CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript - 13 november 2023

Gemeenteraad 13 november 2023, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Besluitenlijst en transcript (verslag)33.374 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Mevrouw Koper: Als ik kijk naar wat anderen gezegd heb over een aantal onderwerpen waarvan ik ook nog straks de reactie van het college graag hoor, dan beluister ik in ieder geval heel veel mensen die zich zorgen maken over de projecten, de versnelling daarvan, de Entree is veel genoemd. Dat vind ik echt plezierig om te horen. En er zijn een aantal andere zaken. Maar ik kan me ook zo voorstellen dat mensen nog even wachten op nadere toelichting. Ik wacht dan ook even met mijn reactie op de amendementen van moties van anderen. Als iedereen dat nou even doorneemt, dan kan ik daar nog even op reageren. Als het gaat om amendement Lastenverlichting, dan heb ik vóór de vergadering gezegd, ik weet niet of dat bij iedereen thuis ook bekend is, dat wij nog wel even met elkaar gesteggeld hebben over het juiste dictum. Want dat is natuurlijk het belangrijkste stuk van de motie of het amendement. Soms is een woord meer of minder, maakt het net even duidelijker. Dus dat zijn twee versies en de laatste versie staat op het raadsnet. Als het gaat om het amendement Lastenverlichting, dan heb ik dat eigenlijk in de algemene beschouwing al gezegd.

Dan is het voorgestelde besluit om de tarieven voor de rioolheffing en afvalstoffenheffing niet te verhogen met respectievelijk 8,6 en zes en 12,5 procent, maar maximaal te verhogen met het reguliere inflatiepercentage van 3,9 en dit verschil te dekken uit de algemene reserve. Het college wordt daarnaast verzocht in de Voorjaarsnota met dekking te komen voor het vullen van de egalisatiereserves en met voorstellen naar de raad te komen voor kostenbeheersing. Dan kunnen we daar een fundamentele discussie over de toekomst … Dus het gaat nadrukkelijk over 2024, want daar had ik vragen over gekregen. Als het gaat om de armoedebestrijding, we hebben daar in de commissie best al veel over gezegd. Onze oproep is aan het college om de raad in het eerste kwartaal van ‘24 een voorstel te sturen waarin de minimaregelingen en inkomensondersteunende maatregelen beschikbaar gesteld worden aan inwoners van Zandvoort met een laag inkomen, tot 130 procent van de bijstand norm. Want wat ik nog niet genoemd heb in mijn algemene beschouwing, is natuurlijk dat in de regio die 130 overal gehanteerd wordt, maar dat er ook veel gekeken wordt naar hoge … Hillegom is ook bezig om te kijken wat 150 is en in de regio doen ze ook soms 150 al voor kinderen. Dus wat ons betreft zouden we kostbare tijd verliezen als we daar nu niet alvast het college met deze oproep aan het werk zetten.

Dat klinkt zo onvriendelijk, maar ik bedoel het goed. Dan ingaand op anderen vond ik het wel heel erg mooi dat de beschouwingen van globaal tot precies waren. Dat is denk ik precies ook waar wij ons partijen voor staan. Dus ik zou graag met elkaar aan de hand dan van de moties en amendementen verder een discussie willen voeren over, waar gaan we naartoe? Als gaat om collega Gerrits hier naast me, waarom geef je aan van tevoren dat je iets niet steunt, ga je dan de discussie uit de weg? Daar moest ik wel even op kauwen. Want ik ben het met u eens. Ik vind dat je altijd open moet staan of je ergens overtuigd kan worden met argumenten. Maar sommige zaken zijn principieel. Als u mij zou vragen, als het gaat om de komst van een asielzoekerscentrum, ik dien een motie … Iemand dient een motie in dat die er niet mag komen, dan kunt u van mij aannemen dat de Partij van de Arbeid van tevoren gaat zeggen dat daar geen steun voor is. Dus sommige zaken zijn principieel. Maar ik ben het eens met de oproep om vooral goed naar elkaar te luisteren en te kijken, waar kunnen we elkaar vinden? Maar dat is eigenlijk iets wat ik veel in de algemene beschouwingen ook gehoord heb. Dus laten we dat gaan doen. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog verder rond of er naar aanleiding … De heer Gerrits van ZEE. De heer Gerrits: Dank u wel. Ik zit een beetje verstopt zo.

Wij hadden een korte verhelderende vraag aan Jong Zandvoort tijdens hun speech. Zij hadden het over tijdelijke huisvesting en we waren eigenlijk heel benieuwd wat daar specifiek mee werd bedoeld. Ik vroeg me ook nog af, maar dat is even mijn … Omdat het mijn tweede keer begroting is pas. Is het een gepast moment om onze moties nog een klein beetje toe te lichten? Want die zijn volgens mij wel misschien wat … Die vereisen misschien nog wel toelichting. De voorzitter: Dat kan, als u dat kort en bondig doet. Graag.

De heer Gerrits: Ik zal het kort en bondig proberen te doen. Dank u wel. Ik zou graag om mee te beginnen de motie Vestigingsvergunning willen toelichten, want dat is volgens mij een motie waar nogal wat verwarring over was, ook gezien de reacties die we hebben ontvangen. Ik wil heel duidelijk maken dat het vanuit ZEE niet de bedoeling is om de vrije markt op wat voor manier dan ook te beperken. Het is natuurlijk zo dat we vanuit de politiek altijd de keuze maken op het moment dat wij iets doen wat ondernemingen en vestigingen betreft van, voldoet het aan een bepaalde veiligheidsnorm? Hoe staat het met de openbare orde en veiligheid? Dient iets het algemeen belang? In welk opzicht geven wij een bepaalde onderneming vertrouwen? Op dit moment is het zo dat onze opties daarin wat ZEE betreft te beperkt zijn waardoor wij slecht kunnen sturen wat het totale horeca- en winkelaanbod voor Zandvoort moet zijn, waardoor wij mkb'ers ook niet goed kunnen beschermen tegen oneerlijke concurrentie. Dan hebben we het over monopsonies, oligopolie 's. Dingen die heel ver heen klinken, maar die wel degelijk gebeuren in dorpen en steden. Dat is eigenlijk waar de vestigingsvergunning een soort van bescherming tegen moet gaan bieden. Dus het is alleen maar bedoeld om de ondernemers een steuntje in de rug te geven en niet om ze te beperken op enige manier.

Dat wilde ik toch nog eventjes toevoegen Verder wat betreft de pilot Sociale woningbouw, we zijn heel blij dat de oproep om betaalbare koop, het realiseren in Zandvoort, dat die ook gesteund wordt door een aantal partijen. Ook zeker dank nog in het specifiek aan het CDA voor het aanhalen van die motie. Maar we willen wel heel duidelijk het onderscheid maken, sociale koop is iets anders dan betaalbare koop. Want bij betaalbare koop is een woning na één keer weg. En bij sociale koop is er ook altijd de optie om dat terug te kopen waardoor die woning weer beschikbaar is voor een volgende starter of een volgend jong persoon wat daar weer kan vestigen. Dat is wat ons betreft wel een belangrijk onderscheid om te maken. Dat is alles wat ik toe te voegen had. Ik hoop dat dat bondig genoeg was. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. U heeft concreet een vraag gesteld aan Jong Zandvoort. Ik geef het woord aan mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson: Dank u wel, voorzitter. Ik zal het een beetje toelichten. We hebben het verder nog niet concreet uitgedacht, dus de uitleg helemaal moet ik nog verschuldigd blijven. Maar wat we zien, is dat het soms echt wel lang duurt voordat projecten van de grond komen.

Dat kan zijn doordat het vanwege de regels komt of omdat, zoals we de verdichtingsstudie hebben, dat daar op een gegeven moment een aantal locaties uitkomen waarbij we vaak niet in een keer alles kunnen bereiken. Maar het is vaak wel grond die leeg is. Dat hoeft natuurlijk niet. Als dat niet zo is, dan is het niet mogelijk. Maar op het moment dat het leeg is, om daar tijdelijke woningbouw neer te zetten. Bijvoorbeeld als units, de prefab units, zodat jongeren die vaak ook op lange wachtlijsten staan, daar wel tijdelijk terechtkunnen, zonder dat ze dus hun plekje op de wachtlijst bijvoorbeeld kwijt zullen raken. Of iemand die op zoek is naar een woning, wat tegenwoordig soms lang kan duren, tijdelijk iets heeft. Het is natuurlijk geen oplossing, want het is een tijdelijke oplossing en dat betekent dat je vaak weer in een probleem vervalt. Maar om dan toch de ruimte die we schaars hebben zo goed mogelijk te benutten en in de hoop dat de jongeren er toch een plekje mee kunnen vinden. De voorzitter: Dank u wel. Dat was het antwoord op de vraag van heer Gerrits. Mevrouw Koper, handje. Mevrouw Koper: Graag nog een verduidelijkende vraag over de pilot Sociale koop-motie.

Want wat u zegt in de toelichting, collega Gerrits, is dat u denkt aan de vorm dat zo'n woning dan in feite terug verkocht moet worden naar de gemeente of dat de grond in eigendom blijft, een soort VVE-achtige constructie. Dat is niet de gewone sociale woningbouw, want ook die kan na verloop van tijd weer gewoon voor het verdienmodel gebruikt gaan worden. Maar die zou dan in de gemeenschap kunnen blijven. Bedoelt u zoiets? De voorzitter: De heer Gerrits.

De heer Gerrits: Zo bedoel ik hem. Dank u wel. De voorzitter: Helder antwoord. Ik kijk verder nog rond of er nog behoefte is om op elkaar te reageren. Als dat niet het geval is, dan geef ik graag het woord aan de wethouder Financiën, de heer Bluijs. De heer Bluijs: De tijd gaat nu in. De voorzitter: Het woord is aan de wethouder. Op papier heeft u zestien minuten? Dat hoeft niet. De heer Bluijs: Dank u wel. Goedenavond. Eerst even kort in het algemeen. De begroting. Dank voor de complimenten toch die ook zijn gegeven en ook dat de organisatie daar flink haar best weer voor heeft gedaan om weer een begroting neer te leggen waar alles weer netjes instaat. Ik denk dat dat … Dank daarvoor, voor het vertrouwen. Dan ga ik een aantal dingen waar ik misschien wat over moet zeggen … Eerst gaat het over de ambtelijke fusie, zeg ik gewoon, die heeft plaatsgevonden. En de vraag van mevrouw Göransson, hoe zit het nou met projecten versus sturen? Dat was een vraag, toch, van uw kant. In principe, bij de overdracht hebben wij overgedragen taken en diensten met een hoeveelheid fte’s. Dat is achter de komma vastgelegd. Daar zijn ook … Ook in de besluitvormingen naar de raad is dat misschien, waarschijnlijk als achterliggende stukken, het aantal fte’s overgedragen. Er was ook een soort van Was Wordt-lijst om aan te geven welke taak hoe werd uitgevoerd.

Dus er zit onder die diensten wel degelijk ook capaciteit en uren. Vervolgens hebben we, zoals u ook weet, een evaluatie gehad, waarin ook nog eens duidelijk die hele discussie over die uren opnieuw heeft plaatsgevonden en zelfs een derde partij aan te pas is gekomen om tot vergelijk te komen. Dat is verder afgetikt. Dus in principe hebben we nu een ambtelijke fusie met een aantal uitgangspunten en met contracten. Ook die contracten heeft u nog eens opgevraagd. Die zijn ook ter inzage gelegd. Ten aanzien dus van de projecten en de uren, dat is heel duidelijk, daar hebben we in 2020 afgesproken dat we niet meer vanuit dienst alleen dat zouden doen, maar dat we ook op basis van project op uren zouden doen. Daarvoor hebben we een bepaald deel van de formatie teruggekregen in geld en dat zetten we nu in in uren. Dat is in principe de systematiek die we nu hebben afgesproken. Dat we kritisch moeten blijven op hoe we met die uren omgaan en dat dat af en toe niet goed gaat, daar bent u ook voor als raad om ons te controleren en om ons dat te vertellen. Dat wij daarop moeten acteren, ben ik het ook met u eens. Sommige voorbeelden die u al genoemd heeft, daar heb ik ook mijn vraagtekens bij, of dat zo moet doorgaan. Nee, ik denk het niet.

Ik denk dat we dan met elkaar moeten constateren, dat is niet goed gegaan en hoe gaan we dat beter doen? Gebeurt dat dan alleen bijvoorbeeld in de consternatie Haarlem Zandvoort? Nee, dat gebeurt volgens mij in het hele land. Wat ik ook zie, is dat er een begroting voor u ligt die goed sluitend is en dat alle diensten en taken die we moeten uitvoeren, en dan neem ik met name ook het sociale domein, juist doordat we een ambtelijke fusie hebben, goed blijven marcheren en lopen en dat we kunnen leveren wat we moeten leveren. En dat bijvoorbeeld de grote ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld de Omgevingswet, maar ook de Wet open overheid, de ingewikkeldheid rond ICT-systemen en -beveiligingen en allerlei andere beheerstaken, dat we denk ik toch blij mogen zijn dat we die ambtelijke fusie toentertijd hebben doorgezet en dat dat een gegeven feit is. Dat we nog op een aantal zaken het beter moeten doen en nog eens moeten kijken hoe we nog meer de ambtenaren kunnen betrekken bij de producten en de diensten voor Zandvoort, dat ben ik het helemaal met u eens en daar zullen we het in de komende tijd echt nog wel met elkaar over moeten hebben. Dat zult u ook moeten blijven volgen en ons ook kritisch daarop moeten aansturen. Dan mijn vragen nog specifiek, ik denk dat ik een paar vragen nog heb rond bijvoorbeeld de vraag van mevrouw Koper over participatie en participatie versus communicatie.

Dan heeft u mij helemaal, want participatie alleen maar vastleggen in een model en meteen een aantal ladders en treden enzovoort, nee, participatie is voor een groter deel ook communicatie. Dus bij het verder uitwerken van het participatiebeleid, nadat we eerst inderdaad een aantal sessies hebben gehad,

zullen we daar zeker op terugkomen en dan zal ik ook natuurlijk met de wethouder die over communicatie gaat, en dat is onze burgemeester, zullen we dat natuurlijk zeker oppakken en dat verder vorm moeten gaan geven. Dus daar komen we zeker op terug. Ook de zorgen die zijn uitgesproken rond wonen en zorg en voor ouderen en de Woonzorgagenda, gaan we samen met de wethouder Volkshuisvesting echt dat eerdaags oppakken en met beleid op dat punt bij u komen. Even kijken of ik nog, voordat ik naar de amendementen en de motie ga, of ik nog iets heel specifieks had. Ik dacht het niet. Anders hoor ik dat nog even zo terug. Dan ga ik naar de moties en de amendementen. Dan ga ik heel eng doen, want dat laat ik digitaal eens doen. Het is voor mij moeilijk, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Dat weet ik. De heer Bluijs: Zie je? Daar gaat het al fout. De motie Armoedebestrijding die ingediend is door Partij van de Arbeid, D66, GroenLinks, PVV en Zandvoort Een. Tijdens de commissie … Ik heb u nog van een korte notitie voorzien om aan te geven waar we mee bezig zijn. Ik had ook uitgelegd dat we met een onderzoek bezig waren. Het college vindt dat onderzoek echt heel belangrijk om tot heldere uitspraken en conclusies te komen.

De overwegingen die genoemd worden, die worden juist ook in dat onderzoek meegenomen om uiteindelijk tot een advies naar u te komen van, wat doen we met het onderzoek en wat is dan het beste voor Zandvoort? Dan komt die discussie rond die 130 aan de orde. Dus vanuit het college zeggen wij dat we dat onderzoek echt eerst moeten afwachten. Daarna zal het college dan naar u terugkomen om te kijken van wat daar de uitkomsten uit zijn en met u gezamenlijk in debat gaan om beslissingen te nemen op basis van dat onderzoek en wat eruit is gekomen. Dus wat dat betreft zou ik zeggen van, hou de motie dan boven de markt totdat het onderzoek er is. Dan kunt u altijd die politieke discussie nog voeren. Maar het college zegt van dat wij het echt eerst van belang vinden dat we dat onderzoek afronden. Dan ga ik naar het amendement Lastenverlichting. Daar hebben we in de commissievergadering ook al een hele discussie over gehad. De lastenverzwaring, dus de verhoging van de rioolheffingen en de afvalstoffenheffingen, die zijn ingegeven vanuit kostenontwikkelingen met een groot structureel karakter. De afvalstoffenheffing is door de stijging van de kosten vooral van de verwerking. Maar bij de rioolheffing is het niet alleen een structurele stijging, het is ook een cumulatieve stijging. Want jaarlijks zal het meer en meer moeten stijgen om uiteindelijk het riool in de juiste staat te houden.

Zeker gezien de ontwikkelingen op klimaat is het een grote noodzaak dat dat gebeurt, dat we droge voeten houden. Daarom vinden wij het denk ik op dit moment niet verstandig om, omdat het vooral om echt structurele kosten gaat en zelfs nog doortelt, om op dit moment de beslissing te nemen om dus deze verhogingen niet in te zetten. Daarnaast denken we wel dat we er nog met elkaar over in gesprek kunnen gaan. De voorzitter: Een interruptie van de heer Hermsen. De heer Hermsen: Even een aanvullende vraag met betrekking tot die rioollasten, want de vorige periode is het ook nog weleens gebeurd dat de afschrijftijd toen gehalveerd is en daarmee de kosten zijn gedrukt. Dat kan dan wel en nu kan het niet. Ik snap dat investeringen nodig zijn, maar is er dan nog wat creativiteit bij de wethouder mogelijk om er wel wat aan te kunnen doen? De voorzitter: De heer Bluijs. De heer Bluijs: Dat wilde ik dus ook aangeven. Die rioolheffing is gebaseerd op een prognose, waarbij een structurele doorrekening van die 17,50 euro in die prognose zit. We vinden dat we kostendekkend moeten werken en dat we dat elk jaar wel tegen het licht moeten houden. Dus op het moment dat er dus minder snel wordt geïnvesteerd, zal de kostendekkendheid op een lager niveau komen en zal de kostenstijging dus minder

moeten zijn. Ik denk dat we daar alert op moeten zijn, daar goed naar moeten kijken. Dus niet rücksichtslos zeggen van, het gaat nu structureel allemaal maar zo doorstijgen. Elk jaar gaan we nu kijken van om die kostendekkendheid op het juiste niveau te houden. Dus dat is echt een extra inzet om daar ook goed naar te kijken en niet zomaar te verhogen omdat we gaan verhogen. Nee, het moet kostendekkend zijn. Dus echt heel streng met die kostendekkendheid omgaan. Mevrouw Koper gaf ook nog aan over die afvalstoffenheffing. Dat vind ik wel een interessante. Maar mensen kunnen dat niet beïnvloeden, terwijl er ook mensen zijn die minder … We willen eigenlijk dat iedereen steeds minder vuil inzet en gebruikt. De ene heeft een kleine bak en de ander heeft een grote bak. Ik denk dat daar wel iets in zit dat daarnaar gekeken kan worden van dat er misschien wel, diftar heet dat volgens mij, een ander systematiek van verrekening plaatsvindt. Ik zie ook, als je kijkt naar de grondstoffenbalans, dat het aantal kilo's allemaal bij elkaar in Zandvoort niet afneemt, terwijl je denkt dat het wel afneemt. Dan kan je zeggen, waarvoor neemt het toe? Ik denk dat wij ook heel veel toeristen in Zandvoort hebben. En ik zie ook heel duidelijk dat bij mensen die Airbnb verhuren, dat daar een hele grote bak gevuld wordt met een kop erop.

Ik zie daarnaast, waar twee oudjes wonen, die met een klein bakje aan de grond... Dus misschien moeten we daar mee naar gaan kijken, dat we op die manier toch beter de kosten kunnen verdelen. Dat is dan ook aan u om daar misschien te zeggen van, gaat u daar eens naar kijken. Ten aanzien van kostenbeheersing loopt er op dit moment een onderzoek bij Spaarnelanden, ook naar hoe de kostenontwikkelingen er zijn. Als je kijkt op zich naar de hoogte van onze tarieven, zitten we wel bij de lagere in de hele regio. Dus wat dat betreft kan ik al wel stellen dat wij niet de hoofdprijs op dit ogenblik betalen. Dus het college zal niet positief adviseren over dit amendement. Even kijken, dan moet ik gaan zoeken. Heb ik gelukkig ook een papieren. Het amendement van D66 over Maatwerk kostendelersnorm. Ook daar heeft het college nog een schrijven naar u toe gedaan om het een ander toe te lichten. Op zich is het amendement, of de motie, sympathiek. Maar bijvoorbeeld de regel, artikel 18 lid 1 en over de wijze van toepassen, op dit moment is het bestaande beleid al dat we maatwerk toepassen en dat we dus al bezig zijn met die norm en dat we bijvoorbeeld, in geval van dreigende dakloosheid, mantelzorg of tijdelijk … [87:30], dat er al ruimte is voor dat maatwerk en dat het ook ingezet wordt. Misschien dat dat nog niet altijd 100 procent is. Daar zijn we ook mee bezig.

We zijn ook aan het kijken om onze klantmanagers steeds daarin ook goed bij te praten en ze ook daadwerkelijk dus dit goed invullen. Dus wat dat betreft vinden wij deze motie overbodig. Ook vooral, om bij het Rijk nu te gaan lobbyen om het afschaffen van de kostendelersnorm, dat delen wij niet. Wij denken niet dat het verstandig is om hem helemaal af te schaffen, omdat er ook een vorm van normaal beleid in zit als dat iemand bij elkaar woont en je krijgt een bijstandsuitkering en een groot deel van die kosten bestaat ook bijvoorbeeld uit de bijdrage voor je woon- en leefomgeving, als je dan samenwoont, dan heb je ook iets minder nodig. Dus wat dat betreft denken we dat het gewoon een redelijk eerlijke systematiek is. Zeker nu die ook eens aangepast naar die 27 jaar. Wat dat betreft ontraden wij deze motie. Dan de motie Verhogen bijdrage Jeugdfonds Sport en Cultuur. Die is ook ondertekend volgens mij door bijna alle fracties. Daar staan we positief tegenover. Dus wat dat betreft laten we het aan u. Het ontbreekt alleen aan dekking. Dat had u wel erbij mogen zeggen, maar ik heb u gemeld dat het ongeveer maximaal, en dat is zelfs bij 130 procent, 20.000 euro gaat kosten. Dus wat dat betreft ga ik ervan uit dat de motie aangevuld is met dat er dekking plaatsvindt via de exploitatie van de begroting het komende jaar.

Daar is op dit moment ruimte voor en ook het meerjarenperspectief. Dus dat komt later wel aan de orde. Maar wij kunnen hem dus ondersteunen. Dan de motie rond de, dank u wel, mijnheer de voorzitter, kredieten 2024 niet vrijgeven. Op zich herken ik wat hier gevraagd wordt. Ik denk dat het college wel zegt van, let op, er zijn wel een paar kredieten bij waarvan wij zeggen van, waar leidt dat toe? We moeten de snelheid erin houden, dus wij zullen kijken hoe we hier invulling aan geven. Maar het is uw goed recht om kredieten nog niet vrij te geven. Zeker omdat u ook mee wil denken over bepaalde projecten en aan de voorkant goed mee moet worden genomen. Dat betekent ook voor ons dat wij nog eens even goed moeten kijken hoe we in de toekomst met kredieten moeten omgaan. Misschien moeten we gewoon bij de verordeningen, financiële

verordening, die begint van dit jaar komt, ook daar even aandacht aan besteden om dat nog wat beter en strakker met u te plannen. Maar we zullen deze motie, of amendement, als u hem indient, zullen wij moeten uitvoeren. Heb ik ze dan gehad, mijnheer de voorzitter? De voorzitter: Volgens mij wel. Want de overige zitten op het terrein van de overige portefeuillehouders. De heer Bluijs: Heb ik alle vragen beantwoord of zijn er … De voorzitter: Voor zover ik meegekeken heb wel. De heer Bluijs: Dank u wel. De voorzitter: Dan ga ik nu naar de heer Hendriks. Aan u het woord. De heer Hendriks: Dank u, voorzitter. Gezien de nadruk op spreektijd en het beperken daarvan zal ik me zo kort mogelijk houden en me houden tot echt concrete vragen en de moties en amendementen. De Ouderen Partij had het over, huren we nou capaciteit in of uren? Collega Bluijs gaf daar net een hele algemene toelichting over. Concreet noemde u daarbij de beleidscapaciteit voor Parkeren en Mobiliteit. Inderdaad zoals u ook aangaf, daar hebben we juist bewust gekozen voor de vorm zoals die hier staat met capaciteit, omdat juist hier het belangrijk is dat dit mensen zijn die dedicated voor Zandvoort werken, hier op het gemeentehuis aanspreekbaar zijn voor inwoners en de omgeving goed kennen.

Dus juist hier hebben we bewust gekozen voor de formulering zoals die er nu staat, namelijk concrete dedicated mensen voor Zandvoort. Het LDC-plein noemde u even. Daar had u het over 52.000 euro aan ambtelijke kosten. Dat is wat minder, 21.000. Maar zoals toegezegd, krijgt u daar een raadsinformatie brief over. De PVV, de motie Onderzoek woningbouw, om te kijken van, waar kun je nou, doordat er wat meer ruimte lijkt te ontstaan bij provincie en Rijk, toch nog extra woningbouwlocaties zoeken? In de commissie zei ik dat ook al tegen uw collega, de heer van Tiggelen, dat heel veel van onze natuur om ons heen eigenlijk Europees beschermd is. Dus het zal niet hele grote nieuwe wijken opleveren, ben ik bang. Maar we gaan het zeker onderzoeken, want er zijn gewoon stukjes waar echt wellicht in de toekomst ruimte ontstaat en waar we ook, en dan neem ik even de suggestie van Jong Zandvoort mee, waar we ook kunnen kijken naar tijdelijk of prefab-locaties. Ik zal het ook nadrukkelijk met de collega-wethouder die over de projecten gaat oppakken. Want uiteindelijk, mochten hier locaties uit vormen, dan zullen dat weer nieuwe projecten worden. De voorzitter: Interruptie van de heer Deen. De heer Deen: Dank u wel, voorzitter. Dus dat kunnen we denk ik opvatten als een toezegging waardoor de motie wellicht overbodig is.

Ziet u dat ook zo? De heer Hendriks: Ik hoopte dat mijn betoog ongeveer die kant, die conclusie zou trekken. De voorzitter: Zo vond ik het wel klinken in ieder geval, maar dat is aan u. De heer Hendriks: Ik deed mijn best. De voorzitter: Uitstekend. Nog een interruptie van de heer Endstra. Uitstekend. De wethouder. De heer Hendriks: Dank. Dan heeft ZEE een motie ingediend over sociale koop, waarbij het eerste oproepstreepje is eigenlijk om dat …

De voorzitter: Interruptie van mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Voor mij is dan weer het proces van hoe behandelen we de moties niet helder, want Partij van de Arbeid hecht er wel aan, als het gaat om de motie van de PVV, zeer sympathiek, dat we kijken naar alle plekken waar woningbouw gevoerd kan worden. Maar wij zijn mordicus tegen het bouwen in het groen. Dus dan zou ik heel graag die opmerking van niet in Natura 2000, die wil ik hier wel kwijt. Want aan de randen bouwen is iets anders dan Zandvoort Oost bouwen, zoals ik vanavond een collega heb horen zeggen, en ons kostbare duingebied opofferen. Dus ik zou wel graag willen weten wat de reikwijdte is dan van deze motie. De voorzitter: De wethouder. De heer Hendriks: Voorzitter, zoals ik hem interpreteer, ga ik samen met de ambtenaren kijken welke locaties beschikbaar zijn. Ik kan mevrouw Koper geruststellen, Natura 2000 bebouwen, dan kun Hugo de Jonge er nog zoveel voor vinden of daar kan de heer Beemsterboer in de provincie nog zoveel van vinden, dat is Europees beschermd. En ook al zijn beiden voor, kunnen wij niet bouwen in Natura 2000. Dus die discussie kunnen we hier overslaan, want zelfs als wij het zouden willen en we steun zouden vinden in provincie en landelijk, zou dat nog niet kunnen. De voorzitter: Dank u wel.

De heer Hendriks: Maar er zijn natuurlijk wel stukjes waarbij we wel, stukjes groen en stukjes waar we wel kunnen kijken, bij sommigen is dat wenselijk, bij sommigen niet. Ik kan mevrouw Koper ook geruststellen, zelfs als we dat onderzoek gaan doen wat de heer Deen vraagt, zal daar niet gebouwd worden voordat dat via de raad is gegaan in de vorm van bestemmingsplannen, projectaanpakken en wat al niet meer zijn. Dit is echt het begin van een verkenning. De voorzitter: Dank u wel. U was bij de motie van ZEE. De heer Hendriks: Motie van ZEE over de sociale koop. Een van de uitgangspunten … Nee, laat ik andersom beginnen. Sociale koop vinden we erg interessant als college. Er is hier ook gewoon een doelgroep voor. Er zijn veel mensen die staan te springen om een koopwoning, dus ook een sociale koopwoning kan daar echt iets toevoegen aan de Zandvoortse woningmarkt. De vraag is alleen, hebben we daar een hele pilot voor nodig of moeten we dat gewoon doen? Ik ga ervan uit dat de heer De Kloet straks even iets verder daarop zal ingaan, maar het is volgens ons gewoon een kwestie bij een project waar dat aan de orde is, gaan we het hier altijd eerst hebben over het programma en laten we daar een aandeel sociale koop in opnemen. Dat is wat ons betreft beter dan een pilot en die evalueren. Overigens, een van uw punten in de oproep was, zorg dat het niet ten koste gaat van sociale huur.

Daar heeft u al voor gezorgd als gemeenteraad, want we hebben spelregels sociale huur, van de woningverdeling, de 30/50/20-regeling, waarbij die 50 procent midden duur is opgesplitst in 35 procent betaalbaar en 15 bovenkant. Sociale huur is echt alleen sociale huur, zoals dat door u gedefinieerd is. Dus als wij sociale koop toevoegen, gaat het ten koste van die 35 procent betaalbaar. De voorzitter: De heer Deen, interruptie. De heer Deen: Dank u. Dat begrijp ik niet helemaal, want waarom zou dat al bij voorbaat zo zijn? Het kan toch ook … Sociaal is sociaal, koop of huur. Je zou kunnen denken, binnen die 30 procent maken we een verdeling. Of is dat dan heel raar?

De voorzitter: De wethouder, de heer Hendriks. De heer Hendriks: Ik kan die redenatie van de heer Deen enigszins volgen, maar ik ga er niet over. U gaat erover als gemeenteraad. U heeft de spelregels vastgesteld waarbij u heeft gezegd, 30 procent sociale huur. Ik denk dat het een hele goede discussie kan zijn om te zeggen van, had je daar niet beter van kunnen maken, 30 procent sociaal? Dan had je inderdaad kunnen zeggen, sociale koop of sociaal uur. Zoals dat nu echter door u is gedefinieerd, en die definitie is denk ik breder dan alleen onze gemeenteraad, maar dat hou ik even te goede, voor mij is dat een breder geaccepteerde definitie, maar die 30 procent sociale huur is echt gedefinieerd als sociale huur. Maar als ik de pilot zo mag interpreteren dat we kunnen kijken om hiervan af te wijken, dan moet ik hem anders interpreteren. Maar zoals ik hem nu interpreteer, is het conform onze spelregels. De voorzitter: Interruptie van de heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. We zijn natuurlijk verheugd met wat de wethouder ons net vertelde over dat er misschien niet eens een pilot nodig is, wat de wethouder betreft, maar dat het gewoon gedaan zou kunnen worden. Wij dachten juist, laten we een keer voorzichtig zijn met een pilot.

Maar dan als vraag, zou het college steunen als we dan de motie aanpassen, vragen om het te doen in plaats van een pilot? Of zegt u gewoon, wij kunnen dat toezeggen en dan is dat voldoende qua draagvlak voor ons. Dank u wel. De voorzitter: De heer Hendriks. De heer Hendriks: Het is gewoon een kwestie van doen. Maar de vraag of daar een motie voor nodig is of een toezegging, geef ik graag straks, of via de voorzitter vraag ik of de heer De Kloet daarop kan ingaan, want die gaat over de projecten waar dat aan de orde zou kunnen zijn. De voorzitter: Dank u wel. De heer Deen, interruptie. De heer Deen: Toch nog even om mee te geven. Want ik hoor heer Hendriks zeggen, die 30 procent hebben we natuurlijk bepaald als sociale huur, maar datzelfde geldt natuurlijk voor die 50 procent en die 20 procent. Ergens moet het tussen vallen. Die 50 procent hebben we nu bepaald als middensegment. Dat is dus geen sociale koop. En die 20 procent als segment duur. Daar past het ook niet in. Dus linksom of rechtsom moet je ergens die procenten vandaan halen, dus ik vind het wel kort door de bocht om nu te zeggen van, we gaan daar even een pilot voor starten. Ik denk toch dat we daar inderdaad echt heel goed over na moeten denken en in de raad echt een discussie moeten hebben hierover of dat wel in een bepaalde vorm te gieten is. De voorzitter: De heer Hendriks.

De heer Hendriks: Voorzitter, we hebben een aantal categorieën woningen. 30 procent sociaal, 50 procent midden duur, 20 procent duur. Die 50 procent midden duur is opgesplitst in koop betaalbaar, dat is alle koopwoningen onder de 305.000 euro. We hebben daaronder de categorie 30 procent sociale huur, dat is alle sociale huur. Onder die sociale huur valt het evident niet. Dus als we sociale koop toevoegen, valt het onder een koopwoning onder de 305.000 euro. Want er zit geen ondergrens aan. De bovengrens is 305.000 voor deze categorie. De voorzitter: Mevrouw Göransson, interruptie.

Mevrouw Göransson - van Kerkwijk: Voorzitter, dan toch een reactie. Want ik vind het dan wel iets te kort door de bocht van de wethouder om nu te zeggen, we gaan het doen. Hij heeft ten eerste al in de commissie aangegeven dat hij terug zou komen met een stuk richting ons als raad voor een stukje uitwerking hieromtrent. Ik zou daar namelijk wel graag de fundamentele discussie met elkaar willen voeren, binnen welk segment valt die sociale koop? Want ik vind het ook heel goed uit te leggen dat in de vorm van sociale koop, dat er ook een terugkoopgarantie ligt bij gemeente of bij een woningbouwcorporatie. Dat je het ook heel goed erover kan hebben van, zou het niet kunnen passen binnen het onderdeel sociale huur? Dus ik ga niet akkoord als de wethouder nu zegt, ik ga het uitvoeren. Dank u wel. De voorzitter: Eerst de wethouder en dan nog een interruptie van de heer Hendriks. De wethouder. De heer Hendriks: Voorzitter, daar zou ik zelf ook niet mee akkoord gaan, want ik heb ook gezegd, ik ga dat niet uitvoeren. Ik heb gezegd, het college vindt, sociale koop toevoegen moet je gewoon in de praktijk doen. Ik hoop … Ik ga ervanuit dat de heer De Kloet daar straks verder op zal ingaan. Want het betekent gewoon iets voor het programma wat we bij een concreet project zouden moeten doorvoeren.

Zoals de spelregels nu staan, zou sociale koop ten koste gaan van die 50 procent midden-categorie. Ik hoor ook wat u zegt. Dan gaat het alleen niet over het toevoegen van woningen, dan gaat het over het herzien van uw spelregels. Zo interpreteer ik uw oproep. Ik weet niet of we ooit al gepland hebben staan dat we die spelregels eens een keer actualiseren of dat ik u … Of dat we daar gewoon nog een keer over na moeten denken wanneer we die spelregels gaan actualiseren. Daar zal ik bij de raad op terugkomen. De voorzitter: Ik zie allemaal vingers de lucht ingaan voor interrupties. Ik begin bij de heer Hendriks, zoals toegezegd. De heer Gerrits, excuus. De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. Dan een korte verhelderende vraag eigenlijk aan de heer Deen en mevrouw Göransson. Want ik kan me wel voorstellen dat daar nog een discussie over gevoerd moet worden. Maar het lijkt me ook logisch op het moment dat wij dat gaan toevoegen aan de woningmix, dat we dat gesprek gaan voeren. Dus zij het zo dat de wethouder dat toezegt voordat ze dat eerste project aangaan, zou dat dan in jullie ogen afdoende zijn? Want ik kan me er wel in vinden. Dank u wel. De voorzitter: De heer Deen. De heer Deen: Was dat een vraag? De voorzitter: Een vraag in uw richting gesteld. Mevrouw Göransson mag ook antwoorden. De heer Deen: Kunt u hem nog een keer herhalen? De voorzitter: De heer Gerrits.

De heer Gerrits: De vraag was dat het mij natuurlijk logisch lijkt, als we iets gaan toevoegen aan de woningmix, om het daar eerst over te hebben met elkaar, over die spelregels. Dus zij het zo dat de wethouder dat toezegt voordat we dat gaan doen, zou u dan wel akkoord zijn met in ieder geval het idee aangaan van, laten we dat proberen met elkaar? De voorzitter: De heer Deen.

De heer Deen: Nee. Natuurlijk, praten over sociale koopwoningen is prima. Alleen zoals ik aangaf, onder welk kopje dat dan geplaatst moet worden en of het als extra 30, 50, 20, daar wil ik het graag over hebben. Als u dat ook bedoelt en het daarmee eens bent, uitstekend. De voorzitter: Ik zag nog meer vingers. Mevrouw Koper. U wilt ook nog antwoorden? Mevrouw Göransson - van Kerkwijk: Dat klopt. Mijnheer Gerrits vroeg ook onze reactie daarop, maar ik kan me aansluiten bij de woorden van PVV. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Het kan snel gaan. We hebben het eerst over een pilot Sociale koop en in ene gaat het over meer of minder sociale huurwoningen. Dat we met elkaar kijken naar een pilot, daar is Partij van de Arbeid op zich niet tegen. Maar dan wel van, waar blijft het woningbezit? Maar als het gaat om sociale huur, hebben we niet alleen plaatselijke regels, maar hebben we ook landelijke regels. Die landelijke regels zijn minimaal 30 procent sociale huur. Dat kan na 22 november nog weleens helemaal anders worden. Minder niet, wel meer. Het was geen vraag, het was een opmerking. De voorzitter: Het was een opmerking. Mevrouw Göransson van Jong Zandvoort. Mevrouw Göransson: Dank u wel, voorzitter. Mijn laatste vraag eigenlijk richting de heer Gerrits van ZEE.

Wilt u dat we er zo meteen dan overstemmen of is het uw bedoeling om het los te agenderen en de hele regels door te nemen? Want dat begreep ik net niet zo heel goed aan de terugvraag richting de PVV en OPZ. De voorzitter: De heer Gerrits. De heer Gerrits: Om te verduidelijken, wat ZEE betreft is het belangrijk dat wij raadsbreed, of tenminste zo breed mogelijk, achter zo'n voorstel staan natuurlijk. Dus op het moment dat er vanuit een aantal partijen gezegd wordt, wij hebben behoefte aan om te kijken van, waar past het in de woningmix, denk ik dat we dat gesprek best met elkaar aan kunnen gaan. Ik denk dat wij als ZEE vinden we de 30 procent sociale huur wel heel belangrijk. Wij denken ook echt dat, omdat het gaat om meer geld, dat het wel eerder toch in dat middensegment valt, maar in ieder geval dat gesprek met elkaar aangaan. Zeker op het moment dat de wethouder zegt, wij willen gaan kijken of dat mogelijk is. Mocht daar iets anders uitkomen, dan is het natuurlijk ook goed. Maar het lijkt ons vooral belangrijk dat het gebeurt, zeker ook voor de jongeren. Dus dat is wat ik daarover te zeggen heb. Dus nog een gesprek in het kort. De voorzitter: Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Dan wil ik nog wel een pleidooi doen. In eerste instantie leek het als zeer toegankelijk en we gaan ernaar kijken en wethouder De Kloet gaat daar nog iets over zeggen.

Straks zijn we weer bezig met regelgeving en dat soort zaken. Volgens mij hebben een aantal van ons, waaronder wij zelf, de Partij van de Arbeid, in onze algemene beschouwing gezegd dat we vooral die woningnood moeten oplossen en zo snel mogelijk moeten bouwen. Dus ik wil er eigenlijk voor waken dat we hele discussies gaan doen over wat willen we waar, hoe en wanneer, maar dat we het zo praktisch mogelijk houden. Dus dat is alvast naar mijnheer De Kloet.

De voorzitter: Mijnheer De Kloet komt straks nog even aan het woord. Ik constateer dat wij aan het einde zijn gekomen van deze inbreng van deze wethouder. Mijnheer El Gebaly. De heer El Gebaly: Voorzitter, ik heb voor het hele rondje ook al een vinger omhoog. De voorzitter: Maar u had uw hand alweer naar beneden, dus ik dacht … De heer El Gebaly: Maar omdat u zei, ik ga een rondje … Maar u zei, ik ga een rondje maken, dus vandaar. Ik was in de verwachting dat u mij nog de beurt zou geven. Maar goed, maakt niet uit. De voorzitter: Wacht even. We hadden een rondje vanuit de raad waarbij ik gezegd heb, wie het woord wil, moet … Maar we zijn nu bij de inbreng van het college. De heer El Gebaly: Voorzitter, u vraagt net, dat was ter interruptie op de heer Hendriks, u gaat daar een rondje maken. Ik heb aan het begin van het rondje mijn hand omhoog gedaan. De voorzitter: Dat klopt, maar ik zag uw hand niet meer. Dus ik dacht, misschien was uw punt al gemaakt. Maar bij deze. De heer El Gebaly: Het punt was nog niet gemaakt. Want ik hoorde de wethouder tussen neus en lippen door zeggen dat hij niet zeker wist of de regels wel of niet waren geactualiseerd. Maar mij staat bij dat de regels sinds het huidige coalitieprogramma het coalitieprogramma is geworden en die is ingestemd. De regels zijn gewijzigd, dus ze zijn geactualiseerd. Klopt dat? De voorzitter: De wethouder.

De heer Hendriks: Voorzitter, de regels zoals wij die hebben in onze spelregels zijn volkomen duidelijk, die staan in het coalitieakkoord. Ik weet niet exact met welke formulering sociale huur die daar staat. Die zijn gewijzigd in de spelregels, dus onze regels zijn volkomen helder. Alleen als daar een discussie ontstaat binnen uw raad, namelijk, moet sociale koop nou vallen onder sociale huur, die 30 procent, of moet dat, zoals het nu staat, blijven vallen onder betaalbare koop, die 50 procent, dat is de discussie die u als raad zult moeten voeren en een besluit over zult nemen. De voorzitter: Dank u wel. Dat was de inbreng van de heer Hendriks. Dan geef ik het woord aan wethouder De Kloet. Zijn naam is al een paar keer genoemd. Aan u het woord, mijnheer De Kloet. De heer De Kloet: Dank u wel. Op het gevaar dat we een hele discussie weer opnieuw gaan doen, denk ik dat er een project zich wel aandient om te kijken van, waar zouden we eventueel sociale koop, om het zo maar even te noemen, kunnen incorporeren in het project? Dat is het project Rückert. Dat verzin ik niet zelf, want volgens mij heeft uw raad een motie aangenomen waarin dat ook gevraagd wordt, om een mix te maken van, ik zou maar zeggen, soorten woningen en de doelgroepen die erbij horen.

Dus ik denk dat dat een goed moment is om eens te kijken wat uw raad daarvan vindt en om met een voorstel te komen in die richting, dus om sociale koop daarin mee te nemen. Even kijken, er is een aantal dingen gezegd en niet zo heel veel gevraagd. Maar ik zal toch proberen om op een paar vragen antwoord te geven. Een van de dingen die een aantal keren voorbij is gekomen, zijn de ontwikkelingen in het Entreegebied, het lostrekken en het versnellen van de woningbouw, want zo wil ik dat zelf eigenlijk noemen, als het gaat over de Passagepanden. Volgens mij heb ik dat al een keer, zowel in de raad als commissie en ook informeel weleens tegen u verteld, dat dat juist

is waar wij heel erg naar kijken. Het lostrekken specifiek uit een grex, dat is wel een lastige exercitie. Eigenlijk kan dat niet. Dus ik heb ook al gezegd in de commissie de vorige keer dat ik liever praat over versnellen van onderdelen van zo’n grex. Als je kijkt naar de ontwikkeling op het Badhuisplein, dat heeft u ook een aantal keren genoemd, geldt eigenlijk hetzelfde voor, om daar de onderdelen waar de gemeente zelf regie op kan voeren, specifiek als het gaat over het ontwikkelen van de appartementen of andere woningen, om dat inderdaad zo te doen. Daar zijn we ook heel druk mee bezig om daar een versnelling in te maken. Als de stand van zaken dusdanig is, zal ik daar of een mededeling over doen of anders direct met voorstellen komen. Want u heeft een aantal keren aangegeven bij verschillende inbrengen om tempo te maken als dit aan de orde is en tempo te maken als het gaat over woningbouw. Ik heb volgens mij net nog een soort opdracht gekregen van mevrouw Koper om dat te doen. Dat zie ik echt … Dat is echt geheel in mijn straatje, zal ik maar even toepasselijk zeggen. Dus ik hoop ook snel met voorstellen te komen. Dat geldt niet alleen voor woningbouw, dat geldt ook over ontwikkelingen aan de boulevard, ook daar is over gesproken. Dat zie ik net zo. Waarbij er inderdaad op een aantal zaken een iets andere invalshoek is, als het gaat over de boulevards.

De Zuidboulevard is anders dan de Middenboulevard. Dat hoef ik niet uit te leggen. Er werd gesproken door het CDA van, toon lef als het gaat over de Noordboulevard. Dat zie ik echt als een aansporing om daar met creatieve plannen te komen. Ook daar wordt al over gesproken met de verschillende stakeholders. Ik heb dat volgens mij ook in de kwartaalrapportage al gezegd. Daar zijn geen afspraken gemaakt om even de commissie terug te halen van, daar staat een handtekening onder en zo gaan we dat doen. Er zijn wel afspraken gemaakt om regelmatig nu bij elkaar te komen om de verschillende ideeën die leven te kijken of we dat kunnen koppelen en kijken of we sommige ook weer kunnen versnellen. Maar wel om die Noordboulevard snel op te pakken en daar in een project, u heeft dat net ook al genoemd, verder te brengen. Even kijken. Er is een, even kijken, als het gaat over de motie van de PVV. Dat ging met name over die gebieden daaromheen. Er werd net … Aan de randen van het dorp. Daar is net al een aantal dingen over gezegd en gerefereerd aan de uitspraken van de gedeputeerde. Maar ik denk ook dat iedereen weet, wat de gedeputeerde bedoelde, was niet zozeer bouwen in gebieden die vallen onder het Natura 2000-regime of de NNN-gebieden, maar dat ging eigenlijk over het regime van de provincie zelf, namelijk het zogenaamde Bijzonder Provinciaal Landschap.

Daar is hier in Zandvoort wat minder van aanwezig. Er zijn wel plekken die daaronder vallen en ik denk dat we ook in contact met de provincie daarover moeten praten van, kan dat daar? Als het gaat over de verdichtingsstudie, wat er eigenlijk naast staat omdat we dat echt als binnenstedelijke ontwikkelingen zien, zou het best zo kunnen zijn, daar werd net ook al aan gerefereerd, dat bij de participatie die we daarin willen plegen, de inwoners zelf wellicht met plekken komen in het dorp om te zeggen, daar zou woningbouw mogelijk zijn. Je hebt best kans dat dat aan de rand van het dorp is. Dus in dat geval kunnen we het op die manier zo meenemen. De voorzitter: Een interruptie van de heer Deen. De heer Deen: Dank u wel, voorzitter. Dat was ook eigenlijk precies wat ik bedoelde, wil ik aan de wethouder meegeven. Daarom heb ik het ook expliciet aan de randen genoemd. Vrij breed geformuleerd, laat ik maar zeggen. Want dat kan BPL inhouden, het zou iets met rode contouren kunnen zijn, het kan een overgangsgebiedje zijn tussen al bestaande bebouwing en een stukje groen. Dus dat wil ik juist vrijlaten aan u om dat te onderzoeken. Dus dan begrijpen we elkaar volgens mij goed. De voorzitter: Dank u wel. De wethouder. De heer De Kloet: Als dat zo is, dan ben ik daar heel blij mee, dat we elkaar goed begrijpen. Dank u wel. Ik weet niet of ik nog moties of een dergelijke heb overgeslagen.

De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Ja, want ik vrees dat ik nu de wethouder niet goed begrijp. Als het gaat om wat de heer Deen zojuist noemt, de rode contouren et cetera, dat is juist om het Natura 2000-gebied te beschermen. Dat ligt nog steeds vast. Als dat wordt bedoeld, dan hecht ik er toch aan om dat met elkaar even vast te stellen dat we dat niet moeten willen. Ik vond mijnheer Hendriks zo verschrikkelijk duidelijk daarover. Dus ik zou graag van de heer Deen willen weten wat hij bedoelt met de rode contouren. De voorzitter: De heer Deen. De heer Deen: We zijn het net overeengekomen, de wethouder en ik, dat het niet gaat om een Natura 2000gebied. De voorzitter: Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Maar die rode contouren gaan wel om Zandvoort heen en die hebben daarmee te maken, dus ik denk dat we … Laat ik maar dan, voordat we hier een kwartier de discussie nog even herhalen, de VVD kwam net met Zandvoort Oost en ik denk dat we dat nadrukkelijk moeten vermijden. De voorzitter: De heer Drommel en dan de heer Berg. En dan de heer El Gebaly. De heer Drommel: Dank u wel, voorzitter. Wij willen denk ik toch eventjes een verduidelijking aanbrengen. We horen de hele tijd dat Zandvoort Oost in het Natura 2000-gebied zou moeten komen. Dat is wat ons betreft niet het geval.

Want we zien wellicht ook mogelijkheden om iets te doen met bijvoorbeeld de vernieuwing van Nieuw Unicum op termijn en daar wellicht Zandvoort Oost te combineren. De voorzitter: De heer Berg. De heer Berg: Dank je wel. Ik heb toch een vraag nog, een verduidelijkende vraag. Ik hoorde wethouder net zeggen over de Noordboulevard, dat hij daarmee in gesprek is en dat hij eigenlijk op het CDA vindt dat we daar lef moeten tonen. Maar als ik dan lees in de programmabegroting waar we het eigenlijk over hebben, daar staat dat de partijen daar vooralsnog geen investeringsbereidheid hebben en dat de kwaliteitsimpuls van het gebied de komende jaren uitblijft. Volgens mij is het dan duidelijk wat die stakeholders daar hebben aangegeven wat ze willen doen. Dus vraag ik me af welke kansen u dan toch nog ziet. Maar we hebben een toezegging gevraagd dat als u in de projecten de 1000 uren die nu op de Noordkust staat en op Duimpjesveld, als u daarmee verder wilt met projecten, met zo ontzettend veel uren zonder dat we weten wat u dan gaat doen, moeten wij dit agenderen met een amendement dat wij tegen deze uren zijn of kunnen we een toezegging krijgen dat u eerst verduidelijking geeft, voordat u de uren gaat inzetten? De voorzitter: De wethouder. De heer De Kloet: Dank u wel.

Volgens mij is er in de commissie op deze manier ook over gesproken, over de uren, waarbij de wethouder Financiën in ieder geval heeft aangegeven dat bij een aantal projecten waar uren worden genoemd en nog geen financiële dekking is, voorstellen naar uw raad komt. Dus ik denk dat wij hetzelfde bedoelen. Als er een project is wat uren gaat vergen en waar een dekking bij moet, dan komt er een voorstel naar de raad. De voorzitter: De heer El Gebaly.

De heer El Gebaly: Voorzitter, want ik hoor een levendige discussie ontstaan en de wethouder die geeft ook aan dat hij dat graag meeneemt in verdichtingsstudie over het bouwen het groen. Nou is er ook een hele levende discussie in deze raad en ook tijdens deze avond over meer groen toevoegen. Zijn de portefeuillehouder en het college het met mij eens dat meer in het groen bouwen ook kan leiden tot meer groen? Met andere woorden, gaat het aantal vierkante meters van het groen minimaal niet achteruit of blijft het met andere woorden hetzelfde of wordt het meer? De voorzitter: De wethouder. De heer De Kloet: Ik kan daar een heel makkelijk antwoord op geven van, groen zit in de portefeuille van degene die hier net zat. Maar wat u daarvoor zei, dat ben ik met u eens. Je kan bouwen in het groen en groen toevoegen aan de wijze waarop je ook bouwt. Daar zijn allerlei vormen voor te verzinnen. Het natuurinclusief bouwen bijvoorbeeld, dat zou best een mogelijkheid kunnen zijn. Maar ik vind het altijd lastig, om daar even over uit te wijden, als u me toestaat, voorzitter, om in bouwprojecten en ontwikkelingen die gaan over de ruimtelijke ordening, dan praat ik altijd over een creatief proces. Dus als we hier met elkaar afspreken, dit gaat het worden, en over twee jaar komt er iets anders uit de bus en zegt u, maar u toen in, wat is het, 2023, zei u dit en dit.

Ik vind wel dat je moet kijken naar de mogelijkheden om dat te kunnen realiseren. Ik ben er ook zelf groot voorstander van. Ik denk dat iedereen dat is .Dus bouwen in het groen, dat klinkt zo van, je gaat groen opofferen. Ik ben het met u eens. Dat hoeft niet altijd het geval te zijn. De voorzitter: Dank u wel. Was u aan het einde van uw betoog? De heer De Kloet: Ik dacht van wel, maar als er vanuit de raad andere geluiden komen, sta ik iedereen graag te woord. De voorzitter: Volgens mij heeft u alles besproken. Dat betekent dat wij aan de laatste inbreng namens het college zijn toegekomen en dat is de heer Carree. Die staat in de coulisse klaar. Er is nog één motie in ieder geval op uw terrein, de motie van ZEE. En mogelijk nog dat u even op een enkele vraag die is gesteld, maar dat waren er volgens mij niet heel veel. De heer Carree: Voorzitter, volgens mij heb ik geen enkele vraag op mijn portefeuille gehoord, ondanks dat wel de aspecten van mijn portefeuille meerdere malen teruggekomen zijn bijvoorbeeld. Ik heb meerdere malen de Toeristische visie gehoord, het Zandvoorts Preventie model en de ondernemers. Dat is natuurlijk ook een mooie brug naar de motie. De motie, die ga ik er even bijhalen, Vestigingsvergunning. De verduidelijking die de partij ZEE gaf, die heeft mij wel geholpen.

Want toen ik deze motie binnenkreeg vandaag en mij ging voorbereiden, toen had ik allerlei argumenten omtrent vrije markt, concurrentie en dat soort zaken. Ik hoorde net eigenlijk alleen maar terug over het stukje wat ik kan samenvatten in criminaliteit, ondermijning, ter voorkoming van. Dat zit nou net niet in mijn portefeuille, maar in de portefeuillehouder naast mij. Maar ik voel me toch zo vrij om daar antwoord op te geven. Want volgens mij geeft de huidige wet- en regelgeving ons als college voldoende handelsruimte op dit moment om te handelen bij bijvoorbeeld het vermoeden van ondermijning. Ook in de huidige uitvoering zie ik dat we daar proactief mee omgaan, bijvoorbeeld in het Actieplan Centrum wat we aan het uitvoeren zijn. Daar is samen met de ondernemers een signaleringsfunctie en zijn we bijvoorbeeld in gesprek met eigenaren van panden, proberen we leegstand te voorkomen en allerlei andere aspecten om criminaliteit en ondermijning te voorkomen. Dus naar mijn mening is de motie overbodig en zijn wij op dit moment voldoende geëquipeerd met de huidige wet- en regelgeving om daarop te anticiperen. De voorzitter: Een interruptie van de partij ZEE.

De heer Gerrits: Een verduidelijkende vraag. Natuurlijk mooi om te horen dat dat in ieder geval afdoende is gedekt volgens de wethouder. Maar wat ons betreft ging de motie ook een groot stukje over gezonde concurrentie in stand houden. Daarmee bedoelen wij, met die vestigingsvergunning zou je bepaalde middelen in handen krijgen om bijvoorbeeld te voorkomen dat er ergens een monopsonie of een monopolie of een oligopolie ontstaat, waardoor bijvoorbeeld niet het hele strand straks van drie aanbieders is, met als resultaat dat strandtenten niet meer hoeven te innoveren. Dat is een doemscenario over 30 jaar. Daar ging de motie ook over wat ons betreft. De vraag is dus, hoe ziet u de middelen die we daartegen hebben op dit moment voor zich? Dank u wel. De voorzitter: De wethouder. De heer Carree: Of een deel van het strand in handen komt van drie eigenaren, is een andere discussie die we hier kunnen voeren. Volgens mij gaat het erom dat er voldoende vraag en aanbod moet zijn, dat de doelgroepen die wij in Zandvoort hebben bediend kunnen worden op de vraag die zij hebben en dat het aanbod daar dus ook van is. En dat een eigenaar misschien drie winkelpanden in zijn bezit heeft, mits daar een vraag naar is en misschien in die drie panden een ander branchesegment zit, zie ik daar op zich geen problemen in.

Het gaat er juist om, en dat doen we op dit moment ook, dat we in gesprek zijn met de ondernemers, met de, ik zit even het juiste woord te zoeken, de pandeigenaren, om juist daar proactief op voorhand het gesprek over te voeren en dat doen we onder andere met het Actieplan Centrum en de werkgroep die daaronder zit. De voorzitter: Dank u wel. Het woord is aan mevrouw Koper voor een interruptie. Mevrouw Koper: Voorzitter, ik hoor de wethouder net zeggen dat er voldoende zaken zijn om bijvoorbeeld de ene kant af te dekken. Dan denk ik zelf aan de Wet Bibob. Ik hoor graag of we hetzelfde bedoelen. Maar mag ik ook even een vraag stellen aan mijn collega? Want u heeft het over een vestigingsvergunning, mijnheer Gerrits, maar die is volgens mij in 2007 afgeschaft. Dus ik begrijp niet zo goed wat er nu aan mijn aandacht is ontsnapt, dat we daarop kunnen terugvallen. Want met het afschaffen van de vestigingsvergunning verdwenen de vakeisen aan ondernemingen en hebben we de ondernemers meer vrijheid gegeven. Ik weet niet of ik daar blij mee moet zijn achteraf, maar dat is wel wat er toen bedoeld is. Dat verhoudt zich eigenlijk niet met uw verhaal. Bent u dat met mij eens? De voorzitter: De heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel. En dank u wel ook voor de vraag, mevrouw Koper. Daar zijn we het zeker mee eens.

In die zin is de vestigingsvergunning die wij terugvragen ook niet hetzelfde als zoals die in 2007 werd gerealiseerd, maar zijn er ook meerdere plaatsen op dit moment die in ieder geval op lokaal niveau wel zo'n vestigingsvergunning hanteren en dan ook met de redenen die wij net noemen, dus hoe voorkom je zo’n monopsonie, hoe voorkom je dat er een soort ongezond concurrentielandschap gaat ontstaan? Op die manier. De voorzitter: De wethouder. Excuus, mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Het klinkt misschien heel gek uit mijn mond, maar ik denk dat ondernemers denken in minder regels in plaats van meer in dit geval. Dus als we een discussie willen zien aan de toekomst van Zandvoort, dan denk ik dat we met de Toeristische visie, waar we allemaal naar uitkijken, dat we daar een heel eind zijn. Dat zou ik willen voorstellen. De voorzitter: De heer Gerrits.

De heer Gerrits: Daarom wil ik dus nogmaals duidelijk maken, het is absoluut niet gericht op de kleine ondernemer, de mkb’er. Het gaat om ondernemingen die zo groot gegroeid zijn dat ze onevenredige druk kunnen uitoefenen op Zandvoort op verschillende manieren, waarvan je kan afvragen of dat het algemeen belang dient. Het is een beetje complex, maar verder ben ik het wel eens met uw voorstel. De voorzitter: Ook een interruptie van de heer Deen. De heer Deen: Dank u. Toch nog een vraag de heer Gerrits. Kunt u dan even wat gemeenten aangeven waar wij dit voorbeeld kunnen aanschouwen? De voorzitter: De heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. Het is weliswaar geen gemeente, maar het voorbeeld dat ik heb meegestuurd was het Nederlands gebied vanuit Bonaire. Daar hanteren ze op dit moment een vestigingsvergunning. Dus daar kan je eigenlijk heel duidelijk zien hoe dat dan in elkaar zit. Er is geen enkele reden om dat niet hier ook in te kunnen vullen op die manier. De voorzitter: Goed. Dan zijn wij daarmee aan het einde van de beraadslaging gekomen. Ik zie een hand van mevrouw Nederlof. Mevrouw Nederlof: Een vraag nog aan mijnheer Gerrits. Meer regels betekent meer inzet ook weer van ambtenaren. Je geeft aan, het is niet noodzakelijk voor kleine ondernemers, maar juist voor de grote.

Hoe gaan we dan die grenzen stellen, hoe gaan we dat handhaven? Het lijkt me eerlijk gezegd nogal een dure exercitie en ook langdurig. Het valt al niet mee om de winkels gevuld te krijgen met ondernemers. We zien juist hele leuke ontwikkelingen op dit moment. Bent u dat niet met me eens? Sand + Skin, de speelgoedzaak in de Haltestraat, ludieke hondenwinkel, de eendjeswinkel. Er komt van alles en ik zie nog niet heel veel hele grote concerns ontstaan, eerlijk gezegd. Bent u dat met mij eens? De voorzitter: Mijnheer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel. Om daarop te reageren, wat ZEE betreft zijn er wel degelijk tekenen te zien, zeker als we het hebben dus over een monopsonie, dus dat dezelfde leverancier voor verschillende winkels de levering doet en daar dus alsnog een soort van onevenredige machtspositie heeft in het dorp, daar zijn er echt wel een aantal van aan het ontstaan, en daarbij, dat is nogmaals iets wat ik wil zeggen, het gaat niet om de kleine ondernemer. Het gaat dus niet om die speelgoedwinkel. Het gaat er alleen maar om, wij willen nieuwe spelregels opstellen waarmee wij dus kunnen zeggen, stel, één investeerder bezit in Zandvoort zes of zeven verschillende winkels of tien strandtenten, om even heel erg te overdrijven, dan kunnen we daar bijvoorbeeld een grens trekken op zo’n moment. Deze vestigingsvergunning zou ons die tools in handen geven. Dank u wel.

De voorzitter: Goed. Ik kijk en ik zie ook geen aanstalten meer bij de portefeuillehouder. Dan constateer ik dat wij aan het einde zijn gekomen van de termijn van het college. Wil ik, alvorens u kort even in de gelegenheid te stellen in een schorsing, uw mind op de maken met betrekking tot alles wat besproken is en de moties en amendementen even heel kort samenvatten, wat naar mijn inzicht vanuit met name ook het college is aangegeven als een korte reactie. We hebben even voor het gemak … De heer Gerrits.

De heer Gerrits: Voorzitter, gezien het pleidooi van de wethouders wat betreft de sociale koop net, zouden we die dan ook graag willen terugtrekken. Want dat heeft dan wat ons betreft geen zin. Dus dat wil ik even aangeven. Dank u wel. De voorzitter: Uitstekend. Dan kijk ik eventjes. We hebben even voor het gemak de amendementen genummerd. Dus als u even meetekent, kom ik als eerste bij het amendement Lastenverlichting. Daarvan heb ik in ieder geval opgetekend dat de wethouder zegt dat hij dat op dit moment niet verstandig vindt. Dus dat beschouw ik als het feit dat deze ontraden wordt. Dan amendement 2, dat is de tweede van twee amendementen, dat is het krediet 2024 niet vrijgeven. Daarvan heb ik de portefeuillehouder positief horen adviseren. Dan kom ik bij het eerste amendement van vrijwel alle partijen. Motie, excuus. Dat is motie 1, Verhogen bijdrage Jeugdfonds Sport en Cultuur. Daar heb ik ook een positief advies op gehoord. Dan motie 2 is de motie van de PVV Zandvoort, Onderzoek mogelijkheden naar benutten extra ruimte ten behoeve van woningbouw. Ik kijk even naar de heer Deen, want ik heb u ergens horen zeggen dat u deze motie van tafel haalt na de toezeggingen. De heer Deen: Dat heeft u heel goed gehoord. De voorzitter: Dan heb ik dat goed begrepen. Dan komen we bij motie 3, Maatwerk kostendelersnorm.

Daarvan heb ik de portefeuillehouder ook horen zeggen dat hij die ontraadt namens het college. Motie Armoedebestrijding heb ik de portefeuillehouder horen zeggen dat we allereerst het onderzoek zouden moeten afwachten, alvorens daarop terug te komen. Dus daarmee, ik heb de wethouder horen zeggen misschien dat u deze mogelijk boven de markt kan laten hangen. Dus dat laat ik even voor u, dat het oordeel raad is, zoals dat zo mooi heet. Dan heb ik de motie Vestigingsvergunning. Die hebben wij genummerd 5. Daarvan heb ik in ieder geval de portefeuillehouder naast mij horen zeggen dat hij die ook overbodig vindt. En de motie 6 is ingetrokken. Dat was de motie over pilot Sociale koopwoning. Ik kijk even rond. Ik geef even een korte gelegenheid tot schorsen. Ik denk dat tien minuten voldoende moet zijn om even met elkaar de beraadslagen. Dus ik schors voor tien minuten. Ik heropen de vergadering. Wij hadden een korte schorsing na twee termijnen zowel van u als gemeenteraad als van het college met betrekking tot de begroting 2024. Er zijn verschillende amendementen en moties ingediend, ook alweer moties ingetrokken na toezeggingen van het college. Dus ik maak een rondje in dezelfde richting als wij dat aan het begin hebben gedaan. Met nog even het verzoek … We doen het gewoon vandaag eens een keertje allemaal hetzelfde. Het woord is aan Jong Zandvoort.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13533080/2