Wijchen-West 2023_Toelichting
Tekst van het document
De ontwateringsdiepte bij handhaving van huidig maaiveld is daarmee 0,5 m. In de toekomstige situatie ligt de gemiddelde maaiveldhoogte op ca NAP +7 m. Om aan de eisen voor ontwateringsdiepte te voldoen moet het toekomstig peil van de vloeren begane grond minimaal op NAP+7,10 m komen te liggen. De straten moeten minimaal op NAP +6,80 m en de groenvoorzieningen maximaal NAP +6,6 m komen te liggen.
blad 49 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
Het wordt aanbevolen om de grondwatermonitoring voort te zetten. De grondwater statistieken berekend op basis van een monitoring van één jaar. Relevantie voor bestemmingsplan In het bestemmingsplan zijn in de regels eisen opgenomen ten aanzien van water. De regels borgen dat een omgevingsvergunning enkel wordt verleend indien voldoende waterberging zijn gerealiseerd en in stand worden gehouden. Met deze regeling is de wijze van toetsing voor het aspect water geborgd.
4.6
Bedrijven en milieuzonering Toetsingskader Door het aanbrengen van een zone tussen bedrijvigheid en milieugevoelige bestemmingen (zoals woningbouw) kan de overlast ten gevolge van bedrijfsactiviteiten zo laag mogelijk gehouden worden. Zonering is met name van toepassing bij nieuwbouw van woningen en andere gevoelige functies in de directe omgeving van een bedrijf en bij vestiging van een nieuw bedrijf in de directe omgeving van gevoelige bestemmingen. Op basis van deVNG-brochure 'Bedrijven en Milieuzonering 2009' (hierna: VNG-brochure) wordt ondermilieugevoelige functies verstaan: woningen, woongebieden, ziekenhuizen, scholen enverblijfsrecreatie. Sommige functies kunnen zowel milieubelastend als milieugevoelig zijn (bijvoorbeeld ziekenhuizen en scholen). Vervolgens worden in de brochure, op basis van een aantal factoren (geur, stof, geluid en gevaar), richtafstanden genoemd tussen verschillende bedrijfstypen en omgevingstype'rustige woonwijk' of 'rustig buitengebied', waarmee gemeenten bij ruimtelijkeontwikkelingen rekening kunnen houden. Indien sprake is van het omgevingstype 'gemengd gebied', dan kunnen de richtafstanden – zonder dat dit ten koste gaat van het woon- enleefklimaat en het functioneren van bedrijven – met één afstandsstap worden verlaagd. Een 'gemengd gebied' is een gebied met matige tot sterke functiemenging.
In de onderstaande tabel worden de richtafstanden van de milieucategorieën ten opzichte van omgevingstype weergegeven. Tabel 4.3: Bedrijven en Milieuzonering richtafstanden
Beoordeling De voorgenomen ontwikkeling betreft de realisatie van circa 1.300 woningen in de gemeente Wijchen. De woningen worden gerealiseerd in de nabijheid van enkele reeds aanwezige bedrijven. De woningen zijn in deze de gevoelige objecten en de bedrijven de milieubelastende activiteiten in het kader van Bedrijven en milieuzonering.
blad 50 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
Rustige woonwijk / Gemengd gebied Het plangebied kan deels bestempeld worden als omgevingstype 'rustige woonwijk' en deels als 'Gemengd gebied'. Ten noorden van het plangebied is de Groenestraat gelegen daaraan zijn twee bedrijven gelegen. Een van de bedrijven komt in het kader van de ontwikkeling van Wijchen West te vervallen en een blijft behouden. De omgeving van het plangebied bestaat verder hoofdzakelijk uit agrarische gronden danwel woningen. Voor het merendeel van het plangebied geldt dan ook dat het bestempeld wordt als omgevingstype 'rustige woonwijk'. Voor het deel van het plangebied gelegen nabij de A326 geldt dat dit direct langs de hoofdontsluiting is gelegen en daarmeesprake is van een gemengd gebied. In het plangebied is een basisschool met kinderdagverblijf voorzien. Op basis van de VNG-publicatie geldt voor kinderopvang (milieucategorie 2) een maximale richtafstand van 30 meter voor het aspect geluid op grond van de gebiedskwalificatie 'rustige woonwijk'. Aangezien de exacte ligging van de basisschool met kinderdagverblijf nog niet bekend zijn, zal bij de verdere uitwerking rekening gehouden moeten worden dat er voldoende afstand tussen de verschillende functies is. Het bestemmingsplan biedt voldoende mogelijkheden om aan deze afstanden te voldoen. Aan de Groenestraat 15 is een aannemersbedrijf gevestigd in een woonbestemming met een functieaanduiding.
In de Staat van Bedrijfsactiviteiten staat een aannemersbedrijf weergegevens als milieucategorie 2. Conform de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' geldt voor dergelijke bedrijven een afstand tot gevoelige bestemmingen van 30 meter (gebaseerd op milieucategorie 2). Het perceel grenst direct aan de woningbouwontwikkeling. Derhalve wordt ter plaatse van de woningen niet voldaan aan de richtafstanden en is nader onderzoek benodigd. Nader onderzoek De specifieke situatie rondom het aannemersbedrijf is in een geluidsonderzoek opgenomen. Het geluidsonderzoek is opgenomen in Bijlage 20 bij de toelichting. Het onderzoek maakt de geluidbelasting van het aannemersbedrijf inzichtelijk en toetst het stedenbouwkundig plan. In het bestemmingsplan is de contour van de geluidbelasting opgenomen en een regeling die het mogelijk maakt, na akoestisch onderzoek en indien nodig het treffen in instandhouden van maatregelen, geluidgevoelige objecten binnen de contour te realiseren. Ten aanzien van het stedenbouwkundig plan geldt dat de woning ten oosten van het aannemers bedrijf niet direct inpasbaar is, echter laat het onderzoek zien dat diverse maatregelen tot een inpasbare woning leiden. Relevantie voor bestemmingsplan In het bestemmingsplan is geborgd dat de bedrijfsvoering van het aannemersbedrijf gevestigd aan de Groenstraat 15 niet beperkt wordt door de ontwikkeling van Wijchen West.
4.7
Externe veiligheid Toetsingskader De wet- en regelgeving rondom externe veiligheid is gericht op de beperking en beheersing van de risico's vanwege handelingen met gevaarlijke stoffen voor de omgeving. Dehandelingen kunnen zowel betrekking hebben op het gebruik, de opslag en productie van gevaarlijke stoffen als op het transport ervan. Het uitgangspunt is dat burgers voor deveiligheid van hun omgeving mogen rekenen op een minimum beschermingsniveau
blad 51 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
(plaatsgebonden risico). Daarnaast moet de kans op een groot ongeluk met meerdereslachtoffers (groepsrisico) worden afgewogen en verantwoord bij ruimtelijkeontwikkelingen binnen het invloedsgebied van een risicobron. Plaatsgebonden risico Het plaatsgebonden risico beschrijft de kans per jaar dat een onbeschermd individu komt te overlijden door een ongeval met gevaarlijke stoffen. Het plaatsgebonden risico wordtuitgedrukt in risicocontouren rondom de risicobron, waarbij de 10-6/jaar contour (kansvan 1 op 1 miljoen op overlijden) de maatgevende grenswaarde is. Groepsrisico Het groepsrisico beschrijft de kans dat een groep van 10 of meer personen gelijktijdig komt te overlijden ten gevolge van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Het groepsrisico geeft een indicatie van de maatschappelijke ontwrichting in geval van een ramp. Het groepsrisicowordt uitgedrukt in een grafiek, waarin het overlijden van een bepaalde groep (bijvoorbeeld 10, 100 of 1000 personen) wordt afgezet tegen de kans daarop. Voor het groepsrisico geldt geen harde norm, maar een orientatiewaarde die bij de verantwoording moet wordenbetrokken. Het beoordelingskader voor risicovolle inrichtingen wordt gevormd door het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi).
Aanvullend zijn op grond van het Vuurwerkbesluit en het Activiteitenbesluit milieubeheer veiligheidsafstanden geregeld die moeten worden aangehouden rond bepaalde inrichtingen die niet onder het Bevi vallen. Voor het vervoer van gevaarlijke stoffen geldt het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) en voor buisleidingen het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb). Beleidsvisie externe veiligheid Veilig wonen en het vestigen van risicovolle bedrijven of het vervoer van gevaarlijke stoffen gaan niet zomaar samen. Daarom is het ruimtelijk scheiden van dergelijke activiteiten noodzakelijk en wettelijk verplicht. De gemeentelijke beleidsvisie is bedoeld om duidelijkheid te geven aan burgers en bedrijven over hoe de gemeente omgaat met het ruimtelijk scheiden van risicovolle activiteiten en kwetsbare objecten. De visie geeft aan waar ontwikkelingen mogelijk zijn en onder welke voorwaarden. Beoordeling In het kader van het bestemmingsplan is een onderzoek externe veiligheid uitgevoerd, Bijlage 16. In de omgeving van het plangebied bevinden zich verschillende risicobronnen. De volgende risicobronnen zijn relevant in relatie tot het plangebied: Spoorlijn Den Bosch Diezebrug aansl.
– Ressen Noord (route 64) Hogedruk aardgastransportleiding A-505; Hogedruk aardgastransportleiding A-507; Hogedruk aardgastransportleiding A-524; Hogedruk aardgastransportleiding A-533; Hogedruk aardgastransportleiding A-664; Hogedruk aardgastransportleiding A-674; Propaantank inrichting T.J.H. Arts. Deze rapportage beschouwt het voornemen om een nieuwe wijk te realiseren in Wijchen-West. In het kader van de aanvraag is voor het plangebied het aspect externe veiligheid beschouwd. blad 52 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
Hogedruk aardgastransportleidingen (A-505, A-507, A-664 en A-674) Buiten langs het oostelijk deel van het plangebied lopen vier hogedruk aardgastransportleidingen. Deze leidingen hebben geen 10-6 plaatsgebonden risicocontour. Het plaatsgebonden risico levert daarmee geen belemmeringen op; Het groepsrisico van alle vier de leidingen bevindt zich in zowel de huidige als de toekomstige situatie onder de oriëntatiewaarde. Het groepsrisico van de leiding neemt in de toekomstige situatie niet toe; Bij een ruimtelijk besluit is artikel 12 van het Besluit externe veiligheid buisleidingen van toepassing. Hogedruk aardgastransportleidingen (A-524 en A-533) Door het plangebied lopen twee hogedruk aardgastransportleidingen. Deze leidingen hebben geen 10-6 plaatsgebonden risicocontour. Het plaatsgebonden risico levert daarmee geen belemmeringen op; Het groepsrisico van deze twee leidingen bevindt zich in zowel de huidige als de toekomstige situatie onder de oriëntatiewaarde. Het groepsrisico van de leiding neemt in de toekomstige situatie toe; Bij een ruimtelijk besluit is artikel 12 van het Besluit externe veiligheid buisleidingen van toepassing. Spoorlijn Den Bosch Diezebrug aansl. – Ressen Noord (route 64) De spoorlijn heeft een 10-6/jaar plaatsgebonden risicocontour van 0 meter. De spoorlijn doorsnijdt het plangebied, maar er is geen bebouwing direct naast het spoor bestemd.
Daarmee wordt voldaan aan de grens- en richtwaarden ten aanzien van het plaatsgebonden risico; De spoorlijn heeft geen plasbrandaandachtsgebied (PAG). Er gelden daarmee geen aanvullende eisen conform het Bouwbesluit; Het groepsrisico van de spoorlijn bevindt zich onder de oriëntatiewaarde en neemt ten gevolge van de ontwikkeling niet significant toe; Verantwoording van het groepsrisico is conform artikel 7 en 8 van het Besluit externe veiligheid transportroutes van toepassing. Bovengrondse propaantank De propaantank heeft een 10-6/jaar plaatsgebonden risicocontour van 10 meter. De PR 10-6-contour van de propaantank overlapt met het plangebied. Kwetsbare objecten zijn binnen de PR 10-6-contour niet toegestaan. Plasbrandaandachtsgebied Wanneer er substantiële hoeveelheden brandbare vloeistoffen over het spoor vervoerd worden kan er rondom een spoorlijn een plasbrandaandachtsgebied worden aangewezen conform de Regeling Basisnet. Voor de spoorlijn Den Bosch Diezebrug aansl. – Ressen Noord is conform de Regeling Basisnet geen plasbrandaandachtsgebied van toepassing. Dit betekent niet dat er geen plasbrand op kan treden. Bij een calamiteit met brandbare vloeibare stoffen kan een plasbrand ontstaan (een plas van brandende vloeistof). Het gevolg is een korte, maar extreme hittestraling. De omvang van het effect wordt bepaald door de oppervlakte van de plas.
blad 53 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
Een plasbrandaandachtsgebied reikt tot 30 meter vanaf de buitenste spoorstaaf. De bouwvlakken binnen de bestemming 'Woongebied' zijn op ten minste 30 meter afstand van het spoor gesitueerd. Hierdoor kunnen binnen 30 meter van de spoorlijn geen hoofdgebouwen worden gebouwd. De vlakken voor bijgebouwen zijn wel binnen 30 meter van het spoor gesitueerd. Het advies van de veiligheidsregio is opgenomen in Bijlage 17 van de toelichting. Verantwoording groepsrisico Verantwoording van het groepsrisico is voor de hogedruk aardgastransportleidingen en de transportroute verplicht. Bij de verantwoording wordt gekeken naar de scenario's, bronmaatregelen, zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid. Scenario's Het plangebied ligt binnen het invloedsgebied van zes hogedruk aardgastransportleidingen en een transportroute. Bij deze risicobronnen kan een plasbrand, een BLEVE (Boiling Liquid Expanding Vapour Explosion), een toxisch scenario of een fakkelbrand optreden. De gevolgen van deze scenario's zijn verschillend. In deze paragraaf worden de scenario's verduidelijkt. Gezien de afstand tot het plangebied is een plasbrand scenario niet relevant. BLEVE-scenario Een koude BLEVE ontstaat wanneer de ketelwagen met brandbaar gas bezwijkt waardoor er plotseling gas kan ontsnappen, dat na ontsteking ontploft.
Een warme BLEVE ontstaat door een (plas)brand in de nabijheid van een ketelwagen met bijvoorbeeld LPG. Door de hitte van de brand loopt de druk in een tankwagen hoog op, terwijl de sterkte van de metalen wand afneemt. Hierdoor kan de wand het begeven en de tank ontploffen. Toxisch scenario Een toxisch scenario ontstaat wanneer een tank (weg- of spoorvervoer) lek raakt en toxische stoffen ontsnappen. Toxische vloeistoffen kunnen verdampen waardoor een gaswolk ontstaat die over de omgeving uit kan waaien. Bij een deel van de aanwezige personen zal letaal letsel optreden door blootstelling aan de gaswolk. Bij de toxische scenario's zit er enige tijd tussen het ontstaan van het ongeval en het optreden van letsel bij aanwezigen. Daarbij is ook de duur van de blootstelling van invloed op de ernst van het letsel. De omvang, verplaatsingsrichting en verstrooiing van de gaswolk is mede afhankelijk van de weersgesteldheid op dat moment. Fakkelbrand Bij de hogedruk aardgastransportleiding kan een fakkelbrand ontstaan. Een fakkelbrand ontstaat wanneer door een externe beschadiging (bijvoorbeeld door graafwerkzaamheden) gas vrijkomt dat vervolgens ontsteekt. Wat volgt is een fakkelbrand die extreme hittestraling kan veroorzaken.
Het invloedsgebied van de gasleiding wordt bepaald door de druk en diameter van de leiding (de leidingen binnen het plangebied, A-524 en A-533, hebben een invloedsgebied van 545 meter). Hoogte van het groepsrisico Het groepsrisico van de hogedruk aardgastransportleidingen, de spoorlijn liggen en onder de oriëntatiewaarde en dit blijft zo na realisering van het plan. Bronmaatregelen De meest effectieve veiligheidsmaatregelen zijn maatregelen aan de risicobron zelf. In het blad 54 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
kader van het Basisnet zijn diverse veiligheidsmaatregelen getroffen. Deze maatregelen gelden ook als uitgangspunt voor de risicoberekening. De gemeente is niet bevoegd om aanvullende bronmaatregelen te eisen (voor zover dit technisch gezien al mogelijk is). Zelfredzaamheid Zelfredzaamheid is de mate waarin personen in staat zijn zichzelf (zonder hulp van buitenaf) in geval van een calamiteit in veiligheid te brengen. Het gewenste handelingsperspectief in geval van een calamiteit (schuilen en/of vluchten) is afhankelijk van het scenario. Gerichte risicocommunicatie met bewoners (bijvoorbeeld via NL-Alert) kan ertoe bijdragen dat alarmering sneller verloopt. Hierbij dient aan te worden gegeven wat het gewenste handelingsperspectief is (schuilen of vluchten) en op welke manier hieraan invulling kan worden gegeven. Op de website van de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid staan onder 'Gifwolk' instructies over wat te doen bij een ongeval met gevaarlijke stoffen. Het is aanbevelingswaardig om in instructies voor de gebruikers op te hangen die betrekking hebben op het handelingsperspectief bij een incident met gevaarlijke stoffen. Deze maatregel kan door de exploitant (en eventuele samenwerking met de Veiligheidsregio) worden uitgewerkt.
Mogelijkheden van zelfredzaamheid bij een BLEVE In het geval van een 'koude' BLEVE is er geen tijd om te vluchten en zullen alle personen (die zich onbeschermd buiten bevinden) in de directe omgeving slachtoffer worden. Buiten de 150 meter is schuilen in een gebouw of woning in beginsel de beste manier om de calamiteit te overleven. Echter, een koude BLEVE kan plaatsvinden zonder enige aankondiging vooraf. De omgeving zal dus verrast worden door het incident en zelfredzaamheid is niet aan de orde. Bij een warme BLEVE is er in principe tijd om te vluchten tot buiten het invloedsgebied van de weg en daar te schuilen (er is eerst brand en daarna volgt pas een explosie). Mogelijkheden van zelfredzaamheid bij een toxisch scenario Bij een calamiteit waarbij toxische gassen vrijkomen is zo snel mogelijk schuilen in een gebouw het voorkeurscenario. Bij een calamiteit met toxische gassen zit er enige tijd tussen het ontstaan van het ongeval en het optreden van letsel bij aanwezigen. Daarbij is ook de duur van de blootstelling van invloed op de ernst van het letsel. Snel reageren, naar binnen vluchten en ramen en deuren sluiten is bij dit scenario dus van belang. In geval van een calamiteit met toxische stoffen op de weg is het van belang dat de bebouwing bescherming biedt.
Van belang daarbij is dat - in dat geval - de (eventueel aanwezige) mechanische ventilatie centraal afgesloten kan worden (via een noodschakelaar). Dit voorkomt dat bij het optreden van een incident de ramen en deuren gesloten zijn, maar toch toxische stoffen via de ventilatie (versneld) tot het gebouw toetreden. Het is een goedkope maatregel die bij een calamiteit met giftige stoffen zeer effectief kan zijn. Onder de Omgevingswet dient een mechanisch ventilatiesysteem standaard te beschikken over een voorziening waarmee het systeem handmatig kan worden uitgeschakeld (artikel 4.124 Besluit bouwwerken leefomgeving). Mogelijkheden van zelfredzaamheid bij een fakkelbrand In het geval van een fakkelbrand is er geen tijd om te vluchten en zullen alle personen binnen de 100 procent-letaliteitscontour slachtoffer worden (deze zone bedraagt bij de buisleiding ter hoogte van het plangebied ongeveer 40 meter en reikt niet tot geplande bebouwing van het plangebied). Buiten deze zone is schuilen in een gebouw of woning in beginsel de beste manier om de calamiteit te overleven. Echter, dergelijke scenario's kunnen blad 55 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
optreden zonder enige aankondiging vooraf. De omgeving zal dus verrast worden door het incident en zelfredzaamheid is niet aan de orde. Interne vluchtwegen afstemmen op externe veiligheid Een calamiteit met gevaarlijke stoffen bij één van de risicobronnen zal vrijwel direct worden opgemerkt door de directe omgeving. Personen in de omgeving zijn daarbij direct gealarmeerd. Vervolgens dienen de interne vluchtwegen in het gebouw zodanig gesitueerd te zijn dat het mogelijk is aan de risicoluwe zijde te ontvluchten. Bij een fakkelbrand met secundaire branden is dit richting het zuiden. Bij een dreigende BLEVE is dit ook richting het zuiden. Externe vluchtwegen In sommige gevallen kan vluchten eveneens nodig zijn, in geval van een dreigende BLEVE of eventueel als reactie op secundaire branden. De bestaande infrastructuur rond het plangebied biedt voldoende mogelijkheden om de omgeving meerzijdig (naar de risicoluwe zijde) te ontvluchten. Omdat het bestemmingsplan nog aan veranderingen onderhevig is, zijn er momenteel geen externe vluchtwegen aan te wijzen. In het kader van externe veiligheid is van belang dat er bij het verder opstellen van het bestemmingsplan rekening wordt gehouden met vluchtroutes in relatie tot benoemde risicobronnen.
Beperkt zelfredzame groepen Binnen het plangebied worden geen specifieke functies mogelijk gemaakt die de aanwezigheid van groepen beperkt zelfredzame personen faciliteren. Bestrijdbaarheid Bij bestrijdbaarheid dient rekening gehouden te worden met de volgende aandachtspunten bij de drie scenario's: BLEVE scenario Belangrijk voor een ongeval met brandbare gassen (in combinatie met brandbare vloeistoffen) is dat de brandweer zo snel mogelijk ter plaatse van de calamiteit is, zodat de gevolgen van de 'warme' BLEVE bestreden kunnen worden. Tussen de calamiteit en de expansie zit, een korte periode, waarbinnen de brandweer de tijd heeft om de tankwagen te koelen en de druk weggenomen kan worden. De brandweer heeft hier voor langere periode voldoende bluswatercapaciteit voor nodig (primaire, secundaire en eventueel tertiaire bluswatervoorziening). De directe effecten van een 'koude' BLEVE zijn niet te bestrijden, omdat bij een calamiteit met enkel brandbare gassen de tankwagen meteen expandeert, maar secundaire branden dienen wel bestreden te worden. Toxisch scenario Bij een ongeval met toxische gassen en vloeistoffen kan de brandweer, afhankelijk van de stofintensiteit en het groeiscenario, optreden door de gaswolk neer te slaan of te verdunnen/op te nemen met water. De Veiligheidsregio heeft aparte protocollen voor het bestrijden van incidenten met gevaarlijke stoffen op de weg.
Fakkelbrand In geval van een fakkelbrand spuit aardgas onder hoge druk uit de leiding. Voor de brandweer bestaat geen bestrijdingsstrategie om de bron te doven. Gasunie zal op afstand de leiding afsluiten waarna het gas tussen de inblokking moet opbranden en de fakkelbrand na verloop van tijd dooft. De rol van de brandweer beperkt zich tot het afzetten van de omgeving, zo mogelijk het redden van slachtoffers, het koelen van panden in de omgeving en het bestrijden van secundaire branden. Bereikbaarheid blad 56 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
De brandweer Wijchen-Heumen heeft een kazerne aan de Bronckhorstlaan 5. De ontsluitingswegen van de zijn goed bereikbaar voor de brandweer. Verdere bereikbaarheid binnen het plangebied is afhankelijk van de exacte invulling van het bestemmingsplan. Relevantie voor bestemmingsplan De propaantank bij de inrichting van T.J.H. Arts heeft een 10-6/jaar plaatsgebonden risicocontour van 10 meter. De PR 10-6-contour van de propaantank overlapt met het plangebied. Kwetsbare objecten zijn binnen de PR 10-6-contour niet toegestaan.
4.8
Verkeer en parkeren Beoordeling In het kader van de ontwikkeling van Wijchen West is een verkeersonderzoek uitgevoerd, Bijlage 18. Aan de noordzijde van het plangebied ligt op enige afstand de A326 met een directe aansluiting op de A50. Aan de westzijde loopt de N845 (Drutenseweg) direct langs het plangebied Wijchen-West. Aan de andere zijden wordt het nieuwe woongebied begrenst door de Hernenseweg / Groenestraat, de Randweg Noord - Westerdreef en de Ravensteinseweg. Langs de Randweg Noord - Westerdreef en de Ravensteinseweg liggen vrijliggende fietspaden die verbonden zijn met een groter netwerk van fietsroutes. Ook aan de zuidzijde van de spoorlijn ligt een belangrijke fietsroute die in oostelijke richting aansluit op de hoogwaardige fietsroute tussen station Wijchen en Nijmegen. Het adviesbureau Goudappel heeft voor de ontwikkeling van Wijchen- West een analyse uitgevoerd naar de verkeerseffecten als gevolg van de beoogde woningbouw. Hierbij zijn verschillende ontsluitingsvarianten beschouwd en wordt ingegaan op de kwaliteit van de verkeersafwikke- ling op kruispuntniveau. Verkeer Nieuwe functies genereren verkeer. Bewoners en bezoekers van de te realiseren woningen genereren een bepaalde hoeveelheid verkeer als gevolg van de verplaatsingen die ze maken. Bewoners gaan naar het werk, doen boodschappen en krijgen familie en vrienden op bezoek.
Ook is er sprake van bezorgend en/of verzorgend verkeer (vuilnisauto's, bezorging van boodschappen of anderszins etc.). Deze verplaatsingen worden (deels) per auto gemaakt. Met behulp van CROW-kencijfers uit publicatie 381: 'Toekomstbestendig parkeren' (december 2018) is de verkeersgeneratie van de te ontwikkelen woningen in kaart gebracht. De verkeersgeneratie bestaat uit een optelling van de verkeersproductie (vertrekkend verkeer) en -attractie (aankomend verkeer). De totale verkeersgeneratie van de woningbouwopgave bestaande uit circa 1.300 woningen bedraagt ruim 8.700 motorvoertuigen (mvt) per etmaal op een gemiddelde weekdag (ruim 9.600 mvt/etmaal op een gemiddelde werkdag). Om het verkeer af te wikkelen zijn een drietal locaties aangewezen waar de ontsluiting van Wijchen West gaat komen. Ten eerste is een ontsluiting voorzien op de Groenestraat ter hoogte van de op- en afritten van de A326. Ten tweede is een ontsluiting voorzien op de Randweg Noord ter hoogte van de Kraaijenberg. Ten derde is een ontsluiting voorzien op de
blad 57 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
Ravensteinseweg ten oosten van de Vormerse Plas.
Figuur 4.4: Ontsluitingen Wijchen West (rood = hoofdontsluiting, oranje = calamiteiten ontsluiting) Het verkeersonderzoek laat zien dat mits, het kruispunt Hermenseweg – A326 opnieuwd wordt ingericht en op de rotonde Groenestraat – Hernenseweg een by pass wordt voorzien, er voldoende capaciteit op de wegvakken is om de verkeersstromen te verwerken. Parkeren Het parkeerbeleid in Wijchen bestaat uit de 'Parkeervisie Wijchen' en de 'Beleidsregels parkeernormen Wijchen'. De beleidsregels voor parkeernormen in Wijchen zijn in 2024 geactualiseerd om adequaat in te spelen op de huidige en toekomstige parkeerbehoefte. De gemeente Wijchen hanteert normen waarbij specifiek naar de locatiekenmerken wordt gekeken. Zo wordt de mate van stedelijkheid en het dubbelgebruik beschreven. In het Voorlopig Ontwerp Stedenbouwkundig Plan (VOSP) is ruimte gereserveerd voor parkeerplaatsen. Met het aantal gereserveerde parkeerplaatsen wordt voldaan aan de parkeernorm. In het bestemmingsplan is opgenomen dat een omgevingsvergunning voor bouwen enkel wordt verleend indien wordt voorzien in voldoende parkeerplaatsen. Middels de regeling is geborgd dat voldoende parkeerplaatsen worden voorzien. Relevantie voor bestemmingsplan
blad 58 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
In het bestemmingsplan zijn de punten waar de ontsluiting van Wijchen West gaat plaatsvinden geborgd door een functieaanduiding ontsluiting op te nemen. Tevens is een flexibiliteitsregeling opgenomen om ontsluiting van maximaal 30 woningen ook op andere locaties mogelijk te maken. Daarnaast geldt voor het aspect parkeren dat er een koppeling is gemaakt met de omgevingsvergunning voor bouwen, waarmee de daadwerkelijke realisatie van de parkeerplaatsen geborgd is.
4.9
Geluid Toetsingskader In de Wet geluidhinder (verder Wgh) zijn geluidbronnen aangewezen. Deze geluidbronnen zijn voorzien van een geluidzone. Per bronsoort zijn voorkeurswaarden en maximale ontheffingswaarden opgenomen. Deze waarden gelden voor woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen binnen de zone. Andere geluidgevoelige bestemmingen zijn onder andere scholen, kinderopvang, ziekenhuizen en verzorgingstehuizen. Het plangebied heeft te maken met geluidbelasting ten gevolge van wegverkeer, railverkeer, en industrielawaai. De geluidzone van het gezoneerde industrieterrein Loonse Waard (industrielawaai) ligt in de uiterste zuidwesthoek van het plangebied, maar ligt niet over de geprojecteerde woningen. Deze zone legt daarom geen beperkingen op aan woningbouw in Wijchen-West. Voor wegverkeerslawaai en spoorweglawaai is onderzoek verricht. Beoordeling In het kader van de ontwikkeling van Wijchen West is een akoestisch onderzoek uitgevoerd (Bijlage 19). Rondom en in het plangebied bevinden zich diverse geluidbronnen: ten noorden van het plangebied zijn de A326 en Hernenseweg gelegen, ten oosten van het plangebied is de Randweg Noord gelegen, ten zuiden van het plangebied is de Ravensteinseweg gelegen, ten westen van het plangebied is de N845 gelegen. Tevens loopt door het plangebied de spoorverbinding Nijmegen – Den Bosch door het plangebied.
De geluidcontouren van deze geluidbronnen liggen over delen van het plangebied. Onderstaand zijn voor de verschillende geluidbronnen de geluidcontouren weergegeven zonder rekening te houden met geluidreducerende maatregelen. De rode vlakken zijn gelegen boven de maximale ontheffingswaarde, de gele vlakken zijn gelegen tussen de voorkeursgrenswaarde en de maximale ontheffingswaarde, de groene vlakken zijn gelegen onder de voorkeursgrenswaarde.
Figuur 4.5: Geluidbelasting A326
blad 59 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
Figuur 4.6: Geluidbelasting Hernenseweg
Figuur 4.7: Geluidbelasting Groenestraat
Figuur 4.8: Geluidbelasting N845
blad 60 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
Figuur 4.9: Geluidbelasting Randweg Noord
Figuur 4.10: Geluidbelasting Ravensteinseweg
Figuur 4.11: Geluidbelasting spoor Woningbouw is direct mogelijk op locaties waar de geluidbelasting voor alle bronnen onder de voorkeursgrenswaarde ligt. Voor locaties waar de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden dient naar maatregelen gekeken te worden. Bij het treffen van maatregelen wordt in eerste instantie gekeken naar bronmaatregelen, denk daarbij aan stil asfalt of dempers op het spoor. Vervolgens wordt gekeken naar overdrachtsmaatregelen, denk blad 61 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
daarbij aan geluidsschermen. Tot slot wordt gekeken naar maatregelen bij de ontvanger, denk daarbij aan isolatie van de woning. Gezien de vele geluidbronnen en hoge geluidbelasting zijn in grote delen van het plangebied maatregelen benodigd om woningen te kunnen realiseren. Echter is de ontwikkeling van Wijchen West nog niet concreet genoeg om de exacte maatregelen vast te kunnen leggen. Om de geluidbelasting en daarmee een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te kunnen garanderen is dan ook een regeling opgenomen in de planregels om het realiseren en in stand houden van geluidmaatregelen af te dwingen voordat bewoning is toegestaan. Uit reconstructieonderzoek blijkt dat voor verschillende standplaatsen aan de Ravensteinseweg sprake is van een toename van de geluidbelasting van meer dan 1,5 dB en daarmee sprake is van een reconstructieeffect. Ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening worden hier geluidswerende maatregelen getroffen om geluidshinder door de extra verkeersbewegingen tegen te gaan. Hogere waarden In het akoestisch onderzoek is op basis van het VOSP bepaald hoeveel hogere waarden nodig zijn. Dit bestemmingsplan is opgesteld met gebruikmaking van de Crisis- en herstelwet. Daarom neemt het college geen afzonderlijk besluit over de hogere waarden, maar zijn de hogere waarden opgenomen in de planregels van het bestemmingsplan.
Omdat de verkaveling van Wijchen West nog niet definitief vastligt, is in het akoestisch onderzoek gewerkt met algemene categorieën van hogere waarden en is bepaald hoeveel hogere waarden per geluidbron nodig zijn. Daarbij is een marge aangehouden, zodat voldoende hogere waarden beschikbaar zijn voor de nieuwe woningen en er nog flexibiliteit bestaat bij de verdere planuitwerking. Relevantie voor bestemmingsplan In het bestemmingsplan zijn in de regels eisen opgenomen ten aanzien van geluid. De regels borgen dat een omgevingsvergunning enkel wordt verleend als akoestisch onderzoek is verricht en eventueel benodigde akoestische maatregelen zijn gerealiseerd en in stand worden verricht. De hogere waarden zijn opgenomen in de planregels. Tevens is in het bestemmingsplan opgenomen hoeveel hogere waarden er per geluidsbron en per categorie geluidbelasting beschikbaar zijn, hiermee wordt het aantal woningen met een hoge geluidbelasting gelimiteerd. Met deze regeling is de wijze van toetsing voor het aspect geluid geborgd.
4.10
Trillingen Toetsingskader Voor trillingen geldt geen wetgeving. Wel is in mei 2019 door het ministerie van I&W de Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen gepubliceerd. Deze handreiking bevat handvatten voor de beoordeling van mogelijke trillingseffecten op plannen in de omgeving van het spoor. In de basis hanteert de Handreiking de toetsingscriteria die voorheen ook werden toepast, te weten de beoordelingscriteria zoals opgenomen in de publicatie van de Stichting Bouw Research: Trillingsrichtlijn SBR. Voor de beoordeling van de in dit onderzoek geprognoticeerde trillingsniveaus zijn derhalve de toetsingscriteria uit de SBR Trillingsrichtlijn gehanteerd. Er is hiertoe gebruik gemaakt van de in 2002 door de Stichting Bouwresearch (SBR) gepubliceerde richtlijn deel B. Dit deel gaat over het meten en
blad 62 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
beoordelen van trillingen met het oog op mogelijke Hinder voor Personen. Onder hinder voor mensen in gebouwen wordt in deze richtlijn verstaan: Waarneming van trillingen waardoor verstoring kan optreden van activiteiten of processen die rust en/of concentratie behoeven; Waarneming van trillingen met een zodanige sterkte dat bepaalde activiteiten fysiek worden belemmerd of verstoord. In genoemde richtlijn zijn streefwaarden gedefinieerd voor het Veff,max (de hoogst optredende trillingssterkte) en het Vper (tijdsgemiddelde trillingsniveau) . Beoordeling In het kader van het bestemmingsplan is een trillingsonderzoek uitgevoerd (Bijlage 21). Het indicatief berekende Veff,max is in onderstaande afbeelding weergegeven in de vorm van contouren en op een aantal rekenpunten op de grond van het plangebied. In de resultaten is de invloed van fundering en versterking in de vloeren meegerekend. Het Veff,max wordt bepaald door langsrijdende goederen treinen. Passages kunnen in zowel de dag-, avond- als nachtperiode voorkomen. In de afbeelding zijn de volgende waarden weergegeven:
Figuur 4.12: trillingen in plangebied Uit de resultaten volgt dat het (indicatief bepaalde) trillingsniveau Veff,max voor een groot deel (binnen 90 meter tot de rand van de buitenste spoorstaaf) van het plan naar verwachting hoger is dan streefwaarde A1 van 0,1 volgens de SBR richtlijn deel B (geel en blauwe vlak). Indien het toch gewenst/ nodig is om woningbouw binnen het gele en/of blad 63 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
blauwe gebied mogelijk te maken dan is er nadere aandacht voor het aspect trillingen nodig, waaronder metingen ter plaatse. Nader onderzoek is benodigd voor woningbouw in de blauwe zone. Relevantie voor bestemmingsplan In het bestemmingsplan zijn eisen opgenomen ten aanzien van trillingen. De regels borgen dat een omgevingsvergunning enkel wordt verleend indien nader onderzoek trillingen is uitgevoerd en eventueel benodigde maatregelen zijn gerealiseerd en in stand worden gehouden.
4.11
Luchtkwaliteit Toetsingskader Hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer (titel 5.2 Luchtkwaliteitseisen, ook wel bekend als de 'Wet luchtkwaliteit') bevat de regelgeving op het gebied van luchtkwaliteit. In de Wetmilieubeheer zijn luchtkwaliteitseisen opgenomen voor diverse verontreinigende stoffen, waaronder stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10). In artikel 5.16 van de Wetmilieubeheer is vastgelegd dat bestuursorganen bevoegdheden (zoals het vaststellen van een bestemmingsplan) mogen uitoefenen wanneer sprake is van één of meer van devolgende gevallen: a. b. c.
er is geen sprake van een (dreigende) overschrijding van de grenswaarden; de concentratie van de desbetreffende stoffen in de buitenlucht verbetert of blijft tenminste gelijk; het plan draagt 'niet in betekenende mate' bij aan de concentratie van de desbetreffende stoffen in de buitenlucht;d. de ontwikkeling is opgenomen in een vastgesteld programma, zoals het NationaalSamenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL).
Niet in betekenende mate Een nadere uitwerking van de regelgeving met betrekking tot het begrip 'niet in betekendemate' is vastgelegd in het 'Besluit niet in betekende mate' en de 'Regeling niet in betekenende mate'. Als regel geldt dat projecten die minder dan 3% van de grenswaarde voor NO2 enPM10 bijdragen (3% van 40 µg/m3 oftewel 1,2 µg/m3) als 'niet in betekenende mate' kunnen worden aangemerkt. Voor deze projecten kan een toetsing aan de grenswaarden dusachterwege blijven. In de Regeling zijn categorieën van gevallen benoemd die in ieder geval als 'niet in betekenende mate' worden aangemerkt. Voor woningbouwlocaties geldt dat deze 'niet in betekenende mate' bijdragen als sprake is van minder dan 1.500 woningen bij één ontsluitingsweg of minder dan 3.000 woningen bij twee gelijkwaardige ontsluitingswegen. Besluit gevoelige bestemmingen In aanvulling op de Wet milieubeheer en het 'Besluit niet in betekenende mate' geldt het Besluit gevoelige bestemmingen. Het Besluit gevoelige bestemmingen richt zich op de bescherming van mensen met een verhoogde gevoeligheid voor fijnstof en stikstofdioxide: met name kinderen en ouderen.
Indien een 'gevoelige bestemming' (zoals een school,kinderdagverblijf of verzorgingstehuis) wordt gerealiseerd binnen de onderzoekszone van een rijksweg (300 meter vanaf de rand van de weg) of een provinciale weg (50 meter vanaf de rand van de weg) is altijd – ook als het initiatief 'niet in betekenende mate' bijdraagt –een toetsing aan de grenswaarden nodig. Als blijkt dat er geen sprake is van een (dreigende) overschrijding van grenswaarden, mogen de 'gevoelige objecten' worden gerealiseerd binnen de onderzoekszone.
blad 64 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
Beoordeling In het kader van het bestemmingsplan is een onderzoek luchtkwaliteit uitgevoerd (Bijlage 22). Onderstaand zijn de resultaten en de belangrijkste conclusies weergegeven. Het voorgenomen plan betreft de ontwikkeling van Wijchen-West te Wijchen. Dit nieuwbouwproject bestaat uit circa 1.300 woningen en enkele andere functies. Stikstofdioxide (NO2 ) De jaargemiddelde concentraties NO2 zijn berekend ter plaatse van diverse beoordelingspunten in de omgeving. De hoogst berekende jaargemiddelde concentraties NO2 ter plaatse van de te beoordelen locaties bedragen maximaal 16,1 µg/m3. Uit de berekende jaargemiddelde concentraties NO2 blijkt dat deze onder de grenswaarden voor de jaargemiddelde concentratie NO2 liggen (40 µg/m3 ). De grenswaarde voor de uurgemiddelde concentratie NO2 mag maximaal 18 keer per jaar worden overschreden. Uit de berekeningen blijkt dat deze grenswaarde in geen van de onderzochte situaties meer dan 18 keer wordt overschreden. Fijnstof (PM1 0) De jaargemiddelde concentraties PM1 0 zijn berekend ter plaatse van diverse beoordelingspunten in de omgeving. De hoogst berekende jaargemiddelde concentraties PM10 ter plaatse van de te beoordelen locaties bedragen maximaal 15,5 µg/m3. Uit de berekende jaargemiddelde concentraties PM1 0 blijkt dat deze onder de grenswaarden voor de jaargemiddelde concentratie PM1 0 liggen (40 µg/m3 ).
De grenswaarde voor de uurgemiddelde concentratie PM1 0 mag maximaal 35 keer per jaar worden overschreden. Uit de berekeningen blijkt dat deze grenswaarde in geen van de onderzochte situaties meer dan 35 keer wordt overschreden. Fijnstof (PM2,5) De jaargemiddelde concentraties PM2,5 zijn berekend ter plaatse van diverse beoordelingspunten in de omgeving. De hoogst berekende jaargemiddelde concentraties PM2,5 ter plaatse van de te beoordelen locaties bedragen maximaal 8,9 µg/m3. Uit de berekende jaargemiddelde concentraties PM2,5 blijkt dat deze onder grenswaarden voor de jaargemiddelde concentratie PM2,5 liggen (25 µg/m3 ). Relevantie voor bestemmingsplan Op basis van de resultaten kan worden geconcludeerd dat de concentraties ruim onder de maatgevende grenswaarden voor deze stoffen liggen en naar verwachting in de toekomst steeds verder zullen dalen. Aannemelijk is dat het plan niet leidt tot een overschrijding van de grenswaarden zoals gesteld in bijlage 2 van de Wm. Er is daartoe sprake van een goede ruimtelijke ordening. De luchtkwaliteit staat op grond van artikel 5.16, lid 1 onder a verdere besluitvorming niet in de weg.
blad 65 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
4.12
Vormvrije m.e.r.-beoordeling Toetsingskader In Nederland is het verplicht voor ontwikkelingen met mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen een zogenaamde m.e.r.-procedure te doorlopen en een milieueffectrapportage (MER) op te stellen. De procedure van een milieu-effectrapportage (m.e.r.) is bedoeld om het milieubelang volwaardig en vroegtijdig in de plan- en besluitvorming in te brengen. Een m.e.r. is gekoppeld aan een plan of besluit, bijvoorbeeld een structuurvisie, een bestemmingsplan of een vergunning. Of en zo ja welke verplichtingen gelden ten aanzien van een m.e.r. is vastgelegd in Hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer en het Besluit m.e.r. Hierin wordt onderscheid gemaakt in m.e.r. (een uitgebreide procedure) en m.e.r.-beoordeling (een lichtere procedure). Binnen de m.e.r.-beoordeling wordt onderscheid gemaakt in een vormvrije m.e.r.-beoordeling (als de activiteit beneden drempelwaarden blijft) en een m.e.r.-beoordeling (niet vorm-vrij) (als de activiteit drempelwaarden overschrijdt). Inhoudelijk zijn er geen verschillen. Vanuit twee sporen kan sprake zijn van verplichtingen ten aanzien van een m.e.r.: 1. 2.
Op basis van toetsing aan het Besluit m.e.r.; Op basis van toetsing aan de Wet Natuurbescherming.
M.e.r. procedure Een m.e.r. procedure geldt voor (grotere) activiteiten waar op voorhand belangrijke negatieve milieueffecten worden verwacht. In een milieueffectrapport (MER) worden de effecten van de activiteit onderzocht en beoordeeld, wordt onderzocht of er alternatieven bestaan die op zelfde wijze aan het doel voldoen, maar mogelijk minder negatieve milieueffecten hebben en wordt onderzocht of er maatregelen mogelijk zijn om negatieve effecten te voorkomen dan wel te verminderen (mitigatie). De m.e.r.-procedure bestaat uit verschillende stappen en producten. De procedure is openbaar. Voorafgaand aan het MER wordt de gelegenheid gegeven om reactie te geven op wat in het MER moet worden onderzocht en op welke manier (reikwijdte en detailniveau). Na afronding van het MER mag een reactie worden gegeven over de volledigheid en juistheid van het MER. Ook wordt het MER getoetst door de onafhankelijke Commissie m.e.r. M.e.r.-beoordeling Bij een m.e.r.-beoordeling ligt het besluit of een m.e.r.-procedure doorlopen moet worden niet bij wet vast, maar moet het bevoegd gezag dit besluiten. Dit op basis van een afweging of sprake is van te verwachten belangrijk negatieve milieueffecten.Hiervoor wordt meestal een document opgesteld met een beschrijving van de activiteit, beschrijving van de locatie en de aanwezige milieuwaarden en een beschrijving van de verwachten milieueffecten.
Dit meestal op basis van al beschikbare informatie, zonder uitgebreide aanvullende onderzoeken. Anders dan bij m.e.r. procedure hoeft in een m.e.r.-beoordeling ook geen alternatievenonderzoek plaats te vinden. Onderzoek naar mitigatie mogelijkheden mag, maar hoeft niet. Anders dan bij m.e.r. procedure kent de m.e.r.-beoordeling veel minder procedurele stappen en eisen. Er hoeft geen inspraak op en toets van de m.e.r.-beoordeling plaats te vinden. Een m.e.r.-beoordeling kent daarom een kortere doorlooptijd dan een m.e.r. procedure. Beoordeling De vormvrije m.e.r.-beoordeling is opgesteld en bijgevoegd als Bijlage 23, onderstaand zijn de belangrijkste resultaten weergegeven. De aanleg, wijziging of uitbreiding van een blad 66 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
stedelijk ontwikkelingsproject is opgenomen in onderdeel D onder 11.2. Voor dergelijke ontwikkelingen gelden de volgende drempelwaarden: 1. 2. 3.
een oppervlakte van 100 hectare of meer; een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat, of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer.
Met het bestemmingsplan 'Wijchen-West 2023' worden circa 1.300 woningen en een basisschool met kinderdagverblijf gerealiseerd. Hiermee ligt de beoogde ontwikkeling ver onder de genoemde drempelwaarden. Omdat de ontwikkeling in onderdeel D van het Besluit m.e.r. voorkomt, moet tevens bekeken worden of sprake is van belangrijke negatieve effecten voor het milieu die de uitvoering van een m.e.r. noodzakelijk maken. Alle mogelijke milieugevolgen van de activiteiten die voorliggend bestemmingsplan mogelijk maakt zijn beoordeeld in het kader van onderhavig bestemmingsplan. Geen van de aspecten hebben significant negatieve milieugevolgen tot gevolg, waarmee geen formele m.e.r. procedure doorlopen hoeft te worden. Relevantie voor bestemmingsplan Uit de vormvrije m.e.r.-beoordeling blijkt dat geen sprake is van bijzondere omstandigheden ten aanzien van kenmerken en locatie van het bestemmingsplan 'Wijchen-West 2023', die zouden kunnen leiden tot belangrijke nadelige milieueffecten. Voor de meeste milieuaspecten geldt dat er geen effecten optreden, dan wel dat deze effecten met mitigerende en/of compenserende maatregelen worden beperkt, zodat voldaan wordt aan de geldende wet- en regelgeving. Concluderend kan gesteld worden dat de voorgenomen ontwikkeling niet leidt tot belangrijk nadelige milieueffecten.
Nader onderzoek is niet noodzakelijk en er is ook geen reden tot het uitvoeren van een m.e.r.-procedure.
blad 67 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
blad 68 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
Hoofdstuk 5
5.1
Juridische aspecten
Plansystematiek Een bestemmingsplan regelt de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden van de gronden in het plangebied. Alleen de regels en de verbeelding zijn juridisch bindend. De plantoelichting bevat de onderbouwing, achtergronden, onderzoeken en motieven van het plan. Doel van het bestemmingsplan Het bestemmingsplan 'Wijchen-West 2023' heeft tot doel om de ontwikkeling van Wijchen-West tot nieuw woongebied mogelijk te maken. Het bestemmingsplan maakt de bouw van circa 1.300 woningen, een basisschool en een kinderopvang mogelijk, met daarbij behorende (ontsluitings)wegen, groenvoorzieningen en watergangen. Bij het opstellen van het bestemmingsplan is aansluiting gezocht bij de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening. Gestreefd is naar uniformering en standaardisering van bestemmingen en planregels. Daarom is voor de inhoud van de planregels aangesloten bij de standaardregels die de gemeente Wijchen hanteert in alle nieuwe bestemmingsplannen. Het bestemmingsplan voldoet aan de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP2012). Globale plansystematiek De Wet ruimtelijke ordening biedt mogelijkheden voor het opstellen van verschillende bestemmingsplanvormen, van zeer gedetailleerd tot zeer globaal. De ontwikkeling van Wijchen-West gaat uit van de bouw van circa 1.300 woningen en heeft een lange looptijd. Daarom is gekozen voor een globale planopzet.
In de bestemming 'Woongebied' is niet exact vastgelegd waar woningen worden gebouwd en waar wegen en groenvoorzieningen worden gerealiseerd, maar is ruimte voor verschillende stedenbouwkundige invullingen. Het bestemmingsplan legt de kaders vast waarbinnen deze invullingen kunnen worden gerealiseerd. Zo is het aantal woningen in het bestemmingsplan gemaximeerd op 1.300 stuks, is aangegeven waar de school en het kinderdagverblijf kunnen worden gerealiseerd en is vastgelegd waar de ontsluiting van het nieuwe woongebied plaatsvindt.
5.2
Crisis- en herstelwet Dit bestemmingsplan is opgesteld met gebruikmaking van de Crisis- en herstelwet (Chw). De gemeente Wijchen is genoemd in artikel 3.2 van de Regeling uitvoering Chw. Op de gemeenten die in artikel 3.2 van de Regeling zijn genoemd, is artikel 7g van het Besluit uitvoering Chw van toepassing. Artikel 7g bepaalt op zijn beurt dat op bestemmingsplannen die binnen de genoemde gemeenten worden opgesteld, artikel 7c van het Besluit uitvoering Chw van toepassing is. Bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Artikel 7c van het Besluit uitvoering Chw biedt de mogelijkheid voor het opstellen van een zogenaamd bestemmingsplan met verbrede reikwijdte. In een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte kan op onderdelen worden vooruitgelopen en geanticipeerd op de komst van de Omgevingswet. Artikel 7c biedt - kort samengevat - de volgende mogelijkheden in afwijking van of in aanvulling op bestaande wetten: 1.
blad 69 van 81
Voor het plan geldt een bredere reikwijdte dan voor 'reguliere' bestemmingsplannen, doordat niet alleen regels mogen worden gesteld met het oog op 'een goede ruimtelijke ordening', maar ook regels die strekken ten behoeve van: a. het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
een goede omgevingskwaliteit; en het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke functies. 2. Voor het plan geldt een langere planperiode van maximaal twintig jaar. 3. Voor het plan geldt een langere periode voor tijdelijke bestemmingen van maximaal tien jaar. 4. In het bestemmingsplan kunnen bepalingen uit gemeentelijke verordeningen worden opgenomen. 5. In het bestemmingsplan kan voor activiteiten een meldingsplicht worden opgenomen. 6. In het bestemmingsplan kunnen open normen worden opgenomen, waarvan de uitleg plaatsvindt aan de hand van door de gemeenteraad of het college vast te stellen beleidsregels. 7. In het geval van beleidsregels voor beeldkwaliteit worden de beleidsregels vastgesteld door de gemeenteraad. 8. Voor eventuele planschade door het wegbestemmen van onbenutte bouw- of gebruiksmogelijkheden gelden specifieke regels voor het bepalen van de voorzienbaarheid. 9. Bij het plan mag: a. worden afgeweken van de RO-standaarden; b. worden afgeweken van de verplichting om inzicht te geven in de uitvoerbaarheid; c.
in afwijking van het bepaalde in de Wet geluidhinder en het Besluit geluidhinder een afzonderlijk hogere waardenbesluit achterwege blijven, maar mag het besluit onderdeel uitmaken van het plan; er mag worden volstaan met minder gedetailleerd onderzoek in het kader van het hogere waardenbesluit. 10. Het kostenverhaal mag worden gefaseerd, hetgeen betekent dat het exploitatieplan kan worden uitgesteld tot het moment van vergunningverlening. 11. In het geval kostenverhaal wordt gefaseerd, gelden daarvoor specifieke regels. 12. In het bestemmingsplan mogen gebiedsgerichte geur- en geluidswaarden worden gesteld, die hoger of lager zijn dan het Activiteitenbesluit voorschrijft. 13. De raad kan de bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het bestemmingsplan delegeren aan het college. 14. In het bestemmingsplan kan voor activiteiten een vergunningplicht met voorwaarden worden opgenomen (vergunning voor bestemmingsplanactiviteit). 15. De indieningsvereisten voor een omgevingsvergunning zijn verbreed van 'een goede ruimtelijke ordening' naar 'fysieke leefomgeving'. 16. Bij het verlenen van omgevingsvergunningen voor strijdig gebruik wordt ook getoetst aan de regels voor een 'verbrede reikwijdte' als bedoeld in het eerste lid. Bestemmingsplan 'Wijchen-West 2023' b.
In een bestemmingsplan hoeft geen gebruik te worden gemaakt van alle mogelijkheden die artikel 7c van het Besluit uitvoering Chw biedt. Het is mogelijk om een grotendeels 'traditioneel' bestemmingsplan op te stellen, maar voor één of enkele aspecten gebruik te maken van artikel 7c. In het bestemmingsplan 'Wijchen-West 2023' wordt met name gebruik gemaakt van de punten genoemd onder 9 en onder 14: Uitgestelde toetsing uitvoerbaarheid voor enkele aspecten (onder 9): Uit de onderzoeken die zijn verricht in het kader van dit bestemmingsplan blijkt dat de ontwikkeling van Wijchen-West op hoofdlijnen uitvoerbaar is. Voor een aantal onderzoeksaspecten is nog een nadere toetsing nodig op het moment dat de plannen voor de bouw van woningen meer concreet zijn. Daarom is voor verschillende onderzoeksaspecten een nader onderzoek voorgeschreven. Er is nader onderzoek nodig voor geluid (zie ook het punt hierna), voor trillingen en voor de afvoer, infiltratie en berging van hemelwater. Hogere waardenbesluit en nader akoestisch onderzoek (onder 9): Het college van burgemeester en wethouders stelt voor Wijchen-West geen afzonderlijk hogere waardenbesluit vast voor de woningen waar de voorkeursgrenswaarde uit de Wet blad 70 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
geluidhinder of het Besluit geluidhinder wordt overschreden. In plaats daarvan zijn de hogere waarden opgenomen in de planregels en worden ze vastgesteld door de gemeenteraad. De hogere waarden zijn bepaald op basis van een akoestisch onderzoek op planniveau. De planregels schrijven voor dat in het kader van de omgevingsvergunningaanvraag (gedetailleerd) akoestisch onderzoek wordt verricht. Vergunning voor bestemmingsplanactiviteit (onder 14). De nadere onderzoeksverplichting voor verschillende milieuaspecten vraagt om een toetsingsmoment. Daarom is in de bestemming 'Woongebied' en voor nieuwbouw van woningen in de bestemming 'Wonen' een vergunningplicht voor de bestemmingsplanactiviteit geïntroduceerd. In artikel 8.2.1 is bepaald dat het niet is toegestaan om zonder omgevingsvergunning gronden te gebruiken voor wonen, voor een basisischool of voor kinderopvang. De vergunning wordt verleend als wordt voldaan aan de regels voor ruimtelijke kwaliteit (toets aan ruimtelijk functioneel kwaliteitskader en aan realisering groenblauwe structuur), aan de regels voor geluid, aan de regels voor trillingen en aan de regels voor afvoer, infiltratie en berging van hemelwater. Hierdoor kunnen concrete initatieven nog nader worden getoetst. In artikel 7.2.1 is een vergelijkbare regeling opgenomen voor nieuw te bouwen woningen binnen de bestemming 'Wonen'.
5.3
Opzet van de verbeelding en regels
5.3.1
Verbeelding Zoals aangegeven in paragraaf 5.1 is voor dit bestemmingsplan gekozen voor een globale plansystematiek. De gronden waar herontwikkeling plaatsvindt, zijn daarom bestemd als 'Woongebied'. Binnen deze bestemming kunnen maximaal 1.300 woningen worden gebouwd, kunnen wegen worden aangelegd en kan openbaar groen en water worden gerealiseerd. Er is niet vastgelegd waar woningen komen en waar openbare ruimte wordt gerealiseerd. Wel is in een zone aangegeven waarin een doorlopende groen- en waterstructuur moet worden aangelegd. Niet alle gronden binnen het plangebied zijn bestemd als 'Woongebied'. Waar dat nodig is, is gekozen voor een gedetailleerde bestemming. De bestaande woonpercelen aan de Groenestraat en enkele nieuwe woonpercelen tussen de bestaande woningen zijn bijvoorbeeld bestemd als 'Wonen', de spoorweg is bestemd als 'Verkeer - Railverkeer' en het deel van de Randweg Noord/Westerdreef dat binnen de plangrens ligt, is bestemd als 'Verkeer - Verblijfsgebied'. De Vormerse Plas is bestemd als 'Water'. Rond de plas en rond de woonwagenlocatie is een strook met de bestemming 'Groen' opgenomen.
5.3.2
Regels De regels van dit bestemmingsplan zijn conform de SVBP2012 ingedeeld in vier hoofdstukken: hoofdstuk 1: Inleidende regels; hoofdstuk 2: Bestemmingsregels; hoofdstuk 3: Algemene regels; hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels. Hoofdstuk 1 - Inleidende regels In hoofdstuk 1 zijn twee artikelen opgenomen. In artikel 1 worden begrippen die voorkomen in de planregels gedefinieerd. Artikel 2 gaat over de wijze van meten. In dat artikel is bepaald hoe wordt gemeten bij de toepassing van de planregels. Hoofdstuk 2 - Bestemmingsregels In hoofdstuk 2 zijn de bestemmingsregels opgenomen. In dat hoofdstuk is per bestemming aangegeven hoe de gronden mogen worden gebruikt en welke bebouwing er mag worden
blad 71 van 81
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Wijchen-West 2023 Gemeente Wijchen Projectnummer 482170
opgericht. Als dat nodig is, is per bestemming bepaald dat bepaalde werkzaamheden niet zijn toegelaten zonder omgevingsvergunning. Hoofdstuk 3 - Bestemmingsregels Hoofdstuk 3 bevat een aantal algemene regels: Een anti-dubbeltelregel. Deze regel bepaalt dat gronden die in aanmerking zijn genomen bij het toestaan een bouwplan, niet nogmaals kunnen worden meegerekend bij de beoordeling van een volgend bouwplan. Algemene bouwregels. In de algemene bouwregels is bepaald dat, als de maatvoering van bestaande, legaal opgerichte, bouwwerken afwijkt van wat in het bestemmingsplan is toegestaan, de afwijkende maatvoering mag worden gehandhaafd. Daarnaast is een regeling opgenomen voor ondergronds bouwen. Die regeling bepaalt dat ondergrondse bouwen mogen worden gebouwd waar bovengrondse gebouwen aanwezig zijn of gelijktijdig worden gebouwd. Aansluitend daarop mag in beperkte mate ondergronds worden gebouwd. In de bestemmingen 'Woongebied', 'Verkeer - Railverkeer' en 'Verkeer Verblijfsgebied' is ondergronds bouwen overal toegestaan, ook als geen bovengrondse bebouwing aanwezig is. Hierdoor is het onder meer mogelijk om langzaam verkeertunnels onder de spoorlijn te realiseren of te voorzien in ondergrondse voorzieningen voor de waterhuishouding. Algemene gebruiksregels. In de algemene gebruiksregels is bepaald welk gebruik in ieder geval als strijdig gebruik wordt aangemerkt.
Algemene aanduidingsregels. In de algemene aanduidingsregels zijn regels opgenomen die gelden ter plaatse van de aanduidingen 'geluidzone - industrie', 'geluidzone aannemersbedrijf' en 'veiligheidszone - propaan'. Binnen de aanduiding 'geluidzone industrie' mogen geen nieuwe geluidgevoelige objecten worden gebouwd. Binnen de aanduiding 'geluidzone - aannemersbedrijf' mogen geluidgevoelige objecten worden gebouwd mits een geluidonderzoek is uitgevoerd en eventuele benodigde maatregelen zijn gerealiseerd en in stand worden gehouden. Binnen de aanduiding 'veiligheidszone propaan' zijn geen nieuwe kwetsbare objecten mogelijk. Algemene afwijkingsregels. In de algemene afwijkingsregels is bepaald in welke gevallen een omgevingsvergunning voor het afwijken van de planregels kan worden verleend. Er zijn regelingen opgenomen voor zorg-voor-elkaar-woningen en voor de bouw van antennemasten. Daarnaast is voorzien in een aantal algemene afwijkingsmogelijkheden, die beperkte afwijkingen van de planregels mogelijk maken. Overige regels. In de overige regels is een parkeerregeling opgenomen. Die regeling bepaalt dat omgevingsvergunningen voor bouwen uitsluitend worden verleend als in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien. De parkeernorming is opgenomen in de beleidsregels parkeernorming Wijchen.
Daarnaast is een artikel opgenomen waarin de hogere waarden voor wegverkeerslawaai en spoorweglawaai zijn opgenomen. Hoofdstuk 4 - Overgangs- en slotregels Hoofdstuk 4 bevat twee artikelen. In het eerste artikel is het overgangsrecht opgenomen, zoals dat ingevolge het Besluit ruimtelijke ordening is voorgeschreven. Het tweede artikel bevat de slotregel, waarin is aangegeven hoe de regels kunnen worden aangehaald.