Bijlage 1. Programmabegroting 2022 Zaltbommel - Versie raad 4 november 2021
Tekst van het document
Hierbij hebben we bijzondere aandacht voor woningbouw in de kernen Nieuwaal, Zuilichem en Brakel. In 2022 bepalen we op grond van een uitvoeringsprogramma op welke manier we de ambities uit de Woonvisie realiseren.
3.9.3. Beheer overige gebouwen en gronden Wat willen we bereiken? Potentiele herinvulling van het gebouw van De Brug aan de Wielkamp
46
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Wat gaan we ervoor doen? Herinvulling locatie De Brug Na de verhuizing van De Brug naar De Waluwe, komt het oude pand van De Brug aan de Wielkamp in gemeentelijk bezit. Diverse partijen hebben hun interesse in huisvesting in dit pand al uitgesproken. We onderzoeken ook of de huidige gebruikers van Pand 9 in de toekomst hier gehuisvest kunnen worden. Voor duurzaam hergebruik is evenwel op korte termijn onderhoud nodig aan met name het dak en de cv-installatie.
Wat mag het kosten? Programma 9 Volkshuisvesting en ruimtelijke ordening (bedragen x € 1.000) Lasten Ruimtelijke ordening Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen) Wonen en bouwen Beheer overige gebouwen en gronden Totaal lasten
Werkelijk 2020 Begroting 2021 Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 1.377
1.122
772
745
800
799
4.286
11.902
6.389
7.151
4.355
2.463
1.751
2.273
2.093
2.077
2.077
2.068
908
1.089
646
565
572
570
8.322
16.385
9.901
10.538
7.805
5.900
205
181
183
183
183
183
5.397
5.840
6.614
7.754
4.611
2.832
1.525
1.149
973
973
973
973
411
384
396
381
381
381
7.537 -785
7.554 -8.831
8.166 -1.735
9.291 -1.247
6.148 -1.657
4.369 -1.532
3.133
1.320
764
950
562
597
2.413
7.673
568
425
485
405
-720 -1.505
6.353 -2.478
-196 -1.932
-525 -1.772
-78 -1.735
-193 -1.724
Baten Ruimtelijke ordening Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen) Wonen en bouwen Beheer overige gebouwen en gronden Totaal baten Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Saldo reservemutaties Resultaat
Relevante informatie Relevante beleidsstukken • Woonvisie • Fonds Bovenwijkse Voorzieningen • Beleid Huisvesting Arbeidsmigranten • Beleidsregel risicoanalyse en weerstandsvermogen grondexploitaties Betrokken verbonden partijen • Omgevingsdienst Rivierenland (ODR)
47
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Beleidsindicatoren Realisatie 2020 267.000
Begroting 2021 256.000
Begroting 2022 291.000
Aantal per 1.000 woningen per jaar
16,79
17,98
28,27
% In Euro’s
76,70 794
76,70 823
76,50 844
In Euro’s
845
865
875
Indicator Gemiddelde WOZ waarde
Eenheid In Euro's
Nieuw gebouwde woningen
Demografische druk Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
48
Bron CBS Basisregistratie adressen en gebouwen CBS COELO COELO
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
4. Paragrafen De regels voor het opstellen van een Programmabegroting zijn vastgelegd in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Volgens deze regels moeten wij minimaal de volgende 7 paragrafen in onze begroting opnemen: • Lokale heffingen; • Weerstandsvermogen en risicobeheersing; • Onderhoud kapitaalgoederen; • Financiering; • Bedrijfsvoering; • Verbonden partijen; • Grondbeleid. In de paragrafen behandelen we onderwerpen die van belang zijn voor het inzicht in de financiële positie. De paragrafen bevatten de beleidsuitgangspunten van hoe wij grip proberen te houden op deze zeven activiteiten. Daarnaast bevatten de paragrafen een dwarsdoorsnede van de programma’s vanuit onderwerpen waaraan politieke of financiële risico’s verbonden zijn.
49
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
4.1. Lokale heffingen In deze paragraaf informeren wij u over het beleid en de ontwikkeling van de tarieven van lokale heffingen. Hierbij maken we een vergelijking met de buurgemeenten. Ook geven we een overzicht van de belastingopbrengsten, kostendekkendheid van de leges en tot slot vindt u informatie over het kwijtscheldingsbeleid. Alle genoemde tarieven in deze paragraaf zijn indicatief. Bij de vaststelling van de verordeningen in december worden de tarieven definitief bepaald op basis van de laatst bekende gegevens.
4.1.1. Beleid Lokale heffingen vormen een belangrijk onderdeel van de inkomsten van de gemeente Zaltbommel. De lokale heffingen en vooral de algemene dekkingsmiddelen zijn een belangrijk politiek instrument ter weging van beleidsbeslissingen. Ze maken integraal onderdeel uit van het gemeentelijk beleid. In deze paragraaf vermelden we de bestaande beleidsuitgangspunten en -voornemens en lichten we deze toe. Vervolgens analyseren we de uitkomsten. Hierbij vermelden we voor de woonlasten de tarieven. Voor de hoogte van de belastingen, rechten en tarieven gelden de volgende uitgangspunten: • Continu streven naar kostendekkendheid van leges, rechten en tarieven waartegenover concrete dienstverlening van de overheid staat; • De tarieven voor de belastingen en leges worden verhoogd met de prijsmutatie Bruto Binnenlands Product (BBP). Deze index wordt weergegeven in de circulaires van het Gemeentefonds. In deze begroting is de index uit de meicirculaire gebruikt (1,9%). Deze index wordt aangepast met de actuele gegevens uit de septembercirculaire bij de vaststelling van de belastingtarieven; • De waarde-ontwikkeling van de WOZ-taxatie corrigeren we in het tarief OZB.
Het beleid van de lokale lasten nemen we op in de diverse belastingverordeningen: • Verordening onroerende-zaakbelastingen 2022; • Verordening roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting 2022; • Verordening rioolheffing 2022; • Verordening rioolaansluitrechten 2022; • Verordening hondenbelasting 2022; • Verordening parkeerbelastingen 2022; • Verordening precariobelasting 2022; • Verordening marktgelden 2022; • Verordening forensenbelasting 2022; • Verordening reclamebelasting 2022; • Verordening toeristenbelasting 2022; • Verordening watertoeristenbelasting 2022; • Verordening lijkbezorgingsrechten 2022; • Legesverordening 2022.
4.1.2. Lokale lasten De lokale lastendruk is een indicator voor de mate waarin de inwoners van de gemeente Zaltbommel worden belast met de vastgestelde heffingen. Anderzijds is het een indicator voor de financiële positie van de gemeente in het provinciaal toetsingskader. Voor het bepalen van de lokale lastendruk zijn de heffingen bepalend die onvermijdelijk gepaard gaan met het wonen in de gemeente Zaltbommel. Dit zijn: de onroerendezaakbelastingen (OZB), de rioolheffing en de afvalstoffenheffing. Ondanks het feit dat de afvalstoffenheffing in Zaltbommel wordt bepaald door Avri, moet die heffing toch worden betrokken bij de bepaling van de lokale lastendruk. De onderstaande tabel geeft een overzicht van de lokale lastendruk per woonruimte voor een eigenaar/ bewoner. De hierbij gehanteerde uitgangspunten zijn:
50
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
• Een huishouden, bestaande uit 3 personen; • De gemiddelde OZB lasten conform de Atlas van de lokale lasten van het Centrum voor Onderzoek van de Economie van Lagere Overheden (Coelo). • Een waterverbruik als basis voor rioolrecht van 50 m3 per persoon; • Een standaardtarief afvalstoffenheffing. Deze uitgangspunten sluiten aan bij de gegevens die de provincie Gelderland gebruikt in provinciale databank en de jaarlijkse Atlas van de lokale lasten van het Coelo. Lokale lastendruk (bedragen in €)
2020
2021
2022
Lastendruk specifiek huishouden - eigenaar/bewoner Onroerende zaakbelasting eigenaren Rioolheffing eenpersoonshuishouding Rioolheffing meerpersoonshuishouding Afvalstoffenheffing eenpersoonshuishouding Afvalstoffenheffing meerpersoonshuishouding
298 277 277 252 265
303 277 277 285 300
308 277 277 297 311
Totaal eenpersoonshuishouding Totaal meerpersoonshuishouding
827 840
865 880
882 896
4.1.3. Vergelijking met buurgemeenten Voor een vergelijking met onze buurgemeenten maken we gebruik van de gegevens van Coelo. Coelo is een onderzoeksinstituut dat jaarlijks alle lokale lasten van alle gemeenten vergelijkt. Zij brengt jaarlijks een atlas hierover uit. De gegevens hieronder zijn gebaseerd op de gegevens van de 'Atlas van lokale lasten 2021'. Vergelijking buurgemeenten (uit Coeloatlas 2021*) Woonlasten Eénpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden Rangnummer (nr. 1 heeft de laagste woonlasten, nr. 370 de hoogste)
Zaltbommel
Maasdriel
West Betuwe
Culemborg
Gelderland
865 880
865 879
1.036 1.050
892 922
752 826
263
258
335
290
n.v.t.
0,1054 0,2694 0,2292
0,1068 0,2770 0,2176
0,1218 0,2865 0,2334
0,1250 0,3452 0,3608
0,1257 0,2813 0,2050
Afvalstoffenheffing Eénpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden
286 301
284 298
284 298
299 329
209 247
Rioolheffing woningen Eénpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden
277 277
238 238
361 361
246 246
186 222
OZB Tarief woningen (%) Tarief eigenaar niet-woningen (%) Tarief gebruiker niet-woningen (%)
4.1.4. Opbrengsten De gemeentelijke heffingen zijn te verdelen in de volgende twee categorieën: • Heffingen waarvan de opbrengst is gebonden (retributies en leges); • Heffingen waarvoor de opbrengst vrij besteedbaar is. De onderstaande tabel geeft de totaalopbrengst van de diverse gemeentelijke heffingen weer:
51
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Lokale heffingen bedragen x € 1.000 Gebonden heffingen Burgerzaken Rioolheffing Lijkbezorgingsrechten Bouwleges Afvalstoffenheffing Marktgelden APV Totaal gebonden heffingen
Werkelijke opbrengst 2020
Geraamde opbrengst 2021
Geraamde opbrengst 2022
358 3.569 571 1.283 2.611 20 19
350 3.735 412 931 3.191 23 11
316 3.993 418 949 3.358 24 11
8.431
8.653
9.068
Vrij besteedbaar Onroerende-zaakbelastingen Roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting (Water)toeristenbelasting Forensenbelasting Reclamebelasting Hondenbelasting Precariobelasting Parkeerbelasting
6.928 4 195 14 194 132 2.287 571
7.045 3 234 10 210 130 2.075 725
7.213 4 238 10 214 128 738
Totaal vrij besteedbaar Totaal
10.325 18.756
10.432 19.085
8.545 17.613
Burgerzaken Onder de naam burgerzaken heffen we leges voor het in behandeling nemen van aanvragen van onder andere paspoorten, rijbewijzen, burgerlijke stand (huwelijken) en naturalisatie. Voor 2022 worden de tarieven verhoogd met het inflatiepercentage van 1,8%. Werkelijke 2020 8 51 143 118
Geraamde 2021 8 51 140 120
Geraamde 2022 8 53 104 113
Vreemdelingenzaken en naturalisatie Overige producten
26 12
12 19
28 10
Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
358
350
316
Opbrengsten (bedragen x € 1.000) Basisregistratie Personen (BRP) Burgerlijke stand Rijbewijzen Identificatie- en reisdocumenten
Rioolheffing Rioolheffing heffen we over binnen onze gemeentegrenzen gelegen onroerende zaken. Voor 2022 worden de tarieven verhoogd met het inflatiepercentage van 1,8%. Tarieven (in €) Eigenaarsrecht woning met directe aansluiting Eigenaarsrecht niet-woning tot € 500.000 met directe aansluiting Eigenaarsrecht niet-woning boven € 500.000 met directe aansluiting = bedrag + 0,0099% van de WOZ-waarde
Werkelijke 2020 272,61 272,61
Geraamde 2021 276,7 276,7
Geraamde 2022 277,23 277,23
272,61
276,7
277,23
Eigenaarsrecht woning zonder directe aansluiting Eigenaarsrecht niet-woning tot € 500.000 zonder directe aansluiting Eigenaarsrecht niet-woning boven € 500.000 zonder directe aansluiting = bedrag + 0,0099% van de WOZ-waarde Recreatie-object
68,15 68,15
69,17 69,17
69,30 69,30
68,15 136,31
69,17 138,35
69,30 138,61
Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
3.569
3.735
3.993
52
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Rioolheffing glastuinbouw in 2020 is een aanvang gemaakt met de aanleg van de riolering voor de glastuinbouw. Met de tuinders spraken we af dat we de kosten op twee wijzen verhalen. Ten eerste een aansluitbijdrage, ten tweede een rioolheffing. De aansluitbijdragen hebben we apart in rekening gebracht. Vanaf het belastingjaar 2021 is de bestaande verordening rioolheffing uitgebreid met een rioolheffing voor de glastuinbouw. Lijkbezorgingsrechten Voor het gebruik van de begraafplaats en voor het verlenen van diensten in verband met de begraafplaats heffen we rechten. Wij hanteren als algemeen uitgangspunt dat we de tarieven voor de begrafenisrechten alleen met de inflatiecorrectie aanpassen (1,9% voor 2022). Overige mutaties in opbrengsten zijn het gevolg van inschatting van het aantal begravingen/verlengingen, die verschillen per jaar. Opbrengsten (bedragen x € 1.000) Begraafrechten Begraven/plaatsen urn Onderhoud begraafplaats Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
Werkelijke 2020 323 126 122
Geraamde 2021 212 116 84
Geraamde 2022 216 118 84
571
412
418
Bouwleges We brengen bouwleges in rekening voor het in behandeling nemen van aanvragen voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor een project. De bouwleges berekenen we op basis van een percentage van de bouwkosten. Tarieven in € Bouwleges Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
Werkelijke 2020 1.283
Geraamde 2021 931
Geraamde 2022 949
1.283
931
949
Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing wordt in rekening gebracht bij de gebruiker van een perceel van waaruit huishoudelijk afval kan ontstaan. De aanslag wordt berekend op basis van de grootte van het huishouden, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen één- en meerpersoonshuishoudens. Tarieven in € Marktgelden Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
Werkelijke 2020 2.611
Geraamde 2021 3.191
Geraamde 2022 3.358
2.611
3.191
3.358
Marktgelden Onder de naam marktgelden heffen we rechten voor het tijdens marktdagen innemen van standplaatsen of het plaatsen van kramen op plaatsen die als marktterrein zijn aangewezen. Opbrengsten (bedragen x € 1.000) Marktgelden Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
Werkelijke 2020 20
Geraamde 2021 23
Geraamde 2022 24
20
23
24
APV Onder de naam APV heffen we leges voor het in behandeling nemen van aanvragen voor het verkrijgen van een Drank- en Horecavergunning of voor het in behandeling nemen van aanvragen om een vergunning voor het organiseren van evenementen. Daarnaast vallen hier ook de ontheffing van de winkeltijdenwet en de huisvesting van arbeidsmigranten onder. Tarieven in € APV Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
53
Werkelijke 2020 19
Geraamde 2021 11
Geraamde 2022 11
19
11
11
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Onroerende-zaakbelasting Onroerende-zaakbelastingen heffen we over objecten die binnen de gemeentegrenzen liggen. We maken een onderscheid in de volgende belastingen: • Een gebruikersbelasting van degenen die bij het begin van het kalenderjaar onroerende zaken gebruiken. Dit geldt niet voor woningen; • Een eigenarenbelasting van degenen die bij het begin van het kalenderjaar eigenaar zijn van onroerende zaken (formeel: “het genot hebben krachtens eigendom, bezit of beperkt recht”). De heffingsgrondslag is de waarde van de onroerende zaak naar peildatum 1 januari 2021. De tarieven voor 2022 baseren we op het tarief van 2021, aangepast met het inflatiecijfer van 1,8%. Hierbij houden we rekening met de aanpassing tussen de vorige waardepeildatum 1 januari 2020 en de voor het begrotingsjaar geldende waardepeildatum 1 januari 2021. Het tarief van de onroerendezaakbelasting geven we weer als een percentage van de waarde van een onroerende zaak. Tarieven (% van de waarde van een onroerende zaak) Woningen eigendom Niet-woningen eigendom Niet-woningen gebruik Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
Werkelijke 2020 0,1109% 0,2691% 0,2993%
Geraamde 2021 0,1141% 0,2731% 0,3038%
Geraamde 2022 0,1162% 0,2781% 0,3093%
6.928
7.045
7.213
Roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting Roerende woon- en bedrijfsruimtebelastingen heffen we van de roerende woon- en bedrijfsruimten die binnen onze gemeentegrenzen liggen. Deze ruimten zijn duurzaam aan een plaats gebonden en dienen voor permanente bewoning of permanent gebruik. Deze belasting heeft als belangrijk doel het gelijkstellen van onroerende en roerende zaken. De tariefstelling is dan ook gelijk aan de tariefstelling van de OZB. Tarieven (% van de waarde van een roerende zaak) Woningen eigendom Eigendom Gebruik Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
Werkelijke 2020 0,1109% 0,2691% 0,2993%
Geraamde 2021 0,1141% 0,2770% 0,3080%
Geraamde 2022 0,1162% 0,2819% 0,3136%
4
3
4
Toeristenbelasting Toeristenbelasting heffen we voor het verblijf van personen in onze gemeente die niet in de basisregistratie personen staan ingeschreven. Voor het tarief per overnachting maken we onderscheid tussen een hotel-, een campingovernachting en een overnachting in overige verblijfsvormen. Tarieven (in €) Hotelovernachting Pensionovernachting/overnachting in overige verblijfsvormen Campingovernachting Overnachting in jachthaven per etmaal Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
Werkelijke 2020 2,75 1,50 0,80 -
Geraamde 2021 2,79 1,54 0,81 0,81
Geraamde 2022 2,84 1,57 0,83 0,83
195
234
238
Forensenbelasting Forensenbelasting heffen we van natuurlijke personen die, zonder in de gemeente hun hoofdverblijf te hebben, er gedurende het belastingjaar meer dan negentig malen nachtverblijf houden of meer dan negentig dagen voor hen of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden. Het tarief baseren we op het tarief van 2021, aangepast met het inflatiecorrectie van 1,8%. Tarieven (in €) Woning Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
54
Werkelijke 2020 197
Geraamde 2021 199
Geraamde 2022 203
14
10
10
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Reclamebelasting Reclamebelasting heffen we van openbare aankondigingen, zichtbaar vanaf de openbare weg. In juli 2017 voerden we deze belasting in voor de binnenstad en in juli 2018 voor het industrieterrein in Zaltbommel. Deze belasting heffen we alleen van aankondigingen. De heffingsmaatstaf is afhankelijk van de WOZ-waarde. De opbrengst storten we in een fonds. Tarieven op basis van WOZ-waarde (bedragen in €) voor bedrijventerrein Minder dan € 100.000 Van € 100.000-€ 250.000 Van € 250.000-€ 500.000 Van € 500.000-€ 1.000.000 Van € 1.000.000-€ 2.500.000 Van € 2.500.000-€ 5.000.000 Van € 5.000.000-€ 10.000.000 Van € 10.000.000 of meer Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
Tarieven op basis van WOZ-waarde (bedragen in €) voor de binnenstad Minder dan € 75.000 Van € 75.000-€ 150.000 Van € 150.000-€ 350.000 Van € 350.000-€ 500.000 Van € 500.000-€ 700.000 Van € 700.000 of meer Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
Werkelijke 2020 125,00 311,00 623,00 934,00
Geraamde 2021 129,00 320,00 641,00 960,00
Geraamde 2022 131,00 326,00 653,00 977,00
1.246,00 1.869,00 3.323,00 7.476,00
1.283,00 1.923,00 3.420,00 7.695,00
1.306,00 1.958,00 3.482,00 7.834,00
126
140
143
Werkelijke 2020 264,00 369,00 475,00 580,00
Geraamde 2021 271,00 379,00 488,00 598,00
Geraamde 2022 276,00 386,00 497,00 609,00
685,00 791,00
706,00 814,00
719,00 829,00
68
70
71
Hondenbelasting Hondenbelasting heffen we van personen die één of meer honden houden. Door regelmatig controles ter plaatse uit te voeren voorkomen we dat burgers ten onrechte te veel of te weinig hondenbelasting betalen. Het tarief voor 2022 baseren we op het tarief van 2021, aangepast met het inflatiecijfer van 1,8%. Tarieven (in €) Eerste hond Tweede hond Meer dan 2 honden Per kennel Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
Werkelijke 2020 49,18 65,29 81,60 364,80
Geraamde 2021 50,62 67,20 83,98 375,47
Geraamde 2022 51,53 68,41 85,50 382,22
132
130
128
Precariobelastingen Precariobelasting heffen we voor voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond voor kabels, leidingen en terrassen. Op 1 juni 2011 voerden we deze belasting in. Vanaf 2022 is het op basis van artikel 228, lid 2 Gemeentewet niet meer mogelijk om precariobelasting op bepaalde kabels en leidingen te heffen. Tarieven (in €) Kabels, leidingen en buizen per vierkante meter Terras, gebied A per vierkante meter Terras, gebied B per vierkante meter Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
Werkelijke 2020 2,80 55,00 21,00
Geraamde 2021 2,80 56,61 22,63
Geraamde 2022 -
2.287
2.075
-
Parkeerbelastingen Onder de naam parkeerbelastingen heffen we de volgende belastingen: een belasting voor het parkeren van een voertuig op een te bepalen plaats, tijdstip en wijze én een belasting voor een door de gemeente verleende vergunning voor het parkeren van een voertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze. Naast de parkeerinkomsten zijn er inkomsten uit parkeerboetes. De opbrengsten van parkeergelden (inclusief
55
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
vergunningen) vormen een regulerende belasting. We zetten deze belasting in om het parkeergedrag van automobilisten te beïnvloeden. Nieuw beleid ten aanzien van het parkeren is in uw raadsvergadering van 24 september 2020 besproken. De uitkomsten van dit nieuwe beleid zijn verwerkt in deze begroting en leiden tot de volgende tarieven: Werkelijke 2020 1,45
Geraamde 2021 1,45
1,18 -
1,18 1,50
Geraamde 2022 1,25 0,75 1,25 0,75
Zone 4: Lichtgroen Parkeerboetes 1e vergunning particulieren 2e vergunning particulieren 1e vergunning bedrijven
1,50 64,00 85,50 126,00 276,00
65,00 66,40 88,40 129,80
0,75 65,00 87,00 128,00 280,00
2e vergunning bedrijven Vergunning arts Zorgvergunningen
408,00 298,00 66,00
284,30 420,30 307,30
414,00 302,00 67,00
Opbrengsten Opbrengst parkeerbelasting (bedragen per € 1.000) Opbrengst parkeerboetes (bedragen per € 1.000) Opbrengst parkeervergunningen (bedragen per € 1.000)
383 100 88
523 120 82
532 122 84
Totaal opbrengsten (bedragen x € 1.000)
571
725
738
Tarieven (in €) Zone 1: Oranje assenkruis - overdag Zone 1: Oranje assenkruis - avond Zone 2: Oranje Zone 3: Groen
4.1.5. Kostendekkendheid leges en heffingen Wij leveren op aanvraag van individuele inwoners een uiteenlopend pakket aan diensten. Door het heffen van leges verhalen we de gemaakte kosten op diegene die de dienst afneemt. De leges mogen maximaal kostendekkend zijn. Dit betekent dat per verordening het totaal van de legesinkomsten niet hoger mag zijn dan het totaal aan toerekenbare kosten. Deze toets geldt op het totaal 'Titel' van de legesverordening. Beleid kostendekkendheid Ons beleidsuitgangspunt is kostendekkendheid van de leges, waarbij we alle toerekenbare kosten doorberekenen. Hiertoe behoren bijvoorbeeld ook de kosten voor overhead en de toerekenbare BTW. Op deze manier betaalt de aanvrager alle kosten die samenhangen met de dienstverlening, en komen deze kosten niet ten laste van onze algemene middelen. Wij hanteren hierbij het principe ‘de vervuiler betaalt’. Uitgangspunt is dat leges zoveel mogelijk op zichzelf kostendekkend moeten zijn. Binnen de bouwleges is er bijvoorbeeld sprake van een degressief legestarief. Hierdoor betalen grote bouwprojecten een lager percentage over de bouwsom dan kleinere bouwprojecten. Reinigingsheffingen Avri Avri verzorgt de inzameling van afval. Wij rekenen hieraan geen eigen kosten toe, met uitzondering van een bedrag voor zwerfvuil. De mate van kostendekkendheid wordt door Avri geborgd.
56
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Kostendekkendheid afval Lasten per taakveld exclusief mutatie voorziening Baten per taakveld exclusief mutatie voorziening Netto kosten taakveld 7.3 Afval
3.088.000 0 3.088.000
Toegerekende overhead Toegerekende BTW Totaal toegerekende overhead en BTW
102.600 625.726 728.326
Totaal kosten toe te rekenen aan afval
3.816.326
Totaal begrote heffingen
3.358.454
Percentage kostendekkendheid
88,0%
Rioolheffing Via rioolheffing brengen we de kosten in rekening voor de “inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater, alsmede de zuivering van huishoudelijk afvalwater en de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken.” Hieronder valt ook de afzonderlijke riolering voor de Glastuinbouw die we via de rioolheffing in rekening brengen. Kostendekkendheid riolering Lasten per taakveld exclusief mutatie voorziening Baten per taakveld exclusief mutatie voorziening Netto kosten taakveld 7.2 Riolering
2.988.194 0 2.988.194
Toegerekende overhead Toegerekende BTW Andere taakvelden: Taakveld 0.61: Uitvoeringkosten WOZ Taakveld 2.1: Straatreiniging vast bedrag Taakveld 5.7: onderhoud watergangen, duikers etc Taakveld 5.7: Maaien van bermen en sloten Totaal toegerekende overhead, BTW en overige kosten
40.000 72.460 15.000 79.790 1.079.889
Totaal kosten toe te rekenen aan riolering
4.068.083
Totaal begrote heffingen
3.992.544
Percentage kostendekkendheid
352.494 520.145
98,1%
Begraafrechten Op 28 juni 2012 stelde uw raad de Nota toekomstontwikkeling Begraafplaatsen vast. In 2015 evalueerden wij deze nota. Daarbij besloten wij onder andere dat de begraafplaatsen niet volledig kostendekkend geëxploiteerd hoeven te worden, aangezien er bij de begraafplaatsen ook sprake is van een stuk algemeen belang. In de kosten die we toerekenen aan de tarieven voor begraafplaatsen zitten stortingen en onttrekkingen aan voorzieningen voor de ontvangen afkoopsommen voor onderhoud. Ook de BTW die we via het BTW-compensatiefonds kunnen compenseren mogen we toerekenen aan de kosten.
57
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Kostendekkendheid begraafrechten Lasten per taakveld exclusief mutatie voorziening Baten per taakveld exclusief mutatie voorziening Netto kosten taakveld 7.5 Begraafplaatsen en crematoria
509.033 0 509.033
Toegerekende overhead Toegerekende BTW Totaal toegerekende overhead en BTW
85.500 70.686 156.186
Totaal kosten toe te rekenen aan begraafplaatsen
665.219
Totaal begrote heffingen
417.962
Percentage kostendekkendheid
62,8%
Legesverordening De Legesverordening bestaat uit drie titels, met daaronder diverse hoofdstukken. De toets op kostendekkendheid vindt plaats per titel. Bij het vaststellen van de legesverordening presenteren we de kostendekkendheid van 2022 op titelniveau conform onderstaand overzicht. Titel 1: Algemene dienstverlening Titel 2: Dienstverlening vallend onder de fysieke leefomgeving/omgevingsvergunningen Titel 3: Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn Kostendekkendheid Lasten (inclusief toegerekende btw) Overhead Totale lasten
Titel 1 368.102 175.787 543.889
Titel 2 959.894 171.425 1.131.319
Titel 3 8.563 6.150 14.713
Totaal 1.336.559 353.362 1.689.921
Baten
484.144
970.529
5.702
1.460.375
Percentage kostendekkendheid
89,0%
85,8%
38,8%
86,4%
Toelichting De lastenkant is opgebouwd uit directe kosten. Hiertoe behoren de salariskosten, kapitaallasten en materiële kosten die in direct verband staan met de specifieke dienstverlening, inclusief bijbehorende BTW (BCF) en overheadkosten. De kosten die niet rechtstreeks samenhangen met, of veroorzaakt worden door de dienstverlening, verhalen wij niet bij de inwoner. Dit betekent dat wij de kosten van beleidsvoorbereiding, handhaving en algemene inspraak-, bezwaren beroepsprocedures niet meenemen bij de berekening van de kostendekkendheid. De kostendekkendheid voor 2022 is 86,4%. Hiermee voldoen we aan de wet- en regelgeving dat de kostendekkendheid op basis van de begroting niet hoger mag zijn dan 100%. Overhead De overhead rekenen wij toe via een vaste opslag op de salariskosten. Hierbij zijn de totale personele en materiële overheadkosten berekend. Deze verdeelden wij over het aantal productieve uren bij de taakvelden. De uren van de gemeentelijke medewerkers belasten wij in 2021 door tegen de basissalariskosten per salarisschaal, uitgaande van 1.400 productieve uren per jaar. Bovenop deze salariskosten belasten wij een opslag voor de overheadkosten door. Deze overhead is opgebouwd uit personele en materiële overhead. De overhead bevat de kosten van management, afdelingssecretariaat en OR.
Maar ook de ondersteunende onderdelen van de gemeentelijke organisatie, zoals Juridische zaken, HRM, Informatievoorziening, Financiën, Facilitaire zaken en huisvesting, Informatie Dienstverlening, Communicatie, KCC en Bestuurssecretariaat vallen hieronder. Een deel hiervan brachten wij in 2017 onder in de Bedrijfsvoeringseenheid Bommelerwaard (BVEB). De verdeling over de diverse producten is gebaseerd op de personele verdeling per taakveld.
58
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
4.1.6. Kwijtschelding van lokale lastendruk De gemeente is op grond van de Gemeentewet bevoegd om kwijtschelding van gemeentelijke heffingen te verlenen. Gemeente Zaltbommel maakt hier geen gebruik van.
59
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
4.2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Deze paragraaf geeft inzicht in het management van (mogelijke) risico’s voor de gemeente en de weerstandscapaciteit om deze risico’s op te vangen. De risico’s zetten we af tegen de weerstandscapaciteit. Dat leidt tot een conclusie over het weerstandsvermogen. In de nota Risicomanagement & Weerstandsvermogen is zijn de kaders hiervoor aangegeven. De definitie van een risico voor deze paragraaf is omschreven als: "Een risico is een niet voorzienbare gebeurtenis van materieel belang en die niet in de begroting is opgenomen". Per risico schatten wij de kans in op het voordoen van dit risico. Daarbij hanteren we 5 risicoklassen: Classificatie waarschijnlijkheid Zeer klein Klein Niet klein/niet groot Groot Zeer groot
Wegingspercentage* 10% 25% 50% 70% 90%
* als er een wegingspercentage van 100% wordt gebruikt, betekent dit, dat de weging al op een andere plaats is gedaan, bijvoorbeeld bij een verbonden partij. Na deze weging kijken we of het risico al op een andere manier geheel of gedeeltelijk is verkleind. Bijvoorbeeld door het afsluiten van een verzekering, het verkrijgen van zekerheden of het hebben van een bestemmingsreserve. We nemen alleen risico's op met een totaalscore groter dan € 50.000. Dat staat in de nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen. We zetten de berekende bedragen af tegen de weerstandscapaciteit. De weerstandscapaciteit is "het geheel van middelen waaruit tegenvallers eventueel bekostigd kunnen worden, zonder dat de begroting en het beleid (direct) aangepast moet worden". Als de gewenste minimale weerstandscapaciteit lager is dan de aanwezige weerstandscapaciteit, kan de begroting in volle omvang worden uitgevoerd. De weerstandscapaciteit wordt uitgedrukt in een score. Deze scores leiden tot een beoordeling volgens onderstaande tabel: Ratio weerstandsvermogen groter dan 2 1,4-2,0 1,0-1,4 0,8-1,0 0,6-0,8 kleiner dan 0,6
Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
4.2.1. Risico's Bodemverontreiniging en archeologisch onderzoek Identificeren en analyseren In principe verhalen we de kosten van het saneren van bodemverontreinigingen op de vervuiler volgens het principe ’de vervuiler betaalt’. In de Wet bodembescherming (Wbb) is het begrip vervuiler aangevuld met ’de belanghebbende betaalt mee’. Er zijn situaties denkbaar waarbij de vervuiler niet is te achterhalen. Bovendien kunnen wij te maken krijgen met bodemverontreinigingen bij de uitvoering van eigen projecten. Het risico van de saneringskosten hangt niet alleen af van de mate en omvang van de bodemverontreiniging, maar ook van het beoogde gebruik van de locatie.
60
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Het risico ontstaat als we archeologische sporen aantreffen in de gebieden waarvoor geen archeologisch onderzoek is vereist of terreinen die na archeologisch (voor)onderzoek zijn vrijgegeven. De mogelijke (opgravings-)kosten komen dan voor onze rekening. Risicocategorieën: Financieel - Juridisch Risico Bodemverontreiniging en archeologisch onderzoek
Omschrijving Kans Kosten 25% voor bodemverontreiniging en archeologisch onderzoek
Impact Risicoscore 200 50
Risico Archeologisch onderzoek
Omschrijving Opgravingskosten
Kans 25%
Jaarfactor 1
Impact Risicoscore 200 50
Saldo 50
Jaarfactor 1
Begroting -
Saldo 50
Begroting -
Totaal 50
Totaal 50
Beoordelen Het risico dat we lopen is klein (25%). De impact van dit risico is tussen de € 25.000 en € 100.000 per geval. Bij bestemmingsplannen kiezen we ervoor om de bouwvlakken voor de gebieden met archeologische waarden 3 en 4 vrij te geven. De kans dat dit risico zicht voordoet kwalificeren we nog steeds als klein. De impact schatten wij op € 100.000. Sturen en beheersen Door het uitvoeren van vroegtijdig onderzoek brengen we (uitvoerings)risico’s in beeld en kunnen we tijdig maatregelen treffen. Een aandachtspunt hierbij is asbest. Saneringskosten nemen we mee in de raming van projectbudgetten. Wij nemen de volgende beheersmaatregelen: verschillende inventarisaties van de gebieden, het laten uitvoeren van (voor)onderzoeken en het opstellen van richtlijnen bij het verlenen van vergunningen in de bestemmingsplannen.
Imago Identificeren en analyseren Het handelen van de gemeente Zaltbommel wordt beoordeeld door onze inwoners. Hierbij spelen ook de uitspraken en toezeggingen van het bestuur (college) een grote rol. Daarnaast beïnvloeden de media de publieke opinie door aandacht aan dossiers of besluiten te geven. Risicocategorieën: Imago - politiek/bestuurlijk - Juridisch Beoordelen De impact en de kans is moeilijk te vertalen in een risicoscore. Sturen en beheersen Dit risico kunnen wij verkleinen door het volgen van de opgestelde protocollen voor de dienstverlening en communicatie
Juridische geschillen Identificeren en analyseren Het besturen van een gemeentelijke organisatie betekent ook dat we continu keuzes moeten maken. Keuzes maken kan ook negatieve gevolgen hebben voor bedrijven en inwoners. De mogelijkheid bestaat dat hieruit juridische geschillen ontstaan. Risicocategorieën: Imago - politiek/bestuurlijk - Juridisch - Financieel Beoordelen De impact en de kans is moeilijk te vertalen in een risicoscore. Lopende geschillen worden individueel beoordeeld.
61
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Sturen en beheersen Dit risico verkleinen we door, voordat we een keuze maken, de gevolgen in beeld te brengen en hiervoor een procedure op te stellen.
Gemeenschappelijke regelingen Identificeren en analyseren Gemeenschappelijke regelingen(GR) zijn zelfstandige organen met hun eigen specifieke risico's. Als de door hen genoemde (gewogen) risico's hoger zijn dan hun weerstandsvermogen, is het meerdere het risico dat alle deelnemers zelf dragen, ieder voor hun aandeel. Deze risico's komen uit de jaarrekeningen van de GR-en. Het betreft niet het risico de door ons afgegeven garantstellingen of leningen aan GR-en. Risicocategorieën: Financieel - Organisatorisch Risico VRGZ
GGD
Avri
Omschrijving De risico's zijn € 1,3 miljoen hoger dan het weerstandvermogen. Ons aandeel is ruim 5% De risico's zijn € 1,9 miljoen hoger dan het weerstandvermogen. Ons aandeel is ruim 5% De risico's zijn € 4,9 miljoen hoger dan het weerstandvermogen. Ons aandeel is 12%
Kans 100%
Impact Risicoscore 75 75
Jaarfactor 1
Saldo 75
Begroting -
Totaal 75
100%
101
101
1
101
-
101
100%
588
588
1
588
-
588
689
689
689
-
689
Beoordelen De risico's zijn binnen de GR al geïdentificeerd, gewogen en afgezet tegen het weerstandsvermogen. De genoemde bedragen zijn dus al de gewogen bedragen. Vandaar ook dat de kans op 100% is gezet. Alleen de GR-en waarbij dit van toepassing is worden hier genoemd. Sturen en beheersen Sturing en beheersing van deze risico's is een taak van de gemeenschappelijke regelingen. We zijn doorlopend in gesprek met de gemeenschappelijke regelingen over de uitvoering van hun taken en de invulling van de risicobeheersing.
Leningen en garantstellingen Identificeren en analyseren Het risico van leningen en garanties is dat de debiteur de betalingen niet verricht aan ons of aan de geldverstrekker waarvoor wij garant staan. Bij de leningen hebben wij het geld rechtstreeks uitgeleend aan de andere partij. Bij een garantstelling leent de andere partij rechtstreeks bij een bank, maar geven wij aan, dat wij de restantschuld inclusief rente van de lening op ons nemen bij een eventueel faillissement van een partij. Risico Garantstelling Nivo Sparta Garantstelling UBR
Omschrijving Nivo Sparta kan niet meer aan de betalingsverplichtingen voldoen UBR kan niet meer aan de betalingsverplichtingen voldoen
Kans 10%
Impact Risicoscore 1.000 100
10%
5.360
536
6.360
636
Jaarfactor 1
Totaal 100
Begroting -
Totaal 100
1
536
-
536
636
-
636
Beoordelen In beginsel hebben alle leningen en garantstellingen een laag risico en dus een kans-score van 10%, omdat we bij de start een beoordeling hebben gedaan. Alleen bij duidelijke aanwijzingen dat er een reëel risico bestaat, nemen we een hogere kans-score op.
62
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Sturen en beheersen Dit risico verkleinen wij door het stellen van zekerheden en het toetsen van de ratio’s.
Wachtgelden bestuurders In de nota reserves en voorzieningen 2020 is reserve wachtgelden bestuurders opgeheven. Voor dit risico is € 450.000 toegevoegd aan de algemene reserve. De wachtgeldverplichting is pas te bepalen wanneer deze ontstaat bij het vertrek van bestuurders. Op dat moment wordt voor de volledige verplichting een voorziening gevormd. Voor het risico van het ontstaan van een wachtgeldverplichting is het verstandig om een buffer op te bouwen via het weerstandsvermogen. Daarom nemen we het risico op wachtgeldverplichtingen voortaan op in de paragraaf weerstandsvermogen.
4.2.2. Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit van een gemeente bestaat uit de volgende elementen: • De in de begroting opgenomen stelposten voor nog nader in te vullen nieuwe beleidsvoornemens; • De in de begroting opgenomen ruimte in de stelpost voor onvoorziene uitgaven; • Het vrij aanwendbare deel van de algemene reserve; • De vrije ruimte in de belastingcapaciteit; • De stille reserves, zijnde die activa waarvan de boekwaarde lager is dan de werkelijke waarde en die direct verkoopbaar zijn. Het weerstandsvermogen is van belang, want een sluitende begroting impliceert weliswaar dat er evenwicht is tussen de uitgaven en inkomsten, maar zegt niets over de ruimte voor het opvangen van tegenvallers. Een buffer is daarom wenselijk. Het gaat om echt onvoorziene zaken die de grenzen van de stelpost voor onvoorziene uitgaven op de begroting fors overschrijden. Het weerstandsvermogen is ook mede van belang bij het bepalen van de ’financiële gezondheid’ van de gemeente. Er zijn geen uniforme antwoorden te geven op de vraag hoe groot het weerstandsvermogen van een gemeente zou moeten zijn. Dit is sterk afhankelijk van de eigenheid van de gemeente en haar risicoprofiel.
Hoe ziet de sociale structuur eruit, hoever reiken de groeipotenties, wordt er in de bedrijfsvoering voorzichtig geopereerd of worden er wat meer risico's geaccepteerd, lopen er gerechtelijke procedures waarvan de uitkomst niet zeker is en die grote consequenties kunnen hebben? In het navolgende belichten we een aantal zaken die van belang zijn voor de bepaling van de weerstandscapaciteit. Onvoorzien In de exploitatiesfeer is structureel een post ’Onvoorzien’ opgenomen van € 1.000. Onbenutte belastingcapaciteit Ons uitgangspunt voor het gemeentelijk tarievenbeleid is kostendekkende tarieven; al geruime tijd zijn de tarieven voor rioolrechten kostendekkend. Overdekking wordt niet toegestaan, waardoor er voor deze belasting geen onbenutte belastingcapaciteit is. Een eventueel overschot gaat naar de voorziening rioolrecht. Bij het sluiten van het bestuurlijk akkoord is ook de maximalisering van de tarieven afgeschaft. Voor het bepalen van de onbenutte belastingcapaciteit gaan we dan ook uit van de artikel-12 norm. Dit betekent een onbenutte belastingcapaciteit van ruim € 421.000. Stille reserves Het gaat hierbij om activa met economisch nut waarvan de boekwaarde lager is dan de werkelijke waarde. Stille reserves kunnen als weerstandscapaciteit worden meegerekend als activa binnen 1 jaar in kasgeld omgezet kunnen worden.
De werkelijke waarde van ons aandelenbezit is vele malen hoger dan de nominale waarde zoals deze in de balans is opgenomen. Het betreft de aandelen BNG en Vitens. Deze aandelen zijn echter niet vrij verhandelbaar. Het is dus niet mogelijk om deze waarde daadwerkelijk te verzilveren. Daarom tellen we de berekende waarde niet mee voor de bepaling van de weerstandscapaciteit. Bovendien leidt het verkopen van de aandelen tot het wegvallen van het jaarlijks dividend. In de activa bedragen de stille reserves € 1.173.000.
63
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
4.2.3. Kengetallen Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) bepaalt dat gemeenten voortaan een basisset van vijf financiële kengetallen moeten opnemen in de begroting en jaarrekening. Deze kengetallen hebben als doel om uw raad op een gemakkelijke wijze meer inzicht te geven in de financiële positie van onze gemeente. Het gaat om de volgende kengetallen: • Netto schuldquota (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) • Solvabiliteitsratio • Grondexploitatie • Structurele exploitatieruimte • Belastingcapaciteit Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Jaarrekening 2020 Begroting 2021 Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 19,80% 62,00% 57,63% 58,47% 57,04% 45,71% 19,80% 58,50% 54,75% 55,55% 53,87% 42,50%
44,10% 8,80% 2,50%
37,70% 11,50% 0,80%
33,13% 18,12% 4,85%
34,20% 18,06% 4,38%
35,28% 18,95% 0,88%
37,75% 13,40% 1,24%
111,50%
112,10%
107,89%
107,89%
107,89%
107,89%
De provincie hanteert de hieronder gebruikte indeling voor de financiële kengetallen. De indeling is gebaseerd op de signaleringswaarden zoals die bij stresstesten voor 100+ gemeenten worden gehanteerd. Om een beeld te geven hoe de financiële positie van gemeenten zich ontwikkelt, zijn de gemeenten per kengetal onderverdeeld naar 3 categorieën. Categorie A is minder risicovol dan categorie B en B is weer minder risicovol dan C. Financiële gemiddelde kengetallen Netto schuldquote
Gelderland 2021 67,00%
Zaltbommel
Categorie A
Categorie B
Categorie C
57,63%
<90
90-130
>130
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio
59,00%
54,75%
<90
90-130
>130
30,00%
33,13%
>50
20-50%
<20
Grondexploitatie
9,00%
18,12%
<20
20-35%
>35
Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
0,20%
4,85%
>0
0
<0
104,00%
107,89%
<95%
95-105%
>105%
Zaltbommel categorie
Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van onze schuldenlast tegenover onze eigen middelen. Het geeft op deze manier een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Omdat er bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, maken wij bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid tussen het kengetal inclusief en exclusief de doorgeleende gelden. Op die manier wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast. Zowel de netto schuldquote als de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen valt binnen de laagste risicocategorie A.
Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin wij in staat zijn om aan onze financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio verstaan wij het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Ons eigen vermogen bestaat volgens artikel 42 van het BBV uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserve) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten.
64
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. Voor de berekening van dit kengetal delen we de bouwgrond in exploitatie door de totale baten uit de programmabegroting en uitdrukken we dit uit in een percentage. Het kengetal grondexploitatie valt binnen de risicocategorie A.
Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte wij hebben om de eigen lasten te kunnen dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting maken wij onderscheid tussen structurele en incidentele lasten. De structurele exploitatieruimte bepalen we door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves te delen door de totale baten en uit te drukken in een percentage. De structurele exploitatieruimte van onze gemeente valt binnen categorie A.
Belastingcapaciteit De definitie van het kengetal belastingcapaciteit is: Woonlasten meerpersoonshuishouden in jaar t (het begrotingsjaar) ten opzichte van het landelijk gemiddelde in jaar t-1 (het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar) uitgedrukt in een percentage. De ruimte die een gemeente heeft om zijn belastingen te verhogen, wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Onder de woonlasten verstaan wij de OZB, de rioolheffing en reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde waarde in onze gemeente.
4.2.4. Conclusies De risico’s die onze gemeente loopt, zijn naar onze mening te overzien en voor een deel redelijk te kwantificeren. Van vitaal belang hierbij is de vraag hoe wij met eventuele risico’s omgaan. In het algemeen geldt het zorgvuldig toepassen van de bedrijfsvoeringsprocessen en interne controlemaatregelen in het bijzonder, maar zeker ook een goed ingebedde en na te leven planning- en controlcyclus. Deze bieden voldoende waarborgen voor tijdige zichtbaarheid en beheersbaarheid van eventuele calamiteiten. Met name de tussentijds uit te brengen rapportages, zowel op managementniveau als door ons college aan uw raad, moeten hier op ingaan. Daar waar we risico’s lopen moeten we maatregelen nemen om die risico’s op te vangen. Als dit niet kan, hetzij omdat de consequenties niet of niet helemaal bekend zijn, hetzij omdat het moment waarop de gebeurtenis zich kan aandienen niet bekend is, kunnen we terugvallen op de weerstandscapaciteit van onze gemeente. Risico's Bodemverontreiniging Archeologisch onderzoek Verhaalbaarheid kosten bestuursdwang Gemeenschappelijke regelingen Leningen en garantstellingen Grondexploitaties, risico's in verliesgevende exploitaties (zie paragraaf grondbeleid)
Bedrag 50 50 184 689 636 1.228
Totaal risico's Absolute ondergrens weerstandsvermogen (2% algemene uitkering)
2.837 920
Benodigde weerstandscapaciteit Algemene reserve per 31-12 Algemene reserve grondexploitaties per 31-12
3.757 3.104 1.270
Totaal weerstandscapaciteit Restant weerstandscapaciteit
4.374 617
Het weerstandsvermogen wordt als volgt berekend: Beschikbare weerstandscapaciteit / benodigde weerstandscapaciteit. Voor onze gemeente betekent dit € 4.374.000 / € 3.757.000 = 1,16. Op basis van de nota risicomanagement en weerstandsvermogen betekent deze score: voldoende. De risico’s van de lopende positieve grondexploitaties vangen we op binnen de winstnemingsreserve van de grondexploitaties en het geprognotiseerde resultaat van deze grondexploitaties. Daarom maakt de reserve winstneming grondexploitatie geen deel uit van het weerstandsvermogen.
65
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
4.3. Onderhoud kapitaalgoederen In deze paragraaf gaan we in op het beleidskader en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties van onze ’grotere’ kapitaalgoederen. De openbare ruimte binnen een gemeente bestaat uit tal van kapitaalgoederen. De belangrijkste hiervan zijn: wegen, riolering, groen, gebouwen, straatverlichting en speelvoorzieningen. De kwaliteit en het onderhoud van de kapitaalgoederen is bepalend voor het voorzieningenniveau en de lasten. Per kapitaalgoed gaan wij in op het beleidskader, de financiële consequenties en vertaling in de begroting en de kwaliteit en risico’s.
4.3.1. Wegen Beleidskader De Wegenwet vereist dat de beheerder de wegen in "goede staat" houdt en geeft de wegbeheerder impliciet dus een zeer ruime beleidsvrijheid. Wegbeheer is te omschrijven als de zorg voor het blijvend voldoen van alle verhardingen aan de wettelijke eisen en richtlijnen, een en ander binnen de beleidskaders vastgesteld door de beheerder. Voor de wegverhardingen in onze gemeente is het wegenbeheerplan opgesteld op basis van globale visuele inspecties. De gemeenteraad stelde in 2018 het wegenbeheerplan 2019-2023 als onderdeel van de begroting 2019 vast. Het onderhoud van verhardingen en markeringen is aanbesteed in raamcontracten. Het huidige contract voor asfaltonderhoud hebben wij in 2019 wederom samen met de gemeente Maasdriel aanbesteed. Financiële consequenties In het wegenbeheerplan is het voor de komende jaren benodigde onderhoudsbudget bepaald. Op langere termijn houden we rekening met een hoger onderhoudsbudget door de veroudering van het wegenareaal en de zwaardere belasting van de wegen. Vanaf 2020 werken we niet meer met een voorziening voor wegbeheer. Wegen Budget Uitgaven Budgetoverheveling wegbeheer Saldo voorziening 31 december
Realisatie 2020 Begroting 2021 Begroting 2022 1.261 752 751 1.418 752 751 -157 -
-
-
Kwaliteit en risico’s De gemiddelde kwaliteit van de wegen bleek bij opstelling van het nieuwe beheerplan in 2018 ten opzichte van de situatie in 2015 verbeterd. Door planmatig onderhoud en een een extra investering nam het totaal aan achterstallig onderhoud af tot minder dan één jaarbudget. Veel wegen zijn verbeterd. De huidige beheermethode werkt dus. We voorzien voor de komende jaren nog een aantal grote investeringen in hoofdroutes die uitstijgen boven het reguliere wegenonderhoud. Deze grote investeringen zijn opgenomen in de begroting waardoor het uiteindelijke risico relatief beperkt is.
4.3.2. Straatverlichting Beleids- en beheerkader In 2020 is het ’Beleids- en beheerplan Openbare Verlichting’ vastgesteld. Hierin staat wat ons beleid is ten aanzien van de verlichting, hoe wij het onderhoud uitvoeren en welke kosten daaraan verbonden zijn. Financiële consequenties De kosten van de straatverlichting bestaan uit een aantal posten: • Energieverbruik. De meeste lichtmasten zijn voorzien van armaturen met daarin energiezuinige lampen. Op regionaal niveau is een gezamenlijk energiecontract afgesloten. • Uitvoeren van periodiek onderhoud (vervangen defecte lampen en het verhelpen van storingen). We kozen voor een minimaal onderhoudsniveau. Dat betekent dat wij ongeveer 24 keer per jaar storingen verhelpen op basis van gemelde defecte lichtmasten. Sinds najaar 2019 wordt voor de winter één avondschouw uitgevoerd om defecte lichtpunten te signaleren.
66
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
• Voor de onderhoudswerkzaamheden stelden wij een raamcontract op. Het onderhoud aan de verlichting wordt opnieuw aanbesteed in 2021, samen met de gemeente Maasdriel. Totdat er een nieuw contract ligt wordt het onderhoud uitgevoerd door een of meerdere aannemers. Masten: Als gemiddelde vervangingstermijn geldt 40 jaar. Armaturen: Als gemiddelde vervangingstermijn geldt 20 á 30 jaar. Straatverlichting Uitgaven Inkomsten Totaal
Realisatie 2020 Begroting 2021 Begroting 2022 354 468 353 -10 344
468
353
Kwaliteit en risico’s De kwaliteit van de masten en armaturen is, in algemene zin, redelijk tot goed. We hebben een achterstand in de vervanging van armaturen; 1931 armaturen zijn ouder dan de theoretische levensduur. Deze armaturen moeten binnen enkele jaren allemaal vervangen worden. Dit is opgenomen in het beheerplan 2020-2024 en financieel afgedekt in de begroting dmv een eenmalige investering. Levertijden zijn lang en vakbekwaam personeel is schaars. Dit is een langdurige bedreiging voor de kwaliteit en voor tijdige realisatie op basis van de begroting. Naast een achterstand op vervanging van armaturen hebben we ook een achterstand bij de masten. In totaal hebben we 718 lichtmasten die niet te koppelen zijn aan een jaartal. Circa 1200 lichtmasten hebben wel een plaatsingsdatum, maar zijn al bijna aan het einde van de technische levensduur. Om te bepalen wat de exacte status is van de 718 lichtmasten zonder plaatsingsgegevens voeren de gebiedsconciërges steekproefsgewijs controles uit. Daaruit zal blijken of vervanging op korte termijn noodzakelijk is. We verwerken al onze beheergegevens sinds 2019 in een beheersysteem. De komende jaren zal de informatie over de lichtmasten verder verbeterd worden.
4.3.3. Groen Beleidskader Het openbaar groen is een beeldbepalend onderdeel van de openbare ruimte en het visitekaartje van de gemeente. Van belang is dat het groen passend is ingericht, er verzorgd uitziet en bijdraagt aan een goede leefomgeving voor bewoners en bezoekers. Tot het groenbeheer behoren het onderhoud aan alle gemeentelijke gazons, plantsoenen, bermen, watergangen en bomen. Aan al het openbare groen ligt een Groenbeleidsplan en Groenbeheerplan ten grondslag. Alle lopende groenbestekken zijn opgenomen in het Groenbeheerplan. Onderlinge relaties zijn op deze manier zichtbaar. Naast het beheerplan hebben we te maken met de Wet natuurbescherming, beleidsnota Restgroen (2003), het Landschapsplan Bommelerwaard en met de Algemene Plaatselijke Verordening voor onder andere kapvergunningen. De afgelopen 3 jaar hebben we ons gericht op het versterken van het gebruiksgroen in de kernen en het versterken van de hoofdgroenstructuur. In 2022 wordt ook Zaltbommel vergroent. Het doel is het maken van een inhaalslag qua kwaliteit, beheer en hoeveelheid groen. Dit alles om het beheer op het vereiste niveau te kunnen uitvoeren en in de toekomst te voorkomen dat er achterstallig onderhoud optreedt. Daarnaast hebben we een flinke slag gemaakt in het op orde krijgen van het areaal.
Afgelopen jaren zijn er in Zaltbommel diverse bomenziekten waargenomen zoals de kastanje bloedingsziekte, de iepenziekte en de essentaksterfte. Met name de laatste zorgt voor veel sterfte van takken en gevaar voor vallend hout. Door middel van nieuwe investeringsbudgetten kan een vervolg worden gegeven aan de maatregelen die samenhangen met deze ziekten. Financiële consequenties Voor het groenbeheer (inclusief beleid en hondenuitlaatplaatsen) zijn onderstaande budgetten opgenomen in de begroting. Het beheer van de sportvelden is geen gemeentelijke taak en ligt bij de betrokken sportverenigingen. Het merendeel van de bestekken is nu voor langere tijd uitbesteed. Op deze manier ontstaat er rust binnen de organisatie, maar ook ruimte die ertoe leidt dat werkwijzen geoptimaliseerd kunnen worden. In 2021 is het 'bomenbestek' opnieuw aanbesteed. In 2022 wordt het bestek 'maaien bermen en watergangen' opnieuw aanbesteed.
67
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
Groen Uitgaven groenbeheer algemeen Uitgaven groenbeheer begraafplaatsen Saldo
Realisatie 2020 Begroting 2021 Begroting 2022 1.835 1.416 1.657 235 149 149 2.070
1.565
1.806
Kwaliteit en risico’s Op een schaal van slecht tot en met goed ligt het onderhoudsniveau afhankelijk van functie en locatie, op Basis tot Goed. Uitgangspunt in het groenbeheer(plan) is het vasthouden van de bestaande (onderhouds)kwaliteit. Door te kiezen voor meerjarige bestekken werken we aan een duurzame band met de aannemer en waarborgen we de kwaliteit van het onderhoud. Daarnaast is het belangrijk om initiatieven vanuit de bevolking te faciliteren en samen te werken met de dorps- en wijkraden. De gebiedsconciërges vervullen ook een belangrijke rol hierin.
4.3.4. Speelplaatsen Beleidskader Voor de speelplaatsen is een aantal wettelijke minimum eisen voorgeschreven in het Attractiebesluit. Zo moet elk speelwerktuig aan de veiligheidsnormen voldoen en in een logboek moet de onderhoudstoestand staan. De valbodem onder speeltoestellen moet, afhankelijk van het type speeltoestel, aan bepaalde wettelijke (schokabsorberende) eisen voldoen. Op 30 september 2021 is het Beheerplan speelplaatsen 2022-2027 vastgesteld. Financiële consequenties De kosten van speelplaatsen bestaan uit inspectie-, vervangings- en onderhoudskosten (zie hiervoor ook paragraaf 3.6.7). De aanleg van nieuwe speelplaatsen bekostigen wij meestal vanuit een lopende grondexploitatie. Het komt ook voor dat de dorps- en wijkraden hun kernbudget inzetten om te investeren in spelen en bewegen. Sinds 2020 is onderhoud aan de ondergronden ondergebracht in het groenbestek. De voornaamste redenen zijn kostenreductie en het frequenter bijhouden van de ondergronden binnen speelplaatsen. Door het frequenter bijhouden van de ondergronden zal onkruidgroei verminderen en binnen een acceptabele grens blijven. Hierdoor zien de speelplaatsen er beter verzorgd uit en blijven ze ook veiliger. Daarnaast kijken we kritisch of de schokabsorberende ondergronden veranderd kunnen worden naar gras.
Dit is beheertechnisch interessanter en op de lange termijn zijn de kosten voor het onderhoud dan lager. Speelvoorzieningen Uitgaven Saldo
Realisatie 2020 Begroting 2021 Begroting 2022 143 166 217 143
166
217
Kwaliteit en risico’s De speeltoestellen voldoen aan de wettelijke (veiligheids)normen. Bij vermindering van de onderhoudstoestand grijpen wij direct in. Speelplaatsen kunnen een hangplek vormen en zijn gevoelig voor vandalisme. De inzet van buurtbeheer blijkt in de praktijk meer uitzondering dan regel of leidt niet tot kostenreductie. De afgelopen jaren zijn verschillende nieuwe projecten (Bulkenlaan Gameren, Veerdam Brakel, Gruttostraat Bruchem) betaald uit het budget voor onderhoud. Dit leidt tot overschrijding op het budget of uitstel van groot onderhoud op andere locaties. Om vandalisme te beperken gaan we een proef uitzetten met bebording. Hierop staan beknopt een aantal gedragsregels geformuleerd. In samenwerking met beheer, veiligheid, de jongerenwerkers en de dorps- en wijkcoördinatoren is dit initiatief tot stand gekomen. Het uitgangspunt is het inperken van vandalisme, waardoor de spelende kinderen veilig kunnen spelen in de speelplaatsen en overlast in de buurt terug zal lopen. Naast spelen is het de intentie om bewegen meer onder de aandacht te brengen. De speelplaatsen kunnen hierbij ook een rol van betekenis spelen. Door speelplaatsen aantrekkelijk in te richten zouden ouders en grootouders eventueel ook mee kunnen ''spelen'' in de speelplaatsen i.p.v. een passieve houding aan te nemen.
Beweging is voor iedereen van belang om diverse gezondheidsklachten te voorkomen. Daarnaast is
68
GEMEENTE ZALTBOMMEL | 2022 PROGRAMMABEGROTING ZALTBOMMEL
bewegen in combinatie met spelen leuk om te doen. Zo komen er steeds meer speeltoestellen op de markt die multifunctioneel gebruikt kunnen worden voor zowel jong als oud.
4.3.5. Materieelplan buitendienst Beleidskader Met het materieelplan zorgen we voor een adequate uitrusting van de buitendienst. Op basis van het vastgestelde materieelplan (intern geactualiseerd in 2020) beschikken wij over een compleet en up to date wagenpark en werktuig, aangepast aan de eisen van de Arbowet. Financiële consequenties Materieelplan buitendienst Uitgaven Inkomsten Saldo
Realisatie 2020 Begroting 2021 Begroting 2022 58 141 79 73 76 76 15 -65 -3
Reserve 1 januari Mutaties
311 15
259 -65
261 -3
Saldo
326
194
258
Kwaliteit en risico’s Ons materieel voldoet aan de daaraan gestelde (wettelijke) eisen. Materieel wordt periodiek gekeurd als dat nodig is. Voor de voertuigen zijn onderhoudscontracten afgesloten. Jaarlijks wordt het vervangingsplan geactualiseerd.
4.3.6. Water en riolering Beleidskader In 2021 stelde de gemeenteraad het Water- en Rioleringsplan (WRP) Bommelerwaard 2022-2026 vast. Dit plan stelden wij samen met de gemeente Maasdriel op. In het plan vermeldden wij de beleidsuitgangspunten voor het uitvoeren van de wettelijke taken (Wet Milieubeheer, Waterwet) op gebied van inzameling, transport en de (lokale) verwerking van afval-, hemel- en grondwater binnen de Bommelerwaard. In onze visie voor de komende periode blijft het duurzaam omgaan met water centraal staan. Dit houdt een duurzame inrichting en doelmatig gebruik van het rioolstelsel in. De aandacht richt zich op het zoveel mogelijk voorkomen dat schoon grond- en hemelwater in het afvalwatersysteem belandt en zich mengt met het afvalwater. Schoon water moet waar mogelijk ten goede komen aan de lokale waterhuishouding. Financiële consequenties In het WRP namen wij aanzienlijke investeringen op. Daarbij is sprake van investeringen vanuit de taken voor hemelwater en grondwater en nog resterende maatregelen vanuit het voormalige waterplan. De heffingen voldoen aan de voorwaarden van kostendekkendheid. Water en Riolering Lasten Rioolrecht Saldo
Realisatie 2020 Begroting 2021 Begroting 2022 3.480 3.457 2.990 3.569 4.259 4.254 89 802 1.264
Voorziening 1 januari Mutaties
2.038 89
1.237 -159
1.778 31
Saldo
2.127
1.078
1.809
Kwaliteit en risico’s De dimensionering en de staat van onderhoud van de rioleringsonderdelen bevinden zich momenteel in een redelijke tot goede staat. In het WRP kozen wij ervoor om het lopende beleid voort te zetten, waarbij we uitgaan van een basisniveau. Door periodieke inspecties controleren wij de belangrijkste onderdelen. Financiële risico’s zijn beperkt, omdat alle kosten van beheer en onderhoud over een lange periode in beeld zijn gebracht en in een dekkende heffing zijn verrekend (uitgezonderd nieuwe aanvullende wettelijke voorschriften; deze zullen echter steeds bij herziening van het WRP - eens in de vijf jaar - meegenomen