CConstaterende datWestland
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Wonen en Flora 26 november 2025, gemeente Westland53.678 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Werkplek Universitair medische centra Ziekenhuizen en overige medisch specialistische zorg Geestelijke gezondheidszorg Huisartsen en gezondheidscentra Verpleging en verzorging Thuiszorg Gehandicaptenzorg Jeugdzorg Sociaal werk Overige zorg en welzijn

Personen tekort in 2024 100 400 500 100 700 400 300 100 200 400

Wanneer we specifiek inzoomen op de door ons gedefinieerde vitale beroepsgroepen in de zorg, dan is er veel vraag naar verzorgenden en sociaal werkers en woonbegeleiders. Schoonmakers (hieronder valt de thuishulp, maar ook schoonmakers in het ziekenhuis) ervaren ook veel tekorten. Voor apotheekassistenten en managers van zorginstellingen zijn er relatief weinig openstaande vacatures in de regio Haaglanden (Figuur 7).

15

CBS (2025). Dashboard Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn. De regio Haaglanden is in deze monitor samengevoegd met nieuw-Waterweg Noord

13

Figuur 7 Aantal openstaande vacatures per kwartaal voor zorg en welzijn beroepen. Bron: UWV, 2025; bewerking RIGO.

De bestaande tekorten zijn vooral bij een aantal beroepsgroepen te vinden. Van de beroepsgroepen in Figuur 8 zijn alleen apotheekassistenten, psychologen en sociologen, verzorgenden en schoonmakers krap. De rest van de beroepen zijn zeer krap. Gespecialiseerd verpleegkundigen zijn alle jaren aan de bovengrens van de krapte (16). Figuur 8 Spanningsindicator UWV voor zorg en welzijn beroepen. Bron: UWV, 2025; bewerking RIGO.

14

Gemeente Op gemeenteniveau biedt het platform Arbeidsmarkt In Zicht, een samenwerking tussen Provincies en regio’s, cijfers over het aantal online vacatures naar beroepsklasse en -niveau. In de gemeente Westland is in het eerste kwartaal van 2025 de meeste vraag naar personeel in de bedrijfseconomische en administratieve beroepen, technische beroepen en commerciële beroepen (zie Figuur 9). Op MBO niveau (1 tot en met 4) valt voornamelijk de technische sector op. In de zorg gaat het om ongeveer 102 vacatures in de gemeente Westland, waarvan ruim twee derde gericht op mbo beroepsniveau. In de pedagogische beroepen en beroepen op het gebied van openbaar bestuur, veiligheid en juridische beroepen is ruim de helft van de vacatures op HBO/WO beroepsniveau. We hebben in gesprekken met werkgevers in de gemeente ook gevraagd naar hoe zij de tekorten ervaren. De werkgevers onderwijs en kinderopvang die we hebben gesproken (kinderopvang Okidoki, Kwest, Simba en scholenkoepel PCPO) geven aan tekorten te merken. Okidoki heeft bijvoorbeeld 17 vacatures openstaan (voor 5/6 fte) op 320 medewerkers. De brandweer geeft aan dat er een tekort is aan vrijwilligers. Eind 2024 waren er 313 vrijwilligers in de regio. Er zijn in de gemeente 10 kazernes, die allemaal draaien op vrijwilligers. Momenteel zijn er 60 vacatures in de gemeente.

Er is al terug geschaald van 6 naar 4 verplichte bezetting op de wagen om hiermee om te kunnen gaan. Daarnaast wordt er gedacht om een kazerne te vullen met beroepsbrandweer in plaats van vrijwilligers. Dit kost echter veel meer geld. De reddingsbrigade geeft aan momenteel geen groot tekort in leden (vrijwilligers) te hebben, maar dit in de toekomst wel te voorzien. De reddingsbrigade heeft 250 leden, waarvan 120 ‘op het strand staan’. 30 leden zijn spoedleden. Voor hen is het belangrijk om altijd binnen 10 minuten op het strand te kunnen staan. We hebben drie werkgevers in de zorg gesproken uit de gemeente Westland: Philadelphia (gehandicaptenzorg), Careyn (thuiszorg) en ’s Heerens Loo (zorg en wonen voor mensen met licht verstandelijke beperking, 1.200 medewerkers). Deze geven alle drie aan dat ze te maken hebben met veel tekorten en ook het vasthouden van personeel is een uitdaging. Volgens de werkgevers zit hem dit met name in Verzorgenden IG (individuele gezondheidszorg) en sociaal werk (groepsbegeleiders). Om te tekorten tegen te gaan werk Careyn nu al met standaard vaste contracten aanbieden. Op een locatie van Philadelphia in Monster is er bijvoorbeeld 40% vaste werknemers en de rest is aangevuld met ZZP-ers. Ook bij de andere zorgwerkgevers wordt er veel met ZZP-ers gewerkt.

Vanaf 2026 wordt er door de belastingdienst meer gehandhaafd of deze constructies en zullen veel medewerkers waarschijnlijk via duurdere uitzendbureaus verkregen moeten worden. De verwachting is dus dat het tekort verder toe zal nemen.

15

Figuur 9 Online openstaande vacatures naar beroepsklasse en -niveau in Q12025 in de gemeente Westland. Bron: ArbeidsmarktInZicht, 2025

Schaarste aan woningen Om de voorrang voor vitale beroepen te onderzoeken moet verkend worden dat er a) tekort is aan vitale beroepsgroepen en dat er b) tekort is aan woningen voor deze beroepsgroepen. In de vorige paragraaf werd gekeken naar de vitale beroepen. Nu kijken we naar schaarste in de sociale huursector, de middenhuur en de betaalbare koopwoningen. Sociale huurwoningen van woningcorporaties De gemeente Westland heeft in 2023 een huisvestingsverordening vastgesteld. Ter onderbouwing is onderzoek gedaan naar schaarste aan woningen. Deze schaarsteonderbouwing geeft een inkijk in de schaarste aan woningen in 2023 in de gemeente Westland op het gebied van huurwoningen tot de sociale huurgrens. Daaruit bleek dat de vraag naar sociale huurwoningen in de regio veel groter is dan het aanbod, en dat woningzoekenden lang moeten wachten om in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning. Landelijk zien we dat de schaarste in het sociale segment verder is toegenomen. Om te kijken of dit ook in de gemeente Westland het geval is vullen we de schaarsteonderbouwing aan met cijfers uit 2024. We kijken daarbij naar de cijfers van Sociale Verhuurders Haaglanden (SVH) in de jaarrapportage van 2024. Hierin staan van de drie corporaties met bezit in de gemeente Westland: WoonWest, Wassenaarsche bouwstichting en Arcade cijfers opgenomen. Woningzoekenden en aanbod •

•

Het aantal woningzoekenden in de regio en in de gemeente is gestegen. Eind 2024 stonden er 206.000 woningzoekenden ingeschreven. Ten opzichte van 2021 is dit een stijging van 22 procent. In de gehele regio waren er in 2024 83.405 actief woningzoekenden. De gemeente Westland had 3.675 actief woningzoekenden in 2024. Starters vormen in de gemeente Westland de grootste groep actief woningzoekenden ten opzichte van doorstromers (65 procent). 16

•

•

•

•

Er zijn in 2024 in de gemeente Westland 594 woningen verhuurd. 12 procent hiervan werd direct bemiddeld (dit zijn met name statushouders en uitstroom uit maatschappelijke instellingen en convenant-afspraken). In de gemeente Westland is 39,2 procent van de woningen (233) met een vorm van binding toegewezen in 2024 (urgentie, regionaal maatwerk en lokaal maatwerk). In 30 procent van de toewijzingen (179 verhuringen) was sprake van een lokaal maatwerk in de gemeente Westland. Dit ging met name om doorstroomvoorrang, voorrang voor lokale inwoners en voorrang voor starters. 49 procent van de toewijzingen ging in 2024 naar regulier woningzoekenden, op basis van inschrijving. De meeste woningzoekenden verhuizen binnen de gemeente. 56 procent van de verhuringen is aan bestaande inwoners van de gemeente. Ongeveer 7 procent van nieuwe bewoners komt van buiten de regio Haaglanden. De meeste verhuringen zijn aan woningzoekenden met meer dan 5 jaar inschrijftijd. Het aandeel toewijzingen aan woningzoekenden met meet dan 7,5 jaar inschrijftijd is toegenomen de afgelopen jaren. Ruim 20% van de toewijzingen gaat naar woningzoekenden met meer dan 10 jaar inschrijftijd.

Druk op de markt • In de gemeente Westland zijn er gemiddeld 352 reacties op een woning die vrijkomt. Dit gemiddelde is de afgelopen jaren toegenomen. • De gemeente Westland is verantwoordelijk voor 4 procent van de reacties regionaal gezien. Ruim 60% van de woningzoekenden uit het Westland zoeken in de eigen gemeente. Meer dan 1/3 van de inwoners van Westland die op zoek zijn naar een sociale huurwoning zoekt niet in de eigen gemeente en alleen in anderen gemeenten. • In de regio was de mediane inschrijfduur16 in 2024 78 maanden (6,5 jaar) op het moment van toewijzing. In de gemeente Westland lag dit met 82 maanden in 2024 hoger. Dit is sterk gestegen de afgelopen jaren, in 2020 was de mediane inschrijftijd nog 70 maanden. De mediane zoekduur17 naar een sociale huurwoning van een woningcorporatie was in 2021 in de gemeente Westland gemiddeld 35,4 maanden. • De slaagkans in de gemeente Westland was in 2024 10,1 procent. Dit is hoger dan het aantal in 2023 en behoort (met Wassenaar en de gemeente Den Haag) tot de hoogste in de regio. Dit is mogelijk te verklaren doordat in de gemeente Westland in 2024 relatief veel nieuwbouwwoningen werden opgeleverd (151 woningen). Wel is dit gedaald ten opzichte van 2021 (11,9 procent). Verdringing van groepen • Met name grotere woningen (3 kamers en meer dan 65 m2) zijn populair (te zien door een hogere mediane inschrijfduur).

Nieuwe huurders van seniorenwoningen hebben een relatief lage mediane inschrijfduur (40 maanden). Deze grotere woningen komen ook minder vrij. In 2021 was al te zien dat deze grotere woningen en eengezinswoningen een lagere mutatiegraad hebben. • Regionaal reageren er voornamelijk eenpersoonshuishoudens en jongeren (tot en met 26 jaar) op een sociale huurwoning. Ouderen en hoge inkomens reageren relatief weinig.

16

Het moment tussen inschrijving en woningtoewijzing. De mediaan is de middelste waarde. Dit is minder gevoelig voor uitschieters dan een gemiddelde. 17

Moment van eerste reactie tot woningtoewijzing.

17

•

•

•

•

Regionaal hebben met name ouderen een hogere slaagkans. 23 tot 26-jarigen hebben de laagste slaagkans in de regio (7,2 procent). Deze groep reageert dus vaker maar krijgt minder vaak een woning toegewezen. Er zijn gemiddeld 9,3 weigeringen per verhuring. Zowel corporatie als woningzoekenden kunnen de verhuring weigeren. Het aantal weigeringen hangt sterk samen met de woon-/inschrijfduur van de woningzoekende. Bij jongeren en bij 75plussers is het aantal weigeringen beduidend lager dan gemiddeld. Doorstromers zijn kritischer op een woning dan starters. Bij starters leidt 20,0% van de aanbiedingen tot een verhuring, bij doorstromers is dit 8,6%. Bij jongeren (t/m 22 jaar) leidt 1 op de 3 aanbiedingen tot een verhuring, terwijl dit in de leeftijdsklasse 35 tot 45 en 45 -55 jaar minder dan 10% is. Bij ouderen zien we juist weer een toename van de acceptatiegraad: hoe hoger de leeftijd, des te hoger de acceptatiegraad. Bij senioren in de leeftijd van 75 of ouder is de acceptatiegraad 23,6%. Dit is te verklaren doordat senioren minder vaak reageren. Ze reageren naar verwachting alleen op woningen waar ze ook willen te gaan wonen. Starters hebben een hogere mediane inschrijfduur op het moment van toewijzing dan doorstromers in de gemeente (86 maanden ten opzichte van 75 maanden).

De secundaire doelgroep (boven de aftoppingsgrens) en de DAEB-doelgroep hebben een hogere mediane inschrijfduur dan de primaire doelgroep (verschil van circa 10 maanden).

Particuliere huurwoningen Niet enkel woningcorporaties bieden huurwoningen aan. Sociale huurwoningen kunnen ook door particulieren worden aangeboden. Buiten de sociale huur zijn er ook middenhuurwoningen en vrije sector huurwoningen (zowel van particuliere eigenaren als van woningcorporaties) die voor sommige woningzoekenden een alternatief kunnen vormen. Ook woningzoekenden die niet in aanmerking komen voor sociale huur zijn aangewezen op de midden- en vrije sector huurwoningen en de koopsector. Daarom kijken we ook naar de particuliere huurmarkt in de gemeente. De particuliere huursector omvat 8% van de woningvoorraad in de gemeente Westland18. Het is daarmee slechts een klein onderdeel van de voorraad. Middenhuur woningen omvatten zo’n 3 procent van de voorraad, waarvan het grootste deel in particulier bezit19. We onderzoeken dit segment aan de hand van de huurmonitor van Pararius en het actuele aanbod in Westland op Pararius en Funda. Mogelijk worden er meer huurwoningen in de vrije sector buiten deze kanalen aangeboden, die onderhands van huurder wisselen. Op die woningen hebben we geen zicht. Dat maakt het moeilijk een compleet beeld te krijgen van de druk op deze markt. •

De verhuurderswebsite Pararius brengt eens per kwartaal een huurmonitor uit. 20 Die cijfers zijn beschikbaar op landelijk en provinciaal niveau, maar niet voor Westland. In de provincie Zuid-Holland lag de gemiddelde vierkantemeterprijs op €20,15 en in de buurgemeente Den Haag op €21,34 In de provincie Zuid-Holland is de huurprijs het afgelopen jaar met 5,55 procent gestegen.

18

CBS (2025) Woningvoorraad naar eigendom.

19

Watson+Holmes (2024). Schaarste in de middenhuurmarkt gemeente Westland.

20

Pararius (2025) Pararius Huurmonitor Q2 2025.

18

• • •

In de gemeente Westland was de gemiddelde huurprijs in 2023 €1.338 per maand en €14,70 per m2. Dit is een toename van 24 procent ten opzichte van 2019 21. In 2023 hadden 1.976 huishoudens in de gemeente Westland een verhuiswens naar de middenhuur. Tegelijkertijd zijn er in 2023 72 middenhuurwoningen geadverteerd 21. Voor een indruk van het actueel huuraanbod in de gemeente Westland hebben we op een peildatum naar advertenties op de verhuurplatforms Pararius, Huurwoningen.nl, Funda en MVGM gekeken. Op deze peildatum werden op de verschillende sites 15 unieke woningen aangeboden, waarvan twee (middenhuur)woningen van de woningcorporatie Arcade.

Tabel 4 Actueel aanbod particuliere huurwoningen op peildatum 28-07-2025. Bron: Pararius, Huurwoningen.nl, Funda. Bewerking RIGO. kern Poeldijk Wateringen Monster Wateringen De lier Naaldwijk Naaldwijk s Gravenzande Monster Naaldwijk Naaldwijk s Gravenzande Naaldwijk Poeldijk Poeldijk

•

•

•

huurprijs € 3.195,00 € 2.500,00 € 4.400,00 € 2.350,00 € 2.450,00 € 2.150,00 € 2.450,00 € 1.675,00 € 2.500,00 € 1.111,00 € 992,00 € 1.550,00 € 2.995,00 € 1.146,86 € 1.146,86

oppervlakte 118 111 366 127 123 94 120 67 178 73 64 118 121 69 69

slaapkamers 7 4 7 4 2 2 5 2 6 1 1 3 2 3 3

aanbieder pararius pararius pararius pararius pararius pararius pararius pararius funda mvgm mvgm funda funda arcadewonen arcadewonen

woningtype eengezinswoning eengezinswoning eengezinswoning eengezinswoning appartement appartement eengezinswoning appartement eengezinswoning appartement appartement eengezinswoning appartement eengezinswoning eengezinswoning

Van deze 15 woningen vallen er 4 onder de middenhuur. Deze woningen zijn allemaal kleiner dan 75 vierkante meter. Wel zijn er 2 eengezinswoningen met meerdere slaapkamers bij (de corporatiewoningen). Verdere huurwoningen zijn duurder dan €1.500 kale huur in de maand (exclusief servicekosten en aanvullende vaste lasten zoals elektriciteit). De meeste woningen hebben een huurwoning van meer dan €2.000. In de particuliere huursector worden inkomenseisen gesteld aan huurders om ervoor te zorgen dat er geen problemen ontstaan bij het betalen van de huur. Veel particuliere verhuurders hanteren bijvoorbeeld als eis dat het bruto maandinkomen van een nieuwe huurder minstens vier keer de huurprijs moet zijn. Bovendien wordt bij sommige huishoudens het inkomen van een partner slechts gedeeltelijk meegeteld. Hieronder is te zien wat dit betekent voor de maximale huur die mensen kunnen betalen.

Tabel 5 Te verkrijgen huurgrenzen voor inkomensklassen.

Jaarinkomen

Maand-inkomen

Bovengrens huur

€ 46.500 (modaal inkomen)

€ 3.875

€ 969

€ 93.000 (2x modaal inkomen)

€ 7.750

€ 1.938

•

21

Dit betekent dat voor huishoudens met een modaal inkomen geen enkele woning van het openbaar beschikbare aanbod zou kunnen huren. Een huishouden met

Watson+Holmes (2024). Schaarste in de middenhuurmarkt gemeente Westland.

19

dubbel modaal inkomen zou 6 woningen (40 procent van het actuele aanbod op de peildatum) kunnen betalen. Koopwoningen Tot slot onderzoeken we de koopsector. In hoeverre is er sprake van schaarste aan (betaalbare) koopwoningen in Westland? • De BPD hittekaart plaatst de gemeente Westland op plek 80 van de 342 Nederlandse gemeenten op het gebied van krapte op de koopwoningmarkt. De gemiddelde transactieprijs in de gemeente was €504.800 over 1.120 verkochte woningen. • In de COROP-regio Delft en Westland wordt er volgens NVM zo’n 4,2 procent overboden en 75 procent van de woningen wordt boven de vraagprijs verkocht. De krapte indicator van het NVM is 2,122, dit is lager dan het landelijke gemiddelde. Met name hoekwoningen en tussenwoningen zijn populair in de regio. • 81 procent van de woningen staat korter dan een kwartaal te koop (gemiddeld 33 dagen). Vooral duurdere woningtypen (twee-onder-een-kap en vrijstaande woningen) staan langer te koop. • Voor een indruk van het actueel koopaanbod in de gemeente Westland hebben we op een peildatum naar advertenties op het verhuurplatform Funda gekeken. Op deze peildatum werden op de verschillende sites 16 unieke woningen onder de betaalbare koopwoninggrens aangeboden. • Geen enkele van de betaalbare woningen was een nieuwbouwwoning. De sturing via de huisvestingsverordening kan enkel voor nieuwbouw betaalbare koopwoningen.

De woningen die op Funda werden aangeboden op de peildatum zouden dus niet onder de huisvestingsverordening vallen. Tabel 6 Actueel aanbod koopwoningen op peildatum 28-07-2025. Bron: Funda. Bewerking RIGO.

kern Poeldijk s Gravenzande Poeldijk Poeldijk Naaldwijk s Gravenzande De Lier Naaldwijk Poeldijk Wateringen Naaldwijk Poeldijk Monster Wateringen s Gravenzande Honselersdijk

vraagprijs € 295.000 € 400.000 € 375.000 € 360.000 € 325.000 € 375.000 € 385.000 € 400.000 € 365.000 € 350.000 € 335.000 € 359.000 € 370.500 € 339.000 € 365.000 € 350.000

•

bijdrage VVE € 125 nvt € 100 nvt € 82 nvt € 147 € 100 € 81 € 169 € 140 nvt nvt € 152 nvt nvt

oppervlakte 80 105 63 92 46 70 98 63 76 61 63 88 79 68 83 112

slaapkamers 4 4 1 3 1 3 2 2 3 1 1 2 3 2 3 4

woningtype appartement eengezinswoning appartement eengezinswoning appartement eengezinswoning appartement appartement appartement appartement appartement eengezinswoning eengezinswoning appartement eengezinswoning eengezinswoning

Van de overige woningen die worden aangeboden boven deze grens zijn er 24 appartementen. Het grootste aanbod is in de prijsklasse van €600.000 tot €800.000.

22

De keuze die woningzoekenden gemiddeld hebben, berekend door het aanbod aan het begin van het kwartaal te delen door het aantal transacties gedurende het kwartaal.

20

Figuur 10 Prijsklassen actueel aanbod Funda op peildatum 28-07-2025. Bron: Funda, bewerking RIGO.

Schaarste aan woningen voor vitale beroepsgroepen In deze paragraaf maken we een koppeling tussen de vitale beroepsgroepen en de woningmarkt. In welke mate ervaren vitale beroepsgroepen de schaarste op de woningmarkt? We onderzoeken hoeveel de vitale beroepsgroepen kunnen betalen voor een woning. Daarvoor gebruiken we een indicatie voor het (fulltime) bruto maandsalaris van een startende en een ervaren professional in de geselecteerde beroepsgroepen. Een tabel en toelichting van de prijsgrenzen die we aanhouden en de inkomens van vitale beroepsgroepen is opgenomen in bijlage 1 en 2. Op basis van de indicatie kan een inschatting worden gemaakt of de beroepsgroepen in aanmerking komen voor een sociale huurwoningen, een particuliere huurwoning potentieel betaal is en/of een koopwoning financieel bereikbaar is. Een kanttekening is dat de mogelijkheden van personen werkzaam in een vitale beroepsgroep sterk samenhangen met de huishoudenssamenstelling (eenverdiener of tweeverdieners), hoeveel werkervaring zij hebben, of zij fulltime of parttime werken, in welke regio ze werken en, specifiek in de koopsector, hoeveel eigen spaargeld zij mee kunnen brengen. De zorgsector en de kinderopvang staan er bijvoorbeeld om bekend dat er veel parttime wordt gewerkt.

Deze (fulltime) inkomensindicaties zouden dus een overschatting kunnen zijn van de mogelijkheden voor deze beroepsgroepen in de praktijk. Onderwijs In het onderwijs zijn met name medewerkers van de kinderopvang, onderwijsassistenten en startende leraren in het basis en voorgezet onderwijs afhankelijk van de sociale huursector. Dit wordt ook herkend door de werkgevers van de kinderopvang, zij geven aan dat, doordat veel parttime werk, het lastig is om in je eentje een woning te kopen. Ze vallen daarbij in de secundaire doelgroep voor woningcorporaties. Met de indicatieve inkomens komen zij niet in aanmerking voor inkomenseisen van particuliere middenhuur. Daarnaast zijn hun mogelijkheden in de koopsector zeer gering. Voor meer ervaren docenten zijn er meer mogelijkheden in de vrije huur- en koopsector. Managers in het onderwijs en hoogleraren verdienen voldoende om zich te kunnen redden op de koop- of particuliere huurmarkt.

21

Figuur 11 Toegankelijkheid sociale huursector beroepsgroepen onderwijs (eenpersoonshuishoudens).

Figuur 12 Toegankelijkheid particuliere/vrije huursector beroepsgroepen onderwijs.

Figuur 13 Toegankelijkheid koopsector beroepsgroepen onderwijs.

22

Politie en veiligheid Voor beroepsgroepen bij politie en in veiligheid is tevens een groot deel op de sociale huursector aangewezen. Dat geldt voor zowel startende als ervaren beveiligers, BOA’s en agenten. Daarbij is te zien dat meer ervaren agenten, beveiligers en BOA’s tussen wal en schip vallen- zij verdienen te veel voor de sociale huur maar niet voldoende om (veel) kans te maken op de particuliere huurmarkt of in de koopsector. Voor de vrijwillige brandweer en reddingsbrigade geldt dat de inkomens zeer uiteenlopen, dus voor deze beroepsgroep is het lastig een inschatting te maken van hun mogelijkheden op de woningmarkt. De reddingsbrigade geeft aan dat het met name zal gaan om jongeren die starten op de woonmarkt. Brandweercommandanten zijn met name aangewezen op de koop. Figuur 14 Toegankelijkheid sociale huursector beroepsgroepen openbaar bestuur en veiligheid (eenpersoonshuishouden).

Figuur 15 Toegankelijkheid particuliere/vrije huursector beroepsgroepen openbaar bestuur en veiligheid.

23

Figuur 16 Toegankelijkheid koopsector beroepsgroepen openbaar bestuur en veiligheid

Zorg en welzijn Tenslotte hebben we de tekorten van elf beroepsgroepen onderzocht in de sector zorg en welzijn. Een groot deel van hen valt binnen de primaire of secundaire doelgroepen voor sociale huur of komt in aanmerking voor middenhuur. Dat geldt met name voor startende professionals in de zorg en ook de meer ervaren woonbegeleiders, verzorgenden IG en thuishulpmedewerkers. (Huis)Artsen komen niet in aanmerking voor sociale huur en ook managers in de zorg en ervaren medisch vakspecialisten kunnen naar verwachting makkelijker een woning kopen. Ervaren maatschappelijk werkers, medisch praktijkassistenten, apotheekassistenten, (gespecialiseerd) verpleegkundigen en fysiotherapeuten verdienen te veel voor de sociale huur maar te weinig om (als eenverdiener) goede kans te maken op een particuliere huurwoning of een koopwoning en moeten het dus hebben van de betaalbare koop of middenhuur van woningcorporaties. Figuur 17 Toegankelijkheid gereguleerde huursector beroepsgroepen zorg en welzijn (eenpersoonshuishouden).

24

Figuur 18 Toegankelijkheid particuliere/vrije huursector beroepsgroepen zorg en welzijn.

Figuur 19 Toegankelijkheid koopsector beroepsgroepen zorg en welzijn.

Conclusie Uit de analyse van de arbeidsmarkt komt naar voren dat er weinig beroepen zijn die niet krap of zeer krap zijn in de arbeidsmarktregio, en ook in de gemeente Westland zijn er voor alle sectoren openstaande vacatures. Dit betekent dat de schaarste aan vitale beroepen hoogstwaarschijnlijk goed onderbouwd kan worden. Wel roept dit de vraag op welke beroepen er dan voorrang verdienen. De keuze voor welke beroepsgroep voorrang zou moeten krijgen is aan de hand van deze schaarste lastig te maken. De arbeidsmarktregio Haaglanden, waar gemeente Westland onderdeel van uitmaakt, is er een tekort aan personeel in bijna alle vitale beroepsgroepen zichtbaar. Er is duidelijk sprake van schaarste in het onderwijs, de kinderopvang en in de zorg en dit wordt herkend door werkgevers. Van de onderzochte groepen is met name de arbeidsmarkt voor (gespecialiseerde) verpleegkundigen en verzorgingsmedewerkers. Werkgevers geven aan dat ook in de groepsbegeleiding een groot tekort is. Apotheekassistenten werd door de gemeente aangemerkt als een beroep met veel krapte maar dit komt in de cijfers minder sterk naar voren. 25

Ook de docenten voor de algemene vakken in het secundair onderwijs en basisschoolleerkrachten zijn schaars en is er een groot tekort aan personeel in de kinderopvang. Dit blijkt zowel uit cijfers op regioniveau als uit de ervaringen van werkgevers. De tekorten bij de vrijwillige brandweer en politie komen niet sterk in de cijfers van het UWV naar voren. De werkgevers zien echter wel (grote) tekorten. De reddingsbrigade signaleert momenteel nog geen tekorten, maar wel het risico hierop in de toekomst en hamert op het belang om (langdurig) opgeleide mensen vast te houden. Bovendien zal een deel van de woningzoekenden met vitale beroepen de schaarste aan woningen in de verschillende segmenten ervaren. Wanneer je kijkt naar de toegankelijkheid van de woningmarkt voor verschillende beroepsgroepen, dan komen vooral startende (eenverdieners) en parttimers in aanmerking voor de sociale huursector, zoals startende onderwijzers, politieagenten en BOA’s, medewerkers in de kinderopvang, en zowel startende als meer ervaren woonbegeleiders en verzorgenden. Zij vallen wel (vrijwel) allemaal in de secundaire doelgroep. Voor meer ervaren onderwijzers en, in mindere mate, zorgmedewerkers is de koopsector potentieel beter financieel bereikbaar. Zij zouden dus eventueel geholpen zijn met voorrangverlening in de betaalbare koopsector.

Voor vrijwilligers bij de brandweer en de reddingsbrigade is dit zeer fluctuerend, afhankelijk van de inkomsten uit hun primaire baan.

26

Verwachte opbrengsten en consequenties We hebben gezien dat er een tekort aan bepaalde beroepen in vitale sectoren is, en dat deze beroepen zeer waarschijnlijk last hebben van het tekort aan woningen in verschillende segmenten van de woningmarkt. Maar dat het onderbouwt kan worden betekent niet dat het instrument ook ingezet moet worden. Daarom kijken we in dit hoofdstuk naar de te verwachte opbrengsten en consequenties en (neven)effecten. Zo kunnen we een afweging maken of de inzet van het instrument ook wenselijk is voor de gemeente Westland. Opbrengsten Er worden in de gemeente Westland jaarlijks bijna 600 woningen verhuurd. Maximaal de helft hiervan mag volgens de wet met voorrang worden verhuurd aan woningzoekenden met maatschappelijke of economische binding. Hierbinnen kan extra voorrang worden gegeven aan woningzoekenden met een vitaal beroep. Het zal dus gaan om maximaal 300 sociale huurwoningen per jaar. Hier gaan nog andere voorrangen en toewijzingen aan urgenten vanaf aangezien die sowieso onder voorrang voor woningzoekenden met binding vallen. Dit waren in 2024 117 verhuren. Er zouden dan nog circa 180 verhuringen zijn waar voorrang voor vitale beroepen kan gelden. Daarnaast staat in de komende vijf jaar de oplevering van ruim 700 betaalbare koopwoningen op de planning. Ook in dit segment zou in potentie de helft met voorrang kunnen worden verkocht.

Voor de middenhuur is het aantal woningen dat met voorrang kan worden verhuurd lastiger te voorspellen. Werkt voorrang geven met de tekorten op de arbeidsmarkt? Werkgevers zijn positief over de mogelijke effecten van de regeling. Ze verwachten een positieve impact op het aantrekken van nieuwe werknemers naar Westland en mogelijk in grotere mate in het vasthouden van vrijwilligers en werknemers die nog thuis wonen. De reddingsbrigade ziet dat ze mensen die geen woning vinden, kwijtraken. Er wordt jarenlang geïnvesteerd in leden en de reddingsbrigade wil deze leden graag vasthouden. Ook corporaties zijn positief over het geven van voorrang aan deze doelgroepen, aangezien het volgens hen ook bijdraagt aan de sociale cohesie en de balans tussen dragers en vragers in buurten en wijken. Het is lastig om harde uitspraken te doen over in hoeverre het geven van voorrang helpt met het wegwerken van personeelstekorten. Werkgevers hebben een aantal anekdotes over medewerkers die zijn gestopt en weg zijn getrokken als gevolg van de krappe woningmarkt in de gemeente Westland. De politie geeft in het gesprek met werkgevers aan dat de eenheid Westland door haar locatie en schaarste op de woningmarkt geen populaire keuze is voor agenten.

Werkgevers in de zorg en het onderwijs denken dat voorrang zou kunnen helpen in het stimuleren van grotere contracten, van meer dan 24 uur, of vaste contracten. De reddingsbrigade vindt dat het ook een principiële reden kan zijn om vrijwilligers die iets doen voor de samenleving voorrang te verlenen, om ze daarmee ook iets terug te geven. In de zorg, het onderwijs en de kinderopvang gaat het naar verwachting om enkele gevallen per werkgever die gebruik zouden willen maken van de regeling. Zorgorganisatie ’s Heerens Loo geeft aan dat ‘een zusterflat ideaal zou zijn’ voor het aantrekken van mensen. De brandweer geeft aan dat er momenteel 2 tot 3 mensen per kazerne zijn die graag in aanmerking komen voor voorrang (15 personen in de gehele gemeente) en dat ze momenteel zo’n 2 tot 3 vrijwilligers verliezen per jaar die vastgehouden zouden kunnen worden met een voorrang voor huisvesting.

27

Het effect van de maatregel is ook afhankelijk van welke groepen en welke segmenten er worden gekozen. Corporaties verwachten dat sturing op de koopsector meer effect heeft, omdat een koopwoning hebben volgen hen zorgt voor permanentere binding aan de gemeente. Verder is de voorrang binnen de sociale huursector naar verwachting vooral effectief voor beginnende medewerkers aangezien zij nog binnen de inkomenseisen vallen. Hoewel de werkgevers aangeven ook naar meer ervaren medewerkers te zoeken maar die nauwelijks te vinden zijn. Daardoor is het inzetten op starters ook effectiever. Tegelijkertijd wordt aangegeven dat het tekort aan werknemers wel groter is dan huisvesting. Ander, ondersteunend beleid om het tekort weg te werken is ook wenselijk (bijvoorbeeld betere ov-verbindingen). Kanttekeningen bij het te verwachten effect Het precieze effect van de maatregel moet nog worden afgewacht. Niet iedereen met een vitaal beroep krijgt namelijk voorrang. Zo moet er worden voldaan aan inkomenseisen van de sociale huursector. Hier voldoen woningzoekenden met een partner of werknemers die verder zijn in hun carrière al vaak niet aan. Daarnaast vallen studenten niet onder de regeling, terwijl deze voor de werkgevers in de vitale sectoren wel aantrekkelijk zijn om voorrang te geven.

Tot slot moeten de woningzoekenden met een vitaal beroep economische of maatschappelijke binding (ook wel lokale binding genoemd) hebben aan de gemeente Westland, aangezien het gaat om een extra voorrang binnen deze groep. Dit betekent dat de voorrang voor vitale beroepen ook gebonden is aan maximaal 50% van de toewijzingen. Iemand voorrang geven die minder dan 6 jaar in de gemeente woont (en dus niet onder de definitie van maatschappelijke binding valt) en (nog) niet in de gemeente werkt, kan niet. Daarnaast is het goed om te noemen dat de voorrang getoetst wordt op het moment van toewijzing. Er is dus geen stok achter de deur om te zorgen dat medewerkers ook blijven werken bij de werkgever of in de sector. Consequenties Hoewel de aanleiding van schaarste er is, betekenen bovenstaande overwegingen dat de effectiviteit van de maatregel wellicht beperkt is. Tegelijkertijd heeft de implementatie en uitvoering van de maatregel wel organisatorische en financiële implicaties voor de gemeente en de corporaties. Voor het uitvoeren van de regels uit de huisvestingsverordening is een vergunningsstelsel nodig. De gemeente kan voor de sociale woningen die onder de huisvestingsverordening vallen de woningcorporatie mandateren om de huisvestingsvergunningen te verlenen.

Voor de andere segmenten (particuliere huur en koop) kan dit echter niet en dus zal de gemeente deze vergunningen zelf moeten verlenen. De uitvoering en de handhaving van het vergunningsstelsel kost capaciteit binnen de gemeente. Momenteel is de huisvestingsverordening van kracht voor sociale huurwoningen van woningcorporaties en van particuliere verhuurders. Er is binnen de gemeente dus al een vergunningverleningsproces in plaats. Desondanks zal dit bij bredere toepassing (bijvoorbeeld binnen de nieuwbouw betaalbare koop) moeten worden opgeschaald. Het inzetten van de voorrang voor vitale beroepen vraagt, naast een onderbouwing van de beroepen, ook om een onderbouwing van de voorrang voor woningzoekenden met maatschappelijke of economische binding aan de gemeente. Dit komt omdat deze twee instrumenten gekoppeld zijn, er kan immers geen sprake van extra voorrang zijn zonder dat de voorrang voor economische of maatschappelijke binding wordt ingezet. Mocht de gemeente dus de voorrang voor vitale beroepen in willen voeren, zal er ook gekeken moeten worden naar de onderbouwing en de afwegingen van nut, noodzaak en proportionaliteit van het instrument van voorrang voor lokale (maatschappelijke of economische) binding. Voor de koopsector is de 28

aanleiding voor het sturen hierop minder aanwezig omdat nu al een groot deel van de koopwoningen naar eigen inwoners gaat. De kosten voor de woningcorporatie zijn afhankelijk van de precieze vorm van de regeling. Zij hebben de voorkeur voor een systeem waarin woningzoekenden via de gemeente een ‘vinkje’ krijgen bij Woonnet Haaglanden en vervolgens zelf met de voorrang kunnen zoeken. De woningcorporaties geven de volgende randvoorwaarden voor de uitvoering: •

• •

•

Praktische uitvoerbaarheid moet geborgd blijven. Dit houdt in dat het systeem het meeste werk moet doen en dat de verhuurmedewerkers zo veel mogelijk werk uit handen wordt genomen. Directe bemiddeling wordt afgeraden door de woningcorporaties; Binnen bestaande kaders passen. Dit betekent dat de voorrang niet ten koste van passend toewijzen of huurbeleid van de corporaties moet gaan; Risico’s op misbruik afdekken en willekeur voorkomen. Dit betekent dat er goed over de voorwaarden en manier van toewijzen moet worden nagedacht. De corporaties geven aan dat direct bemiddelen de kans op willekeur vergroot en de transparantie verlaagt; Uitlegbaarheid. Dit volgt uit de randvoorwaarden hierboven en houdt in dat er goed naar andere woningzoekenden gecommuniceerd moet worden.

Effecten van de voorrang op de wachtlijst Voorrang voor de een betekent automatisch langer wachten op een woning voor de ander. De precieze effecten van het geven van voorrang voor de andere groepen woningzoekende zijn lastig in te schatten. Er wordt momenteel zo’n 57 procent van de woningen aan ‘regulier’ woningzoekenden toegewezen, dus zonder enige vorm van voorrang. Dit zou onder de voorrang voor vitale beroepen in de eerste instantie gelijk blijven aangezien het gaat om een extra voorrang binnen de voorrang voor woningzoekenden met binding aan de gemeente. Dit betekent dat in plaats van een woningzoekende met binding aan de gemeente (bijvoorbeeld doordat die in de gemeente woont of werkt) een woningzoekende met binding in de vorm van een vitaal beroep in aanmerking komt voor een woning. Hieronder is de mediane inschrijfduur voor verschillende groepen woningzoekenden te zien in de regio Haaglanden. De voorrang voor vitale beroepen zou onder de categorie ‘via lokaal maatwerk’ vallen. Met name andere woningzoekenden met binding aan de gemeente maar zonder vitaal beroep zouden door deze voorrang langer moeten wachten. Figuur 20 Mediane inschrijfduur (in maanden) van alle geslaagde woningzoekenden. Bron: SVH aanbodrapportage 2024

Effecten van voorrang op andere doelen van woonruimteverdeling Naast een langere wachttijd heeft het geven van voorrang aan woningzoekenden met een vitaal beroep ook consequenties voor andere doelen in de woonruimteverdeling. Zo is de uitlegbaarheid van het instrument voor andere woningzoekenden een aandachtspunt. Niet 29

alleen moet er gecommuniceerd worden waarom andere woningzoekenden voorrang krijgen maar ook waarom dit tot een bepaald gemaximeerd aantal is (waarom krijgt zorgmedewerker 50 bijvoorbeeld wel voorrang maar 51 niet meer?). Daarnaast is doorstroming regionaal benoemd als belangrijke pijler voor de woonruimteverdeling. Voorrang geven aan vitale beroepen in de sociale huur zal, met het oog op de vorige hoofdstukken, voornamelijk gaan over starters op de woningmarkt. De werkgevers geven ook aan dat ze met name denken aan jonge, thuiswonende medewerkers die aanspraak zouden moeten maken op de voorrang. Deze toewijzingen zullen dus waarschijnlijk geen doorstroming op gang brengen. Tot slot waarschuwen de corporaties voor het voorrang geven aan woningzoekenden met een hoger inkomen. Niet alleen hebben woningcorporaties de verplichting om voor minstens 85 procent aan de primaire doelgroep toe te wijzen, ze zien hier ook een risico voor het creëren van situaties van scheefwonen. Dit geldt met name voor beroepen die in de carrièremogelijkheden (ver) boven de inkomensgrens van de sociale huur uitstijgen. Voor deze groep zou voorrang in de middenhuur logischer zijn. Dit is echter een klein segment in de gemeente. Juridisch en bestuurlijke consequenties Het invoeren van de voorrang voor vitale beroepen heeft ook juridische en bestuurlijke consequenties.

De gemeente Westland stemt haar verordening af met de regio, waardoor veel lokaal afwijken niet wenselijk is. Wel is er ruimte voor lokaal maatwerk voor elke gemeente. Daar zou de voorrang voor vitale beroepen onder kunnen vallen. Regionaal is afgesproken om minder gebruik te maken van afwijkingen van de regionale norm in lokaal maatwerk te hebben. De implementatie van wijzigingen in de regionale modelverordening worden regionaal bepaald en de lokale afwijkingen staan onderaan in de prioritering. Ook kan afwijking van de regionaal afgestemde regels onduidelijkheid voor woningzoekenden leiden. Daarnaast kan de huisvestingsverordening pas op 1 juli 2027 worden aangepast. Wellicht zijn er meer gemeenten die tegen die tijd voorrang voor vitale beroepen in de afgestemde modeltekst willen opnemen. Voor de gemeente Westland kan dit worden ondervangen door de voorrangsregeling in eerste instantie onder de experimentenbepaling te laten vallen. Het geven van voorrang aan vitale beroepen kan werknemers uit andere gemeenten aantrekken. Sterker nog, dit is een van de doelen van de voorrang. Dit betekent echter dat andere gemeenten dan kampen met een tekort. Daarom kan dit regionaal leiden dat alle gemeenten de voorrang gaan invoeren (een ‘race to the bottom’). De effectiviteit kan daardoor afnemen.

Tot slot is het juridisch onhoudbaar om zonder goede onderbouwing een instrument in te voeren. Hoewel de tekorten aan werknemers en woningen en dus het instrument om voorrang te geven aan vitale beroepen onderbouwt kunnen worden, geldt dit niet voor elk segment voor de lokale voorrang. Voor de nieuwbouw betaalbare koop gaat er al een groot deel naar inwoners uit de gemeente Westland waardoor het onderbouwen van voorrang voor lokaal gebonden woningzoekenden lastig is. Daarmee is ook het geven van extra voorrang binnen deze groep niet in te voeren en dus juridisch gezien af te raden. Leren van andere gemeenten In verschillende andere gemeenten wordt er al gewerkt met voorrang voor vitale beroepen, zowel via de huisvestingsverordening als daarbuiten. Hieronder een greep uit de verschillende mogelijkheden van inrichten van de regeling en de resultaten die daarvan verwacht kunnen worden: 30

o

Utrecht: woningzoekenden met een vitaal beroep kunnen zich inschrijven voor een wachtlijst. Woningzoekenden op de wachtlijst kunnen met voorrang reageren op een woning. De voorrang geldt voor de sectoren zorg, onderwijs, politie, kinderopvang en vrijwillige brandweer. Voorrang wordt verleend op nieuwbouw sociale huurwoningen en middenhuurwoningen. Middenhuur is toegevoegd nadat bleek dat veel woningzoekenden niet in aanmerking kwamen voor de sociale huur. 70 procent van de aanmeldingen wordt afgewezen en een aanvraag kost bijna 300 euro om te verwerken voor de gemeente. Dit heeft de gemeente uitbesteed aan WoningNet. Er konden in 2025 460 aanvragen worden verwerkt, in april 2025 waren er al zoveel aanvragen. Van het aantal toegekende aanvragen – sinds de inwerkingtreding zijn dat er in totaal 352 – hebben tenminste 175 aanvragers daadwerkelijk woonruimte kunnen vinden in stad.

o

Amsterdam: ook in Amersterdam wordt sinds 2020 voorrang gegeven. Er wordt sinds 2022 gewerkt met een wachtlijst van maximaal 500 plaatsen. Zodra 500 woningzoekenden zijn ingeschreven, sluit de wachtlijst en deze opent pas weer, zodra er ruimte is. In Amsterdam is het percentage voorrang verder uitgewerkt per sector (op basis van de omvang van de sector in fte). De beroepen zijn bevoegd leerkrachten, zorgmedewerkers en politieagenten. Zij hebben voorrang in de sociale huur- en de middenhuursector. Als hun aanvraag is goedgekeurd dan worden zij direct bemiddeld voor een woning. Het doel is om jaarlijks 50 tot 100 sociale huurwoningen en 50 tot 100 middenhuurwoningen te verhuren met de voorrang. In 2022 waren er 204 bemiddelingen, waarvan 170 in de sociale huursector. De verdeling tussen de segmenten was 39 toewijzingen voor medewerkers in het onderwijs, 157 zorgmedewerkers en 8 agenten.

o

Gooi & vechtstreek: Vanaf 2024 sturen de gemeenten Hilversum en Gooise Meren op voorrang voor vitale beroepen (leraren, politieagenten en zorgmedewerkers). Sinds de start zijn in de gemeente Hilversum 104 inschrijvingen, 23 woningen aangeboden en 9 woningen verhuurd. In de Gooise Meren zijn enkel 10 woningen aangeboden. De kosten voor de gemeente zijn op basis van 3,5 uur per aanvraag €498.50 (excl. Btw). De eigen bijdrage voor woningzoekenden was in 2024 €25 en de werkgever moet €75 bemiddelingskosten betalen. De woningzoekende krijgt voorrang en moet vervolgens zelf reageren.

o

Den Haag: In de gemeente Den Haag wordt er ook voorrang gegeven aan woningzoekenden met vitale beroepen (leraren, politieagenten en zorgmedewerkers). Dit wordt niet via de huisvestingsverordening geregeld, maar er worden afspraken gemaakt met marktpartijen over de huisvesting van deze groepen in nieuwbouw middenhuur- en koopwoningen.

o

Rotterdam: De gemeente Rotterdam geeft voorrang aan een aantal beroepen in de zorg, politie en onderwijs in specifieke proefprojecten. Het gaat zowel om sociale huur-, middenhuurwoningen, als kamers

Conclusie Uiteindelijk komt de keuze omtrent de invoering van de voorrang voor vitale beroepen neer op een afweging. In hoeverre wegen de verwachte effecten op tegen de kosten. Dit is in essentie een politieke afweging. Hieronder de feiten op een rij: Er is sprake van tekorten op de arbeidsmarkt • De werkgevers ervaren tekorten in hun dagelijkse praktijk. De kosten voor het vervangen van vrijwillige brandweer door beroepsbrandweer, wat nodig zal zijn met aanhoudende 31

•

tekorten, zijn hoog. Voor de andere personeelsgroepen zijn de consequenties van de tekorten lastiger uit te drukken in euro’s. Ook uit de data blijkt dat er tekorten zijn in vrijwel alle beroepsgroepen. Dit maakt de selectie van welke beroepen voorrang moeten krijgen niet te maken is aan de hand van schaarste, aangezien alle beroepen schaarste kennen.

Er is sprake van schaarste aan woningen, waardoor sturing mogelijk is • Ook de woningmarkt kent grote schaarste. Voor alle segmenten valt sturing te onderbouwen. Enkel het geven van voorrang aan lokaal woningzoekenden in de koop is lastig te onderbouwen, aangezien er hier al veel woningen naar eigen inwoners gaan. Deze voorrang voor woningzoekenden met binding is een voorwaarde voor het geven van voorrang voor vitale beroepen. Er zijn kanttekeningen te plaatsen bij het te verwachte effect • Werkgevers zijn positief over de voorrang. Ze verwachten dat de regeling bij kan dragen aan het vasthouden en aantrekken van werknemers en het stimuleren van meer werkuren. • Niet alle beroepen komen in aanmerking voor de sociale huur. Met name startende medewerkers in de zorg en de kinderopvang vallen onder de inkomensgrens, zeker omdat zij vaker parttime werken. Voor bepaalde andere groepen, zoals agenten en leraren, is voorrang in de middenhuur of de nieuwbouw betaalbare koop daarom meer voor de hand liggend. Sturing brengt ook consequenties met zich mee • De woningcorporaties waarschuwen voor het geven van voorrang van mensen die snel buiten de primaire doelgroep vallen- daar zit een risico voor scheefwonen. • Het geven van voorrang voor vitale beroepen gaat ten koste van woningzoekenden die gebonden zijn aan de gemeente maar geen vitaal beroep beoefenen.

Dit brengt ons tot het volgende advies: Nut en noodzaak van voorrang voor vitale beroepsgroepen lijkt voldoende te kunnen worden aangetoond. Introduceer een experiment van één jaar voor het geven van voorrang binnen de gemeente Westland in de sociale huursector. Hanteer in deze pilot een maximum aantal woningen per jaar (bijvoorbeeld 50). De vorm van uitvoering wordt hieronder besproken. Monitor hoeveel mensen zich opgeven en of zij in aanmerking komen voor een sociale huurwoning. Monitor ook of ze na toewijzing bij de werkgever blijven werken. Omdat het tekort nu al wordt ervaren, raden we aan niet tot medio 2027 te wachten. Het experiment geeft de mogelijkheid om voor de wijziging van de huisvestingsverordening (1 juli 2027) al ervaring op te doen met het geven van voorrang en de effectiviteit daarvan te meten. Met inachtneming van voorbereidings- en implementatietijd van circa 6 maanden, zou de pilot medio 2026 kunnen starten. Na een looptijd van circa 6 maanden zouden de eerste resultaten begin 2027 geëvalueerd kunnen worden. Dat biedt vervolgens input voor een eventuele wijziging van de huisvestingsverordening medio 2027. Het beleid kan, met de ervaringen uit het experiment, beter worden afgewogen en vormgegeven.

Na het experiment kan worden overwogen om de voorrang wel/of niet in te voeren of bijvoorbeeld uit te breiden naar middenhuur voor agenten, verpleegkundigen en leraren. Het verordenen en dus het reguleren van voorrang bij de nieuwbouw betaalbare koopwoningen lijkt voor nu niet 32

haalbaar door het niet kunnen onderbouwen van de noodzaak van voorrang voor lokale binding, waar vitale beroepen onderdeel van zijn. Voor het experiment is het belangrijk om niet te veel groepen tegelijkertijd voorrang te geven. Als iedereen voorrang krijgt, wordt het effect namelijk dermate klein dat in de praktijk niemand meer voorrang krijgt. Daarom adviseren we voorrang te geven aan beroepsgroepen waar een groot tekort wordt ervaren, die in aanmerking komen voor de sociale huursector en waarschijnlijk onder de inkomensgrenzen blijven en waar lokale binding met de gemeente belangrijk is. Dit geldt voor: • • • • • •

Woonbegeleiders Verzorgenden IG Medewerkers kinderopvang (pedagogisch medewerker) Basisschoolleraren Vrijwillige brandweer, waarbij ze enkel voorrang krijgen op woningen die binnen 4 minuten van een kazerne liggen. Reddingsbrigade (de leden in de nooddienst, waarbij ze enkel voorrang krijgen op woningen die binnen 10 minuten van het strand liggen)

Vorm De woningcorporaties gaven aan graag betrokken te willen zijn bij de uitwerking van de toetsingskaders van het beleid. Deze kaders moeten inderdaad worden uitgewerkt en worden vastgelegd in een experimentenovereenkomst tussen de woningcorporaties en de gemeente Westland. Hieronder een advies voor deze uitwerking. Ons advies is om tot een goede afbakening van functies die in aanmerking komen vast te leggen. Het gaat hierbij om het aantal uur in het arbeidscontract (24 of 28 uur zien we veel in andere gemeenten), dat iemand ten minste een jaar in vaste dienst moet zijn, en dat de DAEBinkomensgrens van toepassing is (€ 54.847 voor een meerpersoonshuishouden). Medewerkers die denken in aanmerking te komen, zouden zich kunnen melden bij de gemeente. De gemeente toetst of ze voldoen (bijvoorbeeld door het overleggen van een werkgeversverklaring). Als ze voldoen aan de voorwaarden krijgen ze een verklaring die ze uploaden in Woonnet Haaglanden waardoor ze kunnen reageren op woningen waar er voorrang wordt gegeven aan woningzoekenden met vitale beroepen. Woningcorporaties zorgen dat er volgens afspraak voldoende woningen (en in het geval van de brandweer en de reddingsbrigade in het aangewezen gebied) worden geadverteerd met de voorrang. Als er geen woningzoekende met voorrang reageert, gaat de woning naar een regulier woningzoekende.

Als er meerdere woningzoekenden met voorrang reageren, wordt er toegewezen op basis van inschrijfduur.

33

Bijlage 1: Verantwoording prijspeilen en inkomensgrenzen Onder sociale huurwoningen verstaan we woningen met een huurprijs in het gereguleerde segment. Op 1 augustus 2025 is dit maximaal € 900,07 (de sociale huurgrens). In de sociale huursector worden inkomensgrenzen gehanteerd. De inkomensgrens voor de doelgroep van het gereguleerde sociale huursegment is €40.669 voor éénpersoonshuishoudens en €54.847 voor meerpersoonshuishoudens (prijspeil 2025). Onder de Wet betaalbare huur wordt de maximale middenhuurgrens gesteld op €1.184,82. Alles tussen de sociale huurgrens en middenhuurgrens is het middensegment. De inkomensgrens voor middenhuurwoningen is €67.366 voor éénpersoonshuishoudens en €89.821 voor meerpersoonshuishoudens. Voor de indicatieve inkomens hebben we de maximale huurprijs berekent die huishoudens kunnen betalen als de inkomensnorm van vier keer de brutohuur wordt gehanteerd. Deze inkomensnorm is met name gangbaar in de particuliere huursector. Het kan echter in de praktijk moeilijker zijn voor lage en middeninkomens om financieel toegankelijke woningen te vinden in de particuliere huursector. Soms wordt bij de inkomenseis het inkomen van een partner slechts gedeeltelijk meegeteld. Daarnaast kan het maximaal haalbare huurbedrag dalen als strengere inkomenseisen worden gesteld, bijvoorbeeld door de inkomensnorm te verhogen naar 4,5 keer het bruto maandinkomen.

Tenslotte, wie een woning wil kopen heeft daarvoor normaal gesproken een hypotheek nodig. Voor de indicatieve inkomens hebben we de maximale hypotheek berekend, gebaseerd op het inkomen en de geldende hypotheekrente. De Nationale Hypotheek Garantie (NHG) gebruikt hierbij de financieringsnormen van het NIBUD. Figuur 21 toont de maximale hypotheek die huishoudens (onder de AOW-leeftijd) kunnen krijgen op basis van de actuele NHG-normen, waarbij wordt uitgegaan van een hypotheekrente van 3,75 procent (de mediane hypotheekrentegrens op peildatum 1 augustus was 3,67 procent). De maximale hypotheek varieert hierbij van ongeveer €116.00 bij een bruto jaarinkomen van €30.000 tot afgerond €337.000 bij een jaarinkomen van €75.000. Figuur 21 Maximale hypotheek voor eenverdieners met een middeninkomen, naar bruto-inkomen, 2025 (hypotheekrente = 3,75%). Bron: NIBUD, bewerking RIGO.

34

Bijlage 2: Inkomens van vitale beroepen We maken een selectie van vitale beroepen in de sectoren Onderwijs, Zorg en Openbaar bestuur en veiligheid op basis van een inschatting van het startsalaris van verschillende beroepsklassen. Daarnaast gebruiken we een indicatie voor het (fulltime) bruto maandsalaris van een startende en een ervaren professional in de beroepsklassen in de geselecteerde sectoren Op basis van deze indicatie kan een inschatting worden gemaakt op zij in aanmerking komen voor een sociale huurwoningen en/of een particuliere huurwoning of koopwoning financieel bereikbaar is. Het gaat hier om een indicatieve inschatting per beroepsgroep op basis van de Nationale beroepengids of, indien niet beschikbaar of cao’s (aangegeven met een *). Tabel 1 Indicatieve inkomens per beroepsgroep. Bron: Nationale beroepengids, peildatum maart 2024; bewerking RIGO.

Beroepsklasse

ISCO Niveau

Starter Maandsalaris (bruto)

Senior Maandsalaris (bruto)

Starter Jaarsalaris (bruto, afgerond op 100)

Senior Jaarsalaris (bruto, afgerond op 100)

Leraar basisonderwijs (Pedagogisch) medewerker kinderopvang Leraar vo Docent hoger onderwijs en hoogleraar Onderwijskundige Managers onderwijs Bewaker/beveiliger BOA Brandweercommandant Vrijwilligersvergoeding brandweer (op basis van 8 uur) Politieagent* Woonbegeleider Maatschappelijk werker Arts Verzorgende IG Medisch vakspecialist (ambulancepersoneel) Medisch praktijkassistent Apotheekassistenten (gespecialiseerd) Verpleegkundige Fysiotherapeut Manager zorg Thuishulp*

4 2

3.463 2.213

7.710 3.243

45.000 28.800

100.200 42.200

4 4

3.301 6.648

6.680 11.686

42.900 86.400

86.800 151.900

4 2 3 4 2

3.000 3.186 2.446 2.800 3.935 445

5.000 8.714 4.200 4.200 6.551 1.063

39.000 41.400 31.800 36.400 51.200 5.800

65.000 113.300 54.600 54.600 85.200 13.200

2 3 4 4 2 3

2.798 2.000 2.800 4.456 2.317 2.500

3.875 2.800 4.200 8.200 3.229 5.800

36.400 26.000 36.400 57.900 30.100 32.500

50.400 36.400 54.600 106.600 42.000 75.400

3 3 3-4

2.511 € 2.500 2.695

4.276 € 3.380 4.540

32.600 32.500 35.000

55.600 43.900 59.000

4 4 1

3.606 3.800 2.446

5.084 6.500 3.500

46.900 49.400 31.800

66.100 84.500 45.500

35

Commissie Wonen en Flora Dossiernummer

1390

Extern Zaak ID

PRO-0480

Vertrouwelijk

Nee

Vergaderdatum

26 november 2025

Agendapunt

9

Titel

Voorstel tot beschikbaarstelling van een voorbereidingskrediet voor de Gebiedsontwikkeling Verdilaan

Portefeuillehouder Bijlagen Raadsvoorstel [25-0170976] 25-0170984 raadsbesluit voorbereidingskrediet verdilaan Geagendeerd

Vergaderdatum

Commissie Wonen en Flora

26 november 2025

RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Westland; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 oktober 2025, nummer 25-0170976; gehoord het advies van de commissie Wonen en Flora van 26 november 2025 en gehoord de beraadslagingen van onderhavige vergadering;

besluit: 1. 2.

Voor de voorbereiding van de Gebiedsontwikkeling Verdilaan een krediet van €550.000,beschikbaar te stellen. De onderstaande begrotingswijziging vast te stellen:

Begrotingswijziging Mutatie programma's:

nr. 25036 dienstjaar 2025 Lasten

dienstjaar 2026 Baten

Lasten

dienstjaar 2027 Baten

Lasten

dienstjaar 2028 Baten

Lasten

Baten

01 Ruimtelijke ordening 02 Volkshuisvesting 03 Gebiedsontwikkeling

16.500

16.500

16.500

16.500

04 Mobiliteit en economie 05 Zorg, welzijn en cultuur 06 Openbare orde en veiligheid 07 Sport, onderwijs en recreatie 08 Openbare ruimte 09 Politiek en bestuur 10 Financiën en alg. dekkingsmiddelen 11 Organisatie en overhead Totaal programma's Mutaties reserves: 12 Reserves

16.500

Totaal

16.500

16.500

16.500 16.500

16.500

Aldus besloten door de raad in zijn openbare vergadering van 10 december 2025, de voorzitter,

P. van Oosten

B.R. Arends

IBABS 009

de griffier,

25-0170984 1

Commissie Wonen en Flora Dossiernummer

1421

Extern Zaak ID

D2025-26042

Vertrouwelijk

Nee

Vergaderdatum

26 november 2025

Agendapunt

10

Titel

Voorstel tot instemming met het verruimen van de plangrenzen van de grondexploitatie Flora Campus Westland (FCW) met het perceel Lange Broekweg 7 te Naaldwijk

Portefeuillehouder

Ben van der Stee

Bijlagen Raadsvoorstel [25-0178937] Raadsbesluit [25-0178941] Investeringsbedrag [25-0178864] - GEHEIM Schadeloosstellingsberekening [25-0178860] - GEHEIM Plausibiliteitsverklaring taxatierapport [25-0178854] - GEHEIM Taxatierapport [25-0178841] - GEHEIM Geagendeerd

Vergaderdatum

Commissie Wonen en Flora

26 november 2025

VOORBLAD RAADSVOORSTEL

ONDERWERP Verruiming plangrenzen Flora Campus Westland en strategische verwerving Lange Broekweg 7 te Naaldwijk______ BESLISPUNTEN 1. 2.

3.

In te stemmen met het verruimen van de plangrenzen van de grondexploitatie Flora Cam­ pus Westland (FCW) met het perceel Lange Broekweg 7 te Naaldwijk; het budget in de grondexploitatie te verhogen met C 1.295.000. Voor deze wijziging van het saldo van de grondexploitatie de voorziening te verhogen met dit bedrag en dit te dekken uit de bestemmingsreserve gebiedsontwikkeling; In te stemmen met de bijgevoegde begrotingswijziging.

ARGUMENTEN, RISICO’S EN KANTTEKENINGEN Argumenten 1.1 De gebiedsontsluiting FCW op de burgemeester Elsenweg zoals opgenomen in het Masterplan blijkt verkeerstechnisch niet te voldoen. 1.2 Voor een veilige en functionele ontsluiting is meer ruimte nodig, waarvoor de huidige planen exploitatiegrens verruimd moet worden. 1.3 Het perceel Lange Broekweg 7 kan tegen volledige schadeloosstelling op korte termijn aan­ gekocht worden.

Kanttekening 1.4 De Provincie Zuid-Holland (PZH) heeft nog geen formele toestemming tot aansluiting van de nieuwe inrit op de Burgemeester Elsenweg (N213) gegeven.

Kansen 1.5 Er is mogelijk ruimte voor uitgifte van extra kavel

800 S8VSI

25-0178937

RAADSVOORSTEL

AANLEIDING Vanwege de ontwikkelingen van de Flora Campus Westland (FCW) is een nieuwe ontsluitingsweg vanaf de Burgemeester Elsenweg naar de FCW nodig. Hiermee wordt o.a. het nieuw te bou­ wen vakcollege en de nabij gelegen nieuwbouw bereikbaar. Om deze ontsluitingsweg te kunnen realiseren is onder andere het perceel met daarop een wo­ ning gelegen aan de Lange Broekweg 7 nodig. In het Masterplan FCW leek dit perceel niet nodig binnen de plangrenzen. Bij nadere uitwerking is de ruimte waar dit perceel op ligt toch nodig. Met de oorspronkelijke plangrenzen was daar niet van uitgegaan, zodat aanpassing van de plangrens nodig is.

H’^r,

I -j 1 i

Figuur 1 (Luchtfoto plangebied)

Figuur 2 (conceptstudie plangebied)

DOELSTELLING Het realiseren van een veilige en functionele verkeersoplossing voor het in- en uitgaande ver­ keer van en naar de FCW.

RAADSVOORSTEL

ARGUMENTATIE Argumenten 1.1

De gebiedsontsluiting FCW op de burgemeester Elsenweg zoals opgenomen in het Masterplan blijkt verkeerstechnisch niet te voldoen. De gedachte ontsluiting ligt te ver van de Lange Broekweg vandaan om als 1 kruispunt te functioneren, en te dicht bij om als 2 aparte kruisingen uitgevoerd te kunnen worden.

1.2

Voor een veilige en functionele ontsluiting is meer ruimte nodig, waarvoor de huidige plan- en exploitatiegrens verruimd moet worden. De ontsluiting wordt naar het zuiden verschoven zodat de ontsluiting beter kan worden afgestemd op de verkeersafwikkeling van de Lange Broekweg. Deze oplossing past niet binnen de huidige plangrens.

1.3

Het perceel kan tegen volledige schadeloosstelling op korte termijn aangekocht wor­ den; De woning staat letterlijk in de weg voor de benodigde ontsluiting. Gezien het algemeen belang en de ontsluiting van het gebied is het gewenst deze perceel met opstallen aan te kopen. Over de verwervingsprijs is inmiddels overeenstemming bereikt met de eigenaar.

RISICO’S EN KANTTEKENINGEN Kanttekening 1.4 De Provincie Zuid-Holland (PZH) heeft nog geen formele toestemming tot aansluiting van de nieuwe inrit op de Burgemeester Elsenweg (N213) gegeven.

De gebiedsontsluiting wordt in nauwe afstemming met de Provincie vormgegeven, hierover is ook ambtelijke overeenstemming. Formele besluitvorming door de PZH moet nog plaatsvin­ den. Kans 1.5 Er is mogelijk ruimte voor uitgifte van extra kavel

Door de vergroting van het exploitatiegebied van de grondexploitatie ontstaat er mogelijk be­ perkte extra ruimte voor uitgifte van een extra kavel. Dit moet nader worden onderzocht. Er is geen rekening gehouden met extra inkomsten.

FINANCIËN De grondexploitatie Flora Campus Westland wordt binnen de vastgestelde kaders 2 keer per jaar herzien in het MPG en in het TMPG. Uitbreiding van de plangrenzen en de gevolgen hiervan voor de grondexploitatieraming worden separaat aan de raad voorgelegd. Het met verkoper overeengekomen aankoopbedrag is C 1.065.000,s

3

RAADSVOORSTEL

Het saldo van de grondexploitatie verslechtert door de verwerving met een bedrag van ë 1.295.000 op netto contante waarde. Deze verslechtering is het saldo van de verwervingsprijs inclusief sloop en bijbehorende rentekosten. Voor de aanpassing van het saldo van de grondexploitatie moet een aanvullende voorziening worden getroffen. De aanpassing van de voorziening wordt gedekt uit de bestemmingsreserve gebiedsontwikkeling. Bij het MPG 2025 is bij de instelling van de bestemmingsreserve gebiedsontwikkeling afgesproken dat winsten en verliezen van gebiedsontwikkelingsprojecten worden verrekend, Daarnaast dient de reserve gebiedsontwikkeling als bufferfunctie voor risico’s die sa­ menhangen met de gebiedsontwikkelingen. Met instemming van het voorstel wijzigt de stand van de reserve gebiedsontwikkeling en de weerstandsratio. Risico's

MGP25

TMPG 25

Wijziging verwerving Langebroekweg

Grondexploitaties Grondbanken Deelnemingen Facilitair grondbeleid

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westland&id=042020e4-a48d-4566-979e-b5928c1f3bec