CConstaterende datZevenaar
Koppel je AI →
Document · PDF

11. 210330 Verzoek om zienswijze jaarstukken SDL en MJB 2022-2025

Raadsvergaderingen 2018-2022 21 april 2021, gemeente ZevenaarBij agendapunt: Wijze van afdoening van de ingekomen stukken25.512 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Inkoop valt volledig onder taakveld 0.4 Overhead, zie voor andere taakvelden Hfd.10, pag. 56 en 57. 23

4.

Programma RSD

4.1

Wat hebben we bereikt?

4.1.1 Missie RSD Vanuit onze verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de Participatiewet, werken wij integraal met partners in het sociaal domein en zijn wij de verbindende factor. Als netwerkorganisatie zijn wij de regisseur van de (door)ontwikkeling van de inclusieve Liemerse arbeidsmarkt. Ondanks de lockdown hebben wij onze functie als netwerkorganisatie in 2020 verder vorm gegeven d.m.v. digitale kennismakingssessies en evaluatiegesprekken. Het instrumentarium EVA is, in coproductie ontwikkeld door VNG en RSD, in februari 2020 gelanceerd.

4.1.2 DNA Ons DNA heeft 3 kernwaarden: Perspectief: We zoeken samen met de inwoners naar een aantrekkelijk perspectief en doen een beroep op zelfstandigheid en eigen kracht. Maatwerk: We onderzoeken gezamenlijk met de individuele inwoner en onze netwerkpartners de behoeften en de mogelijkheden van individuele inwoners en doen wat nodig is. Vakmanschap: Wij zijn professionals. We werken methodisch en bieden continuïteit. Onze medewerkers zijn (zelf)kritisch, hebben een lerende houding en zoeken actief de samenwerking met de netwerkpartners.

4.2

Wat hebben we ervoor gedaan?

Na een goede start in 2019, liep het begin 2020 heel goed en LEON (Leer en Ontwikkel Netwerk) kreeg voor de klantmanagers een gezicht door de presentatie van EVA, het instrumentarium waar alle partners (aanbieders) digitaal te vinden zijn. Half maart kwam de lockdown, in verband met het Coronavirus, thuiswerken, geen trainingen voor klanten en de invoering van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo). Nog voor de beleidsregels landelijk waren vastgesteld, had de RSD de aanvraag al op de website staan. De eerste uitbetalingen hebben al eind maart plaatsgevonden. Hiermee was de RSD koploper in Nederland. Vanuit huis werden de aanvragen door onze medewerkers opgepakt, beoordeeld, verwerkt en beschikkingen opgemaakt. Alleen de ondersteuning was nog op kantoor voor de telefoon, post, balie e.d. In deze periode zijn de klantactiviteiten op een lager pitje gezet, omdat activiteiten omgevormd moesten worden. Wel is het klantcontact onderhouden d.m.v. een belletje en/of een mailtje. Vanaf juni was het weer mogelijk om steeds meer terug te keren naar een intensiever klantcontact. Trainingen en activiteiten zijn door de leveranciers ook aangepast aan de richtlijnen van het RIVM. In 2020 heeft er nog regelmatiger overleg met de accountmanagers en portefeuillehouders plaatsgevonden, is het Liemers ondernemersportaal opgezet en de regionale samenwerking verstevigd.

In september heeft er een tussenevaluatie plaatsgevonden d.m.v. ‘Omdenken’ een mooi compact boekje met alle informatie over de prestaties van de RSD.

24

Gelijk met het opmaken van deze jaarstukken wordt de evaluatie van de Business Case opgemaakt, maar ook het voorstel als vervolg op de Business Case. Al deze stukken worden in maart 2021 gepresenteerd aan de bestuurders. In de tussenevaluatie hebben wij aangegeven de vastgestelde KPI’s ondanks de Coronacrisis vast te houden. Wij kunnen nu ook zeggen dat wij deze ook allemaal nagenoeg hebben gerealiseerd. De verwachte groei naar aanleiding van de lockdown heeft, met uitzondering van een piek in maart, voor 2020 niet plaatsgevonden. Uiteindelijk is er zelfs een lichte bestandsdaling van het aantal uitkeringsdossiers Participatiewet gerealiseerd in 2020.

4.3 RSD Lasten Baten Saldo

Wat heeft het gekost? Rekening 2019 5.652.737 5.652.737 0

Begroting Begrotings 2020 prim. wijzigingen 5.609.577 489.197 5.609.577 489.197 0 0

Begroting 2020 6.111.962 6.111.962 0

Realisatie Verschil 2020 2020 6.008.157 -103.805 6.008.157 -103.805 0 0

Specificatie van de Baten en Lasten per taakveld, zie hoofdstuk 10 op pag. 56 en 57.

25

Beleidsindicatoren GR SDL

1

0. bestuur en Formatie ondersteuning

FTE per 1.000 inwoners

eigen gegevens

INDICATOREN Jaarstukken 2020 Begroting Verslag 2020 2020 90% 88% 106%

2

0. bestuur en Bezetting ondersteuning 0. bestuur en Apparaatskosten ondersteuning 0. bestuur en Externe inhuur ondersteuning

FTE per 1.000 inwoners

eigen gegevens

110%

90%

114%

Kosten per inwoner

eigen jaarstukken

123,10

111,52

130,94

Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen % van totale lasten (SDL)

eigen jaarstukken

27%

21%

16%

eigen jaarstukken

39%

63%

39%

nr taakveld

3 4

naam indicator

5

0. bestuur en Overhead ondersteuning 19 4. Onderwijs Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (VSV-ers) 21 6. Sociaal Banen domein

eenheid

bron

% deelnemers aan het VO Waar staat je en MBO onderwijs gemeente.nl (2019)

Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd 15-64 jaar

23 6. Sociaal domein

24 6. Sociaal domein

26 6. Sociaal domein

27 6. Sociaal domein

28 6. Sociaal domein

Kinderen in uitkeringsgezin

Netto arbeids participatie

% kinderen tot 18 jaar

% werkzame beroepsbevolking tov de beroepsbevolking

werkloze jongeren % 16 t/m 22 jarigen

Waar staat je gemeente.nl (2019)

Waar staat je gemeente.nl (2019)

Waar staat je gemeente.nl (2019)

Waar staat je gemeente.nl (2019)

Personen met een Aantal per 10.000 inwoners Waar staat je bijstandsuitkering gemeente.nl (2019)

Lopende re-intgratievoorzieningen

Aantal per 10.000 inwoners Waar staat je 15-64 jr gemeente.nl (2020)

Indicator 2019

Duiven

1,7%

Duiven

Westervoort

2,2% niet opgenomen

Westervoort 1,9%

Zevenaar

1,5%

Zevenaar

1,9%

Duiven

1034,5

Duiven

1000,9

Duiven

852,5

1,6%

Westervoort 303

Westervoort 249

Westervoort 310,4

Zevenaar

Zevenaar

505,9

Zevenaar

4,26% Duiven

651

671,4

Duiven

5%

Duiven

Westervoort

8%

Westervoort 10,07% Westervoort

8%

Zevenaar

5%

Zevenaar

5%

Duiven

70,4%

5,31% Zevenaar Duiven

5%

71,3%

Westervoort 67,5% niet opgenomen

Westervoort 68,8%

Zevenaar

65,3%

Zevenaar

Duiven

3,8% Duiven

Westervoort

2,0% Westervoort 0,7%

Zevenaar

3,5% Zevenaar

0,64% Zevenaar

Duiven

279

285

Westervoort

38,5 Westervoort 385,3

Westervoort 448,8

Zevenaar

29,8 Zevenaar

305,4

Zevenaar

361,1

Duiven

176,2 Duiven

219,1

Duiven

246,6

Westervoort

260

Zevenaar

176,2 Zevenaar

Duiven

0,83%

Westervoort 285,0 243,0

65,5%

Duiven

1%

Westervoort

2%

Duiven

2%

352,4

Westervoort 308,4 Zevenaar

261,0

In de begroting 2020 waren nog niet alle beleidsindicatoren opgenomen. Dit is vermeld als ‘Niet opgenomen’.

26

PARAGRAFEN

27

5.1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

De GR heeft tot 2020 geen eigen vermogen, voorzieningen of reserves gehad. Maar omdat de uitvoeringskosten van de Tozo-regelingen betrekking heeft op meerdere jaren moet het niet bestede deel als een bestemmingsreserve worden opgenomen. Dus alleen gedurende de afwikkeling van de Tozo-regelingen zal er een bestemmingsreserve Tozo zijn. De exploitatielasten inclusief eventueel niet begrote kosten worden volledig door de 3 deelnemende gemeenten gedragen. Er wordt jaarlijks een begroting opgesteld die via twee tussenrapportages wordt gemonitord. Afwijkingen ten opzichte van de begroting worden dan voorgelegd aan het bestuur en ter kennisneming naar het bestuur van de deelnemende gemeenten.

5.1.1 Kengetallen Jaarverslag 2020 Kengetallen

Verslag 2019

Begroting 2020

Verslag 2020

Netto Schuldquote

37,6%

niet vermeld

33,3%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

37,6%

niet vermeld

-

niet vermeld

33,3% 3%

Structurele exploitatieruimte

0,0%

niet vermeld

0,0%

Grondexploitatie

nvt

mvt

nvt

Belastingcapaciteit

nvt

nvt

nvt

Solvabiliteitsratio

5.1.2 Coronavirus Het Coronavirus brengt veel onzekerheden en risico’s met zich mee die SDL op het moment van het samenstellen van de jaarstukken nog niet kan overzien. De kosten voor de uitkeringen en beoordelen en afhandelen van de Tozo-aanvragen worden volledig gedekt door de beschikkingen van Min. SWZ. Maar de gevolgen door eventuele faillissementen en oplopen van het bestand van uitkeringsgerechtigden zijn niet in te schatten. Het klantenbestand is in 2020 tegen de verwachting in gestabiliseerd. Aangezien wij een Gemeenschappelijke regeling zijn waarvan het financieel risico volledig wordt afgedekt door de deelnemende gemeenten is er geen echt risico voor de GR Samenwerking de Liemers. De financiële impact is momenteel niet goed in te schatten. De gevolgen van het Coronavirus zullen onder meer onzekerheden en potentiele risico’s hebben op de volgende gebieden: ▪ de bedrijfsvoering en bestaande en nieuwe projecten; ▪ de maatregelen in het kader van gezondheid; ▪ de dienstverlening aan inwoners; ▪ de uitkeringen aan inwoners; ▪ het beroep op de BBZ regeling. SDL monitort continue de ontwikkelingen, in het begin via een wekelijkse Liemers brede nieuwsbrief , die nu om de 2 weken wordt verspreid. Hierin wordt naast de ontwikkelingen in de aanvragen ook nieuwe beleid, ontwikkelingen op de werkvloer en aanverwante zaken vermeld.

28

5.2

Onderhoud Kapitaalgoederen

Onder onderhoud kapitaalgoederen wordt in de GR Samenwerking de Liemers het Informatie Beleidsplan (tot 2018) opgenomen. In 2019/2020 is de I-visie en I-strategie opgesteld en vastgesteld door de deelnemende gemeenten. Via het RID-contactpersonenoverleg (waarin alle deelnemende gemeenten en RSD zijn vertegenwoordigd) wordt verder samen met de RID invulling gegeven aan de I-visie en I-strategie. Naast het RID-contactpersonenoverleg is er ook portfolio-overleg waarin de projecten en de prioritering in gezamenlijk overleg worden besproken. De kosten van de al lopende projecten worden aan het eind van het jaar geactiveerd. Het eerste jaar worden er alleen rentelasten berekend. Vanaf T+1 wordt er op afgeschreven. Een deel van een jaar wordt hier gelijkgesteld met een half kalenderjaar, rente wordt het eerste jaar toegerekend met een marktconform rentepercentage voor een half jaar. Structurele onderhoudslasten voor deze kapitaalgoederen worden jaarlijks in de exploitatie opgenomen.

5.3

Financiering

5.3.1 Leningen/Krediet/Schatkistbankieren Lening Er is een langlopende lening afgesloten in 2012 groot € 700.000,=. De lening heeft een looptijd van 15 jaar tegen een rentepercentage van 3,15%. Het saldo van de lening bedraagt ultimo 2020 € 367.219,= Eind oktober 2019 is een tweede lening afgesloten groot € 3.500.000,= met een looptijd van 10 jaar en een rentepercentage van 0,07%. Het saldo van deze lening ultimo 2020 is € 3.150.000,=. De verwachting is dat dit toereikend is voor de komende jaren. Er zijn geen voornemens om nieuwe leningen aan te trekken. De rentelast voor 2020 bedraagt € 14.422,=.

Kredietlimiet Met ingang van 1 januari 2011 is met de BNG bank is een financieringsovereenkomst aangegaan voor een bepaalde tijd tot 01-01-2012, waarna deze overeenkomst stilzwijgend wordt verlengd met telkens een jaar. De kredietlimiet is per 01-01-2019 gewijzigd van € 2.500.000,= naar € 3.000.000,=. Tot aan de limiet werd 1 maand-Euribor plus 30 basispunten in rekening gebracht door de BNG bank, dit is gewijzigd per 01-01-2019 naar 1 maand-Euribor plus 15 basispunten.

Schatkistbankieren Het saldo van de BNG rekening wordt door de BNG ’s middags rond 15.00 uur afgeroomd. De volgende ochtend wordt het saldo dan door ons weer handmatig teruggeboekt. Het drempelbedrag is 0,75% van begrotingssaldo en is vastgesteld op € 250.000,=.

Bankgarantie Er zijn geen bankgaranties meer uitgegeven.

29

5.3.2 Emu-saldo Voor 2020 is het Emu-saldo € 444.790,=.

5.3.3 Renterisicobeheer Het belangrijkste uitgangspunt van de Wet Fido is het beheersen van de financiële risico’s bij de decentrale overheden. Daartoe zijn in die wet o.a. twee criteria benoemd die als graadmeter dienen voor het financiële risico dat een organisatie loopt. Dit is de kasgeldlimiet voor de korte termijn financiering (< 1 jaar) en de renterisiconorm voor de lange termijn financiering (> 1 jaar).

Kasgeldlimiet De wettelijke kasgeldlimiet voor GR Samenwerking de Liemers is 8,2% van de begroting. De jaarlijks wisselende begrotingen en financieringsbehoeften passen niet binnen de kaders van de wet Fido. In onderstaande tabel zijn de kasgeldlimietrapportages voor het jaar 2020 weergegeven. Deze rapportages worden conform de wet Fido opgenomen in deze paragraaf. GR Samenwerking de Liemers voldoet voor de laatste 3 kwartalen aan de kasgeldlimiet. Kwartaal Realisatie

Gemiddeld Bedragen * € 1.000 jan-mrt

apr-jun

jul-sep

okt-dec

Jaar

Vlottende schuld

29.867

13.581

8.032

4.798

14.070

Vlottende middelen

30.091

10.099

14.432

2.664

14.322

Netto vlottende schuld

-224

3.482

-6.400

2.134

-252

Wettelijke norm KGL Afwijking wettelijke norm*

-855

-855

-855

-855

-855

-1.079

2.627

-7.255

1.279

-1.107

* Een positieve afwijking geeft aan dat de wettelijke norm is overschreden, een negatief bedrag geeft de ruimte onder de wettelijke norm weer.

Renterisiconorm De renterisiconorm geeft de norm aan met betrekking tot de renterisico’s over de vaste schulden. Deze norm bepaalt het maximale deel van de vaste schuld dat in aanmerking mag komen voor aflossing (al dan niet met herfinanciering) en/of renteherziening. Als gevolg van deze norm kan een rentestijging op de kapitaalmarkt slechts gedeeltelijk doorwerken in de te betalen rentelasten over de vaste schuld. Voor gemeenschappelijke regelingen, zoals GR Samenwerking de Liemers, is deze norm vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal van het betreffende jaar (met een minimum van € 2,5 miljoen). Gelet op de omvang van het begrotingstotaal 2020 van GR Samenwerking de Liemers (€ 11 miljoen) bedraagt de renterisiconorm in 2020 € 2,5 miljoen (minimum). Dat betekent dat in 2020 maximaal € 2,5 miljoen in aanmerking zou mogen komen voor herfinanciering en/of renteherziening. Er zijn in 2020 geen nieuwe langlopende leningen afgesloten of er heeft geen renteherziening plaatsgevonden.

30

Renteschema: a. b.

De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten (idem) Saldo rentelasten en rentebaten

54.208 54.208

c1. c2. c3.

De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

-

d1. d2.

Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toegerekende rente

-

e. f.

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld Treasury

54.208 -

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1.000) verslagjaar (1)

Drempelbedrag

250

(2)

Kartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijksschatkist aangehouden middelen

165

145

175

176

(3a) = (1) > (2)

Ruimte onder het drempelbedrag

85

105

75

74

(3b) = (2) > (1)

Overschrijding van het drempelbedrag

kwartaal 1

(1) Berekening drempelbedrag (4a) (4b)

Begroting verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 mln Het deel van het begrotingstotaal dat € 500 mln te boven gaat

(4c) (1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een minimum van € 250.000 Drempelbedrag

kwartaal 2 kwartaal 3 kwartaal 4

verslagjaar 10.421 10.421 -

250

(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen kwartaal 1

(5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

kwartaal 2 kwartaal 3 kwartaal 4

15.051

13.177

16.135

16.216

91

91

92

92

165

145

175

176

31

5.4

Bedrijfsvoering

5.4.1 Personeelsbeleid GR Samenwerking de Liemers heeft behoefte aan eigentijdse, moderne arbeidsvoorwaarden en personeelsbeleid die passen bij een veranderende omgeving. Samenwerking de Liemers heeft immers te maken met een veranderende vraag van burgers, veranderende taken en een veranderende arbeidsmarkt. Als uitgangspunten voor het personeelsbeleid zijn geformuleerd: ▪ SDL werkt nadrukkelijk aan de dienstverlening, de klant- en servicegerichtheid staat centraal; ▪ SDL gaat uit van een grote mate van flexibiliteit, wat betekent maatwerk; ▪ SDL wil een competentiegericht gestuurde organisatie zijn; ▪ SDL wil een organisatie zijn met medewerkers die bij voorkeur flexibel en breed inzetbaar zijn; ▪ SDL gaat uit van vakmanschap en ondernemerschap gericht op actie; ▪ SDL is resultaatgericht; ▪ SDL geeft het personeel de mogelijkheid zich te ontwikkelen (RSD leernetwerk, RID academie). Er is in overleg met de Ondernemingsraad een nieuw modern personeelsbeleid ontwikkeld. In 2020 heeft een PSA onderzoek plaatsgevonden.

5.4.2 Integriteit Binnen de SDL is in 2020 een nieuwe integriteits- en geheimhoudingsverklaring ingevoerd, die voldoet aan de BIO. Hierin wordt aan alle nieuwe medewerkers (via aanstelling, payroll of inhuur) uitgebreid gevraagd te verklaren vertrouwd, conform de normen en waarden van de SDL te gedragen en alles te doen of na te laten dat de SDL of haar partners schade kan berokkenen of het aanzien kan schaden. De verklaring moet bewust op elke pagina door de medewerker geparafeerd en daarna gedateerd ondertekend worden. Met ingang van 2021 wordt aan alle nieuwe medewerkers via aanstelling en payroll ook vereist dat zij binnen 3 maanden de iBewustzijn Overheid Bewust en veilig omgaan met (digitale)informatie een e-learning van de VNG met goed gevolg doorlopen. Certificaten moeten aangeleverd worden. Met ingang van 2021 is het ook de bedoeling om de bestaande medewerkers deze cursus te laten volgen en dit minimaal 1 keer per 2 jaar te herhalen.

5.4.3 Ziekte verzuim Binnen de SDL word het ziekteverzuim per kwartaal gemonitord. Het thuiswerken heeft een gunstige uitwerking op de verzuimpercentages.

Het percentage bij de RSD geeft een vertekend beeld doordat het 3 medewerkers betreft die langer dan een jaar ziek zijn c.q. zijn geweest. Op dit moment is nog 1 medewerker langdurig ziek. Het jaarverslag van de vertrouwenspersoon geeft geen aanleiding voor een andere analyse. Er zijn 2 meldingen geweest, waarvan de directie op de hoogte is.

32

5.4.4 Planning – en controlcyclus Voor de gemeenschappelijke regeling is een Financiële verordening op grond van artikel 212 van de Gemeentewet opgesteld. Naast de begroting worden er 2 tussenrapportages opgesteld en het jaarverslag inclusief jaarrekening. De begroting voor jaar T+1 wordt in maart aan de Netwerkdirectie voorgelegd. De 1e tussenrapportage wordt in mei aan de Netwerkdirectie voorgelegd, de 2e in september. Het jaarverslag en de jaarrekening worden in maart na afloop van het boekjaar voorgelegd aan de Netwerkdirectie. Alle stukken worden na de Netwerkdirectie voorgelegd aan het Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur. Voordat de stukken in het Algemeen Bestuur komen zijn ze voorgelegd aan de deelnemende gemeente met verzoek om een zienswijze.

5.4.5 Rechtmatigheid In 2020 is het controleprotocol en het normenkader geactualiseerd en vastgesteld. Bij de uitvoering van de Interne controle wordt gewerkt met steekproeven die door de accountant worden bepaald. Hierdoor is de onpartijdigheid gewaarborgd. Het Interne Controleplan van de RSD is uitgevoerd en er wordt een verslag opgemaakt. Er heeft ook een controle op het inkoop- en aanbestedingsbeleid plaatsgevonden. De werkprocessen bij Debiteuren en Crediteurenadministratie zijn veelal via het systeem afgedwongen. Daar waar dat niet het geval is, wordt dit via de werkprocessen geregeld. 5.4.5.1 Begrotingscriterium Bij de rechtmatigheidscontrole vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetscriterium. Begrotingsoverschrijdingen zijn in principe onrechtmatig. Er zijn echter situaties denkbaar waarbij de overschrijdingen binnen de door het AB uiteengezette beleid zijn gebleven, zoals compensatie van hogere kosten door direct gerelateerde hogere opbrengsten en kostenoverschrijdingen met openeinde regelingen. In onderstaand overzicht zijn de afwijkingen van de programma’s opgenomen (overschrijding van de lasten) met daarbij de verklaring in hoeverre de afwijking past binnen het door het AB geformuleerde beleid. Voor een nadere uiteenzetting van de verschillen verwijzen we naar de toelichting op de baten en lasten zoals vermeld in hoofdstuk 9, vanaf pag.49. Programma

Programma 1: Bestuur Programma 2: RID Programma 3: Inkoop Programma 4: RSD Eliminatie doorbelasting intern

Begrotingsafwijking lasten

Verklaring

Begroot Realisatie Verschil 71.393 40.640 -30.753 Geen overschrijding Gevolg van corona, al aangegeven 4.996.267 5.039.670 43.402 via tussenrapportage 251.775 251.196 -579 Geen overschrijding 6.111.962 6.008.157 -103.805 Geen overschrijding -386.765 -360.599 11.044.632 10.979.064

26.166 Geen overschrijding -65.569

Conclusie

Akkoord Past binnen beleid Akkoord Akkoord Akkoord

33

5.4.5.2 Kredietoverschrijdingen Kredietoverschrijdingen zijn in principe onrechtmatig. Volgens de notitie materiële vaste activa zijn er echter redenen denkbaar waarbij de overschrijdingen binnen het door het AB uiteengezette beleid en binnen het doel blijven waarvoor het krediet beschikbaar is gesteld. Onderstaand betreffen de kredieten een overschrijving hebben: Project POC Datagedreven sturing

Mobile Devices RSD

Overschrijding Financieel gevolg

Begroot Realisatie Verschil Toelichting 15.000 24.890 9.890 Proef van 3 mnd met 3 mnd verlengd. Besluit na 2e turap 2020. In 1e turap 2021 wordt definitieve investering aangevraagd 130.000 135.548 5.548 Ivm Thuiswerken aanvullend dockingstations ter beschikking gesteld 15.438 3.260 Hogere kapitaallasten per jaar

De overschrijdingen waren ten tijde van de 2e tussenrapportage nog niet in beeld. Het betreft beperkte overschrijdingen die het gevolg zijn van de ontwikkelingen van Corona en het succes van de POC. Het AB autoriseert deze kosten- en kredietoverschrijdingen met het vaststellen van de jaarrekening. 5.4.5.3 Rechtmatigheid Europese aanbestedingen Voor de Jaarstukken 2019 is geen Rechtmatigheidsverklaring ontvangen omdat de Europese aanbestedingsgrens bij enkele detacheringbureaus al sinds 2018 was overschreden. Toen was ook al bekend dat gezien de looptijd van één contract er in 2020 een beperkte nieuwe overschrijding zou plaatsvinden. Het gaat hier om een overschrijding van € 45.000,=. Het beleid, het commitment en het bewustzijn op de handhaving van deze regels is intern aangescherpt en heeft in 2020 bij nieuwe contracten niet meer geleid tot een overtreding van deze regels. De overschrijding van € 45.000,= blijft onder de controlegrens, waardoor de rechtmatigheidsverklaring niet in het geding is.

5.5

Verbonden partijen

Met ´verbonden partijen´ worden gemeenschappelijke regelingen, stichtingen, verenigingen en vennootschappen bedoeld waarin de Gemeenschappelijke regeling Samenwerking de Liemers een bestuurlijk én financieel belang heeft. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan: Een zetel in het bestuur en/of het hebben van een stemrecht. Met financieel belang wordt bedoeld: Een gemeentelijke bijdrage in de netto exploitatielasten van het samenwerkingsverband. Het risico bestaat dat de gemeente de betaalde bijdragen kwijt is bij een faillissement en/of dat de verbonden partij financiële problemen op de gemeente kan verhalen. Bij deelname in een vennootschap is het financiële belang het in bezit hebben van aandelen en het ontvangen van dividend. De RID heeft een deelneming in Stichting Samenwerkingsverband Glasvezelnetwerk Arnhem (SSGA). Sinds 2002 is SSGA hét glasvezelnetwerk voor non-profit instellingen in Arnhem en de directe omgeving, zoals gemeenten, scholen, bibliotheken en stichtingen. SSGA bezit glasvezelinfrastructuur die door de deelnemers uitsluitend voor eigen gebruik toegepast mag worden. Onder eigen gebruik wordt verstaan ten behoeve van de eigen organisatie of organisaties die door de deelnemer vertegenwoordigd worden en voor zover dit geen onderdeel vormt van een ‘open’ infrastructuur. Door deze voorwaarde is SSGA uitsluitend aan de vraagzijde actief. 34

Zij treedt niet op als aanbieder van infrastructuur (SSGA is een ‘besloten’ netwerk). De stichting verzorgt naast de aansluiting op het netwerk ook het beheer en onderhoud. SSGA heeft nu een regionaal netwerk met meer dan 25 deelnemers. In de stichting zijn alle deelnemers aan het netwerk vertegenwoordigd. Aan de trekkingsrechten zijn ook de stemrechten in de vereniging verbonden. RID neemt voor 5,49% deel in SSGA. Het eigen vermogen betreft een Egalisatierekening glasvezelnetwerk van ruim 3 miljoen. Doel van de deelneming is het ten behoeve van haar deelnemers (allen non-profit) in eigendom verwerven en/of beheren en/of exploiteren van een glasvezelinfrastructuur. Eind 2010 is hiervoor een Intentieverklaring afgegeven. De Gemeenschappelijke regeling Samenwerking de Liemers is sinds 2011 een van de deelnemers. De constructie is dusdanig dat bij groei van het aantal deelnemers de gezamenlijke lasten dalen en er mogelijkheden zijn voor restitutie van trekkingsrechten en correcties op investeringen. Deze overeenkomst heeft een initiële looptijd van 15 jaar. De totale toetredingskosten bedroegen € 630.000,=. De periodieke kosten voor 2020 zijn € 11.680,=. Stichting Samenwerkingsverband Glasvezelnetwerk Arnhem is statutair gevestigd te Arnhem.

5.6

Kostenverdelingsafspraken

Bestuur De bestuurskosten en de kosten voor de Ondernemingsraad worden voor 25% toegerekend aan Duiven en Westervoort en voor 50% aan Zevenaar.

RID De inwoneraantallen zijn het uitgangspunt voor de kostenverdeling naar de deelnemende gemeenten. De RID heeft naast de 3 gemeenten, nog drie klanten: RSD de Liemers, het Werkgeversservicepunt Midden-Gelderland (WSP MG) en de Modulair Gemeenschappelijke Regeling Midden Gelderland (MGR). De dienstverleningsovereenkomst met WSP MG en de MGR zijn contracten met vaste prijsafspraken. Deze worden conform de afspraken gefactureerd. De afspraken inzake de toerekening van de kosten aan de RSD zijn in de 2e tussenrapportage 2013 bijgesteld. De toerekening van de ICT kosten aan de RSD bestaat uit 2 onderdelen: ▪ De directe kosten voor software/licenties/kapitaallasten voor de RSD en ▪ Een doorbelasting van de exploitatiekosten RID gebaseerd op een prijs per werkplek: (Exploitatiekosten minus de post Onderhoud applicaties, Kosten ondersteuning en kapitaallasten); Saldo wordt dan gedeeld door het totaal aantal werkplekken in beheer bij RID; Prijs per werkplek maal het aantal bij de RSD in gebruik zijnde werkplekken. De gefactureerde bijdrage van WSP MG, MGR en de RSD bijdrage in de RID kosten worden in mindering gebracht op de totale exploitatiekosten van de RID. Het restant wordt aan de drie gemeenten in rekening gebracht conform de afgesproken verdeelsleutel. Gemeente Inwoners per 01-01-2020 Aandeel RID (in %) Duiven 25.126 29,97 Westervoort 14.971 17,86 Zevenaar 43.750 52,18

35

Inkoop De verdeelsleutel voor de exploitatiekosten van de inkoop is gebaseerd op het aantal toe te rekenen uren van de inkoopadviseur. Gemeente Aandeel RID (in %) Duiven 33,33 Westervoort 16,67 Zevenaar 50,00

RSD De kostenverdeling die voor de exploitatiekosten van de RSD wordt gebruikt, is gebaseerd op: 50% op basis van het aantal inwoners (vastgesteld CBS-cijfer) 50% op basis van het aantal cliënten Gemeente Inwoners per 01-01-2020 Cliënten per 01-01-2020 Percentage Duiven 25.126 421 28,07 Westervoort 14.971 339 19,47 Zevenaar 43.750 848 52,46

36

JAARREKENING OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN

37

6.

Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening

Consolidatie op programmaniveau Lasten Programma 1: Bestuur Programma 2: RID Programma 3: Inkoop Programma 4: RSD Eliminatie doorbelasting intern Totaal lasten

Rekening Begroting Begrotings Begroting 2019 2020 prim. wijzigingen 2020 38.285 36.500 34.893 71.393 4.702.400 4.905.331 90.937 4.996.267 294.005 255.702 -3.927 251.775 5.652.737 5.609.577 489.197 6.111.962 -375.811 -386.224 -541 -386.765 10.311.616 10.420.886 610.559 11.044.632

Realisatie 2020 40.640 5.039.670 251.196 6.008.157 -360.599 10.979.064

Verschil I/S 2020 -30.753 S 43.403 S -579 I -103.805 I 26.166 I -65.569

Baten Programma 1: Bestuur Programma 2: RID Programma 3: Inkoop Programma 4: RSD Eliminatie doorbelasting intern Totaal Baten

Rekening Begroting Begrotings Begroting 2019 2020 prim. wijzigingen 2020 38.285 36.500 34.893 71.393 4.702.400 4.905.331 90.937 4.996.267 294.005 255.702 -3.927 251.775 5.652.737 5.609.577 489.197 6.111.962 -375.811 -386.224 -541 -386.765 10.311.616 10.420.886 610.559 11.044.632

Realisatie 2020 40.640 5.039.670 251.196 6.210.787 -360.599 11.181.694

Verschil I/S 2020 -30.753 43.403 -579 98.825 26.166 137.061

Resultaat voor Bestemming 202.630 202.630 Bestemmingsreserven Tozo 202.630 -202.630 Resultaat na Bestemming Eliminatie doorbelasting intern betreffen de Lasten en Baten voor de RSD die als bate bij de RID worden verantwoord en als kosten bij de RID. In de consolidatie worden deze geëlimineerd omdat ze op het SDL resultaat geen invloed hebben.

Consolidatie Exploitatiekosten Lasten Bestuurskosten Personele kosten Huisvestingskosten Automatiseringskosten Onderhoud applicaties Facilitaire zaken Advies en Controle Ondersteunende dienst Overige kosten Kapitaallasten Totaal lasten

Baten Bijdrage Gemeente Duiven Bijdrage Gemeente Westervoort Bijdrage Gemeente Zevenaar Bijdrage WSP MG Bijdrage MGR Totaal Baten

op kostensoort Rekening Begroting Begrotings Begroting 2019 2020 prim. wijzigingen 2020 38.285 36.500 34.893 71.393 7.274.348 7.110.827 541.398 7.652.225 412.901 442.628 -32.107 410.521 345.902 323.697 5.215 342.100 1.050.887 1.121.584 35.516 1.157.100 112.639 136.671 18.329 155.000 47.349 41.084 500 41.584 145.354 128.824 91.064 219.888 32.426 27.000 27.000 851.527 1.052.071 -84.249 967.822 10.311.616 10.420.886 610.559 11.044.632 * Rekening Begroting Begrotings Begroting 2019 2020 prim. wijzigingen 2020 2.920.983 2.958.406 168.676 3.135.485 1.887.091 1.919.655 117.348 2.034.150 5.392.651 5.446.132 324.535 5.778.306 63.268 64.990 64.990 47.624 31.702 31.702 10.311.616 10.420.886 0 -

Kosten en bijdrage RSD uit consolidatie elimineren!

Resultaat voor Bestemming Toevoegen aan BR Tozo Resultaat na Bestemming *

610.559 11.044.632 -

Realisatie 2020 40.640 7.695.490 409.456 345.196 1.182.568 116.669 28.695 168.230 27.590 964.531 10.979.064

Verschil I/S 2020 -30.753 S 43.265 I/S -1.065 3.096 25.468 S -38.331 I -12.889 I -51.658 I 590 -3.291 -65.569

Realisatie 2020 3.142.999 2.028.769 5.886.448 69.350 54.127

Verschil I/S 2020 7.514 -5.381 108.142 4.360 22.425

11.181.694 -202.630 202.630 202.630 -

137.061 -202.630 202.630 -202.630 -

In tweede tussenrapportage is de bijdrage van de RID € 27.000,= aan de RSD geëlimineerd, maar deze bijdrage is bij de RSD niet als inkomsten maar als negatieve kosten geboekt. Waardoor de eliminatie op consolidatieniveau een foutief beeld geeft.

38

Bestuur Extra budget voor Onderzoek Governance € 25.000,= is maar beperkt benut. Het nieuwe contract voor de Ondersteunende dienst is pas ingegaan per 1 juli 2020. Daarom is er nu incidentieel een voordeel op de kosten voor de OR-secretaris.

RID Overschrijding personeel- en automatiseringskosten ivm extra werkzaamheden en applicatie (aanpassingen) om thuiswerken op zo’n grote schaal te faciliteren. Het risico van overschrijding op personeelskosten door de inzet van externe expertise ad € 44.240,= is wel gemeld in de 1e en 2e tussenrapportage. Het was de doelstelling dit te dekken in de lopende begroting maar dat is niet gelukt. De overschrijding op de onderhoudslasten heeft o.a. te maken met de verdubbeling van de databundel in verband met thuiswerken en wijzigingen die noodzakelijk zijn voor een goede werking van de ICT-omgeving.

RSD Overschrijding op personeelskosten i.v.m. meer fte voor dienstverleningsovereenkomsten. Hier staat ook een hogere bijdrage tegenover. Incidentele besparingen op Facilitaire- en huisvestingskosten, zijn een gevolg van de geringe bezetting op kantoor, minder facilitaire kosten en door digitaal werken minder print- en portokosten. Voor de uitvoering van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) is een vaste vergoeding per besluit toegekend. Deze vergoeding is bedoeld voor alle werkzaamheden gedurende de gehele periode dat er werkzaamheden uitgevoerd moeten worden. Hercontrole en debiteurenbeheer kan minimaal 3 jaar duren. Voor de nog niet bestede uitvoeringskosten moet een bestemmingsreserve gevormd worden. Conform de afspraak met het Algemeen Bestuur heeft de RSD € 600.000,= gefactureerd als uitvoeringskosten bij de deelnemende gemeenten. Voor € 202.000,= is een bestemmingsreserve Tozo in 2020 gevormd omdat hier in 2020 nog geen directe kosten tegenover staan. De kosten voor controle IB-signalen, hercontroles, extra kosten accountantscontrole Tozo, opmaken SiSa-verantwoording zullen pas in 2021 plaatsvinden, maar moeten wel gedekt worden uit de uitvoeringskosten.

39

7.

Toelichtingen op het overzicht van baten en lasten

7.1

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

Besluit Begroting en Verantwoording De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft.

Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. De GR kent geen winsten of verliezen omdat per jaar het exploitatiesaldo wordt afgerekend met de deelnemende gemeenten. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt.

In het resultaat is geen post opgenomen voor de vennootschapsbelasting (VPB) omdat de uitvoeringstaken van de GR aan de deelnemende gemeenten valt onder de Objectvrijstelling VPB voor samenwerkingsverbanden aangezien: ▪ De activiteiten verricht worden voor de in het samenwerkingsverband participerende overheidslichamen; ▪ De activiteiten onbelast zouden zijn als ze door de participant zelf zouden zijn verricht; ▪ De participanten naar evenredigheid van de afname van de activiteiten bijdragen aan het samenwerkingsverband; ▪ De dienstverleningsovereenkomsten zijn van geringe omvang, hebben geen winstoogmerk of het doel om structurele overschotten te behalen.

7.2

Bezuinigingsopdracht

Er is door de deelnemende gemeenten een opdracht tot bezuiniging afgegeven van 2,5% in 2022 is € 135.000,= en 5% in 2023 zijnde € 270.000,=. Deze opdracht zal afgezet tegen de jaarrekening 2019 worden opgepakt. Hierbij geven wij een overzicht van de structurele bezuinigingen die in 2020 al hebben plaatsgevonden.

40

Gerealiseerde structurele bezuiningen in 2020 en verder RID Bedrag Schoonmaakkosten 8.000 Papierloos vergaderen 14.000 Onderhoud iWriter 17.000 Totaal RID 39.000 RSD Beveiliger Portokosten Totaal RSD

25.000 10.000 35.000

Totaal SDL

74.000

7.2

Wet normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT)

De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) is in werking getreden met ingang van 1 januari 2013. De WNT regelt niet alleen de openbaarmaking van topinkomens in de publieke en semipublieke sector, maar stelt ook maxima aan de hoogte van de bezoldiging van topfunctionarissen en tevens aan de ontslagvergoedingen. Met ingang van 1 januari 2015 is de Wet verlaging Bezoldigingsmaximum WNT (hierna WNT-2) in werking getreden. De WNT is van toepassing op gemeenten volgens art. 1.2 WNT. En bij of krachtens publiekrecht ingestelde rechtspersonen vallen onder de werkingssfeer van de WNT, zoals GR Samenwerking de Liemers. De maximale bezoldiging mag voor een topfunctionaris in dienstverband niet meer bedragen dan € 201.000,- per jaar (algemene maximum 2020). De WNT definieert het begrip topfunctionaris voor instellingen in de (semi)publieke sector als: ▪ De leden van de hoogste uitvoerende en toezichthoudende organen; ▪ De hoogste ondergeschikte of de leden van de groep hoogste ondergeschikten aan dat orgaan; ▪ Degene of degenen belast met de dagelijkse leiding. De leden van de netwerkdirectie, dagelijks bestuur en algemeen bestuur van GR Samenwerking de Liemers ontvangen geen bezoldiging en geen onkostenvergoeding van GR Samenwerking de Liemers.

Conform de beleidsregels toepassing WNT hebben wij in onderstaande tabel voor alle topfunctionarissen de voorgeschreven informatie opgenomen. Voor niet-topfunctionarissen is er geen informatie opgenomen omdat geen enkele medewerker boven de norm uitkomt. De in de tabel genoemde functionarissen zijn onbezoldigd bij de GR Samenwerking de Liemers. a A.J. van Hout L.J.E.M. van Riswijk H.B. Hieltjes J.P. Breunissen T. Krampschreur H. Sluiter R. Raaijman N. van Dellen B. Elfrink

b Bestuurslid AB/DB Bestuurslid AB/DB Bestuurslid AB/DB Bestuurslid AB Bestuurslid AB Bestuurslid AB Bestuurslid AB Bestuurslid AB Bestuurslid AB

c n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t

d n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t 2020 n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t

e 0 0 0 0 0 0 0 0 0

f 0 0 0 0 0 0 0 0 0

g 0 0 0 0 0 0 0 0 0

h 0 0 0 0 0 0 0 0 0

i 0 0 0 0 0 0 0 0 0 41

C. Koers H. Winters T. Spaargaren J. Goossen I. Knuiman G. Tiedink-Koning

Bestuurslid AB Bestuurslid AB Bestuurslid AB Bestuurslid AB Bestuurslid AB Bestuurslid AB

n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t

n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t n.v.t

0 0 0 0 0 0

0 0 0 0 0 0

0 0 0 0 0 0

0 0 0 0 0 0

0 0 0 0 0 0

Verklaring van de letters: a. de naam b. de functie c. de duur en omvang van het dienstverband d. het jaar waarin het dienstverband is geëindigd e. de beloning f. door de werkgever vrijwillig betaalde sv-premies g. de belastbare vaste en variabele onkostenvergoedingen h. de in het boekjaar verrichte uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband i. de voorzieningen ten behoeve van beloningen betaalbaar op termijn

42

BALANS

43

8.

Balans

8.1

Toelichting op de balans per 31-12-2020

Activa

Vaste activa Materiele vaste activa Investeringen met economisch nut Totaal vaste activa

Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1jr Uitzettingen SKB Overige vorderingen Liquide middelen Overlopende activa Overige nog te ontv. Bedragen

31-12-2019 31-12-2020 Passiva Eigen vermogen Bestemmingsreserve Tozo Totaal Eigen vermogen

31-12-2019 31-12-2020 202.630 202.630

3.877.960 3.877.960

Vaste passiva Overige lening met een rente 3.635.800 typische looptijd > 1jr 3.635.800 Totaal vaste passiva

3.913.469 3.913.469

3.517.219 3.517.219

5.291.929 801.225

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd < 1jr 758.745 Kasgeldlening 1.324.862 Overige schulden

3.391.391

986.334

2.995.114 6.386.505

1.341.223 2.327.557

10.299.974

6.047.406

296.503

249.341

Totaal vlottende activa

6.422.014

Overlopende passiva 78.658 Verplichtingen begrotingsjaar, betaald volgend begrotingsjaar 2.411.606 Totaal vlottende passiva

Totaal

10.299.974

6.047.406 Totaal

32.357

Grondslagen Vaste activa; overige investeringen met economisch nut Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de aanschaffings- of vervaardigingprijs verminderd met bijdragen van derden. De normale jaarlijkse afschrijvingen zijn gebaseerd op de geschatte levensduur. Over de investeringen wordt, rekening houdende met de levensduur, annuïtair afgeschreven. Er wordt afgeschreven vanaf het begrotingsjaar dat volgt op gereedkoming. Op de toetredingsbijdrage SGGA wordt lineair afgeschreven. Activeringsbeleid De definitie van investering: een uitgave waarvan het nut zich over enkele jaren uitstrekt. Wanneer wordt een investering geactiveerd en wat er wordt verstaan onder aanschaffings- en vervaardigingsprijs: ▪ Activa met een verkrijgingsprijs- of vervaardigingsprijs die hoger is dan € 10.000,=. ▪ Activa met een aanschaffings- of vervaardigingsprijs lager dan € 10.000,= worden niet geactiveerd maar ten laste gebracht van de exploitatie, uitgezonderd gronden en terreinen. ▪ Deelinvesteringen lager dan € 10.000,= die onderdeel zijn van een totaalkrediet worden wel als zodanig geactiveerd. ▪ De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. ▪ De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend.

▪ Zowel de vlottende activa als passiva worden opgenomen tegen de nominale waarde. ▪ Bij debiteuren wordt rekening gehouden met oninbaarheid voor zover aanwezig.

44

Afschrijvingstermijnen Voor de afschrijvingen hanteert de Gemeenschappelijke regeling Samenwerking de Liemers de volgende afschrijvingstermijnen: 3 jaar: apparatuur t.b.v. de mobiele werkplek; 4 jaar: overige automatiseringsapparatuur; 4 jaar: ICT techniek voor decentrale computerruimte; 4 jaar: hardware; 5 jaar: netwerk en bekabeling; 5 jaar: apparatuur t.b.v. de decentrale vaste werkplek; 7 jaar: software; 10 jaar software kernapplicaties; 15 jaar: kantoormeubilair; 15 jaar: glasvezel Rente Over geïnvesteerde activa is in 2020 geen rente berekend.

Materiele vaste activa Deelneming SSGA De RID heeft een deelneming in Stichting Samenwerkingsverband Glasvezelnetwerk Arnhem. Deze overeenkomst heeft een initiële looptijd van 15 jaar. De totale toetredingskosten bedroegen € 630.000,=. Naast de afschrijvingslasten en rentelasten in verband met de lening zijn de periodieke kosten voor 2020 € 11.680,=.

Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Er is tot op heden nog geen reden geweest om een voorziening voor oninbaarheid te vormen.

Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen.

Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer.

Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

8.2

Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen

Sinds 1 januari 2011 is er met de BNG bank een financieringsovereenkomst aangegaan voor een bepaalde tijd tot 01-01-2012, waarna deze overeenkomst stilzwijgend wordt verlengd met telkens een jaar. De kredietlimiet is per 01-01-2019 gewijzigd naar € 3.000.000,=. Ultimo oktober 2019 is een tweede financieringsovereenkomst afgesloten voor 10 jaar, groot € 3.500.000,=. De RID heeft met de gemeente Westervoort een huurovereenkomst afgesloten voor de periode van 1 mei 2017 tot en met 30 april 2027. De huurprijs bedraagt jaarlijks € 49.500,= plus jaarlijkse indexatie. Huurlast 2020 € 51.752,=. De RSD heeft een huurovereenkomst met de gemeente Zevenaar gesloten voor de periode van 1 juli 2017 tot en met 30 juni 2027. De huurprijs voor 2020 is € 130.500,=. Deze wordt jaarlijks geïndexeerd. 45

Bij 1 leverancier zijn de Europese aanbestedingsregels niet juist toegepast voor een bedrag van in totaal ongeveer € 45.000,=.

8.3. Feiten en gebeurtenissen die na balansdatum bekend worden Het Coronavirus Als gevolg van de uitbraak van het Coronavirus wereldwijd, zijn door de Nederlandse overheid ingrijpende maatregelen genomen om de verspreiding van dit virus onder controle te krijgen. Deze maatregelen en mogelijke maatregelen die nog volgen, hebben naar verwachting belangrijke financiële gevolgen voor alle gemeenten en gemeenschappelijke regelingen in Nederland. Zo ook voor de SDL. Deze gevolgen zijn op dit moment nog niet te overzien. De door de Nederlandse overheid genomen maatregelen kunnen impact hebben op de ontwikkeling van het aantal uitkeringsgerechtigden, de baten en de lasten en daarmee ook op de financiële positie, op het weerstandsvermogen en op de risico’s. Doordat de SDL een gemeenschappelijke regeling is waarbij eventuele financiële voor- of nadelen worden afgedekt door de 3 participerende gemeente blijft het financiële risico voor de SDL ongewijzigd. In 2020 werden allerlei voorspellingen gedaan inzake toestroom uitkeringsgerechtigden, dat is niet het geval geweest. De SDL heeft zelfs een kleine krimp gerealiseerd. Voor 2021 en verder is de RSD ook betrokken bij de advisering van zelfstandigen om vroegtijdig problemen te signaleren en hen te helpen. Verder zijn de gevolgen op het moment van het opstellen van de jaarstukken nog niet in te schatten.

De RSD zal maandelijks weer rapporteren over de ontwikkelingen naar de accountmanagers bij de gemeenten.

8.4. Specificatie balansposten per 31-12-2020 8.4.1. Activa Vaste activa Omschrijving Economisch nut RID Economisch nut RSD Deelname SSGA Totaal

Activa Vlottende activa Omschrijving Schatkistbankieren (SKB) Totaal Te vord.. BTW RSD-RID Debiteuren - Gemeente Duiven - Gemeente Westervoort - Gemeente Zevenaar - Overig Nog te betalen Nog te ontvangen Crediteuren oudere jaren Totaal

Beginbalans Investering Afschrijving Eindbalans 3.377.754 561.254 918.119 3.020.889 206.034 186.979 30.250 362.763 294.172 42.024 252.148 3.877.960 748.233 990.393 3.635.800

Balanswaarde Balanswaarde 2019 2020 5.291.929 758.745 5.291.929 758.745 35.746 197.428 61.707 204.435 308.472 29.183 801.225

343.792 281.706 488.976 173.496 1.146

1.324.862

46

Liquide middelen Omschrijving BNG 028.51.57.795 BNG 028.51.50.332 Totaal

Overlopende activa Omschrijving Salarisadm. netto salaris Salarisadm. Afdr.ABP Tussenrekening afronding Tussenrekening algemeen Af te dragen premies LH Voorschotten GWS Terug te vord voorschotten Opboeking vorderingen Historielijst Crediteuren Inhouding tbv debiteuren Totaal

Balanswaarde Balanswaarde 2019 2020 19.866.743 -19.570.240 296.503

9.948.929 -9.699.588 249.341

Balanswaarde Balanswaarde 2019 2020 3.934

7.150 122

6

10.946 17.360

111 32.357

2.483 16.618 16.176 15.096 14.196 6.817 78.658

8.4.2. Passiva Nieuw gevormd in 2020: Bestemmingsreserve Tozo Voor de uitvoering van de Tozo-regeling wordt een vast bedrag per besluit betaald door het Ministerie. Dit bedrag is bedoeld voor alle werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de regeling. Het niet bestede deel van de uitvoeringskosten moet in een bestemmingsreserve worden gestopt, zodat de lasten in de toekomst hiermee gedekt kunnen worden.

Vaste passiva Omschrijving Lening BNG 40.107442 Lening BNG 40.113263 Totaal

Beginbalans Verstrekking 413.469 3.500.000 3.913.469 -

Aflossing 46.250 350.000 396.250

Eindbalans 367.219 3.150.000 3.517.219

De lening 40.107442 van BNG betreft een onderhandse lening van openbare lichamen. De lening is afgesloten in 2011 tegen 3,15%. Per 30 oktober 2019 is bij de BNG een ‘Overeenkomst tot geldlening’ afgesloten voor € 3.500.000,= met een looptijd van 10 jaar en tegen 0,07% rente. De rentelast voor 2020 is € 14.422,=.

47

Vlottende passiva Omschrijving Debiteuren: - Gemeente Zevenaar Sub-totaal Nog te ontvangen Nog te betalen Crediteuren oudere jaren Crediteuren Totaal Overlopende passiva Omschrijving Af te dr.BTW RSD-RID Sal.adm. Arb.ongev.verzek Salarisadm loonbelasting Salarisadm. hypotheken Netto betalingen uitkeringen Af te dragen premies LH Te betalen voorschotten Vooruitontvangen Debiteuren Totaal

Balanswaarde Balanswaarde 2019 2020 2.956.593 2.956.593

-

17.506 417.292 3.391.391

741.209 245.124 986.334

Balanswaarde Balanswaarde 2019 2020 114.053

30.005 2.147.097 441.763 3.415 256.952 1.829 2.995.114

405.329 4.293 392.596 27.851 488.466 0 4.743 0 17.945 1.341.223

48

9.

Toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening - Boekjaar 2020

9.1

Bestuur

Bestuurskosten Lasten Bestuurskosten Ondernemingsraad Onvoorzien Totaal lasten

Rekening Begroting Begrotings Begroting Realisatie 2019 2020 prim. wijzigingen 2020 2020 4.300 5.000 25.000 30.000 6.519 33.985 30.000 9.893 39.893 34.121 1.500 1.500 38.285 36.500 34.893 71.393 40.640

Verschil 2020 -23.481 -5.772 -1.500 -30.753

I/S

Baten Bijdrage Gemeente Duiven Bijdrage Gemeente Westervoort Bijdrage Gemeente Zevenaar Totaal Baten

Rekening Begroting Begrotings Begroting Realisatie 2019 2020 prim. wijzigingen 2020 2020 9.571 9.125 8.723 17.848 10.160 9.571 9.125 8.723 17.848 10.160 19.143 18.250 17.447 35.697 20.320 38.285 36.500 34.893 71.393 40.640

Verschil I/S 2020 -7.688 -7.688 -15.377 -30.753

I I I

Bestuur In 2020 heeft het bestuur een extern advies bureau ingehuurd om onderzoek te doen naar de mogelijkheden om de governance van de Gemeenschappelijk regeling effectiever te maken. Om externe expertise in te kunnen huren is in de 1e tussenrapportage hier € 25.000,= voor beschikbaar gesteld. Intern is een werkgroep samengesteld om de Netwerkdirectie te adviseren inzake de mogelijkheden, de randvoorwaarden en de financiële gevolgen van een omzetting naar 2 bedrijfsvoeringsorganisaties. Hierbij is door zowel de werkgroep, het bestuur als de OR gebruik gemaakt van externe (juridisch) experts. De kosten zijn beperkt gebleven.

Ondernemingsraad De punten die in 2020 door de OR zijn behandeld zijn: ▪ De governance van de SDL ▪ PSA onderzoek ▪ RI&E gericht op Covid-19 ▪ Kantoorconcept ▪ WOR-bestuur ▪ OR-verkiezingen in 2021

49

9.2

RID

RID Lasten Personele kosten Huisvestingskosten Audits/Externe deskundigheid Dir.kosten RSD Datacomm.SSGA Onderhoud applicaties Overige kosten Ondersteunende dienst Kapitaallasten

Rekening Begroting Begrotings Begroting 2019 2020 prim. wijzigingen 2020 2.146.987 2.104.436 118.014 2.222.450 193.732 189.755 -14.959 174.796 70.717 79.000 79.000 172.548 167.697 13.403 181.100 102.637 77.000 5.000 82.000 1.050.887 1.121.584 35.516 1.157.100 32.426 27.000 27.000 80.940 86.788 18.212 105.000 851.527 1.052.071 -84.249 967.822

Realisatie 2020 2.263.002 183.937 78.898 165.416 88.185 1.182.568 27.590 85.544 964.531

Verschil I/S 2020 40.552 S 9.141 I -102 -15.684 I 6.185 S 25.468 I/S 590 I -19.456 I -3.291 I/S

Totaal lasten

4.702.400

4.996.267

5.039.670

43.402

Baten Bijdrage Gemeente Duiven Bijdrage Gemeente Westervoort Bijdrage Gemeente Zevenaar Bijdrage RSD Bijdrage WSP MG Bijdrage MGR

Rekening Begroting Begrotings Begroting 2019 2020 prim. wijzigingen 2020 1.274.916 1.341.570 23.200 1.364.770 752.106 791.874 13.238 805.112 2.188.676 2.288.971 53.958 2.342.929 375.811 386.224 541 386.765 63.268 64.990 64.990 47.624 31.702 31.702

Realisatie 2020 1.365.152 813.408 2.377.036 360.598 69.350 54.127

Verschil I/S 2020 382 8.296 34.107 -26.167 4.360 22.425

Totaal Baten

4.702.400

5.039.670

43.402

4.905.331

4.905.331

90.937

90.937

4.996.267

Personele kosten Coronavirus Vanwege de uitbraak van het Coronavirus en de resulterende intelligente lockdown zijn versneld een aantal nieuwe voorzieningen gerealiseerd, waaronder de mogelijkheid voor videobellen en Liemers breed de mogelijkheid voor iedereen om te kunnen thuiswerken. Hiertoe zijn prioriteiten gesteld en ook externe expertise ingezet. De kosten voor de externe expertise bedragen € 44.240,=. Zoals in de tussenrapportages al gemeld hebben we getracht dit binnen het budget te realiseren maar dat is niet mogelijk gebleken. Door de druk die op dit moment rust op het functioneren van de RID zal dit naar verwachting een structureel overschrijding worden.

Huisvestingskosten In lijn met de meerjarenbegroting 2021 en verder is het budget voor de schoonmaakkosten structureel afgeraamd. De kosten voor de huur van de centrale computerruimte zijn gestegen door noodzakelijke uitbreiding van rack gebruik. Dit betreft een structurele verhoging. Deze aanpassingen zijn in de tweede tussenrapportage van 2020 vastgesteld en doorgevoerd. Eind 2020 konden wij eindelijk onze eigen huisvesting weer in gebruik nemen. Hieruit zijn wat incidentele kosten voortgekomen, die een beperkte incidentele overschrijding geven. Verder geen bijzonderheden.

Audits/Externe deskundigheid Hieronder vallen de kosten ten behoeve van audits, inhuur van externe deskundigheid en accountancy kosten. Geen bijzonderheden.

Software RSD Hieronder vallen de softwarekosten van de RSD. Naast een beperkte onderschrijding op enkele onderdelen zijn de kapitaallasten in 2020 rechtstreeks bij de RSD geboekt waardoor de directe kosten lager zijn dan begroot. 50

Datacommunicatie / SSGA

Door het vele thuiswerken en digitaal vergaderen hebben wij onze databundel moeten uitbreiden van ong. 700 GB naar 1627 GB. De verwachting is dat het thuiswerken (voor een deel) wel een blijvertje zal zijn. Deze kosten zullen voor een deel structureel zijn.

Onderhoud applicaties Betreft onderhoud op software vanuit : ▪ de vastgestelde Informatie Beleidsprojecten (IBP), zowel afgerond als op te leveren in 2020 met een onderhoudscomponent; ▪ tussentijdse gezamenlijke projecten; ▪ software en contract convergenties; ▪ onderhoud op software ten behoeve van centraal gegevensbeheer en geo informatie. Het betreft dus in de regel onderhoudskosten die voortvloeien uit projecten en opdrachtverstrekking door de gemeenten. Zoals als al in de tweede tussenrapportage 2020 is gemeld is er een stijging op de onderhoudslasten. Dit is deels te verklaren vanuit indexering van onderhoudsbedragen die in totaliteit een effect hebben. Deels is dit te verklaren vanuit hoger uitgevallen doorontwikkelingskosten. Ook is een aantal onderhoudsbedragen op basis van nacalculatie van gebruik zoals iBabs. Hier is een flinke stijging waar te nemen die niet voorzien was. Deze stijging lijkt structureel, in de meerjarenbegroting 2022-2025 hebben wij de kosten zoals nu bekend zo goed mogelijk ingeschat. Ook in de 1e tussenrapportage 2021 zal een verhoging van het budget Onderhoud applicaties worden voorgelegd.

Overige kosten Geen bijzonderheden.

Ondersteunende dienst De ondersteunende diensten worden door 1Stroom en de RSD verricht. Het betreft de salarisadministratie, de werkzaamheden omtrent het personeel (P&O), informatievoorziening en de facilitaire ondersteuning inclusief juridisch en communicatie. De RSD verzorgt de ondersteunende dienst Financiën. Met ingang van 1 januari 2020 zou er een nieuwe dienstverleningsovereenkomst met 1Stroom worden opgesteld. Het contract is nu pas met ingang van 1 juli 2020 gewijzigd. De verhoging van de kosten van de dienstverlening is daardoor voor 2020 incidenteel lager uitgevallen.

Kapitaallasten Geen bijzonderheden.

Baten Regionale Sociale Dienst de Liemers (RSD): De bijdrage van de RSD in de exploitatiekosten van de RID bestaat uit twee componenten: ▪ Software die gebruikt wordt door de RSD; ▪ Bijdrage op basis van aantal werkplekken bij de RSD, afgezet tegen het totaal aan werkplekken in de Liemers. Deze verhouding wordt toegepast op de vaste exploitatie onderdelen van de RID, zoals personeelskosten, huisvestering etc. Het totaal aantal werkplekken is gestegen door het thuiswerken, maar het aantal werkplekken voor RSD is gelijk gebleven. Hierdoor is de bijdrage iets lager dan begroot. Er heeft een verschuiving van kosten plaatsgevonden die nu rechtstreeks bij de RSD worden geboekt. Daardoor geeft de verlaging van de bijdrage een vertekend beeld. 51

De baten van de RSD aan het resultaat van de RID bedragen € 360.599,=. Werkgeversservicepunt Gelderland Midden (WSP MG) en MGR: De 12 samenwerkende gemeenten in de regio Centraal Gelderland hebben een Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR) opgericht. De MGR bestaat uit de uitvoeringsorganisatie voor de inkoop en het contractmanagement van de (boven)regionale zorg, die mede verantwoordelijk is voor het leveren van managementinformatie: MGR Sociaal Domein CG. Ook het Werkgeversservicepunt (WSP) Gelderland Midden is toegevoegd als module aan deze gemeenschappelijke regeling. Binnen de MGR zullen ook resttaken van voormalig Presikhaaf Bedrijven ondergebracht worden. Er is een dienstverleningsovereenkomst afgesloten tussen RID en MGR en tussen de RID en WSP voor ICT ondersteuning. De ICT ondersteuning wordt door de RID geleverd op basis van standaard kantoorconfiguraties en kan binnen de bestaande formatie verricht worden. Deze baten verlagen de bijdrage per gemeente. Dit betekent dus een netto lagere bijdrage per gemeente voor de RID dienstverlening en diensten. De baten voor 2020 bedragen: WSP € 69.350,= MGR € 54.127,=

52

9.3

Inkoop

Inkoop Lasten Personele kosten Totaal lasten

Rekening Begroting Begrotings Begroting Realisatie 2020 2020 2020 prim. wijzigingen 2019 251.196 251.775 -3.927 255.702 294.005 251.196 251.775 -3.927 255.702 294.005

Verschil I/S 2020 -579 I -579

Baten Bijdrage Gemeente Duiven Bijdrage Gemeente Westervoort Bijdrage Gemeente Zevenaar Totaal Baten

Rekening Begroting Begrotings Begroting Realisatie 2020 2020 2020 prim. wijzigingen 2019 83.732 83.925 -1.309 85.234 98.001 41.866 41.962 -655 42.617 49.001 125.598 125.888 -1.963 127.851 147.003 251.196 251.775 -3.927 255.702 294.005

Verschil I/S 2020 -193 -96 -290 -579

De afdeling inkoop heeft weer veel aanbestedingen begeleid, maar dat binnen de vastgestelde formatie. Zie voor nadere specificatie hoofdstuk 3. Verder geen bijzonderheden.

53

9.4

RSD

RSD Lasten Personele kosten Huisvestingskosten Automatiseringskosten Facilitaire zaken Advies en Controle Ondersteunende dienst

Rekening Begroting Begrotings Begroting 2019 2020 prim. wijzigingen 2020 4.833.356 4.750.689 427.311 5.178.000 219.169 252.873 -17.148 235.725 375.811 386.224 -12.647 386.765 112.639 136.671 18.329 155.000 47.349 41.084 500 41.584 64.414 42.036 72.852 114.888

Realisatie 2020 5.181.292 225.518 373.296 116.669 28.695 82.686

Verschil 2020 3.292 -10.207 -13.469 -38.331 -12.889 -32.202

Totaal lasten

5.652.737

6.111.962

6.008.157

-103.805

bijdrage exploitatie bijdrage uitvoeringskst Tozo bijdrage dienstverlening Westervoort: bijdrage exploitatie bijdrage uitvoeringskst Tozo bijdrage dienstverlening Zevenaar: bijdrage exploitatie bijdrage uitvoeringskst Tozo bijdrage dienstverlening

Rekening Begroting Begrotings Begroting 2019 2020 prim. wijzigingen 2020 1.491.624 1.467.220 25.019 1.500.642 113.043 113.043 46.871 55.257 55.257 1.038.593 1.030.137 17.350 1.044.634 78.692 78.692 37.820 45.902 45.902 2.749.869 2.711.381 46.749 2.765.769 208.344 208.344 287.960 299.679 299.679

Realisatie 2020 1.447.964 171.439 64.553 1.004.126 113.774 45.436 2.705.574 317.417 340.504

Verschil I/S 2020 -52.678 58.396 9.296 -40.508 35.082 -466 -60.195 109.073 40.825

Totaal Baten

5.652.737

6.210.787

98.825

202.630 202.630 -

202.630 -202.630 -

Baten Duiven:

Resultaat voor Bestemming Bestemmingsreserve Tozo Resultaat na Bestemming

-

5.609.577

5.609.577 -

489.197

489.197 -

6.111.962 -

I/S s I I I I I

De RSD heeft een voordeel van € 103.805,= behaald. Dit is als volgt te specificeren:

Personele kosten Alleen op dit punt is een overschrijding van de kosten. Door de uitvoering van de Tozo-regeling hebben wij contracten verlengd, medewerkers uitbreiding van uren gegeven en voor de IB-signalen zijn externe krachten ingehuurd. In de 2e tussenrapportage is voor de verwerking van Tozo 1 en 2 een inschatting van de kosten gemaakt van € 400.000,=. Dit is ook toegevoegd aan de begroting. De verwachting was toen dat Tozo 3 maar zeer beperkt zou zijn, maar op dit moment (2021) hebben wij meer Tozo 3 aanvragen dan Tozo 2. Totaal zijn onze uitvoeringskosten Tozo € 400.000,= voor 2020. Aan uitvoeringskosten hebben de gemeente gezamenlijk recht op ruim € 980.000,=. Met de bestuurders is afgesproken dat RSD € 600.000,= in rekening kan brengen bij de gemeenten. Het in 2020 niet benutte deel wordt door de RSD opgenomen in een bestemmingsreserve voor de uitvoering van o.a. het innen van de bedrijfskredieten, het onderzoeken van de IB-signalen en heronderzoeken en de extra kosten voor accountantscontrole en SiSa-verantwoording. De overschrijding is ook een gevolg van meer inzet voor de dienstverleningsovereenkomsten en dan met name voor de aanvragen en beoordelingen van de kinderopvang. Tegenover deze overschrijding staat ook een hogere bijdrage op de dienstverleningsovereenkomsten. De verwachting is dat de extra inzet voor de dienstverleningsovereenkomsten structureel is.

Huisvestingskosten Het voordeel betreft hier een incidenteel voordeel naar aanleiding van het vele thuiswerken op voornamelijk toiletbenodigdheden, koffievoorziening en overige kosten huisvesting. 54

Automatiseringskosten In de tweede tussenrapportage was een inschatting gemaakt en is er bijgeraamd. De uiteindelijke bijdrage is iets voordeliger uitgevallen.

Facilitaire kosten De facilitaire kosten zijn beduidend lager uitgevallen dan begroot. Door de lockdown hebben de meeste medewerkers thuis gewerkt, zijn de processen versneld zo veel mogelijk gedigitaliseerd, ook naar de klant toe. Daarom zijn op drukwerk, kantoorbenodigdheden, portokosten, koerierdiensten de kosten aanzienlijk lager. Portokosten was al structureel afgeraamd, de overige kosten merken wij nu nog aan als incidenteel. Er is een structureel voordeel op de telefoonkosten van € 9.000,=.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zevenaar&id=81f01502-d3c4-41ee-9fcc-6b0faf1f32ca