CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Zandvoort 2040

Raadscommissie 8 juni 2021, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Vrijgeven ontwerp-omgevingsvisie voor de inspraak36.942 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

46

•

•

•

Voor de beleidsuitspraken ‘realisatie HOV-verbinding’, ‘verduurzamen bestaande bebouwing en opwek van energie’ en ‘stimuleren emissieloos verkeer’ zijn zowel kansen als risico’s geconstateerd, waarbij er meer kansen dan risico’s voorzien zijn. Voor de beleidsuitspraken ‘vergroten waterbergingscapaciteit’, ‘vergroenen van de openbare ruimte’ en ‘duurzame energie Circuit Zandvoort’ zijn enkel kansen op positieve effecten geconstateerd. Voor de beleidsuitspraak ‘toegankelijk maken duinengebied en Waterleidingsduinen’ zijn een minimaal aantal kansen en risico’s voorzien, deze zijn in evenwicht.

Effecten per thema Voor de thema’s natuur en biodiversiteit en veiligheid zijn er meerdere risico’s op negatieve effecten geconstateerd en in beperkte mate kansen op positieve effecten. Beleidsuitspraken die daar vooral aan bijdragen zijn: • Natuur en biodiversiteit: de beleidsuitspraak ‘realisatie HOV-verbinding’ laat een sterk risico op een negatief effect zien doordat uitbreiding met busbaan voorzien is op de grens van Natura 2000gebied Kennemerland-Zuid. Aanleg van een busbaan zorgt voor verstoring van dit gebied en van de leefgebieden van beschermde soorten in de omgeving. Overige uitspraken met risico’s op negatieve effecten zijn ‘uitbreiding economische toeristische activiteiten’, ‘ontwikkeling short-stay, wellness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen’ ‘vernieuwen bestaande bebouwing en ontwikkeling woningen’, ‘ontwikkeling bedrijvigheid’ en ‘verbreden aanbod winkels, horeca en overnachtingsmogelijkheden’. Risico’s hangen samen met de verkeersaantrekkende werking van deze uitspraken. Dit kan leiden tot een toename in stikstofuitstoot wat een negatief effect heeft op de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Daarentegen resulteren de uitspraken ‘ontwikkeling mobiliteitshubs en openbaar vervoer’ en ‘stimuleren emissieloos vervoer’ in kansen op positieve effecten doordat hierdoor het autogebruik ontmoedigd wordt dan wel verschoond.

Dit resulteert in een vermindering van de stikstofuitstoot. Voor het beoordelingsaspect beschermde soorten worden risico’s voorzien voor de uitspraken ‘uitbreiding economische toeristische activiteiten’, ‘ontwikkeling short-stay, wellness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen’, ‘realisatie HOV-verbinding’, ‘ontwikkeling mobiliteitshubs en openbaar vervoer’ en ‘toegankelijk maken duinengebied en Waterleidingduinen’. Dit komt met name door het bouwen in gebieden wat in de huidige situatie groengebieden zijn. Hierdoor kunnen leefgebieden van beschermde soorten onder druk komen te staan. Kansen op positieve effecten voor beschermde soorten hangen samen met de ontwikkeling van groen. Dit is onder andere het geval in de uitspraken ‘vergroenen van de openbare ruimte’, ‘vergroten waterbergingscapaciteit’ en ‘ontwikkeling bedrijvigheid’. • Veiligheid: risico’s op negatieve effecten zijn met name gerelateerd aan het beoordelingsaspect verkeersveiligheid. Risico’s worden voorzien als gevolg van een toename in verkeer als gevolg van activiteiten met en verkeersaantrekkende werking.

Dit hangt samen met de uitspraken ‘‘uitbreiding economische toeristische activiteiten’, ‘ontwikkeling short-stay, wellness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen’ ‘vernieuwen bestaande bebouwing en ontwikkeling woningen’, ‘ontwikkeling bedrijvigheid’ en ‘verbreden aanbod winkels, horeca en overnachtingsmogelijkheden’. Daarentegen leiden uitspraken gericht op het ontmoedigen van autogebruik tot kansen op verbetering van de verkeersveiligheid. Dit zijn uitspraken zoals ‘ontwikkeling mobiliteitshubs en openbaar vervoer’ en ‘realisatie HOV-verbinding’. Voor externe veiligheid geldt dat de uitspraken ‘uitbreiding economische toeristische activiteiten’, ‘ontwikkeling short-stay, wellness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen’ ‘vernieuwen bestaande bebouwing en ontwikkeling woningen’ in risico’s op negatieve effecten voorzien. Dit komt doordat deze uitspraken gericht zijn op uitbreiding van bebouwing en activiteiten binnen of in nabijheid van risicocontouren/-bronnen voor externe veiligheid.

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

47

Voor klimaat, gezondheid, bereikbaarheid en energie en grondstoffen geldt dat er meerdere kansen en risico’s geconstateerd zijn. Beleidsuitspraken die daar vooral aan bijdragen zijn: • Klimaat: ‘uitbreiden economische toeristische activiteiten’, ‘ontwikkeling shortstay, wellness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen’ en ‘ontwikkeling parkeren 2040’ laten risico’s op negatieve effecten zien voor de aspecten hitte en wateroverlast. Dit hangt samen met de toename in verhard oppervlakte dat gerelateerd is aan deze uitspraken. Daarentegen voorzien de uitspraken ‘vergroenen van de openbare ruimte’, ‘vergroten waterbergingscapaciteit’, en ‘ontwikkeling bedrijvigheid’ in toevoeging van groen aan de openbare ruimte. Dit biedt kansen op vermindering van hittestress en wateroverlast. Voor broeikasgassen geldt dat de uitspraken die resulteren in een verkeersaantrekkende werking leiden tot risico’s op toename van de uitstoot van broeikasgassen. Voorbeelden hiervan zijn de ‘uitbreiden economische toeristische activiteiten’, ‘ontwikkeling shortstay, wellness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen’ en ‘ontwikkeling bedrijvigheid’.

De uitspraken ‘ontwikkeling mobiliteitshubs en openbaar vervoer’, ‘realisatie HOV-verbinding’, ‘stimuleren emissieloos verkeer’ en ‘verduurzamen bestaande bebouwing en opwek van energie’ bieden daarentegen kansen op vermindering van en schoner autogebruik en vermindering van CO2uitstoot van woningen. Daarmee kan het resulteren in de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. • Gezondheid: net als bij broeikasgassen geldt dat de uitspraken leidend tot verkeersaantrekkende werking resulteren in risico’s op verslechtering van de luchtkwaliteit en toename van geluidhinder. Voorbeelden hiervan zijn de ‘uitbreiden economische toeristische activiteiten’, ‘ontwikkeling shortstay, wellness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen’ en ‘ontwikkeling bedrijvigheid’. Ook hier geldt dat de uitspraken ‘ontwikkeling mobiliteitshubs en openbaar vervoer’, ‘realisatie HOVverbinding’, en ‘stimuleren emissieloos verkeer’ kunnen leiden tot vermindering van autogebruik en stillere auto’s (bij snelheden tot 50 km/uur daarna is bandengeluid leidend). Voor het beoordelingsaspect gezonde leefstijl en leefomgeving geldt dat er enkel kansen voorzien worden. Deze hangen samen met de uitspraken ‘vergroenen van de openbare ruimte’ en ‘ontwikkeling mobiliteitshubs en openbaar vervoer’. Voor vergroenen van de openbare ruimte geldt dat er kans is op toename van het aantal routes voor bewegen.

Bij ontwikkeling mobiliteitshubs en openbaar vervoer bestaat de kans op afname van de afstand tot openbaar vervoer. • Bereikbaarheid: risico’s op negatieve effecten doen zich met name voor bij de reeds benoemde uitspraken die een verkeersaantrekkende werking tot gevolg hebben. Dit resulteert in risico’s voor beoordelingsaspect autobereikbaarheid doordat de verkeersdruk tijdens piekdagen kan toenemen. Aanvullend geldt voor de uitspraken ‘uitbreiden economische toeristische activiteiten’ en ‘verbreden aanbod winkels, horeca en overnachtingsmogelijkheden’ dat er niet in alle gevallen sprake is van eigen parkeergelegenheid bij de voorziening waardoor de druk op parkeren toe kan nemen. Kansen op positieve effecten hangen samen met de beleidsuitspraken gericht op ‘ontwikkeling mobiliteitshubs en openbaar vervoer’, ‘realiseren HOV-verbinding’ en ‘stimuleren emissieloos verkeer’. Dit komt enerzijds door de ontmoediging van het autogebruik, wat resulteert in vermindering in de verkeers- en parkeerdruk en anderzijds in de ontwikkeling van last-mile faciliteiten bij hubs. Het stimuleren van emissieloos verkeer biedt een kans voor duurzame en slimme mobiliteit door inzet op elektrische auto’s. • Energie en grondstoffen: risico’s op negatieve effecten zijn voorzien voor het beoordelingsaspect energieverbruik.

Beleidsuitspraken die hiermee samenhangen zijn gericht op nieuwe voorzieningen, bebouwing of activiteiten. Deze hebben tot gevolg dat het totale energieverbruik in Zandvoort toe kan nemen. Voorbeelden van beleidsuitspraken zijn ’uitbreiden economische toeristische activiteiten’, ‘vernieuwen bestaande bebouwing en ontwikkeling woningen’, ‘ontwikkeling bedrijvigheid’ en ‘verbreden aanbod winkels, horeca en overnachtingsmogelijkheden’. Kansen op positieve effecten zijn voorzien voor het beoordelingsaspect duurzame opwekking. Dit hangt samen met de inzet op zonnepanelen op daken, zowel van woningen als bedrijven. Voorbeelden van uitspraken waar kansen voorzien zijn: ‘duurzame energie Circuit Zandvoort’,

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

48

‘ontwikkeling bedrijvigheid’ en ‘vernieuwen bestaande bebouwing en ontwikkeling woningen’ en ‘verduurzamen bestaande bebouwing en opwek van energie’. De thema’s wonen en voorzieningen en economie laten uitsluitend kansen op positieve effecten zien. Voor wonen en voorzieningen hangt dit samen met de uitbreiding van voorzieningen en woningen bij de uitspraken gericht op ‘ontwikkeling shortstay, wellness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen’ en ‘vernieuwen bestaande bebouwing en ontwikkeling woningen’. Voor economie geldt dat uitbreiding in bedrijvigheid en voorzieningen resulteert in een toename in het aantal banen en daarmee in de werkgelegenheid. Voorbeelden van uitspraken zijn ‘uitbreiden economische toeristische activiteiten’, ‘ontwikkeling bedrijvigheid’ en ‘verbreden aanbod winkels, horeca en overnachtingsmogelijkheden’. Binnen cultuurhistorie, erfgoed en archeologie zijn enkele kansen en risico’s voorzien. Risico’s hangen samen met de ontwikkeling van nieuwe bebouwing waardoor verstoring van archeologische waarden kan optreden. Het toegankelijk maken van het duinengebied en Waterleidingduinen biedt kansen tot het vergroten van de beleving van de cultuurhistorische waarden van het duinengebied. Voor sociale samenhang en bodem en water zijn er nagenoeg geen kansen en risico’s geconstateerd.

Effecten omgevingsvisie in relatie tot kwaliteitsniveaus autonome ontwikkeling 2030 In de Foto van de leefomgeving zijn de kwaliteitsniveaus van de beoordelingsaspecten bij autonome ontwikkeling in 2030 in beeld gebracht. Bij de beoordelingsaspecten maatschappelijke deelname, woningaanbod en behoefte, cultuurhistorie en erfgoed, droogte een broeikasgassen geldt dat bij de huidige situatie kwaliteitsniveau ´rood´ is toegekend (overwegend sprake van problemen of knelpunten). Bij die aspecten is het kwaliteitsniveau op basis van de autonome trend niet veranderd ten opzichte van de huidige situatie of is er juist sprake van een verslechterende autonome trend. Voor deze aspecten blijkt uit effectbeoordeling van het VKA het volgende: • Maatschappelijke deelname: tot 2030 laat het voorkeursalternatief een enkele kans op een positief effect zien. Na 2030 zijn er geen kansen of risico’s geconstateerd. Beïnvloeding van de autonome trend is daarmee niet te verwachten. • Woningaanbod en -behoefte: hier zijn tot 2030 geen kansen of risico’s geconstateerd. Na 2030 is er sprake van enkele kansen. Daarmee kan de autonome trend positief beïnvloed worden. Het is niet te verwachten dat dat voldoende zal om uit het rode kwaliteitsniveau te komen. • Cultuurhistorie en erfgoed: het voorkeursalternatief laat tot 2030 een enkele kans op een positief effect zien.

Na 2030 zijn er enkele kansen en risico’s geconstateerd. Beïnvloeding van de autonome verslechterende trend is daarmee niet aannemelijk. • Droogte: zowel tot als na 2030 zijn hier geen kansen of risico’s geconstateerd. Het is niet te verwachten dat voldoende is om de negatieve autonome trend substantieel te beïnvloeden. • Broeikasgassen: het beleid laat tot 2030 en na 2030 meer meerdere risico´s en kansen zien. Positieve beïnvloeding van de gelijkblijvende autonome trend is daarmee niet aannemelijk, er is aandacht nodig om negatieve beïnvloeding te voorkomen. Daarnaast zijn er beoordelingsaspecten waar kwaliteitsniveau rood is toegekend, maar waar autonoom sprake is van een verbeterende trend ten opzichte van de huidige situatie. Dat gaat om grondwater, beschermde natuurgebieden, energieverbruik en duurzame opwekking. Voor deze aspecten blijkt uit de effectbeoordeling van het VKA het volgende: • Grondwater: het VKA laat tot 2030 geen kansen of risico’s zien. Na 2030 is er sprake van een enkele kans. Het is niet te verwachten dat dit zal leiden tot veranderingen van de autonome trend. • Energieverbruik: het VKA laat tot 2030 enkele risico’ zien. Na 2030 zijn er meerdere risico’s op negatieve effecten voorzien, terwijl het verduurzamen van bestaande bebouwing kansen oplevert voor minder

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

49

•

energiegebruik. Vanwege de meerdere risico’s bestaat het risico dat de autonoom verbeterende trend negatief beïnvloed wordt. Duurzame opwekking: het VKA laat tot 2030 geen kansen of risico’s zien. Na 2030 is er enkel sprake van kansen op positieve effecten. Het is daarmee aannemelijk dat de verbeterende trend zich na 2030 doorzet. Of het beleid uit de omgevingsvisie leidt tot een verbeterende trend naar kwaliteitsniveau oranje is afhankelijk van de uiteindelijke omvang van duurzame energieopwekking.

Autonoom kwaliteitsniveau oranje De beoordelingsaspecten met een autonoom kwaliteitsniveau oranje en een autonoom verslechterende trend zijn geluidhinder, verkeersveiligheid, archeologie, hitte, wateroverlast, autobereikbaarheid, parkeren, openbaar vervoer. Voor de geluidhinder, verkeersveiligheid, archeologie, autobereikbaarheid en parkeren geldt dat er sprake is van meer risico’s op negatieve effecten dan kansen op positieve effecten. Het gros van de effecten zijn te verwachten na 2030. Voor deze aspecten is er een risico op versterking van de autonome verslechterende trend ten opzichte. Voor hitte, en wateroverlast geldt dat er meer kansen dan risico’s zijn. Dat biedt kansen voor positieve beïnvloeding van de negatieve autonome trend. Omdat er ook meerdere risico’s zijn geconstateerd is het de vraag of het voldoende is om de autonome trend te keren. Voor openbaar vervoer geldt dat er sprake is van zowel risico’s als kansen, waardoor het niet aannemelijk is dat de autonome negatieve trend gekeerd wordt. Voorzieningenaanbod en behoefte, beschermde soorten en werkgelegenheid en opleidingsniveau zijn aspecten met autonoom gelijkblijvende trend binnen kwaliteitsniveau oranje. Het nieuwe beleid laat bij deze beoordelingsaspecten een wisselend beeld zien.

Voor voorzieningenaanbod en behoefte en werkgelegenheid en opleidingsniveau is er uitsluitend sprake van kansen op positieve effecten. Het is aannemelijk dat dit leidt tot positieve beïnvloeding van de gelijkblijvende autonome trend. Voor beschermde soorten geldt dat er sprake is van meer risico’s dan kansen, met daardoor risico op negatieve beïnvloeding van de gelijkblijvende autonome trend. Luchtkwaliteit, sociale veiligheid, fiets en duurzame en slimme mobiliteit zijn in de huidige situatie beoordeeld met kwaliteitsniveau oranje en laten autonoom en verbetering binnen kwaliteitsniveau oranje zien. Voor fiets en duurzame en slimme mobiliteit geldt dat het nieuwe beleid kansen op positieve effecten laat zien en geen risico’s. Daarmee is het aannemelijk dat de positieve autonome trend versterkt wordt. Voor luchtkwaliteit zijn meer risico’s dan kansen geconstateerd. Daardoor is er risico op negatieve beïnvloeding van autonome positieve trend. Voor sociale veiligheid zijn geen kansen en risico’s geconstateerd waardoor er geen sprake is van beïnvloeding van de positieve autonome trend. Voor beschermde natuurgebieden geldt dat deze in de huidige situatie beoordeeld is met kwaliteitsniveau ‘rood’ met een autonome verbetering naar kwaliteitsniveau ‘oranje’. Als gevolg van het beleid van de omgevingsvisie zijn er veel risico’s voorzien en een enkele kans.

Daarmee is er risico dat de autonome positieve trend negatief beïnvloed wordt, en mogelijk gekeerd. Dit hangt vooral samen met effecten van nieuw beleid op Natura 2000, dat de bebouwde kom van Zandvoort omringt. Autonoom kwaliteitsniveau groen De beoordelingsaspecten gezonde leefstijl en leefomgeving en externe veiligheid zijn in de huidige situatie beoordeeld met kwaliteitsniveau ‘groen’. Autonoom laten zij respectievelijk een verbeterende en gelijkblijvende trend zien. Voor gezonde leefstijl en leefomgeving geldt dat het beleid uit de omgevingsvisie enkel kansen op positieve effecten laat zien. Versterking van de autonoom verbeterende trend is hiermee aannemelijk. Voor externe veiligheid geldt dat er enkele risico’s op negatieve effecten voorzien zijn. Dat geeft risico op negatieve beïnvloeding van de autonome gelijkblijvende trend.

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

50

Voor bodemkwaliteit geldt dat deze in de huidige situatie is beoordeeld met kwaliteitsniveau ‘oranje’ en autonoom een verbetering laat zien naar kwaliteitsniveau ‘groen’. Als gevolg van het nieuwe beleid zijn er geen kansen en risico’s voorzien. Hierdoor is het niet aannemelijk dat er sprake is van een verandering ten opzichte van de autonome positieve trend. Voorgenomen onderzoek verbinding Nieuw-Noord en Zandvoortselaan/N201 De gemeente Zandvoort heeft in de omgevingsvisie opgenomen dat ze onderzoek wil doen naar de mogelijkheden voor het verbeteren van de verkeerskundige verbinding tussen Nieuw-Noord en de Zandvoortselaan. Omdat niet duidelijk is of die verbeterde verbinding er komt en zo ja op welke manier, kan het nog niet beoordeeld worden op effecten. Gezien de relevantie van deze mogelijke ingreep voor de leefomgeving wordt onderstaand wel een reflectie gegeven, inclusief aandachtspunten voor het onderzoek. Ruimtelijke inpassing en beschermde natuur De ruimtelijke inpassing van verbetering van de ontsluiting is een belangrijk aandachtspunt. Het gebied tussen Nieuw-Noord en de Zandvoortselaan/N201 ligt deels binnen de begrenzing van het Natura 2000gebied Kennemerland-Zuid. Vanuit de Wet natuurbescherming gelden daarvoor strikte regels.

Dat maakt Natura 2000 tot de belangrijkste belemmerende factor voor mogelijkheden voor een betere ontsluiting van Nieuw-Noord met de Zandvoortselaan/N201. Afhankelijk van het gekozen traject kan er als gevolg van de nieuwe verbinding sprake zijn van ruimtebeslag binnen Natura 2000-gebied Kennemerland-Zuid. Dit betekent dat de nieuwe verbinding mogelijk ter hoogte van beschermde habitattypes wordt aangelegd die gevoelig zijn voor ruimtebeslag en waarvoor een behouds- of uitbreidingsdoelstelling geldt. Wanneer daadwerkelijk sprake is van areaalverlies van habitattypen of leefgebieden van soorten, is er grote kans op een significant negatief effect op de Natura 2000-doelstellingen voor dit gebied. Bij de verdere uitwerking van deze plannen en vervolgonderzoeken is het daarom noodzakelijk om het ontwerp zo in te richten dat het ruimtebeslag binnen habitattypen en leefgebieden wordt voorkomen. Daarnaast liggen in dit gebied ook nog de Algemene Begraafplaats Zandvoort en de Kennemer Golf & Country Club. Ook die vergen aandacht bij ruimtelijke inpassing. Verkeer: bereikbaarheid en veiligheid Het gaat hier om een verbetering die moet zorgen voor een betere ontsluiting van Nieuw-Noord (bedrijventerrein en woonwijk) en betere verkeersdoorstroming binnen de bebouwde kom.

Doordat de wijk ‘Nieuw Noord’ één toegangsroute heeft die door de bebouwde kom van Zandvoort gaat (vanaf de N201/Zandvoortselaan Kostverlorenstraat-Van Lennepweg) leidt dit tot problemen op het vlak van bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid. Ontsluiting van Nieuw-Noord buiten de bebouwde kom om kan die problemen verminderen. Als aandachtspunten worden meegegeven: • Veiligheid versus doorstroming: voor langzaam verkeer (fietser, voetganger) is het belangrijk dat het zo veilig mogelijk is, voor snel, gemotoriseerd verkeer is het belangrijk dat de doorstroming zo goed mogelijk is. Hoe meer confrontaties tussen infrastructuur voor langzaam en snel verkeer, hoe onveiliger het is. Onderzoek hoe die stromen zo goed mogelijk op elkaar afgestemd kunnen worden en confrontaties vermeden kunnen worden. Kijk daarbij ook goed naar vracht- en distributieverkeer van en naar het bedrijventerrein, ook in relatie tot de in de omgevingsvisie opgenomen intensievere benutting van bedrijventerrein Nieuw-Noord. Intensievere benutting leidt in beginsel tot meer verkeersbewegingen. • Parkeernormering: maak een robuuste afweging in wat toegestaan wordt een parkeren in NieuwNoord. Minder parkeren toestaan heeft een stimulerende werking richting een andere vervoerwijze, en van daaruit kans op minder autoverkeersbewegingen en minder verkeersveiligheidsproblemen.

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

51

Dat maakt ook dat de benodigde capaciteit voor de verbeterde ontsluiting niet groter gemaakt wordt dan strikt noodzakelijk is. Overig Andere in dit OER beschouwde aspecten waar verbetering van de ontsluiting impact op kan hebben zijn luchtkwaliteit, geluidhinder, beschermde soorten en broeikasgassen. In de basis geldt dat wanneer ingezet wordt op ontlasting van de huidige route vanaf de N201/Zandvoortselaan Kostverlorenstraat-Van Lennepweg, er op die route kansen zijn voor verbeteringen op het vlak van luchtkwaliteit, geluidhinder en verkeersveiligheid. Wanneer voorzien kan worden in een route zonder directe woonbebouwing langs de wegen, dan kan er netto sprake zijn van verbetering in plaats van verplaatsing van problemen naar andere woningen. In andere gevallen kan met afschermende voorzieningen met name geluidhinder verminderd worden. Bij beschermde soorten speelt dat bij nieuwe wegaanleg ruimtebeslag optreedt in leefgebieden van beschermde soorten. Hierdoor gaat geschikt en mogelijk zelfs essentieel leefgebied van beschermde soorten verloren. Wanneer leefgebied verloren gaat van zeldzame beschermde soorten die slechts op een klein aantal locaties in Nederland voorkomen (zoals de aarbeivlinder) kan dit resulteren in een verslechterde staat van instandhouding.

Verbeterde doorstroming van wegverkeer kan leiden tot minder brandstofverbruik en daardoor minder uitstoot van broeikasgassen. Daar waar routes verbeterd worden kan er toename van verkeer optreden, wat dan weer tot meer uitstoot van broeikasgassen en stikstof leidt. Vanwege de verwachte versterkende trend van toename van emissieloos verkeer onder invloed van het landelijke Klimaatakkoord, mag verwacht worden dat de impact van verkeer op de uitstoot van broeikasgassen richting 2040 af zal nemen. Niettemin is een volledig emissieloos wagenpark voorlopig nog niet in zicht, waardoor verkeer voorlopig nog steeds van invloed zal zijn op de uitstoot van broeikasgassen. Een mogelijkheid voor beperking van uitstoot van broeikasgassen is het instellen van een nul-emissiezone stadslogistiek. Binnen zo’n zone zijn alleen bestel- en vrachtvoertuigen zonder uitstoot van broeikasgassen toegestaan, zoals bijvoorbeeld elektrische voertuigen. Vanuit het landelijke Klimaatakkoord is het de bedoeling dat dergelijke zones per 2025 ingevoerd worden in 30 tot 40 grotere gemeenten, waaronder Haarlem. Dergelijke zones leveren ook winst op qua luchtkwaliteit en Natura 2000 (vermindering stikstofdepositie).

Voor externe veiligheid geldt dat de gemeente Zandvoort aanvullend op de provinciale routes voor gevaarlijke stoffen, zelf geen wegen heeft aangewezen waar transport van gevaarlijke stoffen is toegestaan. Dat betekent dat er in de huidige situatie geen transport van gevaarlijke stoffen is toegestaan naar NieuwNoord, omdat dat niet rechtstreeks via provinciale wegen is te bereiken. Kansen en risico’s met betrekking tot circulariteit en economische diversiteit Voor circulariteit en economische diversiteit was onvoloende specifieke gemeentelijke informatie beschikbaar. De beschrijving en beoordeling van circulariteit en economische diversiteit is daarom algemener van aard dan bij de overige aspecten. Onderstaand is een reflectie opgenomen in hoeverre het nieuwe beleid kansen en risico’s op positieve dan wel negatieve effecten met zich meebrengt op deze aspecten. Circulariteit Bezien vanuit de omgevingsvisie is vooral relevant de mate waarin grondstoffen worden hergebruikt en de hoeveelheid resterend restafval. Als we dan kijken wat het nieuwe beleid op die vlakken aan kansen op positieve effecten en risico´s op negatieve effecten biedt, dan levert dat het volgende beeld op. In twee beleidsuitspraken wordt aangegeven dat ingezet wordt op circulair bouwen en gebouwengebruik (duurzame energie): a) ontwikkeling shortstay, welness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen en b)

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

52

vernieuwing bestaande bebouwing en ontwikkeling woningen. Dit biedt kansen op efficiënter en/of minder gebruik van grondstoffen. Onduidelijk is nog op welke manier er ingezet wordt op circulair bouwen en wat daar onder verstaan wordt. Geadviseerd wordt om dat te concretiseren en er concrete randvoorwaarden voor op te nemen, zodat kansen ook daadwerkelijk verzilverd worden. Daarnaast zijn er enkele uitspraken gericht op hernieuwbare, schone energie, wat qua grondstoffeneffiency gunstiger is dan energie uit fossiele grondstoffen. Dat gaat om de uitspraken duurzame energie circuit Zandvoort en verduurzamen bestaande bebouwing en opwek van energie. Dat biedt kansen op positieve effecten op het vlak van circulariteit. Dat geldt ook voor stimulering van emissieloos verkeer. Verschillende beleidsuitspraken resulteren in een toename in evenementen en bebouwing, zowel qua voorzieningen als woningen en bedrijvigheid. Voorbeelden daarvan zijn ontwikkeling en versterking sportfuncties, doorontwikkeling Circuitpark Zandvoort, ontwikkeling cultureel aanbod, uitbreiden economische toeristische activiteiten. Daarbij bestaat het risico op meer grondstoffengebruik en toename van restafval. Geadviseerd wordt om tot concreet beleid te komen gericht op beperking en hergebruik van grondstoffen en beperking van restafval vanwege de nieuwe functies en activiteiten waar de omgevingsvisie in voorziet.

Economische diversiteit Omdat de gemeente Zandvoort zich met de omgevingsvisie richt op meer en bredere economische activiteiten dan seizoensgeralateerd toerisme (strand), is vooral gekeken naar toerisme gerelateerde economische activiteiten versus overige economische activiteiten. Als we dan kijken wat het nieuwe beleid op die vlakken aan kansen op positieve effecten en risico´s op negatieve effecten biedt, dan levert dat het volgende beeld op. De omgevingsvisie voorziet in nieuwe economische actviteiten gericht op zowel toeristisme en recreatie als overige sectoren. Beleidsuitspraken met kansen op meer economische activeiteiten buiten toerisme en recreatie zijn versterken kleinschalige wijkeconomie, doorontwikkeling circuitpark Zandvoort en ontwikkeling bedrijvigheid Nieuw-Noord. Dat biedt kansen op vergroting van de econmische diversiteit. Beleidsuitspraken met een mix van toeristisch-recreatieve en activiteiten daarbuiten zijn uitbreiden economische toeristische activiteiten (voorziet in o.a. congressen, evenementen en zakelijke diensten) en ontwikkeling shortstay, wellness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen. Een beleidsuitspraak sterk gericht op toeristischrecreatieve activeiteiten is verbreden aanbod winkels, horeca en overnachtingsmogelijkheden.

Op grond van bovenstaande reflectie kan geconcludeerd worden dat de omgevingsvisie kansen biedt op vergroting van economische activiteit buiten toerisme en recreatie. Tegelijk geeft het ook ruimte aan nieuwe activeiteiten die gericht of gerelateerd zijn aan toerisme en recreatie, die wel minder seizoensgebonden zijn. Dat maakt dat een diversere economie mogelijk is, maar een substanteel diversere economie is niet aannemelijk.

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

53

7

Wat zijn de effecten in Natura 2000-gebieden?

7.1

Passende beoordeling Natura 2000

Omdat het op voorhand niet is uitgesloten dat het nieuwe beleid in de Omgevingsvisie een (significant) negatief effect veroorzaakt op de natuurlijke kenmerken van de omliggende Natura 2000-gebieden is een passende beoordeling opgesteld op grond van de Wet natuurbescherming. Het gaat om de Natura 2000gebieden Kennemerland-Zuid, Polder Westzaan en Noordhollands Duinreservaat. In de passende beoordeling is het nieuwe beleid uit de omgevingsvisie beoordeeld aan de hand van beleidsuitspraken die in het OER zijn geselecteerd. Het gaat om uitspraken die voldoende concreet zijn en die een relatie hebben met de leefomgeving. Deze passende beoordeling beoordeelt per uitspraak of en zo ja hoe groot het risico is op significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden in de omgeving van Zandvoort. Daarbij is getoetst aan de belangrijkste instandhoudingsdoelstellingen van die gebieden. Bij de beoordeling is aangesloten bij het karakter van het strategische beleid in de omgevingsvisie, wat wil zeggen dat de beoordeling op hoofdlijnen is gedaan. Het doel van de passende beoordeling is het in beeld brengen: c. van de risico’s op het optreden van (significant) negatieve effecten op Natura 2000-gebieden als gevolg van het nieuwe beleid van de Omgevingsvisie Zandvoort 2040 en d. met welke maatregelen geconstateerde risico’s voorkomen of beperkt kunnen worden.

Geconstateerde risico’s zijn aandachtspunten waar bij de verdere uitwerking van het beleid rekening mee gehouden moet worden. Op deze manier kan voorkomen worden dat (significant) negatieve effecten op de natuurlijke kenmerken van de Natura 2000-gebieden daadwerkelijk optreden. In de passende beoordeling is naar verschillende storingsfactoren gekeken, zoals effecten van stikstofdepositie, ruimtebeslag, effecten als gevolg van hydrologische veranderingen (bijvoorbeeld verdroging of vernatting) of verstoring door geluid of optische verstoring. Het gaat hierbij om effecten in de gebruiksfase. Effecten als gevolg van de aanlegfase worden in deze passende beoordeling niet meegenomen omdat op basis van het strategische karakter onvoldoende duidelijk is op welke wijze de beleidsuitspraken worden uitgewerkt. De passende beoordeling is opgenomen in bijlage A16A16, onderstaand zijn de hoofdlijnen van de resultaten en conclusies opgenomen.

7.2

Resultaten passende beoordeling

Verschillende beleidsuitspraken van de Omgevingsvisie Zandvoort kunnen tot risico’s leiden op significant negatieve effecten binnen Natura 2000-gebieden. Deze zijn in onderstaande tabel opgenomen. Het gaat met name om negatieve effecten als gevolg van een toename van stikstofdepositie. Aangezien stikstofdepositie een groot knelpunt is in alle omliggende Natura 2000-gebieden en een kleine toename al een significant negatief effect kan veroorzaken, is cumulatie met betrekking tot stikstofdepositie een belangrijk aandachtspunt. Met name voor het aangrenzende Natura 2000-gebied Kennemerland-Zuid. De beleidsuitspraken versterken elkaar in negatieve zin waardoor er in cumulatie een groot risico bestaat op een significant negatief effect. Dat hangt vooral samen met verkeersaantrekkende werking vanwege nieuwe ontwikkelingen. Saldering is een mogelijkheid om negatieve effecten weg te nemen. Wanneer interne saldering te weinig ruimte biedt, kan er ook gekeken worden naar externe saldering, waarbij externe stikstofbronnen worden opgeheven. Dit kan een lastige opgave zijn omdat er weinig agrarische bedrijven in de omgeving aanwezig zijn en saldering eerder gezocht moet worden in andere bedrijvigheid.

De gemeente Zandvoort heeft in haar Omgevingsvisie ook beleidsuitspraken die leiden tot een afname van stikstofdepositie zoals maatregelen die het gebruik van openbaar vervoer en langzaam verkeer (fiets, wandelen) bevorderen. Het is de vraag of deze stikstof reducerende maatregelen voldoende zijn om de 12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

54

stikstoftoename van andere beleidsuitspraken te compenseren, waardoor een cumulatief effect niet is uit te sluiten. Autonome trend is dat wegverkeer steeds minder stikstof uitstoot, bijvoorbeeld door opkomst van elektrische voertuigen. Niettemin kan verwacht worden dat in 2030 en 2040 nog een substantieel deel van het verkeer op fossiele brandstoffen rijdt. Door verder in te zetten op vermindering van autogebruik (strengere parkeernormen, uitbreiding ´auto te gast´) en stimulering van emissieloos verkeer (bijvoorbeeld door middel van het instellen van emissieloze zones en/of inzet op emissieloos shuttleverkeer vanaf P+R aan de rand van Zandvoort) kan uitstoot van stikstof verminderd worden. Dat vergroot de kans op de uitvoerbaarheid van het nieuwe beleid in de omgevingsvisie. In het geval van de nieuwe HOV-verbinding zal bij de verdere uitwerking het ontwerp zo ingericht moeten worden dat het ruimtebeslag binnen habitattypen en leefgebieden wordt voorkomen. Als dit niet mogelijk is, blijft er een groot risico op een significant negatief effect bestaan. Het is de vraag of een vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming verleend kan worden en dit beleid uitvoerbaar is. Tabel 7-1 Beleidsuitspraken uit de Omgevingsvisie Zandvoort met een risico op een significant negatief effect

Beleidsuitspraak

Invloed op Natura 2000

Risico’s op negatief effect

Aandachtspunten bij nadere uitwerking beleid (mitigatie)

Eindbeoordeling

Beleidsuitspraken Omgevingsvisie Zandvoort Beleidsuitspraken 2030

1

2

Ontwikkeling en versterking sportfuncties

Doorontwikkeling Circuitpark Zandvoort

12-5-2021

Uitspraak voorziet in de ontwikkeling van watersport- en durfsportactiviteiten langs de kuststrook, in combinatie met extensieve sport in het duinengebied en een modern multisportcentrum (in bestaande bebouwing). Het gaat om een versterking van de bestaande sport, spel en ontmoetingsfuncties in OudNoord.

Bij de uitwerking van dit beleid moet kritisch gekeken worden naar de omgang met de verkeerstoename om zo De omliggende Natura de invloed op het Natura 2000-gebieden 2000-gebied zoveel Kennemerland-Zuid, mogelijk te beperken. Noordhollands Interne saldering met Duinreservaat en Polder ander beleid zoals (Significant) negatief Westzaan kennen gasloos bouwen of het effect is te habitattypes die (zeer) voorschrijven of voorkomen. De beleidsuitspraak leidt tot een gevoelig zijn voor faciliteren emissieloos toename van sporttoerisme en stikstofdepositie. Bij een vervoer voorkomt voorziet daarmee in een toename is er een kans mogelijk een toename mogelijke toename van op een significant aan stikstofdepositie. (gemotoriseerd) verkeer. negatief effect. Extern salderen is een Hierdoor kan de stikstofdepositie andere mogelijkheid om in omliggende Natura 2000een toename van gebieden mogelijk toenemen. stikstofdepositie te Natura 2000-gebied voorkomen. Kennemerland-Zuid is niet gevoelig voor verstoring. Beleidsuitspraak voorziet in het De omliggende Natura door ontwikkelen van het 2000-gebieden racecircuit tot een (inter)nationaal Kennemerland-Zuid, economisch cluster met Noordhollands autosport in combinatie met Duinreservaat en Polder brede zakelijke dienstverlening Westzaan kennen (congres) en habitattypes die (zeer) publieksevenementen. gevoelig zijn voor

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

Bij de uitwerking van dit beleid moet kritisch gekeken worden naar de (Significant) negatief omgang met de effect is te verkeerstoename om zo voorkomen. de invloed op het Natura 2000-gebied zoveel mogelijk te beperken.

BH3406TPRP2104161327

55

stikstofdepositie. Bij een De beleidsuitspraak leidt tot een toename is er een kans toename van bezoekers en op een significant voorziet daarmee in een toename negatief effect. van (gemotoriseerd) verkeer. Hierdoor kan de stikstofdepositie in omliggende Natura 2000gebieden toenemen. Natura 2000-gebied Kennemerland-Zuid is niet gevoelig voor verstoring.

4

Beleidsuitspraak beoogt een verbreding van toeristische activiteiten naar culturele functies en kleinschalige culturele De omliggende Natura evenementen. Voor grote 2000-gebieden internationale en regionale Kennemerland-Zuid, evenementen is ruimte aan de Noordhollands noord-boulevard. Duinreservaat en Polder Westzaan kennen De beleidsuitspraak leidt tot een habitattypes die (zeer) toename van bezoekers en gevoelig zijn voor voorziet daarmee in een toename stikstofdepositie. Bij een van (gemotoriseerd) verkeer. toename is er een kans Hierdoor kan de stikstofdepositie op een significant in omliggende Natura 2000negatief effect. gebieden mogelijk toenemen. Natura 2000-gebied Kennemerland-Zuid is niet gevoelig voor verstoring.

Ontwikkeling cultureel aanbod

Interne saldering met ander beleid zoals gasloos bouwen of het voorschrijven of faciliteren emissieloos vervoer voorkomt mogelijk een toename aan stikstofdepositie. Extern salderen is een andere mogelijkheid om een toename van stikstofdepositie te voorkomen. Bij de uitwerking van dit beleid moet kritisch gekeken worden naar de omgang met de verkeerstoename om zo de invloed op het Natura 2000-gebied zoveel mogelijk te beperken. Interne saldering met ander beleid zoals (Significant) negatief gasloos bouwen of het effect is te voorschrijven of voorkomen. faciliteren emissieloos vervoer voorkomt mogelijk een toename aan stikstofdepositie. Extern salderen is een andere mogelijkheid om een toename van stikstofdepositie te voorkomen.

Uitspraak beoogt de ontwikkeling en bundeling van winkel-, maatschappelijke en zorgfuncties in de wijk door het creëren van een multifunctioneel wijkcentrum in Nieuw-Noord.

7

Ontwikkelen multifunctioneel wijkcentrum Nieuw Noord

12-5-2021

Bij de uitwerking van dit beleid moet kritisch gekeken worden naar de omgang met de verkeerstoename en/of wijziging in De beleidsuitspraak leidt tot een De omliggende Natura verkeersstromen om zo toename van voorzieningen en 2000-gebieden de invloed op het Natura de daarbij behorende bezoekers. Kennemerland-Zuid, 2000-gebied zoveel Daarmee voorziet de uitspraak in Noordhollands mogelijk te beperken. een in een toename/wijziging van Duinreservaat en Polder Interne saldering met (Significant) negatief verkeersstromen. Westzaan kennen ander beleid zoals effect is te Hierdoor kan de stikstofdepositie habitattypes die (zeer) gasloos bouwen of het voorkomen. in omliggende Natura 2000gevoelig zijn voor voorschrijven of gebieden mogelijk toenemen en stikstofdepositie. Bij een faciliteren emissieloos zijn negatieve invloeden op toename is er een kans vervoer voorkomt Natura 2000-gebieden niet op een significant mogelijk een toename uitgesloten. negatief effect. aan stikstofdepositie. Extern salderen is een Aangenomen wordt dat het andere mogelijkheid om wijkcentrum aardgasvrij wordt een toename van gerealiseerd. Indien dit niet het stikstofdepositie te geval is kan de stikstofdepositie voorkomen. op omliggende Natura 2000gebieden verder toenemen.

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

56

8

Bij de uitwerking van dit beleid moet kritisch gekeken worden naar de Beleidsuitspraak is gericht op het omgang met de geven van impuls geven door verkeersaantrekkende ruimte te geven aan kleinschalige De omliggende Natura werking om zo de invloed werkfuncties en woon2000-gebieden op het Natura 2000werkcombinaties door door meer Kennemerland-Zuid, gebied zoveel mogelijk te flexibiliteit toe te staan binnen de Noordhollands beperken. Interne bestaande bebouwing. Duinreservaat en Polder saldering met ander (Significant) negatief Westzaan kennen beleid zoals gasloos De beleidsuitspraak leidt mogelijk effect is te habitattypes die (zeer) bouwen of het tot een verkeersaantrekkende voorkomen. gevoelig zijn voor voorschrijven of werking door de toename van stikstofdepositie. Bij een faciliteren emissieloos economische activiteit Hierdoor toename is er een kans vervoer voorkomt kan de stikstofdepositie in op een significant mogelijk een toename omliggende Natura 2000negatief effect. aan stikstofdepositie. gebieden toenemen en zijn Extern salderen is een negatieve invloeden op Natura andere mogelijkheid om 2000-gebieden niet uitgesloten. een toename van stikstofdepositie te voorkomen.

Versterken kleinschalige wijkeconomie

Beleidsuitspraken 2040 Uitspraak voorziet in het uitbreiden van economisch toeristische activiteiten langs Noord-boulevard, waaronder realisatie van een sporthotel.

Bij de uitwerking van dit beleid moet kritisch gekeken worden naar de omgang met de De beleidsuitspraak leidt tot een verkeerstoename om zo toename van voorzieningen en De omliggende Natura de invloed op het Natura 2000-gebieden activiteiten en de daarbij 2000-gebied zoveel Kennemerland-Zuid, behorende bezoekers. Daarmee mogelijk te beperken. Noordhollands voorziet de uitspraak in een in Interne saldering met Duinreservaat en Polder een toename van ander beleid zoals (Significant) negatief Westzaan kennen (gemotoriseerd) verkeer. gasloos bouwen of het effect is te Hierdoor kan de stikstofdepositie habitattypes die (zeer) voorschrijven of voorkomen. gevoelig zijn voor in omliggende Natura 2000faciliteren emissieloos stikstofdepositie. Bij een gebieden mogelijk toenemen. vervoer voorkomt toename is er een kans Natura 2000-gebied mogelijk een toename op een significant Kennemerland-Zuid is niet aan stikstofdepositie. negatief effect. gevoelig voor verstoring. Extern salderen is een andere mogelijkheid om Aangenomen wordt dat het een toename van sporthotel aardgasvrij zal worden stikstofdepositie te gerealiseerd. Indien dit niet het voorkomen. geval is kan de stikstofdepositie op omliggende Natura 2000gebieden verder toenemen.

1

Uitbreiden economische toeristische activiteiten

2

Beleidsuitspraak voorziet in De omliggende Natura nieuwe bebouwing voor short2000-gebieden stay, met meervoudig Kennemerland-Zuid, ruimtegebruik van parkeerruimte Ontwikkeling Noordhollands shortstay, wellness, van P-De Zuid. Daarnaast is Duinreservaat en Polder nieuwe bebouwing en/of woonzorg en Westzaan kennen gezondheidsinbreiding voorzien in de habitattypes die (zeer) voorzieningen Kostverlorenbuurt en Nieuw gevoelig zijn voor Unicum, de ontwikkeling van stikstofdepositie. Bij een kleinschalige, innovatieve shorttoename is er een kans stay hotel- en

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

Bij de uitwerking van dit beleid moet kritisch gekeken worden naar de omgang met de verkeerstoename en/of (Significant) negatief wijziging in effect is te verkeersstromen om zo voorkomen. de invloed op het Natura 2000-gebied zoveel mogelijk te beperken. Interne saldering met

BH3406TPRP2104161327

57

woonzorgconcepten en het op een significant versterken van de zorgeconomie negatief effect. en werkgelegenheid rond MScentrum Nieuw Unicum met onder andere een intensivering van nieuwe medische en zorggerelateerde functies binnen de bestaande bebouwingscontour. De beleidsuitspraak leidt tot een toename van voorzieningen en woningen. Daarmee voorziet de uitspraak in een in een verkeersaantrekkende werking. Hierdoor kan de stikstofdepositie in omliggende Natura 2000gebieden toenemen en zijn negatieve invloeden op Natura 2000-gebieden niet uitgesloten.

ander beleid zoals gasloos bouwen of het voorschrijven of faciliteren emissieloos vervoer voorkomt mogelijk een toename aan stikstofdepositie. Extern salderen is een andere mogelijkheid om een toename van stikstofdepositie te voorkomen.

Aangenomen wordt dat de nieuwe voorzieningen en woningen aardgasvrij zullen worden gerealiseerd. Indien dit niet het geval is kan de stikstofdepositie op omliggende Natura 2000-gebieden verder toenemen.

3

Vernieuwen bestaande bebouwing en ontwikkeling woningen

Beleidsuitspraak voorziet in de vernieuwing van bestaande gebouwen (inclusief verduurzaming) en ontwikkeling van nieuwe woningen met hoge standaarden op gebied van duurzame energie, circulair bouwen en natuurinclusief De omliggende Natura inrichten. 2000-gebieden Kennemerland-Zuid, De beleidsuitspraak leidt tot een Noordhollands toename van woningen en Duinreservaat en Polder voorziet daarmee een in een Westzaan kennen verkeersaantrekkende werking. habitattypes die (zeer) Door de verkeersaantrekkende gevoelig zijn voor werking kan de stikstofdepositie stikstofdepositie. Bij een in omliggende Natura 2000toename is er een kans gebieden toenemen en zijn op een significant negatieve invloeden op Natura negatief effect. 2000-gebieden niet uitgesloten. Nieuwe woningen worden aardgasvrij gerealiseerd.4 Indien dit niet het geval is kan de stikstofdepositie op omliggende Natura 2000-gebieden verder toenemen.

Bij de uitwerking van dit beleid moet kritisch gekeken worden naar de omgang met de verkeerstoename om zo de invloed op het Natura 2000-gebied zoveel mogelijk te beperken. Interne saldering met ander beleid zoals (Significant) negatief gasloos bouwen of het effect is te voorschrijven of voorkomen. faciliteren emissieloos vervoer voorkomt mogelijk een toename aan stikstofdepositie. Extern salderen is een andere mogelijkheid om een toename van stikstofdepositie te voorkomen.

4

Per 1 juli 2018 is de Gaswet veranderd, waaronder de gasaansluitplicht. Nieuwe gebouwen krijgen geen gasaansluiting meer. De wetswijziging heeft invloed op de aanvragen voor bouwvergunningen na 30 juni 2018. Deze verandering geldt voor alle kleinverbruikers (max 40 m3 gas/uur), zoals woningen en kleine bedrijfsgebouwen [RVO, 2020]. Aangenomen wordt dat nieuwe bedrijvigheid en voorzieningen die binnen woonkerken worden gerealiseerd vallen onder de kleinverbruikers. 12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

58

9

10

Ontwikkeling bedrijvigheid

Bij de uitwerking van dit beleid moet kritisch gekeken worden naar de Uitspraak voorziet in het omgang met de intensiever benutten van verkeerstoename om zo bedrijventerrein Nieuw-Noord De omliggende Natura de invloed op het Natura door meervoudig en gestapeld 2000-gebieden 2000-gebied zoveel ruimtegebruik. Kennemerland-Zuid, mogelijk te beperken. Noordhollands Interne saldering met De beleidsuitspraak leidt tot Duinreservaat en Polder ander beleid zoals (Significant) negatief toename van bedrijfsactiviteit Westzaan kennen gasloos bouwen of het effect is te activiteiten met een habitattypes die (zeer) voorschrijven of voorkomen. verkeersaantrekkende werking gevoelig zijn voor faciliteren emissieloos stikstofdepositie. Bij een als gevolg. Hierdoor kan de vervoer voorkomt stikstofdepositie in omliggende toename is er een kans mogelijk een toename Natura 2000-gebieden toenemen op een significant aan stikstofdepositie. negatief effect. en zijn negatieve invloeden op Extern salderen is een Natura 2000-gebieden niet andere mogelijkheid om uitgesloten een toename van stikstofdepositie te voorkomen.

Realisatie HOVverbinding

Bij de uitwerking van dit beleid moet kritisch Beleidsuitspraak richt zich op de gekeken worden naar het ontwikkeling van een nieuwe ruimtegebruik op en Negatieve effecten HOV-verbinding langs de langs de op Natura 2000Zandvoortselaan. Dit is géén Natura 2000-gebied Zandvoortselaan om zo gebied zijn niet lightrail, maar een hoogwaardige Kennemerland-Zuid, dat de invloed op het Natura uitgesloten, omdat busverbinding. overlapt of grenst aan 2000-gebied zoveel naar het naar delen van de mogelijk te beperken. Er verwachting niet De beleidsuitspraak leidt tot Zandvoortselaan, kent mag in principe geen mogelijk is om een ruimtebeslag binnen Natura habitattypes en -soorten sprake zijn van nieuwe HOV2000-gebied direct langs de die (zeer) gevoelig zijn ruimtebeslag binnen verbinding te Zandvoortselaan. Hierdoor voor ruimtebeslag. Bij Natura 2000-gebied ter realiseren zonder kunnen habitattypes waarvoor ruimtebeslag is er een hoogte van ruimtebeslag ter het gebied is aangewezen in kans op een significant (zoekgebieden van) hoogte van areaal afnemen waardoor negatief effect. habitattypen en habitattypen en/of negatieve invloeden op Natura leefgebieden van leefgebieden. 2000-gebieden niet zijn soorten. Het is de vraag uitgesloten of een nieuwe busbaan binnen het huidige straat profiel is in te passen

Verduurzamen Uitspraak richt zich op het De omliggende Natura bestaande besparen en efficiënt benutten 2000-gebieden bebouwing & opwek van energie door bestaande Kennemerland-Zuid, van energie bebouwing (woningen, Noordhollands bedrijfsgebouwen en Duinreservaat en Polder Bij de uitwerking van het gemeentelijk vastgoed) in Westzaan kennen beleid moet aandacht zijn Zandvoort te verduurzamen door habitattypes die (zeer) voor de eventuele middel van isoleren van gevoelig zijn voor invulling van de WKO’s. bestaande bebouwing, groen verdroging. De afstand Er zijn systemen (Significant) negatief 12 tot Polder Westzaan en beschikbaar die niet in effect is te gas, uitbreiden warmtenet en open verbinding staan voorkomen. elektrificatie. Afhankelijk van de Noordhollands plek en de mogelijkheden van de Duinreservaat is zodanig met het grondwater. Negatieve effecten bebouwing. Daarnaast is er meer groot dat er een kleine kans is op een significant kunnen voorkomen ruimte voor zonne-energie op worden. daken van bestaande bebouwing negatief effect door veranderingen in het (woningen). grondwatersysteem. Uitspraak voorziet mogelijk in de Deze kans is groter bij Natura 2000-gebied uitbreiding van het warmtenet.

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

59

Op dit moment is niet duidelijk Kennemerland Zuid dat hoe dit warmtenet wordt gevoed. grenst aan de gemeente Indien wordt gekozen voor een Haarlem. WKO-systeem (warmte- en koudebronnen) kunnen negatieve effecten op Natura 2000-gebied niet worden uitgesloten. WKO’s kunnen bestaan uit een open systeem dat in verbinding staat met het grondwater. Negatieve invloeden op de grondwaterkwaliteit en grondwaterstanden (verdroging) zijn niet uitgesloten en kunnen een groot invloedsgebied hebben. Uitspraak is gericht op het ontwikkelen van een breder en hoogwaardiger aanbod van winkels, horeca en overnachtingsmogelijkheden. Slimme arrangementen, evenementen en ruimtelijke verbindingen kunnen dit aanjagen.

Bij de uitwerking van dit beleid moet kritisch gekeken worden naar de omgang met de verkeerstoename om zo De omliggende Natura de invloed op het Natura 2000-gebieden 2000-gebied zoveel Kennemerland-Zuid, mogelijk te beperken. Noordhollands Interne saldering met Verbreden aanbod Duinreservaat en Polder De beleidsuitspraak leidt tot ander beleid zoals (Significant) negatief winkels, horeca, Westzaan kennen 14 toename van activiteiten en de gasloos bouwen of het effect is te overnachtingsmogelij habitattypes die (zeer) daarbij behorende bezoekers. voorschrijven of voorkomen. kheden gevoelig zijn voor Daarmee voorziet de uitspraak in faciliteren emissieloos stikstofdepositie. Bij een een in een toename van vervoer voorkomt toename is er een kans (gemotoriseerd) verkeer. mogelijk een toename op een significant Hierdoor kan de stikstofdepositie aan stikstofdepositie. negatief effect. in omliggende Natura 2000Extern salderen is een gebieden toenemen. andere mogelijkheid om Natura 2000-gebied een toename van Kennemerland-Zuid is niet stikstofdepositie te gevoelig voor verstoring. voorkomen.

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

60

8

Is het nieuwe beleid consistent?

De Omgevingsvisie Zandvoort 2040 schetst een samenhangend, integraal beeld van de Zandvoortse leefomgeving, de opgaven die er liggen, de ambities die de gemeente wil behalen die en wat de gemeente aan nieuw beleid voorneemt om die ambities te behalen. Omdat het om een samenhangend, integraal beeld gaat is van belang dat het voorgenomen beleid voldoende consistent is. Waarbij je zoveel mogelijk wilt voorkomen dat de ene uitspraak voor nieuw beleid afbreuk doet aan een andere uitspraak. En dat je zoveel mogelijk wilt nastreven dat de ene uitspraak de andere versterkt. Want dan kun je spreken van integraal beleid dat in samenhang bijdraagt aan het verbeteren van leefomgevingskwaliteiten en het behalen van ambities. Daartoe zijn in dit OER zogenaamde ‘botsproeven’ uitgevoerd, waarbij de beleidsuitspraken onderling met elkaar zijn geconfronteerd en beoordeeld op potentiële onderlinge versterking en strijdigheid.

8.1

Wijze van beoordeling

In de botsproeven zijn beoordeelde uitspraken over nieuw beleid op systematische wijze onderling met elkaar geconfronteerd, zie bijlage A13. Vervolgens is per confrontatie beoordeeld of er kansen zijn dat de ene beleidsuitspraak de andere kan versterken, en of er risico’s zijn dat de ene uitspraak strijdig kan zijn met de andere of daar afbreuk aan kan doen. Op basis van de karakteristieken in onderstaande tabel is per confrontatie een beoordeling gegeven en ingevuld in de tabel zoals opgenomen in bijlage A13. In bijlage A14 is de onderbouwing bij elke gegeven beoordeling opgenomen. Tabel 8-1: Beoordelingskarakteristieken botsproeven. Beoordeling +

Kans op onderlinge synergie/versterking

-

Risico op onderlinge strijdigheid/afbreuk

+/-

Zowel kans op synergie als risico op strijdigheid

0

Geen kansen of risico’s

n.v.t.

8.2

Geen onderlinge relatie tussen uitspraken

Kansen voor synergie, risico’s op strijdigheden

Op basis van de uitgevoerde beoordeling zoals opgenomen in bijlage A13 is in onderstaande figuur een samenvattend beeld van de resultaten opgenomen. Per uitspraak zijn de opgetelde aantallen kansen en risico’s opgenomen. Het gaat om een rekenkundige optelling, het geeft daarmee een algemeen beeld hoeveel kansen en risico’s er geconstateerd zijn. Overall zijn er met name kansen op synergie geconstateerd, met enkele risico’s op strijdigheid. De uitspraak met de meeste kansen op synergie is ‘verduurzamen bestaande bebouwing en opwek van energie’. Dit betreffen hoofdzakelijk meekoppelkansen die zich voordoen bij de bouw van nieuwe woningen en voorzieningen zoals bouw van een sporthotel, een multifunctioneel wijkcentrum en gezondheidsvoorzieningen. Nieuwbouw wordt aardgasvrij aangelegd, daarnaast kan aanleg van zonnepanelen op daken met de bouw meegenomen worden. Daarnaast doen meekoppelkansen zich voor bij de ontwikkeling van bedrijvigheid en nieuwe parkeergelegenheden. Ook hier zijn kansen in de vorm van het plaatsen van zonnepanelen op daken en verduurzaming van de bebouwing voorzien.

Uitspraken die ook veel kansen op synergie hebben zijn: ‘uitbreiden economische toeristische activiteiten’, ‘vergroenen van de openbare ruimte’, ‘ontwikkeling mobiliteitshubs en openbaar vervoer’, ‘realisatie HOVverbinding’, ‘verbeteren openbare ruimte boulevard Paulus Loot’, ‘ontwikkeling shortstay, welness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen’, ‘vergroten waterbergingscapaciteit’ en ‘doorontwikkeling Circuitpark Zandvoort’. De ‘ontwikkeling van mobiliteitshubs en openbaar vervoer’ en de ‘realisatie HOV12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

61

verbinding’ vormen een kans op synergie met ‘uitbreiden economische toeristische activiteiten’, ‘ontwikkeling shortstay, welness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen’ en ‘doorontwikkeling Circuitpark Zandvoort’. Zo kan inzet op een nieuwe HOV-verbinding bijvoorbeeld resulteren in een verbeterde toegankelijkheid/bereikbaarheid van (nieuwe) toeristische en economische voorzieningen. Voor ‘vergoenen van de openbare ruimte’ en ‘vergroten waterbergingscapaciteit’ geldt dat er sprake is van meekoppelkansen bij uitspraken gericht op ontwikkeling van de openbare ruimte. Hierbij kan vergroening en het vergroten van waterbergingscapaciteit meegenomen worden bij bijvoorbeeld de ‘ontwikkeling shortstay, wellness, woonzorg en gezondheidsvoorzieningen’ en ‘verbeteren openbare ruimte boulevard Paulus Loot’. De overige uitspraken laten met name kansen op synergie zien, zij het in mindere mate dan bovenstaande uitspraken. Voorbeelden van uitspraken waar sprake is van synergie zijn ‘ontwikkeling ontmoetingsplekken’ en ‘ontwikkeling multifunctioneel wijkcentrum Nieuw-Noord’. Bij de ontwikkeling van het multifunctionele wijkcentrum kan ruimte gecreëerd worden voor ontmoetingsplekken. De uitspraak met meer risico’s op strijdigheid dan kansen op synergie is ‘ontwikkelen parkeren 2040’. Dit komt met name doordat de parkeercapaciteit gelijk blijft aan de huidige situatie.

Met uitbreiding van voorzieningen en activiteiten kan dit resulteren in een toename op de parkeerdruk. Voorbeelden van uitspraken die gericht zijn op uitbreiding van voorzieningen zijn ‘ontwikkeling en versterking sportfuncties’, ‘ontwikkeling cultureel aanbod’, ‘uitbreiden economische toeristische activiteiten’ en ‘verbreden aanbod winkels, horeca en overnachtingsmogelijkheden’.

Figuur 8-1: Resultaten botsproeven beleidsuitspraken.

12-5-2021

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

BH3406TPRP2104161327

62

9

Draagt het nieuwe beleid bij aan het halen van ambities?

9.1

Wijze van beoordeling

Het doelbereik van het nieuwe beleid is als volgt in beeld gebracht. De vijf ambities van de omgevingsvisie zijn elk gekoppeld aan de beoordelingsaspecten van het OER die een relatie hebben met de betreffende ambitie. Vervolgens is op basis van de bij de beoordelingsaspecten behorende effecten zoals beschreven in hoofdstuk 6 beoordeeld in hoeverre het te verwachten is dat het nieuwe beleid bijdraagt aan het halen van ambities. Dat is ook weer gedaan in termen van kansen en risico’s. De beoordeling van doelbereik is opgenomen in bijlage A15. Daarbij is gebruik gemaakt van het aangeven van smileys: ☺ Op grond van de effectbeoordeling is overwegend sprake van kansen op positieve effecten, en daarmee kans op bijdrage aan behalen ambitie.  Op grond van de effectbeoordeling is overwegend geen sprake van kansen of risico’s of aantal kansen en risico’s zijn overwegend in evenwicht, en daarmee beperkt of geen kansen op bijdragen aan behalen ambitie.  Op grond van de effectbeoordeling is overwegend sprake van risico’s op negatieve effecten, en daarmee risico’s op afbreuk aan de ambitie.

Behalen van ambities: kansen en risico’s

9.2 1.

Economie: een stevige jaarrond economie ontwikkelen

Deelambities Diversiteit Zandvoortse economie is vergroot, dat betekent dat een toename in aantal banen in de kans-sectoren van de Economische Visie Zandvoort (sport, zorg, zakelijke dienstverlening, detailhandel en horeca) is gerealiseerd De omgevingsvisie biedt overwegend kansen om hier positief aan bij te dragen. Het aantal banen in kans-sectoren kan als gevolg van nieuw beleid vergroot worden. Onduidelijk is wat de omvang en verdeling van de nieuwe banen zijn en in hoeverre dit bijdraagt aan het vergroten van het aantal banen in de kans-sectoren in verhouding tot banen gerelateerd aan toerisme. ‘Werken aan zee’ is toegenomen. Dat betekent dat meer ruimte voor flexwerkplekken, vergaderingen en ruimte voor de zakelijke toerist is gerealiseerd. De omgevingsvisie biedt overwegend kansen om hier positief aan bij te dragen. Aantal & aandeel verblijfstoeristen in Zandvoort is vergroot De omgevingsvisie biedt overwegend kansen om hier positief aan bij te dragen. Bestaande bedrijvenlocaties zijn vernieuwd en het aantal banen is hier toegenomen De omgevingsvisie biedt overwegend kansen om hier positief aan bij te dragen. Toename leegstand wordt voorkomen De omgevingsvisie voorziet niet in beleid om leegstand te voorkomen. Hierdoor is het niet aannemelijk dat bijgedragen wordt aan de ambitie.

Aantal gevestigde bedrijven in Zandvoort is toegenomen De omgevingsvisie biedt overwegend kansen om hier positief aan bij te dragen. Beroepsbevolking als percentage van de potentiële beroepsbevolking is toegenomen (werkloosheid onder Zandvoorters is afgenomen) De omgevingsvisie biedt overwegend kansen om hier positief aan bij te dragen.

Gerelateerde beoordelingsaspecten

Werkgelegenheid en aanbod arbeidskrachten

12-5-2021

Kwaliteitsniveau autonome ontwikkeling 2030

Autonome trend

=

OER OMGEVINGSVISIE ZANDVOORT 2040

Omgevingsvisie 2030

2040

☺

☺

BH3406TPRP2104161327

63

Conclusie De omgevingsvisie draagt aan de meeste onderdelen van deze ambitie positief bij. Met het nieuwe beleid is een diversere economie mogelijk, maar een substanteelsubstantieel diversere economie is niet aannemelijk.

2.

Samenleving: sociale samenhang en ontmoeting stimuleren

Deelambities De intensiteit van het gebruik van de openbare ruimte voor sport en beweging is toegenomen De omgevingsvisie biedt overwegend kansen om hier positief aan bij te dragen. Fiets- en wandelverbindingen tussen aangrenzende delen van het dorp zijn verbeterd De omgevingsvisie biedt overwegend kansen om hier positief aan bij te dragen. Ieder woning beschikt over een ontmoetingsplaats in de openbare ruimte op loopafstand (300m) De omgevingsvisie biedt overwegend kansen om hier positief aan bij te dragen. Of binnen 300 meter van iedere woning een ontmoetingsplek is gerealiseerd is afhankelijk van de exacte, daadwerkelijke hoeveelheid ontmoetingsplekken die er bij gaan komen. Iedere woning beschikt over een sociaal-maatschappelijke voorzieningencluster op fietsafstand (2km) De omgevingsvisie biedt overwegend kansen om hier positief aan bij te dragen. Of binnen 2 kilometer van iedere woning een sociaal-maatschappelijk voorzieningencluster is gerealiseerd is afhankelijk van de exacte, daadwerkelijke hoeveelheid sociaalmaatschappelijke voorzieningenclusters die er bij gaan komen. De eerste lijn zorgvoorzieningen voor ouderen is beter toegankelijk geworden De omgevingsvisie biedt overwegend kansen om hier positief aan bij te dragen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10176055/2