Agendabundel
Tekst van het document
2.1.4 R O U T I N G De routing vanuit Wijchen naar het plangebied is in naastgelegen figuur weergegeven. De locatie WijchenWest is goed bereikbaar met zowel de auto (via de N845, Hernenseweg, Randweg Noord/Westerdreef en de Vormersesluisweg) als het openbaar vervoer (bus). Vanaf het Centraal Station is de afstand 8 minuten per fiets en 26 minuten te voet. Deze route gaat over de Stationsweg, een drukke weg met veel kruispunten. De locatie heeft een gunstige ligging nabij A50 / A326. Dit is een unique selling point voor Wijchen-West.
Routing G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
15
2. 1. 5 E I G E N D O M S V E R H O U D I N G De gronden binnen het plangebied Wijchen-West zijn in bezit van verschillende partijen, zoals te zien is op onderstaande figuur. Bijna het volledige middengebied is in bezit van de gemeente met uitzondering van de gronden van Jansen Bouwontwikkeling. De overige gronden behoren toe aan diverse eigenaren. Deze eigenaren hebben aangegeven mee te willen werken 4.2 aan de gebiedsontwikkeling.
2. 2. 2 P L A N T E A M B I J E E N KO M S T E N ( P T ) Het planteam zal bestaan uit de belangrijkste grondeigenaren en stakeholders in het gebied. De planteambijeenkomsten krijgen een centrale plaats in het participatieproces. De bijeenkomsten worden georganiseerd als informatiemarkt waarin gediscussieerd kan worden over thema’s zoals parkeren en ontsluiting, duurzaamheid, sfeer, woonprogramma, Stakeholder-issue-analyse fasering en openbare ruimte.
2. 2 SAMENWERKING In Wijchen-West zijn diverse private partijen die grond in bezit hebben. De grondeigenaren bepalen voor een groot deel de ontwikkelstrategie daarom is het goed om inzicht te hebben in de belangen van deze partijen. Daarnaast is een aantal andere partijen welke geen grondpositie hebben binnen het plangebied direct belanghebbende bij de voorgenomen ontwikkeling. Als onderdeel van de analyse is dit gebundeld in de stakeholder-issue-analyse, als basis voor het toekomstige participatieproces.
Elke2. 2. 3gebiedsontwikkeling I N F O R M A T I E starten B I J E E Nwe K O Mmet S T een stakeholdersanalyse. O M W O N E N D E N De E N stakeholderanalyse G E Ï N T E R E S S E E R DisE Ngebaseerd op geïnventariseerde stakeholders en de de mate van Na besluitvorming door het college over gebiedsvisie overeenstemming, vertrouwen, (soort) belang en (soort) wordt een informatiebijeenkomst georganiseerd voor invloed per stakeholder. Vanuit debijstakeholders-analyse omwonenden en geïnteresseerden voorkeur op bepalen we wie deelneemt aan in 4.1 genoemde overleggen locatie. Een idee is om een de fietstocht te organiseren en waarbij de benaderingsstrategie. Wijverschillende hanteren de 4 treden van je via een app vanaf punten in ‘mee’. artificial reality wat mooie plekken uit het plan kunt
2. 2. 1 S TA K E H O L D E R - I S S U E - A N A LY S E Bij aanvang van het opstellen van de ontwikkelstrategie is een quick scan stakeholderanalyse gedaan. De grondeigenaren zijn betrokken om te komen tot de gebiedsvisie.
Grondbezit 16
|
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
2. 3 FINANCIEEL Tijdens de ontwikkeling van deze gebiedsvisie is steeds sprake geweest van een iteratief proces van “tekenen en rekenen” zodat ook financiële haalbaarheid van invloed is geweest bij de totstandkoming van de gepresenteerde gebiedsvisie.
Op basis van deze definities is vervolgens een normatieve grondexploitatie-berekening opgesteld voor de voorkeursvariant om een eerste uitspraak te kunnen doen over de financiële haalbaarheid van de ontwikkeling van Wijchen-West. Hierop wordt nader ingegaan in hoofdstuk 5.
Dit heeft uiteindelijk geresulteerd in de definitie van het plan- en exploitatiegebied, het aantal te realiseren woningen, de woningdichtheid een concept ontwikkelprogramma en een mogelijke fasering voor de gepresenteerde voorkeursvariant.
2. 4 BEOORDELINGSKADER Het beoordelingskader bestaat uit de conclusies van de analyse en de randvoorwaardenkaart.
zien (zichtlijnen, wandelgebieden etc.). Gedurende
Met de stakeholder-issue-analyse wordt de omgeving in beeld het proces tot en met realisatie zullen dergelijke gebracht, waardoor een effectieve omgevingsdialoog kan bijeenkomsten meerdere malen georganiseerd worden. plaatsvinden om te komen tot een gebiedsvisie en ontwikkelstrategie voor woningbouwontwikkeling op WijchenTijdens de totstandkoming van deze gebiedsvisie West.
is meerder keren met de ontwikkelaars met gesproken de inhoud herontwikkeling van de Omgrondpositie de visie en ambities over over de voorgenomen gebiedsvisie (o.a. het mogelijk ontwikkelprogramma) van Wijchen West in Wijchen te concretiseren, is het belangrijk over de te samenwerkingsvorm. De mogelijkevan de omenstakeholders betrekken bij het vervaardigen samenwerkingsvormen zijn geschreven in Hoofdstuk 5. voor gebiedsvisie en het haalbaarheidsonderzoek
woningbouwontwikkeling op deze locatie. Onder de stakeholders onderscheiden wij interne stakeholders en externe stakeholders. Interne stakeholders zijn belanghebbenden binnen de gemeente Wijchen (zoals medewerkers verkeer en milieu). Externe stakeholders zijn grondeigenaren (en evt huurders/pachters), direct aanwonenden, aangrenzende bedrijven, aangrenzende maatschappelijke organisaties en andere externe stakeholders die belangen hebben in en om het plangebied. Een representatieve afvaardiging van de stakeholders benoemen wij tot ‘Planteam’.
In het volgende hoofdstuk worden er 3 scenario’s omschreven. De scenario’s zijn in een afwegingsmatrix door de gemeentelijke disciplines op de volgende onderdelen beoordeeld: 1. Gebiedsconcept 2. Planologische haalbaarheid 3. Bereikbaarheid, veiligheid en parkeren 4. Variatie in programma en innovatieve woonvormen 5. Duurzaamheid, klimaatadaptatie 6. Gevolgen voor verenigingen, bedrijven, omwonenden 7. Kwaliteit openbare ruimte en groen 8. Financiële implicaties 9. Fasering 10. Ruimtelijke samenhang met Wijchen
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
17
3 3 ONTWIKKELSCENARIO’S Met drie significant verschillende ruimtelijke ontwikkelscenario’s is op ontwerpende wijze het ruimtelijk laadvermogen en de sterkten en zwakten van het gebied inzichtelijk gemaakt. Elk scenario is versterkt met een sterk eigen basisconcept, en vertaalt dit door in een programmatische verdeling, ontsluitingsprincipes, geluidmaatregel en een sfeerdefinitie (groen en verharding), programma en fasering. In dit hoofdstuk worden de drie scenario’s toegelicht en gewogen in een matrix.
3 ONTWIKKELSCENARIO’S Parameters ontwikkelscenario’s: Station In de verschillende scenario’s is onderzocht, hoe om te gaan met de komst van een mogelijk station WijchenWest. De scenario’s laten de impact zien van wel of geen station.
Groenstructuur Wat wordt de leidende groenstructuur in het gebied? Wordt dit gedicteerd door de waterstructuur, het huidige landschap of zijn er kansen om de overgang tussen Wijchen-West en het buitengebied te versterken.
Voorzieningen Komen er in Wijchen-West veel nieuwe voorzieningen of moet het juist zo worden ingericht dat het optimaal gebruik maakt van de bestaande voorzieningen in Wijchen? Dit heeft impact op het gebiedsconcept.
Spoorzone Er zijn verschillende mogelijkheden hoe om te gaan met de spoorzone. Juist verdichten en een wijkcentrum creëren met een verbinding onder het spoor of juist accepteren dat het een barrière is en inrichten als wijkpark.
Morfologie Welke stedenbouwkundige setting past het beste bij Wijchen-West? Wordt het een autonome wijk, vindt de bebouwing aansluiting bij het landschap of sluit het naadloos aan bij de dorpse kwaliteiten van Wijchen?
Verkeersstructuur Er zijn verschillende verkeersstructuren voor WijchenWest denkbaar. In de scenario’s zijn verschillende stedenbouwkundige verkeersmodellen onderzocht.
Parkeren De parkeernorm van Wijchen is hoog. Vanuit kansen voor meer ruimtelijke kwaliteit, een smarthub, een station of slimme deelautoconcepten is de parkeernorm mogelijk te verlagen. De kansen hiervan worden in de verschillende scenario’s in beeld gebracht. Vormerse plas De Vormerse plas vormt een icoon in het gebied, waar gerecreëerd, gewoond, maar waar ook kansen voor duurzaamheid mogelijk zijn.
20
|
Waterstructuur Water en klimaat adaptatie vormen een belangrijk onderdeel van de hedendaagse gebiedsontwikkeling. Water creëert tevens ruimte en afstand. Hoe kan het ontwerp van de waterstructuur bijdragen aan het versterken van het gebiedsconcept. Is dat versterken van het bestaande? Het adresseren van de dorpsrand of het creëren van afstand tot de bestaande kern?
Oplossing voor geluidscontour Geluid vanaf de N845 en het spoor heeft een grote impact op de planvorming. Er zijn verschillende manieren hier mee om te gaan: door een geluidscherm of wal in te zetten of door dove gevels toe te passen kan er dichter op de N845 of het spoor gebouwd worden. Het is ook mogelijk om juist afstand te houden zodat dergelijke maatregelen niet nodig zijn.
3. 1 WA A R O M W E R K E N W E M E T S C E N A R I O ’S Het doel van het werken met scenario’s is het maken van keuzes. Keuzes om uiteindelijk te komen tot een gedragen gebiedsvisie. Door te werken met scenario’s kunnen uitersten in beeld gebracht worden. De scenario’s prikkelen om het dialoog aan te kunnen gaan met de gemeentelijke disciplines en de stakeholders op onderdelen. De verbeelding van de scenario’s maken de keuzes die gemaakt moeten worden tastbaar. Wat willen we absoluut laten terugkomen in de gebiedsvisie en wat willen we pertinent niet?
3. 2 PA R A M E T E R S O N T W I K K E L S C E N A R I O ’S In samenspraak met de gemeentelijke disciplines zijn vooraf parameters bepaald die leiden tot scenario’s met voldoende verschillen. Deze parameters en bijbehorende vragen zijn in de opsomming hiernaast weergegeven. De scenario’s worden in de volgende pagina’s stuk voor stuk beschreven. Vervolgens is, aan de hand toetsingscriteria uit de analyse, een afwegingskader geschreven. De conclusies hiervan hebben de pitch gevormd voor de uiteindelijke gebiedsvisie.
Pumptrack De positie van de pumptrack is inmiddels vastgelegd en krijgt een plek in het hart van het gebied, nabij het spoor.
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
21
3. 3. 1 S C E N A R I O 1 - M O B I L I T E I T E N D O R P Scenario 1 heeft als gebiedsconcept het afmaken van de rand Wijchen-West. In dit scenario wordt de dorpsrand versterkt en wordt een verbinding gemaakt met de bestaande voorzieningen in de aangrenzende wijk. Er wordt onder andere een station zonder keerspoor gerealiseerd. Met de parameters is als volgt omgegaan:
Openbaar groen Oppervlakte: 294.327 m2
Water Oppervlakte: 119.747 m2
Station: Station zonder keerspoor Spoorzone: Vormgegeven centrum met functies Parkeren: Traditioneel volgens parkeernorm Vormerse plas: Pumptrack rond plas Groenstructuur: Functioneel: fiets- en voetpad Morfologie: Open en gesloten bebouwing Waterstructuur: Voor het onderstrepen van de rand Pumptrack: Vormerse plas Voorzieningen: Verbinding versterken met bestaande kern, geen nieuwe voorzieningen Straatprofiel: Snel en langzaam verkeer Randweg Noord: Als een viaduct onder het spoor door en het straatprofiel laten zoals het is Drutenseweg: Parallelweg Hernenseweg: Carpoolplaats uitbreiden tot hub Hof van Hagevoort fietspad: Aansluiting met het station Ontsluiting noord: Rondweg in groenstructuur Ontsluiting midden: De Beemd opwaarderen Ontsluiting zuid: Doorsteek naar het zuiden vanaf Westerdreef Oplossing voor geluidscontour: N-weg: Aardewal + dove gevels Spoor: Dove gevels Snelweg: Dove gevels
Baken aan entree Wijchen
Wonen aan het water
Combinatie van station met onderdoorgang Scenario 1
Infrastructuur Oppervlakte: 99.336 m2
Uitgeefbare kavels Oppervlakte: 193.031 m2
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
23
3. 3. 2 S C E N A R I O 2 - L A N D S C H A P E N W O N E N Het gebiedsconcept van het tweede scenario kenmerkt zich als een organische gebiedsontwikkeling waarbij doorgeënt wordt op de bestaande landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten, woningbouwontwikkelingen en ontwikkelingen in het landschap. De ontwikkeling die hand in hand gaat met een variatie in woonmilieus en recreatieve beleving zijn het uitgangspunt. Dorpswonen
Met de parameters is als volgt omgegaan:
Openbaar groen Oppervlakte: 278.794 m2
Water Oppervlakte: 110.645 m2
Station: Geen extra station Spoorzone: Parkstructuur Parkeren: In het groen traditioneel volgens parkeernorm Vormerse plas: Drijvende woningen + woningen rond plas Groenstructuur: Landschap + Cultuurhistorie Morfologie: Landschappelijke en woningbouwontwikkeling Waterstructuur: Doorenten waterstructuur op huidige kenmerken landschap + cultuurhistorie Pumptrack: Naast het spoor Voorzieningen: Zorg, afhankelijk van de vraag/ benodigdheid per hoeveelheid woningen Straatprofiel: Snel en langzaam verkeer gescheiden Randweg Noord: Kruising met Stationslaan blijft behouden en het straatprofiel laten zoals het is Drutenseweg: Toegang gebied via deze weg Hernenseweg: Laten zoals het nu is Hof van Hagevoort fietspad: Aansluiting naar zuidelijk deel Ontsluiting noord: Rondweg in het groen Ontsluiting midden: Aantakken op recreatieve routes Ontsluiting zuid: Eikenlanen als wandel- en fietspad Oplossing voor geluidscontour: N-weg: aardewal + dove gevels Spoor: Dove gevels Snelweg: dove gevels
Wonen in boomkamers
Waterwoningen Scenario 2
Infrastructuur Oppervlakte: 75.093 m2
Uitgeefbare kavels Oppervlakte: 245.794 m2
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
25
3. 3.3 SCENARIO 3 - AUTONOOM EN DUURZAAM In het derde scenario wordt een nieuwe autonome wijk die gericht is op de toekomst gecreëerd. De wijk kent innovatieve woon- en mobiliteitsconcepten die worden gerealiseerd binnen een sterk identiteitsrijk concept. Met de parameters is als volgt omgegaan:
Openbaar groen Oppervlakte: 314.178 m2
Water Oppervlakte: 162.954 m2
Station: Station zonder keerspoor Spoorzone: Een park aan het station + PenR/ mobiliteitshub Parkeren: Parkeren zo veel mogelijk beperken Vormerse plas: Een drijvend zonnepark op het water Groenstructuur: Klimaatadaptief Morfologie: Innovatieve woonvormen Waterstructuur: Benutten gericht op klimaatadaptie/ inzetten op autonome karakter Pumptrack: Op grond van archeologische waarde Voorzieningen: MFA, duurzaamheid-educatie Straatprofiel: Verkeersstroom gescheiden door groen en half verhard. Auto minimaal. Randweg Noord: Stationslaan als looproute en afwaarderen naar 30km/h Drutenseweg: Groenstrook langs deze weg Hernenseweg: Hub verbinden met het station Hof van Hagevoort fietspad: Fietspad over de wadi’s heen Ontsluiting noord: Rondweg met waterberging Ontsluiting midden: Behouden Ontsluiting zuid: wandel- en fietspaden dominant, autoluw gebied Oplossing voor geluidscontour: N-weg; aardewal + dove gevels Spoor; Dove gevels Snelweg; dove gevels
Voorbeeld van een autonome wijk
Gevarieerde bouwblokken
Duurzame woontypologie Scenario 3
Infrastructuur Oppervlakte: 90.444 m2
Uitgeefbare kavels Oppervlakte: 148.740 m2
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
27
Scenario 1 score
Scenario 2 score
Scenario 3 score
1. Gebiedsconcept
+
-
++
Het gebiedsconcept sluit in scenario 1 en 3 goed aan op bestaande structuren, een autonome en mobiele wijk zijn interessante en passende concepten. Het water-wonen in scenario 2 is met name gericht op doelgroep ouderen, waardoor het concept minder aantrekkelijk is voor verschillende doelgroepen.
2. Planologische haalbaarheid
+
+/-
+/-
De scenario’s zijn planologisch haalbaar. In alle scenario’s moet voldoende aandacht zijn voor parkeren en het vermijden van dove gevels.
3. Bereikbaarheid, veiligheid en parkeren
+
+
+
De bereikbaarheid is goed geregeld door de gunstige ligging van het gebied. Mensen hebben de neiging om de snelheid te verhogen als wegen lang recht lopen. Voor de veiligheid moet de snelheid er uit, dit kan bereikt worden door wegen bochtiger te maken.
4. Variatie in programma en innovatieve woonvormen
+
+/-
+
Het gebied biedt voldoende potentie om een grote variatie aan woningen te realiseren.
5. Duurzaamheid, klimaatadaptatie
-
+/-
++
Scenario 1 oogt niet erg duurzaam, en er is twijfel over voldoende waterberging. Scenario 2 en 3 ogen duurzamere en klimaatadaptiever, omdat water een belangrijke component vormt.
6. Gevolgen voor verenigingen, bedrijven, omwonenden
+/-
-
+/-
In scenario 2 komt de Vormense boerderij erg tussen de woningen te liggen: dit is niet gunstig. De waardevolle plek dient beter ingepast te worden. In scenario 1 en 3 is hier meer aandacht voor, maar ook hier moet goed bekeken worden hoe bestaande functies ingepast kunnen worden zonder dat zij teveel hinder ondervinden.
7. Kwaliteit openbare ruimte en groen
-
-
+
In scenario 1 en 2 is de hoeveelheid groen schaars: hier is weinig ruimte voor natuurlijke en recreatieve omgeving. In scenario 3 is meer groen aanwezig, de fiets- en wandelroutes hier leveren een positieve bijdrage.
8. Financiële implicaties
-
+/-
-
Het uitbreiden van de waterstructuur en het station zijn kostbare ingrepen die niet bijdragen aan de financiële haalbaarheid.
9. Fasering
+
++
+
Er is voldoende ruimte om verschillende vormen van fasering toe te passen in alle scenario’s
10. Ruimtelijke samenhang met Wijchen
+
++
++
Er wordt redelijk goed op het bestaande netwerk aangetakt. De infrastructurele verbinding is in alle scenario’s goed. In scenario 2 en 3 is ook de hydrologische samenhang met Wijchen goed uitgewerkt.
3. 4 VA N S C E N A R I O ’ S N A A R G E B I E D S V I S I E 3. 4. 1 A F W E G I N G S M AT R I X Vanuit de afwegingsmatrix op de pagina hiernaast worden conclusies getrokken die samen de koers bepalen richting een voorkeursmodel voor de gebiedsvisie. 3. 4. 2 F I N A N C I E E L In elk van de scenario’s is uitgegaan van 650 woningen conform de huidige opgave. Deze zijn over het gebied verspreid, zodat elk deelgebied (noord, midden en zuid) tot aan de randen volgebouwd is. Geen van de 3 scenario’s blijkt echter financieel haalbaar. Dit vanwege het geringe percentage uitgeefbaar. Om de haalbaarheid te vergroten ten behoeve van de gebiedsvisie zal de dichtheid omhoog moeten. Hier zijn ook goede mogelijkheden voor. In de eerste instantie gaan we daarom uit voor de gebiedsvisie van 650 woningen op een kleiner deel van het plangebied. Het plangebied en daarmee het potentieel in woningaantal is echter veel groter.
Afwegingskader 28
|
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
Toelichting
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
29
4 4 GEBIEDSVISIE De gebiedsvisie wordt in dit hoofdstuk beschreven en bestaat uit de volgende onderdelen. 1. De elevator pitch voor de gebiedsvisie 2. Nadere beschrijving van de relevante ontwerpthema’s
4 GEBIEDSVISIE 4. 1
UITGANGSPUNTEN
+++
DICHTHEID EN PROGRAMMA • Financiële haalbaarheid centraal stellen. • Gelijke verdeling woonprogramma over noord- en middengebied. • Realistische fasering. • Het zuiden minder intensief bebouwen. • Variatie in woningbouwprogramma. • Flexibel met ruimte voor experiment.
32
|
ARCHEOLOGIE • Houd rekening met archeologische waarden. • Maak cultuurhistorische elementen zichtbaar. • Voorkomen moet worden dat boerderij De Vormer wordt ingebouwd.
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
LANDSCHAP • Behoud en versterk bestaande landschappelijke elementen. • Maak groenzone rond de Vormerse Plas mogelijk voor sport en spel. • Rekening houden met ecologische verbindingen. (Tijdig onderzoek naar flora en fauna.)
GROENSTRUCTUUR • Vermijd bebouwing en parallelwegen dicht langs de hoofdontsluitingen. • Bij gestapelde woningen rekening houden met landschappelijke inpassing. • Voorkom versnippering groen door toepassen van groenstructuren met volume. • Richt ‘parkachtige’ groenzones tussen buurten in, eventueel in combinatie met water.
VERKEERSSTRUCTUUR • Zorg voor voldoende flexibiliteit om een station inclusief hub (in toekomst) mogelijk te maken. • Ondertunneling op termijn onvermijdelijk. • Om de deelgebieden noord en midden met elkaar te verbinden voor fietsverkeer is een tunnel nodig. • Beperk aantal ontsluitingen voor gemotoriseerd verkeer. • Parkeren niet concentreren aan de randen van de deelgebieden. • Richt pilotbuurt in voor introductie van innovatieve vervoersconcepten (deelauto’s). • Huidige carpoolplaats langs de A326/Drutenseweg handhaven.
WAT E R • Handhaaf de oppervlaktestructuur zoveel mogelijk. • Het oppervlaktewater niet concentreren, maar meer spreiden binnen de deelgebieden en waar mogelijk combineren met de groenstructuur op buurt- én straatniveau. • Water inzetten voor woonkwaliteit. • Water inzetten als structuurversterkend element. • Doorzetten van het Wijchens Meer. • Noordelijk en midden deel zijn ook in de waterstructuur met elkaar verbonden.
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
33
A326
culturele
ts broedplaa ALDI
ALDI
Wijchen
Wijchens Meer
Wijchens Meer
SLIMME VERBINDINGEN MET OMGEVING • Goede aantakking langszaamverkeersnetwerk. • Goede aantakking autoverkeer richting lokale voorzieningen. • Goede aantakking snelwegen. • Goede aantakking recreatief netwerk.
34
|
ACCENTEN ALS ANKERPUNTEN • Positie gebouwaccenten in de vorm van hogere bebouwing afstemmen op stedenbouwkundige structuur en hoofdinfrastructuur. • Accenten geven oriëntatie en betekenis aan plekken.
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
D U U R Z A A M H E I D A L S VA N Z E L F S P R E K E N D • Warmte, opwekking Vormerse plas. • Energie, zonnepanelen op daken, eilanden, geluidswal. • Sociale duurzaamheid, dierbare speel-, wandel-, en ontmoetingsplekken.
V E R S T E R K E N VA N D O R P S R A N D • Overgang tussen bebouwing en buitengebied moet zorgvuldig worden ontworpen en aansluiten op de rest van Wijchen.
INSPELEN OP MILIEU EN BELEMMERINGEN • In het ontwerp wordt slim ingespeeld op geluid, externe veiligheid, de gasleiding en luchtkwaliteit.
VERSCHILLENDE WOONSFEREN • Noordelijk gevarieerd dorps woonmilieu (geel). • Midden woonmilieu water (blauw) en woonmilieu bos (roze). • Zuiden open en landelijk woonmilieu (groen).
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
35
4. 2 T H E M A’ S G E B I E D S V I S I E De uitgangspunten uit de elevatorpitch vormen samen de gebiedsvisie. Deze worden in dit hoofdstuk nader toegelicht aan de hand van een aantal thema’s.
Ten zuiden van het spoor is het landschap meer gesloten met een soort kamers van bomen. In de gebiedsvisie zijn deze landschappelijke elementen vertaald naar een gridstructuur. Deze structuur maakt het mogelijk om het gebied courant te verkavelen waarbij de flexibiliteit voor het woonprogramma gewaarborgd is voor de lange termijn. De structuur wordt omrand door een robuust groenblauw raamwerk. Dit houdt in dat er een stedenbouwkundig raamwerk is opgesteld in relatie tot de openbare ruimte, programma, fasering, de verkeersstructuren, parkeren, waterhuishouding en integrale duurzaamheid. De inrichtingsmogelijkheden van het openbaar domein zijn in beeld gebracht. De gebiedsvisie is uitgewerkt in de vorm van een raamwerkkaart waarin duidelijk staat wat we vastleggen en borgen en wat we bewust of onbewust nog vrij dan wel flexibel houden.
Wijc
he
ns
Mee
r
Wijc
he
A3
ns
26
Mee
r
Wij
rele cultu
Bestaande waterstructuur
che n
broe dp
ALDI
laats
ALDI
De samenhang van Wijchen-West ontleedt zich sterk aan de kavelrichting. Deze is historisch verankerd en sluit tevens aan op de bestaande waterstructuur. Het gebied ten noorden en ten zuiden van het spoor hebben beiden nagenoeg dezelfde richting, lange landschappelijke lijnen lopen hier door. In het noordelijk deel heeft dit de kwaliteit van een open landschap met lange zichtlijnen.
+++
Boomkamers in het middengebied
Open landschap met lange zichtlijnen Gebiedsvisie
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
37
Het zuidelijk plandeel behoort ook tot de gebiedsvisie. Er dient voorkomen te worden dat boerderij De Vormer wordt ingebouwd. De aanwezige cultuurhistorische elementen worden zichtbaar gemaakt in de wijze waarop het gebied wordt ontwikkeld en ingericht. Dit gebied leent zich niet voor dichte bebouwing maar kleinschalige woningbouw is hier voor te stellen al dan niet met een maatschappelijke functie in de vorm van bijvoorbeeld een zorgboerderij of een kleinschalig CPO-project. Hierbij kan boerderij De Vormer gezien worden als centrumfunctie en daarom heen mogelijke kleinschalige ontwikkelingen. De bebouwing dient ondergeschikt te zijn aan het ensemble van de cultuurhistorische boerderij. De historische boerderij maakt deel uit van een parkachtige inrichting die voor voet- en fietsverkeer goed bereikbaar is. Vanwege de verbinding naar het buitengebied is het denkbaar om het zuidelijke plandeel in te zetten als recreatieve poort. Functies die daarbij aansluiten of synergie op leveren zijn bijvoorbeeld een hondenvereniging, volkstuinen of educatieve voorzieningen.
Volkstuinen Zuidelijk plandeel 38 | G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
Cultuurhistorische elementen
Zorgboerderij of kleinschalig CPO-project
Bezoekerslocatie G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
39
4. 2. 1 V E R S C H I L L E N D E W O O N S F E R E N Binnen de gebiedsvisie zijn verschillende woonsferen mogelijk, waarbij de eenheid en het karakter van het gebied wordt gewaarborgd. Het noordelijk gebied leent zich goed voor een dorpse verkaveling met een open karakter. In het middengebied ten zuiden van het spoor zijn er interessante woonmilieus te maken die inspelen op de boomkamers. Rondom de Vormerse plas kan ingespeeld worden op het thema wonen op of aan het water. Om de overgang tussen Wijchen-West en het buitengebied goed te ontwerpen zijn woontypologiën voorgesteld die inspelen op het thema groen dorpsrand. Met behulp van geluidwalwoningen en doorlopende groenstructuren aan de westkant van het plan is er een zorgvuldige voorkant te ontwerpen van Wijchen naar het omliggende landschap. Dit betekent dat de bebouwing zich oriënteert richting dit open landschap en daarbij proviteert van het wijdse uitzicht.
Wonen in een boomkamer
Appartementen aan de Vormerse plas
Middengebied 40
|
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
Geluidwal woningen G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
41
4. 2. 2 A C C E N T E N A L S S T E D E N B O U W K U N D I G E ANKERPUNTEN Gestapelde bebouwing in de vorm van gebouwaccenten is ingezet op strategische plekken in de deelgebieden, enerzijds om bijzondere plekken in de openbare ruimte betekenis te geven, anderzijds ten behoeve van de leesbaarheid en oriëntatie van het plan. Het appartementengebouw in de noordwesthoek van deelgebied noord vormt een baken richting Wijchen vanaf de snelweg en kansrijk dankzij de aandacht voor landschappelijke inpassing en architectuur. Gebouwen in Wijchen zijn niet hoger dan 4 lagen met een terugliggende vijfde laag. Ter plaatse van het hart van de wijk past een hoger gebouw van 6 lagen waarbij in de plint ruimte is voor een multifunctionele accommodatie. Dit is niet Wijchens-hoog, maar het is wel van belang voor de versterking van de stedenbouwkundige structuur van de wijk.
Voorbeeld van een baken
Entree van de wijk
Noordelijk plandeel 42
|
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
Dorpswonen in noordelijk plandeel G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
43
4. 2. 3 V E R K E E R S S T R U C T U U R Het aantal ontsluitingen voor gemotoriseerd verkeer op Drutenseweg, Groenestraat, Randweg Noord en Westerdreef is in de gebiedsvisie zoveel mogelijk beperkt. Zo kent het noordelijk deel een wijkontsluiting aan de Hernenseweg en de Randweg Noord. Het middeldeel heeft een wijkontsluiting aan de Westerdreef, de Ravensteinseweg en de N845. Bebouwing en parallelwegen dicht langs de hoofdontsluitingen voor verkeer zijn in de gebiedsvisie zoveel mogelijk uitgesloten. Ten behoeve van de doorstroming en oriëntatie zijn doodlopende straten zoveel mogelijk vermeden. Bij de uitwerking van de gebiedsvisie tot een stedenbouwkundig plan moet dit nader worden onderzocht.
Ondertunneling
Mogelijkheden voor ondertunneling 44
|
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
Hoewel op dit moment geen prioriteit voor een Station West bestaat (bij Prorail) wordt bij de inrichting voldoende flexibiliteit opgenomen, zodat indien dit op een later moment wenselijk wordt, de inpassing van een station inclusief HOV-hub (OV-vervoersknooppunt) mogelijk is. Dat vraagt voor nu reservering van een strook onbebouwde ruimte van voldoende omvang langs de noord- en zuidzijde van het spoor. In de gebiedsvisie is daarom als optie de mogelijkheid voor een station met een ondertunneling voor langzaam verkeer opgenomen. Dit valt buiten het exploitatiegebied. Dit is dan ook niet meegegenomen in de financiële haalbaarheidsanalyse van de gebiedsvisie. De positie is zo gekozen dat er een goede aansluiting mogelijk is op de N845 met ruimte voor een P&R.
De hondenvereniging en de volkstuinen moeten worden verplaatst indien in de toekomst het station gerealiseerd wordt. Vanuit synergetisch oogpunt is de verplaatsing van de beide functies naar een locatie in het zuidelijke deel van het plangebied kansrijk. Hier heeft de gemeente nog een grondpositie en kan aansluiting gevonden worden met de cultuurhistorische boerderij. Gezien de barrièrewerking van het spoor en de toekomstige intensivering van het spoorvervoer is op termijn ondertunneling van de Randweg Noord/ Westerdreef onvermijdelijk. Indien het station niet doorgaat dan is er toch de mogelijkheid om een onderdoorgang te maken voor verkeer. Vanuit het gebruik is het voorstel om dit in de nabijheid te doen voor de indicatieve positie van de MFA zodat zowel vanuit noord- als vanuit middendeel van het plan de MFA goed bereikbaar is voor langzaam verkeer in de eerste fase van het plan. 4. 2. 4 O P E N B A A R V E R V O E R De huidige halteplaats voor openbaar vervoer aan de Randweg Noord is voldoende dichtbij voor opstappers uit Wijchen-West. Wel dient er aandacht besteed te worden aan het verbeteren van de opstapvoorzieningen (overdekte en verwarmde wachtruimte, stallingsplaatsen voor fietsen, e.d.).De huidige carpoolplaats langs de A326/Drutenseweg kan gehandhaafd blijven.
Mogelijke inpassing station
Suggestie uitstraling station Wijchen-West G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
45
Zoveel mogelijk half open verharding
Pilot voor deelauto’s
Oplaadpunten voor fietsen en auto’s
Snelfietspad langs het spoor
4. 2. 5 PA R K E R E N In de gebiedsvisie is in de eerste instantie uitgegaan van de hoogste CROW- parkeernorm. Vanwege efficiënt ruimtegebruik is het parkeren zoveel mogelijk gepositioneerd in de zones waar beperkingen gelden voor het wonen vanwege milieu. De landschappelijke inpassing van het parkeren verdient aandacht om het ‘blik’ zo veel mogelijk aan het oog te onttrekken. Daar waar mogelijk worden parkeerkoffers toegepast op relatief beperkte afstand van de woningen. Een parkeerkoffer is een compacte parkeerplaats waar meerdere auto’s kunnen staan tussen de woningen, vaak omringd door groene hagen. Door de toepassing van parkeerkoffers wordt er gezorgd dat het aantal auto’s wat in de straten staat minder is. Omwille van ruimtelijke kwaliteit en klimaatadaptief ontwerp verdiend het de voorkeur vanuit de gebiedsvisie om uit te gaan van een lagere parkeernorm. Hierdoor is er in de straten meer ruimte voor bomen en ook de hoeveelheid verharding in de straten kan worden beperkt. Er dienen dan wel innovatieve mobiliteitsconcepten toegevoegd te worden.
Leer en speellandschap
Streven naar groene woonstraten
Als ‘groeiconcept’ wordt een pilotbuurt ingericht voor introductie van innovatieve vervoersconcepten (deelauto’s). De nabijheid van deze pilotbuurt direct langs een (snel)fietsroute is hierbij de voorkeur.
Auto’s zoveel mogelijk uit het zicht dmv blokhagen en taluds 46
|
Parkeren groen inpassen
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
4. 2. 6 S P E E L P L E K K E N E N G R O E N De ingetekende speelplekken sluiten aan op het speelbeleid van de gemeente Wijchen. De gebiedsvisie gaat uit van groenstructuren met enig volume zodat versnippering wordt voorkomen. Tussen de buurten en aan de randen zijn ‘parkachtige’ groenzones ingericht in combinatie met waterberging. Belangrijk is dat de omgeving stimuleert en uitnodigt om te bewegen (prettig om even een wandelingetje te maken, of te gaan hardlopen of fietsen). Daarnaast is het belangrijk dat er natuurlijke ontmoetingsplekken zijn, waarmee de sociale samenhang versterkt wordt. Nabij het spoor in het middendeel van Wijchen-West, dicht tegen de bestaande kern, is rekening gehouden met de komst van een mogelijke pumptrack. De woonstraten bieden de mogelijkheid om bomen toe te passen in het profiel. Bij een lagere parkeernorm, nu is uitgegaan van de hoogste norm, is hier meer ruimte voor. Een groen beeld van de woonstraten dient mede te ontstaan door groen in de voortuinen. Daar waar de parkeernorm en het woonprogramma het toelaten wordt parkeren in de voortuin voorkomen.
De groenzone rond de Vormerse Plas zal ook worden ingezet voor sport en spel. In de groenstructuur rond de Vormerse Plas blijft het mogelijk om een ommetje te kunnen maken. Vanuit de ambitie van de gemeenten om een inclusieve samenleving te zijn, is het belangrijk dat mensen met een beperking het gebied goed kunnen gebruiken. Het pad langs de Vormerse plas moet ouderen er niet van weerhouden om er gebruik van te maken. Het dient daarom geschikt te zijn voor scootmobiels en rolstoelvriendelijk te worden aangelegd.
Pumptrack
In het kader van het toekomstige bestemmingsplan dient rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en ecologische waarden. Hier wordt tijdig onderzoek naar gedaan . Bij de verdere uitwerking van het groenplan en het inrichtingsplan wordt dit verankerd bijvoorbeeld in de groen-robuuste omranding van het plan en rond de Vormerse plas. Of dit voldoende is dient nader te worden onderzocht. Parkachtige groenzones in combinatie met waterberging
Positie pumptrack (oranje vlek) G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
47
4. 2. 7 WAT E R S T R U C T U U R , K L I M A ATA D A P TAT I E EN HITTESTRESS Vanuit de analyse is gesteld dat zoveel mogelijk van de bestaande oppervlaktewaterstructuur gehandhaafd blijft. Daar waar mogelijk worden verbredingen voorgesteld.
Hemelwater afvoeren naar randen van gebied
Er is naar gestreefd om het oppervlaktewater niet te concentreren, maar meer te spreiden binnen de deelgebieden en waar mogelijk te combineren met de groenstructuur op buurt- én straatniveau om het mooi en beleefbaar te maken. Omwille van efficiënt ruimtegebruik is het voorstel gedaan in de gebiedsvisie om door middel van een duiker het noordelijk deel met de Vormerse plas te verbinden. Hierdoor is grootschalige waterberging mogelijk en kan worden voorzien in voldoende hemelwaterberging voor de zogenaamde klimaatbui. Samen met de breedtes, toegankelijkheid en het onderhoud van de watergangen alsmede de veiligheid dient dit nader te worden onderzocht in het vervolgtraject.
Groenstructuur op buurt- en straatniveau beleefbaar
Voor de ondersteuning van natuur en biodiversiteit en ter ondersteuning van klimaatadaptatie is het gewenst een combinatie van water en groen te maken. Op basis van het uit te voeren flora en fauna onderzoek en de watertoets kan het groen- en landschapsplan voor Wijchen-West verder worden uitgewerkt. De gegevens van de bodemopbouw en de grond/oppervlaktewaterstand zijn hierbij van belang. Ook in het ontwerp van de woningen dient er al rekening gehouden te worden met de wateropvang en langzame infiltratie van hemelwater. Gebouwen kunnen d.m.v. van groene(/blauwe) daken hierbij een oplossing bieden, mocht infiltratie van hemelwater beperkt mogelijk zijn. Dan heeft dit gevolgen voor de uitleg van de (oppervlakte)waterstructuur en daarmee de inrichting van het plangebied. Geohydrologisch onderzoek moet uitwijzen wat kan.
4. 2. 8 D U U R Z A A M O N T W E R P Duurzaamheid is één van de belangrijkste thema’s voor Wijchen-West. Op hoofdlijnen is al bekeken wat aan oppervlakte van PV-panelen nodig is om WijchenWest energie neutraal te maken. De daken van de huizen, een geluidswal, maar ook een mogelijk zonneeiland op de Vormerse plas zijn hierin meegenomen. Er zijn verdere studies nodig naar de mogelijkheden en de toepasbaarheid van thermische energie uit oppervlaktewater voor de ontwikkeling van WijchenWest.
Zonnepanelen in combinatie met geluidsscherm
Drijvend zonne-eiland
Met de gebiedsvisie is gestreefd naar een toekomstbestendig ontwerp, rekeninghoudend met klimaatverandering, wateroverlast, droogte en hitte. Dit is tevens uitgangspunt voor de verdere uitwerking in het stedenbouwkundig plan. Er wordt dan ook watertoets uitgevoerd.
Waterberging en spelen slim combineren 48
|
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
Zonnepanelen op de woningen G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
49
4.2.9 M I L I E U Langs de Drutenseweg (N845) is in het midden plandeel gekozen voor een bebouwingslint dat tevens als geluidscherm dienst doet. Dat geluidscherm is echter op een aantal plekken onderbroken. Om te voorkomen dat het verkeersgeluid zich vanaf de Drutenseweg ongehinderd over het wateroppervlak kan verspreiden kan plaatselijk gewerkt worden met taluds om deze ‘geluidslekken’ te dichten. Deze taluds worden landschappelijk ontworpen zodat er vanaf de openbare ruimte langs deze zone beleving is van de Vormerse Plas. Een ‘ommetje Vormerse Plas’ blijft op die manier mogelijk. Het groene beeld van de omgeving van de Vormersplas wordt door deze lange wand van bebouwing in combinatie met groene taluds gewaarborgd. Langs het spoor zullen de appartementen dove gevels krijgen bijvoorbeeld door slimme galerijoplossingen. Rond het parkeren kan gewerkt worden met taluds als geluid bufferende werking en om de auto’s uit het zicht te houden.
Impact hindercontouren op gebiedsvisie 50
|
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
4. 2. 10 W O O N P R O G R A M M A De gebiedsvisie bestaat uit courante bouwvlakken voor het uitgeefbaar gebied. De structuur is zo gekozen dat het in fases ontwikkeld kan worden. Het woningbouwprogramma dient in het licht van de GREX en subsidiemogelijkheden nader worden bekeken. Op deze manier kan er adaptief geprogrammeerd worden zodat het woningbouwprogramma kan meebewegen met toekomstige ontwikkelingen.
4.2.11 Z O R G De gemeente Wijchen heeft een stevige opgave voor Wonen met zorg. Met name op het gebied van ouderenhuisvesting. ‘Beschut wonen’ is overal mogelijk in het plan. Er is rekening gehouden met ruimte voor zowel grondgebonden als gestapelde levensloopbestendige woningen. De MFA is nu gepland in de plint van een appartementengebouw in het hart van de wijk. Goede combinaties met mogelijk (intramurale) zorg zijn hierbij mogelijk op hoger gelegen verdiepingen.
Versnellen is een belangrijke opgave om het woningtekort weg te werken, conceptueel bouwen kan daaraan een bijdrage leveren. In de gebiedsvisie is een plek aangewezen, in de buurt van de Vormerse plas, waar geëxperimenteerd kan worden met conceptueel bouwen en drijvende woningen. Wijchen-West streeft er naar om een mix van verschillende typen woningen te realiseren. Uitgangspunt is dat er in Wijchen-West geen nieuwe voorzieningen gebouwd worden, met uitzondering van een mogelijke MFA. Dit is een aandachtspunt voor waar bepaalde doelgroep-woningen gerealiseerd kunnen worden. Dit geldt ook voor (woon)zorgprogramma.
Optionele locatie MFA
Ook biedt de gebiedsvisie voldoende woonvormen voor mensen met een verstandelijke of lichamelijke beperking. De groene omgeving aan de zuidkant zou een mooie prikkelarme omgeving voor deze doelgroep kunnen zijn.
Landschappelijke inpassing met taluds G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
51
5 5 O N T W I K K E L S T R AT E G I E De ontwikkelstrategie wordt in dit hoofdstuk beschreven en bestaat uit de volgende onderdelen. 1. Een visie op de samenwerking voor de ontwikkeling met daarbij de duiding van de grondeigenaren, contractvorm, gekozen participatievorm en het organisatiemodel 2. Financiële onderbouwing met daarbij de duiding van het programma, voorzieningen, grondexploitatie en fasering
5 O N T W I K K E L S T R AT E G I E 5. 1 SAMENWERKING In deze paragraaf wordt ingegaan op de samenwerking en de samenwerkingsvorm met de grondeigenaren en overige marktpartijen, de manier waarop participatie vorm kan krijgen en welke organisatie van de gemeente verwacht wordt om de ontwikkeling tot stand te brengen. Er wordt buiten de gemeente onderscheid gemaakt in grofweg de volgende stakeholders: • Grondeigenaren-bouwers, ontwikkelaars, geïnteresseerd om mee te doen. • Grondeigenaren-die niet mee (willen of kunnen) doen. • Overige grondeigenaren-Waterschap Rivierenland, Railinfratrust, Liander. • Overige gebiedspartijen in het gebied-bewoners, volkstuinders, hondenclub. • Direct grenzende partijen-bewoners, tennisclub. • Wijkverenigingen Wijchen West (Blauwe hof, Aalsburg) en ’t Achterom (Achterlo). • Woningcorporatie Talis. • Samenwerkingsstichting Kans & Kleur (school/MFA). • Provincie Gelderland, Waterschap Rivierenland (als waterbeheerder en vergunningverlener). • Veiligheidsregio Gelderland-Zuid.
54
|
5.1. 1 GRONDEIGENAREN EN CONTACTVORMEN In het plangebied zijn verschillende grondeigenaren. Wij onderscheiden: • Grondeigenaren die niet mee willen of kunnen deelnemen aan de ontwikkeling. • Partijen die grond in bezit hebben èn deel willen nemen aan de ontwikkeling: – Binnen het exploitatie gebied: N.V. Niba, Jansen Bouwontwikkeling KlokGroep en Witte Groep. – Buiten het exploitatiegebied maar binnen het plangebied: Stichting tot Beheer van het Vermogen der Oud Burgeren. De ontwikkelaars in het gebied hebben aangegeven gezamenlijk (als één ontwikkelcombinatie) mee te willen doen aan de ontwikkeling van het gebied. De ontwikkeling vindt plaats op de gronden van deze partijen en op de grond die in bezit is van de gemeente. Met deze partijen gaat de gemeente een samenwerking aan die op een aantal manieren vorm kan krijgen. De Stichting BVOB wenst in de toekomst zelfstandig kleinschalige extensieve ontwikkelingen te kunnen realiseren (zelfrealisatie) binnen de daarvoor aangewezen locaties. De gemeente kan medewerking verlenen aan een ontwikkeling en realisatie van een project door het sluiten van een (anterieure) overeenkomst of het exploitatieplan. De gemeente beperkt haar rol tot het toetsen van de plannen, het planologisch mogelijk maken van de ontwikkeling en kostenverhaal.
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
Een aantal samenwerkingsvormen, die nog nader onderzocht kunnen worden, zijn denkbaar: 1. Grondexploitatie (GREX) bij marktpartijen Een mogelijkheid is dat de 4 marktpartijen samen de ontwikkeling tot stand brengen incl. de grond van de gemeente (gemeente brengt grond in of daarvoor wordt een vierde partij getenderd), en haar eigen GREX (en VEX) opstellen, dus zonder de gemeente, waarna ze de openbare ruimte overdraagt aan de gemeente. Voordeel • Marktpartijen nemen het investeringsrisico van de grondexploitatie. • Gemeente loopt minder financieel risico. • Gemeente stelt kaders en toetst plannen. Nadeel • Beperkte gemeentelijke invloed op voortgang realisatie. • Lastig om in abstracte ontwerpfases (kwalitatief) eisen op te stellen aan de ontwikkeling. • Tussentijds bijsturen op basis van voortschrijdend inzicht is lastiger (kosten) • Discussies over kostenverhaal hangen in de lucht. • Gemeente heeft minder zicht op de kostenverdeling tussen Vastgoedexploitatie (VEX) en GREX is. 2. Gemeentelijke GREX De marktpartijen leveren grond aan de gemeente tegen een vaste waarde per m² in ruil voor een bouwclaim, de gemeente geeft vervolgens bouwrijpe grond met kaders
voor ontwikkeling uit. Vooraf dienen dan ook afspraken gemaakt te worden over inbrengwaarde van de huidige grondposities, omvang en programmatische opbouw c.q. samenstelling van de bouwclaim en de bijbehorende grondprijzen. Voordeel • Gemeente heeft GREX (kostenverhaal in eigen hand, planning en kwaliteitseisen). Nadeel • Gemeente is risicodragend voor de investeringen. • Willen partijen wel meedoen, discussies aan de voorkant over inbrengwaarde, omvang en samenstelling bouwclaim, grondprijzen. • Het vergt aanzienlijke personele capaciteit van de gemeente. 3. Gezamenlijke GREX Er wordt een gezamenlijke GREX opgesteld (geen gezamenlijke VEX want dat wordt mogelijk overgelaten aan de 4 marktpartijen). Aangezien de gemeente een stevige grondpositie heeft en ook de nodige wensen en eisen heeft t.a.v. de ontwikkeling kan ze deelnemen aan de ontwikkeling bijvoorbeeld als volwaardig partner van de andere 4 partijen in een ontwikkelcombinatie. Alle participanten brengen hun gronden tegen gelijke waarde in bij het ontwikkelbedrijf en krijgen o.b.v. de hoeveelheid ingebrachte grond vervolgens een bouwclaim. Overwogen kan worden om deze samenwerking, die
zich dus enkel beperkt tot de GREX, te formaliseren in een aparte rechtspersoon c.q. ontwikkelbedrijf. De verdeling van de aandelen is 50%-50% en worden ondergebracht in een gemeenschappelijke exploitatie maatschappij (het ontwikkelbedrijf CV/BV). De bemensing van dit ontwikkelbedrijf wordt vervolgens ook door de deelnemende partijen bekostigd c.q. ten laste van de GREX gebracht. Ook de gemeente krijgt in deze variant op basis van haar ingebrachte gronden een bouwclaim toegewezen welke zij vervolgens zelf kan tenderen naar de markt. In deze variant dient vooraf te worden vastgelegd wat de inbrengwaarde wordt, wat de omvang en samenstelling van de bouwclaim wordt en wat de grondprijzen gaan zijn. Voordeel • De gemeente heeft invloed via haar publiekrechtelijk taak en de ontwikkelaars via de ontwikkel- en bouwrechten. • De financiële risico’s wordt gedeeld, bij tender gemeentelijke bouwclaim kans op hogere opbrengsten. • Stevige invloed op de inrichting openbare ruimte. • Concurrentie uit de markt kan de kwaliteit van het product verhogen.
Ter overweging: eventuele kostbare bovenwijkse investeringen, denk bijvoorbeeld aan tunnels of grootschalige geluidswerende voorzieningen, zouden buiten deze samenwerking kunnen blijven in een aparte gemeentelijke GREX. Deze GREX kent dan vooral kosten en vanuit de gezamenlijke GREX kunnen afdrachten gedaan worden in het kader van afdrachten bovenwijks. Het resterende tekort in deze GREX kan vervolgens in het kader van de Woonimpuls gelden als subsidiabele investeringen worden opgevoerd. Advies Gelet op de huidige eigendomsverhoudingen en de eisen en wensen van de gemeente voor deze ontwikkeling adviseren Antea Group en PAS bv in eerste instantie variant 3 als samenwerkingsvorm te onderzoeken. Aangezien er in principe enkel voldoende woningbouwaantallen beschikbaar zijn voor de eerste, zou dit onderzoek zich in eerste instantie ook enkel tot fase 1 moeten beperken. Indien later resterende delen aan de orde komen kan worden besloten de samenwerking aan te passen aan de partijen welke bezit hebben over betreffende gronden. Na vaststelling van deze ontwikkelstrategie en de gebiedsvisie door de raad vindt de onderhandeling plaats met de huidige grondeigenaren en wordt de definitieve samenwerkingsvorm bepaald en vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst.
Nadeel • Aan voorkant stevige onderhandeling om tot contract te komen met de vier marktpartijen kan tijd kosten.
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
55
5. 1. 2 O R G A N I S AT I E M O D E L Bij het opstellen van de gebiedsvisie is uiteraard ook rekening gehouden met de overige grondeigenaren en gebiedspartijen. De gronden van de overige grondeigenaren zijn niet nodig om de ontwikkeling te realiseren. Deze partijen worden wel betrokken bij de verder planvorming.
5. 2 FINANCIEEL Tijdens de ontwikkeling van deze gebiedsvisie zijn verschillende ontwikkelvarianten ook steeds getoetst op financiële haalbaarheid. Vanuit deze toetsen is steeds weer input gegenereerd voor de verdere visievorming en de totstandkoming van de uiteindelijk gepresenteerde voorkeursvariant.
5. 1. 3 V I S I E PA R T I C I PAT I E O M G E V I N G De gebiedsvisie en de uitwerking daarvan moet breed gedragen zijn. Daarom gaat Antea Group uit van de omgevingsdialoog. Door openheid, transparantie, duidelijke informatie en goede communicatie over het verloop van projecten wordt een realistisch verwachtingspatroon bereikt. Met een omgevingsdialoog wordt maatschappelijk en bestuurlijk draagvlak gecreëerd wat uiteindelijk leidt tot minder bezwaar en beroep.
Dit heeft uiteindelijk geresulteerd in de definitie van het plan- en exploitatiegebied, het maximaal aantal realiseerbare woningen, de woningdichtheid een concept ontwikkelprogramma en een mogelijke fasering voor de gepresenteerde voorkeursvariant .
De omgevingsdialoog krijgen op de volgende wijze vorm: 1. Een afvaardiging van bewoners/bedrijven/ grondeigenaren/maatschappelijke organisaties in het plangebied worden opgenomen in het Planteam. Hieruit kunnen kleinere werkgroepen ontstaan die aan de slag gaan met een bepaald thema of een specifiek deelgebied(je); 2. Geïnteresseerden worden geïnformeerd en/of om input gevraagd tijdens Informatiebijeenkomsten.
56
|
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
Op basis van deze definities is vervolgens een normatieve grondexploitatieberekening opgesteld voor de voorkeursvariant om een eerste uitspraak te kunnen doen over de financiële haalbaarheid van de ontwikkeling van Wijchen-West.
5.2.1 C O N C LU S I E F I N A N C I Ë L E H A A L BA A R H E I D In deze fase van de visievorming kan , op basis van bovenstaande, geconcludeerd worden dat de ontwikkeling van Wijchen-West”, gebaseerd op de uitgangspunten welke ten grondslag liggen aan de gepresenteerde voorkeursvariant (aantal woningen, dichtheid, programma en fasering), in financiële zin haalbaar kan zijn. Hierbij wordt ook gekeken naar extra middelen vanuit hogere overheden voor de versnelling van de subregionale woningbouwopgave. Hierbij wordt opgemerkt dat, gelet op de fase van visievorming en het normatieve karakter van de haalbaarheidstoets, de uitkomsten nog een aanzienlijke financiële bandbreedte kennen. Bij een verdere uitwerking zal dan ook, net als tijdens deze fase van het proces, wederom sprake moeten zijn van een iteratief proces van “tekenen en rekenen” zodat er ook bij de verdere uitwerking sprake blijft van een haalbare ontwikkeling.
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
57
5. 3 FA S E R I N G Het exploitatiegebied is in meerdere fases uitvoerbaar. Deze fasen hoeven niet exact ieder 650 woningen te zijn, maar hier is wel mee gerekend. Elke fase zal naar verwachting 10 jaar duren. Er is een bewuste keuze gemaakt om van oost naar west te faseren en niet van noord naar zuid. Dit heeft verschillende redenen: • er is een evenwichtige verdeling ten noorden en te zuiden van het spoor in relatie tot de woningen die worden gebouwd (met uitzondering van het zuidelijke plandeel waar een minder intensief woonmilieu passend is); • er is een evenwichtige verdeling tussen de grond van de gemeenten en van derden; • er is een goede aansluiting te maken op de bestaande voorzieningen; • de maatregelen die genomen dienen te worden ten aanzien van geluid zijn beperkt; • de infrastructuur die wordt toegevoegd is op deze manier minimaal.
Gebiedsvisie Fase 1 58
|
Financieel moeten de fasen ‘hun eigen broek op kunnen houden’. Als een fase wordt uitgesteld of niet ontwikkeld wordt, zal de ontsluiting voor verkeer en de bergingsen afvoercapaciteit van het water in de vorige fase(s) voldoende zijn gewaarborgd. In elke fase is er naast een hoofdontsluiting ook een 2e (nood-)ontsluiting mogelijk. In de gebiedsvisie is het woningprogramma passend over de deelgebieden noord en midden verdeeld, zodat gefaseerde ontwikkeling eenvoudiger wordt. Het zuidelijk deel wordt een minder intensief woonmilieu. Als optie is er ook de mogelijkheid voor een station. Concreet zal dit betekenen dat de volkstuinen en de hondenvereniging kunnen verplaatsen naar het zuidelijk plandeel op de gronden van de gemeente. Deze optie is nog niet meegenomen in de Grex.
Gebiedsvisie totaal
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
59
6 6 MACROPLANNING
TOT
EN
M E T R E A L I S AT I E
60
|
O N T W I K K E LV I S I E W E S T F I E L D S FA S E I I I
O N T W I K K E LV I S I E W E S T F I E L D S FA S E I I I
|
61
6 M A C R O P L A N N I N G T O T E N M E T R E A L I S AT I E Nadat de gemeenteraad een besluit heeft genomen over de ontwikkelstrategie, gebiedsvisie en GREX wordt gestart met de volgende stappen die gezet moeten worden om tot realisatie van de woningen te komen. 6. 1 S TA P P E N Deze stappen betreffen: • stakeholdersanalyse verder uitwerken met: de mate van overeenstemming, vertrouwen, (soort) belang en (soort) invloed per stakeholder. Hieruit volgt een beeld van de omgeving, zodat een effectieve omgevingsdialoog kan plaatsvinden. Het is belangrijk om stakeholders te betrekken bij het uitwerken van de woningbouwontwikkeling op deze locatie. Een representatieve afvaardiging van de stakeholders benoemen wij tot ‘Planteam’. de opzet van de samenwerking met de marktpartijen, opstellen samenwerkingsovereenkomst en het oprichten van een GEM ( of andere vorm).
62
|
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
• • • •
financiële afspraken en opstellen en besluitvorming over GREX. implementeren projectorganisatie en projectplan/ overeenkomst. nadere uitwerking omgevingsdialoog inclusief communicatieplan. de verdere uitwerking van de gebiedsvisie naar een stedenbouwkundig plan, bestemmingsplan of omgevingsplan en vervolgens uitwerkingsplannen per deelgebied.
G E B I E D S V I S I E E N O N T W I K K E L S T R AT E G I E W I J C H E N - W E S T
|
63
64
|
O N T W I K K E LV I S I E W E S T F I E L D S FA S E I I I
O N T W I K K E LV I S I E W E S T F I E L D S FA S E I I I
|
65
Vestiging Oosterhout Beneluxweg 125 Postbus 40 4900 AA Oosterhout +31 (0) 162 487 500 Vestiging Maastricht Wim Duisenbergplantsoen 21 Postbus 959 6200 AZ Maastricht +31 (0) 43 325 32 23 www.croonenburo5.com info@croonenburo5.com
1 Bijlage 2: Intentieovereenkomst Wijchen-West
Intentieovereenkomst Intentieovereenkomst betreffende de ontwikkeling van Wijchen-West De Partijen: 1. Mevrouw Marijke Duijneveld-van Beek, geboren op 29 april 1953 te Hengelo, handelend als burgemeester ter vertegenwoordiging, zulks overeenkomstig artikel 171, lid 1, Gemeentewet van de publiekrechtelijk rechtspersoon: GEMEENTE WIJCHEN, statutair gevestigd te Wijchen, kantoorhoudende aldaar aan de Kasteellaan 27, 6602 DB, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer @, zulks ter uitvoering van het besluit van het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Wijchen de dato @, en als zodanig hierna te noemen: “de Gemeente”; en 2.
a. b. c.
VOF Wychen West; Jansen Bouwontwikkeling B.V. ngeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer 10032658; NV Niba ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer 09036480;
Partijen a t/m c hierna gezamenlijk te noemen: “Ontwikkelaars”, Partijen onder 1 en 2, hierna gezamenlijk te noemen “Partijen”, Overwegende dat,
de gemeente een woningbouwopgave heeft vanuit subregionale woningbehoefteprognoses; zij overweegt om 650 woningen versneld in ontwikkeling te brengen in het plangebied Wijchen-West; de gemeente hiertoe een gebiedsvisie heeft op laten stellen, die door de gemeenteraad van de Gemeente is vastgesteld; de Woondeal Regio Arnhem Nijmegen uitgangspunt is voor de ontwikkeling. Op het gebied van de woning prijssegmentatie betekent dat dat 50% in het betaalbare segment moet vallen; volgens deze stedenbouwkundige verkenning maximaal 1.300 woningen in het visiegebied passen; in het gebied Wijchen-West naast de Gemeente ook andere partijen eigenaar zijn van gronden; een aantal van deze grondeigenaren heeft aangegeven gezamenlijk in samenwerking met de gemeente tot woningbouwopgave van Wijchen-West te willen komen; Partijen hun intenties over het bovenstaande en de kaders voor nadere uitwerking hiervan in deze intentieovereenkomst willen vastleggen zonder daarover op dit moment bindende afspraken te maken.
Komen het volgende overeen: Artikel 1 – Doel 1. Doel van deze overeenkomst is het vastleggen van de intentieafspraken bij de voorbereiding van de ontwikkeling van het gebied Wijchen-West. 2. Partijen komen overeen gezamenlijk de gebiedsvisie voor de eerste fase van 650 woningen uit te werken, daaronder ook begrepen de financiële haalbaarheid en planning. 3. Partijen zullen onderzoeken hoe zij deze samenwerking in het kader van de realisatie vorm willen geven; 4. Partijen dragen hun eigen kosten, totdat zij anders overeenkomen. 5. Partijen zullen een gezamenlijk projectteam oprichten om de doelen van deze overeenkomst te bereiken.
6.
De Ontwikkelaars verklaren bereid te zijn zich te organiseren in één juridische entiteit.
Artikel 2 – Resultaat 1. Partijen spannen zich in om een uitgewerkt stedenbouwkundig plan op te stellen voor de realisatie van de eerste 650 woningen, inclusief de financiële haalbaarheid en planning. 2. Partijen komen met een gezamenlijk voorstel voor een samenwerkingsvorm waarin zij zich tijdens de realisatiefase zullen verenigen. Artikel 3 – Vervolg 1. Partijen bepalen samen op welke wijze de realisatie van de gebiedsontwikkeling plaats zal vinden. Artikel 4 – Planning 1. Partijen komen een inspanningsverplichting overeen om de doelen van deze intentieovereenkomst op voortvarende wijze te behalen. Artikel 5 – Organisatie 1. Met betrekking tot de organisatie van dit project, komen Partijen het volgende overeen: a. Partijen wijzen ieder voor zich voor dit project een centraal aanspreekpunt aan. b. Partijen overleggen met elkaar op vooraf vast te stellen momenten. c. Er kunnen in de nader op te stellen en overeen te komen overeenkomst verdergaande afspraken gemaakt worden over zaken als de organisatievorm, samenstelling, taken, bevoegdheden, rapportage en besluitvorming. Artikel 6 – Opschortende voorwaarden Deze overeenkomst komt tot stand onder opschortende voorwaarden dat het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Wijchen besluit tot ondertekening van deze overeenkomst. Artikel 7 – Begin en einde overeenkomst 1.
Deze overeenkomst vangt aan nadat ze door alle Partijen is ondertekend. 2. Deze overeenkomst eindigt uiterlijk op 1 jan 2022, of zoveel eerder of later als partijen overeenkomen. 3. Bij aanvang en/of verlening van faillissement, surseance van betaling, dan wel staking of liquidatie van een de Partijen, is elke Partij gerechtigd deze overeenkomst onmiddellijk te beëindigen. 4. Indien een van de Partijen als individuele Partij uit deze overeenkomst wenst te treden, dient deze Partij dit schriftelijk en gemotiveerd aan de andere Partijen mede te delen. De onderhavige overeenkomst blijft na het uittreden van de desbetreffende Partij in stand tussen de overige Partijen. 5. Bij verdergaande samenwerking tussen gemeente en ontwikkelaars moeten alle afzonderlijke partijen voldoen aan BIBOB toets. Artikel 8 – Overdracht van rechten 1. Een partij is, zonder een expliciete schriftelijke goedkeuring van de andere Partijen, niet gerechtigd de rechten en verplichtingen uit deze Intentieovereenkomst geheel of gedeeltelijk over te dragen aan derden. 2. De overige Partijen zullen de in het vorige lid bedoelde goedkeuring niet op onredelijke gronden onthouden. Artikel 9 – Bijlagen Als bijlagen bij deze overeenkomst zijn de volgende documenten gevoegd: a. Gebiedsvisie Wijchen-West;