CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Besluitenlijst 22 juni 2021

Gemeenteraad 22 juni 2021, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Verslag en besluitenlijst30.206 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

beleidsmatige advisering.

De financiële middelen worden in verband daarmee vanuit het Provinciefonds naar

Gemeentefonds overgeheveld. Om straks namens gemeenten deze taak op hetzelfde niveau te kunnen blijven uitvoeren, doet de ODIJ een beroep op deze bijdrage in het gemeentefonds voor Zandvoort. Dit bedrag zal daarmee deel gaan uitmaken van de structurele Zandvoortse bijdrage aan de ODIJ( GR-bijdrage). Voor de gemeente Zandvoort is

deze bijdrage begroot op € 39.290. In bijlage 1 van de concept begroting 2022 wordt aangegeven hoe men tot de bijdrage voor

bodeminformatie is gekomen.

Kenmerk: 2021/229457

3/6

De bijdrage aan de GR voor de gemeente Zandvoort in 2022 € 159.055 bedraagt.

2.3

GR-bijdragen

GR-bijdrage voor

Bijdrage

Bodemoverdracht

GR-bijdrage na

deelnemers

bodemoverdracht

IOV*

o.b.v. inwoners

bodemoverdracht

Zandvoort

€ 116.764

€3.000

€39.290

€ 159.055

Er zijn geen bezwnren op de begroting 2022 von de ODIJ voor de overige voorgestelde bijdrage aan de verschillende DVO's en andere werkzaamheden voor Zandvoort. De gemeente Zandvoort heeft een aantal dienstverleningsovereenkomsten met de

omgevingsdienst. In de begroting van de omgevingsdienst is hiervoor in totaal een bedrag van € 808.461 opgenomen. Dit bedrag is opgebouwd uit de in de onderstaande uitbesteden werkzaamheden. bedrag

2.4

Dienstverleningsovereenkomst Toeristische verhuur Woningen

€ 133.615

Dienstverleningsovereenkomst uitvoering Bouw- en woningtoezicht (Wabotaken)

€541.896

Dienstverleningsovereenkomst overige milieutaken

€ 117.950

Geluidsmetingen bij Circuit

€ 15.000

De in de begroting 2021-2024 van de gemeente Zandvoort beschikbare gestelde budgetten

voor de werkzaamheden van de Omgevingsdienst zijn toereikend om de begrote werkzaamheden uit te voeren. De meerjarenbegroting is structureel en reëel in evenwicht er vanuit gaande dat de dienstverlenings-overeenkomsten gecontinueerd blijven.

Voor de prognose 2023 tot en met 2025 wordt conform de Kadernota 2021 uitgegaan van jaarlijks verwachte stijgingen van alle lasten van 2,5%. Met eventuele cao-stijgingen, anders

dan het door de VNG met de vakbonden afgesloten onderhandelingsakkoord cao 20192020, is geen rekening gehouden. Een nog onzekere financiële factor voor

meerjarenbegroting zijn de toekomstige ontwikkelingen die nog op de omgevingsdienst afkomen. Wij noemen er een aantal:

De Omqevinqswet

Naar verwachting treedt per 1 januari 2022 de Omgevingswet in werking. Dat betekent dat de werkwijze voor de uitvoering van VThMaken vanaf dat moment is afgestemd op de

Omgevingswet. Ook de gelijktijdig geplande invoering van de Wet kwaliteitsborging bouw (WkB) is hierbij van invloed. De kaders voor de toetsing van vergunningaanvragen en de

regels waarop wordt toegezien veranderen hierdoor.

1 Vergunningen, toezicht en handhaving

Kenmerk: 2021/229457

4/6

Leges voor milieuvergunningen Onder de Omgevingswet wordt het mogelijk om leges te gaan heffen voor

milieuvergunningen (dit is nu wettelijk nog niet toegestaan). Voor alle gemeenten in haar

werkgebied die dat wensen zal door de ODIJ onderzocht worden wat hiervoor de mogelijkheden zijn. Zij zal daartoe ook een voorstel voor Zandvoort opstellen. In haar begroting van 2022 kon ODIJ hiermee, in afwachting van de besluiten van de afzonderlijke gemeenten hierover, nog geen rekening houden.

Energie- en warmtetransitie

De energietransitie vormt ook in 2022 een majeur thema binnen het overheidsbeleid op het

gebied van milieu en duurzaamheid. Eind 2019 is het landelijke Klimaatakkoord vastgesteld.

Hierin zijn maatregelen opgenomen op het gebied van elektriciteit, industrie, mobiliteit,

gebouwde omgeving en landbouw en landgebruik. Opgeteld dienen de maatregelen te leiden tot een landelijke CO2-reductie van 49% in het jaar 2030 en 95% in 2050 (t.o.v. 1990).

Op rijks, provinciaal en regionaal niveau worden verschillende agenda's en programma's

uitgerold om in 2050 een energie neutrale samenleving te realiseren. Lokale overheden hebben een belangrijke rol bij het behalen van deze doelstelling. Op regionaal niveau worden hiertoe regionale energiestrategieën en op lokaal niveau transitievisies warmte

ontwikkeld.

De meerwaarde van ODIJ in deze opgave is gelegen in de bundeling van kennis op regionaal vlak, zowel technisch als procesmatig. De gevolgen van de Coronapandemie

Momenteel zit Nederland nog midden in de Coronapandemie. Deze heeft ook impact de werkzaamheden van ODIJ. De medewerkers werken bijna volledig vanaf huis. Het

thuiswerken is met (extra) investeringen in de ICT gefaciliteerd. Voor een aantal projecten is uitstel verleend, zoals het omvangrijke project Regeling Reductie Energie.

Jggrrekening 2020 De jaarrekening 2020 zal op 7 juli in het de vergadering van het Algemeen Bestuur van de

ODIJ worden vastgesteld. Het jaar 2020 werd afgesloten met een positief

exploitatieresultaat van € 471.047 (voornamelijk vanwege invloed van de coronacrisis op de werkzaamheden). Een deel van dit resultaat (tenminste een bedrag van € 115.000) is

bestemd voor het verhogen van de algemene reserve van (nu) 260K naar binnen drie jaar (vereist) 467K, zodat ODIJ zelf in staat is eventuele tegenslagen op te vangen. Over het

restant van het exploitatieresultaat neemt het Algemeen Bestuur een besluit op 7 juli a.s. 5. Risico's en kanttekeningen

Kenmerk: 2021/229457

5/6

2.1

Hoewel de inwerkingtreding van de Omgevingswet is gepland op 1-1-2022, bestaat de mogelijkheid dat deze nog eens wordt uitgesteld.

Bij het opstellen van de begroting 2022 is de ODIJ uitgegaan van de geplande ingangsdatum van de Omgevingswet, zijnde 1-1-2022. Omdat de inwerkingtreding van deze wet al

meerdere malen is uitgesteld en de le Kamer deze wet binnenkort opnieuw bespreekt, moet worden afgewacht of de wet op de geplande datum in werking kan treden. Uiteraard heeft een eventueel nieuw uitstel doorwerking op de geplande werkzaamheden van de ODIJ voor 2022. 2.2

Bij het opstellen van deze begroting is er van uit gegaan dat uitsluitend digitaal werken in verband met Covid niet meer nodig is. Logischerwijs zal de organisatie van het werk bij ODIJ opnieuw anders moeten worden ingericht als Covid daar nog steeds, of eventueel opnieuw aanleiding toe geeft.

6. Uitvoering Zodra de raad zijn zienswijze over de begroting 2022 van de ODIJ heeft gegeven, wordt deze schriftelijk medegedeeld aan de directeur van de ODIJ. 7. Bijlagen Bijlage 1: aanbiedingsbrief begroting 2022 ODIJ; Bijlage 2: concept begroting 2022 ODIJ;

Bijlage 3: kadernota 2022 ODIJ. i

Kenmerk: 2021/229457

6/6

Gemeente Zandvoort

Raadsstuk

Onderwerp Vaststellen Verordening wijziging afvalstoffenverordening Zandvoort 2020

Nummer

2021/213092________________________________________________________

Portefeuillehouder

Verheij-de Haas, E.___________________________________________________

Programma/beleidsveld

5.1 Openbare ruimte en mobiliteit______________________________________

Afdeling____________

BBOR______________________________________________________________

Auteur_____________

Westerhoven, M. van_________________________________________________

Telefoonnummer_____

023-5113106________________________________________________________

Email_______________

mvanwesterhoven@haarlem.nl_________________________________________ Sinds 1 juli 2020 is het landelijk Besluit gescheiden inzameling van huishoudelijke

Kernboodschap

afvalstoffen van kracht. Daarin staat onder andere de verplichting voor

gemeenten opgenomen om de bestanddelen kunststoffen en metalen afzonderlijk gescheiden in te zamelen. Onder bepaalde voorwaarden is het toegestaan deze twee stromen gezamenlijk met elkaar en andere stromen in te zamelen. In

Zandvoort is dit reeds het geval, met de inzameling van de fractie PBD (Plastic,

Blik, Drankenkartons), zoals in veel andere gemeenten. Deze vorm van inzamelen

dient volgens het Besluit dan expliciet in de afvalstoffenverordening te worden benoemd.

Via een verordening tot wijziging van de afvalstoffenverordening geeft de

gemeente Zandvoort uitvoering. Deze wijziging diende eerst wettelijk een inspraakprocedure te ondergaan. De ontwerp verordening heeft de wettelijk

voorgeschreven zes weken ter inzage gelegen. Er is één zienswijze van een bewoner binnengekomen. Deze betrof niet de Verordening, maar een aanmerking

op het nieuwe inzamelsysteem en is beantwoord (bijlage 3). Het is nu aan de raad om de verordening vast te stellen. Behandelvoorstel voor

commissie

De commissie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college in paragraaf 2 en over de wijze van agendering van het raadsstuk in de

raadsvergadering.

Relevante eerdere besluiten

Vaststelling Afvalstoffenverordening Zandvoort 2020 (2020/404326) d.d. 26 mei 2020.

Kenmerk: 2021/213092

1/4

Besluit College

Het college van burgemeester en wethouders

d.d. 18 mei 2021

Besluit:

1. het voorstel aan de raad vast te stellen.

de burgemeester.

de secretaris,

Besluit Raad d.d. 22 juni 2021

De raad der gemeente Zandvoort,

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, Besluit:

1.

de Verordening tot wijziging van de Afvalstoffenverordening Zandvoort 2020 (bijlage 1) vast te stellen.

de griffier.

de vo'

1. Inleiding De Wet milieubeheer (hierna: Wm) stelt gemeenten verplicht een afvalstoffenverordening te

hebben. In de verordening en het hieraan gekoppelde uitvoeringsbesluit zijn de gemeentelijke regels vastgelegd met betrekking tot de huishoudelijke afvalinzameling. De afvalstoffenverordening

beschrijft de uitgangspunten van het afvalbeheer in de gemeente Zandvoort. De implementatie van het Besluit gescheiden inzameling huishoudelijke afvalstoffen, van kracht sinds 1 juli 2020, maakt wijziging van de Afvalstoffenverordening noodzakelijk. Het gezamenlijk in plaats

van afzonderlijk inzamelen van kunststoffen en metalen in de vorm van PBD, zoals dat in Zandvoort net als in veel andere gemeenten plaatsvindt, is toegestaan mits dit grondstoffen oplevert waarvan het potentieel en de kwaliteit vergelijkbaar zijn met die welke door middel van afzonderlijke

inzameling worden bereikt. Zandvoort voldoet aan deze voorwaarden waaronder deze vorm van inzamelen is toegestaan. Met een wijzigingsverordening wordt voor artikel 7 een aangepaste tekst

vastgesteld (bijlagen 1 en 2), waarin voortaan staat benoemd dat kunststoffen en metalen samen met drankenkartons als één fractie PBD gezamenlijk worden ingezameld.

2. Voorstel aan de raad Het college stelt de raad voor:

Kenmerk: 2021/213092

2/4

1. de Verordening tot wijziging van de Afvalstoffenverordening Zandvoort 2020 (bijlage 1) vast te stellen.

3. Beoogd resultaat

Met het vaststellen van de wijziging van de afvalstoffenverordening wordt de bestaande praktijk van de gezamenlijke inzameling van kunststoffen en metalen samen met drankenkartons in de vorm van PBD juridisch verankerd. Omdat dit reeds bestaande praktijk is en volgens het Besluit gescheiden inzameling huishoudelijke afvalstoffen gemeenten dit per 1 januari 2021 in hun afvalstoffen­ verordening dienen te hebben opgenomen, treedt de verordening met terugwerkende kracht op 1 januari 2021 in werking.

4. Argumenten 4.1 Het besluit past in het ingezet beleid Zandvoort zamelt reeds enige tijd kunststoffen en metalen gezamenlijk via de fractie PBD in. Met

aanpassing van de afvalstoffenverordening is deze praktijk voortaan ook op juiste wijze juridisch verankerd.

4.2 Een actuele afvalstoffenverordening is verplicht De afvalstoffenverordening geeft uitvoering aan de betreffende bepalingen van de Wet milieubeheer (Wm) waarmee het kader is gesteld voor het beheer van huishoudelijke en andere afvalstoffen. Op grond van artikel 10.23 Wm zijn gemeenten verplicht een afvalstoffenverordening vast te stellen en actueel te houden in het belang van de bescherming van het milieu. Het Besluit Gescheiden

inzameling huishoudelijke afvalstoffen verplicht gemeenten deze nieuwe regelgeving voor 1 januari

2021 in de verordening te hebben aangepast.

4.3 Financiën Er zijn geen financiële consequenties verbonden aan de vaststelling en uitvoering van deze Verordening. De inzameling van PBD vindt immers al geruime tijd plaats.

5. Risico's en kanttekeningen

Volgens het Besluit gescheiden inzameling huishoudelijke afvalstoffen dienen gemeenten de

afvalstoffenverordening uiterlijk op 1 januari 2021 aan te passen. Dit bleek niet haalbaar te zijn. De

door de Vereniging voor Nederlandse Gemeenten (VNG) voor september 2020 aangekondigde aangepaste modelverordening bleef bovendien uit. Om toch zoveel mogelijk tegemoet te komen aan de regels van het rijk en vanwege de vereiste inspraakperiode van zes weken, heeft Zandvoort hier

niet op gewacht en al eind 2020 het proces om te komen tot wijziging van de verordening in gang gezet. Met die wijziging voldoet Zandvoort aan de landelijke regelgeving conform het Besluit gescheiden inzameling huishoudelijke afvalstoffen. De nieuwe modelverordening van de VNG, die in

Kenmerk: 2021/213092

3/4

de tussentijd (eind maart 2021) alsnog is gepubliceerd, blijkt verder te gaan dan wat nu wettelijk volgens het Besluit is vereist en zaken te bevatten die daarbuiten vallen. De benodigde aanpassingen die toepassing van de modelverordening met zich meebrengt, zijn daarmee te veelomvattend om in

een wijzigingsverordening op te nemen. Wanneer over 1 of 2 jaar weer aanpassingen nodig zijn,

zoals in het kader van de aankomende Omgevingswet, zal de nieuwe modelverordening als basis worden genomen om een nieuwe afvalstoffenverordening voor Zandvoort vast te stellen. 6. Uitvoering Na vaststelling door de raad maakt de gemeente de verordening bekend via de gemeenschappelijke

voorziening voor officiële publicaties op de website www.officielebekendmakingen.nl. Het raadsbesluit wordt verder ook bekendgemaakt op de gemeentelijke website en op de gemeentelijke informatiepagina.

7. Bijlagen

1. Verordening wijziging Afvalstoffenverordening Zandvoort 2020 2. Was wordt tabel Verordening wijziging Afvalstoffenverordening Zandvoort 2020 3. Inspraaknotitie Verordening wijziging Afvalstoffenverordening Zandvoort 2020

Kenmerk: 2021/213092

4/4

Gemeente Zandvoort

Raadsstuk

Onderwerp Ontwerp Jaarverslag 2020 en Ontwerp Jaarplan 2022 GR Regionale Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland Nummer

2021/255415_______________________________________________________

Portefeuillehouder

Verheij-de Haas, E.___________________________________________________

Programma/beleidsveld

5.1 Openbare ruimte en mobiliteit______________________________________

Afdeling____________

BBOR_____________________________________________________________

Auteur_____________

Colijn, D.___________________________________________________________

Telefoonnummer_____

023-5113628_______________________________________________________

Email

dcolijn@haarlem.nl__________________________________________________ De gemeente Zandvoort neemt samen met de gemeenten Bloemendaal, Haarlem

Kernboodschap

en Heemstede, deel aan de Gemeenschappelijke Regeling (GR) Regionale

Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland. Elk jaar doet het Algemeen Bestuur (Stuurgroep Regionale Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland) van de GR verslag van

het voorgaande jaar en benoemt zij de voorgenomen acties en projecten in een jaarplan.

In het jaarplan en begroting voor 2022 is tevens een overzicht opgenomen van de uitgaven ten laste van het mobiliteitsfonds. In dit mobiliteitsfonds wordt jaarlijks

een in 2013 vastgestelde bijdrage gestort door de vier deelnemers. Met vaststelling van de begroting stemt de raad in met de voorgenomen

financiering van studies, projecten en overige kosten uit het Mobiliteitsfonds voor

het jaar2022.

Tevens laat de stuurgroep zien welke stappen, raadsbesluiten en raadsinformatie zij voorziet voor de komende jaren.

Behandelvoorstel voor

De commissie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van

commissie

het college in paragraaf 2 en over de wijze van agendering van het raadsstuk in de

raadsvergadering. Relevante eerdere

De vigerende bereikbaarheidsvisie van Regio Zuid-Kennemerland 2011

besluiten

Gemeenschappelijke regeling en mobiliteitsfonds 2013 Jaarplan 2021 van de GR Regionale Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland.

Kenmerk: 2021/255415

1/5

Besluit College

Het college van burgemeester en wethouders

d.d. 18 mei 2021

Besluit: 1.

het voorstel aan de raad vast te stellen.

de burgemeester,

de secretaris.

Besluit Raad d.d. 22 juni 2021

De raad der gemeente Zandvoort,

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, Besluit: 1.

Akkoord te gaan met het ontwerp-jaarplan en begroting 2022 van de

Gemeenschappelijke Regeling Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland; 2.

Dit standpunt als zienswijze aan het Bestuur van de Gemeenschappelijke

Regeling Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland mee te delen.

de voorzi

de griffier,

1. Inleiding

r.

—

Zandvoort neemt samen met de gemeenten Bloemendaal, Haarlémen Heemstede, deel in de

Gemeenschappelijke Regeling (GR) Zuid-Kennemerland Bereikbaar. Het bestuur van de regeling heeft het ontwerp-jaarplan en begroting voor 2022 opgesteld. Deze stukken worden aan de deelnemers

voorgelegd, zodat zij hun zienswijze op de stukken kunnen geven. De stukken moeten op grond van

de Wet Gemeenschappelijke Regelingen uiterlijk 15 juli 2021 worden toegestuurd aan de financieel

toezichthouder, de Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland. 2. Voorstel aan de raad Het college stelt de raad voor: 1. Akkoord te gaan met het ontwerp-jaarplan en begroting 2022 van de Gemeenschappelijke 2.

Regeling Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland; Dit standpunt als zienswijze aan het Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland mee te delen.

Kenmerk: 2021/255415

2/5

3. Beoogd resultaat De raden van de deelnemende gemeenten geven hun zienswijze op het ontwerp jaarplan en begroting en delen deze mee aan het bestuur van de GR, zodat deze het jaarplan en begroting definitief vast kunnen stellen.

4. Argumenten 1.

Het ontwerp-jaarplan en begroting 2022 sluiten aan op eerdere besluitvorming

Zowel het ontwerp-jaarverslag en jaarrekening 2020 als Jaarplan en begroting 2022 zijn conform eerdere besluitvorming. Dit ontwerp-jaarverslag, inclusief Jaarrekening bevat de feitelijke rapportage over het afgelopen jaar. Deze is u ter kennisname toegestuurd.

Overeenkomstig de suggestie van de toezichthouder (provincie Noord-Holland) hebben we het Jaarplan en de begroting verder verduidelijkt. De stukken kennen daarom een licht gewijzigde opzet. De begroting 2022 is niet meer opgezet langs de modaliteiten, maar opgezet langs zeven

programma's, waaronder de projecten vallen. Niet elk project is apart begroot, maar de programma's zijn begroot. Dit resulteert in een begroting op hoofdlijnen. 2.

De vier gemeenten verbreden en verdiepen de regionale samenwerking

Het komende jaar wordt de goede samenwerking tussen de vier regiogemeenten voortgezet. Daarnaast zien wij de toenemende samenwerking met Haarlemmermeer, de IJmond-gemeenten en de provincie als bijzonder waardevol. Ook zien wij, op een breder vlak dan alleen bereikbaarheid, dat

onze positie in de MRA steeds duidelijker wordt. Een positie die wij graag uitbouwen en bestendigen, door te laten zien dat wij willen samenwerken en hierop resultaten behalen op diverse regionale onderwerpen. 3.

De grondslag voor de financiële bijdragen van de deelnemende gemeenten is ongewijzigd

De jaarlijkse bijdragen van de vier gemeenten aan het mobiliteitsfonds zijn gebaseerd op inwoneraantal en bedragen:

• Bloemendaal € 161.000 • Heemstede

€ 190.000

• Haarlem

€1.090.000

■ Zandvoort

€ 121.000

Naar aanleiding van opmerkingen uit enkele gemeenten wordt in deze begroting ingegaan op de grondslag voor de financiële bijdragen die door de deelnemers worden gedaan.

4.

De structuur voor Jaarplan en begroting 2022 is iets aangepast

Het ontwerp-jaarverslag is opgezet zoals u dit van ons gewend bent. Het betreft een verslag van het afgelopen jaar. Dit doen we langs de modaliteiten zoals we die al sinds de oprichting van de GR ZKL

Kenmerk: 2021/255415

3/5

en het mobiliteitsfonds gebruiken. Daarnaast maakt de jaarrekening ook deel uit van het ontwerpjaarverslag. Ontwerp-Jaarplan en begroting 2022 zijn iets anders van opzet dan voorgaande jaren. Allereerst is de

opzet langs de modaliteiten losgelaten, en is overgegaan naar zeven programmalijnen. In deze programmalijnen zijn de bestaande inhoudelijke projecten ondergebracht. Deze overgang is vorig jaar aangekondigd en is in lijn met het raamwerk van de nog aan te passen en daarna vast te stellen Bereikbaarheidsvisie. In het ontwerp-jaarplan wordt dit nader toegelicht.

Ten tweede is op een andere manier begroot. Tot op heden werd in onze begroting elk individueel project separaat benoemd en begroot. In deze begroting hebben wij op het niveau van de programmalijnen begroot, waaronder een aantal projecten vallen. Dit is de tweede stap in vorig jaar

aangekondigde overgang. Daarom noemen wij deze begroting ook een begroting op hoofdlijnen. De indeling in drie onderdelen van de begroting - het projectdeel, het werkdeel en het vrije deel - is hetzelfde gebleven.

Met uitzonderling van de extra middelen voor het benutten OV-capaciteit, zijn geen nieuwe projecten toegevoegd.

Onderzoek HOV Zandvoort - Heemstede - Haarlemmermeer en verder, is opgenomen 5. Het onderzoek HOV-verbinding Zandvoort-Heemstede-Haarlemmermeer, wordt betrokken bij de

tweede fase Regionaal Toekomstbeeld OV. Onder andere door te sturen op een kwalitatief goede aansluiting van Zandvoort op station Heemstede-Aerdenhout en de nieuw te ontwikkelen mobiliteitsknoop Haarlem Nieuw-Zuid. Met laatstgenoemde aansluiting moeten onder andere de

OV-mogelijkheden naar het Spaarneziekenhuis Hoofddorp, Amsterdam Zuid en Schiphol een impuls krijgen. Andersom worden de reismogelijkheden van bezoekers naar Zandvoort vergroot.

Een verbeterde bus-route Zandvoort - Haarlemmermeer zal eveneens worden meegenomen in de

regionale inbreng voor een nieuwe concessieperiode na 2027.

6.

De GR reserveert middelen voor herstel van het OV na Coronapandemie

Door de Coronapandemie is een deel van het OV-aanbod (op regionale lijnen) onder druk komen te staan en is al meer dan 5% van het aanbod geschrapt. Het bestuur van de GR heeft besloten om de provincie te ondersteunen met het doel om na de pandemie het reizigersgebruik zo snel mogelijk

weer op het oude niveau te krijgen. Daarom heeft de regio voor 2022 € 150.000 vrijgemaakt om te

ondersteunen bij (campagne) activiteiten van bijvoorbeeld de provincie Noord-Holland om dat te realiseren. Hierbij streven wij naar het behoud van zoveel mogelijk bestaande OV-verbindingen in

onze regio. Zandvoort beoogt daarnaast een campagne met NS en/of DB (Deutsche Bahn), gericht op de trein

naarZandvoort.

Kenmerk: 2021/255415

4/5

7.

Participatie en inspraak

De Klankbordgroep Regionale Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland wordt in juli 2021 geïnformeerd over de raadsbesluiten over het jaarverslag en jaarrekening 2020 en jaarplan en begroting 2022.

5. Risico's en kanttekeningen n.v.t.. 6. Uitvoering

Het bestuur van de GR Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland zal na ontvangst van de zienswijzen van de deelnemende gemeenten de documenten vaststellen, rekening houdend met de ingebrachte

zienswijzen. De vastgestelde stukken worden uiterlijk 15 juli 2021 aangeboden aan de financieel

toezichthouder, de provincie Noord-Holland. 7. Bijlagen Brief over proces Jaarstukken, dd 15 april 2021 (Kenmerk: PG/2021/220843)

Jaarverslag en Jaarrekening 2020 Jaarplan en begroting 2022

Kenmerk: 2021/255415

5/5

Gemeente Zandvoort

Raadsstuk

z_______________________________________________________ Onderwerp

Zienswijze geven op Verstedelijkingsconcept MRA, versie 2 Zandvoort Nummer

2021/272568________________________________________________________

Portefeuillehouder

Verheij-de Haas, E.___________________________________________________

Programma/beleidsveld

4.1 Duurzame stedelijke ontwikkeling____________________________________

Afdeling____________

OMB______________________________________________________________

Auteur_____________

Dekker, M.O.A.______________________________________________________

Telefoonnummer_____

023-5113978________________________________________________________

Email_______________

mdekker@haarlem.nl_________________________________________________

Kernboodschap

Zandvoort werkt (via Zuid-Kennemerland) sinds 2020 in MRA verband samen met het Rijk aan een Verstedelijkingsstrategie. Deze Verstedelijkingsstrategie vormt de basis voor afspraken met het Rijk en de Metropoolregio Amsterdam (MRA) over wonen, werken, mobiliteit, verduurzaming, landschap etc. Het gaat hier niet om

nieuwe beleidsafspraken, maar om de samenhangende ruimtelijke consequenties van de verschillende thema's in de regio de komende decennia. Tijdens het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (BO MIRT) van november 2021 met de bewindslieden worden hier met het Rijk nadere afspraken over gemaakt. Maar eerst worden raden en staten nu gevraagd om hun

zienswijze te geven op het voorliggende Verstedelijkingsconcept. De Verstedelijkingsstrategie wordt definitief vastgesteld in de raden en staten na het BO MIRT.___________________________________________________________ Behandelvoorstel voor commissie

De commissie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college in paragraaf 2 en over de wijze van agendering van het raadsstuk in de

raadsvergadering.

Relevante eerdere

Deelname aan convenant Versterking samenwerking Metropoolregio

besluiten

Amsterdam (2016/11/000371) in de raadsvergadering 20 december 2016 Vaststellen MRA Agenda (2020/245997) in maart 2020_______________

Besluit College

Het college van burgemeester en wethouders

d.d.25 mei 2021

Besluit:

1.

Het voorstel aan de raad vast te stellen.

de burgemeester,

de secretaris.

Kenmerk: 2021/272568

1/5

Besluit Raad d.d. 22 juni 2021

De raad der gemeente Zandvoort,

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders. Besluit: 1. De in dit paragraaf 4 van dit raadsstuk opgenomen zienswijze af te geven op het Verstedelijkingconcept van de Metropoolregio Amsterdam; de voorzi'

de griffier,

r,

1. Inleiding Het Rijk werkt sinds een aantal jaren steeds vaker programmatisch samen met de stedelijke regio's van Nederland vanwege de steeds complexere verstedelijkingsvraagstukken die zich daar voordoen. Het MRA programma Samen Bouwen aan Bereikbaarheid en de Verstedelijkingsstrategie zijn hier voorbeelden van. De groei in de regio is namelijk aanzienlijk, de ruimte is beperkt en verschillende

thema's grijpen complex op elkaar in. Het oplossen van de wooncrisis, maar ook het faciliteren van de economische groei kan niet zonder maatregelen op het gebied van bereikbaarheid. Deze maatregelen waren toch al noodzakelijk en zeker ook voor Zuid-Kennemerland.. Verder is het

raadzaam om de gebiedsontwikkeling duurzaam te combineren met energietransitie, circulaire bouw en klimaatadaptatie, maar ook met een gezonde leefomgeving en een sociaal evenwicht in dorp en regio.

Sinds de vaststelling van de MRA Agenda werkt Zandvoort (via Zuid-Kennemerland) sinds 2020 in MRA verband samen met het Rijk aan een Verstedelijkingsconcept, waarin de genoemde thema's

een plaats hebben gekregen. Het gaat hier niet om nieuwe beleidsafspraken, maar om de ruimtelijke consequenties van de verschillende, gecombineerde thema's voor de regio de komende decennia. In twee regionale radenbijeenkomsten zijn de vorderingen toegelicht met de hier voorgelegde tussenstand als voorlopige uitkomst. Tijdens het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma

Infrastructuur Ruimte en Transport (BO MIRT) van november 2021 met de bewindslieden worden met het Rijk nadere afspraken gemaakt. Maar eerst worden raden en staten gevraagd om hun

zienswijze te geven op het voorliggende Verstedelijkingsconcept, met name de ambities en de keuzevraagstukken die voor Zuid-Kennemerland expliciet zijn opgenomen op pagina 57-61 van het

Verstedelijkingsconcept. De Verstedelijkingsstrategie wordt definitief vastgesteld in de raden en staten na het BO MIRT.

Kenmerk: 2021/272568

2/5

2. Voorstel aan de raad

Het college stelt de raad voor: 1. De in dit paragraaf 4 van dit raadsstuk opgenomen zienswijze af te geven op het

Verstedelijkingsconcept van de Metropoolregio Amsterdam;

3. Beoogd resultaat Op basis van de zienswijzen van alle deelnemers in de MRA zal de Verstedelijkingsstrategie worden aangepast alvorens besproken te worden tijdens het BO MIRT dit najaar, voorzien van een aantal afspraken tussen Rijk en Regio over de gezamenlijke aanpak van de uitvoering. De

Verstedelijkingsstrategie wordt daarna definitief vastgesteld in alle raden en staten.

4. Argumenten

Programmatische samenwerking Rijk en Regio Het is goed dat een complexe ontwikkeling als de verstedelijking in onze regio met consequenties voor leefomgeving, economie, woningbouw, mobiliteit en verduurzaming wordt aangepakt in samenhangende programma's en dat hiertoe een dagelijkse samenwerking met het Rijk is ontstaan. Het Rijk is een belangrijke partner bij de meeste thema's. Het is de bedoeling dat de Verstedelijkingsstrategie leidt tot snellere investeringsbesluiten bij Rijk en Regio. Ambities en keuzevraagstukken Het Verstedelijkingsconcept brengt de ambities van de verschillende deelregio's (en dus ook die van Zuid-Kennemerland) goed in beeld, en ook de complexiteit ervan, bijvoorbeeld: - de gebiedsontwikkeling rond knooppunten met goed bereikbare woningbouw en economische

functies - het belang van recreatie en natuur rond de steden met nieuwe verbindingszones - een goed functionerend mobiliteitssysteem in de regio Zuid-Kennemerland voor regionaal verkeer

en vervoer - kustversterking op de langere termijn als gevolg van zeespiegelstijging in combinatie met upgrading van de badplaatsen. De grotere, ruimtelijke keuzevraagstukken in de MRA zijn meer in het Noordzeekanaalgebied

gepositioneerd. Woningbouw, havenbedrijven, waterstof, circulaire economie en landschap strijden om de ruimte. Zienswijze De Zandvoortse raad is in beginsel positief over de rijk-regio samenwerking in de Verstedelijkingsstrategie Wel is de raad kritisch op de (wederom) korte reactietermijn die vanuit het MRA-bureau geboden wordt voor de bestuurlijke behandeling. Graag een volgende keer een realistisch tijdspad aanhouden.

Kenmerk: 2021/272568

3/5

Het concept van de polycentrische metropool sluit goed aan op de waarde die de afzonderlijke deelregio's hebben voor de MRA Er komen de komende decennia complexe ontwikkelingen op ons af en het is goed dat er op regionale schaal, samen met het Rijk, integraal nagedacht wordt over de ruimtelijke consequenties hiervan De raad vraagt wel meer aandacht voor de uitwerking van de economische functie. De onderbouwing van de spreiding van werkgelegenheid over de regio is nog mager. De economische en toeristische ambitie van Zandvoort is steviger dan nu in het Verstedelijkingsconcept staat verwoord. VoorZuid-Kennemerland en in het bijzonder voor Zandvoort is recreatie en toerisme een hele belangrijke economische pijler. Dit verdient in de Verstedelijkingsstrategie meer aandacht. Zandvoort heeft de ambitie om als dé badplaats van de MRA "werken aan zee" te stimuleren als onderscheidend werkmilieu in de MRA. Deze ontwikkeling hangt sterk samen met de aanwezigheid van het station. Graag zou Zandvoort ook zien dat voor de knooppuntontwikkeling naar de stationsomgeving van Zandvoort wordt gekeken. De omgeving van het station Zandvoort aan Zee met het Entreegebied en Badhuisplein biedt kansen voor het toevoegen van werk- en commerciële functies. Hier wordt de uitstraling van Zandvoort de komende jaren fors verbeterd. Het belang van recreatie wordt de komende jaren steeds groter.

Voor Zandvoort is naast de kustrecreatie ook de natuurrecreatie van belang. Om in de toenemende recreatieve en toeristische vraag in de MRA te kunnen voorzien gaat Zandvoort graag regionaal het gesprek aan over de ontwikkeling van meer jaarrond voorzieningen aan de kust. Een ander belangrijk punt dat onvoldoende in het Verstedelijkingsconcept naar voren komt is de bereikbaarheid van de kust voor alle modaliteiten. Deze modaliteiten zijn gelijkwaardig en de auto blijft ook in komende jaren belangrijk voor een goede bereikbaarheid; investeringen in infrastructuur kunnen niet achterwege blijven. Eén van de maatregelen die leidt tot een verbetering van de bereikbaarheid van de kust is de aanleg van de verbinding A208-A9 (de zogenaamde "Velser verbinding"). Uitbreiding van het Nationaal Park is een goede zaak, maar mag er niet toe leiden dat aan de kust de ruimte voor economische en toeristische ontwikkeling verder ingeperkt wordt. Het is een goede zaak dat, in het licht van de klimaatveranderingen, de noodzaak tot versterking van de kustverdediging wordt onderzocht. Zandvoort wil graag met het rijk en de regio verkennen wat dit kan betekenen voor Zandvoort en de ontwikkeling van de boulevardzone.

5. Risico's en kanttekeningen De Verstedelijkingsstrategie moet bij voorkeur een instrument zijn dat inzicht biedt in de ruimtelijke opbouw van de MRA en helpt bij het maken van ruimtelijke keuzes en ruimtelijke investeringen de

komende decennia. Daarnaast moet het de samenwerking, zowel met het Rijk als in de MRA zelf,

bevorderen. Als de deelnemers aan de MRA onderling of met het Rijk teveel van mening verschillen kan de voortgang van de verstedelijking vertraagd worden met onvoldoende huizen, banen of leefkwaliteit als gevolg.

Kenmerk: 2021/272568

4/5

6. Uitvoering De MRA wil graag vóór het zomerreces van de deelnemers hun zienswijze op het

Verstedelijkingsconcept ontvangen. Hierna wordt de zomer gebruikt voor het verwerken van de reacties en het voltooien van de Verstedelijkingsstrategie voor het BO MIRT. De Verstedelijkingstrategie wordt definitief vastgesteld in de raden en staten begin 2022. De

Verstedelijkingsstrategie vormt de basis voor Rijk-regio afspraken en zal benut worden in de relevante regionale projecten en programma's.

7. Bijlagen Bijlage 1: informatiebrief raden en staten Verstedelijkingsstrategie 12 mei 2021.pdf Bijlage 2: 210512_MRA_Verstedelijkingsconcept VERSIE_2.pdf

Kenmerk: 2021/272568

5/5

Gemeente Zandvoort

Raadsstuk

Onderwerp

Vaststellen Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond: Zandvoort 2021

Nummer

2021/215236_______________________________________________________

Portefeuillehouder

Bluijs, GJ.__________________________________________________________

Programma/beleidsveld

4.1 Duurzame stedelijke ontwikkeling____________________________________

Afdeling____________

ECDW_____________________________________________________________

Auteur_____________

Tichelaar, T._________________________________________________________

Telefoonnummer_____

023-5114840________________________________________________________

Email_______________

ttichelaar@haarlem.nl________________________________________________

Kernboodschap

De raad wordt voorgesteld de Huisvestingsverordening ZuidKennemerland/IJmond: Zandvoort 2021 vast te stellen. Deze verordening is

identiek aan de huidige verordening van 2020. Het opnieuw en in ongewijzigde vorm vaststellen van de huidige verordening is een procedurele handeling om voldoende tijd te hebben voor het opstellen van een nieuwe huisvestingsverordening, die naar verwachting op 1 januari 2022 van kracht zal

worden voor een periode van vier jaar. Bij het opstellen van de nieuwe verordening wordt aangesloten bij de inhoud, planning en het proces dat gezamenlijk met de regiogemeenten wordt doorlopen. Ter voorbereiding van die

nieuwe verordening wordt een uitgangspuntennotitie opgesteld die separaat

medio 2021 aan de raad wordt aangeboden.______________________________ Behandelvoorstel voor

commissie

De commissie Ruimte en Economie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college in paragraaf 2 en over de wijze van agendering

van het raadsstuk in de raadsvergadering._________________________________

Wijzigingen Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond:

Relevante eerdere besluiten

Zandvoort 2020 kenmerk 2020/734365 (Gemeenteraad 27 oktober 2020). Raadsinformatiebrief 'Wet toeristische verhuur van woonruimte' kenmerk

______ 2021/141042 (Raadsnet Mededelingen aan de Raad 13 april 2021).______ Besluit College

Het college van burgemeester en wethouders

d.d. 11 mei 2021

Besluit:

1.

Het voorstel aan de raad vast te stellen.

de burgemeester.

de secretaris,

Kenmerk: 2021/215236

1/6

Besluit Raad

De raad der gemeente Zandvoort,

d.d. 22 juni 2021

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders,

Besluit: 1.

De Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond: Zandvoort 2021 vast te stellen.

de griffier, \

1. Inleiding De HuisvestingsverordeningZuid-Kennemerland/IJmond: Zandvoort 2020 vervalt op 1 juli 2021. De wet bepaalt dat een huisvestingsverordening maximaal vier jaar geldig is. In de huisvestingsverordening worden regels gesteld voor de toewijzing van goedkope huurwoningen en voor het houden van grip op de samenstelling van de bestaande woningvoorraad. Dit was en blijft

nodig, omdat sprake is van schaarste aan woningen. Daarom komt er een nieuwe huisvestingsverordening, die de huidige verordening vervangt.

Er spelen begin 2021 enkele ontwikkelingen die aanleiding geven tot wijzigingen in de huisvestingsverordening. Het gaat om: informatie over de woonruimteverdeling in 2020;

de wijziging van de Huisvestingswet om regels te stellen aan toeristische verhuur van

woonruimten (Wet toeristische verhuur van woonruimte). Wij willen die ontwikkelingen zorgvuldig bestuderen en maatregelen voorbereiden voor een

huisvestingsverordening die naar wens sturing geeft aan de woningmarkt. Dit lukt niet vóór 1 juli 2021. Daarom stelt het college de raad voor om de huidige huisvestingsverordening in ongewijzigde vorm opnieuw vast te stellen onder de titel 'Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond:

Zandvoort 2021'. Volgens de huidige planning geldt het continueren van de huidige verordening voor een halfjaar, tot 1 januari 2022. De verordening inclusief de toelichting daarop is bijgevoegd (zie bijlage 1). Het

opnieuw en ongewijzigd vaststellen - in plaats van de looptijd van de huidige verordening verlengen - is wettelijk vereist, omdat de Huisvestingswet bepaalt dat een huisvestingsverordening maximaal vier jaar van kracht is. Het is logisch dat een huisvestingsverordening niet wordt vastgesteld voor onbepaalde tijd. Want aan het vaststellen van de verordening zit een inspanningsverplichting vast:

zorgen dat de schaarste verdwijnt. Gemeenten stellen volkshuisvestingsbeleid op en maken afspraken met derden waarmee zij de schaarste bestrijden. Elke vier jaar wordt bij de vaststelling van een nieuwe huisvestingsverordening beoordeeld of er sprake is van schaarste. De wet bepaalt tevens

Kenmerk: 2021/215236

2/6

dat de huisvestingsverordening in afstemming met regiogemeenten, corporaties,

huurdersorganisaties en stakeholders wordt opgesteld. 2. Voorstel aan de raad Het college stelt de raad voor: 1. De Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond: Zandvoort 2021 vast te stellen.

3. Beoogd resultaat Door de Huisvestingsverordening 2021 vast te stellen blijven de regels voor toewijzing van goedkope huurwoningen in stand, houden we grip op de samenstelling van de bestaande woningvoorraad en is er voldoende tijd om een nieuwe verordening op te stellen - die per 1 januari 2022 in gaat voor een

periode van vier jaar. 4. Argumenten

Het ongewijzigd vaststellen van de Huisvestingsverordening is noodzakelijk om bestaand beleid uit te kunnen blijven voeren. De huidige Huisvestingsverordening loopt per 1 juli 2021 af. Het ongewijzigd vaststellen van de

verordening is nodig om schaarse huurwoningen in Zandvoort ook na 1 juli 2021 rechtvaardig en evenwichtig te blijven verdelen en om de leefbaarheid te beschermen. Er is sprake van schaarste, veroorzaakt door een toegenomen druk (starters, extramuralisering, huisvesting van spoedzoekers)

in combinatie met een beperkte doorstroming. Bepaalde doelgroepen hebben een kleinere kans op

de woningmarkt. Een verordening is daarom doelmatig en wordt proportioneel geacht. De raad heeft middels de Woonvisie en het Uitvoeringsprogramma Wonen beleid opgesteld om de schaarste te bestrijden. Ingezet wordt op het toevoegen van 630 woningen aan de Zandvoorste woningvoorraad.

Er wordt niet alleen 30% sociaal toegevoegd, maar ook worden betaalbare en middeldure (huur)

woningen toegevoegd om doorstroom vanuit de sociale huursector mogelijk te maken. Er is nadere informatie nodig voor de nieuwe huisvestingsverordening.

Bij het opstellen van een nieuwe huisvestingsverordening is het essentieel om:

•

goed en trendmatig inzicht te hebben in de cijfers rond de woonruimteverdeling in de sociale

huursector; •

goed inzicht te hebben in de mogelijkheden om te sturen in de samenstelling van de voorraad (waaronder de nieuwe Wet toeristische verhuur van woonruimte);

•

goed samen te werken met gemeenten, corporaties, huurdersvertegenwoordigers en andere

stakeholders. Zowel landelijk als regionaal zijn er verschillende ontwikkelingen waardoor wij op dit moment onvoldoende inzicht hebben in bovenstaande punten:

a.

Een actueel beeld van de situatie op de sociale woningmarkt.

Kenmerk: 2021/215236

3/6

In november 2018 zijn verschillende woonruimteverdeelsystemen in de regio ZuidKennemerland/IJmond samengevoegd in één aanbodmodel onder Woonservice. Woonservice Kennermerland heeft het evaluatierapport over het samenvoegen van de

woonruimteverdeelsystemen aan de gemeenteraad ter beschikking gesteld (zie dossier 'Volkshuisvesting' op Raadsnet). De jaarcijfers over 2020 komen niet eerder dan in april 2021 beschikbaar. De informatie uit beide rapportages worden met de regiogemeente en de corporaties besproken en wordt gebruikt als input voor de nieuwe verordening. Dat kan niet als een nieuwe huisvestingsverordening op 1 juli 2021 wordt vastgesteld.

b. Regels samenstelling voorraad herijken 1) Wet toeristische verhuur van woonruimte.

Op 1 januari 2021 is de Huisvestingswet gewijzigd. Die wijziging is bedoeld om de mogelijkheden van gemeenten te vergroten om toeristische verhuur van woningen te reguleren (zie Raadsbrief 'Wet toeristische verhuur van woonruimte' 13 april 2021). De huidige regels in de huisvestingsverordening moeten worden aangepast aan de gewijzigde wetgeving. Om de registratieplicht te implementeren wordt een landelijk registratiesysteem

ontwikkeld. De verwachting is dat Zandvoort eind dit jaar op het systeem kan aansluiten. Daarnaast kunnen gemeenten aansluiten bij de dóórontwikkeling van het registratiesysteem

naar een meldsysteem, waarmee de meldplicht technisch mogelijk wordt. Inspelen op de nieuwe wetgeving is niet mogelijk als de nieuwe huisvestingsverordening op 1 juli 2021 wordt vastgesteld. 2) Wetsvoorstel Opkoopbescherming.

Voor bestaande woningen waren er tot dusver geen mogelijkheden om deze te 'beschermen' tegen beleggers. Middels het Wetsvoorstel 'Opkoopbescherming en verruiming mogelijkheden tijdelijke huurcontracten' moet daar verandering in komen (het is dus nog niet vastgesteld). Door de minister wordt voorgesteld om aan de Huisvestingswet tijdelijk

bepalingen toe te voegen die het mogelijk maken voor gemeenten om de goedkope en middeldure koopwoningen beschikbaar te houden voor eigenaar-bewoners. De

opkoopbescherming kan gelden in buurten waarin er schaarste is aan goedkope en middeldure koopwoningen en dit leidt tot onevenwichtige en onrechtvaardige effecten

(starters en mensen met een middeninkomen die niet aan een woning kunnen komen) en/of wanneer de leefbaarheid in de buurt wordt aangetast door de opkoop van deze woningen voor de verhuur. Om de wet te kunnen toepassen moeten noodzaak, geschiktheid en

proportionaliteit worden aangetoond. Tijdens het opstellen van de nieuwe huisvestingsverordening worden de ontwikkelingen rond de opkoopbescherming gevolgd en zo nodig en mogelijk opgenomen in de nieuwe verordening.

Kenmerk: 2021/215236

4/6

c. Regionale samenwerking vraagt tijd. Conform de Huisvestingswet, maar vooral omdat de gemeente onderdeel van één woningmarktregio Zuid-Kennemerland/IJmond is, stemmen gemeenten de verordening

zoveel mogelijk af. De regels die de raad in de verordening stelt hebben invloed op het aantal

woningzoekenden en/of de slaagkansen in de regio. Daarnaast zijn er corporaties (waaronder Pré Wonen, Woonzorg Nederland) en zorgpartijen (o.a. Kennemerhart, RIBW/KAM) die actief zijn in meerdere gemeenten, waarvoor het praktisch is om in de basis gelijkluidende regels te hebben. Die gelijkluidende regels zijn geen dogma; er is ruimte voor lokaal maatwerk. Regionale afstemming kost echter tijd. Dat betekent voor het proces om tot een verordening te komen dat de voorbereidingstijd aanzienlijk is waarbij gemeenten hun eigen processen

volgen en prioriteiten stellen en wanneer wenselijk lokaal maatwerk toepassen. Een afgestemde verordening is op 1 juli 2021 niet haalbaar. 5. Risico's en kanttekeningen

Er zijn geen risico's verbonden aan het doorgaan met de huidige verordening. In de regio Zuid-Kennemerland/IJmond is er schaarste aan goedkope woningen (zie bijlage 2). Een huisvestingsverordening is onontbeerlijk. De huidige verordening met de passendheids- en urgentieregels, voldoet voor een groot deel. Er zijn daarom geen risico's verbonden aan het tijdelijk

doorgaan met de huidige verordening. Inhoudelijk debat vindt plaats bij de uitgangspuntennotitie Het opnieuw en ongewijzigd vaststellen van de huidige huisvestingsverordening is een procedurele

handeling om de huidige regels over de woonruimteverdeling nog een halfjaar te continueren en daardoor voldoende tijd te hebben voor het opstellen van een nieuwe huisvestingsverordening. Het inhoudelijk debat over de nieuwe verordening zal worden gevoerd aan de hand van de

uitgangspuntennotitie die medio 2021 aan de raad wordt gestuurd.

6. Uitvoering

Na vaststelling van deze ongewijzigde verordening door de raad wordt deze 'digitaal' gepubliceerd

via Overheid.nl, met de vermelding dat de verordening geldt vanaf 1 juli 2021. Betrokken partners,

waaronder Pré Wonen, Woonzorg Nederland, het Huurders Platform Zandvoord, en Woonservice Kennemerland worden over het besluit geïnformeerd. Een uitgangspuntennotitie voor een nieuwe huisvestingsverordening wordt aan alle raadscommissies

in de regio voorgelegd. Woonservice en de woningcorporaties in de regio zijn actief betrokken in het proces van het opstellen van deze uitgangspuntennotitie. De komende maanden wordt, op basis van de uitgangspunten en in samenspraak met de gemeenteraad, alle regiogemeenten, corporaties, huurdersorganisaties, een nieuwe verordening opgesteld met ruimte voor lokaal maatwerk. De

nieuwe verordening kent wel wijzigingen ten opzichte van de Huisvestingsverordening 2021. De nieuwe verordening wordt in het vierde kwartaal ter vaststelling aangeboden aan de gemeenteraad.

Kenmerk: 2021/215236

5/6

7. Bijlagen 1. Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond: Zandvoort 2021 (kenmerk 2021/0219202). 2. Schaarsteonderbouwing (kenmerk 2021/0223407).

Kenmerk: 2021/215236

6/6

Gemeente Zandvoort

Raadsstuk

Onderwerp

Wijziging Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap Zuid Kennemerland (Paswerk)

Nummer

2021/249772________________________________________________________

Portefeuillehouder

Bluijs, GJ.__________________________________________________________

Programma/beleidsveld

3.1 Werk___________________________________________________________

Afdeling____________

Wl________________________________________________________________

Auteur______________

Outvorst, A. van_____________________________________________________

Telefoonnummer

023-5114211________________________________________________________

Email

avanoutvorst@haarlem.nl_____________________________________________

Kernboodschap

De gemeenten Bloemendaal, Heemstede, Haarlem en Zandvoort zijn in januari 2021 akkoord gegaan met de vorming van een Participatiebedrijf. De

Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland bekend

als Paswerk wordt omgevormd tot een Gemeenschappelijke regeling

Participatiebedrijf. Het bedrijf wordt uitgebreid met de volgende taken: beschut werk en re-integratie (op grond van de Participatiewet) en leerwerktrajecten voor jongeren zonder start- en beroepskwalificatie (op grond van de Wet voortijdig schoolverlaten). De raad moet toestemming geven aan het college wanneer een

Gemeenschappelijke regeling wordt gewijzigd. Behandelvoorstel voor

De raadscommissie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel

commissie

van het college in paragraaf 2 en over de wijze van agendering van het raadsstuk

in de raadsvergadering.______________________________________________

Relevante eerdere besluiten_______

Onderwerp: besluit vorming Participatiebedrijf, raad van 26 januari 2021

Besluit College

Het college van burgemeester en wethouders

d.d. 18 mei 2021

Besluit: 1. Het voorstel aan de raad vast te stellen.

(2020/1137529).____________________________________________________

de burgemeester,

de secretaris,

Kenmerk: 2021/249772

1/4

Besluit Raad d.d. 22 juni 2021

De raad der gemeente Zandvoort,

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders,

Besluit: 1. Het college toestemming te verlenen op grond van artikel 1, tweede lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen om de gewijzigde Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland

vast te stellen. De oude regeling uit 2016 komt hiermee te vervallen. de griffier,

de vo<

itter.

1. Inleiding De gemeenten Bloemendaal, Heemstede, Haarlem en Zandvoort zijn in januari 2021 akkoord gegaan met de vorming van een Participatiebedrijf. Het bedrijf wordt uitgebreid met de volgende taken: beschut werk en re-integratie (op grond van de Participatiewet) en leerwerktrajecten voor jongeren zonder start- en beroepskwalificatie (op grond van de Wet voortijdig schoolverlaten).

Naar aanleiding van deze besluitvorming moet de tekst van de bestaande gemeenschappelijke regeling worden gewijzigd. Het bestuur van Paswerk heeft inmiddels een aangepaste regeling opgesteld en wil deze voorleggen aan het college. De raad moet toestemming geven aan het college wanneer een gemeenschappelijke regeling wordt gewijzigd (op grond van artikel 1, tweede lid van de GR).

In het overzicht aanpassingen gemeenschappelijke regeling Paswerk 2022 (bijlage 1) zijn de wijzigingen geel gearceerd en worden deze toegelicht. Bijlage 2 betreft de volledige tekst van de aangepaste regeling.

2. Voorstel aan de raad Het college stelt de raad voor: 2. Het college toestemming te verlenen op grond van artikel 1, tweede lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen om de gewijzigde Gemeenschappelijke regeling

Werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland vast te stellen. De oude regeling uit 2016 komt hiermee te vervallen.

Kenmerk: 2021/249772

2/4

3. Beoogd resultaat Aanpassing van de Gemeenschappelijke regeling Zuid-Kennemerland waardoor de gemeenschappelijke regeling voor de Sociale werkvoorziening wordt omgevormd tot de Gemeenschappelijke regeling Participatiebedrijf.

4. Argumenten In verband met de omvorming naar een participatiebedrijf worden in de tekst van de GR de nieuwe taken beschut werk, re-integratie voor werkzoekenden met een overbrugbare afstand tot de

arbeidsmarkt en leerwerktrajecten voor jongeren zonder start- of beroepskwalificatie opgenomen Volgens het raadsbesluit (zie kopje eerder relevante besluiten) worden in de preambule en artikel 2,3,4,7 en 8 de taken toegevoegd. Ook wordt de werkwijze aangevuld en wordt de rol van het

Leerplein in de besluitvorming rond Perspectief vastgelegd (leerwerktrajecten voor jongeren zonder beroeps- of startkwalificiatie). Stemverhoudingen doen meer recht aan het aandeel per gemeente in het bestuur De stemverhoudingen komen aan de orde in artikel 9 van de GR 2022. In de vergadering van het bestuur heeft het lid uit Haarlem 3 stemmen en de leden uit Heemstede, Bloemendaal en Zandvoort ieder 1 stem (was: Haarlem 4 stemmen, de leden uit Heemstede en Bloemendaal ieder 2 stemmen

en het lid uit Zandvoort 1 stem). Met deze aanpassing wordt meer recht gedaan aan het aandeel van Haarlem van meer dan 80 procent in het bedrijf. Haarlem kan een besluit blokkeren maar omdat het bestuur besluit met meerderheid van stemmen heeft Haarlem voor een besluit wel de steun nodig

van andere gemeente(n). Op die manier wordt toch voor voldoende draagvlak gezorgd in het bestuur.

Door artikel 20 wordt de kostenverdeling per taak jaarlijks inzichtelijk gemaakt

In artikel 20 van de GR 2022 wordt de kostenverdeling bepaald. Een aanvulling is artikel 20, lid 2. Dit

artikel geeft aan dat het exploitatieresultaat per programma wordt vastgesteld en opgenomen in de jaarrekening. Hierdoor blijven de verschillende onderdelen transparant. Het gaat om de volgende

onderdelen: •

• •

Programma 'Werk' - Uitvoering Wet sociale werkvoorziening (Wsw) - Uitvoering 'Nieuw beschut werk' - Duurzame activiteiten gericht op werk Programma 'Re-integratie' Programma 'Jongeren'

5. Risico's en kanttekeningen

Wetsvoorstel wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen nog niet meegenomen Er is wetsvoorstel in de maak voor een nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen. Het wetsvoorstel ligt op dit moment nog bij de Tweede kamer ter bespreking. De wijzigingen zijn

Kenmerk: 2021/249772

3/4

daarmee nog niet definitief en de datum van inwerkingtreding staat nog niet vast1. Bovendien

hebben de inhoudelijke wijzigingen van de nieuwe Wgr zoals die er nu liggen, betrekking op het

beter positioneren van de raden bij de gemeenschappelijke regelingen en het aanscherpen van de regels bij uittreding uit de gemeenschappelijke regeling. Tamelijk grote onderwerpen die in breder verband binnen de gemeente maar ook regionaal in samenwerking met de andere gemeenten

moeten worden bediscussieerd en afgestemd. Het onderwerp is derhalve nog te prematuur en de

invoeringsdatum te onzeker om nu al mee te nemen bij de huidige wijzigingen van de gemeenschappelijke regeling. Wanneer de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen is vastgesteld

komt dit onderwerp weer op de agenda bij de raden van de deelnemende gemeenten. 6. Uitvoering

Op 21 april 2021 is het bestuur van Paswerk akkoord gegaan met de concept-aanpassingen van de gemeenschappelijke regeling. In Haarlem en de andere deelnemende gemeenten wordt nu de besluitvormingsprocedure doorlopen. Juni: behandeling van de aangepaste regeling in de raden

Juli: vaststelling gewijzigde gemeenschappelijke regeling door de colleges augustus/september: definitieve besluitvorming bestuur Paswerk December: bekendmaking van het wijzigingsbesluit via www.overheid.nl

1 januari 2022: inwerkingtreding van de nieuwe gemeenschappelijke regeling Participatiebedrijf ZuidKennemerland

7. Bijlagen

1. Verseonnr. 2021/249987 Overzicht aanpassingen Gemeenschappelijke regeling (Paswerk) 2. Verseonnr. 2021/024990 Tekst gewijzigde Gemeenschappelijke regeling Participatiebedrijf 2022 (Paswerk)

1 De wijzigingen gaan op zijn vroegst 1 januari 2022 in, met een implementatietermijn van twee jaar.

Kenmerk: 2021/249772

4/4

Gemeente Zandvoort

Raadsstuk

Onderwerp Begroting 2022 voor het Participatiebedrijf (Paswerk)

Nummer

2021/233200________________________________________________________

Portefeuillehouder

Bluijs, GJ.__________________________________________________________

Programma/beleidsveld

3.1 Werk___________________________________________________________

Afdeling____________

Wl________________________________________________________________

Auteur_____________

Outvorst, A. van______________________________________________________

Telefoonnummer_____

023-5114211________________________________________________________

Email_______________

avanoutvorst@haarlem.nl_____________________________________________

Kernboodschap

De gemeenten Bloemendaal, Haarlem, Heemstede en Zandvoort zijn in januari

2021 akkoord gegaan met de vorming van een Participatiebedrijf. Dit betekent dat de gemeenschappelijke regeling voor de sociale werkvoorziening wordt omgevormd tot een Participatiebedrijf en uitgebreid met drie taken: beschut werk

en re-integratie (op grond van de Participatiewet) en leerwerktrajecten voor jongeren zonder start- of beroepskwalificatie (op grond van Wet voortijdig schoolverlaten). Het begrotingsjaar 2022 is het eerste jaar waarin het

Participatiebedrijf in zijn nieuwe opzet functioneert. Het bestuur van het werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland (Paswerk) heeft op donderdag 15 april 2021 ingestemd met de ontwerpbegroting voor 2022. De raden van de aan de gemeenschappelijke regeling Paswerk deelnemende gemeenten worden in de

gelegenheid gesteld hun zienswijze over de ontwerpbegroting kenbaar te maken aan het bestuur van Paswerk.

De exploitatie van het nieuwe Participatiebedrijf als geheel is kostendekkend. De financiële middelen die door gemeenten ter beschikking worden gesteld worden

direct aangewend voor de uitvoering van de taken op het gebied van betaald werk en ondersteuning naar betaald werk. De uitvoering van de sociale werkvoorziening

is kostendekkend. Van de gemeenten wordt geen extra bijdrage gevraagd naast de

reguliere bijdrage sociale werkvoorziening die het Rijk ter beschikking stelt. Ook het onderdeel re-integratie en leerwerktrajecten voor jongeren zonder beroeps­

of startkwalificatie worden zijn kostendekkend en kunnen worden uitgevoerd binnen de ter beschikking gestelde budgetten voor het jaar 2022. Voor het onderdeel beschut werk zijn de rijksbudgetten niet toereikend en wordt een aanvullende bijdrage van de gemeenten gevraagd. Bij de vorming van het

Participatiebedrijf is een ontwikkelopgave opgelegd waarbij het tekort op beschut werk in drie jaar moet worden teruggedrongen. De ontwikkelopgave is in de begroting van het Participatiebedrijf opgenomen.

Kenmerk: 2021/233200

1/5

Het college stelt aan de raad voor positief te adviseren met betrekking tot de ontwerpbegroting.___________________________________________________ Behandelvoorstel voor commissie

De commissie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college in paragraaf 2 en over de wijze van agendering van het raadsstuk in de raadsvergadering.___________________________________________________

Relevante eerdere besluiten

Onderwerp vorming Participatiebedrijf Zuid-Kennemerland (2020/902410) in de

Besluit College

Het college van burgemeester en wethouders

d.d. 18 mei 2021

Besluit:

raad van 26 januari 2021______________________________________________

1.

Het voorstel aan de raad vast te stellen.

de burgemeester.

de secretaris,

Besluit Raad d.d. 22 juni 2021

De raad der gemeente Zandvoort,

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, Besluit: 1. Positief te adviseren met betrekking tot de ontwerpbegroting 2022 voor het Participatiebedrijf (Paswerk).

2.

De zienswijze op de ontwerpbegroting van 2022 voor het

Participatiebedrijf kenbaar te maken aan het bestuur van Paswerk de griffier,

1. Inleiding

de voj

-------

De gemeenten Bloemendaal, Haarlem, Heemstede en Zandvoort zijn in januari 2021 akkoord gegaan met de vorming van een Participatiebedrijf. Dit betekent dat de gemeenschappelijke regeling voor de

sociale werkvoorziening wordt omgevormd tot een Participatiebedrijf en uitgebreid met drie taken:

beschut werk en re-integratie (op grond van de Participatiewet) en leerwerktrajecten voor jongeren zonder start- of beroepskwalificatie (op grond van Wet voortijdig schoolverlaten). Het begrotingsjaar

2022 is het eerste jaar waarin het Participatiebedrijf in zijn nieuwe opzet functioneert. Het bestuur

Kenmerk: 2021/233200

2/5

van het werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland (Paswerk) heeft op donderdag 15 april 2021

ingestemd met de ontwerpbegroting voor 2022. Op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) moet de begroting jaarlijks vóór 1 augustus aan Gedeputeerde staten van de provincie worden gestuurd. De raden van de aan de gemeenschappelijke regeling Paswerk deelnemende gemeenten worden in de gelegenheid gesteld hun zienswijze over de ontwerpbegroting vóór 15 juli kenbaar te maken aan het bestuur van Paswerk.

Het raadsvoorstel waarin gevraagd wordt om toestemming voor wijziging van de

Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland in de Gemeenschappelijke regeling Participatiebedrijf ligt tegelijkertijd met deze ontwerpbegroting ter besluitvorming voor. In verband met de termijnen in de Wgr wordt de begroting Participatiebedrijf nu in de raden besproken terwijl het wijzigingsbesluit voor de aangepaste Gemeenschappelijke regeling per 1 januari 2022 in werking treedt. Dit proces is afgestemd met de provincie.

2. Voorstel aan de raad Het college stelt de raad voor:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10342804/1