2024.05.29 Gemeente Westland Gemeenteraad (G24-000700)
Tekst van het document
verkeerscirculatie Wateringen, de verhuizing WOS geregeld wordt om snelle bouw tweede Berkenflat mogelijk te maken ... Mevrouw Vermeer-de Smit: Voorzitter. De heer Duijsens: De mogelijke … De voorzitter: Mevrouw Vermeer. Mevrouw Vermeer-de Smit: Dit is zonde van de tijd hoor. Dit hebben we zelf ook kunnen lezen. De heer Duijsens: De mogelijke vier procent ozb-verhoging en gelijk blijven van afvalstoffen en rioolheffing en minder kosten Wmo. De opmerking in het persbericht over de jaarrekening kunt u een-op-een terugvinden in de collegebesluitenlijst. In ieder geval staat er niets wat nieuw is. We praten als raad de laatste maanden over niks anders middels raadsvragen, moties en debatten in de raad over de centrumontwikkeling Naaldwijk, de bouw tijdelijke woningen, Vakcollege, Noviteit, et cetera. En dat hebben we ook in de coalitie hebben we dat ook zo voorbereid. De heer Hofland heeft ons ooit oproepen en ook andere partijen van u moet meer samenwerken. Hij zal nu toch niet hier vertellen dat uit den boze is. Die 80 miljoen investering van de Flora Campus, die staat ook in het keurige persbericht, kort en goed. Van lekken is zeker geen sprake. Het bekendmaken na de start van de persontmoeting is ook toegestaan en geoorloofd en wordt door onze fractie al jaren zo gedaan. Eén kanttekening en zie dat als een betuiging van enige tegemoetkoming zonder fouterkenning.
Wellicht hadden we ons meer rekenschap moeten geven van de overigens bij onze fractie niet bekende gevolgde andere werkwijze door het college, dus geen toezending vooraf onder embargo tot tien uur van alle stukken aan de pers en de raad en hadden we nog even moeten wachten tot kwart over tien of misschien elf uur, misschien wel tot half twaalf toen het persgesprek bijna ten einde was. Nogmaals, maar dit maakt onze handelwijze niet onjuist. Het is wel een leerles voor de volgende keer, dus wat dat betreft anders dan in de voorronde werd gesuggereerd, we leren wel en we luisteren zelfs ook nog een beetje. Waarom het college een andere werkwijze volgde, is ons niet duidelijk. Onjuist is het te stellen dat de informatie in het bericht uit de Auditcommissie kwam. Daar is de Kadernota niet besproken en dat gebeurt pas op 5 juni aanstaande. Er is wel gesproken over andere zaken uiteraard. Nogmaals, we hadden uit de coalitieoverleggen al voldoende duidelijk voor ogen wat de concrete plannen waren. Daar heb ik aantekeningen van gemaakt. Die aantekening heb ik ook gebruikt … De voorzitter: Mijnheer Duijsens, kunt u tot een afronding komen van uw eerste termijn? want u heeft nog vijf minuten en het lijkt me ook goed om … De heer Hofland: Voorzitter.
De voorzitter: Te kijken naar … De heer Duijsens: Jawel, maar ‘…’ (Buiten de microfoon) De voorzitter: Ja, dat snap ik, maar ik probeer ook even tot de kern … De heer Duijsens: Ik ben nog twee minuten. Voor de rest … De heer Hofland: Voorzitter. Als ik dan tussendoor een vraag zou mogen stellen aan de heer Duijsens. De voorzitter: De heer Hofland.
De heer Hofland: Het is een lang betoog inmiddels en de heer Duijsens, die heeft er inmiddels voor gekozen om te dansen op de dansvloer die hem bekend is. Dus hoe zit het feitelijk, wettelijk en rechtelijk. In het laatste stukje komt een interessant stuk naar boven. Een interessant stuk dat voor mij of ik denk voor velen hier het meest relevant is. Hoe zit het moreel? Hoe moeten we dat zien? Daar geeft de heer Duijsens iets voor aan. Daarvan geeft hij dan tegelijkertijd aan, we hadden dat persbericht wellicht om kwart over tien moeten versturen. Tegelijkertijd is dat dan niet de erkenning die wellicht of het inzicht dat dan nodig zou moeten zijn, want dan nog altijd is er een positie die u heeft in de Auditcommissie waarmee u gebruik of de gelegenheid heeft, laat ik hem op die manier formuleren, de gelegenheid heeft en geboden wordt om stukken ruim van tevoren te lezen, een persbericht ruim van tevoren op te stellen en dan vijftien minuten later te versturen, maar dat is moreel niet anders op het moment dat de stukken niet bij de rest van de raad terecht zijn gekomen. Dus uw laatste tipje tikt u de andere dansvloer aan waar het over de moraal van dit stuk behoort te gaan. Maar ook op dat stukje raakt u niet de passen op de maat. De heer Duijsens: Dan hebt u niet helemaal goed naar mij geluisterd, mijnheer Hofland.
Ik probeer net te vertellen dat die Auditcommissie heeft er helemaal niks mee te maken. Die paar punten over de ombudsman is natuurlijk een hot item bij ons, dus ik vertel wat we daar allemaal hebben van in de voorfase moeten doen om dat opgenomen te krijgen waarvan we wisten dat het in de Kadernota zou staan. Al die andere punten zijn gewoon punten die waar Westland Verstandig zich erg sterk voor gemaakt heeft, dus ik wist zeker dat die in die Kadernota zouden komen. Plus gevoegd bij het persbericht wat om half negen gekomen is. Ik hoop niet dat dat in twijfel getrokken wordt, dat we dat toen hadden, is duidelijk dat daar kwam mijn informatie vandaan. Niet uit de Kadernota die bij de stukken van de Auditcommissie zaten, die ik niet eens gelezen heb. En niemand had die gelezen bij de Auditcommissie. Ik heb ze ook 's avonds toen ik thuiskwam om ik geloof half elf heb ik ze niet gelezen en 's ochtends heb ik ze helemaal niet gelezen. Dus ik heb gewoon naar aanleiding van mijn aantekeningen van dat zal in die Kadernota staan, wat ik vernomen had uit de coalitie, gevoegd met de collegebesluitenlijst, zo is dat tot stand gekomen. Dus en als u het dan framet van ja, je hebt gejat uit de Auditcommissie, dan is dat gewoon onjuist feitelijk en dat is datgene wat ik probeer te zeggen. De voorzitter: Ik stel voor dat u tot een afronding komt. De heer Hofland: Voorzitter.
De heer Duijsens: Ik rond af, mijnheer de voorzitter, met het volgende. De heer Hofland: Ik ga geen vraag stellen, maar ik zou dan graag bevestigd willen horen van de coalitiepartners dat zij in feite dit ook exact wisten, want alleen. zij kunnen dit op dit moment bevestigen of ontkennen. De voorzitter: Ik denk dat dat voor de tweede termijn bewaard kan blijven. De heer Duijsens. De heer Duijsens: Ik kom dan toch met een ... Ik heb daar lang over nagedacht of ik dat moest doen, ik zeg het wel, publiekelijk onterechte beschuldiging van lekken is ernstig. Dat moet je niet doen, ook fractievoorzitters, ook raad moet dat niet doen en zou eigenlijk een juridisch vervolg moeten krijgen. Maar dan ga ik precies doen datgene wat in het verleden gebeurd is, dat je aangifte gaat doen wegens beschuldiging van lekken wat ten onrechte niet het geval is. Dus ja, ik weet eigenlijk en ook de fractie weet niet wat ze daarmee moeten.
Of we hier dan een erg punt van moeten maken, daarmee inderdaad doen we datgene waar wellicht jullie op uit zijn dat er een soort breuk of een soort kloof komt, dat … Maar in feite wat er gebeurt, mijnheer de voorzitter, en ik kijk ook een beetje naar de voorzitter zelf, die ook op de integriteit moet passen van ja als je nou als raad partijen brieven begint te sturen aan de pers van lekken, lekken, lekken en als het nou absoluut niet waar is en nergens op gegrond is, ja dat heeft ook bepaalde gevolgen. En men moet zich realiseren dat men niet zomaar alles kan schrijven zonder het deugdelijk onderzocht te hebben. Tot zover.
De heer Keizer: Voorzitter. De voorzitter: Dan kijk ik … De heer Keizer: Voorzitter. De voorzitter: Ja, de heer Keizer. De heer Keizer: Mag ik in eerste termijn aan u of een van uw collegeleden een vraag stellen? De voorzitter: Ja, gaat uw gang. De heer Keizer: De stukken, de Kadernota, die is pas na tien uur beschikbaar gesteld voor de pers, begrijp ik. Dan is het toch wel heel bijzonder wat de heer Chafiâ aangaf dat bij westlanders.nu al geciteerd wordt uit die Kadernota om 9 uur 45. Als dat zo is, dan is dat toch eigenlijk … Er waren maar vijf leden van de Auditcommissie die die Kadernota hadden. Vier. Bent u dan niet benieuwd waar die stukken vandaan komen die naar westlanders.nu zijn gegaan? De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan wethouder Van der Stee met een reactie namens het college. De heer Van der Stee: Het is mooi dat er nog een spreektijdkaartje zit van de inspreker. Dan gaat het tenminste niet van de collegetijd af. Voorzitter, op de vraag van de heer Keizer dat het vreemd is dat … De voorzitter: ‘…’ (Buiten de microfoon) dat niet de inspreker aan het woord is, maar … De heer Van der Stee: Vooruit dan maar. Ik dacht gratis tijd is altijd mooi. De voorzitter: Maar niet alles is gratis in het land. De heer Van der Stee: Nee voorzitter, dat klopt. Helaas niet. Dan was de begroting ook een stuk makkelijker geweest.
Voorzitter, de stukkenstroom, zover ik het weet en wat ik na kan gaan, hebben wij de stukken in het college behandeld op 21 mei. Dat zijn de grex’…’, het krediet, de sporthal, het tijdelijk krediet voor de Flora Campus, die is aangehouden, die zit deze week in de besluitenlijst, de jaarrekening en de Kadernota. Na deze vergadering hebben wij een aantal wijzigingen gehad en in de loop van de woensdag is op een gegeven moment het stuk vrij laat dus aan de Auditcommissie gestuurd en dat betreft de Kadernota, het raadsvoorstel en besluit. Zoals net hier ook werd gezegd, is er vooral een Auditcommissie geweest over de samenhang tussen de investeringen in de Kadernota en de investeringen in de Campus, wat dat betekent ten aanzien van de schuldpositie, het vermogen en de ratio's. We hebben de Kadernota verder niet inhoudelijk besproken. De besluitenlijst, heb ik begrepen, is om half negen door de griffie verstuurd. En wij hebben die wijzigingen die altijd gemaakt worden naar het college, die stukken zijn allemaal voor de rest aangepast en sturen dat altijd naar het bureau gemeentesecretaris. Die controleert de wijzigingen en donderdag worden die stukken altijd voor het persgesprek of zo snel mogelijk in ieder geval doorgestuurd naar de griffie via iBabs.
Ik moet inderdaad zeggen dat wij om half één is er nog contact geweest tussen bureau gemeentesecretaris over de grex, want dat was het lastige stuk waar de meeste aanpassingen in zitten. Dat was vrij laat en daardoor is ook pas door de griffie de stukken om 15.22 uur aan u compleet verzonden. Normaal gesproken is het inderdaad zo dat wanneer alle stukken vlot klaar zijn, dat dat inderdaad onder embargo bij u al ligt vaak op de avond voordat het persgesprek is. Dat is vanwege de laatste stukken, die woensdagavond om half twaalf heb ik zelfs daar contact over gehad, dat het nog niet helemaal in orde was, is dat dus niet meer op die woensdagavond geweest. Wij gingen er als college van uit dat de stukken inderdaad die in de Auditcommissie besproken wordt, altijd ook beschikbaar is voor de, hoe heet het, voor de andere raadsleden. De heer Van den Berg
attendeerde mij tijdens of vlak na het persgesprek van goh, ik kan de stukken niet vinden. Ik zeg dat is vreemd, want normaal hebben jullie gewoon daar toegang toe. Dat heb ik ook opgenomen met de griffier en die heeft dat in de loop van de ochtend hersteld. Het college was van mening dat wij altijd de stukken op tijd hebben en dat die om half tien, tien uur bij het persgesprek inderdaad altijd bij u aanwezig zijn, als we het erover hebben. De heer Keizer: Voorzitter, interruptie. De heer Van der Stee: Door allerlei omstandigheden is dat dus later geweest. De voorzitter: De heer Keizer. De heer Keizer: Voorzitter, dat het later is geweest … De heer Van der Stee: Nee, maar ik wilde zeggen, die vraag die u mij stelde over de westlanders.nu, hoe zij die Kadernota eerder kunnen hebben, kan ik niet beantwoorden, want dat weet ik dus niet. De voorzitter: De heer Keizer. De heer Keizer: Dus voor tien uur was die Kadernota alleen bij uw college bekend en bij die vier leden van de Auditcommissie? De heer Van der Stee: Vijf leden van de Auditcommissie. Voorzitter, voor zover. De heer Arends: Dank u wel. Dan zijn er nog wat vragen gesteld over geheimhouding en dienaangaande. Wat ik heb begrepen, zijn de stukken voor de Auditcommissie achter een slotje beschikbaar gesteld.
Er is niet expliciet bij vermeld aan de Auditcommissie dat er een embargo op rust en zoals de heer Van der Stee ook aangeeft, is de Kadernota om tien uur gepresenteerd door het college. En de facto is dan om tien uur als er al sprake zou zijn van een embargo is om tien uur een embargo dan ook ten einde, want dan is het stuk openbaar gemaakt, of dat nou in letterlijke zin is door het beschikbaar stellen dan wel met de toelichting daarop van het college, maar dan is in feite de facto een stuk openbaar gemaakt. Dus dat is wat ik u kan vertellen over als het gaat over een geheimhouding. En artikel 4.3 … De heer Plomp: Voorzitter. De heer Arends: Ja. De heer Plomp: Ja u zegt de facto openbaar gemaakt, maar ik heb hier gezeten. U heeft niet de hele Kadernota zitten voorlezen en wij hebben hem niet, dus de facto openbaar is heel leuk, maar niet als niemand hem heeft. De heer Arends: Nee, maar als om tien uur het college een toelichting geeft op de Kadernota, ja dan maakt het college daarmee eigenlijk de Kadernota openbaar, ook al is nog niet het stuk fysiek beschikbaar of digitaal beschikbaar, maar dan praat het college er zelf in openbaarheid over. En volgens mij is het verder niet zo relevant … De heer Plomp: Maar dan … De heer Arends: Dan is het verder niet zo relevant in de situatie of hoe de heer Duijsens gehandeld heeft.
Ik geef alleen maar aan, om tien uur komt het college naar buiten toe met een toelichting op de Kadernota en daarmee wordt de facto de Kadernota ook openbaar.
De heer Plomp: Dat snap ik. Maar dan zitten we nog steeds met een verschil in informatiepositie tussen mensen die de Kadernota wel hebben kunnen inzien als ze dat hadden gewild, omdat ze toevallig in de Auditcommissie zitten en dus de complete inhoud kennen en mensen die de Kadernota niet hebben, namelijk de rest van de raad, die het moeten doen met de toelichting die u geeft. En de Kadernota is veel meer dan wat u in die perspresentatie kan zeggen. Ik heb die Kadernota pas vijf en een half uur later. De heer Arends: Maar daar heeft u net de heer Duijsens of de heer Van der Stee wat over horen zeggen hoe dat is gegaan. Dus dat kan ik verder ook niet anders maken, want het verhaal van de heer Van der Stee is zoals het is, dus ik kan daar verder niks aan toevoegen of aan afdoen. En als het gaat om artikel 4.3 van het Reglement van Orde van de Auditcommissie, daar staat inderdaad dat de Auditcommissie vergadert niet openbaar. De leden nemen geheimhouding in acht op het in de vergadering besprokene en op de nietopenbare stukken. Dus in feite was het tot tien uur een niet-openbaar stuk en na tien uur zou het dan een openbaar stuk zijn. Dus dat even voor als toelichting in de vragen van de heer Keizer. Tot zover van de eerste termijn. Ik kijk even of er behoefte is aan een tweede termijn. Mevrouw Van der Giessen: Mijnheer de voorzitter, vraagje.
De voorzitter: Mevrouw Van der Giessen. Mevrouw Van der Giessen: Jullie weten allemaal dat ik op mijn achterhoofd gevallen ben, maar ik begin ook een beetje te twijfelen aan de rest, want er is nu dus gewoon onomstotelijk bewezen tot tien uur embargo en daarna is dit allemaal onzin, toch? De voorzitter: Ik weet niet of u die vraag aan mij stelt en ik weet ook niet of ik hem kan beantwoorden, dus en of ik de persoon ben om daar een antwoord op te geven. De heer Eeltink: Voorzitter. Mevrouw Van der Giessen: Nee, maar wij worden beschuldigd van lekken. Dat is nogal wat. Dus mijn spraak is nog niet helemaal goed, maar mijn hoofd begint het steeds beter te doen en ik denk dat excuses onze kant op ook wel eens een keer terecht zouden kunnen zijn. De voorzitter: De heer Eeltink. De heer Eeltink: Voorzitter, bij interruptie. Ik heb tot nu toe alleen maar waargenomen en dat is vanuit mijn achtergrond als verkenner soms de beste positie, maar nu houdt mij toch nog steeds de vraag bezig hoe het speelveld is geweest om negen uur twintig toen het persbericht van Westland Verstandig de deur uitging.
Ik hoor in de verdediging om het zo te duiden dat de onderwerpen in de besluitenlijst staan, maar ik zie die niet terug allemaal in de besluitenlijst, dus ik ben nog steeds aan de waarheidsvinding, naar het zoeken naar de waarheid, bezig, had ik ook om negen uur twintig een vergelijkbaar persbericht de deur uit kunnen doen gaan als gewoon raadslid. De heer Duijsens: Ja, kan ik daar een antwoord op geven? Ja. De voorzitter: De heer Duijsens. De heer Duijsens: In de vorige raadsperiode wel, want dan had u bij de coalitieoverleggen gezeten. Ja, nu niet meer. En nogmaals, ik heb echt met de hand op mijn hart en dat blijkt ook wel, want een aantal dingen in dat persbericht, daar kun je je afvragen, kun je die wel helemaal een-op-een terugvinden in de Kadernota, dat zeg ik dan met enige gêne, want ik was ervan overtuigd dat het op die wijze in die Kadernota terecht zou komen naar aanleiding van coalitiedingen en de toegevoegde besluitenlijst, toen was voor mij duidelijk van ik kan
mijn gang gaan, dat ga ik doen. Ik kan hier niet aanwezig zijn, net zoals vorige keren, alleen dan had ik wel de stukken … De voorzitter: Dank u wel. Het is helder. Ik ga even kijken waar de tweede termijn, of er behoefte is aan een tweede termijn. Mevrouw Vermeer-de Smit: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Vermeer. Mevrouw Vermeer-de Smit: Ik zou graag even willen schorsen. Tien minuutjes. De voorzitter: Goed. En dan gaan wij ons even beraden, de griffier en ik, op hoe we met de spreektijden verder om willen gaan. Ja. Dan schors ik tot half negen. Ik verzoek een ieder zijn of haar plek weer in te nemen in de raadzaal en de onderlinge gesprekken te beëindigen. En dan heropen ik de vergadering en ik geef als eerste het woord aan mevrouw Vermeer, die de schorsing heeft aangevraagd. Mevrouw Vermeer. Mevrouw Vermeer-de Smit: Dank u wel voorzitter. In de eerste termijn is gevraagd aan de coalitiepartners: heeft u op hetzelfde moment als de heer Duijsens dat heeft gedaan, eenzelfde persbericht kunnen maken met alle details die daarin genoemd werden. En wij zijn, u heeft gezegd dat antwoord horen we in tweede termijn. Daar zijn we in eerste instantie erg benieuwd naar. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even naar de spreektijden. We hebben daar aan het begin van de vergadering even wat over gesproken.
Ik heb de griffier gevraagd om kijken van wat is een in redelijkheid en billijkheid een voorstel. Het voorstel is om voor dit agendapunt de tijden te hanteren zoals die nu maximaal zijn, dus dat betekent dus dat als het nu op is, is het nu op en dat voor de rest van de vergadering er per fractie naar rato tien minuten bijkomt, dus de grootste fractie krijgt er tien minuten bij en de kleinste fractie krijgt er dan drie minuten bij, waarbij voor de fractie van Westland Verstandig er één minuut afgaat, omdat die dan naar de Fractie Van Vliet gaat vanwege het Reglement van Orde. Ik kan het ook nu direct doen, dat maakt mij ook niet uit of u het nu direct doet of dat we het straks doen. Het is mij om het even. Maar ik kijk dan ook even naar de heer Duijsens of die verwacht dat hij met een eventuele tweede termijn voor dit onderwerp met één minuut zes seconden kan volstaan of dat hij zegt ik heb liever nu de negen minuten erbij en dan houd ik voor mezelf scherp in de gaten hoe ik deze tijd ook verdeel over dit onderwerp plus de andere twee onderwerpen die nog aan de orde komen. De heer Duijsens: We weten niet wat er nog gaan komen. Laat het vooralsnog maar even staan zo. De voorzitter: Zo staan en dan vanaf het volgende agendapunt dan de spreektijd erbij.
Kan iedereen zich daarin vinden in dat voorstel? Dan moet ik even, dat is dan straks nadat dit onderwerp voorbij is, even een minuut schorsing zijn, want dan moet de regie dat even verwerken in de tijden, maar dan vraag ik u dan maar even te blijven zitten. Maar vooralsnog gaan we nu verder met de vergadering. Goed. Uw vraag, mevrouw Vermeer, was van hadden de andere fracties ook een persbericht kunnen schrijven. Ja, op basis van … Mevrouw Vermeer-de Smit: Dat wilden wij graag weten van de fractievoorzitters zelf. Dat is twee keer, die vraag is gesteld. De voorzitter: Oké, sorry. Dus dan vraagt u dat aan uw collega's om daar een antwoord op te geven. Oké. De heer Keizer: Mag ik dat antwoord gelijk geven, voorzitter?
De voorzitter: Ja, ik ga nu het rondje maken en dan begin ik bij u en dan maak ik zo het rondje. Vindt u dat goed? En dan kunt u ook meteen de tweede termijn erbij betrekken. De heer Plomp: Voorzitter. Zou u na de heer Keizer naar de heer Bakker willen gaan, zodat we het in ieder geval van de coalitiepartijen weten? De voorzitter: Dan gaan we eerst naar … Ja, exact. Ja, natuurlijk, het zijn de politie partijen. Klopt. Ja. De heer Keizer, gaat uw gang. De heer Keizer: Ja, nu wel echt? Fijn. Het lijkt wel een beetje spaghetti. Voorzitter. in antwoord op de vraag van mevrouw Vermeer en de heer Hofland, die heeft volgens mij die vraag ook gesteld in eerste termijn, of wij ook om negen uur, weet ik veel hoe laat, een persbericht eruit hadden kunnen sturen. Nee, want ik kreeg pas 's middags om drie uur weet ik veel wat de stukken, dus ik heb daarvoor niks kunnen samenstellen. Nogmaals, het was wel bij de leden van de Auditcommissie, maar wij konden ook niet als raad bij die stukken, dus nee. In antwoord op de vragen die u stelt, wij waren niet in staat om alvast een persbericht daarover te schrijven. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bakker. De heer Plomp: Voorzitter. Ter interruptie. De voorzitter: Ja. De heer Plomp: Een vraag aan de heer Keizer.
Was u ook op basis van de informatie die u uit het coalitieoverleg had, niet in staat om dit op te schrijven? De voorzitter: De heer Keizer. De heer Keizer: Op basis van de gesprekken die je als coalitie voert, kun je inderdaad wel een persbericht maken, maar ik wacht eerst af wat er daadwerkelijk in de stukken staat, want dat verschilt ook wel eens, althans, in mijn idee, wat we hebben afgesproken en wat er daadwerkelijk op papier staat. Dat zou je kunnen doen, maar we hebben dat niet gedaan. We hebben gewacht op de definitieve stukken. Sterker nog, wij wisten niet eens dat er een overschot zou zijn, zoals dat vermeld is. En ik zal u een klein voorbeeld, de heer Westland Verstandig schrijft in haar persbericht: dus voorlopig geen nieuwe Naald. Dat staat me niet bij dat wij dat zo als coalitie hebben afgesproken. We hebben ook niet afgesproken dat volgend jaar de eerste paal de grond ingaat, laten we dat ook maar helder hebben, dus maar ik hoop dat u voldoende antwoord heeft. De voorzitter: De heer Bakker. De heer Bakker: Ja voorzitter, dank. Mijn antwoord zal niet echt veel anders zijn dan dat van de heer Keizer. We hebben wel zes uur lang, dat weet ik nog wel zeker, zes uur lang gedebatteerd over relevante zaken, maar wij hadden niet dat persbericht zo detaillistisch kunnen maken. Nee. De voorzitter: Dank u wel.
Dan kijk ik even naar mevrouw Vermeer of u daarmee een antwoord heeft op uw vraag. Mevrouw Vermeer-de Smit: Ja. We hebben net natuurlijk nog even verder overlegd. Ik denk dat het in ons aller belang is dat even wordt uitgezocht, een onderzoekje wordt gedaan en dat de uitkomsten voor de Voorjaarsnota bekend zijn, wat er nou goed is gegaan en wat er nou fout is gegaan en of er eventueel iets strafbaars is gedaan. Want we zijn allemaal niet tevreden. Mevrouw Van der Giessen zegt net ik ben niet tevreden hier, wij zijn niet tevreden, hier aan de linkerkant hoor ik ook veel ontevredenheid. Dus laten we dan
dit goed doen en even laten uitzoeken wat er precies gebeurd is, door wie en welke lering we daaruit kunnen trekken. Dat zou ons voorstel zijn. De voorzitter: Maar even voor de helderheid. Van wie wil u graag dat er nu wat uitgezocht wordt? Door het college? Mevrouw Vermeer-de Smit: Misschien door de voorzitter en de griffier. En als u zegt dat moet een extern iemand doen, dan is dat ook goed. De voorzitter: Maar kijk, we kunnen uitzoeken wanneer stukken beschikbaar zijn gesteld en hoe dat qua tijdsaspect is gegaan, maar wat er van de zijde van de fractievoorzitter van Westland Verstandig gedaan is, als u dat wilt dat we dat uitzoeken, dan weet ik niet of dat te realiseren is voor de Voorjaarsnota, want dan zal er waarschijnlijk ook gewoon een externe partij daarvoor aangezocht moeten worden en dan zal er eerst nog een opdrachtformulering moeten plaatsvinden en ik weet niet of daarmee dat een tijdsbestek is en of dat dan ook precies uw bedoeling is. Ik wil meer helder krijgen wat u precies vraagt van mij als voorzitter van de raad, want anders dan kan ik misschien later mogen wij teleurstellingen daarmee oproepen, omdat u waarschijnlijk iets anders bedoeld heeft dan dat ik het geïnterpreteerd heb. Dus vandaar even mijn vraag.
Mevrouw Van der Giessen: Voorzitter, mag ik een vraag stellen? De voorzitter: Ik vraag het even aan mevrouw Vermeer, dus misschien kan mevrouw Vermeer eerst daar even … Mevrouw Vermeer-de Smit: Als ik deze avond zo heb gesproken en vooral veel geluisterd, dan lijkt het me handig dat wij een beetje op een nulpunt beginnen en daarvoor even onderzoeken wat er nu precies gebeurd is, wat er goed is gegaan en wat er fout is gegaan, zoals wij ook al onze bijdragen gedaan hebben. De voorzitter: Oké, helder. Mevrouw Van der Giessen. Oké. Ja. Anderen nog? De heer Duijsens: Voorzitter. De voorzitter: De heer Duijsens. De heer Duijsens: ‘…’ (Buiten de microfoon) westlanders.nu contact gehad en hij zei een hele hoop, maar de essentie is, het enige wat Peter Duijsens heeft gemaild, is het persbericht, dus dat om negen punt twintig en we hebben geen contact gehad persoonlijk. Laat mij maar bellen. Dan kom ik even langs, zegt hij dan vervolgens. Maar dat zullen we maar niet doen. De heer Van Koppen: Voorzitter, ter interruptie. De voorzitter: De heer Van Koppen.
De heer Van Koppen: Als de heer Duijsens toch zo goed contact met ze heeft, kan die dan ook gelijk vragen wie die andere stukken heeft gestuurd? De heer Duijsens: Heeft hij een bepaalde … De enige reden zegt hij dan dat informatie die kennelijk geheim was voor de raad is omdat onze volgers soms dingen horen in de wandelgangen en het dan delen. Dat gebeurt wel vaker, alleen delen we het dan niet als we weten dat het gevoelig ligt. Hier hebben we geen notie van gehad of zoiets en dan begint hij, maar in ieder geval niet van ons. De voorzitter: Dank u wel. Anderen nog?
De heer Van Koppen: Voorzitter, is dit voor de tweede termijn dan gelijk? De voorzitter: Dit is voor de tweede termijn ja. De heer Van Koppen: Voorzitter, ja, mag ik? De voorzitter: Ga uw gang. De heer Van Koppen: Dank u wel voorzitter. Allereerst, er is dus aantoonbaar één partij geweest die die bewuste dag contact heeft gehad met westlanders.nu met een reactie over de Voorjaarsnota, andere stukken enzovoort, maar het stuk wat niet mocht, de Kadernota, die hebben zij zeggen ze nu ook dus dan niet gestuurd. Dus er moet nog iemand anders contact hebben gehad met westlanders.nu. Dat moet iemand anders gedaan hebben, terwijl verder vooralsnog vanavond niemand anders wat we hebben gehoord enige reactie op westlanders.nu dat staat of stond, maar het zal. Verder, in eerste termijn hebben we zojuist aangegeven dat we totaal niet verwachten dat de fractievoorzitter van Westland Verstandig anders zal gaan handelen deze avond. Maar we maken ons nog wel steeds zorgen om de bestuurlijkheid van Westland en hier wil ik het een en ander meegeven of vragen. Vijf maanden geleden op 4 december hebben we een extra raadsvergadering gehad. De heer Hofland heeft het er vanavond ook over gehad met als onderwerp de koers van coalitiegenoot Westland Verstandig, onderling vertrouwen, vertrouwen richting college en coalitiepartijen en hoe iedereen daarover dacht en denkt.
En die avond werd meegegeven mediation, het nieuwe jaar in 2024 mediation tussen partijen. Januari was de heer Duijsens afwezen, februari was het weer raak. Toen was het HOT-perceel. Duijsens noemde toen bedragen, heb ik net ook gezegd, die in beslotenheid waren afgesproken in openbaarheid en er kwam weer een redelijke clinch in mijn idee tussen partijen, zowel oppositie als coalitie. Toen twee vergaderingen redelijk rustig. Ik dacht de mediation begint te werken. Vorige week of de vorige commissie Bestuur begon ik toch weer te twijfelen. De heer Duijsens met collega-wethouder Valstar dat hij zei u krijgt grote problemen als u iets niet terugneemt. Dus een vraag aan de Duijsens: hoe zit het met die mediation? Is die gestart? Is die al beëindigd? Graag een update. En de tweede vraag: als coalitiepartijen zijn jullie een soort huwelijk aangegaan. Misschien een vraag aan de heer Keizer, die is denk ik met politieke huwelijken de meeste ervaringen. Hoe ziet u dit huwelijk? De heer Keizer: Ik ben ook ervaring scheiden, dus ... De voorzitter: De heer Keizer. De heer Van Koppen: Ik zei vanwege politieke huwelijken heeft u misschien de meeste ervaring, hoe ziet u dit huwelijk tussen jullie? De heer Keizer: Alles kan kapot. Maar nee, voorzitter. Wij doen de mediation via westlanders.nu. Nee, ik denk dat we communiceren open naar elkaar.
Waar het mij om gaat, is hoe het kan dat er stukken zijn die heel beperkt beschikbaar zijn en dan wel bij een westlanders.nu eerder worden geplaatst. Dat persbericht, ik heb in mijn eerste termijn al gezegd, doe dan niet zozeer een onderzoek van wie heeft er schuld, maar hebben we nu gevolgd wat er met elkaar hebben afgesproken? De burgemeester heeft in zijn eerste termijn een reactie gegeven naar aanleiding van mijn opmerking over de Auditcommissie, de verordening op de Auditcommissie. Ja, ik lees dat toch anders dan dat hij dat leest. En misschien maken we het of te ingewikkeld met elkaar of we volgen niet de lijn die we hebben afgesproken. Dat is mijn oproep geweest en mijn antwoord naar u. Ik hoop dat u tevreden bent. De voorzitter: Dank u wel. Anderen voor de tweede termijn? De heer Hofland. De heer Plomp. De heer Hofland.
De heer Hofland: Ja, voorzitter, twee dingen. In de eerste termijn hebben wij voornamelijk aangeven dat dat morele aspect van heb je dat zo te doen ten opzichte van de rest van de raad en de rest van je collega's. En wij hebben daarnaast ook de vraag gesteld aan de coalitie, hadden jullie eenzelfde soort persbericht kunnen opstellen en daaruit kwam het antwoord heel duidelijk, nee dat hadden we niet gekund. En dus is het verwonderingswaardig dat dat dus wel gebeurd is of bij een andere partij wel gelukt is, dus dat roept nog steeds wel vragen op. Twee, en dat ene morele, daar hebben we over gezegd wat we daarover gezegd hebben en daarvan vinden we dat dat gewoon niet oké is. Het voorstel van het CDA om dat te onderzoeken, ik denk dat dat in ieders belang is om te doen, dus ik denk dat we dat met zijn allen moeten doen. Dat kan wat mij betreft zo. Dat kan als dat in een motie gegoten moet worden, moet het in de motie gegoten worden, maar als dat er komt, dan zullen wij dat ondersteunen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Plomp. De heer Plomp: Dank u wel voorzitter. Ik sluit me voor een groot gedeelte aan bij de woorden van de heer Hofland. Waar ik mij ernstig aan stoor, is de manier hoe het uiteindelijk gegaan is met de Kadernota, dat we hem echt heel veel later pas gekregen hebben.
Ik begrijp dat er technische dingen aan ten grondslagen lagen, waardoor wij hem pas veel later kregen. Dat is een groot deel van onze verontwaardiging zit ook daarin. We hebben net ook bewust de vraag gesteld aan de andere coalitiepartijen, hadden jullie ook dit persbericht op kunnen stellen, omdat de heer Duijsens ook aangeeft mijn informatie komt niet uit de Kadernota, het komt uit mijn coalitieoverleg. Dan ga ik ervan uit dat de andere coalitiepartijen dit ook wisten. Zij geven aan van niet. Dan weet ik het ook niet. Dan is het een welles-nietes. Dat is voor ons heel lastig om dan te kijken waar daadwerkelijk de waarheid zit. Voor de rest, ook ik sta achter het verzoek van CDA om wat breder onderzoek te doen, zodat het ook gewoon allemaal duidelijk is voor ons wat nu echt de regels zijn en ik vraag mij daarbij ook af dat als wij stukken krijgen die daadwerkelijk tot een bepaalde tijd geheim moeten blijven, is het dan toegestaan, want ik weet het niet, om voor die tijd hetzij onder embargo een bericht al naar de pers te sturen? Mag dat überhaupt? De voorzitter: Dank u wel. Anderen nog? De heer Duijsens nog? De heer Duijsens: Nog één slotopmerking. Als dat onderzoek er dan zou komen, wil ik ook een onderzoek hebben. Eigenlijk heb ik het niet nodig, want ik weet al hoe het afloopt, maar over het lekken.
Dus dat blijkbaar partijen menen in de pers te mogen brengen van partij Westland Verstandig lekt. Dat is strafrechtelijk verwijtbaar als je dat niet kunt hardmaken. Maar je had eerst een onderzoek moeten doen en dan pas die kwalificatie mogen doen. Dat heeft men nu anders gedaan. Dus als er een onderzoek komt, wil ik dat in ieder geval als blijkt dat er geen sprake is van lekken of van wat dan ook, dat dat aspect ook wordt onderzocht, of andere partijen dan publicitair mogen maken van een partij heeft gelekt. De voorzitter: Dank u wel. Goed. Niemand meer voor de tweede termijn? Kijk, ik denk niet dat het nodig is om een motie in te dienen, want het verzoek is helder en als dat verzoek staat, dan willen we daar beste uitvoering aan geven. Ik vraag mij wel in gemoede af of een nieuw onderzoek iets bijdraagt aan een verder komen van dit vraagstuk, want volgens mij gaat het hier niet zozeer om van wanneer is nou precies wat naar buiten gebracht, maar als de heer Duijsens en de heer Chafiâ ook even aandacht willen hebben, want ik richt mij ook tot u … De heer Chafiâ: Voorzitter, ik wil daar wel even wat van zeggen. Ik krijg hier net vanuit mijn rechterzijde een opmerking van de heer Duijsens dat op het moment dat ik geen gelijk heeft, dat hij op me afkomt. Dus daar wilde ik even op reageren. De heer Duijsens: Een probleem met mij is.
De voorzitter: Ik stel voordat u even gewoon op de vergadering zich constateert met u beiden. Kijk, we kunnen daar gaan uitzoeken wanneer bepaalde dingen beschikbaar zijn gesteld, hoe dat gegaan is als gaat over embargo, hoe verhoudt zich dat tot geheimhouding. We kunnen daardoor straks nog weer een nieuwe regel erbij opstellen, maar waar het om gaat, is of u met elkaar gewoon zich wilt verhouden, zoals dat in normale organisaties ook wel gewoon gebruikelijk is, dat je elkaar respecteert, dat je elkaar iets gunt, dat je elkaar, dat je op het moment dat de informatie voor iedereen voorhanden is … Ik heb toch wel een beetje het gevoel dat ik hier geloof ik voor de kat zijn viool aan het praten ben. En als dat geval is dan houden we het gewoon hier nu mee op en als u geen aandacht ervoor heeft dan verzoek ik u de zaal te verlaten en anders en ik snap niet wat die mijnheer nu in de raadskring doet. Dus kortom, ik probeer hier nog een beetje ... De heer Eeltink: De pers wellicht, voorzitter. De voorzitter: Ja, nou ja. Pers. Wat ik probeer, is te benadrukken dat we hier met elkaar moeten proberen om op een collegiale manier, maar ook met een respectvolle manier met elkaar om te gaan.
Dat betekent dat op een moment dat stukken bij iedereen bekend zijn, dat dat ook een moment is waarop je denk ik met elkaar daarover kunt praten en ik denk dat de heer Duijsens er beter aan had gedaan om zijn persbericht naar buiten te brengen op het moment dat ook bij andere partijen, bij andere raadsleden alles bekend was geweest. En dat is mijn persoonlijke opvatting over hoe dit gelopen is. En ik zou ook wel in bredere zin gewoon de oproep willen doen. We hebben met elkaar een gemeente te besturen van 116.000 inwoners. De gemeente die de meest belangrijke en meest vooraanstaande gemeente is op het gebied van de tuinbouw. Daar hebben we een gigantische uitdaging met elkaar te doen voor de komende jaren, zeker op dit moment en in de maatschappelijke discussie wat over de tuinbouw wordt gevoerd. We hebben een grote opgave te vervullen als het gaat over maatschappelijke vraagstukken als huisvesting, als bereikbaarheid en daar hebben we elkaar keihard voor nodig. Gemeenteraad, de fracties onderling, gemeenteraad en college. En laten we daar met elkaar de energie inzetten en laten we elkaar daar wat gunnen en elkaar ook de ruimte laten om soms ook ergens een keer een succes te hebben en dat succes ook te mogen claimen zonder dat daar nu direct iedereen over elkaar heen valt om het succes naar zichzelf toe te trekken.
Laten we dat met elkaar doen, want dat is volgens mij van wezenlijk groter belang dan dat ik nu nog een keer ga uitzoeken hoe het allemaal precies is gegaan. Ik doe het met alle plezier als u dat wil, daar ben ik zeer toe genegen. Maar volgens mij zit er een lading achter en onder en ik wil daar eigenlijk met u allen op aanspreken, laten we daarop inzetten en niet op de zaken die wel heel veel tijd vergen, maar mogelijkerwijze weer een herhaling van zetten komen en ik denk dat u allen zoals ik u ken allemaal zelf heel erg intrinsiek gemotiveerd bent om die gemeente verder te helpen. En misschien moeten we ook kunnen zeggen van hier zetten we een streep achter een verleden. En we zijn nu alleen nog maar bezig met een blik voorwaarts en zijn ook van plan om vanaf nu naar elkaar toe gedragsregels te hanteren die gebruikelijk zijn in het normale verkeer tussen mensen en in een organisatie zonder dat ik daar weer opnieuw een regel moet doen, want ik moet die regel ook weer kunnen handhaven, weer kunnen toetsen. U weet zelf wel hoe ik met handhaving soms moet omgaan. Dus kortom, ik zou eigenlijk gewoon een beroep op ons allemaal doen.
Laten we een punt zetten achter wat geweest is en ook wat ver achter ons gelegen is, want ik denk dat een heleboel wat ver achter ons gebeurd is nog meegenomen wordt en ik kan me best voorstellen dat er in het verleden soms heel veel pijn gedaan is door deze of gene, maar in het belang van die gemeente, in het belang voor het belangrijke werk wat we met elkaar te doen hebben, zou ik willen u vragen, laten we vooral de blik naar voren richten. Maar nogmaals mevrouw Vermeer, als u volhard, of volhard, als u toch wilt dat ik dit blijf uitzoeken, dan ga ik dat zeker doen. Dan krijgt u daar van mij de informatie over. Mevrouw Vermeer-de Smit: Het is niet mijn wens. Ik beluister dat in brede kring. Dat lijkt me echt goed ook om verder te kunnen met elkaar. Dat we even terugkijken wat is er gebeurd en wat kon er wel en niet door de beugel.
De voorzitter: Als dat het gevoel is breed van de raad, dan ben ik zeker zonder meer genegen en zonder problemen genegen om dat te doen. Maar ik wil toch ook u kenbaar maken van mijn cri de coeur. De heer De Gier. De heer De Gier: Voorzitter, ik begrijp uw oproep en ik begrijp de opmerking van mevrouw Van der Giessen ook. Maar binnen deze raad en de heer Van Koppen zei het al, leeft het gevoel dat keer op keer hetzelfde gebeurt door de heer Duijsens en dat het niet verandert. Dus we willen best naar voren kijken, maar zolang de heer Duijsens blijft zeggen dat hij niks fout doet, zal er dus ook niks veranderen. En daar zit ons probleem. De voorzitter: Mijn oproep is aan iedereen in deze zaal gericht aan deze tafel, dus zeker ook aan de heer Duijsens. Dus wat dat betreft, ik heb geen voorkeuren voor een van de raadsleden. U bent mij allen even lief. En ik heb geen huwelijk met u. Het verzoek van mevrouw Vermeer zie ik als een groot gedragen verzoek vanuit de raad, van een grote meerderheid van de raad. Ik zal daar samen met de griffier een aanvang mee maken. Dat kan best zijn dat ik nog even bij mevrouw Vermeer of bij de fractievoorzitter terug kom om even goed de opdracht op te halen, maar dat gaan we dan in gezamenlijkheid wel even bekijken en dan stel ik voor dat we met die conclusie dit onderwerp nu afsluiten. Kan u daar zich in vinden? Ja. Dan aldus besloten. 17.
Voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan Legalisering Oude Strijdigheden (LOS-percelen 2) De voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt 17. Ja, sorry. Ik moet even een korte minuut schorsen, zodat de tijden kunnen worden aangepast. En dan ... Is al gebeurd. Maar goed, ik praat gewoon even de tijd vol om te zeggen dat wij nu verder gaan met agendapunt 17. En agendapunt 17 is het voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan Legalisering Oude Strijdigheden, de LOS-percelen. En ik inventariseer even wie van u daarover het woord wil voeren. LOS-percelen. LOS-percelen. De heer Voskamp. De heer Van der Voort. Mevrouw Daalhof. LOS-percelen. De heer Plomp. De heer Eeltink. De heer Duijsens. Goed. Volgens mij is het schema bijgewerkt en geef ik als eerst het woord aan de heer Voskamp. De heer Voskamp: Voorzitter, dank u wel. De LOS-percelen, al heel veel over gezegd, heel veel over gesproken en heel veel discussie. Uiteindelijk zal niet iedereen tevreden zijn, maar soms kan het niet anders. Zoals in de commissie al opgemerkt, vinden wij dat op sommige percelen wel heel ruimhartig is gehandeld en op sommige percelen te kort door de bocht. We zullen er ook heel kort in zijn voor de rest, want er is al veel te veel tijd aan besteed. Er zijn twee zaken waar wij nog even aandacht voor willen geven.
Dat is Veilingweg nummer 23 is wat ons betreft niet compleet, omdat het niet het gehele perceel de burgerbestemming heeft gekregen. En vandaar ook dat wij mede het amendement indienen op dit punt. En dat is amendement 17A. En het tweede is Noord-Lierweg 44. Gezien de eerdere afspraken vinden wij het niet gepast om hier een burgerbestemming van te maken. Uiteraard blijft het recht van eerste koop bestaan, maar bij het toekennen van een burgerbestemming wordt dit een kostbare zaak en ook niet reëel dat men deze ook weer zo gaat aankopen om daar wat mee te gaan doen. Bij de huidige eigenaren zal het geen bezwaar zijn om een tuinbouwbedrijf in zijn achtertuin te krijgen. Maar wat gebeurt er als hij dat verkoopt? Aangezien de afspraken uit het verleden zijn en vandaar dat wij ook mede indienen het amendement 17D op dit punt om dit perceel uit het bestemmingsplan halen. Tot zover. De heer Plomp: Voorzitter, ter interruptie. De voorzitter: De heer Plomp. De heer Plomp: Een vraag aan de heer Voskamp over amendement D over de Noord-Lierweg 44. Ik weet niet beter of het terrein daarnaast is gras en daar staat geen kas. Ik begreep uit de brief van de bewoner dat dit inmiddels als al negentien jaar zo is. Is uw idee hiermee dat we dit nu niet doen en dat we de besluitvorming
daarom uitstellen tot het moment dat we ook kijken naar de situatie van nummer 45 of pleit u ervoor om hier te zeggen nee, we willen hier helemaal geen woonbestemming op. De heer Voskamp: Zoals in het amendement ook staat, willen we het eruit halen om daar later naar te kijken. Maar er is wel degelijk actie. Dat heeft de firma Van der Knaap ook aangegeven, dat ze daar wel wat willen doen. Alleen het feit dat er hier al zo lang over gesproken is om met dit perceel wat te doen of niet te doen en er dus nu een burgerbestemming op komt, maakt het natuurlijk onmogelijk voor de eigenaar van het land om dit te gaan ontwikkelen, want die verkoop van die woning gaat natuurlijk nooit meer gebeuren. Op het moment dat de bestemming veranderd wordt, wordt het perceel natuurlijk, die woning drie keer zoveel waard en dan is het totaal niet interessant om daar nog wat mee te gaan doen. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Van der Voort. De heer Van der Voort: Voorzitter, dank u wel. Allereerst wil ik namens mijn fractie de ambtelijke organisatie en andere partijen binnen deze zaal bedanken voor gedegen werk. Het bestemmingsplan LOS 2 heeft immers een hoop tijd en energie gekost, die in onze ogen goed besteed is.
Wij zien in dat Legalisering Oude Strijdigheden 2 niet de laatste variant zal zijn en onderzoek per casus nodig is, nodig blijft om zowel de belangen van de inwoners als het belang van de tuinders zo goed mogelijk te behartigen. Wat betreft de ingediende amendementen zullen wij als volgt stemmen. Amendement 17A over Veilingweg 23 dienen wij mede in, dus steunen wij deze, omdat de wijziging van de bestemming niet in de weg staat voor de tuinbouw. Amendement 17B over de Van Ruijvenlaan 27 zullen wij voorstemmen, zodat de tuinbouw in de toekomst niet belemmerd wordt. Amendement 17C, de zogenoemde 10 meter amendement zullen wij voorstemmen, omdat de wijziging in LOS 2 niet besproken is binnen de raad en de gevolgen desastreus kunnen zijn voor de tuinbouw. En amendement 17D, de Noord-Lierweg 44, zullen wij voorstemmen wegens de relatie met Noordweg 45 en dit kunt u ook zien als mijn stemverklaring. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan mevrouw Daalhof. Mevrouw Daalhof: Dank u wel voorzitter. Een korte bijdrage. Er is inderdaad veel gesproken over LOS 2. Wel heb ik dit ervaren als soepeler dan gedurende LOS 1. Ik denk dat we steeds meer vertrouwd raken met de beslisboom, ook dank aan het college daarvoor en de ambtenaren. Vooralsnog sta ik positief tegenover de amendementen, maar ik ben wel benieuwd naar de reactie van het college hierop.
De voorzitter: Dank u wel. De heer Plomp. De heer Plomp: Dank u wel voorzitter. Ja, ook wij staan positief tegenover het proces en tegenover het voorstel wat hier voorligt. Zoals mevrouw Daalhof al zei, het ging een stuk soepeler dan bij LOS 1. Het enige amendement waar ik nog mijn vragen over had, maar die werd net ook al deels neergelegd bij LPF is, is NoordLierweg 44, omdat ik me er ook aan stoor dat daar gewoon al heel lang niets gebeurt en we hier dan in een hoorzitting ineens iemand hebben staan die heel erg boos is dat het terrein daarnaast verkocht gaat worden, terwijl hij al negentien jaar lang niks doet. Ik zou daar ook wel echt graag ontwikkeling zien en als daar ontwikkeling echt uitblijft, moeten we op het moment dat we ook kijken naar de casus van 45 echt goed gaan bezien wat we met 44 gaan doen. Dus wat ons betreft is uitstel hier niet per definitie afstel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Eeltink. De heer Eeltink: Voorzitter, dank u wel. Dat we een LOS 2 hebben, dat hebben we natuurlijk zelf veroorzaakt omdat het allemaal eerst in één vergaarbak was en we het opgesplitst hebben en nu in LOS 2 eigenlijk behandelen wat niet nog ter inzage lag in LOS 1. Een heel goed proces wat er is doorlopen, maar je ziet wel dat elke locatie een specifieke studie vraagt. En dat hebben wij per locatie ook gedaan. En om een tipje van de
sluier op te lichten, dan kom je in samenspraak ook met belangenorganisaties tot negentien locaties waar wat over op te merken is. Uiteindelijk sorteer je terug en zeg je ja, dan blijven er nog vijf over en dat u nu een amendement ziet van onze kant uit voor twee locaties, dat is echt het laatste wat overbleef nadat we hebben gezegd de tuinbouwmeters zitten niet meer in beton gegoten in Westland. We spreken hier ook echt over Legalisatie Oude Strijdigheden. Laat dat nog een keer benadrukt zijn, dus in tegenstelling tot enkele andere hier in de ring gaan we echt niet meemaken naar onze beleving dat we hier nog een LOS 3, LOS 4, LOS 5, LOS 2 6 achteraan krijgen. We maken echt nu concreet schoon schip en dat betekent dat op diverse locaties de tuinbouw een stevige veer laat. Even voor wat betreft de amendementen. Amendement Veilingweg 23, daar hebben we tot in detail studie van gemaakt, ook gekeken hoe het met de tuinbouwbelangen zit en gesondeerd of dat niet in de weg zit. Dat zit daar niet in de weg volgens onze info, dus naar ons idee is daar ruimtelijk geen goed argument om daar niet de woonbestemming op het gehele perceel te leggen. Vandaar dat we het initiatief van Westland Verstandig op dat punt steunen. Amendement wat we zelf hebben gemaakt van de Van Ruijvenlaan is het precies andersom.
Daar was wat royaler gestrooid met de woonmeters, maar daar zie je in dat gebied tuinbouwreconstructie plaatsvinden die gehinderd kan gaan worden als de glaslijn daardoor naar achter wordt gedrongen. En dan hebben we de afstandsmaat woningen-kassen. Als u dat hele stapeltje doorleest, dan ziet u ergens één regeltje staan dat twaalf en een halve meter afstandsmaat veertien meter wordt. Ik heb daar vragen gesteld aan juristen, als we nu het bestemmingsplan vaststellen, hebben we dan die 14 meter voortaan als wapenfeit in het Westland te hanteren? Ik krijg dat bevestigd. Ik denk dat is wel een beetje makkelijk dat we als raad daar niks van hebben kunnen vinden. Dus dat is de achterliggende gedachte waardoor wij zeggen dat stukje gaan we schrappen. Daar gaan we eerst nog maar eens een keer met de raad bekijken wat zijn dan de gevolgen Westland breed en hebben we dat met elkaar voor ogen en vinden we dat wenselijk. Amendement Noord-Lierweg 44 steunen wij niet. Een stukje van ons onderzoek op dat onderdeel. Er is in het verleden gekocht. We moesten een paar aktes terug om de originele akte op te diepen, die u daarna van de eigenaar van de woning ook allemaal toegestuurd hebt gekregen en we hebben de brochure daaruit 2005 of 6 bijgehaald. Het stond in zijn geheel te koop. Er is bewust gekozen om niet de woning erbij te kopen toentertijd.
En ja, als je het dan ruimtelijk bekijkt, zijn er diverse locaties in Westland, waar dit zich ook voordoet, waar de woning wel een woonbestemming kan krijgen en waar naar ons idee, ja en dan klinkt het heel raar uit de mond van een CDA'er die het tuinbouwbelang altijd hoog heeft, maar wij denken van ja hier mag het private belang van de woningeigenaar naar ons idee prevaleren. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Duijsens. De heer Duijsens: Voor Westland Verstandig is dit een belangrijke avond. We zijn altijd voor die legalisering van die oude strijdigheden geweest. Anders dan de heer Eeltink hopen we nog LOS 3, 4 en nog verder te gaan, want we zijn nog lang niet klaar in Westland als ik de geluiden en de berichten zo goed lees, dus maar dit is in ieder geval een goede stap. Komt eigenlijk voort uit LOS 1 in directe zin. Amendementen. Met dank aan CDA, de heer Eeltink, die keurig de tekening heeft bijgewerkt bij het amendement over de Veilingweg 23. Lijkt volgens de beslisboom een goede zaak om dat hele perceel woonbestemming te geven. Het tweede amendement van het CDA, dat vinden we een rare, want in feite is het het spiegelbeeld van één. Daar zullen we niet in meegaan, dus we vinden het prima zoals het in het bestemmingsplan is aangeven.
Bovendien Westland Verstandig is een partij die zoveel mogelijk woonbestemming wil hebben daar waar dat mogelijk is, want daarmee doe je recht aan de feitelijke situatie. Amendement C vinden we een rare. Dat je een amendement gaat indien om een zienswijze weerlegging. Een zienswijze beslist niks. Het is gewoon een ter kennisgeving aan. Het staat niet in het bestemmingsplan, niet … De heer Eeltink: Voorzitter, bij interruptie. De voorzitter: De heer Eeltink.
De heer Eeltink: Even nog de informatie voeden. Het staat niet alleen in de zienswijze. Ook is het een ambtelijke wijziging die doorgevoerd is. Het staat in de bijlage ambtelijke wijzigingen. De heer Duijsens: Dat hebben we ook gezien. Maar op zich niet voor dit bestemmingsplan van belang en bovendien, de maatvoering, de maat vinden we prima. En ik moet zeggen ik heb niet wakker gelegen over het vorige onderwerp wat hier in deze, het agendapunt wat in de raad behandeld is, maar ik heb wel over 17D wakker gelegen, want ik vind dat best een lastige. Deels hoe dat dan gaat, verkoop van de grond, wel een koopoptie. In de overeenkomst staat ook een clausule van als het beleid van de gemeente wijzigt, dan mag degene die de woning behouden heeft, mag een woonbestemming krijgen in overleg met de verkoper en dat overleg heeft volgens ons nooit plaatsgevonden. Dus wij hadden aanvankelijk een ander amendement, namelijk bestem het weer terug naar agrarisch of naar glastuinbouw, dus laat het zo. Maar we hebben gekozen voor een andere vorm, namelijk pak het uit dat bestemmingsplan, ga dat nog eens even goed bekijken als gemeente en dan mogelijkerwijs in LOS 3.
Want toevallig de Noord-Lierweg, of toevallig, maar in ieder geval Noord-Lierweg 45 staat ook in de zienswijze dat dat wordt doorgeschoven, dus dat dan gelijktijdig met die Noord-Lierweg weer wordt opgepakt, dus voor de eigenaar van de woning niet einde station. Hij moet alleen iets langer wachten op mogelijkerwijs die woonbestemming voor de verkoop of voor de koper van het tuinbouwbedrijf ook niet einde station. Overleg en kijk even hoe je daar verder uit kan komen. Dus dat probeert dit amendement teweeg te brengen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan wethouder Van der Stee voor de eerste termijn namens het college. De heer Van der Stee: Voorzitter, dank u wel. Wat een rust. Het was na twee uur toch wel even een momentje van bezinning misschien. Voorzitter, dank u wel. Ik ben ook blij dat het college wat extra spreektijd heeft gekregen, dus aangezien ik vanavond twee onderwerpen heb, heb ik dan wat meer spreektijd zullen we dan maar zeggen. Ik heb nooit … Voorzitter, ik wil als eerste beginnen met een dankwoord. En verschillende fracties hebben dat nu ook aangegeven, complimenten, complimenten aan mij, maar vooral ook de organisatie. Want er is hier heel wat werk aan voorafgegaan en inderdaad, het is wat soepeler dan LOS 1.
We moesten er allemaal een beetje ingroeien en ik wil u ook bedanken, omdat we er ook extra tijd en avonden voor hebben gemaakt. Zeker bij LOS 1 hebben we een hele avond hier ook met plaatjes gezeten en gekeken hoe werkt dit nou allemaal. Dus u dank voor de complimenten en ik geef ze door aan de organisatie en ik wil u danken voor de wijze waarop we dat hebben gedaan de afgelopen tijd. En ja, het zijn oude strijdigheden. Is het daarmee altijd voor de toekomst opgelost? Mijnheer Eeltink, dat weet ik niet, want er zullen misschien weer nieuwe ontstaan. Maar de oude hebben we wel een paar mooie slagen gemaakt. LOS 1 is er doorheen. LOS 2 doen we vanavond. Er komt nog over het lint, de beroemde Hofzichtlaan en die drie percelen die in het voorstel staan, komen we na de vakantie bij u terug en daar maken we inderdaad grote stappen met al die oude dossiers waarbij eens een keer een knoop wordt doorgehakt. En is dat altijd makkelijk? Nee. Het werd vanavond ook al gezegd, dat is niet altijd makkelijk. Ten aanzien van een aantal dossiers hebben wij ook ter plekke moeten kijken, hebben we ook veel gediscussieerd. Ik hoorde de heer Eeltink ook zeggen ja, per locatie moet je het gaan onderzoeken en eigenlijk zijn het ook wat dat betreft allemaal eigen bestemmingsplannetjes die we allemaal bekeken hebben.
Voorzitter, ik loop even langs de amendementen, want dan hebben we gelijk de hele inbreng daarmee gehad. En ik moet u inderdaad aangeven, wij hebben er ook naar zitten kijken, maar we hebben het ook in de commissie aangegeven en wij moeten toch bij het bestemmingsplan voor perceel 23 als college de boel ontraden. En waarom ontraden. Zoals we ook in de commissie hebben gezegd, omdat de glaslijn te bepalen aangesloten is bij de bestaande woonbestemmingen langs de Veilingweg en in het bijzonder dat naastgelegen perceel nummer 19A. de woonbestemming is daarmee vanaf de openbare weg zeker dertig meter diep. Een gehele woonbestemming zou een diepte van vijftig meter betekenen. En daarmee wordt het glastuinbouwgebied te diep ingesneden. Vooral ook gelet op de kasgevel van het perceel ten westen van de woning, behorende bij het perceel Veilingweg 23.
De heer Eeltink: Voorzitter, bij interruptie. De voorzitter: De heer Eeltink. De heer Eeltink: Even om dat onderdeel gelijk maar helder te hebben. Er is een reconstructie geweest. Het is het laatste glastuinbouwbedrijf wat daar zit. En dan zit er nog een snipper, een lange pijpenla naast waar toentertijd bewust niet mee gereconstrueerd is. Dat maakt geen verschil voor die locatie in de beoordeling, zoals het college, althans u ambtelijk heeft laten doen. De voorzitter: De heer Van der Stee. De heer Van der Stee: Ja voorzitter, ik vaar wel op de bevindingen, onder andere van de ambtelijke organisatie en de afdeling tuinbouw. Ik heb een tekeningetje hier voor me waarin nog een bedrijfsruimte staat die erachter zit, die op een gegeven moment op termijn verplaatst zou kunnen worden en daarmee dus als u het perceel vergroot, daar een belemmering zou kunnen gaan geven. Maar nogmaals, we hebben het uitgebreid besproken. Ik geef u onze argumenten waarom wij zeggen wij zouden dit ontraden, want zou ooit dus die bedrijfsruimte verplaatst worden, zou de kasgever van Veilingweg 23 mogelijk nog doorgedrukt kunnen worden achter dat stuk. Een dergelijke diepe woonbestemming, de glastuin kan dus dan mogelijk een negatieve precedentwerking hebben voor andere woonkavels die nog gronden in de eigendom hebben buiten de toegekende woonbestemming. Voorzitter, dan de volgende, 17B.
Dat is de Van Ruijvenlaan. Ja hier gebeurt eigenlijk en mijnheer Eeltink zei dat netjes, ook heel transparant, hier doen we eigenlijk precies het andersom. Ja en hier zeggen we dus ook weer ontraden, want wij zeggen omdat de glaswoning vanaf de woning Van Ruijvenlaan 27 logischerwijs gekoppeld wordt aan de reeds aanwezige woonbestemmingen in die omgeving en die lijn die we getekend hebben en u heeft het ook in de tekening kunnen zien, is mede bepaald door de woonbestemming op de nummers 18, 22, 24 en 26. De heer Eeltink: Voorzitter, bij interruptie. De voorzitter: De heer Eeltink. De heer Eeltink: Maar daarmee bevestigt u dat u de in het recente verleden uitgeplaatst woning belangrijker vindt als de glaslijn voor de tuinbouwpercelen die aan de westzijde liggen? De voorzitter: De heer Van der Stee. De heer Van der Stee: Dan moet ik even precies … Welke kavel bedoelt u dan? Nummer 26? De heer Eeltink: Er staat een woning naast die nog niet zo lang geleden is gebouwd. Dat is een uitgeplaatst woning. Daar aan de andere kant, daar ligt ook een glaslijn, maar als je die door wil trekken, dan kom je in de door u te bestemmen woonmeters van Van Ruijvenlaan 27 terecht. De heer Van der Stee: Ja, als ik hier op het tekeningetje kijk, hebben wij hem vooral doorgetrokken vanaf het kavelnummer 18, waarbij we hem langs 27 en 26 ook doortrekken. Die tekening heb ik hier voor mij.
En dan zien we dat als dat verplaatst gaat worden, dat het dus problemen zou kunnen geven. Voorzitter, die ontraden wij dus. Dan gaan we naar 17C en dat is in feite de planregels en die staat van wijzigingen die net genoemd wordt, waarbij we wat door willen strepen. En dan moet ik u ook zeggen ook die ontraadt het college. En waarom? Omdat dit zeer belangrijk is om zeker te zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor de woningen. Daarmee is dit ook een heel belangrijk punt voor de glastuinbouw. En ik ben blij dat mijnheer Vooijs er nog zit, want die zal zien dat het college toch wel echt ook luistert naar de LTO. We willen voldoende afstand tussen de functies die geen problemen, milieuprobleem als gevolg voor woningen kunnen gaan optreden. Het gaat erom dat er een aanvaardbaar woon- en leefklimaat zeker moet zijn, dat er een afstand
geldt van tien meter tussen de gevel van een woning en de bestemming glastuinbouw. Dat was in LOS 1 ook als zodanig vastgelegd, met daarbij tevens bepaald dat de aan- en uitbouwen ook op tien meter moeten staan. Echter, hier wordt geen recht gedaan aan de vergunningvrije bouwmogelijkheden. Als een woning op tien meter gebouwd wordt, kan er nog vier meter vergunningvrij worden aangebouwd, waarmee de woning dan dichter bij tien meter tot de bestemming glastuinbouw komt. In het bestemmingsplan glastuinbouwgebied geldt een afspraakmaat van twaalf en een halve meter, omdat in 2012 slechts tweeënhalve meter vergunningvrij kon worden uitgebouwd. En dat is al sinds 2014 verruimd naar vier meter en dat moet dus in het bestemmingsplan los worden meegenomen om te kunnen voldoen aan deze milieuzonering. Zie hiertoe de staat van wijziging onder de planregels tweede streepje. Eventueel schrappen van deze aanpassing maakt het plan waarschijnlijk zeer onzeker als het gaat om de te verwachten beroepsprocedure bij de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In de praktijk zal de gewijzigde afstandsmaat trouwens niet altijd noodzakelijk zijn of gehaald worden, omdat is bepaald dat de afstandsmaat onder voorwaarden kleiner mag zijn dan als die in de bestaande situatie tijdens de visielegging van het bestemmingsplan al kleiner is.