CConstaterende datZaanstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag raad 17-12-2020

Raadsvergadering 21 januari 2021, gemeente ZaanstadBij agendapunt: Vaststellen verslag en besluitenlijst raad dd 26 november en 17 december 202044.626 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

70 procent niet-westerse afkomst noemde ik al, 20 à 25 procent van de bijstandsuitkeringen zit in deze wijken. Daarom is die wet ingevoerd. Als je dan 173 mensen geplaatst hebt met een baan tussen de andere mensen, dan denk ik: dan heb je het over een succes. Dan kun je wetenschappelijk onderzoek aanhalen wat je wil, maar de logica zegt dat het een succes is. Dank. De voorzitter: Interruptie van de heer Hartog. De heer Hartog (SP): Voorzitter, de wet is toch echt ingevoerd om de leefbaarheid te vergroten en economische kansen van de mensen daar. Niet om alleen maar de diversiteit te vergroten. Dat was misschien een middel om dat te bereiken en dat middel blijkt nu niet te werken. Dan moeten we het dus op een andere manier gaan doen. De voorzitter: Dat is een herhaling van argumenten. Ik stel voor dat we alleen nog nieuwe argumenten met elkaar delen. De heer Mattens nog als reactie op de heer Wit. De heer Mattens (PvdD): Dank u, voorzitter. Met betrekking tot de motie en ook richting de heer Van Haasen van ‘het probleem is al opgelost’ of ‘het is hier niet op zijn plaats’: elke woning kan tellen, zeker als je uitstroomt vanuit die bed/bad/brood-regeling of hoe dat dan ook allemaal heet. Dan gaat het erom dat je een plek hebt.

Ook met die tijdelijke woningen, daar is ook met name voor de jeugd, met name voor de jongeren is daar al direct een enorm beslag op gelegd en dan moet je alle ruimte voor jezelf creëren die je maar hebt om deze groepen te kunnen helpen. Dus vandaar de oproep: wees daar coulant in. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter. Om even antwoord geven op mijnheer Mattens, die 3 miljoen die gegeven is voor die tijdelijke woning, die zijn specifiek benoemd voor welke doelgroep dat is. Dat zijn arbeidsmigranten, dat zijn dak- en thuislozen en spoedzoekers. Onder die spoedzoekers vallen dus gescheiden vaders die het huis hebben moeten verlaten, vallen asielzoekers. Die vallen onder de groep spoedzoekers. Maar die groep die u dus benoemt, die is apart benoemd in dat voorstel om die 3 miljoen te spenderen aan die tijdelijke woningen.

De voorzitter: Interruptie, mevrouw Pancar. Mevrouw Pancar (DENK): Dank u wel. Ik had een interruptie op de heer Wit, want hij benoemt 70 procent van de bevolking is mensen met een niet-westerse achtergrond. Ik vind het heel apart, dat zegt u toch ook niet over wijken waar wel 70 procent van de mensen een westerse achtergrond hebben? De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Dank, voorzitter. Dat zeg ik net zo makkelijk. Het is alleen, het zijn gegevens die toen naar boven zijn gekomen en mijn geheugen werkt redelijk goed, dus ik herhaal wat toen is gezegd. De voorzitter: Herhalingen doen we niet nog een keer, want dat lijkt me niet nodig. Ik zag mevrouw Van Nieuwamerongen en vervolgens mijnheer Van der Laan. Eerst mevrouw Van Nieuwamerongen en dan de heer Van der Laan. Mevrouw Van Nieuwamerongen (VVD Zaanstad): Dank u, voorzitter. In volgorde zoals ze op het RIS staan. De huisvestingsverordening zien wij met name als een technische wijziging en zullen daarom ook voorstemmen. Amendement A stopt de voorrang voor statushouders bij sociale huur. Die hebben we zelf de afgelopen jaren ook vaak mede ingediend, dus het lijkt me logisch dat we die nu ook weer zullen steunen. Amendementen B en C zullen wij niet steunen.

Daarbij pak ik toch even terug naar: wat is nou eigenlijk het probleem? Een probleem waarbij bewoners uit de wijk aangeven: wij willen dat er hier wat gebeurt, een lange termijn, wij voelen ons niet gehoord, de problemen zijn te groot. Dat is uiteindelijk de aanleiding geweest om hier wat eindelijk aan te gaan doen. De Rotterdamwet is een middel. Is het perfect? Nee. Werkt het? Ja. Daar durf ik mijn hand voor in het vuur te steken, ik heb dat zelf als bewoner in Rotterdam meegemaakt toen ik daar zelf een huisvestingvergunning aan moest vragen. Ik zag het daar, ik zie het nu ook als ik nu in Poelenburg werk en daar dus ook regelmatig ben. Ik zie het gewoon verbeteren. Ik hoor positieve verhalen, ik hoor positieve verhalen van professionals die daar ook werken. Je ziet de rust letterlijk terugkomen. Gaat het snel? Nee. Wanneer gebeurt het pas? Als iemand de wijk verlaat, dan pas komt er een woning vrij, dus niemand wordt gedwongen te vertrekken. Pas als er een woning vrijkomt krijgt iemand voorrang uit de non-commerciële beroepen. Werkt het dus perfect? Nee. Werkt het snel? Nee. Werkt het? Ja. Dus daarvoor dank. De voorzitter: De heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ja voorzitter, ook wel een beetje wat mevrouw Van Amerongen zegt. Ik verbaas me er toch elke keer over dat we proberen om labeltjes, groepjes, inkomens allemaal één kant op te willen hebben.

Ik moet zeggen dat dat de inclusiviteit van zo’n buurt gewoon niet gaat helpen. Als je kijkt naar mensen die toch wat steviger in de maatschappij staan, die zijn een aanvulling voor hun omgeving en kunnen ook veel meer voor een omgeving betekenen, maar ook voor mensen die niet echt veel kansen hebben. Ik werk zelf voor een grote woningcorporatie, wij doen dit op dit moment ook in Utrecht, in Overvecht. Ook daar is het nodig. Om te kijken: wat kan je nou voor beweging brengen in zo’n wijk, dat je niet alleen maar stilstand hebt. Dat is wat we zien, want we moeten echt veel investeren in die wijk, we moeten daar zelfs 35 euro bij de reinigingsheffing afvalstoffen doen, omdat we zoveel inzetten om die wijk schoon te houden. Met wat meer draagkrachtige inwoners krijg je een veel gemêleerder beeld, dan krijg je het veel sneller voor elkaar dat je niet meer van deze gedwongen wijken hebt. Want als je alleen maar gaat zeggen in deze gedwongen wijken dat we mensen met een laag inkomen daar gaan zetten dan blijf je deze ellende houden. Als je daar wat mensen in gaat zetten met wat meer draagkracht dan gaat dat een stuk omhoog. Of dat nou een jaar duurt, volgens mij gaat het veel langer duren, maar het is in elk geval een goed begin. Ik heb de wethouder horen

zeggen dat ze ook met resultaten naar ons terugkomt, dus dat is goed. Wat we ook vinden is dat als je weer gaat kijken naar de verordening, dat we nog steeds allerlei voorrangsregels hebben waar we eigenlijk niets meer mee hoeven. Dat is dus bijvoorbeeld de voorrangsregeling voor statushouders die een sociale huurwoning krijgen. De wachtrij is op dit moment nog steeds 11 jaar voor een woning. Ik weet niet of er mensen zijn die kinderen hebben die op een huis zitten te wachten. Ik heb er wel één en ik schat in dat hij tot zijn 65e bij mij woont als het zo doorgaat. Ik denk dat het uitstekend is als we daar eens een keer een einde aan maken en dat iedereen die een woning wil gewoon op diezelfde wachtlijst komt. Daarom hebben we ook het verzoek met de PVV gesteund om die statushouders, die voorrangsregeling er af te halen. Het is niet meer verplicht, we kunnen dat gewoon doen. Artikel 1 van de grondwet – ik heb daar wel eens een discussie over gehad hier – is: in gelijke gevallen gelijk behandelen. Dat betekent als je een woning wil dat je gewoon op de lijst komt, dus ook 11 jaar en anders gewoon proberen die miljoenen die van mevrouw Ollongren zijn gestort, om daar maar wat mee te gaan doen. Volgens mij kan dat heel goed.

Dus voorzitter, wij zullen het voorstel van ROSA ook niet steunen, dat amendement, omdat wij denken dat die Rotterdamwet een hele goede mogelijkheid is om een gemêleerde wijk te maken. Ik denk dat die wijk dat ook verdiend, want het is ook een mooie wijk. De motie van de Partij voor de Dieren vinden we echt zwaar voor de bühne, want als je dat gaat doen en je gaat daar weer van zeggen ‘die moeten doorstromen’, dan krijg je weer mensen die onderaan beginnen, dus weer die zwakke groep in die zwakke omgeving en dat gaat niet helpen. Ik denk dat daar de oplossing van mevrouw Ollongren ook een hele goede is. Dus wij zullen voor de verordening stemmen en voor het amendement van de opheffen van de voorrang statushouders en tegen het amendement van ROSA en tegen de motie van de Partij voor de Dieren. De voorzitter: Dank u wel. Ik zag vier handen omhoog. Wie daarvan was voor een interruptie? De heer Heijnen, mevrouw Neefjes en de heer Hartog. Eerst de heer Heijnen. De heer Heijnen (DZ): Dank u wel, voorzitter. Even in reactie op de heer Van der Laan. Democratisch Zaanstad die kan zich vinden in uw amendement. Echter, de constateringen dat de focus op bouw in midden- en hoogsegment per definitie de wachtlijsten voor een sociale huurwoning doet oplopen delen wij niet. Dat geldt ook voor de overweging dat de wachttijd niet zal oplopen als de voorrang voor statushouders vervalt.

Voor zover. De voorzitter: Mevrouw Neefjes. Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Dank u wel, voorzitter. Ook al zou dit amendement over stop voorrang van statushouders worden aangenomen, dat betekent dan nog niet dat de gemeente geen verplichting heeft om deze groep mensen die zij toegewezen krijgt om een huis aan te bieden, dat die groep kleiner zou worden. Dus het is geen oplossing van een probleem of iets dergelijks. Verder vind ik het heel bijzonder, bijzonder triest om in dit amendement te lezen dat u vergunninghouders, die soms al jaren in een AZC hebben gewoond, jaren in onzekerheid zijn geweest, dat u die opnieuw een tijdelijke woning wil aanbieden. Dat is, vind ik, wel heel erg jammer, in een rijk land waarin wij leven. U zegt: gelijke monniken, gelijke kappen. Statushouders en starters op de woningmarkt zijn niet gelijk, statushouders hebben geen woning. Starters op een woningmarkt die wonen nog ergens, dus wij zijn zeer, zeer tegen dit amendement. De voorzitter: De heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ja voorzitter, die had ik natuurlijk verwacht van de ChristenUnie, die kwam de vorige keer al. Het gaat erom dat we moeten proberen om ook voor mensen die al 11 jaar of 12 jaar op een wachtlijst staan een woning te regelen. Als we nu gaan kijken dat we mensen meteen al door gaan duwen op

voorrang in een sociale huurwoning, terwijl we helemaal nul bouwen, denk ik dat de oplossing die er is van mevrouw Ollongren – om dat op een tijdelijke basis te gaan doen – een veel betere is en dat we ook eens kunnen gaan kijken dat mensen die hier al zolang op een wachtlijst staan, die daar ook inschrijfgeld voor betalen, dat die gewoon eens een keer voorrang krijgen en dat we daar eens aan gaan denken. Dat is een belangrijke. Niet elke keer die zielige kaart spelen. Het is heel vervelend als mensen hier komen uit een nare situatie, maar er zijn allerlei mogelijkheden om ze daarin te faciliteren. Dat hoeven niet per se grote sociale huurwoningen te zijn. De voorzitter: De heer Van Haasen, een interruptie. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter. Kijk, de gemeente bepaalt gewoon zelf of woningzoekenden of statushouders recht hebben op een sociale huurwoning. Wij mogen bepalen of we die voorrang verlenen. Wat we natuurlijk wel hebben is de taakstelling die er vanuit het Rijk komt. Wij zien gewoon de miljoenen van Ollongren, die ik net al noemde, en die daar ook specifiek voor bedoeld zijn, want zo staat het ook in de begeleidende brieven beschreven. Die is speciaal bedoeld om dus arbeidsmigranten, daklozen en spoedzoekers, waaronder dus asielzoekers, een onderkomen te geven. Dus wij verzaken niet, wij geven ze alleen geen sociale huurwoning.

Ik zit hier drie maanden geleden een debat te voeren over een integratieproject, daarin zat mevrouw Neefjes te vertellen dat heel veel van die statushouders hoog opgeleid waren en dat het allemaal voorspoedig kon gaan met de integratie. Nou, als wij die dus, voordat zij een baan hebben gevonden, een sociale huurwoning geven dan worden het scheefwoners. U ziet wat voor probleem dat nu op de Peperstraat veroorzaakt. Scheefwonen is ook iets wat we niet willen. Als die mensen dus daarom een tijdelijke woning krijgen op het Hembrugterrein – wat volgens mij een ideale plek is om te wonen – dan kunnen ze vandaaruit wooncarrière maken. Als ze dus een baan hebben gevonden … De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): … willen ze misschien wel een huis kopen. De voorzitter: De heer Van Haasen, interrupties hebben het karakter dat ze kort zijn en dit is gewoon een bijdrage. Dus ik wil u allemaal vragen, als u een interruptie hebt, kort en puntig uw bijdrage op een reactie van een ander. Mevrouw Neefjes wil nog reageren hierop. Mevrouw Neefjes heeft het woord en dan de heer Hartog. Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Dat was een andere verrassing in het amendement, dat u mensen die hoogopgeleid zijn, maar waarschijnlijk nog lang geen vaste baan hebben, dat u die toch al in een dure huurwoning wilt stoppen. Dat verbaast mij. De voorzitter: De heer Hartog.

De heer Hartog (SP): Dank u wel, voorzitter. Ik vraag me af wat de agenda van de heer Van Haasen en Van der Laan is. Als zij de statushouders er de schuld van geven dat de wachttijden lang zijn dan vermoed ik dat daar een dubbele agenda achter zit, want het probleem van die lange wachttijden is het slechte volkshuisvestingbeleid van de rechtse kabinetten van de afgelopen jaren. Dat heeft niets met die statushouders te maken. Ik verdenk ze er nu van – maar ik hoop dat ik ongelijk heb – dat ze het prachtig vinden dat de AZC’s vol blijven zitten, zodat er niet nieuwe vluchtelingen toe kunnen stromen en dat ze dit een prachtige manier vinden om die mensen buiten het land te houden. Dat vind ik een verkeerde agenda en daar moet je volkshuisvesting niet voor gaan gebruiken.

De voorzitter: Twee korte reacties van de heer Van der Laan en de heer Van Haasen. De heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ik wil wel reageren op mijnheer Hartog, want dit is wat mijnheer Hartog altijd doet, die probeert de boel te verdraaien en te zeggen over dubbele agenda’s. De voorzitter: Begin nou op de inhoud. De heer Van der Laan (POV): Wij hebben geen dubbele agenda, wij zeggen ook niet dat je ze niet moet huisvesten, alleen niet op deze manier en ook geen voorrang geven. Meer zit daar niet achter. Wij hebben hier in Zaanstad heel veel jongelui die allemaal thuis wonen, die willen ook een huis. Daar denkt de SP niet aan, de SP is puur alleen maar voor mensen met een uitkering. Dat werkt niet. De voorzitter: De heer Van Haasen, dan de heer Pauw, mijnheer De Vries. De heer Van Haasen (PVV): Wat de heer Van der Laan zegt. De voorzitter: De heer Pauw. De heer Pauw (ROSA): Volgens mij begint er bij de Europese Unie en zeker bij Nederland, bij de grens, begint er al een selectie van wie we wel en wie we liever niet hier willen hebben in Nederland. Daar zijn allerlei argumenten voor aan te dragen, waarmee je het eens kan zijn of niet mee eens.

Maar in ieder geval, als ze dan op een gegeven moment statushouder zijn geworden zijn ze wat ons betreft gelijk aan alle mensen die hier al heel lang in Nederland wonen en dienen ze ook op dezelfde manier behandeld te worden en dienen ze dus ook, net zo goed als ieder ander, in aanmerking te komen voor een huurwoning. Dit is natuurlijk gewoon een dubbele agenda, want ik weet gerust wel dat de PVV zo min mogelijk statushouders in Nederland wil hebben, laat staan asielzoekers die over de grens komen. Ik bedoel, laten we het maar gewoon bij het naampje noemen: zo zit de PVV in elkaar. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ja, ik weet niet wat ik hierop moet zeggen. Ik zit hier ook om woningen te regelen voor de Zaanse jeugd en dan word ik hier van andere dingen beschuldigd, die met dit totaal geen doen hebben. Ik geef net zelf aan dat we een taakstelling hebben om die mensen te huisvesten, ik bied zelfs de oplossing waar we die mensen kunnen huisvesten. We hebben zelfs geld gekregen van het Rijk om die mensen te huisvesten. Ik zie niet wat het probleem en ik zie niet wat de dubbele agenda is. Ik bedoel, als wij op social media over dit soort onderwerpen praten dan worden we belaagd door allemaal ouders en jeugd die woningen zoeken en die zich verbazen over deze voorrangsregel.

Dus ik snap niet waar die dubbele agenda vandaan zou moeten komen, wij zitten hier gewoon om woningen voor onze jeugd te faciliteren. Dank u. De voorzitter: De heer Van der Laan, kort. De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, jammer hoor, dat het op die manier gaat. Maar mijnheer Pauw zegt in elk geval wel één ding correct: we moeten ze allemaal hetzelfde behandelen. Dat betekent dat als je hier komt en je wilt dan op een woning, dat je op die wachtlijst gaat. Alleen die wachtlijst die is 11 jaar voor degenen die hier al jaren op die wachtlijst en op een huis wachten. Het enige wat we nu zeggen is: behandel iedereen hetzelfde, zet ze ook keurig op die wachtlijst en in de tussentijd kan je ze kleine huisjes geven. Ik wil mijnheer Pauw eraan herinneren dat we heel lang terug ook bij het ZVH-terrein, bij het Jonkerplantsoen, een hele hoop

van die ijzeren containers hebben gehad waar we onze jongelui in gingen huisvesten, wat er gewoon niet uitzag, het was koud, en dat vinden we wel uitstekend. We vinden het niet uitstekend dat we kijken voor mensen die hier nog niet 11 jaar zijn wel meteen de voorrang geven op al die anderen. Dat is waar mensen hier in Zaanstad zich druk om maken: wanneer krijgen mijn kinderen een huis? Dat is waar wij hier voor opkomen en niet meteen die racistkaart trekken, want als je dat doet dan heb je gewoon geen enkele inbreng meer. De voorzitter: Volgens mij is dat door niemand gezegd dan door uzelf. Dus ik denk dat we daar ook wel steeds scherp op moeten zijn. Nee, dat is de enige die dit woord nu in de mond heeft genomen en ik denk dat we daar scherp op moeten zijn. De heer Wit. De heer Wit (CDA): Dank, voorzitter. Wij zijn het eens met de heer Pauw dat vergunninghouders, statushouders hier gewoon volwaardig meetellen. Mevrouw Neefjes zei het al: het verschil is dat zij nu niks hebben. En moeten we ze gewoon dus een voorrang geven op hun eerste bewoning. Even naar de heer Hartog, die had het over dubbele agenda’s, verborgen agenda’s. Die woorden gebruikt hij niet, maar dat bedoelde hij wel.

Maar als hij dan tussen neus en lippen door vertelt dat de woningnood komt door te weinig woningen, wat op zich klopt, maar dat dat een gevolg is van een aantal rechtse kabinetten, dan denk ik: ja, dan heb je ook een dubbele agenda en ben je ook stemming aan het maken. Dus laat dat alsjeblieft achterwege, want het woningtekort komt uit veel verder terug en dat is niet over één kam te scheren. De voorzitter: De heer Pauw en dan de heer Pietersma. De heer Pauw. De heer Pauw (ROSA): Ik zou daar nog wel met de heer Wit een discussie over willen hebben, of de regeringen die we in de afgelopen jaren hebben gehad, of die nou bijgedragen hebben aan een goed woningbouwbeleid waar werkelijk behoefte aan is. Want dat betwijfel ik ten zeerste. Ten tweede de opmerking richting de heer Van der Laan: die statushouders die komen dan hier op een gegeven moment binnen en de heer Van der Laan wil dat ze dan gewoon ook op de wachtlijst komen te staan als woningzoekende. Ik wil hem er wel op wijzen dat een hoop van die statushouders als asielzoeker hier binnenkomen en vaak meer dan tien jaar in één of ander AZC zitten in afwachting van de behandeling van hun procedure. Daar wordt ook het falend regeringsbeleid maar weer eens aangetoond. De voorzitter: Goed, maar we zitten hier niet voor het regeringsbeleid, we zitten hier voor een aantal moties en amendementen die nu aan de agenda staan.

De heer Pietersma heeft al een kwartier zijn hand omhoog en die krijgt nu het woord. De heer Pietersma (PvdA): Gelukkig heb ik veel geduld, voorzitter. Allereerst kan ik zeggen dat wij, als ik vanavond hoor, dat wij een aantal sprekers wel kunnen steunen als het gaat dat wij als Zaanstad misschien nog wel harder ons best moeten doen om de woningbouwproductie op gang te krijgen, want de plannen liggen er. Waar ik wel een beetje verdrietig van word – en dat als bewoner van Peldersveld Poelenburg, al gedurende denk ik een jaar of dertig – dat we zien dat dat een wijk is die in de loop der jaren behoorlijke vraagstukken heeft ontwikkeld, ik wil ze nog niet eens problemen noemen, want het is best een schitterende wijk. Hadden we jaren geleden de kans gehad, ik geloof dat we toentertijd iets zeiden met Vogelaargelden, dan had de helft van die wijk destijds platgegooid geweest, hadden we daar andere woningen gebouwd om de samenstelling van de wijk te veranderen. In dat opzicht moet ik zeggen dat het initiatief wat nu is genomen, middels wat dan heet de Rotterdamwet, daadwerkelijk wel bijdraagt aan de kwaliteitsverbetering in die wijk. Als ik kijk naar de motie van de POV/PVV, als het gaat om het schrappen van de voorkeursbehandeling, laat ik hem zo maar even noemen, dan denk ik dat dat een buitengewoon slechte keuze is, om de reden dat A. we

blijven met de taakstelling zitten, dus dat lost in dat opzicht niks op. Er zijn gemeentes, ik neem even als voorbeeld Alkmaar, die hebben die wel geschrapt in 2018 of 2017 en die huisvesten op dit moment meer statushouders dan dat ze in de taakstelling verplicht zijn, dus in dat opzicht: het is maar de vraag wie het juiste middel daarvoor inzet. Maar ik ben er blij mee dat wij in Poelenburg in ieder geval, gegeven deze raad was een groot voorstander van het Pact Poelenburg, dat we daar een kwaliteitsverbetering willen op meerdere niveaus. Ik vind dat we die taakstellingen ook moeten uitvoeren, maar dan over heel Zaanstad. Ik denk, mijnheer Van der Laan, als het gaat om de tijdelijke woningen – en de heer Haasen, via u, voorzitter – dat we moeten zorgdragen dat die gelden dadelijk worden aangewend om tijdelijke woningen neer te zetten van een behoorlijke kwaliteit, waarin onze jongeren het in beginsel ook nog fijn vinden om te wonen en dat we dan tegen die tijd voldoende woningbouwproductie krijgen dat ze kunnen doorstromen naar een reguliere woning. En gespreid in Zaanstad, en kwalitatief goedwaardig. De voorzitter: Korte reacties van … De heer Pietersma (PvdA): Dus wij zullen geen van de amendementen en moties steunen. De voorzitter: Dank u wel. Korte reacties van de heer Van Haasen en de heer Van der Laan. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter.

Ik zal niet in herhalingen vallen, want mijnheer Pietersma die zit allemaal dingen te vertellen die al weerlegd zijn hier. Maar hij wil dus wel jongeren in de tijdelijke bewoning bouwen, want hij wil ze zo mogelijk maken dat ze daar een tijdje kunnen wonen. Maar als we het besluit van mevrouw Ollongren erbij pakken dan gaat ze dus 50 miljoen investeren in Nederland voor 12.400 woonplekken met 4700 bestemd voor arbeidsmigranten, 2600 voor de daklozen van mijnheer Mattens en 5100 voor spoedzoekers, waaronder dus de asielzoekers. Dus deze woningen zijn niet bedoeld voor de jeugd, deze woningen zijn bedoeld voor spoedzoekers, arbeidsmigranten en daklozen. De voorzitter: En dat is wel een herhaling. De heer Van Haasen (PVV): Als onze motie daar dan op aansluit dan vindt u dat raar. De voorzitter: De heer Van Haasen, dat is wel een herhaling, dus ik denk dat we op moeten letten dat we nu niet blijven herhalen. De heer De Vries, nog een korte interruptie op de heer Van Haasen. De heer De Vries (D66): Ik zou wel graag de definitie van een spoedzoeker willen, die mijnheer Van Haasen hanteert. Want er zijn heel veel verschillende soorten, dus ik wil wel even weten wat hij daar onder verstaat. De voorzitter: De heer Van Haasen, kort. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter.

Onder de definitie spoedzoekers worden dus als eerste statushouders genoemd, en gescheiden vaders en studenten. Dat zijn de drie doelgroepen die daar benoemd worden. Als eerste worden statushouders benoemd. Dus als die geschikt zijn voor statushouders zijn ze ook geschikt voor studenten. De voorzitter: Een duidelijk antwoord. De heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ik vind de vraag van mijnheer De Vries wel bijzonder, want het is volgens mij een brief van mevrouw Ollongren van uw eigen partij, die heeft dit bedacht. Als u die brief leest kunt u inderdaad zien dat er gewoon, het woord ‘jongeren’ komt er niet eens in voor. Dus dat is ook een hele goede reden om

te zorgen dat als we dit amendement aannemen, om in elk geval de voorrangsregeling te schrappen, dat we misschien wat meer beweging kunnen krijgen. Want de groepen waar we het nu voor doen die worden voldoende voorzien en er wordt voldoende aan gedacht, maar die jongeren die komen in die hele brief van mevrouw Ollongren niet eens voor. Dus daar heeft D66 nou niet echt affiniteit mee, denk ik. De voorzitter: Goed, wij hebben denk ik nu alle argumenten wel gewisseld. Zijn er nog andere woordmeldingen die we nog niet hebben gehad? De heer De Vries. De heer De Vries (D66): Voorzitter, ik wilde graag een korte bijdrage leveren. Ik ben blij dat onder de spoedzoekers ook verstaan wordt gescheiden vaders en studenten en dat het niet alleen gaat om asielzoekers of hoe je die mensen ook mag noemen. Daar ben ik tevreden over. Maar ik heb de hele tijd mijn mond gehouden en ik heb goed geluisterd. Als ik luister naar de discussie, mijnheer de voorzitter, dan bekruipt mij het gevoel van kilte. Ik heb eerder in de raad van de gemeente Zaanstad iemand horen zeggen: ik vind het koud worden in Nederland. Een goede verstaander heeft daar denk ik wel gevoel voor, wat ik daar zeg, wat ik daarbij bedoel. Wij zullen de motie en de twee amendementen zeker niet steunen.

We zijn via dit voorstel van het college naar Rotterdam geweest en we zijn via een asielzoekerscentrum weer teruggekeerd hier in Zaanstad. Maar nogmaals, alles aanhorende vond ik het koud worden. Daarmee wil ik alles gezegd hebben. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter. Wij worden beschuldigd van kilte, maar mag ik u erop wijzen dat deze woningen die dus tijdelijk gebouwd worden waarschijnlijk het eind van het volgend jaar er al staan? Als wij gaan zitten wachten op de sociale woningen die hier gebouwd worden, terwijl we om ons heen allemaal woningen gebouwd zien worden tussen de vier ton en de zes ton, dat het wel even kan duren voordat we dat aantal aan sociale huurwoningen binnen hebben om aan onze taakstelling te voldoen. De voorzitter: Goed. Ik denk, de heer De Vries, kort. De heer De Vries (D66): Voorzitter, ik heb niemand beschuldigd, ik heb alleen maar gezegd dat ik het koud vond worden. Er is ook nog een ander spreekwoord en dat zegt: wie de schoen past trekt hem aan. Dus daar wil ik het verder bij laten. De voorzitter: Voordat ik de wethouder het woord geef wil ik nog even graag aankondigen dat er een amendement, A. ‘Voorbereidingsbesluit Balkenhaventerrein/Hemkade’ van DZ is gepubliceerd op het RIS, zodat u dat alvast kan meenemen. Het wordt straks behandeld als laatste raadsvoorstel op de debatagenda.

Ik denk dat we dus het tempo hoog moeten houden, want er is nog veel te besluiten vandaag. De heer Van der Laan heeft nog een hele korte opmerking. De heer Van der Laan (POV): Heel kort, voorzitter. Misschien een goed idee om eventueel in een volgend attentie naar de gemeenteraad voor mijnheer De Vries een sjaal in te sluiten. De voorzitter: Dat lijkt me buiten de orde van deze vergadering. Wij hebben het woord aan mevrouw Mutluer. Mevrouw Mutluer (wethouder): Dank u wel, voorzitter. Ik krijg het er warm van. Mevrouw Mutluer (wethouder): Volgens mij heeft het college u gevraagd om uw licht te laten schijnen over deze huisvestingsverordening en eigenlijk ook het gesprek en het debat te voeren over een aantal

aanpassingen die we hebben doorgevoerd. Ik moet u eerlijk zeggen dat ik niet had gedacht dat we een dergelijk bijzonder debat zouden hebben. Wel een mooi debat, omdat het heel erg principieel van aard is, of het nou gaat om de wet Bijzondere Maatregelen Grootstedelijke Problematiek of die statushouders, maar dat zijn niet de vragen die dit college aan u voorlegt, dat wil ik er wel even bij zeggen. Want de aanpassingen in de huisvestingsverordening waren technisch van aard, dachten wij, en die gingen met name over een aantal passendheidscriteria, een aantal bepalingen die we moesten aanpassen, omdat we wat omissies hadden ontdekt of omdat de corporaties ons hadden gevraagd om de regels te verbeteren naar aanleiding van de ervaringen uit het verleden. Desondanks ga ik uiteraard in op uw amendementen en de motie zoals die is ingediend. Ik wil in de eerste plaats beginnen met de wet Bijzondere Maatregelen Grootstedelijke Problematiek. Maar niet eerder dan dat ik heb herhaald dat in deze huisvestingsverordening wij u niet nogmaals de vraag voorleggen ‘gaat u wel of niet akkoord met deze wet?’, maar dat wij een aantal aanpassingen willen doorvoeren, zodat bijvoorbeeld de stadsvernieuwingsurgenten, wanneer een spaghettiflat gesloopt wordt, wel gewoon naar hun wijk terug kunnen keren, ondanks het feit dat ze bijvoorbeeld niet zouden voldoen aan de wet.

Wij zijn met de wet Bijzondere Maatregelen Grootstedelijke Problematiek in 2018 begonnen, toen eerder aan u de vraag was gesteld: mogen wij een aanvraag indienen bij de minister voor 4 jaar? We zijn maar net over de helft. Er is natuurlijk een reden geweest waarom wij eigenlijk een beroep hebben gedaan op de wet Bijzondere Maatregelen Grootstedelijke Problematiek, omdat wij zagen dat de wijk en zakte, maar zeker ook wat harde maatregelen behoeft om uiteindelijk beter en gezonder te worden, zeker ook voor de kinderen die daar wonen. Wij hebben toen ook gezegd, ook in het debat in 2017, dat de wet niet het wondermiddel is en daarmee ook niet alle problemen van Poelenburg Peldersveld zouden worden opgelost. Ook niet op het gebied van leefbaarheid en veiligheid, want als het zo simpel was geweest dat we met één wet dat konden oplossen, dan hadden we daar natuurlijk jaren terug mee gestart. Maar we zeiden wel: zie het als meerdere dominostenen en dit maar is één onderdeel van die dominostenen. Als je er eentje uit trekt dan kunnen wij onze doelstellingen in die wijk niet realiseren. Want dit is een cruciaal onderdeel, zeker als je redeneert vanuit ons gezamenlijk vastgestelde doel en het Pact Poelenburg – wat een initiatief overigens was van GroenLinks – en het pact waar deze wet en de uitvoering daarvan onderdeel van uitmaken geaccordeerd is door de hele raad.

Wat is het doel? Het doel is nog steeds om de jeugd in de toekomst, de toekomstige jeugd in deze wijken veel meer kansen te geven op het gebied van onderwijs, participatie, kansengelijkheid. Dat willen wij bereiken door niet alleen te investeren in onderwijs en in opvoeding en in de bestrijding van armoede en mensen aan het werk helpen, wat wij de afgelopen tijd hebben gedaan, maar zeker ook door ondermijning tegen te gaan en – en dat werd ook al genoemd door de heer Van der Laan – de inclusiviteit, de diversiteit en met name de samenstelling van de wijk veel meer in balans brengen. Want hij is in disbalans. Heel veel mensen met een sociaaleconomische achterstand wonen in die wijk. Voor de wet Bijzondere Maatregelen Grootstedelijke Problematiek kwam 60 procent van de mensen die een sociale huurwoning nodig hebben, dat waren mensen met een kwetsbare positie, uit Amsterdam. Om even aan te geven wat er met die wijk gebeurde. Dat hebben we weten om te keren, in mijn beleving, want dat heeft zo’n effect gehad, ook voor bijvoorbeeld de caseloads van de wijkteams, dat wij die wet hebben ingevoerd en ik ben daar trots op dat wij een Zaanse variant op die wet hebben bedacht. Want ik weet dat in het debat werd gezegd: wij willen geen mensen weigeren.

Wij zijn die artikel 8, waar ook dat onderzoek van de UvA het over heeft gehad, die hebben we niet toegepast, we hebben gezegd: we gaan voorrang geven aan mensen met een non-commercieel beroep, mensen uit de zorg, leraren, politieagenten en we gaan een screening doen zodat ook de leefbaarheid goed in de gaten werd gehouden. Dat heeft ertoe geleid dat ruim 200, bijna 300 woningen met voorrang nu zijn verleend en dat de effecten – zoals mevrouw Van Nieuwamerongen net ook aangaf – echt wel langzaam in die wijk te zien is, langzaam op die scholen. Maar we zijn er echt nog niet. Het voorstel is nog steeds om hem 4 jaar te hanteren en toe te passen, in 2022 zouden we dan een nieuwe aanvraag kunnen indienen bij mevrouw Ollongren, maar niet

eerder dan dat dat onderzoek wat ik u heb beloofd naar deze wet – met name naar die artikelen 9 en 10, de ene gaat over die voorrang en de andere gaat over die politiescreening – in beeld is gebracht. Daar zijn we mee aan de slag gegaan, alleen die cijfers, daar zijn we mee aan de slag gegaan, maar we missen nog wat cijfers om dat echt in beeld te brengen, want daar hebben we de CBS-cijfers voor nodig, maar die lopen altijd 2 jaar achter, dus we moeten op de nieuwe CBS-cijfers wachten om daadwerkelijk het waterbedeffect, maar ook de voor- en nadelen van deze wet, om die te zien. Dan even het amendement, voorzitter, van ROSA, GroenLinks en de SP. Want er staan een aantal aannames in die niet helemaal kloppen. U verwijst in uw amendement naar dat onderzoek van de UvA. Het klopt, UvA heeft onderzoek gedaan, we hebben ook die informatie bij BZK opgevraagd, ook naar de reactie van de minister, maar dat ging met name om de effecten van het weigeren, artikel 8. De artikelen 9 en 10, die waren er nog niet, daar hebben wij bewust een beroep op gedaan als enige in heel Noord-Holland. Dus dat vergelijk kunnen we nog niet maken. Een aanname wat ook niet helemaal correct is uit dat amendement is de toepassing op 52.000 adressen waarop huurders worden geweigerd. Nogmaals, wij hebben juist gekozen om voorrang te geven voor leraren, zorgpersoneel, dus ook die aanname klopt niet helemaal.

En u zegt dat de cijfers over de toewijzing ontbreken. De heer Pauw (ROSA): Voorzitter? De voorzitter: De heer Pauw. De heer Pauw (ROSA): Ik zou graag een nadere uitleg hierover willen hebben, want die 52.000, dat betreft dus woningen die niet meer beschikbaar zijn voor mensen met een uitkering en u zegt: wij bieden juist woonruimte aan degenen uit die non-commerciële sector. Dat is natuurlijk niet met elkaar te rijmen, dus hoezo die 52.000 klopt dat niet? De voorzitter: Wethouder Mutluer. Mevrouw Mutluer (wethouder): Ik vermoed zelf dat die 52.000 mensen die ook in dat onderzoek wordt genoemd, dat men wil aangeven dat het met name gaat om woningen aan mensen met een uitkering, die dan daar niet voor in aanmerking komen. Als het dan om artikel 8 gaat dan klopt die 52.000. Maar als je het hebt over die artikel 9, de politiescreening, dan kan je dat niet zomaar stellen. Dat is waar wij nu een beroep op doen. Lang niet alle gemeenten werken met artikel 8, zoals wij. Ik ga het niet heel technisch maken, wat ik wil aangeven is dat het UvA-onderzoek zich met name heeft gericht op de Rotterdamwet zoals die in Rotterdam is toegepast, maar eigenlijk nog geen uitspraken heeft gedaan op de Zaanse variant daarvan. Ik heb u toegezegd, voordat er überhaupt een nieuwe aanvraag wordt ingediend bij die minister, dat zal dan eind volgend jaar gebeuren, moet er een besluit van de raad komen.

U kunt alleen maar een afgewogen beslissing maken of nemen als dat onderzoek wat wij nu hebben gestart, waar wij die CBS-cijfers voor nodig hebben, als die gereed zijn en dan zullen wij bij u terugkomen en zullen wij aan u de vraag stellen: dit zijn de effecten van de wet, dit zijn de effecten van artikel 9 en artikel 10 die we hebben toegepast met die voorrangsregeling, bent u akkoord om die alsnog toe te passen? De voorzitter: Punt. De heer Pauw en dan mevrouw Van Nieuwamerongen. De heer Pauw (ROSA): Voorzitter, ik zie dat onderzoek natuurlijk met belangstelling tegemoet en ik ben er bijna van overtuigd, zoals de onderzoeken ook al uitwijzen, dat de leefbaarheid en de veiligheid in de wijken daardoor niet verbeterd is. Maar goed, dat zullen we zien, dat zal de toekomst uitwijzen. De voorzitter: Mevrouw Van Nieuwamerongen.

De heer Pauw (ROSA): Sorry? De voorzitter: Mevrouw Van Nieuwamerongen. De heer Pauw (ROSA): O, was ik al uitgepraat? De voorzitter: We moeten echt … Beste mensen, het is 21:10 uur, we hebben 1 agendapunt besproken. Om 23:00 uur willen we alles behandeld hebben, we hebben er nog 10 te gaan. We moeten echt de kortheid bekrachtigen met elkaar, want anders dan … Dus volgens mij kunnen we, ik wil toch even wat steviger op de agenda, dan zegt om 23:00 uur: had het wat eerder gestuurd. Dus bij deze. Mevrouw Van Nieuwamerongen. Mevrouw Van Nieuwamerongen (VVD Zaanstad): Dank u, voorzitter. Ik zag de heer Pauw net heel erg moeilijk kijken over artikel 8 ook. Volgens mij is het heel simpel uit te leggen: dat hebben wij nu niet, wij geven nu voorrang aan mensen uit de non-commerciële sector. Stel dat die er helemaal niet meer zouden zijn en iemand zou met een uitkering daar op de woningen reageren dan krijgt die de woning wel toegewezen. De voorzitter: Mevrouw Mutluer maakt heel kort haar bijdrage af. Mevrouw Mutluer (wethouder): Ja, ik ga nog even in – voorzitter, met uw permissie – op de motie van de Partij voor de Dieren. Ik kan aangeven dat artikel 2.3.1.1. van de huisvestingsverordening, als het gaat om de motie ‘Daklozen’, al ons de mogelijkheid geeft om een uitzondering te maken op deze doelgroep.

De wet Bijzondere Maatregelen Grootstedelijke Problematiek staat de uitstroom van daklozen niet in de weg. Met andere woorden: in de praktijk is dat niet het geval. Sterker nog, recent zijn we een pilot gestart met de 50 uitstroomurgenties, daar heeft de wet ook geen beperking. Dus wij kunnen gewoon een beroep doen op de uitzondering die al in de huisvestingsverordening staat. Daarmee is eigenlijk uw motie heel sympathiek, maar we voeren hem eigenlijk al uit of kunnen hem gewoon uitvoeren. Wat betreft – voorzitter, tenslotte – het amendement van de POV en de PVV. Ook dat is niet de eerste keer dat die wordt ingediend, maar wel de eerste keer dat ik de heer Van Haasen hoor zeggen: geen voorrang, want dat heeft inderdaad het Rijk destijds bepaald. Dat hoef je niet meer in je huisvestingsverordening te nemen, maar de provincie heeft nog steeds een taakstelling. Wij kunnen boetes krijgen, wij kunnen sancties krijgen, de provincie kan bepalen dat de mensen alsnog gehuisvest worden. Dat blijft staan, dat beaamt u ook: die taakstelling is er. Even los, we hebben in mijn beleving, we moeten wel solidair zijn met deze doelgroep die vaak getraumatiseerd uit het buitenland komt om hier huis te vesten. We willen ook dat ze integreren en dan begint het gewoon met een dak boven je hoofd.

We kunnen niet alle asielzoekers opvangen in die tijdelijke woningen, die zijn met name bedoeld voor jonge asielzoekers. Als je een gezin hebt of kinderen hebt lijkt me dat heel onverstandig. Dat wij bij de tijdelijke woningen ook gaan kijken naar jonge asielzoekers, dat staat vast. Maar ik heb eerder op dit amendement gereageerd, ik denk dat ik hem al 4, 5 keer in deze raad heb gezien. Wij hebben een taakstelling van de provincie die ons halfjaarlijks vraagt of we die hebben gehaald. Recent is er een brief van het kabinet gekomen dat we ook nog eens 27.000 asielzoekers moeten opvangen. Ik durf het bijna niet te zeggen. Nee, ik ga het ook niet doen, ik blijf gewoon vriendelijk. Maar ik weet niet of dit amendement uitvoerbaar is. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter. Ik wil dan de wethouder vragen: als wij asielzoekers tijdelijke woningen geven, dus geen sociale huurwoningen waar onze jongeren voor op de wachtlijst staan, maar een tijdelijke woning op het Hembrugterrein of op het park van Zilvermeeuwen, voldoen wij dan aan de taakstelling?

De voorzitter: Wethouder Mutluer. Mevrouw Mutluer (wethouder): Wij moeten ze huisvesten en tijdelijk is tijdelijk. Eén ding: je kan niet iedereen in een tijdelijke woning stoppen, ik noemde net gezinnen met kinderen. Het worden best wel kleine, tijdelijke woninkjes, de naam zegt het al. We zijn nu met Rochdale aan het kijken wat voor type mensen daar kunnen komen. Wij denken absoluut ook aan jongeren en starters, zodat je een mooie balans hebt in die. Maar voordat die woningen er staan, mijnheer Van Haasen – we gaan ons best doen, mijnheer Wit – binnen een jaar natuurlijk hadden we gezegd, maar dat is niet voldoende, mijnheer Van Haasen. De voorzitter: De heer Van Haasen kort en dan sluiten we dit debat af. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter. Zou u ook aan kunnen geven waarom in die brief van mevrouw Ollongren jongeren niet genoemd worden, maar alleen statushouders, daklozen en arbeidsmigranten? De voorzitter: Wethouder Mutluer. Mevrouw Mutluer (wethouder): Dat heb ik gelezen. Het is inderdaad goed om nog een keer met het ministerie contact te hebben over de definitie van spoedzoekers. In mijn beleving is die veel breder. De voorzitter: Goed, wij kunnen nu overgaan tot stemming over de amendementen en de moties. De stemverklaringen? Ja. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Naar aanleiding van de bijdrage van de wethouder trek ik de motie in.

De voorzitter: De motie ‘Huisvestingsverordening daklozen Rotterdamwet’ van de Partij voor de Dieren is ingetrokken. Nog anderen? De heer Zoomermeijer is afwezig. Is dat ook vanwege onthouding van stemming of is dat … De voorzitter: Ja, hij is zelf weggegaan, dus we brengen hem toch in stemming. We brengen in stemming ‘Stop voorrang statushouders bij sociale huur’ van de PVV/POV. Wie is daarvoor? Voor zijn de VVD, de POV, de PVV en DZ. Die is verworpen. Dan zijn we bij amendement ‘Huisvestingsverordening’ van ROSA en anderen. Wie is daarvoor? De SP, ROSA, GroenLinks, DENK en de Partij voor de Dieren. Die is verworpen. Dan gaan we naar het raadsbesluit ‘Huisvestingsverordening’. De heer Zoomermeijer is ook weer aanwezig, kan ook meestemmen, fijn. Over het raadsbesluit ‘Huisvestingsverordening’ zelve. Wie is daartegen? Stemverklaring van mevrouw Mathkor. Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Dank u wel. Wij vinden de Rotterdamwet zo’n bezwaarlijke wet dat wij tegen deze hele huisvestingsverordening zullen stemmen. De voorzitter: De heer Van Haasen. Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Wij zijn inderdaad voor een positief Poelenburg, maar niet op deze manier. De voorzitter: De heer Van Haasen.

De heer Van Haasen (PVV): Wij kunnen ook niet voor deze huisvestingsverordening stemmen, maar dan om de reden dat ons amendement niet aangenomen is. Dank u. De voorzitter: Mevrouw Pancar. Mevrouw Pancar (DENK): Dank u wel, voorzitter. De Rotterdamwet is ook voor ons één van de dingen waarvan wij zeggen: dat kan niet. Dus wij zullen ook tegen stemmen. De voorzitter: Wij brengen in stemming het raadsbesluit ‘Huisvestingsverordening’. De heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, ondanks dat het amendement het niet gehaald heeft, heel jammer. Wij zijn wel voorstanders van die Rotterdamwet en wij denken dat het wel werkt, ook al zijn we teleurgesteld dat het amendement het niet heeft gehaald en er geen enkele toezegging van de wethouder is gekomen, zullen we toch voor de verordening stemmen, omdat we hem belangrijk vinden. De voorzitter: Wie is er tegen het raadsbesluit ‘Huisvestingsverordening’? Tegen zijn de SP, ROSA, de PVV, GroenLinks, DENK en de Partij voor de Dieren. Daarmee is het raadsbesluit aanvaard en geef ik graag het voorzitterschap over aan de heer Pauw. Dan hebben we nu in behandeling het raadsbesluit ‘Wijzigingsverordening APV 2013’. Wijzigingsverordening APV Zaanstad 2013 De voorzitter: Plaspauze van 5 minuten? Ja, 15, ik vind het prima, maar dan gaan we 23:00 uur echt niet halen.

Dus of u bent kort straks in uw behandeling, maar we moeten echt de raadsbesluiten afwerken, want er zitten een aantal dingen in die niet kunnen wachten. De plaatsvervangend voorzitter: Dus echt kort in de behandeling. De voorzitter: Kort in de behandeling. Om 21:30 uur zijn we terug en dan gaan we dus de rest heel kort en krachtig doen. Dat vraag ik aan u allen. Schorsing De plaatsvervangend voorzitter: Is iedereen er? Ik zie mevrouw Rot nog niet. Daar nog meer in de hoek. Ik stel voor dat we gaan beginnen, het is 21:30 uur geweest, u hebt net van de burgemeester gehoord dat we een beetje tempo moeten draaien, willen we alle onderwerpen nog voor 23:00 uur behandelen. Dus gaan we proberen. Aan de orde, mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): (buiten microfoon). De plaatsvervangend voorzitter: O, ik dacht: misschien wordt het van de agenda gehaald. Aan de orde is de verordening 2021 tot wijziging van de APV. Daar zijn, eens even kijken, 4 amendementen op ingediend. 2 daarvan gaan over bootjes, 1 over carbidschieten en 1 over lachgas. Ik denk dat mevrouw Onclin wel het woord wil voeren over het lachgas. O ja, ik moet nog even, de burgemeester heeft het ook al benoemd aan de aanvang van de vergadering: we praten hier over het erratum van het raadsvoorstel, hè? Voor de duidelijkheid. Mevrouw Onclin.

Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Voorzitter, dank u wel. Uw inschatting klopte bijna helemaal. Ik denk dat we in Zaanstad Beraad voldoende hebben gesproken over lachgas en het amendement in die zin ook ondersteunend was aan de woorden van de burgemeester. Dus volgens mij hoeven we daar niet al te veel meer bij stil te staan. Waar ik vooral graag op wil reageren is het amendement van ROSA, want die vind ik heel gek, en dan druk ik me eigenlijk nog een beetje zacht uit. Volgens mij hebben we in het Zaanstad Beraad heel uitdrukkelijk gesproken over de behoefte van deze raad en uiteindelijk ook van de burgemeester om de registratie van de pleziervaartuigen eerst nog een keer uitgebreider in de raad te bespreken, voordat we dit in de APV opnemen. Onzes inziens is dat ook de logische volgorde: we spreken eerst over beleid en daarna pas gaan we dat beleid opnemen in de verordening. Wij zijn dan dus ook, om het maar zacht te zeggen, lichtelijk verbaasd over het amendement van ROSA, om eigenlijk tegen dit voorstel en het verzoek van de raad en de burgemeester in te gaan. Het moge vanzelfsprekend zijn dat wij dan ook tegen dit amendement zullen stemmen. De plaatsvervangend voorzitter: De heer Van der Laan en daarna de heer Van Haasen. De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, dank u wel. Heel kort ook even over het amendement ‘Lachgas’. Wij denken dat het aanvullend is en dat dat goed gaat.

We waren wel – hoe moet ik het zeggen? – positief over het feit dat het hele gebeuren over de snelle bootjes eruit ging, om daar nog eens een keer samen met zijn allen over te kunnen praten. Ook wij waren verbaasd over dan toch weer het amendement om het er wel in te fietsen. Wij zullen daartegen stemmen en wij willen ook dat er eerst gekeken wordt over: hoe zit het? Want we hadden het ook nog over het delegeren van zaken aan het college, wat wij terug willen brengen. Wat ik ook nog even wil opmerken is dat er ontzettend veel werk wordt verricht om amendementen te maken en er ook een behoorlijke druk ligt op onze griffie, waarin gevraagd wordt of amendementen technisch in orde zijn en dat we dan om 17:00 uur, einde van de dag, dat erratum dan komt waar dat uitgehaald wordt. Dus al dat werk wat de griffie gedaan heeft is in principe voor niets geweest, dat vinden we een beetje jammer. Dus misschien dat daar volgende keer rekening mee gehouden kan worden, dat het wat sneller besloten kan worden en naar de raad kan komen. De plaatsvervangend voorzitter: De heer Van Haasen, PVV. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter. Ik wil er nog wel even wat aanvullen. Wij zijn dus na het beraad vorige week, dat wij een amendement hebben aangekondigd op dit onderwerp, zijn wij dus bezig geweest om 2 amendementen maken.

Dat heeft effect gehad op de organisatie en ik werd dus gebeld door de heer Hamming dat dit uit de verordening werd geschrapt, dus wij hebben ons amendement ingetrokken. Toen bleek ‘s middags ineens de wereld weer anders op zijn kop te zitten, dus wij vonden dit ook zeer opmerkelijk. We hopen dat dat amendement gewoon ingetrokken wordt en dat gewoon de democratische weg gevoerd kan worden, dat wij het met de raad nog eens een keertje over kunnen hebben. Want wij hebben contact gehad met de organisatie hierover, over de kosten van zo’n vignet. Want er wordt veel gesproken over Wormerland die zo’n vignet zou hebben. Dat vignet dat kost in Wormerland 6 euro en het is 4 jaar geldig. In Amsterdam hebben ze ook zo’n vignet, maar daar kost het 55 euro per vierkante meter, dat wateroppervlak dat je behelst. Dus wij vinden dat nogal een heel groot verschil, als je een bootje hebt van 2 bij 3 dan ben je in Amsterdam 330 euro kwijt en in Wormerland 6 euro, dus vandaar dat wij dit graag wouden bespreken met de raad en waren dus zeer gelukkig dat dit eruit werd gehaald. Ik denk ook dat het zeer nodig is dat we hier nog eens een keer over praten. De plaatsvervangend voorzitter: De heer Hoedemaeker, D66.

De heer Hoedemaeker (D66): Dank u, voorzitter. Ik wou nog wel even kort iets zeggen over het amendement over lachgas. Wij zullen niet voor dat amendement stemmen en wel om de reden dat er per jaar ongeveer twintig nieuwe substanties op de markt komen die gewoon legaal verkrijgbaar zijn, problemen kunnen gaan veroorzaken. Sommige zullen minder schadelijk zijn dan lachgas, sommigen zullen schadelijker zijn dan lachgas. Als je elk jaar twintig nieuwe artikelen in je APV moet gaan opnemen voor al die nieuwe stoffen dan wordt het een enorm telefoonboek, dus wij zijn voorstander van ten eerste een gedegen voorlichtingsbeleid richting mensen die dat willen gaan gebruiken en ten tweede een beter en algemener artikel waarmee je de overlast die het gebruik van allerlei middelen op straat in de openbare ruimte kan aanpakken beter op zijn plaats is dan een specifiek verbod voor een legale substantie zoals lachgas. Ik geloof dat mijnheer De Vries gaat nog wat over de andere amendementen zeggen, maar tot zover voor mij. De plaatsvervangend voorzitter: Interruptie van de heer Van Haasen en ik dacht daarna ook van mevrouw Onclin. Ja, de heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter. Wij zijn natuurlijk mede-indiener van het amendement voor het lachgas, wij hebben hier anderhalf jaar geleden al over gepleit. Het blijkt gewoon dat het niet weggaat.

Waar we het wel mee eens zijn met de heer Hoedemaeker, dat we bang zijn dat het APV een soort telefoonboek wordt, vandaar dat we ook een amendement hebben ingediend om het carbidschieten niet op te nemen in de APV. Want we hebben hier nagenoeg geen carbidschieters. Dit is alleen maar erin gefietst omdat er nu ineens een vuurwerkverbod is en omdat ze dan bang zijn dat Zaanstedelingen of Zaankanters, hoe je ze ook wilt noemen, massaal carbid gaan schieten, wat dus helemaal niet het geval is. Wordt dit er op het laatste moment, twee weken voor oud en nieuw, nog ingepropt. Vandaar dat wij willen voorkomen dat het APV een telefoonboek wordt, want onze burgemeester is al twee jaar bezig om alle onnodige reglementen eruit te schrappen en nu wordt er een onnodig reglement ingebracht. Dank u, voorzitter. De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Onclin als reactie op de heer Hoedemaeker. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Dank u wel. Ik kan het kort houden, voorzitter: volgens mij is het helemaal niet de bedoeling om een heel telefoonboek van de APV te gaan maken, maar willen we lachgas wel specifiek benoemen, omdat lachgas als probleem ervaren wordt en vinden we daarmee dat het belangrijk is om dat te doen. Juist ook, mijnheer Hoedemaeker zegt: het is een legale substantie. Vooralsnog wel, maar de landelijke wetgeving is onderweg, daarom is eerder dezelfde motie ingetrokken.

Maar we hebben nu gezegd als indienende partijen: het duurt ons te lang, de landelijke wetgeving, vooruitlopend daarop willen we in de APV onze eigen verordening. Op het moment dat een landelijke wetgeving er is zullen wij ook de eersten zijn die het zullen steunen om dit artikel er weer uit te halen. Maar ik vind het iets te kort door de bocht om lachgas nu te gaan vergelijken met iedere andere willekeurige substantie, zoals mijnheer Hoedemaeker dat noemt. De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Schuttevaer, ROSA. Mevrouw Schuttevaer (ROSA): Dank u, voorzitter. Eerst maar even over lachgas. Daar hebben wij het ook al een paar keer over gehad en aangekaart. Dat kon in het verleden nooit, dat was wettelijk niet mogelijk. We waren dan ook best verbaasd dat de portefeuillehouder afgelopen Zaanstad Beraad ineens zei: ja, maak maar een amendement en dat gaan we doen. Als de burgemeester of de portefeuillehouder nu nog steeds gaat zeggen dat dit kan dan zullen wij daarvoor stemmen, want daar zijn we van harte voor. Betreffende ons amendement over de pleziervaartuigen, het Zaanstad Beraad was, de meningen waren verdeeld. Er waren partijen die heel blij waren met de invoering van de registratie en het bijbehorende vignet en er waren een aantal partijen die er niet zo blij mee waren. Die waren bang ook dat kostenneutraal een enorme kostenpost

zou gaan opleveren voor de booteigenaren. Toen zijn wij daar wat dieper ingedoken en zagen we inderdaad dat het in Wormerland al 13 jaar bestaat voor 6 euro. Toen Wormerland in 2007 begon zou Zaanstad eigenlijk mee zijn gaan doen, maar die hebben toen gezegd: we wachten jullie eerst even af. Dat is wat langer geworden. Ik wil wel graag van de portefeuillehouder horen of hij inderdaad ook denkt dat het een tarief zal worden rondom het tarief van Wormerland en niet van dat van Amsterdam. Verder hopen we dat het wel alsnog nu in de APV mag met die toezegging dan, dat het zo snel mogelijk ingevoerd zal gaan worden voor het broedseizoen of misschien aan het begin van het broedseizoen om de vogels te beschermen, om de natuur te beschermen en ter terugdringing van de overlast van de omwonenden. Dank u wel. De plaatsvervangend voorzitter: Interruptie van de heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Dank u, voorzitter. Over de prijs hebben we wel contact gehad met de organisatie en die kwamen op een prijs van 50 euro. Toen ik dus vroeg waarom dat zo hoog was toen zeiden ze: omdat het kostendekkend moet zijn. Toen vroeg ik dus welke kosten daarin zaten en toen zei de ambtenaar dat ze de laatste 3 maanden voor 12.000 euro aan bootjes hebben moeten ruimen en dat die gedisconteerd worden in dit vignet.

Dus de kosten die dit jaar gemaakt worden die worden gedisconteerd in het vignet van volgend jaar. Wij vinden dat zeer opmerkelijk en we zouden hier dus graag nader over spreken. Vandaar dat wij dat amendement gemaakt hebben, om het delegeren van dit besluit eruit te halen. De plaatsvervangend voorzitter: De heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, op mevrouw Schuttevaer. Wij hebben ook contact opgenomen met de collega’s in Wormerland, die voeren dit vignet al. Die geven aan: het is erg leuk, het vignet, maar het helpt niet, absoluut niet tegen hard varen. In Wormerland zijn ze ook voorstander van een algemene registratie, want die kleine bootjes, van die Eggercraftjes, die met lichte motortjes gaan toch veel harder dan dat ze daadwerkelijk mogen. Dat zijn de dingen die erbuiten lopen, dus die landelijke registratie zou er beter op moeten zitten. Het maken van zo’n vignetje nu gaat puur en alleen, denk ik, wat mijnheer Van Haasen ook zegt, om de wrakken op te kunnen ruimen. Dan zouden wij meer af willen wachten wat de registratie van die boten zou opbrengen. Misschien dat de burgemeester daar ook wat over kan zeggen. De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Onclin.

Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Voorzitter, nu gebeurt eigenlijk precies wat we wilden voorkomen, dat we tijdens deze raadsvergadering een hele discussie gaan doen over hoe het beleid onder het artikel eruit zou moeten komen te zien. Daarom wil ik toch ROSA uitdrukkelijk verzoeken om de wens van dit college en een groot aantal partijen van deze raad te respecteren, dit amendement terug te trekken, zodat we hier in Zaanstad Beraad uitgebreid met elkaar over kunnen spreken. De plaatsvervangend voorzitter: De heer Kerkhoven, Democratisch Zaanstad. De heer Kerkhoven (DZ): Dank u wel, voorzitter. Ik durf er nou eigenlijk bijna niets meer over te zeggen, maar als het over bootjes gaat dan begin ik altijd warm te worden, dus ik ga er wel iets over zeggen. Ik was ook verbaasd over dit amendement van ROSA. Echt, ik bedoel, dit is, laten we eerst eens fatsoenlijk – wat mevrouw Onclin zegt – erover praten in het Zaanstad Beraad. Er kunnen allerlei voren en tegens opgeroepen worden, maar ik ben ervan overtuigd dat een stickertje op een bootje niet helpt om snelvaren tegen te gaan. En mijnheer Van der Laan, het is zo, u zegt: er moet duidelijkheid komen in of een betere herkenning zijn bij de registratie die nodig is voor bootjes die sneller varen dan 20 kilometer. Dat is gewoon wettelijk vastgesteld,

hoe groot en hoe dik die letters moeten zijn. Dat is een goed systeem en de politie die moet dat ook handhaven. Als er snel gevaren wordt moeten die booteigenaren bekeurd worden, daar is geen misverstand over. Maar het gaat erover, Wormerland heeft een heel goed systeem en er zijn heel veel meer gemeentes die een goed systeem hebben. Dan heb ik het niet over dat vignet, maar dan heb ik het dat een aantal keren per jaar worden er in het stadsblaadje foto’s gezet van bootjes die onder water liggen, die verwaarloosd zijn. Mensen hebben zes weken de tijd om het bootje weg te halen, anders wordt het vernietigd. Daar hoef je helemaal geen stickertje voor nodig te hebben. Maar die discussie moeten we gewoon fatsoenlijk voeren in een Zaanstad Beraad, dus nogmaals ook de oproep van mij: haal hem alsjeblieft hier van de agenda af. Dan carbidschieten, er worden al zoveel dingen ons ontnomen, tradities, dus laten we dit nou in ieder geval intact. Dus wij zullen daarvoor stemmen. Dan nog voor lachgas. Democratisch Zaanstad is al enige tijd bezig geweest met het onderwerp, we hebben daar ook diverse schriftelijke vragen over gesteld, dat we ons zorgen maakten over de verkoop van lachgas bij schoolfeesten. Dus wij zullen dit amendement ook van harte steunen. Tot zover. De plaatsvervangend voorzitter: U hebt een interruptie van mevrouw Schuttevaer, ROSA.

Mevrouw Schuttevaer (ROSA): Dank u, voorzitter. Ik zat al een hele tijd met mijn hand omhoog, ik wou reageren op dat kostenneutraal al, dat daar de kosten van het opruimen van de bootjes in meegenomen zouden moeten worden. Dat kan ik me niet voorstellen, maar dat hoor ik ook graag van de portefeuillehouder, want dat vind ik niet vallen onder kostenneutraal. Verder heb ik een evaluatie gelezen van Wormerland waarin ze juist heel enthousiast waren over het vignet, maar wel samen met een goede voorlichtingscampagne, dat wel. Maar er was veel minder hardvaren geconstateerd sinds de invoering van het vignet, dus dan hebben we andere informatie. Dank u wel. De plaatsvervangend voorzitter: De heer Wit, CDA. De heer Wit (CDA): Dank, voorzitter. Telefoonboek, ook met allerlei begrippen. We zitten gewoon in een speciaal jaar en daar komen begrippen als carbidschieten om de hoek, ook lachgas is iets heel specifieks. Dat gaat ons ook om het signaal dat de gemeente uitstraalt met die opname in de APV. Dus carbidschieten, los van het feit dat het een beetje carnaval is boven de rivieren, carbidschieten is beter nu te verbieden, want voorkomen is beter dan genezen. Dus wij zijn niet voor dat amendement, lachgas wel.

En inderdaad, hoe vaak komt het voor dat het college een raadsvoorstel verandert, een artikel terugtrekt? Wij hadden een amendement ingediend om dat te bewerkstelligen, die hebben wij ingetrokken, omdat het college zelf heeft gezegd: we trekken het in. Dan moeten we niet nu als raad weer – en daar ben ik het eens met mevrouw Onclin – het Zaanstad Beraad overdoen en toch allerlei vragen gaan stellen die terugkomen in het Zaanstad Beraad als we dit gaan bespreken. Dus wij zullen die … Wij hopen dat het amendement, beide amendementen worden ingetrokken. Dat is een goed signaal en niet nu in stemming brengen. Dank u. De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Köseoglu. Mevrouw Köseoglu (PvdA): Dank u wel, voorzitter. Iedereen heeft het over warm en koud vandaag. Ik merk dat ik het koud begint te krijgen, maar ik probeer een warme bijdrage te leveren. Even kijken. Ik wil toch nog even wat zeggen over de straatintimidatie. Ik denk dat het u allemaal niet zal verbazen dat we natuurlijk het jammer vinden dat dat artikel wordt geschrapt, maar er ligt nou eenmaal een uitspraak van het hooggerechtshof en dat valt blijkbaar onder vrijheid van meningsuiting. Desalniettemin zijn we wel blij met de toezeggingen van de portefeuillehouder als het gaat om lobby richting Den Haag om ook dit probleem aan te kaarten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9617879/1