CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Besluitenlijst 22 juni 2021

Gemeenteraad 22 juni 2021, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Verslag en besluitenlijst30.206 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Gemeente Zandvoort BESLUITENLIJST VAN DE GEMEENTERAAD Raadsvergadering van 22 juni 2021 (digitaal)

Aanwezig: burgemeester dhr. D.L. Moolenburgh (voorzitter), dhr. P.J.C. Kramer (OPZ), dhr. P. Berg (OPZ), dhr. B.I.M. Bouberg Wilson (OPZ), mw. H. Keur (OPZ), dhr. M.C. Hermsen (D66), dhr. J. van Marle (D66), dhr. R.H.W. de Graaf (D66), dhr. M. Hendriks (WD), mw. B.J. Göransson-van Kerkwijk (WD), dhr. C.J. Mettes (CDA), dhr. K.R. Stephan (CDA), dhr. M. Deen (PW), dhr. R. van Tiggelen (PW), dhr. M.K. El Gebaly (Groenlinks), mw. M.A. Koper (PvdA), mw. A.M. van der Veld-de Groot (GBZ), dhr. H. Drommel (Fractie Drommel) Afwezig: Ook aanwezig: wethouders mw. E. Verheij-de Haas en de heren R. van Haeften en G.J Bluijs.

Griffier: dhr. G.B. van Driel

De vergadering wordt op 22 juni 2021 om 20:00 uur geopend.

Geen loting ten behoeve van stemmingen; de stemming is digitaal geregeld. De vergadering wordt op 23 juni om 00.28 uur gesloten.

Genomen besluiten: zie hierachter Aangenomen moties en amendementen: zie achter de besluiten

Gemeente Zandvoort

Raadsstuk

Onderwerp Ontheffing ingezetenschap wethouder Van Haeften

Nummer

2021/192879_____________________________________________________

Portefeuillehouder

N.V.T. Zandvoort___________________________________________________

Programma/beleidsveld

6.2 Gemeentelijk bestuur____________________________________________

Afdeling____________

GRIFFIEZVT_______________________________________________________

Auteur_____________

Quartier, J.L.______________________________________________________

Telefoonnummer_____

06 28 75 10 90____________________________________________________

Email_______________

jquartier@zandvoort.nl_____________________________________________

Kernboodschap

Ontheffing ingezetenschap wethouder Van Haeften.______________________

Initiatiefraadsvoorstel

De fractievoorzitters,_______________________________________________

Relevante eerdere besluiten

raadsbesluit van 30 juni 2020, nummer 2020/613812 -benoeming en ontheffing ingezetenschap wethouder Van Haeften________________________________

Besluit Raad

De raad der gemeente Zandvoort,

d.d. 22 juni 2021

Gelezen het voorstel van de fractievoorzitters. Gelet op artikel 36a van de Gemeentewet, Besluit:

Wethouder Van Haeften voor één jaar ontheffing te verlenen van het vereiste van ingezetenschap als bedoeld in artikel 36a, tweede Mo van de Gemeentewet, ingaande 30 juni 2021. de griffier,

/

de vi

zitter,

A

1. Inleiding Conform het bepaalde in artikel 36a van de Gemeentewet gelden voor het wethouderschap de

vereisten voor het lidmaatschap van de raad, bedoeld in artikel 10 van de Gemeentewet. In artikel 36a, lid 2 is opgenomen: "De raad kan voor de duur van een jaar ontheffing verlenen van het vereiste van ingezetenschap. De ontheffing kan in bijzondere gevallen, telkens met een periode van maximaal een jaar, worden verlengd". Bij raadsbesluit van 30 juni 2020, nummer 2020/613812 is aan wethouder Van Haeften ontheffing verleend voor het vereiste van ingezetenschap. Volgens de

regels was die ontheffing geldig voor de duur van één jaar. Voorgesteld wordt om de ontheffing van

Kenmerk: 2021/192879

1/2

vereiste van ingezetenschap van wethouder Van Haeften te verlengen ingaande 30 juni 2021. De verlenging wordt gevraagd voor de door de wet bepaalde periode van één jaar.

2. Voorstel aan de raad De fractievoorzitters stellen de raad voor als volgt te besluiten: Wethouder Van Haeften voor één jaar ontheffing te verlenen van het vereiste van ingezetenschap als bedoeld in artikel 36a, tweede lid van de Gemeentewet, ingaande 30 juni 2021.

3. Beoogd resultaat Wethouder Van Haeften voor één jaar ontheffing te verlenen van het vereiste van ingezetenschap als bedoeld in artikel 36a, tweede lid van de Gemeentewet ingaande 30 juni 2021.

4. Argumenten De fractie D66 heeft er voor gekozen één wethouder van buiten voor te dragen. Wethouder Van Haeften is bestuurlijk goed onderlegd en heeft veel ervaringsjaren. Hij heeft zich in zijn eerste jaar

van functioneren onvoorwaardelijk en integer ingezet voor de belangen van Zandvoort.

5. Risico's en kanttekeningen Op grond van artikel 36a, tweede lid van de Gemeentewet is de raad bevoegd om voor de duur van

een jaar wethouder Van Haeften ontheffing te verlenen van het vereiste van ingezetenschap. In 2022 treedt er een nieuwe raad aan en daarna wordt er een nieuw college benoemd. De voorgestelde ontheffing loopt door totdat er een nieuwe college wordt benoemd en eventueel weer een beslissing

genomen dient te worden over een eventuele ontheffing van het ingezetenschap. Met andere woorden de voorgestelde ontheffing eindigt van rechtswege bij de benoeming van een nieuw

college.

Kenmerk: 2021/192879

2/2

Gemeente Zandvoort

Raadsstuk

Onderwerp

APV-wijziging op geluidsapparatuur en colour verbod OMG's Nummer

2021/222743_______________________________________________________

Portefeuillehouder

Moolenburgh, D.____________________________________________________

Programma/beleidsveld

6.3 Openbare orde en veiligheid________________________________________

Afdeling____________

VH________________________________________________________________

Auteur_____________

Afdeling VH_________________________________________________________

Email_______________

veiligheidhandhaving@haarlem.nl_______________________________________

Kernboodschap

In de zomer van 2020 heeft de voorzitter van de Veiligheidsregio Kennemerland een verbod ingesteld op de aanwezigheid van geluidsapparatuur en

muziekinstrumenten op het strand. Het doel hiervan was om grootschalige samenkomsten van mensen bij illegale pop-up feesten op het strand tegen te gaan. Dit verbod is volgens de politie buitengewoon effectief in het voorkomen van illegale pop-up feesten. Volgens het openingsplan van het kabinet om de samenleving veilig maar gefaseerd te heropenen gelden gedurende de zomermaanden nog steeds vergaande beperkingen ter bestrijding van de

coronapandemie. Daarom bestaat er nog steeds een noodzaak om grootschalige samenkomsten als gevolg van pop-up feesten tegen te gaan. Echter het verbod op aanwezigheid van geluidsapparatuur is niet opgenomen in de Tijdelijke Wet Maatregelen Covid-19. Daarom is het ter bescherming van de volksgezondheid en

de openbare orde noodzakelijk om dit verbod op te nemen in de APV. Daarnaast wordt een kleine tekstuele wijziging van het APV-verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties zoals Outlaw Motorcycle Gangs voorgesteld. Behandelvoorstel voor commissie

De raadscommissie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel

van het college in paragraaf 2 en over de wijze van agendering van het raadsstuk in de raadsvergadering.

Relevante eerdere

besluiten_______ Besluit College

Het college van burgemeester en wethouders

d.d. 11 mei 2021

Besluit:

1.

Het voorstel aan de raad vast te stellen.

de burgemeester,

de secretaris,

Kenmerk: 2021/222743

1/4

Besluit Raad d.d. 22 juni 2021

De raad der gemeente Zandvoort, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders. Besluit: 1. De Wijzigingsverordening Algemene plaatselijke verordening Zandvoort 2017 vast te stellen.

de griffier.

1. Inleiding In de zomer van 2020 heeft de voorzitter van de Veiligheidsregio Kennemerland een verbod - in de noodverordening - ingesteld op de aanwezigheid van geluidsapparatuur en muziekinstrumenten op het strand om grootschalige samenkomsten van mensen bij illegale pop-up feesten op het strand

tegen te gaan. Dit verbod is volgens de politie buitengewoon effectief in het voorkomen van illegale pop-up feesten. Volgens het openingsplan van het kabinet om de samenleving veilig maar gefaseerd

te heropenen gelden gedurende de zomermaanden nog steeds vergaande beperkingen ter bestrijding van de coronapandemie. Daarom bestaat er nog steeds een noodzaak om grootschalige samenkomsten als gevolg van pop-up feesten tegen te gaan. Echter het verbod op aanwezigheid van

geluidsapparatuur is niet opgenomen in de Tijdelijke Wet Maatregelen Covid-19. Daarom is het ter bescherming van de volksgezondheid en de openbare orde noodzakelijk om dit verbod op te nemen in de APV. Daarnaast wordt een kleine tekstuele wijziging van het APV-verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties zoals Outlaw Motorcycle Gangs voorgesteld, zodat ook uiterlijke kenmerken

die een sterke gelijkenis hebben met uiterlijke kenmerken van verboden organisaties vallen onder de werking van dit APV-verbod.

2. Voorstel aan de raad Het college stelt de raad voor de Wijzigingsverordening Algemene plaatselijke verordening Zandvoort 2017 vast te stellen. 3. Beoogd resultaat

Door het verbod op de aanwezigheid van geluidsapparatuur en muziekinstrumenten op locaties zoals het strand kunnen grootschalige samenkomsten bij illegale pop-up feesten, die gefaciliteerd worden

door deze geluidsapparatuur, worden voorkomen met eenvoudige inzet van beschikbare handhavingscapaciteit.

Kenmerk: 2021/222743

2/4

4. Argumenten 1. Verbod op aanwezigheid geluidsapparatuur op aangewezen locaties is noodzakelijk in het belang van de volksgezondheid en de openbare orde.

Volgens het openingsplan van het kabinet om de samenleving veilig maar gefaseerd te heropenen gelden gedurende de zomermaanden nog steeds vergaande beperkingen ter bestrijding van de

coronapandemie. Zo zal er nog steeds een verbod op evenementen en een verbod op grotere groepen van kracht zijn. Ter bestrijding van de coronapandemie moeten grootschalige samenkomsten ten gevolge van illegale pop-up feesten nog steeds worden voorkomen en

tegengegaan. Ook kan dit verbod noodzakelijk zijn om verstoringen van de openbare orde te voorkomen. Daarom is het noodzakelijk om dit verbod in de APV op te nemen. 2. Wijziging APV-verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties is noodzakelijk in het belang

van de openbare orde Deelneming aan de voortzetting van verboden organisaties zoals Outlaw Motorcycle Gangs is

strafbaar gesteld in artikel 140 lid 2 Wetboek van Strafrecht. Deze strafbaarstelling geldt echter pas op het moment dat de uitspraak van de rechter onherroepelijk (definitief) is geworden. De aanwezigheid van publieke uitingen van verboden organisaties heeft een verstorende werking op de

openbare orde. Daarom is in januari 2020 een verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties opgenomen in artikel 2:50a van de APV. Kleding en goederen die sterk lijken op uitingen van een verboden of ontbonden organisatie zijn op basis van het huidige artikel 2:50a niet verboden. Deze zullen op basis van deze APV-wijziging ook onder de werking van de verbodsbepaling in artikel

2:50a komen te vallen. Zo kan er ook tegen organisaties die onder een andere naam verder gaan met nagenoeg dezelfde uiterlijke kenmerken handhavend worden opgetreden. 5. Risico's en kanttekeningen 1. Juridisch risico van APV-verbod op geluidsapparatuur lijkt uiterst beperkt Uit de wetgevingsgeschiedenis van de Tijdelijke Wet Maatregelen Covid-19 blijkt dat de wetgever het

niet onmogelijk heeft willen maken dat de lokale overheid maatregelen treft voor de bestrijding van de coronapandemie zolang geen grondrechten worden beperkt en dit de landelijke wetgeving niet doorkruist. Daar voldoet het APV-verbod op geluidsapparatuur aan. Ook met de APV kan het belang

van volksgezondheid worden gediend, zodat de voorgestelde APV-bepaling weinig juridische risico's met zich meebrengt. Bovendien wordt de werking van het verbod beperkt door het aanwijsbesluit van de burgemeester.

Kenmerk: 2021/222743

3/4

2. Juridische houdbaarheid gewijzigd verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties is niet onbetwistbaar

De rechtmatigheid van dit voorgestelde verbod staat niet bij voorbaat vast, maar nu dit verbod noodzakelijk wordt geacht in het belang van de openbare orde zou het voorgestelde verbod stand moeten houden indien de rechtmatigheid hiervan wordt aangevochten bij de rechter.

6. Uitvoering De wijzigingsverordening wordt bekendgemaakt in het elektronisch gemeenteblad op overheid.nl. Met de wijzigingsverordening wordt de bestaande APV aangepast. Daarbij wordt de

inwerkingtredingsdatum bepaald op de dag na publicatie. Conform de bepaling in de Gemeentewet wordt de herziene APV ook aan het openbaar ministerie ter kennis gesteld. Op basis van de voorgestelde verbodsbepalingen en de strafbaarstelling van deze verboden kan de politie strafrechtelijk optreden 7. Bijlagen Bijlage A: tekst wijzigingsverordening en bijbehorende toelichting Bijlage B: Was-wordt-lijst

*

Kenmerk: 2021/222743

4/4

Gemeente Zandvoort

Roodsstuk

Onderwerp Vaststellen convenant governance samenwerking Zuid-Kennemerland Nummer

2021/255786________________________________________________________

Portefeuillehouder

Burgemeester D. Moolenburgh__________________________________________

Programma/beleidsveld

4.1 Duurzame stedelijke ontwikkeling____________________________________

Afdeling____________

Tijdelijke projectorganisatie governance ZKL_______________________________

Auteur_____________

Lex Hendriksen_______________________________________________________

Telefoonnummer_____

023 5113251 (0646215266)_____________________________________________

Email_______________

ahendri ksen@haarlem.nl______________________________________________ Om de regionale samenwerking te verbeteren en de betrokkenheid van de

Kernboodschap

gemeenteraad te vergroten, is voor de regio Zuid-Kennemerland een nieuwe

'governance' uitgewerkt in een samenwerkingsconvenant plus daartoe behorende bijlagen. De concept stukken hiervan zijn in maart 2021 met de raad besproken. De naar voren gebrachte zienswijzen zijn nu in de definitieve stukken verwerkt en

geven ten opzichte van de eerdere stukken twee aanpassingen. Als aanvulling is opgenomen dat na een periode van twee jaar een bespreking met de Raad plaats

zal hebben over het feitelijk functioneren van het convenant en of aan de beoogde resultaten van de governance wordt voldaan. Voorts is de verdeling van kosten tussen de vier regio gemeenten voor de dekking van de regisseur regionale

samenwerking licht aangepast. Deze bleken gebaseerd op verouderde inwoner aantallen en zijn nu verdeeld op basis van inwoner aantallen 2021. Na instemming door de Raad zal het bestuursconvenant door het college namens de gemeente

worden ondertekend. Behandelvoorstel voor

Het voorstel door te geleiden naar de Raad

commissie Relevante eerdere

Raadsbesluit d.d. 23 maart 2021 (reg.nr. 2021/87639)

besluiten___________ Besluit College d.d. 18 mei 2021

Het college stelt de Raad voor om: 1.

In te stemmen met het bij dit raadsvoorstel gevoegde bestuursconvenant regionale samenwerking Zuid-Kennemerland (bijlage 1) en de daarbij behorende uitwerkingen (bijlage 2);

2.

Over de werkwijze met het bestuursconvenant wordt in 2023 in afstemming met de raad een tussen evaluatie gehouden.

de secretaris,

de burgemeester,

Kenmerk: 2021/255786

1/7

Besluit Raad

De raad der gemeente Zandvoort,

d.d. 22 juni 2021

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, Besluit: 1. In te stemmen met het bij dit raadsvoorstel gevoegde bestuursconvenant regionale samenwerking Zuid-Kennemerland (bijlage 1) en de daarbij behorende uitwerkingen (bijlage 2);

2. Over de werkwijze met het bestuursconvenant wordt in 2023 in afstemming met de raad een tussenevaluatie gehouden.

de voorzitter.

De griffier,

Inleiding In februari zijn de concept stukken over het bestuursconvenant en de governance ZuidKennemerland voor het geven van een zienswijze aan de vier gemeenteraden van de Zuid-Kennemer

gemeenten gelijktijdig voorgelegd (raadsstuk 2020/691440). Op 9 maart heeft bespreking plaats gehad in de raadscommissie. Op 23 maart heeft de raad de 'zienswijze' vastgesteld en aangegeven onder voorbehoud van verwerking daarvan en onder het voorbehoud van reacties uit de drie andere Zuid-Kennemer gemeenten, een definitieve raadsvoordracht positief te kunnen beoordelen. Uit de behandeling in de vier Raden zijn op de voorgelegde concept stukken twee reacties naar voren gekomen. Door de gemeenteraden van Haarlem en Heemstede is aangegeven om na twee jaar een

tussen evaluatie te houden over de werkwijze met het convenant en te bezien of en hoe aan de uitgangspunten invulling wordt gegeven. In paragraaf 6 van het convenant is deze tussenevaluatie nu opgenomen en deze zal begin 2023 plaats hebben. Door de gemeenteraad van Heemstede is voorts

gewezen op de verdeling van kosten voor de tijdelijke regisseur regionale samenwerking. De in de concept stukken opgenomen kosten verdeling tussen de vier Zuid-Kennemer gemeenten bleek te zijn

gebaseerd op verouderde inwoner aantallen, waardoor niet alle gemeenten per inwoner eenzelfde

bijdrage hieraan zouden geven. De bedragen zijn bijgesteld en nu gebaseerd op de inwoneraantallen

2021, ontleend aan de gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Kenmerk: 2021/255786

2/7

Met de verwerking van deze beide reacties wordt nu het definitieve convenant regionale

samenwerking en de definitieve versie van de daar bijbehorende uitvoeringsbijlagen aan de

gemeenteraad voorgelegd (bijlagen 1 en 2). Na instemming door de vier gemeenteraden zal het convenant door het college namens de gemeente worden ondertekend en zal op basis daarvan de samenwerking tussen de Zuid-Kennemer gemeenten invulling krijgen.

2. Voorstel aan de raad Het college stelt de Raad voor om:

1. In te stemmen met het bij dit raadsvoorstel gevoegde bestuursconvenant regionale samenwerking Zuid-Kennemerland (bijlage 1) en de daarbij behorende uitwerkingen (bijlage 2);

2. Over de werkwijze met het bestuursconvenant wordt in 2023 in afstemming met de raad een tussenevaluatie gehouden.

3. Beoogd resultaat Het convenant tussen de betrokken gemeenten heeft als doel de regionale hoofopgaven in ZuidKennemerland samen te realiseren en gezamenlijk op te trekken binnen de MRA.

Met de in het convenant opgenomen werkwijze wordt de besluitvorming over de beleidsopgaven die er voor de regio Zuid-Kennemerland liggen verbeterd, worden procedures inzichtelijker en wordt de positie van de gemeenteraad geoptimaliseerd, doordat De Raad tijdig in de beleidsvorming betrokken wordt.

4. Argumenten 1. gelet op de ingebrachte zienswijzen is er voldoende draagvlak om het convenant nu definitief aan te gaan De behandeling in de vier gemeenteraden laat zien dat de Raad , onder voorbehoud van de verwerking van de ingebrachte zienswijzen, het convenant en de governance kan onderschrijven Dit zeker nu ook is opgenomen dat over de werkwijze tussentijds in 2023 met de Raad een tussen evaluatie wordt gehouden.

2. Het Convenant is een goede basis om de regionale samenwerking met de gemeenteraad op te pakken De afgelopen jaren bleek dat de regionale samenwerking een ingewikkeld proces is, zeker als je de gemeenteraad goed wilt informeren en laten meedenken in het proces en lopende ontwikkelingen. Met het convenant wordt bereikt dat gemeenteraden goed zijn aangesloten en tijdig hun inbreng

Kenmerk: 2021/255786

3/7

kunnen leveren, met elkaar van gedachte kunnen wisselen en de discussie met elkaar aan kunnen gaan. Ook worden besluitvormingsprocessen in de verschillende raden beter op elkaar afgestemd. 3. Betrokkenheid van de gemeenteraad wordt in alle fasen van de samenwerking vergroot op basis van de in het convenant afgesproken werkwijze, wordt de gemeenteraad vroegtijdig in de beleidsprocesgang betrokken, worden radenbijeenkomsten georganiseerd om ideeën en visies op te halen en conceptversies tussentijds voorgelegd voordat de definitieve voorstellen ter besluitvorming aan de gemeenteraden van de individuele gemeenten worden voorgelegd. Ook zullen de agenda's van de gezamenlijke radenbijeenkomsten via inbreng vanuit de gemeenteraad (via de regionale agendacommissie) worden bepaald. 4. Bestuurlijke verhoudingen blijven ongewijzigd De gemeenteraad blijft verantwoordelijk voor de regionale besluitvorming. Er worden geen bevoegdheden overgedragen. Voor de regionale samenwerking wordt voortgebouwd op de bestuurlijke samenwerking zoals deze in de regio in de afgelopen jaren gegroeid is en die aansluit op de bestuurscultuur zoals deze in Zuid-Kennemerland zichtbaar is. Dit betekent dat wordt uitgegaan van een structuur die zorgt voor daadkracht en verbinding tussen de vier gemeenten, binnen de bestaande bestuurlijke bevoegdheden van colleges en de gemeenteraad. 5.

Bij de regionale samenwerking blijft ruimte voor couleur lokale De regionale hoofdopgaven die zijn benoemd, liggen op het gebied van Landschap, Economie en Werk, Wonen, Duurzaamheid en Bereikbaarheid. Uitgangspunt binnen Zuid-Kennemerland is deze vraagstukken zoveel mogelijk regionaal op te pakken, maar de uitwerking kan per gemeente verschillen. Om de verschillen per gemeente goed in beeld te krijgen, is gezamenlijk overleg van cruciaal belang. In de voorliggende governance, wordt voorzien in dit gezamenlijk overleg. 6. Het aantal overlegorganen voor de besluitvorming is beperkt De samenwerking dient overzichtelijke procedures te hebben, met een beperkt aantal organen en een duidelijke positie in alle fasen van beleidsontwikkeling voor de gemeenteraad. Dit is in het convenant (paragraaf 5) doorgevoerd door uit te gaan van drie organen die bij de regionale samenwerking een eigen specifieke rol en functie hebben. Het coördinatieoverleg van burgemeesters bewaakt de voortgang van de samenwerking op proces. De portefeuillehouder overleggen en de voorzitters van de portefeuillehouder overleggen zijn verantwoordelijk voor de inhoudelijke uitwerking van de hoofdopgaven die voor de samenwerking zijn benoemd. De gemeenteraad is onder meer via de regionale agendacommissie direct betrokken bij alle processtappen die doorlopen worden.

In de bijlage bij het convenant is in het onderdeel 'werkwijze' opgenomen hoe deze drie organen in de procesgang van de beleidsvorming op elkaar inhaken (bijlage 2, onderdeel 1).

7. Voor de regionale samenwerking is meer ambtelijke regie nodig Uit de gepleegde inventarisatie en gevoerde gesprekken komt naar voren dat er zeker ook vanuit de gemeenteraad behoefte is om meer grip te krijgen op de samenhang tussen de diverse regionale projecten die lopen. Daarom is in het convenant opgenomen dat bovenop de bestaande ambtelijke inzet voor regionale samenwerking, die vanuit de vier gemeenten wordt gegeven, ook een regisseur

Kenmerk: 2021/255786

4/7

regionale samenwerking wordt aangesteld. Om te weten of deze regiefunctie en de beoogde formatieve sterkte van 1.5 fte (1 fte voor een regisseur en 0.5 fte voor diens ondersteuning) de beoogde verbetering in de afstemming geeft, wordt deze functie na een periode van anderhalf jaar na indiensttreding geëvalueerd. Dit wordt afgestemd met de tussentijdse evaluatie over het convenant die met de Raden wordt gevoerd. Dan wordt bezien of en hoe deze functie wordt gecontinueerd en volgt hiertoe een separaat besluit.

5. Risico's en kanttekeningen

Bijstellen indien nodig De praktijk moet uitwijzen of de governance voor de regionale samenwerking en de daarvoor opgestelde procedures gaat functioneren zoals beoogd. Pas na een zekere aanloopperiode kan worden beoordeeld of de governance naar wens functioneert. Hiertoe wordt in 2023 in afstemming met de vier Raden Zuid-Kennemerland een tussen evaluatie gehouden. Conform de uitgangspunten van de governance, zal deze tussenevaluatie in een gezamenlijke Raden bijeenkomst ZuidKennemerland worden besproken. Indien deze bespreking aanleiding geeft om in de werkwijze die op basis van het convenant plaats heeft tot bijstellingen te komen, zal zo nodig daarna behandeling in de afzonderlijke raden plaats hebben. Voor deze evaluatie worden in afstemming met de Raden vooraf de criteria en de te volgen behandeling procedure bepaald.

Financiën Met de 'governance regionale samenwerking' zijn kosten gemoeid voor de inzet van de regisseur regionale samenwerking en diens ondersteuning (1,5 fte) Deze kosten orden tot het moment van de evaluatie vanuit de bestaande begrotingsmiddelen van de vier betrokken gemeenten gefinancierd.

Ten opzichte van de in de concept raadsvoordracht opgenomen bedragen is op basis van de ingebrachte zienswijze in de verdeling van kosten tussen de vier Zuid-Kennemer gemeenten een bijstelling doorgevoerd en zijn hiervoor nu de actuele inwoner aantallen 2021, ontleend aanhet centraal bureau voor de Statistiek aangehouden.. Tevens bleek dat, het totaal benodigde bedrag voor de dekking van formatie kosten, kon worden bijgesteld naar een op jaarbasis benodigd bedrag van €125.000, in plaats van het eerder in het raadstuk Zienswijzen convenant governance samenwerking Zuid-Kennemerland opgenomen bedrag van €143. 000, De bijstelling op basis van actuele inwoner aantallen op basis van de meest recente CBS gegevens leidt er toe dat Haarlem nu 70% van de kosten voor rekening neemt en de regio gemeenten afgerond 30%. Dit betekent voor Haarlem ten opzichte van het eerder gegeven bedragen een toename met €8.000,- per jaar en voor de overige drie gemeenten tezamen een afname met dit bedrag. Afgerond op hele getallen is de verdeling die nu wordt aangehouden op jaarbasis als volgt: Haarlem €88.000,-; Heemstede €15.000-; Bloemendaal €13.000,- en Zandvoort €10.000,- Bedragen gebaseerd op ruim 162.000 inwoners Haarlem en ruim 68.000 inwoners voor de overige drie gemeenten.

Kenmerk: 2021/255786

5/7

6. Uitvoering

Samenstelling regionale Agenda commissie

Van belang is dat gelijktijdig met de besluitvorming die nu plaats heeft, zoals in het convenant opgenomen, vanuit ieder van de vier gemeenteraden twee raadsleden worden benoemd om zitting te nemen in de regionale Agenda Commissie. Met de griffiers is hier over afgesproken dat zij voor de eigen Raad er zorg voor dragen dat in juni twee leden zullen worden voorgedragen en dat hiervoor geen overkoepelende proces afspraak noodzakelijk is. Met de vier raadsleden die tot nu toe vanuit de vier gemeenteraden het proces rond de governance hebben begeleid (werkgroep raadsleden) is afgesproken dat zij in afstemming met de eigen Raad bepalen of zij onderdeel van de regionale Agenda Commissie blijven uitmaken. De griffie draagt er zorg voor dat de benoeming van de twee leden voor de eigen Raad wordt geformaliseerd (wordt vastgelegd). De bedoeling is dat direct na het reces de regionale Agenda Commissie met de werkzaamheden start en over de eigen werkwijze tot afspraken komt. Dit zal de komende tijd vanuit de gemeente secretaris en griffie Heemstede worden begeleid.

Regisseur regionale samenwerking:

Om te voorkomen dat de werving procedure voor de regisseur regionale samenwerking plaats heeft in de vakantie periode, worden onder voorbehoud van definitieve instemming door de Raden, de werving procedure nu al in gang gezet. Definitieve benoeming kan dan direct na de besluitvorming door de raad eindjuni plaats hebben.

Inwerk procedure voor raadsleden: Voor raadsleden wordt in september /oktober een bijeenkomst georganiseerd waarin de werkwijze op basis van het nieuwe convenant wordt geïntroduceerd. Deze bijeenkomst wordt in samenspraak met de regionale Agenda commissie voorbereid.

Vervolg activiteiten

Na het besluit door de raad zijn de vervolg activiteiten op een rij de volgende: Juli 2021: Tekenen convenant door de colleges van de vier afzonderlijke gemeenten;

Benoemen van de raadsleden voor de regionale agendacommissie (twee leden vanuit iedere

gemeenteraad);

Aanstellen regisseur regionale samenwerking en diens ondersteuner voor een periode van 1,5 jaar;

Kenmerk: 2021/255786

6/7

•

Inrichten en uitwerken van de werkorganisaties voor de drie regionale organen: Het coördinatieoverleg (burgemeesters); Onderbrengen van de hoofdopgaven van de regionale samenwerking in de vijf bestaande portefeuillehouder overleggen;

In afstemming met de griffie de inrichting en werkwijze van de regionale

agendacommissie; •

In afstemming met de regionale agendacommissie en de voorzitters van de portefeuillehouder overleggen regionale radenbijeenkomsten voor het resterende deel van 2021 en voor 2022 vastleggen, inclusief de hoofdonderwerpen;

•

Het vaststellen van een werkplan voor de uitvoering van de hoofdopgaven voor de ZuidKennemer samenwerking. Een vijftig procent versie van het werkplan is op 19 mei jl. besproken in de gezamenlijke Radenbijeenkomst Zuid-Kennemerland. Dit wordt nu uitgewerkt naar een volledig concept dat op 15 september 2021 nogmaals aan de Raden wordt voorgelegd.

•

Na een periode van twee jaar wordt in 2023, in afstemming met de Raden de werking van de governance Zuid-Kennemerland besproken.

Communicatie

Het convenant en de procedures, die voortkomen uit de 'governance' samenwerking zullen op de websites van de vier gemeenten worden geplaatst. Voor raadsleden zullen om de 'governance' goed te laten landen, een aantal sessies worden georganiseerd waarbij zo mogelijk ervaringen van raadsleden uit andere regio's worden ingebracht.

7. Bijlagen 1. Bestuursconvenant regionale samenwerking Zuid-Kennemerland;

2. Uitwerking governance structuur en werkwijze regionale samenwerking Zuid-Kennemerland (bijlage bij het convenant)

Kenmerk: 2021/255786

7/7

Gemeente Zandvoort

Raadsstuk

Onderwerp

Ontwerp-jaarverslag VRK 2020 Nummer

2021/240431_______________________________________________________

Portefeuillehouder

Moolenburgh, D._____________________________________________________

Programma/beleidsveld

6.3 Openbare orde en veiligheid________________________________________

Afdeling____________

VH________________________________________________________________

Auteur_____________

Slutter, B.C._________________________________________________________

Telefoonnummer_____

023-5113933________________________________________________________

Email_______________

bslutter@haarlem.nl__________________________________________________

Kernboodschap

De Veiligheidsregio Kennemerland (VRK) heeft het ontwerpjaarverslag 2020 aan de raden van de deelnemende gemeenten gestuurd. De gemeenteraad van Zandvoort wordt in de gelegenheid gesteld haar zienswijze kenbaar te maken. Het

Algemeen Bestuur van de VRK zal op 5 juli 2021 de stukken vaststellen._________ Behandelvoorstel voor commissie

De commissie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college in paragraaf 2 en over de wijze van agendering van het raadsstuk in de raadsvergadering.____________________________________________________

Relevante eerdere besluiten_______

Programmabegroting 2020 VRK

Besluit College

Het college van burgemeester en wethouders

d.d. 25 mei 2021

Besluit: 1.

Het voorstel aan de raad vast te stellen. de burgemeester,

de secretaris.

Besluit Raad

De raad der gemeente Zandvoort,

d.d. 22 juni 2021

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders,

Besluit:

1.

Akkoord te gaan met het ontwerp-jaarverslag 2020 van de VRK;

2.

als zienswijze bij het ontwerp-jaarverslag 2020 aan het Algemeen Bestuur van de VRK aan te geven tevreden te zijn met het behaalde resultaat, zowel op in houd als financieel.

de voorzitter,

de griffier,

Kenmerk: 2021/240431

1/5

1. Inleiding

De Veiligheidsregio Kennemerland (VRK) is een gemeenschappelijke regeling waarbinnen 9 deelnemende gemeenten hun veiligheids- en gezondheidszorg hebben georganiseerd, leder jaar rapporteert de VRK over de exploitatie van haar organisatie in het jaarverslag. Recent heeft de VRK het ontwerp jaarverslag 2020 aan de raden van de deelnemende gemeenten

aangeboden. De gemeenteraad van Zandvoort wordt in de gelegenheid gesteld hierop haar zienswijze kenbaar te maken. Het Algemeen Bestuur van de VRK zal, gelezen uw zienswijze, op 5 juli 2021 het jaarverslag 2020 vaststellen.

2. Voorstel aan de raad Het college stelt de raad voor: 1. 2.

Akkoord te gaan met het ontwerp-jaarverslag 2020 van de VRK;

als zienswijze bij het ontwerp-jaarverslag 2020 aan het Algemeen Bestuur van de VRK aan te geven tevreden te zijn met het behaalde resultaat, zowel op in houd als financieel. 3. Beoogd resultaat

De gemeenteraad van Zandvoort heeft kennis genomen van het ontwerp jaarverslag 2020 van de VRK en geeft ter behandeling in het Algemeen Bestuur van de VRK daarbij haar zienswijze hierop.

4. Argumenten Resultaat De jaarrekening 2020 sluit met een voordelig resultaat van € 5,269 miljoen ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. Hiervan was reeds € 475.000 in de begroting voorzien. Daarnaast was bij de 2e bestuursrapportage 2020 al gemeld dat de indexering in de programmabegroting 2020 te hoog was berekend, waardoor gemeenten meer bijdroegen dan de bedoeling was. Dat deze te veel berekende indexering ad € 460.000 aan de gemeenten terugbetaald zou worden, was al vastgelegd. Ten opzichte van de gecorrigeerde programmabegroting bedraagt het financiële resultaat daarmee € 4,3 miljoen. Dat is een afwijking van 3.5% ten opzichte van de oorspronkelijke raming. Van dit bedrag is € 2,004 miljoen nodig om de algemene reserve aan te vullen. Dit vindt zijn oorsprong in het feit dat op basis van de richtlijnen van het vernieuwde Gemeenschappelijk financieel Toezichtkader 2020 (GTK) alleen nog de hoogte van de Algemene Reserve meegenomen mag worden voor de berekening van de weerstandscapaciteit en niet het totale Eigen Vermogen (Algemene reserve en bestemmingsreserves), zoals in het huidige Reservebeleid VRK uit 2017 is besloten. Daarnaast kan de begrotingspost Onvoorzien slechts voor 1 jaar meegerekend worden en niet voor 4 jaar. Deze aanpassing is opgenomen in de geactualiseerde nota Financieel Beleid, die in februari 2021 door het AB is vastgesteld.

In onderstaand overzicht zijn de gekwantificeerde risico's opgenomen, de benodigde aanvulling van de algemene reserve en de terugbetaling aan de gemeente vanuit het voordelig resultaat.

Kenmerk: 2021/240431

2/5

Gekwantificeerde risico's ratio 0,7 corrigeren voor onvoorzien Benodigde reservepositie Stand reserves per 31-12-2020 Benodigde aanvulling algemene reserve

5.023.000 3.516.100 -124.000 3.392.100 1.388.000 2.004.100

Voordelig resultaat 2020 Aanvullen algemene reserve Terugbetaling gemeenten

5.269.889 -2.004.100 3.265.789

Geconstateerd wordt dat er over 2020 een zeer fors voordeel is ontstaan van ca. 4,3 miljoen. Dit voordeel wordt voor een belangrijk deel veroorzaakt doordat tijdens Corona reguliere taken deels niet konden worden uitgevoerd en bestaand personeel tijdelijk op andere taken is ingezet waarvoor van rijkswege een compensatie is ontvangen.

Daarnaast is er nog een aantal andere oorzaken waaronder de veel lagere uitgaven voor Veilig Thuis (VT). Voordeel op VT in totaal bedraagt € 1.1 mln. Dit voordeel wordt voor een groot deel veroorzaakt door lagere personele lasten enerzijds doordat veel juniormedewerkers nog aan het begin van hun salarisschaal zitten en anderzijds door een aantal vacatures in 2020. Door deze lagere personele lasten kan de vorig jaar bij de jaarrekening gevormde bestemmingsreserve 'transitiekosten Veilig Thuis' voor een bedrag van € 280.000 vrijvallen. Deze bestemmingsreserve is gevormd om de hogere kosten van de overgang van het voormalig personeel van de Stichting Veilig Thuis vanuit de cao jeugd naar de ambtenaren cao op te kunnen vangen. Afspraak bij jaarrekening 2019 was om voor 3 jaar die reserve te vormen, en de VRK te verzoeken om met een voorstel te komen tot efficiëntere bedrijfsvoering ten gevolge van de samenvoeging van VT in de Gemeenschappelijke regeling VRK (zie onze zienswijze bij de jaarrekening 2019 In de ontwerp-begroting 2022 zijn de uitgaven voor VT met ingang van 2023 met € 289.000 verlaagd. Hiermee is de taakstelling financieel technisch ingevuld. Zie vooreen nadere toelichting het raadsvoorstel programmabegroting 2022-2025 nr. 2021/240394.

Een ander onderdeel van het voordeel van € 1,1 miljoen heeft betrekking op MDCK / MDA++ (Multidisciplinair Centrum Kindermishandeling). De werkzaamheden voor MDCK zijn beëindigd halverwege 2020. Er is in 2020 een onderzoek uitgevoerd, waarin de eindconclusie luidde dat er geen sprake was van een MDA++ aanpak in Kennemerland, dat door alle deelnemers waaronder Veilig Thuis is onderschreven. Dit betekent voor 2020 een voordeel van € 219.000.

Jaarlijkse voordelen in de jaarrekeningen Het omvangrijke voordeel in de jaarrekening roept de vraag op of er niet teveel lucht in de begroting zit. Ook de jaren hiervoor, zonder Corona, lieten voordelige resultaten zien. Mede in dat licht, alsook met het oog op de noodzaak voor gemeenten om te bezuinigen, ligt vanuit de deelnemers in de Gemeenschappelijke regeling de vraag voor hoe vanuit de VRK daarin kan worden bijgedragen in de jaren 2023 en verder. Door de VRK zal verkend worden welke ruimte er is om (het niveau van uitvoering van) taken te verminderen of op andere manieren het uitgavenniveau naar beneden bij te stellen. De risico's/consequenties die gepaard gaan met kostenreductie worden in de voorbereiding naar de begroting 2023 onderzocht. De eisen die vanuit wet- en regelgeving voortvloeien, zijn daarbij een harde ondergrens. In de aanloop naar de programmabegroting 2023-2026 zal duidelijk zijn welke

Kenmerk: 2021/240431

3/5

mogelijkheden worden gezien. De deelnemende gemeenten zullen in dit traject, waarvoor een externe partij wordt ingeschakeld, worden betrokken. Zie vooreen nadere toelichting de bijlage "Voorbereiding meerjarenbegroting 2023 e.v.". Con troleverklaring De accountant heeft een goedkeurende controleverklaring afgegeven voor zowel de rechtmatigheid als de getrouwheid. Terugvloeiing naar gemeenten voordelig resultaat Het voordelig rekening resultaat van € 3.265.789, na aanvulling van de algemene reserve, zal aan de deelnemers worden terugbetaald. In onderstaande tabel is de verdeling per gemeente weergegeven. Het Zandvoortse aandeel hierin is € 107.219 . Dit bedrag wordt in ons boekjaar 2021 terugbetaald. Van dit voordeel is al een bedrag van € 74.000 in de Decemberrapportage 2020 verwerkt, zodat een voordeel van € 33.219 resteert.

Dit voordeel bestaat uit een bedrag van € 25.216 op programma 2 Veilig Thuis en € 8.003 op programma 6. Het voordeel op Veilig thuis zal worden betrokken bij het geheel aan financiële

ontwikkelingen op programma 2 en niet leiden tot een aparte wijziging in de bestuursrapportage 2021.

Gemeente

aantal

Gecorrigeerde

bijdragen uit inwoners bestuursafspraken basis 2018

75% via

25% via

bestuurs­ afspraken

inwonerbijdrage

Totaal

(*€ 1.000)

2.154

41.077

110.197

40.852

987

23.208

50.494

23.081

73.575

Haarlem

9.391

159.709

480.436

158.834

639.271

Haarlemmermeer

10.258

153.149

524.791

152.310

677.102

Heemskerk

1.676

39.146

85.743

38.932

124.675

Heemstede

1.033

27.080

52.847

26.932

79.779

Beverwijk

Bloemendaal

151.049

Uitgeest

551

13.520

28.189

13.446

41.635

Velsen

4.268

67.831

218.348

67.460

285.807

Zandvoort

Kennemerland Gemeente

1.273

16.970

65.126

16.877

82.003

31.591

541.690

1.616.171

538.724

2.154.895

Terugbetaling

Totaal

0,06

61.455

61.455

0,03

33.869

33.869

4.136.100

0,50

560.126

560.126 227.715

Bijdrage VT 2020

Beverwijk

453.800

Bloemendaal

250.100

Haarlem

Haarlemmermeer

% bijdrage

1.681.500

0,20

227.715

Heemskerk

442.300

0,05

59.898

59.898

Heemstede

296.700

0,04

40.180

40.180

0,00

0 102.434

0 102.434

Uitgeest

Velsen

Zandvoort Kennemerland

756.400

0,09

186.200

0,02

25.216

25.216

8.203.100

1,00

1.110.894

1.110.894

Kenmerk: 2021/240431

4/5

5. Risico's en kanttekeningen 6. Uitvoering

Na vaststelling van de jaarrekening en de begroting zal door de VRK verkend worden welke ruimte er is om (het niveau van uitvoering van) taken te verminderen of op andere manieren het uitgavenniveau naar beneden bij te stellen. De risico's/consequenties die gepaard gaan met kostenreductie worden in de voorbereiding naar de begroting 2023 onderzocht.

7. Bijlagen

1. Aanbiedingsbrief ontwerp-jaarverslag 2020 en -programmabegroting 2022 2. Ontwerp Jaarverslag 2020 3. Voorbereiding meerjarenbegroting VRK 2023 e.v.

Kenmerk: 2021/240431

5/5

Gemeente Zandvoort

Raadsstuk

Onderwerp Ontwerp-programmabegroting 2022-2025 VRK Nummer

2021/240393________________________________________________________

Portefeuillehouder

Moolenburgh, D._____________________________________________________

Programma/beleidsveld

6.3 Openbare orde en veiligheid_________________________________________

Afdeling____________

VH________________________________________________________________

Auteur_____________

Slutter, B.C._________________________________________________________

Telefoonnummer_____

023-5113933________________________________________________________

Email_______________

bslutter@haarlem.nl__________________________________________________

Kernboodschap

De Veiligheidsregio Kennemerland (VRK) heeft de ontwerpprogrammabegroting

2022-2025 aan de raden van de deelnemende gemeenten gestuurd. De gemeenteraad van Zandvoort wordt in de gelegenheid gesteld haar zienswijze kenbaar te maken. Het Algemeen Bestuur van de VRK zal op 5 juli 2021 de stukken

vaststellen._________________________________________________________ Behandelvoorstel voor

commissie

De commissie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college in paragraaf 2 en over de wijze van agendering van het raadsstuk in de

raadsvergadering.____________________________________________________

Programmabegroting VRK 2020

Relevante eerdere besluiten_______

Jaarverslag VRK 2020_________________________________________________

Besluit College

Het college van burgemeester en wethouders

d.d. 25 mei 2021

Besluit: 1. Het voorstel aan de raad vast te stellen.

de burgemeester.

de secretaris,

Besluit Raad d.d. 22 juni 2021

De raad der gemeente Zandvoort, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, Besluit: 1. Aan de VRK te kennen te geven dat de gemeente Zandvoort akkoord gaat

met de ontwerp-programmabegroting 2022-2025 van de VRK. 2.

Het structurele nadeel voor 2022 als gevolg van een hogere bijdrage VRK van per saldo € 44.000 na definitieve vaststelling van de VRK begroting

2022 te verwerken in de Programmabegroting 2022-2026. de voorzitter,

de griffier,

Kenmerk: 2021/240393

1/6

1. Inleiding

De Veiligheidsregio Kennemerland (VRK) is een gemeenschappelijke regeling waarbinnen de 9 deelnemende gemeenten hun veiligheids- en gezondheidszorg hebben georganiseerd. Voorafgaand aan het komende jaar presenteert zij de programmabegroting en na afloop van het vorig boekjaar rapporteert zij over de resultaten in het jaarverslag.

De Veiligheidsregio Kennemerland (VRK) heeft haar ontwerpprogrammabegroting 2022-2025 aan de raden van de deelnemende gemeenten gestuurd. De gemeenteraad van Zandvoort wordt in de gelegenheid gesteld haar zienswijze kenbaar te maken. Het Algemeen Bestuur van de VRK zal op 5 juli 2021 de stukken vaststellen.

De consequenties van het coronavirus zullen allicht deels ook nog doorwerken naar 2022. Als de situatie is genormaliseerd, zullen de gevolgen in beeld worden gebracht. Hierover worden de raden geïnformeerd zodra er meer duidelijkheid is.

2. Voorstel aan de raad

Het college stelt de raad voor:

1. Aan de VRK te kennen te geven dat de gemeente Zandvoort akkoord gaat met de ontwerpprogrammabegroting 2022-2025 van de VRK. 2.

Het structurele nadeel voor 2022 als gevolg van een hogere bijdrage VRK van per saldo €44.000 na definitieve vaststelling van de VRK begroting 2022 te verwerken in de Programmabegroting 2022-2026.

3. Beoogd resultaat

De gemeenteraad van Zandvoort heeft kennis genomen van de programmabegroting 2022-2025 van de VRK en geeft ter behandeling in het Algemeen Bestuur van de VRK daarbij haar zienswijze op deze begroting.

4. Argumenten Er ligt een sluitende begroting 2022 voor met een positief meerjarenperspectief. In de begroting is

gerekend met een verhoging van de gemeentelijke bijdrage voor de nominale ontwikkeling 2022. Programma's

De begroting bestaat uit 11 programma's. Dit zijn: •

Publieke Gezondheid

•

jeugdgezondheidszorg

•

Brandweerzorg

•

Ambulancezorg

•

Geneeskundige hulp bij ongevallen en rampen (GHOR)

•

Multidisciplinaire samenwerking

•

Meldkamer Noord-Holland

Kenmerk: 2021/240393

2/6

Bevolkingszorg Zorg &Veiligheidshuis Kennemerland Veilig Thuis

Interne dienstverlening Ontwikkelingen In de begroting is gerekend met een verhoging van de gemeentelijke bijdrage voor de nominale ontwikkeling 2022. De toename van het aantal inwoners in de regio met 4.524 leidt verder tot een stijging van de inwonerbijdrage voor Publieke gezondheid, Jeugdgezondheidszorg en het Zorg- en

Veiligheidshuis. De gemeenten hebben ervoor gekozen om vanaf 2020 de taken van Veilig Thuis en een zevental taken op het gebied van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) bij de

VRK onder te brengen. De taken voor de Wvggz komen in beeld onder het programma Publieke Gezondheid waar ook het onderdeel Maatschappelijke Zorg wordt verantwoord. Het gaat hier om taken waar met regelmaat de maatschappelijke schijnwerpers op gericht zijn. Incidenten, ook elders

in het land, kunnen van invloed zijn op de eisen die gesteld worden aan de taakuitoefening. In de begroting is een aantal autonome ontwikkelingen waaronder de indexering verwerkt. De afspraak is dat als de afwijking in de indexering van een voorgaand jaar meer afwijkt dan 1%, de VRK de meerkosten alsnog aan de deelnemers mag doorberekenen. Bij de berekening van de indexering

voor de begroting 2021 is per abuis een fout gemaakt, de index was € 460.000 te hoog berekend. Door deze correctie komt het % van de indexering nu uit op 0,6 % en is van doorberekening van de hogere index geen sprake. Autonome ontwikkelingen

Er is een aantal autonome ontwikkelingen zoals de vergoeding aan het Noord-Hollands Archief

(NHA), meerkosten licenties als gevolg van thuiswerken en toename kosten verzekeringen van in totaal € 177.000. Deze zijn ook benoemd in de Uitgangspuntennotitie die begin 2021 aan de deelnemers is aangeboden. Ten aanzien van het archiefbeheer heeft het NHA besloten dat de VRK

daar ook voor moet gaan betalen. Hierover is overleg gevoerd en de uitkomst hiervan is dat de VRK

een lager tarief betaalt dan die het NHA doorberekent aan gemeenten. Het argument hierbij was dat lang niet alle documenten voor de VRK een archiefplicht kennen. Het NHA is hierin meegegaan. De kosten worden geschat op circa € 42.000 structureel. Meldpunt Zorg & Overlast: opname budget € 127.000 structureel:

De kosten van de pilot in het kader van versterken beschikbaarheid en bereikbaarheid meldpunt

OGGZ ad € 127.000 zijn in 2020 gedekt uit het begrotingssaldo, zoals besloten bij de le bestuursrapportage 2020 VRK. Bij de komende bestuursrapportage van de VRK zal beoordeeld worden of de kosten voor de pilot ook voor 2021 binnen de begroting van de VRK gedekt kunnen worden. Indien de pilot doet besluiten de taak ook na 2021 bij de VRK te beleggen, leidt dit tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage. Voor nu is dat als autonome ontwikkeling opgenomen in

deze begroting en is het onderdeel van de zienswijzeprocedure bij de gemeenteraden. Vraag is of

Kenmerk: 2021/240393

3/6

hier een keuze is. In principe niet, het opzetten van dit meldpunt komt voort uit een wetswijziging en gemeenten hebben hier ook middelen voor ontvangen. Het meldpunt was ook al onderdeel van de

hierboven genoemde Uitgangspuntennotitie.

Na de totstandkoming van de Uitgangspuntennotitie is nog sprake van een tweetal andere ontwikkelingen. Dat betreft uitbreiding van de formatie van de meldkamer in verband met een hoger percentage incidenten dan waarmee bij de inrichting van de meldkamer rekening was gehouden (€ 18.000) en uitbreiding van de formatie met een assistent-controller (€ 55.000). Deze uitbreiding is

nodig i.v.m. de wetswijziging per 2021 die maakt dat het bestuur van de VRK zelf een rechtmatigheidsverklaring bij de jaarrekening moet afgeven. De VRK zal deze ontwikkelingen dekken binnen de bestaande financiële kaders.

Veilig Thuis

Bij de aanbieding van de jaarrekening 2019 en de begroting 2021 is door de gemeente een tweetal zienswijzen ingediend ten aanzien van de opname van de uitgaven voor Veilig Thuis. Het betreft hier: 1.

De hogere loonkosten als gevolg van de transitie (omzetting van cao-jeugd naar caogemeenten) van € 290.000;

2.

Hogere uitgaven aangezien de verwachte daling van de kosten ten gevolge van de

verminderde inzet van Veilig Thuis als gevolg van een verbeterde ketensamenwerking, waardoor er een directe overdracht naar het lokale veld mogelijk is, zich niet heeft voorgedaan.

Ad 1: Een van de argumenten om Veilig Thuis onder te brengen bij de VRK is de verwachting dat Veilig Thuis gebruik kan maken van de schaalvoordelen van een grotere organisatie als de VRK en daarmee uiteindelijk efficiënter kan werken. De verwachting was dat deze voordelen binnen drie jaar

gerealiseerd zouden kunnen worden. Om in de tussenliggende periode de hogere kosten van de duurdere cao op te kunnen vangen is vanuit het jaarresultaat 2019 van de VRK een

bestemmingsreserve van € 875.000 gevormd. Aan de VRK is gevraagd om met een plan van aanpak

te komen om uiterlijk met ingang van de begroting 2023 de kostenverlaging van € 290.000 te hebben gerealiseerd. Inmiddels is bij de jaarrekening 2020 gebleken dat de uitgaven voor VT aanzienlijk lager zijn uitgekomen dan geraamd. In 2020 hoeft derhalve ook geen beroep op de bestemmingsreserve te

worden gedaan en is dit bedrag onderdeel van de aan de gemeenten terug te betalen bijdrage 2020. Uit de ingediende begroting 2022 blijkt dat met ingang van 2023 de uitgaven voor VT structureel met

€ 289.000 zijn verlaagd. Op deze wijze is de taakstelling dan financieel technisch ingevuld. Inhoudelijk is afgesproken tussen Algemeen Bestuur en directie dat er nader overleg plaats zal

vinden over de inhoudelijke invulling. Hierbij is aangegeven dat er de tijd en ruimte gegeven wordt aan de VRK om hier in de periode tot 2023 naar toe te werken, waarbij er op wordt vertrouwd dat het beoogde resultaat behaald zal worden, zonder vooraf in detail vast te leggen hoe.

Kenmerk: 2021/240393

4/6

Het eerder genoemde overleg tussen Algemeen Bestuur en directie over de inhoudelijke invulling heeft nog niet plaatsgevonden. Er zijn daardoor ook nog geen concrete afspraken gemaakt over de wijze waarop invulling gegeven gaat worden aan het verlagen van de kosten. Raming voor MDCK/MDA++:

De werkzaamheden voor het MDCK / MDA++ (Multidisciplinair Centrum Kindermishandeling) zijn

beëindigd halverwege 2020. Er is in 2020 een onderzoek uitgevoerd, waarin de eindconclusie luidde dat er geen sprake was van een MDA++ aanpak in Kennemerland, dat door alle deelnemers

waaronder Veilig Thuis is onderschreven. Op verzoek van de deelnemers komt deze raming te

vervallen. De werkzaamheden zullen op een andere wijze worden voortgezet, hetgeen impliceert dat de verlaging van in totaal € 443.000 voor de deelnemers geen budgettair voordeel betekent. Ontwikkeling gemeentelijke bijdrage 2022

De totale gemeentelijke bijdrage voor Zandvoort voor 2022 bedraagt € 2,217 miljoen. Het

beschikbare budget voor de VRK dat gereserveerd is in onze begroting voor 2022 is totaal € 2,344 miljoen. Tussen het benodigde en beschikbare budget is sprake van een voordelig verschil van €127.000. Echter er dient naast de participantenbijdrage een bedrag van € 171.000 te worden

betaald zijnde de kapitaallasten voor het pand Linneausstraat 2 te Zandvoort. Rekening houdende met dit bedrag is voor 2022 sprake van een nadelig verschil van € 44.000. Dit bedrag heeft betrekking op de onderdelen Publieke gezondheid (€12.000 nadelig; programma 1), Veilig Thuis ( € 1.000 voordelig; programma 2) en veiligheid (€ 33.000 nadelig; programma 6). De verhoging van per saldo € 44.000 zal in de programmabegroting 2022-2026 worden verwerkt.

Na besluitvorming door het Algemeen Bestuur van de VRK is de VRK begroting 2022 definitief. Het financiële effect daarvan wordt verwerkt in de Programmabegroting 2022-2026 van de gemeente Zandvoort. Voorbereiding meerjarenbegroting 2023 e.v.

Aangezien de financiële druk op gemeenten toeneemt en binnen gemeenten noodzakelijk tot bezuinigingen moet worden besloten, ligt vanuit de deelnemers in de Gemeenschappelijke regeling

ook de vraag voor hoe vanuit de VRK daarin kan worden bijgedragen in de jaren 2023 en verder. Verkend zal worden welke ruimte er is om (het niveau van uitvoering van) taken te verminderen of

op andere manieren het uitgavenniveau naar beneden bij te stellen. De risico's/consequenties die

gepaard gaan met kostenreductie worden in de voorbereiding naar de begroting 2023 onderzocht. De eisen die vanuit wet- en regelgeving voortvloeien, zijn daarbij een harde ondergrens. In de aanloop naar de programmabegroting 2023-2026 zal duidelijk zijn welke mogelijkheden worden

gezien. De deelnemende gemeenten zullen in dit traject, waarvoor een externe partij wordt

ingeschakeld, betrokken. Zie voor een nadere toelichting de bijlage "Voorbereiding meerjarenbegroting 2023 e.v.".

Kenmerk: 2021/240393

5/6

5. Risico's en kanttekeningen Corona: Zoals in de inleiding vermeld, heeft het Coronavirus een enorme impact op de VRK. In welke mate dit van invloed is op het exploitatieresultaat voor 2021 kan nog niet worden aangegeven. De VRK zal de raden hiervan op de hoogte stellen zodra er concretere informatie beschikbaar is. De informatie wordt in ieder geval verwerkt in de Bestuursrapportage VRK die voor het zomerreces in procedure

gaat. Infectiedreiging De pandemie heeft het besef doen ontstaan dat naar de toekomst toe de risico's van infectieziekten

toenemen en er belang is om preventie en bestrijding te versterken. Daarnaast zal ook antibioticaresistente in de nabije toekomst meer aandacht vragen. Als de Covid-19 crisis achter de rug is, volgen zonder twijfel diverse evaluaties. Op dit moment lopen er al gesprekken over wat van de aanpak tot nu toe kan worden geleerd en meer in het bijzonder over de vraag hoe de

aansturingslijnen meer passend kunnen worden gemaakt. Hoewel er grote kans is dat de opgave -

ook voor gemeenten - zal veranderen en het niet is uit te sluiten dat er hogere kosten moeten worden gemaakt, is het nog te prematuur om nu al concrete voorstellen te doen hoe en zo ja in welke vorm aan die nieuwe opgave invulling te geven. 6. Uitvoering Na behandeling van de programmabegroting in het Algemeen bestuur van de VRK op 29 juni 2020 zal de gemeenteraad hierover een terugkoppeling ontvangen.

7. Bijlagen 1. Aanbiedingsbrief meerjarenbegroting VRK 2. Voorbereiding meerjarenbegroting VRK 2023 e.v. 3.

Ontwerp programmabegroting 2022 - 2025

Kenmerk: 2021/240393

6/6

Gemeente Zandvoort

Raadsstuk

Onderwerp Omgevingsdienst IJmond, begroting 2022. Zienswijze Raad. Nummer

2021/229457_______________________________________________________

Portefeuillehouder

Verheij-de Haas, E.__________________________________________________

Programma/beleidsveld

6.3 Openbare orde en veiligheid________________________________________

Afdeling____________

VTH______________________________________________________________

Auteur_____________

Zwet, R.H. van der__________________________________________________

Telefoonnummer_____

0235115204_______________________________________________________

Email_______________

rvanderzwet@Zandvoort.nl___________________________________________

Kernboodschap

De Zandvoortse taken voor milieu en Wabo (bouw) zijn ondergebracht bij de omgevingsdienst IJmond (ODIJ). De reden voor deze nota is het verzoek van de ODIJ aan de gemeenteraad om de

zienswijze over de begroting 2022 van de ODIJ kenbaar te maken.

Deze zienswijzeprocedure is vastgelegd in de Gemeenschappelijke regeling ODIJ. Behandelvoorstel voor

De raadscommissie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel

commissie

van het college in paragraaf 2 en over de wijze van agendering van het raadsstuk in de raadsvergadering.______________________________________________

Relevante eerdere besluiten_______

Niet van toepassing.

Besluit College

Het college van burgemeester en wethouders

d.d. 18 mei 2021

Besluit: 1. Het voorstel aan de raad vast te stellen.

de secretaris.

Besluit Raad d.d. 22 juni 2021

de burgemeester,

De raad der gemeente Zandvoort, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders,

Besluit: 1. Zijn zienswijze kenbaar te maken over de begroting 2022 van de

2.

Omgevingsdienst IJmond; Aan de Omgevingsdienst IJmond schriftelijk mede te delen geen bezwaren te

zien bij de begroting 2022.

de griffier,

Kenmerk: 2021/229457

1/6

1. Inleiding De Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst IJmond is een openbaar lichaam met 16 deelnemers dat opereert onder de naam Omgevingsdienst IJmond. De Gemeenschappelijke Regeling

Omgevingsdienst IJmond (GR) vormt hiervoor het juridische kader. Binnen het kader van de GR voert de dienst, naast de taken beschreven in de GR, ook taken uit op basis van dienstverleningsovereenkomsten (DVO) die met de deelnemers separaat zijn afgesloten. Omgevingsdienst IJmond is belast met de be- en afhandeling van de Zandvoortse milieuvergunningen en bouwvergunningen en het toezicht en de handhaving op de naleving daarvan. Daarnaast voert zij voor Zandvoort het toezicht en de handhaving uit op toeristische verhuur van woningen.

De ODIJ verzoekt de raad zijn zienswijze bekend te maken over de begroting 2022. Nadat de raden en de staten van alle bij de gemeenschappelijke regeling aangesloten partijen hun zienswijze bekend hebben gemaakt, stuurt de ODIJ de begroting door naar Gedeputeerde Staten van Noord-Holland. Het Algemeen Bestuur van de ODIJ stelt de begroting 2022, met medeweging van alle zienswijzen, op 7 juli 2021 vast.

2. Voorstel aan de raad Het college stelt de raad voor:

1. 2.

Zijn zienswijze kenbaar te maken over de begroting 2022 van de Omgevingsdienst IJmond; Aan de Omgevingsdienst IJmond schriftelijk mede te delen geen bezwaren te zien bij de begroting 2022.

3. Beoogd resultaat De raad heeft kennis kunnen nemen van de begroting 2022 van de Omgevingsdienst IJmond en geeft hierover vóór 1 juli 2021 zijn zienswijze aan bij de ODIJ.

4. Argumenten 2.1

Het besluit past in het ingezet beleid

Het besluit past binnen beleidsveld 6.3 Openbare Orde en Veiligheid. De Zandvoortse taken

voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) voor de genoemde beleidsvelden zijn ondergebracht bij de ODIJ. De gemeente betaalt jaarlijks een vergoeding aan de ODIJ voor de uit te voeren taken. De precieze invulling van de werkzaamheden voor Zandvoort

wordt voor het jaar 2022 vastgelegd in het Uitvoeringsprogramma 2022 van de ODIJ welke eind van dit jaar wordt vastgesteld in het Algemeen Bestuur. De begroting 2022 is gebaseerd

op de bij deze raadsnota gevoegde Kadernota 2022 van de ODIJ. 2.2

Er zijn geen bezwaren op de begroting 2022 van de ODIJ en de voorgestelde GR bijdrage van Zandvoort. De begroting 2022 heeft als uitgangspunt de eerder aan de partners toegezonden Kadernota

2022 van de ODIJ. De begroting voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten en is sluitend. De personele bezetting is voor ODIJ de grootste

kostenpost. Omdat de tarieven en bijdragen voor 2022 door ODIJ niet zijn geïndexeerd, is de

Kenmerk: 2021/229457

2/6

verwachte stijging voor de loonkosten als gevolg van doorgroei en inschaling gedekt door te

bezuinigen op de vaste formatie en de flexibele schil. In de begroting is geen rekening gehouden met eventuele CAO-stijgingen, anders dan het afgesloten

onderhandelingsakkoord CAO 2019-2020. De loonsom stijgt gemiddeld genomen gering als gevolg van doorgroei in inschaling en de verwachte stijging van salarissen en pensioen- en

overige sociale lasten. De prijsindexcijfers voor 2020 en de meerjarenbegroting betreffen de

Prijs overheidsconsumptie (IMOC) van het Centraal Planbureau voor 2020. Doordat er minder baten uit dienstverleningsovereenkomsten in 2022 zijn begroot, wordt bezuinigd op

externe inhuur (ten behoeve van projecten). Bijdrage voor Impuls Omgeving Veiligheid

De bijdrage voor de Impuls Omgevingsveiligheid (IOV) is niet geïndexeerd en betreft taken op het gebied van externe veiligheid. Voorheen ontving Zandvoort deze bijdrage via een geoormerkt subsidie van de provincie Noord-Holland. Zandvoort zette deze bijdrage

vervolgens door naar de ODIJ, die genoemde werkzaamheden voor Zandvoort uitvoert.

Vanaf 2022 wordt deze bijdrage rechtstreeks aan de gemeente uitgekeerd via het gemeentefonds. Vanaf dat jaar zal dit bedrag deel gaan uitmaken van de structurele (GR) bijdrage van Zandvoort aan de ODIJ. Voor de gemeente Zandvoort is het aandeel in de IOV

vastgesteld op € 3.000 per jaar.

Bijdrage voor bodemformatie Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet vindt voor een aantal taken een

herverdeling van bevoegdheden plaats. Zo wijzigt het bevoegd gezag voor

bodemverontreiniging. De bedoelde bevoegdheid en taken gaan over van provincie naar gemeenten. Een onderdeel van deze overdracht is de verandering in bevoegd gezag voor de VTH-bodemtaken, zoals dat nu in de Wet bodembescherming (Wbb) geregeld is. Het gaat hierbij zowel om toezicht, handhaving en vergunningverlening als om de juridische- en

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10342804/1