CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 1 Ontwerp GR 14 december 2023 (1)

gemeenteraad 21 maart 2024, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Actualisering Gemeenschappelijke Regeling Regio Gooi en Vechtstreek 2024 (Het raadsvoorstel is zonder stemming aangenomen.)23.294 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Artikel 23 informatie en verantwoording van het dagelijks bestuur en de voorzitter aan algemeen bestuur. 1. Het dagelijks bestuur en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan het algemeen bestuur verantwoording schuldig over het door het dagelijks bestuur gevoerde bestuur. 2. Het dagelijks bestuur geeft het algemeen bestuur alle inlichtingen die het algemeen bestuur voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. 3. Het algemeen bestuur kan besluiten een lid van het dagelijks bestuur ontslag te verlenen, indien dit lid het 12

vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezit.

vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezit.

Hoofdstuk 6 Portefeuillehoudersoverleggen Hoofdstuk 6 Portefeuillehoudersoverleggen Artikel 23 Portefeuillehoudersoverleggen en regionale samenwerkingsagenda 1. De gezamenlijke colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten kunnen ten behoeve van coördinatie en afstemming op onderscheiden samenwerkingsterreinen dan wel ter uitvoering van een dienstverleningsovereenkomst portefeuillehoudersoverleggen instellen indien het algemeen bestuur hiermee instemt. 2. Portefeuillehoudersoverleggen bereiden onder regie van het algemeen bestuur een regionale samenwerkingsagenda voor met daarin opgenomen de speerpunten van de regionale samenwerking. Vaststelling vindt plaats door de gemeenteraden. 3. Portefeuillehoudersoverleggen zijn belast met: a. het stimuleren en coördineren van overleg tussen de gemeenten; b. het behartigen van de belangen van de Regio bij andere overheden, instellingen, diensten of personen; c. het gecoördineerd bestuurlijk opdrachtgeverschap. 4. Portefeuillehoudersoverleggen kunnen jaarlijks, voor het samenwerkingsterrein waarvoor zij zijn ingesteld, een ontwerpprogramma opstellen ter uitvoering van de in lid 2 van dit artikel vermelde samenwerkingsagenda met daarin in ieder geval: a. de hoofdpunten en de financiële uitgangspunten; b. de relatie tussen de financiële uitgangspunten en de activiteiten en de prioriteiten; c.

voortgang en ontwikkelingen op de benoemde speerpunten. 5. Portefeuillehoudersoverleggen bieden ontwerpbesluiten en/of ontwerpvoorstellen met betrekking tot het samenwerkingsterrein aan aan de colleges van burgemeester en wethouders en/of door tussenkomst van de colleges van burgemeester en wethouders aan de gemeenteraden. 6. Portefeuillehoudersoverleggen kunnen gevraagd en ongevraagd advies uitbrengen aan de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten.

7. Besluiten van portefeuillehoudersoverleggen die financiële en/of beleidsmatige consequenties hebben voor één of meerdere gemeenten dienen - alvorens tot uitvoering kan worden overgegaan - bekrachtigd te worden in de eerstvolgende vergadering van het betreffende portefeuillehoudersoverleg.

Artikel 24 Portefeuillehoudersoverleggen en regionale samenwerkingsagenda 1. Het algemeen bestuur - gehoord de gezamenlijke colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten - kan ten behoeve van coördinatie en afstemming op onderscheiden samenwerkingsterreinen dan wel ter uitvoering van een dienstverleningsovereenkomst portefeuillehoudersoverleggen instellen indien het algemeen bestuur hiermee instemt. 2. Portefeuillehoudersoverleggen bereiden onder regie van het algemeen bestuur een regionale samenwerkingsagenda voor met daarin opgenomen de speerpunten van de regionale samenwerking. Vaststelling vindt plaats door de gemeenteraden. 2. Portefeuillehoudersoverleggen zijn belast met: a. het stimuleren en coördineren van overleg tussen de gemeenten; b. het behartigen van de belangen van de regio bij andere overheden, instellingen, diensten of personen; c. het gecoördineerd bestuurlijk opdrachtgeverschap. 3. Portefeuillehoudersoverleggen kunnen jaarlijks, voor het samenwerkingsterrein waarvoor zij zijn ingesteld, een ontwerpprogramma opstellen. ter uitvoering van de in lid 2 van dit artikel vermelde samenwerkingsagenda met daarin in ieder geval: a. de hoofdpunten en de financiële uitgangspunten; b. de relatie tussen de financiële uitgangspunten en de activiteiten en de prioriteiten; c. voortgang en ontwikkelingen op de benoemde speerpunten. 5.

Portefeuillehoudersoverleggen bieden ontwerpbesluiten en/of ontwerpvoorstellen met betrekking tot het samenwerkingsterrein aan aan de colleges van burgemeester en wethouders en/of door tussenkomst van de colleges van burgemeester en wethouders aan de gemeenteraden. 4. Portefeuillehoudersoverleggen kunnen gevraagd en ongevraagd advies uitbrengen aan het algemeen bestuur en aan de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten. 5. Besluiten van Afspraken in de portefeuillehoudersoverleggen die financiële en/of beleidsmatige consequenties hebben voor één of meerdere gemeenten dienen - alvorens tot uitvoering kan worden overgegaan - te zijn of worden bekrachtigd door de colleges en/of door de tussenkomst van de colleges aan de raden in de eerstvolgende vergadering van het betreffende portefeuillehoudersoverleg. Personele, materiële en financiële gevolgen voor de Regio(begroting) worden ter vaststelling voorgelegd aan het algemeen bestuur.

Hoofdstuk 7 Ambtelijke organisatie Hoofdstuk 7 Ambtelijke organisatie Artikel 24 Algemeen directeur De algemeen directeur is hoofd van de ambtelijke organisatie.

Artikel 25 Algemeen directeur De algemeen directeur is hoofd van de ambtelijke organisatie.

Artikel 25 Rechtspositie 13

1. Op de medewerkers in (tijdelijke) dienst van de Regio is de Cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO) van toepassing voor zover het dagelijks bestuur daarin niet zelf via lokale regelingen heeft voorzien en met dien verstande dat op de medewerkers van de Regionale Ambulance Voorziening de Cao Ambulancevoorziening van toepassing is en dat op de medewerkers van de Vervoer Gooi en Vechtstreek B.V. de Cao Taxivervoer van toepassing is. 2. Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de Cao SGO. 3. Waar in de in het eerste lid bedoelde Cao SGO wordt gesproken van “gemeenteraad”, “college” dan wel “hoofd van de dienst” wordt voor de toepassing van de Cao SGO gelezen: het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de algemeen directeur.

Artikel 26 Rechtspositie 1. Op de medewerkers in (tijdelijke) dienst van de Regio is de Cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO) van toepassing voor zover het dagelijks bestuur daarin niet zelf via lokale regelingen heeft voorzien en met dien verstande dat op de medewerkers van de Regionale Ambulance Voorziening Gooi en Vechtstreek de Cao Sector Ambulancezorgvoorziening van toepassing is en dat op de medewerkers van de Vervoer Gooi en Vechtstreek B.V. de Cao Taxivervoer van toepassing is. 2. Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de in lid 1 vermelde Cao’sSGO. 3. Waar in de in het eerste lid bedoelde Cao SGO wordt gesproken van “gemeenteraad”, “college” dan wel “hoofd van de dienst” wordt voor de toepassing van de Cao SGO gelezen: het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de algemeen directeur.

Hoofdstuk 8 Financiën en beheer Hoofdstuk 8 Financiën en beheer Artikel 26 Dienstjaar Het dienstjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december van elk jaar. Artikel 27 Algemene financiële beleidsmatige kaders Het dagelijks bestuur zendt voor 1 februari van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële beleidsmatige kaders ter informatie aan de raden van de gemeenten.

Artikel 28 Begroting 1. Het dagelijks bestuur stelt met inachtneming van artikel 186 van de Gemeentewet jaarlijks een ontwerpbegroting op overeenkomstig de wettelijke vormvereisten. 2. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting tezamen met de voorlopige jaarrekening en het ontwerpvoorstel tot bestemming van het resultaat vóór 15 april en uiterlijk acht weken voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden, toe aan de gemeenteraden. 3. De ontwerpbegroting wordt via de website van de Regio voor een ieder beschikbaar gesteld en op de daarvoor geëigende wijze per gemeente voor een ieder ter inzage gelegd. 4. De gemeenteraden kunnen binnen acht weken hun zienswijze over de ontwerpbegroting en het ontwerpvoorstel bestemming resultaat naar voren brengen. 5. Het dagelijks bestuur voegt de ontwerpreactie op de zienswijzen bij de ontwerpbegroting en bij het voorstel tot bestemming van het resultaat, zoals deze ter vaststelling bij het algemeen bestuur voorliggen en geeft hiervan kennis aan de gemeenteraden.

6. Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde begroting toe

Artikel 27 Dienstjaar Het dienstjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december van elk jaar. Artikel 28 Algemene financiële beleidsmatige kaders Het dagelijks bestuur zendt voor 1 mei februari van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële beleidsmatige kaders ter informatie aan de raden van de gemeenten. Artikel 29 Begroting en voorstel bestemming resultaat 1. Het dagelijks bestuur stelt met inachtneming van artikel 186 van de Gemeentewet jaarlijks een ontwerpbegroting op overeenkomstig de wettelijke vormvereisten. 2. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting tezamen met de voorlopige jaarrekening en het ontwerpvoorstel tot bestemming van het resultaat vóór 3015 april en uiterlijk acht twaalf weken voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden, toe aan de gemeenteraden. 3. De ontwerpbegroting wordt via de website van de Regio voor een ieder beschikbaar gesteld en op de daarvoor geëigende wijze per gemeente voor een ieder ter inzage gelegd. 4. De gemeenteraden kunnen binnen acht twaalf weken hun zienswijze over de ontwerpbegroting en het ontwerpvoorstel bestemming resultaat bij het dagelijks bestuur naar voren brengen. 5.

Het dagelijks bestuur voegt de ontwerpreactie op de zienswijzen bij de ontwerpbegroting en bij het voorstel tot bestemming van het resultaat, zoals deze ter vaststelling bij het aan het algemeen bestuur wordt aangeboden. voorliggen en geeft hiervan kennis aan de gemeenteraden. 6. Het algemeen bestuur stelt de raden voorafgaande aan het vaststellen van de begroting en de bestemming van het resultaat schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, bedoeld in het vierde lid, alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt. 7. Nadat deze is vastgesteld, zendt het algemeen bestuur, zo nodig, de begroting en de bestemming van het resultaat aan de raden , die ter zake bij het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord - Holland hun zienswijze naar voren kunnen brengen. 8.6 Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde begroting toe 14

aan de gemeenteraden. Het dagelijks bestuur zendt de begroting binnen twee weken na vaststelling, in ieder geval vóór 1 augustus van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, aan het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland. 7. De mogelijkheid tot uitbrengen van een zienswijze aan de gemeenteraden op grond van artikel 35 van de Wet wordt tevens geboden op besluiten tot wijziging van de begroting voor zover het betreft wijzigingen die leiden tot een verhoging van de bijdrage van de deelnemende gemeenten.

Artikel 29 Jaarrekening 1. Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening - inclusief de bestemming van het resultaat – vast, met inachtneming van artikel 186 van de Gemeentewet, in het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft. 2. Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde jaarrekening en het besluit tot bestemming van het resultaat ter kennisneming aan de gemeenteraden. 3. De vaststelling van de jaarrekening strekt het dagelijks bestuur tot decharge, behoudens later in rechte gebleken onregelmatigheden. 4. Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na vaststelling, maar in ieder geval vóór 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland. Artikel 30 Vaststelling en betaling bijdrage 1.

De kosten van de Regio die niet uit andere inkomsten worden bestreden, komen ten laste van de gemeenten naar verhouding van de door het Centraal Bureau voor de Statistiek openbaar gemaakte bevolkingscijfers op 1 januari van het jaar, waarop de kosten betrekking hebben met dien verstande dat de kosten verbonden aan de uitvoering van de taken als bedoeld in artikel 5 VI Onderwijs onder a die niet uit andere inkomsten worden bestreden, ten laste komen van de deelnemende gemeenten naar de maatstaf van het aantal leerplichtigen en kwalificatieplichtigen in de onderscheiden gemeenten per 1 oktober van het boekjaar. 2. Het algemeen bestuur kan bepalen dat voor de kosten verbonden aan bepaalde programmaonderdelen een van lid 1 van dit artikel afwijkende kostenverdeling geldt. 3. De gemeenten betalen bij wijze van voorschot per maand een twaalfde van de in lid 1 en lid 2 van dit artikel bedoelde bijdrage. 4. Het dagelijks bestuur kan bepalen dat een van het in lid 1 van dit artikel bedoelde bedrag afwijkend voorschot wordt betaald. 5. Het dagelijks bestuur kan bepalen dat een van lid 3 in dit artikel afwijkend betaalschema van toepassing is.

aan de gemeenteraden. Het dagelijks bestuur zendt de begroting en de bestemming van het resultaat binnen twee weken na vaststelling, in ieder geval vóór 1 augustus 15 september van het jaar voorafgaande aan hedat jaar waarvoor de begroting dient, aan het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord - Holland. 9.7 De mogelijkheid tot het naar voren uitbrengen van een zienswijze door aan de gemeenteraden aan het dagelijks bestuur op grond van artikel 35 lid 6 van de Wet wordt tevens geboden op besluiten tot wijziging van de begroting voor zover het betreft wijzigingen die leiden tot een verhoging van de bijdrage van de deelnemende gemeenten. 10. Indien bij de uitvoering van een overgedragen centrumtaak het daarvoor bestemde budget van de centrumgemeente Hilversum wijzigt (dat al bij de Regio is ondergebracht is), maar het beleid ongewijzigd blijft, is er geen mogelijkheid tot het naar voren brengen van een zienswijze door de raden bij het dagelijks bestuur op grond van artikel 35 lid 6 van de Wet. Artikel 30 Jaarrekening 1. Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening - inclusief de bestemming van het resultaat – vast, met inachtneming van artikel 186 van de Gemeentewet, in het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft. 2.

Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde jaarrekening en het besluit tot bestemming van het resultaat ter kennisneming aan de gemeenteraden. 3. De vaststelling van de jaarrekening strekt het dagelijks bestuur tot décharge, behoudens later in rechte gebleken onregelmatigheden. 4. Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na vaststelling, maar in ieder geval vóór 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord - Holland. Artikel 31 Vaststelling en betaling bijdrage 1. De kosten van de Regio die niet uit andere inkomsten worden bestreden, komen ten laste van de gemeenten naar verhouding van de door het Centraal Bureau voor de Statistiek openbaar gemaakte bevolkingscijfers op 1 januari van het jaar, waarop de kosten betrekking hebben met dien verstande dat de kosten verbonden aan de uitvoering van de taken als bedoeld in artikel 5 lid 3 onderdeel VI Onderwijs onder a van de regeling die niet uit andere inkomsten worden bestreden, ten laste komen van de deelnemende gemeenten naar de maatstaf van het aantal leerplichtigen en kwalificatieplichtigen in de onderscheiden gemeenten per 1 oktober van het boekjaar. 2.

Het algemeen bestuur kan bepalen dat voor de kosten verbonden aan bepaalde programmaonderdelen een van lid 1 van dit artikel afwijkende kostenverdeling geldt. 3. De gemeenten betalen bij wijze van voorschot per maand een twaalfde van de in lid 1 en lid 2 van dit artikel bedoelde bijdrage. 4. Het dagelijks bestuur kan bepalen dat een van het in lid 1 van dit artikel bedoelde bedrag afwijkend voorschot wordt betaald. 5. Het dagelijks bestuur kan bepalen dat een van lid 3 in dit artikel afwijkend betaalschema van toepassing is.

15

Artikel 31 Financiële voorschriften 1. Het algemeen bestuur stelt bij verordening regels vast met betrekking tot de uitgangspunten voor het financiële beleid, de regels voor het financiële beheer en de Inrichting van de financiële organisatie en het beheer van de geldmiddelen; 2. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor een verzekering van de risico's verbonden aan het optreden van het openbaar lichaam, het in dienst hebben van (tijdelijk) personeel en het beheer van eigendommen en gelden.

Artikel 32 Financiële voorschriften 1. Het algemeen bestuur stelt bij verordening regels vast met betrekking tot de uitgangspunten voor het financiële beleid, de regels voor het financiële beheer en de Inrichting van de financiële organisatie en het beheer van de geldmiddelen. 2. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor een verzekering van de risico's verbonden aan het optreden van de Regiohet openbaar lichaam, het in dienst hebben van (tijdelijk) personeel en het beheer van eigendommen en gelden.

Artikel 32 Reserves en voorzieningen 1. Het algemeen bestuur stelt financiële richtlijnen vast met betrekking tot de reserves en voorzieningen van het openbaar lichaam en benoemt daarbij een aan te houden noodzakelijk niveau van de algemene reserve, passend bij het risicoprofiel van de Regio. 2. Het dagelijks bestuur kan bij de jaarrekening, begroting en begrotingswijzigingen voorstellen doen aan het algemeen bestuur met betrekking tot respectievelijk de dotatie in- of onttrekking aan de reserves van de Regio naar de onderscheiden onderdelen.

Artikel 33 Reserves en voorzieningen 1. Het algemeen bestuur stelt financiële richtlijnen vast met betrekking tot de reserves en voorzieningen van de Regio het openbaar lichaam en benoemt daarbij een aan te houden noodzakelijk niveau van de algemene reserve, passend bij het risicoprofiel van de Regio. 2. Het dagelijks bestuur kan bij de jaarrekening, begroting en begrotingswijzigingen voorstellen doen aan het algemeen bestuur met betrekking tot respectievelijk de dotatie in- of onttrekking aan de reserves van de Regio naar de onderscheiden onderdelen.

Artikel 33 Controle 1. Het algemeen bestuur wijst een accountant aan die, met inachtneming van de in artikel 31, 32 en 34 van deze regeling bedoelde regels, belast is met de controle op het financieel beheer en de boekhouding van de Regio. De controle geschiedt tenminste eenmaal per dienstjaar ten aanzien van de boekhouding in haar geheel. 2. Van de controle wordt door de accountant een verslag gemaakt. 3. Het dagelijks bestuur zendt een exemplaar van het controleverslag terstond aan de gemeenten.

Artikel 34 Controle 1. Het algemeen bestuur wijst een accountant aan die, met inachtneming van de in artikel 312, 323 en 345 van deze regeling bedoelde regels, belast is met de controle op het financieel beheer en de boekhouding van de Regio. De controle geschiedt tenminste eenmaal per dienstjaar ten aanzien van de boekhouding in haar geheel. 2. Van de controle wordt door de accountant een verslag gemaakt. 3. Het dagelijks bestuur zendt een exemplaar van het controleverslag terstond aan de gemeenten.

Artikel 34 Financiering 1. Het algemeen bestuur stelt een Treasurystatuut vast waarin onder meer geregeld is het aangaan van geldleningen en rekening courant overeenkomsten en het uitlenen van geld en het doen van garantstellingen, met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke bepalingen. 2. De gemeenten zullen er steeds zorg voor dragen dat de Regio te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. 3. Indien blijkt dat een gemeente weigert de geraamde uitgaven op de eigen begroting te zetten, doet het algemeen bestuur onverwijld aan Gedeputeerde Staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 van de Gemeentewet.

Artikel 35 Financiering 1. Het algemeen bestuur stelt een Treasurystatuut vast waarin onder meer geregeld is het aangaan van geldleningen en rekening courant overeenkomsten en het uitlenen van geld en het doen van garantstellingen, met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke bepalingen. 2. De gemeenten zullen er steeds zorg voor dragen dat de Regio te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. 3. Indien blijkt dat een gemeente weigert de geraamde uitgaven op de eigen begroting te zetten, doet het algemeen bestuur onverwijld aan het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord - Holland het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 van de Gemeentewet.

Hoofdstuk 9 Archiefbescheiden

Hoofdstuk 9 Archiefbescheiden

Artikel 35 Archief 1. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de Regio. Deze zorg voor archiefbescheiden – voortkomend uit taken en bevoegdheden – wordt verricht volgens een door het algemeen bestuur vast te stellen verordening. 2. Ten aanzien van beheer van de archiefbescheiden voortkomende uit de diensten worden nadere regelingen getroffen. 3. De algemeen directeur is belast met het beheer van de archiefbescheiden voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats van de

Artikel 36 Archief 1. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de Regio. Deze zorg voor archiefbescheiden – voortkomend uit taken en bevoegdheden – wordt verricht volgens een door het algemeen bestuur vast te stellen Archiefverordening. 2. Ten aanzien van beheer van de archiefbescheiden voortkomende uit de diensten worden nadere regelingen getroffen. 3. De algemeen directeur is belast met het beheer van de archiefbescheiden voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats van de 16

gemeente Hilversum. 4. De archivaris van de gemeente Hilversum oefent toezicht uit op het onder het derde lid genoemde beheer. 5. Voor de bewaring van de op grond van artikel 12 van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden van de in deze regeling genoemde organen is aangewezen de archiefbewaarplaats van de gemeente Hilversum. 6. Na opheffing van de Gemeenschappelijke Regeling worden de onder het eerste lid bedoelde archiefbescheiden met inachtneming van artikel 8 van het Archiefbesluit voor zover mogelijk vervreemd aan de taakopvolger. De overbrenging van de archiefbescheiden in goede, geordende en toegankelijke staat naar de archiefbewaarplaats van de gemeente Hilversum geschiedt als had geen opheffing plaatsgevonden. Als er geen taakopvolger is, geschiedt de genoemde overbrenging direct. 7. De onder het vijfde en zesde lid bedoelde archiefbescheiden worden beheerd door de archivaris van de gemeente Hilversum.

gemeente Hilversum. 4. De archivaris van de gemeente Hilversum oefent toezicht uit op het onder het derde lid genoemde beheer. 5. Voor de bewaring van de op grond van artikel 12 van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden van de in deze regeling genoemde organen is aangewezen de archiefbewaarplaats van de gemeente Hilversum. 6. Na opheffing van de rGemeenschappelijke Regeling worden de onder het eerste lid bedoelde archiefbescheiden met inachtneming van artikel 8 van het Archiefbesluit 1995 voor zover mogelijk vervreemd aan de taakopvolger. De overbrenging van de archiefbescheiden in goede, geordende en toegankelijke staat naar de archiefbewaarplaats van de gemeente Hilversum geschiedt als had geen opheffing plaatsgevonden. Als er geen taakopvolger is, geschiedt de genoemde overbrenging direct. 7. De onder het vijfde en zesde lid bedoelde archiefbescheiden worden beheerd door de archivaris van de gemeente Hilversum.

Hoofdstuk 10 Toe- en uittreding, wijziging en opheffing

Hoofdstuk 10 Toe- en uittreding, wijziging en opheffing

Artikel 36 Partiële toetreding Een verzoek om te deel te nemen in een afgebakend deel van de aan de Regio opgedragen taken wordt op dezelfde wijze behandeld als een verzoek tot toetreding.

Artikel 37 Partiële toetreding Een verzoek om te deel te nemen in een afgebakend deel van de aan de Regio opgedragen taken wordt op dezelfde wijze behandeld als een verzoek tot toetreding.

Artikel 37 Partiële uittreding 1. Het algemeen bestuur doet op basis van een besluit van een gemeente om niet langer deel te nemen in een afgebakend deel van de aan de Regio opgedragen taken een voorstel. 2. Op een voorstel van het algemeen bestuur over een verzoek tot partiële uittreding is de procedure met betrekking tot een voorstel tot wijziging van de regeling als bedoeld in artikel 41 lid 2 van deze regeling van toepassing. 3. Het algemeen bestuur stelt -- in samenspraak met de gemeenten – vast welke verlaging van de bijdrage passend is. 4. Het algemeen bestuur stelt – in samenspraak met de gemeenten – de partiële uittreedsom vast, de voorwaarden waaronder de partiële uittreding kan plaatsvinden en de gevolgen van de partiële uittreding, waaronder in ieder geval de datum van de daadwerkelijke partiële uittreding, de gevolgen voor het personeel, contracten, huisvesting en investeringen. 5. De verlaging van de bijdrage wordt over een periode van vijf jaar gerealiseerd als volgt: jaar 1: 0%, jaar 2: 20%, jaar 3: 40%, jaar 4, 60%, jaar 5 80%, jaar 6 100%. 6. Indien onverkorte toepassing van dit artikel naar het oordeel van het algemeen bestuur tot een onbillijke uitkomst leidt, kan het de uittreedsom gewijzigd vaststellen. Het besluit tot vaststelling van de uittreedsom bevat een onderbouwing van deze beslissing.

Artikel 38 Partiële uittreding 1. Het algemeen bestuur doet op basis van een besluit van een gemeente om niet langer deel te nemen in een afgebakend deel van de aan de Regio opgedragen taken een voorstel. 2. Op een voorstel van het algemeen bestuur over een verzoek tot partiële uittreding is de procedure met betrekking tot een voorstel tot wijziging van de regeling als bedoeld in artikel 41 lid 32 van deze regeling van toepassing. 3. Het algemeen bestuur stelt -- in samenspraak met de gemeenten – vast welke verlaging van de bijdrage passend is. 4. Het algemeen bestuur stelt – in samenspraak met de gemeenten – de partiële uittreedsom vast, de voorwaarden waaronder de partiële uittreding kan plaatsvinden en de gevolgen van de partiële uittreding, waaronder in ieder geval de datum van de daadwerkelijke partiële uittreding, de gevolgen voor het personeel, contracten, huisvesting en investeringen. 5. De verlaging van de bijdrage wordt over een periode van vijf jaar gerealiseerd als volgt: jaar 1: 0%, jaar 2: 20%, jaar 3: 40%, jaar 4, 60%, jaar 5 80%, jaar 6 100%. 6. Indien onverkorte toepassing van dit artikel naar het oordeel van het algemeen bestuur tot een onbillijke uitkomst leidt, kan het algemeen bestuur de uittreedsom gewijzigd vaststellen. Het besluit tot vaststelling van de uittreedsom bevat een onderbouwing van deze beslissing.

Artikel 38 Toetreding 1. Het algemeen bestuur doet naar aanleiding van een verzoek tot toetreding een voorstel over het verzoek tot toetreding aan de gemeenten. 2. Toetreding vindt plaats bij daartoe strekkende besluiten van de bevoegde bestuursorganen van tenminste twee derde van de gemeenten. 3. Het algemeen bestuur regelt de gevolgen van de toetreding

Artikel 39 Toetreding 1. Het algemeen bestuur doet naar aanleiding van een verzoek tot toetreding een voorstel over het verzoek tot toetreding aan de gemeenten. 2. Toetreding vindt plaats bij daartoe strekkende besluiten van de bevoegde bestuursorganen van tenminste twee derde van de gemeenten. 3. Het algemeen bestuur regelt de gevolgen van de toetreding 17

en kan hieraan financiële en andere voorwaarden verbinden.

en kan hieraan financiële en andere voorwaarden verbinden.

Artikel 39 Uittreding 1. Een besluit tot uittreding dient minimaal één jaar voor de datum van feitelijke uittreding aan het algemeen bestuur te worden aangeboden. 2. De feitelijke uittreding kan eerst plaatsvinden aan het eind van het kalenderjaar. 3. Het algemeen bestuur kan op basis van een voornemen tot uitreding – op verzoek en voor rekening van een gemeente -de financiële, juridische, personele en organisatorische gevolgen van een uittreding in beeld brengen. 4. Het algemeen bestuur zendt een voornemen of een besluit tot uittreding van een gemeente ter kennisname aan de raden van de gemeenten. 5. Het algemeen bestuur stelt – in samenspraak met de gemeenten – vast de gevolgen van de uittreding, waaronder in ieder geval de gevolgen voor het personeel, contracten, huisvesting en investeringen en de uittreedsom. 6. De uittreedsom omvat de eigen bijdrage, zoals deze is vastgesteld in de jaarrekening van het jaar van uittreding, waarbij die bijdrage ieder jaar met 20% afneemt als volgt 1e jaar 100%, 2e jaar 80%, 3e jaar 60%, 4e jaar 40% en 5e jaar 20%. 7. De betaling vindt maandelijks plaats voor telkens een twaalfde deel van het jaarbedrag. 8. Indien onverkorte toepassing van dit artikel naar het oordeel van het algemeen bestuur tot een onbillijke uitkomst leidt, kan het algemeen bestuur de uittreedsom gewijzigd vaststellen.

Het besluit tot vaststelling van de uittreedsom bevat een onderbouwing van deze beslissing.

Artikel 40 Uittreding 1. Een besluit tot uittreding dient minimaal één jaar voor de datum van feitelijke uittreding aan het algemeen bestuur te worden aangeboden. 2. De feitelijke uittreding kan eerst plaatsvinden aan het eind van het kalenderjaar. 3. Het algemeen bestuur kan op basis van een voornemen tot uitreding – op verzoek en voor rekening van een gemeente -de financiële, juridische, personele en organisatorische gevolgen van een uittreding in beeld brengen. 4. Het algemeen bestuur zendt een voornemen of een besluit tot uittreding van een gemeente ter kennisname aan de raden van de gemeenten. 5. Het algemeen bestuur stelt – in samenspraak met de gemeenten – vast de gevolgen van de uittreding, waaronder in ieder geval de gevolgen voor het personeel, contracten, huisvesting en investeringen en de uittreedsom. 6. De uittreedsom omvat de eigen bijdrage, zoals deze is vastgesteld in de jaarrekening van het jaar van uittreding, waarbij die bijdrage ieder jaar met 20% afneemt als volgt 1e jaar 100%, 2e jaar 80%, 3e jaar 60%, 4e jaar 40% en 5e jaar 20%. 7. De betaling vindt maandelijks plaats voor telkens een twaalfde deel van het jaarbedrag. 8. Indien onverkorte toepassing van dit artikel naar het oordeel van het algemeen bestuur tot een onbillijke uitkomst leidt, kan het algemeen bestuur de uittreedsom gewijzigd vaststellen.

Het besluit tot vaststelling van de uittreedsom bevat een onderbouwing van deze beslissing.

Artikel 40 Wijziging of opheffing 1. De gemeenteraden, de colleges van burgemeester en wethouders, het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur kunnen voorstellen doen tot wijziging van de regeling. 2. Deze regeling kan worden gewijzigd indien de bevoegde bestuursorganen van tenminste twee derde van de gemeenten daarmee hebben ingestemd. 3. Een wijziging van de regeling inhoudende een overdracht van taken en/of bevoegdheden aan de Regio kan alleen plaatsvinden indien de bevoegde bestuursorganen van alle gemeenten daarmee hebben ingestemd. 4. De regeling kan worden opgeheven bij daartoe strekkende besluiten van tenminste tweederde van de gemeenten. 5. In geval van opheffing, stelt het algemeen bestuur, de gemeenten gehoord, een liquidatieplan vast dat voorziet in de vereffening van het vermogen en de verdeling over de deelnemende gemeenten van alle rechten en verplichtingen van de gemeenschappelijke regelingen. De verdeelsleutel wordt bepaald door het aantal inwoners of een hiervan afwijkende verdeelsleutel die bij het aangaan van de verplichtingen door gemeenten werd overeengekomen.

Artikel 41 Wijziging of opheffing 1. De gemeenteraden, de colleges van burgemeester en wethouders, het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur kunnen voorstellen doen tot wijziging van de regeling. 2. Deze regeling kan worden gewijzigd indien de bevoegde bestuursorganen van tenminste twee derde van de gemeenten daarmee hebben ingestemd. 3. Een wijziging van de regeling inhoudende een overdracht van taken en/of bevoegdheden aan de Regio kan alleen plaatsvinden indien de bevoegde bestuursorganen van alle gemeenten daarmee hebben ingestemd. 4. De regeling kan worden opgeheven bij daartoe strekkende besluiten van tenminste tweederde van de gemeenten. 5. In geval van opheffing, stelt het algemeen bestuur, de gemeenten gehoord, een liquidatieplan vast dat voorziet in de vereffening van het vermogen en de verdeling over de deelnemende gemeenten van alle rechten en verplichtingen van de gemeenschappelijke regelingen. De verdeelsleutel wordt bepaald door het aantal inwoners of een hiervan afwijkende verdeelsleutel die bij het aangaan van de verplichtingen door gemeenten werd overeengekomen.

Hoofdstuk 11 Partieel toegetreden

Hoofdstuk 11 Partieel toegetreden

Artikel 41 Eemnes 1. Eemnes is partieel toegetreden tot de regeling. 2. De partiële toetreding als bedoeld in lid 1 van dit artikel heeft betrekking op die taken en bevoegdheden waarin Eemnes op grond van artikel 5 van deze regeling participeert en op die dienstverlening op grond van artikel 6 die Eemnes afneemt.

Artikel 42 Eemnes 1. Eemnes is partieel toegetreden tot de regeling. 2. De partiële toetreding als bedoeld in lid 1 van dit artikel heeft betrekking op die taken en bevoegdheden waarin Eemnes op grond van de artikelen 4 en 5 van deze regeling participeert en op die dienstverlening op grond van artikel 6 van de regeling die Eemnes afneemt. 18

Artikel 42 Bestuurlijke randvoorwaarden 1. Voor de beraadslaging en de besluitvorming door het algemeen bestuur over onderwerpen die betrekking hebben op het afgebakende deel van het takenpakket van de Regio waartoe Eemnes is toegetreden wordt een afzonderlijke agenda opgesteld, de agenda algemeen bestuur Regio + Eemnes. 2. Het algemeen bestuur wordt voor de behandeling van de in lid 1 van dit artikel bedoelde agenda uitgebreid met één door de gemeente Eemnes aangewezen agendalid. 3. Met het oog op de onder lid 2 van dit artikel bedoelde uitbreiding van het algemeen bestuur wijst de raad van de gemeente Eemnes uit zijn midden, de voorzitter inbegrepen, en uit de wethouders één agenda-lid en een plaatsvervangend agenda lid aan. 4. Bij de besluitvorming over de onderwerpen vermeld op de onder lid 1 van dit artikel vermelde agenda heeft de vertegenwoordiger van Eemnes het recht om deel te nemen aan de beraadslagingen én aan de stemmingen. 5. De vertegenwoordiger van Eemnes heeft – indien er een stemming plaatsvindt in het kader van de besluitvorming over de onderwerpen vermeld op de in lid 1 van dit artikel bedoelde agenda één stem in het algemeen bestuur. 6.

Eemnes wordt betrokken in de zienswijzeprocedure ten aanzien van de begroting van de Regio alsmede ten aanzien van begrotingswijzigingen van de Regio, indien deze wijzigingen leiden tot een verhoging van de bijdrage van Eemnes. Eemnes kan uitsluitend zienswijzen geven ten aanzien van die taakonderdelen in de begroting waartoe zij is toegetreden. 7. Het bepaalde in artikel 29 van deze regeling ten aanzien van de jaarrekening en het besluit tot bestemming van het resultaat is ook van toepassing voor Eemnes. Artikel 43 Financiële randvoorwaarden 1. De kosten verbonden aan de uitvoering van de taken waartoe Eemnes is toegetreden worden met Eemnes verrekend op basis van de afspraken die zijn vastgelegd in de begroting van de Regio. 2. Eemnes draagt bij aan de bestuurskosten van de Regio naar rato van het aantal inwoners. Hoofdstuk 12 Slotbepalingen Artikel 44 Actualisering en evaluatie van de regeling 1. De regeling wordt om de twee jaar geactualiseerd vanaf 2022. 2. De regeling wordt om de tien jaar geëvalueerd vanaf 2023. 3. Bij de actualisatie komen in ieder geval aan de orde de ontwikkelingen in de wet en regelgeving, het takenpakket, de governance en de legitimatie. 4. Bij de evaluatie komen in ieder geval aan de orde het doel, de doelmatigheid, het takenpakket, de structuur en de legitimatie van de samenwerking.. 5.

Het algemeen bestuur kan gehoord de gemeenten besluiten om de termijnen genoemd onder 1 en 2 te vervoegen of te verdagen tot een nader vast te stellen tijdstip. Artikel 45 Geschillenregeling Geschillen over de toepassing, in de ruimste zin van deze regeling tussen besturen van de gemeenten of tussen besturen van een of meer gemeenten en het bestuur van de

Artikel 43 Bestuurlijke randvoorwaarden Eemnes 1. Voor de beraadslaging en de besluitvorming door het algemeen bestuur over onderwerpen die betrekking hebben op het afgebakende deel van het takenpakket van de Regio waartoe Eemnes is toegetreden wordt een afzonderlijke agenda opgesteld, de agenda algemeen bestuur Regio + Eemnes. 12. Het algemeen bestuur wordt voor de behandeling van onderwerpen over het afgebakende deel van het takenpakket van de Regio waartoe Eemnes is toegetreden, van de in lid 1 van dit artikel bedoelde agenda uitgebreid met één door de gemeente Eemnes aangewezen agenda lid. 23. Met het oog op de onder lid 12 van dit artikel bedoelde uitbreiding van het algemeen bestuur wijst de raad van de gemeente Eemnes uit zijn midden, de voorzitter inbegrepen, en uit de wethouders één agenda-lid en een plaatsvervangend agenda lid aan. 3 Bij de besluitvorming over de onderwerpen vermeld in op de onder lid 1 van dit artikel vermelde agenda heeft de vertegenwoordiger van Eemnes het recht om deel te nemen aan de beraadslagingen én aan de stemmingen. 45. De vertegenwoordiger van Eemnes heeft – indien er een stemming plaatsvindt in het kader van de besluitvorming over de onderwerpen vermeld op de in lid 1 van dit artikel bedoelde agenda één stem in het algemeen bestuur. 56.

Eemnes wordt betrokken in de zienswijzeprocedure ten aanzien van de begroting van de Regio alsmede ten aanzien van begrotingswijzigingen van de Regio, indien deze wijzigingen leiden tot een verhoging van de bijdrage van Eemnes. Eemnes kan uitsluitend zienswijzen geven ten aanzien van die taakonderdelen in de begroting waartoe zij is toegetreden. 67. Het bepaalde in artikel 29 over de begroting en het voorstel bestemming resultaat in artikel 29 30 van deze regeling ten aanzien van de jaarrekening van de regeling en het besluit tot bestemming van het resultaat zijn is ook van toepassing opvoor Eemnes. Artikel 44 Financiële randvoorwaarden Eemnes 1. De kosten verbonden aan de uitvoering van de taken waartoe Eemnes is toegetreden worden met Eemnes verrekend op basis van de afspraken die zijn vastgelegd in de begroting van de Regio. 2. Eemnes draagt bij aan de bestuurskosten van de Regio naar rato van het aantal inwoners. Hoofdstuk 12 Slotbepalingen Artikel 45 Actualisering en evaluatie van de regeling 1. De regeling wordt om de twee jaar geactualiseerd vanaf 2022. 2. De regeling wordt om de tien jaar geëvalueerd vanaf 2023. 3. Bij de actualisatie komen in ieder geval aan de orde de ontwikkelingen in de wet en regelgeving, het takenpakket, de governance en de legitimatie. 4.

Bij de evaluatie komen in ieder geval aan de orde het doel, de doelmatigheid, het takenpakket, de structuur en de legitimatie van de samenwerking. 5. Het algemeen bestuur kan gehoord de gemeenten besluiten om de termijnen genoemd onder 1 en 2 te vervoegen of te verdagen tot een nader vast te stellen tijdstip.

19

Regio worden behandeld volgens de geschillenregeling in artikel 28 van de Wet. Artikel 46 Slotbepaling 1. Deze regeling wordt getroffen voor onbepaalde tijd. 2. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gooise Meren, als plaats van vestiging, maakt de regeling tijdig in alle deelnemende gemeenten bekend via het Gemeenteblad van Gooise Meren. De regeling treedt de dag na de datum van bekendmaking in werking. Artikel 47 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als “Gemeenschappelijke Regeling Regio Gooi en Vechtstreek".

Artikel 46 Geschillenregeling Geschillen over de toepassing, in de ruimste zin van deze regeling tussen besturen van de gemeenten of tussen besturen van één of meer gemeenten en het bestuur van de Regio worden behandeld volgens de geschillenregeling in artikel 28 van de Wet. Artikel 47 Slotbepaling 1. Deze regeling wordt getroffen voor onbepaalde tijd. 2. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gooise Meren, als plaats van vestiging, maakt de regeling tijdig in alle deelnemende gemeenten bekend via het Gemeenteblad van Gooise Meren. De regeling treedt op 1 mei 2024 in werking. Artikel 48 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als “ Gemeenschappelijke Regeling Regio Gooi en Vechtstreek 2024".

Bijlage 1 Register artikel 6 Dienstverlening nr. 22.0000080

Bijlage 1 Afstemming inbreng Regio in MRA Register artikel 6 Dienstverlening nr. 22.####### De MRA bestaat uit zeven deelregio’s, waaronder de regio. De samenwerking in de MRA is deels deelregionaal georganiseerd. De bijdrage naar rato van inwoneraantal is opgenomen in de begroting van de Regio en wordt dus door de Regio betaald namens de gemeenten. De Regio draagt zorg voor de bezetting van de ambtelijke inzet in het kader van de belangenbehartiging van de deelregio door inzet van eigen personeel of in overleg vanuit een gemeente. De geleverde ambtelijke inzet komt vanuit de Regio of vanuit één van de gemeenten en wordt in dat geval in principe om niet geleverd. Voor de bezetting van de MRA directieoverleggen besluit het directieoverleg fysiek domein van Gooi en Vechtstreek over de afvaardiging. Deze inzet komt vanuit de Regio of vanuit een van de gemeenten en wordt in dat geval om niet geleverd. Het algemeen bestuur besluit, op advies van de portefeuillehoudersoverleggen fysiek domein of de Regio opteert voor bestuurlijk trekkerschappen van uitvoeringslijnen in de MRA agenda. De gemeente die een bestuurlijk trekker levert draagt ook zorg voor de ambtelijke inzet in de flexibele schil bij deze uitvoeringslijn, tenzij het algemeen bestuur hierover anders besluit. De werkafspraken MRA zijn te raadplegen op de website van de Regio.

Afnemende gemeenten: alle gemeenten Bijlage 2 Regionale Samenwerkingsagenda 2023 – 2026 In de Regionale Samenwerkingsagenda 2023 - 2026 zijn de regionale opgaven opgenomen waarvoor in de fase van beleidsvoorbereiding wordt samengewerkt. De raden hebben de Regionale Samenwerkingsagenda 2023 - 2026 op grond van artikel 7 van de regeling vastgesteld. Voor de ondersteunende en coördinerende taken van de Regio wordt verwezen naar de op de website van de Regio geplaatste Regionale Samenwerkingsagenda 2023 - 2026. 20

Bijlage 3 Register dienstverlening artikel 6 Dienstverlening Tot de dienstverlening als bedoeld in artikel 6 Gemeenschappelijke Regeling Regio Gooi en Vechtstreek behoren: GHOR: De coördinatie, aansturing en regie van de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen en de advisering van andere overheden en organisaties op dat gebied ten behoeve van: de Veiligheidsregio’s Gooi en Vechtstreek en Flevoland

Tot de diensten als bedoeld in artikel 6 Dienstverlening behoren: GHOR: De GHOR taken omvatten dDe coördinatie, aansturing en regie van de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen en de advisering van andere overheden en organisaties op dat gebied ten behoeve van: de Veiligheidsregio’s Gooi en Vechtstreek en Flevoland

Urgentiebureau Gooi en Vechtstreek: In de Regio Gooi en Vechtstreek hebben de Regiogemeenten de Regionale Huisvestingsverordening vastgesteld op grond waarvan woningzoekenden met een urgentie voorrang op een sociale huurwoning van een woningcorporatie kunnen krijgen. Het Urgentiebureau Gooi en Vechtstreek neemt aanvragen om urgentie voor woonruimte in behandeling. De Regionale Urgentiecommissie adviseert de Regiogemeente van de aanvrager over de urgentieaanvraag. De colleges van de Regiogemeenten hebben mandaat verleend aan de directeur van de Regio Gooi en Vechtstreek om te beslissen over aanvragen om urgentie voor woonruimte en het verlengen dan wel intrekken van de gelding van een urgentie. De directeur van de Regio Gooi en Vechtstreek heeft de manager Maatschappelijke Dienstverlening van de Regio Gooi en Vechtstreek ondermandaat verleend om te beslissen op aanvragen om urgentie voor woonruimte en aanvragen om het verlengen van de gelding van een urgentie voor woonruimte. Afnemende gemeenten: alle gemeenten

Urgentiebureau Gooi en Vechtstreek: In de Regio Gooi en Vechtstreek hebben de Regioraden gemeenten de regionale Huisvestingsverordening Gooi en Vechtstreek 2019 2024 vastgesteld op grond waarvan woningzoekenden met een urgentie voorrang op een sociale huurwoning van een woningcorporatie kunnen krijgen. Het Urgentiebureau Gooi en Vechtstreek neemt aanvragen om urgentie voor woonruimte in behandeling. De regionale urgentiecommissie adviseert het college van de Regiogemeente van de aanvrager over de urgentieaanvraag. De colleges van de Regiogemeenten hebben mandaat verleend aan de algemeen directeur van de Regio Gooi en Vechtstreek om te beslissen over aanvragen om urgentie voor woonruimte en het verlengen dan wel intrekken van de gelding van een urgentie. De algemeen directeur van de Regio Gooi en Vechtstreek heeft de manager Maatschappelijke Dienstverlening van de Regio Gooi en Vechtstreek ondermandaat verleend om te beslissen op aanvragen om urgentie voor woonruimte en aanvragen om het verlengen van de gelding van een urgentie voor woonruimte. Afnemende gemeenten: alle gemeenten

Toezicht op handhaving van kwaliteitseisen uit de Wet en het Besluit kinderopvang: De colleges van de Regiogemeenten hebben de directeur Publieke Gezondheid van de GGD Gooi en Vechtstreek aangewezen als toezichthouder op grond van de Wet kinderopvang. Het Team Toezicht Kinderopvang binnen de GGD Gooi en Vechtstreek is belast met het toezicht op de kwaliteitseisen die de Wet en het Besluit kinderopvang stellen aan kinderopvanginstellingen. Het Team Toezicht Kinderopvang voert verschillende soorten inspecties uit bij kinderopvanginstellingen aan de hand van een landelijke werkwijze.

Toezicht op handhaving van kwaliteitseisen uit de Wet en het Besluit kinderopvang: De colleges van de Regiogemeenten hebben de directeur Publieke Gezondheid van de GGD Gooi en Vechtstreek aangewezen als toezichthouder op grond van de Wet kinderopvang. Het Team Toezicht Kinderopvang binnen de GGD Gooi en Vechtstreek is belast met het toezicht op de kwaliteitseisen die de Wet en het Besluit kinderopvang stellen aan kinderopvanginstellingen. Het Team Toezicht Kinderopvang voert verschillende soorten inspecties uit bij kinderopvanginstellingen aan de hand van een landelijke werkwijze.

Afnemende gemeenten: alle gemeenten Afnemende gemeenten: alle gemeenten Toezicht op de naleving van de Wet maatschappelijke ondersteuning: De colleges van de Regiogemeenten hebben de directeur van de Regio Gooi en Vechtstreek gemandateerd om toezichthouders te benoemen die toezicht houden op de kwaliteit van verstrekte maatwerkvoorzieningen door aanbieders op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning te benoemen. De toezichthouders zijn samen met aanbieders verantwoordelijk voor de kwaliteit van voorzieningen. De toezichthouders verrichten onderzoek naar de kwaliteit van aanbieders. Daarnaast beoordelen de toezichthouders de meldingen van geweldsincidenten en

Toezicht op de naleving van de Wet maatschappelijke ondersteuningWmo 2015: Wmo-toezicht Gooi en Vechtstreek: De colleges van de Regiogemeenten hebben de algemeen directeur van de Regio Gooi en Vechtstreek gemandateerd om toezichthouders te benoemen die toezicht houden op de kwaliteit van verstrekte maatwerkvoorzieningen door aanbieders op basis van de Wmo 2015 et maatschappelijke ondersteuning te benoemen. De toezichthouders zijn samen met aanbieders verantwoordelijk voor de kwaliteit van voorzieningen. De toezichthouders verrichten onderzoek naar 21

calamiteiten en beslissen of nader onderzoek nodig is en wie dat uitvoert. Afnemende gemeenten: alle gemeenten

de kwaliteit van aanbieders. Daarnaast beoordelen de toezichthouders de meldingen van geweldsincidenten en calamiteiten en beslissen of nader onderzoek nodig is en wie dat uitvoert. Afnemende gemeenten: alle gemeenten en Eemnes

Werkgeversservicepunt Gooi en Vechtstreek: Per 1 januari 2021 is het Besluit SUWI (Structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen) gewijzigd waarin is bepaald dat arbeidsmarktregio’s zorg moeten gaan dragen voor een versterking van de regionale samenwerking, voor één gezamenlijk aanspreekpunt voor werkgevers, een Werkgeversservicepunt (WSP) in de regio en voor een gezamenlijk op te stellen uitvoeringsplan met een basispakket voor dienstverlening aan werkgevers. De Regio is benaderd om op basis van het uitvoeringsplan SUWI Gooi en Vechtstreek 2021-2024 arbeidsmarkt-gerelateerde diensten voortvloeiend uit de Participatiewet en/of SUWI uit te voeren. Afnemende gemeenten: alle gemeenten

Zorg- en Veiligheidshuis Gooi en Vechtstreek: Het fungeren als werkgever en uitvoeren van de beheerstaak. De beheerstaak heeft betrekking op de kassiersfunctie, ondersteuning van de bedrijfsvoering en bestuurlijke afstemming tussen gemeenten, informatie en communicatie, raadplegen functionaris gegevensbescherming en uitvoeren audits, personele zaken en archivering. De inhoudelijke sturing en verantwoordelijkheid ligt bij de Stuurgroep van het Zorg- en Veiligheidshuis Gooi en Vechtstreek. Afnemende gemeenten: alle gemeenten Visit Gooi & Vecht: Het verrichten van marketingactiviteiten en informatievoorziening om de regio Gooi en Vechtstreek te versterken als aantrekkelijke regio voor bezoek en recreatie. Afnemende gemeenten: alle gemeenten Consultatie en Adviesteam Het ondersteunen van wettelijk verwijzers als huisartsen, medisch specialisten en jeugdartsen en het bieden van inhoudelijk advies ten behoeve van de beoordeling tweede prestatie basis GGZ en specialistische GGZ.

Werkgeversservicepunt Gooi en Vechtstreek: Op 8 september 2017 hebben de gemeenten een bestuursopdracht verstrekt aan de Regio om per 1 januari 2018 de werkgeversdienstverlening structureel uit te voeren. Per 1 januari 2021 is het Besluit SUWI (Structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen) gewijzigd waarin is bepaald dat arbeidsmarktregio’s zorg moeten gaan dragen voor een versterking van de regionale samenwerking, voor één gezamenlijk aanspreekpunt voor werkgevers, een Werkgeversservicepunt (WSP) in de regio en voor een gezamenlijk op te stellen uitvoeringsplan met een basispakket voor dienstverlening aan werkgevers. De Regio is benaderd om op basis van het uitvoeringsplan SUWI Gooi en Vechtstreek 2021-2024 arbeidsmarkt-gerelateerde diensten voortvloeiend uit de Participatiewet en/of SUWI uit te voeren. Per 1 januari 2023 zijn aan deze diensten de regievoering en beleidsontwikkeling vanuit het Uitvoeringsprogramma Werk en Participatie 2022 - 2026 toegevoegd en is hiervoor het bestedingsplan SUWI 2023 - 2024 bijgesteld. Afnemende gemeenten: alle gemeenten en Eemnes Zorg- en Veiligheidshuis Gooi en Vechtstreek: De Regio Het fungeren fungeert als werkgever en voert de beheerstaak uit.

De beheerstaak gaat over heeft betrekking op de kassiersfunctie, de ondersteuning van de bedrijfsvoering en bestuurlijke afstemming tussen gemeenten, informatie en communicatie, het raadplegen van de functionaris gegevensbescherming en het uitvoeren audits, personele zaken en archivering. De inhoudelijke sturing en verantwoordelijkheid ligt bij de Stuurgroep van het Zorg- en Veiligheidshuis Gooi en Vechtstreek. Afnemende gemeenten: alle gemeenten Visit Gooi & Vecht: De taken van Visit Gooi & Vecht zijn het verrichten van marketingactiviteiten en het regelen van de informatievoorziening om de regio Gooi en Vechtstreek te versterken als aantrekkelijke regio voor bezoek en recreatie. Afnemende gemeenten: alle gemeenten en Stichtse Vecht

Afnemende gemeenten: alle gemeenten Consultatie en Adviesteam Het ondersteunen van wettelijk verwijzers als huisartsen, medisch specialisten en jeugdartsen en het bieden van inhoudelijk advies ten behoeve van de beoordeling tweede prestatie basis GGZ en specialistische GGZ. Afnemende gemeenten: alle gemeenten Exploitatie en registratie kinderopvanginstellingen GGD Gooi en Vechtstreek: Aan de Regio is de opdracht verstrekt om de afhandeling van aanvragen over exploitatie en vervolgens registratie van kindercentra en gastouderbureaus en de afdoening van rapporten zonder overtreding waaronder na nader onderzoek 22

of na het bieden van een herstelaanbod uit te voeren. Tevens is aan de Regio de opdracht verstrekt om de werkzaamheden over de afhandeling van aanvragen over exploitatie en vervolgens registratie in het Landelijk Register Kinderopvang en de afdoening van rapporten zonder overtreding waaronder na nader onderzoek of na het bieden van een herstelaanbod eenduidig en gestructureerd uit te voeren. Het Team Toezicht Kinderopvang is met deze werkzaamheden belast. Afnemende gemeenten: Blaricum, Laren en Hilversum Regionaal Expertteam Jeugd Gooi en Vechtstreek: De colleges hebben ingestemd met de vorming van het Regionaal Expertteam Jeugd Gooi en Vechtstreek. Het Regionaal Expertteam Jeugd Gooi en Vechtstreek is belast met de volgende taken: Het ondersteunen van wettelijk verwijzers zoals huisartsen, jeugdconsulenten en jeugdartsen; Het steekproefsgewijs toetsen van de onderbouwing van verlengingen van GGZ-behandelingen (Jeugd); Het inhoudelijk toetsen van de geldigheid van het beroep op vrijstelling van leerplichtontheffing; Het uitbrengen van zwaarwegend advies in complexe jeugdhulpcasuïstiek en ondersteuning bij de daar uit volgende procesregie. Toeleiding tot ernstig enkelvoudige dyslexie: Het gezamenlijk organiseren van de toeleiding tot ernstig enkelvoudige dyslexie (EED) en het bij een derde partij beleggen van de screeningstaak van dossiers. Afnemende gemeenten: alle gemeenten

Reisvaccinaties: Het informeren en adviseren van inwoners over reisvaccinaties en hun gezondheid op reis en het toedienen van vaccins. Afnemende gemeenten: alle gemeenten Voortzetting dienstverlening gebied Weesp: Na uittreding van de gemeente Weesp uit de Regio Gooi en Vechtstreek wordt de samenwerking met de gemeente Amsterdam voor het gebied Weesp op een aantal taakvelden voortgezet. Per taakveld is een dienstverleningsovereenkomst aangegaan waarin specifieke afspraken staan over onder andere het volume, de prijzen, tarieven en het overleg over de dienstverlening. Afnemende gemeente: Amsterdam

Aanvullende dienstverlening Jeugd en Gezin: Op basis van de Bestuursopdracht Jeugd en Gezin 2018-2022 verleent Jeugd en Gezin gebiedsgerichte dienstverlening, zodat maximaal wordt aangesloten bij de lokale situatie per gemeente. Dit heeft vorm gekregen in aanvullende dienstverlening in alle gemeenten. De omvang en duur van

Afnemende gemeenten: alle gemeenten Toeleiding tot ernstige enkelvoudige dyslexie Beleid en Bestuur Gooi en Vechtstreek: Het gezamenlijk organiseren van de toeleiding tot ernstig enkelvoudige dyslexie (EED) en het bij een derde partij beleggen van de screeningstaak van dossiers. De Regio is vanuit de zich daar bevindende kennis over ernstige dyslexie verantwoordelijk voor het onderhouden van het netwerk en de overlegstructuur over de toeleiding tot ernstige dyslexie. Afnemende gemeenten: alle gemeenten Reisvaccinaties GGD Gooi en Vechtstreek: De GGD Gooi en Vechtstreek is belast met het informeren en adviseren van inwoners over reisvaccinaties en hun gezondheid op reis en het toedienen van vaccins. Afnemende gemeenten: alle gemeenten en Eemnes Voortzetting dienstverlening stadsgebied Weesp: Na uittreding van de gemeente Weesp uit de Regio Gooi en Vechtstreek iswordt de samenwerking met de gemeente Amsterdam voor het stadshetgebied Weesp op een aantal taakvelden voortgezet. Per taakveld is een dienstverleningsovereenkomst aangegaan waarin specifieke afspraken staan over onder andere het volume, de prijzen, tarieven en het overleg over de dienstverlening. Afnemende gemeente: Amsterdam (onderdeel stadsgebied Weesp) Aanvullende dienstverlening Jeugd en Gezin Gooi en Vechtstreek: Op basis van de Bestuursopdracht Jeugd en Gezin 2018-2022 23

deze dienstverlening varieert per gemeente, waarbij uitgangspunt is dat de gemeente die de dienstverlening afneemt het (financiële) risico draagt. Afnemende gemeenten: alle gemeenten

Regionale aanpak jeugdwerkloosheid bij kwetsbare jongeren: Het kabinet heeft crisismiddelen aan de centrumgemeente Hilversum ter beschikking gesteld die bedoeld zijn voor een regionale aanpak jeugdwerkloosheid en de toeleiding naar werk van kwetsbare schoolverlaters. De Regio heeft een regionale werktafel opgericht om te zorgen voor een concreet actieplan en voor een effectieve besteding van de crisismiddelen voor een regionale aanpak van de jeugdwerkloosheid bij kwetsbare jongeren en dat een regiocoördinator wordt aangesteld om de samenwerking en afstemming tussen alle betrokken instanties te optimaliseren. Er wordt uitvoering gegeven aan het regionale actieplan jeugdwerkloosheid. Afnemende gemeenten: alle gemeenten Versterken verzuimbeleid en verzuimregistratie in voortgezet onderwijs: De gemeenten hebben vanwege de vergrote kans op uitval uit het onderwijs van (kwetsbare) jongeren door de coronacrisis financiële middelen ontvangen vanuit het Nationaal Programma Onderwijs om de gevolgen van de coronacrisis voor leerlingen in het voortgezet onderwijs op te vangen. De aanpak van schoolverzuim en schooluitval is een taak die bij het Regionaal Bureau Leerlingzaken (RBL) is belegd. Het RBL heeft de expertise om samen met de scholen het verzuimbeleid te evalueren en met de jeugdgezondheidszorg beginnend verzuim te signaleren en op te pakken.

Afnemende gemeenten: alle gemeenten Contractbeheer inburgering: Gemeenten zijn per 1 januari 2021 in het kader van de nieuwe Inburgeringswet verantwoordelijk voor het aanbod van taalonderwijs en begeleiding aan nieuwkomers. De hieruit voortvloeiende aanbesteding is regionaal belegd bij Inkoop en Contractbeheer Gooi en Vechtstreek. Inkoop en Contractbeheer Gooi en Vechtstreek voert voor de gemeenten het contractbeheer en -management over de inkoop van de inburgeringstrajecten uit en is verantwoordelijk voor de afhandeling van de declaraties en de nakoming van de contractuele afspraken. Afnemende gemeenten: alle gemeenten

Contractbeheer inkoop organisatie hoorplicht Wet verplichte ggz: In het kader van de Wet verplichte ggz kan de burgemeester een crisismaatregel opleggen. De burgemeester moet iemand voorafgaand aan een crisismaatregel zo mogelijk (laten) horen. De hoorplicht houdt in dat de betrokkene in de gelegenheid gesteld wordt om zijn of haar visie te geven op het rapport van de psychiater, die aan de burgemeester de

verleent Jeugd en Gezin Gooi en Vechtstreek verleent gebiedsgerichte dienstverlening, zodat maximaal wordt aangesloten bij de lokale situatie per gemeente. Dit heeft vorm gekregen in aanvullende dienstverlening in alle gemeenten. De omvang en duur van deze dienstverlening varieert per gemeente, waarbij uitgangspunt is dat de gemeente die de dienstverlening afneemt het (financiële) risico draagt. Afnemende gemeenten: alle gemeenten Regionale aanpak jeugdwerkloosheid bij kwetsbare jongeren Regionaal Bureau Leerlingzaken (RBL) Gooi en Vechtstreek: Het kabinet heeft crisismiddelen aan de centrumgemeente Hilversum ter beschikking gesteld die bedoeld zijn voor een regionale aanpak jeugdwerkloosheid en de toeleiding naar werk van kwetsbare schoolverlaters. De Regio heeft een regionale werktafel opgericht om te zorgen voor een concreet actieplan en voor een effectieve besteding van de crisismiddelen voor een regionale aanpak van de jeugdwerkloosheid bij kwetsbare jongeren en dat een regiocoördinator wordt aangesteld om de samenwerking en afstemming tussen alle betrokken instanties te optimaliseren. Er wordt uitvoering gegeven aan het regionale actieplan jeugdwerkloosheid door het RBL Gooi en Vechtstreek.

Afnemende gemeenten: alle gemeenten en Eemnes Versterken verzuimbeleid en verzuimregistratie in voortgezet onderwijs RBL Gooi en Vechtstreek: De gemeenten hebben vanwege de vergrote kans op uitval uit het onderwijs van (kwetsbare) jongeren door de coronacrisis financiële middelen ontvangen vanuit het Nationaal Programma Onderwijs om de gevolgen van de coronacrisis voor leerlingen in het voortgezet onderwijs op te vangen. De aanpak van schoolverzuim en schooluitval is een taak die bij het Regionaal Bureau Leerlingzaken RBL Gooi en Vechtstreek is belegd. Het RBL Gooi en Vechtstreek heeft de expertise om samen met de scholen het verzuimbeleid te evalueren en met de jeugdgezondheidszorg beginnend verzuim te signaleren en op te pakken. Afnemende gemeenten: alle gemeenten en Eemnes Contractbeheer inburgering Inkoop en Contractbeheer Gooi en Vechtstreek: Gemeenten zijn per 1 januari 2021 in het kader van de nieuwe Inburgeringswet verantwoordelijk voor het aanbod van taalonderwijs en begeleiding aan nieuwkomers. De hieruit voortvloeiende aanbesteding is regionaal belegd bij Inkoop en Contractbeheer Gooi en Vechtstreek. Inkoop en Contractbeheer Gooi en Vechtstreek voert voor de gemeenten het contractbeheer en -management over de inkoop van de inburgeringstrajecten uit en is verantwoordelijk voor de afhandeling van de declaraties en de nakoming van de contractuele afspraken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13809373/1