren) kerkgebouwen e.d. buurt- en clubhuizen hondendressuurterreinen

92 921, 922 9213 9232 9234 9234.1 9251, 9252 9253.1 9261.1

cultuur, sport en recreatie studio's (film, tv, radio, geluid) bioscopen theaters, schouwburgen, concertgebouwen, evenementenhallen muziek- en balletscholen dansscholen bibliotheken, musea, ateliers, e.d. dierentuinen zwembaden: - overdekt sporthallen bowlingcentra overdekte kunstijsbanen

9261.2 9261.2 9261.2

cat.

2 3a

3a 3a 3b 3a 3b 2 3b

2 2 3a 3a

2 2 2 2 2 1 3b 3a 3a 2 3b

staat van bedrijfsactiviteiten (categorie 1 t/m 3b) SBI

omschrijving

cat.

9261.2 9261.2 9261.2 9261.2 9261.2 9262

maneges tennisbanen (met verlichting) veldsportcomplex (met verlichting) golfbanen kunstskibanen schietinrichtingen: - binnenbanen: boogbanen - buitenbanen met voorzieningen: boogbanen sportscholen, gymnastiekzalen jachthavens met diverse voorzieningen casino's amusementshallen

3a 3a 3a 1 2

9262 9262 9271 9272.1 93 9301.1 9301.1 9301.2 9301.3 9301.3 9302 9303

9304 9305 9305

overige dienstverlening wasserijen en strijkinrichtingen tapijtreinigingsbedrijven chemische wasserijen en ververijen wasverzendinrichtingen wasserettes, wassalons kappersbedrijven en schoonheidsinstituten begrafenisondernemingen: - uitvaartcentra - begraafplaatsen - crematoria badhuizen en saunabaden dierenasiels en -pensions persoonlijke dienstverlening n.e.g.

1 2 2 3a 2 2

3a 3a 2 2 1 1 1 1 3b 2 3b 1

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving Onderdeel van de wijziging van het omgevingsplan op basis van de IMRO-standaard

Vestersbos 2 – 4 te Zevenaar Wijziging omgevingsplan

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

COLOFON ONDERBOUWING EFFECTEN OP DE FYSIEKE LEEFOMGEVING

Locatie: Omschrijving plan:

Vestersbos 2 – 4 te Zevenaar Herontwikkeling van Vestersbos 2 – 4 naar woningbouw

Opdrachtnemer: Datum: Versie: Status

Aveco de Bondt 19-02-2026 4.0 Vastgesteld

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

2

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

Inhoudsopgave 1

2

3

4

5

6

7

Inleiding en leeswijzer ___________________________________________________________________ 5 1.1

TAM-IMRO________________________________________________________________________ 5

1.2

Leeswijzer ________________________________________________________________________ 5

Aanleiding _____________________________________________________________________________ 6 2.1

Aanleiding ________________________________________________________________________ 6

2.2

Plangebied ________________________________________________________________________ 6

2.3

Strijdigheden met het omgevingsplan__________________________________________________ 8

2.4

Voorbereiding _____________________________________________________________________ 9

Huidige situatie _______________________________________________________________________ 12 3.1

Ontstaansgeschiedenis _____________________________________________________________ 12

3.2

Ruimtelijke en functionele structuur __________________________________________________ 13

Toekomstige situatie ___________________________________________________________________ 14 4.1

Functionele ontwikkeling ___________________________________________________________ 14

4.2

Ruimtelijke uitstraling en inpassing in de omgeving ______________________________________ 15

Beleid en regelgeving ___________________________________________________________________ 17 5.1

Algemeen________________________________________________________________________ 17

5.2

Rijk _____________________________________________________________________________ 17

5.3

Provincie ________________________________________________________________________ 20

5.4

Gemeente _______________________________________________________________________ 21

5.5

Waterschap ______________________________________________________________________ 25

Goede omgevingskwaliteit ______________________________________________________________ 26 6.1

Ladder voor duurzame verstedelijking ________________________________________________ 26

6.2

Welstand ________________________________________________________________________ 27

6.3

Mobiliteit en parkeren ______________________________________________________________ 30

6.4

Openbare ruimte __________________________________________________________________ 32

6.5

Cultureel erfgoed__________________________________________________________________ 32

6.6

Groen, bomen en landschap _________________________________________________________ 36

6.7

Natuur __________________________________________________________________________ 36

Veilige en gezonde fysieke leefomgeving __________________________________________________ 41 7.1

Water ___________________________________________________________________________ 41

7.2

Bodem __________________________________________________________________________ 44

7.3

Geluid ___________________________________________________________________________ 45

7.4

Luchtkwaliteit ____________________________________________________________________ 51

7.5

Geur ____________________________________________________________________________ 52

7.6

Omgevingsveiligheid ______________________________________________________________ 53

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

3

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

8

9

10

7.7

Licht ____________________________________________________________________________ 56

7.8

Windhinder ______________________________________________________________________ 57

7.9

Trillingen ________________________________________________________________________ 57

7.10

Beschermen van de gezondheid _____________________________________________________ 58

7.11

Duurzaamheid en klimaatadaptatie___________________________________________________ 59

7.12

M.e.r.-beoordeling ________________________________________________________________ 60

Financiële uitvoerbaarheid en kostenverhaal ________________________________________________ 63 8.1

Beoordeling ______________________________________________________________________ 63

8.2

Conclusie ________________________________________________________________________ 63

Proces _______________________________________________________________________________ 63 9.1

Wettelijke procedure_______________________________________________________________ 63

9.2

Advies en instemming vooroverlegpartners ____________________________________________ 64

Eindconclusie _________________________________________________________________________ 65 10.1

Beoordeling ______________________________________________________________________ 65

10.2

Conclusie ________________________________________________________________________ 65

Bijlage 1 Herontwikkelingsuitgangspunten locatie Vestersbos ______________________________________ 66 Bijlage 2 Selectieleidraad Vestersbos (oktober 2024) _____________________________________________ 67 Bijlage 3 Archeologisch rapport Vestersbos 4 ____________________________________________________ 68 Bijlage 4

Archeologisch rapport Vestersbos 2 ________________________________________________ 69

Bijlage 6 Verkennend natuuronderzoek locatie Vestersbos 2 te Zevenaar _____________________________ 71 Bijlage 7 Quickscan natuurtoets Vestersbos 4 in Zevenaar _________________________________________ 72 Bijlage 8 Aanvullend natuuronderzoek Vestersbos 4 in Zevenaar ____________________________________ 73 Bijlage 9 Ontheffing Wet natuurbescherming ___________________________________________________ 74 Bijlage 10 Verkennend bodemonderzoek _______________________________________________________ 75 Bijlage 11 Wateradvies Vestersbos 2 ___________________________________________________________ 76 Bijlage 12 Wateradvies Vestersbos 4 ___________________________________________________________ 77 Bijlage 13 Quickscan Externe veiligheid (Aveco de Bondt) __________________________________________ 78 Bijlage 14 Deskundig oordeel Molenbiotoop _____________________________________________________ 79 Bijlage 15 Trillingsonderzoek t.b.v. nieuwbouw Vestersbos Zevenaar ________________________________ 80 Bijlage 16 Project mer-beoordeling ____________________________________________________________ 81 Bijlage 17 Akoestisch onderzoek ______________________________________________________________ 82 Bijlage 18 Stikstofberekening _________________________________________________________________ 83 Bijlage 19 Zienswijzennota ___________________________________________________________________ 84

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

4

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

1 Inleiding en leeswijzer 1.1 TAM-IMRO Het TAM-IMRO omgevingsplan is een tijdelijke alternatieve maatregel (TAM) die kan worden gebruikt in de periode dat onderdelen van het DSO nog niet (optimaal) werken of gebruikt kunnen worden omdat de plansoftware van de gemeente nog niet alle benodigde functies biedt of omdat er te weinig tijd is geweest om ermee te oefenen. Kort gezegd houdt TAM-IMRO in dat de techniek voor planvorming zoals gebruikt onder de Wet ruimtelijke ordening (inmiddels vervallen) tijdelijk kan worden gebruikt onder de Omgevingswet. Deze techniek betreft de uitwisselingsstandaard IMRO (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) en de voorziening Ruimtelijkeplannen.nl. Een TAM-IMRO omgevingsplan wordt alleen gebruikt om een ontwikkeling mogelijk te maken als niet van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA, betreft een activiteit die niet voldoet aan de regels van het omgevingsplan en niet vergunningsvrij voor bouwen is) gebruik gemaakt kan worden. In hoofdstuk 2 wordt hierop nader ingegaan. Juridisch gezien is een TAM-IMRO plan aan te merken als een wijziging van het omgevingsplan en moet daarom ook voldoen aan de eisen van de Omgevingswet. Voorliggend TAM-IMRO omgevingsplan gaat juridisch één geheel vormen met het gemeentelijke omgevingsplan. Dit TAM-IMRO omgevingsplan wordt als een nieuw hoofdstuk in het omgevingsplan gevoegd.

1.2 Leeswijzer Na dit inleidende hoofdstuk vormen de daaropvolgende hoofdstukken de verantwoording van de activiteit die deze motivering mogelijk maakt. Hoofdstuk 2 bevat de aanleiding voor het opstellen van dit plan. Hoofdstuk 3 bevat een beschrijving en analyse van de huidige situatie. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de toekomstige situatie, de beoogde ontwikkeling. Hoofdstuk 5 bevat de beoordeling ten aanzien van algemeen beleid en regelgeving voor de fysieke leefomgeving. In hoofdstuk 6 (goede omgevingskwaliteit) en hoofdstuk 7 (veilige en gezonde fysieke leefomgeving) wordt ingegaan op de effecten van de ontwikkeling in relatie tot de bescherming van de fysieke leefomgeving. Afgesloten wordt met een concluderend hoofdstuk waarin wordt aangegeven onder welke voorwaarden de aanvraag voldoet aan de wettelijke en beleidsmatige kaders.

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

5

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

2 Aanleiding 2.1 Aanleiding Initiatiefnemer wil op het perceel aan de Vestersbos 2 en 4 de voormalige schoollocaties herontwikkelen tot woningbouw. Op de locatie staan verschillende schoolgebouwen die meerdere jaren niet meer in gebruik zijn. In november 2023 heeft de gemeenteraad besloten om de locatie te herontwikkelen ten behoeve van woningbouw voor maximaal 80 woningen. Zowel hergebruik van de aanwezige bebouwing als volledige sloopnieuwbouw behoren tot de mogelijkheden. Deze ontwikkeling is niet rechtstreeks mogelijk op grond van het omgevingsplan en in het omgevingsplan is geen binnenplanse mogelijkheid opgenomen om met een omgevingsvergunning af te wijken. Ook is een buitenplanse omgevingsplanactiviteit niet toereikend. Een BOPA is niet toereikend in dit geval omdat het beoogde planvoornemen niet concreet genoeg is om de vergunning aan te kunnen vragen. Bij voorliggende ontwikkeling is de definitieve invulling van het plan nog niet bekend. Om deze reden is er gekozen voor het wijzigen van het omgevingsplan Aan een dergelijke wijziging kan alleen medewerking worden verleend als deze in ieder geval voldoet aan: • • • • •

de doelen van de Omgevingswet (zie artikel 1.3 en 2.1, lid 1, Omgevingswet) de evenwichtige toedeling van functies aan locaties (zie artikel 4.2, Omgevingswet) de instructieregels over het omgevingsplan uit hoofdstuk 5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) de instructieregels over het omgevingsplan uit de omgevingsverordening van Provincie Gelderland de instructies (instructiebesluiten) van Rijk en van Provincie Gelderland over het omgevingsplan

De onderbouwing dat de beoogde ontwikkeling hieraan voldoet is opgenomen in voorliggend document. Daar waar in dit document gesproken wordt over de wijziging van het omgevingsplan, wordt bedoeld de wijziging van het omgevingsplan met toepassing van de tijdelijke alternatieve maatregel op basis van de IMROstandaard.

2.2 Plangebied Het plangebied is gelegen in het stedelijke gebied van Zevenaar. Het plangebied bestaat uit twee percelen. De percelen staan kadastraal bekend als de gemeente Zevenaar, sectie L nummers 1291 en 1331. De oppervlakte van het perceel met nummer 1291 bedraagt circa 2.630 m2. De oppervlakte van het perceel met nummer 1331 bedraagt circa 12.710 m2. Het plangebied ligt aan de zuidkant van de kern Zevenaar nabij het spoor. Op figuur 1 en figuur 2 zijn de globale ligging en de begrenzing van het plangebied weergegeven. De omgeving van het plangebied kenmerkt zich voornamelijk met woningbouw aan de west-, noord- en oostkant. Aan de zuidzijde van het plangebied ligt het spoor, evenals Station Zevenaar en de P+R van station Zevenaar. Aan de overzijde van het spoor ligt een bedrijventerrein.

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

6

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

Figuur 1: Globale ligging plangebied

Figuur 2: Begrenzing plangebied

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

7

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

2.3 Strijdigheden met het omgevingsplan 2.3.1

Plangebied

Het tijdelijk deel van het omgevingsplan bestaat uit de geldende bestemmingsplannen, de Erfgoedverordening en de Geurverordening en de bruidsschat. Hierna wordt per aspect de ontwikkeling getoetst op strijdigheden. Ter hoogte van het plangebied geldt het bestemmingsplan ‘Woongebied Kom Zevenaar’, vastgesteld op 24 juli 2008. Hierin zijn bestemmingen opgenomen waaraan gebruiksregels en bouwregels verbonden zijn. In figuur 3 is een uitsnede van het bestemmingsplan weergegeven. In het bestemmingsplan ‘Woongebied Kom Zevenaar’ geldt ter hoogte van het plangebied de enkelbestemming ‘Maatschappelijk’. Deze gronden zijn met name bestemd voor maatschappelijke voorzieningen zoals ter zake van religie, verenigingsleven, cultuur, onderwijs, opvoeding, gezondheidszorg, bejaardenzorg en bijzondere diensteverlening. De bestemming ‘Maatschappelijk’ is met de lichtrode kleur aangegeven in figuur 3. Ter hoogte van het plangebied gelden ook bouwregels. Aan de Vestersbosweg 2 ligt een bouwvlak waar voor het bouwen van gebouwen een maximale bouwhoogte geldt van 5 meter met een 100% bebouwingspercentage. Aan de Vestersbosweg 4 ligt een bouwvlak met een maximale bouwhoogte van 4 en 12 meter, afhankelijk van de locatie. Ook geldt er een maximum bebouwingspercentage van 75%. Tot slot is het gehele plangebied gelegen binnen de gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone – molenbiotoop’.

Daarnaast gelden ter plaatse van het plangebied nog regels uit enkele andere bestemmingsplannen: 1. ‘Paraplubestemmingsplan parkeren gemeente Zevenaar’, vastgesteld op 30 januari 2019. Hier wordt in hoofdstuk 6.3 nader op ingegaan. 2. ‘Paraplubestemmingsplan wonen’, vastgesteld op 18 december 2019. Dit bestemmingsplan voorziet in de nadere definiëring van de bestemming “wonen”. Hiermee kunnen diverse huisvestingsvormen in woningen worden voorkomen dan wel gereguleerd. Deze regels zijn verwerkt in de ‘standaard regels’ van de gemeente Zevenaar. Deze standaard regels worden toegepast in onderhavig omgevingsplan. 3. ‘Bestemmingsplan Archeologie’, vastgesteld op 7 april 2010. In hoofdstuk 6.5 wordt nader ingegaan op het aspect archeologie.

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

8

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

Figuur 3: Bestemmingen en maatvoering

2.3.2

Strijdigheden met het omgevingsplan van rechtswege

De strijdigheden betreffen de volgende: • Benutten van de fysieke leefomgeving; het beoogde initiatief voorziet in de activiteit ‘wonen’. Deze activiteit is in strijd met de ingesloten activiteiten in het (tijdelijke) omgevingsplan, die uitsluitend ‘maatschappelijk’ toestaat. • Ruimtelijke bouwactiviteiten; de gewenste bouwhoogte is hoger dan de maximaal toegestane bouwhoogte. De beoogde ontwikkeling is daardoor in strijd met de bouwregels. Ten aanzien van de wijziging van het omgevingsplan voor voorliggend initiatief, is de gemeente Zevenaar het bevoegd gezag om een besluit te nemen. In het omgevingsplan zelf is geen mogelijkheid opgenomen om met een omgevingsvergunning voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit medewerking te verlenen aan de beoogde ontwikkeling.

2.4 Voorbereiding 2.4.1

Participatie

Participatie is een belangrijke pijler onder de Omgevingswet. Ook bij de wijziging van het omgevingsplan hecht de gemeente veel waarde aan een goed participatietraject. Participatie vindt in de regel plaats in aanloop naar de publicatie van een ontwerp-omgevingsplan: op die manier worden belanghebbenden in een vroegtijdig stadium betrokken en kunnen de verschillende belangen en wensen worden betrokken bij de te maken afweging.

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

9

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

2.4.1.1 Wettelijk kader Participatie door de initiatiefnemer bij de voorbereiding van een wijziging van het omgevingsplan is niet wettelijk vereist. Wel dient in het vaststellingsbesluit staan of en hoe zij burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere bestuursorganen bij de voorbereiding betrokken heeft. En ook wat de gemeente met de resultaten heeft gedaan. Dit staat in artikel 10.2, lid 2 van het Omgevingsbesluit. Wie de gemeente bij de vroegtijdige participatie betrekt of laat betrekken, hangt af van het type omgevingsplanwijziging, de aard, de omvang en de invloed op de fysieke leefomgeving voor belanghebbenden. 2.4.1.2 Beleid en verordeningen De gemeenteraad van Zevenaar heeft een dergelijke lijst op 21 september 2022 vastgesteld. In dezelfde raadsvergadering is de participatieleidraad ‘Zevenaar voor een goede omgevingsdialoog onder de Omgevingswet’ vastgesteld. Daarin wordt aangegeven op welke manier in Zevenaar uitvoering gegeven wordt aan participatie voor alle ruimtelijke ontwikkelingen (dus ook de niet wettelijk verplichte). De formele wettelijke procedures (zienswijze, bezwaar en beroep) worden niet vervangen door participatie. Meer informatie over deze wettelijke procedures is te vinden in hoofdstuk 8 (proces). In de participatieleidraad wordt gebruik gemaakt van de ‘participatietrap’ om per project of plan de juiste participatieaanpak te bepalen.

In deze trap zijn verschillende opties, ook wel de gespreksdoelen, van participatie weergegeven: 1. Informeren 2. Inventariseren 3. Verdiepen 4. Samen doen Per initiatief wordt beoordeeld welk gesprekdoel het meest voor de hand ligt. Hierbij wordt onder andere aandacht besteed aan de impact die de ontwikkeling heeft op de omgeving door bijvoorbeeld de omvang of de aard van de activiteit, politieke gevoeligheid, te verwachten zienswijzen etc. Grote initiatieven zijn ontwikkelingen waarbij meerdere (tegengestelde) belangen spelen. 2.4.1.3 Beoordeling De herontwikkeling van Vestersbos 4 is voorbereid met een uitgebreid participatietraject om belanghebbenden en omwonenden actief te betrekken bij het planproces. Dit participatietraject heeft als doel gehad om inzicht te verkrijgen in de behoeften, wensen en zorgen van de omgeving en om deze, waar mogelijk, mee te nemen in de verdere uitwerking van de plannen. Participatietraject: Opzet en Uitvoering Het participatietraject is gestart met een participatieavond op 23 januari 2024, waarbij omwonenden en andere betrokkenen zijn geïnformeerd over de voorgenomen herontwikkeling en de voorlopige uitgangspunten zoals geformuleerd in de quickscan woningbouw. Tijdens deze avond is toelichting gegeven op de plannen en is ruimte geboden voor vragen en eerste reacties.

Na deze fysieke bijeenkomst is het participatietraject voortgezet via diverse kanalen. Omwonenden en belangstellenden zijn uitgenodigd om hun mening en advies te geven over de voorgestelde uitgangspunten via een digitale vragenlijst, die beschikbaar is gesteld op de projectpagina www.zevenaar.nl/vestersbos. De consultatieperiode liep tot en met 18 februari 2024, waardoor belanghebbenden ruim de tijd hadden om hun input te leveren. In totaal hebben 269 mensen gebruikgemaakt van deze mogelijkheid om te reageren op de plannen.

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

10

Onderbouwing effecten op de fysieke leefomgeving – Herontwikkeling Vestersbos 2 - 4

Participatieladder: Tweede Trede (Inventariseren) Voor dit participatietraject heeft het college gekozen voor de tweede trede van de participatieladder: inventariseren. Deze trede richt zich op het actief raadplegen van belanghebbenden om hun mening en advies te verzamelen. De input die tijdens dit proces is opgehaald, wordt meegenomen bij het verder uitwerken van de plannen. Het is echter belangrijk te benadrukken dat niet alle ingediende meningen en adviezen automatisch leiden tot aanpassingen in de plannen. Wel zijn de reacties een waardevolle aanvulling geweest op de quickscan en hebben ze bijgedragen aan een beter begrip van de belangen en zorgen in de omgeving. De omwonenden zijn specifiek geconsulteerd op basis van de voorlopige uitgangspunten zoals beschreven in de quickscan woningbouw. Deze uitgangspunten hebben de basis gevormd voor de besluitvorming over de herontwikkeling van Vestersbos 4. Vervolgstappen: Terugkoppeling en Uitwerking Een belangrijk aspect van participatie is het geven van tijdige en heldere terugkoppeling aan de betrokkenen over de uitkomsten van het participatietraject en de vervolgstappen. Dit zorgt voor transparantie in het proces en draagt bij aan het vertrouwen van de omgeving in de besluitvorming.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zevenaar&id=ac288c94-ab10-48c4-9957-94716792f158