02b. L0968 Omnia Wonen visitatierapport 2021.pdf
Tekst van het document
51
De overige gemeenten waarderen de relatie als voldoende. Voor Amersfoort geldt dat recent de beslissing van de corporaties om de bestuurlijke prestatieafspraakgesprekken on hold te zetten dit oordeel kleurt. De houding van Omnia Wonen in deze impasse was er vooral een van achterover leunen, waardoor de gemeente onevenredig veel energie heeft moeten steken in het gespreksproces weer op gang krijgen. Deze situatie is nu achter de rug, met een vernieuwde overlegstructuur als positieve opbrengst. Om tot een hoger oordeel te komen is meer wederzijds investeren in de relatie nodig. De gemeente geeft aan dat het belang van de relatie niet zo snel gecompenseerd wordt door de verbeterde professionaliteit binnen de Omnia Wonen-organisatie. De vele personeelswisselingen maken de organisatie kwetsbaar en dit komt haar slagkracht niet ten goede. Het zou een voordeel zijn als er “dedicated” collega’s met eigen mandaat per gemeente beschikbaar zijn. Gemeente Woudenberg plaatst als kanttekening bij haar 6,0 dat de relatie vooral dankzij de grote investering van de gemeente zelf de goede kant op beweegt. Ook gemeente Oldebroek benadrukt het belang van wederzijdse investering in de relatie. Het renovatieproject de Bloemenhof wordt als concreet bijvoorbeeld aangehaald. Dit project was pas in zeer laat stadium bekend bij de gemeente, namelijk bij het verkrijgen van de vergunning.
Tegelijkertijd was bij Omnia Wonen niet bekend dat de gemeente hier een warmtenet wijkaanpak uitgerold heeft. Gelukkig blijken de energetische maatregelen en ‘no regret’ maatregelen elkaar niet in de weg te staan en kunnen ook particuliere huisbezitters nog participeren in dit lang lopende verduurzamingsproject. De relatie is weer bestendigd vanuit de afspraak oud zeer niet meer op tafel te brengen. Vanuit deze intentie kan het vertrouwen opnieuw opgebouwd worden om de verhouding gemeente-corporatie beter in balans te krijgen. Omnia Wonen en haar huurdersorganisatie zijn altijd hechte partners. De SHOW onderbouwt haar oordeel van een 6,5 met de toelichting dat het het laatste jaar van deze visitatieperiode stroever dan zij gewend zijn verliep. Door de fusie in combinatie met een reorganisatie die nog niet achter de rug was, de impact van de invoering van een nieuw ICT-systeem en het gemis van intensief contact tijdens de coronacrisis, speelde er teveel tegelijkertijd. Dit had zijn weerslag op de onderlinge relatie, maar de relatie blijkt tijdens het visitatiegesprek alweer hersteld. De goede basis tussen corporatie en huurdersorganisatie maakte een pittig gesprek op bestuurlijk niveau mogelijk, met de uitkomst dat iedereen weer goed geïnformeerd en naar tevredenheid met elkaar aan de slag is.
De collega-corporaties spreken met gemiddeld een 7,3 uit dat de relatie en communicatie ruim voldoende is. Zodra het moeilijker wordt, vindt op tactisch niveau afstemming plaats hoe de volgende stap in de samenwerking te kunnen zetten. Verbetering ligt vooral besloten in meer transparantie en toelichting op de strategie die Omnia Wonen in haar interne organisatie aan het uitrollen is. De bestuurlijke contacten krijgen van de vastgoedpartners een 8,0 terwijl het commitment van collega’s in de uitvoering met een 6,0 wordt beoordeeld. De werkvloer heeft nog meer van de professionalisering die is ingezet nodig om dezelfde 8,0 te krijgen. De zorg- en welzijnspartijen vullen hierop aan dat zij de indruk hebben dat de medewerkers onder grote tijdsdruk staan om de relatie in de communicatie warm te houden. Zorgcentrum Oranjehof benadrukt dat de communicatie beter kan en moet. Sinds de reorganisatie bestaat er onduidelijkheid over de lijnen en contactpersonen in de organisatie.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
52
Zorggroep Noordwest-Veluwe en Woonzorgnet Nunspeet onthouden zich respectievelijk van een oordeel en geven een onvoldoende. Feitelijk bestaat er op dit moment wat hen betreft geen relatie met de corporatie. Relatie en communicatie vormen een blanco terrein dat zich nog moet ontwikkelen en bewijzen. Vanuit ervaring uit het verleden zijn beiden hierbij optimistisch over de groei die mogelijk is en doen met hun deelname aan het visitatiegesprek vooral een uitnodiging hiertoe. c. Tevredenheid over de mate van invloed op het beleid van de corporatie De belanghebbenden beoordelen dit onderdeel gemiddeld met een 6,5 als voldoende tot ruim voldoende. De tevredenheid op dit onderdeel ligt voor een belangrijk deel besloten in de waardering die de huurdersorganisatie SHOW (een 6,5), de gemeente Nunspeet (een 7,0) en een van de vastgoedpartners (een 7,5) uitspreken. Overige belanghebbenden geven geen oordeel, omdat de relatie op communicatievlak eerste vorm dient te krijgen om van invloed te kunnen spreken, of zijn met een 6,0 en een enkele 5,0 in minder mate te spreken over de invloed die zij ervaren op het beleid van de corporatie. In de manier waarop Omnia Wonen haar huurdersvertegenwoordiging betrekt bij beleid vindt de SHOW vooral in de beginfase van beleidskeuzes of projecten gehoor. De corporatie verstrekt voldoende informatie en luistert aandachtig.
Dit wil niet zeggen dat de huurderstandpunten altijd gehoord worden. De waardering kan hoger uitpakken als in de vervolgfasen van beleidsontwikkeling ook ruimte voor betrokkenheid zou bestaan. De SHOW spreekt de behoefte uit om ook in een later stadium nog wat op- en aan te kunnen merken. Nu is dit als gevolg van strikte piketpaatjes die al in het Managementteam zijn geslagen, niet aan de orde. Gemeente Nunspeet vindt de inspraak ruim voldoende. Kanttekening hierbij is dat dit onderdeel duidelijk verminderd is ten opzichte van de voorgaande visitatie. Dit is ook terug te zien in de beoordeling van andere belanghebbenden. Lenferink is als vastgoedpartner met een 7,5 goed te spreken over de invloed die de ketenpartners de afgelopen periode hebben gekregen. Zij worden beter ingezet op het specialisme waarvoor ze onderdeel van de keten zijn. Uit een uitgebreide ketensamenwerkingsevaluatie in 2020 komt verder naar voren dat de doelstellingen uit het ondernemingsplan een goede doorvertaling krijgen naar wat dit concreet betekent voor de vastgoedketen. Positief is ook het vormgeven van de verbeterrichtingen die uit de evaluatie komen, zoals het inrichten van de nieuwe functies op vastgoedcoördinatie en nietplanmatig beheer en de focus op wat klanten nodig hebben als richtinggevend principe.
De zorgpartners benadrukken nogmaals dat zij het een gemis vinden dat Omnia Wonen onvoldoende met hen optrekt in visie- en strategievorming, met name op het terrein van innovaties en seniorenhuisvesting. Buurtbemiddeling stelt als voorbeeld voor het ontbreken van beleidsinvloed dat de leefbaarheidssignalen over slecht tuinonderhoud geen opvolging uit de organisatie krijgen. Het minst te spreken over invloed op het beleid is de gemeente Woudenberg. Bij deze onvoldoende spreekt de gemeente vooral uit dat zij in de samenwerking tegen de uitleg aanloopt dat de gemeente onvoldoende begrijpt hoe het werkt in de corporatie sector.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
53
Ook Amersfoort wenst als gemeente meer mogelijkheden voor beleidsbeïnvloeding. In haar optiek is dit voor een belangrijk deel op te lossen door elkaar beter te leren kennen en meer mee te nemen in het denkproces dat schuilgaat achter beslissingen. Juist in de fase die voorafgaat aan invloed, ligt in de betrokkenheid van gemeente en corporatie als natuurlijke samenwerkingspartners meerwaarde besloten.
4.3
Verbeterpunten van belanghebbenden
Belanghebbenden zijn gevraagd om verbeterpunten mee te geven aan de corporatie. De door belanghebbenden genoemde verbeterpunten en tips zijn hieronder onderverdeeld naar de verschillende groepen die zij vertegenwoordigen. Daarbij geven meerdere belanghebbenden aan dat zij hun opmerkingen vooral zien als stimulans voor de corporatie om op de ingeslagen weg door te gaan.
Huurdersorganisatie De SHOW geeft Omnia Wonen twee punten als belangrijkste verbeterrichting: – Opnieuw in een vroeger stadium betrokken worden bij huurdersinspraakdossiers, zoals zij uit recent verleden meer gewend is geweest. – Het verbreden van de visie op kwalitatief hoogwaardig bezit; kwaliteit kan ook aangevlogen worden door bijvoorbeeld in te zetten op circulair bouwen en alternatieve productontwikkeling. Collega-corporaties De collega-corporaties zien de professionalisering van de organisatie en geven Omnia Wonen binnen de ingezette ontwikkeling het volgende mee: – Pak de ruimte in het verder brengen van de ingezette professionalisering. Door positionering naar buiten toe, waarbij de strategische agenda niet alleen stevig door de bestuurder gedragen wordt, maar zich blijft doorvertalen naar de interne organisatie (deltaWonen en Woningstichting Putten) – Om de professionalisering verder waar te maken, is het van belang nog meer en beter te kiezen waarvan je als corporatie wilt zijn; o Wees transparant over je intenties en op welk vlak je deze misschien niet volledig zelf kunt waarmaken (UWOON). o Baken bij het keuzes maken je grootte in verhuureenheden aantal niet af, maar maak je keuze per gemeente en kijk vervolgens pas wat dit betekent voor een passende organisatie omvang (Woningstichting Putten).
o Vraag je af of het haalbaar en wenselijk is om met deze organisatieomvang in zo’n breed werkgebied evenveel aanwezig te willen zijn en blijven. Vraag je af hoe groot je wilt zijn als netwerkpartner en stel het oppakken van de opgave centraal. Met de drie collega-corporaties is het op deze manier gelukt om in Amersfoort veel voor elkaar te krijgen (Portaal). o Vanuit bedrijfskundig oogpunt lijkt Omnia Wonen voor een ingewikkelde strategie te kiezen: zowel een beheer- als een ontwikkelopgave, terwijl die vragen om twee verschillende organisaties. De organisatie probeert die nu in een hybride vorm te gieten. In combinatie met de organisatieomvang en sturing op bedrijfslasten is dit een pittig vraagstuk dat mogelijk om keuzes vraagt (deltaWonen).
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
54
–
– –
–
Als je wilt blijven groeien in aanwezigheid in een grote stad, heb je ook na te denken wat dit betekent voor de organisatie. Zorg dat je meer beeld krijgt bij de organisatie van de gemeente, het lokale netwerk en de gemeenschap om beter te kunnen aanvoelen wat er nodig is (Portaal) Om de opgaven in Amersfoort waar te maken, is vanuit Omnia een versterking op assetmanagement nodig (Portaal) Heb aandacht voor het gezamenlijk maken van de portefeuille. Goede samenwerking kan ervoor zorgen dat je meer op zaken in kunt spelen. Zoals in Oldebroek, bij de overname voormalige voorraad met achterstallig onderhoud (deltaWonen) Verbeter de communicatielijnen in de organisatie, nu is het vaak zoeken met wie het gesprek te voeren aan welke tafel. Voor een deel is dit het gevolg van verloop, maar het lijkt ook een kwestie van strategische personeelskeuzes (UWOON).
Gemeenten De verbetersuggesties verschillen per gemeente en zijn daarom in onderstaande opsomming per gemeente geclusterd: Amersfoort – Blijf werken aan je zichtbaarheid in samenspel met de andere corporaties. Kijk hierbij of je elkaar kunt helpen, zie bijvoorbeeld Omnia Wonen die investeringscapaciteit beschikbaar stelt voor Amersfoort als kernregio, terwijl collega-corporatie de Alliantie voor grote investeringen staat in de opgave haar verouderd bezit te moderniseren. – Verbeter de interne communicatie vanuit het doel dubbele gespreksvoering extern te voorkomen. Interne lijnen binnen de corporatie lijken niet vanzelfsprekend te lopen, met als gevolg dat bestuurlijk vaak dezelfde discussie wordt opgepakt als ambtelijk al plaats heeft gevonden. Nunspeet – Zet alles op alles om de slaagkans van woningzoekenden te vergroten. Blijf bij het verkennen van nieuwe kansen om doorstroming te bevorderen niet steken in systeemdenken. – Denk na over de mogelijkheid om ook herstructurering toe te passen voor de kerngebied gemeenten en niet alleen voor de grote stad. – Vraag je vanuit aanspreekbaarheid en stellingname in woningmarktregio discussies en afspraken af of je echt een rol kan en wil spelen in de grote stad, terwijl je vooral een plattelandscorporatie bent.
– Vergeet de verduurzamingsdoelstelling niet; dat in 2018/2019 al grotendeels label B behaald is en dat extra toevoeging van nieuwe voorraad boven verduurzaming gaat, kan niet blijvend het antwoord zijn. – Behoud in de fusieorganisatie een evenwichtige man-vrouw balans, omdat dit als het één kant op slaat zijn weerslag kan hebben op de manier waarop er naar de opgaven gekeken wordt. Woudenberg – Voorkom te grote versnippering in contactpersonen, het is lastig om voor ieder detail een andere collega nodig te hebben. Het versnelt processen als medewerkers weten wat hun speelruimte is. – Stroomlijn de processen in het algemeen en het prestatieafsprakenproces in het bijzonder naar een standaardformat. Heb daarbij wel oog voor het perspectief van de gemeente.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
55
– –
Vergroot de nu beperkte deelname aan het sociaal wijkteam in de Kleine Schans en neem daarin het belang van lokale zichtbaarheid mee. Heb aandacht voor de kloof in kennis tussen de SHOW en de lokale huurdersorganisatie HBVW, biedt de leden van de HBVW de mogelijkheid om ook actief een bijdrage te leveren aan huurdersbetrokkenheid.
Oldebroek – Verhoog de duurzaamheidsambities, omdat dit landelijk als een rol van de corporatie beschouwd wordt. – Bied meer transparantie in de planvorming, zowel op middel als meerjarige termijn. – Zorg dat de uitvoering binnen Omnia Wonen mee kan lopen in de focus die je pakt op de volledige breedte van de kernregio. – Pas op met de oproep uit de position paper om over grenzen heen te kijken, dit is een te makkelijke conclusie voor een regionaal opererende corporatie. Vanuit de gemeente is deze oproep alleen herkenbaar voor urgente en spoedzoek-woonvragen.
Zorg en ketenpartners Partners in zorg en welzijn zien zichzelf als de natuurlijke partner van woningcorporaties, maar zitten niet bij de prestatieafspraken aan tafel. De belangrijkste aanbeveling richting Omnia Wonen is dan ook om een actieve rol te pakken om deze partners in enige vorm aan de voorkant in het proces te betrekken. Verder vragen zij vooral de volgende aandachtspunten: – Het opstellen van een gezamenlijke strategische zorgagenda, om samen in te springen op de sterke vergrijzingsopgave en om samen visie te ontwikkelingen op de aanname dat met name de druk op extramurale zorg zal blijven groeien. Zie zorg- en welzijnsorganisaties niet alleen en passant als samenwerkingspartners en benut bestaande overlegvormen zoals het Platform Wonen, Welzijn en Zorg van Inwoners gemeente Nunspeet (Zorggroep Noordwest-Veluwe) – Zorgcentrum Oranjehof Nunspeet wil in gezamenlijkheid vooral nadenken over de toekomstbestendigheid van wonen voor senioren. – De belanghebbende zorgpartijen doen de oproep het nog meer proactief met hen in contact te staan. Het lijkt er voor hen nu op of Omnia Wonen de instelling hanteert “geen bericht is goed bericht”. Opvolging van vragen en onderhoudsklachten schiet tekort, met name op klimaatbeheersing. Zorggroep Noordwest-Veluwe mist de compassie van Omnia Wonen om bij bepaalde problemen in de gebouwen naar oplossingen te zoeken.
– Helpend in het vernieuwen van de contacten zou zijn de voormalige Lente bijeenkomst weer te organiseren. Deze bijeenkomst bood de waardevolle gelegenheid om actuele vraagstukken en thema’s bespreekbaar te maken en onderling contacten te leggen, ook met de huurdersorganisatie. – Voor Woonzorgnet Nunspeet vormde het werkbezoek vanwege moeizame uitstroom uit maatschappelijk opvang een van de eerste contactmomenten met de corporatie en start van de samenwerking op dit onderwerp. Resultaten hierop zijn vooral ontstaan vanuit een regionale aanpak, met heldere afspraken en niet zozeer toe te schrijven aan inzet van Omnia Wonen zelf. De doelgroep kent een bepaald onvermogen om zaken zelf te regelen, de organisatie en dienstverlening van Omnia Wonen is hier onvoldoende op ingericht om hier rekening mee te houden. – Buurtbemiddeling vraagt zich af of de corporatie open staat om projectmatig innovatie op te pakken, zoals bijvoorbeeld een project rond woonvaardigheden voor recent gehuisveste statushouders.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
56
–
In lijn met de gemeenten zijn ook de vastgoedpartners van mening dat duurzaamheid meer focus, ambitie en een concrete Co2 strategie verdient. De voorbeelden waar Omnia Wonen wel duurzaamheidssprongen in de vernieuwing van haar bezit maakt, zijn niet beleidsgestuurd ingezet, maar het gevolg van het inspelen op de gevraagde betaalbaarheidsfocus door inzet van – bijvoorbeeld prefab – producten van de ketenpartners.
Omnia Wonen De corporatie realiseert zich dat er altijd ruimte voor verbetering is en heeft in de gesprekken met de visitatiecommissie dan ook een aantal aandachtspunten benoemd: – Omnia Wonen heeft haar huurders in Assen, Nunspeet of Den Haag even lief, ondanks de aangescherpte focus op de gemeenten die onder de definitie kerngebied vallen. Zij realiseert zich dat dit weerslag heeft op de relatie met stakeholders en vindt het daarom van belang om blijvend naar oplossingen te zoeken die de verschillen in aanwezigheid wegnemen, zoals dit bijvoorbeeld lukt in: o Arnhem, waar Omnia Wonen zelf niet deelneemt aan de huisbezoeken die plaats vinden bij probleemgezinnen, wel zijn er afspraken gemaakt met de lokale collegacorporaties zodat Omnia Wonen huurders in dezelfde aanpak meedraaien. o Den Haag is onlangs aangesloten op de woonruimte verdeelorganisatie Haaglanden, terwijl Omnia Wonen niet rechtsreeks deelneemt aan de managers tafels, afstemming over haar inbreng heeft de corporatie geregeld via een collegacorporatie. – Deze laatste oplossing van vertegenwoordiging door andere collega-corporaties is op de langere termijn wellicht lastig houdbaar, want Omnia Wonen is niet overal in staat iom actief haar beurt te pakken. – Woudenberg kent lokale verankering tot in de haarvaten, dit is zowel de historie van de gemeente als van voormalig Vallei Wonen.
In de veranderingen die de fusie met zich meebrengt, is het vooral zoeken naar de juiste balans tussen het tonen van eigenaarschap versus de inzet voor een veelheid aan doelgroepen en casuïstiek, die soms tegenstrijdige behoeften met zich meebrengt. – Omnia Wonen realiseert zich dat zij meer op het gebied van wonen en zorg kan presteren en weinig verbinding met de zorgpartijen heeft opgebouwd afgelopen jaren. De uitdaging ligt bij voldoende balans in het “halen en brengen” en keuzes maken in het speelveld dat erg divers is per gemeente. –
Tot slot begrijpt de corporatie dat haar ICT-transitie nog aandacht vraagt. Aan de ene kant is binnen de interne automatisering moderniseren de inzet, aan de andere kant vindt digitalisering plaats in de vorm van kanaalsturing voor de bewoners. Dit ging gepaard met het afschaffen van de lokale woonwinkels. Hier hoopte Omnia Wonen tegenover te zetten dat woonadviseurs meer ruimte krijgen om naar de bewoner toe te gaan. Helaas is dit tot nu toe minimaal gelukt doordat de druk op telefonisch contact in eerste instantie juist groter werd.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
57
5
Presteren naar Vermogen
Dit hoofdstuk gaat over de financiële prestaties van Omnia Wonen, gemeten naar visie en prestaties op het gebied van de vermogensinzet. In dit hoofdstuk staat de vraag centraal of de corporatie voor het realiseren van maatschappelijke prestaties haar vermogen verantwoord inzet en optimaal gebruik maakt van haar financiële mogelijkheden, gebaseerd op een onderbouwde visie en zonder haar voortbestaan op het spel te zetten. Pr est er en n aar Ver mog en
Vermogensinzet
5.1
Ci jfer
W eg in g
8 ,0
100%
Beoordeling van de vermogensinzet van Omnia Wonen
De commissie beoordeelt de verantwoording en motivering van de corporatie op de inzet van haar beschikbare vermogen voor maatschappelijke doeleinden met een 8,0 als goed. In Visitatiemethodiek 6.0 ligt het zwaartepunt op de mate waarin de corporatie de inzet van haar beschikbare vermogen voor maatschappelijke prestaties verantwoordt en motiveert. Omnia Wonen denkt goed na hoe zij haar vermogen in wil en kan zetten. Omnia maakt hierin heldere keuzes, gebaseerd op de ambities die beschreven staan in de twee opeenvolgende ondernemingsplannen die de corporatie gedurende deze visitatieperiode kent. De strategische keuzes vinden vervolgens verdere onderbouwing in onderliggende beleidsstukken, zoals de jaarplannen, de visie op duurzaamheid en het huurbeleid. Waar nodig worden er specifieke uitvoeringsprogramma’s opgesteld en de financiële kaders vormen een vast onderdeel binnen deze stukken. De corporatie doet haar best te waken dat de beleidsstukken niet tot papieren tijgers verzanden. Naar aanleiding van het vaststellen van de portefeuillestrategie is bijvoorbeeld een notitie over de sturing op de portefeuillestrategie opgesteld. Hierin krijgt het doel van de strategie expliciete doorvertaling naar uitvoering, monitoring en eventueel tijdige bijstelling.
Voor de realisatie gaat naast uitvoeringsprogramma’s in dit geval extra aandacht naar de benodigde aansturing; binnen de vastgoedafdeling is de portefeuillemanager een nieuwe rol die verantwoording draagt voor het strategisch, tactisch en operationeel aansturen van de gehele portefeuillestrategie. Vanuit de belanghebbenden spreken de vastgoedpartners hun waardering uit over de interne ontwikkeling naar professioneel en planmatige portefeuillebeleid. Vooral positief aangezien het de risico’s in de werkwijze – zoals de verrassing van meerdere aandachtscomplexen met achterstallig onderhoud – wegneemt. Als vervolg op de strategie is de corporatie nu met haar ketenpartijen KPi’s aan het definiëren, om te kunnen excelleren in de operatie en de strategische doelstellingen te kunnen behalen. De gepaard gaande product- en contractvernieuwing brengt een vernieuwing van de samenwerkingsovereenkomsten met zich mee, waarin de wederzijdse belangen samenkomen. De managementletter geeft aan dat de interne beheersing voldoende tot goed georganiseerd is. De in functie zijnde controller versterkt de professionaliseringsslag die de organisatie doormaakte sinds enkele jaren.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
58
Met de constatering vanuit het WSW dat Omnia Wonen een laag tot gemiddeld risicoprofiel heeft, in combinatie met het ontbreken van opmerkingen vanuit de Autoriteit Wonen, blijkt dat de corporatie haar financiële aansturing op orde heeft en de financiële ratio’s op orde zijn. Het enige aandachtspunt van de Autoriteit -om het portfoliobeleid uit te leggen in het transitieprogramma- baart de corporatie geen zorgen. De organisatie heeft een stevig plan met een bewuste strategie, waarbij zij financieel binnen de ratio’s weet te blijven. Hiermee geeft zij invulling aan de bestuursopdracht van afgelopen jaren om een bedrijfsgezonde vernieuwing aan te gaan. Perspectief ligt bij het afstoten van de buitengebieden, dit perspectief gaat echter voor de baten uit, want dit vraagt veel van de organisatie, zoals uitbreiding op bepaalde specialismes. Naar het oordeel van de commissie heeft Omnia Wonen de portefeuille strategie inmiddels goed verankerd en financieel onderbouwd, en is de organisatie op alle niveaus hieraan gecommitteerd. Omnia stuurt bewust op doelmatigheid zodat meer middelen voor de maatschappelijke doelstellingen ingezet kunnen worden. De Aedes-benchmark laat zien dat de corporatie doelmatig opereert, De inspanningen om efficiënter te gaan werken werpen hun vruchten af.
De bedrijfslasten bij Omnia Wonen zijn verder omlaag gegaan van € 729,- per verhuureenheid in 2018 naar € 661,- in 2019 en ook in 2020 liggen ze ruim onder het gemiddelde van de sector dat op € 785,-per verhuureenheid zit. Bestuur en raad van commissarissen geven aan dat het eind van verdere verbetering van de doelmatigheid in zicht is. Een optie die serieus is onderzocht door de corporatie, is het uitbesteden van het beheer van haar woningportefeuille buiten de kernregio. Na de verrassende uitkomst dat dit tot hogere kosten zou leiden, is de zorgvuldig afgewogen beslissing genomen om het beheer in eigen hand te houden. Bij de beslissing werden ook de belangen van huurders meegenomen. Kanttekening hierbij is dat naar het inzicht van de commissie de keuze om het woningbezit op afstand te organiseren, ook marginaal beheer met zich meebracht, dat altijd goedkoper uitpakt. Daarnaast brengt bezit op afstand, minder zicht op het bezit met zich mee, getuige ook de ontdekking van het bestaan van verschillende aandachtscomplexen waar onderhoudsachterstand aangepakt moest worden. Conclusie: op basis van het voorgaande stelt de commissie vast dat Omnia Wonen voldoet aan de eisen voor een voldoende.
De commissie beoordeelt dit onderdeel als goed op basis van de volgende pluspunten: + De corporatie zet haar vermogen bewust zorgvuldig en actief in voor de gekozen prioriteiten in haar beleid. De focus van Omnia Wonen ligt op de gemeenten die zij tot haar kerngebied rekent en beschikbaarheid van voldoende sociale voorraad. Bouwen is daarmee het devies! De fusie met Vallei Wonen en eerder de overname van bezit van een collega-corporatie past in het eerste deel van de strategie. Met het recent vastgestelde portefeuillebeleid zijn de opgaven in het kerngebied vastgelegd, de financieringskaders bepaald en naar buiten toe transparant gemaakt. + Gedurende de visitatieperiode van afgelopen vijf jaar is daarbij duidelijk doorgepakt op de kernstrategie en is gelijktijdig een extra bijdrage geleverd aan de volkshuisvestelijke opgave in haar werkgebied door een fusie aan te gaan met Vallei Wonen. De corporatie nam hiermee een risicovol besluit, gelet op aandacht en tijd die de reeds ingezette professionaliseringsslagen – in de vorm van een reorganisatie inclusief nieuwe inrichting van de ICT-organisatie – daarnaast ook vroegen.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
59
+
Na het vaststellen van de woningmarktregio’s heeft Omnia Wonen zich voluit en met verve actief getoond in de gemeente Amersfoort en heeft daarbij vervolg gegeven aan de uitgesproken intentie om hier te willen en kunnen investeren.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
60
6
Governance van maatschappelijk presteren
Dit hoofdstuk gaat over de vraag of de corporatie goed en verantwoord geleid wordt. Bij governance spelen een aantal factoren een belangrijke rol. Dit zijn de kwaliteit van het besturen, het intern toezicht en de externe legitimatie. Governance Cijfer
Cijfer
Weging
6,5
33%
Maatschappelijke Rol RvC
8,0
33%
Externe legitimatie en verantwoording
7,5
33%
Strategievorming en prestatiesturing Strategievorming
7,0
Sturing op prestaties
6,0
- Externe legitimatie
7,0
- Openbare verantwoording
8,0
Gemiddelde score
6.1
7,3
Oordeel over de strategievorming en prestatiesturing
De beoordeling van de strategievorming en prestatiesturing bestaat uit twee meetpunten. Dit zijn: strategievorming en sturing op prestaties. De commissie beoordeelt de strategievorming en prestatiesturing met een 6,5 als ruim voldoende tot voldoende.
Strategievorming Bij de strategievorming beoordeelt de commissie of de corporatie een actuele lange termijnvisie heeft op haar positie en toekomstig functioneren voor het realiseren van maatschappelijke prestaties en dat deze zodanig is vastgelegd en vertaald naar doelen en activiteiten dat deze te monitoren zijn. De commissie beoordeelt dit onderdeel met een 7,0 als ruim voldoende op basis van onderstaande overwegingen. In de afgelopen visitatieperiode is een aantal belangrijke strategische documenten opgesteld. Omnia Wonen heeft haar strategie beschreven in haar ondernemingsplannen: ‘Waar het echt om gaat’ voor de periode 2015–2018 en ‘Iedereen een thuisbasis’ als actuele beleidsperiode 2019–2022. Het strategieplan voor de periode 2015-2018 werd aangescherpt in 2016 naar aanleiding van de nieuwe Woningwet. Jaarlijks krijgt de strategie een doorvertaling naar een organisatie breed jaarplan en begroting. Andere koersdocumenten die een rol speelden zijn het beleid voor risicomanagement, de visie op duurzaamheid, de visie op wonen welzijn en zorg en de verdieping van de ketensamenwerking. De portefeuillestrategie 2020-2030 werd inclusief het bijbehorende financieringsbeleid, die de strategie van door verkoop bekostigde nieuwbouw onderbouwt, in het laatste jaar van deze visitatie vastgelegd en vastgesteld.
De corporatie kent een gedegen proces van strategie en visievorming naar concrete doelstellingen. Jaarlijks worden de strategische risico’s van de organisatie vastgesteld. Dit doet de corporatie door middel van een aantal gesprekken met medewerkers.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
61
Deze methode draagt naast een actualisatie van de risico’s ook bij aan het verrijken van het risicobeeld en het vergroten van het risicobewustzijn in de organisatie. De resultaten van visievorming binnen Omnia Wonen worden duidelijk aan de interne organisatie teruggekoppeld en ook de verankering in de raad van commissarissen is duidelijk zichtbaar. Uit het hoofdstuk over de belanghebbenden en hun oordelen, met name over beleidsbeïnvloeding blijkt dat de corporatie in haar strategievorming meer gebruik mag maken van de inbreng van haar stakeholders. Er is behoefte aan meer contact en soms nog aan kennismaking. Revitalisering van de Lente-bijeenkomst kan hier mogelijk uitkomst bieden.
Sturing op prestaties De corporatie volgt periodiek en systematisch de vorderingen van de voorgenomen maatschappelijke prestaties en stuurt bij indien zij afwijkingen heeft geconstateerd: In eerste instantie door acties om doelen alsnog te realiseren (1e orde sturing). In tweede instantie door de doelen zelf aan te passen (2e orde sturing). De commissie beoordeelt dit onderdeel met een 6,0 als voldoende. Omnia Wonen bewaakt de voortgang op de voorgenomen maatschappelijke prestaties met rapportages, waar met name de tertiaal bestuursrapportages als verantwoording richting de raad van commissarissen opvallen. In deze rapportages worden de resultaten uitgebreid toegelicht op basis van de planning van het jaarplan en wordt koppeling gemaakt met de strategie uit het ondernemingsplan. Verder worden de ontwikkelingen uit de verschillende gemeenten in het werkgebied en met name kerngebied gerapporteerd en besproken. Door middel van deze rapportages is de organisatie goed in staat haar vorderingen in samenhang te kunnen volgen en beoordelen. De commissie ziet dat Omnia Wonen al langere tijd op deze manier werkt en dat rapporteren en sturen op de prestaties onderdeel van het werk is. De commissie heeft onder meer in de verschillende aangeleverde documenten gezien en uit de gevoerde gesprekken opgemaakt dat de organisatie bijstuurt wanneer er afwijkingen worden geconstateerd.
Tijdens het transitieproject “Uitbesteden beheer buitengebied” werd bijvoorbeeld duidelijk dat de uitkomsten van de businesscase onvoldoende positief waren om te besluiten tot volledige uitbesteding van dit beheer. Het uitgangspunt dat Omnia Wonen zich door uitbesteding van beheer in het buitengebied beter zou kunnen concentreren op het kerngebied werd bijgesteld omdat onderzoek naar het effect van regiecorporatie worden, aantoonde dat dit efficiencyvoordelen in de bedrijfsvoering mogelijk zou maken. Een ander voorbeeld ligt bij de duidelijkheid en scherpe keuzes die vastgelegd zijn in de portefeuillestrategie. De corporatie is zich bewust van de impact van haar keuzes op de waardering van kerngemeenten, waar de focus naar uit gaat, en gemeenten in het buitengebied. Dit ontslaat de organisatie niet van haar plicht om zorg te dragen voor het geconstateerde achterstallig onderhoud. Ook in het buitengebied is fors geïnvesteerd in het toekomstbestendig maken van dit deel van de woningvoorraad.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
62
6.2
Oordeel over de maatschappelijke rol van de RvC
Bij de maatschappelijke rol van de RvC beoordeelt de commissie of de RvC zich aantoonbaar bewust is van zijn maatschappelijke rol als toezichthouder van een maatschappelijke organisatie in een lokaal netwerk en deze professioneel vormgeeft. De toezichtsbrief, waarin de governance inspectie wordt toegelicht die de Autoriteit Wonen in 2020 bij Omnia Wonen heeft uitgevoerd, geeft aan dat de organisatie voldoet aan de criteria voor good governance. RvC en bestuur werken al sinds 2018 met een gedeelde visie op toezicht en bestuur en evalueren deze jaarlijks. De RvC geeft op een professionele manier vorm aan zijn rol als toezichthouder en toont zich zo is de commissie gebleken bewust van zijn maatschappelijke rol. Omnia Wonen voldoet daarmee aan het ijkpunt voor een 6. De visitatiecommissie acht een hogere waardering gerechtvaardigd en beoordeelt dit onderdeel met een 8,0 als goed op basis van de volgende pluspunten: Actieve rol, kritisch stimulerende rol in strategievorming en klankbord richting het bestuur + De raad van commissarissen is zich bewust van de complexiteit en maatschappelijke opgaven waar Omnia Wonen zich voor gesteld ziet. Er is goed stil gestaan bij de strategische doelen en wat hiervoor aan organisatie nodig is. De raad van commissarissen werkt vanuit eenzelfde agenda.
De toezichtvisie geeft het belang aan om in een vroeg stadium de raad actief te betrekken en kaders voor de strategie gezamenlijk te bespreken, en wordt ook in praktijk gebracht. Deze werkwijze brengt de scherpte in het proces en leidt tot een goed gezamenlijk kader zonder de bestuurlijke verantwoordelijkheden aan te tasten. Deze plus zou nog sterker uitpakken wanneer het toezicht meer stil staat bij risicobeheersing in plaats van de tendens om in te springen op kansrijke mogelijkheden. Betrokken bij de regio + De leden van de raad van commissarissen hebben een brede spreiding over het werkgebied. Zij zijn daarmee samen bekend met het hele werkgebied en maken daarnaast optimaal gebruik van de ogen en oren die huurdersorganisatie de SHOW biedt. In het proces van prestatieafspraken wordt de raad meegenomen in verschillende gemeentelijke biedingen en kan de RvC zijn kennis van lokale situaties inbrengen. + In het fusieproces met Vallei Wonen hebben de commissarissen zich actief opgesteld in het bewaken van de belangen van alle stakeholders. Denk aan de bijzonderder aandacht voor de lokale huurdersvertegenwoordiging in Woudenberg naast de formele rol van de SHOW In Woudenberg naast formele rol van de SHOW.
Consequente zelfevaluatie + De raad houdt consequent zelfevaluaties, vaker dan voorgeschreven met externe begeleiding als jaarlijkse ijkmomenten voor professionele ontwikkeling van de raad. Ze heeft daarbij actieve aandacht voor de integratie van de nieuwe commissaris bij de fusie en de teamvorming binnen de RvC.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
63
Duidelijke visie op maatschappelijke rol + De raad van commissarissen laat zien dat zij zich bewust is van de maatschappelijke rol die zij vervult. Het werkveld van Omnia Wonen is breed en divers en de maatschappelijke opgaven zijn omvangrijk en complex. Van de commissarissen wordt maatschappelijke betrokkenheid gevraagd en de raad streeft naar diversiteit. Ieder van de leden van de raad laat een grote persoonlijke betrokkenheid zien en is bereid tijd te investeren in haar taak als commissaris. Er is sprake van veelzijdige expertises en de leden van de raad zijn betrokken op ambities, missie, strategie en belangenhouders. De RvC heeft, zo is de commissie gebleken, in de gesprekken zicht op wat er speelt bij externe belangenhouders in de lokale context. Toezicht krijgt de tijd en aandacht die nodig is en kent een goede balans met de klankbordrol voor het bestuur. De samenwerking tussen bestuur en commissarissen brengt scherpte aan. Contact met de SHOW + Tenslotte staat de raad van commissarissen in goed contact met de SHOW als huurdersvertegenwoordiging. De raad is trots op de mooie huurdersorganisatie die een belangrijke rol speelt in het zijn en uitdragen van Omnia Wonen haar portefeuillebeleid inclusief het onderscheid in kernregio en buitengebied.
Er is een goede relatie opgebouwd met de huurders, de raad telt drie commissarissen die de huurders vertegenwoordigen, er is een open lijn vanuit de RvC naar de SHOW waardoor men elkaar weet te vinden en commissarissen nemen actief deel aan de SHOW bijeenkomsten.
6.3
Oordeel over de externe legitimatie en openbare verantwoording
Bij de beoordeling van de externe legitimatie en openbare verantwoording kijkt de commissie naar hoe de corporatie belanghebbenden betrekt bij beleidsvorming en dialoog met hen voert over de uitvoering van beleid. Eveneens is van belang dat de corporatie inzicht geeft in de realisatie van de beleidsdoelen en hierover communiceert met relevante belanghebbenden. Er is sprake van twee meetpunten: externe legitimatie en openbare verantwoording. De commissie beoordeelt dit onderdeel met een 7,5 als goed. Externe legitimatie Bij externe legitimatie beoordeelt de commissie of de corporatie zorgt dat zij zich maatschappelijk verantwoordt en beleidsbeïnvloeding door belanghebbenden mogelijk maakt. De commissie constateert dat de corporatie consequent aandacht heeft voor het betrekken van de huurdersorganisatie bij het beleid en bij keuzes van de corporatie. De huurdersorganisatie wordt vanaf de start meegenomen en vervult een eigenstandige rol in het proces van prestatieafspraken met de gemeente. De commissie beoordeelt dit onderdeel met een 7,0 als ruim voldoende op basis van de volgende pluspunten: +
Omnia Wonen is in staat haar biedingen aan de gemeenten in haar werkgebied in verband te laten zien met de portefeuillestrategie en haar prestaties aan te laten sluiten op de hierin gemaakte keuzes. De intensieve wijze waarop de corporatie haar huurdersorganisatie weet te betrekken bij het beleid met aandacht voor de breedte van het werkgebied, en in staat zijn inhoudelijke verschilpunten te overbruggen.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
64
+
De intensieve wijze waarop de corporatie haar huurdersorganisatie weet te betrekken bij het beleid met aandacht voor de breedte van het werkgebied.
Openbare verantwoording Bij openbare verantwoording beoordeelt de commissie of de corporatie zich openbaar op een adequate en toegankelijke wijze verantwoordt. De commissie waardeert positief dat de corporatie op eigentijdse wijze openbaar verantwoording aflegt. Zij is hierbij erg actueel, zo zijn nieuwsberichten en jaarstukken snel online beschikbaar. De commissie beoordeelt dit onderdeel met een 8,0 als goed op basis van de volgende pluspunten: +
+
+ +
De toegankelijke manier waarop de corporatie via haar jaarverslag openbaar verantwoording afgelegd over de prestaties in dat jaar en deze aanvullend aantrekkelijk weet te presenteren via een beknopter jaarbericht met overzichtelijke infographics. De website van Omnia Wonen is een waardevolle bron van informatie over de activiteiten van de corporatie. Daarnaast zijn niet alleen haar jaarverslagen en populaire jaarberichten digitaal beschikbaar, maar is ook een uitgebreid overzicht van publicaties, beleidsstukken en brochures online te raadplegen. Omnia Wonen is actief op sociale media en benut Facebook, Twitter en YouTube om informatie te delen. De bestuurder van Omnia Wonen zoekt actief naar mogelijkheden om discussies te starten en verantwoording af te leggen in de pers en sociale media over voor Omnia Wonen belangrijke dossiers.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
65
Deel 3 Bijlagen bij het rapport
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
66
Bijlage 1 Onafhankelijkheidsverklaringen Raeflex Kierkamperweg 17B 6721 TE Bennekom Tel. 0318 – 746 600 secretariaat@raeflex.nl www.raeflex.nl Onafhankelijkheidsverklaring Raeflex B.V. Naam corporatie Jaar visitatie
: Omnia Wonen te Harderwijk : 2021
Raeflex verklaart hierbij dat de bovengenoemde visitatie in volledige onafhankelijkheid heeft plaatsgevonden. Raeflex heeft geen enkel belang bij de uitkomst van de visitatie. In de twee kalenderjaren voorafgaand aan de visitatie heeft Raeflex geen enkele zakelijke relatie met betreffende corporatie gehad. In de komende twee kalenderjaren na afloop van de visitatie zal Raeflex geen enkele zakelijke relatie met Omnia Wonen te Harderwijk hebben. Bennekom, 20 oktober 2020 drs. A.H. Grashof | directeur Raeflex
Onafhankelijkheidsverklaring leden van de visitatiecommissie Ondergetekenden, leden van de visitatiecommissie van Omnia Wonen te Harderwijk verklaren hierbij dat de visitatie van de corporatie in 2021 in volledige onafhankelijkheid heeft plaatsgevonden. Ondergetekenden hebben geen enkel belang bij de uitkomst van de visitatie. In de vier kalenderjaren voorafgaand aan de visitatie hebben ondergetekenden geen enkele zakelijke danwel persoonlijke relatie met de betreffende corporatie gehad. In de komende twee kalenderjaren na afloop van de visitatie zullen ondergetekenden geen adviesopdrachten of werkzaamheden uitvoeren bij deze corporatie. Daarnaast verklaren ondergetekenden de afgelopen vier kalenderjaren ook geen adviesopdrachten te hebben verricht voor de belangrijkste gemeenten waar de corporatie werkzaam is. Ondergetekenden verplichten zich ertoe om, zowel tijdens de uitvoering van de werkzaamheden als na beëindiging daarvan, geheimhouding te bewaren omtrent alle gegevens betreffende (enig deel van) de aangelegenheden van Raeflex en/of de betrokken opdrachtgever waarvan het vertrouwelijke karakter hem bekend is of had moeten zijn. Bennekom, 20 oktober 2020
de heer DH. Van Ginkel CMC | voorzitter
Bennekom, 26 oktober 2020
mevrouw N.S. Boudrie | algemeen commissielid
Bennekom, 26 oktober 2020
drs. J.M. van de Kreeke | secretaris
Bennekom, 25 november 2020
drs. C.H.B. Heemskerk | aspirant visitator
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
67
Bijlage 2 Curricula vitae Raeflex werkt met een netwerk van onafhankelijke visitatoren. Dit zijn professionals uit de wetenschap, de overheid en het bedrijfsleven. Een brede managementervaring en veel kennis en expertise op de gebieden financieel, bestuurlijk, volkshuisvesting, wonen en zorg, management, organisatieontwikkeling of corporate communicatie is bij onze visitatoren aanwezig. Raeflex hanteert een gedragscode voor alle visitatoren en secretarissen. Naast onze visitatiemethodiek borgen onze visitatoren de kwaliteit van onze visitaties.
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
68
Korte kennismaking Maatschappelijke organisaties, daar loop ik warm voor. Wonen, zorg, onderwijs en een goed openbaar bestuur vormen het fundament van onze samenleving. Vanuit mijn werk als bestuurs- en organisatieadviseur, toezichthouder en manager ken ik deze maatschappelijke organisaties. Met deze ervaring coach ik bestuurders en toezichthouders ‘in de boardroom’ en word ik geraadpleegd bij situaties in bestuurskamer. Woningcorporaties vormen een rode draad in mijn werk en leven. Ik volg de ontwikkelingen op de voet en ken de organisaties op alle niveaus van binnenuit. Die kennis en ervaring zet ik graag in voor visitaties. Ik leer nog iedere dag, en ben graag bereid anderen bij hun leren te ondersteunen.
Visitaties
Voorzitter D.H. van Ginkel (Dick) Specifieke deskundigheid
✓ Als manager/bestuurder: Ruime ervaring bij woningcorporaties en adviesorganisaties; coach voor raden van bestuur. ✓ Als adviseur: Ruim dertig jaar ervaring als bestuurs- en organisatieadviseur en manager voor maatschappelijke organisaties en het (semi) publieke domein. Adviseur voor toezichthouders en bestuurders voor governance vraagstukken. Coach en sparringpartner voor bestuurders en commissarissen in de volkshuisvesting, onderwijs en het openbaar bestuur. Organisatieadvies ervaring in complexe bestuurlijke en organisatorische contexten. Begeleider van opvolgingsvraagstukken aan de top. Coach voor burgemeesters en wethouders. ✓ Als toezichthouder.: Breed georiënteerde toezichthouder in wonen, zorg en welzijn; vaak als voorzitter, even graag als lid van een goed team. Bruggenbouwer, teamspeler, inspirator. Strategisch denken en doen, èn voeten in de klei. ✓ Ervaren visitator woningcorporaties.
Mijn ervaring met visiteren is divers. Vanaf 2003 ben ik bij Raeflex betrokken en heb ik zeker 50 visitaties uitgevoerd. Ik heb verschillende visitaties gedaan, bij kleine corporaties en bij grotere corporaties, meestal als voorzitter. De belangrijkste functie van visitaties is wat mij betreft tweeledig: de verantwoording van de prestaties en het lerende element van visitaties. Mijn kennis en kijk als organisatieadviseur en toezichthouder, neem ik mee naar visitaties. Ik richt mij bij visitaties op het aandachtsveld governance, maar dan wel in de brede betekenis. De maatschappelijke opgave in het betreffende werkgebied en de prestaties, waarmee de corporatie daaraan tegemoetkomt, horen daar net zo sterk bij als de kwaliteit van het toezicht.
Kort CV Opleiding • HEAO • SIOO (postdoctorale beroepsopleiding organisatie- en veranderkunde) en NPI (organisatieontwikkeling) Carrière 2005-heden Partner organisatieadviesbureau Consort 1989-2005 Partner en adviseur bij GITP 1977-1989 Diverse functies bij het NCIV, voorloper van Aedes Nevenfuncties 2014-heden Lid gemeenteraad Zeist (D66) 2014–heden Voorzitter Utrecht International Comedy festival 2011-heden Voorzitter RvT Spectrum Gelderland 2009-2015 Voorzitter RvT bij Stichting Thuiszorg Midden-Gelderland Arnhem 2008-heden Voorzitter redactie Management & Consulting 2005-2014 Voorzitter RvC bij Woningcorporatie de Kombinatie te Zeist 1993-2004 Voorzitter RvT Studentenhuisvesting Wageningen (Idealis) 1988–1996 Lid RvC Achtgoed Wonen en Bouwen
Meer informatie:
https://raeflex.nl/d-h-van-ginkel-cmcdick/
http://nl.linkedin.com/in/dickvanginkel
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
69
Korte kennismaking Nieuwsgierig naar de wereld van de woningcorporaties en aangetrokken door de doelen van volkshuisvesting ben ik in 2011 via de VTW ingestroomd. Met mijn achtergrond als arbeid- & organisatiepsycholoog heb ik als adviseur en onderzoeker in zeer verschillende bedrijfstakken en branches ervaring op mogen doen. Door de verschillende rollen en perspectieven profiteer ik van een groot inlevingsvermogen voor alle betrokkenen. Mijn jarenlange ervaring als procesbegeleider voor sociale partners maakt dat ik gewend ben aan het werken in een complexe politiek-bestuurlijke context. Als toezichthouder is mijn perspectief verder verbreed bij zowel een goed functionerende corporatie als een inzet vanuit de commissarissenpool. Mijn dagelijkse praktijk bestaat uit het ondersteunen van teams en medewerkers met een leervraag, een veranderkundige opgave, het onder de loep nemen van de groepsdynamica om als team (nog) beter te gaan functioneren.
Algemeen commissielid drs. N.S. Boudrie (Nathalie) Specifieke deskundigheid ✓ Bestuur en toezicht ✓ Teamontwikkeling ✓ Veranderkunde
Meer informatie:
https://raeflex.nl/n-boudrie-poll/
https://www.linkedin.com/in/nathali eboudrie/
Visitaties Mijn kijk is vaak van buiten naar binnen. Betrokken, maar wel vanuit een zekere distantie. Daarbij kan ik makkelijk schakelen tussen de perspectieven van alle belanghouders van de corporatie. Mijn achtergrond als psycholoog en coach helpen me daarbij. Wat ik bij wil dragen in de visitatie is mijn vermogen om makkelijk verbinding te maken met alle partijen. Met de inzet van mijn analyserend vermogen en als teamspeler zorgen dat we op een positief kritische wijze reflecteren met elkaar. Een uitspraak die ik daarbij vaak hanteer is: ‘de oplossing is het probleem niet’. Het gaat om de weg ernaartoe. En hoe die weg eruit kan zien, daar wil ik middels visitatie graag aan bijdragen.
Kort CV Opleiding • Arbeid- & organisatie psycholoog • Integriteit coördinator en vertrouwenspersoon • Een keur aan opleidingen in veranderkunde en coaching • VTW leergang aankomend commissaris Carrière 2009–heden Zelfstandig ondernemer als procesbegeleider, onderzoeker, coach en vertrouwenspersoon 2002–2009 Adviseur en directeur Orbis BV Advies- en Onderzoeksbureau voor sociale partners 1995–2007 Toegevoegd docent Universiteit van Amsterdam/Psychologie 1994–2002 A&O deskundige in de arbodienstverlening Nevenfuncties 2016–heden Commissaris bij Aboma 2013–heden Vrijwilligerswerk 2012–2020 Commissaris bij WoonopMaat
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
70
Korte kennismaking Met een achtergrond als cultureel antropoloog houd ik me graag bezig met het alledaagse binnen organisaties. In de afstemming tussen strategie, uitvoering en middelen, vinden op de werkvloer de processen plaats waar de strategie wordt gerealiseerd. Denken en doen komt hier samen. En het is deze alledaagse praktijk waar klantwaarde besloten ligt en ik mijn focus als organisatieadviseur gevonden heb. Van nature ben ik nieuwsgierig naar anderen en de verschillende manieren waarop mensen hun leven vormgeven. Helemaal als daar allerlei sociale vraagstukken bij komen kijken.
Visitaties Visitaties
drs. J.M. van de Kreeke (Janneke)
Bij Raeflex vervul ik vanaf 2018 de rol van secretaris en heb ik al meerdere visitaties uitgevoerd, waaronder een experiment visitatie bij Talis te Nijmegen. Een rol die mij goed past en vaak terugkeert in mijn opdrachten. Voor het oppakken van complexe sociale vraagstukken word ik doorgaans geacht overal wat van te weten en voelsprieten in de organisatie en bij haar samenwerkingspartners te hebben. Informatie tijdig en volledig samen te brengen, maar ook discreet en diplomatiek met al die kennis om te kunnen gaan.
Specifieke deskundigheid
Kort CV
Secretaris
✓ Brede kennis van sociaal maatschappelijke vraagstukken ✓ Kent verschillende publieke organisaties, zoals gemeenten en corporaties van binnenuit ✓ Ruime ervaring in verbeterprocessen
Meer informatie:
https://raeflex.nl/drs-j-m-van-dekreeke-janneke/
Opleiding • Sociale Wetenschappen || Culturele antropologie • Diverse trainingen gericht op organisatieverandering, adviesvaardigheden en opleiding tot Lean Black Belt voor de diensten- en publieke sector Carrière 2016–heden Adviseur bij Verbeterwerk 2013–heden Zelfstandig organisatie- en beleidsadviseur, bij voorkeur werkend op het snijvlak van publiek en private sector 2009–2015 Beleidsadviseur bij Woonlinie in Zaltbommel 2007–2008 Senior adviseur bij Stimulans, Centrum voor Maatschappelijke Ontwikkeling in Rotterdam 2006–2007 Onderzoek/veldwerk voor diverse mensenrechtenorganisaties in Cuba 2004–2006 Junior adviseur bij Centrum voor Integratiebevordering in Dordrecht
https://nl.linkedin.com/in/jannekeva ndekreeke
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
71
Korte kennismaking Mijn focus in de visitatie ligt op het benoemen van leerpunten, en vooral (toekomstige) opgaven en uitdagingen. Ik zie de visitatie als een moment om het eigen leren van de onderneming te versterken. Ik ben sterk analytisch-strategisch, vraag door en geef terug. Doel is tot een betekenisvol en verdiepend gesprek te komen. Ik ben daarbij een goed oog voor ieders behoefte en belang. Na mijn studie politicologie (UvA) werkte ik in lange tijd bovenop de politiek: eerst in Brussel (Europees Parlement), nadien tien jaar in Den Haag (BBO en Oxfam-Novib). De rode draad in mijn leven is mijn passie voor maatschappelijke vraagstukken, in het bijzonder in wonen, zorg en welzijn. Het moet ertoe doen.
Aspirant visitator
drs. C.H.B. Heemskerk (Conny) Specifieke deskundigheid
✓ Governance ✓ Leefbaarheid, wijkgericht werken en Wonen met Zorg ✓ Totstandkoming en kwaliteit van de prestatieafspraken ✓ Stakeholdermanagement en positie van de huurders in het bijzonder Meer informatie:
https://raeflex.nl/c-heemskerk/
www.ConnyHeemskerk.nl
Visitaties Sinds 2019 ben ik bij Raeflex betrokken en heb ik een inwerktraject doorlopen. Woningcorporaties zijn mij goed bekend. Ik ben op voordracht van de huurders actief als commissaris bij twee corporaties én ik ondersteun grootstedelijke gemeentes bij het tot stand komen van vitale coalities in wonen, zorg en welzijn. Ik ben tevens lid van het Expertteam Wonen en Zorg van de Rijksoverheid. Eerder werkte ik als manager bij Ymere en bij Aedes. Landelijk was ik actief betrokken bij de gesprekken over toezicht bij maatschappelijke ondernemingen in mijn rol als secretaris en lobbyist namens zes brancheorganisaties uit Wonen, Zorg, Welzijn en Onderwijs.
Kort CV Opleiding • Politicologie, Universiteit van Amsterdam (UvA), 1991 • Verandermanagement SIOO, 2014 • Verschillende trainingen en opleidingen i.v.m. toezichthouderschap Carrière 2014–heden Alliantiemanagement, Samenwerken in Wonen, zorg en welzijn 2009– 2014 Manager Wijkaanpak en Leefbaarheid, Ymere 2006–2009 Lid Management Aedes, Branchevereniging woningcorporaties 2003–2006 Senior Adviseur Maatschappelijk Ondernemen, Aedes 1996–2003 Senior en lid management Oxfam Novib, Den Haag 1994–1996 Senior Beleidsmedewerker en lobbyist BBO, Den Haag 1992–1994 Beleidsmedewerker PvdA Europees Parlement, Brussel Nevenfuncties • Lid RvC Kennemer Wonen, voordracht huurders, lid Renumeratiecommissie • Lid RvC Antonius van Padua, voordracht huurders, lid Vastgoedcommissie • Lid Expertteam Wonen en Zorg, RVO Nederland
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
72
Bijlage 3
Bronnenlijst
Geraadpleegde literatuur en schriftelijke bronnen
Perspectief
Aangeleverde documentatie van de gevisiteerde periode
Presteren naar
• • • • •
Opgaven en Ambities (PnOA)
• • • • • • • • •
•
Position paper Ondernemingsplan ‘Waar het echt om gaat’ 2015–2018 Addendum ondernemingsplan 2016 Ondernemingsplan ‘Iedereen een thuisbasis’ 2019–2022 Actuele woonvisies van gemeenten in het kerngebied; Amersfoort, Elburg, Harderwijk, Nunspeet, Oldebroek, Woudenberg Raamovereenkomst gemeente Elburg 2016–2021 Raamovereenkomst gemeente Harderwijk 2017-2022 Raamovereenkomst gemeente Nunspeet 2017-2021 Raamovereenkomst gemeente Oldebroek 2018-2023 Prestatieafspraken 2018-2020 voor alle gemeenten uit heel het werkgebied Activiteitenoverzichten 2018-2020 voor alle gemeenten uit heel het werkgebied Jaarplannen en begrotingen Jaarverslagen 2016-2020 Beleidsnotities over specifieke onderwerpen: • Beleid passend toewijzen 2015 • Beleid passend toewijzen zorgwoningen 2018 • Beleid statushouders 2015 • Huurbeleid 2016 & huurbeleid 2020 • Onderhoudsbeleid 2017 • Jaarplan onderhoudsorganisatie - verlagen onderhoudskosten 2017 • Visie op duurzaamheid 2018 • Visie op wonen, zorg & welzijn 2019 • Portefeuillestrategie 2020–2030 • Aangepast plan van aanpak uitbesteden beheer buiten gebied 2018 • Folder activiteitgericht werken 2018 • Mededelingen RvC corona maart & juni 2020 • Terug naar kantoor oktober 2020 • Voorstel evaluatie ketensamenwerking Omnia Wonen 2020 • Evaluatiematrix ketensamenwerking • Informatieboekje fusie Convenanten en/of samenwerkingsovereenkomsten: • Afsprakenkader Nunspeet
‘Toekomstig wonen’ 2020 • Convenant Beschermd wonen en maatschappelijk opvang Noord-Veluwe 2020–2023 • Convenant Buurtbemiddeling Harderwijk 2017–2021 • Convenant Housing first Noord-Veluwe 2020 • Convenant ter voorkoming van huurschulden en huisuitzettingen Nunspeet 2019 • Convenant Vroeg Eropaf Woudenberg 2020 • Convenant Woonvoorzieningen WMO Oldebroek 2015 • Hennepconvenant Midden-Nederland 2019–2022 • Landelijke convenant Vroegsignalering 2020 • Partnersamenwerking de Pionier Amersfoort 2020 • Samenwerkingsovereenkomst beheer Soesterhof Amersfoort 2020
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
73
Presteren volgens Belanghebbenden (PvB)
• • • • •
Presteren naar Vermogen (PnV)
Governance van maatschappelijk presteren
Rapportage traject ketensamenwerking Omnia Wonen en partners 2020 Verbeteracties ketens o.b.v. ketenevaluatie 2020 Verslagen van overleg met dagelijks bestuur van de SHOW Verslagen overleg met samenwerkingspartners; directeurenoverleg RNV Corporaties, Coördinatiegroep Huren Noord-Veluwe, SWEV-overleg Rapportages klanttevredenheidsonderzoeken; MTO 2017, Huurderstevredenheidsonderzoek 2019
• • • • • • • •
AW oordeelsbrieven 2016–2020 WSW beoordelingen 2016-2020 AW governance inspectie 2020 Jaarplannen en begrotingen Jaarrekeningen en jaarverslagen 2016–2020 Management Letters 2016-2020 Strategisch risicomanagement 2018, 2019 & 2020 Aedes-benchmarkcentrum (ABC): kengetallen en verloop daarin aan de hand van CiP 2016 en factsheets 2017-2020
• • • • • •
Tertiaalrapportages 2016-2020 Zelfevaluaties 2016-2020 Jaarverslagen 2016-2020 Relevante notulen RvC vergaderingen 2016–2020 Visie op besturen en toezicht houden 2018 Fusiedocument Omnia Wonen en Vallei Wonen, inclusief goedkeuringsdocumenten AW en RvC
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
74
Bijlage 4
Lijst geïnterviewde personen
Alle 37 geïnterviewde personen zijn door de voltallige commissie tijdens 12 online gesprekken via MS Teams geïnterviewd over de prestaties van Omnia Wonen. Interne gesprekken Raad van commissarissen Mevrouw Albertine van Vliet-Kuiper, voorzitter De heer Wim Weide, lid De heer Marcel Celie, lid De heer Peter Siebinga, lid Mevrouw Marleen van Wegberg, lid Directeur-bestuurder Mevrouw Monique Govers, directeur-bestuurder Managementteam Mevrouw Jantine Clasie, manager Bemiddeling & Beheer en Vastgoed De heer Roy Viring, manager financiën & ICT en Volkshuisvesting & vastgoedsturing De heer Lars ten Dolle, business controller Medewerkers en OR Mevrouw Marlies Hofland, voorzitter OR en medewerker bemiddeling en beheer Mevrouw Erica van de Burgwal, vice-voorzitter OR en change manager ICT De heer Jurriaan van den Brink, secretaris OR en woonadviseur De heer Ronald Brouwers, plaatsvervangend secretaris en medewerker vastgoed kwaliteit De heer Ben van de Brink, lid OR en vastgoed regisseur
Externe gesprekken Huurdersorganisatie SHOW De heer Rinus van Norde, voorzitter en ambassadeur Amersfoort De heer Henk Graafland, vice-voorzitter en ambassadeur Nunspeet & Oldebroek & Elburg De heer Herman Kost, secretaris De heer Arnold Copier, penningmeester en ambassadeur Woudenberg Mevrouw Yvonne Schuijl, bestuurslid en ambassadeur Harderwijk & Ermelo Mevrouw Diane Kleine, bestuurslid en ambassadeur Nunspeet De heer Dick Deirkauf, bestuurslid en ambassadeur Harderwijk & Oldebroek & Elburg Gemeenten Amersfoort De heer Menno Tigelaar, wethouder wonen en zorg De heer Gerard van der Tol, senior adviseur economie & wonen Nunspeet De heer Jaap Groothuis, Wethouder Dienstverlening, Ruimtelijke ontwikkeling, Projecten Mevrouw Anja, Beleidsmedewerker volkshuisvesting
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
75
Oldebroek De heer Ben Engberts, Wethouder wonen Mevrouw Annegreeth Nijhof, Beleidsmedewerker volkshuisvesting
Woudenberg Mevrouw Marleen Treep-Wolfswinkel, Wethouder wonen Mevrouw Theona Willigenburg-Zeeuwe, Beleidsadviseur wonen Collega-corporaties deltaWonen De heer Martijn Sweitser, adjunct-directeur Portaal Mevrouw Dorien Lommen, manager volkshuisvesting UWOON Mevrouw Fleur Imming, directeur-bestuurder Woningstichting Putten Mevrouw Marieta Peek – Marlet, directeur-bestuurder
Zorg- en welzijnsinstellingen Zorgcentrum Oranjehof Nunspeet Mevrouw Cokky de Visser, directeur Woonzorgnet Nunspeet, locatie Het Kodal De heer Martin Juffer, teamleider Buurbemiddeling Nunspeet Mevrouw Hetty Schoonhoven Zorggroep Noordwest-Veluwe De heer Roelof Hoving, interim regiomanager
Ketenpartners Lenferink BV De heer Alfred Lenferink, directeur Van Wijnen projectontwikkeling De heer Marcel Mulder, directeur
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
76
Bijlage 5
Position paper
Position paper Visitatie 2016-2020 15 januari 2021
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
77
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
78
2
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
79
3
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
80
0
4
Visitatierapport 2021 Omnia Wonen | Methodiek 6.0 | © Raeflex
81
Bijlage 6
Factsheet prestaties en prestatiebeoordelingen Vallei Wonen