Bijlage 3 Notitie beantwoording zienswijzen
Tekst van het document
Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit.
Indiener 9 Ingekomen 7 juni 2023 Zienswijze 9 a. Het behouden van de toegekende aansluiting op het Stedin elektriciteitsnetwerk op het aangegeven adres is zo belangrijk. Zo belangrijk dat het door de gemeente Wijk bij Duurstede verplichte onderzoeken om te ruilen met omliggende grondeigenaren voor een meer geschikt perceel niet gedaan is. Terwijl in de toelichting beweerd wordt dat dit wel gedaan is. Een vergissing of een leugen? En waarom?
Reactie gemeente In de zoektocht naar een geschikte locatie in het buitengebied van Cothen is er door initiatiefnemer met alle grondeigenaren contact opgenomen van wie contactgegevens beschikbaar waren. Behalve de grondeigenaren van deze locatie waren er verder geen geïnteresseerden. Gedurende het participatieproces is met meerdere omliggende grondeigenaren gesproken over de beschikbaarheid van hun grond met betrekking tot kavelruil. Hier zijn geen beschikbare gronden uitgekomen. Er is een aantal suggesties gedaan. Op deze gesuggereerde locaties was het ontwikkelen van een zonneweide overigens technisch niet uitvoerbaar (o.a. niet aan te sluiten op het elektriciteitsnet) of kon de grond niet worden ingezet door
hogere archeologische waarden (Limes). 9 b. Een grote verplaatsing leidt tot een nieuwe aanvraag voor aansluiting op het Stedin netwerk. Door de netcongestie is de verwachting dat dan ook dit project op de wachtlijst komt te staan en op korte termijn geen aansluiting mogelijk is. Dus wordt kost wat kost vastgehouden aan het huidige perceel. Maar is het hierdoor toegestaan om de om de gestelde procedures niet te volgen? En er onjuist over te rapporteren?
In het beleid van de gemeente is niet opgenomen dat er kavelruil moet plaatsvinden, maar is opgenomen dat er gesprekken moeten worden gevoerd met andere agrariërs om te onderzoeken of kavelruil mogelijk is. Initiatiefnemer heeft aangegeven dat hier gesprekken over zijn gevoerd (zie reactie bij a), maar dat de aangeboden locaties niet uitvoerbaar waren.
9 c. Het tweede terugkerende thema is de archeologie. Het plangebied ligt vrijwel geheel in categorie 'Archeologisch waardevol gebied 2'. Te veel grondroering zou archeologisch onderzoek vereisen. Om dit te voorkomen worden oplossingen gepresenteerd die in strijd zijn met gepresenteerde natuurvoordelen, stikstofemissie verhogen en landschappelijke inpassing negeren. Het verwondert dat de gemeente de informatie die hierover ter inzage ligt niet heeft laten completeren.
Het staat initiatiefnemer vrij om de fundering van het zonnepark dusdanig te ontwerpen dat de bodemingrepen binnen de vrijstelling van het bestemmingsplan passen. De adviseurs van de gemeente hebben de plannen, inclusief deze fundering, beoordeeld en geconstateerd dat de ontwikkeling binnen de in het bestemmingsplan opgenomen ontheffingscriteria van de dubbelbestemming ‘Archeologisch waardevol gebied 2’ blijft.
9 d. Het derde thema lijkt voor de ontwikkelaar niet waardevol te zijn: de mening van de omwonenden. Het mag duidelijk zijn dat wij, de omwonenden, faliekant tegen zijn op deze locatie en de manier waarop even snel wordt geprobeerd dit goedgekeurd te krijgen. Midden in een van de mooiste maar meest onderschatte gebieden in de gemeente Wijk bij Duurstede. Communicatie met omwonenden is stroef, plichtmatig en de verslaglegging herhaaldelijk onjuist waardoor de relatie ook niet beter wordt.
In het beleidskader zonnevelden van de gemeente Wijk bij Duurstede is opgenomen hoe initiatiefnemers invulling moeten geven aan participatie. Het hoofddoel hiervan is om inzicht te krijgen in zorgen en kansen, zodat ideeën voor de inpassing kunnen worden meegenomen in het ontwerp.
Hiermee is voldaan aan het beleidskader zonnevelden. Als het initiatief op deze locatie voldoet aan de kaders binnen het vastgestelde zonneveldenbeleid en de daarbij geldende ruimtelijke regels, dan is er geen reden voor de gemeente om de initiatiefnemer te verplichten een andere locatie te gaan zoeken. En is een nieuwe aanvraag bij Stedin niet aan de orde.
Bij het berekenen van de transportbewegingen voor de Aerius berekening is rekening gehouden met de afmetingen van de betonblokken fundering en gedurende de werkzaamheden zal toezicht worden gehouden.
Er is in het participatierapport gedetailleerd beschreven hoe omwonenden en andere belanghebbenden betrokken zijn geweest bij de ontwikkeling. Het rapport geeft ook aan dat er directe omwonenden zijn die de voorgestelde locatie voor de zonneweide ongeschikt vinden. De initiatiefnemer heeft voldoende inspanningen geleverd om de dialoog aan te gaan met de omgeving en heeft wijzigingen in het plan doorgevoerd om tegemoet te komen aan een deel van de wensen van de omwonenden. Het ontbreken van draagvlak voor een bepaalde ontwikkeling betekent echter niet dat de ontwikkeling in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Het ontbreken van draagvlak vormt dus geen grond om planologische medewerking te weigeren.
9 e. Het gekozen plangebied aan de
Het plangebied bevindt zich in het buitengebied van Cothen, dat in de gemeentelijke kansenkaart is aangemerkt als groen zoekgebied. Het voorliggende initiatief past binnen het Beleidskader
Kapelleweg ligt direct in het zicht van 17 omliggende woningen (=40 bewoners). Ook omwonenden zonder direct zicht op het plan gebied zijn bezorgd over het verlies van woongenot door de te verwachten overlast. Allen worden dagelijks geconfronteerd met het voorgenomen plan op die locatie. De aanleg op deze locatie direct langs de Kapelleweg blokkeert veel meer dan alleen de locatie zelf. De locatie gaat zichtlijnen van enkele kilometers lang richting Ossenwaard & Kromme Rijn alsook richting Tuurdijk blokkeren. De afwisseling van het open landschap tussen de boomgaarden verderop richting 't Goy aan de Kapelleweg en op de Trechtweg in de andere richting worden door alle bezoekers zeer gewaardeerd. Eén massief blok struweel, tenminste dat is wat ons voorgehouden wordt, gaat deze openheid en dit genot danig beperken. Het project wil toerisme versterken, maar ons inziens zal het toerisme beperkt worden. Alle recreatieve bezoekers in het gebied: fietsers, motorijders, toertocht rijders, snorfietsers, dagjes mensen, camping gasten, Duckcity eendjes rijders, kersenfestival bezoekers, bloesemtocht rijders, bezoekers Oogstfeest en Trekker-Trek. Voor allen zal dit ene project impact hebben, negatieve impact op het genieten van de omgeving. Goed bekeken is dit één van de slechtst gekozen locaties om op deze plek een zonneveld te leggen. 9 f.
Om tot deze locatie te komen zijn de opgestelde procedures van gemeente Wijk bij Duurstede niet gevolgd. Voorwaarde voordat een plan ontwikkeld wordt, is het VERPLICHT met omliggende grondeigenaren in gesprek gaan of er grondruil mogelijk of nodig is. Doel zoals de gemeente beschrijft is om slechtere agrarische gronden voor zonnepanelen te bestemmen en liefst ook percelen op afstand zodat minder bewegingen van landbouwverkeer nodig zijn. Dit wordt nogmaals bevestigd door de wethouder dd 15 maart 2022 op vragen vanuit de gemeenteraad. Zorgwekkend is dat toen bij de gemeente niet bekend
Zonnevelden, vastgesteld door de gemeenteraad op 3 december 2019. De locatie is gelegen in kansrijk gebied (groen op de kansenkaart) waar tot 40 hectare aan zonnevelden is toegestaan. In dit kansrijke gebied heeft BHM Solar de locatie aan de Kapelleweg gekozen (7,8 hectare netto). Deze locatie met het door BHM Solar voorgestelde inrichtingsplan is vervolgens door het college op 15 maart 2022 beoordeeld aan de hand van het ‘scoreformulier zonnevelden’. De locatie scoorde naar oordeel van het college goed en het college heeft onder voorwaarden ingestemd voor de realisatie van een zonneveld. In het scoreformulier werden scores vergeven op meerdere aspecten. Een van deze aspecten was landschap en recreatie. De voorgestelde inrichting haalt het zonneveld grotendeels uit het zicht door de aanplant van groenstruweel rondom, een nadrukkelijke wens van omwonenden. Dit zorgt weliswaar voor het verkleinen van de openheid van het gebied, maar hiermee wordt voorkomen dat het zonneveld negatieve impact heeft op het landschap. Het landschap wordt kleinschaliger door twee ‘kamers’ toe te voegen door middel van groene struweelranden rondom twee delen van de zonneweide. Het zonneveld is naar het oordeel van de gemeente ingepast naar de maat, de schaal en de elementen in het landschap. Met aandacht voor de beleefbaarheid en karakteristiek van het landschap, en de recreatieve waarde.
Waar onttrekking uit het zicht gewenst is, gebeurt dit met gebiedseigen beplanting. Tot slot vindt de gemeente het belangrijk dat er met de landschappelijke inpassing en ecologische beheer een bijdrage wordt geleverd aan de biodiversiteit in het gebied. In het plangebied is tevens ruimte gereserveerd voor de aanleg van een openbare voorziening in de vorm van een rustplaats voor recreanten.
Zie reactie bij 9 b.
was of het ruilverkavelingsvraagstuk behandeld was, en dat is de gemeente nu nog steeds onbekend! 9 g. Aan deze voorwaarde is niet voldaan terwijl dat wel wordt geschreven in de ingediende toelichting bij de aanvraag. Reden die hiervoor gegeven wordt, is dat het erg lastig was om grond te krijgen, en uiteindelijk alleen dit perceel als mogelijkheid over bleef. Op de vraag: "Beste grondeigenaar wil je grond afstaan voor de ontwikkeling van een zonneveld?" bleef alleen dit perceel over. Maar met dit perceel beschikbaar had vervolgens ook vraag aan omliggende grondeigenaren gesteld moeten worden: "Beste grondeigenaar we hebben dit perceel beschikbaar. Is dit de juiste locatie of wil je grond ruilen voor de ontwikkeling van een zonneveld?". Reeds vanaf het begin hebben wij hierop gewezen in correspondentie met zowel gemeente als initiatiefnemer, maar geen van beide heeft hier iets mee gedaan. Het niet stellen van die vraag betekent dat de procedure onvolledig is gevolgd en op basis daarvan ons inziens niet vergund kan worden. 9 h. De reden waarom deze vraag niet gesteld is, komt terug op het eerst genoemde punt in het hoofdstuk ‘Vooraf: de dreigende netcongestie. De ontwikkelaar heeft direct nadat de beschikbaarheid van dit perceel bevestigd werd, aansluiting op het Stedin elektriciteitsnetwerk aangevraagd op dit perceel, op deze locatie.
Meestal gebeurd dit pas nadat de procedure omtrent het perceel is afgerond. Dit keer niet. Er was geen tijd te verliezen. Er is een risico genomen. Om de dreigende netcongestie voor te zijn en daarmee dreigende wachtlijsten en een mogelijk forse vertraging van het project. De ontwikkelaar heeft gegokt, de procedure onvolledig gevolgd en daardoor zou een zonneveld op de slechtst mogelijke plek te komen liggen. Dat kan niet de bedoeling zijn. 9 i. In paragraaf 3.5.2 geschreven: '...de locatiekeuze is met omliggende agrariërs gesproken over alternatieve locaties of kavelruil. Daaruit is
Zie reactie bij 9 a en 9 b.
Het staat de initiatiefnemer vrij om te bepalen wanneer er een netaansluiting wordt aangevraagd bij Stedin. Zie ook reactie bij 9 b.
Op een aantal besproken en gesuggereerde locaties was het ontwikkelen van een zonneweide technisch niet uitvoerbaar, o.a. doordat deze niet aan te sluiten zijn op het elektriciteitsnet. Er is met Stedin afgestemd of het mogelijk was de aansluiting te verplaatsen, maar dit was niet mogelijk (dit is ook vastgelegd per email), vandaar dat deze locaties als niet geschikt zijn bevonden.
gekomen dat alleen de gekozen locatie uitvoerbaar is.' Deze bewering is pertinent onjuist en is essentieel voor het punt van kavelruil. In de toelichting wordt een 'gesprek ruilverkaveling' vermeld. Er heeft één keukentafelgesprek plaats gevonden met een van de omwonenden, maar dit plan is zonder verdere communicatie door de ontwikkelaar van tafel geveegd en is zeker niet met de andere grondeigena(a)r(en) besproken. Terwijl een andere omwonende per mail zelf een locatie heeft aangeboden. 9 j. Idee van de ontwikkelaar was om het plan gebied op te schuiven in Noordelijke richting tegen de zemelensloot aan wat op zich een hele verbetering is. Dit zou dan op de percelen van de buren zijn waardoor ruilverkaveling noodzakelijk is. De tevens voorgestelde verplaatsing naar percelen van omwonende 1 en omwonende 2 gelegen direct langs het Amsterdam-Rijnkanaal (de locatie waar het burgerpanel juist wel unaniem positief over was als locatie voor zonnevelden) is in het geheel niets mee gedaan.
Een andere besproken locatie kon niet worden ingezet door hogere archeologische waarden dan het huidige plangebied (ligt in Limes gebied, zoals te zien is in de door de Provincie opgestelde kaart: Provinciaal erfgoedbeleid), waarmee deze locatie niet uitvoerbaar is. Een stuk grond dat mogelijk (gedeeltelijk) zou passen is voorgesteld aan de grondeigenaar, maar hier had de grondeigenaar geen interesse in, omdat de zonneweide daarmee te dichtbij zijn huis zou komen. Voor het ontwikkelen van een zonneweide is alleen de huidige locatie uitvoerbaar. Er is met Stedin afgestemd of het mogelijk was de aansluiting te verplaatsen, maar dit was niet mogelijk (dit is ook vastgelegd per email), vandaar dat deze locaties aan het Amsterdam Rijnkanaal als niet geschikt zijn bevonden. Het perceel ten noorden van het plangebied ligt in Limes gebied, dit is zichtbaar in de door de Provincie opgestelde kaart Provinciaal erfgoedbeleid. De gemeente archeoloog heeft aangegeven dat in Limes gebied grotere restricties gelden voor het roeren van grond, waardoor deze locatie niet uitvoerbaar is.
Bij latere navraag door omwonenden naar de status van deze plannen kregen we als antwoord dat het niet meer aan de orde was en niet verder onderzocht werd. Na aandringen waarom was het antwoord de nog strengere archeologie eisen op het beoogde perceel langs de zemelensloot. Uit de kaarten met archeologische waarden blijkt echter het tegendeel. Wederom een excuus met archeologie en/of risicovol voor de netwerk aansluiting? De beide andere gesuggereerde percelen liggen iets verder weg van de huidige locatie en 'dat mocht niet van Stedin' zo werd ons verteld. Naar we nu weten werd bedoeld dat ze niet met Stedin in gesprek wilden over de aansluiting om deze niet in gevaar brengen. Dus ook hier de hoofdreden: aansluiting niet in gevaar brengen. 9 k. Nog even terugkomend op de opmerking dat de huidige locatie het enige beschikbare perceel was. Dat was
Het voorliggende initiatief past binnen het Beleidskader Zonnevelden, vastgesteld door de gemeenteraad op 3 december 2019. De locatie is gelegen in kansrijk gebied (groen op de
niet waar. Er was nog een perceel beschikbaar die al op de reservelijst stond uit de eerste inschrijvingsronde: van een grondeigenaar aan de Wijkersloot. Zijn boerderij stond te koop. Op de perfecte locatie langs het Amsterdam-Rijn kanaal direct tegen het industrie terrein van Wijk bij Duurstede aan, met een gering aantal omwonenden. De perfecte locatie, alleen het perceel was niet 10 maar 20ha groot. Iets te groot voor de ca 8ha beschikbare zonneveld oppervlakte in deze eerste tender van 60ha van Gemeente Wijk bij Duurstede. Is het niet een gemiste kans van de ontwikkelaar en gemeente Wijk bij Duurstede om de locatie verder te onderzoeken? Moet de langshaven en/of het industrieterrein niet een keer uitbreiden? Om energie neutraal te worden zoals de gemeente ambieert, is toch dan 60ha zonnevelden nodig? 9 l. Inmiddels heeft een partij, die goed bekend is bij gemeente Wijk bij Duurstede, de grond aangekocht. Navraag leert dat er geen contact is geweest met de nieuwe grondeigenaar of zijn beheerder over de wensen en mogelijkheden. Zowel gemeente Wijk bij Duurstede als de ontwikkelaar hebben dit nagelaten. Een grote gemiste kans. Of weten zij al dat de 6ha voor nu opgevuld is? Vanuit de ontwikkelaar zal de aansluiting wel meespelen. Maar blijkbaar is de juiste locatie minder belangrijk dan de hinder voor omwonenden. 9 m.
Nog een locatie met veel ruimte is De Groote Maat waar al veel over gezegd is. De grond is net zo goed als het plangebied, met als groot verschil dat daar geen actieve boeren zitten en dat dus alleen maar buiten stukken zijn. Bovendien ligt het op de kansen kaart aan de noord kant van de provinciale weg dus in geel gebied, al zie ik daar minder problemen dan hier.
kansenkaart) waar tot 40 hectare aan zonnevelden is toegestaan. In dit kansrijke gebied heeft BHM Solar de locatie aan de Kapelleweg gekozen (7,8 hectare netto). Deze locatie is door het college op 15 maart 2022 beoordeeld aan de hand van het ‘scoreformulier zonnevelden’. De locatie scoorde naar oordeel van het college goed en het college heeft onder voorwaarden ingestemd voor de realisatie van een zonneveld. Voor de locatie langs het Amsterdam-Rijn kanaal, direct tegen het industrieterrein, is in 2020 een initiatief ingediend ter grootte van 20 hectare. Dit initiatief is met 60 punten op de wachtlijst geplaatst, omdat er andere initiatieven beter hadden gescoord. De gemeente heeft de initiatiefnemer van het initiatief tegen het industrieterrein en de initiatiefnemer van de Dwarsdijkse Zonneweide eind 2021 de mogelijkheid geboden om een nieuw plan in de dienen voor de resterende 7,8ha zonneveld. De initiatiefnemer van het initiatief tegen het industrieterrein heeft ervoor gekozen geen nieuw plan in te dienen.
Voor deze locaties geldt dat deze niet uitvoerbaar zijn, onder andere wegens de netaansluiting, zie ook 9 i.
Op 3 december 2019 heeft de gemeenteraad het Beleidskader Zonnevelden vastgesteld. In dit beleidskader heeft de gemeenteraad uitgesproken 60 hectare te reserveren voor zonnevelden. Dit besluit is genomen na een zorgvuldige afweging en een uitgebreid advies van een burgerpanel. Bij de vaststelling van het beleidskader is een landschappelijke analyse uitgevoerd, waarbij drie typen gebieden zijn onderscheiden: rood, oranje en groen. Op de kansenkaart is per deelgebied het perspectief voor zonnevelden weergegeven, waarbij de locatiekeuze maatwerk is. Een rood gebied geeft aan dat het niet geschikt is voor zonnevelden, bij oranje zijn er veel en/of mogelijk beperkende voorwaarden en groen duidt op een kansrijk gebied. De locatie aan de Kapelleweg bevindt zich binnen het groene gebied van de kansenkaart. De locatie aan De Groote Maat is inderdaad gelegen binnen geel gebied en heeft daarmee mogelijk beperkende voorwaarden.
9 n. Iedereen in de buurt van het plan gebied aan de Kapelleweg die schep in de grond wil steken om te bouwen kent de belemmerende archeologische waarde van het gebied. Er was, en is nog steeds, voorzichtige hoop dat dit plan hetzelfde wordt beoordeeld als aanvragen van ons omwonenden. Gezien de hoeveelheid bijzondere 'oplossingen' die in het plan staan om archeologisch onderzoek te ontwijken/voorkomen zijn er te veel die tegelijkertijd ook strijdig zijn met andere gepresenteerde natuur voordelen, lage stikstof emissie en landschappelijke inpassing. Daarbovenop is de informatie van de voorgestelde oplossingen niet compleet. In de vergunningsaanvraag informatie is te lezen dat er tot op beide grenzen van Archeologie 2 gepland wordt. Kabels worden met 50 cm maximaal ingraven maar komen dan niet aan de vereiste dekking dus wordt er nog 20cm materiaal opgebrachte= 70cm afgedekte kabels; De totale oppervlakte die tot 50cm geroerd wordt door kabels ingraven en omheining is in totaal een oppervlak van 98.95m2. Zonder verdere berekening of uitleg. Dat is zo kort op de limiet, dat wil ik in een nadere toelichting en berekening zien. En dan nog de vraag hoe dit gehandhaafd wordt? Zo kort op de limiet! Het ziet er op papier te mooi uit! 9 o. Om het archeologisch onderzoek te vermijden worden de panelen op beton blokken gezet in plaats van met palen in de grond.
De volledige afmetingen van de betonblokken is na serieus speurwerk achterhaald, maar de aantallen betonblokken ontbreken in de toelichting waardoor niet is vast te stellen hoeveel van de oppervlakte met betonplaten wordt bedekt. Een plangebied voor zonneveld volledig met verharding bedekken is niet toegestaan zoals in de gemeentelijke procedures is te vinden. Gedeeltelijk wel? Hoeveel dan? Waar betonblokken liggen is geen ruimte voor natuur die zo belangrijk is zoals dat continu in het plan wordt aangegeven en wat is de invloed van de betonblokken op de natuur? In ieder geval zal het beheer en de bestrijding
In de Ruimtelijke Onderbouwing (paragraaf 4.3) is uiteengezet welke maatregelen er zijn genomen in het ontwerp, zodat er binnen de ontheffingscriteria van bouw- en bodemingrepen met een diepte van maximaal 50 centimeter en bouwwerken met een oppervlakte van 100 vierkante meter wordt gebleven en dat daarmee de realisatie van de zonneweide doorgang kan vinden. De maatregelen zijn uitvoerig afgestemd met de gemeente archeoloog en akkoord bevonden. De maatregelen zorgen ervoor dat het plan op archeologisch vlak uitvoerbaar is.Er wordt daarnaast ook archeologisch toezicht gehouden bij de werkzaamheden. Zie ook reactie bij 9 c.
Het is niet juist dat er geen archeologisch onderzoek heeft plaatsgevonden. Een archeologisch bureauonderzoek is uitgevoerd en het rapport is onderdeel van de vergunningsdocumenten. Tevens is er uitvoerig overleg gepleegd over de technische uitwerking om het zonneveld met zo min mogelijk bodemingrepen aan te leggen. Vanaf het begin van dit initiatief is er uitvoerig contact geweest met de gemeentelijke archeoloog. Het staat daarnaast de initiatiefnemer vrij om de fundering van het zonnepark dusdanig te ontwerpen dat de bodemingrepen binnen de vrijstelling van het bestemmingsplan passen. De adviseurs van de gemeente hebben de plannen, inclusief deze fundering, beoordeeld op een goede ruimtelijke ordening. Ook is er een Aerius berekening uitgevoerd.
van ongewenste soorten bemoeilijkt worden door de vele betonnen hindernissen. De grote hoeveelheid beton moet aangevoerd worden wat een flinke stikstof uitstoot oplevert en een forse belasting voor de weg smalle en reeds overbelaste buitenwegen. 9 p. Alle bouwwerken, installaties en service paden worden bovenop het maaiveld gelegd. Het hiervoor gebruikte materiaal moet worden aangevoerd en is niet nader gespecificeerd, niet in kwaliteit en niet in volume. Ook maatregelen om vermenging te voorkomen met de landbouwgrond worden niet beschreven. Nog meer hinder zullen de bouwwerken veroorzaken die boven op funderingen bovenop het maaiveld geplaatst gaan worden. Vanaf het maaiveld gemeten worden de bouwwerken hoger dan 3mtr de hoogte van het struweel. Bouwwerken van 3.5m, van 3.8m en zelfs 4.2m hoog steken allen boven het struweel uit, zelfs tot 1.2m hoger dan het struweel, en allen niet de mooiste gebouwen. De bewoners van Kapelleweg 2, 2a, 4 en 5 kijken zelfs direct tegen deze bouwwerken aan 9 q. Omdat langs de sloot geen 3m hoog struweel komt. In de gesprekken en uitwerkingen is altijd gesuggereerd dat het zicht op het zonneveld incl. bouwwerken door het struweel werd afgeschermd. De tekeningen en visuals zijn zo gemaakt dat nergens alleen de zonnepanelen zijn afgebeeld, maar nergens de bouwwerken.
Het aantal bouwwerken dat geplaatst zal worden, wordt niet duidelijk in de gepubliceerde informatie. Deze informatie ontbreekt. Moeten deze bouwwerken niet vooraf in detail in aantal en locatie vastgelegd worden zoals ook voor mij geldt als ik wil bouwen?
Aan de vergunning is een voorschrift verbonden dat de bestaande toestand, zoals deze was voor de verlening van de omgevingsvergunning, na het verstrijken van de vergunningstermijn hersteld moet worden. De voorgestelde hoogte van het struweel was 4-5 meter. Op basis van de nadrukkelijke wens van de omwonenden om de hoogte van het struweel te verlagen is het struweel verlaagd naar 3 meter. In een eerdere versie van het plan (Principeverzoek) was er aan de westzijde lagere beplanting gepland (op verzoek van omwonenden). In het uiteindelijke Inrichtingsplan is rondom de twee zonnepanelenvelden struweel geplaatst, omdat de omwonenden aan de westzijde toch graag de zonnepanelen uit het zicht wilden hebben. De technische gebouwen zijn in het midden van het plangebied geplaatst, wat ervoor zorgt dat de afstand tussen bijv. Kapelleweg 2 en de technische gebouwen ongeveer 500 meter bedraagt
Het is incorrect dat er geen struweel langs de sloot aan de westkant komt. Aan de westzijde van het plangebied wordt ook struweel geplaatst, zoals in de dwarsdoorsnede uit het Inrichtingsplan te zien is, zie dwarsdoorsnede hieronder.
Op de tekeningen en visuals is duidelijk aangegeven waar het zonnepark en de daarbij horende bouwwerken zijn voorzien. Deze informatie is nodig om te kunnen beoordelen of een afwijking van het bestemmingsplan hier ruimtelijk aanvaardbaar is. Denk hierbij aan geluidhinder. Aan deze eisen kan worden voldaan door het gebied waar de technische gebouwen geplaatst worden te beperken, zodat kan worden geborgd dat de afstand tot woningen afdoende is. Voor de omgevingsvergunning bouwen is vereist dat het initiatief voldoet aan het Bouwbesluit 2012. De bij de aanvraag te verstrekken gegevens moeten aannemelijk maken dat de hoofdlijn van de constructie voldoet aan het Bouwbesluit 2012. Op basis van de aangeleverde stukken heeft de gemeente beoordeeld dat aan bovenstaande punten is voldaan.
Drie weken voor aanvang van de bouw zullen detailtekeningen en berekeningen ter beoordeling door de initiatiefnemer aan de gemeente worden overlegd. 9 r. Tenslotte nog een bijzonder verschijnsel mbt de archeologie: Afgelopen najaar na de oogst van de geteelde mais leek het plan gebied wel een toeristische attractie. Het was druk met hobby archeologen met metaaldetectoren. Enkelen van hen wilden, uitsluitend anoniem, ook wel vertellen dat het perceel hiervoor was vrijgegeven door wie daarvoor gerechtigd is, in dit geval waarschijnlijk de eigenaar, en er ook daadwerkelijk wat vondsten gedaan zijn. In het archeologisch verslag is hier niets van te lezen en er zijn geen gemelde vondsten... Is dit louter toeval? Is dit de gemeente gemeld? Waarom komt dat niet in de rapportage terug? De kans dat er tijdens de aanleg nog een vondst wordt gedaan is nihil, waarmee de kans op vertraging door stilleggen ook geminimaliseerd is. 9 s. 'Participatie is een eis' en 'Omwonenden participatie is verplicht' schrijft de gemeente op haar website (die onverwacht en onaangekondigd offline is gezet, terwijl dit zonneveld nog steeds aan die zelfde voorwaarden moet voldoen. Onbegrijpelijk!). Maar hoe hier opvolging aan gegeven wordt, blijft onduidelijk. Het contact met de bewoners en de verslag legging ligt volledig bij de initiatiefnemer.
Bij de inloopavond is een gemeente vertegenwoordiger aanwezig, maar niet bij de keukentafel gesprekken. Nu heeft de gemeente slechts een vage en eenzijdige indruk van de participatie. Hoe zorgt de gemeente in detail op de hoogte te zijn van alle betrokkenen? Naar mijn idee krijgt de gemeente een eenzijdige en te positieve indruk van de participatie. Hoe staat dat in verhouding tot de eis en de verplichting?
Metaaldetectie is in alle gevallen alleen toegestaan met toestemming van a. de grondeigenaar en b. de gemeente. Bij zowel de gemeente als initiatiefnemer is dit niet bekend.
In het beleidskader zonnevelden van de gemeente Wijk bij Duurstede is opgenomen hoe initiatiefnemers invulling moeten geven aan participatie. Het hoofddoel hiervan is om inzicht te krijgen in zorgen en kansen, zodat ideeën voor de inpassing kunnen worden meegenomen in het ontwerp. De vraag of de komst van een zonneveld wenselijk is, maakt geen onderdeel uit van de participatie. Immers in het vastgestelde zonneveldenbeleid is opgenomen dat een zonneveld mogelijk is als het voldoet aan de gestelde (veelal ruimtelijke) randvoorwaarden. Er is in het participatierapport uiteengezet hoe omwonenden en andere belanghebbenden zijn betrokken bij de ontwikkeling. Hierin wordt beschreven dat er verschillende participatierondes zijn georganiseerd voor omwonenden (en andere belanghebbenden). De initiatiefnemer heeft voldoende inspanningen geleverd om de dialoog aan te gaan met de omgeving en heeft wijzigingen in het plan doorgevoerd om tegemoet te komen aan een deel van de wensen van de omwonenden. Uit dit rapport blijkt ook dat er direct omwonenden zijn die de locatie van de zonneweide ongeschikt vinden. Dat wordt bij de besluitvorming door het college van b en w ook meegewogen. Het ontbreken van draagvlak voor een bepaalde ontwikkeling betekent echter niet dat de ontwikkeling in strijd is met een goede ruimtelijke ordening.
Het ontbreken van draagvlak vormt dus geen grond om planologische medewerking te weigeren.
9 t. De gerapporteerde participatie ziet er op papier fantastisch uit. Dat is dan
Zie reactie bij 9 s.
ook wel het enige. In werkelijkheid was het verre van dat. Vanaf het begin is het een haast klus geweest waar de communicatie met omwonenden zwaar onder heeft geleden. Eerste gesprekken met omwonenden waarvan enkele tot op heden nog steeds niet hebben plaats gevonden, bijeenkomsten die zo bol stonden van de emotie dat ze de naam participatie niet mogen dragen, de door de omwonenden georganiseerde bijeenkomst in oktober waarbij de wethouder aanwezig was die niet als participatie opgevoerd zou worden en toch op de lijst staat, verslaglegging herhaaldelijk onjuist, correcties en reacties op de verslaglegging niet in de aanvraag opgenomen maken dat de gemeente een eenzijdig en onjuist beeld heeft van de participatie. Als mosterd na de maaltijd rijst de vraag: Wat verstaat de gemeente onder participatie? Van alle partijen info en wensen ophalen en die in het plan verwerken, of doen alsof er geluisterd wordt en alleen hetgeen past in de plannen van de initiatief nemer verwerken in de definitieve plannen? 9 u. Om de communicatie (niet participatie) op gang te brengen en de gemeente ook op de hoogte te brengen van de ervaringen van de zijde van de omwonenden tot dan toe, zijn we die avond bij elkaar geweest. Op de avond is vastgelegd dat het als communicatie gezien zou worden en niet als participatie, zie notulen van gemeente ambtenaar van de bijeenkomst in bijlage 2.
Groot is de verrassing nu dat de bijeenkomst toch in het participatie overzicht staat. En dat een andere gemeente ambtenaar aanwezig op de bijeenkomst van 22 mei dan zegt: “wat denk je dan dat participatie is? Dat wij dat per bijeenkomst turven of zo”? Een typische reactie die ons razend maakt en de vraag oproept wat dan eigenlijk als participatie gezien wordt. Uitkomst van de avond met de wethouder (die inmiddels ook al is vertrokken) was het advies van de wethouder om met elkaar in gesprek te gaan en te blijven zodat ALS het plan toch door zou gaan, er wel iets passends komt te staan. 9 v. Het vervolg voor ons was dus in alle gesprekken "ALS het toch
Het gesprek tussen wethouder, omwonenden en initiatiefnemer in oktober 2022 staat in het Participatierapport niet als participatieronde beschreven. Het valt onder het kopje ‘Tussenliggende periode’, tussen participatieronde 4 en participatieronde 5 in. In het Participatierapport is ook de volgende tekst opgenomen: ‘De omwonenden hebben uitdrukkelijk aangegeven dat het overleg met de wethouder niet gezien mag worden als participeren.’
Zie reactie bij 9 s en 9 t.
Zie reactie bij 9 s.
doorgaat..." maar is dat participeren? De vervolgens gevoerde tafel gesprekken door EWEC, die de communicatie met omwonenden voor haar rekening neemt, zouden een nieuw begin zijn waarbij wel naar ons geluisterd werd en we wel serieus genomen zouden worden. Het eerste tafel gesprek met Ewec wordt er zelfs over vertrouwen gesproken. Zoals een omwonende in haar reactie op het gespreksverslag schrijft: '... Je deed je bril af, keek mij in mijn ogen en zei: wat je ziet is wat ik ben. Open en eerlijk. Ik heb geen verborgen agenda en ben er voor de omwonenden. .. ’ Dat geloof is was bij ons na het verslag van dat gesprek al ten einde. Alsof we een verschillend gesprek hadden gevoerd.
Initiatiefnemers konden tot eind januari 2020 een principeverzoek indienen. In totaal zijn er acht principeverzoeken ingediend. Het plan van BHM voor de locatie aan de Groenewoudseweg in Cothen kwam als één van de vier beste plannen uit de bus.
De verslaglegging van de bijeenkomsten was traag en benedenmaats op het amateuristische af en dat voor een ervaren kracht in dit soort processen zoals Ewec zichzelf introduceerde. Onze commentaren en aanpassingen op deze verslaglegging zijn nu ook niet in de bijlagen van het participatie verslag opgenomen. Zie bijlage 3, de reactie op het verslag in het ingediende participatieplan. Dat is wederom een verkeerde en eenzijdige weergave van het proces. Maar wel de tendens voor de gehele communicatie tijdens het proces. Tot aan de laatste notulen toe die wij 26 april, de dag voor het indienen van de vergunningsaanvraag ontvingen waarin de gemaakte afspraken van de bijeenkomst van 9 februari toch weer afgezwakt of als onmogelijk beoordeeld werden en waarvan alleen de originele notulen als bijlage zijn bijgesloten. Onze reactie hierop kon dus ook niet als bijlage toegevoegd worden deze dus hierbij als bijlage 3 bijgesloten, trouwens compleet met reactie van initiatiefnemer.
Na het inwinnen van juridisch advies heeft de gemeente besloten om zowel de initiatiefnemer van de Dwarsdijkse Zonneweide als de initiatiefnemer aan de Wijkersloot de mogelijkheid te bieden om een principeverzoek in te dienen voor maximaal 7,8 hectare.
In de participatie zijn er ook nog de handtekeningen. 1542 stuks. Natuurlijk niet van direct omwonenden, want zoveel bewoners zijn er niet. Niet zoals bij het project aan de Groenewoudseweg waar Cothen direct naast ligt en het merendeel van de bewoners getekend heeft. Het verzet
Drie van de ingediende principeverzoeken hadden te weinig punten gescoord en zijn afgewezen. Eén van de ingediende principeverzoeken, aan de Wijkersloot, is op de wachtlijst geplaatst. Initiatiefnemer heeft het plan aan de Groenewoudseweg niet formeel ingetrokken. Initiatiefnemer heeft de gemeente na bijna een jaar lang participeren verzocht om een wijziging van de locatie van het plan te beoordelen. Ook de initiatiefnemer aan de Wijkersloot heeft bij de gemeente kenbaar gemaakt, de mogelijkheid te willen krijgen om een zonneveld te ontwikkelen.
Deze principeverzoeken zouden vervolgens worden beoordeeld aan de hand van het door de raad in 2019 vastgestelde scoreformulier. De initiatiefnemer aan de Wijkersloot heeft besloten om geen principeverzoek in te dienen. Als gevolg is alleen de Dwarsdijkse Zonneweide beoordeeld door de gemeente. Op 15 maart 2022 heeft het college van de gemeente Wijk bij Duurstede het plan voor de Dwarsdijkse Zonneweide, met een score van 80 punten op het ’scoreformulier zonnevelden’ positief beoordeeld. In het Participatierapport is bijlage 1c. aangevuld met daarin de reactie van de omwonenden d.d. 21 mei en de daaropvolgende reactie van de initiatiefnemer d.d. 22 mei. De ontwerpstukken lagen op dat moment al ter inzage. Voor de volledigheid is deze bijlage nu aangevuld met de reacties van de omwonenden en de initiatiefnemer.
van omwonenden samengevat in een beduidend lager aantal handtekeningen heeft het plan daar gestopt zo is het verhaal in de media. Waarom dan niet bij ons aan de Kapelleweg? Of was dat niet het volledige verhaal van het plan aan de Groenewoudseweg? Zijn daar bindende afspraken gemaakt tussen gemeente Wijk bij Duurstede en de initiatiefnemer waardoor het nu al een beklonken zaak is? Graag wil ik daarover de waarheid, onderbouwd met documenten. Alleen een verhaal helpt niet, daar heb ik al te veel verschillende versies van gehoord. Dat geldt voor zowel de gemeente Wijk bij Duurstede als de initiatiefnemer. 9 w. In het participatie proces van het principe plan is een lange lijst betrokken partijen opgesomd. Zijn de kritische partijen zoals LTO en NFO niet op voorhand geraadpleegd omdat er te veel weerstand verwacht wordt? Verbazend is ook dat initiatiefnemer uit de informatie van AVN een compleet andere conclusie trekt (er zijn geen weidevogels) dan de informatie die wij van de regionale organisatie Collectief Utrecht Oost te horen krijgen (er zijn wel weidevogels maar het is geen kerngebied). Van partijen die aangeven neutraal te willen blijven, wordt de suggestie gewekt dat ze nu of later er wel hun voordeel mee gaan doen. Dat is toch niet neutraal blijven? 9 x. In het ingediende aanvraag omgevingsvergunning is dit is gereduceerd tot: xxx De eerste zin is volledig verdwenen.
Met het verdwijnen hiervan is ook de basis voor dubbel ruimtegebruik van het plangebied verdwenen. Kruidenrijk grasland geldt niet als dubbelruimte gebruik zoals de gemeente dat omschrijft. Als gevolg is de opstelling van de zonnepalen tot een hoogte van 2.0m nu in strijd met de gemeente voorwaarden voor zonnevelden. De gemeente Wijk bij Duurstede geeft als richtlijn: xxx ‘Nu er geen sprake is van dubbel ruimtegebruik van het plangebied is de maximale hoogte van de zonnepanelen gelimiteerd op l,5m. Andere plannen
Het plangebied van de Dwarsdijkse Zonneweide ligt inderdaad niet in een weidevogelkerngebied. Daarnaast heeft initiatiefnemer contact opgenomen met ANV en is er een Quickscan Wet Natuurbescherming uitgevoerd. Hieruit is geconcludeerd dat er geen beschermde soorten in het plangebied zijn. Hiermee voldoet het plan aan een goede ruimtelijke ordening.
In het beleidskader zonnevelden zijn richtlijnen opgesteld voor de hoogte van de zonnepanelen. De afweging per locatie is echter maatwerk. De panelen in kleinschalig/gesloten opgezette gebieden en/of in geval van dubbel ruimtegebruik (zoals realisatie naast een fruitboomgaard) mogen 1,5 meter tot maximaal 3 meter hoog zijn.
worden daar wel aan gehouden, waarom dit plan niet? Daarbij komt dat de Kapelleweg langs het plangebied voor het grootste gedeelte onder maaiveld hoogte van het plan gebied ligt waardoor het al lastiger is om er overheen te kijken, zelf bij max. 1.5m hoogte. Sterker nog wij pleiten voor de grens van 1 meter hoog omdat er zeer veel recreatie in het gebied is van mensen die de route over de Kapelleweg gebruiken, het Oogstfeest en de trekkertrek. Bij elkaar voorzicht geschat toch een 5000 mensen wier recreatie negatief wordt beïnvloed door dit zonneveld alleen! 9 y. De EWEC heeft met (bijna) alle zonnevelden in de gemeente een overeenkomst of probeert dat toch zeer sterk af te dwingen. Voor het eerste reeds gerealiseerde zonneveld 'Zonnepark Cothen' was de belangstelling zeer groot en waren de participaties in no-time uitverkocht. Hoe zal dat gaan bij dit zonneveld? Inmiddels is dan 52ha zonnevelden in de gemeente gerealiseerd, uitgegeven en geparticipeerd. De rente schiet momenteel omhoog waardoor er veel minder geld beschikbaar is voor dit soort investeringen... Wat als de er geen of nauwelijks financieel geparticipeerd wordt? De beoogde 50% lijkt momenteel ver buiten bereik! Dan is er geen lokaal draagvlak, weer een pijler onder het plan die weg valt. Het is aannemelijk dat het dan na realisatie al snel aan het grote (buitenlandse? Chinese?) geld verkocht wordt.
Wat zijn we er als gemeente Wijk bij Duurstede dan wijzer van geworden en waar worden wij als omwonenden mee opgescheept? Een partij die alleen geïnteresseerd is in geld verdienen en waar wij vergeefs aankloppen voor onderhoud en beheer? Dat is toch niet de toekomst die we willen. 9 z. De website van EWEC meldt dat voor 'Zonnepark Cothen twv €437.500,aan obligaties is aangevraagd. Voor het zonneveld waar wij het over hebben aan de Kapelleweg wordt 50% of zelfs 100% eigendom door EWEC beoogd. Hoeveel geld moet de EWEC hiervoor
In het beleidskader zonnevelden is opgenomen dat initiatiefnemers verplicht worden om inwoners en lokale bedrijven ook financieel mee te laten doen, door ze een kans te geven om mee te investeren. Hierbij is het uitgangspunt 50% lokaal eigendom. Dit betekent niet dat inwoners en lokale bedrijven verplicht worden om te participeren.
De hoeveelheid kapitaal dat EWEC lokaal op moet halen kan nog niet worden vastgesteld, omdat het op dit moment onduidelijk is wanneer de realisatie van de Dwarsdijkse Zonneweide zal plaatsvinden. Het kapitaal dat t.z.t. moet worden opgehaald is (onder andere) afhankelijk van de hoogte van de investering en de rentestand.
ophalen? Hoeveel daarvan komt van binnen de gemeente Wijk bij Duurstede? 9 aa. Een veel betere strategie als lokale overheid is dan toch te richten op kleine initiatieven van particulieren en lokale bedrijven, uitgevoerd door lokale bedrijven, waarvan de stroom ook lokaal door de particulieren en bedrijven zelf gebruikt wordt wat ook het stroomnet weer ontlast. Waarom kijken we daar niet meer naar? En kom niet met het antwoord dat is al gedaan, want dat is niet zo. Geen van omwonenden met grote of kleine daken is benaderd of aangesproken om iets met zonnepanelen te ondernemen. Zoals gezegd heeft vrijwel iedereen ze toch. 9 bb. Als financiële compensatie voor de omgeving wordt een omgevingsfonds in het leven geroepen, tenminste zo werd in het begin verteld. Maar alleen als 'het business plan het toelaat'. Dus sluitstuk van de begroting is het omgevingsfonds van een paar duizend euro. Een schijntje in een wereld waar over enorme vergoedingen en winsten gepraat wordt. In de definitieve aanvraag is echter niets van het omgevingsfonds te vinden. Niet hoe groot het wordt, niet voor wie beschikbaar, en niet hoe te verkrijgen. 9 cc. Zoals in de hierboven aangehaalde tekst is beschreven, wordt er gesteld dat de omgeving profiteert van de nuttige insecten die worden aangetrokken door de inrichting van het plan gebied.
Hoe zit het dan met aantrekken van schadelijke soorten? Een aantal soorten beplanting zijn wegens schadelijkheid voor de fruitteelt uit het plan gehaald (dat had toch bekend moeten zijn bij initiatiefnemer en alle ingehuurde advies bureaus?). Maar ook onvoldoende of onkundig beheer van o.a. de fruitbomen is een mogelijke infectiebron voor omliggende percelen zoals boomgaarden. Tot op heden is onduidelijk hoe goed de boomgaard beheerd gaan worden. Professionele fruittelers mogen het niet doen '...omdat er niet met chemicaliën gewerkt mag worden...'. Aan biologisch
Het is belangrijk om te erkennen dat het plaatsen van zonnepanelen alleen op daken niet voldoende zal zijn om de klimaatdoelen te bereiken. Hoewel het benutten van geschikte daken kan bijdragen aan het opwekken van ongeveer een kwart van onze energiebehoefte, is dit gebaseerd op de veronderstelling van bijna 40% energiebesparing ten opzichte van het huidige verbruik. Om dit te realiseren, zouden alle geschikte daken volledig bedekt moeten worden met zonnepanelen.
In het Participatieplan is het volgende beschreven: ‘De hoogte van de bijdrage aan het omgevingsfonds is afhankelijk van de productie van de zonneweide en de ruimte in de business case maar zal ten minste €0,25 per MWh bedragen.’ De afspraken over de hoogte van het omgevingsfonds is afhankelijk van een financiële toets die de gemeente heeft uitgevoerd en zijn vastgelegd in de anterieure overeenkomst tussen de initiatiefnemer en de gemeente. Daarnaast staat omschreven: ‘Het omgevingsfonds is door drie maatschappelijke partijen (waaronder EWEC) vormgegeven, die samen met de gemeente waarborgen dat de fondsbedragen ten goede komen aan de lokale omgeving, met een focus op duurzaamheid.’ Het is niet aannemelijk dat er vanwege de aanwezigheid van het zonnepark de bijhorende landschappelijke inpassing sprake is van meer ongedierte. Schade door ongedierte ontstaat vaak door een gebrek aan voedsel. In die situaties gaat het ongedierte gewassen in de landbouw aanvreten. De bosschages en boomgaard rondom het zonnepark zorgen juist voor extra voedsel. Het is daardoor eerder aannemelijker dat eventueel bestaande schade zal afnemen. Ook zal de toename van biodiversiteit gunstig zijn voor de natuurlijke vijanden van plaaginsecten. Ook dit is gunstig voor de omliggende landbouw omdat er hierdoor minder gewassenbescherming nodig is.
Bronnen: • Louis Bolk Instituut (2015): De oogst van Bloeiend Bedrijf – Akkerranden voor natuurlijke plaagbeheersing. http//www.louisbolk.org/downloads/2965.pdf
•
LTO (2007): Functionele Agro Biodiversiviteit (FAB) https://www.researchgate.net/publication/40099765_Eindrapportage_FAB_20052007_functionele_Agro_Biodiversiteit_FAB
beheer door een fruitteler is duidelijk nog niet gedacht. Waarom niet?
Daarnaast wordt er wel onderhoud gepleegd aan de boomgaard. Er is een inrichtings- en beheerplan opgesteld waarin de verschillende landschappelijke elementen (struweel, kruidenrijk grasland, hoogstamfruit) zijn omschreven. Vervolgens is er per landschappelijk element omschreven hoe de aanleg, het ontwikkelingsbeheer en het instandhoudingsbeheer van onder andere de hoogstamfruitgaard wordt uitgevoerd. In het inrichtings- en beheerplan is in paragraaf 5.4 beschreven hoe de hoogstamfruitgaard wordt beheerd. Het inrichtings- en beheerplan zal als gewaarmerkt stuk onderdeel uitmaken van de vergunning, waardoor de initiatiefnemer gehouden wordt aan de in het plan omschreven aanleg en beheer. Indien initiatiefnemer verzaakt om de aanleg/beheer goed uit te voeren, kan de gemeente hierop handhaven. Het staat initiatiefnemer vrij om een fruitteler het beheer te laten uitvoeren, zolang het voldoet aan het inrichtings- en beheerplan.
9 dd. "Monitoren van woekerende soorten zodat die niet tot bloei kunnen komen". Het huidige beheerplan is niet eenduidig en verwarrend. Er wordt aangeven dat er '3x per jaar gemaaid wordt met tussenpozen van 6 weken'. Direct in de volgende regel wordt gezegd: 'bij voorkeur maaien na 15 juni ivm zaadzetting en daarna maaien na 15 september'. Ook het plan om 'gemaaid gras een aantal dagen op het land te laten liggen om zaden uit te laten uitvallen' is ongewenst. Uitvallende zaden hebben alle kans om te verwaaien naar de buren. Het voorgenomen 'gespreid maaien' vergroot de moeilijkheid voor monitoren van ongewenste soorten. Het beschreven beheer is volledig strijdig met elkaar. Hoe wordt het nu werkelijk? De soorten paardenbloem en boterbloem worden niet aan de lijst met woekerende soorten toegevoegd hoewel deze voor de doelstellingen van het productie grasland van de buren zeer schadelijk zijn. Moeten de buren lijden onder de groene ambitie van de initiatiefnemer van het zonneveld? Het voorgenomen beheer gaat de hinder van deze soorten aanwakkeren.
Het Inrichtings- en beheerplan is in overleg tussen de Initiatiefnemer en de gemeente aangepast. Hieronder zijn deze aanpassingen weergegeven. Toevoegingen zijn dik gedrukt en verwijderde stukken zijn doorgestreept. Inrichtings- en beheerplan pagina 23: Meerwaarde voor omliggende agrariërs: Op woekerende ongewenste soorten wordt gemonitord en met ecologisch biologisch beheer gezorgd dat dit niet tot bloei zaadzetting kan komen. Struweelranden: Door de juiste aanleg en goed beheer ontstaan dichte struwelen langs de randen die: - Het uitwaaien van zaden naar de omgeving verminderen. Inrichtings- en beheerplan pagina 29: Het doel is dat deze soorten niet in bloei tot zaadzetting komen. Inrichtings- en beheerplan pagina 32: Ontwikkelingsbeheer: - Bij voorkeur de eerste keer maaien na 15 juni in verband met zaadzetting van de kruiden, en de derde keer maaien na 15 september - Maaisel drie dagen laten liggen zodat zaden uit kunnen vallen. direct afvoeren - Invasieve soorten zoals Japanse duizendknoop en reuzenberenklauw jaarrond bestrijden. - Ongewenste soorten als reuzenberenklauw en Jacobskruiskruid, ridderzuring, akkerdistel en grote brandnetel 3-5 keer per jaar monitoren en jaarrond biologisch bestrijden door koppen eruit te maaien en/of uit te steken. Frequentie verhogen wanneer dit noodzakelijk is om overlast bij omliggende grondeigenaren te voorkomen.
Instandhoudingsbeheer - Maaisel drie dagen laten liggen zodat zaden uit kunnen vallen. - Als de vegetatie vergrast of open wordt dient opnieuw plekken
vertoond dienen deze plekken te worden ingezaaid. - Ongewenste soorten als reuzenberenklauw en Jacobskruiskruid, ridderzuring, akkerdistel en grote brandnetel jaarrond biologisch bestrijden door koppen eruit te maaien en/of uit te steken. Frequentie verhogen wanneer dit noodzakelijk is om overlast bij omliggende grondeigenaren te voorkomen. Verdere uitleg: Het maaibeheer is aangescherpt om onduidelijkheden te voorkomen. Ongewenste soorten (reuzenberenklauw, jacobskruiskruid, ridderzuring, akkerdistel en grote brandnetel) worden zowel tijdens het Ontwikkelingsbeheer als het Instandhoudingsbeheer biologisch bestreden door koppen eruit te maaien of te steken zodat deze soorten niet tot zaadzetting kunnen komen. De frequentie van het monitoren en het beheer kan verhoogd worden wanneer dit noodzakelijk is om overlast bij omliggende grondeigenaren te voorkomen. Omdat de kans op ongewenste soorten in het begin groter is zal het maaisel tijdens het Ontwikkelingsbeheer direct worden afgevoerd. Bij het Instandhoudingsbeheer worden ongewenste soorten nog steeds biologisch bestreden. Omdat de bodem dan verdere verschraald is en ongewenste soorten minder voorkomen blijft het maaisel tijdens het Instandhoudingsbeheer vanaf dan 3 dagen liggen zodat zaden uit kunnen vallen en het kruidenrijke gras zich goed kan ontwikkelen.
De struweelranden zullen ook het uitwaaien van zaden naar de omgeving verminderen. Soorten als paardenbloem en boterbloem worden landelijk niet gezien als ongewenste soorten. De Ruimtelijke Onderbouwing is aangepast conform bovenstaande. Op pagina 13 is de tekst als volgt aangepast: Op woekerende ongewenste soorten wordt gemonitord en met ecologisch biologisch beheer gezorgd dat dit niet tot bloei zaadzetting kan komen. 9 ee. Alle positieve effecten voor de natuur zijn opgesomd, maar de nadelige niet. Het plan gebied gaat zeker ook ruimte bieden aan schadelijke soorten. Sterker nog genoemde soorten vergroten de biodiversiteit door hun mogelijke vestiging, maar bv zijn steenmarter en kleine marterachtigen rovers en zullen zich niet beperken tot het plan gebeid evenals de torenvalk en steenuil die de te plaatsen nestkasten moeten gaan bewonen. De tevens genoemde patrijs die zich mogelijk zou kunnen vestigen is een welkome prooi voor die eventuele marterachtige. Wie gaat zich vestigen en wie overleefd? 9 ff. De stelling dat in het gebied helemaal geen weidevogels zitten zoals in het rapport wordt gesteld, bestrijden wij. Tot enkele jaren geleden werden op het perceel naast het plangebied
Zie reactie bij 9 cc.
Het plangebied van de Dwarsdijkse Zonneweide ligt niet in een weidevogelkerngebied. Daarnaast heeft initiatiefnemer contact opgenomen met ANV en is er een Quickscan Wet Natuurbescherming uitgevoerd. Hieruit is geconcludeerd dat er geen beschermde soorten in het plangebied aanwezig zijn.
actief weidevogelnesten gezocht en gevonden. Navraag bij Collectief Utrecht leert inderdaad dat in de regio wel weidevogels zitten, ook al staat het gebied niet bekend als weidevogel rijk gebied. De stelling: "Er zijn geen weidevogels" zoals in de aanvraag informatie gesteld wordt, is onjuist. Reeds op de website van gemeente Wijk bij Duurstede wordt gesteld: Impact zonnevelden op weidevogels:... Het Vogelonderzoeksinstituut Sovon Vogelonderzoek Nederland geeft aan dat diverse soorten weidevogels dan ook niet zullen broeden in een zone van 200 a 300 meter van opgaande elementen in het landschap zoals zonnepanelen. Naast de afstotende werking van de zonnepanelen zelf, komt daar bovenop het aantrekken van extra beschutting voor vijanden en de geplande torenvalk en uilennestkasten wat tezamen maakt dat het totale plan de weidevogelstand in de directe omgeving naar verwachting negatief zal beïnvloeden, zo geeft ook mevrouw M. Blom van Collectief Utrecht aan bij telefonische navraag. 9 gg. Het plan is voor een zonneveld dat afgeschermd wordt met een struweel haag. Daar bovenop wordt er voor het oog een hoogstam boomgaard ingetekend. Bij onvakkundig beheer kan deze een infectiebron zijn voor andere boomgaarden in de regio.
Beheren door een fruitteler uit de omgeving is afgewezen omdat "De hoogstamboomgaard vervangen door productieboomgaard is niet mogelijk omdat er niet gespoten mag worden...". Biologisch beheer door een gangbare of zelfs biologische fruitteler is hierbij niet afgewogen. Alsnog de vraag of deze boomgaard biologisch beheerd mag worden door een (groep) fruittelers uit de regio, eventueel tegen vergoeding als de oogst voor het publiek beschikbaar moet blijven. Trouwens bij biologisch beheer wordt ook gespoten, maar met middelen die al in de natuur voorkomen.
Hiermee voldoet het plan aan een goede ruimtelijke ordening.
Zie reactie bij 9 cc.
9 hh. Doordat het onduidelijk is hoeveel beton gebruikt wordt voor de betonblokken fundering van de panelen is ook geen inschatting te maken van de transportbewegingen. De 540 lijkt een grove inschatting en zal gezien ook andere aannames, zeker niet te hoog zijn. ii. Daarnaast zijn de kleinere wegen in het buitengebied Smidsdijk en Caspergauw in matige staat. De bermen zitten eigenlijk continu vol gaten en worden slechts nu en dan bijgewerkt waarbij de ingrepen ook kort verbetering geven. Het extra verkeer zal dus weldegelijk overlast geven in de buurt, waarbij ook de keuze voor betonfunderingen extra verkeer geeft terwijl er een eenvoudiger oplossing is door gewoon op palen in de grond te funderen. 9 jj. In het plan wordt uitsluitend gekeken naar de transport bewegingen voor het park zelf. De consequenties voor de omving worden niet meegenomen. De omliggende boeren die van hun buiten percelen voer moeten aanvoeren en mest moeten afvoeren worden buiten beschouwing gelaten. Over de volledige levensduur van het zonneveld heeft dit meer impact dan de hier ingeschatte verkeersbewegingen voor de aanleg. 9 kk. In toegelicht ontbreekt wat er gebeurt als door storm of brand zonnepaneeldeeltjes zich over de omliggende percelen verspreiden. Het door storm- of brandschade verspreiden van deeltjes van zonnepanelen over de omgeving is al regelmatig in het nieuws.
Risico dat omliggende percelen voor korte of langere tijd buiten gebruik zijn met risico voor het grazende vee is niet toegelicht. Graag zou ik dat aangevuld zien. 9 ll. Ook het opruimplan na afloop van de vergunningsperiode ontbreekt. Hoe is dit geregeld en wat gebeurd er als het project één of meerdere keren in andere handen over gaat? Is dit volledig vastgelegd? Dit zal wederom om veel geld gaan en kan dus de nodige problemen opleveren. Ook het aangevoerde materiaal voor de service paden en toegangswegen zullen weer afgevoerd moeten worden om de
Bij het berekenen van de transportbewegingen voor de Aerius berekening is rekening gehouden met de afmetingen van de betonblokken fundering.
Een eis is dat uiterlijk 3 weken voor de start van de bouw een veiligheidsplan ter goedkeuring aan de gemeente dient te worden aangeboden. In dit veiligheidsplan dienen maatregelen te zijn getroffen gericht op het voorkomen van hinder tijdens de bouw. De aan- en afvoerroutes zijn onderdeel van dit veiligheidsplan.
Bij de Aerius berekening hoeft enkel de vervoersbewegingen voor het initiatief in kaart worden gebracht.
Bij de beoordeling van de technische componenten is voldoende aangetoond dat wordt voldaan aan wet- en regelgeving, ook op het gebied van veiligheid. De Veiligheidsregio Utrecht is in de gelegenheid gebracht om hierover te adviseren en heeft dit ook gedaan. Hieruit bleek dat wordt voldaan aan wet- en regelgeving. Verder geldt de in het burgerlijk wetboek opgenomen aansprakelijkheid.
Na 30 jaar is de grond weer beschikbaar voor agrarische doeleinden. De initiatiefnemer heeft een opruimplicht. Deze afspraken zijn vastgelegd in een anterieure overeenkomst welke is gesloten tussen de initiatiefnemer en de gemeente. Eventuele toekomstige eigenaren zijn hier ook aan gebonden en nemen de anterieure overeenkomst over.
grond weer landbouwwaardig te krijgen. Hoe is daarin voorzien? Conclusie De zienswijze geeft aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit, als volgt:
Ruimtelijke onderbouwing N.a.v. zienswijzen (9 dd.) De Ruimtelijke onderbouwing is in overleg tussen de initiatiefnemer en de gemeente aangepast, zie aanpassingen bij reactie 9 dd. Inrichtingsplan N.a.v. zienswijzen (9dd) Het Inrichtingsplan is in overleg tussen de initiatiefnemer en de gemeente aangepast, zie aanpassingen bij reactie 9 dd. Participatierapport N.a.v. zienswijzen (9v) Het participatierapport is in overleg tussen de initiatiefnemer en de gemeente aangepast, zie aanpassingen bij reactie 9v.
Indiener 10 Ingekomen 7 juni 2023 Zienswijze 10 a. Op tweede pinksterdag organiseren wij ons jaarlijks evenement Trekkertrek op het perceel van een omwonende. Tijdens dit evenement maken wij gebruik van het naast gelegen perceel waar het zonnepanelenpark gelegd gaat worden, wij gebruiken dit perceel als doorgang voor auto's naar ons parkeerterrein op het perceel van een omwonende. Wij dienen bezwaar in omdat wij gebruik willen blijven maken van dit perceel om de toevoer naar ons evenement te behouden. In het participatieplan wordt onze naam heel summier genoemd. Dit is voor ons niet voldoende en daarom maken wij bezwaar. Wij eisen vooraf een concreet plan zwart op wit hoe het perceel voor ons toegankelijk zal blijven
Reactie gemeente In het plan is rekening gehouden met de mogelijkheid om het Trekkertrek evenement toegang te geven vanaf de Kapelleweg naar het evenement (tussen de panelenvelden door). Tussen de initiatiefnemer en de organisatie van de Trekkertrek is contact geweest en het plan is ook per e-mail gedeeld. De organisatie heeft aangegeven dat de voorkeur is om op een later moment, wanneer het daadwerkelijk zo is dat het zonneveld gebouwd gaat worden, zaken verder af te stemmen. Op deze e-mail is er vanuit de Trekkertrek organisatie geen reactie gekomen. Zowel de initiatiefnemer als de gemeente staan nog open voor nader overleg hierover.
Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het ontwerpbesluit.
Indiener 11 Ingekomen 7 juni 2023 Zienswijze 11 a. lk vind de locatie, niet goed, omdat het in een open gebied ligt, en het geplande zonnepark, in de
Reactie gemeente Het voorliggende initiatief past binnen het Beleidskader Zonnevelden, vastgesteld door de gemeenteraad op 3 december 2019. De locatie is
lengte van de weg komt, daardoor wordt de mooie ligging van de Kapelleweg verstoord. De andere zonneparken liggen veelal, dwars op de wegen, zodat het veel minder aantasting geeft aan het gebied.
gelegen in kansrijk gebied (groen op de kansenkaart) waar tot 40 hectare aan zonnevelden is toegestaan. In dit kansrijke gebied heeft BHM Solar de locatie aan de Kapelleweg gekozen (7,8 hectare netto). Deze locatie met het door BHM Solar voorgestelde inrichtingsplan is vervolgens door het college op 15 maart 2022 beoordeeld aan de hand van het ‘scoreformulier zonnevelden’. De locatie scoorde naar oordeel van het college goed en het college heeft onder voorwaarden ingestemd voor de realisatie van een zonneveld. In het scoreformulier werden scores vergeven op meerdere aspecten. Een van deze aspecten was landschap en recreatie. De voorgestelde inrichting haalt het zonneveld grotendeels uit het zicht door de aanplant van groenstruweel rondom, een nadrukkelijke wens van omwonenden. Dit zorgt weliswaar voor het verkleinen van de openheid van het gebied, maar hiermee wordt voorkomen dat het zonneveld negatieve impact heeft op het landschap. Het landschap wordt kleinschaliger door twee ‘kamers’ toe te voegen door middel van groene struweelranden rondom twee delen van de zonneweide. Het zonneveld is naar het oordeel van de gemeente ingepast naar de maat, de schaal en de elementen in het landschap. Met aandacht voor de beleefbaarheid en karakteristiek van het landschap, en de recreatieve waarde. Waar onttrekking uit het zicht gewenst is, gebeurt dit met gebiedseigen beplanting.
Tot slot vindt de gemeente het belangrijk dat er met de landschappelijke inpassing en ecologische beheer een bijdrage wordt geleverd aan de biodiversiteit in het gebied. In het plangebied is tevens ruimte gereserveerd voor de aanleg van een openbare voorziening in de vorm van een rustplaats voor recreanten.)
11 b. Als er een ontwikkelaar, een plan had voor een zonnepark, dan had de gemeente als eis, dat voor er een vergunning zou worden afgegeven, eerst zou worden gekeken, of het niet omliggende landbouwbedrijven, daar last van zouden krijgen, qua ontwikkelingsmogelijkheden. Dat is hier wel het geval. Ik heb 2 buiten percelen, die heb ik aangeboden, om te ruilen, zodat ik door het perceel van het geplande zonnepark, mijn huiskavel zou kunnen vergroten. Wat goed is om mijn koeien meer buiten te weiden, en minder vervoer over de weg. Dat is een voordeel in kosten, minder landbouwverkeer, minder uitstoot, en veiliger op de weg. Met mijn aanbod is niets meegedaan zowel via