10 Bestemmingsplan Patrijzenlaan PDF vastgesteld 21-09-2022 20190829
Tekst van het document
Rho Adviseurs B.V.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
061400.20190829
blz 33
Europees: Kaderrichtlijn Water (KRW) Nationaal: Nationaal Waterplan (NW) Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW) Waterwet Provinciaal: Provinciaal Waterplan Provinciale Structuurvisie Verordening Ruimte Waterschapsbeleid In het Waterbeheerprogramma (WBP) (2022‐2027) staan de doelen van het waterschap Hollandse Delta: waterveiligheid (dijken en duinen) versterkte duinen meer biodiversiteit op de dijken minder CO2‐uitstoot, vergoten meer innovatie voldoende schoonwater Ook wordt aangegeven welk beleid gevoerd wordt en wat het waterschap in de planperiode wil doen om de doelen te bereiken. De maatregelen voor de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) zijn onderdeel van het plan. Uit het oogpunt van waterkwaliteit moet schoon hemelwater bij voorkeur worden afgekoppeld en direct worden geloosd op oppervlaktewater. Dit vermindert de vuiluitworp uit het gemengde rioolstelsel en verlaagt de belasting van de afvalwaterzuivering. De toename van verhard oppervlak leidt tot een zwaardere belasting van het oppervlaktewatersysteem en leidt met regelmaat tot wateroverlast stroomafwaarts. Om de zwaardere belasting van het oppervlaktewatersysteem onder normale omstandigheden tegen te gaan is het brengen van hemelwater vanaf verhard oppervlak op het oppervlaktewaterlichaam specifiek vergunningplicht gesteld.
Bij een toename van aaneengesloten verhard oppervlak van 500 m² of meer in stedelijk gebied of 1500 m2 of meer in landelijk gebied dient een vergunning aangevraagd te worden in het kader van de Keur. De versnelde afvoer als gevolg van de toename aan verharding moet volledig worden gecompenseerd door het aanbrengen van een gelijkwaardige vervangende voorziening (compensatieplicht), met een oppervlakte van 10% van de toename van verharding. Het waterschap geeft in volgorde de voorkeur aan de volgende gelijkwaardige voorzieningen: Nieuw te graven oppervlaktewater in de directe nabijheid van de verhardingtoename; Nieuw te graven oppervlaktewater binnen hetzelfde peilgebied; Nieuw te graven oppervlaktewater in het benedenstrooms gelegen peilgebied of een eventueel alternatief. Gemeentelijk waterplan Westvoorne (2008) Het doel van het gemeentelijk waterplan Westvoorne is het ontwikkelen van een gezamenlijke beleidsvisie op het gewenste watersysteem en de waterkwaliteit binnen de gemeente. Samen met de relevante partijen werken zij deze visie uit en stellen zij binnen het waterplan een maatregelenplan op om het beoogde watersysteem kwantitatief en kwalitatief te realiseren." Het gemeentelijk waterplan heeft betrekking op alle oppervlaktewater en grondwater binnen de gemeente, zowel binnen als buiten de bebouwde kom.
De interactie met de waterketen is opgenomen voor zover deze het watersysteem beïnvloedt bij riooloverstorten en lozingspunten op zowel de waterkwantiteits‐ als de waterkwaliteitsaspecten.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
Rho Adviseurs B.V.
blz 34
061400.20190829
Binnen het waterplan is door de betrokken partijen een gezamenlijke visie 2050 opgesteld op het gemeentelijk watersysteem. Onderzoek Huidige situatie Het plangebied is gesitueerd in de kern van het dorp Oostvoorne. Het plangebied is ter plaatse van de straten en woningen verhard. Tussen de rijen woningen liggen ruime groenstroken. Bodem en grondwater Het plangebied maakt geen deel uit van een waterwingebied of een grondwaterbeschermingsgebied. Vanwege de ligging van het plangebied in de bebouwde kom van Oostvoorne is het plangebied niet gekarteerd op de Bodemkaart van Nederland. De maaiveldhoogte ter plaatse bedraagt circa 0,5 ‐ 1,5 meter +NAP, zie figuur 4.4. Rondom het plangebied zijn verschillende grondwatertrappen gesitueerd, zie figuur 4.5.
Figuur 4.4 Maaiveldhoogte van het plangebied (bron: Actueel Hoogtebestand Nederland).
Rho Adviseurs B.V.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
061400.20190829
blz 35
Figuur 4.5 Grondwatertrappen in en rondom Oostvoorne. Waterkwantiteit Binnen het plangebied en in de nabije omgeving zijn geen watergangen aanwezig. Watersysteemkwaliteit en ecologie Binnen het plangebied of in de nabije omgeving liggen geen oppervlaktewaterlichamen die zijn aangewezen vanuit de Kaderrichtlijn Water. Verder bevinden zich tevens geen natte ecologische verbindingszone zoals opgenomen in het (provinciale) Natuurnetwerk Nederland binnen of in de nabijheid van het plangebied. Veiligheid en waterkeringen Het plangebied is niet gelegen binnen de kern‐ of beschermingszone van een waterkering. Afvalwaterketen en riolering De bestaande sociale huurwoningen zijn al aangesloten op het rioleringsstelsel. Het andere deel van het plangebied is nog onbebouwd. Toekomstige situatie De beoogde ontwikkeling betreft de sloop van 26 sociale huurwoningen. Hier komen 42 nieuwe sociale huurwoningen voor in de plaats. Bodem en grondwater De beoogde ontwikkeling heeft geen gevolgen voor de bodem. Waterkwantiteit Volgens het beleid van Waterschap Hollandse Delta dient een toename van het verhard oppervlak gecompenseerd te worden. In het kader van de Keur dient bij een toename van het verhard oppervlak van 500 m2 of meer binnen stedelijk gebied gecompenseerd te worden. Met het beoogde plan vindt meer verharding plaats in het plangebied dan in de huidige situatie.
In figuur 4.6 is de inrichtingstekening weergegeven met hierin de oppervlaktes verhard en onverhard. De tekening is tevens opgenomen in bijlage 8. De tuinen worden voor 50% meegenomen als verhard oppervlak. Hiermee komt de nieuwe verharding afgerond op 5.400 m2. In de huidige situatie is circa 3.300 m2 verhard. De toename in verharding betreft daarom 2.100 m2. Omdat de toename meer dan 500 m2 bedraagt, dient watercompensatie plaats te vinden. Conform het beleid van Waterschap Hollandse Delta dient er 10% gecompenseerd te worden. De benodigde watercompensatie voor het plan Patrijzenlaan bedraagt derhalve 210 m2. Dit wordt in het aangrenzend plan Fazantenlaan gerealiseerd, dit bestemmingsplan wordt parallel aan
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
Rho Adviseurs B.V.
blz 36
061400.20190829
dit bestemmingsplan voorbereid. In het plan Fazantenlaan is er sprake van een toename aan verharding van 18.493 m2. De compensatie voor dat plan bedraagt daardoor 1.849 m2. Samen met de te realiseren compensatie van 210 m2 voor het plan Patrijzenlaan, is sprake van een totaal van 1.849 m2 + 210 m2 = 2.059 m2 aan te realiseren watercompensatie. In het plan Fazantenlaan zal 2.140 m2 aan waterberging gerealiseerd worden waarvan 1.278 m2 aan openbaar water en 862 m2 aan droge waterberging. Het plan Fazantenlaan omvat zodoende dus haar eigen watercompensatie en de watercompensatie voor de Patrijzenlaan. Er wordt hiermee aan de compensatie‐eis voldaan. Beide gebieden vallen in hetzelfde peilgebied.
Figuur 4.6 Inrichtingstekening Afvalwaterketen en riolering Conform de Leidraad Riolering en vigerend waterschapsbeleid is het voor nieuwbouw gewenst een gescheiden rioleringsstelsel aan te leggen zodat schoon hemelwater niet bij een rioolwaterzuiveringsinstallatie terecht komt. Afvalwater wordt aangesloten op de bestaande gemeentelijke riolering. Voor hemelwater wordt de volgende voorkeursvolgorde aangehouden: hemelwater vasthouden voor benutting; (in‐) filtratie van afstromend hemelwater; afstromend hemelwater afvoeren naar oppervlaktewater; afstromend hemelwater afvoeren naar RWZI. De hemelwaterafvoer van de nieuwe woningen wordt aangesloten op de bestaande riolering, maar waar het kan afgekoppeld van het rioleringsstelsel. Watersysteemkwaliteit en ecologie Ter voorkoming van diffuse verontreinigingen van water en bodem is het van belang om duurzame, niet‐uitloogbare materialen te gebruiken, zowel gedurende de bouw‐ als de gebruiksfase.
Rho Adviseurs B.V.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
061400.20190829
blz 37
Veiligheid en waterkeringen De ontwikkeling heeft geen invloed op de waterveiligheid in de omgeving. Waterbeheer Voor aanpassingen aan het bestaande watersysteem dient bij het waterschap vergunning te worden aangevraagd op grond van de 'Keur'. Dit geldt dus bijvoorbeeld voor het graven van nieuwe watergangen, het aanbrengen van een stuw of het afvoeren van hemelwater naar het oppervlaktewater. In de Keur is ook geregeld dat een beschermingszone voor watergangen en waterkeringen in acht dient te worden genomen. Dit betekent dat binnen de beschermingszone niet zonder ontheffing van het waterschap gebouwd, geplant of opgeslagen mag worden. De genoemde bepaling beoogt te voorkomen dat de stabiliteit, het profiel en/of de veiligheid wordt aangetast, de aan‐ of afvoer en/of berging van water wordt gehinderd dan wel het onderhoud wordt gehinderd. Ook voor het onderhoud gelden bepalingen uit de 'Keur'. Het onderhoud en de toestand van de (hoofd)watergangen worden tijdens de jaarlijkse schouw gecontroleerd en gehandhaafd. Conclusie De ontwikkeling heeft geen negatieve gevolgen voor het waterhuishoudkundige systeem ter plaatse.
4.9
Kabels en leidingen
Beleid en normstelling Planologisch relevante leidingen en hoogspanningsverbindingen dienen te worden gewaarborgd. Tevens dient rond dergelijke leidingen rekening te worden gehouden met zones waarbinnen mogelijke beperkingen gelden. Planologisch relevante leidingen zijn leidingen waarin de navolgende producten worden vervoerd: gas, olie, olieproducten, chemische producten, vaste stoffen/goederen; aardgas met een diameter groter of gelijk aan 18 inch; defensiebrandstoffen; warmte en afvalwater, ruwwater of halffabrikaat voor de drink‐ en industriewatervoorziening met een diameter groter of gelijk aan 18 inch. Beoordeling en conclusie Binnen het plangebied en in de directe omgeving zijn geen relevante buisleidingen, hoogspanningsverbindingen of straalpaden aanwezig. Het aspect kabels en leidingen staat de beoogde ontwikkeling niet in de weg.
4.10
Archeologie en cultuurhistorie
Toetsingskader De Nederlandse bodem zit vol met archeologische waarden. Met de ondertekening van het Europese verdrag van Valletta in 1992, een verdrag over behoud en beheer van het archeologische erfgoed, hebben de lidstaten zich tot doel gesteld het bodemarchief te beschermen. Met ingang van 1 september 2007 is het Verdrag van Valletta geïmplementeerd in de Nederlandse wetgeving door middel van de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (Wamz), waardoor het verdrag een juridisch fundament kreeg. Deze wijzigingswet heeft onder meer wijzigingen aangebracht in de Monumentenwet 1988.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
Rho Adviseurs B.V.
blz 38
061400.20190829
De Monumentenwet is op 1 juli 2016 deels (met een overgangstermijn tot de Omgevingswet) vervangen door de Erfgoedwet. Deze wet handelt over het aanwijzen van te beschermen cultureel erfgoed. Naast de Monumentenwet vervangt de Erfgoedwet ook andere wetten zoals de Wet tot behoud van cultuurbezit. De Erfgoedwet kent een aantal nieuwe bepalingen. Het gaat om het vaststellen van een gemeentelijke erfgoedverordening en het bijhouden van een erfgoedregister. Ook dienen burgemeester en wethouders het voornemen om hun cultuurgoederen en verzamelingen te vervreemden bekend te maken. De Erfgoedwet bevat bovendien diverse veranderingen met lokale gevolgen, zoals de vervanging van de landelijke aanwijzing van beschermde stads‐ en dorpsgezichten door een rijksinstructie aan gemeenten. De vuistregel voor de verdeling tussen de Erfgoedwet en de nieuwe Omgevingswet is: Roerend cultureel erfgoed en de aanwijzing van rijksmonumenten staat in de Erfgoedwet; De aanwijzing van ruimtelijk cultureel erfgoed (stads‐ en dorpsgezichten en cultuurlandschappen) en omgang met het cultureel erfgoed in de fysieke leefomgeving komt in de Omgevingswet. Onderzoek Op basis van het gemeentelijk archeologiebeleid geldt binnen het plangebied Waarde Archeologie 4. Hierbij hoort een onderzoeksplicht bij ingrepen groter dan 200 m2 en dieper dan 80 cm.
Gelet op de eerdere planvorming is in 2010 reeds archeologisch onderzoek uitgevoerd, wat ook door BOOR beoordeeld is. Op grond hiervan is het plangebied destijds vrijgegeven voor woningbouwontwikkeling. Bureauonderzoek Fazantenlaan (2005) In 2005 is voor het niet bebouwde deel van het plangebied ten noorden van de Fazantenlaan een bureauonderzoek uitgevoerd door Hazenberg Archeologie. Uit het bureauonderzoek is gebleken dat: De weinige waarnemingen in de omgeving van het plangebied, betreffen losse vondsten in dieper gelegen veen‐ en kleilagen uit de Romeinse tijd en de late middeleeuwen, op grote afstand van het plangebied; Ondanks de hoge verwachtingswaarde in het plangebied, is het daarom onwaarschijnlijk dat in de bovenste 2 meter beneden maaiveld archeologische waarden aanwezig zijn; Bij verstoringen tot een diepte van 2 meter beneden maaiveld is dan ook geen nader onderzoek naar de aanwezigheid van archeologische waarden nodig; Bij verstoring van de bodem door graafwerkzaamheden of het slaan van heipalen dieper dan 2 meter beneden maaiveld, is inventariserend booronderzoek nodig om de aanwezigheid van archeologische waarden in de veen‐ en kleilagen te bepalen.
Verkennend inventariserend veldonderzoek Fazantenlaan (2010) In 2010 is in vervolg op het bureauonderzoek een verkennend inventariserend veldonderzoek uitgevoerd door Hazenberg Archeologie voor het deel van het plangebied ten noorden van de Fazantenlaan, zie ook bijlage 7. Doel van het veldonderzoek was het toetsen en aanvullen van de archeologische verwachting van de veen‐ en kleilagen dieper dan 2 meter beneden maaiveld. Daarvoor zijn 28 boringen tot maximale diepte van 5 meter beneden maaiveld gezet. Uit het veldonderzoek is gebleken dat: de klei en veenlagen zijn afgezet in een vrijwel permanent nat milieu. Deze lagen zijn ook na afzetting niet ontkalkt of gerijpt; het plangebied is het grootste deel van de tijd een laaggelegen en vrij dras gebied geweest en was daarom niet geschikt voor bewoning; tijdens het veldonderzoek zijn geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van archeologische resten gevonden; er worden in de ondergrond tot 5 meter beneden maaiveld geen waardevolle archeologische resten meer verwacht. De verwachtingswaarde dient dan ook naar beneden bijgesteld te worden; zonder verder archeologisch onderzoek kan daarom worden gestart met de voorgenomen werkzaamheden.
Rho Adviseurs B.V.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
061400.20190829
blz 39
Ten aanzien van cultuurhistorie geldt dat binnen het plangebied geen aangewezen monumenten of andere beschermde objecten aanwezig zijn. Met de verkaveling wordt wel rekening gehouden met de omliggende historische wegenstructuur. Conclusie De aspecten archeologie en cultuurhistorie staan de planontwikkeling niet in de weg.
4.11
Mobiliteit
Toetsingskader Op het gebied van verkeer en vervoer bestaat geen specifieke wetgeving die relevant is voor de voorgenomen activiteit. Wel dient in het kader van het ruimtelijk plan dat de activiteit mogelijk maakt, te worden onderbouwd dat het geheel voldoet aan een goede ruimtelijke ordening. Dit houdt onder meer in dat er voldoende parkeergelegenheid aanwezig dient te zijn en de eventuele verkeerstoename niet leidt tot knelpunten in de verkeersafwikkeling. Voor de beoogde ontwikkeling wordt de verkeersgeneratie berekend op basis van kencijfers uit CROW publicatie 381 (Toekomstbestendig Parkeren). Het aantal parkeerplaatsen in het plangebied dient te voldoen aan de parkeernormen zoals opgenomen in het gemeentelijk parkeerbeleid (Parkeerbeleidnota Westvoorne 2012 ‐ 2016). Deze verwijst door naar de parkeerkencijfers van het CROW. Daarom wordt net als bij de verkeersgeneratie aangesloten bij de kencijfers uit CROW publicatie 381 (Toekomstbestendig parkeren). Voor het juiste kencijfer / parkeernorm wordt een ligging in de rest bebouwde kom aangehouden, de gemeente heeft een weinig stedelijk karakter op basis van de adressendichtheid. Ontsluiting Gemotoriseerd verkeer Het plangebied wordt omsloten door de Fazantenlaan, de Patrijzenlaan, de Rialaan en de Van der Meerweg.
De beoogde woningen aan de Patrijzenlaan worden, vergelijkbaar met de bestaande situatie, ontsloten door insteekstraten die zich haaks op de Patrijzenlaan bevinden. De Fazantenlaan en Patrijzenlaan zijn gecategoriseerd als gebiedsontsluitingsweg, hier geldt een maximum snelheid van 50 km/u. De Van der Meerweg en Rialaan zijn beide erftoegangswegen, onderdeel van een 30 km/u zone. De Fazantenlaan kruist in oostelijke richting met de Voorweg. De Voorweg is een belangrijke ontsluitingsweg in Oostvoorne. In de noordoostelijke richting kan via De Ruy en Brielseweg de provinciale weg N218 en vervolgens Rijksweg A15 worden bereikt. In zuidelijke richting kan (via de Heveringseweg en (Verlengde) Lodderlandsedijk) de provinciale weg N496 richting Rockanje en de N57 in zuidelijke richting worden bereikt. De ontsluiting van het plangebied voor gemotoriseerd verkeer is goed. Langzaam verkeer Op de ontsluitingswegen Fazantenlaan, Patrijzenlaan, Van der Meerweg en Rialaan deelt het fietsverkeer de rijbaan met het gemotoriseerde verkeer. Langs de ontsluitingswegen van het projectgebied zijn voetpaden aanwezig. De ontsluiting van het plangebied voor langzaam verkeer is goed.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
Rho Adviseurs B.V.
blz 40
061400.20190829
Openbaar vervoer De dichtstbijzijnde bushalte (Voorweg) vindt zich op circa 500 meter loopafstand van het plangebied. Aldaar halteert bus 403, deze streekbus rijdt tussen Spijkenisse Metro Centrum en Rockanje, via Brielle en Oostvoorne. De ontsluiting van het plangebied voor openbaar vervoer is goed. Parkeren Parkeerbehoefte Het aantal parkeerplaatsen in het plangebied dient te voldoen aan de parkeernormen zoals opgenomen in het gemeentelijke parkeerbeleid (Parkeerbeleidnota Westvoorne 2012 – 2016). Hierin wordt verwezen naar parkeerkencijfers van het CROW. Tabel 4.2 toont de berekende parkeerbehoefte op basis van de meest actuele CROW kencijfers (publicatie 381) en de beoogde woningaantallen (worst‐case). Tabel 4.3. Parkeerbehoefte plangebied Aantal Huur, huis, sociale huur 42 woningen
Parkeernorm 1,6 per woning
Parkeerbehoefte 68 parkeerplaatsen
Parkeeraanbod Op eigen terrein en in de openbare ruimte zullen voldoende parkeerplaatsen aanwezig zijn om in deze parkeerbehoefte te voorzien. Parkeren vormt daarmee geen knelpunt. Verkeersgeneratie en –afwikkeling Verkeersgeneratie In het gebied langs de Patrijzenlaan zijn in de huidige situatie 26 seniorenwoningen aanwezig. Deze woningen hebben een verkeersaantrekkende werking maar worden gesloopt. In de plaats komen maximaal 42 sociale huurwoningen (worst‐case). De huidige en toekomstige verkeersgeneratie van het plangebied wordt berekend op basis van kencijfers uit CROW publicatie 381 (Toekomstbestendig Parkeren). Tabel 4.3 toont de berekening. Tabel 4.4. Verkeersgeneratie plangebied Huidig Aantal Kleine eenpersoonswoning (tiny house, meestal grondgebonden) Toekomstig Huur, huis, sociale huur Verschil huidig/toekomstig
Kencijfer CROW
26 woningen
2,1 per woning
Verkeersgeneratie (weekdaggemiddelde) 55 mvt/etmaal
42 woningen
5,6 per woning
235 mvt/etmaal 180 mvt/etmaal
In de toekomstige situatie zorgen de beoogde woningen voor een toename van de verkeersgeneratie van 180 mvt/etmaal op een gemiddelde weekdag. Omrekening naar een gemiddelde werkdag vindt plaats met de standaard factor 1,11 voor woonfuncties. Op een gemiddelde werkdag zorgt de ontwikkeling hierdoor voor een toename van 200 mvt/etmaal. Verkeersafwikkeling Het plan Patrijzenlaan is gelijktijdig met het plan Fazantenlaan voorbereid en de verkeersafwikkeling van beide plannen vindt grotendeels via dezelfde wegen plaats. Om die reden is de verkeersgeneratie van beide plannen in samenhang bezien om tot een ingrale beoordeling van de verkeersafwikkeling te komen. Het plan Patrijzenlaan zal volledig worden ontsloten via de Patrijzenlaan. Omdat deze laan ten noorden van het plangebied dood loopt, zal het verkeer van dit plan in zuidelijke richtin worden afgewikkeld op
Rho Adviseurs B.V.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
061400.20190829
blz 41
de Fazantenlaan. De verkeersgeneratie van het plan Patrijzenlaan bedraagt 200 mvt/etmaal gedurende een werkdag. Vanaf de Patrijzenlaan wikkelt het verkeer zich verder af via de Voorweg Het plan Fazantenlaan met een verkeersgeneratie van 600 mvt/etmaal gedurende een gemiddelde werkdag, zal volledig worden ontsloten op de Fazantenlaan, waarna het verkeer zal worden afgewikkeld op de Voorweg. Voor de Voorweg is de aanname gedaan, dat circa 65% van het verkeer naar het noorden rijdt (richting centrum, N218, N57 en A15) en de overige 35% naar het zuiden (N496, N57). Een overzicht van deze verdeling, is weergegeven in figuur 4.6.
Figuur 4.6
Verkeerstoedeling plangebieden
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
Rho Adviseurs B.V.
blz 42
061400.20190829
Zowel de Patrijzenlaan als de Fazantenlaan zijn gecategoriseerd als gebiedsontsluitingsweg met een maximumsnelheid van 50 km/uur. Een gebiedsontsluitingsweg met vrijliggende fietspaden kan doorgaans, conform het principe Duurzaam Veilig, een verkeersintensiteit tussen de 10.000 en 15.000 mvt/etmaal vlot en veilig verwerken. Aangezien er voor fietsers op de Patrijzen‐ en Fazantenlaan geen vrijliggende fietsvoorzieningen aanwezig zijn, moeten fietsers de rijbaan delen met het gemotoriseerde verkeer. Hierdoor zal de capaciteit van de Patrijzenlaan en Fazantenlaan naar verwachting tussen de 6.000 en 10.000 mvt/etmaal bedragen. Om te onderzoeken of de capaciteit van de Patrijzenlaan en/of Fazantenlaan wordt overschreden wordt gebruik gemaakt van verkeerstellingen van de gemeente. De intensiteiten die afkomstig zijn van de verkeerstellingen betreffen weekdagcijfers. Voor het beoordelen van de verkeersafwikkeling zijn werkdagintensiteiten maatgevend. Voor binnenstedelijke wegen wordt voor het omrekenen van weekdagintensiteiten naar werkdagintensiteiten een omrekenfactor van 1,09 aangehouden (onderzoek Rho Adviseurs). Volgens de gemeentelijke verkeerstellingen bedroeg in 2015 de verkeersintensiteit op de Patrijzenlaan 379 mvt/etmaal gedurende een gemiddelde weekdag en 413 mvt/etmaal gedurende een gemiddelde werkdag.
Doordat de intensiteiten uit 2015 zijn worden deze naar het jaar 2032 doorgerekend aan de hand van een autonome groei van 1,5% per jaar. Hiermee komt de intensiteit op circa 532 mvt/etmaal gedurende een gemiddelde werkdag. Daarmee kan gesteld worden dat de verwachte verkeersintensiteit op de Patrijzenlaan dan ook ruim onder de capaciteit van de Patrijzenlaan (tussen de 6.000 en 10.000 mvt/etmaal) zal zitten. Na de verkeerstoename ten gevolge van het plan Patrijzenlaan zal de intensiteit op de Patrijzenlaan in de toekomstige situatie 732 mvt/etmaal bedragen gedurende een gemiddelde werkdag. Dit ligt nog steeds ruim onder de minimale capaciteit van de weg. Hieruit wordt geconcludeerd dat de verkeersafwikkeling dan ook niet tot knelpunten zal leiden. Volgens de gemeentelijke verkeerstellingen bedroeg in 2019 de verkeersintensiteit op de Fazantenlaan 2.490 mvt/etmaal gedurende een gemiddelde weekdag en 2.714 mvt/etmaal gedurende een gemiddelde werkdag. Doordat de intensiteiten uit 2019 zijn worden deze naar het jaar 2032 doorgerekend aan de hand van een autonome groei van 1,5% per jaar. Hiermee komt de intensiteit op circa 3.294 mvt/etmaal gedurende een gemiddelde werkdag. Daarmee kan gesteld worden dat de verwachte verkeersintensiteit op de Fazantenlaan dan ook ruim onder de capaciteit van de Fazantenlaan (tussen de 6.000 en 10.000 mvt/etmaal) zal zitten.
Na de verkeerstoename ten gevolge van beide planbijdrages zal de intensiteit op de Fazantenlaan in de toekomstige situatie 4.094 mvt/etmaal bedragen gedurende een gemiddelde werkdag. Dit ligt nog steeds ruim onder de minimale capaciteit van de weg. Hieruit wordt geconcludeerd dat de verkeersafwikkeling dan ook niet tot knelpunten zal leiden. De Fazantenlaan en de Patrijzenlaan zijn breed genoeg zodat het autoverkeer het fietsverkeer veilig kan passeren. Daarnaast kan gesteld worden dat de toename als gevolg van de plannen dermate gering is en de Fazantenlaan een relatief lage verkeersintensiteit kent ten opzichte van de capaciteit van de weg, dat de verkeersveiligheid op deze weg na planontwikkeling niet leidt tot knelpunten. Conclusie De ontsluiting van het plangebied is goed voor de verschillende vervoerswijzen. Het aantal parkeerplaatsen dat wordt gerealiseerd dient te voldoen aan de gemeentelijke parkeernormen. De ontwikkeling leidt tot een verkeerstoename van het plangebied, de omliggende ontsluitingswegen bieden voldoende capaciteit om deze verkeerstoename af te wikkelen. De aspecten verkeer en parkeren staan de ontwikkeling niet in de weg.
Rho Adviseurs B.V.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
061400.20190829
4.12
blz 43
Wegverkeerslawaai en industrielawaai
Normstelling en beleid In het kader van de Wet geluidhinder (Wgh) bevinden zich langs alle wegen geluidzones, met uitzondering van woonerven en 30 km/u‐wegen. Binnen de geluidzone van een weg dient de geluidbelasting aan de gevel van nieuwe geluidgevoelige bestemmingen aan wettelijke normen te voldoen. Volgens artikel 74 van de Wgh is de breedte van een geluidszone afhankelijk van het aantal rijstroken en de ligging van de weg (stedelijk of buitenstedelijk). Binnen het plangebied worden woningen mogelijk gemaakt. Volgens de Wet geluidhinder (Wgh) is wonen een geluidgevoelige functie. Daarom dient akoestisch onderzoek uitgevoerd dient te worden, indien deze gelegen zijn binnen de geluidzone van een weg, een spoorweg of een industrieterrein. Onderzoek Voor het plangebied is een akoestisch onderzoek uitgevoerd voor wegverkeer‐ en industrielawaai op de nieuwe woningen uit het plan Patrijzenlaan zie bijlage 9. Omdat bij het opstellen van dit onderzoek oorspronkelijk ook het plangebied van het naastgelegen project Fazantenlaan is meegenomen, is de scope van dit onderzoek ruimer dan sec het plan Patrijzenlaan. Inmiddels is er voor het plan Fazantenlaan een separaat onderzoek uitgevoerd. Uit het rapport dat als bijlage 9 is opgenomen, zijn daarom alleen de conclusies ten aanzien van dit bestemmingspan Patrijzenlaan relevant.
Uit het rapport blijkt ten aanzien van het plan Patrijzenlaan, dat het plangebied binnen de geluidzones van de Fazantenlaan, de Patrijzenlaan en de Voorweg ligt. Daarnaast is het plangebied ook binnen de geluidszone van het industrieterrein Maasvlakte‐Europoort. Akoestisch onderzoek is op grond van de Wgh dan ook noodzakelijk. Ook de 30 km/uur‐weg Van der Meerweg is in het kader van een goede ruimtelijke ordening meegenomen in het onderzoek. Ten aanzien van de geluidbelasting van het (extra) wegverkeer op bestaande woningen bestaat er geen wettelijk kader. In het kader van een goede ruimtelijke ordening kan kwalitatief worden beoordeeld of de toename van verkeersgeluid na realisatie van de nieuwe woningen ten opzichte van de toekomstige situatie zonder realisatie van de nieuwe woningen aanvaardbaar is. Een vuistregel is dat de geluidtoename akoestisch verwaarloosbaar is als de verkeersintensiteit op een weg of wegvak minder dan 40% toeneemt, wanneer andere variabelen (locatie bebouwing, samenstelling van het verkeer, verhardingssoort e.d.) onveranderd blijven. Een toename van 40% komt dan overeen met een toename van 1,5 dB, zijnde het reconstructiecriterium uit de Wet geluidhinder. Voor het menselijk gehoor geldt dat pas bij een toename hoger dan 1,5 dB (afgerond 2 dB) dit als zodanig waarneembaar is.
Hoewel de toename van verkeer op de Fazantenlaan als gevolg van dit plan onder de genoemde 40% toename blijft, is in het kader van dit plan een notitie met berekening opgesteld om de geluidtoename inzichtelijk te maken. Deze notitie is opgenomen in bijlage 10. Conclusie Wegverkeerslawaai De conclusies voor de nieuwe woningen uit het plan Patrijzenlaan zijn: dat de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden ten gevolge van de Patrijzenlaan. De hoogst berekende geluidbelasting is 52 dB. Maatregelonderzoek is nodig. dat een effectieve maatregel om de geluidbelasting ten gevolge van de Patrijzenlaan te reduceren tot de voorkeursgrenswaarde het verlagen van de snelheid op de Patrijzenlaan ten oosten van de Koekoekslaan naar 30 km/uur is. Na deze maatregel zijn geen hogere waarden meer benodigd. De woningen worden mogelijk gemaakt in een aanvaardbaar woon‐ en leefklimaat. dat ten gevolge van de gezoneerde wegen Fazantenlaan en Voorweg de voorkeursgrenswaarde niet wordt overschreden. Ook ten gevolge van de Van der Meerweg (niet gezoneerd) wordt de richtwaarde van 48 dB niet overschreden.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
Rho Adviseurs B.V.
blz 44
061400.20190829
De conclusies voor de bestaande woningen aan de Patrijzenlaan is dat de geluidtoename als gevolg van het extra verkeer dat met het plan Patrijzenlaan gemoeid is, onder de 1,5 dB blijft. Daarmee is deze toename niet akoestisch relevant en niet tot nauwelijks waarneembaar, en daarmee in het kader van goede ruimtelijke ordening aanvaardbaar. Industrielawaai De conclusies voor de nieuwe woningen woningen uit het plan Patrijzenlaan zijn: dat op de woningen de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) wordt overschreden ten gevolge van het industrieterrein Maasvlakte‐Europoort. De overschrijding bedraagt 3 dB(A). Maatregelen om de geluidbelasting te reduceren zijn niet mogelijk. Voor 45 woningen moet door het college van Burgemeester en Wethouders een hogere waarde worden vastgesteld. Beleid hogere waarden Alle woningen zullen beschikken over een geluidluwe gevel en een geluidluwe buitenruimte zoals vereist volgens het gemeentelijk geluidbeleid. Voor het voorkomen van geluidhinder en slaapverstoring is het volgens het beleid zeer wenselijk dat geluidgevoelige ruimten, zoals woon‐ en slaapkamers, zo min mogelijk aan de geluidbelaste zijde van de woning worden gerealiseerd. Hiermee dient bij de uitwerking rekening gehouden te worden. De aspecten wegverkeerslawaai planontwikkeling.
4.13
en
industrielawaai
leveren
geen
belemmering
voor
de
Duurzaamheid
Toetsingskader Routekaart duurzaam Voorne‐Putten 2040 Op Voorne‐Putten is de afgelopen jaren hard gewerkt aan duurzaamheid. Er liggen steeds meer zonnepanelen, afval wordt steeds verder gescheiden, er verschijnen elektrische auto's en er wordt energie bespaard. En toch is dit nog maar het begin. Gemeente Westvoorne, Brielle, Nissewaard en gemeente Hellevoetsluis willen als vier gemeenten gezamenlijk samen met andere stakeholders een duurzaam Voorne‐Putten op de kaart zetten. Voorne‐Putten werkt regionaal samen met 9 andere gemeenten binnen de Alliantie Energietransitie (voormalige Alliantie Duurzaam Rijnmond) om lokaal de klimaatverandering tegen te gaan. Binnen deze samenwerking wordt kennis gedeeld en worden gezamenlijk projecten opgestart. Het lokale Economic Board van Voorne‐Putten (bestaand uit lokale ondernemers en gemeenten) ziet ook het belang van een duurzame regio en de kansen die het biedt voor nieuwe werkgelegenheid en bedrijvigheid. Vanuit de nieuwe Omgevingswet die per 2021 van kracht wordt zal de realisatie van duurzame energie beleidsmatig vanuit omgevingsplannen gecoördineerd worden. Onderzoek Bij de realisatie van de woningen wordt aangesloten bij de eisen die gesteld worden vanuit het bouwbesluit. Conclusie Het aspect duurzaamheid wordt hiermee voldoende toegepast.
Rho Adviseurs B.V.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
061400.20190829
Hoofdstuk 5
5.1
blz 45
Juridische planbeschrijving
Bestemmingsplansystematiek
De regels van het bestemmingsplan bestaan uit de volgende onderdelen: ‐ inleidende regels; ‐ bestemmingsregels; ‐ algemene regels; ‐ overgangs‐ en slotregel.
5.2
Planregels
5.2.1 Inleidende regels Begrippen Dit artikel definieert de begrippen die in het bestemmingsplan worden gebruikt. Dit wordt gedaan om interpretatieverschillen te voorkomen. Wijze van meten Dit artikel geeft aan hoe de lengte, breedte, hoogte, diepte en oppervlakte en dergelijke van bouwwerken worden gemeten of berekend. Alle begrippen, waarin maten en waarden voorkomen, worden in dit artikel verklaard. 5.2.2 Bestemmingsregels Groen De gronden met de bestemming ‘Groen’ zijn bestemd voor groenvoorzieningen en daarbij behorende voorzieningen, zoals fiets‐ en voetpaden, speelvoorzieningen, nutsvoorzieningen, straatmeubilair en water. Binnen de bestemming mogen uitsluitend gebouwen voor nutsvoorzieningen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd. Tuin De gronden met de bestemming 'Tuin' zijn bestemd voor tuinen bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouwen, alsmede voor water en parkeervoorzieningen. De voortuinen zijn bestemd als Tuin bij de woningen. Gebouwen en overkappingen zijn hier uitgesloten, waardoor alleen overige bouwwerken zijn toegestaan. Verkeer De gronden met de bestemming ‘Verkeer’ zijn bestemd voor wegen, verblijfsgebied, voet‐ en fietspaden en daarbij behorende voorzieningen, zoals geluidwerende voorzieningen, groen, parkeervoorzieningen, straatmeubilair en water.
Binnen de bestemming mogen uitsluitend gebouwen voor nutsvoorzieningen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
Rho Adviseurs B.V.
blz 46
061400.20190829
Wonen De gronden met de bestemming 'Wonen' zijn bestemd voor wonen, met daaronder begrepen beroepsmatige activiteiten en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten. Verder zijn bijbehorende voorzieningen, zoals erven, nutsvoorzieningen, parkeervoorzieningen, tuinen en water mogelijk binnen de bestemming. Het totaal aantal woningen bedraagt maximaal 41. Ook is bepaald dat aaneengebouwde hoofdgebouwen uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding ‐ aaneengebouwd' worden gebouwd en uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding ‐ gestapeld' mogen hoofdgebouwen gestapeld worden gebouwd. Binnen de bestemming zijn nog specifieke gebruiksregels opgenomen voor zelfstandige bewoning van vrijstaande bijgebouwen en voor beroepsmatige activiteiten en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten. 5.2.3 Algemene regels In dit onderdeel van de regels komen algemene regels aan de orde die gelden voor alle bestemmingen in het bestemmingsplan. Anti‐dubbeltelbepaling Een Anti‐dubbeltelregel wordt opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein niet nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld.
De formulering van de anti ]dubbeltelregel is bindend voorgeschreven in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.2.4 Bro). Algemene bouwregels Het artikel Algemene bouwregels bevat enkele algemene regels voor het bouwen. Zo zijn er regels over parkeergelegenheid, de geringe overschrijding van bouwgrenzen of oppervlaktematen door ondergeschikte onderdelen van gebouwen. Ook wordt voorzien in een regeling voor overkappingen, luifels, overstekken en ondergrondse gebouwen, waarin wordt vastgelegd waar deze zijn toegestaan en in hoeverre deze meetellen bij de inhouds‐ en oppervlaktemaat van de bovengrondse gebouwen. Algemene gebruiksregels Hoewel het gebruik van gronden en bouwwerken is geregeld in de Wro, zijn voor de duidelijkheid regels opgenomen over dit gebruik. Een voorbeeld is een algemeen verbod om gronden en bouwwerken te gebruiken in strijd met de bestemming of de bijbehorende regels. Algemene afwijkingsregels In deze artikelen wordt een opsomming gegeven van de regels waarvan kan worden afgeweken. Ook wordt een opsomming gegeven van de regels waarmee door middel van een wijzigingsbevoegdheid ex artikel 3.6 Wro het mogelijk is enige flexibiliteit in het plan aan te brengen. Het gaat hierbij om een bevoegdheid en dus geen verplichting.
Overige regels Werking wettelijke regelingen: In de regels van een bestemmingsplan wordt in een toenemend aantal gevallen met verwijzing naar een (andere) wettelijke regeling een procedure, begrip en/of functie uit die andere regeling van toepassing verklaard. De van toepassing verklaarde wettelijke regeling geldt zoals deze luidt op het moment van de vaststelling van het plan. 5.2.4 Overgangs‐ en slotregels In het afsluitende onderdeel van de regels komen de overgangs‐ en slotregel aan de orde. De formulering van het overgangsrecht is bindend voorgeschreven in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.2.1 Bro). De slotregel bevat de titel van het plan.
Rho Adviseurs B.V.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
061400.20190829
Hoofdstuk 6
blz 47
Economische uitvoerbaarheid
Ingevolge het Bro heeft de gemeente de onderzoeksverplichting om de financieel‐economische uitvoerbaarheid van het plan te toetsen (artikel 3.1.6 lid 1 sub f Bro). Ten behoeve van de beoogde ontwikkeling zal de initiatiefnemer met de gemeente afspraken maken omtrent de kosten voor de begeleiding van het bestemmingsplan en om de daarbij behorende procedures te verzekeren. De verantwoordelijkheid en het risico van de exploitatie ligt volledig bij de initiatiefnemer. Het vaststellen van een exploitatieplan is gezien voorgaande niet noodzakelijk en de economische uitvoerbaarheid is voldoende gewaarborgd.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
Rho Adviseurs B.V.
blz 48
Rho Adviseurs B.V.
061400.20190829
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
061400.20190829
Hoofdstuk 7
7.1
blz 49
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Overleg
In het kader van het wettelijke vooroverleg ex artikel 3.1.1 Bro is het voorontwerpbestemmingsplan naar de benodigde overlegpartners gestuurd. Daarnaast is het plan conform de gemeentelijke inspraakverordening ter inzage gelegd. In het kader van de onderzoeken naar de relevante omgevingsaspecten is voorafgaand het wettelijk verplichte overleg gevoerd met het Waterschap, de Veiligheidsregio, de provincie en overige instanties. De verslaglegging van dat onderzoek volgt hieronder. De reacties vanuit het overleg zijn te vinden in Bijlage 13. DCMR Milieudienst Rijnmond Ten aanzien van de verschillende milieuaspecten kan de Milieudienst instemmen met het bestemmingsplan. Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond De Veiligheidsregio heeft met betrekking tot het onderhavige bestemmingsplan geen relevante externe veiligheidsaspecten geconstateerd. Waterschap Hollandse Delta Het Waterschap Hollandse Delta heeft geen opmerkingen ten aanzien van het bestemmingsplan. Provincie Zuid‐Holland De provincie Zuid‐Holland heeft geen opmerkingen ten aanzien van het bestemmingsplan.
7.2
Inspraak
Het voorontwerp bestemmingsplan Patrijzenlaan Oostvoorne heeft van 9 juli 2020 tot en met 5 augustus 2020 ter inzage gelegen in het kader van de inspraakprocedure. Er zijn negen inspraakreacties ingediend. De inspraakreacties zijn samengevat en beoordeeld en betrokken bij de opstelling van het ontwerpbestemmingsplan. De samenvatting en beantwoording van de inspraakreacties staan in Bijlage 12 Nota inspraakreacties.
7.3
Zienswijzen
Het ontwerpbestemmingsplan zal conform de wettelijke vereisten gedurende 6 weken ter inzage worden gelegd, binnen welke termijn zienswijzen op het plan kunnen worden ingediend.
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
Rho Adviseurs B.V.
blz 50
Rho Adviseurs B.V.
061400.20190829
bestemmingsplan Patrijzenlaan Status: vastgesteld /
BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING
Bijlage 1 Aerius berekening gebruiksfase
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening Situatie 1 en Situatie 2 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. S5UNsWZt2UcG (14 december 2021) pagina 1/9
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
Rho adviseurs
Patrijzenlaan, xx Oostvoorne
Omschrijving
AERIUS kenmerk
Patrijzenlaan
S5UNsWZt2UcG
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
14 december 2021, 09:01
2022
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Situatie 1
Situatie 2
Verschil
NOx
57,58 kg/j
9,97 kg/j
-47,60 kg/j
NH3
12,35 kg/j
< 1 kg/j
-11,67 kg/j
Resultaten
Natuurgebied
Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)
Uw berekening heeft geen verschillen opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.
Toelichting
Vergelijking huidig en beoogd
Resultaten
Situatie 1 Situatie 2
S5UNsWZt2UcG (14 december 2021) pagina 2/9
Resultaten
Locatie Situatie 1
Emissie Situatie 1
Bron Sector
Woningen Wonen en Werken | Woningen
Wegverkeer Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
Resultaten
Situatie 1 Situatie 2
Emissie NH3
Emissie NOx
12,20 kg/j
55,40 kg/j
< 1 kg/j
2,18 kg/j
S5UNsWZt2UcG (14 december 2021) pagina 3/9
Resultaten
Locatie Situatie 2
Emissie Situatie 2
Bron Sector
Wegverkeer Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
Resultaten
Situatie 1 Situatie 2
Emissie NH3
Emissie NOx
< 1 kg/j
9,97 kg/j
S5UNsWZt2UcG (14 december 2021) pagina 4/9
Resultaten
Resultaten stikstof gevoelige Natura 2000 gebieden
Natuurgebied
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Voornes Duin
0,01
0,00
0,00
Solleveld & Kapittelduinen
0,01
0,00
- 0,01
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
(mol/ha/j)
*
Resultaten
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
Situatie 1 Situatie 2
S5UNsWZt2UcG (14 december 2021) pagina 5/9
Resultaten
Resultaten per habitattype
Voornes Duin Habitattype
(mol/ha/j) voor de 10 stikstofgevoelige Natura 2000gebieden met het hoogste resultaat
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
H2130A Grijze duinen (kalkrijk)
0,01
0,00
0,00
H2160 Duindoornstruwelen
0,01
0,00
0,00
H2190B Vochtige duinvalleien (kalkrijk)
0,01
0,00
0,00
H2180B Duinbossen (vochtig)
0,01
0,00
0,00
H2120 Witte duinen
0,01
0,00
0,00
H2130C Grijze duinen (heischraal)
0,01
0,00
0,00
Lg12 Zoom, mantel en droog struweel van de duinen 0,01
0,00
0,00
H2180Ao Duinbossen (droog), overig
0,01
0,00
- 0,01
H2190Ae Vochtige duinvalleien (open water), (matig) eutrofe vormen
0,01
0,00
- 0,01
H2180C Duinbossen (binnenduinrand)
0,01
0,00
- 0,01
H2190Aom Vochtige duinvalleien (open water), oligo- tot mesotrofe vormen
0,01
0,00
- 0,01
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Solleveld & Kapittelduinen Habitattype
H2180Ao Duinbossen (droog), overig
0,01
0,00
- 0,01
H2180C Duinbossen (binnenduinrand)
0,01
0,00
- 0,01
*
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
Situatie 1 Situatie 2
S5UNsWZt2UcG (14 december 2021) pagina 6/9
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
Situatie 1
Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie NOx NH3
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Woningen 66142, 436684 5,0 m 0,6 ha 0,5 m 0,000 MW Continue emissie 55,40 kg/j 12,20 kg/j Wegverkeer 66032, 436611 2,18 kg/j < 1 kg/j
Soort
Voertuig
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Standaard
Licht verkeer
55,0 / etmaal NOx NH3
2,18 kg/j < 1 kg/j
Situatie 1 Situatie 2
S5UNsWZt2UcG (14 december 2021) pagina 7/9
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
Situatie 2
NOx NH3
Resultaten
Wegverkeer 66032, 436611 9,97 kg/j < 1 kg/j
Soort
Voertuig
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Standaard
Licht verkeer
252,0 / etmaal NOx NH3
9,97 kg/j < 1 kg/j
Situatie 1 Situatie 2
S5UNsWZt2UcG (14 december 2021) pagina 8/9
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20210525_2040287d5b Database versie 2020_20210713_c09c249ebe Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020
Resultaten
Situatie 1 Situatie 2
S5UNsWZt2UcG (14 december 2021) pagina 9/9
Bijlage 2 Ecologische quickscan
ECOLOGISCHE QUICKSCAN FAZANTENLAAN - PATRIJZENLAAN
M I L I E U B E H E E R
TE OOSTVOORNE
Ecologische ecologische quickscan Naamstraat te Naamplaats Projectcode: NAAMCODE
Bijlage
ECOLOGISCHE QUICKSCAN FAZANTENLAAN - PATRIJZENLAAN TE OOSTVOORNE
Colofon
Opdrachtgever:
RHO Adviseurs voor leefruimte Delftseplein 27b 3013 AA Rotterdam
Adviesbureau:
VanderHelm Milieubeheer B.V. Nobelsingel 2 2652 XA Berkel en Rodenrijs 010 -249 24 60 info@vdhelm.nl www.vdhelm.nl
Projectfoto's:
Mevr. J. van de Poel MSc. en mevr. M. Kortlever-Boer MSc.
© VanderHelm Milieubeheer B.V.
Verantwoording
Projectcode:
20190989
Status / versie
Definitief, versie 1
Datum
16 september 2019
Auteur
Mevr. M. Kortlever-Boer MSc
Kwaliteitscontrole
mevr. ing. K.E. Orie-Vreugdenhil
Vrijgave
Dhr. ing. A.A. Heijboer
Ecologische quickscan Fazantenlaan – Patrijzenlaan te Oostvoorne Projectcode: 20190989
2
INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING .......................................................................................................................................................... 4 1.1 AANLEIDING ............................................................................................................................................................ 4 1.2 DOELSTELLING ......................................................................................................................................................... 4 1.3 DESKUNDIGHEID ...................................................................................................................................................... 4 1.4 VOLLEDIGHEID ONDERZOEK ........................................................................................................................................ 4 1.5 KWALITEITSBORGING................................................................................................................................................. 5 1.6 VERANTWOORDING .................................................................................................................................................. 5 2. PROJECTGEBIED.................................................................................................................................................
6 2.1 HUIDIGE SITUATIE ..................................................................................................................................................... 6 2.2 TOEKOMSTIGE SITUATIE EN WERKZAAMHEDEN ............................................................................................................... 7 3. WERKWIJZE ....................................................................................................................................................... 8 3.1 BUREAUONDERZOEK ................................................................................................................................................. 8 3.2 VELDONDERZOEK ..................................................................................................................................................... 8 4. ONDERZOEKSRESULTATEN ................................................................................................................................ 9 4.1 BESCHERMDE SOORTEN ............................................................................................................................................. 9 4.2 BESCHERMDE GEBIEDEN ..........................................................................................................................................
15 4.3 BESCHERMDE HOUTOPSTANDEN ................................................................................................................................ 16 5. TOETSING AAN WETGEVING.............................................................................................................................17 5.1 BESCHERMDE SOORTEN ........................................................................................................................................... 17 5.2 BESCHERMDE GEBIEDEN .......................................................................................................................................... 20 5.3 HOUTOPSTANDEN .................................................................................................................................................. 20 6. CONCLUSIES EN VERVOLGSTAPPEN ..................................................................................................................21 6.1 CONCLUSIES EN VERVOLGSTAPPEN ............................................................................................................................. 21 6.2 AANBEVELINGEN ....................................................................................................................................................
23 REFERENTIELIJST ..................................................................................................................................................24
BIJLAGEN 1. REGIONALE SITUATIEKAART 2. W ETTELIJKE EN BESTUURLIJKE KADERS NATUURBESCHERMING 3. FOTO’S TER PLAATSE 4. EFFECTENINDICATOR VOORNES DUIN
Ecologische quickscan Fazantenlaan – Patrijzenlaan te Oostvoorne Projectcode: 20190989
3
1. INLEIDING VanderHelm Milieubeheer B.V. te Berkel en Rodenrijs heeft van RHO Adviseurs voor leefruimte opdracht gekregen voor het uitvoeren van een ecologische quickscan ter plaatse van ontwikkellocatie Fazantenlaan - Patrijzenlaan te Oostvoorne. 1.1 AANLEIDING De aanleiding tot het uitvoeren van deze ecologische quickscan is de voorgenomen herontwikkeling in het projectgebied waarvoor in eerste aanleg een bestemmingsplanwijziging wordt opgesteld. Het voornemen is om de aanwezige bebouwing te slopen, het gehele terrein bouwrijp te maken en woningen te bouwen. Tijdens de planvorming dient inzichtelijk te worden gemaakt of door de werkzaamheden een negatief effect kan ontstaan op beschermde flora en fauna, beschermde natuurgebieden en houtopstanden. Indien hier sprake van is dient te worden bepaald of deze negatieve effecten kunnen worden voorkomen en of er sprake is van een ontheffing- of meldingsplicht in het kader van de Wet natuurbescherming. 1.2 DOELSTELLING Het doel van een ecologische quickscan is te bepalen of rekening dient te worden gehouden met de Wet natuurbescherming. Dit doel wordt opgesplitst in de volgende subdoelen. Het verkrijgen van inzicht in de (mogelijke) aanwezigheid van beschermde flora- en fauna in of nabij het projectgebied en het verkrijgen van inzicht in de (mogelijke) effecten van de werkzaamheden op de eventueel aanwezige beschermde soorten.
Het verkrijgen van inzicht in de aanwezigheid van beschermde natuurgebieden in of nabij het projectgebied en bepalen of een toetsing nodig is van de effecten van de werkzaamheden op eventueel aanwezige beschermde natuurgebieden. Het verkrijgen van inzicht in de aanwezigheid van beschermde houtopstanden. 1.3 DESKUNDIGHEID De uitvoerend ecologen voldoen aan ten minste één van de door het Ministerie van Economische Zaken genoemde voorwaarden en zijn daarmee gekwalificeerd als deskundige. Deze voorwaarden zijn vermeld in box 1. Box 1: Deskundigheid Het Ministerie verstaat onder een deskundige een persoon die voor de situatie en soorten ten aanzien waarvan hij of zij gevraagd is te adviseren en/of te begeleiden, aantoonbare ervaring en kennis heeft op het gebied van soortspecifieke ecologie.
De ervaring en kennis dienen te zijn opgedaan doordat de deskundige: ▪ op HBO-, dan wel universitair niveau een opleiding heeft genoten met als zwaartepunt (Nederlandse) ecologie; en/of ▪ op MBO niveau een opleiding heeft afgerond met als zwaartepunt de Wet natuurbescherming, soortenherkenning en zorgvuldig handelen ten opzichte van die soorten; en/of ▪ als ecoloog werkzaam is voor een ecologisch adviesbureau, zoals een bureau welke is aangesloten bij het Netwerk Groene Bureaus; en/of ▪ zich aantoonbaar actief inzet op het gebied van de soortenbescherming en is aangesloten bij en werkzaam voor de daarvoor in Nederland bestaande organisaties (zoals de Zoogdiervereniging, RAVON, Stichting Das en Boom, Vogelbescherming Nederland, Vlinderstichting, Natuurhistorisch Genootschap, KNNV, NJN, IVN, EIS Nederland, FLORON, SOVON, STONE, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, De Landschappen en Stichting Beheer Natuur en Landelijk gebied); en/of ▪ zich aantoonbaar actief inzet op het gebied van de soortenmonitoring en/of soortenbescherming.
1.4 VOLLEDIGHEID ONDERZOEK De ecologische quickscan betreft een onderzoek naar onder andere de (mogelijk) aanwezige beschermde flora en fauna in en nabij het projectgebied. Het onderzoek is gebaseerd op een bureaustudie en een éénmalig veldbezoek. Voor een volledige inventarisatie van alle aanwezige flora en fauna ter plaatse van het projectgebied dient een soortgericht onderzoekt te worden uitgevoerd wat veelal gebonden is aan bepaalde perioden in het jaar. Uit een soortgericht onderzoek kan naar voren komen dat beschermde soorten aanwezig zijn en dat daarop een negatief effect ontstaat. Mitigerende en/of compenserende maatregelen zijn dan nodig en mogelijk Ecologische quickscan Fazantenlaan – Patrijzenlaan te Oostvoorne Projectcode:20190989
4
dient een ontheffing te worden aangevraagd om de werkzaamheden te kunnen uitvoeren. Deze vervolgstappen zijn geen onderdeel van de ecologische quickscan. De werkzaamheden die in dit onderzoek worden getoetst aan de Wet natuurbescherming zijn beschreven in paragraaf 2.2. Ten tijde van het uitvoeren van onderhavige ecologische quickscan is niet bekend hoe het gebied in de toekomst wordt ingericht. Deze ontwikkeling is dan ook niet getoetst aan de Wet natuurbescherming. 1.5 KWALITEITSBORGING VanderHelm Milieubeheer B.V. is lid van het ‘Netwerk Groene Bureaus (NGB) - Brancheorganisatie voor kwaliteitsbevordering en belangenbehartiging’. De werkzaamheden die door VanderHelm Milieubeheer B.V. worden uitgevoerd, zijn gebaseerd op de door de NGB vastgestelde gedragscode (versie juni 2008, aangevuld in februari 2010). VanderHelm Milieubeheer B.V. is VCA** (versie 2008/05) gecertificeerd. Onderhavig project is uitgevoerd in overeenstemming met het kwaliteitssysteem van VanderHelm Milieubeheer B.V. 1.6 VERANTWOORDING VanderHelm Milieubeheer B.V. is een onafhankelijk adviesbureau en verklaart hierbij geen financiële of juridische belangen te hebben bij de uitkomst van het gevoerde onderzoek.
Ecologische quickscan Fazantenlaan – Patrijzenlaan te Oostvoorne Projectcode:20190989
5
2. PROJECTGEBIED 2.1 HUIDIGE SITUATIE Het projectgebied is gelegen tussen Fazantenlaan, Patrijzenlaan en Van der Meerweg te Oostvoorne. Het projectgebied bestaat uit 8 huizenblokken (Patrijzenlaan nrs 9 t/m 59 (oneven)) met aangrenzende tuinen en plantsoenen, groenstroken en een weide met boomsingels (voormalige agrarische gronden). De huizen bevinden zich in de noordoosthoek van het projectgebied. Het betreft seniorenwoningen met één woonlaag, die gebouwd zijn in 1969. De woningen hebben een bakstenen muur (onbekend is of een spouw aanwezig is) en een pannendak. Tussen de kantpannen en de muur is ruimte aanwezig alsmede tussen de dakpannen en het daklood en de pannen. In de tuinen staan sierheesters en veel van de tuinen zijn verwilderd. Tussen de rijen seniorenwoningen liggen kleinschalige gazons met enkele kleine bomen (voornamelijk Zweedse meelbes). Direct ten oosten van deze woningen ligt een vrij dichte groenstrook met verschillende bomen (onder andere beuk, grove den, gewone es), redelijk dichte ondergroei (klimop en verwilderde tuinplanten). Ten oosten van deze groenstrook liggen voormalige agrarische gronden. De voormalige agrarische gronden bestaan uit verruigd grasland (glanshaver, gestreepte witbol, brandnetels, heelblaadjes en populierenopslag) dat één keer per jaar wordt gemaaid.
Het terrein verschilt in hoogte waardoor nattere plekken aanwezig zijn waar gele lis groeit. Op het terrein zijn verscheidene boomsingels (afwisselend met zwarte els en gewone es, en fruitbomen zoals pruim of stoofpeer) aanwezig, grote braamstruwelen en enkele solitaire bomen zoals gewone esdoorn en gewone es. Op het voormalige agrarische terrein staan een aantal bijenkasten die druk bezocht worden door bijen. Ten zuiden van de agrarische gronden, tussen Patrijzenlaan 29 en 31, bevindt zich een boomvak met – onder andere verschillende soorten eiken (Amerikaanse eik en zomereik) en Spaanse aak. Het noordoostelijkste gedeelte van het projectgebied heeft vermoedelijk als achtertuin gediend van de woningen aan de Van der Meerlaan. Hier wordt vaker gemaaid en er zijn dichte hagen aanwezig om de percelen van elkaar te scheiden. De directe omgeving van het projectgebied bestaat uit vrijstaande woningen met groene tuinen en wegen binnen de bebouwde kom die zijn voorzien van laanbeplanting. De wijdere omgeving van het projectgebied bestaat uit de natuurgebieden Voornes Duin, Kaapduin en het Groene Strand, de Noordzee, het Oostvoornse en Brielse Meer, de Eerste en Tweede Maasvlakte (overslaghavens en petrochemie) en landbouwgronden (voornamelijk akkerbouw). De begrenzing van het projectgebied wordt weergegeven in afbeelding 1.
Voor de regionale ligging van het projectgebied wordt verwezen naar bijlage 1. Een fotografische weergave van het projectgebied is opgenomen in bijlage 3. Tabel 1: Gegevens projectgebied Projectgebied: Straat: Plaats: Gemeente: Provincie:
Ontwikkellocatie Fazantenlaan- Patrijzenlaan Fazantenlaan, Patrijzenlaan en Van der Meerlaan Oostvoorne Westvoorne Zuid-Holland
Ecologische quickscan Fazantenlaan – Patrijzenlaan te Oostvoorne Projectcode:20190989
6
Afbeelding 1: Begrenzing projectgebied met een dikke rode lijn (aangeleverd door de RHO adviseurs voor leefruimte)
2.2 TOEKOMSTIGE SITUATIE EN WERKZAAMHEDEN In de toekomst worden de woningen gesloopt en wordt het gehele projectgebied bouwrijp gemaakt. Het voornemen is om woningen op het terrein te bouwen. De exacte invulling van de bouwplannen en de bijbehorende planning is nog niet bekend. In eerste aanleg dient het bestemmingsplan te worden gewijzigd.
Ecologische quickscan Fazantenlaan – Patrijzenlaan te Oostvoorne Projectcode:20190989
7
3. WERKWIJZE Het onderzoek is gebaseerd op de ethische code van het Netwerk Groene Bureaus - Branchevereniging voor kwaliteitsbevordering en belangenbehartiging (juni 2008 en februari 2010). Ten behoeve van het onderzoek zijn een bureaustudie en een veldonderzoek uitgevoerd. 3.1 BUREAUONDERZOEK De bescherming van soorten is onderverdeeld in drie categorieën: vogels, Europees beschermde soorten (van de Habitatrichtlijn bijlage IV, onderdeel a, het Verdrag van Bern bijlage II en het Verdrag van Bonn bijlage I) en nationaal beschermde soorten. Provincie Zuid-Holland heeft een aantal nationaal beschermde grondgebonden zoogdieren en amfibieën van de lijst van nationaal beschermde soorten vrijgesteld van de verbodsbepalingen uit artikel 3.10 voor projecten in het kader van ruimtelijke ontwikkeling. Om te bepalen welke beschermde soorten mogelijk aanwezig zijn in het projectgebied zijn verscheidene verspreidingsatlassen, verspreidingskaarten, de NDFF en jaarverslagen geraadpleegd. De informatie uit deze atlassen is niet altijd actueel en veelal op uurhok weergegeven (5 x 5 km). Hierdoor kunnen deze gegevens voor het projectgebied enkel als richtlijn worden toegepast en tijdens het veldbezoek worden getoetst. In de NDFF is binnen een straal van 2 kilometer gekeken naar de aanwezigheid van beschermde soorten. Deze afstand is overbrugbaar voor een groot aantal beschermde.