Bijlage 1 - Begroting 2022 - 2025
Tekst van het document
Wij mogen in totaal niet meer dan 8,5% van de begrotingsomvang (totale lasten) aan leningen van korter dan 1 jaar hebben. Hieronder vallen dus de rekening courant bij de BNG (rood staan) en de aangetrokken kasgeldleningen. Dit maximum is wettelijk vastgelegd in de Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden. De gemeente mag in 2022 maximaal € 4.787.000 aan kortlopende leningen aantrekken. We hebben momenteel geen kortlopende financiering. Langlopende financiering: renterisicoberekening Om te voorkomen dat er jaarlijks grote wijzigingen zijn in de rentelasten, schrijft de Wet financiering decentrale overheden de renterisiconorm voor. De jaarlijkse aflossingen en wijzigingen in de rente (bijvoorbeeld bij een rentevastperiode) mogen niet meer dan 20% van het begrotingstotaal zijn. De renterisiconorm voor het jaar 2022 is bepaald op € 11.265.000. Financieringsbehoefte Begin 2022 bedraagt het totaalbedrag aan opgenomen leningen 24,5 miljoen. Tekorten in de exploitatie worden gefinancierd met kasgeldleningen. Wanneer de financieringsbehoefte hoger is, trekken we langlopende leningen aan. Hoe hoog de financieringsbehoefte daadwerkelijk wordt, is afhankelijk van het tijdstip waarop de uitgaven plaatsvinden en van de opbrengsten die we realiseren. Langlopende leningen gaan we in principe aan voor 10 jaar.
Als er sprake is van een gunstig rentepercentage, onderzoeken we of een langere looptijd gewenst is. Geprognosticeerde balans
Prognose meerjarenbalans Activa Vaste Activa Imma teri ël e va s te a ctiva Ma teri ël e va s te a ctiva Fi na nci ël e va s te a ctiva Totaal vaste activa
bedra gen x € 1.000 Realisatie Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting Ultimo Ultimo Ultimo Ultimo Ultimo Ultimo 2020 2021 2022 2023 2024 2025
4.992 47.920 3.577 56.488
5.007 49.428 3.454 57.889
4.883 49.428 3.340 57.651
4.900 48.114 3.340 56.354
4.900 48.228 3.291 56.419
4.629 47.428 3.242 55.299
- 495 6.979 300 1.246 8.030
400 2.828 - 1.126 279 2.381
398 2.755 300 1.246 4.699
710 2.755 300 1.246 5.011
700 2.755 300 1.246 5.001
690 2.755 300 1.246 4.992
Totaal activa
64.518
60.270
62.350
61.365
61.420
60.291
Passiva Vaste Passiva Ei gen vermogen Voorzi eni ngen Va s te s chul den va n één ja a r of l a nger Totaal vaste passiva
19.410 11.084 18.455 48.949
17.203 11.445 17.915 46.563
16.864 11.689 17.356 45.908
16.534 11.932 16.778 45.245
16.430 12.176 16.778 45.385
16.132 12.420 16.383 44.935
10.391 5.178 15.569
9.029 4.678 13.707
10.986 5.456 16.442
10.986 5.133 16.119
10.985 5.048 16.034
10.986 4.370 15.356
64.518
60.270
62.350
61.365
61.420
60.291
Vlottende Activa Voorra den Ui tzetti ngen korter da n één ja a r Li qui de mi ddel en Overl opende a ctiva Totaal vlottende activa
Vlottende Passiva Netto vl ottende s chul den korter da n één ja a r Overl opende pa s s i va Totaal vlottende passiva Totaal passiva
-60-
EMU-saldo Het EMU-saldo is in 1992 door de Economische en Monetaire Unie ingevoerd om vergelijkingen tussen de verschillende eurolanden mogelijk te maken. Het EMU-saldo (ook wel begrotingssaldo genoemd) is de optelsom van alle inkomsten en uitgaven van de Rijksoverheid en de decentrale overheden. Volgens de regels van de EMU, zoals vastgelegd in het Verdrag van Maastricht, mag het vorderingentekort (het EMU-saldo) van een land niet hoger zijn dan 3% van het bruto binnenlands product. Hiermee wil men de economische sterkte van de eurolanden behouden. Het EMU-saldo wordt dus vooral op landelijk niveau gebruikt. De gemeente is een decentrale overheid. In het Besluit Begroting en Verantwoording is de verplichting vastgesteld dat de gemeenten in hun begroting ramingen van het EMU-saldo dienen te verstrekken. Het EMU-saldo is voor de individuele gemeente echter geen sturingsvariabele. Dat komt omdat bij het EMU-saldo wordt gekeken naar het saldo van de begroting volgens het kasstelsel, naar welke geldstromen er in een jaar binnen komen en welke er uitgaan. De gemeente werkt echter met een baten-lasten stelsel, waarbij gestuurd wordt op een structureel sluitende (meerjaren)begroting. Door het verschil in gehanteerde stelsel kan het voorkomen dat bij een sluitende begroting, een gemeente toch een negatief EMU-saldo heeft.
Investeringen en uitgaven die worden gedekt uit reserves tellen bijvoorbeeld niet mee in de uitkomst in het baten-lastenstelsel, maar tellen wel door in het EMU-saldo. Het geprognosticeerde EMU-saldo voor Wijk bij Duurstede voor 2022 komt uit op € 30.000. bedra gen x € 1.000 Berekening EMU-saldo via exploitatie en balans (volgens EMU-enquête) 1.
(+)
2. 3. 4.
(-) (+) (-)
5.
(-)
Expl oi ta ti es a l do vóór toevoegi ng a a n c.q. onttrekki ng ui t res erves (zi e BBV, a rti kel 17c). Muta ti e (i m)ma teri ël e va s te a cti va Muta ti e voorzi eni ngen Muta ti e voorra den (i ncl . bouwgronden i n expl oi ta ti e) Boekwi ns t bi j verkoop effecten en (i m)ma teri ël e va s te a cti va
Berekend EMU-saldo
Begroting Begroting Begroting Begroting 2022 2023 2024 2025 - 1.309
- 250
- 308
- 216
1.363 244 - 268
1.369 244 - 462
242 244 - 142
1.288 244 - 291
-
-
-
-
30
901
36
1.025
-61-
3.3 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Risicobeheer Deze paragraaf beschrijft de voor de gemeente Wijk bij Duurstede relevante financiële risico’s, uitgaande van de actuele situatie, zowel in- als extern. Risicomanagement is een integraal onderdeel van de bedrijfsvoering van de gemeente. Hierdoor is het mogelijk om bij besluitvorming eventuele risico’s op een juiste wijze te wegen. Deze paragraaf start met een toelichting op het doel van risicobeheer. Daarna wordt het risicoprofiel uiteengezet door de benodigde weerstandscapaciteit te relateren aan de beschikbare reserves. Vervolgens worden de belangrijkste risico’s weergegeven. Het kader is vastgelegd in nota Weerstandsvermogen 2006 en de Financiële verordening gemeente Wijk bij Duurstede 2020. Doel van risicobeheer Risicobeheer is gericht op het verschaffen van een redelijke mate van zekerheid ten aanzien van de realiseerbaarheid van de gemeentelijke doelstellingen, de beheersing van risico’s in bedrijfsprocessen en projecten, de betrouwbaarheid van de financiële verslaglegging en de naleving van relevante wet- en regelgeving. Bij het nemen van belangrijke beslissingen met een onzekere uitkomst worden de risico’s overwogen alvorens tot een besluit te komen.
Hierbij wordt dus expliciet de mate van risicoacceptatie bepaald en worden de financiële risico’s die van invloed zijn op de beleidsuitvoering inzichtelijk en beheersbaar gemaakt. Door het inzicht in de risico’s worden de raad, het college en de organisatie in staat gesteld om op een verantwoorde wijze besluiten te nemen, zodat de risico’s nu en de risico’s gerelateerd aan toekomstige ontwikkelingen/ investeringen in verhouding staan tot de vermogenspositie van de organisatie. Niet alle risico’s laten zich financieel vertalen. Er zijn diverse risico’s die geen financiële gevolgen hebben, maar wel belangrijk zijn om in beeld te hebben. In deze paragraaf ligt de nadruk op de financiële risico’s omdat aan de hand daarvan het weerstandsvermogen wordt bepaald. Dit is een wettelijke verplichting die uit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) komt. Om inzicht in de risico’s van de gemeente te verkrijgen, is een risico-inventarisatie uitgevoerd die twee keer per jaar wordt geactualiseerd. Door een risicosimulatie wordt het benodigde weerstandsvermogen berekend. De weerstandsratio geeft de verhouding weer tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit. De beschikbare weerstandscapaciteit is een optelling van de algemene reserve, de post onvoorzien en de berekening van de onbenutte belastingcapaciteit.
Op basis van het risicobeleid is het gewenste weerstandsvermogen bepaald door de risico’s te kwantificeren naar hun maximale financiële impact maal de kans dat het risico zich voor kan doen. Hierbij zijn alleen risico’s meegenomen waarbij: ▪ de kans dat het risico zich in werkelijkheid voordoet groter is dan 10%; ▪ de kans maal de financiële impact minimaal € 50.000 bedraagt. Voor de beoordeling is de onderstaande schaalindeling gehanteerd. Kans op risico kl ei n mi ddel groot
Geschatte kans 10% 50% 80%
Omschrijving onwaars chi jnl i jk aannemel i jk waars chi jnl i jk
-62-
Risico-inventarisatie In de volgende tabel zijn de gekwantificeerde risico’s samengevat per onderwerp en ingedeeld per type risico. De risico's worden aansluitend toegelicht. bedra gen x € 1.000 Benodigde weerstands I/S capaciteit
Financieel gevolg (maximaal)
Kans
1.000 200 500
Groot Groot Mi ddel
800 160 250
S I I
500 500
Mi ddel Kl ei n
250 50
I I
Beleidsrisico’s 06. Ra mpen en Ca l a mi tei ten 07. Omgevi ngs wet (i mpl ementatie en ui tvoeri ng) 08. Jeugdzorg, vol umes tijgi ng door open-ei nde-regel i ngen 09. Pa rtici pa tie, onts chotti ng RDWI 10. WSW, Ri jks bezui ni gi ng i n takenpa kket 11. Verbouw Ma rkt 24 12. Onderhoud gebouwen 13. Onderhouds contra cten
1.000 300 500 200 500 300 300 300
Groot Mi ddel Mi ddel Kl ei n Kl ei n Groot Groot Mi ddel
800 150 250 20 50 240 240 150
I S S S S I S S
Aansprakelijkheidsrisico’s 13. Ga ra nties tel l i ngen l eni ngen 14. Ga ra nts tel l i ng verzel fs tandi gi ng s portfa ci l i tei ten
3.000 1.000
Kl ei n Kl ei n
300 100
S I
Risico's Bedrijfsrisico's 01. Gemeentefonds (te wei ni g mi ddel en en herverdel i ng) 02. Verontrei ni gi ngs i nci dent ri ol eri ng 03. Kwets ba a rhei d omva ng gemeentel i jke orga ni s a tie Eigendomsrisico’s 04. Hui s ves ting onderwi js 05. Pl a ns cha decl a i ms
Totaal benodigde weerstandscapaciteit
3.810
Toelichting op de risico’s: 01. Gemeentefonds; te weinig middelen en herverdeling Wijzigingen in het uitgavenniveau van de Rijksoverheid, waaronder (verdere) bezuinigingen hebben invloed op het accres (ontwikkeling) van het gemeentefonds en brengen daarom financiële risico’s met zich mee (trap-op trap-af systematiek). Daarnaast vindt er met ingang van 2023 een herverdeling plaats van het gemeentefonds. Bij de eerste versie ging het geld vooral van kleine naar grote gemeenten. Op dit moment is nog niet bekend welke impact dit voor ons gaat hebben. 02. Verontreinigingsincident riolering Er heeft een ernstig milieudelict plaatsgevonden waarbij sanering noodzakelijk is. De provincie is projectleider en bevoegd gezag over de saneringsaanpak en urgentiebepaling. Momenteel is nog niet bekend wie welke kosten betaalt (provincie/gemeente). 03. Kwetsbaarheid omvang gemeentelijke organisatie Een kleine organisatie is relatief kwetsbaar. Bij ziekte en uitval van medewerkers is het lastig de continuïteit te waarborgen.
-63-
04. Huisvesting onderwijs Voor de huisvesting onderwijs is de verordening van toepassing. Door sterk stijgende bouwkosten voldoen de landelijke normeringen niet langer. In de bouwsector is sprake van schaarste zowel op het gebied van materialen als personeel. Het Rijk en de VNG hebben gemeenten indringend geadviseerd om hier rekening mee te houden. 05. Planschadeclaims Door de actualisatie van bestemmingsplannen loopt de gemeente risico op planschadeclaims. De gemeente hanteert hiervoor een planschade-risico-analyse. 06. Rampen en Calamiteiten Op het moment van opstellen van deze begroting doet dit risico zich echter daadwerkelijk voor en houdt het coronavirus de wereld nog steeds in haar greep. Dat geldt ook voor de gemeente Wijk bij Duurstede. Daar waar momenteel de focus ligt op de volksgezondheid, heeft deze pandemie ongetwijfeld ook economische gevolgen. Vanzelfsprekend werken die door in de financiële positie van de gemeente Wijk bij Duurstede (incidenteel, maar zeer waarschijnlijk ook structureel). Hoe groot die doorwerking is, is nog met onvoldoende zekerheid te duiden. 07. Omgevingswet (implementatie en uitvoering) Met ingang van 2022 treedt de Omgevingswet in werking. De invoering heeft gevolgen voor de bedrijfsvoering, met name op het gebied van personele bezetting, ICT, voorzieningen en legesopbrengsten.
Van de totale omvang is op dit moment nog geen compleet beeld beschikbaar. 08. Jeugdzorg, volumestijging door open-einde-regelingen Gemeenten hebben volgens de Jeugdwet een zorgplicht. Dit betekent dat iedere jongere die volgens een wettelijke verwijzer (zoals Stichting Binding, (huis)arts, rechter) wordt verwezen naar een zorgaanbieder de zorg moet krijgen die nodig is. Hiermee is er sprake van een open einde regeling. Als het aantal kinderen in zorg toeneemt betekent direct dat de zorgkosten stijgen. Het Rijk komt vanaf 2021 met extra middelen over de brug om de tekorten bij gemeenten te verkleinen. 09. Participatie, ontschotting RDWI De uitvoering van de Participatiewet is uitbesteed aan het RDWI waarbij door de samenwerkende gemeenten een vorm van risicodeling van toepassing is. Bij wijzigingen in de in-en uitstroom kunnen de verhoudingen tussen de gemeenten veranderen. Dit kan voor ons van invloed omdat er regionaal een vorm van risicodeling (ontschotting) is afgesproken. De risicodeling is m.i.v. 2021 aangepast, waardoor het risico is afgenomen. 10. Wet sociale werkvoorziening (Wsw), Rijksbezuiniging in takenpakket Het Rijk voert een (oplopende) bezuiniging door op de Wsw-gelden. Het risico is aanwezig dat de kosten minder snel dalen dan de ingevoerde bezuiniging van het Rijk. 11.
Verbouw Markt 24 Momenteel vinden de voorbereidingen voor de verbouwing van de Markt 24 plaats. Hiervoor heeft de raad in 2017 krediet beschikbaar gesteld. Het budget is daarna echter niet geïndexeerd. Hierdoor is er een groot risico aanwezig dat het budget overschreden gaat worden.
-64-
12. Onderhoud gebouwen Voor het gebouwenonderhoud is een meerjarenonderhoudsplan (MJOP) aanwezig waarin alle geplande onderhoudswerkzaamheden zijn opgenomen. Het MJOP wordt jaarlijks geactualiseerd en geïndexeerd. Tot en met 2020 was hiervoor een voorziening groot onderhoud gebouwen aanwezig (in de Najaarsnota 2020 is deze omgezet in een reserve). Jaarlijks zijn (vaste) bedragen toegevoegd aan deze voorziening. Deze bedragen zijn in tegenstelling tot het MJOP echter niet jaarlijks geïndexeerd. Als het gemeentelijk vastgoed in de toekomst verduurzaamd gaat worden, zijn hier ook kosten aan verbonden. Deze duurzaamheidmaatregelen zijn tot op heden (nog) niet begroot. Het risico is vrij groot dat deze reserve niet toereikend is om alle bovengenoemde kosten te kunnen betalen. 13. Indexatie onderhoudscontracten Periodiek terugkerende onderhoudswerkzaamheden voor het onderhoud van de openbare ruimte besteden wij grotendeels uit aan derde partijen. Wij sluiten (meestal na een aanbesteding) met deze partijen contracten af voor de uitvoering van deze diensten. In deze contracten is het gebruikelijk om de tarieven na een jaar te kunnen indexeren, bijvoorbeeld vanwege loon-/kostenstijgingen. Vanaf de begroting 2022 worden onze budgetten jaarlijks geïndexeerd. De budgetten over voorgaande jaren zijn echter niet geïndexeerd, dit kan ertoe leiden dat onze budgetten toch niet toereikend zijn.
14. Garantiestelling leningen De gemeente staat garant voor het garantievermogen inzake de Wet Sociale Woningbouw (WSW). Daarnaast staat de gemeente garant voor een aantal leningen zonder WSW-achtervang. 15. Garantiestelling verzelfstandiging sportfaciliteiten De gemeente heeft een waarborg op een financieringsovereenkomst van een geprivatiseerde sportinrichting verstrekt. Dit betreft een langlopende lening. Bij de het bepalen van het risico houden we rekening met de bedrijfsvoering/continuïteit van de sportfaciliteiten De stelpost ‘Rijk komt over de brug’ is zoals in de uitgangspunten benoemd niet meer in de begroting opgenomen. Hierdoor is dit risico niet meer aanwezig.
Risicokaart Kans Financieel gevolg (maximaal)
kl ei n 10%
kl ei ner da n € 100.000
5, 9, 10
€ 100.000 - € 250.000 € 250.000 - € 500.000 € 500.000 - € 1.000.000
mi ddel 50%
groot 80%
15
7, 13
2, 11, 12
14
3, 4, 8 1, 6
groter da n € 1.000.000
-65-
Weerstandscapaciteit bedra gen x € 1.000 Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Beschikbare weerstandscapaciteit Al gemene res erve Pos t onvoorzi en Onbenutte ca pa ci tei t OZB Beschikbare weerstandscapaciteit
6.316 32 748 7.096
5.207 72 748 6.027
5.348 75 568 5.991
Benodigde weerstandscapaciteit
6.193
6.572
3.810
Weerstandsvermogen
1,15
0,92
1,57
Weerstandscapaciteit
Voor bepalen van het benodigde weerstandsvermogen zijn alleen de nu bekende risico's meegenomen. Indien er nieuwe projecten worden gestart, kan het risicoprofiel veranderen en daarmee dus ook het benodigde weerstandsvermogen.
Voor de kwalificatie van bovengenoemde ratio van het weerstandsvermogen wordt bij veel gemeenten onderstaande tabel gehanteerd: Waarderingscijfers A B C D E F
Ratio > 2,0 1,4 - 2,0 1,0 - 1,4 0,8 - 1,0 0,6 - 0,8 < 0,6
Betekenis ui ts tekend rui m vol doende vol doende mati g onvol doende rui m onvol doende
Kengetallen Om de horizontale verantwoording te versterken zijn gemeenten verplicht om een basis set van vijf financiële kengetallen op te nemen in de paragraaf weerstandsvermogen. De kengetallen vormen een verbinding tussen de verschillende aspecten die de raad in haar beoordeling van de financiële positie moet betrekken om daar een verantwoord oordeel over te kunnen geven. Zij leveren daarmee ook een bijdrage aan hun kaderstellende en controlerende rol. Het gebruik van kengetallen heeft geen functie als normeringsinstrument in het kader van het financieel toezicht door de provincies of het Rijk. Het gaat om de volgende kengetallen: ▪ Netto schuldquote ▪ Solvabiliteitsratio ▪ Grondexploitatie ▪ Structurele exploitatieruimte ▪ Belastingcapaciteit; woonlasten meerpersoonshuishoudens
-66-
Kengetallen Verplichte kengetallen 1. Netto s chul dquote 2. Sova bl i l i tei ts ra ti o 3. Grondexpl oi ta ti e 4. Structurel e expl oi ta ti erui mte 5. Gemeentel i jke bel a s ti ngca pa ci tei t Overige kengetallen 6. Weers ta nds ra ti o
Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 36,9% 30,1% 0,0% 0,0% 116,5%
47,8% 28,5% 0,7% 0,0% 115,1%
46,3% 27,0% 0,7% 0,6%
46,3% 26,9% 0,7% 0,3%
46,5% 26,8% 0,7% -0,2%
44,5% 26,8% 0,7% 0,2%
1,15
0,92
1,57
1,59
1,54
1,57
Beoordeling van de kengetallen Een afzonderlijk kengetal zegt weinig over hoe de financiële positie moet worden beoordeeld. Zo hoeft een hoge schuld niet per se een nadelig effect te hebben op de financiële positie, maar is dat afhankelijk of en wat er aan eigen vermogen en baten tegenover die schuld staat en hoe groot de kans is dat de schuld weer wordt afgelost. Het is daardoor niet mogelijk om een individueel kengetal te gebruiken voor de beoordeling van de financiële positie. De kengetallen moeten altijd in samenhang worden bezien, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een goed beeld kunnen geven van de financiële positie van een gemeente. De kengetallen zijn daarom gezamenlijk opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. Omdat de kengetallen in hun onderlinge relatie moeten worden bezien in de beoordeling van de financiële positie, worden deze voorzien van een toelichting. Netto schuldquote Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de medeoverheid ten opzichte van de eigen middelen (baten exclusief mutaties in de reserves) en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie.
Objectief gezien is de netto schuldquote van de gemeente Wijk bij Duurstede niet hoog (een netto schuld van maximaal 90% wordt als aanvaardbaar gezien). Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De mate van weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie van een gemeente. Grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten. Overigens zegt dit kengetal niets over de looptijd, courantheid en risico’s van de betreffende grondexploitaties. In de paragraaf grondbeleid wordt daar nader op ingegaan. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken.
-67-
Belastingcapaciteit; woonlasten meerpersoonshuishoudens Voor de gemeenten wordt de belastingcapaciteit gerelateerd aan de hoogte van de gemiddelde woonlasten (OZB, riool- en afvalstoffenheffing). Bij de heffingen wordt gestreefd naar kostendekkende tarieven. Het staat de gemeente vrij om bij de inkomsten te opteren voor een lagere heffing dan wettelijk is toegestaan.
-68-
3.4 Onderhoud kapitaalgoederen Deze paragraaf gaat over het onderhoud van de kapitaalgoederen in gemeentelijk bezit. Kapitaalgoederen zijn onderdelen van de openbare ruimte en accommodaties waarvoor langlopende investeringen nodig zijn. Het beheer en onderhoud hiervan is gericht op de duurzame instandhouding. Inleiding De gemeente Wijk bij Duurstede heeft een groot deel van haar vermogen geïnvesteerd in voorzieningen voor haar inwoners, zoals wegen, verlichting, riolering, groen, speelplaatsen, straatmeubilair en gebouwen. Het onderhoud van deze zogenaamde ‘kapitaalgoederen’ is van cruciaal belang voor het functioneren van de gemeente op diverse gebieden. Ook voor de inwoners is de kwaliteit van hun leefomgeving van groot belang; teruglopende kwaliteit kan leiden tot kleine ergernissen, klachten of zelfs serieuze ongelukken. Team Beheer Openbare Ruimte (BOR) werkt sinds 2020 met een lange termijnplanning voor het onderhoud van de openbare ruimte. De werkwijze, kosten en kwaliteit zijn vastgelegd in het “Beheerkwaliteitsplan 2020-2025 Gemeente Wijk bij Duurstede” en geeft inzicht in de huidige en de gewenste (beeld)kwaliteit van het beheer en onderhoud van de openbare ruimte inclusief het benodigde budget.
In het Beheerkwaliteitsplan (verder BKP) gaan we uit van een ambitieniveau dat is vastgesteld op beeldkwaliteitsniveau B en waarbij de planhorizon voor investeringen 50 jaar is. Het BKP wordt verder uitgewerkt in het Integraal Uitvoerings Plan (IUP). Dit IUP omvat de geplande werkzaamheden voor het groot- en vervangingsonderhoud (investeringen), integraal afgestemd tussen de verschillende beheerdisciplines en beleidsplannen en gedetailleerder weergegeven met de bijbehorende kosten en planning van de eerstvolgende 10 jaar. Het BKP heeft een relatie met de overige beleidsplannen zoals het GVVP, WRP en Groenstructuurplan. Het IUP wordt afgestemd met de vigerende beleidsplannen en wordt jaarlijks geactualiseerd. Beide plannen zijn in werking vanaf 1 januari 2020. Hieronder vindt u de verschillende kapitaalgoederen en het jaar van vaststelling van het betreffende beheerplan en de uit te voeren werken/investeringsprojecten in 2022. In 2004 heeft de gemeenteraad het gebouwenbeheersplan vastgesteld; daarom maakt het geen deel uit van het BKP. Gezien de vele ontwikkellocaties wordt het plan jaarlijks geactualiseerd. Kapitaalgoederen
Beheerplan
Jaar van vaststelling
Wegen Kunstwerken Verkeer Riolering Openbare verlichting Groen Watergangen Gebouwen Beschoeiingen, duikers en stuwen
IN BKP en IUP IN BKP en IUP IN BKP en IUP Gemeentelijk Water+Rioleringsplan (WRP I) IN BKP en IUP IN BKP en IUP IN BKP en IUP Beheerplannen Gebouwen IN BKP en IUP
2019 2019 2019 2019 2019 2019 2019 2004 2019
Het jaar 2022 staat voor een groot deel in het teken van het implementeren van de twee nieuwe integrale contracten voor het onderhoud aan “openbaar groen en vegen/straatreiniging” en “Maaien bermen, watergangen en biodiversiteit”. Met deze contracten brengen we het onderhoud van het openbaar groen, de onkruidbestrijding en vegen weer in overeenstemming met het BKP en de -69-
bijbehorende beeldkwaliteit B. Dit was eerder niet mogelijk in verband met de lopende meerjarige contracten. Met het nieuwe onderhoudscontract “Maaien bermen, watergangen en biodiversiteit” zal er veel meer aandacht zijn voor biodiversiteit zoals soortgericht beheer, alternerend maaien, aanpassen machines aan omstandigheden en verbetering tools directievoering en toezicht. Door het gebundeld opnemen van deze verschillende onderhoudswerkzaamheden in het openbaar groen en reinigingscontract kan de aannemer efficiënter werken, de werkzaamheden beter op elkaar afstemmen of combineren en bijv. wijksgewijs uitvoeren en is het voor de opdrachtgever beter te regisseren en te controleren. Kapitaalgoederen Wegen
Bruggen/kunstwerken Verkeer- en straatmeubilair Riolering
Openbare verlichting
Groen
Watergangen en waterbouwkundige constructies Gebouwen
(Vervangings-)investeringen in 2022 Reconstructie Broekweg Zandweg fase 2 Dorpsstraat en Kerkweg Langbroekerdijk (gedeelte kern Langbroek Smidsdijk Romeinenbaan Vervangen duikerbrug in de Langbroekerdijk Vervangen/groot onderhoud 6 houten bruggen Vervangen divers straat- en verkeersmeubilair Rioleringen koninginnenbuurt Vervangen pompgemalen Grondwateronderzoeken en maatregelen uitvoeren Langbroek en De Horden Klimaatmaatregelen doorvoeren (knelpunten oplossen) Vervangen openbare verlichting binnenstad Wijk bij Duurstede Vervangen openbare verlichting Langbroek / Cothen (laatste gedeelte) Vervangen openbare verlichting buitengebied Vervangen diverse speelterreinen inclusief ondergronden Kwaliteitsverbeteringen diverse wijkingangen en zichtlocaties Vervangen groenvak promenade-molenakker Vervangen oeverbeschoeiing op diverse plaatsen (o.a. Vechtsteen en Nieuweweg) Modernisering Huis van de Gemeente
bedra gen x € 1.000 Reserves en voorzieningen kapitaalgoederen Bestemmingsreserve BR Monumentenbel ei d BR Onderhoud wa terga ngen (ba ggerpl a n) Voorzieningen egalisatie tarieven VZ ri ol eri ng/GRP IV Voorzieningen onderhoud VZ onderhoud s peel voorzi eni ngen Totaal
Saldo 1-1-2022
Stortingen
Onttrekkingen
Saldo 31-12-2022
7 337
34
-
7 371
6.808
643
- 560
6.891
10
-
-
10
7.162
678
- 560
7.279
-70-
Areaaloverzicht:
Areaal Wegen • As fa l t en beton verha rdi ng • Kl i nkerverha rdi ng • Onverha rd en ha l f verha rdi ng Riolering • Vri jverva l -ri ol eri ng • Pers l ei di ng • Gema l en • Overs torten
Aantal
1.163.757 62.461 30.548
Eenheid
m2 m2 m2
106 81 465 39
km. km. s tuks s tuks
1 1.336 749 8.692
s tuks meter meter meter
461.992 881.455 4
m2 m2 s tuks
2 2 1 6 4 4 5 7 1 1
s tuks s tuks s tuks s tuks s tuks s tuks s tuks s tuks s tuks s tuks
Openbare verlichting • Li chtpunten
5.822
s tuks
Kunstwerken • Bruggen • Dui kers • Houten s tuw • Vi a duct
56 129 3 1
s tuks s tuks s tuks s tuks
Vaarwegen en havens • Pa s s a ntenha vens • Houten da mwa nden • Sta l en keerwa nd • Li chte bes choei i ng (hout) Openbaar Groen • Stedel i jk groen (ga zon, hees ters , s i er) • La nds cha ppel i jk groen (berm, bos pl a nts oen, ri et) • Begra a fpl a a ts en Gebouwen • Hui s ves ti ng gemeentel i jke di ens ten • Bra ndweerka zernes • Sportgebouwen • Monumenten en hi s tori s che gebouwen en objecten • Soci a a l ma a ts cha ppel i jke gebouwen • Peuters peel za l en / Ki nderopva ng wa a ronder 3 Brede Schol en • Woni ngen • Begra a fpl a a ts en bouwkundi g (bergi ngen, ba a rhokjes , urnenmuren) • Aul a • Overi g (o.a . ga ra geboxen, gema a l gebouwen)
-71-
3.5 Bedrijfsvoering Het Besluit begroting en verantwoording (BBV) schrijft voor dat de paragraaf Bedrijfsvoering inzicht biedt in de beleidsvoornemens, en de realisatie daarvan, ten aanzien van de bedrijfsvoering. Vanuit de beleidsvrijheid die hierbij aan de gemeenten is over gelaten wordt wel beoogd dat er een logische verbinding ontstaat tussen het programma overhead richting de andere programma’s. De ontwikkeling van onze bedrijfsvoering is randvoorwaardelijk om zo goed mogelijk onze maatschappelijke opgaven aan te kunnen, onze dienstverlening te leveren en tegelijk te voldoen aan alle wet- en regelgeving. Het streven van de gemeente Wijk bij Duurstede is om vanuit de paragraaf bedrijfsvoering het principe van “Plan, Do, Check, Act” te borgen. Administratieve Organisatie & Interne controle Een goede organisatie van de Administratieve Organisatie (AO) en Interne Controle (IC) binnen de organisatie vormt de ruggengraat van een goede bedrijfsvoering. Door middel van interne controle wordt getracht de interne beheersing van de gemeentelijke processen binnen Wijk bij Duurstede te optimaliseren. Interne controle biedt de mogelijkheid om onvolkomenheden in de uitvoering tijdig op te sporen en te corrigeren. Onze focus vanuit de IC is en blijft vooral het voortdurend verbeteren van onze kwaliteit van dienstverlening. Lonen 2022 De CAO Gemeenten liep op 1 januari 2021 af.
Werkgevers en vakbonden onderhandelen sinds november 2020 over een cao voor alle gemeentelijke medewerkers voor het jaar 2021. De afgelopen 2 jaren zijn de lonen als gevolg van nieuwe CAO afspraken flink gestegen. Of dit doorzet vanaf 2021 is onzeker. Met de uitbraak van corona en de maatregelen daartegen lijkt de lijn bij Caoonderhandelingen een pas op de plaats met betrekking tot loonontwikkeling en meer focus op inhoudelijke aanpassingen. De conceptarbeidsvoorwaardennota bevat voorstellen voor harmonisatie van verlof en vitaliteit, bovenwettelijke sociale zekerheid, toelagen, een aantal kleinere voorstellen. Afspraken over thuiswerken – iets waar behoefte aan is – waren hier nog niet in opgenomen. Wij hebben de salarislasten op basis van de huidige CAO doorgerekend en hanteren als uitgangspunt voor de begroting het maximum van de schaal. Op basis van cijfers van het CPB wordt 2,1% loonindexatie opgenomen in de begroting. Daar komt bij dat de pensioenpremies volgend jaar naar verwachting stijgen. De premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen (OP/NP) stijgt naar verwachting van 25,9% naar 27,4%. De premie voor het ABP arbeidsongeschiktheidspensioen stijgt gemiddeld van 0,84% naar 1,02%. Eind november 2021 worden deze definitief vastgesteld.
Door de impact die corona heeft op de samenleving staat onze dienstverlening, en de manier waarop we ons werk willen doen, onder druk. Daarom is een heroverweging en prioritering gemaakt van werkzaamheden en ambities om recht te kunnen doen aan waar we als gemeente voor staan. Om de dienstverlening op een acceptabel niveau te handhaven en langdurige uitval in de ambtelijke organisatie te voorkomen, wordt de formatie tijdelijk en structureel uitgebreid (op het gebied van organisatieontwikkeling, communicatie, juridisch gebied en wonen). Daarnaast kent onze organisatie reguliere ontwikkelingen. Bepaalde beleidsterreinen vergen meer aandacht terwijl andere in belang afnemen. Accenten in werkzaamheden veranderen in de loop der tijd en het vergt flexibiliteit van de organisatie en het personeel om die wijzigingen op te vangen. Voor deze ontwikkelingen geldt de afspraak dat wij deze van dekking voorzien binnen de loonsom of daarvoor gelabelde budgetten.
-72-
Staat van personele sterkte en personeelslasten bedragen x € 1.000 realisatie 2020 begroting 2021 begroting 2022 Salariskosten personeel Externe inhuur door ziekte Externe inhuur door vacatureruimte Externe inhuur flexibele schil
9.608 121 965 509 11.204
10.840 0 133 758 11.730
11.190 0 111 436 11.736
In bovenstaande tabel staan de begrote salarislasten en inhuur weergegeven. De stijging van de salariskosten personeel ontstaat door indexatie van de lonen (2,1%) en stijging van de formatie zoals in de Kadernota 2022-2025 is opgenomen voor draagkracht/draaglast. Onderstaand is een aantal kengetallen t.a.v. het personeel weergegeven.
Personeelsgegevens
Aantal
Formatie per 31-12-2020 Aantal medewerkers in diens t per 31-12-2020 Ziekteverzuimpercentage 2020 Gemiddelde leeftijd per 31-12-2020
121 140 4,28 48
Eenheid fte medewerkers % jaar
Overhead
Taakveld overhead Personeel en bedrijfsvoering Sa l a ri s kos ten overhea d Bedri jfs voeri ng Totaal Personeel en bedrijfsvoering
bedra gen x € 1.000 Begroting 2022 - 124 - 649 - 772
Organisatiekosten Hui s ves ting gemeentehui s Hui s ves ting s tadhui s Informa tievoorzi eni ng en a utoma tis eri ng Gegevens beheer Communi ca tie Juri di s che za ken Fa ci l i tai r Streeka rchi ef gebouw Bedri jfs hul pverl eni ng Di rectietea m Ondernemi ngs ra a d Totaal Organisatiekosten
- 1.371 - 62 - 1.345 - 168 - 66 - 59 - 268 14 -8 - 183 - 14 - 3.531
Doorbelasting Doorbel a s ting overhea d Totaal Doorbelasting
- 3.955 - 3.955
Totaal overheadkosten
- 8.259
-73-
3.6 Verbonden partijen Een gemeente kan taken op drie manieren (laten) uitvoeren: zelf doen, uitbesteden of samenwerken met andere gemeenten. Als een gemeente besluit samen te werken, gaat ze daarvoor samen met één of meer andere gemeenten een verbonden partij aan. Een verbonden partij is een rechtspersoon waarin een gemeente een bestuurlijk én een financieel belang heeft. Deze rechtspersonen kunnen verschillende juridische vormen hebben, bijvoorbeeld een gemeenschappelijke regeling, vennootschap of stichting. De gemeente Wijk bij Duurstede heeft verschillende verbonden partijen. Het deelnemen aan een verbonden partij brengt belangrijke voordelen met zich mee, zoals kostenbesparing, vermindering van de kwetsbaarheid en verbetering van de kwaliteit van de taakuitvoering. Het aangaan van een verbonden partij brengt naast voordelen ook een aantal risico’s met zich mee. Er is vaak (veel) gemeentelijk geld mee gemoeid. Daarnaast is de invloed en controle op de uitvoering van activiteiten minder direct. En die wordt dan wel gedeeld met de andere partijen (gemeenten).
Dit leidt tot onder andere de volgende risico’s: ▪ bestuurlijke risico’s: de gemeente blijft verantwoordelijk voor de uitvoering, maar heeft minder invloed op de wijze waarop de activiteit wordt uitgevoerd; ▪ financiële risico’s: financiële tekorten bij verbonden partijen die ten laste komen van de gemeente; ▪ het (on)voldoende in huis houden van eigen expertise om de gewenste prestatie te formuleren en de geleverde prestaties te kunnen beoordelen’; ▪ de (on)mogelijkheid om de uitbestedingbeslissing te heroverwegen in verband met de benodigde investering. De verbonden partijen waarin de gemeente Wijk bij Duurstede participeert, worden hieronder genoemd. Per verbonden partij worden de kerntaken, doelstellingen en risico’s voor onze gemeente beschreven. bedra gen x € 1.000 Bijdragen aan verbonden partijen Vei l i ghei ds regi o Utrecht (VRU) Regi ona a l a rchi ef Zui d Utrect (RAZU) Bel a s ti ngs a menwerki ng Ri vi erenl a nd (BSR) Regi ona l e ICT Di ens t (RID) GGD Mi dden Nederl a nd Omgevi ngs di ens t Regi o Utrecht Regi ona l e Di ens t Werk en Inkomen (RDWI) Totaal bijdragen aan verbonden partijen
Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
- 1.440 - 116 - 346 - 809 - 801 - 426 - 1.218 - 5.157
- 1.475 - 101 - 373 - 833 - 835 - 383 - 1.272 - 5.271
- 1.484 - 107 - 396 - 864 - 830 - 385 - 1.333 - 5.399
-74-
Verbonden partijen
Bekend bij Raad
Eigen vermogen 1-1-2020 31-12-2020
bedra gen x € 1.000 Aandeel Vreemd vermogen resultaat gemeente 1-1-2020 31-12-2020 2020 WbD
Gemeenschappelijke regelingen Vei l i ghei ds regi o Utrecht (VRU) Regi ona a l a rchi ef Zui d Utrect (RAZU) Bel a s tings a menwerki ng Ri vi erenl a nd (BSR) Regi ona l e ICT Di ens t (RID) GGD regi o Utrecht (GGDrU) Omgevi ngs di ens t Regi o Utrecht (ODRU) Regi ona l e Di ens t Werk en Inkomen (RDWI) Vui l s tortpl a a ts Ma a rs bergen Afva l Verwi jderi ng Utrecht (AVU)
C C C C C C C F C
13.081
18.114
44.443
46.131
2.511
215
799
375
75
62
399
339
7.236
7.771
-
156
87
6.877
7.752
23
4.233
5.143
11.748
35.525
2.264
1.750
1.158
7.700
7.864
126
1.168
3.170
8.616
13.098
1.938
nnb
nnb
nnb
nnb
nnb
494
696
17.581
23.786
-
C C C
10.690
12.623
2.000
2.772
2.240
14,29%
557.100
533.200
1.340.100
1.294.300
23.900
0,36%
5.097.000 144.791.000 155.264.000
221.000
0,04%
Vennootschappen en coöperaties Bi ga Groep BV Vi tens BV BNG
3.6.1
4.887.000
Gemeenschappelijke Regelingen
Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Kerntaak De gemeentebesturen zijn primair verantwoordelijk voor de organisatie van rampenbestrijding en crisisbeheersing. De Veiligheidsregio Utrecht fungeert als samenwerkingsverband van en voor de gemeenten. De deelnemende gemeenten betreffen de 26 gemeenten uit de Provincie Utrecht, waaronder Wijk bij Duurstede. Deelname aan een veiligheidsregio is een wettelijke verplichting en is geregeld in de Wet Veiligheidsregio’s. De kerntaak van de Veiligheidsregio Utrecht is om de brandweerzorg, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening, met behoud van lokale verankering, bestuurlijk en operationeel op regionaal niveau te organiseren, om zo een doelmatige en slagvaardige hulpverlening te verzekeren, mede op basis van een gecoördineerde voorbereiding. Doelstelling verbonden partij Samenwerking en efficiency op het gebied van veiligheid. Wettelijk gezien is het verplicht om veiligheid bij de VRU onder te brengen. Welk(e) doel(en) streven we na met deelname aan verbonden partij Optimalisatie en efficiëntie voor veiligheid en crisissituaties. Daarnaast doet de VRU ook aan preventie. Risico’s Op basis van de risico-inventarisatie van de VRU bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit voor 2022 € 0,5 miljoen. De beschikbare weerstandscapaciteit is € 1,4 miljoen. Daarmee is de verhouding (beschikbaar/benodigd) groter dan 1.
-75-
Hierbij moet worden opgemerkt dat het risico in relatie tot de gevolgen van toekomstige besluitvorming over taakdifferentiatie tussen vrijwilligers en beroepskrachten in de begroting van de VRU als pm-post is opgenomen. De VRU monitort de risico’s en informeert het algemeen bestuur en gemeenten over relevante ontwikkelingen. Als daar aanleiding voor is worden eventuele financiële consequenties via een begrotingswijziging voorgelegd aan het algemeen bestuur en de gemeenten. Regionaal Archief Zuid-Utrecht (RAZU), te Wijk bij Duurstede Kerntaak Het RAZU is een gemeenschappelijke regeling tussen de gemeenten Bunnik, Houten, Rhenen, Utrechtse Heuvelrug, Vijfheerenlanden en Wijk bij Duurstede. Het is een kleine maar volwaardige archiefdienst met wettelijke taken op het gebied van beheer, beschikbaarstelling en informatiecentrum op het gebied van de lokale en regionale geschiedenis. Het RAZU geeft uitvoering aan de Archiefwet van 1995. Daarnaast heeft het RAZU een faciliterende taak als kennis- en informatiecentrum op het gebied van de lokale en regionale geschiedenis. Het heeft een grote collectie die een betrouwbaar en representatief beeld geeft van de geschiedenis van de regio en het handelen van de aangesloten overheidsorganen. Doelstelling verbonden partij Efficiency door schaalvergroting.
Welk(e) doel(en) streven we na met deelname aan verbonden partij Zie kerntaak en gezamenlijkheid zorgt voor efficiency en de mogelijkheid om zaken professioneler te borgen. Risico’s Het RAZU heeft op de balans alleen financiële activa. Ten aanzien van materiële eigendommen is in dat opzicht geen risico aanwezig. Een eventueel negatief exploitatiesaldo wordt door de deelnemende gemeenten afgewikkeld. Het risico op een substantieel negatief exploitatiesaldo is gering. Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR), te Tiel Kerntaak Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR) is een samenwerkingsverband op het gebied van lokale belastingen. BSR zorgt voor het heffen en invorderen van gemeentelijke en waterschapsbelastingen en voor de uitvoering van de Wet WOZ en de Wet BAG. BSR doet dit voor Avri, Waterschap Rivierenland en de gemeenten Culemborg, IJsselstein, Maasdriel, Montfoort, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal en Wijk bij Duurstede. Doelstelling verbonden partij Professionele afhandeling van de gemeentelijk belastingen. Welk(e) doel(en) streven we na met deelname aan verbonden partij Het efficiënter innen van gemeentelijke belastingen. Risico’s Voor kwantificeerbare risico’s is BSR verplicht een voorziening te vormen. De incidentele weerstandscapaciteit van BSR is gelijk aan de in de begroting opgenomen post onvoorzien.
In 2009 is besloten dat er geen algemene reserve bij BSR zal worden gevormd. BSR heeft daardoor geen structurele weerstandscapaciteit. Voor eventuele risico’s die niet in de begroting zijn opgenomen, en niet gedragen kunnen worden uit de post onvoorzien, dienen deelnemers van BSR zelf een voorziening te treffen. Risico’s met betrekking tot de belastingopbrengsten behoren niet tot de bedrijfsrisico’s van BSR.
-76-
Regionale ICT Dienst Utrecht (RID), te Doorn Kerntaak De RID is een gemeenschappelijke regeling tussen de gemeenten Baarn, Bunnik, De Bilt, Soest, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en de Regionale Sociale Dienst Kromme Rijn Heuvelrug. Het is een samenwerking op het gebied van informatie- en communicatietechnologie (ICT). Doelstelling verbonden partij Zorgdragen voor een betere ICT-dienstverlening voor de deelnemende organisaties. Welk(e) doel(en) streven we na met deelname aan verbonden partij ICT problematiek van de gemeente te outsourcen om voldoende kennisniveau ter beschikking te hebben. Ontwikkelingen volgen elkaar snel op en uitdagingen worden vaker opgelost door verschillende partijen in een organisatie-overstijgende samenwerking, waarbij de RID steeds vaker een centrale rol pakt. Daarbij worden we in toenemende mate geconfronteerd met tegenstrijdige verwachtingen; tijds- en plaatsonafhankelijk kunnen werken met enerzijds meer openheid en transparantie en anderzijds betere bescherming van (persoons)gegevens. Dit alles maakt de uitdaging op digitaliseringsgebied steeds groter, met informatiebeveiliging als actueel thema voor de RID en ons allemaal. Risico’s Een eventueel negatief exploitatiesaldo wordt door de RID-deelnemers afgewikkeld conform de artikelen 26 tot en met 28 van de Gemeenschappelijke Regeling.
GGD-regio Utrecht (GGDrU), te Zeist Kerntaak Uitvoeren van taken die voortvloeien uit de Wet Collectieve Preventie Volksgezondheid. Doelstelling verbonden partij Het uitvoeren van de Wet publieke gezondheid op adequate wijze: onder andere infectieziektebestrijding (corona), gezondheidsbevordering, jeugdgezondheidszorg (JGZ), rijksvaccinatieprogramma en toezicht op o.a. kinderdagverblijven. Welk(e) doel(en) streven we na met deelname aan verbonden partij Het uitvoeren van de Wet publieke gezondheid en toezichthouden op de kinderopvang en de Wmo. Risico’s Rijk, VNG en GGD’s hebben afspraken gemaakt over compensatie van de kosten die de coronacrisis met zich meebrengt. De afspraken met het Rijk voorzien in vergoeding van kosten en gederfde inkomsten, zodat wordt verwacht dat de financiële gevolgen van Covid-19 nihil zijn. Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU), te Utrecht Kerntaak Milieuvergunningverlening, -advisering en -toezicht en handhaving. Doelstelling verbonden partij Uitvoeren van wettelijk verplichte milieutaken, met als doel een bijdrage leveren aan schoon, heel en veilige woon- en leefomgeving voor de deelnemende gemeente. Welk(e) doel(en) streven we na met deelname aan verbonden partij Op basis van wetgeving is het verplicht om bepaalde milieugerelateerde werkzaamheden bij een omgevingsdienst onder te brengen.
ODRU voert onze VTH-milieutaken uit en fungeert als kennis en experticecentrum op milieugebied.
-77-
Risico’s Jaarlijks worden de risico’s door de ODRU geactualiseerd. Dit kan leiden tot nieuwe inzichten in de omvang van het aan te houden weerstandsvermogen. De jaarlijkse notitie weerstandsvermogen wordt telkens in het najaar opgesteld. Conform de systematiek wordt uitgegaan van het waarderingscijfer C, wat een weerstandsvermogen betekent met een bandbreedte tussen 1,0 tot 1,4. Het huidige weerstandsvermogen valt binnen deze bandbreedte met een ratio van 1,1. Regionale Dienst Werk en Inkomen (RDWI), te Zeist Kerntaak Uitvoering participatiewet. Daarnaast heeft de RDWI ook taken op het gebied van schulddienstverlening en inburgering. Doelstelling verbonden partij De RDWI heeft als doel kwalitatief hoogwaardige diensten en producten aan te bieden aan de klanten en aan de deelnemers op de terreinen werkvoorziening, re-integratie, schuldhulpverlening, inburgering en overige daarmee verband houdende onderwerpen. Welk(e) doel(en) streven we na met deelname aan verbonden partij Door samenwerking op de terreinen van werk, inkomen, sociale werkvoorziening, re-integratie, schuldhulpverlening, inburgering en overige daarmee verband houdende onderwerpen en efficiëntie creëren. Risico’s Het huidige weerstandsvermogen heeft een ratio van 0,5 en ligt daarmee onder het door het Algemeen bestuur vastgelegde ratio van 1,0.
Vuilstortplaats Maarsbergen te Maarsbergen Dit is een slapende verbonden partij. De activiteiten zijn ondergebracht in de AVU. Afval Verwijdering Utrecht (AVU) te Soest Kerntaak De AVU is een gemeenschappelijke regeling ingevolge de Wet gemeenschappelijke regelingen en is in 1984 opgericht door de Utrechtse gemeenten en de provincie Utrecht (sinds 1 januari 2014 uitgetreden). Afvalverwijdering vraagt om een goede balans tussen serviceverlening, kostenbeheersing en milieuzorg. De Afval Verwijdering Utrecht (AVU) werkt samen met en in opdracht van de Utrechtse gemeenten in de afvalketen en draagt zorg voor de overslag, het transport en de verwerking van het huishoudelijk afval van de deelnemende gemeenten in de provincie Utrecht. Dit met zoveel mogelijk terugdringing van de belasting op het milieu tegen aanvaardbare kosten. Doelstelling verbonden partij Gemeenten hebben hun bevoegdheid voor de afvalverwerking overgedragen aan AVU om collectief doelmatig en milieuverantwoord het afval te laten verwerken. Welk(e) doel(en) streven we na met deelname aan verbonden partij Doelmatige afvalverwerking. Risico’s Vanaf 2021 heeft AVU nieuwe meerjarige contracten afgesloten voor de verwerking van het restafval, grof restafval en GFT-afval. De gecontracteerde tarieven zijn in de gemeentebegroting opgenomen. De opbrengsten van oud papier zijn afhankelijk van de wereldmarktprijs.
Dit kan meeen tegenvallen. AVU heeft de opbrengst voor 2022 nog voorzichtig ingeschat. Met de nieuwe afspraken uit de raamovereenkomst-verpakkingen is vanaf 1 april 2020 de verantwoordelijkheid voor -78-
de PMD-verwerking overgedragen aan het verpakkende bedrijfsleven. Daarmee zijn de risico’s gereduceerd. Echter, het PMD-dossier blijft in beweging. De hoogte van de PMD-vergoeding blijft onzeker. 3.6.2
Deelnemingen
Biga Groep BV Biga Groep B.V. voert sinds 1 januari 2009 de WSW uit voor de samenwerkende gemeenten. De aandeelhouders zijn de gemeenten Bunnik (4,46%), De Bilt (11,51%), Wijk bij Duurstede (14,29%), Utrechtse Heuvelrug (16,77%) en Zeist (52,97%). Biga Groep richt zich van oudsher op het bieden van passende arbeid aan medewerkers met een SWindicatie die een dienstverband hebben bij de GR RDWI. Tegenwoordig bedient Biga Groep ook andere doelgroepen uit de Participatiewet door mensen met een indicatie banenafspraak of een advies Beschut Werk een passende werkplek te bieden. Daarnaast worden ook trajecten geboden aan mensen met een vergrote afstand tot de arbeidsmarkt, zodat zij daar een betere kans van slagen krijgen. Vitens N.V. te Zwolle De gemeenten en provincies in het verzorgingsgebied van Vitens zijn de publieke aandeelhouders. Zij hebben geen directe bemoeienis met de dagelijkse gang van zaken binnen het bedrijf. Twee keer per jaar is er een aandeelhoudersvergadering, waarin wordt gestemd over nieuwe tariefvoorstellen en waarin het jaarverslag wordt besproken. De publieke aandeelhouders krijgen jaarlijks dividend uitgekeerd. Vitens wil haar aandeelhouders een redelijk rendement geven over het ingebrachte vermogen: Het dividend wordt gerelateerd aan het nettoresultaat.
Het bedrag aan dividend dat wordt uitgekeerd bedraagt minimaal 40% en maximaal 75% van het nettoresultaat. Relevant hierbij is de benodigde toevoeging aan de reserves om de continuïteit van de onderneming te waarborgen (ten behoeve van investeringen in vaste activa of het versterken van de solvabiliteit). Jaarlijks wordt, binnen deze kaders, een dividendvoorstel ter goedkeuring voorgelegd aan de Raad van Commissarissen (RvC) en voor finale instemming aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders. Dit dividendvoorstel houdt rekening met de specifieke financiële omstandigheden van de onderneming. BNG BNG is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. De bank draagt duurzaam bij aan het laag houden van de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Het eigenaarschap van gemeenten, Provincies en de Staat, alsmede het door de statuten beperkte werkterrein van de bank, bieden financiers het vertrouwen dat het risico van kredietverlening aan dit instituut zeer beperkt is. BNG Bank bundelt de uiteenlopende vraag van klanten tot een beroep op de financiële markten dat aansluit op de behoefte van beleggers wat betreft volume, liquiditeit en looptijd.
Door de combinatie van beide elementen heeft de bank een uitstekende toegang tot financieringsmiddelen tegen zeer scherpe prijzen, die weer worden doorgegeven aan decentrale overheden en aan instellingen voor het maatschappelijk belang. Dat leidt voor de burger uiteindelijk tot lagere kosten voor tal van voorzieningen. De aandeelhouders hebben zeggenschap in BNG Bank via het stemrecht op de aandelen die zij bezitten (een stem per aandeel van € 2,50). -79-
3.7 Grondbeleid De gemeente Wijk bij Duurstede geeft in de paragraaf grondbeleid aan hoe het grondbeleid wordt ingezet om de bestuurlijke doelstellingen te realiseren. Wij werken vanuit de Omgevingsvisie De in 2021 vastgestelde Omgevingsvisie is de nieuwe basis voor het grondbeleid van onze gemeente. In deze visie zijn ook de (nog resterende) transformatiegebieden uit de vervallen Structuurvisie aangewezen. Vaak gaat het om het bouwen van nieuwe woningen op binnenstedelijke locaties. Maar ook buiten de kern gelegen locaties, zoals de Geer III en Zuidwijk, zijn hierin aangewezen als zoeklocaties voor woningbouw. Ook los van de omgevingsvisie zijn wij alert op kansen om tot extra woningbouw of transformatie te komen. Wij voeren het Strategisch Woningbouwprogramma en de Woonvisie uit Het Strategisch Woningbouwprogramma vormt het richtsnoer voor het gemeentelijk volkshuisvestingsbeleid. Het programma beschrijft het aantal en type woningen voor de verschillende nieuwbouwlocaties in onze gemeente. In de Woonvisie staat het toekomstige aantal en met name het type woningen centraal. De gemeente moet een balans zien te vinden tussen wat de vraag is op korte termijn zonder een passend woningaanbod op de lange termijn uit het oog te verliezen.
Voor de komende jaren gaat het Strategisch Woningbouwprogramma uit van een gemiddelde toename van circa 90-100 woningen per jaar voor de gehele gemeente. Het aantal locaties waar we nog kunnen bouwen neemt hard af. Daardoor wordt het moeilijker het geplande aantal woningen op te leveren dat de Woonvisie nastreeft (125 woningen per jaar). Ook varieert het aantal opgeleverde woningen per jaar meer. In 2021 hebben we van de provincie de mogelijkheid gekregen om buiten de bebouwde kom nog eens 280 woningen te bouwen. Samen met de 250 woningen die al waren toegekend maakt dat een totaal van 530 woningen voor de kern Wijk bij Duurstede buiten de rode contour. Wij voeren de Nota Grondbeleid uit Wij voeren een actief grondbeleid overeenkomstig de door de gemeenteraad vastgestelde Nota Grondbeleid 2020. Daarbij ondersteunt het grondbeleid de beleidsdoelstellingen. Als dat voor de gemeente meerwaarde biedt wordt na een afweging een grondpositie ingenomen. Verlies en winst uit de afzonderlijke grondexploitaties worden genomen via de POC-methode. Onttrekkingen of toevoegingen aan de Reserve grondbeleid vinden plaats op basis van de prognose van verlies- en winstnemingen, overige kosten van het grondbeleid, ingeschatte risico’s en verwachte negatieve exploitaties in de toekomst. De laatste actualisatie van de grondexploitaties heeft in september 2021 plaats gevonden.
Deze actualisatie wordt gelijk met de Begroting 2022 aan de raad aangeboden. Waar nodig passen we de Wet voorkeursrecht gemeenten toe Wij blijven voorkeursrecht vestigen als we denken dat dit onze strategische positie versterkt. Voor zowel de locaties zwembad en sporthal aan de Karolingersweg als de Postkantoorlocatie heeft dit gewerkt. Na het vestigen van voorkeursrecht hebben wij de grond kunnen kopen. Inmiddels is ook voorkeursrecht op het perceel Hoogstraat 14 gevestigd. Dat is om onze strategische positie in de herstructurering van De Heul en Hoogstraat te versterken. Voorafgaand aan de vaststelling van de omgevingsvisie is voorkeursrecht gevestigd op mogelijke uitbreidingslocaties.
-80-
Nota Grondprijzen Het college past de Nota Grondprijzen als dat nodig is elk jaar aan. Het vaststellen van een herziene Nota Grondprijzen is pas nodig zodra er nieuwe bouwlocaties in ontwikkeling worden gebracht. Gezien de marktontwikkeling en de nog zeer beperkt beschikbare kavels is een herziening op dit moment niet nodig. De woningmarkt lijkt stabiel te blijven Het lijkt erop, dat grondverkopen en woningbouw beperkt vertragen door de effecten van de Corona-crisis. De grondexploitaties en de algemene reserve grondbeleid In onze gemeente zijn er op dit moment tien actieve grondexploitaties die worden gemonitord. De grondexploitaties zijn ten behoeve van de Begroting 2022 geactualiseerd. Daadwerkelijke winstnemingen of verliesnemingen vinden plaats bij de Jaarrekening 2021. De manier waarop we dat doen is beschreven in de Nota grondbeleid. Op dit moment ziet het er naar uit, dat de Reserve grondbeleid op dat moment op circa 90% van de gewenste omvang zal blijven. In dat geval is er geen aanleiding om een bedrag aan deze reserve toe te voegen of daaraan te onttrekken. Grondexploitaties afzonderlijk toegelicht (peildatum 1 september 2021) De inhoudelijke stand van zaken lichten wij per grondexploitatie hieronder kort toe. De Kamp In de Kamp zijn de laatste kavels definitief verkocht en aan de kopers geleverd.
De bezwaren op het bouwplan van WBSC aan de Bloemenkamp zijn gehonoreerd waardoor de omgevingsvergunning voor deze woningen is vervallen. WBSC ontwikkeld nu een nieuw plan dat naar verwachting in 2022 kan worden gerealiseerd. Het woonrijp maken van de Bloemenwaard en de Toon van Dijkstraat moet hierdoor worden uitgesteld. Bedrijventerrein Broekweg-Langshaven Deze grondexploitatie bevindt zich in de afrondende fase. Er resteert binnen het plangebied nu nog ca. 0,43 ha uitgeefbaar bedrijventerrein (0,19 ha op Langshaven in 3 kleine restkavels en 1 kavel van 0,24 ha op Broekweg). In 2021 zijn gesprekken gevoerd over verkoop van de meeste van deze kavels. Wij verwachten een groot deel van deze kavels in 2022 te kunnen verkopen en misschien zelfs nog eind 2021. Oranjehof In de Oranjehof is de laatste kavel verkocht. Het woonrijp maken kan in aansluiting op de bouw in 2022 worden afgerond. Brandweer Cothen In 2020 zijn op de twee verkochte kavels een vrijstaande en een twee onder een kap woning in gebruik genomen. Op de laatste kavel is eind 2020 een optie genomen om een twee onder een kap woning te bouwen. De optie is verlengd en verwacht wordt dat deze koop in 2022 plaats vindt.
-81-
Hordencentrum De woningen zijn in 2020 in de openbare ruimte is in 2021 opgeleverd. In het voorjaar van 2022 wordt onderhoud aan een klein stukje Hortus (direct aan de Hordenweg) gecombineerd met het aanbrengen van de asfalt deklaag van de Hortus en het herstel van de schade door de bouw. De Engk Deellocatie De Opstap In 2021 stond De Engk in het teken van de bouw van Residentie Stadszicht. Daarnaast is inmiddels ook begonnen met het woonrijp maken van deze locatie. Met als sluitstuk de aanleg van (het tweede deel van) de watergang. Deze werkzaamheden verlopen mede vanwege het gunstige weer in september spoedig. Deellocatie ‘t Wijkhuis Aan de andere kant van de Steenstraat in de wijk ‘Frankenhof’ ligt locatie ’t Wijkhuis. Vanwege de grondruil aan de Dirk Fockstraat is deze deellocatie onderdeel geworden van grondexploitatie De Engk. Het bestemmingsplan is inmiddels door uw raad vastgesteld. Mede op verzoek van de raad wordt er gekeken naar mogelijkheden voor natuur inclusief bouwen en wordt dit ook vastgelegd. Daarnaast houden gemeente en Viveste in november een bijeenkomst voor bewoners en omwonenden over de invulling van het bouwontwerp en de openbare ruimte. Verwacht wordt, dat begin 2e kwartaal 2022 met de bouw gestart kan worden.
Bedrijventerrein Broekweg Noord Aan de Weegmaat (noordzijde) is in 2021 een bedrijfsverzamelgebouw gereed gekomen en resteert nog 1 kavel van 0,3 ha. Het gebied is grotendeels woonrijp, alleen het laatste stuk niet (gebeurt als daar de laatste kavel is bebouwd). De Vogelpoelweg (zuidzijde) maken we woonrijp als de gemeentewerf en milieustraat gerealiseerd zijn (2024). Aan de Vogelpoelweg resteren 3 kavels; in totaal 1,0 ha. De grondexploitatie van dit bedrijventerrein is verlengd t/m 2024. In combinatie met de verplaatsing van de milieustraat en gemeentewerf lijkt er vanuit het bedrijfsleven voldoende interesse om de beschikbare ruimte binnen deze termijn in te vullen. Herstructurering Hoogstraat en De Heul De herstructurering van de Hoogstraat en De Heul omvat voor De Heul een transformatie van het bestaande winkelcentrum, het speelterrein, parkeerplaatsen en zwembad/sporthal naar een nieuw winkelcentrum met appartementen en parkeervoorzieningen. Voor de Hoogstraat gaat het om een transformatie van de bestaande supermarkt naar woningbouw of maatschappelijke voorzieningen. Het door een meedenkgroep van omwonenden en winkeliers gedragen bouwplan met omliggende openbare ruimte is nog steeds het uitgangspunt voor het bestemmingsplan. Verwacht wordt dat dit, ten gevolge van vertragingen in de uitvoering van onderzoeken, in maart/april 2022 ter vaststelling kan worden aangeboden.
Dit is echter ook afhankelijk van het aantal en de inhoud van de ingebrachte zienswijzen. Voor de locatie Hoogstraat 14 is voorkeursrecht gevestigd. Op ons voorstel om het perceel aan te kopen voor een marktconforme prijs is niet gereageerd. Wij proberen nog steeds tot een minnelijke verwerving te komen om het perceel vervolgens in het project in te brengen. Met de omwonenden van Hoogstraat 14 zijn de eerste gedachten over de invulling van deze locatie (met woningen of een maatschappelijke functie) besproken. Rond het moment dat de bouw in De
-82-
Heul start, wordt uit de omwonenden een meedenkgroep gevormd om deze eerste gedachten verder uit te werken. Langbroekseweg Agruniek Rijnvallei In 2020 is de verplaatsing van de volkstuinen naar de overkant van de Langbroekseweg in goed overleg met het bestuur van de volkstuinvereniging voorbereid. De grond wordt op zijn vroegst medio 2022 geleverd. Dan zijn alle volkstuinen verplaatst. Het bestemmingsplan dat nodig is om de al aanwezige supermarkt uit te breiden kan naar verwachting in maart/april 2022 ter vaststelling kan worden aangeboden. Dit is echter ook afhankelijk van het aantal en de inhoud van de ingebrachte zienswijzen. Van Vliet Kastanjehout Dit project is een particulier initiatief. Met de initiatiefnemer wordt een anterieure overeenkomst gesloten waarin o.a. wordt bepaald dat alle eventueel door de gemeente te maken kosten wordt betaald door initiatiefnemer. Gesprekken hierover verlopen langzaam en liggen al sinds december 2020 stil. In juli 2021 heeft nog een gesprek met initiatiefnemer plaatsgevonden maar dit heeft vooralsnog geen oplossing geboden. Postkantoorlocatie (nog geen grondexploitatie) Wij verwachten dat eind 2021 de overeengekomen grondruil tussen Viveste en gemeente plaats zal vinden. Viveste krijgt dan de Bibliotheek die nu nog eigendom is van de gemeente. De gemeente krijgt daarvoor de helft van het Postkantoor dat nu nog eigendom is van Viveste.
We kunnen vervolgens beide de al in voorbereiding zijnde plannen zo ver afronden, dat deze met de omgeving besproken kunnen worden. Wij verwachten in de loop van 2022 een grondexploitatie voor de gemeentelijke ontwikkeling aan de zijde van de Steenstraat aan uw raad voor te leggen. Als dat mogelijk blijkt, nemen we daarin ook de locatie van de huidige Rabobank in mee. Daarna wordt het opstellen van een bestemmingsplan in gang gezet. Wij verwachten net voor of na de zomer van 2022 een bestemmingsplan voor het deel van Viveste (kantoor Viveste en Bibliotheek) aan u voor te leggen. Voor die locatie wordt door Viveste een bouwplan ontwikkeld dat voorziet in een kleinere kantoorruimte voor Viveste en circa 30 appartementen. Bedrijventerrein Cothen (nog geen grondexploitatie) In 2020 is de haalbaarheid onderzocht van mogelijke verplaatsing van een groot deel van het bedrijventerrein Cothen naar een nieuw bedrijventerrein aan de N229. Geconcludeerd is dat dit financieel niet haalbaar is, maar er wellicht wel kansen liggen voor een kleinere transformatie van het bedrijventerrein naar woningbouw. Hiertoe is nader onderzoek gestart, waarvan de tussentijdse resultaten met de gemeenteraad zijn gedeeld en voldoende basis vormden voor steun om tot aankoop van een perceel grond over te gaan.