Transcript - 9 oktober 2024
Tekst van het document
Het 213a-onderzoek geeft heel duidelijk aan hoeveel kinderen wij zouden kunnen bereiken. Ik denk dat het voor Zandvoort als sociale gemeente … Zeker als we het hebben over een stukje, de voorstellen die zij gedaan over dementie, woonwijken. Ik heb dat soort moties ook eerder terugzien, woonzorginstellingen et cetera. Daar is in eerste instantie ook nooit eerder voor gestemd. Ik dacht dat ik meen te herinneren dat GroenLinks ook nog weleens een keer iets heeft gezegd over spreiden en ouderen met jongeren bij elkaar. Zo zijn er meer van dat soort zaken geweest. Die zijn eigenlijk nooit opgepakt. We kunnen het ook hebben over wat gebeurt bij de landelijke overheid, ook superinteressant. Enige goede wat de landelijk overheid in ieder geval gaat doen, is het verruimen van de Participatiewet. Dat is in ieder geval voor een hele aantal Zandvoorters wel degelijk van belang. Dat betekent dat ze eerder krijgen waar ze recht op hebben en ook iets waar D66 altijd naar gestreefd heeft, zodat mensen ook echt daadwerkelijk recht krijgen op waar ze recht toe hebben. Dus dat ze niet afhankelijk zijn van een bureaucratiemolen. Ik kan u wel een voorstel, een blik werpen op hoe het in ieder geval nu gaat bijvoorbeeld bij individuele inkomens toeslag. Dat moet je als burger zelf aanvragen. Dat mag je dan niet ambtshalve toekennen. Dat mag niet
conform wet. Dat betekent eigenlijk, alles wat je dan verstrekt, onrechtmatig is. Dat is op zichzelf gek. Maar dat is eigenlijk nooit in het belang van de burger. Dat is het fijne wat in de Participatiewet dan wel gebeurt. Landelijk is het eigenlijk schering en inslag als het gaat om sport, onderwijs, duurzaamheid. Het zijn allemaal onderwerpen die gelukkig in Zandvoort wel van toepassing zijn. Dus dat zijn zaken waar wij in ieder geval wel blij mee zijn. Als ik zo hoorde over de jeugdzorg, dat vind ik het onderzoek wel waard, maar dan zou ik het meer een 213a-onderzoek vinden over wat er dan in Zandvoort van toepassing is. Want ik denk dat we allemaal wel weten wat de impact is, namelijk een grote pleureszooi als het gaat om na de decentralisatie van de Jeugdwet zoals het gegaan is, maar ook de aanpak van gemeentes die dusdanig afwijken van elkaar en niet de landelijke richtlijnen hebben gebruikt, dat het ook een enorme oorzaak is geweest van wat er nu ontstaan is, plus dan de eindeloze bezuinigingen. Ik zit nog even na te denken of ik nog iets anders wil toevoegen. Wel nog een vraagje met betrekking tot die 213a-onderzoek. Het had eigenlijk gisteravond gemoeten, maar omdat het CDA ze ook aanhield, we weten eigenlijk nog niet zo goed wat er met die 213a-onderzoeken gaat gebeuren.
Ze worden opgenomen de Planning & Control-cyclus, maar er wordt inhoudelijk geen invulling gegeven. Dus ik ben eigenlijk wel een beetje benieuwd ook naar de mening van het CDA omtrent die onderzoeken. Want er gaat dus blijkbaar een hele set uit. We hebben er eentje op het sociaal domein gehad. Mogelijk dan straks eentje op de Jeugdwet, straks nog eentje op de afvalstoffenheffing, maar ze worden opgenomen in de planning & Control-cyclus. Dus we zijn gewoon even benieuwd wat het college daar eigenlijk in feitelijk mee gaat doen en hoe daar invulling aan wordt gegeven. Maar ik ben ook wel benieuwd hoe het CDA ernaar kijkt. Dank u wel. De voorzitter: Ik zie dat we doorgaan naar de PVV, de Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Voorzitter, dank u wel. Dit is in feite het belangrijkste cluster, want het gaat hier om de mensen die we hier vertegenwoordigen. Het gaat om mensen. Allereerst even het voorstel van de PvdA, bij monde van mevrouw Koper. Dat heeft onze steun. De woorden uitgesproken door mevrouw Nederlof van de VVD, dat kunnen wij niet verbeteren. We verdenken haar er ernstig van dat ze heel goed weet waar ze over praat wanneer het over dit onderwerp gaat. Daar sluiten we ons volledig bij aan. Het basisstreven is een menswaardig bestaan voor iedereen.
Helaas wordt dat iedereen nogal verschillend opgevat en zijn er nogal wat mensen die vinden dat een flink gedeelte van de rest van de wereld hier moeten uitnodigen om te profiteren van onze verzorgingsstaat. Dat komt natuurlijk boekhoudkundig niet helemaal uit, maar het is nogal lastig om daar wat aan te doen. Zo kunnen we zien in Den Haag. De middelen moeten we zo effectief mogelijk inzetten. Dat kan alleen wanneer we een en ander in de hand hebben. Dat is niet altijd het geval. De groeiende kosten van de jeugdzorg lijkt eerder steeds een voldongen feit, in plaats van dat we daartoe zelf hebben besloten. Den Haag heeft dat in 2015 lekker over de schutting bij de gemeente gegooid en wij zitten met de gebakken peren. We zijn op dat aan het besturen zonder stuur in feite. Dat baart ons zorgen, aangezien uiteindelijk de burger de rekening zal betalen. De overheid ook, lokale overheid, financiert helemaal niets. Het is altijd de burger die alles financiert. Dat doen ze op drie manieren. Mag ik even vangen, maakt u maar even … Dat is belasting heffen, lokale heffingen, landelijke heffingen. Ten tweede heb je dan zogenaamde taxation through inflation. Door de geldcreatie, zowel door de Centrale Bank als commerciële banken, wordt het geld gewoon steeds minder waard. Maar er wordt gewoon steeds meer van bij getoverd.
Europese Centrale Bank die koopt allerlei staatsleningen op en die gooien ze op een hoop. Ze hebben geen idee wat ze er straks mee moeten gaan doen. Die vraag is al eens aan ze gesteld, maar hadden ze geen antwoord op. En ten derde, al dat geleende geld om de geldhonger van de overheid te stillen, moet op een gegeven moment ook nog een keer worden terugbetaald door toekomstige generaties. Op drie manieren betaalt de burger de rekening. Dat baart ons zorgen. Dank u wel, voorzitter.
De voorzitter: Dan gaan we nu naar, als laatste, naar ZEE, de heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. In het sociale domein zien we een goede ontwikkeling, zoals de renovatie van sportaccommodaties en het vergroenen van schoolpleinen. Echter, de langetermijnvisie ontbreekt op sommige vlakken. We dringen aan op snelle oplossing voor de langverwachte nieuwe locatie voor jeugd- en jongerenwerk. Verder willen we ons geheel aansluiten bij de eerdere opmerking van het CDA over btw op sport, omdat die verhoogd is. Op het gebied van jeugdzorg blijven de zorgen bestaan. Hoewel er stappen worden gezet met de hervormingsagenda Jeugd, blijven de financiële tekorten een probleem. We zijn blij met de preventiemaatregelen die op dit moment worden genomen en willen oproepen waar mogelijk te intensiveren, zodat we misschien over een aantal jaar de eerste echte grote vruchten zien van deze nieuwe werkwijze, ondanks ze al steeds zichtbaarder worden . Naast de financiële zorg heeft ZEE ook beleidsmatige zorgen. Zo vragen wij ons af of er in semigesloten of gesloten jeugdzorginstellingen die door de gemeente Zandvoort mede worden gefinancierd nog gebruik wordt gemaakt van isoleercellen, separeercellen of andere vormen van isolatieruimtes. ZEE is hier namelijk sterk op tegen, gezien de misstanden die de laatste jaren aan het licht zijn gekomen.
Verder plaatsen wij vraagtekens bij de wijze waarop diagnoses in de jeugdzorg en de ggz worden gesteld en maken we ons zorgen over het overmatig voorschrijven van medicatie. Daarnaast vinden wij dat gebruikende en niet-gebruikende jongeren nooit samen geplaatst mogen worden in een crisisopvang. Dit verhoogt namelijk het risico dat de niet-gebruikende jongeren ook gaan gebruiken. Dat moeten we zien te voorkomen. Tot slot betreffende dit zeer specifieke onderdeel zie we een hardnekkige cultuur waarin verantwoordelijkheden worden doorgeschoven, vaak ten koste van het kind. Hoewel we vertrouwen hebben in de inzet van de wethouder en de ambtenaren om dit te veranderen en ook al verandering zien, blijft het belangrijk dat we hier scherp op blijven letten en de vinger aan de pols houden. Wat betreft werk. inkomen en schulden, is het belangrijk dat de gemeente actief in blijft zetten op schuldhulpverlening en moet het makkelijker worden voor inwoners om hulp te krijgen en de gemeente moet meer middelen vrijmaken om schuldproblematiek aan te pakken. Verder hebben we nog ook wel wat zorgen over de hoeveelheid drugsgebruik in Zandvoort, in Nederland. Natuurlijk net al gehoord over de hoeveelheid alcohol.
Fijn om te zien dat dat in ieder geval onder jongeren nu een stukje afneemt, maar we zouden ook willen vragen aan de wethouder wat hij ervoor voelt als er bijvoorbeeld op evenementen die hier weleens gehouden worden in Zandvoort ook actief reclame gaan maken tegen drugs. Dus als je een lijntje snuift, dan draag je bij aan criminaliteit en dood en verderf en noem maar op bijvoorbeeld, zoals ze ook in de gemeente Rotterdam steeds actiever aan het doen zijn. Verder zijn we natuurlijk enorm blij met het voorstel van mevrouw Koper over de lift. Ik meen me ook te herinneren dat wij een jaar of anderhalf jaar geleden samen met GroenLinks precies zo een voorstel hebben gedaan, maar dan ook in nog wat bredere zin Dus dat was een lift, ging ook over een zigzag met eigenlijk de open vraag van, zou het college dat kunnen gaan onderzoeken en kunnen we dan ook zorgen dat het op het strand zelf toegankelijk wordt door met een plankier te gaan werken of iets dergelijks? Dus natuurlijk steunen wij vanuit ZEE, en ik vermoed GroenLinks ook zomaar, in ieder geval een beginnetje met een lift als dat goed is uitgezocht en werkt van harte. Dus dat sowieso. Verder ook compleet eens met de opmerking van mevrouw Nederlof van VVD over het gedwongen uit elkaar halen van mensen die hun hele leven al bij elkaar wonen. We zijn erg benieuwd wat de reactie van de wethouder daarop is.
Om te reageren op het verzoek van mevrouw Göransson van het OPZ, wij voelen ook zeker wat bijvoorbeeld voor een knarrenhofje, maar onze voorkeur zou eigenlijk misschien wel uitgaan naar een meergeneratiehofje, omdat we denken dat je ook de hele keten moet aanpakken. Als jij zorgt dat er geschikte woningen voor ouderen en jongeren zijn, dan wordt die doorloop in het geheel weer beter. Dus we zouden zeggen, doe het allemaal. Wilden ook nog toevoegen dat we natuurlijk vorige keer de 130 procent hebben gesteund, die per motie werd ingediend door PvdA, en dat we hier nog steeds voor zijn en hopen dat die hier in de toekomst nog anders over gedacht zal worden door de andere raadsleden. Dan tot slot, het blijft
belangrijk dat we blijven monitoren hoe de kosten binnen het sociaal domein zich ontwikkelen. We pleiten voor meer structurele oplossingen in plaats van jaarlijkse noodoplossingen, zodat er dus ook minder druk op de begroting komt te liggen. Dat was onze inbreng. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan kunnen we nu naar de portefeuillehouders, met als eerste de heer Bluijs. De heer Bluijs: Dank u wel. Ik moet even een melding maken dat de heer Moolenburgh niet aanwezig is, maar wij hebben afspraken gemaakt dat ik de onderdelen van zijn portefeuille waarneem en dat gaat met name in dit geval over de toegankelijkheid. Daar waar het … Drugs en veiligheid, jeugdzorg doet de heer Carree het denk ik wel … Gaat hij dat perfect met u bespreken straks. Dus dank u wel voor al uw opmerkingen, ook nog toch dank even dat inderdaad die vragen die allemaal gesteld zijn, hebben wel bijgedragen volgens mij ook aan meer duidelijkheid en dat u daar met elkaar wat aan hebt.
Dus u helpt elkaar en eigenlijk ook ons en dat wij ook nog eens blijven nadenken van, waarom stelt u zoveel vragen? Wat moeten wij eraan doen om minder vragen te krijgen? Dus dat nemen wij wel mee bij onze eigen evaluatie van, waarom worden die vragen gesteld en wat kunnen we er in de toekomst aan verbeteren om een aantal zaken beter te doen? Er zijn een aantal vragen daarover gesteld, ook technisch, over de verschillenanalyse. Dat was ik gisteren allemaal vergeten te zeggen, maar we gaan daar wel zeker nog naar een aantal vragen waar je nog niet bent op teruggekomen, gaan we wel zeker nog naar kijken van wat we daaraan kunnen verbeteren. Dus dat nog evenals inleiding. Sorry. Dan begin ik bij het CDA, het Jeugdsportfonds en de btw en de stijging van de kosten daarvoor. Natuurlijk moeten wij gaan kijken van wat daar de effecten van zijn. Dat zal dan denk ik wel toch wel leiden tot een aanpassing van wat we dan zullen moeten uitkeren. Dus dat nemen we mee, dat gaan we bekijken. Als dat leidt tot grote verschillen, zullen we misschien bij de Voorjaarsnota komen met een eventuele kleine aanpassing. Maar het is allemaal, dat is wel te overzien, als dat ietsje omhoog moet om dat op te vangen. Het gaat inderdaad zoals, allemaal met elkaar, niet om alles, maar wel om bepaalde onderdelen. Dus dat nemen wij gewoon mee bij de verdere invulling ervan.
Dan de GALA- in de IZA-middelen, dat dat terugloopt. Dat weten we ook, maar wij weten ook niet wat dit kabinet allemaal wel en niet gaat doen op termijn. Dus we hebben nog een aa… Of zeker, we hebben nog een aantal jaar te gaan, dus we gebruiken zeker ook die middelen om dingen te verbeteren, maar we houden daar wel rekening mee. Dus wij zullen in de komende tijd, misschien volgend jaar of het jaar erop, daarop moeten anticiperen. Maar we hebben op dit moment wel voor een aantal jaren nog steeds die middelen, dus op dit moment nemen we er kennis van, maar we nemen het in ons achterhoofd mee van, wat doen we nu aan valpreventie? Maar wat levert het ons ook op? Soms is het ook zo dat je ergens anders meer geld dan aan gaat uitgeven en vervolgens ergens anders geld misschien weer kan besparen, omdat je gewoon dingen op een slimmere en betere manier doet. Maar we nemen dat zeker mee. Dan wordt er gevraagd over de Curiedex en de opvanglocatie Oekraïners, eigenlijk ook een punt toch een beetje van onze burgemeester, omdat hij dat nog steeds in zijn portefeuille heeft. We zijn bezig met een locatieonderzoek om te kijken van, waar zouden we deze groep kunnen plaatsen? Ook daar zit heel veel onduidelijkheid en onzekerheid van hoe dit proces natuurlijk in de toekomst verder gaat. Dan het armoedebeleid, de discussie over de 130 procent, het generieke maatwerk.
Ik was helaas niet aanwezig bij de bespreking van het 213a-onderzoek, maar daar wordt door heel veel partijen gevraagd eigenlijk, zorg dat je extra maatwerk gaat leveren. Toen heeft mijn vervanger de term generiek maatwerk gebruikt. Ik vond het geniaal gevonden dat hij dat zo heeft benoemd. Uit de analyse van de 213a-onderzoek komt heel duidelijk naar voren dat als je de groep met ouders met kinderen, als je die bijvoorbeeld naar 130 haalt, dat je dan 80, 90 procent van die groep daarmee bereikt. Dat heeft u ook allemaal geconstateerd. Maar u blijft daar om vragen van, doe er wat mee. Maar vanuit mijn portefeuille kan ik zeggen, op het moment dat ik maatwerk moet gaan leveren en, zoals ook gevraagd wordt, u moet een grotere groep van kinderen gaan bereiken, daar gaan we ook best wel mee aan de gang door extra communicatie te gaan doen, maar dat betekent dat wij
instellingen moeten gaan zeggen van, u mag wel ruimen gaan beschikken. Maar op basis waarvan? Dat vraagt heel veel tijd en energie. Soms moet het zelfs weer een wettelijke grondslag daarvoor worden gevonden. Dus vanuit mijn portefeuille zou het veel verstandiger zijn om het inderdaad dat maatwerk voor bijvoorbeeld, en dat kan dus wel, voor de doelgroep ouders met kinderen, om die bijvoorbeeld wel naar 130 te halen bijvoorbeeld. Dat zou dan een overweging zijn. Ik wil best eens kijken van wat dat dan kost, zodat we dan in ieder geval die groep vooral vast hebben. Ik hoor die roep vanuit bijna alle fracties dat ze zeggen van dat dat maatwerk is. Maar vanuit mijn portefeuille en naar aanleiding van alle discussies die u met elkaar gevoerd hebt, lijkt mij dat een betere oplossing. Dan denk ik dat je een heel groot deel van de problematiek op … De voorzitter: U heeft twee interrupties, van mevrouw Koper en de heer Kramer. We beginnen bij mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Graag nog even nog een verduidelijking van de wethouder. Gaat hij inzichtelijk maken wat het kost om tot 130 procent te komen en de groep met kinderen daarin mee te nemen, of alleen voor de groep kinderen. De voorzitter: De heer Bluijs. Mevrouw Koper: Mag ik vragen om het dan allebei te doen? Dan hebben we dat allebei inzichtelijk. De heer Bluijs: De groep, het gaat om gezinnen met kinderen.
Mevrouw Koper: Dus alleen voor de gezinnen met kinderen? De heer Bluijs: Die doelgroep. Omdat specifiek door de meeste, bijna alle fracties, daaraan wordt gevraagd om daar een oplossing voor te vinden, of een maatwerkoplossing, hoe iedereen dat noemt. Alles overwegend vanuit mijn portefeuille is dat de enige manier om daar invulling aan geven. Mevrouw Koper: Dus generiek … De voorzitter: Mevrouw Koper, mag ik u vragen via mij te spreken? Dank u wel. Wilt u nog een laatste vraag stellen? Mevrouw Koper: U heeft helemaal gelijk, voorzitter. Ik ging gewoon verder en dat was niet de bedoeling. Excuses daarvoor. Ik kom er op een later moment wel op terug, want het is mij niet duidelijk wat dan een aparte groep 130 procent is. Maar ik heb graag de informatie, want dan kunnen we daar verder over praten. Want we hebben namelijk binnenkort een technische sessie. Ik hoor de wethouder eigenlijk zeggen dat hij voor die tijd zorgt dat die informatie er is. Dat is fijn. De voorzitter: We gaan eerst naar de heer Kramer, denk ik. Sorry. De heer Berg, Jong Zandvoort. De heer Berg: Dank u wel. Ik hoor de wethouder inderdaad zeggen, groepen gezinnen met kinderen die kunnen we dan eventueel wel naar 130 procent brengen. Maar wat mij betreft is het toch wel een nuanceverschil. Zegt de wethouder, dat gaan we in de bespreking van het minimabeleid doen.
Of zegt de wethouder, daar kan aanstaande raadsvergadering wel een voorstel over komen. Ik vind die lijn die nu in de beantwoording kwam niet duidelijk is. Daar wil ik nog graag verdere toelichting op.
De heer Bluijs: Ik probeer antwoord te geven op al uw vragen dat overal wordt gevraagd om maatwerk. Ik zie dat als een oplossing en ik vind ook dat we het dan moeten bespreken bij die evaluatie van dat minimabeleid en alle maatregelen die we moeten nemen. Maar vanuit mijn functie als wethouder van werk en inkomen, gehoord hebbende de discussie, maar ook wat dat inhoudelijk betekent om dat maatwerk wat u allemaal wenst voor die kinderen te realiseren, is dit gewoon de enige goede oplossing, denk ik, om dat te kunnen realiseren, omdat elke andere oplossing vraagt van organisaties, bijvoorbeeld als je zegt, maar dan willen wij wel dat de groep, diezelfde groep, de jeugd … Sorry? Dank u. Ik ben blij dat de heer Kramer weer terug is. De voorzitter: Maar we hebben nog een interruptie van de heer Hermsen. De heer Hermsen: Voorzitter, als je zo vrij zou willen zijn om aan de wethouder dan te vragen, zo duidelijk was dat in ieder geval voor mij niet, want het is verschil tussen maatwerk en iets wettelijk toepassen, dat zijn twee verschillende dingen. Maatwerk gaat via een afwegingsdriehoek waarop je bepaalt, kan iemand in eerste instantie geholpen worden? En dan vervolgens kijken wat het betekent op de lange termijn. Maar er is altijd, is korte termijn en maatwerk. Dat weet de wethouder waarschijnlijk ongetwijfeld ook.
Maar de lange termijn is dan als we zeggen, alleen de gezinnen met kinderen, dan wil ik dat er ook wel iets bestaat voor de alleenstaanden met kinderen. Dan zou ik misschien ook nog wel willen nadenken wat het betekent wat de gevolgen zijn voor het geval dat het, en dat staat natuurlijk al onder het 213a-rapport, en we weten ook al wat het kost. Dus ik vind op een gegeven moet dat we de discussie niet eens hoeven te voeren van, wat betekent het allemaal, wat gaat het allemaal kosten et cetera, et cetera? We weten wat het kost en de vraag is nu uiteindelijk, zijn we sociaal genoeg om het te doen of niet? Maar ik hoor het college zeggen, we durven het eigenlijk niet aan, want de raad wil het niet. En de raad zegt, ik wil graag structurele oplossingen zien. Dus ik zit een beetje in een afweging van, welke kant gaan we nu op? Dus ik ben heel benieuwd ook naar mijn collega-raadsleden, die niet gaan zitten wachten op een technische sessie. Want we weten al wat erin staat. Het gaat er mij op van, gaan we het opvolgen of niet? De voorzitter: Wilt u hierop reageren? De heer Bluijs: Ik heb aangegeven dat ik de gevoelens van de raad heb geproefd en ik geef vanuit mijn portefeuille deze opmerking nu mee en we hebben afgesproken feitelijk dat we bij de … Er komt nog een technische sessie, dat we een evaluatie doen van dat minimabeleid of het armoedebeleid en de schuldhulpverlening.
Ik vind dat je dan de totale afwegingen met elkaar moet maken en daar past deze dan als een van de afwegingen in, want er zijn nog wel meer zaken die we kunnen regelen. Die lijn wil ik gewoon het liefste ook volgen. Maar ik geef even vanuit de portefeuille en het advies wat ik krijg van de afdeling van, generiek maatwerk, het begrip maatwerk, doe het op een andere manier … Inderdaad, als ik het over gezinnen heb, heb ik het ook over alleenstaanden met kinderen. Maar ik geef even, we gaan dat verder uitzoeken, maar ik geef even aan dat we dat wel meenemen omdat de roep erom blijft steeds bestaan. Dus het is niet zo dat ik denk van, u als raad in meerderheid vraagt om oplossingen voor jongeren, voor kinderen die het zwaar hebben om daar een oplossing voor te vinden. Dat is wat u vraagt en het liefst … De ene partij zegt, maar dat is maatwerk. Ik weet wel, er is een coalitieakkoord, dat weet ik. Maar er wordt nu vanuit nieuwe inzichten gevraagd door iedereen van, gezinnen, die hebben het zwaar, daar moeten we iets extra's aan doen. Dan moet je ook durven te beslissen wat de beste oplossing is. Die discussie moeten we ook vooral politiek nog daarna voeren. Gaan we verder, want er wordt steeds gevraagd dat ik wat sneller ga praten of korter, korter vooral. Dan ga ik het korter houden. Prima. Bereikbaarheid, toegankelijkheid.
Wij hadden al inderdaad … Wij zijn natuurlijk ook gewoon lekker aan het werk als college, dus wij waren inderdaad uitgenodigd om met een groep die zich daarmee bezighoudt in de Week van de Toegankelijkheid om vandaag inderdaad daar acte de
présence te geven en ook de praktijk te voeren. Dat hebben we gedaan. Daar hebben we een goed gesprek gehad. Op locatie natuurlijk zijn we bezig geweest en we hebben daar feitelijk kunnen constateren wat we eigenlijk allemaal al weten. Maar wat het fijnste was, dat er dus zich nu ook echt een groep zich heeft verzameld en zegt met van, gaat u daar wat aan doen? Dan helpt natuurlijk de motie van der lift, dat heb ik daar natuurlijk ook gezegd. Dat is dan toevallig. Alles komt nu mooi bij elkaar. We willen allemaal wat. Volgens mij is het college heel positief erover. Het aanspreekpunt hebben we het ook al over gehad. Daar zijn we ook al over bezig, want na afloop zijn we nog bij elkaar geweest. Dus dat gaan we echt serieus oppakken. Men beseft dondersgoed dat we niet alles tegelijk kunnen doen, want Zandvoort is heel groot. Dus we moeten keuzes maken met elkaar, we moeten goed nadenken, waar doen we wat? Wat kan er direct, wat kan er op lange termijn? Met welke doelgroepen? Want daar hebben we het ook over gehad, want je zit dan wel in een rolstoel en je denkt, wacht, ik ben zelf … 65, dus je gaat denken, mij kan het ook overkomen. Maar het kan ook zijn dat ik met een stok loop of met een rollator of slecht inderdaad met mijn gezondheid bepaalde dingen heb. Dus het vraagt nogal wat. Dus er gaat vervolg aan geven. De burgemeester was daar ook bij.
Inclusie en toegankelijkheid, dit heeft heel veel met de fysieke zaak te maken, dus met het fysieke domein. Dus wij gaan ook in het college nog eens even goed kijken, hoe gaan we dit nou bij welke portefeuillehouder leggen? Ik denk dat je het zelfs beste kan splitsen, dat is mijn idee, omdat je dan ook veel directer adequaat kan handelen. Want stel dat ik het bij de portefeuillehouder MO leg, dat ben ik, ouderenbeleid, dan krijg je ook een push. Maar hetzelfde krijg je natuurlijk als je het bij de wethouder van openbare ruimte legt die dat moet gaan regelen. Die denkt, elke keer pak ik dat goed op. Dus we gaan eens even kijken hoe we dat verder kunnen brengen. Maar er ligt heel positief inderdaad … Ik was ook benieuwd, doe er dan meteen twee voor die 25.000 euro, zou ik zeggen. Misschien krijg je er bij drie nog eentje gratis. Dus ik schrok, ik denk, gaat het zo makkelijk? Maar ik ben benieuwd, dus we laten ons daarin verrassen. Dus we zien denk ik het amendement of motie tegemoet. Misschien moeten we nog even overleggen daarover. Maar op zich, dat u als raad dat wil, volgens mij hebben we hetzelfde verhaal. We willen de toegankelijkheid van Zandvoort verbeteren en dit is een goede impuls daarin. Dan ga ik verder voor mijn portefeuille. Dat gaat heel veel over jeugd en jongeren, maar dat zal de heer Carree verder oppakken.
Het jeugdhonk, het doen voor jongeren meer culturen, hobby enzovoort, dat past prima denk ik ook in ons argumentatiebeleid. De remise, er komt … Wij willen dat versneld oppakken, of versneld, we moeten het sneller oppakken, dat daar en de circulaire hotspot komt en dat de jeugdhonk daar komt. Maar wat kan daar allemaal nog meer bij? Want daar is ruimte. Daar kan je nog andere dingen ook bij doen. Dus ook als je zegt, kinderen die hobby’s hebben, wat voor hobby's, dat kunnen ook hobby’s zijn Ik zit zelf steeds te denken, we hebben een bomschuitenclub, die zit nu op de Tolweg. Wat zou het mooi zijn als dat ook in de Remise komt en dat we tegelijkertijd ook jongeren bijvoorbeeld stimuleren om wat met hout te gaan werken. Die combinatie, nu zie je dat niet gebeuren, want het zit op de Tolweg, die zijn alleen op dinsdagmiddag open. Dat soort dingen gaan we allemaal onderzoeken, dus op uw wenken bediend. Ten aanzien van cultuur zijn we natuurlijk bezig met de renovatie van gebouw De Krocht. Natuurlijk willen wij al de cultuur met jongeren, dus ook de muziekschool, veel meer in zo’n gebouw De Krocht laten functioneren. Het is natuurlijk het leukste om te repeteren gewoon op het podium wat daar is. Elke woensdagmiddag lekker drummen op het podium in plaats van dat je daar beneden in die kelder bij Pluspunt zit.
Dus ook daar, het beleid komt naar u toe … De voorzitter: Wethouder, u heeft een interruptie van de heer Kramer. De heer Kramer: Voorzitter, dat is een beetje mijn punt elke keer met gebouw De Krocht, u zou ook met het accommodatiebeleid komen. Wanneer komt het naar de raad toe? En als tweede vraag, dat vond ik een hele mooie ook van GroenLinks. Wij zijn natuurlijk ook voorstander van, wij hebben dat jeugdhonk ooit genoemd, maar het zou natuurlijk schitterend zijn en we gaan natuurlijk De Krocht verbouwen, om natuurlijk ook daar
die jongeren te kunnen huisvesten. Waarom zouden we daar niet het jeugdhonk van maken? Want qua cultuur en qua evenementen afgelopen jaren weinig tot niets in De Krocht gebeurt. Dus het zou een goede opvulling zijn om dan dat gebouw voor dat doel te gaan gebruiken. De voorzitter: De heer Bluijs. De heer Bluijs: Ik neem dat mee in de discussie die wij nog hebben over het verder invulling gaan aan jeugdhonk. De jongere jeugd, oudere jeugd, soorten activiteiten vraagt denk ik wel om het een en het ander, dus wij denken dat het en-en wordt. Maar ik neem deze opmerking verder mee. Het accommodatiebeleid komt volgens mij in de volgende commissievergaderingen, dat wordt dinsdag als het goed is in het college besproken en dan gaat het door. Dan ga ik verder. De VVD en anderen ook over dementievriendelijke gemeente zijn en dan zit het ook vooral op het wonen en het zorgen. Wij zijn op dit moment volop bezig met het opstellen van de woonzorgagenda en dat doen we mede vanuit natuurlijk wonen en vanuit zorg en de vanuit maatschappelijke afdeling, maar dat doen we ook met alle partijen. Dus we zijn in gesprek met Kennemerhart, met Pluspunt, met Zorgbalans, met de woningbouwvereniging, met onze eigen organisatie erbij om die woonzorgagenda concreet in te vullen. Dus inderdaad, ja.
En ik heb het al eerder gezegd, we hebben het altijd over de verdeling 30-40-20 en dan hebben we het over huur, koop enzovoort. Ik zeg, er moet ook een verdeling komen in: wat hebben wij nodig voor dit soort ontwikkelingen? Dus inderdaad een knarrenhof, seniorenwoningen. Het eerste project waar we daar al op invulling hebben gegeven is De Duinwachter, want daar hebben we heel bewust gekozen, daar moeten ook dertig woningen sociaal komen en die zijn voor ouderen. Dat was het eerste project waar het kan, maar we moeten dat nog verder brengen. Pré Wonen wil dat ook graag en die wil ook graag duidelijkheid daarin hebben van onze kant. Dat betekent dat je ook in je beleidskaders daarop moet gaan anticiperen, want dat betekent dat je in je beleidskaders moet durven te zeggen dan bijvoorbeeld: bij nieuwe ontwikkelingen nemen we zoveel procent mee voor dit type of dat type of deze oplossing. Dat moeten we … Pré Wonen, alle partijen willen dat graag, want die zien ook de noodzaak in voor die andere woonvormen en dat veel beter regelen dus dat gaan we oppakken. Hetzelfde geldt voor beschermd wonen, mensen met een psychische problematiek. Die opgave is naar ons gekomen. Dat was eerst centrumgemeente, per 1 januari is die opgave bij ons. Wij zullen binnen nu en vijf jaar een aantal van die plekken moeten realiseren.
Dus daar moeten we ook mee aan de gang en dat komt dat willen we allemaal in die woonzorgagenda die we nu aan het ontwikkelen zijn. Maar we zijn heel nadrukkelijk dus niet alleen maar vanuit wonen en de afdeling zorg ambtelijk ermee bezig, maar we zijn dus ook nu echt, doordat we de stuurgroep Wonen-Welzijn-Zorg weer in het leven hebben geroepen, zijn we juist met die stakeholders in gesprek om dat verder vorm te geven. En de opmerking die ik heb gezegd, kom gerust een keer bij me langs met de ideeën die je hebt, want dan kan ik die meenemen ook naar die groep. Ik heb ze opgeschreven, ik neem ze mee om dat ook in die groep te bespreken dat we dat hier nadrukkelijk hebben besproken en wat daar toch op hoofdlijnen de wensen van de gemeenteraad in zijn. Dat kan je ook zelf, dat knarrenhof en dan welke locatie, Tolweg? Dan moeten we met zijn allen durven te zeggen: als we daar op de Tolweg gaan ontwikkelen, dan is dat daar- en daarvoor. ik ben er grote voorstander van, want ik vind dat prima. Gewoon duidelijkheid: dat gaan we daar doen, dat gaan we daar doen. Net zoals wel – het schiet niet erg op – maar op Mariaschool hebben we gezegd, daar doen we jongerenhuisvesting. Alleen dat moet dan wel even gebeuren hè, dat is nog wel een dingetje zo af en toe. Volgens mij waren dit op hoofdlijnen mijn punten. Ik weet niet of ik wat vergeten ben. De voorzitter: Dank u wel.
Daar komen we dan vanzelf achter, maar ik vermoed het ook niet. Ik zie de heer Carree klaar zitten. Ik ga ervan uit dat u het woord neemt. Bij deze. De heer Carree: Dank u, voorzitter. Waar zal ik beginnen? Want er zijn veel vragen gesteld. Maar bij eigenlijk alle partijen komt natuurlijk de zorgen over jeugdzorg aan bod. Zoals u het college kent en mij als portefeuillehouder kent, weet u dat ik die zorgen met u deel. Volgens mij heb ik in geen enkele portefeuille zoveel RIBs afgelopen jaar met u gedeeld over de zorgen over jeugdzorg dan in andere portefeuilles die ik heb.
Die zorgen zijn er in Zandvoort, de zorgen zijn er in de jeugdhulpregio Zuid-Kennemerland, waar wij zijn. Maar die zorgen zijn er natuurlijk ook landelijk. Het lastige maakt, en u zei zelf net al – en dan gebruik ik uw woorden: het is in 2015 over de schutting gegooid. Ik hoor een commissielid van u zeggen: dat is ook zo. Zo voel ik het ook. Als portefeuillehouder zie ik mij meer als een uitvoerder van de Jeugdwet dan als een bestuurder. Dat is gewoon hoe wij het wettelijk in Nederland op dit vlak met elkaar geregeld hebben. De beleidsvrijheid zal ik maar zeggen die wij als gemeente hebben, die is gewoon nihil. Want er wordt iedere keer weer vanuit het Rijk worden er regels en wetgeving opgelegd, wat in andere domeinen gewoon vele malen minder is. Dat betekent dat wij gewoon moeten uitvoeren wat in Den Haag besloten wordt. Dat zegt niet dat we dat natuurlijk laten gebeuren. We zijn natuurlijk druk bezig zoals u weet met de wachtlijsten. Op dit moment is er een team Aanpak Wachttijden van het ministerie kijkt in onze regio mee hoe we aan de wachtlijsten en -tijden kunnen werken. Ik ben vorige week nog geïnformeerd over de laatste data en wat je ziet in Zandvoort – en daar bent u ook in de technische sessie eerder dit jaar over geïnformeerd – dat er een stijging was van het aantal jongeren op de wachtlijst. Dat zien we in Zandvoort stabiliseren.
Dus we zien al dat dat zijn vruchten afwerpt. Die stijging zit er op dit moment niet meer in. En voor mij moet die lijn alleen niet meer stabiel blijven, maar moet die nog dalen. Ik kan u ook vertellen dat natuurlijk ook door de overheid gewerkt wordt dat we uiteindelijk naar een gemeenschappelijke regeling moeten. Wij hebben kortgeleden een brief van de staatssecretaris gehad waarbij er geconcludeerd is dat wij nu een zelfstandige jeugdhulpregio Zuid-Kennemerland zijn, maar dat we in de totstandkoming van de GR straks één jeugdhulpregio met de IJmond worden. In de praktijk doen we dat al, want de inkoop doen we al met twee jeugdhulpregio's, maar we weten nu sinds kort dat dus ook in de totstandkoming van de GR nu nog twee jeugdhulpregio's straks één gaat worden. Op basis daarvan is er ook door onze jeugdhulpregio vorige week een gesprek met de staatssecretaris geweest, waar we wederom onze zorgen uitten die ook via de VNG en ook via allerlei landelijke commissies jeugdhulp natuurlijk iedere keer structureel door ons worden aangegeven. Volgens mij was het OPZ die vroeg: is nou inzichtelijk de jeugdzorgkosten, wat ontvangen wij van het Rijk en wat wordt er uitgegeven? Die vraag heb ik als portefeuillehouder ook meerdere malen gesteld. Die is wel op zich lastig te beantwoorden, want we krijgen niet specifiek van het Rijk echt geld voor jeugdzorg specifiek.
We krijgen geld waar we ook de preventie en dat soort dingen van betalen, maar het gaat erom als we naar grove lijnen kijken dat de balans natuurlijk gewoon weg is. Van de week kreeg ik via een wethouders whatsapp-groep – die we natuurlijk ook hebben – een brief van het college van Opmeer met een zorg die geuit is richting Den Haag. Daar stond ik persoonlijk heel erg achter en die zal ook volgende portefeuillehoudersoverleg die wij in de jeugdzorgregio hebben ook op de agenda staan om te kijken welk signaal wij daar – nogmaals, want dat is ook wat ik wou zeggen, we geven die signalen echt actief af naar het Rijk en onder andere echt naar de staatssecretaris zelf – maar de kracht zit in herhaling volgens mij en het blijven volhouden. Dat even algemeen. Dan ga ik even per fractie de vragen langs. Een deel van de vragen heeft mijn collega Bluijs misschien al beantwoord, maar geef ik nog enige toelichting op. De heer Bluijs heeft iets gezegd over de financiële tegemoetkoming die we in het Jeugdfonds Sport en Cultuur hebben en dat we dat monitoren. Wat ik wil aangeven even vanuit mijn portefeuille is dat er een nieuwe coördinator tegenwoordig op het Jeugdfonds Sport en Cultuur zit waar ik een kennismakingsgesprek mee heb gehad.
Een van de dingen die ik daar aan bod heb gehad: hoe gaan we nou meer jongeren bereiken? Even heel plat, het uitdelen van een flyer op school aan de jongeren betekent niet dat het ook onder de aandacht bij de ouders terechtkomt. Dat herken ik van mijn dochter, als ik wel eens haar schooltas leeg haal, dan liggen daar allerlei brieven in bestemd voor ouders of flyers die ik al een paar weken geleden had moeten ontvangen. Dus ook daar zijn we naar aan het kijken: hoe gaan we die ouders bereiken door middel van die kinderen? Want dat is wel het middel waar we heel vaak naar die ouders terecht kunnen gaan. Er is door een aantal partijen gevraagd om een soort stand van zaken van het Zandvoorts Preventiemodel, technische sessie. Daar sta ik natuurlijk altijd voor open, dus ik denk dat de vraag via de commissie naar de agendacommissie moet om dat gewoon in te plannen. Maar nogmaals, ik als portefeuillehouder sta daarvoor open. Het Zandvoorts Preventiemodel is ooit natuurlijk gestart vanuit de intentie van middelengebruik en voornamelijk alcohol en drugs. Maar dat trekken we dus ook nu al breder en dat is ook het onderdeel van de dialoogsessie geweest afgelopen week, want we zien dat roken en voornamelijk vapen ontzettend toeneemt, in Zandvoort, maar ook landelijk. Dus dat wordt eigenlijk
automatisch, want middelengebruik is een onderdeel van het Zandvoorts Preventiemodel en heeft echt de aandacht, dat vapegebruik onder andere. Er was nog een vraag van de PvdA over uitval op school en jeugdhulp en de vraag voor de vrijgevestigde hulp. Nou, dat is vrijgevestigde zorg, dat is perceel 2. Waar dat nu ingezet kan worden, wordt dat al ingezet. Het lastige is wel zeg ik dat we zien dat vrijgevestigde vaak op specialistische zorg zitten, op één zorgaspect, en dat we wel veel zien dat de hulpvraag die er is complexer is en dan kom je eigenlijk automatisch al in perceel 1, om juist te zorgen dat we niet een jongere van deur tot deur sturen. Heeft de dialoogsessie aanleiding gehad om de begroting aan te passen? Nee. We zitten in een sociale basis, dat Zandvoorts Preventiemodel is ingebed in de sociale basis. Het mooie daarvan is dat aan die tafels de instellingen zelf met elkaar bepalen: wie krijgt welk deel van het zakje geld? Je ziet dus nu al dat ze wel onderscheid hebben gemaakt, de een heeft vorig jaar dit gekregen, maar nu heeft de ander dit nodig. Dus met elkaar zie je dat ze dat heel goed verdelen en de signalen zijn nog niet dat daar extra geld voor nodig is. Dan werd er ook een opmerking gemaakt dat het aantal bereikte kinderen bij het CJG afneemt volgens de begroting. Dat had ik ook gezien.
Daar zat ook een zorg van mij en hebben we een analyse laten uitvoeren: hoe loopt die verwijzing nou? Wat ik zie – en daar ben ik kort geleden over geïnformeerd, ik denk nog geen twee weken terug – is dat wij in Zandvoort een best hoog percentage verwijzing naar de consortia direct vanuit de huisartsen hebben. Dus de huisartsen verwijzen niet naar het CJG, maar direct door naar consortium. Ik vind daar wat van zeg ik persoonlijk, maar wettelijk kan ik dat niet verbieden, om het zo maar te zeggen. Dat verwijsrecht hebben huisartsen. Ik heb wel gezegd dat ik het gesprek daarover ga voeren om te kijken hoe we dat mogelijk iets kunnen afbuigen, maar nogmaals, ik kan het ze niet afdwingen. Maar daar zit mogelijk dat verschil in. Ik ga gewoon even de vragen langs, dus ik ga misschien van de hak op de tak, want dit ging voornamelijk over jeugd. Maar nu komt een vraag over sport, GroenLinks had een vraag over het sportveld bij het skatepark. Dan bedoelt u denk ik de bootcamptuin. Op dit moment wordt er gewerkt aan de aanleg van de bootcamptuin voor de Korverhal. Er zijn een aantal locatieonderzoeken geweest, uiteindelijk zou die mogelijk naar de Sophiaweg gaan. Daar bleek die niet te kunnen in de grond vanwege kabels die onder de grond lopen. Op dit moment wordt die geplaatst bij de Korverhal. Even kijken.
Over de locatie van jongerenwerk heeft collega Bluijs eigenlijk al antwoord gegeven. OPZ stelde nog een opmerking, ik heb voor mezelf opgeschreven sport als middel en niet als doel. Het meer inzetten. Dat gebeurt nu al door middel van Sportservice. Sportservice doet al activiteiten voor jong en oud in De Blauwe Tram en de Korverhal en waar dan ook. Ik denk wel dat we kunnen kijken en inventariseren: wat wordt er nu georganiseerd, en wat willen we daar nog op aanvullen? Maar dat zal wel zeg ik alvast een aanvullende opdracht mogelijk voor Sportservice zijn, boven de opdracht die ze nu hebben. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Even een aanvullende vraag. Op wat voor een termijn kunt u dat leveren? Wat u net aangaf, de inventarisatie van wat er is en wat er nog zou kunnen. De voorzitter: De heer Carree. De heer Carree: Ik verwacht wel voor de raad te kunnen hebben – want daar gaat het u natuurlijk om, dan wilt u iets indienen mogelijk – voor de raad helder te hebben wat er op dit moment aangeboden wordt en ook een analyse van het college wat wij daarvan vinden en mogelijk u nog iets gaan vragen. Dat aanbod neem ik natuurlijk als college zeker aan. De voorzitter: Aan u het woord. De heer Carree: Dank u. ZEE gaf een vraag over gebruik van isoleercellen.
Dat is een technische vraag, daar had ik opgeschreven, daar wilde ik eigenlijk technisch naar verwijzen. Maar het gebruik van isoleercellen, daar zit gewoon wetgeving op, dat gebeurt zeer minimaal. En ik bedacht me later, ik kan hier niet technisch op antwoorden, omdat we niet weten welke jongeren specifiek uit Zandvoort komen, omdat we in die regionale.
Dus we weten regionaal hoeveel jongeren er misschien in die gesloten instelling geplaatst worden, maar ik weet niet welke jongeren uit Zandvoort zijn. Oftewel, ik kan daar gewoon geen technisch antwoord op geven, verwacht ik. U heeft al eerder aangegeven in een eerdere discussie die we met elkaar hadden hebben dat ZEE twijfelt over de medische diagnoses die gesteld worden. Toen heb ik ook al geantwoord: daar gaan wij als gemeenten niet over. Als u daarover twijfelt, verzoek ik u wederom contact op te nemen met de inspectie van Gezondheid en Jeugd. Volgens mij zijn alle vragen beantwoord. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie twee handen. De heer Berg. De heer Berg: Dank u wel. Ik kom nog heel even terug op het blokje jeugdzorg wat de wethouder had. Ik was eigenlijk net te laat met de vraag stellen toen hij bij zijn inbreng was, dus ik denk, ik stel hem aan het eind. Dat gaat over een hulpgroep van het ministerie die gaat helpen om de wachtlijsten te verkorten. Mag ik daar nog iets nadere toelichting op? Is dat een verzoek geweest vanuit de gemeente, is dat een initiatief vanuit het ministerie, hoe is dat precies tot stand gekomen dat wij daar nu hulp van krijgen? De voorzitter: De heer Carree. De heer Carree: Het is een aanbieding van het ministerie die aan het land gesteld is en waar wij als jeugdhulpregio direct op ingesprongen zijn.
De voorzitter: Dan nog een interruptie van de heer Bol. De heer Bol: Het kan even aan mij liggen hoor, maar volgens mij mis ik een reactie op mijn vraag over de opvang van de Oekraïners. Wel gegeven? O, dan ligt het aan mij. De voorzitter: Helder. Ik zie nog een interruptie. Mevrouw Van Essen. Mevrouw Van Essen: Ik had een vraag gesteld over de snelladers van de elektrische rolstoelbus. De voorzitter: Volgens mij is dat cluster Fysiek. Dus ik stel voor dat we daar later op terugkomen. Ik kijk even rond naar andere portefeuillehouders of iemand nog het woord wil, puur uit beleefdheid. Mijn voorstel is om door te gaan naar tweede termijn. Wie kan ik het woord geven? Ik zie als eerste heer Berg, Jong Zandvoort. De heer Berg: Dank u wel. Allereerst dank voor de beantwoording aan het college. Ik ben erg blij dat wethouder Carree dezelfde zorgen deelt over de wachttijden bij de jeugdzorg. Ik ben er expres in mijn eerste termijn ook uitgebreid op ingegaan en ik moet eerlijk zeggen dat ik ook best wel blij ben – ja, ik ben heel positief vanavond, dat hoort u – dat het college gelijk is ingesprongen op het aanbod van het ministerie over de hulpgroep. Daarna ga ik over naar de oproep van OPZ, die zei: dan kunnen we misschien een signaal geven aan Den Haag. Ik ben heel benieuwd of OPZ daar in de raadsvergadering met een voorstel komt. Zo ja, dan denken we graag mee. En zo nee, ook goed.
Dan zien we het dan wel weer. Vervolgens nog de technische sessie Preventiemodel. Dat is wat mij betreft goed om in te plannen, ik sluit me aan bij de woorden die de heer Bol in eerste termijn heeft gezegd. Volgens mij had de heer Bol het over eerste kwartaal volgend jaar, wat mij betreft plannen we dat gewoon dan in. Daar laat ik het bij. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Tweede termijn? De heer Bol, CDA. De heer Bol: Dank, voorzitter, en ook dank inderdaad richting het college voor de beantwoording. In de eerste termijn een hoop goede ideeën vanuit de commissie. Wij kunnen ons ook zeker vinden in het idee van mevrouw Koper van de PvdA voor het toegankelijker maken van het strand. Het idee klonk ons ook heel bekend in de oren, want het is al vaker ook behandeld in de commissie, maar in onze groepsapp kwam ook
nog een idee van collega-raadslid de heer Bluijs – Peter Bluijs in dit geval – dat hij hier in 2018 ook mee bezig is geweest en heeft zelfs wat tekeningen. Dus goed om die ook weer een keer af te stoffen en … De heer …: ‘…’ (buiten microfoon). De heer Bol: Dat moeten we even nagaan. Waarschijnlijk. Verder een hoop gezegd over de jeugdzorg. Ja, ik maak het in mijn dagelijkse werk mee dat de hele keten rondom de jeugdzorg volledig vastloopt en dat de vrijgevestigden zeker worden ingezet met allerlei budgetten die overal vandaan komen. Dat is goed. Aan de andere kant zie je natuurlijk ook dat er een schreeuwend tekort is bij jeugdhulporganisaties die graag ook mensen willen aantrekken, dus aan de andere kant zou je ook graag zien dat die vrijgevestigden ook weer naar die organisaties trekken zodat er ook gezamenlijker meer de wachtlijsten weggewerkt kunnen worden. Ik denk ook dat we het er allemaal overheen zijn dat de hele decentralisatie in 2015 mislukt is. Het doel, efficiëntie en dichter bij de mensen, dat is niet gehaald. Goed ook om inderdaad het signaal af te geven waar OPZ het over had naar Den Haag. Ik zie ook zeker het werk dat de wethouder hierin verzet. Verder wat betreft het minimabeleid denk dat ik daar heel duidelijk in ben geweest afgelopen raadsvergadering.
We zien dat er een hoop gezinnen zijn die het zwaar hebben en daar ligt voor ons een taak om het beleid hierop aan te passen. Binnenkort gaan we ook met enkele raadsleden kijken hoe we een technische sessie hierover vorm kunnen geven, dus dat komt inderdaad in het nieuwe jaar. Verder, het idee van VVD en OPZ om te kijken ook naar woongroepen, dat is ook een idee waar wij ook wel een beetje mee speelden. Zeker in het kader van eenzaamheid en efficiënt ook omgaan met de middelen en een schaarste aan zorgverleners. Verder tot slot, ik ben dat in mijn eerste termijn vergeten. Ik heb daar volgens mij vorig jaar ook een opmerking over gemaakt over dat ik toch wel wat cijfers mis in de begroting. Percentages, bijvoorbeeld het percentage werkloze jongeren. Dat staat er al van twee jaar niet in. Maar ook het aantal kinderen in uitkeringsgezinnen, volgens mij zijn dat gewoon aantallen die er gewoon zijn. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor meldingen bij Veilig Thuis. Er wordt een regionaal getal gegeven. Vorig jaar heb ik daar technische vragen over gesteld of daar Zandvoortse cijfers voor konden krijgen. Die waren er ook, dus mijn verzoek is om dat volgend jaar ook gewoon lokaal toe te passen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Tweede termijn. Ik zie dat mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Dank u wel, voorzitter. Dank aan de portefeuillehouders voor de uitgebreide beantwoording.
Dank ook voor het enthousiasme voor de lift. Hij is in het verleden uit diverse hoeken, ik meen ook dat strandwachters er ook mee bezig zijn geweest, rond het omgevingsplan. Ik kreeg net al een appje van de tekeningen van Peter Bluijs, dat is volgens mij ook wat ik me herinner van toen. Het is altijd gesneuveld op te lang en te breed en te veel. Dat is ook de reden waarom wij hebben geprobeerd om het nu zo concreet mogelijk te maken om te kijken of we nu vanuit de inhoud kunnen beginnen. Dus laten we alle steun en alle ideeën bundelen en samen optrekken daarin. Ik kom graag bij de collega's op de lijn met het voorstel, dan zal ik nog even goed kijken naar de bandbreedte voordat mijnheer Bluijs zich rijk rekent en daar kom ik heel graag op terug. Dank daarvoor. Jeugdzorg. Die grote zorgen, die delen we hier. Ik was het raadslid wat even zei: ja, dat klopt, het is over de schutting gegooid met een enorme bezuiniging. Ik ben wel ontzettend blij om te horen dat wachtlijsten zich stabiliseren, want dat is een heel bemoedigend signaal. Want de bedoeling is natuurlijk dat – wat mijnheer Bol ook net terecht aangeeft, voorzitter – dat het via die consortia ook gaat werken. De reden dat ik vroeg: is er iets een tussenoplossing mogelijk voor de kinderen en het schoolverzuim? Het gat wat daar valt, daar maak ik me echt denk ik nog het meeste zorgen.
Ik maak me zorgen om iedereen die uitvalt, maar de consequenties zijn zo groot in die fase van het leven. Ik hou me nu vast aan de wethouder, dat hij niet zegt: er is nog een ander. Maar mocht hij nog een ander idee hebben daarvoor en u heeft iets van ons nodig, dan weet u wat. Minimabeleid, mooi dat we toch zo snel weer kleine stapjes voorwaarts maken. We zijn hier al een tijd mee bezig. Die onderzoeken die gedaan zijn, die helpen ook, want die geven heel goed aan waar het probleem van de bestaanszekerheid zit en waar het niveau. Als we ons goed richten op het kansen geven van kinderen met een jeugdpreventiebeleid en alles, dan mogen we hierin niet achterblijven.
Daar ben ik van harte voorstander van. Dan lijk ik nog even over sport en ik geloof dat de Ouderen Partij daar een voorstel in had gedaan, maar nou ben ik hem even kwijt. Maar dan kom ik daar na de vergadering wel op de lijn, want volgens mij bedoelen we hetzelfde als het gaat om de taak van de gemeente die we daarin moeten. De extra inzet op vapen, ik ben het van harte eens dat het onder het jeugd preventie model, want ik bedoel dan ook en ik hoop ook van harte dat we die extra inzet zo snel mogelijk krijgen, want het probleem is echt is echt heel groot. Maar ik zie de wethouder knikken. Dank u wel, voorzitter. Hier zit een tevreden vrouw. De voorzitter: Dank u wel. Dan stel ik voor om nu verder te gaan met de bespreking van het volgende cluster, cluster Fysiek. De griffier vraagt nog even of expliciet nog iemand voor de tweede termijn nog het woord wil. Goede vraag, maar ik stel voor een korte schorsing. Twee minuten, of is dat … De heer Kramer: Voorzitter? De voorzitter: De heer Kramer. De heer Kramer: Even een ordevoorstel. We zijn al vanaf zeven uur bezig. Het is nu tien uur. Ik zie gewoon om me heen dat mensen ook een hun aandacht verliezen. Is het niet gewoon verstandig om morgen gewoon nog een keer? Ja, nee, maar ik zie u zelf ook, iedereen is aan het wegduiken. Ik zie mensen geen aandacht meer hebben voor hetgeen wat wordt besproken.
Ik vind juist bij cluster Fysiek is gewoon belangrijk. Ik zou daar gewoon de volle aandacht voor willen en er gewoon een extra avond aan willen wijden. Tenminste, mijn aandacht is weg. Ik ga ook weg, want het duurt gewoon te lang. De voorzitter: Misschien kunnen we ook tijdens de schorsing het daar kort over hebben. Ik wil wel aangeven dat we hebben gisteren dit onderwerp al gedeeltelijk behandeld. Denk aan projecten zijn al besproken. Mijn voorstel is ook niet om weer herhaling van zetten te doen. Maar wellicht kunnen we dit even tijdens de schorsing van vijf minuten bespreken. Dank u wel. Schorsing De voorzitter: Graag open ik weer de vergadering en kom ik gelijk even terug op het ordevoorstel om het cluster Fysiek vanavond te behandelen of morgen. Ik kijk eerst even naar links. Vanavond of morgen? De heer Stephan: Het liefst vanavond, want daarvoor ben ik er vanavond. De voorzitter: Goed helder standpunt. GroenLinks? Mevrouw Van Essen: Vanavond. De voorzitter: PvdA? Mevrouw Koper: Voorzitter, we hebben morgenavond ook de technische sessie Groen en die loopt uit tot ik weet niet hoe lang. Maar ik vind het wel heel belangrijk dat we die ook met elkaar doen, dus ik wil vanavond graag Fysiek afhandelen. De voorzitter: Bedankt voor de toelichting. VVD? De heer Drommel: Vanavond afronden. De voorzitter: D66? De heer Hermsen: Vanavond afronden.
De voorzitter: PVV? De heer Van Tiggelen: Vanavond. Als we niet te langdradig zijn, moet dat lukken volgens ons. Dank u wel. De voorzitter: OPZ. De heer Berg: Het maakt niet meer uit, geloof ik. De voorzitter: Misschien is dat de samenvatting. Dan doe ik het ordevoorstel om vanavond nog te proberen. Laten we ook proberen gewoon onze streef tijd van elf uur te halen. Al wil ik niks ten nadele van het cluster Fysiek, dat is natuurlijk een belangrijk onderwerp. 4b. Bespreking cluster Fysiek De voorzitter: Er hebben zich geen insprekers gemeld voor dit onderwerp, ook in het publiek zie ik geen insprekers zitten. Wie kan ik als eerst het woord geven? Ik zie de PVV, de heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Dank u wel, voorzitter. Wonen en ruimtegebruik is in onze fysiek kleine gemeenten een lastige. Uitbreiden zit er niet in, aangezien we van alle kanten zijn ingesloten. Verdichten houdt ook een keer op. Qua leefomgeving zijn velen op ons jaloers, laten we dat zo houden. Milieu heeft alle aandacht en dat is terecht. Ten aanzien van circulariteit zijn wij voorstander van hergebruik van grondstoffen. Iets dat kan opraken moet je zuinig mee zijn, dat lijkt ons logisch.
Hoewel we het erover eens zijn dat we zuinig moeten zijn met energie, doet het ons verdriet te moeten vaststellen dat er nog steeds veel te veel slachtoffers zijn van klimaatzwendel – de vertaling van het Engelse climate scam. Voor mensen die op Twitter zitten, of X, zoals het nu heet, kan ik aanbevelen de hashtag climate scam een keer te openen, dan gaat er een wereld voor u open. Ernstige misvattingen op basis waarvan beleid wordt gemaakt. Ik zal er niet te veel woorden aan vuil maken, aangezien deze tot dovemansoren zijn gericht. Dat heeft de ervaring ons nou eenmaal geleerd. Een paar feiten willen we toch echter wel even benoemen. Het gevoerde beleid heeft geen zichtbare of meetbare invloed op het CO2-gehalte van de atmosfeer, het vermeende probleem. Het beleid heeft gewoon geen effect. Dat is niet onze mening, maar het resultaat van meting. Weggegooid geld dus. Geld van hoofdzakelijk anderen, maar toch. Van het gas af en weersafhankelijke stroomvoorziening zijn tastbaar bewijs dat de politieke besluitvorming volledig is ontspoord op een paar onderwerpen. De voorzitter: Sorry, mijnheer Van Tiggelen, u heeft een interruptie. De heer Berg, Jong Zandvoort. De heer Berg: Dank u wel. De heer Van Tiggelen zegt dat onze klimaatdoelstellingen en de pogingen daartoe geen invloed hebben op het verminderen van CO2 in de atmosfeer.
Ik vraag me af, mijn inkomstenbelasting draagt ook weinig bij aan de staatsfinanciën. Mag ik dan van de heer Van Tiggelen stoppen met belasting betalen? De voorzitter: Ik denk dat ik het antwoord weet, maar het woord is aan de heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Voorzitter, wereldwijd is er al 6000 miljard uitgegeven aan klimaatbeleid, zonder enig meetbaar resultaat. Wij vinden dat een fors bedrag en wat ons betreft mag dat naar nul. Dat is onze mening. En het stoppen met betalen van belasting, ik zou dat ontraden, want dat heeft consequenties, is mijn indruk. Maar goed, dat moet ieder voor zich weten. De voorzitter: Aan u weer het woord. De heer Van Tiggelen: De oplossing gaat niet van ondergetekende komen. Het gaat niet van het feit komen dat mensen plotseling wel naar deze mijnheer gaan luisteren, dat zie ik niet gebeuren. De hoop daarop heb ik
allang opgegeven. De oplossing gaat komen van het klimaat zelf. Met de volgende periode van global cooling. Deze afkoeling in combinatie met de enorme kunstmatig opgedreven energieprijzen zal onze werkgever, de kiezer, uit puur lijfsbehoud bewegen tot ander stemgedrag. Helaas gaat dat nog even duren. Als we professor ‘…’ mogen geloven die voorspellingen doet die wel uitkomen, gaat het ongeveer met 2030 beginnen, dus nog even geduld. Nou ja, vooruit dan maar, even geduld. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wie wil het woord? Ik zie mevrouw Van Essen, GroenLinks. Mevrouw Van Essen: Dank u wel, voorzitter. Op het moment van schrijven van de begroting was nog niet bekend dat het casino dicht zou gaan. Ik refereer nu naar een project, dit is de enige referentie naar een project, dus vandaar dat ik hem hierin heb gedaan. Dit bericht is echter vorige week binnengekomen dat het casino gaat stoppen. Welke kansen biedt dit voor het Badhuisplein en heeft de ontwikkelaar al interesse getoond in de grond, heeft de gemeente al interesse getoond voor de grond en welke kansen biedt dit? Leidt deze nieuwe ontwikkeling tot vertraging of versnelling? Daar ben ik wel benieuwd naar. Als we dan kijken naar het jaarrond aantrekkelijk maken van Zandvoort vragen wij af wat op dit moment de meerwaarde is van het racefestival. Afgelopen editie was heel mager.
Er is flink geld ingegaan en uiteindelijk was het naar mijn idee minder aantrekkelijk en sfeervol dan de editie ervoor. In de zomer komen mensen toch wel naar Zandvoort, als er een race is komen mensen toch wel naar Zandvoort, is het dan niet het meest logische om dit geld te steken in een evenement op een ander moment? Om juist dan de mensen naar Zandvoort te trekken wanneer het niet zo logisch is. Zijn er op dit moment andere ambities om mensen naar Zandvoort te trekken op een ander moment en is het budget van het racefestival op die manier te gebruiken? Wel zijn we blij om te lezen dat er meer ingezet wordt op groen. Groen is altijd belangrijk, het zorgt voor positieve veranderingen. Naast het fijn is om groen om je heen te hebben, zorgen bomen en de rest van het groen voor verkoeling. Verkoeling die we hard nodig hebben in de zomer. Het zorgt ook voor betere regenopname in de grond en daardoor hebben we minder wateroverlast. Want we begrijpen uit de plannen van de klimaatbestendige stad – dorp – dat dat bestaat uit het aanpassen alleen van het riool. Dus een betere doorstroming en het maken van een model. Maar het riool zal die grote en langdurige buien altijd te klein zijn, want als je een heleboel erin gooit, dan past het gewoon niet. En wat wellicht nu toereikend is, is misschien over een paar jaar weer helemaal achterhaald.
Juist een klimaatbestendig dorpplan moet breder zijn dan alleen het riool. Dat hangt ook samen met het groen, überhaupt verharding en de inrichting van de openbare ruimte. En aangezien bewoners en bedrijven nog steeds veel last hebben van wateroverlast moeten we meer doen dan alleen die doorstroming van het riool verbeteren. Komt er een plan waarbij goed integraal wordt gekeken naar een oplossing voor het waterprobleem? Nou weet ik dat bij Nieuw Noord daar al naar gekeken wordt, maar vooral in het centrum zit met name ook een groot deel van de wateroverlast. Daarnaast hebben we een technische vraag gesteld over het huishoudelijk restafval. In het antwoord wordt gesteld dat tegenvalt dat mensen scheiden. De ambitie lag op 100 kilo per inwoner, dat redden we niet. Jammer, daar moeten we meer aandacht aan besteden. Maar wat ons wel opviel is dat in 2021 zaten we op 233 kilo, in 2020 staan we op 218 kilo, maar de ambities voor de komende jaren staat nog steeds op 240. We doen het nu al beter dan onze ambities, dus wat zijn die ambities dan waard? Kunnen we dat niet even nog iets scherper inzetten? We zijn benieuwd naar de visie van de wethouder hierop. En graag zien we nog een antwoord op de eerder gestelde vraag over de snelladers voor de elektrische rolstoelbussen. Dank u wel. De voorzitter: Tweede termijn. O sorry, eerste termijn. Ik zie mevrouw Koper, PvdA.
Mevrouw Koper: Volgens mij wilt u ook niet morgen nog een keer terugkomen. Voorzitter, fysiek, toch nog even iets over de woningbouwprojecten. We hebben het er gisteren natuurlijk al even over gehad, de zorgen die we met elkaar delen. Wat ik gisteren niet heb genoemd, dat zijn echt de zorgen die we hebben over de oplopende wachtlijsten et cetera. Maar goed, ik was in de veronderstelling dat Entree echt gesplitst gaat worden. Het maakt me niet uit of het echt gesplitst wordt of wat dan ook, maar nogmaals, wij zijn erg benieuwd naar de voorstellen in het eerste kwartaal. We kijken vooral uit naar voortvarendheid, want met