Bijlage 1 - Water- en rioleringsprogramma gemeente Wijdemeren 2023-2027
Tekst van het document
Op het gebied van woningbouw worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: o
Kruipruimte loos bouwen;
o
Ontwateringsdiepte op woningbouwlocaties uit het bestemmingsplan -0,70 m onder maaiveld;
o
Vloerpeil woningen +0,3 m boven as van de aansluitende weg in de bestaande openbare ruimte;
Voor aansluitingen op percelen zijn de volgende eisen opgesteld: o
Aanbieden op voorgeschreven locatie op -0,6 m onder maaiveld op de perceelgrens via een op de perceelgrens geplaatste erfscheidingsput/ doorspuitstuk. De erfscheidingsput vormt de scheiding van beheer, eigendom en verantwoordelijkheid tussen perceeleigenaar en gemeente. Deze put is onderdeel van de perceelaansluiting, die door de gemeente wordt aangelegd na het traject van aanvraag, vergunning en betaling. De perceeleigenaar is zelf verantwoordelijk voor het goed functioneren van, en de kosten voor de riolering op eigen terrein tot aan het de erfscheidingsput (het ontstoppingsstuk). De gemeente is verantwoordelijk voor het goed functioneren van de riolering in de openbare ruimte.
o
Woningen zijn voorzien van ‘Polderstuk’ op overgang met de gebouwfundering. Dit vermindert het risico op het afbreken van de perceellozing bij de fundering als gevolg van bodemzetting.
3.6 Grondwater Door nattere winters als gevolg van klimaatverandering, flexibel (zomer)peil in het plassen- en natuurgebied en vermindering van de grondwaterwinning voor drinkwater, zijn significante stijgingen van het grondwater mogelijk, met gevolgen voor de kans op grondwateroverlast. Dit effect is vooral groot langs stuwwallen, zoals in Wijdemeren. Hoewel meer hevige buien vallen, worden de zomers steeds droger als gevolg van klimaatverandering. Hierdoor treden in de huidige situatie ook te lage grondwaterstanden op. De voortgaande klimaatverandering zal dit effect versterken. Langdurige droogte leidt tot lagere standen van gronden oppervlaktewater. Hierdoor kan veenbodem uitdrogen, waardoor bodemdaling versnelt, met het risico op schade door extra verzakking van riolen, andere infrastructuur en gebouwen. Opgewarmde
26
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
en droogvallende watergangen kunnen gaan stinken en bomen en planten hebben water te kort. Door watertekort verliezen de bomen in het najaar eerder hun blad, ook wel ‘vroege herfst’ genoemd. Hierdoor valt de schaduwwerking en verdamping door bomen weg, wat de hittestress in bebouwd gebied kan versterken. Met het grondwaterbeleid geeft de gemeente invulling aan de zogenaamde zorgplicht voor het grondwater (Waterwet, art.3.6), waarmee de gemeente op een doelmatige wijze wil bijdragen aan een bestendige werk- en leefomgeving in Wijdemeren, nu en in de toekomst. De gemeente spant zich op een doelmatige wijze in om een voor de gebruiksfunctie nadelige structurele grondwaterstand in openbaar bebouwd gebied te voorkomen of te beperken. In de bestemmingsfase worden de problemen onderkend op basis van de ‘watertoets’ als onderdeel van de ruimtelijke ordening. In de inrichtingsfase worden de maatregelen gerealiseerd door middel van grondexploitatie en bouwvoorschriften, die opgenomen zijn in de omgevingsvergunning voor bouwen. Als er incidenteel en in beperkte mate een te hoge (of te lage) grondwaterstand optreedt, zal de gemeente daar geen maatregelen voor nemen.
Als meer dan 10% van de gemeten grondwaterstanden in een gemeentelijke peilbuis hoger is dan 70 cm onder maaiveld, is sprake van een structurele afwijking en kunnen structureel nadelige gevolgen voor de gebruiksfunctie optreden. In deze gevallen is dit het signaal om in samenwerking met het waterschap een doelmatige en duurzame inspanning te leveren voor het realiseren van een grondwaterstand gelijk aan of onder 70 cm onder maaiveld in de openbare ruimte. Het realiseren hiervan is geen resultaatsverplichting, omdat dit technisch niet altijd mogelijk is, tot andere grote negatieve effecten leidt en/of tot onevenredige kosten kan leiden. Maatregelen zijn doelmatig als deze effectief zijn en tenminste in combinatie met andere maatregelen of projecten in de openbare ruimte worden uitgevoerd. Grondwaterproblemen kunnen voor de gemeente aanleiding zijn om de prioritering in de uitvoeringsplanning aan te passen. De kosten moeten hiervan wel passen binnen de beschikbare middelen volgens voorliggend plan. Op privaatterrein is de perceeleigenaar zelf verantwoordelijk om een voor de gebruiksfunctie nadelige structurele grondwaterstand te voorkomen. In samenwerking met het waterschap willen we verzilting reduceren en hebben we aandacht voor brakke kwel.
Waar mogelijk richten we de omgeving zo in dat we grondwater aanvullen (suppletie) door infiltratie en zijn we ervan bewust dat door de hele gemeente storende, ondoorlatende lagen voorkomen in de bodem. Door oppervlaktewaterpeilbeheer stuurt het waterschap in samenwerking met de omgeving op grondwaterpeilen. De bodemdaling door droogte en afbraak van veengronden
27
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
wordt op deze manier gereduceerd en idealiter tegengegaan. Het is hierbij extra van belang om voldoende ontwateringsdiepte bij nieuwbouw en gebiedsontwikkeling te eisen voor de bedoelde gebruiksfunctie, zoals wonen. Dit moet zorgen voor voldoende drooglegging, ook in de toekomst. Hierbij is het uitgangspunt dat dit zonder actieve bemaling van grondwater wordt gerealiseerd, bijvoorbeeld door het aanbrengen van grondophoging. Afhankelijk van variërend oppervlaktewaterpeilbeheer, kan er ook gebruik gemaakt worden van een variabel grondwaterpeilbeheer (figuur 11) door verschillende drainage-instelniveaus in zomer en winter. (bron afbeelding: Klimaatbestendig grond- en hemelwater-systeem kern Loosdrecht, concept, Wareco.)
figuur 11: Grondwaterstanden bij drainage Wat willen we bereiken? Het zoveel mogelijk voorkomen of beperken van structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de bestemmingen;
Voorkomen van (grond)wateroverlast bij nieuwbouw en inbreidingen;
Inzicht krijgen in locaties die gevoelig zijn voor grondwater-overlast en droogte, nu en in de toekomst;
Inzicht krijgen in de noodzaak voor het vaststellen van een minimale grondwaterstand voor bebouwd gebied met veenbodem;
Bestrijden van droogte door gebiedseigen water zoveel mogelijk vast te houden en bij aanhoudende droogte, waar mogelijk gebruik maken van oppervlaktewater in plaats van grondwater. Dit hangt samen met de ambitie om (regen)wateroverlast te voorkomen;
Bewoners en bedrijven dragen bij aan het vergroten van de sponswerking van Wijdemeren, omdat zij minder verharding, meer groen en water vasthouden op eigen perceel.
Bewoners en bedrijven nemen zelf de juiste maatregelen op eigen perceel bij grondwateroverlast en -onderlast.
28
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
3.7 Waterveiligheid Waterveiligheid valt niet onder de gemeentelijke watertaken, maar heeft de gemeente hierin wel taken. Vanwege de samenhang met andere klimaateffecten en de relatie met de zogenaamde ‘meerlaagse-veiligheid’, wordt hier aandacht aan besteed. Waterveiligheid is een onderdeel van het Deltaprogramma ruimtelijke adaptatie (DPRA). ‘Als de dijken breken’ (1e laag faalt) kunnen gevolgen daarvan worden beperkt door zorgvuldige locatiekeuze en inrichting (2e laag) en door rampenbeheersing (3e laag). Vooral de 2e veiligheidslaag heeft een relatie met de keuzes bij inrichting van de openbare ruimte en bebouwing voor beperking schade bij extreme neerslag. Op de klimaateffectatlas staat informatie over overstromingsrisico’s in de vorm van een kaartverhaal (http://www.klimaateffectatlas.nl/nl/kaartverhaal-overstroming). De maximale overstromingsdiepte bij een middelgrote kansberekening, de kans dat een gebied ongeveer 1 keer in de 100 jaar overstroomt, wordt weer gegeven in figuur 12. (bron: Klimaateffectatlas) Wat willen we bereiken?
Waar mogelijk beperken van schade door overstroming door meekoppelen met andere inrichtings- en bouwmaatregelen;
Bewust mee laten wegen van meerlaagse veiligheid bij herinrichting en nieuwbouw.
29
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
figuur 12: Maximale overstromings-diepte bij klimaatscenario WH 2050
3.8 Veilig en gezond water in Wijdemeren Vuilwater op regenwaterriool Bij foutaansluitingen van vuilwater op regenwaterriolering kan de lozing vanuit de regenwaterriolering dermate vervuild zijn, dat geen sprake meer is van een regenwaterlozing*. Totdat al deze foutaansluitingen zijn opgespoord én volledig gesaneerd, is deze lozing in feite illegaal volgens het Besluit lozen buiten inrichtingen (artikel 3.14), waartegen het waterschap handhavend kan optreden. Dit onderstreept het belang van het voorkómen van foutaansluitingen voor een veilig en gezond oppervlaktewater in Wijdemeren. * Ter indicatie: de jaarlijkse vuilemissie via een foutaansluiting van vuilwater op regenwater van één huishouden is even groot als van een ‘standaard’ gemengd rioolstelsel met 67 woningen en 10.000 m2 aangesloten verhard oppervlak! Dit is berekend op basis van een ‘chemisch zuurstof verbruik’ van 450 mg per liter huishoudelijk afvalwater, 125 liter huishoudelijk afvalwater per inwoner, gemiddeld 2,5 inwoner per aansluiting, gemengd rioolstelsel met 150 m2 oppervlak per woning.
30
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
Regenwater op vuilwaterriool Bij foutaansluitingen van regenwater op vuilwaterriolering kan bij hevige of langdurige neerslag de lozing dermate groot zijn, dat de vuilwaterriolering wordt overbelast en dit risico’s voor de volksgezondheid kan geven. Onbehandeld vuilwater kan uit de overbelaste riolering op straat of maaiveld terecht komen en (via regenwaterriool) afstromen naar oppervlaktewater, wat daar tot zeer ernstige vervuiling leidt. In het ergste geval kan het zelfs teruglopen in woningen. De kans hierop is groter naarmate het afvoerend oppervlak op de foutaansluiting groter is. Om dit te voorkomen is het niet altijd noodzakelijk om 100% van alle foutaansluitingen van regenwater op vuilwaterriool te saneren. Na opsporing maakt de gemeente een afweging tussen omvang afstromend oppervlak en saneringskosten. Hier wordt dus een doelmatig aanpak gevolgd, volgens het principe dat met 20% van de inspanning 80% van het resultaat kan worden bereikt. Deze sanering op aanwijzing van de gemeente is niet vrijwillig: het is verboden om regenwater op vuilwaterriolering te lozen. Afkoppelen Wanneer wordt gestreefd naar integrale oplossing van de wateropgaven, blijkt dat afkoppelen van verhard oppervlak één van de meest doelmatige maatregelen is om klimaateffecten te compenseren.
Hiermee wordt namelijk de kans op wateroverlast en vuilwater op straat verminderd en bij infiltratie de aanvulling van het grondwater vergroot. Water op straat moet onder extreme omstandigheden naar lage pleinen en groene zones kunnen stromen en van daar naar oppervlaktewater of bodem, zonder dat de waterkwaliteit hierdoor verslechtert. Dit mag dus geen vuilwater zijn. Om deze redenen gaat de gemeente volop door met afkoppelen van regenwater van de riolering in bebouwd gebied. Regenwater dat op straat, daken en erven valt, komt in Kortenhoef, Ankeveen en Nederhorst den Berg in een gemengd (vuilwater) stelsel terecht. Hoe meer van deze oppervlakken worden afgekoppeld, hoe beter. Aandachtspunt daarbij is dat de fosfaatbelasting op kwetsbaar oppervlaktewater niet mag toenemen. Grondwater op riolering (rioolvreemd water) Op basis van de gegevens van het drinkwaterverbruik, grondwateronttrekkingen, draaiuren van rioolgemalen en afvoer naar RWZI Horstermeer in 2016, is een quick-scan uitgevoerd voor een (indicatieve) waterbalans van de waterketen (drinkwater, riolering en zuivering) in Wijdemeren. Hieruit bleekt dat vanuit Loosdrecht-Breukeleveen, Ankeveen en ’s-Graveland-Kortenhoef in de winter meer water werd afgevoerd dan in de zomer. Dit kan duiden op de instroom van ‘rioolvreemd water’ (water dat niet in de riolering hoort), zoals grondwater of oppervlaktewater.
31
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
Lozingen en (oppervlakte)waterkwaliteit Bij alle ruimtelijke ontwikkelingen en voor alle lozingen in bestaande en nieuwe situaties, worden de effecten op de waterkwaliteit meegewogen in het ontwerp. Dit beleid past bij de eigen taken en verantwoordelijkheden van gemeente en waterschap. Door samenwerking kan de geboden beleidsvrijheid in de Waterwet optimaal worden benut, om het afvalwaterbeheer naar de eisen en wensen van bewoners, bedrijven en de fysieke leefomgeving vorm te geven. Het beleid ten aanzien van de effecten van lozingen op oppervlaktewater is op de volgende 3 pijlers gebaseerd:
Afhankelijk van type ontvangend oppervlaktewater en ambitie voor de (beeld)kwaliteit hiervan, zullen tot een bepaald niveau van vervuiling nog geen knelpunten optreden. Echter, voor alle lozingen die uiteindelijk in KRW-waterlichamen of Natura 2000-gebied terecht komen, geldt dat er nu absoluut geen ruimte is voor een toename van de huidige (fosfaat)belasting. Voor het behalen van KRW en Natura 2000-doelen, is vermindering van deze belasting nodig. Voor een effectieve bescherming van overig oppervlaktewater is behoefte om per water inzicht te hebben in de zogenaamde ‘immissieruimte’. Dit is de ruimte tussen de actuele waterkwaliteit en de normen die behaald moet worden. Vervolgens kan met een immissietoets het effect van een lozing op de waterkwaliteit en de noodzaak tot aanvullende maatregelen worden onderbouwd.
Hoewel de wet er vanuit gaat dat regenwater schoon is, is dit in de praktijk niet altijd het geval. Het lozen van afstromend regenwater kan problemen opleveren voor de kwaliteit van oppervlaktewater. Dit is het vertrekpunt van gemeente en waterschap voor het beleid rond regenwaterlozingen, afkoppelen en beheer.
Bij aanwijzingen voor achteruitgang van de waterkwaliteit, waardoor nu of op termijn problemen en overlast kan ontstaan, doet het waterschap onderzoek naar de oorzaak hiervan en betrekt daarbij waar nodig de gemeente. Als de gemeentelijke riolering de oorzaak is, bepalen gemeente en waterschap samen benodigde en doelmatige maatregelen. Als de oorzaak in directe perceellozingen zit, treedt het waterschap op richting de perceeleigenaar en zoeken zij samen naar benodigde en doelmatige maatregelen, eventueel in overleg met de gemeente.
Het beleid voor directe lozing van (afgekoppeld) regenwater maakt onderscheid in: 1. Schoon: ja, tenzij In beginsel vallen alle gebieden in deze categorie, conform de wet, waar afstromend regenwater schoon wordt verondersteld en zonder behandeling op oppervlaktewater kan worden geloosd, tenzij is aangetoond dat afstromend regenwater vervuild is. In dit laatste geval moeten nut en noodzaak van haalbare en betaalbare maatregelen worden onderbouwd met wateronderzoek.
32
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
2. Vervuild: nee, tenzij Dit geldt voor gebieden waar gemeente en waterschap op basis van bestemming of gebruik er vanuit gaan dat afstromend regenwater is vervuild, tenzij is aangetoond dat het schoon is. De eigenaar van het oppervlak is verantwoordelijk voor doelmatige maatregelen om verontreiniging van oppervlaktewater zoveel mogelijk te voorkomen. 3. Kwetsbaar: nee, tenzij In deze laatste categorie vallen de gebieden met kwetsbaar oppervlaktewater waar, op aanwijzing van de waterbeheerder, afstromend regenwater niet zonder behandeling mag worden geloosd, tenzij is aangetoond dat afstromend regenwater schoon is. Aan bovenmatige kosten voor behandeling en/of transport van dit regenwater moeten derden bijdragen, omdat deze kosten niet alleen door de inwoners van Wijdemeren zijn te dragen (zie toelichting ‘bovenmatige kosten’). Deze bijdrage kan in de vorm van bijvoorbeeld subsidies of bijdragen aan een gezamenlijke investering, door EU, provincie en/of waterschap. Vanwege het medebelang van Wijdemeren bij het behalen van de water- en natuurdoelen, zoekt de gemeente financiële ruimte om in deze gevallen bij te kunnen dragen aan deze bovenmatige kosten. Diffuse bronnen Belangrijke, verspreid voorkomende kleinere bronnen van verontreiniging zijn onder andere:
Eendjes en vissen voeren;
Hondenpoep;
Poep van bereden paarden en pony’s;
Straatvuil;
Blad- en groenafval.
Wat willen we bereiken?
Waterstromen scheiden bij de bron, dus voorkomen dat schoonwater en vuilwater mengen;
Inzamelen en transporteren van alle vuilwater naar RWZI Horstermeer of lokaal voldoende zuiveren om te kunnen lozen op het ontvangende oppervlakte water en/of de bodem;
Geen individuele afvalwater behandelingssystemen (iba’s) en septictanks en in eigendom, beheer en onderhoud hebben;
Geen afvoer van vuilwater op regenwaterriolering (figuur 13).
Geen afvoer van schoonwater via het vuilwaterriool bij rioolvervanging en nieuwbouw. In bestaande situaties saneren als dit doelmatig mogelijk is. Hierdoor komt regenwater niet op de zuivering terecht, vermindert de kans op wateroverlast op straat en vervuiling van watergangen door riool overstorten.
33
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
Voorkomen van lozing van vuilwater naar oppervlaktewater als gevolg van hevige neerslag (overbelasting van het rioolstelsel), onderhoudswerkzaamheden, storingen, calamiteiten of anderszins (figuur 13).
Aanleggen van een gescheiden rioolstelsel. In 2020 heeft na schatting 10% van de huishouden een gescheiden afvoer. Ons doel is dat in 2030 45% van alle huishoudens is aangesloten op het gescheiden rioolstelsel. In 2050 moet dit 90% zijn.
Minimaliseren van instroom van rioolvreemd water naar de riolering, om vermenging van schoon en vuil water en ‘onnodig gebruik’ van capaciteit van riolering en RWZI te voorkomen. Het goed in beeld krijgen van deze situaties en waar nodig doelmatig maatregelen nemen, is een gedeelde verantwoordelijkheid van gemeente en waterschap.
Meewegen van de effecten op de waterkwaliteit in het ontwerp van alle ruimtelijke ontwikkelingen en alle lozingen in bestaande en nieuwe situaties;
Beperken van de aanwas van bodemslib in gemeentelijke watergangen door bloesem- of bladval van bomen;
Beperken van afstroming van hondenpoep naar oppervlaktewater, wat een bron van verontreiniging en een risico voor de volksgezondheid is;
Beperken van eenden- en watervogelpoep, wat samen met hondenpoep een bron van fosfaatbelasting vormt.
figuur 13: Saneren foutaansluitingen, voor veilig en gezond water
34
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
3.9 Wijdemeren duurzaam CO₂-emissies De belangrijkste opgave voor een klimaat neutrale regio is het verminderen van het gebruik van fossiele energiebronnen. Ruim 70% van de emissies komt uit de gebouwde omgeving, waarvan 50% van particuliere woningen. Het besparingspotentieel tot 2050 is 40% tot 50%. Duidelijk is dat daarop moet worden ingezet (Bron: Duurzaamheidsnotitie Wijdemeren, 2017). Daarbij wordt opgemerkt dat ook de oxidatie van veen een belangrijke bron van CO2 en methaangas vormt. Mogelijke besparingen zijn de winning van warmte uit het plassengebied en koude warmteopslag in de bodem. Een positief neveneffect hierbij is dat een lagere watertemperatuur ook de waterkwaliteit kan verbeteren. Deze opties vallen echter buiten de reikwijdte van dit plan. In een gemiddelde situatie in Nederland levert de RWZI de grootste bijdrage aan de totale CO₂uitstoot van de waterketen. Daarom investeren waterschappen in Nederland onder andere in biogasverwerking en zonne-energie-installaties om de totale CO₂-emissie te reduceren. Opwarming oppervlaktewater De opwarming van oppervlaktewater kan nadelige gevolgen hebben voor de waterkwaliteit en de ecologie. figuur 14 geeft een indicatie van het risico op warm oppervlaktewater in de verschillende waterlichamen in de zomer. De indicatie is gebaseerd op het klimaatscenario ‘2050 WH’, van de vier KNMI 14-scenario’s.
Dit scenario gaat uit van de sterkste opwarming. Het kaartbeeld toont de langste aaneengesloten periode van dagen per jaar, waarin de watertemperatuur dan hoger is dan 20°C. Vanaf die temperatuur gedijen (ongewenste) exotische planten en dieren, blauwalgen, ziekteverwekkers en -verspreiders beter. Weersinvloeden en locatie specifieke factoren zoals waterdiepte en bebouwingsdichtheid zijn opgenomen in het rekenmodel. Oppervlaktewater dat meer dan drie meter diep is, is niet mee genomen in het rekenmodel. (Bron: Klimaateffectatlas, Effect: Hitte, scenario 2050 WH, november 2017.) Circulaire economie Regenwater, grondwater en afvalwater zijn kostbare goederen voor de kwaliteit van de leefomgeving, natuur en recreatie, voor de winning van energie (incl. warmte en koude) en zij bevatten grondstoffen. De winning of benutting daarvan kan in huis of bedrijf, in de straat, wijk en op de zuivering. In figuur 15 is een inspiratie gegeven voor een duurzame en doelmatige afvalwaterketen in de bebouwde omgeving. (bron: Routekaart Afvalwaterketen, Visiebrochure 2030 ,VNG en Unie van Waterschappen, juli 2012.)
35
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
figuur 14: Oppervlaktewater dat meerdere dagen achtereen warmer wordt dan 20 graden Celsius
figuur 15: Inspiratie voor een duurzame en doelmatige afvalwaterketen
36
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
Wat willen we bereiken?
Bijdragen aan de ambitie van de Regionale Samenwerkingsagenda van regio Gooi- en Vechtstreek om in 2030 energieneutraal en in 2050 klimaatneutraal te zijn (geen CO2-emissie, CO2-balans is gesloten). Hoewel de CO₂-emissie van de riolering gering is ten opzichte van RWZI en drinkwatervoorziening, is er ook te sturen op CO₂-reductie bij aanleg, beheer en onderhoud van de riolering;
Bijdragen aan een duurzame en circulaire economie, samen met andere partners in de zuiveringskring Horstermeer (Hilversum, Gooise Meren en Waterschap Amstel, Gooi en Vecht) waar dit het meest doelmatig is.
3.10 Beheersbaar en betaalbaar Als vandaag alle riolering in Wijdemeren vervangen moet worden, zou dat ruim € 185 miljoen kosten (excl. BTW). De riolering vertegenwoordigt dus naast het algemeen belang een flinke financiële waarde. Om kapitaalvernietiging te voorkomen en de kwaliteit en het goed functioneren op peil te houden, is het belangrijk dat hier doelmatig beheer en onderhoud aan wordt uitgevoerd. Daarvoor worden beschikbare financiële en personele middelen zo efficiënt mogelijke ingezet, waarbij kosten en baten in evenwicht moeten zijn. Een overzicht van aanwezige voorzieningen voor de inzameling en transport van stedelijk afvalwater, is opgenomen in het hoofdstuk ‘H5: W AAR STAAN WE NU ’. Gemeente Wijdemeren hanteert als basisniveau voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte niveau C. Omdat de discipline ‘water en riolering’ niet een dergelijke classificatie kent, worden hiervoor de volgende minimale uitgangspunten gehanteerd:
Behouden van het functioneren van riolering en watergangen (het doet waarvoor het is ontworpen);
Vooropstellen van volksgezondheid en milieu en zoveel mogelijk voorkomen van schade, maar hinder en overlast wordt geaccepteerd;
Maatschappelijk verantwoord en duurzaam investeren door zoveel mogelijk wijkgericht en integraal te werken.
Inzicht in het functioneren Een goed inzicht in het functioneren is noodzakelijk voor bijstelling van plannen en beleid en om te kunnen anticiperen op nieuwe ontwikkelingen, waaronder klimaatverandering en het behalen van de KRW- en natuurdoelen. Dit vergroot de (kosten)effectiviteit van beleid en nieuwe plannen en draagt bij aan de doelstellingen voor een doelmatige en duurzame afvalwaterketen. Meten en monitoren is de basis waarop doelmatige investeringen kunnen worden gekozen. De meetgegevens zijn ook van belang voor validatie van de benodigde integrale hydraulische rekenmodellen en nodig voor de
37
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
onderbouwing van de juiste investeringskeuzes voor de (afval)waterketen en een water robuuste leefomgeving. De komende jaren staan grote investeringen gepland. Daarom is een intensivering van het monitoringprogramma op z’n plaats, waarbij het voor een goede aansluiting van belang is dat Wijdemeren en Waternet hun meet- en monitoringsprogramma’s op elkaar afstemmen. Juridisch Voor een doelmatig beheer van de riolering is een groot aantal juridische instrumenten verankerd via landelijke wetten en besluiten of plaatselijke verordeningen en ruimtelijke plannen. In de komende planperiode krijgt een aantal van deze juridische instrumenten bijzondere aandacht, waaronder de aansluitverordening, het eenmalig aansluitrecht en de indirecte lozingen. Voor indirecte lozingen van afvalwater vanuit bedrijven (zogenaamde Wm-inrichtingen) gelden de algemene regels van hoofdstuk 3 en 4 van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Vergunningverlening, toezicht en handhaving hiervan is de bevoegdheid van de gemeente. De uitvoering daarvan is gemandateerd aan de Omgevingsdienst Flevoland, Gooi- en Vechtstreek (www.ofgv.nl). Waternet brengt daarbij haar kennis van water in. De frequentie van het toezicht behoort in lijn te zijn met het type lozing, de geloosde stoffen, de omvang van de lozing en het naleefgedrag.
Communicatie Circa 95% van alle oppervlak in Wijdemeren is particulier eigendom en mede daardoor zijn niet alle opgaven alleen op openbaar gemeentelijk grondgebied op te lossen. We staan voor een gezamenlijke opgave, waardoor betrokkenheid en medewerking van bewoners en ondernemers van groot belang is, maar ook die van o.a. water- en natuurbeheerders, recreatieschappen en hengelsport-, watersport en bewonersverenigingen, Heldere communicatie is daarbij heel belangrijk. Door te informeren en samen het gesprek aan te gaan, kan het bewustzijn van betrokken partijen worden vergroot. Door aan te sluiten op de behoeften en wensen van bewoners, bedrijven en organisaties, kunnen we samen bijdragen en bouwen aan een prettige en gezonde leefomgeving. Wat willen we bereiken?
Beter inzicht krijgen in de werkelijke toestand en het functioneren van de (afval-)waterketen als geheel, door gerichte monitoring van de werking van rioolstelsels, transportsysteem, zuivering en grondwater, in samenhang met de monitoring van oppervlaktewater(kwaliteit);
Verbeteren van de praktische uitvoerbaarheid van het beheer en onderhoud en terugdringen van de relatief hoge kosten die daar nu mee zijn gemoeid, door:
38
GEMEENTE WIJDEMEREN
o
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
Alleen voorzieningen in eigendom en beheer te hebben die een algemeen maatschappelijk nut bedienen en die niet alleen ten behoeve van een enkel privaat perceel en/of bedrijf dienen;
o
Alle riolen en (mini)gemalen die in beheer en onderhoud zijn van de gemeente te hebben liggen op openbaar gemeentelijk grondgebied of qua eigendomssituatie en de bereikbaarheid voor onderhoud, beheer en vervanging, via zakelijkrecht kadestraal te hebben geborgd;
Helder afstemmen op het toezicht op indirecte lozingen van afvalwater vanuit bedrijven en percelen, voor adequate bescherming van de riolering, de rioolwaterzuivering en achterliggend oppervlaktewater, in lijn met wat de wetgeving van het bevoegde gezag en de uitvoeringsinstanties vraagt;
Voldoende openbare ruimte in bezit hebben om de gemeentelijke zorgtaken te kunnen uitvoeren en voorzieningen te kunnen aanleggen en beheren;
Vergroten van het bewustzijn van water(kwaliteit), klimaatverandering en duurzaamheid bij bewoners en bedrijven;
Inzetten van de beschikbare wettelijke middelen en mogelijkheden bij de financiële toerekening van kosten, om de maatschappelijke kosten voor de gemeentelijke zorg- en watertaken beheersbaar en betaalbaar te houden.
3.11 Beleidskaders gebiedsontwikkeling en gebruiksfunctie In de vorige paragrafen zijn meerdere vormbepalende beleidskaders voor gebiedsontwikkeling en gebruiksfunctie genoemd bij de verschillende onderwerpen. Hieronder staan ze allemaal nog een keer op een rij:
Water, riolering en bodem zijn leidend bij de ruimtelijke opgave, inrichting en ontwikkeling;
Voor een water robuuste leefomgeving wordt, naast de inzet op ondergrondse voorzieningen, maximaal ingezet op bovengrondse oplossingen, waarbij de oplossing zowel in de gemeentelijke openbare ruimte als op particulier terrein gezocht moet worden;
Duurzaam scheiden en voorkomen van waterstromen bij de bron;
Vasthouden, vertraagd afvoeren en scheiden van waterstromen;
Herinrichting bestaand gebied:
o
Het gehele gebied kan een piekneerslag van 100 mm (in één uur) verwerken;
o
Percelen bij nieuwbouw en grote verbouw kunnen verplicht minimaal 40 mm bergen;
Inrichting groene weide (nieuw gebied): o
Het gehele gebied kan een piekneerslag van 150 mm (in één uur) verwerken;
o
Percelen bij nieuwbouw en grote verbouw kunnen verplicht minimaal 60 mm bergen;
Woningbouw: o
Kruipruimte loos bouwen;
39
GEMEENTE WIJDEMEREN
o
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
Ontwateringsdiepte op woningbouwlocaties (status bestemmingsplan) -0,70 m onder maaiveld;
o
Vloerpeil woningen +0,3 m boven as aansluitende weg in de bestaande openbare ruimte;
Aansluitingseisen percelen: o
Aanbieden op voorgeschreven locatie op -0,6 m onder maaiveld op de perceelgrens via een op de perceelgrens geplaatste erfscheidingsput;
o
Woningen zijn voorzien van ‘Polderstuk’ op overgang met de gebouwfundering.
figuur 16: Woonfunctie, ontwateringsdiepte 70 cm
figuur 17: Kruipruimte loos bouwen
40
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
figuur 18: Vloerpeil woningen, 30 cm boven straatpeil bestaande openbare ruimte
figuur 19: Perceelaansluiting op aangewezen locatie, 60 cm diep via ontstoppingsput
41
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
H4: WIE DOET WAT Op de genoemde thema’s in het vorige hoofdstuk ligt niet alleen voor de gemeente een verantwoordelijkheid. Ook andere overheden en samenwerkingspartners uit de regio hebben hier verantwoordelijkheden en taken in. In bijlage 4 is relevante wet- regelgeving en beleid opgenomen en hieronder in tabel 5 zijn de overheidslagen met hun taken, rollen en verantwoordelijkheden in het waterbeheer kort aangegeven. Actor
Taken en bevoegdheden
Europa
Europa is verantwoordelijk voor de Europese beleidskaders en de strategische doelen in Europa. Een Europese richtlijn is de Kaderrichtlijn Water (KRW), die bedoeld is om de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater op goed niveau te krijgen en te houden.
Rijk
Het Rijk is verantwoordelijk voor het nationale beleidskader en de strategische doelen en maatregelen voor het waterbeheer in Nederland. De Minister van Infrastructuur en Milieu is eindverantwoordelijk voor de uitvoering van de (KRW). Het Rijk is opsteller van het Nationaal Waterplan 2016-2021. Nationaal Waterplan 2016-2021 Het nieuwe Nationaal Waterplan geeft de hoofdlijnen, principes en richting van het nationale waterbeleid in de planperiode 2016-2021, met een vooruitblik richting 2050. Binnen de planperiode gaan realistische maatregelen in uitvoering die een antwoord bieden op de opgaven voor de korte termijn en voldoende mogelijkheden open laten om op langere termijn verdere stappen te zetten. Het kabinet sluit daarmee aan bij de resultaten van het Deltaprogramma. Met deze handelwijze is Nederland koploper en een toonaangevend voorbeeld in de wereld. Het kabinet streeft naar een integrale benadering, door natuur, scheepvaart, landbouw, energie, wonen, recreatie, cultureel erfgoed en economie (inclusief verdienvermogen) zoveel mogelijk in samenhang met de wateropgaven te ontwikkelen. De ambitie is dat overheden, bedrijven en burgers zich in 2021 meer bewust zijn van de kansen en bedreigingen van het water in hun omgeving.
Iedereen neemt zijn eigen verantwoordelijkheid om samen te komen tot een water robuuste ruimtelijke inrichting, het beperken van overlast en rampen en verstandig handelen in extreme situaties.
Provincie
De provincie is verantwoordelijk voor de vertaling van het rijksbeleid naar een
Noord-
regionaal beleidskader en strategie. De provincie is opsteller de Watervisie 2021
Holland
“Buiten de oevers”.
42
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
De provincie is tevens bevoegd gezag voor vergunningverlening, toezicht en handhaving van onderstaande grondwateronttrekkingen en -infiltraties: Industriële onttrekkingen > 150.000 m3 Grondwateronttrekkingen t.b.v. drinkwaterwinning Bodemenergiesystemen. Ten aanzien van het GRP heeft de provincie een adviserende en toetsende rol. De provincie kan een aanwijzing opleggen indien er tegenstrijdigheden zijn tussen het GRP en de provinciale plannen. Waternet
De waterschappen zijn verantwoordelijk voor het operationele regionale waterbeheer. Dit betekent dat zij zorgen voor droge voeten (veiligheid)en schoon en voldoende water. De waterschappen hebben een zorgplicht voor de zuivering van stedelijk afvalwater en zijn bevoegd gezag voor directe lozingen op de rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi) en naar het oppervlaktewater. Voor de regulering van indirecte lozingen (naar het riool) hebben de waterschappen een adviserende rol naar gemeenten. De waterschappen hebben eveneens een zorgplicht voor het beheer van regionale wateren en keringen. Handelingen in het oppervlaktewatersysteem reguleren waterschappen o.a. middels algemene regels, verordeningen en een Watervergunning. De waterschappen zijn ook verantwoordelijk voor vergunningverlening, het toezicht en de handhaving van grondwateronttrekkingen en infiltraties in hun beheergebied, met uitzondering van de drie categorieën waarvoor de provincie verantwoordelijk is. Om de waterbelangen bij ruimtelijke ontwikkelingen veilig te stellen doorlopen waterschappen en gemeente bij alle ruimtelijke ontwikkelingen de Watertoets. Hierbij wordt o.a. toegezien op een hydrologisch neutrale inpassing van ontwikkelingen. De resultaten hiervan worden vastgesteld in de waterparagraaf. Ten aanzien van het GRP hebben de waterschappen een adviserende rol.
Gemeente
De gemeente heeft drie zorgplichten t.a.v. stedelijk waterbeheer: · •
Inzamelen en transporteren van stedelijk afvalwater naar een zuivering technisch werk
•
Doelmatige inzameling en verwerking van hemelwater dat perceeleigenaren redelijkerwijs niet zelf kunnen verwerken. Eventueel kan de gemeente hiervoor maatwerkvoorschriften of een gebiedsverordening instellen.
43
GEMEENTE WIJDEMEREN
•
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
Treffen van maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Voorwaarde hierbij is dat de maatregelen doelmatig zijn en niet tot de zorg van het hoogheemraadschap en of provincie behoren. De gemeente dient het loket te zijn voor grondwatervraagstukken binnen haar beheersgebied.
Met betrekking tot lozingen is de gemeente bevoegd gezag bij: •
Lozingen van (afval)water zijn per doelgroep geregeld via lozingenbesluiten. In de meeste gevallen is de gemeente hiervoor bevoegd gezag. Bij de verwerking van (afval)water houdt de gemeente rekening met de wettelijke voorkeursvolgorde.
•
Met betrekking tot bodemenergiesystemen zijn gemeenten bevoegd gezag bij lozingen op de riolering. In deze hoedanigheid is het aanbevolen om bij vergunningverlening nader af te stemmen met gemeenten, aangezien lozingen van spoelwater op de riolering kunnen resulteren in hydraulische en kwaliteit gerelateerde problemen.
Taken en verantwoordelijkheden in de ondergrond: •
Volgens de wet hebben gemeenten een belangrijke taak in het voorkomen van graafschade aan kabels en leidingen (WION) en het beschikbaar stellen van gegevens over de ondergrond (BRO).
In het kader van het Besluit op de lijkbezorging hebben gemeenten een toetsende rol in de ontwatering van begraafplaatsen.
Particulier
De particuliere perceeleigenaar is verantwoordelijk voor de staat van zijn woning en perceel. Dit betekent dat hij zelf verantwoordelijk is voor het op eigen perceel treffen van maatregelen om de waterdichtheid te garanderen, grondwaterstand te reguleren en stedelijk afvalwater en overtollig hemel- en grondwater in te zamelen. Pas als de perceeleigenaar zich redelijkerwijs niet kan ontdoen van het overtollige stedelijk afvalwater en overtollig hemel- en grondwater, is er een taak voor de gemeente of hoogheemraadschap. De perceeleigenaar heeft ook een zorgplicht. Dit betekent dat hij geen handelingen mag verrichten waarvan hij kan verwachten dat deze het doelmatige functioneren van (water)voorzieningen belemmeren.
tabel 5: Taken en bevoegdheden waterbeheer
44
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
In aansluiting op de thema’s uit hoofdstuk 3 volgt hieronder een toelichting op de thema’s water robuuste leefomgeving, waterveiligheid en de Kaderrichtlijn Water op het gebied van taken, rollen en verantwoordelijkheden. Water robuuste leefomgeving Voor wateroverlast en/of -onderlast vanuit het oppervlaktewater is het waterschap als waterpeilbeheerder verantwoordelijk. Hiervoor geldt een door de provincie vastgestelde normering. Daarbij wordt opgemerkt dat het voorkomen van schade door wateroverlast een gezamenlijke opgave is voor bewoners, bedrijven, ontwikkelaars, (natuur)organisaties en gezamenlijke overheden. Het oppervlaktewater heeft grote invloed op het grondwater. Het kader voor vasthouden van oppervlaktewater en het peilbeheer is het peilbesluit. De verantwoordelijkheid ligt bij het waterschap. Waterveiligheid Waterveiligheid valt niet onder de gemeentelijke watertaken. Wel kunnen we binnen de gemeentelijke invloedsfeer en met samenwerkingspartners sturen op toepassing van lokale maatregelen voor beperking van de schade door overstroming. Kaderrichtlijn Water Iedere overheidslaag heeft een eigen verantwoordelijkheid in de KRW:
De maatregelen waar vooral het waterschap Amstel, Gooi- en Vechtstreek (AGV) voor verantwoordelijk is, zijn defosfateren, aanpassingen aan rioolwaterzuiveringen en bronnen van voedingsstoffen aanpakken. Het waterschap is vaak verantwoordelijk voor de inrichting van de waterlichamen, de waterstromen en het peilbeheer. Uiteraard zorgt AGV ervoor dat het beheer en onderhoud van primaire wateren en onderhoud aan de waterkeringen aangepast wordt aan de eisen van de KRW. Door regelgeving en handhaving heeft AGV ook veel invloed op het gedrag van anderen.
Gemeenten zamelen zo goed mogelijk afvalwater in. Zij onderhouden het groen en zij sturen mede het ontwerp van nieuw ontwikkeld stedelijk gebied.
Provincies hebben een verantwoordelijkheid in Natura 2000-gebieden, voor het Natuurnetwerk Nederland en voor de grondwaterlichamen.
Terreinbeheerders hebben invloed op de waterlichamen die zij in eigendom hebben. Boeren hebben invloed op de polderwateren die onderdeel maken van het land dat zij bezitten of gebruiken (Goede Landbouwpraktijk). Elke perceeleigenaar is beheerder van zijn of haar watergangen, waarbij het waterschap in de primaire watersystemen een aantal taken uitvoert.
45
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
Gemeentelijke organisatie De eerder beschreven gemeentelijke taken, rollen en verantwoordelijkheden worden uitgevoerd vanuit de eigen organisatie door een binnendienst, een buitendienst en met de inzet van aannemers. Areaalbeheer vanuit Team projecten, afdeling Omgeving voert regie op strategisch, tactisch en operationeel niveau. Regulier werk en storingsopvolging wordt uitgezet bij projectleiders, aannemers en de buitendienst. Zij ondersteunen ook bij calamiteiten, en incidentele hand- en spandiensten. Onder regulier werk valt onder andere te denken aan groot en klein onderhoud, zoals de reiniging en inspectie van kolken, vrijvervalriolering, persleidingen en gemalen, kleinschalige herstel en vervangingswerkzaamheden. Bij grootschalige investeringen zoals vervanging, verbetermaatregelen en nieuw werk, treedt de areaalbeheerder op als opdrachtgever en adviseur richting de eigen projectorganisatie. De projectorganisatie stuurt aannemers, onderzoeks- en ingenieursbureaus aan bij dit werk. Omdat water en riolering van groot belang is voor de leefomgeving, is op veel vlakken interactie met de eigen organisatie en externe partijen. Dit gebeurt op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling, bestemmingswijzigingen, handhaving, wijzigingen en verbeteren van de leefomgeving, wet- en regelgeving en regionale samenwerking. Binnendienst areaalbeheer voor Water en Riolering
Strategisch: regionale samenwerking, deelname in regionale werkgroepen en overlegorganen, beleidsvorming en -verbetering, systeemanalyse, modellering en formuleren verbetermaatregelen, regie op en opdrachtgever voor grootschalige nieuwbouw, vervangingsen verbetermaatregelen, tweedelijns voor tactisch;
Tactisch: vertaling strategie naar uitvoering, regie op en opdrachtgever voor klein en groot onderhoud, tweedelijns voor operationeel;
Operationeel: regie op en opdrachtgever voor klein onderhoud, begeleiden en bewaken voortgang uitvoering klein en groot onderhoud, afhandeling aanvragen perceelaansluitingen, afhandeling klachten en storingsmeldingen.
Buitendienst voor Water en Riolering
Operationeel: regie op en opdrachtgever voor klein onderhoud, begeleiden en bewaken voortgang uitvoering klein onderhoud, sloten van gemeentelijke watergangen, straatvegen en opvolgen van klachten en storingsmeldingen, klantcontacten en toezicht op aannemers en de buitenruimte.
46
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
H5: WAAR STAAN WE NU Van het areaal water en riolering is op het moment van schrijven het areaal gemeentelijke riolering het meest gedetailleerd in beeld. Het areaal gemeentelijk water wordt onderhouden op basis van kennis bij de buitendienst en aannemers. In dit hoofdstuk wordt het areaal riolering zoals dit nu aanwezig is en wordt beheerd toegelicht. In de komende planperiode wordt het areaal water ook op dit niveau in beeld gebracht en vastgelegd. Met de riolering wordt alle vervuilde stedelijke afvalwater dat in Wijdemeren vrijkomt ingezameld en getransporteerd naar RWZI Horstermeer, met uitzondering van afvalwater van de eilanden Meent en Markus Pos. Hier wordt het opgehaald per boot. In figuur 20 is een overzicht gegeven van de riolering in de gemeente Wijdemeren. Het stratenpatroon in de gemeente is hierin herkenbaar. De totale vervangingswaarde van de huidige riolering wordt geraamd op circa € 185 miljoen. De riolering is voor de eerste aanleg aangelegd in aansluiting op de aanleg van de bebouwde omgeving. Ondanks dat ondertussen kleine delen van de riolering vervangen is na deze eerste aanleg, is in figuur 21 nog wel de samenhang tussen de bouwperioden in de gemeente en leeftijdsopbouw van de riolering te herkennen. Dit is anders in de leeftijdsopbouw van de aangelegde persleidingen (drukriolering).
In figuur 22 is te zien dat deze in specifieke jaren is aangelegd, vooral door middel van subsidies om ongezuiverde lozingen in het buitengebied op te heffen. In figuur 23 is links de lengte per type leiding gegeven en rechts de lengte in verhouding in procenten. Dit is exclusief aansluitleidingen. In figuur 24 is voor de vrijvervalleidingen de verdeling van de lengte naar diameters gegeven en in figuur 25 die van de persleidingen. Aanvullend zijn in de bijlage ‘Areaal riolering en water’ overzichtsafbeeldingen gegeven van: De verschillende afvoergebieden op eindgemalen richting de rioolwaterzuivering Horstermeer (figuur 48). Elk afzonderlijk afvoergebied bestaat uit één of meerdere onderbemalingen;
De verschillende type gemalen en randvoorzieningen (figuur 49);
De Overstorten nooduitlaten en drempels (figuur 50);
De regenwaterriolering (RWA) en duikers (figuur 51);
De vuilwaterriolering (DWA) (figuur 52);
De gemengde riolering (GWA) (figuur 53);
Persleidingen, voedings- en datakabels (figuur 54);
47
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
figuur 20: Overzicht riolering in Wijdemeren
48
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
figuur 21: Leeftijdsopbouw en lengte vrijvervalriool (onder), de woningbouw perioden (boven)
figuur 22: Leeftijdsopbouw en lengte persriool
49
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
figuur 23: Lengte en verhouding per type leiding
figuur 24: Lengte opbouw vrijvervalriool naar diameter
figuur 25: Lengte opbouw persleidingen naar diameter
50
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
Naast de hiervoor toegelichte leidingen zijn in het beheersysteem onder andere nog ‘overige leidingen buiten gebruik’, voedings-/datakabels, drainageleidingen, kolken, lijngoten, aansluitleidingen voor percelen en kolken, erfscheidingsputen, kratten, bergbezinkvoorzieningen, minigemalen en hoofdgemalen opgenomen in het beheersysteem. In tabel 6 zijn hiervan beschikbare kentallen opgenomen, de ambitie is dit de komende planperiode verder in beeld te brengen en vast te leggen. Hoofdgemalen
Aantal
Per
Droogweerafvoer
33
Stuk
Droog- en regenwaterafvoer
3
Stuk
Totaal aantal objecten
36
Minigemalen/Drukriolering Centrale voedingskast
40
Stuk
Dochterkasten
478
Stuk
Moeder-/dochterkasten
87
Stuk
Moederkasten
10
Stuk
Totaal aantal objecten
615
Bergbezinkvoorzieningen BBB zonder pomp
2
Stuk
BBB en BBL met pomp
2
Stuk
Totaal aantal objecten
4
Watergangen beheer
n.t.b.
Meter
Watertalud beheer
n.t.b.
Meter
Aansluitingen
stuks
Meter
HWA
n.t.b.
n.t.b.
DWA
n.t.b.
n.t.b.
Doorlaten
3
Stuk
Afsluiters
107
Stuk
Meldingen
n.t.b.
Stuk
Overstorten
39
Stuk
Sensoren
153
Stuk
Pompen
646
Stuk
Kolken
8.247
Stuk
Voorjaarsrond R&I
1.073
Stuk
Najaarsronde R&I
8.247
Stuk
Knopen (puntobjecten)
25.108
Stuk
tabel 6: Kentallen areaal
51
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
H6: WAT GAAN WE DOEN In hoofdstuk 3 ‘Wat willen we bereiken’ zijn aan de hand van tien thema’s verschillende ambities opgesteld. In dit hoofdstuk komen deze ambities weer terug en beschrijven we de manier waarop we deze willen waarmaken. Dit is wederom gecategoriseerd in de volgende thema’s: 1. Doelmatig stedelijk waterbeheer 2. Meten en data op orde 3. Reiniging en inspectie 4. Rioolvernieuwing 5. Wijdemeren klimaatbestendig 6. Grondwater 7. Waterveiligheid 8. Veilig en gezond water Wijdemeren 9. Wijdemeren duurzaam 10. Beheersbaar en betaalbaar
6.1 Doelmatig stedelijk waterbeheer Het stedelijk waterbeheer bestaat uit een cyclisch proces van aanleggen, onderhouden, vervangen en verbeteren, dat we doorlopend herhalen (figuur 26) en waarin we doorlopend willen verbeteren en leren (figuur 27).
figuur 27: doorlopende verbetering (PDCA)
figuur 26: Beheren en investeren
52
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
We maken praktische afwegingen voor nut en noodzaak van investeringen en beheer in het stedelijk waterbeheer (figuur 28). Hierbij wordt ook gebruik gemaakt van eigen en landelijke kennisnetwerken, inclusief handreikingen van Stichting RIONED, STOWA en ervaringen van andere gemeenten, ook binnen ISARIZ. Jaarlijks actualiseren we de meerjarenprogramma’s voor investeringen (MJIP) en onderhoud (MJOP) voor het areaal water en riolering en vullen deze aan door verder vooruit te kijken in de tijd wat gedaan moet worden. We doen dit specifiek voor gemeentelijke watergangen, gemalen/drukriolering en riolering. We doen dit deels risico gestuurd vanuit
figuur 28: Investeren versus beheren
metingen, ervaring en vakkennis. Om kosten te beheersen werken we aan standaardisatie door:
Naast het programma van eisen minigemalen ook een programma van eisen voor de hoofdgemalen te laten opstellen;
Samen met de overige vakdisciplines van het gemeentelijke Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR) te actualiseren, om te komen tot een standaardisatie van rioleringsobjecten, materialisatie, maatvoering en kaders voor een kwalitatieve realisatie van de buitenruimte en het doelmatig beheer daarvan. We nemen op dat voldoende afstand genomen moet worden tot:
o
gevels en objecten zoals lichtmasten bovengronds;
o
kabels en leiding ondergronds;
o
waterlichamen/watergangen;
o
Bomen en wortels;
Samen met de overige vakdisciplines in de openbare ruimte een integraal moederbestek in lijn met het HIOR te laten opstellen, voor de aanleg van doelmatig te beheren riolering.
Proces en systeemveiligheid wordt structureel meegenomen in het ontwerp- en uitvoeringsproces. Hierbij wordt aansluiting gezocht bij de CISR-richtlijnen voor veiligheid in kantoor- en procesautomatisering.
53
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
6.2 Meten en data op orde Om het meten en de data op orde te krijgen worden verschillende acties uitgevoerd. Deze zijn onder te verdelen in eenmalige metingen en inventarisaties, doorlopende metingen en inventarisaties en overige acties. Eenmalige metingen en inventarisaties:
Uitvoeren nulmeting gemalen;
Inmeten hoogteligging rioolstelsels (zoals putten, leidingen, overstorten en nooduitlaten) voorafgaand aan inspectieronde per gebied/kern;
Bepalen typen en omvang van alle oppervlakken in hele gemeente, incl. verharde oppervlakken, op basis van de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT);
Actualiseren van een schematische weergave van de (onder)bemalingsgebieden en hun onderlinge samenhang en samenstelling;
Actualiseren van een schematische weergave van de hemelwaterstroomgebieden en hun onderlinge samenhang;
In beeld brengen van het gemeentelijke areaal oppervlaktewater qua ligging, profiel, eigendom en beheeractiviteiten;
Opstellen afvalwaterstroombalans tussen Wijdemeren en omliggende gemeenten.
Doorlopende metingen en inventarisaties:
Functioneren en kwaliteit/toestand van de riolering en watergangen;
Optreden van overstortingen (aantal en omvang) door het inrichten van een permanent waterniveaumeting bij alle overstorten van gemengde stelsels;
Optreden van hoogwaterstanden in de riolering door een permanent gericht waterniveaumeting in de grotere stelsels;
Optreden van water op straat door waarneming en waterniveaumeting in het riool en oppervlaktewater op bekende risicolocaties;
Neerslag via Hydronet;
Oppervlaktewaterpeilen bij lozingspunten (gemengd en gescheiden regenwater)
Inventarisatie van locaties waar te hoge peilen optreden als aanvulling op het meetnet van het waterschap;
Grondwaterstand in peilbuizen van het gemeentelijke grondwatermeetnet;
Werking van gemalen: draaiuren, stroomverbruik en verpompte hoeveelheden;
Storingen van gemalen: type, gevolg en maatregel;
54
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
Overige acties:
Ontsluiten grondwatermeetnet via de Basisregistratie Ondergrond (BRO);
Uitbreiden en/of aanpassen van het gemeentelijke grondwatermeetnet waar noodzakelijk voor een goed beeld van de grondwaterhuishouding;
Vóór overdracht aan beheer: controleren op juistheid en volledigheid van revisiegegevens;
Delen ligging gemeentelijke kabels en leidingen volgens de WIBON en wijzigingen verwerken binnen 10 werkdagen (nu via rioolbeheersysteem KIKKER), om graafschade door derden te voorkomen;
Standaard controleren op correcte aansluitingen bij nieuwbouw door gemeentelijk bouwinspecteur (vuil op vuil, regen op regen) en dit resultaat per adres laten rapporteren aan rioolbeheerder;
Gemalen op telemetrie zetten en houden waar noodzakelijk om het goed functioneren van het rioolsysteem te monitoren, te bewaken en te verbeteren;
Investeren in een up-to-date beheerpakket voor de gemalen en in een centrale ontsluiting van de telemetrie, onder eigen regie, om de kennis en kunde in huis te houden en de tools om het beheer te borgen naar de toekomst;
Omvormen gegevens rioleringsstelsel (ligging, typering en maatvoering) naar de datastandaard van het Gegevenswoordenboek Stedelijk Water (GWSW) en openbaar ontsluiten via de server van Stichting RIONED en dataplatform Publieke Dienstverlening Op de Kaart (PDOK);
Op orde maken van gegevens huisaansluitingen (aanvraag, vergunning, ligging en beheerproces), en openbaar ontsluiten van schetskaarten, inclusief de locatie van ontstoppingsstukken en eventueel de beheergrens.
6.3 Reiniging & inspectie Voor de ambities op het gebied van reiniging en inspectie zijn de volgende acties voorzien:
Reinigen en inspecteren van vuilwaterriolen (DWA en gemengd) 1 x per 10 jaar, met gelijktijdige controle op foutieve aansluitingen van ‘regen op vuil’;
Reinigen en inspecteren regenwaterriolen (RWA) 1 x per 10 jaar, met gelijktijdige controle op foutieve aansluitingen;
Reinigen en inspecteren van alle hoofgemalen 4 x per jaar en alle randvoorzieningen risico gestuurd controleren op basis van functioneren;
Reinigen en inspecteren van alle minigemalen 1 x per jaar en indien nodig uitvoeren van een NEN-keuring;
Afstemmen reinigingsfrequentie van de straatkolken op type en locatie: voor de dijken en hoofdroutes 2 x per jaar en de overige locaties 1 x per jaar;
55
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
Frequenter schonen van een aantal gemeentelijke watergangen (sloten) die van belang zijn voor afvoer van regenwater uit bebouwd gebied, op basis van visuele beoordeling en controleren van het doorstromingsprofiel;
Uitvoeren van een jaarlijkse (visuele) controle op overstorten van gemengde stelsels, injectiepunten van persleiding en van drukriolering op vrijvervalstelsel, het goed functioneren van afsluiters in riolering en van duikers op vervuiling en/of verstoppingen achter riool overstorten en regenwateruitlaten;
Intensiveren van risico gestuurd reinigen waar noodzakelijk, zoals op de plekken waar regelmatig storingen optreden, een hoger dan normale vervuiling in de riolering wordt geconstateerd en een risicotoename optreedt voor de oppervlaktewaterkwaliteit;
Gebiedsgericht uitvoeren van reiniging en inspectie per kern, bemalingsgebied en stroomgebied.
6.4 Rioolvernieuwing De programmering van investeringen is in onderstaande tijdsvakken te onderscheiden:
Lange termijn:
20 tot 100 jaar;
Middellange termijn:
4 tot 20 jaar;
Korte termijn:
1 tot 4 jaar;
Jaarplannen:
komend jaar, voor uitvoering.
Elk tijdvak geeft een eigen doorkijk binnen de cyclus van aanleg, beheer en vervanging. Van boven naar onder wordt in steeds meer detail gekeken naar de investeringsopgave. In de bijlage ‘Maatregelenprogramma’ is in figuur 55 het meerjareninvesteringsprogramma (MJIP) binnen de planperiode (figuur 29) vanuit het IP 2023-2026 gegeven en voor de periode daarop aansluitend in figuur 56. Dit betreft de nu bekende investeringsprojecten waaronder de herinrichtingen, vervangingen en verbeteringen die worden gekapitaliseerd. De vervangingsopgave op de lange termijn op basis van leeftijd en de verbeteropgave van het overige areaal is wel in de langetermijndoorrekening meegenomen, maar nog niet in de figuren en onderstaande tabellen opgenomen. Bij de jaarlijkse actualisatie en uitbouw van het MJIP wordt dit gefaseerd in de tijd toegevoegd, met een uitvoeringsplanning na de financiële afschrijvingstermijn en voor het einde van de technische levensduur.
56
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
figuur 29: Investeringsopgave in de tijd afgezet tegen de planperiode
Deze projecten betreffen integrale projecten en eigen werk, afgewogen op nut, noodzaak, onontkoombaarheid en onvermijdelijkheid. Er wordt primair gekeken vanuit de vervangingsopgave en de opgaven van groot onderhoud, waarbij verbeterpunten worden meegenomen vanuit efficiëntie en doelmatige investeringen. Er is hierbij gekeken naar logische werkbare gebieden, zodat wijkgericht gewerkt kan worden. In de tijd zijn bepaalde gebieden geprioriteerd en is bereikbaarheid voor en van de omgeving meegewogen. In relatie tot het programma water en riolering, betreft het de volgende projecten:
In uitvoering en/of afronding: o
Overmeer-Noord en Lijsterlaan;
o
Vreelandseweg;
o
Laan van Eikenrode;
o
Hoefijzer 2021, Boomhoek/Muyeveld;
In het investeringsprogramma binnen de planperiode (figuur 55): o
Ooievaarsbuurt;
o
Vuntuslaan/Heulakker;
o
Prinsessenbuurt;
o
Zuidereinde-Noord;
o
Gemaal Bloklaan;
o
Veendijk HWA;
o
Frans Halslaan HWA;
o
Elbert Mooijlaan;
o
Tjalk HWA verbinding naar watergang;
o
Het Stichtse End/Hollands End;
o
Lindelaan-West;
o
Lindelaan-Oost;
o
Edelenbuurt-West;
57
GEMEENTE WIJDEMEREN
o
Kerklaan;
o
Overmeerseweg HWA;
o
Meenthof - OR fase 2;
o
Meenthof - OR fase 1;
o
Botenbuurt-Oost – fase 1;
o
Edelenbuurt-Oost;
o
Botenbuurt-Oost – fase 2;
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
En als doorkijk voor het investeringsprogramma na planperiode (figuur 56): o
Hoefijzer, dorpscentrum Oud-Loosdrecht;
o
Botenbuurt-Oost (3);
o
Kortenhoefsedijk fase twee;
o
Dammerweg – riool voortuinen;
o
Tjalk;
o
Meerhoekweg;
o
Kortenhoef;
o
Hoefijzer – Sypesteyn;
o
Hoefijzer - kern Nieuw-Loosdrecht;
o
Nootweg-West.
Naast de hiervoor aangegeven investeringen zijn activiteiten geprogrammeerd vanuit de exploitatie en/of worden activiteiten opgepakt naar aanleiding van inspecties. Deze zijn in onderstaande tabel terug te vinden (tabel 7). Type maatregel Maatregel Klein onderhoud Herstelmaatregelen kolken Klein onderhoud Reparaties aan riolering (lozingen en leidingen) Klein onderhoud Straatvegen Klein onderhoud Sloten watergangen Groot onderhoud Op diepte brengen watergangen Groot onderhoud Minigemalen en hoofdgemalen Groot onderhoud Gemalen langs Zuidereinde - coaten Groot onderhoud Gemalen langs Loosdrechtsedijk - coaten Groot onderhoud Stellen/vervangen putkoppen in het wegdek Investering Aanleg nieuwe perceelaansluitingen Verbetermaatregel Gemaal Dode Eind en/of voorliggende minigemalen tabel 7: Maatregelen tabel (aanvullend)
Periode Doorlopend Doorlopend Doorlopend Doorlopend Na nader onderzoek Doorlopend Na nader onderzoek Na nader onderzoek Doorlopend Op aanvraag Na nader onderzoek
58
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
6.5 Wijdemeren klimaatbestendig Om een begin te maken aan het klimaatbestendig maken van Wijdemeren, staan de volgende acties in de huidige planperiode gepland:
Samenwerken bij de uitvoering van een stresstest 2.0 op regionaal niveau in de regionale samenwerking Bestuurlijk Overleg Water AGV-gebied (BOWA) met om liggende gemeenten, waterschap en provincie, om de kwetsbaarheid voor extreme neerslag en de effecten van verwachte (ruimtelijke) ontwikkelingen op kaart aan te geven vanuit het Deltaprogramma ruimtelijke adaptatie (DPRA) (www.deltaprogramma.nl);
Opzetten van een integraal lokaal hydraulisch watersysteemrekenmodel per kern (exclusief grondwater), zodat het functioneren van de samenhang van het oppervlaktewater, de riolering (ook in relatie tot de RWZI Horstermeer) en het maaiveld kan worden doorgerekend. Hierdoor kunnen het functioneren van de (afval)waterketen, de kwetsbaarheid voor extreme neerslag en de effecten van de verwachten (ruimtelijke) ontwikkelingen in beeld gebracht worden en daarvanuit verbetermaatregelen opgesteld worden;
Stimuleren van bewoners en bedrijven om verharding te beperken (zoals operatie Steenbreek: “Tegel eruit, plantje erin!’), regenwater in eigen tuin vast te houden en te benutten, en tuin- en terreinverhardingen en dakoppervlakken van de vuilwaterriolering af te koppelen. Voorbeelden hiervan zijn het stimuleren van regentonnen en prairietuinen
In vroeg stadium toetsen van elk investerings- en beheerplan of goed rekening is gehouden met extreme neerslag en of alle kansen voldoende zijn benut. Hierbij wordt o.a. de rioolbeheerder betrokken. Dit kan onderdeel zijn van een brede ‘klimaattoets’, waarbij ook overstroming, hitte en droogte, incl. waterkwaliteit en bosbrandgevaar, worden beschouwd;
Toetsen en actief en vroegtijdig sturen op in hoofdstuk 3 benoemde ‘ontwerpeisen’ en ‘beleidskaders gebiedsontwikkeling en functiegebruik’, in zowel eigen ontwerpen, als bij ruimtelijke plannen via o.a. de omgevingstafel, watertoets en bouw- en woningtoezicht;
Vastleggen van aanleg van klimaatbestendige ontwatering bij bouwrijp maken en aanleg van minimaal 30 cm hoge vloerpeilen, en waar mogelijk hoger boven de wegwas, in bestemmingsen omgevingsplannen, en project- of exploitatieovereenkomsten. Hierdoor wordt de kans op schade bij regen- en grondwateroverlast beperkt en wordt een goede afvoer naar riolering mogelijk gemaakt;
Kansen benutten voor verbetering van het vasthouden, tijdelijk bergen en vertraagd afvoeren van neerslag naar bodem en/of oppervlaktewater bij ruimtelijke ontwikkelingen, groene weide,
59
GEMEENTE WIJDEMEREN
WATER- EN RIOLERINGSPROGRAMMA 2023-2027
herinrichtingen, en nieuw- en verbouw. Dit kan o.a. via laagtes, groenzones, wadi’s, waterpleinen en extra oppervlaktewater.
Houden van halfjaarlijks ‘regie-overleg’ met het waterschap, om kansen te onderkennen en benutten door een tijdige quickscan uit te voeren;