CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript gemeenteraad 10 februari 2022

gemeenteraad 10 februari 2022, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Opening38.380 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Schorsing De voorzitter: Dames en heren, men heeft aangegeven nog vijf minuten nodig te hebben. Ik heb op mijn klok drieëntwintig staan, dus dan wordt het achtentwintig. Eenentwintig uur achtentwintig. De heer Zagt: Voorzitter, we zijn net klaar hoor. De voorzitter: Oh, u bent wel klaar al? De heer Zagt: Ja. De voorzitter: Oké, dan moet ik even wachten tot mijn griffier er ook weer was. De heer Zagt: Ja, dat is het enige. De heer Roossenschoon: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Roossenschoon. De heer Roossenschoon: We werden telefonisch benaderd door mensen die de vergadering willen volgen via de site. De voorzitter: Ja. De heer Roossenschoon: Dat ze niet goed weten bij welke dag ze moeten inhaken om de stukken te kunnen zien, tegelijkertijd met de beraadslagingen.

De voorzitter: Er heeft … De heer Roossenschoon: Misschien daar een mededeling over doen. De voorzitter: Volgens mij negen, maar ik check het nog met de assistent-griffier. De heer Roossenschoon: Misschien als het even kan worden aangegeven door degenen die dan volgen op het ogenblik. De voorzitter: Ja. Mevrouw …: Het staat ook bij ‘…’. De voorzitter: Ja, alle stukken staan geagendeerd bij 9 februari. Ja? Oké. Mevrouw …: ‘…’. De voorzitter: Goed. Ik heb begrepen dat men eruit is. Ik wil het woord geven dan aan de voorzitter van de auditcommissie. Mijnheer Zagt, uw handje staat nog omhoog, maar vindt u het goed als ik het woord geef aan de voorzitter van de auditcommissie? Ik hoor de heer Zagt niet. Bent u in de vergadering, mijnheer Zagt? Hij komt zo? Oké, mijnheer Van Balen. Ja, u weet het al? Mijnheer Van Balen, gaat uw gang. Help ons. De heer Van Balen: Voorzitter, ja, ik zie dat de heer Zagt nog in wachtstand is. vindt u het vervelend als we er heel even op wachten, of … Voorzitter? De voorzitter: Ik vind het niet vervelend. Ik ben hem zelf ook aan het zoeken. De heer Van Balen: ‘…’. De voorzitter: Ja. De heer Van Balen: Ik vind daarom dat ze …We zullen nu een eenduidig geluid moeten laten horen, en dat vind ik dat de heer Zagt zeker ook … Dat moet hij wel kunnen doen. De voorzitter: De heer Zagt is eruit gegooid, dus die probeert in te loggen.

Dan lag … Hij komt er zo aan. Even rustig aan. Even rustig. Eén momentje. Mijnheer Zagt, bent u weer in de vergadering? De heer Zagt: Ja, eindelijk voorzitter. Ja, de techniek is … Maar ik ben er, gelukkig. De voorzitter: Ik stel voor dat de heer Van Balen – als het goed is - een toelichting gaat geven. Ja. Akkoord? De heer Van Balen: Ja, dank u, voorzitter. Net zijn de briefpunten aan de orde geweest. De heer Lachman heeft gevraagd waarom er geen gebruik is gemaakt van externen. Nou, in het verleden is er door externen een document opgesteld. Dat was een psychisch oordeel. Dat is alleen even … Dat is intern geactualiseerd. Nou, we hebben wat dat betreft al het vertrouwen in de ambtelijke organisatie, dus dat ziet erop zich ook goed uit, alleen we hebben daar keuzes in gemaakt, en waar het nu even op stuk loopt is dat niet al die keuzes even correct zijn gewerkt. Dan moeten we nog even de puntjes op de I zetten. Dat doen we volgende week. Dat betekent dat het document zo spoedig mogelijk wordt gepubliceerd. Ja? Dat moet op een bepaalde website

worden neergezet. Dan kan iedereen dat dus inzien, en dan kan hij erop inschrijven; kan hij documenten opvragen, noem maar op. Dan hebben we nog even het financiële aspect uit het raadsvoorstel, waar de heer Zagt over begon. Ik kan dat als volgt verduidelijken, voorzitter. In het aanbestedingsdocument wordt gewerkt met een bandbreedte. Die bandbreedte zit deels onder het begro… Zeg maar, het laagste bedrag zit onder het begrote bedrag van dit jaar, en het hoogste bedrag zit daarboven. Ja, wij weten niet hoe er ingeschreven gaat worden. Dat zal vanzelf blijken, dus eigenlijk is het antwoord: we kunnen nu niet zeggen of er financiële consequenties zijn. Er is behoorlijk begroot. Wij denken dat het misschien nog wel eens kon meevallen, maar de raad moet zich ervan bewust zijn: het kan meevallen of het kan tegenvallen. Dat is het enige wat ik er nu over kan zeggen, want we weten het pas als we de inschrijvingen hebben bekeken en de accounts hebben geselecteerd die we aan de raad voorstellen. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Oké, en ik begrijp dus dat u nu als auditcommissie er helemaal uit bent met elkaar. De heer Van Balen: Ja, dat is het antwoord, ja. De voorzitter: Oké, mooi. Goed, zijn er nog vragen hierover? Mijnheer Lachman. De heer Lachman: Dank u wel, voorzitter. Nee, ik heb geen vragen. Ik denk met de toelichting van de voorzitter van de auditcommissie.

Wij sowieso, fractie van Partij van de Arbeid-GroenLinks kunnen ermee leven. Ik snap het ook, dat is de goede volgorde. Dank u wel. De heer …: Dank u wel, ja. De voorzitter: Mijnheer Poels, u had ook uw handje opgestoken. De heer Poels: Dat had ik alweer teruggetrokken, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Oké, ja, soms blijven ze en soms worden ze ingetrokken. Ik check het even voor de zekerheid. Goed, mijnheer Lachman, als u uw handje weer omlaag doet. Is er nog behoefte aan … Ja, mijnheer Nienhuis. De heer Nienhuis: Ja, dank u wel, voorzitter. Dank u wel, collega Van Balen dat u namens de auditcommissie dit gedaan heeft. Het kan vriezen; het kan dooien. We gaan het zien, maar eenduidig antwoord, dat is iets wat we graag willen zien. Dus dank daarvoor. CDA-fractie zal voor stemmen. Dank u. De voorzitter: Goed zo, dank u wel. De voorzitter: Oké. Goed, als er geen vragen meer zijn … Ik heb ... Ik realiseer me zojuist: we hebben eigenlijk niet het nieuwe voorstel voorgelezen nog, dus ik doe het nog even gauw voor we in stemming brengen: voorgesteld wordt één, de auditcommissie op te dragen het aanbestedingsdocument accountantsdiensten, daar het programma van eisen voor de aanbesteding accountantsdiensten op te stellen.

Twee, in afwijking van de controle-verordening artikel 2.1, de mogelijkheid van de verlenging van de initiële opdracht van vier jaar met twee keer één jaar toe te staan, en drie, de leden van de auditcommissie aan te wijzen als leden van de beoordelingscommissie. Mijnheer Nienhuis, is dat ook goed? Dank. Dat gaan we nu in stemming brengen. Is er behoefte aan een stemverklaring? Nee. Dan breng ik nu 114, aanbesteding accountant 2022-2025 in stemming. ‘…’ (buiten microfoon).

De voorzitter: Mijnheer Lachman, lukt het om te stemmen. De heer Lachman: Ik heb twee keer ververst, maar ik zie niks verschijnen bij mij. Ik ben bang als ik ga uitloggen en opnieuw inloggen, gaat het wel lang duren. Ik had verwacht eigenlijk met de versie … Nu krijg ik niks. De voorzitter: Zit u wel in de vergadering? De heer Lachman: Ik zit wel in de vergadering, van begin af. De heer …: Mijnheer Lachman, ik moest net ook opnieuw inloggen, dus … De heer Lachman: Oké, dus het duurt even, voorzitter. Ik ga uit- en weer inloggen dan. De voorzitter: Oh, u moet inloggen, heb ik begrepen; uitloggen en dan weer inloggen op negen. U zit waarschijnlijk nu op tien. U moet naar negen toe. De heer Lachman: Nee, ik zat al in negen, voorzitter. De voorzitter: Oh, oké. De heer Lachman: Even kijken. Ik krijg nu live alleen tien te zien, en geen negen. Dat gaat automatisch bij mij. Ik weet niet. Ik zie u verder nu live, 10 februari. De heer …: Mijnheer Lachman, maar u moet terug. Dan moet u naar beneden scrollen, en dan moet u naar de datum van gister gaan. Dus niet bij live kijken, maar naar de agenda moet u gaan. Sorry voor de … De voorzitter: Nee, dank voor de hulp, ja. De heer Lachman: Dank u wel, mijnheer Nienhuis. Ik probeer in de raad, dat zie ik nu verschijnen. Dank u wel. En al gestemd. De voorzitter: Ja. Nee. Dan daarmee is dit voorstel unaniem aangenomen.

Goed, ik heb een hele blije griffier weer. Ik denk: waarom lacht ze zo? Wij gaan door naar agendapunt 21. 21. Ontwerp-verklaring van geen bedenkingen Nieuw-Loosdrechtsedijk 218 Moties en Amandementen Inspraakbijdrage Van den Broeke De voorzitter: Ontwerp-verklaring van geen bedenkingen Nieuw-Loosdrechtsedijk 218. Voorgesteld wordt één, ontwerp-verklaring van geen bedenkingen voor het herontwikkelen en revitaliseren van een jachthaven aan de Nieuw-Loosdrechtsedijk 218 af te geven. Twee, de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen voor zes weken ter inzage te leggen conform de wettelijke voorgeschreven procedure. Er is een amendement aangekondigd. Dat is A21-1. Die is ingediend door de VVD en de Lokale Partij. Ik geef – even kijken – mevrouw Vermeulen eerst het woord voor een toelichting op het amendement. Mevrouw Vermeulen. De heer Balen: Volgens mij ga ik dat doen.

De voorzitter: Oh, dat mag ook. Mevrouw Vermeulen: Daar heeft de heer Van Balen gelijk in, ja. De voorzitter: Mijnheer Van Balen, gaat uw gang. De heer Van Balen: Dank u, voorzitter. Ik pak het amendement er even bij, want het is een … Nou, het is eigenlijk niet zo’n heel lang verhaal. Kijk, we hebben in de commissiebehandeling geconstateerd dat er A, toch een aantal bezwaren van omwonenden zijn over het verhogen – in ieder geval het anders neerleggen van die woonboten. Inmiddels kreeg ik ook nog van één van de bewoners – mensen die er heel vlak naast woont. Die had ook nog een mailtje gestuurd. Er bleek ook bij een hele hoop partijen toch problemen te zijn met vijftig procent verhogen van de maximaal toegestane hoogte van die loodsen. Ja, we hadden dit voorstel natuurlijk ook gister van de agenda kunnen halen, maar het is misschien beter om duidelijk te zijn over zulk soort zaken. Dit is ook een kwestie waar wij niet meer van tevoren zijn gevraagd: goh, ‘…’. Wat vindt … Wat zijn eigenlijk de kaders? Want het barst natuurlijk van de loodsen aan de plas. Als we … Ik vind eigenlijk dat als je er eentje toestaat om van zes naar negen meter te gaan, dan moet je het bij allemaal toestaan. Nou, dat is … Ik denk niet dat dat wenselijk is. Dan gaat de ruimte-kwaliteit van de plas wel erg achteruit, denken wij. Dus wij hebben een aantal zaken.

Het gaat ook om een gebruikte term nautis retail leasure. Dat is een afwijkende term dan watersport-gerelateerde detailhandel. Die is niet omschreven. Daar voelen we niet zo veel voor. Dat geeft onduidelijkheden. Nou, zoals ik net al betoogde heeft de beoogde verhoging van de bouwhoogte tot gevolg dat de omgevingskwaliteit achteruitgaat, en ja, weet u, we zijn ook bezig met een hele revitalisering van de boomhoek, en wij vinden toch dat het er wat minder in past. Bovendien zijn er technisch gezien ook geen argumenten zeg maar in de stukken te vinden waarom dat van zes naar negen meter zou moeten worden verhoogd. Je zou het misschien wat kunnen verhogen. Maar goed. Voorlopig willen we … Eigenlijk willen we het volgende, voorzitter. Wij willen de ontwerpverklaringen van geen bedenkingen voor het herontwikkelen en revitaliseren van de jachthaven Nieuw-Loosdrechtsedijk niet afgeven, en dat willen we gewoon ter inzage leggen. Dan kan de indiener daarop reageren. Ja, er is ook nog een puntje over de bedrijfswoning. Dat is eigenlijk een beetje een overbodig puntje, want het staat er niet in, maar ja. Dat kan natuurlijk altijd later nog komen. Wij denken toch dat daar één van die woonschepen zich daar prima voor leent. Dat staat er ook in. Voor de rest, ik denk dat misschien de heer Zagt er ook nog wat over te zeggen heeft, dus ik laat het hierbij. Tot zover, voorzitter.

De voorzitter: Oké, dank u wel. Mijnheer Zagt, heeft u nog een aanvulling hierop? De heer Zagt: Heel weinig, voorzitter. Wat de heer Van Balen zei over eventuele ongewenste functieuitbreiding. Ja, dat schuurt ook aan tegen het parkeren. Dat is al een gigantisch probleem. Heb ik de parkeerbehoefte gezien: 261 parkeerplaatsen. Er komen er slechts 59 omdat er van alles en nog wat onder het overgangsrecht valt. Nou, ik zet er ook wat vraagtekens bij. De hoogte. Ja, zo dicht op de dijk. Het is allemaal maar smal daar. Nou, dat schuurt zo aan tegen de term recreatieboulevard die we daar graag willen. Maar voor een groter stuk weg, waar volgens mij zeven miljoen voor gereserveerd is. Het doorzicht, dat is niet alleen de hoogte van de panden - de massaliteit van de panden – maar ook de ligging van de woonboten. Ja, daarmee heb ik het wel zo’n beetje gehad. We zijn er ook nog weer wezen kijken. We zijn ook uitgenodigd om mensen uit de omgeving … Ik ben zelf ook wel benieuwd naar de - daar ga ik nog wel een schriftelijke vraag over stellen – opbrengst van de forensen- en toeristenbelasting van de laatste jaren daar, gelet op wat er allemaal verhuurd wordt. Maar dat is op dit moment voor het voorstel niet relevant. Ik hoop dat er draagvlak is voor dit amendement, met een zo goed mogelijke onderbouwing, die volgens mij ook nog ambtelijk getoetst is. Dank u wel.

De voorzitter: Goed, dank u wel. Is het voldoende? Zijn er verhelderende vragen aan de indieners? Nee. Dan ga ik naar wethouder De Kloet voor een reactie vanuit het College. Wethouder De Kloet. De heer De Kloet: Dank u wel, voorzitter. Volgens mij heb ik geen vragen gehoord. Ik zal even een kleine toelichting geven uiteraard. Zoals het zo mooi heet, een appreciatie geven over het amendement, of op het amendement in dit geval. Het is wel … Nou ja, in het voorstel staan de argumenten over de verhoging van de loods. De hoogte van negen meter. Ja, dat het meteen voor alle loodsen in Oud- en Nieuw-Loosden zou gelden, dat lijkt me wat snel gaan in de conclusie, want dat bekijken we – zoals u nu ook merkt – per keer. We hebben het ook vaak over maatwerk en boven een hoogte van negen meter. In Kortenhoef is dat gisteren door uw raad ook vastgesteld bij een nieuwe ontwikkeling, dus dat is niet een hoogte die heel erg raar is. Zeker gezien de werkzaamheden en de opslag die beoogd is. Dus ja, wat het College betreft wel de verklaring van geen bedenkingen ter inzage leggen. Het gaat over de ontwerp-verklaring. Dat wil ik er toch wel even bij benadrukken. Met alle procedures en mogelijkheden voor zienswijzes van dien. Dus onze conclusie is dat we dit amendement zullen ontraden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel.

Is er behoefte aan beraadslaging hierover? Ik schrijf – zoals u van mij gewend bent – de namen eerst even op. Goed, u kunt de handjes weer weghalen. Dat is wat makkelijker met de interrupties. Dan geef ik eerst het woord aan de heer Torsing. Mijnheer Torsing. De heer Torsing: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, het gaat nu even om het amendement dat ingediend is door de Lokale Partij en de VVD. Als ik zo luister naar de heren en ik lees het, dan is het een heel hoog gehalte van: wij denken … Wij denken, dat is door de heer Van Balen een paar keer herhaald. Ik hoor de heer Zagt de weg erbij halen voor zeven miljoen en de ligging. Daarnaast worden er dan ook argumenten gebruikt als ik weet niet waarom die hal negen meter hoog moet zijn. Ik zeg niet dat ik vind dat die negen meter hoog moet zijn of minder, maar dat is wel degelijk omschreven in het stuk, omdat ze dan meer opslag willen hebben voor boten om de boel denk ik rendabel te maken. Ik zie hier een plan liggen waar heel veel geld in gestoken wordt; waar een initiatiefnemer, een ondernemer, probeert er iets moois van te maken. Ik weet ook dat de heer Van den Broeke wat problemen heeft met de ligging van de woonboten - dat hebben we allemaal besproken – en met de hoogte.

Ik denk dat er ruimte en tijd genoeg is om dit met elkaar te bespreken en af te stemmen, dus wij zullen het amendement niet steunen en wel dit raadsvoorstel steunen. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Poels. De heer Poels: Voorzitter, dank u wel. Ja, ik zou zeggen: daar gaan we weer. Een beetje inherent aan de discussie gister. Wat ons betreft had het gister ook van de agenda kunnen worden afgehaald. De heer Van Balen gaf dat ook aan. Wij hadden wel degelijk bedenkingen tegen deze verklaringen van geen bedenkingen. Dat zat hem met name – het is al een paar keer gezegd – op de hoogte van de loods en op de ligging van de woonschepen. Daar is ook uitgebreid op ingesproken, dus wij kunnen ons vinden in het amendement, en wij zullen het amendement dus steunen en het raadsvoorstel niet steunen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Roossenschoon. De heer Roossenschoon: Ja, voorzitter, van ons een beetje hetzelfde verhaal. De bedoeling van alles wat er is ingestoken – niet alleen de laatste jaren, maar dat is al gestart onder de vorige wethouder, Theo Reijn. Toen was er sprake van een kwaliteitsimpuls voor de boomhoek, en met name ook voor het komen en ontwikkelen van de recreatieboulevard.

Alles is er op gericht op de boomhoek om te komen tot een kwaliteitsimpuls; een verbetering van zicht; een verbetering van het kader; tegengaan van verrommeling. Ja, op dit ogenblik

uiteraard in het nieuwe plan is er verbetering ten opzichte wat betreft verrommeling, alleen gaat het hier niet de goede kant op. Dan gaat het te veel hoogte; te weinig doorzicht. We hebben een aantal woonboten die kennelijk – ruimtelijk gezien – niet echt voldoen qua ligging en ook niet qua zicht op de plassen, dus wij zullen dit amendement honderd procent steunen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie een interruptie van de heer Torsing. De heer Torsing: Ja, graag voorzitter. Voor de heer Roossenschoon, ik heb de tekeningen die onderleggen van wat er is, en het is ook uitgelegd dat alle flats op dezelfde plek terechtkomen. De doorzicht heb ik waarschijnlijk alleen op de boom, dus ik vind het een beetje kort door de bocht dat het in één keer helemaal volgeplempt wordt, zoals u het nu zegt. De voorzitter: Mijnheer Roossenschoon, een reactie. De heer Roossenschoon: Ja, even de reactie erop. Het gaat er niet zozeer om dat er veel meer wordt gelegd. Het gaat erom hoe het wordt gelegd. Het gaat erom wat deze woonarken zijn; hoe ze de zichtlijnen gaan belemmeren; hoe ze het zicht op de plassen gaan bemoeilijken; hoe een hoger gebouw vlak langs de NieuwLoosdrechtsedijk komt te liggen. Alles bij elkaar – ook al is het niet zo gek veel vloeroppervlakte – het is wel het ruimtelijk uiterlijk dat verandert. De voorzitter: Goed. Dan geef ik het woord aan de heer Duikerssloot.

De heer Duikerssloot: Dank u, voorzitter. Wij sluiten ons aan bij de woorden van de heer Torsing. Zoals wij in de Commissie al aangaven: we vinden het een hele goede impuls voor de jachthaven, horeca en boomhoek. We vinden de geplande locatie en ligging van de woonboten niet goed. We vinden dat geen reden om de verklaring van geen bedenkingen niet af te geven. We zullen het eerst even over het amendement hebben. Dit kunnen we niet steunen, omdat het … Om simpele redenen: iedereen kan inzage leggen, en iedereen die een zienswijze … Iedereen kan een zienswijze indienen. Wel willen we de wethouder vragen om in overleg te gaan over de plek en plaats waar de woonarken komen, ter voorkoming van de zienswijze. Wij steunen dus het raadsvoorstel. Dank u wel. De heer …: Maar niet het amendement. De heer Duikerssloot: Maar niet het amendement. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik eerst naar de heer Zagt, en ter afsluiting naar de heer Van Balen. Mijnheer Zagt. De heer Zagt: Ja, voorzitter, ik heb er niet heel veel aan toe te voegen. De grote gemene deler hebben we geprobeerd te vinden met het amendement, en ik denk dat dat redelijk gelukt is. Ik ben benieuwd naar de stemming. Dank u wel. De voorzitter: Oké, dank u wel. Mijnheer Van Balen, is er nog behoefte? De heer Van Balen: Nou, voorzitter, ik ben erg blij met de steun van PvdA, GroenLinks en D66.

Ik zou er nog ook aan toe willen voegen dat er ook ligplaatsen verdwijnen. Dan stond alles in het voorstel, maar dat hebben wij even na zitten rekenen. Dat … Ik ga niet de hoeveelheid zeggen, want dat is weer zo … Dan ontstaat er weer een discussie over, maar er verdwijnen ook ligplaatsen. Ja, al met al vinden we de hele ruimtelijke

onderbouwing dusdanig mager, en de hele uitwerking, dat wij vinden dat dit gewoon niet in deze vorm door kan gaan. Ja, misschien dat de ontwikkelaar dan maar zienswijzen moet indienen, maar ik wilde niet een probleem maken van de mensen die er heel terecht iets over hebben gezegd. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Goed. Ik denk niet dat er verder behoefte is aan beraadslaging, dus ik wil voorstellen om naar stemming … Wethouder De Kloet, u wilt nog reageren op het verzoek van de heer Duikerssloot? De heer De Kloet: Dat lijkt me wel, ja. Dank u wel, voorzitter. Als we even teruggaan naar het inspreken tijdens de Commissie, is inderdaad door de buurman – noem ik even geen namen – gezegd dat hij meer problemen had met de ligging van de woonarken zoals die nu zijn ingetekend, recreatief, dan met de hoogte van de loodsen. Dus ik weet niet precies op wie nu gedoeld wordt. Er wordt mij een verzoek gedaan om eigenlijk het gesprek te faciliteren tussen de initiatiefnemer, de ontwikkelaar en de heer Van den Broeke. Oh, noem ik toch zijn naam, sorry. Maar ja, kijk, dat is iets wat ook in andere dossiers waar zeg maar dit soort belangen spelen al vaker heb gedaan. Ik kan u een paar voorbeelden geven. Zal ik niet doen.

Dus als de raad mij verzoekt om dat gesprek te faciliteren en die partijen aan tafel te krijgen, dan ben ik uiteraard bereid om dat gesprek aan te gaan, om te kijken of we daar misschien … Wat de situering van de woonarken tot een gelijk kunnen komen tussen die twee partijen. Tot zover even, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie toch nog de heer Zagt. De heer Zagt: Ja, dat lijkt aardig, voorzitter, maar als de meerderheid wel het voorstel vrijgeeft, wordt de heer Van den Broeke – ik noem nou ook maar zijn naam – toch gewoon gedwongen om een zienswijze aan te leveren op hetgeen dat ter inzage wordt gelegd. Ja, dat is net wat we willen voorkomen. We willen graag minder zienswijzen en minder gedoe. De voorzitter: Oké, zullen we proberen om de namen van personen niet meer uit te spreken. ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Ja, ik snap wel, als er eentje begint is het lastiger om dat niet meer te doen, maar laten we een poging wagen. De heer Van Balen: De wethouder geeft het goede voorbeeld, hè voorzitter. Maar ik ben … Ik vind het een heel goed voorstel van de wethouder, maar ik denk dat die gesprekken toch veel beter verlopen als we dit amendement aannemen, want dat geeft net even iets andere verhoudingen. Dus laten we het maar gewoon in stemming brengen, en dan zien we wel wat het wordt. Tot zover. De voorzitter: Oké.

Ja, met uw goedvinden dan wil ik het inderdaad in stemming brengen. Ik zie knikkende gezichten. Mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen-Franssen: Ja, voorzitter, dit is nu voor de eerste keer dat we een ontwerp-verklaring van geen bedenkingen hebben met een amendement erbij, dus misschien is het goed dat ik toch nog even verduidelijk wat de consequentie is als je tegen het … Of voor het amendement stemt; hoe je dan over het ontwerpbesluit stemt en andersom. Ik denk dat dat wel goed is. De voorzitter: Ja, oké. Goed. Er liggen al … Het raadsvoorstel geeft aan om een verklaring van geen bedenkingen af te geven en het ter inzage te leggen. Het amendement draait het eigenlijk om. Als u voor het

amendement stemt, een meerderheid, dan komt er een geamendeerd raadsvoorstel waarbij uitgegaan wordt dat de verklaring van geen bedenkingen niet wordt afgegeven. Die wordt geweigerd; het wordt toch ter inzage gelegd. Dat hoort; dat is de procedure. Er kunnen zienswijzen op plaatsvinden, en zoals alle ontwerpverklaringen van geen bedenkingen komt het nog een keer terug in de raad met een definitieve versie. Dus als men voor het amendement stemt, dan stemt men in casu voor dus dat de verklaring van geen bedenkingen wordt geweigerd en voor zienswijzen wordt ingediend, neergelegd. Is dat te begrijpen voor iedereen? Want ik zie u fronsen, mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen-Franssen: Nee, nee, nee. Ik luister aandachtig. De voorzitter: Oké. Is dat voor iedereen helder? Mijnheer Zagt. De heer Zagt: Ja, het zou voor mij ook helder misschien moeten zijn, maar voor het amendement stemmen. Als je consequent bent, dan moet je dus vervolgens ook voor het raadsvoorstel stemmen. De voorzitter: Als het amendement een meerder… De heer Zagt: Een meerder… Ja. De voorzitter: Wordt aangenomen. Dan vervangt het oorspronkelijke besluit, dus je krijgt een geamendeerd besluit. Het geamendeerde besluit is gelijk aan het amendement, en dan stemt u dan inderdaad voor het geamendeerde raadsvoorstel, als u het niet wil afgeven. De heer Zagt: Ja, duidelijk. Dank u wel. De voorzitter: Ja, mijnheer Torsing.

De heer Torsing: Ja, ik wil nog één verduidelijkende vraag, voorzitter, aan u. Dus ik begrijp dat dit verder niet onderbouwd hoeft te worden, wat we bij Nederlands Noord dus gisteren wel gehoord hebben? De voorzitter: Dit is wel onderbouw. Er zit een onderbouwing bij. De heer Torsing: Dit vindt u een onderbouwing? Oh, oké, nou prima. De voorzitter: Ja, die overigens … Dat had ik in het begin van de vergadering gisteren gezegd: die was ambtelijk getoetst, en daarvan was aangegeven dat het voldoende ruimtelijk was onderbouwd. Mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen-Franssen: Dat kan ik alleen maar bevestigen, voorzitter. Ja. De voorzitter: Oké. Is het nu voor iedereen helder hoe het werkt en wat … Ja? Oké. Goed, dan breng ik nu het amendement in stemming. Voordat ik het in stemming breng, is er behoefte aan een stemverklaring? Mevrouw Rooimans. Mevrouw Rooimans: Nee, ik heb geen stemverklaring, maar ik heb wel een vraag. De voorzitter: Ja?

Mevrouw Rooimans: Want ik wil zo meteen gewoon open en eerlijk tegen het amendement stemmen. Hoe moet ik dan omgaan met het gewijzigde raadsvoorstel? Moet ik daar dan voor stemmen? De voorzitter: Nou, dat hangt ervan af wat u wilt, hè. Mevrouw Rooimans: Ja. De voorzitter: Ik ga niet kiezen wat u moet stemmen, maar als het raadsvoorstel – in theorie hè. Mevrouw Rooimans: Ja. De voorzitter: Als het raadsvoorstel wordt aangepast, dus geamendeerd, dan is het raadsvoorstel om de verklaring van geen bedenkingen te weigeren, en als u zegt: ik ben het daar niet mee eens, dan moet u tegen stemmen. Mevrouw Rooimans: Oké. De voorzitter: Als u zegt: wel mee eens. Dan stemt u voor. Mevrouw Rooimans: Oké, duidelijk. Ja, dank u wel. De voorzitter: Ja? Oké. We stemmen eerst nu over het amendement. Dus als u voor het amendement stemt, dan vindt u dus dat het moet worden geweigerd. Als u tegen het amendement stemt, dan vindt u dat het moet worden toegekend. Althans, zoals het nu is moet het ter inzage worden gelegd. Ja? Goed. Is er behoefte aan een stemverklaring? Nee. Dan is de stemming nu geopend op amendement A21-1. Met elf voor en acht tegen is het amendement aangenomen. Goed, dan gaan wij stemmen over het geamendeerde raadsvoorstel. Raadsvoorstel is dus geamendeerd, voor de volledigheid.

Dat betekent dus dat het voorstel is om de ontwerpverklaring van geen bedenkingen te weigeren en deze ter inzage te leggen. Is er behoefte aan een stemverklaring? Nee? Dan is de stemming nu geopend. De heer …: ‘…’ dertien voor en zes tegen. De voorzitter: Met dertien voor en zes tegen is het geamendeerde raadsvoorstel aangenomen. Ik wil toch nog één puntje behandelen. Dan kunnen we kijken of er behoefte is aan een kleine schorsing. We gaan door naar de economische agenda. Dat is agendapunt 22. 22. Economische agenda De voorzitter: Voorgesteld wordt de economische agenda Wijdemeren 2030 deel 1 de ambities vast te stellen, inhoudende de volgende ambities: ambitie 1, herstel van en leren omgaan met langdurige coronacrisis. Ambitie 2, optimaal een vestigingsklimaat profileren en acquisitie. Ambitie 3, een duidelijke ruimtelijke ordening. Vier, duurzaamheid. Ambitie vijf, veilig ondernemen. Ambitie zes, bereikbaarheid en parkeren. Ambitie zeven, sterke arbeidsmarkt. Ambitie acht, behoud sterke koppeling economisch en sociaal domein. Ambitie 9, recreatie, toerisme en gastvrijheid. Ambitie 10, kennisuitwisseling en samenwerking. Er is een amendement aangekondigd. Het betreft amendement A22-1. Die is ingediend door de Lokale Partij, D66, PvdA en GroenLinks. Ik geef het woord eerst aan de heer Goetheer om het amendement toe te lichten. Mijnheer Goetheer.

De heer Goetheer: Dank u wel, voorzitter. Het amendement – een beetje Zermatt in Wijdemeren – refereert aan de economische visie die de Lokale Partij compleet vindt ontbreken in het voorliggende stuk. De ambities die voorkomen in de economische agenda zijn natuurlijk positief. Wie is nu tegen veilig ondernemen, een duidelijke ruimtelijke ordening of een optimaal vestigingsklimaat. Maar voorzitter, waar is de samenhangende visie? Zelfs de ambitie die op de plank ligt en waaraan de gemeente zich al heeft gecommitteerd via het gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen komt niet terug in de economische agenda. Wat een gemiste kans, die wij proberen met dit amendement een beetje recht te zetten en iets ambitieuzer neer te zetten. De stip op de horizon; ruimte voor ondernemen, voor recreatie en natuur, in samenhang met duurzaamheid, zoals in Zermatt. Duurzaamheid biedt kansen. Die zijn breder dan de focus op subsidie, maar dwingt ons allen juist om na te denken over hoe wij slimmer kunnen werken en ondernemen; slimmer kunnen omgaan met de beperkte ruimte en middelen die we hebben. Waarom dan Zermatt? Een economisch florerend dorp met de unieke features: de Matterhorn, wintersport, zomersporten, waarin ze het merk Zermatt beschermen; met respect voor natuur; elektrisch vervoer; energieopwekking, maar niet star zijn in dat het honderd procent duurzaam moet zijn.

95 procent is ook al een heel goed percentage, maar het zit wel in de vezels van het dorp. Ook zeer scherpe bouwrestricties waarbij alles in dezelfde stijl moet zijn. De McDonalds daar - die heb je gewoon in de winkelstraat – zit in een chalet, waarmee de uitstraling van het dorp behouden blijft, maar als bedrijf gewoon welkom is. De visie is duidelijk en de economie floreert daaronder. Ondernemers weten waar ze aan toe zijn en kunnen daarop plannen. Concluderend, voorzitter. Wat mist in het raadsvoorstel is visie van wat voor een gemeente willen we zijn over tien, twintig, dertig jaar. Niemand is tegen de ambities die benoemd zijn, maar wat is de visie die wij aan onze ondernemers willen voorleggen. We moeten daarnaast scherpe keuzes maken, en dan zien we dat Wijdemeren uniek is in de regio, met het recreatieve potentieel, onze natuur, onze blauwgroene waarden tussen de verstedelijking om ons heen. Wanneer wij dat echt kunnen promoten, trekken wij ook de bedrijven aan die zich daarin kunnen vinden. Wij hoeven hier geen distributiecentra, maar wanneer wij bijvoorbeeld groene recreatie en familiebedrijven aan ons kunnen binden en kunnen laten floreren, dan denk ik dat we daar een veel betere fit mee hebben. Hierdoor voegen wij graag een volgende ambitie toe aan de economische agenda.

De ambitie om op een milieubewuste manier in 2040 het nummer 1 instapgebied te zijn voor waterrecreatie van Nederland, waarin de balans tussen recreatie, natuur, leefbaarheid en ondernemen gestimuleerd en ondersteund wordt. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Roossenschoon. Althans, mijnheer Roossenschoon, heeft u nog een aanvulling hierop? De heer Roossenschoon: Nou, niet zo gek veel, voorzitter, want de heer Goetheer heeft alles al naar voren gebracht en heel duidelijk verwoord. Waarvoor onze dank, uiteraard. Ja, we hadden al gezegd in de Commissie dat het een heel mooi stuk was. Het was lekker leesbaar; het las een beetje als een verkiezingsprogramma of een coalitieprogramma. Het ontbrak inderdaad aan concrete ambities. De ambities zijn er wel. Daar zijn we allemaal ook denk ik wel voorstander van, maar juist de overkoepelende visie waar de heer Goetheer het over had, dat ontbrak een beetje aan het stuk. Dat is nu opgevoerd als agendapunt nul of agendapunt één. In ieder geval, dat is het overkoepelende gebied waar alles verder aan opgehangen wordt. Dat is het onderwerp van dit amendement. Ik denk dat dit een versterking is van het stuk; van deze economische agenda. Zeker niet tegen deze economische agenda, maar een verbetering van deze economische agenda. Tot zover, voorzitter. Dat is het standpunt van D66.

De voorzitter: Dank u. ook meteen uw standpunt neergelegd. Goed. Mijnheer Poels, heeft u nog een aanvulling, als mede-indiener?

De heer Poels: Ja, zeker, voorzitter. Wel, tegen zo’n prachtig verhaal als van de heer Goetheer kunnen wij natuurlijk niet op. Zo hoor ik hem graag, zeg ik altijd maar. Voorzitter, ik zat laatst eindeloos te kijken naar de Olympische Winterspelen - u zult dat ook wel gezien hebben – waarbij met sneeuwkanonnen een stad die eigenlijk helemaal niet in winterse omstandigheden zit, is volgespoten met sneeuw. Dan staat er onder: de meest duurzame Olympische Spelen van ooit, geloof ik, zoiets staat er. Nou, dat is wat we niet willen, voorzitter. Dus daar gaat de vergelijking met Zermatt wat mij betreft helemaal mank. Wij willen geen kunstsneeuw in Wijdemeren, of kunstijs. Misschien wel in het kader van onze schaatsverenigingen, maar wij willen een aanvulling op de economische agenda. Wij waren al niet zo kapot van de economische agenda. Te globaal; te weinig kiezend; te weinig echte ambities; keuringnota. Wij maken ons ook zorgen – hebben we ook aangegeven in de Commissie – over de ambtelijke capaciteit, en ook de financiële middelen om er iets van te maken. Nou, dan moet je stevige ambitie formuleren, en dat hebben we in dit amendement gedaan, want ambities, daarmee organiseer je ook mensen. Dan organiseer je middelen. Dan organiseer je ook geld. Dat heeft de heer Goetheer volgens mij ook prima aangegeven.

Inderdaad, wat de heer Roossenschoon zei: een prima aanvulling op een vrij vlakke notitie die ook echt wel een beetje pit nodig had. Dus ik beveel iedereen dit amendement in alle hartelijkheid aan. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog verhelderende vragen vanuit de andere fracties? Nee. Dan ga ik naar wethouder Kea. Kea, voor een reactie op het amendement. Wethouder … Oh, wacht. Mijnheer Voigt, heeft u nog een vraag? De heer Voigt: Ja, ik had wel een verhelderende vraag over … Kijk, het is een ambitie: wat voor gemeente wil je in 2040 zijn? Dat is nog wel even weg. We zijn nu in 2022 en we stellen de economische agenda vast tot 2030. Is het dan niet raar om in deze economische agenda 2030 een ambitie op te nemen die je in 2040 wil realiseren? Dat was mijn vraag. De voorzitter: Zal ik naar de heer Goetheer gaan? ‘…’ (buiten microfoon). De heer Goetheer: Natuurlijk. Nou, deze ambitie heeft de gemeente zich al gecommitteerd in het gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen, om het nummer één instapgebied te zijn, dus dat is een overkoepelend iets. Dus dat de horizon om daar uiteindelijk te komen voorbij 2030 ligt, betekent niet dat we tot 2030 natuurlijk daar niet al heel veel plannen en acties aan kunnen vasthangen. Dit is deel één. Zo meteen komt deel twee met de acties.

Het is dus meer een stip op de horizon waar we naartoe willen werken, en waar we dus nog niet in 2030 automatisch hoeven te zijn. De heer Voigt: Dank. De voorzitter: Is het voldoende, mijnheer Voigt? De heer Voigt: Ja hoor. De voorzitter: Oké. Dan ga ik nu naar wethouder Kea voor een reactie vanuit het College. De heer Kea: Ja, voorzitter, dank u wel. Ik heb uiteraard de indieners van het amendement goed gehoord. De heer Goetheer begon met dat het gebiedsakkoord niet terugkomt in deze ambitie. Nou, dat klopt niet. Die komt keurig terug. Die staat ook onder de acties, bijvoorbeeld. Ja, de heer Goetheer zegt dat de indieners

vinden dat er slimmer ondernomen moet worden. Ja, we hebben deze hele economische agenda in een heel uitgebreid participatietraject met de ondernemers tot stand doen komen, juist omdat we denken dat als er nou iemand weet hoe je slim moet ondernemen, dat dat de ondernemers zijn. Daarom laten we het graag aan de ondernemers over om slim te ondernemen. En, hoe heet het? Vervolgens hebben we het over Zermatt. Ja, Zermatt is natuurlijk een prachtig dorp enzovoort. Loot zegt het ook: Wijdemeren is ook een prachtige gemeente, maar we zitten nog steeds in een situatie dat recreatie en toerisme een onderdeel van onze economie is, en niet het grootste onderdeel, als u ook ziet naar de statistiek die in de economische agenda zit. Dan, als u kijkt naar hoe we de economische agenda opgezet hebben, dan zijn de ambities die hier staan – zoals we ook vorige keer in de Commissie besloten – die staan niet in een volgorde. Dus als we nu zeggen: ja, nummer één moet zijn de ambitie als voorgesteld in het document, dan breng je eigenlijk automatisch een volgorde aan in de ambities. Dat is nou net wat we niet willen, want we willen samen met de ondernemers in de actieplannen kijken welke acties we als eerste gaan doen.

We hebben ook tegen de ondernemers gezegd, en we hebben tegen elkaar gezegd: het eerste dat we gaan doen als we het team bij elkaar hebben is in de bus stappen en gaan kijken in – zoals we gezegd hebben – hoe Zandvoort, hoe zij het oppakken. Zo willen we het aanpakken dus. Ja, het toevoegen van deze ambitie is eigenlijk … Staat een beetje haaks op de opzet van de hele agenda, en ook het willen overnemen van het slim ondernemen van ondernemers. Wij laten het liever aan de ondernemers over. Dus, u raadt het al. We gaan deze … Ik wil deze … Hoe heet het? Dit amendement – ik struikel eventjes – ontraden. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Er was een interruptie van de heer Goetheer, maar goed. Ik dacht, ik laat u even uitpraten. Mijnheer Goetheer. De heer Goetheer: Ja, dat is helemaal goed natuurlijk, voorzitter, en ik wilde heel even inhaken op de volgordelijkheid. Ik heb hem gewoon als nummer één, omdat het genummerd was: ambitie één tot en met tien. Het maakt mij niet uit als u hem op nummer elf zet, de ambitie, zolang hij maar wordt toegevoegd. Hetzelfde als dat het niet alleen om recreatie gaat. Dat moge duidelijk zijn. Er zijn nog tien andere ambities. Er wordt één ambitie toegevoegd. Met het antwoord van de wethouder vraag ik me heel erg af van: oké, lezen we hetzelfde amendement en dezelfde economische agenda? Tot zover, voorzitter.

De voorzitter: Maar u heeft nog geen echt verduidelijkende vraag aan de wethouder? De heer Goetheer: Ik ging ervan uit dat de wethouder het stuk verkeerd had gelezen, dus ik probeerde hem even te helpen met waar het om ging. De voorzitter: Goed. Is er behoefte aan reactie, wethouder Kea? Of laten we het voor wat het is? De heer Kea: Ik heb geen vraag gehoord, voorzitter, dus ik laat het voor wat het is. De voorzitter: Goed, dan gaan we naar de tweede termijn. doe ik eerst een inventarisatie. Of is het een interruptie, mijnheer Torsing, op de wethouder? De heer Torsing: Nee, nee. De voorzitter: Goed, ik doe eerst even een inventarisatie van wie het woord wil voeren. Is er iemand die hier nog … Mijnheer Torsing wel, hè? Ja. Goed, ik heb de heer Torsing, mevrouw Vermeulen en de heer Voigt. Dat klopt? Oké. Dan begin ik met u, mijnheer Torsing. U mag uw handje weghalen. Ja, gaat uw gang.

De heer Torsing: Ik heb niks weggehaald, maar hij is inderdaad weg. De voorzitter: Ja. De heer Torsing: Ja, hoe begin je? Ik heb in de Commissie ook aangekondigd dat wij misschien met een amendement kwamen. Toen heeft de heer Kea mij heel rustig gebeld en gevraagd: waar is je pijnpunt? Nou, mijn pijnpunt zit dat ik een papieren ‘…’ valt, en dat dingen missen. Het was duidelijkheid, visie, daadkracht, service en inspraak, want dat is wat de ondernemers eigenlijk van de gemeente verwachten. Dat vond ik niet terug in de stukken. Daar hebben we het over gehad, en in de bijlage – heeft hij mij verteld – dat het wel naar voren kwam. Ik wil even reageren op het amendement. Ik hoor de heer Goetheer zeggen van: ja, die ambitie moet er zijn. Die zit eigenlijk al beschreven in het ‘…’klasse-akkoord, dat we met elkaar geschreven hebben, dus waarom zou je dit dan doen als die ambitie er al ligt? Dus dan is het eigenlijk niet nodig dat je dit nog een keertje nu binnenbrengt, want het … Werd net keurig verteld dat het er al was. Daarnaast hoor ik de heer Kea zeggen: laat de ondernemers ondernemen. Dat is een zin naar mijn hart, want als je … Wat doe je eigenlijk hiermee? Als je dit zo aanstipt. Dan zeg je eigenlijk dat je de kernploeg of die groep die straks gaat praten, van jongens, wij als gemeenteraad leggen wat neer, en dit willen wij bereiken.

Dat is heel sympathiek, en dat is ook heel goed dat je dat vindt, maar het zou veel fijner zijn – maar dat zou de heer Goetheer zelf ook misschien erkennen – als je zelf met initiatieven mag komen, en met ideeën. Dus ik denk: laat die ondernemers ondernemen. Ze zijn er allemaal over eens; ze zijn er al mee bezig, om een milieubewuste gemeente en haven te worden. Als wij dit hier zo neerzetten, dan vraag ik mijn eigen af – en dan ga ik een beetje in de heer Zagt zijn rol: waar is die zak geld als gemeente die wij meegeven? Laat nou die ondernemers ondernemen. De heer Kea heeft mij overtuigd. Ik wil wel straks stemverklaringen. Ik weet niet hoe mijn fractie gaat stemmen. Ik hoop dat ze mij volgen, maar dat weet ik niet. Ik wil wel een stemverklaring afgeven, maar wij zullen dit amendement niet steunen en het raadsvoorstel wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen-Franssen: Dank u, voorzitter. Ja, zoals de heer Roossenschoon al aangaf: het is een makkelijk leesbaar stuk; heel duidelijk. Daar zijn we blij mee, maar waar wij als VVD vooral blij mee zijn, dat alle ambities uitgebreid besproken zijn in een participatietraject met de ondernemers. Dat is zoals wij het graag zien. Wat de heer … Wat de wethouder al aangaf: de ambities die genoemd worden, die ambities zijn in willekeurige volgorde aangegeven.

Het is dus aan de ondernemers en de gemeente om te kijken wat ze het eerst willen doen. Wij willen ze daar niet op vastprikken. Iedereen is zich bewust van het belang van duurzaamheid. Ik weet zeker dat het ook goed aan de orde zou komen in de discussies met de ondernemers. Ja, u begrijpt wel dat wij het amendement niet kunnen steunen, want eerlijk gezegd vind ik het een amendement voor de bühne. Wat er in het amendement staat, dat staat al in het beleidsplan, en daar hoeven we nog niet een keer iets aan toe te voegen wat u net in het amendement verwoord. Dus wij zullen voor het raadsvoorstel stemmen en tegen het amendement. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Voigt. Mijnheer Voigt. De heer Voigt: Ja, voorzitter, het amendement vinden wij een goede aanvulling op de economische agenda. Het is ook al opgenomen in het gebiedsakkoord, en wij denken dat het best heel goed verdedigbaar is, zoals de heer Goetheer dat gedaan heeft; om hem toe te voegen aan de economische agenda. Laten we niet steggelen over welke plek dat dan moet zijn. Laten we gewoon het amendement volgen en dan staat hij op plek één, maar best een mooie plek, denk ik. Dus wij steunen het amendement.

De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de indieners. Ik begin bij de heer Poels. De heer Poels: Voorzitter, een korte reactie op de heer Torsing. Kijk, je moet ondernemers laten ondernemen. Daar zal niemand tegen zijn, maar de economische agenda, mijnheer Torsing, is niet alleen maar van de ondernemers. Die is van de ondernemers en de gemeente. Dat doe je samen. De gemeente zegt in dit amendement: we hebben een bepaalde ambitie. Help ons ondernemers om die ambitie te realiseren. Dat is wat je in feite zegt. Dus het is te – ik zeg het maar even op zijn Hollands – ééndimensionaal, om te zeggen dat het alleen maar de ondernemers zijn. Het gaat juist om het samenspel. Nou, die gemeente vertegenwoordigen wij als lokale politiek. Wij zeggen: wij zouden dit graag als ambitie zien. Ga daarmee aan de slag. Dus dat is even mijn reactie op de opmerking van de heer Torsing, maar het moge duidelijk zijn: wij zullen dit amendement steunen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Ja, een interruptie van de heer Torsing. Mijnheer Torsing. De heer Torsing: Ja, dank u wel. Ja, dank u wel, voorzitter. Ik word aangesproken. Ik wil graag reageren. Uit het oogpunt van mijnheer Poels, begrijp ik zijn antwoord, weet je wel. Maar dat is ook net waar de kneep zit. Ik ben helemaal niet tegen dit wat hier genoemd wordt.

Maar het altijd maar opleggen van regels, het altijd maar dingen neerleggen, terwijl we een heel goed stuk hebben wat geschreven is waar duurzaamheid, waar alles in voorkomt. Dan denk ik bij mijn eigen, nou ga je een groep al verplichten dat ze in 2040 nummer één moeten zijn. Laat ze dat zelf eens verzinnen. Kijk, dat u dat allemaal op wil leggen, dat is uw linkse hoek. Dat vind ik prima. Maar ik vind het heel vervelend. De voorzitter: Mijnheer Poels, wilt u nog reageren? De heer Poels: Jazeker, voorzitter. Ik denk dat de heer Torsing niet goed gelezen heeft. Er staat ambitie. Er staat niet verplichting. Er staat iets wat we graag willen bereiken. U mag me best in de linkerhoek duwen, de heer Torsing, daar zit ik graag, maar dan moet u me ook op het juiste moment erin duwen. Het gaat niet om verplichting. Er staat nergens gij moet en gij zult. Daar staat, wij willen als raad graag deze ambitie uitspreken. Mooi dat ze daarmee aan de slag gaan. Maar waarschijnlijk worden wij het niet eens, mijnheer Torsing. De voorzitter: Mijnheer Torsing, voordat ik naar u ga, want ik denk dat de heer Goetheer … De heer Torsing: Dit is de laatste keer, want mijnheer Goetheer zou al wel … Ik zie ook wel dat er ambitie staat, maar waarom zo expliciet benoemen? Dat is helemaal niet nodig. De voorzitter: Mijnheer Goetheer.

De heer Goetheer: Dit was de interruptie bij de heer Torsing, omdat hij had eerder in zijn betoog aangegeven dat er toch wel een aantal dingen ontbraken in het stuk. Visie, daadkracht. Juist een aantal zaken die de ondernemers benoemden. Daar kwam hij net totaal niet op terug. Die vond ik bijzonder. De voorzitter: Uw vraag aan de heer Torsing is dan? De heer Goetheer: Waarom hij dat niet doet. De voorzitter: Mijnheer Torsing, waarom doet u dat niet?

De heer Torsing: Het is voor mij heel duidelijk. Kijk, er wordt hier iets neergelegd. Mijnheer Kea heeft aan mij gevraagd, geef die mensen de ruimte. Ik zeg, ik heb misschien wel een heel ander stuk geschreven, want die ondernemers vinden dit een papieren tijger. Ik verwacht van de gemeente duidelijkheid, visie, daadkracht, service en inspraak. Heb ik heel duidelijk gezegd. Misschien heeft hij het niet gehoord en was zijn geluid uit. Ik heb het heel duidelijk gezegd. De voorzitter: Mijnheer Roosenschoon, u wilt ook nog? De heer Roosenschoon: Ja, voorzitter, graag. Want eigenlijk wat de heer Torsing net vertelt, is in grote lijnen een beetje het onderwerp van dit amendement. Wij spreken een overkoepelende ambitie uit die wordt gelegd naast de andere ambities die al geschreven zijn. Het is een richting waar we met onze gemeente heen willen. Er is totaal geen druk op de ondernemers. Het is een visie die we hebben als gemeente en als ontwikkeling op het gebied van recreatie en natuur. Het is, wat ons betreft, alleen maar een aanvullen en een overkoepelende aanvulling, boven alle andere ambities. Kijk, we gaan ook niet zeggen dat bij het lezen van het stuk van het college we de verwachting uitspraken dat we gingen fuseren met Woerden en Zandvoort. Dat zou ook absurd zijn. Net zoals de dwang opleggen aan ondernemers, in dit geval, ook totaal kant nog wal raakt.

Dit amendement is alleen maar een overkoepelende ambitie. Wat dat betreft een heel welkome aanvulling. Tot zover. De voorzitter: Dan neem ik aan dat dat ook uw afsluitende woord was dan? Ja? Mijnheer Nienhuis, u hebt nog een interruptie? De heer Nienhuis: Ja. Een vraagje, want als ik voor het amendement ga stemmen, voorzitter, dan stem ik toch niet voor McDonalds in de Wijdemeren? Even voor de duidelijkheid. Dat is niet waar het nu over gaat? De voorzitter: Dat staat er niet in, maar ik sluit het ook niet uit, mijnheer Nienhuis. In een chaletje met nepsneeuw erbovenop. De heer Nienhuis: Nepsneeuw. Maar dat is niet de bedoeling? Voor de duidelijkheid. De heer Roosenschoon: Voorzitter? De voorzitter: Ja. De heer Roosenschoon: Wij kunnen ons altijd voorstellen dat we een drijvende McDonalds krijgen op de Vijfde Plas. De voorzitter: Laten we even wegblijven bij de McDonalds. Dat is voor niemand goed, denk ik. Maar goed, o, reclame, het mag niet. O, sorry. Dan noemen we de Burger King en de Pizza Hut er ook bij. Dan hebben we dat ook gehad. Mijnheer Goetheer, wilt u afsluiten? De heer Goetheer: Natuurlijk, voorzitter. Ik zal niet ingaan op de argumenten die net benoemd werden. Ik dank iedereen voor de steun. Ik zie er heel erg naar uit om hier in de komende jaren tot 2040 en nog veel langer met zijn alleen een visie neer te leggen en ervoor te gaan. Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter: Het lijkt me dat we voldoende hebben uitgewisseld. Dan wil ik naar de stemming toegaan. Ik breng eerst amendement A-22-1 in stemming en dan vervolgens het raadsvoorstel. Is er behoefte aan een stemverklaring op het amendement? Nee? Dan breng ik A-22-1 in stemming. Met 13 voor en 6 tegen is het

amendement aangenomen. Dan gaan wij naar het geamendeerde raadsvoorstel. Is er behoefte aan een stemverklaring? Mijnheer Torsing. De heer Torsing: Dank u wel. Ik wil graag meegeven aan het college dat wij verwachten dat er duidelijkheid, visie, daadkracht en service en inspraak op alle onderwerpen een hoofddoel mag zijn voor dit raadsvoorstel. De voorzitter: Dank u wel. Is er verder behoefte aan een zienswijze, of een stemverklaring? Excuus. Stemverklaring? Nee? Dan breng ik het geamendeerde raadsvoorstel economische agenda in stemming. Mijnheer Poels, lukt het? De heer Poels: Voorzitter, hij verstuurt hem niet. Ogenblikje. Ik ga mijn best doen. De voorzitter: Mijnheer Torsing, u kunt uw handje omlaag doen. Dank u wel. De heer Poels: Het is gelukt, voorzitter. De voorzitter: Met 16 voor en 3 tegen is het geamendeerde raadsvoorstel economische agenda aangenomen. Ik kijk even naar u. Is er behoefte aan een sanitaire schorsing? Ja? Gezien de tijd, is 5 minuten voldoende? Ja. Ik heb op mijn klok staan 22.22 uur. Laten we het maar gewoon mooi afronden, doe ik gewoon 22.30 uur. Ja? 22.30 uur hervatten we de vergadering. Schorsing 23.

Ontwerp-verklaring van geen Bedenkingen Nederhorst den Berg Noord (10V/9T Aangenomen) Inspraakreactie mevrouw Boshuizen Inspraakreactie de heer Hilberts Moties en amendementen Inspraakreactie de heer Kwint De voorzitter: Dames en heren, ik heropen de vergadering. We zijn allemaal weer aanwezig, volgens mij. We zijn aanbeland bij agendapunt 23, ontwerp-verklaring van geen bedenkingen Nederhorst den Berg Noord. Voorgesteld wordt, 1. De ontwerpverklaringen van geen bedenkingen voor het oprichten van een nieuwe woonwijk, 150 woningen, ten noorden van de bestaande kern van Nederhorst den Berg af te geven. 2. De ontwerp-verklaring van geen bedenkingen voor zes weken ter inzage te leggen conform de wettelijke voorgeschreven procedure. 3. Het college te adviseren tegelijk met de terinzagelegging van de ontwerpverklaring van geen bedenkingen de ontwerp-omgevingsvergunning en het ontwerpbesluit Wet geluidshinder voor de vaststelling hogere waarden voor zes weken ter inzage te leggen. Er is een amendement aangekondigd. Dat is A-23-1. Die is ingediend door het CDA, De Lokale Partij en PvdA-GroenLinks. Dit is ook ambtelijk getoetst. Daar gaan de indieners waarschijnlijk zelf ook iets over vertellen. Ik geef eerst het woord aan de heer Verbruggen van het CDA. De heer Verbruggen: Dank u wel, voorzitter. Vooraf wil ik graag eerst nog wat zeggen.

Want dit agendapunt kreeg heel wat voeten in de aarde toen we in de commissievergadering hebben gezegd dat wij ernstige bedenkingen hebben bij dit raadsvoorstel. Tegen stemmen kon opeens niet meer, blijkbaar. Ik vraag mij nog

steeds af of dat daadwerkelijk zo is. Maar we moesten met een amendement komen. Die moest ook nog eens een keertje ruimtelijk onderbouwd worden. Tot op heden ben ik daar nog steeds niet van overtuigd. Maar zonder geen goede onderbouwing, zou een besluit vernietigd kunnen worden. Daarbij werd ook nog gezegd dat er geen ambtelijke capaciteit is. Nimmer in de twaalf jaar dat ik raadslid ben, heb ik me zo verongelijkt gevoeld. Nimmer heeft de CDA-fractie zich zo belemmerd gevoeld om vrij, zonder last en ruggenspraak te kunnen stemmen. Dit moest ik toch even kwijt. Erger nog, wij hebben dat gevoel gehad, de afgelopen week, ik zeg met name het gevoel, dat wij hierin tegengewerkt zijn. Maar wij hebben onze plicht gedaan. Wij zijn met een amendement gekomen. Die hebben we proberen te onderbouwen. Dit is inderdaad vandaag nog gelukkig getoetst en is juridisch juist bevonden. Daarvoor wil ik ook de ambtelijke organisatie hartelijk danken. Dan naar het amendement zelf. Dat is in wezen een samenvatting van wat ik in de commissie gezegd heb. Dat ga ik niet over doen. Ook mijn hele tijdlijn, die ik gedaan heb, ga ik niet over doen. Eens even kijken waar ik gebleven ben. Om nu een ontwerp-verklaring van geen bedenkingen af te geven, lijdt tot enorm veel zienswijzen. Inclusief een zienswijze van de provincie. Dat gaat leiden tot een kansloze, juridische strijd voor Wijdemeren.

De CDA-fractie wil graag bouwen, maar verantwoord bouwen. Daarom vinden wij dit plan een enorme buitensporige belasting voor onze ambtelijke organisatie en die uiteindelijk niet met de provincie op een lijn kan komen. In het amendement geven wij aan dat het voorstel niet voldoet aan een drietal artikelen uit de oude PRV, waar dit onder valt, dan wel onvoldoende is of prematuur is. Te beginnen met artikel 5A, waarbij de PRV, Provinciale Ruimtelijke Verordening, eist dat buitenstedelijke locaties opgenomen moeten worden in de regionale woonvisie en het actieprogramma Uitvoering Regionale Woonvisie. Dat is tot op heden niet gebeurd. U kunt het verder lezen in het amendement. Artikel 22 gaat over de stelling van Amsterdam en de Hollandse Waterlinie. Daarbij wordt gezegd om toch een nieuwe ontwikkeling toe te staan, moet er worden aangetoond dat er een groot openbaar belang is en wat de initiatiefnemer gaat doen om de nadelige effecten te compenseren. Dit wordt onvoldoende onderbouwd. Dan gaan we naar artikel 25, weidevogelgebied. Ook hier wordt onvoldoende aangetoond dat er een groot openbaar belang is. Afijn, u kunt dat uitgebreider lezen in het amendement. Vervolgens is er geen rekening gehouden met de agrarische ondernemingen in de onderbouwing. Ik denk dat iedereen dit nu wel snapt, dat dit een kansloze weg is. Maar nu de volgende vraag.

Wat vinden wij, als CDA-fractie, van dit soort dingen? Moeten wij bij alles de letter van de wet volgen? Kunnen we niet een keer een risico nemen? Dat risico durven wij best wel een keer te nemen, getuige de steun van een amendement, zoals gisteravond ingediend bij Oud-Loosdrechtsedijk 63. Maar als je nagaat dat zowel initiatiefnemer als de gemeente Wijdemeren de afgelopen drie tot vier jaar diverse, bedenk dat dat heel veel pogingen zijn geweest om Gedeputeerde Staten, lees de heer Loggen van de VVD, te overtuigen om dit plan wel te realiseren, telkens met alle onderbouwingen en alle rapporten die geweest zijn over het weidevogelgebied of hoe het besluit tot stand is gekomen. Tot aan 13 januari aan toe heeft de heer Loggen in een mail klip en klaar definitief nee ten gehore gebracht. Telkens loopt men tegen dichte deuren aan. Als je dan bedenkt dat wij als CDA lokaal ook nog de provinciale fractie hebben ingeroepen om ons te helpen. Er is een motie ingediend bij de Provinciale Staten. Waar was de VVD- en de D66-fractie toen? Die gaven niet thuis. Maar wel in de commissie alle pijlen op de lokale CDA-fractie richten. Dit vinden wij echt een gemiste kans. De CDA-fractie wil graag bouwen in deze gemeente voor onze eigen inwoners, voor onze starters, voor de senioren.

Wij gaan aan de slag met de woningbouwlocaties die kansrijk zijn, zodat we per saldo meer woningen realiseren en niet blijven trekken aan een dood paard. Tot zover, voorzitter. Wilt u dat ik nog het besluit van het amendement voorlees? De voorzitter: Graag. De heer Verbruggen: Dat is misschien nog wel ter verduidelijking.

De voorzitter: Te wijzigen in. Dat scheelt. De heer Verbruggen: Te wijzigen in, de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen voor het oprichten van een nieuwe woonwijk (150 woningen) ten noorden van de bestaande kern van Nederhorst den Berg te weigeren. 2. De ontwerp-verklaring van geen bedenkingen voor zes weken, de weigering daarvan, ter inzage te leggen conform de wettelijk voorgeschreven procedure. De voorzitter: Dank u wel. Dan vraag ik de heer Zagt, wilt u nog een aanvulling doen? De heer Zagt: Aanvulling? Ik zou wel het een en ander willen zeggen. Ik twijfel even of dat ook voor de tweede termijn kan. Wat zegt u? De voorzitter: Het is aan u. De heer Zagt: Dan doe ik het in de eerste termijn, voorzitter. Dank u wel. Allerlei zienswijzen over ons afroepen, voorzitter, dat noopte tot een forse tegenactie. Vorige week dinsdag heb ik de griffie al om ambtelijke bijstand gevraagd, want toen zagen we al aankomen wat inderdaad zich af ging spelen door alle, vele agendapunten. Ik herken ook heel erg het gevoel wat de heer Verbruggen zonet hierover uitsprak. Hoe zou je het kunnen noemen, voorzitter, wat hier gebeurt? De Lokale Partij gaat zich niet uitlaten over het enorme offensief wat door de ontwikkelaar is uitgestort. Ook niet over het intekenen op andermans of andervrouws percelen. Ook niet over het niet door het college beantwoorden van informatieverzoeken van een inwoner.

We denken er wel het onze van. Ik zei in de commissie al, een optelsom van wensdenken, verbasteringen en gelegenheidsargumenten, een illusie. Voorzitter, ik voorspelde het al in de commissievergadering, het CDA trekt de stekker eruit. Je zou kunnen zeggen, beter ten halve gekeerd, dan ten hele gedwaald, zo luidt het spreekwoord. Misschien kun je bij ten halve hier wel vraagtekens zetten, maar het is meer, denk ik, dat het CDA het eigen team in het veld verlaat en zich bij de tegenstander aansluit. Natuurlijk is De Lokale Partij blij met die versterking, zeker voor het einde van de wedstrijd nu dat ook een derde fractie eindelijk zich uitspreekt, wat wij al vanaf het begin uitspraken. Dit plan is kansloos qua weidevogelgebied. Er zijn nog volop inbreimogelijkheden in de dorpen, of het dorp zelf. Onze prachtige, open, natuurlijke en agrarische omgeving van de dorpen willen we niet nog verder aantasten. Ik stel daarnaast toch ook nog een keer het grote gebrek aan participatie vast. Geen woord daarover in het raadsvoorstel. Wat ons betreft was de zogenaamde participatie in dit geval voor de bühne. Voorzitter, ik denk dat De Lokale Partij terug mag kijken op twee avonden waar we heel gelukkig mee zijn, met vele resultaat, allerlei wisselende meerderheden, heerlijke democratie. Voorzitter, ook hier hebben we constructief meegewerkt aan een amendement met zware onderbouwing.

Een uitputtingsslag, de afgelopen dagen/weken, maar alles voor het goede doel. In dit geval, geen kolder in de polder. De instandhouding van de omgeving van onze prachtige dorpen, in dit geval Nederhorst den Berg, is ons veel waard. Dat ziet u terug, voorzitter, in dit amendement. Ik sluit af met complimenten voor de heer Verbruggen. De moed om te draaien, de bal de andere kant op te spelen en dat alles met stevig onderbouwd materiaal. De bijlagen spreken voor zich. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Poels, ook als mede-indiener. De heer Poels: Voorzitter, dank u wel. Toch ook nog een aantal opmerkingen onzerzijds. Voorzitter, de fractie PvdA-GroenLinks is altijd een tegenstander geweest van het plan Nederhorst Noord, het plan om 150 woningen in de polder, de Horn- en Kuijerpolder, te realiseren. Dat is een consistent beeld geweest. Voorzitter, natuurlijk wij zien ook de woningnood in Nederland in het algemeen en in Wijdemeren in het bijzonder. Daar willen we als fractie PvdA-GroenLinks ook een bijdrage aan leveren. Zie ook ons voorstel

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11256428/2