Verslag Raad 28.10.2021 AB
Tekst van het document
Eerst mijnheer Pauw.
De heer Pauw (ROSA): Dank u wel, voorzitter. Allereerst dank voor de heldere begroting. We zien een duidelijke trend in de afgelopen jaren waarin de begroting steeds beter te begrijpen is. Beter te begrijpen zeker, maar als het over de harde pegels gaat, zijn er uiteraard wel zorgen. Er is weinig begrotingsruimte. Toch is het college erin geslaagd het sombere beeld bij de Voorjaarsnota om te zetten in een klein plusje. Maar voor de wensenlijstjes die zowel het college als de partijen een half jaar geleden zo vurig bepleitten, is vooralsnog geen geld. Met deze krapte zullen we het moeten doen in de verwachting dat wellicht nieuwe circulaires vanuit het Rijk enige financiële ruimte voor ons gaan verschaffen. Dient die ruimte zich aan, dan zullen we zeker onze wensen kenbaar maken zoals we die al eerder hebben aangegeven. Een daarvan wil ik er hier specifiek naar boven lichten, de leges op evenementen. Waar dit jaar nog de kostendekking gehaald werd door een beroep te doen op het potje Vitaal Zaanstad, zal dat in deze begroting niet meer het geval zijn. Evenementen van klein tot groot zullen dit gaan merken en zelfs activiteiten rond de Dodenherdenking zullen zwaar moeten dokken. Dat is voor ons onaanvaardbaar.
Andere belangrijke items die voor ons een lang gekoesterde wens zijn betreffen de verdere uitwerking van de visie Dijken, linten en paden, handhaving en toezicht op de huisvestingsverordening en meer financiële armslag voor een biodivers maaibeleid. Voorzitter, ik kan me niet heugen dat er in het verleden zoveel oppositie is geweest vanuit de Nederlandse gemeentes richting Den Haag als het gaat over meer financiële middelen op diverse terreinen. De toegekende budgetten voor jeugdzorg spannen daarbij de kroon. Wij hebben dan ook blijvende zorgen omtrent de jeugdzorg. Maar op tal van andere terreinen zien we ook de landelijke, zien we dat de landelijke overheid de problemen over de schutting gooit van de lokale overheid zonder daarbij een zak geld neer te leggen. Kan iemand mij uitleggen waarom wij aan het Rijk een opschalingskorting moeten betalen? Ook dit jaar is de coronacrisis nog in alle hevigheid aanwezig en het laat zich aanzien dat ze voorlopig niet is uitgeraasd. Ondanks de grote impact die dit heeft op de gehele samenleving zien wij dat het college zo veel mogelijk getracht heeft het coalitieakkoord vorm en uitvoering te geven. De vertraging die bij diverse projecten is opgetreden is hiertoe te herleiden en daardoor begrijpelijk. Het is en blijft belangrijk dit ook goed uit te leggen aan de burgers.
Maar kunnen we dit ook? Verdichting van de stad moet je goed kunnen uitleggen en het is zaak de burgers in een vroeg stadium te betrekken bij de nieuwe ontwikkelingen. Helaas moeten wij constateren dat de participatie regelmatig tekortschiet. En dat zal er niet beter op worden wanneer we dit proces overlaten aan ontwikkelaars. Bij de vaststelling van de Omgevingswet zal hier van onze kant specifieke aandacht naar uitgaan. Door de coronacrisis lijkt het wel alsof de aandacht van sommigen voor duurzaamheid, vergroening, CO2-reductie, stikstofdepositie en klimaatadaptatie verslapt is. Een actueel overzicht van de CO2-uitstoot wordt niet eens meer gegeven en uit de streefwaardes spreekt weinig ambitie. Om in 2040 de CO2-uitstoot in Zaanstad terug te brengen naar nul, zouden we 45 ton per jaar minder uitstoot moeten hebben. De realiteit is dat we qua verkeer en vervoer nog niet eens op het niveau van 1990 zitten en dat we de 45.000 ton voor alle sectoren tezamen bij lange na niet gehaald hebben de afgelopen jaren. Door de coronacrisis zien we ook dat er minder Zaankanters uit de bijstand stromen dan in de jaren daarvoor, maar het gaat wel beter. Daarnaast is het ook zorgwekkend dat het aantal huishoudens dat een inkomen geniet tot 110 procent van de bijstandsnorm te hoog is. Het grote aantal kinderen dat hierin opgroeit verdient extra aandacht.
Dat vraagt om een egalitaire samenleving voor al onze burgers op diverse terreinen zoals gezonde en goede scholen, kwijtschelding van schulden en hulp bieden waar nodig. Wij zien dat dit college hier aandacht voor heeft. Tegelijkertijd vragen diversiteit en kansengelijkheid ook voortdurende aandacht, ook binnen de eigen organisatie. We zullen hier de komende jaren op terugkomen. Onze speciale aandacht gaat ook uit naar de Stichting Dierzorg. De financiële ondersteuning blijft op kostendekkend niveau en zo hoort dat in een diervriendelijke stad, gemeente. Voor de rioolheffing zullen wij traditiegetrouw in de vervolgberaadslagingen ook nog aandacht vragen. Voorzitter, deze begroting zal voor een flink deel rusten op de schouders van een nieuwe gemeenteraad. Het college kiest er dan ook terecht voor die nieuwe raad niet op te zadelen met een negatieve meerjarenbegroting. Terugkijkend over de afgelopen vier jaar zijn er flinke stormen over komen waaien zoals de coronacrisis, de stikstofcrisis, de
PFAS-problematiek, vertrekkende wethouders, versplinterde fracties en tal van moties van afkeuring of wantrouwen. Ondanks dat kunnen wij als ROSA terugkijken op een moeilijke maar boeiende periode. En vol goede moed gaan we deze periode dan ook afmaken voor een Zaanstad mooier, groener en socialer. De voorzitter: Dank u wel, binnen de tijd. Mijnheer Hartog. De heer Hartog: Ja, dank u wel, voorzitter. De heer Pauw noemt terecht dat er vertraging is ontstaan bij tal van bouwplannen. Het is natuurlijk wat kinderachtig om in die enkele gevallen dat bewoners bezwaar maken die bewoners daar de schuld van te geven. Dat deed de heer Pauw gelukkig ook niet in tegenstelling tot de heer Tuijn. Zo zit het ook niet. Zou mijnheer Pauw bereid zijn om samen met het college te onderzoeken of de sociale woningbouw in de verschillende projecten naar voren kan worden getrokken en de bouw van duurdere woningen naar achteren, zodat we eindelijk nu eens die inhaalslag kunnen gaan maken? De voorzitter: Mijnheer Pauw. De heer Pauw (ROSA): Ik heb net in de voorgaande discussie al met de heer Zoomermeijer gezegd van dat we te maken hebben met een heleboel projecten die op dit moment lopen waarvan ik constateer dat er bijna alleen maar koopwoningen in zitten, en dat betreur ik ten zeerste. En ik ben niet bij machte, en niemand denk ik hier in deze zaal, om te zeggen van, we trekken de stekker eruit.
Dat gaat niet zomaar gebeuren, maar we hebben er wel mee te maken op dit moment. Maar ik constateer ook dat dit college bijna vier jaar geleden een nieuwe trend heeft ingezet waarin wij zeggen van, we gaan minimaal dertig procent sociale woningbouw realiseren. Ben ik dan heel tevreden over de afgelopen periode? Nee, absoluut niet, want ik heb ook gemerkt dat het gewoon ontzettend lang duurt voordat projecten van de grond komen. Is dat de schuld van de burgers die protesteren? Absoluut niet, dat zal ik nooit zeggen, want participatie is een belangrijk goed. De voorzitter: Reactie hierop van mijnheer Hoedemaeker. De heer Hoedemaeker (D66): Ja, dank u, voorzitter. Ja, de heer Pauw begint weer over de koopwoningen, en dan wil ik hem toch vragen of in de ogen van ROSA dan wij een ontzettend overschot aan koopwoningen hebben? Volgens mij hebben we daar ook enorme tekorten in woningen in het algemeen. Dus we kunnen wel zeggen van, we gaan nou al die koopwoningen niet meer bouwen, of het is jammer dat die gebouwd worden, volgens mij hebben we die ook bitterhard nodig. De voorzitter: Mijnheer Pauw. De heer Pauw (ROSA): Nou ja, daar verschillen we van mening. Als ik zie dat er dus een wachtlijst is van dertien jaar of zo voor woningzoekenden, dan geven wij de prioriteit aan sociale woningbouw boven koopwoning. En daar verschillen we dus van mening.
De voorzitter: Mijnheer Hartog en dan de heer Van der Laan en mevrouw De Boer. De heer Hartog: Ja, dank u wel, voorzitter. Nog even reactie op de heer Pauw. Mag ik het dan zo samenvatten, u kijkt terug en daar is het, daar hebben we geen invloed meer op, dat is logisch. Maar voor de toekomst bent u het dus wel met me eens dat het verstandig is om nu de voorrang te geven aan sociale woningbouw en projecten voor duurdere woningen wat minder prioriteit te geven? De voorzitter: Mijnheer Pauw.
De heer Pauw (ROSA): Nou, volgens mij als onze leden het goedkeuren dan staat er in ons verkiezingsprogramma veertig procent sociale woningbouw. Dus ik denk dat ik daar maar wel aangeef hoe wij erin staan. De voorzitter: Mijnheer Hartog. De heer Hartog: Ja, dat is mooi maar dat stond ook in het coalitieakkoord, daar stond ook dertig procent sociale woningbouw en dat is niet gelukt, terwijl er wel dure koopwoningen zijn gebouwd. Voor de toekomst is mijn voorstel om eerst die sociale woningbouw te realiseren en pas dan de projecten met hele dure woningen, want de behoefte en de knelpunten zitten nu in die sociale huur vooral en veel minder in die duurdere woningen. Bent u het daarmee eens? De voorzitter: Mijnheer Pauw. De heer Pauw (ROSA): Ja, daar zijn we het mee eens. De voorzitter: Mijnheer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ik hoor de heer Pauw zeggen over dierenzorg en in een diervriendelijke gemeente indexeren we. En daar zijn we ook heel blij mee, alleen als we contact opnemen met dierenzorg dan horen we ook het verhaal van, ja, indexatie, of het toereikend is, we zijn bezig in een Europees aanbestedingstraject met meerder gemeenten om onze accommodatie nog verder te moeten opschalen om alle activiteiten te doen die we zouden moeten doen.
En als we dan horen dat er ook over het contact vanuit de gemeente richting dierenzorg het afgelopen jaar ook helemaal geen contact meer is geweest omdat we hier ook een heel beperkte hoeveelheid fte hebben op het gebied dierenwelzijn, dan maken wij ons wel zorgen. En ik vraag me eigenlijk af, deelt u die zorg of ziet u alleen het positieve plaatje dat er wat geïndexeerd wordt? De voorzitter: Mijnheer Pauw. De heer Pauw (ROSA): Nou, de zorg die u uitspreekt die deel ik niet. Ik weet dat de wethouder dierenwelzijn heel kortgeleden nog mee is geweest op de dierenambulance, dus die heeft heel goed in de gaten wat er daar speelt en waar eventueel als er eventuele tekortkomingen zijn dan zullen ze daar gerust wel op inspelen. Dus ik denk dat die lijntjes tussen dierzorg en de gemeente dat die heel kort zijn. De voorzitter: Mijnheer Van der Laan. De heer Pauw (ROSA): Dus ik zou me niet te veel zorgen maken. De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, ik heb een vraag aan, ja, volgens mij is dat groep Hartog, volgens mij. De vraag om sociale bouw naar voren te halen, geeft u eens concreet aan hoe u dat op de korte termijn zou willen bereiken dan? De voorzitter: Mijnheer Hartog. De heer Hartog: Ja, voorzitter, dat bereik je niet op de korte, op de ultrakorte termijn natuurlijk. Maar dat bereik je wel door de planning van die projecten die nog niet helemaal zijn ingevuld om te gooien.
En niet
eerst te beginnen zoals de afgelopen vier jaar met dure woningen, maar eerst te beginnen met sociale woningbouw en daarna de duurdere woningen in dat project. Dan kun je die inhaalslag namelijk maken. De voorzitter: Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ja, dan is de volgende vraag, hoe denkt de groep Hartog dan dat de bouw van die woningen wordt gefinancierd? Volgens mij door duurdere woningen te verkopen en daarin die sociale huurwoningen mee te nemen, dus ik begrijp niet helemaal wat u nou roept. Feitelijk is wat u roept een onmogelijkheid en gaan wij er niet over hoe die ontwikkelaar dat op die manier doet. Dus dat … Ik ben … Ik zie echt niet welke oplossing u dan aandraagt. De voorzitter: Mijnheer Hartog kort. De heer Hartog: Sociale woningbouw moet in opdracht van woningbouwcorporaties worden gedaan. Daar moet de verhuurdersheffing worden afgeschaft zodat er weer financieringsruimte komt. Dus dat is landelijk beleid en daarvoor moeten we lobbyen dat dat gauw op orde komt, want nu is het VVD-beleid wat bewust volkshuisvesting de nek om heeft gedraaid en dat moet anders. De voorzitter: Mijnheer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ja, en daar laat dan de heer Hartog als groep Hartog een grote kans liggen om te kunnen lobbyen in Den Haag door uit de SP te stappen, dat is niet heel handig dan, dus dan … De voorzitter: Goed.
De heer Van der Laan (POV): … ik begrijp echt niet hoe u het voor elkaar wil krijgen dan. De voorzitter: Wij hebben nog woordmeldingen van mevrouw De Boer, mevrouw Onclin en de heer Wit in ieder geval, dus mevrouw De Boer heeft het woord en hebben we nog drie minuten. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Ik heb eigenlijk twee vragen aan ROSA, eentje in vervolg eigenlijk even op de woningbouw. Want we doen nu net alsof de sociale huurwoningen het enige probleem zijn maar koop en zeker betaalbare koop, dat is ook een zeer urgent probleem in Zaanstad. Een u in dit college vindt het heel belangrijk om vooral alles binnenstedelijk te doen. En ik hoor u net in uw betoog zeggen, ja, wie zijn schuld is dat dan dat het lang duurt? Maar je zou ook, en daar pleiten wij wel vaker voor, je randen op gaan zoeken. En misschien, gezien die enorme urgentie, is dat nu toch tijd voor, daar ben ik even benieuwd naar hoe u daar nu naar kijkt? En mijn tweede vraag, en dat is eigenlijk, daar ben ik het helemaal met u eens, dat we zien dat er heel veel door Den Haag over de schutting gegooid wordt. Wij als lokale partijen hebben wat minder lijntjes dan de landelijke partijen, maar toch ben ik wel even benieuwd wat u ook als lokale partij daaraan zou kunnen doen? De voorzitter: Mijnheer Pauw.
De heer Pauw (ROSA): Nou, om dan met dat laatste te beginnen, ik bedoel, we zitten natuurlijk in het college en het college heeft volgens mij hele goede contacten in Den Haag. Getuige ook de flinke subsidies die af en toe binnengehaald worden, en dan wijs ik alleen maar op de WBI-gelden, dus dat zijn de lijntjes die zo lopen. En wij hebben natuurlijk als lokale partij geen directe contacten in Den Haag, daar heeft u gelijk in. Dat is af en toe wel jammer, maar het geeft ook heel veel rust hoor, moet ik u zeggen. En dan de randen opzoeken, nou, ik
denk dat we dat doen. En ik wil u wijzen op bijvoorbeeld het project Brokking wat gebouwd wordt en het project West-Zanen. En mijnheer De Vries, ik noem met name, ik zeg specifiek West-Zanen, voor de anderen misschien Meneba. En ook het Noorddijk Zaankwartier heet dat volgens mij, ja, ze verzinnen allemaal namen ervoor. Maar er gebeurt dus heel wat aan de randen van de stad. Praten we specifiek over, gaan we in de Natura 2000-gebieden bouwen, huizen bouwen, daar zijn we natuurlijk geen voorstander van maar ik neem aan dat u dat ook niet bent in die groene omgeving waarin u woont? De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, nee, volgens mij hebben we iets meer ruimte dan alleen Natura 2000. En u noemt nu projecten inderdaad in de randen, maar we hebben echt wel meer mogelijkheden. En dit college houdt dat nu tegen en ik denk wel gezien de urgentie dat we daar echt nadrukkelijker naar moeten kijken. De voorzitter: Mijnheer Pauw. De heer Pauw (ROSA): Nou, ik ben er nog één vergeten te noemen, want die staat volgens mij ook in het meerjarenperspectief grondzaken, en dat betreft het project Zaandam Poelenburg Oost, waarin u ook heeft kunnen lezen dat de vertraging daar is opgetreden vanwege de stikstofproblematiek.
Is dat jammer? Voor de mensen die er een huis wilden hebben wel, voor de uitstoot van stikstof vinden wij dat het gewoon goed geregeld moet worden alvorens daar huizen gebouwd weer kunnen worden. De voorzitter: Goed, dank u wel. Mooi debat. We gaan nu door naar DENK en daarna is aan het woord Partij voor de Dieren. Mijnheer Eid heeft het woord. De heer Eid (DENK): Dank u wel, voorzitter. Allereerst veel dank aan de ambtenaren die gewerkt hebben aan de begroting. En voorzitter, daar zijn we dan tegen het einde van het jaar. De coronapandemie zorgt alweer bijna twee jaar nog steeds voor veel onzekerheid en ellende. En er zijn ingrijpende maatregelen ingevoerd en hopelijk worden deze langzaam opgeheven, zodat we weer richting herstel kunnen toewerken. Deze periode heeft ons wakker geschud en laten zien hoe belangrijk vitale beroepen zijn en hoe belangrijk onze gezondheid is. Namens onze fractie wil ik dan ook gebruikmaken van deze gelegenheid om ons medeleven te uiten aan eenieder die geliefden heeft verloren aan dit nare virus. Voorzitter, onze fractie blijft zich ook het komende jaar inzetten voor een inclusieve samenleving waarin iedereen zichzelf kan zijn. Saamhorigheid en verbinding creëren staat centraal in onze visie.
En het afgelopen jaar hebben we mooie dingen bereikt, bijvoorbeeld als het gaat om Ketikoti, de jaarlijks terugkerende feestdag op 1 juli ter viering van de afschaffing van de slavernij. Waar voorheen alleen een kransje werd neergelegd op de Anton de Kombrug wordt door onze inzet nu een officiële gedenkplaats gerealiseerd met een monument en wordt daadwerkelijk een herdenking gedaan. Heling is een proces dat vele generaties duurt en dit is in ieder geval een stap in de juiste richting, en ik ben er trots op dat dit in onze stad is gerealiseerd. Onze motie heeft er ook voor gezorgd dat we een inclusief Sinterklaasfeest hebben, en we blijven ons inzetten totdat geen gemeenschapsgeld meer gaat naar praktijken die de hele wereld eigenlijk schandalig vindt maar nog jaarlijks plaatsvinden. Voorzitter, helaas is racisme en discriminatie nog voor veel van onze inwoners iets waar ze nog vaak mee te maken hebben. Vorige week is er landelijk een Nationaal Coördinator tegen Racisme en Discriminatie aangesteld. Wij zijn van mening dat dit ook lokaal in onze gemeente zou moeten gebeuren. Een coördinator aanstellen die zich bezig gaat houden met racisme en discriminatie bestrijden en portefeuilleoverstijgend opereert om dit veelkoppige monster aan te pakken.
Ik verneem graag van het college wat zij van dit plan vinden? Voorzitter, men moet voor elkaar zorgen en mensen met een krappe beurs moeten worden ontzien. Dit lukt helaas niet altijd en zo zien we dat veel mensen tussen wal en schip vallen. Mensen die niet terug kunnen vallen op familieleden en kennissen en
die ook geen gebruik kunnen maken van de Voedselbank en andere regelingen omdat ze net iets te veel verdienen. Gelukkig zijn er in onze stad initiatieven gericht op armoedebestrijding waar veel inwoners dan ook dankbaar gebruik van maken. We hebben echter gezien dat veel burgerinitiatieven het op eigen houtje moeten doen. Er was ook weinig ondersteuning door de gemeente en weinig samenhang en overleg tussen verschillende initiatieven. In het belang van onze inwoners hebben wij dan ook bijgedragen aan meer structuur in het hulpverlenen, samenhang en overleg tussen de betrokkenen. Vorig jaar tijdens de begrotingsbehandelingen hebben we aangegeven dat we willen dat stichtingen en bewonersorganisaties worden betrokken bij het welzijn van de wijk. En we zien dat dat inderdaad steeds vaker gebeurt, zoals in het geval van de moskee in Poelenburg, en we zijn tevreden over de richting waar het heen gaat. Dus dank hiervoor richting het college. Het kan natuurlijk altijd beter maar hiermee zijn mooie stappen gezet. Voorzitter, als ik een blik werp op de toekomst komen allereerst onze Zaanse jongeren in mij op. Het programma onderwijs, jeugd en zorg gaat hierover en het aantal jeugdigen dat een beroep doet op hulp is gestegen. Er is ingezet op extra capaciteit, dit budget is in 2022 echter niet beschikbaar. Dus in 2022 blijven de wachtlijsten bestaan lees ik in de begroting.
Ik hoor graag van de wethouder wat er gedaan gaat worden om de wachtlijsten voor de jeugdzorg op te lossen? Het is duidelijk dat dit een landelijk probleem betreft en dat we niet de enige gemeente zijn die hiermee worstelt, maar dat betekent niet dat we het moeten laten zitten. Er wordt namelijk ook geen verwachting hierover uitgesproken in de begroting, wat ons zeer verbaast. Ook belangrijk om niet over het hoofd te zien als het gaat om jongeren, hoe zit het eigenlijk met de prestaties van sociale wijkteams? Vanuit de stad spreken wij veel inwoners die hier niet tevreden over zijn. Zij geven aan dat ze niet toegankelijk zijn, weinig inclusief, en dat er weinig wordt ondersteund en vaak van het kastje naar de muur gestuurd. Ik vraag me af in hoeverre de wethouder hier inzicht in heeft en welke plannen er zijn om dit te verbeteren? Welke indicatoren worden hiervoor gebruikt? We hebben natuurlijk het rapport in januari gezien, waarin vooral wordt aangegeven dat de sociale wijkteams het goed doen, maar hoe blijven wij dit monitoren en verbeteren? Voorzitter, heel veel problematiek hangt met elkaar samen. De steken die we laten vallen wanneer preventie mogelijk is leiden tot grotere problemen in de toekomst, bijvoorbeeld in de vorm van overlast in onze wijken. Afsluitend, even kijken. Nou, in ieder geval over het Veldpark, we zien dat er 40.000 euro wordt uitgegeven.
Waarom wordt er geen andere partij ingezet zoals Stichting Surant? Verder willen wij eeuwigdurende grafrust voor Zaankanters. Er is momenteel een tekort aan begraafplaatsen. En er is een begraafplaats in Krommenie maar die is niet eeuwigdurend. Wij komen in ieder geval met een motie en hopen op steun van zo veel mogelijk partijen. Hiermee wil ik afsluiten. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Hoedemaeker wil reageren. Dan mevrouw Neefjes en mevrouw Onclin. De heer Hoedemaeker (D66): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, mijnheer Eid komt met een voorstel voor een lokaal coördinator racisme en discriminatiebestrijding. Volgens mij hebben we die, dat is Bureau Discriminatiezaken. Bedoelt mijnheer Eid nou dat hij daar nog iemand naast wil zetten of is dat over het hoofd gezien? De voorzitter: Mijnheer Eid. De heer Eid (DENK): Dank u wel voor uw vraag en ook fijn dat u dit onderwerp aanstipt, wat laat zien dat u het waarschijnlijk ook een belangrijk onderwerp vindt. Kijk, wij zijn van mening dat dit alleen maar voordelen kan hebben. En het zou goed zijn als die persoon dan ook portefeuilleoverstijgend zou werken. De voorzitter: Wie wil er op dit punt reageren? Op dit punt, mijnheer Van der Laan.
De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, ik denk dat wij daarin mijnheer Eid wel kunnen steunen want we, ik heb het er wel eens over gehad met de fractievoorzitter van Democratisch Zaanstad dat het in principe heel goed gedaan zou kunnen worden door een wethouder die de hele dag hier de plantjes loopt water te geven en die we hier bijna niet zien, waar ik al van schrik als ze hier is dat ik nog denk, o, ze werkt hier nog wel. Dus dat zou kunnen, dat scheelt volgens mij rond de 150.000 euro subsidie. Dus misschien zouden we dat moeten doen met een wethouder die gewoon wat tijd over heeft, dus wat mij betreft zou dat een heel goed voorstel kunnen zijn. De voorzitter: Reactie van mijnheer Pauw. De heer Pauw (ROSA): Ja, ik vind het vervelend dat er zo denigrerend over sommige personen waar wij mee moeten samenwerken gesproken wordt. Dus ik zou willen verzoeken om daarop in te grijpen. En ten tweede een opmerking als het gaat om, nou, de heer Hoedemaeker zei het natuurlijk goed, we hebben al een Bureau Discriminatiezaken, maar dat is niet iets wat wij zo maar ingesteld hebben, dat is gewoon een wettelijke verplichting waar je aan moet voldoen. Dus dat gaat dus niet denk ik, dat is overbodig. Maar om het Bureau Discriminatiezaken op te doeken, want daar doelde de heer Van der Laan op, en het te laten doen door een wethouder, dat kan wettelijk gewoon niet.
De voorzitter: Goed om nu even vast te stellen, we drukken ons netjes uit in woord en gebaar en antwoord op de inhoud en niet op de persoon. Mijnheer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, mensen kunnen best heel vervelend vinden wat ik hier zeg, maar ik zeg alleen dat de wethouder hier de hele dag de plantjes water loopt te geven en volgens mij klopt dat gewoon. De heer Van der Laan (POV): We hebben een extra wethouder, en ik ga al, voorzitter, ik heb daar geen zin in. De voorzitter: Nee, we hebben net gezegd dat we dat niet doen. De heer Van der Laan (POV): U moet mij aanspreken op wat ik hier zeg. Ik mag in deze zaal alles zeggen wat ik wil en dat doe ik ook gewoon. Als ik deze wethouder zou uitschelden … De voorzitter: Inhoud. De heer Van der Laan (POV): … is dat een heel ander punt. Maar ik zeg alleen dat ze de plantjes water geeft en volgens mij doet ze dat niet goed genoeg ook. De voorzitter: Mijnheer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Nou ja, als de heer Van der Laan vindt dat hij alles mag zeggen dan deel ik dat niet met hem. Ik vind het gewoon onfatsoenlijk, en dat, dan zult u wel zeggen, daar heb je die Tuijn weer, maar en dat mag dan. Daar ben ik heel erg trots op. Ik vind dat je mensen gewoon met respect kan behandelen.
De voorzitter: Goed, laten we dit gesprek niet verder vervolgen, we hadden het over de inhoud en het ging over de contactpersoon voor discriminatie. Daar hadden we het onderwerp over en niet over andere … Daar wilde mevrouw Onclin nog op reageren.
Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, want ik heb in feite dezelfde vraag als de heer Hoedemaeker, maar ik heb daar nog niet een heel duidelijk antwoord op gehoord van DENK. Want zegt u nou, we vinden dat het huidige Bureau Discriminatiezaken en de huidige directeur, coördinator, hoe noemen we de beste man precies, niet goed functioneert en dat willen we anders doen? Want als we het een keer gaan hebben over het functioneren van Bureau Discriminatiezaken dan ben ik misschien ook nog wel daarvoor te porren. Maar het is me nu niet helemaal duidelijk, vindt u nou iets van de manier waarop het op dit moment is ingericht, of stelt u iets voor wat we eigenlijk al hebben? De voorzitter: Mijnheer Eid. De heer Eid (DENK): Dank u wel voor de vraag. Wat wij voorstellen is aanvullend hierop. En iemand die portefeuilleoverstijgend werkt en ook kijkt naar alle beleid en alle wetgeving die hier wordt gemaakt. De voorzitter: Goed. Mijnheer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ja, bedankt, voorzitter. Ja, ik heb ook nog een vraag aan mijnheer Eid, wat discriminatie betreft. Ik lees een artikel in de Telegraaf van de week, veel ongevaccineerden met een migratieachtergrond op de IC, angst voor discriminatie staat preventie in de weg. Denkt u dat die aanpak van u dit wel op zou kunnen lossen? Dank.
De voorzitter: Mijnheer Van Braam ook op dit punt? De heer Van Braam (ZB): Ja, inderdaad op dit punt. We hadden het over het Bureau Discriminatiezaken en u wilde daar eigenlijk op de wethouderspost een uitbreiding hebben op discriminatiezaken en alles waar daarmee valt en staat. Maar waarom kijkt u dan niet bijvoorbeeld naar uitbreiding in de capaciteit bij die Bureau Discriminatiezaken? Daar ligt de kennis al, daar ligt de ervaring. Kunt u daar beter gaan kijken van, nou, ik ga daar een motie voor rondmaken om daar de capaciteit uit te breiden. De voorzitter: Mijnheer Eid. De heer Eid (DENK): Nou, ik moet zeggen, ik vind dit een goed idee en misschien dat we daar samen aan kunnen werken. In ieder geval bedankt hiervoor. De voorzitter: Wilt u ook nog reageren op de reactie van de heer Van Haasen? De heer Eid (DENK): Het was mij niet helemaal duidelijk, voorzitter, welk probleem de heer Van Haasen beschrijft? De voorzitter: Mijnheer Van Haasen, kort. De heer Van Haasen (PVV): Nou, ik vind de … Het blijkt zo te zijn dat er veel mensen met een migratieachtergrond op de IC’s liggen met corona. En dat de preventie moeilijk is omdat discriminatie gauw genoemd wordt als men deze problemen wil benoemen.
Dus u begint nu over een coördinator discriminatiezaken, maar is het niet eigenlijk ook belangrijk dat je de problemen, in dit geval coronabesmettingen onder mensen met een migratieachtergrond, dat je die moet kunnen benoemen wil je dit aan kunnen pakken? Want anders zitten we hier over volgend jaar weer in een lockdown. De voorzitter: Mijnheer Eid.
De heer Eid (DENK): Nou, wat u aangeeft, u geeft ook aan dat er een artikel is in de Telegraaf waarin dit probleem blijkbaar wordt genoemd. Waar wilt u het anders benoemd zien? De voorzitter: Mijnheer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Nou, wat ik u vraag van, wat denkt u te bereiken met een coördinator discriminatiezaken om dit soort problemen ook op te kunnen lossen? De voorzitter: Mijnheer Eid. De heer Eid (DENK): Sorry, voorzitter, maar de vraag is gewoon niet helder voor mij. Ik zie de link ook totaal niet. Ik weet ook niet of die personen zich gediscrimineerd voelen. De voorzitter: Goed, ik denk dat dit nu … De heer Van Haasen (PVV): Mag ik nog … De voorzitter: Heel kort een laatste reactie en dan wil ik nog naar een ander onderwerp overgaan, er zijn nog een aantal woordmeldingen van mevrouw Neefjes De heer Van Haasen (PVV): Ik wil eigenlijk mijnheer Eid er nog aan herinneren, die zit natuurlijk nog niet zo lang hier in de raad, dat zijn partij al eerder een motie heeft ingediend om het budget voor het Bureau Discriminatiezaken omhoog te schroeven, dus die zou die misschien ook af kunnen stoffen als hij dat zo graag wil. Dank. De voorzitter: Mevrouw Neefjes. Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Nou ja, mijn vraag en opmerking gingen ook over Bureau Discriminatiezaken, maar ik heb al genoeg gehoord en ik denk dat het in het Zaanstad Beraad dan wellicht terugkomt.
De voorzitter: Mevrouw Onclin. Niet meer? Mevrouw Mathkor en mevrouw De Boer. Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, dank u, voorzitter. Een vraag aan mijnheer Eid. Ik heb begrepen dat DENK ook bezig is met meer voorlichting over het slavernijverleden. Kunnen we erop vertrouwen, rekenen dat die in het Zaanstad Beraad, dat dat onderwerp nog verder ter sprake komt? De voorzitter: Mijnheer Eid. De heer Eid (DENK): Dank u wel, mevrouw Mathkor. En ja, dat gaat gebeuren. De voorzitter: Ondanks dat het zijn eerste keer is vond ik toch een waardige eerste Algemene Beschouwingen, vind ik ook wel weer netjes om daar even bij stil te staan dames en heren. We gaan wat mij betreft dan over, ik zie geen andere woordmeldingen. O, mevrouw De Boer nog, ja. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, als het nog binnen de tijd valt, voorzitter. Ik hoorde in het begin van het betoog van de heer Eid zeggen dat er geen subsidies mogen gaan naar dingen die de hele wereld schandalig vindt. En ik was even benieuwd welke subsidies u dan op doelt, die wij als Zaanstad geven?
De voorzitter: Mijnheer Eid. De heer Eid (DENK): Dank u wel voor de vraag. Ik had begrepen dat er subsidie gaat naar het comité wat het Sinterklaasfeest organiseert. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, en daar was ik dus al een beetje bang voor, want als we dan het zo framen dat de hele wereld daartegen is en schandalig vindt, dan zou ik nog even goed naar de cijfers kijken, mijnheer Eid, voordat u dat soort heftige, onrealistische uitspraken doet. De voorzitter: Mijnheer Eid. De heer Eid (DENK): Wat bedoelt u daarmee? Bedoelt u dat wat er gebeurt op het Sinterklaasfeest een geaccepteerde, iets is wat geaccepteerd is wereldwijd? De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, en volgens mij is het niet de bedoeling om hier een hele discussie over het Sinterklaasfeest te vieren. Maar u zegt, subsidies die de hele wereld schandalig vindt, en dat is nogal een uitspraak. En die klopt ook niet als u dit voorbeeld noemt, dus ik vraag u om daar heel voorzichtig mee te zijn. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Daarmee is ook de tijd voorbij en gaan wij door naar de Partij voor de Dieren en daarna Lokaal Zaans en daarna is het pauze. Mijnheer Mattens heeft het woord.
De heer Mattens (PvdD): Voorzitter, Zaanstad staat voor een aantal existentiële crises die het gelijktijdig moeten zien op te lossen om jonge en toekomstige generaties een toekomst te kunnen bieden, namelijk de klimaat- en biodiversiteitscrisis. Het zien van de mens als iets dat buiten de natuur staat, een soort die kan doen en laten met andere dieren en natuur wat die wil, leidt niet alleen tot onaanvaardbaar dierenleed, maar uiteindelijk ook tot risico’s voor ons eigen voortbestaan als mens. Het risico op een nieuwe pandemie, daar hebben we al eerder op gewezen. Maar voorzitter, de Partij voor de Dieren schetst vanavond graag hoe wij in Zaanstad van morgen kunnen leven waarin wij onszelf als mens weer als onderdeel van de natuur zijn gaan zien. Binnen de draagkracht van de aarde gaan leven, rekening houden met de belangen van dieren en rekening houden met de belangen van mensen die door onze samenleving op achterstand zijn gezet. Om binnen de draagkracht van de aarde te blijven zullen we minder grondstoffen en energie moeten gaan gebruiken en dat wat we gebruiken veel meer lokaal produceren. Zo kunnen onze inwoners in stadstuintjes op elke hoek van de straat plukgroenten en fruit oogsten. Groeien er onder andere lisdodde en riet op de veengronden, bouw- en isolatiemateriaal dat wij zo hard nodig hebben om nieuwe huizen te bouwen en bestaande huizen goed te isoleren.
Zaankanters zijn zich bewust geworden van de milieu-impact van mobiliteit en ervaren geen gezondheidsklachten meer door het extreme lawaai en ultrafijnstof van laag overvliegende vliegtuigen. Immers, Zaanstad heeft eindelijk ferm met de vuist op tafel geslagen over Schiphol richting Amsterdam en het Rijk om nachtvluchten geheel te verbieden en het totaal aantal vluchten flink te reduceren. Daarnaast nodigt de stad uit om te bewegen en buiten te zijn doordat alles veel groener is geworden. In elke straat vormen we een paar, een aantal parkeerplaatsen om tot sociale ontmoetingsplek met een boom, een bankje of een buurtbibliotheek. We vergroenen de gevels van huizen en gebouwen, planten veel meer bomen en struiken en zaaien alle braakliggende gronden in met biologische inheemse bloemenmengsels. Ook tuinen
zijn massaal onthard omdat mensen weer zijn gaan inzien hoe belangrijk, mooi en vooral ook lekker koel een groene tuin is. Kinderen leren weer te spelen op ontharde en groene schoolpleinen en speeltuinen, ontwikkelen een veel betere fijne motoriek en komen weer voldoende in beweging. Al onze inwoners van jong tot oud genieten van de buitenruimte, ontmoeten elkaar, bewegen meer en geven de rust en ruimte aan onze dierlijke medebewoners. Het Zaanstad van morgen is in gesprek met de industrie. Niet alles kan, dus gaat het verduurzamen van de industrie hand in hand met neerwaarts bijgestelde productieverwachtingen. Minder CO2 en meer zekerheid van een stabiel energienetwerk voor onze inwoners. Ook krimpt de toeristische sector als gevolg van het inkrimpen van Schiphol, maar daar staat tegenover dat steeds meer mensen uit de regio de parels van De Zaan ontdekken. En ontwikkelt Zaanstad zich tot de hub voor het delen, hergebruiken en recyclen van spullen, waar steeds meer werkgelegenheid in ontstaat, evenals in de lokale voedselproductie en in de isolatie- en duurzame energiesector. En door de veel lagere stikstofuitstoot en kleinere milieucontouren van bedrijven komt eindelijk de woningbouwproductie in een stroomversnelling. Ook heeft Zaanstad werk gemaakt van de eiwittransitie. De horeca en andere partners in de stad promoten duurzaam en gezond plantaardig voedsel.
Hierbij wordt iedereen de keuze gelaten, maar mensen zijn zich in een razend tempo bewust geworden hoe belangrijk het is om minder dierlijke producten te consumeren. Niet alleen heeft een bewustwordingscampagne vanuit de gemeente hier een belangrijke bijdrage aan gehad, maar ook het enorm gegroeide aanbod aan lekker, gezond en duurzaam plantaardig voedsel, zowel in de winkels als in de horeca. In tegenstelling tot vroeger is het gewoon lekker en makkelijk geworden om voor de duurzame, gezonde, diervriendelijke en lekkere opties te kiezen. Verder heeft Zaanstad in het belang van dieren rust en ruimte gecreëerd door te stoppen met bladblazers, worden parken en natuurgebieden minder intensief gebruikt voor recreatie en festivals en is de hengelsport verboden. Empathie is een kernwaarde en onze inwoners halen nu hun plezier uit het hengelen naar afval in plaats van naar voelende wezens. Dit blijft ook leuk, omdat wegwerpverpakkingen sinds 2021 echt niet sexy gevonden meer worden. De stad is dus zo weer netjes. Voorzitter, er is hoop voor Zaanstad. Een groene en diervriendelijke visie op de stad voor 2026. Een stad waarin inwoners weer met elkaar in contact staan, we gezonder leven en actief de kansen op een goede toekomst voor onze jonge, jongste inwoners bevorderen. Deze begroting biedt hierop helaas nog geen perspectief, maar de tijd dringt.
Het moet radicaal anders om de belangrijkste crises van deze tijd te bestrijden. Hiermee geven wij een blauwdruk voor hoe het Zaanstad van morgen eruit moet zien. Dus college en gemeenteraad, pak uw verantwoordelijkheid, luister naar de wetenschap, luister naar onze inwoners. Stel, in tegenstelling tot de visie van Erasmus, niet alleen de mens centraal en leg nu de basis voor een kansrijke toekomst voor alle menselijke en niet-menselijke Zaankanters. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Hoedemaeker. De heer Hoedemaeker (D66): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik heb gebiologeerd geluisterd naar het toekomstperspectief van de Partij voor de Dieren, zoals altijd weer prachtig verwoord. Wat ik eigenlijk miste in het betoog is, het gaat natuurlijk om de begroting van volgend jaar in principe, en heeft u nou een aantal concrete wijzigingsvoorstellen op de begroting zoals die nu voorligt? Kunt u daar misschien wat op ingaan? De voorzitter: Mijnheer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Zeker, voorzitter. Kijk, wij hebben eerdere begrotingsrondes hebben we ook vaak een scala voorstellen gemaakt om van, dit moet je ten minste doen. We hebben bijvoorbeeld genoemd van dat wij echt wat moeten doen aan de ruimte in onze stad met betrekking tot bijvoorbeeld parkeren. Dan gaat het over de parkeerbelasting, dan gaat het over parkeervergunningen.
Het gaat over verduurzaming en versnelling van verduurzaming van huizen in onze stad. Dan gaat het over, wil je prikkels in de OZB inbouwen,
want dat kan technisch, dat doen we niet, maar daar is ruimte voor om kortingen te geven aan inwoners die hun huizen versneld verduurzamen. We hebben het ook eerder gehad over een duurzaamheidsfonds inrichten, want we moeten echt doorpakken. En daar kunnen we eigenlijk niet, we hebben als raad een motie aangenomen om een duurzaamheidsfonds bijvoorbeeld te onderzoeken vanuit de Zaanse klimaattafels, maar eigenlijk zijn dat van die voorbeelden die we nu echt versneld moeten oppakken. Want we hebben die tijd niet om te wachten en te wachten en we zijn ondertussen alweer bijna een jaar verder. Dat is een klein scala aan zaken. En qua moties en amendementen, u kunt op ons rekenen, wat ons betreft, de vervuiler betaalt. De voorzitter: Mevrouw De Boer en dan de heer Hartog. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Dank aan mijnheer Mattens, ik heb ook aandachtig geluisterd en ik hoor een aantal bijzondere dingen. Eigenlijk als je nu ziet over de energiearmoede en alle problemen die dat met zich meebrengt dat u überhaupt praat, durft te praten over versnellen. Nou, dan legt u echt onze inwoners een enorm probleem op. Maar ik heb nog een drietal vragen eigenlijk aan u. U gaf aan, op elke hoek van de straat een pluktuintje.
Ja, dat is hartstikke mooi, maar dat moet allemaal onderhouden worden van dat lage onderhoudsniveau en we hebben al een achterstand van veertig miljoen, dus ik ben wel heel benieuwd hoe u dat dan ziet? U zegt, ontharde schoolpleinen. Nou, ik zie het al voor me, allemaal moddervoeten in die scholen, laarzen, nou, alsof die leraren al niks te doen hebben. En misschien nog wel de belangrijkste vraag. U zegt, ja, we kunnen nu kiezen voor gezonde voeding. Ja, precies, kiezen. Wat u wil is dwang. Wij kunnen hier al niet eens meer om van een worstje genieten. En bent u het niet met mij eens dat bewustwording heel belangrijk is en dat u misschien wel met dwang het tegenovergestelde bereikt? De voorzitter: Mijnheer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Op het eerste punt over de energiearmoede, die is juist ontstaan doordat we nog zo lang gewacht hebben met isolatie van woningen, dat we eigenlijk veel te traag zijn geweest in de verduurzaming van huizen. Dus dat heeft helemaal niks te maken met de energietransitie, juist het tegendeel. Als het gaat over onderhoud van pluktuinen. Ja, het is een vorm van stadsnatuur. Mensen lopen langs, oogsten mooie dingen, dat hoef je niet per se heel veel te onderhouden. Juist de natuur in de stad op zijn vrije beloop laten gaan daar waar er enigszins ruimte voor is, dat zou juist die enorme verrijking aan onze stad zijn.
Als het gaat over ontharde schoolpleinen, ja, moddervoeten, moddervoeten op, binnen school. Ja, als we die schoolpleinen verhard laten met de stijgende regenbuien dan komen er steeds vaker plenswaters binnendrijven in de school, dat, dan moeten die leraren ook zemen. Dus het is ook kiezen voor het eigenlijke bevorderen van onderwijs van kinderen ook met die motoriek om dat te verbeteren, dat bevorder je enorm door die ontharde schoolpleinen. En het heeft dus die maatschappelijke voordelen qua ontharding en regenwaterafvoer. En tot slot kiezen voor gezonde voeding in plaats van dwang. Daar ben ik het met u eens dat wij nooit gezegd hebben dat wij dat willen dwingen. Wij willen meer aanbod, wij willen voorlichting. Wij willen die bewustwording en dat het makkelijk wordt voor iedereen om die keuze te maken. En nu is die keuze niet altijd voor de hand liggend, omdat het duur is, omdat het moeilijk om te krijgen is, omdat het, omdat je er achteraan moet zitten om de meest duurzame optie te krijgen. Dat is niet kiezen, dat is gedwongen worden om het onduurzame te kiezen. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Nou, ik ben blij met dat laatste antwoord van de Partij voor de Dieren, daar zullen we ze nauwlettend in de gaten houden dat er dus niks meer verboden wordt.
Ja, en u zegt, ja, de energiearmoede, nou, dat komt natuurlijk wel degelijk omdat we versneld van het gas af
willen, maar goed, daar moeten we op een later moment maar eens de discussie over voeren. Ja, en als we dan zeggen, de natuur op het vrije beloop laten. Nou, volgens mij is dat wat we de afgelopen jaren met die vreselijke achterstand en slecht onderhoud aan het doen zijn, maar ik weet niet of u het ook ziet, heel Zaanstad staat vol distels en andere rotzooi, dus daar gaat uw plukgroente. De voorzitter: Ja, ik zie nu allemaal reacties van de heer Hoedemaeker, de heer Tuijn en de heer Pauw op dit, deze bijdrage denk ik? Dus heel kort. Mijnheer Hoedemaeker, de heer Tuijn en de heer Pauw. De heer Hoedemaeker (D66): Ja kort, want ik zit even met mijn oren te klapperen, want het gaat dus om de energiearmoede. Volgens mevrouw De Boer komt omdat we versneld van het gas af moeten. Terwijl het nou juist de exorbitant hoge gasprijzen zijn die de mensen in hun portemonnee raakt, dus ik ben heel benieuwd hoe u dat, hoe u op tot die conclusie komt? De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Nou, daar ga ik heel graag met mijnheer Hoedemaeker in gesprek, maar die bewaren we even tot het Zaanstad Beraad want dat vergt echt veel te veel om daar nu op in te gaan. De voorzitter: Mijnheer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Nee, niets toe te voegen op de vraag van de heer Hoedemaeker. De voorzitter: Mijnheer Pauw.
De heer Pauw (ROSA): Nou, je moet het natuurlijk een beetje nuanceren wat de heer Mattens zegt met betrekking tot de natuur zijn gang laten gaan in de stad, want dat kan natuurlijk niet overal. Maar dat kan op een heleboel plekken wel en ik wil er met nadruk op wijzen dat een van de gebieden waar wij het meest trots op zijn, daar heeft de natuur zijn gang kunnen gaan jarenlang en dat is het Hembrugterrein. Dus, en dat is zeker een kwaliteit. Dus het kan soms wel, maar wel genuanceerd. De voorzitter: Mijnheer Hartog. De heer Hartog: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik heb geboeid geluisterd naar het betoog van de heer Mattens. En ik vraag me daarbij af hoe hij combineert dat wij naar de inwoners moeten luisteren en de idealen moeten bewerkstelligen? Want ik luister zelf veel liever naar de heer Mattens dan naar de meerderheid van de bevolking, omdat ik weet dat de meerderheid van de bevolking twee auto’s voor de deur wil en geen trein, en niet met de trein wil, en drie keer op vakantie wil naar een zonnig land. En dan vind ik dat verhaal van de heer Mattens een stuk interessanter. Dus ik ben toch even benieuwd hoe de heer Mattens ervoor gaat zorgen dat die twee dingen bij elkaar komen? Want dat zou nog een hele kunst zijn vrees ik. De voorzitter: Eerst de heer Mattens en dan de rest van de raad die daar weer op wil reageren. Mijnheer Mattens.
De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Hoe krijgen we mensen mee heeft te maken met het eerlijke verhaal vertellen en dat overal laten horen. Het KNMI kwam onlangs met een bijgestelde prognose. We gaan naar 1,2 meter zeespiegelstijging eind deze eeuw, in slechtere scenario’s 2 meter. Met 2 meter zeespiegelstijging in combinatie met een zwaardere storm kan het al betekenen dat binnen 80 jaar, 79 jaar van nu Zaanstad niet meer bestaat. En dan hebben we het nog niet over de prognoses voor 2150 of 2200. Als wij
niet veranderen, als wij door blijven gaan met die twee auto’s, met die vliegvakanties, met alle vervuilende industrie, consumptie en alles wat erbij hoort, dan zijn we klaar in Zaanstad en kunnen we verkassen. De voorzitter: Wie wil daarop reageren? Mevrouw Mathkor zag ik al een tijdje met de hand omhoog, eerst mevrouw Mathkor. De heer Hartog: Voorzitter, nog even. De voorzitter: En dan mevrouw Onclin. Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ik sluit me van harte aan bij dat laatste betoog van de heer Mattens. En even naar mevrouw De Boer toe over de stadtuintjes dat dat zo rommelig is. Nou, ik vind het fantastisch juist dat groen tegen de gevels van straten waar heel weinig groen is, en er bestaat ook zoiets als groenadoptie. En … De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, voorzitter, ik vind het een beetje ironisch dat de heer Hartog net nog een heel pleidooi hier hield voor burgerparticipatie, behalve als de Partij voor de Dieren hun zin kan krijgen want dan moeten we vooral niet naar de burgers luisteren en moeten we vooral doen wat de heer Mattens zegt. Dat vind ik dan een hele wonderlijke draai in, nou, laten we zeggen afgelopen dertig minuten.
Maar waar het mij meer om ging is, de heer Mattens vertelt het verhaal alsof we dan allemaal heel blij zijn en zo en heel leuk, maar eigenlijk als ik hem vertaal is wat u zegt, als u op de Partij voor de Dieren stemt, dan mag je geen tegels meer in je tuin hebben, je mag je auto niet parkeren, ik weet niet precies waar je hem dan wel gaat laten, maar in ieder geval niet in deze stad. Je mag als bedrijf niet meer produceren. Ik weet niet hoe we dan al die andere leuke dingen van de Partij voor de Dieren gaan betalen, maar in ieder geval niet met de inkomsten van onze economie. En u kunt nu zeggen, we dwingen helemaal niet, maar u heeft wel degelijk hier heel vaak een pleidooi gehouden dat wij met zijn alleen geen vlees meer moeten eten. Onder andere door gewoon alle restaurants die vlees aanbieden te verbieden, volgens mij noemde u dat branchering. Maar u heeft hier een heel pleidooi gehouden, ieder steakrestaurant in Zaanstad moeten we voortaan verbieden. Dus eigenlijk, voorzitter, vat ik de bijdrage van de Partij voor de Dieren samen als dat we dan heel veel dingen niet meer mogen. En als ik daar dan over aan het nadenken ben dat betekent dan dus automatisch ook dat de heer Mattens voor mij gaat bepalen hoe ik mijn tijd ga indelen.
Want dan ben ik dus vervolgens mijn halve weekend kwijt aan het knutselen in mijn tuin, want daar liggen geen tegels meer dus dat moet ik allemaal bijhouden. En als ik dan door de openbare ruimte loop moet ik daar ook nog een bijdrage leveren als ik naar de heer Mattens luister om het openbare deel van het groen te onderhouden. De voorzitter: Over de tijdindeling gesproken, er is nog een halve minuut over voor de heer Mattens om te reageren en dan is dit debat beëindigd. Mijnheer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ja, mevrouw Onclin maakt hem wel mooi. Kijk, natuurlijk moeten we … We moeten veel minder gaan doen als individuen, als samenleving. En we moeten burgerparticipatie bevorderen door het juiste, correcte verhaal te vertellen wat ons te wachten staat als we dat niet doen. En als mensen zich daardoor bewust zijn wat daarvan de consequenties zijn, dan wil, dan gaat men automatisch, is mijn verwachting, toch stappen ook in persoonlijke levenssferen maken omdat de consequenties voor jezelf, maar ook voor je kinderen en kleinkinderen zo kolossaal groot zijn dat het het waard is om over dat plantje in uw achtertuin, mevrouw Onclin, heen te stappen.
De voorzitter: Goed. Daarmee hebben we dit debat beëindigd. Ik heb nog een aantal woordmeldingen gezien, maar ik probeer echt iedereen evenredig wat aan het woord te laten en dat is best lastig, want u wil ook allemaal het woord. Dus dat, en we hebben steeds tien minuten dus ik vraag u ook allemaal te beperken in de tijd zodat iedereen ook aan bod komt. Na de pauze komt eerst D66 en daarna DZ, en voor de pauze hebben we Lokaal Zaans. Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. De laatste Algemene Beschouwingen van deze periode. Als we de balans opmaken, corona, collegecrisis, jeugdzorgtekorten en mislukte participaties. In een nutshell de afgelopen raadsperiode. Nu ligt er een begroting voor. Hij is sluitend, zegt de wethouder. En hij is sluitend, maar vraag niet hoe. Uiteindelijk zal je jezelf in een maatje 38 kunnen wringen terwijl je maat 40 hebt maar comfortabel is het niet, zo is het ook met deze begroting. Lokaal Zaans heeft de afgelopen periode hiervoor gewaarschuwd en met elk geldverslindend voorstel op gehamerd wat de gevolgen zouden zijn.
Maar is het grootste goed van dit college dan dat ze een sluitende begroting hebben neergelegd? Is het grootste wapenfeit dat de lokale belastingen dan niet verder dan de inflatie omhoog zijn gegaan? Maar vergeten we daarbij dan niet dat we al een van de hoogste gemeenten waren? Wij vinden het knap dat deze begroting nog zo veel mooie woorden kan wijden aan eigenlijk niks, aan een dode mus. Lokaal Zaans heeft echt gezocht naar positieve zaken, we hebben zelfs een roze bril gekocht, maar het blijft een nietszeggend document zonder visie voor de toekomst. Wij hebben het al vaker gezegd. Waar is die visie? Waar is dat leiderschap? We stoppen nog steeds die vinger in de dijk, doen schietgebedjes naar het Rijk, maar een duidelijk eigen toekomstbeeld schetst dit college nog steeds niet. Dan maar een paar concrete suggesties. Ga over de grootste vraagstukken van dit moment de komende maanden met de hele raad en experts in gesprek. Zorg dat we allemaal invalshoeken, oplossingen, analyses en visies van experts et cetera met elkaar bespreken, zodat er voor straks een toekomstgericht Zaanstad keuzes gemaakt kunnen worden. Niet pas in maart en met alleen de formerende partijen, maar nu met de hele raad, toekomstige oppositie en coalitie.
Zorg voor een visie op de lange termijn met duidelijke bijbehorende stappen voor de korte termijn, zodat we eens ophouden met al die losse flodders die hier in de raad voorbijkomen. Wij zien dit in ieder geval graag voor de onderwerpen jeugdzorg en woningbouw. We dragen graag experts aan en hopen dat anderen dat ook doen. Op twee onderwerpen wil ik nog iets dieper ingaan, voorzitter. Wonen. Een paar dagen geleden postte een alleenstaande moeder met drie kinderen een wanhopig bericht op social media. Ze zocht een betaalbare huurwoning, staat al twintig jaar ingeschreven en vist steeds achter het net, zoals zo velen. Ze gaf aan de zevenhonderdste in de wachtrij te zijn. En we weten het allemaal, de wachtlijsten zijn bizar lang. Bouwen, bouwen, bouwen, roepen een aantal partijen. Ja, dat is een deel van de oplossing. Maar tegelijkertijd laten die partijen zich gijzelen door alleen maar binnenstedelijk te mogen bouwen, met alle mobiliteitsproblemen van dien. Maar zoals Lokaal Zaans vaker zegt, voor wie bouwen we nu eigenlijk? Zeker ook voor Amsterdammers, bij monde van wethouder Mutluer. Ze zijn van harte welkom, zei ze laatst. Zeker ook voor vergunninghouders, waarbij we bijna stikken in onze taakstelling. We bouwen in ieder geval niet voor die alleenstaande moeder, voor onze jongeren of ouderen, voor onze Zaankanters, voorzitter.
De gemeente Bergen die is zo stoer geweest om ook voor huur- en koopwoningen voorrang te geven aan de eigen inwoners. En durf eens eerlijk te zeggen, die taakstelling voor vergunninghouders die gaan we niet waarmaken komend jaar. Ja, daar vindt het ministerie van BZK wat van en de provincie ook, maar in plaats van te zeggen, dat mag niet van of in strijd met, kun je ook de barricades opgaan. Provincie en Rijk, denk mee over oplossingen, en dan zorg je dat je met veel meer gemeenten daar naartoe gaat om te verantwoorden waarom je wel vindt dat je veel meer moet doen voor onze eigen inwoners. De wanhoop die onze inwoners uitstralen is heel groot. En wie anders neemt het op voor deze grote groep mensen? Niemand. En alsjeblieft niet weer die riedel, we hebben al maximaal opgerekt dat we dertig procent voorrang kunnen geven op sociale huur. Of, we doen alles wat in onze macht ligt. Want als dat echt zo was, waren onze wachtlijsten niet zo lang, waren onze jongeren niet zo wanhopig en
zouden niet zo veel Zaankanters noodgedwongen en niet altijd vrijwillig woonruimte zoeken in gemeentes ver boven ons. En let op onze woorden, met het vertrek uit onze gemeente creëren we een nieuw probleem, want als al onze jongeren elders noodgedwongen een huis kopen en wij onze Zaanstreek vullen met Amsterdammers en statushouders, dan hebben we straks nog een groter tekort aan mantelzorgers. Het tweede punt, criminaliteit. Het laatste punt wat ik wil maken is het enorme handhavingstekort, de toenemende criminaliteit en het toenemende drugsgebruik. We hebben het al deze hele periode over de enorme capaciteitstekorten. De problemen zijn gigantisch en we horen het de burgemeester nog zeggen, in Brabant had ik een veelvoud aan mensen beschikbaar en ik schrik ervan dat we in Zaanstad zo weinig capaciteit hebben. De laatste twee jaar hebben we dat steeds minder horen zeggen. Het moet natuurlijk allemaal binnen die sluitende begroting. Maar het zou het college ook sieren om in deze begroting dan niet te verschuilen achter wat we allemaal zo goed doen, maar ook een keer goed man en paard te noemen. Het gaat niet goed, er is echt veel meer inzet nodig. En wat is nu belangrijker, vraag ik ook aan mijn collega’s.
Dat we plukgroente verbouwen op een plein waar nu parkeerplaatsen zijn, radijsjes gaan telen in een containertuintje, of dat we eens echt radicale acties inzetten om een kentering teweeg te brengen? Als we het dan hebben over radicale oplossingen, bijvoorbeeld, doe eens voor duurzaamheid alleen wat er vanuit het Rijk moet, met de grote voorwaarde dat er dan ook geld komt vanuit het Rijk. En ik maak mijn laatste zin, voorzitter. Ik snap dat de partij van de Dieren dan zegt, nee dat kan niet, de wereld vergaat, we hebben het net gehoord. Maar ik ga er niet over twisten of dat klopt of niet, maar als we als gemeente niet alles op alles zetten om de criminaliteit terug te dringen, dan vergaat de wereld zeker en heeft onze jeugd geen toekomst. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Hoedemaeker. De heer Hoedemaeker (D66): Ja dank u wel, voorzitter. Ja, even een korte opmerking op een van die laatste zinnen. Volgens mij geeft Zaanstad geen cent meer uit aan duurzaamheid zelf dan van het Rijk moet. We moeten een warmtetransitieplan maken, we moeten aan de RES meewerken, en voor de rest hebben we gewoon geen geld. De voorzitter: Mijnheer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, dat is ook een beetje mijn gevoel, ik zou heel graag juist meer willen doen, daar hebben we het bij mijn betoog al over gehad.
En verder vind ik dat er nogal veel zaken door elkaar gehaald worden die eigenlijk helemaal niet te maken hebben met wat kosten oplevert in onze begroting als het gaat over huisvesting, over vluchtelingen. Of we hier nou noodopvang doen of niet, we hebben evengoed onze taakstelling op te lossen om mensen een huis te bieden die met redenen gevlucht zijn. Ik vind dat u een beetje een klucht maakt van het verhaal. Ook dat Zaanstad ten onder gaat aan criminaliteit. Ik ben heel blij dat we goed bezig zijn met ondermijning en dat daar mooie dingen op gebeuren. Ik ben het er ook mee eens dat er heel veel aspecten zijn waarop wat meer handhaving zou kunnen, als we het zouden kunnen betalen. Maar ten onder gaan, ik weet niet waar u de gemiddelde burger van Zaanstad, in wat voor nachtmerrie u die wil drukken vannacht, maar dit, dat gaat echt te ver. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, de heer Tuijn noemt dat wij er een klucht van maken. Ja, dat gevoel heb ik heel vaak als ik hier in de raad zit. Ja, en dan denk ik, ga dan toch maar eens echt even kijken wat er allemaal mis is op het gebied van criminaliteit, want nu stopt u wel heel erg uw hoofd in het zand. Er is heel veel mis. En mijn hele punt is dat we dat een keer moeten erkennen en dat we misschien ook
een keer moeten zeggen dat we een aantal zaken niet doen, terugleggen bij het Rijk. Voorbeeld is ook een keer jeugdzorg. En ik ben het helemaal met u eens dat u ook zelf aangaf dat er heel veel nodig is voor jeugdzorg maar de vraag is wel, kunnen we dat als gemeente wel aan, of zijn we dat gat aan het vullen met heel veel zaken die we elders moeten doen? En mijn betoog raakt wel degelijk de begroting, voorzitter, want juist die keuzes maken, we zien dat nu ook weer met de Wet inburgering. Blijkt nu alweer dat er geld bij moet. Dat is precies het pleidooi wat wij steeds houden van ja, je kan allerlei taken op je nemen, maar uiteindelijk moet dat wel betaald worden. En wij doen steeds meer op steeds meer terreinen, het Rijk, ik heb het vanavond al eerder gehoord, komt met heel weinig zaken over de brug. Gaan wij al die gaten proberen dicht te stoppen, of zeggen wij, we maken een keer echt goede keuzes en pakken de zaken ook echt een keertje goed aan? En ja, die keuzes doen soms pijn. Want ik ben het ook met uw partij en D66 eens dat we zeker ook met duurzaamheid aan de slag moeten, maar doe het dan niet halfbakken. We hebben in reactie op de heer Hoedemaeker, nou, volgens mij investeren we wel degelijk. We hebben het laatst al weer gehad over die investering in het circulair bedrijf, we hebben de Stappensubsidie.
En daarnaast hebben we gewoon ook de taakstelling op ons gelegd, of jullie als college opgelegd, om bij elk beleidsterrein bezig te zijn met duurzaamheid. Dus wij doen wel degelijk veel meer dan wat het Rijk aan ons vraagt. De voorzitter: Mijnheer Van Haasen wil hierop reageren. De heer Van Haasen (PVV): Ja, ik heb eigenlijk een vraag over wat wij dus doen aan klimaat wat het Rijk ons opdraagt wordt dus gezegd, we doen niks extra’s. Ik wou vragen of er een wet bestaat dat wij voor 42.000 sedumtuintjes op bushokjes moeten plaatsen, of die door het Rijk opgelegd is of door iemand uit zijn grote duim gezogen is? Dank. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dat kan ik alleen maar enorm beamen wat de heer Van Haasen als voorbeeld geeft, maar die vraag zou ik dan inderdaad doorgeven aan de twee sprekers hiervoor. De voorzitter: Ja, ik denk dat de heer Hoedemaeker hierop, of de heer Mattens, een van beiden. De heer Hoedemaeker (D66): Ja, laten we die ook maar voor het Zaanstad Beraad bewaren, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Mattens, kort. De heer Mattens (PvdD): Ja, nee, dat is gewoon onderhoud van de openbare ruimte. En dan kun je kiezen of je geld uitgeeft aan uitsluitend stoeptegels, of dat je ook nog een mooi aspect toevoegt aan de openbare ruimte lijkt mij. De voorzitter: Mevrouw Mathkor. Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, dank u.