CConstaterende datWestervoort
Koppel je AI →
Document · PDF

20241111-rv-programmabegroting- 2025-2028-bijlage-2-programmabegroting (aangepast nav leeswijzeravond)

Raadsvergadering 11 november 2024, gemeente WestervoortBij agendapunt: Meerjarenbegroting 2025 - 202833.433 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Ontwikkeling lokale lastendruk OZB-eigenaar Afvalstoffenheffing Rioolheffing Totaal Stijging in € Stijgingspercentage

€ 318.000 8 keer vast bedrag

2023 433,12 236,95 240,95 911,02

2024 469,69 247,40 253,48 970,57 59,55 6,54

2025 485,89 282,19 262,23 1030,31 59,74 6,16

2026 501,34 291,17 270,56 1063,07 32,76 3,18

2027 514,38 298,74 277,60 1090,71 27,64 2,60

2028 527,24 306,21 284,54 1.117,98 27,27 2,50

2021 449,00 446,00 422,00 468,00 463,00

2022 465,00 458,00 436,00 474,00 472,00

2023 469,00 470,00 452,00 489,00 494,00

2024 476,00 499,00 484,00 537,00 528,00

2027 B 4.372 592 3.939 8.902

2028 B 4.481 465 4.037 8.983

Vergelijking lastendruk per inwoner binnen Gelderland in € Gemeente Duiven Liemerse gemeenten (incl. Duiven) Gemeente Westervoort Gemeente Zevenaar Gelderland (incl. Duiven)

2020 419,00 410,00 380,00 430,00 441,00

3.1.3 Inkomstenoverzicht Het totaal van de geraamde baten uit lokale heffingen in 2025 is € 8.489.000. De verdeling naar soort inkomsten is in onderstaande tabel weergegeven. Inkomsten uit lokale heffingen Subtotaal belastingen Subtotaal leges en overige opbrengsten Subtotaal heffingen Totaal

2024 B 3.986 535 3.424 7.945

2025 B 4.132 626 3.732 8.489

2026 B 4.262 584 3.838 8.684

58

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.1 Lokale heffingen

3.1.4 Belastingen nader toegelicht Zoals eerder aangegeven zijn de inkomsten uit belastingen niet gelabeld. Deze kunnen voor alle gemeentelijke taken en voorzieningen worden ingezet. Financiën De totale opbrengst uit belastingen is begroot op € 4.132.000. Hiermee wordt de opbrengst uit belastingen in 2025 € 146.000 hoger begroot dan in 2024. De stijging van de OZB is onder andere het gevolg van indexeringen. Inkomsten uit belastingen OZB eigendom woningen OZB eigendom en gebruik niet-woningen Hondenbelasting Precariobelasting BIZ Totaal

2023 R 2.852 567 119 0 58 3.594

2024 B 3.202 598 129 0 57 3.986

2025 B 3.310 645 120 0 57 4.132

2026 B 3.415 666 124 0 57 4.262

2027 B 3.504 684 127 0 57 4.372

2028 B 3.592 702 130 0 57 4.481

Tarieven In onderstaande tabel is de tariefontwikkeling van de gemeentelijke belastingen die gemeente Westervoort heft weergegeven. Tariefontwikkeling belastingen OZB eigendom woningen (per € 1.000) OZB eigendom niet-woningen (per € 1.000) OZB gebruik niet-woningen (per € 1.000) Hondenbelasting 1e hond Hondenbelasting 2e hond Hondenbelasting 3e hond Hondenbelasting per kennel Wat betaal jij aan OZB? WOZ-waarde woningen 2024 2025 2026 2027 2028

2024 0,1477 0,3168 0,2422 101,00 138,61 268,28 239,61

€ 200.000 295 306 315 324 332

2025 0,1528 0,3277 0,2506 104,48 143,02 275,26 245,60

€ 310.000 470 486 501 514 527

2026 0,1577 0,3382 0,2585 108,09 147,57 282,41 251,74

€ 400.000 591 611 631 647 663

2027 0,1618 0,3469 0,2652 111,82 152,26 289,75 258,03

€ 600.000 886 917 946 971 995

2028 0,1658 0,3556 0,2719 115,68 157,10 297,29 264,48

€ 800.000 1.182 1.222 1.261 1.294 1.326

Onroerendezaakbelastingen Onroerendezaakbelastingen bestaan uit een eigenaren- en een gebruikersbelasting. De belastingen worden geheven van eigenaren en gebruikers van onroerende zaken. Voor woningen wordt alleen een eigenarenbelasting geheven. In 2024 worden alle onroerende zaken in de gemeente Westervoort voorzien van een nieuwe WOZ-waarde naar waarde peildatum 1 januari 2024. Deze nieuwe WOZ-waarden gelden voor het jaar 2025 en vormen de grondslag voor de berekening van de aanslagen OZB. De tarieven worden aangepast met de voor 2025 verwachte inflatie van 3,45%.

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.1 Lokale heffingen

59

Er bestaat een relatie tussen de OZB en de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds. De financiële verhoudingswet regelt onder meer de verdeling van de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds over gemeenten. De Algemene Uitkering wordt over de gemeenten verdeeld met behulp van verdeelmaatstaven die verschillen in kosten weerspiegelen en ook verschillen in belastingcapaciteit. De belastingcapaciteit is een afgeleide van de waarde van onroerende zaken. Gemeenten met veel waardevol onroerend goed ontvangen een lagere uitkering dan soortgelijke gemeenten met minder waardevol onroerend goed. Van de waarde van woningen wordt 80% meegerekend en van de waarde van niet-woningen 70%. Hierop wordt het zogenaamde rekentarief toegepast. Dit rekentarief is globaal afgeleid van het gemiddelde landelijke OZB-tarief. Het resulterende bedrag wordt gekort op de Algemene Uitkering van de betreffende gemeente. Het OZB-tarief dat de gemeente hanteert, heeft geen enkel effect op deze aftrekpost. De rekentarieven zijn door het Rijk aangepast aan de landelijke waardeontwikkeling. De rekentarieven voor 2025 zijn 0,0914% voor OZB woningen eigenaren, 0,3079% voor OZB niet-woningen eigenaren en 0,2342% voor OZB niet-woningen gebruikers. Hondenbelasting Hondenbelasting wordt geheven voor het houden van honden. Het aantal honden dat wordt gehouden is bepalend.

Er is een uitzondering gemaakt voor blindengeleidehonden, honden die aan een gehandicapte ten dienste zijn gesteld ter bevordering van de zelfstandige deelname aan het maatschappelijk verkeer en voor honden die voor deze taken worden opgeleid. Er zijn vrijstellingen voor politiehonden, asielhouders en honden jonger dan drie maanden die nog bij de moederhond verblijven en voor de honden van de Reddingshonden vereniging. Voor kennelhouders geregistreerd bij de Raad van beheer op kynologisch gebied geldt een vast tarief. De tarieven hebben een progressieve opbouw. Het uitgangspunt is dat de kosten van kwijtschelding in de tarieven worden verdisconteerd. De tarieven worden met de voor 2025 verwachte inflatie van 3,45% verhoogd. Kwijtscheldingen Inwoners met weinig vermogen en een laag inkomen kunnen in aanmerking komen voor gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de geheven belasting. Voor de hondenbelasting kan alleen kwijtschelding verleend worden voor de eerste hond. In de begroting is gerekend met een bedrag van € 5.000 (totaalbedrag kwijtschelding € 101.000).

60

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.1 Lokale heffingen

3.1.5 Leges nader toegelicht Leges worden geheven voor diensten die geleverd worden aan een individuele aanvrager. Denk aan het aanvragen van een rijbewijs of een omgevingsvergunning. Deze leges worden ook wel retributies genoemd. Bij het heffen van leges heeft de gemeenteraad te maken met beperkingen. Er mag geen winst gemaakt worden op de diensten en voor een aantal diensten heeft het Rijk een maximumtarief bepaald. Deze uitgangspunten gelden bij het bepalen van de tarieven in de verordening. In deze paragraaf wordt de kostendekking van de leges weergegeven zowel bij vaststelling van de tarieven in de verordening als bij de realisatie. Financiën De totale opbrengst uit leges en overige opbrengsten is in 2025 begroot op € 626.000. Hiermee wordt de opbrengst in 2025 € 91.000 hoger begroot dan in 2024. De stijging in de komende jaren is het gevolg van verwachte hogere aanvragen reisdocumenten, rijbewijzen en omgevingsvergunningen.

Inkomsten uit leges en overige opbrengsten Leges P1: Basisadministratie persoonsgegevens P1: Burgerlijke stand P1: Naturalisatie en geslachtsnaamwijziging P1: Reisdocumenten en rijbewijzen P1: APV en bijzondere wetten P2: Gehandicaptenparkeerkaarten P3: Wegen binnen de bebouwde kom P3: Bestemmingsplannen en vrijstellingen P3: Bouw-, aanleg en reclamevergunning P3: Leges omgevingsvergunningen Totaal leges Overige opbrengsten P2: Huuropbrengst sport P3: Lijkbezorgingsrechten P3: Marktgelden Totaal overige opbrengsten Totaal

2024 B

2025 B

2026 B

2027 B

2028 B

9 13 12 129 4 2 19 5 7 276 475

3 13 12 181 5 2 19 5 7 291 537

3 13 12 139 54 2 19 5 7 291 495

3 13 12 147 5 2 19 5 7 291 503

3 13 12 147 5 2 19 5 7 291 503

25 28 7 60 535

25 54 10 89 626

25 54 10 89 584

25 54 10 59 592

25 54 10 59 592

Kostendekkende tarieven Zoals eerder aangegeven mogen de geheven leges niet winstgevend zijn, maar ten hoogste alle kosten voor de dienstverlening dekken. In onderstaand overzicht is de kostendekking voor de leges, lijkbezorging en marktgelden in beeld gebracht. Omschrijving Salariskosten (inclusief overhead) Materiële kosten Totale lasten Totale baten Dekking (saldo) Dekkingspercentage

Leges Lijkbezorgingsomgevingwet rechten -279 -45 -12 -37 -291 -83 291 54 0 -28 100 65

Marktgelden -9 -2 -11 11 0 100

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.1 Lokale heffingen

61

3.1.6 Heffingen nader toegelicht Heffingen worden in rekening gebracht voor specifieke taken of voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. De opbrengsten kunnen alleen besteed worden aan die specifieke taak of voorziening waarvoor de heffing is opgelegd. Deze heffingen worden ook wel bestemmingsheffingen genoemd. Het gaat hierbij om de afvalstoffen- en rioolheffing. Voor de heffingen geldt dat de gemeente niet meer mag heffen dan de kosten die zij voor de betreffende taak of voorziening maakt. Voor deze heffingen wordt de kostendekking daarom weergegeven. Financiën De totale opbrengst uit de bestemmingsheffingen bedraagt € 3.724.000. De opsplitsing naar heffingssoort is in onderstaande tabel weergegeven. Inkomsten uit heffingen Afvalstoffenheffing Reinigingsrecht Rioolheffing Totaal

2024 B 1.610 7 1.807 3.442

2025 B 1.826 8 1.890 3.724

2026 B 1.884 8 1.938 3.830

2027 B 1.933 8 1.989 3.930

2028 B 1.981 8 2.039 4.029

Tarieven In onderstaande tabel is de tariefontwikkeling van de gemeentelijke heffingen die gemeente Westervoort heft weergegeven. Tariefontwikkeling heffingen Afvalstoffenheffing/reinigingsrecht vastrecht Afvalstoffenheffing/reinigingsrecht variabel: - per lediging 140 liter container restafval - per lediging 240 liter container restafval - per storting ondergrondse container Verzamelcontainer: - meerpersoonshuishouden - eenpersoonshuishouden Rioolheffing, per aansluiting

2024 165,00

2025 188,20

2026 194,19

2027 199,24

2028 204,22

8,32 10,30 1,15

9,49 11,75 1,31

9,79 12,12 1,35

10,05 12,44 1,39

10,30 12,75 1,42

260,42 195,31 253,48

297,04 222,78 262,23

306,49 229,86 270,56

314,46 235,84 277,60

322,32 241,74 284,54

Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing is een kostendekkende heffing. Loon- en prijsstijgingen alsmede (vervangings)investeringen hebben invloed op de tarieven. Er wordt onderscheid gemaakt in een vastrecht en een variabel tarief per lediging van de container voor restafval of per storting in een ondergrondse container. Er wordt uitgegaan van een gemiddelde van 6 ledigingen voor een 140-liter container, 8 ledigingen voor een 240-liter container of 32 stortingen per jaar. De kosten van kwijtschelding zijn in de tarieven afvalstoffenheffing verdisconteerd. De tarieven zijn 100% kostendekkend. Afvalstoffenheffing is een kostendekkende heffing. Voor 2025 is er sprake van een stijging van de inzamel- en verwerkingskosten door, stijging van o.a. brandstofprijzen, hoge inflatie/indexering en verwerkingskosten. Verder zorgt de samenwerking met de nieuwe afvalinzamelaar Circulus voor een kostenstijging o.a. door frictiekosten en de gewenste professionalisering en dienstverlening. Er is nu gekozen om de stijging zowel in de tarieven van vastrecht als in de variabele tarieven

62

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.1 Lokale heffingen

te verwerken. Met deze variabele tarieven worden de inwoners gestimuleerd tot het scheiden van afval. Rioolheffing Rioolheffing is een kostendekkende heffing. In december worden de belastingtarieven aan uw raad voorgelegd. Kostendekkende tarieven Kostendekking afval Lasten TV 2.1 Verkeer en vervoer TV 2.1 Doorbelasting 1Stroom TV 7.3 Kosten Circulus TV 7.3 Lasten heffing en invordering TV 7.3 Kwijtschelding TV 7.3 Overige kosten TV 7..3 Doorbelasting 1Stroom TV 2.1 BTW TV 7.3 BTW Totaal lasten (A) Baten TV 7.3 Opbrengst afvalstoffenheffing Dekking voorziening Totaal netto baten (B) Dekkingspercentage (B:A)

Kostendekking riolering Lasten TV 2.1 wegen TV 2.1 BTW TV 7.2 Rioolgemalen TV 7.2 Riolering TV 7.2 Doorberekening 1Stroom TV 7.2 BTW T.V 7.2 Overhead TV 7.2 Voorziening Totaal netto lasten (A) Baten Opbrengst heffingen Totaal netto baten (B) Dekkingspercentage (B:A)

2025 27 16 1.305 6 96 343 75 5 369 2.242 1.883 188 2.242 100%

2025 22 5 150 905 210 164 201 233 1.890 1.890 1.890 100%

Kwijtschelding De gemeente is op grond van de Gemeentewet bevoegd om kwijtschelding van gemeentelijke heffingen te verlenen. In de gemeente Westervoort kan door belastingplichtigen (particulieren en zzp'ers) kwijtschelding worden aangevraagd voor de afvalstoffenheffing vastrecht en afvalstoffenheffing verzamelcontainer (100%) en maximaal 6 ledigingen van een 140-liter container, 8 ledigingen van een 240-liter container en 24 aanbiedingen bij de ondergrondse container.

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.1 Lokale heffingen

63

Kwijtschelding wordt verleend op basis van 100% van de bijstandsnorm, waarbij tevens een vermogenstoets plaatsvindt. Ligt het netto besteedbare inkomen op of onder het bijstandsniveau, dan wordt volledige kwijtschelding verleend. Bij een gering hoger inkomen kan sprake zijn van een gedeeltelijke kwijtschelding. In al deze gevallen zal het beschikbare vermogen beneden de toegestane norm moeten liggen. Voor 2025 wordt rekening gehouden met een totaalbedrag van geraamde kwijtschelding € 101.000. 3.1.7 Indicatoren Lokale heffingen Gemiddelde WOZ waarde Nieuw gebouwde woningen Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden

Westervoort 318 5 1.008 1.045

Nederland 379 9,1 Niet bekend Niet bekend

Voor een toelichting op de verschillende indicatoren wordt verwezen naar de website www.waarstaatjegemeente.nl. De gegevens zijn ingevuld naar de stand van 5 september 2024.

64

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing

3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3.2.0 Inleiding In de uitvoering van onze taken zijn risico’s niet te vermijden. Het is belangrijk om ze in beeld te hebben omdat ze impact kunnen hebben op de realisatie van onze doelen. Daarom gaan we zorgvuldig om met risico’s, willen we bewuste afwegingen maken bij het aangaan van risico’s en passende beheersmaatregelen nemen. Als risico’s zich toch voordoen dan willen wij ze kunnen opvangen. De ratio weerstandsvermogen geeft een indicatie in welke mate wij hiertoe in staat zijn. De ratio weerstandsvermogen geeft de verhouding aan tussen de omvang van de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit. Een gezond weerstandsvermogen (> 1,0) stelt ons in staat om financiële tegenvallers op te vangen zonder dat dit ons tot ombuigingen dwingt ten koste van het uitvoeren van bestaande taken. De weerstandscapaciteit kan worden gezien als een noodzakelijke buffer om de continuïteit van de bedrijfsvoering te waarborgen. Die buffer ligt deels in de sfeer van de exploitatie (de baten en lasten) en deels in de vermogenssfeer (reserves*). De onderstaande tabel geeft weer hoe de structurele en incidentele weerstandscapaciteit is opgebouwd. 3.2.1 Weerstandscapaciteit

Weerstand Algemene reserve Resultaat Bestemmingsreserves Stille reserve Onbenutte belastingcapaciteit Onvoorzien Totale weerstandscapaciteit

2024

2025

2026

2027

2028

4.144 -173 0 0 0 25 3.996

3.970 960 0 0 0 25 4.955

4.931 -2.517 0 0 0 25 2.439

2.413 -2.296 0 0 0 25 142

117 -1.518 0 0 0 25 -1.376

Onvoorzien De post onvoorzien mag worden opgevat als een buffer voor onvoorziene tegenvallers. Het dekt lasten die onvoorzien, onvermijdelijk en niet uit te stellen zijn. Vanaf 2024 is een bedrag van € 25.000 structureel geraamd. Onbenutte belastingcapaciteit De resterende belastingcapaciteit geeft inzicht in de mogelijkheden voor nog te heffen lokale lasten. Door het afschaffen van de drempeltarieven is de hoogte van de onroerendezaakbelastingen niet meer gemaximeerd. Algemene reserve De reserves bestaan uit de algemene reserve en bestemmingsreserves. De algemene reserve is een reserve waarvoor geen specifieke bestemming is bepaald en daarom vrij kan worden ingezet voor het afdekken van risico’s.

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing

65

Niet beklemde bestemmingsreserves Van de aanwezige bestemmingsreserves is bij het vaststellen van de nota weerstandsvermogen geconcludeerd dat zij niet vrij aanwendbaar zijn, omdat bij beschikking over de reserve dekkingsproblemen ontstaan. Er is daarom geen ruimte. Stille reserves De gemeente heeft aandelen in het netwerkdeel van NUON en aandelen Vitens, BNG, Nazorg Bodem en Leisurelands (voormalige RAL). Voor een groot gedeelte dienen deze aandelen op basis van de wet in het bezit van de overheid te blijven. Daarnaast bezit de gemeente nog een aantal activa. Bij de activa gaat het om de mogelijk te realiseren winsten bij verkoop van panden. De bijdrage van bovenstaande stille reserves aan de weerstandscapaciteit ramen wij op nul. 3.2.2 Risico’s Nummer Risico Open einde regelingen 1.1 Jeugdzorg 1.2 Participatie (BUIG) 1.3 Wet maatschappelijke ondersteuning 1.4 Armoedebeleid 1.5 Woonplaatsbeginsel Overige risico's 2.1 Pandemieën Bedrijfsvoering 3.1 Personeel 1Stroom 3.2 Databeveiliging Financieel 4.1 Algemene uitkering 4.2 Grondexploitaties 4.3 Aftreden bestuurder 4.4 Overige risico's Totaal

Kans 80% 50% 90%

Financieel gevolg Minimum Maximum 400.000 750.000 100.000 250.000 50.000 500.000

Risico Gemiddeld 460.000 87.500 247.500

70% 90%

50.000 50.000

250.000 850.000

105.000 405.000

5%

100.000

250.000

8.750

50% 90%

250.000 50.000

500.000 200.000

187.500 112.500

70% 70% 30% 25%

250.000 0 50.000 2.100.000 3.450.000

2.000.000 200.000 250.000 2.100.000 8.100.000

787.500 70.000 45.000 525.000 3.041.250

Op dit moment zijn de risico's voor de plannen voor Westervoort-Noord, het verplaatsen van de sportvelden en de ontwikkeling van het centrum nog niet kwantificeerbaar. De ontwikkeling van deze plannen en de bijbehorende kosten kunnen een grote invloed hebben op de risico's, het weerstandsvermogen en het geprognosticeerde resultaat. 3.2.3 Weerstandsvermogen De ratio weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstands-capaciteit en de weerstandscapaciteit die nodig is om de restrisico’s op te vangen. Dit zijn risico’s waar géén maatregelen voor zijn getroffen om die af te dekken. Als een restrisico zich in de praktijk voordoet, zullen de liquide middelen worden aangesproken. Bij onvoldoende middelen kan het nodig zijn om een lening aan trekken, die extra rentelasten met zich meebrengt. Voor het begrotingsjaar 2025 is de berekening van de ratio weerstandsvermogen als volgt: Ratio weerstandsvermogen

=

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandcapaciteit

=

€ 4.955 € 3.041

1,63

66

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing

De normtabel biedt een waardering van de berekende ratio. Weerstandsnorm Waarderingscijfer A B C D E F

Ratio >2.0 1.4-2.0 1.0-1.4 0.8-1.0 0.6-0.8 <0.6

Betekenis uitstekend ruim voldoende voldoende matig onvoldoende ruim onvoldoende

Het verloop van de ratio weerstandsvermogen voor de jaren 2024 tot en met 2028 is hieronder weergegeven: Verloop ratio weerstandsvermogen Weerstandscapaciteit (A) Risico's (B) Ratio weerstandsvermogen (A:B) J(aarrekening) 0f B(egroting)

2024 3.996 3.041 1,31 B

2025 4.955 3.041 1,63 B

2026 2.439 3.041 0,80 B

2027 142 3.041 0,05 B

2028 -1.376 3.041 -0,45 B

Toelichting: De ratio weerstandsvermogen is gebaseerd op verwachtingen. Economische ontwikkelingen kunnen grote invloed hebben op de begrotingsresultaten, waarbij de financieringssystematiek van het gemeentefonds een belangrijke negatieve invloed kan hebben. Doordat we genoodzaakt zijn de Algemene Reserve in te zetten om de begrotingstekorten te dekken wordt het weerstandsvermogen steeds slechter.

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen

67

3.3 Onderhoud kapitaalgoederen 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen Het onderhoud van de kapitaalgoederen legt een beslag op een deel van de financiële middelen. Kapitaalgoederen zijn verdeeld naar de categorieën wegen, water en gebouwen. In deze paragraaf wordt ingegaan op het beleidskader, de beheerplannen en de financiële consequenties. In de beleidsplannen legt de gemeenteraad de kaders vast voor de uitvoering van het onderhoud aan de kapitaalgoederen. Het niveau van het onderhoud en de kwaliteit van de kapitaalgoederen zijn bepalend voor het voorzieningenniveau en de jaarlijkse lasten. Met de vaststelling van de programmabegroting machtigt de raad het college van burgemeester en wethouders om de uitgaven ten laste van de betreffende onderhoudsvoorzieningen te doen. Deze voorzieningen worden gevuld door een jaarlijkse storting vanuit de diverse taakvelden. De kosten van het onderhoud worden rechtstreeks ten laste van de voorziening gebracht. Integraal beleidskader In 2024 is het Integrale Beleidsplan Openbare Ruimte 2023-2032 (IBOR) vastgesteld door de Raad en beschrijft het strategische kader voor de integrale aanpak van de openbare ruimte voor een periode van 10 jaar.

Het IBOR heeft als doel effectief en efficiënt te kunnen werken aan grote opgaven als een toekomstbestendige leefomgeving en een openbare ruimte die bijdraagt aan een inclusieve samenleving en uitnodigt tot een gezonde en sociale levensstijl. Dit in combinatie met de grootschalige vervangingsopgaven waar de gemeente voor staat. Het IBOR zorgt daarnaast voor het beheersbaar houden van de aanleg en onderhoudskosten, duurzaam financieel beleid en een grotere betrokkenheid van de samenleving door hier met elkaar aan te werken. Binnen het IBOR staan de volgende ambities centraal; basis op orde, betrokken samenleving, toekomstbestendig, aantrekkelijk en uitnodigend. Naar verwachting zal begin 2025 het integrale beheerplan openbare ruimte worden vastgesteld door het college. Ook het handboek openbare ruimte wordt in 2025 vernieuwd In 2050 moet de grond -weg en waterbouw circulair zijn. Binnen programma duurzaamheid zijn lijnen uitgezet om dit te bereiken. Circulariteit en duurzaamheid wordt daarom nu al meegenomen in aanbestedingen. Wegen en civiele kunstwerken Beleidskader Binnen het beleidskader IBOR is het onderhoudsniveau voor wegen vastgesteld op niveau B voor asfaltverharding en niveau C voor element- en overige verharding conform de CROW systematiek (Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek).

In de gemeente begroting zijn gelden beschikbaar gesteld voor wegen en civiele kunstwerken, waaronder een ‘voorziening onderhoud wegen’ en een ‘voorziening achterstallig onderhoud wegen’. De voorziening achterstallig onderhoud is enkele jaren geleden beschikbaar gesteld om de grote achterstand van vooral elementenverharding in een beperkt aantal jaren in te lopen. Een voorziening mag volgens de regels de eerstvolgende 10 jaar niet negatief worden. Uitvoering wegonderhoud

68

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen

Onderhoud wordt uitgevoerd als de kwaliteit onder het minimale niveau is gekomen. Jaarlijks wordt daarvoor een weginspectie uitgevoerd op alle verhardingen. De laatste weginspectie is in 2024 uitgevoerd. De geïnspecteerde verhardingen worden in beheersysteem Brutus bijgehouden en verwerkt. Het daarin geprognotiseerde ‘groot’ onderhoud wordt getoetst op maatregel-jaar van uitvoering en wordt afgestemd en uitgevoerd. Het bij de inspectie geconstateerde klein onderhoud wordt in het inspectiejaar opgelost. Het bij Fixi/KCC gemelde klein onderhoud of eigen constatering wordt zo snel mogelijk opgelost. Naast het uitvoeren van klein en groot onderhoud zal er steeds meer een verschuiving optreden naar vervangen. Dit komt vooral voort uit ouderdom en slechte kwaliteit. Groot onderhoud wordt integraal afgestemd met de andere disciplines als groen, riool, verkeer en ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld de energietransitie en woningbouwopgave. Vervangingen worden aan de gemeenteraad aangedragen en vastgesteld in de gemeentelijke begroting cyclus. In 2023 is met 3 gemeenten een meerjarig asfalt onderhoudsbestek aanbesteed en opgedragen. Een jaar eerder was dit voor elementen onderhoud. Na de laatste inspectie in 2024 zijn diverse onderhoudsmaatregelen uitgevoerd, op moment van schrijven in uitvoering of nog gepland, ook voor 2025 staan er nog werkzaamheden op de planning. Hierbij is wordt o .a.

rekening gehouden met de aanleg van de glasvezel. Een aandachtspunt is dat er over ca. 10 jaar een onderhoudsgolf aankomt. In verband met de financiering vanuit een voorziening die niet negatief mag worden is het belangrijk hier goed sturing aan te geven. Daarnaast is het belangrijk om hierop vroegtijdig te anticiperen. De inspectie en schouw van de kunstwerken gaat volgens een inspectieplan. Een houten brug wordt afwisselend om het jaar geschouwd of geïnspecteerd. Voor beton, staal en overige is dit 1 keer per 3 jaar. De inspectie of schouw van het begrotingsjaar bepaalt het noodzakelijke onderhoud voor de jaren tot de volgende inspectie, en dat wordt ook uitgevoerd. Voor de latere jaren is het onderhoud berekend. Bij de inspectie wordt per hoofdonderdeel de schade in beeld gebracht. Per schade wordt een herstel advies gegeven. Dit kan ook een renovatie of vervanging zijn als daar aanleiding toe is. Indien nodig volgt nader onderzoek. Kwaliteitsniveau verhardingen De kwaliteit van het asfalt is bij de laatste inspectie flink gestegen. Een aandachtspunt is dat vooral bij asfaltwegen steeds meer schade optreedt. De lang aanhoudende droogte maar ook de juist lange erg natte periodes hebben hun weerslag op beweging in de klei ondergrond. Vervolgens straalt dit door naar steeds meer asfalt verhardingen in de vorm van scheuren.

Het is belangrijk asfalt op redelijk niveau te houden om kapitaalvernietiging te voorkomen. De kwaliteit van de elementen verharding is ook gestegen ten opzichte van de vorige inspectie. Met het extra budget voor achterstallig onderhoud wordt vanaf eind 2022 4 jaar lang een inhaalslag gemaakt om de kwaliteit op het vastgestelde niveau te brengen. Met een totaal budget van 2 miljoen betekent dat jaarlijks 500.000 euro aan achterstallig straatwerk. Een hele klus om voor elkaar te krijgen. In 2025 en 2026 wordt nog ongeveer de helft van de totale achterstanden verwerkt. We volgen hiermee redelijk de planning. Het aangetroffen kwaliteitsniveau van de civiele kunstwerken voldoet aan de verwachtingen in relatie tot de leeftijd van het areaal. Voorziening onderhoud wegen Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening

2024 310 494 -613

2025 191 494 -455

2026 230 494 -460

2027 264 494 -604

2028 154 494 -604

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen

69

Voorziening onderhoud wegen Stand per 31 december

2024 191

2025 230

2026 264

2027 154

2028 144

Voorziening achterstallig onderhoud wegen Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening Stand per 31 december

2024 1.327

2025 827

2026 327

2027

2028

500 827

500 327

327 0

0

0

Riolering, gemalen en randvoorzieningen Beleidskader De Raad heeft in 2022 het Watertakenplan 2022-2026 vastgesteld. In het Watertakenplan 2022-2026 is zowel het beleid als de financiële onderbouwing opgenomen voor het in stand houden van het riool en watersysteem. Het Watertakenplan is input voor het IBOR waarmee het watertakenplan geborgd is binnen het beleidskader IBOR. Daarnaast zijn in 2022 het uitvoeringsprogramma DPRA, de rioolaansluit- en hemelwaterverordening door de Raad vastgesteld. De bekostiging van het uitvoeringsprogramma DPRA is opgenomen in het Watertakenplan. De beleidsstukken zijn opgesteld in samenwerking met de Liemerse gemeenten en Waterschap Rijn en IJssel. Uitvoering Met het vaststellen van het uitvoeringsprogramma DPRA steekt de gemeente in op het Klimaatadaptief maken van de openbare ruimte. In 2025 zullen er nieuwe beheerscontracten worden opgesteld omtrent het reinigen en inspecteren van vrijvervalriolen, kolken en lijngoten. Daarnaast zullen we aan de slag gaan met de uitkomsten uit het onderzoek naar de kwaliteit van de zuiverende voorzieningen en waar nodig maatregelen gaan treffen. Voorziening riolering Stand per 1 januari Toevoeging aan de voorziening Onttrekking aan de voorziening Stand per 31 december

2025 3.147 337 -59 3.425

2026 3.425 418 -59 3.785

2027 3.785 479 -59 4.204

2028 4.204 479 -59 4.624

Water Beleidskader De Raad heeft in 2022 het Watertakenplan 2022-2026 vastgesteld. In het Watertakenplan 2022-2026 is zowel het beleid als de financiële onderbouwing opgenomen voor het in stand houden van het riool en watersysteem. Het Watertakenplan is input voor het IBOR waarmee het watertakenplan geborgd is binnen het beleidskader IBOR. Uitvoering Om droogte verder te bestrijden worden het feitenrelaas en handelingsperspectief uit 2023 verder uitgewerkt tot concrete maatregelen. Hiermee zijn we in 2024 gestart maar de uitwerking zal ook nog een groot deel van 2025 beslaan.

70

Water Budget Totaal

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen

2025 103 103

2026 124 124

2027 136 136

2028 195 195

Onderhoud groen Beleidskader Binnen het beleidskader IBOR is het onderhoudsniveau voor groen vastgesteld conform de CROW- systematiek. Voor beplanting is dit kwaliteitsniveau C, met uitzondering van de vaste planten. Deze beheergroep heeft kwaliteitsniveau B. Overige onderdelen als vegen en onkruidbestrijding en A-locaties hebben ook kwaliteitsniveau B gekregen. Het beheerniveau wordt pas bijgesteld bij het ingaan van de nieuwe onderhoudscontracten in 2026. Eerder aanbesteden zorgt in de huidige markt voor een hogere onderhoudsprijs. De bomenverordening 2016 is het geldende beleidskader voor bomen. Hierin staan regels over onder andere kap, behoud en bescherming. Onderdeel hiervan is de Groene Kaart. Dit betreft een topografische kaart met daarop alle monumentale en waardevolle groenelementen en monumentale bomen. De komende jaren wordt ingezet om doelstellingen zoals geformuleerd in Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie uit te voeren. Binnen de gemeentegrenzen zijn zowel de Japanse duizendknoop als de reuzenberenklauw aangetroffen. Naar aanleiding van EU-verordening ‘Invasieve Uitheemse Soorten’ 1143/2014 is de gemeente wettelijk verplicht gesteld in te grijpen bij het aantreffen van invasieve exoten om verdere verspreiding te voorkomen. Binnen het groen werken we conform de wet Natuurbescherming (Wnb). Deze wet beschermt de dieren en planten in Nederland en hun leefgebied.

Uitvoering Naast het creëren van een veilige aantrekkelijke en groene leefomgeving ligt het zwaartepunt bij het groenbeheer steeds meer op de maatschappelijke opgaven die we hebben in relatie tot vergroenen, klimaatadaptatie, ecosysteemdiensten en biodiversiteit. Dit maakt dat we anders gaan beheren. Conform het oude beleidskader zijn in 2019 nieuwe onderhoudscontracten (bestekken) opgesteld en aanbesteedt. Het bestek loopt van 2020 t/m 2023 met optie tot verlenging van 2 maal een jaar. Hoewel het onderhoudsniveau is gewijzigd blijft het uitgangspunt dit bestek. Eerder aanbesteden zorgt in de huidige markt voor een hogere onderhoudsprijs voor een lager onderhoudsniveau. In 2025 wordt begonnen met het opstellen van nieuwe onderhoudsbestekken voor het reguliere groenonderhoud en het onkruid vrij maken en het vegen van de wegen. Ook hierin worden de ambities binnen het IBOR meegenomen. Voor het boombeheer wordt Handboek Bomen van Norminstituut Bomen gebruikt. Hierin staan kwaliteitseisen, richtlijnen en normen die van toepassing zijn op de uitvoering van werkzaamheden met bomen. Extra aandacht krijgen de bomen met essentaksterfte en de kastanjebloedingsziekte. We controleren deze bomen vaker en monitoren de voortgang van de ziekte. Waar nodig snoeien we vaker of vervangen we bomen als dat nodig is. Het behoud van met name grote bomen is belangrijk.

Hun bijdrage op gebied van bijvoorbeeld verkoeling en ecosysteemdiensten is groter dan bij kleine bomen. Het behoud van grote bomen met kleine groeiplaatsen zorgt regelmatig voor extra kosten. Een voorbeeld hiervan is het ondergronds toevoegen van extra voedingsmiddelen om wortelopdruk te beperken. Dit doen we

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen

71

in overleg met vakgroep wegen. Ook onderzoek naar stabiliteit en aanvullende snoei vindt vaker plaats. Soms is het behoud van een boom niet haalbaar en heeft de boom geen toekomstwaarde. Dan is het nodig om een boom te kappen. In het integrale beheerplan wordt uitgewerkt op welke manier we deze afweging maken. Het maaibestek (bermen) is begin 2023 aanbesteed. [GO1] Waar mogelijk wordt er gemaaid en afgevoerd en is de frequentie teruggebracht. In de maand mei maaien we alleen daar waar nodig in verband met de verkeersveiligheid. In deze maand is een bloeiende berm extra belangrijk voor de insecten. De invasieve soorten in onze gemeente worden beheerst conform het opgestelde plan van aanpak. De bestrijdingsmethode wordt afgestemd op de omvang van de locatie. Er worden geen chemische bestrijdingsmiddelen toegepast. Jaarlijks wordt de voortgang gemonitord. De plantvakken liggen niet overal op het vastgestelde kwaliteitsniveau. Voor de uitvoering van grootschalige renovaties wordt gezocht naar maximale integraliteit met overige vakgebieden in de openbare ruimte. Tevens is een relatie met het beschikbaar komen van gelden uit het DPRA-plan. Hier wordt zo veel mogelijk werk-met-werk gemaakt.

72

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen

Onderhoud groen Budget Totaal

2025 887 887

2026 895 895

2027 904 904

2028 921 921

Onderhoud gebouwen Beleidskader Op het moment dat deze begroting wordt gemaakt wordt ook gewerkt aan de Nota Vastgoedbeleid Maatschappelijk Vastgoed 2025 - 2040. Enkele speerpunten worden hierna opgenomen. Uitvoering De beschikbaarheid van vastgoed, of dat nu is door eigenaarschap of bijvoorbeeld via huur, is altijd faciliterend van karakter en is noodzakelijk om taken van de gemeente uit te voeren of om beleid effectief en/of efficiënt te kunnen realiseren. Het hebben van vastgoed dient dus bij te dragen aan taken en doelstellingen van de gemeente waar de markt dit niet oppakt. We onderkennen hieronder gecategoriseerd 4 doelstellingen: • Dat kan zijn om de eigen organisatie huisvesting te bieden of om de buitendienst onder te brengen (vastgoed voor eigen huisvesting). • Het kan ook betreffen voorzieningen in het maatschappelijk domein zoals buurthuizen, scholen voor het primair en voortgezet onderwijs inclusief integrale kindcentra (IKC’s), multifunctionele accommodaties (MFA’s) of sportaccommodaties (maatschappelijk vastgoed). • Een andere categorie wordt gevormd door objecten met een strategische ligging voor toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen of waar tijdelijk gebruik plaatsvindt in afwachting van definitieve invulling (herontwikkelingsvastgoed). • Tot slot is er een restcategorie, waaronder begraafplaatsen en gebouwde voorzieningen in de openbare ruimte (overig vastgoed).

Deze gezamenlijke 4 categorieën van beleidsondersteunend vastgoed vormen de kernportefeuille en hebben een functie in de realisatie van gemeentelijk beleid. Meerjarig onderhoudsplan (MJOP) bestaand vastgoed Voor het MJOP (beheerplan) werken we met de NEN 2767 norm in combinatie met de RVB BOEI methodiek. Daarbij willen we sturen op sober en doelmatig onderhoud waarbij het uitgangspunt is een Redelijke Onderhoudsconditie waarbij ernstige en serieuze gebreken zijn uitgesloten en waarbij ook vanuit een Aspect Prioriteiten matrix wordt gewerkt waarin Veiligheid, Gezondheid en Bruikbaarheid worden meewegen in de risicobenadering. We kijken in het onderhoudsplan 10 jaar vooruit. Projecten uit het IHP Basisonderwijs In de raad van Westervoort is op 17 juni het IHP Basisonderwijs 2024 vastgesteld. Bij de voorjaarnota op 1 juli zijn de budgetten voor de termijn 2024-2028 gevoteerd. Hierin is de realisatie van twee projecten gepland. Dat betekent dat we de komende jaren gaan werken aan uitbreiding IKC de Brug en we gaan starten met een haalbaarheidsonderzoek voor nieuwbouw ten noorden van de spoorlijn. Uitvoering onderhoud In Westervoort werd het onderhoud vanuit een reserve onderhoud bekostigt. Conform de BBV o.a.: Artikelen 12, 35 en 44 dient dit via een daarvoor ingerichte voorziening (onderhoud gebouwen) te lopen. Onder deze voorziening zit een onderhoudsplan, zoals eerder en hierna omschreven. Dat

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen

73

onderhoudsplan is gemaakt met onderstaande verloop van de voorzieningen. Na vaststelling van de begroting wordt de reserve vervangen voor een voorziening onderhoud gebouwen. Het uitvoeringsprogramma MJOP 2024-2028 is gemaakt op basis van de resultaten van de eerder genoemde NEN2767 inspectie om de gebouwen op conditie 3 (sober en doelmatig onderhoudsniveau) te houden. Uit de inspecties volgde een actueel beeld op benodigde middelen voor onderhoud. Onderhoud voorkomt ook kapitaalverlies. Onderhoud gebouwen Budget Totaal

2025 253 253

2026 96 96

2027 96 96

2028 96 96

74

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.4 Financiering

3.4 Financiering Inleiding Het streven is naar de optimale financiering van de inkomsten en uitgaven van de gemeente Westervoort op korte en lange termijn. Om deze treasury-functie goed uit te voeren, kijken we naar de meerjarige liquiditeitsontwikkeling van de gemeente en de renteontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt in Nederland. De treasury-functie wordt uitgevoerd binnen de normen van de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden), de Wet HOF (Wet Houdbare Overheidsfinanciën) en het treasurystatuut van de gemeente Westervoort vastgesteld in 2021. Doelstellingen Bij de begroting wordt afgewogen welke investeringen er op korte en lange termijn moeten plaatsvinden. Het is vervolgens onze taak om deze investeringen conform de kaders te financieren. We beperken ons tot de publieke taak en hanteren hierbij de volgende doelstellingen: • Er is voldoende financiering op de korte en lange termijn; zodoende is er altijd geld om aan onze betaalverplichting te voldoen. • De risico’s die aan financiële transacties verbonden zijn worden beheerst en beperkt; het betreft het renterisico, het koersrisico en het debiteuren-/crediteurenrisico. • De rentekosten van de leningen worden zoveel mogelijk beperkt. • De interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities worden zoveel mogelijk beperkt.

Rentevisie De ECB heeft sinds het hoogste punt in oktober 2023 de rente reeds verlaagd met 0,25% Inmiddels is de inflatie dusdanig gedaald dat de ECB het rempedaal geleidelijk weer kan loslaten. De verwachting voor 2025 is een geleidelijke daling van de korte en lange rente.

Renterisico’s

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.4 Financiering

75

De specifieke risico’s die samenhangen met de uitvoering van de treasuryfunctie bestaan voornamelijk uit renterisico’s, die worden getoetst aan twee normen. Dit zijn: • De kasgeldlimiet. Deze geeft het maximale bedrag aan dat een gemeente aan vlottende financieringsmiddelen (looptijd korter dan een jaar) mag opnemen. • De renterisiconorm. Hiermee wordt het renterisico op de vaste schuld in beeld gebracht (looptijd vanaf een jaar). Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt een bovengrens aan de toegestane omvang van de kortlopende schuld (looptijd korter dan een jaar). Reden hiervoor is dat een korte schuldpositie een potentieel renterisico in zich bergt, omdat rentestijgingen direct doorwerken in de rentelasten. Het is dan ook van belang dat de grote fluctuaties van de rentelasten op de korte financiering gedurende het begrotingsjaar beheerst worden. Hiervoor is een goede liquiditeitsprognose voor de korte en lange termijn noodzakelijk. Voor structurele liquiditeitstekorten is financiering met geldleningen met een looptijd langer dan een jaar de aangewezen oplossing. De kasgeldlimiet wordt berekend als een percentage van de jaarbegroting (8,5%) en geldt voor het gehele begrotingsjaar. Berekening kasgeldlimiet Kasgeldlimiet Totale uitgaven Toegestane kasgeldlimiet in % Toegestane kasgeldlimiet in €

2025 51.949 8,5 4.416

2026 52.375 8,5 4.452

2027 51.712 8,5 4.396

2028 51.706 8,5 4.395

De berekende kasgeldlimiet wordt periodiek getoetst aan de werkelijke omvang van het aangetrokken kasgeld. Op basis van de liquiditeitsprognoses wordt bepaald of er kort of lang geld aangetrokken moet worden voor een bepaalde looptijd, rekening houdend met de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Voor de gemeente Westervoort betekent dit dat er in 2025 niet meer dan € 4.416.000 geleend mag worden met kort geld. Kort geld is geld geleend voor een periode van een jaar of korter. De wet Fido geeft aan dat de kasgeldlimiet niet mag worden overschreden. Indien een overschrijding voor het derde achtereenvolgende kwartaal geschiedt, dan moet de toezichthouder hiervan schriftelijk op de hoogte worden gebracht. De lange rente is duurder dan kort geld waardoor het financieel aantrekkelijk is volledig gebruik te maken van het bedrag onder de kasgeldlimiet. Renterisiconorm Bij de renterisiconorm gaat het om het beperken van de gevolgen van een stijgende kapitaalmarktrente voor de rentelasten. Aanpassing van de rentepercentages doet zich voor bij herfinancieren en renteherziening. Dit gebeurt door het aanbrengen van spreiding in de looptijden van de leningen. Hiermee wordt voorkomen dat een groot deel van de leningen tegelijkertijd opnieuw moet worden afgesloten, met het risico van snel oplopende rentelasten.

De renterisiconorm wordt ook berekend door een percentage van 20 te nemen van de jaarbegroting. Renterisiconorm Totale uitgaven Renterisiconorm in % Renterisiconorm in €

2025

2026

2027

2028

51.949 20 10.390

52.375 20 10.475

51.712 20 10.342

51.706 20 10.341

Uit dit overzicht blijkt dat er in 2025 tot € 10.4 miljoen aan leningen mogen worden afgesloten zonder de renterisiconorm te passeren. De liquiditeitsprognose geeft aan dat de gemeente

76

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.4 Financiering

Westervoort in 2025 tot en met 2028 een financieringsbehoefte heeft. Uit de prognose blijkt dat er financieringsbehoefte in 2027 en 2028 aanwezig is. Renteschema a. b.

c1. d1. e. e2 f.

De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rente baten van leningen verenigingen De externe rente baten van Schatkistbankieren Saldo rentelasten en rentebaten Rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend Saldo Rente over eigen vermogen of voorzieningen Totaal geraamde aan taakvelden toe te rekenen rente De aan taakvelden toegerekende rente (rente omslag 0,77%) Ontvangen rente verenigingen doorbelasten Rente resultaat positief

388.909 -17.803 -90.000 281.106 -6.142 274.964 0 274.964 -318.209 17.803 -25.442

Kredietrisico Garantiestellingen Naast bovengenoemd renterisico wordt door onze gemeente ook kredietrisico gelopen in het kader van onze publieke taak gegarandeerde geldleningen. Het kredietrisico betreft het risico dat de leningen niet worden terugbetaald. In totaal hebben wij aan leningen gegarandeerd met een schuldrest per 1 januari 2024 van € 32.082.000. Voor € 32.082.000 is gegarandeerd aan de Stichting Plavei, Woonzorg Nederland en de Stichting Vivare. Hier kan de gemeente Westervoort voor maximaal 50% aangesproken worden omdat deze via het Waarborgfonds Sociale Woningbouw lopen. Verstrekte leningen De gemeente Westervoort loopt risico op de verstrekte geldleningen. Op 1 januari 2023 is het verwachte saldo van de verstrekte leningen € 2.348.774. Deze leningen zijn verstrekt aan Westervoortse verenigingen en instellingen. Naast deze leningen staat er nog geld uit bij het stimuleringsfonds voor duurzaamheids- en startersleningen en de kredietbank Leeuwarden voor totaal € 2.075.506. Dit risico is opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen in het bedrag van € 2,1 miljoen. Wet schatkistbankieren Medio december 2013 heeft de Eerste Kamer de Wet Schatkistbankieren aangenomen. De wet verplicht decentrale overheden om overtollige geldmiddelen onder te brengen in ’s Rijks schatkist.

Vanaf 1 juli 2021 is de drempel voor het verplichtschatkistbankieren verhoogd naar 2% van het begrotingstotaal met een minimum van € 1 miljoen. Westervoort heeft een begroting van € 52 miljoen. 2% hiervan is € 1.039.000 . Liquiditeit Om te komen tot een goede en effectieve financiering voor de gemeente Westervoort voor de korte en lange termijn is een goede en volledige liquiditeitsprognose noodzakelijk. Daarvoor moet rekening worden gehouden met: beginstanden banken, inkomsten en uitgaven grondexploitatie, aflossingen van geldleningen, planning investeringen, ontwikkeling standen debiteuren/crediteuren en de inkomsten en uitgaven uit de reserves en voorzieningen. Hieronder staat de liquiditeitsprognose voor de periode 2022-2026 weergegeven. Als het bedrag negatief is moet er geld worden aangetrokken.

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.4 Financiering

77

Cumulatieve liquiditeitsprognose Liquiditeitsprognose: Te financieren: Cumulatief opnieuw: Totaal te financieren:

2024 4.995 4.995

2025 -3.676 4.995 1.319

2026 -3.180 1.319 1.861-

2027 -3.058 -1.861 -4.919

2028 -2.971 -4.919 -7.890

In de prognose is het weer aantrekken van gelden die worden afgelost weer verwerkt. Financieel zijn deze ook in de begroting meegenomen. Zoals de tabel al aangeeft, is er vanaf 2026 behoefte aan financieringsmiddelen. Het tekort mag in 2026 nog gefinancierd worden met het aantrekken van kort geld. Deze behoefte kan gedekt worden met het aantrekken van kortgeld. Er mag voor bijna € 4 miljoen gefinancierd worden met kortgeld (kasgeld). Daarboven moet er lang geld aangetrokken worden. Debiteuren-/crediteurenbeheer Onze organisatie is erop gericht dat vorderingen tijdig, dus uiterlijk op de vervaldatum, worden geïnd. Wanneer dit niet wordt gerealiseerd, worden kort na de vervaldatum volgens een vaste procedure de nodige invorderingsmaatregelen genomen. Zogenaamde dubieuze debiteuren worden op basis van een kosten/baten-analyse en op juridische haalbaarheid beoordeeld waarna óf invordering via de gerechtsdeurwaarder plaatsvindt óf de vordering oninbaar wordt verklaard.

78

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.5 Bedrijfsvoering

3.5 Bedrijfsvoering Inleiding De gemeente levert een scala aan producten. Om de levering van deze producten te garanderen, hebben we ons werk op een bepaalde wijze georganiseerd; de bedrijfsvoering. De bedrijfsvoering heeft betrekking op de totale gemeentelijke organisatie: zowel de ‘ambtelijke’ als de ‘bestuurlijke’. Onder bedrijfsvoering rekenen we de inzet van (productie-)middelen en de toepassing van processen bij de totstandkoming van producten. De bedrijfsvoering is met ingang van 2018 ondergebracht in de werkorganisatie 1Stroom (een ambtelijk samenwerkingsverband van de gemeenten Duiven en Westervoort). De bedrijfsvoeringsaspecten inzake ICT en Inkoop zijn ondergebracht in Samenwerking de Liemers (een ambtelijk samenwerkingsverband van de gemeenten Duiven, Westervoort en Zevenaar).

De volgende nota’s inzake bedrijfsvoering zijn vastgesteld: • Coalitieakkoord 2022-2026; • Missie en Visie 1Stroom; • Regeling Delegatie en Mandaat; • Verordening Financieel beleid, het financieel beheer en de financiële organisatie (artikel 212 Gemeentewet); • Verordening voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting van de financiële organisatie (artikel 213 Gemeentewet); • Verordening voor periodiek onderzoek door het college naar de doelmatigheid van het door het college gevoerde beleid (artikel 213a Gemeentewet); • Gemeenschappelijke regeling ‘Samenwerking De Liemers (2010)’; • Informatiebeleidsplan (2017); • Gemeenschappelijke regeling 1Stroom (2017). Financiën, doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid De interne regels met betrekking tot de financiële beheersing van de organisatie met de daarbij behorende verantwoordelijkheden en bevoegdheden zijn neergelegd in de verordeningen ex artikel 212, 213 en 213a van de Gemeentewet. De relevante instrumentaria behorende bij de planning en control zijn hierop afgestemd. Sedert het boekjaar 2023 dient het college een rechtmatigheidsverantwoording op te stellen. Het college legt met dit nieuwe instrument verantwoording af aan de Raad inzake naleving van wet- en regelgeving.

Doel is met een bepaalde mate van zekerheid vast te stellen dat de financiële handelingen hebben plaatsgevonden binnen de kaders van wet- en regelgeving. De accountant geeft een oordeel over de getrouwheid van de jaarrekening. Daarmee geeft hij ook een oordeel over de getrouwheid van de rechtmatigheidsverklaring van het college. Hij doet dus ook onderzoek waar het college deze rechtmatigheidsverantwoording op heeft gebaseerd, Onderdeel van de onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording zijn de uitkomsten van de interne controles die binnen de gemeente uitgevoerd worden om vast te stellen of wet- en regelgeving zijn nageleefd. Dit betekent dat de organisatie zelfstandig vaststelt of wordt voldaan aan het normenkader waarin relevante wet- en regelgeving is opgenomen. Over de uitkomsten van de interne controles wordt gerapporteerd in de planning en control cyclus. Informatiebeleid Informatisering Diverse wet- & regelgeving, zoals de "Wet open overheid", de “Wet modernisering elektronisch bestuur”, de “Wet digitale overheid” en het “Besluit digitale toegankelijkheid” nopen tot het

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.5 Bedrijfsvoering

79

voortdurend uitbreiden en vernieuwen van de digitale mogelijkheden en toepassingen voor inwoners. Het is niet de vraag of maar hoe de gemeente daarin moet meebewegen. De gemeente is in steeds grotere mate afhankelijk van ICT. De ICT omgeving is volop in beweging. Software zal steeds meer als een service geleverd worden (SAAS). Deze te voorziene verandering in de ICT-architectuur heeft gevolgen voor de manier waarop de gemeente zich op dit vlak moet organiseren. Het beveiligen van informatie is essentieel voor het functioneren van de gemeente. Het bekendste voorbeeld van ‘Hof van Twente’ toont aan dat een gemeente kwetsbaar is. In de periode na dit voorbeeld zijn er vele andere voorbeelden bij gekomen. Verschillende maatregelen worden in verband met de toegenomen risico’s rondom met name ransomware genoemd. Gezien de toenemende mate van afhankelijkheid van ICT-middelen is het te verwachten dat er structureel beduidend meer financiële middelen nodig zijn in de komende periode. Wet Open Overheid (Woo) De Wet open overheid (Woo) heeft als doel overheden en semi-overheden transparanter te maken. De wet moet ervoor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is. De Woo is op 1 mei 2022 in werking getreden. Daarmee is de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) vervallen.

Het grote verschil met de Wob is dat de Woo verplicht dat documenten in elf informatiecategorieën gefaseerd (5 jaar) actief openbaar worden gemaakt. In 2025 zal de implementatie van de Woo voortgang hebben, waarbij naast het actief publiceren van nieuwe informatiecategorieën, het op orde brengen van de informatiehuishouding, training en bewustwording van de medewerkers en bestuurders en tenslotte het verder optimaliseren van het afhandelen van Woo-verzoeken belangrijke doelstellingen zijn. Vervolg Toekomstvisie RID De Liemers De RID is een verbetertraject gestart om klaar te zijn voor de toekomst. Dit naar aanleiding van de strategische sessies in 2022 en het rapport Toekomstvisie RID van M&I uit 2023. De daaruit volgende I&A-Visie en consequenties zijn in de gemeenteraad van april 2024 behandeld. De I&A-Visie is goedgekeurd en de gemeenteraad heeft in de voorjaarsnota financiële middelen beschikbaar gesteld voor de basis-variant. Dit vormt nu het strategisch uitgangspunt van waaruit de gemeente de komende jaren verder zal werken. De invulling van de opdrachtgevende rol van de gemeente is in het integrale beeld meegenomen. In 2025 zal er in samenwerking met de gemeente Zevenaar per domein een informatiemanager worden aangesteld.

Artificial Intelligence (AI) Vanwege de ontwikkelingen op het gebied van Artificial Intelligence (AI) is te verwachten dat de gemeente zich ook moet voorbereiden op deze nieuwe ontwikkelingen op technisch vlak. De verwachting is dat er vanuit de in ontwikkeling zijnde wetgeving, consequenties volgen voor gemeenten. De implementatie van het gemeentelijke deel en de gevolgen voor de werkzaamheden die de gemeente op dit vlak moet verrichten zijn nog onduidelijk. De gemeente houdt zich aan de landelijke richtlijnen en volgt deze. Op dit moment is gekozen om nog geen extra inspanning te doen op het gebied van AI en aldus hiervoor geen capaciteitsvraag in te dienen. Bij implementatie nieuwe wetgeving moet rekening gehouden worden met een capaciteitsaanvraag. Datagedreven werken

80

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.5 Bedrijfsvoering

De gemeenteraden wensen meer en beter inzicht op basis van data. Op dit moment wordt aan deze wens slechts in beperkte mate voldaan. Het gebruik van data om resultaten, werkprocessen en maatschappelijke ontwikkelingen inzichtelijk te maken staat voor de gemeente nog in de kinderschoenen. Het implementeren van structureel datagedreven werken zal ertoe leiden dat meer dashboards beschikbaar komen en dat de wens van de gemeenteraad op dit punt beter wordt ingevuld. In de tweede helft van 2024 wordt een startnotitie opgesteld om het datagedreven werken vorm te geven. In 2025 beginnen we met een structurele aanpak om datagedreven werken integraal in de uitvoerende organisatie te implementeren, onder andere met twee nieuwe aanstellingen. Daarnaast is datagedreven werken ook opgenomen in de Liemerse I&A-visie. E-depot De gemeente werkt steeds meer digitaal. Dit leidt tot meer en meer digitale archiefbescheiden. Net als voor fysieke bescheiden is de overheid verantwoordelijk om digitale permanent te bewaren bescheiden volgens de Archiefwet in “goede, geordende en toegankelijke staat te brengen en te bewaren”. Om aan de wet te voldoen heeft het Streekarchivariaat de Liemers en Doesburg (SALD) samen met de gemeenten Westervoort, Duiven, Doesburg en Zevenaar het project e-depot gestart. Permanent te bewaren archiefbescheiden in analoge vorm worden overgedragen aan de archiefbewaarplaats.

Permanent te bewaren digitale archiefbescheiden dienen overgedragen te worden aan een zgn. e-depot. Het project e-depot wordt geleid door een externe projectleider. Deze werkt niet alleen aan een helder proces rondom overbrenging van permanent te bewaren bescheiden, maar ziet ook kansen rondom uitplaatsing van tijdelijk te bewaren bescheiden. Dit wordt voor de gemeente uitgebreid onderzocht. Daarnaast wordt er een collectiebeheersysteem aangeschaft om de digitale bescheiden toegankelijk te maken voor iedereen. Er worden ook structureel diensten afgenomen van het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers (ECAL), die het e-depot beheert.

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.5 Bedrijfsvoering

81

Informatiebeveiliging en Privacybescherming De gemeente beschikt over veel waardevolle, vertrouwelijke en (privacy)gevoelige gegevens. Het is belangrijk dat we deze gegevens goed beschermen. Onze bedrijfsvoering en dienstverlening is voor een zeer belangrijk deel afhankelijk van de beschikbaarheid van onze ICT-systemen en ICTinfrastructuur. Voor het bepalen van de prioritering van de maatregelen om blijvend te voldoen aan de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) en de richtlijn Network and Information Security (NIS2) hanteren we naast het Dreigingsbeeld Informatiebeveiliging van de Nederlandse Gemeenten, het Cybersecuritybeeld Nederland van het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) en de aanbevelingen naar aanleiding van de cyberaanvallen op de gemeenten Lochem, Hof van Twente en Buren. In de brief van de VNG- Cyberalert zijn de belangrijkste basismaatregelen ook genoemd. Cybercrime is een internationaal probleem. Dit vraagstuk kunnen we dus niet op lokaal niveau oplossen. Waar we wel voortdurend aan werken, is het organiseren en verbeteren van de basismaatregelen om een cyberaanval tegen te gaan en de mogelijke effecten van een cyberaanval te verminderen. Het is belangrijk om een goede combinatie te realiseren tussen preventie, detectie en respons.

Maatregelingen (zowel technisch als organisatorisch) voor wat betreft de onderwerpen informatiebeveiliging en privacy zullen zich met name concentreren op de volgende onderwerpen: • Risicogericht handelen: Onze organisatie zal extra aandacht moeten besteden aan de informatiesystemen die cruciaal zijn voor het functioneren van de gemeentelijke- en maatschappelijke processen. Door middel van een risicoanalyse worden deze systemen doorgelicht en worden aanvullende mitigerende maatregelen genomen om de mogelijke risico’s op een aanvaardbaar niveau te brengen. • Bewustwording (Awareness): Digitale veiligheid raakt ons allemaal. Daarom is het belangrijk dat zowel de bestuurders als de medewerkers structureel en periodiek geïnformeerd worden over de mogelijke risico’s over informatiebeveiliging en privacy. • Samen organiseren: Onze organisatie werkt voortdurend aan de versterking van de digitale weerbaarheid. We worden daarbij ondersteund door de Informatiebeveiligingsdienst voor gemeenten, de IBD. De IBD heeft ook een coördinerende rol bij incidenten en is het expertisecentrum op het gebied van de digitale veiligheid voor gemeenten. • Oefenen: Onze organisatie moet voorbereid zijn op digitale incidenten en -crises. Deze reiken vaak verder dan alleen de gemeentelijke bedrijfsvoering.

Oefenen is daarom belangrijk, zodat onze organisatie in voorkomende gevallen veerkrachtig en daadkrachtig kan optreden in samenwerking met de ketenpartners. • Netwerksegmentering: Het netwerk wordt in meerdere zones verdeeld die apart beveiligd zijn om de gevolgen voor een aanval te beperken. Met Fase 2 van het project wordt gestart. • Monitoring en response: Het systeem voor monitoring en response wordt verder uitgebreid met SIEM/SOC, zodat de focus op detectie en actieve preventie van incidenten versterkt wordt.

82

Programmabegroting Westervoort 2025-2028 - 3.6 Verbonden partijen

3.6 Verbonden partijen Inleiding Verbonden partijen zijn gemeenschappelijke regelingen, stichtingen, verenigingen en vennootschappen waarin de gemeente Westervoort een bestuurlijk en financieel belang heeft. Bestuurlijk belang Betreft zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht. Financieel belang Betreft een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is als de verbonden partij failliet gaat, het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Bij deelname in een vennootschap betreft het financiële belang het bezit van aandelen en het ontvangen van bijbehorend dividend. De gemeente Westervoort maakt binnen de verbonden partijen onderscheid tussen gemeenschappelijke regelingen en deelnemingen. De gemeenschappelijke regelingen bestaan uit publieke partijen die samenwerken, vaak op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) of Wgr-plus. In het algemeen geldt dat voor een gemeenschappelijke regeling wordt gekozen als een gemeente het voorgestane beleid niet zelf wenst uit te voeren, maar in samenwerking met andere gemeenten of instellingen. Bij deelnemingen heeft de gemeente een pakket van aandelen van een vennootschap in bezit.

De deelname in het aandelenkapitaal vloeit vaak voort uit de van oudsher aanwezige maatschappelijke belangen, die door de vennootschappen werden of worden nagestreefd. In onderstaand overzicht wordt een overzicht van de verbonden partijen voor de gemeente Westervoort weergegeven, inclusief het financiële belang betreffende de jaarrekening 2023 de begroting 2024 en de begroting 2025. Dit geeft inzicht in de risico's die de gemeente Westervoort loopt door de betrokkenheid aan de verbonden partij. Vervolgens wordt elke verbonden partij nader toegelicht. Inhoudelijke beleidsinformatie over de verbonden partijen is opgenomen in de relevante programma's. Verbonden partij Gemeenschappelijke regelingen Samenwerking De Liemers (SDL) Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland Midden (VGGM) Streekarchivariaat de Liemers en Doesburg (SALD) Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA) Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen Euregio Rijn-Waal Bedrijfsvoeringsorganisatie Doelgroepenvervoer Regio Arnhem Nijmegen 1Stroom Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Centraal Gelderland Deelnemingen (dividend) N.V. Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Alliander N.V. Vitens N.V.

Rekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

€ 2.325.322 € 1.272.066

€ 2.682.330 € 1.420.000

€ 2.745.760 € 1.570.000

€ 34.154 € 104.403 € 106.558 € 4.100 € 418.842

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westervoort&id=6b21e555-61e0-4e9a-a7cc-e91bf3d919a8