CConstaterende datWestervoort
Koppel je AI →
Document · PDF

20221018-rv-programmabegroting-2023-2026-bijlage-1-definitief-versie-13-oktober.pdf

Commissie Ruimte en Financien 18 oktober 2022, gemeente WestervoortBij agendapunt: Programmabegroting 2023-202633.314 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Vanuit de transformatie is de inzet om juist deze voorliggende voorzieningen te versterken en optimaal te benutten. De inwoner kan hierdoor zo prettig en zinvol mogelijk leven. De basisvoorzieningen worden gevormd door mogelijkheden voor sport, recreatie, kunst, cultuur, educatie, onderwijs en gezondheidszorg. Voor alle inwoners van Westervoort dragen deze voorzieningen voor een belangrijk deel bij aan zinvolle vrijetijdsbesteding, ontplooiing, ontwikkeling en positieve gezondheid. De basisvoorzieningen maken ook mogelijk dat inwoners zelfstandig de regie over het eigen leven kunnen voeren en deel kunnen nemen aan de samenleving. Goede basisvoorzieningen moeten ook voorkomen dat een beroep gedaan wordt op maatwerkvoorzieningen. Ondanks alle financiële problemen zal zo goed mogelijk worden geprobeerd de basisvoorzieningen in stand te houden en, waar mogelijk, te versterken waardoor het goed en prettig leven is in Westervoort. Hoofddoelen Daarom zetten we in op: • • •

De basis op orde houden Meedoen naar vermogen Zelfredzaamheid naar vermogen

33

Programmabegroting 2023 - 2026 Externe ontwikkelingen Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) Het abonnementstarief voor de huishoudelijke ondersteuning staat landelijk ter discussie. De invoering van dit tarief heeft een enorme aanzuigende werking. Onderzoek volgt of dit gewijzigd moet worden om de huishoudelijke ondersteuning voor gemeenten betaalbaar te houden. Daarnaast is het mogelijk dat de maaltijd voorziening niet meer algemeen gebruikelijk blijft, met de kans dat gemeenten weer verantwoordelijk worden voor de maaltijd verzorging voor inwoners die daar niet meer zelfstandig toe in staat zijn. De uitstroom van inwoners die beschermd wonen naar beschermd thuis vraag veel tijd en aandacht. Extra voorzieningen zijn nodig wanneer deze groep inwoners zelfstandig gaat wonen. Oplossingen hiervoor worden met name in het voorliggende veld gezocht. Van belang is dat de sociale spankracht van wijken niet onder druk komt te staan. Hierover worden ook met de woningbouwverenigingen gesprekken gevoerd. Datzelfde geldt voor de opvang van statushouders en de komst van de vluchtelingen vanuit Oekraïne. Ook dit zal de komende jaren van onze gemeente inspanning vragen. We zien een toename bij de GGZ zorg. Deze is zorgelijk, mede door de gespannen arbeidsmarkt. Dit heeft al geleid tot een opnamestop voor de GGZ.

Er is van twee kanten grote druk; te veel mensen die een beroep doen op zorg en te weinig mensen om die zorg te leveren. Datzelfde zien we ook bij de aanbieders van huishoudelijke ondersteuning. De gemeente is in overleg met deze organisaties om de zorg voor de toekomst te kunnen garanderen. Alle mogelijke oplossingen, ook “out of the box” worden hier verkend. Door actief in te zetten op verwijzing naar de Wet Langdurige Zorg (WLZ), zien we daar een grote toename van het aantal indicaties. Wanneer de criteria om voor een indicatie in aanmerking te komen worden aangescherpt heeft dit direct gevolgen voor het aantal WMO indicaties en daarmee voor de financiën van onze gemeente. Ook prijsstijgingen van de maatwerk voorzieningen als gevolg van salarisontwikkelingen hebben gevolgen. De gemeente heeft geen invloed op deze factoren, maar moet er wel voor betalen. Steeds vaker komt naar voren dat de tweedeling in onze maatschappij groter toeneemt: kansrijk versus kansarm, welvarend versus armoede, digitaal vaardig versus digitaal onbekwaam. De afgelopen twee coronajaren hebben deze tweedeling vergroot. Zeker voor de jeugd is de vraag of de soms opgelopen achterstanden kunnen worden ingehaald de komende jaren en of dat leidt tot een vraag om extra hulp vanuit de gemeente. Jeugd Hervormingsagenda Jeugd De regionale samenwerking tussen gemeenten is sinds 2015 geïntensiveerd.

Vanwege de omvang van taken zijn gemeenten op zoek gegaan naar meer onderlinge aansluiting en samenwerking op het gebied van inkoop en de transformatie van de zorg. Deels om tegemoet te kunnen komen aan het beperken van de hoeveelheid procedures en administratieve last, maar ook met het oogpunt de financiële last terug te dringen. Ook onze gemeente heeft te kampen gehad met tekorten op de begroting als gevolg van de afname van de Rijksbijdragen. Het Rijk is de gemeenten in 2020, 2021 en 2022 op financieel gebied incidenteel tegemoet gekomen. Dit heeft geleid tot het opstellen van een Hervormingsagenda voor de Jeugdwet. De Hervormingsagenda Jeugd vraagt inzet van de gemeente op transformatie om het jeugdstelsel op den duur beter te laten werken en financieel houdbaar te laten blijven. In de Gelderse Verbeteragenda Jeugdbescherming worden in 2022 bovenregionale afspraken uitgewerkt richting de regio Centraal Gelderland. Toekomstscenario Jeugdbescherming De veiligheid van kinderen staat voorop en is van het grootste belang zeker waar het de kwetsbaren betreft. De afgelopen periode is Gelderland breed gewerkt aan een Gelderse Verbeteragenda Jeugdbescherming, een agenda met afspraken die regionaal worden uitgewerkt.

Er wordt een beweging in gang gezet gericht op integraliteit tussen de betrokken organisaties, om de wachttijden en wachtlijsten te bekorten voor de kwetsbare jeugdigen. De bescherming voor kinderen en gezinnen, en daarmee het stelsel, moet meer gezinsgericht, eenvoudiger en transparanter worden ingericht. Hiervoor is in 2021 een 34

Programmabegroting 2023 - 2026 Toekomstscenario ontwikkeld met als kern de bundeling van kennis en expertise op het gebied van kinden gezinsbescherming door het samengaan van de Raad voor de Kinderbescherming, Gecertificeerde Instellingen en Veilig Thuis in een Regionaal veiligheidsteam. Dit gebeurt in de vorm van Toekomsttuinen. De afspraken versterken de samenwerking rondom kwetsbare kinderen op lokaal niveau. Dit betekent dat voor onze gemeente een nieuwe werkwijze wordt ontwikkeld met het Sociaal Loket en de diverse netwerkpartners in het Veiligheidsdomein. Beweging naar nul uithuisplaatsingen In Nederland worden in vergelijking met landen om ons heen meer kinderen uit huis geplaatst. De rechtbank komt tot een dergelijke beslissing omdat een kind niet veilig kan opgroeien in de thuissituatie en een veiliger plek moet worden gevonden waar meer zorg geboden kan worden. De beweging naar nul uithuisplaatsingen richt zich op het mogelijk maken en faciliteren van een veilige thuissituatie voor een kind zodat het niet elders op moet groeien. Deze beweging vergt ook voor onze gemeente inzet op specialistische ambulante en meer op preventie gerichte zorg die is gericht op het voorkomen van uithuisplaatsing en het bevorderen van doorstroom en uitstroom uit verblijf.

Regionale Samenwerking arbeidsmarkt Beleidsontwikkeling vindt steeds meer plaats vanuit de arbeidsmarktregio Midden Gelderland. Ambtelijk worden beleidsinhoudelijke zaken voorbereid, op management niveau wordt getoetst op uitvoerbaarheid en bestuurlijk worden vervolgens de zaken besloten. Hierna wordt lokaal geïmplementeerd. Goede voorbeelden hiervan zijn onder meer; • • •

het nieuwe contract voor Scalabor tot 2025 de uniforme invoering van beleid en uitvoering op Nieuw Beschut Werk de collectieve handelswijze voor de verstrekking van Loonkostensubsidie, voorsorterend op het Breed Offensief vanuit het ministerie van Sociale Zaken & Werkgelegenheid (SZW).

Bestuurlijk wordt onderzocht of er binnen de Liemers draagvlak is om een onderzoek in te stellen naar eventuele alternatieven voor Scalabor als organisatie waar onze SW-medewerkers werkzaam zijn. Het huidige contract kent een looptijd tot 1 januari 2026. Met betrekking tot dit in te stellen onderzoek is in de raadsvergadering van 4 juli 2022 een motie aangenomen. De samenwerking op dit regionale niveau is aanmerkelijk toegenomen. Een trend daarbij is dat steeds meer geld- en budgetstromen via de arbeidsmarktregio lopen. Aandachtspunt is de monitoring van de budgetten, omdat de verstrekking veelal buiten de reguliere kanalen plaatsvindt. Breed offensief Het breed offensief is een brede agenda om de arbeidsmarktkansen voor mensen met een arbeidsbeperking te vergroten. Doelen van de maatregelen uit het breed offensief zijn: • • • •

het makkelijker maken voor werkgevers om mensen met een arbeidsbeperking aan te nemen; mensen met een arbeidsbeperking voor langere tijd aan het werk krijgen; werk voor mensen met een arbeidsbeperking aantrekkelijker maken (bijvoorbeeld door meer inkomen); zorgen dat werkgevers en werkzoekenden elkaar makkelijker vinden.

Coronagelden Vanuit het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) heeft de gemeente middelen ontvangen voor de schooljaren 2021-2022 en 2022-2023. Deze kunnen worden ingezet ten behoeve van kinderen die als gevolg van corona onderwijsvertragingen hebben opgelopen en problemen hebben op cognitief, executief, sociaal en emotioneel vlak. De middelen zijn vanaf 2022 voornamelijk besteed aan de uitbreiding van het vindplaatsgericht werken, waar de inzet van een jeugdverpleegkundige en het schoolmaatschappelijk werk onderdeel van zijn. Daarnaast zijn de middelen besteed aan de extra inzet van een verzuimcoach, focustrainingen in het onderwijs en huiswerkbegeleiding.

35

Programmabegroting 2023 - 2026 Onderwijsachterstanden 2023-2026 In 2023 start de nieuwe beleidsperiode onderwijsachterstanden, die loopt tot en met 2026. In 2022 worden beleidsvoornemens en initiatieven voor de nieuwe periode ontwikkeld. Prijsstijgingen Vanaf eind 2021 zijn de prijzen van grondstoffen en loonkosten enorm gestegen als gevolg van de hoge prijs van gas en olie maar ook van staal en hout. Daarnaast kampt de grond-, weg- en waterbouw sector met een groot tekort aan personeel. Omdat deze stijging door de aannemers niet voorzien had kunnen worden is het principe van redelijkheid en billijkheid van toepassing op lopende contracten. Een deel van de stijgende kosten moeten daarom met de aannemer worden verrekend. Bij aanbesteding van werken zullen hogere prijzen worden gerekend waardoor budget dat was aangevraagd niet voldoende is. Voor zover stijgingen bekend zijn, hebben we deze opgenomen in deze voorjaarsnota. Indicatoren Tijdens de klankbordbijeenkomsten met de gemeenteraad is periodiek het dashboard sociaal domein besproken. Eerst was deze nog in ontwikkeling en hebben klankbordleden geholpen het dashboard verder vorm te geven. Later is per kwartaal de voortgang in het sociaal domein via het dashboard besproken. Financiële overzichten, aantallen cliënten en prestatie-indicatoren maken onderdeel uit van het dashboard sociaal domein.

De prestatie-indicatoren die door de gemeenteraad bij Samen Sterk zijn vastgesteld zijn in concept uitgewerkt. Ook daar heeft de klankbordgroep een belangrijke rol gespeeld door het format van indicatoren vast te stellen en kaders mee te geven voor de beschrijving van deze indicatoren. De verwachting is dat de indicatoren en de uitwerking hiervan in oktober zullen worden vastgesteld in de klankbordgroep. In de voorjaarsnota van 2023 zullen de indicatoren dan aan de voorjaarsnota worden toegevoegd.

36

Programmabegroting 2023 - 2026

2.4.2 Wat gaan we er voor doen? 2.4.2.1 Transformatie De transformatie; Stevig inzetten op basisvoorzieningen om inwoners de mogelijkheid te geven gezond en veilig te wonen, leven en werken. Het verder ontwikkelen van voorliggende voorzieningen om maatwerk te voorkomen. Inzetten op passende hulp: zwaar als nodig en licht als het kan. Doel

Het verder versterken van basis voorzieningen om inwoners mogelijkheden te bieden voor sport, cultuur en ontmoeten. Het verder ontwikkelen van voorliggende voorzieningen zodat hulpvragen van inwoners sneller, passend en dichtbij worden opgelost. Eind 2023 is er geen toename te zien van het aantal inwoners dat gebruik maakt van de maatwerkvoorziening begeleiding en groepsbegeleiding WMO en de individuele voorziening behandeling en begeleiding vanuit de jeugdwet. In de beweging van zwaar naar licht zien we eind 2023 een afname van het aantal jeugdigen in de zware verblijfsvoorzieningen en de opbouw van andere en lichtere verblijfsvormen in combinatie met ambulante voorzieningen.

Toelichting

Om inwoners te stimuleren om gezond te leven in de breedste zin van het woord zijn goede basisvoorzieningen nodig. Deze basisvoorzieningen zorgen er voor dat iedere inwoner bijvoorbeeld kan sporten. Een sterke basis voorkomt bijvoorbeeld gezondheidsproblemen en hebben in die zin een preventieve werking. Om het niveau van deze voorzieningen hoog te houden is daar blijvend aandacht voor nodig. Veilige en goed georganiseerde faciliteiten zijn hierbij van groot belang. De basisvoorzieningen zijn als het ware voorliggend aan de voorliggende voorzieningen en vormen samen een keten van mogelijkheden voor inwoners die daar behoefte aan hebben. In de afgelopen jaren is er actief en met succes ingezet op de ontwikkeling van voorliggende voorzieningen. Deze zijn vrij toegankelijk zonder beschikking van de gemeente, zoals bijvoorbeeld het jongerenwerk, dagbesteding of het algemeen maatschappelijk werk. We zien bij een toename van het gebruik hiervan een afname van de relatief duurdere maatwerk voorzieningen. In de komende jaren blijft dit aandacht nodig hebben. De ontwikkelingen in de samenleving maken dat de vragen van inwoners aan verandering onderhevig zijn. De gemeente wil hierop blijven inspelen en meebewegen. Ontwikkeling van voorliggende voorzieningen is nooit af.

Door vragen van inwoners vroegtijdig te signaleren en hierop in te spelen, wordt mogelijk voorkomen dat problemen te groot worden. Dit vormt de preventieve werking van deze voorzieningen. Daarnaast wordt de druk op voorliggende voorzieningen steeds groter. De wachtlijsten in de GGZ en in de jeugdzorg, maar ook bijvoorbeeld langer zelfstandig thuis blijven wonen, maakt dat de complexiteit van problemen groter wordt. Mede als gevolg van Corona is er een groep inwoners wiens problematiek sterk verergerd is. Problemen die eerder met een maatwerk of individuele voorziening werden opgelost, worden nu meegenomen naar de welzijnswerkers, jongerenwerkers en jongerencoaches. Ook door beleidswijzigingen verandert de doelgroep. Denk hierbij aan de uitstroom uit Beschermd Wonen, de nieuwe wet inburgering die de gemeente meer verantwoordelijkheid geeft bij de inburgering van statushouders en ouderen en dementerenden die niet meer in een verpleeghuis terecht kunnen.

37

Programmabegroting 2023 - 2026 De gemeente zet in op versterking van de huidige partners, het betrekken van nieuwe partners en het slim organiseren van activiteiten waarbij samenwerking onderling voorop staat. Een voorbeeld hiervan is het organiseren van activiteiten rondom laaggeletterdheid en cursussen digi-vaardigheid waarbij welzijnspartners en de bibliotheek elkaar vinden en versterken, of het participeren van de RSD in het netwerk van Doen!Westervoort. De inzet op het terugdringen van verblijf en de afbouw van de gesloten jeugdzorg, de maatregelen in de Jeugdbescherming als de uitkomst van de Gelderse Verbeteragenda laten een ontwikkeling zien naar andere en nieuwe vormen van jeugdhulp. Het is de wens om zoveel als mogelijk te voorkomen dat jeugdigen uit huis geplaatst worden. Om dat te kunnen bereiken is een versterkt ambulant voorzieningenniveau en het aanbod van vernieuwende voorzieningen noodzakelijk. Dit vergt een voortgaande transformatie van het zorgaanbod en hiermee van het zorglandschap. De gemeente investeert samen met de zorgaanbieders op deze beweging van zwaar naar licht. Risico’s

Wijzigingen in Rijksbeleid zijn een risico. Deze kunnen een toename van hulpvragen veroorzaken. Doelen kunnen soms alleen bereikt worden door investeringen te doen terwijl de opbrengst vooraf niet altijd concreet is vast te stellen. De werkelijke opbrengst van de inzet van voorliggende voorzieningen is niet expliciet in cijfers uit te drukken. De gemeente betrekt zorgaanbieders van verblijf en ambulant in de beweging naar nul uithuisplaatsingen. Dit is een beweging van langere duur die tijd nodig heeft om de resultaten te kunnen boeken. En waarbij het investeren op de relatie maar ook het activeren en aanzetten tot verandering bij zorgaanbieders binnen de regionale samenwerking met de 10 andere gemeenten de nodige tijd en inzet vereist.

Planning

Gestart in 2022 en loopt door in 2023. Daarna wordt opnieuw de balans opgemaakt. Zie hiervoor speerpunt 2.

Financiën

Inmiddels zien we een terugloop van inwoners die gebruik maken van maatwerkvoorzieningen WMO en individuele voorzieningen Jeugdhulp. Omdat de druk op voorliggende voorzieningen sterk toeneemt is voorgesteld om vanuit die budgetten geld over te zetten naar de voorliggende voorzieningen.

Participatie

Bij het vormgeven van de acties in dit speerpunt worden inwoners gevraagd input te leveren op, voor hen, relevante onderwerpen.

38

Programmabegroting 2023 - 2026 2.4.2.2 Samen Sterk 2.A.2

Samen Sterk

Doel

In 2023 start een proces om te komen tot een beleidskader Sociaal domein (de doorontwikkeling van Samen Sterk). Na de evaluatie van Samen Sterk in 2022 start een proces met onze partners om te komen tot een gezamenlijke richting, een gezamenlijk beeld van de opgave en ons toekomstige zorglandschap.

Toelichting

In 2020 is het beleidskader Samen Sterk opgesteld. Vanuit dit kader is middels een programmatische aanpak ingezet op het op orde brengen van een aantal zaken in het sociaal domein en grip op de uitgaven. Hiervoor zijn diverse acties ingezet. Veel van de ingezette acties zijn, of worden, in 2022 afgerond. Het programma wordt in 2022 geëvalueerd en de programmatische aanpak kan daarmee in 2022/2023 worden afgerond. Zoals uit speerpunt 2.1 al blijkt; de transformatie in het Sociaal Domein vraagt blijvend de aandacht. Transformeren is een beweging die nog minstens de komende 10-15 jaar beslaat. De transformatie speelt zich af in een dynamische omgeving, die steeds opnieuw bijstelling, aanpassing en hernieuwde bepaling van richting vraagt. Om deze transformatie goed gericht te houden is het noodzakelijk om met elkaar te bepalen of de ingeslagen richting nog de juiste is of dat deze moet worden bijgesteld. Daarvoor is input van inwoners nodig, partnerschap met de partijen in het voorliggende veld en de zorgaanbieders, maar ook de samenhang met andere gemeentelijke taakvelden zoals sport en woningbouw.

Het is noodzakelijk om een beeld te hebben van onze toekomstige samenleving: • Wat vinden inwoners belangrijk? • Wat kunnen inwoners zelf? • Waar zijn al goede initiatieven? • Waarvoor staat ons maatschappelijk veld aan de lat? • Welke sociale basis is in de toekomst nodig? Antwoorden op deze vragen helpen ons bij het vorm geven van ons toekomstig zorglandschap en waar nodig nieuwe of andere prioriteiten te stellen. Bijvoorbeeld: Het inzetten van een ‘beweging van nul’ (geen kinderen uit huis plaatsen) en ‘beschermd thuis’ stelt de gemeente voor een opgave in de voorzieningen die aanwezig moeten zijn, maar behelst ook een woningvraagstuk. De veranderingen kunnen alleen in partnerschap vormgegeven worden. De richting is nodig om te kunnen sturen en samen door te ontwikkelen. De uitgangspunten uit het huidige kader zullen nog steeds gelden, maar worden met elkaar en onze partners aangescherpt.

Risico’s

Nu nog niet van toepassing

Planning

Start in 2023

Financiën

Niet van toepassing

Participatie

De doorontwikkeling van Samen Sterk vraagt input van inwoners, maatschappelijk partners, zorgaanbieders en collega’s uit diverse andere beleidsterreinen.

39

Programmabegroting 2023 - 2026

2.4.4 Financiële middelen 2021 -27.431 7.903 -19.528 0 -19.528

2022 -27.265 6.168 -21.097 0 -21.097

2023 -26.435 5.903 -20.532 0 -20.532

2024 -25.741 5.547 -20.194 0 -20.194

2025 -25.532 5.547 -19.985 0 -19.985

2026 -25.699 5.547 -20.152 0 -20.152

2021 Lasten 4.1 Openbaar basisonderwijs -156 4.2 Onderwijshuisvesting -450 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken -802 5.1 Sportbeleid en activering -293 5.2 Sportaccommodaties -281 5.3 Cultuurpresentatie, -productie en -participatie -46 5.4 Musea -53 5.5 Cultureel erfgoed -32 5.6 Media -282 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie -1.133 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie -2.164 6.2 Wijkteams -105 6.3 Inkomensregelingen -6.590 6.4 Begeleide participatie -2.918 6.5 Arbeidsparticipatie -1.105 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) -861 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ -3.549 6.72 Maatwerkdienstverlening 18-4.840 6.81 Geëscaleerde zorg 18+ -226 6.82 Geëscaleerde zorg 18-493 7.1 Volksgezondheid -696 Totaal lasten -27.075 Baten 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 320 5.1 Sportbeleid en activering 46 5.2 Sportaccommodaties 43 5.3 Cultuurpresentatie, -productie en -participatie 17 5.6 Media 1 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie 4 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 615 6.3 Inkomensregelingen 5.651 6.4 Begeleide participatie 0 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) 617 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 291 7.1 Volksgezondheid 0 Totaal baten 7.605 Eindtotaal -19.470

2022

2023

2024

2025

2026

-153 -393 -922 -271 -322 -93 -63 -34 -277 -1.077 -1.923 -101 -6.987 -2.724 -1.052 -812 -3.735 -4.925 -235 -518 -648 -27.265

-128 -394 -904 -261 -316 -94 -125 -34 -257 -1.109 -1.886 -101 -6.558 -2.768 -985 -810 -3.331 -4.965 -235 -518 -655 -26.435

-128 -358 -545 -261 -352 -94 -125 -34 -190 -1.124 -1.876 -101 -6.558 -2.641 -1.000 -808 -3.246 -4.933 -235 -518 -615 -25.741

-128 -339 -545 -261 -294 -88 -127 -34 -190 -1.105 -1.876 -101 -6.558 -2.531 -1.000 -808 -3.246 -4.934 -235 -518 -615 -25.532

-128 -334 -537 -261 -294 -88 -127 -34 -189 -1.115 -1.876 -101 -6.558 -2.726 -1.000 -808 -3.246 -4.908 -235 -518 -615 -25.699

360 16 38 2 1 4 97 5.273 0 41 140 10 5.982 -21.283

360 6 37 0 8 4 0 5.273 2 55 153 0 5.896 -20.539

10 6 37 0 8 4 0 5.273 2 55 153 0 5.547 -20.194

10 6 37 0 8 4 0 5.273 2 55 153 0 5.547 -19.985

10 6 37 0 8 4 0 5.273 2 55 153 0 5.547 -20.152

0 186 186 -21.097

0 7 7 -20.532

0 0 0 -20.194

0 0 0 -19.985

0 0 0 -20.152

2

Programma Maatschappij

Lasten Baten Saldo Bijstelling Saldo

Mutaties reserves 0.10 Lasten (toevoegingen) 0.10 Baten (onttrekkingen) Eindtotaal Resultaat programma Maatschappij

-356 298 -58 -19.528

40

Programmabegroting 2023 - 2026 Aanpassing budgetten na de voorjaarsnota 2022 Resultaat voorjaarsnota 2022 4.1 Openbaar onderwijs 4.2 Onderwijshuisvesting 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 5.1 Sportbeleid en activering 5.2 Sportaccommodaties 5.3 Cultuurpresentatie, -productie en -participatie 5.4 Musea 5.5 Cultureel erfgoed 5.6 Media 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.2 Wijkteams 6.3 Inkomensregelingen 6.4 Begeleide participatie 6.5 Arbeidsparticipatie 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 6.72 Maatwerkdienstverlening 186.81 Geëscaleerde zorg 18+ 6.82 Geëscaleerde zorg 187.1 Volksgezondheid 0.10 Mutaties reserves Resultaat meerjarenbegroting 2023-2027

2022 -21.097 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 -21.097

2023 -20.400 0 -2 0 0 2 -3 0 0 8 -11 1 0 0 -1 0 13 -26 -99 0 0 -13 0 -20.532

2024 -20.115 0 -3 0 0 0 -3 0 0 7 11 1 0 0 -1 0 13 -26 -67 0 0 -13 0 -20.194

2025 -19.908 0 -3 0 0 0 -3 0 0 7 13 1 0 0 -1 0 13 -26 -68 0 0 -13 0 -19.985

2026 -20.062 0 -3 0 0 0 -3 0 0 8 2 1 0 0 -1 0 13 -26 -68 0 0 -13 0 -20.152

Een toelichting op taakveld 6.71 en 6.72 Maatwerkdienstverlening 18+/- wordt gegeven in 4.3.2 Verschillenanalyse vanaf bladzijde 106.

41

Programmabegroting 2023 - 2026

2.4.5 Betrokken verbonden partijen

Doel

Taak Beleidsrisico's Onze inzet in 2023

Bedrijfsvoeringsorganisatie Doelgroepenvervoer Regio Arnhem Nijmegen De DRAN heeft tot doel de gezamenlijke sturing en (financiële) beheersing van uitvoeringstaken en uitvoering van ondersteunende processen op het gebied van doelgroepenvervoer en aanvullend vervoer voor de deelnemers. De sturing en (financiële) beheersing van uitvoeringstaken en uitvoering van ondersteunende processen op het gebied van doelgroepenvervoer en aanvullend vervoer worden overgedragen aan de DRAN. De sturing en (financiële) beheersing van uitvoeringstaken en uitvoering van ondersteunende processen op het gebied van doelgroepenvervoer en aanvullend vervoer. Het risico is van financiële aard, als de beoogde efficiencyvoordelen niet worden behaald of als meerdere gemeenten uit deze regio vervoersstromen gaan onttrekken aan deze regeling. Het goed organiseren van passend vervoer voor verschillende doelgroepen.

Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Regio Centraal Gelderland Doel Het vormgeven van regionale samenwerking in het sociale domein in de vorm van drie Programma's: 1. Zorg: op de gebieden Jeugd en Wmo zodat gemeenten effectief, efficiënt en in samenhang de taken waarin zij willen samenwerken kunnen uitvoeren. 2. Onderwijszaken: Het vormgeven van een intergemeentelijke samenwerking op de gebieden volwasseneducatie, leerplicht en RMC (Regionale Meld- en Coördinatiefunctie). 3. Participatie: werkgevers te ondersteunen bij hun personeelsvoorziening, in het bijzonder door vacatures te vervullen met kandidaten uit omschreven doelgroepen. Het (formeel) werkgeverschap zoals dat is gedefinieerd in de regeling vorm te geven voor de ruim 2.000 SW medewerkers die sinds 1 januari 2019 een aanstelling hebben bij de MGR. Taak 1. Het inrichten en uitvoeren van de aanbesteding van regionale zorg. De inkoop en contractering van bovenregionale jeugdzorg. 2. Het zorgdragen voor een adequate uitvoering van de Leerplichtwet en coördinatie volwasseneneducatie. 3. Het plaatsen bij werkgevers van werkzoekenden uit omschreven doelgroepen. Vorm en inhoud geven aan het werkgeverschap voor SW medewerkers. Beleidsrisico's 1. Doordat de organisatie een eigen begroting heeft en eigen besluiten kan nemen, kunnen wij achteraf met de gevolgen van deze besluiten worden geconfronteerd. 2.

Er is een vaste verdeling van kosten op basis van het inwoneraantal per gemeente. 3. Er is een verschil in de verdeelsleutel van de module Werkgeverschap SW, door verschil in uitstroom van SW medewerkers. Dit kan gevolgen hebben voor de bijdrage aan deze module Onze inzet in De intergemeentelijke samenwerking vormgeven op de gebieden Zorg, Onderwijs en 2023 Participatie.

42

Programmabegroting 2023 - 2026

2.4.6 Indicatoren BBV indicator 17 2017 2020 < 15.000 inw Absoluut verzuim 0,5 4,5 2,5 Eenheid: Aantal per 1.000 leerlingen Bron: DUO 2016-2021 Definitie: Het aantal leer- of kwalificatieplichtige jongeren dat absoluut verzuimer is gedurende het schooljaar. Toelichting : Laatst bekende jaar is 2020. Voor < 15.000 inwoners 2017. BBV indicator 18 2020 2021 Relatief verzuim 33 34 Eenheid: Aantal per 1.000 leerlingen Bron: DUO 2017-2021 Definitie: Het relatieve aantal leer- of kwalificatieplichtige jongeren zonder vrijstelling dat langer dan 4 opeenvolgende weken niet ingeschreven was op school. Toelichting : 2021 staat voor schooljaar 2020/2021.

< 15.000 inw

BBV indicator 19 2020 2021 Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie 2,10% 2,50% Eenheid: % deelnemers aan het VO en MBO onderwijs Bron: DUO/Ingrado 2017-2021 Definitie: VSVérs zijn jongeren van 12 tot 23 jaar die zonder startkwalificatie het onderwijs verlaten. Toelichting : 2021 staat voor schooljaar 2020/2021.

< 15.000 inw

BBV indicator 20 2016 Niet-sporters 48,40% Eenheid: % Bron: Gezondheidsmonitor volwassenen (GGD, CBS, RIVM) 2016-2020 Definitie: Bevolking van 19 jaar en ouder dat niet minstens één keer per week aan sport doet. Toelichting : Deze indicator wordt elke 4 jaar opgesteld.

< 15.000 inw

2020 50,40%

6

1,70%

51,40%

BBV indicator 21 2020 2021 < 15.000 inw Banen 310,4 302,2 472,3 Eenheid: Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 t/m 64 jaar Bron: LISA 2017-2021 Definitie: Onder een baan wordt een vervulde positie verstaan. Dit betreffen zowel fulltimers, parttimers als uitzendkrachten. BBV indicator 22 2019 2020 Jongeren met een delict voor de rechter 1,00% 1,00% Eenheid: % 12 tot en met 21 jarigen Bron: Verwey Jonker Instituut - Kinderen in Tel 2016-2020 Definitie: Het percentage jongeren (12 t/m 21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen. Toelichting : Laatst bekende jaar is 2020.

< 15.000 inw

1,00%

43

Programmabegroting 2023 - 2026 BBV indicator 23 2020 < 15.000 inw Kinderen in uitkeringsgezin 9,00% 3,00% Eenheid: % kinderen tot 18 jaar Bron: CBS Jeugd Verwey Jonker Instituut - Kinderen in Tel 2020 Definitie: Percentage kinderen tot 18 jaar die in een gezin leven dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. BBV indicator 24 2020 2021 < 15.000 inw Netto arbeidsparticipatie 69,60% 69,00% 69,70% Eenheid: % van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking Bron: CBS Arbeidsdeelname 2017-2021 Definitie: Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking. BBV indicator 26 Werkloze jongeren Eenheid: % 16 t/m 22 jarigen Bron: CBS Jeugd Verwey Jonker Instituut - Kinderen in Tel 2016-2020 Definitie: Personen van 16 t/m 22 jaar die als werkzoekende staan ingeschreven.

2019 2,00%

2020 < 15.000 inw 2,00% 1,00%

BBV indicator 27 2021 < 15.000 inw Personen met een bijstandsuitkering 399,2 148,0 Eenheid: Aantal per 10.000 inwoners Bron: CBS Participatiewet 2021 Definitie: Het aantal personen met een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand en de Participatiewet. BBV indicator 28 Lopende re-integratievoorzieningen Eenheid: Aantal per 10.000 inwoners van 15 - 64 jaar Bron: CBS Participatiewet 2016-2020 Definitie: Het aantal reintegratievoorzieningen.

2019 285,0

2020 < 15.000 inw 308,4 90,2

BBV indicator 29 2021 Jongeren met jeugdhulp 17,00% Eenheid: % van alle jongeren tot 18 jaar Bron: CBS Jeugd 2021 Definitie: Hulp en zorg zoals deze bedoeld en beschreven is in de Jeugdwet (2014), en in natura door de zorgaanbieder is geleverd.

< 15.000 inw

6,70%

BBV indicator 30 2021 < 15.000 inw Jongeren met jeugdbescherming 1,80% 0,80% Eenheid: % van alle jongeren tot 18 jaar Bron: CBS Jeugd 2021 Definitie: Jeugdbescherming is een maatregel die de rechter dwingend oplegt. Dat gebeurt als een gezonde en veilige ontwikkeling van een kind of jeugdige wordt bedreigd en vrijwillige hulp niet of niet voldoende helpt.

44

Programmabegroting 2023 - 2026 BBV indicator 31 2021 < 15.000 inw Jongeren met jeugdreclassering Eenheid: % van alle jongeren van 12 tot 23 jaar Bron: CBS Jeugd 2021 Definitie: Jeugdreclassering is een combinatie van begeleiding en controle voor jongeren vanaf 12 jaar, die voor hun 18e verjaardag met de politie of leerplichtambtenaar in aanraking zijn ngeweest. Toelichting : Geen data van Westervoort en andere gemeenten.

BBV indicator 32 2020 < 15.000 inw Cliënten met een maatwerkarrangement WMO 633 650 Eenheid: Aantal per 10.000 inwoners Bron: CBS - Monitor Sociaal Domein 2016-2020 Definitie: Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Toelichting : Laatst bekende jaar is 2020.

45

Programmabegroting 2023 - 2026

2.5 PROGRAMMA 3 – OMGEVING

Inleiding Het programma Omgeving bestaat uit diverse deelprogramma’s (zie 2.5.4). WAT WILLEN WE BEREIKEN? Programmadoel In Westervoort is het goed leven, wonen en werken. De gemeente werkt aan een aantrekkelijke werk-, woon- en leefomgeving die toekomstgericht en duurzaam is. Er is ruimte voor gerichte ontwikkeling, initiatief en innovatie.

WAT MAG HET KOSTEN? Programma Omgeving Lasten Baten A. Saldo exploitatie Toevoeging reserves Onttrekking reserves B. Mutaties reserves Geraamd resultaat (A+B) Bijstelling Geraamd resultaat

2021 -5.845 4.203 -1.642 -6 708 702 -940

2022 -5.756 3.661 -2.095 0 73 73 -2.022

2023 -6.015 3.651 -2.364 0 73 73 -2.292

2024 -6.066 3.747 -2.319 0 73 73 -2.246

2025 -6.134 3.848 -2.286 0 2 2 -2.284

2026 -6.230 3.939 -2.291 0 0 0 -2.291

-940

-2.022

-2.292

-2.246

-2.284

-2.291

Toelichting Hierna wordt een toelichting gegeven op de 3W-vragen naar doel en hoofddoelen, speerpunten, verbonden partijen en financiële middelen per deelprogramma. Daar waar mogelijk worden indicatoren gebruikt.

46

Programmabegroting 2023 - 2026

2.5.1 Wat willen we bereiken? Programmadoel In Westervoort is het goed leven, wonen en werken. De gemeente werkt aan een aantrekkelijke werk-, woon- en leefomgeving die toekomstgericht en duurzaam is. Er is ruimte voor gerichte ontwikkeling, initiatief en innovatie. Toelichting De gemeente wil de bestaande economische structuur behouden en versterken op zowel de bedrijventerreinen als in de winkelgebieden. Het behoud en uitbreiding van de lokale en regionale werkgelegenheid en het voorzieningenniveau is belangrijk. Voor een goed ondernemings-en vestigingsklimaat zijn duurzaamheid en bereikbaarheid van Westervoort belangrijke randvoorwaarden. Een aantrekkelijke en duurzame leefomgeving in onze gemeente is belangrijk. Hierbij gaat het in de basis om schoon, heel, veilig en gezond. De nadruk ligt op behoud en verbetering van de bestaande kwaliteit van de leefomgeving en het daarbij passende voorzieningenniveau, het benutten van bestaande (natuur-)waarden en een (aanvullend) woonaanbod dat is gericht op maatschappelijke ontwikkelingen en behoefte. De gemeente stimuleert en faciliteert en is hiervoor uitnodigend naar bewoners, ondernemers en bedrijven, bezoekers en andere partners in vele samenwerkingsverbanden binnen en buiten Westervoort. Daarbij heeft de gemeente een verbindende rol en is zich bewust van bestaande waarden, kwaliteiten en potenties van Westervoort.

Hoofddoelen Daarom wordt ingezet op: A. Het waarborgen van een aantrekkelijke en duurzame fysieke leefomgeving. B. Het versterken van goed ondernemers- en vestigingsklimaat voor bedrijven. C. Het implementeren van nieuwe wetgeving die op ons afkomt. Externe ontwikkelingen Verdere economische groei Nog voordat de coronacrisis uitbrak was ook in Westervoort de voorspoedige economische ontwikkeling merkbaar. Het werkloosheidspercentage is gedaald tot 2,9 %. Op de bedrijventerreinen en ook die van onze naaste buurgemeente Duiven is weer volop nieuwe bedrijvigheid zichtbaar. Het bevestigt het belang van de Liemerse economie voor de regio Arnhem Nijmegen. Verwacht mag worden dat door de geplande verbreding van de A12, de verlenging van de A15 en de in gang gezette energietransitie de economische positie van de Liemers nog kan verbeteren. Dat biedt ook perspectief voor verdere uitvoering van het gemeentelijk economisch kader voor het centrumgebied en omgeving, en de verdere ontwikkeling van het Ambacht. Ook Westervoort participeert in de uitvoering van de recent vastgestelde Liemerse Economische Visie en de oprichting van de Liemerse Ambassade.

47

Programmabegroting 2023 - 2026 Richting circulaire economie en duurzaamheid Duurzaamheid In 2018 is een start gemaakt met het gemeentelijke programma Duurzaamheid. Het programma duurzaamheid bestaat uit drie programmalijnen: Energietransitie, Klimaatadaptatie en Circulariteit (grondstoffentransitie). Voor de programmalijn Energietransitie is de ambitie inmiddels vastgelegd in het Klimaatakkoord en de, inmiddels in werking getreden, Klimaatwet: 49% CO2 reductie in 2030-, 95% CO2 reductie in 2050 ten opzichte van 1990 en een CO2 neutrale elektriciteitsvoorziening in 2050. Met de inwerkingtreding van de Klimaatwet zijn lokale ambities verworden tot wettelijke taken. Inmiddels is het onderzoek door de Raad voor Openbaar Bestuur (ROB) ‘Uitvoeringskosten van het Klimaatakkoord voor decentrale overheden in 2022 – 2030’ afgerond en is het advies van het ROB ‘Van Parijs naar Praktijk, bekostiging en besturing van de decentrale uitvoering van het klimaatakkoord’ bekend. Het ROB concludeert dat er 28 nieuwe of (sterk) geïntensiveerde taken voor gemeenten zijn in het kader van de energietransitie. Kleine gemeenten hebben voor de invulling van hun rol 8-9 (extra) fte nodig. Daarnaast zijn er substantiële materiele kosten vooral voor technisch onderzoek. Het ROB adviseert het Rijk om gemeenten hier structureel voor te compenseren.

Later dit jaar volgt er inzicht in de wijze waarop en de mate waarin dit plaats zal vinden. De programmalijn Klimaatadaptatie bestaat uit de grote opgave om de kwetsbaarheid als gevolg van klimaatverandering te verminderen met als doelstelling: Klimaatbestendig en water robuust in 2050. Deze plicht is vastgelegd in het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie. Voor de thema’s verdroging, wateroverlast, waterveiligheid en hittestress zijn de stappen uit het Deltaplan doorlopen. Met vaststelling van het Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie ligt de aanpak voor de jaren 2023 tot 2027 vast. In combinatie met het Uitvoeringsprogramma is de Westervoortse oplegger vastgesteld waarin versnellingsmaatregelen staan om echt werk te gaan maken van klimaatadaptatie in de komende jaren. De programmalijn Circulariteit ziet toe op de grondstoffentransitie en reststromenverwaarding waarbij grondstoffen efficiënt moeten worden ingezet en hergebruikt, zonder schadelijke emissies naar het milieu. De inmiddels vastgestelde doelstelling van deze programmalijn is: volledig circulair in 2050. Willen we in Nederland de beoogde CO2 reductie halen dan kan dat alleen bereikt worden als ook de grondstoffentransitie gerealiseerd wordt. De ambities voor alle drie programmalijnen kunnen alleen gerealiseerd worden met grote inzet en betrokkenheid van inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties.

Om hen actief te betrekken is communicatie & participatie in het ‘hart’ van het programma geplaatst. Hiertoe is een Communicatiestrategie, het beeldmerk en platform ’Samen1Nergie’ en een Participatie strategie ontwikkeld. Naast de ‘reguliere’ participatie in deelprojecten en het organiseren van collectieve inkoopacties ondersteunt de energiecoöperatie ‘Energie De Liemers’ bij de oprichting. Ook is samen met ondernemersverenigingen een gedragen gebiedsgerichte aanpak voor bedrijven(terreinen) ontwikkeld. De klankbordgroep wordt bij de voorbereiding van nieuw beleid betrokken. De opgaven hebben een bovenlokaal karakter. Daarom werkt de gemeente samen met de Liemerse gemeenten, Waterschap Rijn en IJssel, Liander, de provincie Gelderland en de gemeenten in de regio Arnhem-Nijmegen. Onze Groene Metropool Regio (regio Arnhem-Nijmegen) profileert zich als circulaire regio. De samenwerking met andere gemeenten uit de regio Arnhem Nijmegen en de provincie Gelderland in de Regionale Energiestrategie (RES) en de Regionale Strategie Warmte (RSW) is niet vrijblijvend en vraagt veel inzet om de gemeentelijke positie goed te borgen. De opgaven kenmerken zich door een grote mate van integraliteit. In bijvoorbeeld de Woondeal komen circulaire ontwerpen en materiaalgebruik als belangrijke voorwaarde terug.

48

Programmabegroting 2023 - 2026 De woningmarkt Tot 2040 zijn in Nederland grote demografische veranderingen voorzien. Zoals de blijvende groei van het aantal huishoudens, de verdergaande vergrijzing waardoor het aandeel ouderen in de totale bevolking toeneemt en een blijvende immigratie. Het aantal huishoudens blijft door de gezinsverdunning (toename van het aantal kleinere 1- en tweepersoonshuishoudens) groeien. Zo zijn er tot 2030 zo’n 1 miljoen extra woningen nodig in Nederland. Ook in de regio Arnhem-Nijmegen, in de Liemers en in Westervoort blijft het aantal huishoudens groeien en zijn er veel extra woningen nodig. Voor de Liemers is in het regionale woningmarktonderzoek de groei van de woningbehoefte berekend op 4.850 woningen. Dat is een groei van de woningvoorraad met 8,4%. Ter vergelijking de berekende groei van de woningvoorraad van Arnhem tot 2040 is 12,5%. De verwachting op basis van het regionale woningmarktonderzoek 2019 is dat ook in Westervoort het aantal huishoudens en daarmee de woningbehoefte zullen blijven groeien. Om aan het Westervoortse aandeel in de groei van de Liemerse woningbehoefte te kunnen voldoen en om het woningtekort te kunnen inlopen is de verwachting dat ook voor Westervoort sprake zal zijn van een groei van 8,4% van de woningvoorraad. Dat betekent dat er tot 2040 voor bijna 750 woningen plannen moeten komen.

Het gaat bij de plannen om zowel inbreidings- als uitbreidingslocaties. Het streven is die woningen toe te voegen die leiden tot een meer evenwichtige woningvoorraad en een bijhorende meer evenwichtige samenstelling van de bevolking. Nieuwe ontwikkelingen 'Naar een nieuwe Omgevingswet' Recentelijk heeft de minister wederom aan de kamer laten weten dat de invoeringsdatum van 1-7-2022 zal worden verschoven naar 1-1-2023. In de eerste kamer vindt op zijn vroegst in oktober nog een debat plaatsvinden over de haalbaarheid van deze datum. De belangrijkste reden hiervoor is de zorg omtrent de kwaliteit van de landelijke ICT-ontwikkeling (DSO). DSO staat voor Digitaal Stelsel Omgevingswet. Gelijktijdig met de invoering van de Omgevingswet wordt ook de Wet kwaliteitsborging (Wkb) ingevoerd. Deze wet heeft ook invloed op de vergunningverlening, toezicht en handhaving. Het doel van de Omgevingswet is om de wetgeving inzichtelijker te maken, om samenhangende benadering van beleid en regelgeving mogelijk te maken, de besluitvorming te versnellen en dat er ruimte ontstaat voor bestuurlijke afweging. Voor deze complexe implementatie is een programmaplan opgesteld. Hierbij wordt de routemap van de VNG gevolgd.

Het programmaplan bestaat uit een aantal verschillende onderdelen, te weten: bestuurlijk/beleidsmatig, systeemniveau (DSO) en de randvoorwaarden die belangrijk zijn voor de uitvoering van het werk. Vermindering legesinkomsten vanwege invoering Wet kwaliteitsborging In verband met de onzekerheid van de invoeringsdatum van de Omgevingswet zal ook de Wet Kwaliteitsborging mogelijk later ingevoerd worden. Dit betekent dat er in ieder geval tot 2023 nog geen sprake is van derving leges inkomsten vanwege deze wet, maar mogelijk ook nog een bepaalde periode in 2023. Er wordt gewerkt aan een nieuwe legesverordening omgevingsvergunning waarin de financiële gevolgen van de Wkb verdisconteerd wordt. Hiermee kan de impact van de inwerkingtreding van deze wet geminimaliseerd worden. Ontwikkelingen in het beheer van de openbare ruimte De openbare ruimte staat onder druk. Met bestaande middelen is het niet mogelijk al het beheer en onderhoud in de openbare ruimte uit te voeren conform vastgestelde beheerniveaus. Daarover is de gemeenteraad op 7 december 2020 geïnformeerd op basis van het rapport “Basis in Beeld”. De gemeenteraad heeft toen de opdracht meegegeven om binnen het totale budget dat nu beschikbaar is voor het onderhoud van de openbare ruimte oplossingen te vinden. Deze oplossing wordt nu gevonden in het verlagen van alle onderhoudsniveaus naar C-niveau.

De besparing die dat oplevert dekt de tekorten binnen het reguliere onderhoud. Daarnaast is uit de weginspectie van 2021 gebleken dat de kwaliteit van de verhardingen hard achteruit gaat. Tijdens deze inspectie is geconstateerd dat 131.693 m2 verhardingen, schades hebben die onder het minimale C-niveau liggen. De totale kosten voor herstel zijn berekend op € 2.216.102. Achterstallig onderhoud zorgt voor functieverlies, kapitaalvernietiging, juridische aansprakelijkheid en sociale 49

Programmabegroting 2023 - 2026 onveiligheid en moet zo snel mogelijk worden opgelost. Over de financiële vertaling meer onder paragraaf 3.3 Onderhoud Kapitaalgoederen. Prijsstijgingen Vanaf eind 2021 zijn de prijzen van grondstoffen en loonkosten enorm gestegen. Deze stijgingen komen doordat de prijs van gas en olie hoog zijn maar ook van staal en hout. Daarnaast kampt de grond-, weg- en waterbouw sector met een groot tekort aan personeel. Omdat deze stijging door de aannemers niet voorzien had kunnen worden is het principe van Redelijkheid en Billijkheid van toepassing op lopende contracten. Een deel van de stijgende kosten moeten daarom met de aannemer worden verrekend. Bij aanbesteding van werken zullen hogere prijzen worden gerekend waardoor budget dat was aangevraagd niet voldoende is.

50

Programmabegroting 2023 - 2026

2.5.2 Wat gaan we er voor doen? Dit zijn de speerpunten: A. Het waarborgen van een aantrekkelijke en duurzame fysieke leefomgeving. 2.5.2.A.1 Uitvoeren woonvisie Doel

De omvang en kwaliteit van de woningvoorraad in Westervoort sluiten aan bij de hedendaagse behoefte en initiatieven en ontwikkelingen vanuit de samenleving. Dit draagt bij aan het behouden van een aantrekkelijke en duurzame leef- en woonomgeving.

Toelichting

Een actievere en proactieve houding vanuit het gemeentelijke woonbeleid heeft met de Woonvisie 2021 vorm gekregen. De Woonvisie is het nieuwe vertrekpunt voor de proactievere gemeentelijke rol en prioriteit op het beleidsterrein Wonen die nodig is voor noodzakelijke woningbouw versnelling waarvoor onder meer Westervoort-Noord als woningbouwlocatie in beeld is vanwege het acute tekort aan woningen. Maar ook vanwege het langer zelfstandig thuis wonen, de verduurzaming van de bestaande woningvoorraad, de toenemende regionale samenwerking en taken, een actievere rol richting woningbouwcorporaties en een aantal urgente vragen binnen het taakveld wonen. Onvoldoende kunnen inzetten op monitoring en continuering van gemaakte afspraken en inzet op beleid, en of initiatieven. Het beleid of de initiatieven zijn daardoor onvoldoende effectief of de realisatie van de woningbouwversnelling en de woonagenda die daardoor in de tijd op schuiven.

Risico’s

Planning

Uitvoering geven aan de Woonvisie 2021 en Woonagenda (uitvoeringsagenda) gecombineerd met de Liemerse Woonagenda en Woondeal zijn meerjarige processen en vragen de komende jaren om blijvend om grote inzet.

Financiën

Voor de uitvoering van dit speerpunt zijn gelet op de ambities uit de nieuwe Woonvisie, de Liemerse Woonagenda en de Woondeal meerjarig extra middelen aan extern advies-, onderzoek, ondersteuning of facilitering van initiatieven nodig ter inschatting ter hoogte van € 15.000 per jaar. Voor de woningbouwversnelling zijn de bestaande (extra) middelen vanuit de huidige ambtelijke formatie, grondexploitaties en de te sluiten anterieure overeenkomsten vooralsnog afdoende dekking.

Participatie

Participatie en de mate waarin wordt naar gelang het onderwerp, de situatie en de ontwikkeling ingezet.

51

Programmabegroting 2023 - 2026 2.5.2.A.2 Mee-uitvoeren Wijkontwikkelingsplan Mooi Mosterdhof 2019-2030 Doel

Het waarborgen van een aantrekkelijke en duurzame fysieke leefomgeving. Het realiseren van een toekomstbestendige woonwijk. Hierbij gaat het in de basis om schoon, heel, veilig en gezond.

Toelichting

De wijk Mosterdhof heeft sinds het Coalitieakkoord Westervoort 2018-2022 nadrukkelijk onze aandacht. Om deze reden is de Mosterdhof sinds 2018 een jaarlijks terugkerend speerpunt in de Voorjaarsnota en Programmabegrotingen. De Mosterdhof heeft meegedaan aan de ontwerpprijsvraag Panorama Lokaal en heeft landelijke belangstelling. De wijk heeft sinds november 2021 ook de formele status van Wijk van de Toekomst binnen het gelijknamig provinciale programma. Zaken als klimaatadaptatie, biodiversiteit en leefbaarheid maken onderdeel uit van de integrale wijkaanpak.

Risico’s

•

•

De mogelijke afname betrokkenheid en/of draagvlak binnen de wijk als geheel en de overdekte straatjes en hofjes individueel voor het vervolgproces (eensgezindheid over oplossingen en maatregelen). Onvoldoende (financiële) kaderstelling door de gemeente in het vervolgproces.

Planning

Rondom het uitvoeringsprogramma Mooi Mosterdhof (8 april 2021) is eind 2023 als opleverdatum van de nieuwe openbare ruimte genoemd. De realisatie is eind 2022 gestart na de meervoudig onderhandse aanbesteding.

Financiën

Bij de vaststelling van het herstelplan Westervoort (23 maart 2021) heeft de gemeenteraad de wijkontwikkeling unaniem gesteund. Zodoende is een gemeentelijk budget van circa € 1.815.000 in het uitvoeringsprogramma van de wijkcoalitie opgenomen. Uiteraard wordt er geprobeerd om meer additionele financiering (subsidies) te vinden zodat richting de originele ambities gekoerst kan worden. Er vinden gesprekken plaats met onder andere de provincie. Ook binnen de eigen gemeentelijke budgetten worden kansen gezien, het watertakenplan in het bijzonder.

Participatie

Het participatieniveau blijft ‘samen handelen’. Dit betekent dat in de voorbereiding en uitvoering van de plannen samen en gelijkwaardig opgetrokken wordt met de wijkbewoners en de Vereniging van de Wijk Mooi Mosterdhof in het bijzonder.

52

Programmabegroting 2023 - 2026 2.5.2.A.3 Westervoort Noord Doel

Onderzoek om te komen tot integrale ontwikkeling van Westervoort Noord inclusief de realisatie van woningbouw

Toelichting

Binnen Westervoort Noord komen een aantal gebiedsontwikkelingen bij elkaar; de mogelijkheid voor de gemeente om woningbouw te realiseren, ontwikkeling van het Rivierklimaatpark, de mogelijke verplaatsing van Struyk Verwoo, verplaatsing en / of samenvoeging van de sportvelden. De integrale ontwikkeling van Westervoort Noord biedt vele kansen op het terrein van sport, wonen en natuur. Gelet op de diverse aspecten die op Westervoort Noord samen komen zijn verschillende gesprekken, verkenningen en onderzoek nodig alvorens voor de diverse besluitvormingsmomenten en planvorming richting de betrokken partners en de gemeenteraad te kunnen gaan. De kans tot gebiedsontwikkeling van Westervoort Noord is complex en kent vele externe afhankelijkheden waar de gemeente geen of in beperkte mate invloed op uit kan oefenen. De grootste afhankelijkheid op dit moment is het kunnen realiseren van de verplaatsing van Struyk Verwoo. Een ander risico is de beschikbare capaciteit om tempo te behouden in het onderzoek en tot een definitieve go / no go voor dit gebied te kunnen komen. Om voortgang te borgen wordt extern ingehuurd. Onzekerheid in kostenontwikkeling en definitieve doorgang van het project / de ontwikkeling is eveneens een risico, hetgeen echter altijd onderdeel uitmaakt van gebiedsontwikkeling.

Risico’s

Planning

Financiën

In de 2e helft van 2022 heeft er besluitvorming plaatsgevonden door de gemeenteraad ten aanzien van een go / no go op de gebiedsontwikkeling. Op basis van een go wordt een planning voor 2023 en verder opgesteld en de daarbij behorende financiële paragraaf. Middels een kennisgeving aan de gemeenteraad is in 2022 geïnformeerd over de haalbaarheidsstudie Westervoort-Noord. Eind 2022 / begin 2023 rapporteert het college de gemeenteraad over de (financiële) haalbaarheid van de plannen voor Westervoort Noord. En volgt een plan van Aanpak Westervoort Noord met de resultaten van de haalbaarheidsanalyse. Er van uitgaand dat er een vervolg komt is een aanvullend voorbereidingskrediet nodig voor de planvorming Westervoort Noord. Een voorbereidingskrediet van € 150.000 voor de uitwerking van de plannen voor Westervoort Noord inclusief ambtelijke inzet is daarvoor noodzakelijk. Deze voorbereidingskosten worden in de uitvoeringsfase ten laste van de grondexploitatie Westervoort Noord gebracht en worden daarmee kostenneutraal. Verder is op 12 oktober 2020 de Intergemeentelijke structuurvisie Rivierklimaatpark IJsselpoort vastgesteld, inclusief bijbehorende MER.

Met het vaststellen is tevens ingestemd om een bedrag van € 580.000 te reserveren in de begroting 2023 voor de recreatieve maatregelen in het Rivierklimaatpark en hieraan de voorwaarde te verbinden dat, indien blijkt dat het bedrag niet ter beschikking kan worden gesteld voor het einde van 2023, deze recreatieve maatregelen komen te vervallen. Daarnaast is besloten om een bedrag van € 1.000.000 beschikbaar te stellen voor het uitplaatsen van Struyk Verwoo. Besloten is om deze € 1.580.000 te dekken uit de opbrengsten van grondexploitatie Westervoort-Noord. In de gemeentelijke bijdrage aan de uitplaatsing van Struyk Verwoo is voorzien door een provinciale subsidie met terugbetaalverplichting, waardoor de gemeente eerst de grondexploitatie van Westervoort Noord kan uitvoeren. Daarmee hoeft deze bijdrage niet te drukken op de gemeentelijke reserve.

53

Programmabegroting 2023 - 2026 Participatie

Met alle betrokken partijen is de gemeente in gesprek. De sportclubs zijn betrokken bij de ontwikkelingen, er wordt gesproken met de betreffende ontwikkelaars in het gebied en er is met de provincie contact over de vorderingen omtrent de gebiedsontwikkeling. Afhankelijk van de uitkomsten van het onderzoek en een mogelijk vervolgtraject (haalbaarheidsstudie) zullen een communicatie – en participatieplan opgesteld worden om inwoners er bij te betrekken.

2.5.2.A.4 Haalbaarheidsverplaatsing sportclubs Westervoort Op 14 juni 2021 heeft de gemeenteraad opdracht gegeven voor een verdere studie naar de haalbaarheid van de gebiedsontwikkeling Westervoort Noord. Enerzijds de verplaatsing van de sportclubs naar een nieuw sportcomplex en anderszins de ontwikkeling van woningbouw op de hierdoor vrijkomende locaties. Inmiddels zijn hiertoe gesprekken opgestart met de vier buitensport verenigingen (SCW, AVW’66, TVW en KV Wesstar). Met de verenigingen worden 2 scenario’s uitgewerkt: 1. alle verenigingen naar een nieuw sportcomplex, 2. de voetbalverenigingen en korfbal naar een nieuw complex en tennis blijft waar het nu zit. Als eerste stap in dit proces heeft de gemeente met de verenigingen een bezoek gebracht aan een drietal complexen in de omgeving om te horen hoe de samenwerking tussen clubs daar is vormgegeven en hoe dat wordt ervaren. Op korte termijn volgt stap 2 het opstellen van een programma van eisen voor het nieuwe complex en vandaaruit een schetsontwerp. B. Het versterken van een goed ondernemers- en vestigingsklimaat voor bedrijven. 2.5.2.B.1 Een circulaire economie dichterbij brengen Doel

Doelstellingen per programmalijn zijn: • Energietransitie: 95% CO2 reductie in 2050 ten opzichte van 1990 en een CO2 neutrale elektriciteitsvoorziening in 2050. • Klimaatadaptatie: Klimaatbestendig en water robuust in 2050. • Circulariteit: 100% circulair in 2050

Toelichting

Het programma circulaire economie bestaat uit drie samenhangende programmalijnen: Energietransitie, Klimaatadaptatie en Circulariteit (grondstoffentransitie). Dwars door deze programmalijnen heen ontwikkelen we een integrale aanpak voor bedrijven(terreinen).

Risico’s

Ondanks gemeentelijke participatie is een risico dat samenwerking tussen inwoners, bedrijven, onderwijs en overheid onvoldoende van de grond komt en er onvoldoende stappen gezet worden richting de programmadoelstellingen. Voor het behoud en versterking van draagvlak voor maatregelen en acties is consistente communicatie van belang. Zo hebben we de afgelopen jaren gezien dat met name landelijke ontwikkelingen enorme impact hebben op draagvlak en de afkalving hiervan. Een aanvullend risico is dat er financiële druk ontstaat door het uitblijven van structurele middelen van het Rijk aan gemeenten en daardoor, onvoldoende continuïteit hebben op gemaakte afspraken, inzet op beleid, initiatieven en/of allianties, waardoor kansen of allianties verloren gaan.

54

Programmabegroting 2023 - 2026 Planning

De planning is meerjarig. Het speerpunt blijft de komende jaren in toenemende mate, stevige aandacht vragen. Wettelijke doelstellingen, ambitiedocumenten en onderliggende programmeringen moeten meer concrete activiteiten geven voor de komende 4 jaar en een programmering op hoofdlijnen richting 2050. Aandachtspunt hierbij is dat externe ontwikkelingen regelmatig leiden tot bijsturing van planningen. Dit vereist flexibiliteit in de programmering.

Financiën

Voor de uitvoering van de programmalijn Energietransitie heeft de raad in totaal en structureel ca € 83.000 procesgeld beschikbaar gesteld (excl. Bedrijfsvoeringskosten). Gelet op de resultaten van het onderzoek van de Raad voor Openbaar Bestuur en de ervaringen die zijn opgedaan is de verwachting dat dit niet voldoende zal zijn om de doelstellingen te behalen. Een structurele bijdrage vanuit het Rijk is dan ook absoluut noodzakelijk. Voor de uitvoering van de programmalijn Circulariteit wordt voor de komende drie jaar (2023,2024 en 2025) een budget gevraagd van € 38.850 op jaarbasis (37% aandeel Westervoort). In december 2021 is in de routekaart circulariteit de ambitie opgenomen om in 2030 50% circulair te zijn en in 2050 100% circulair. Om deze ambitie te realiseren is een uitvoeringsprogramma opgezet voor de komende 3 jaar. Hierin worden acties benoemd die bijdragen aan het behalen van de doelstellingen op 3 thema’s: • • •

het goede voorbeeld geven circulair consumeren circulair ondernemen

Voor de uitvoering van de programmalijn Klimaatadaptatie is bij de behandeling van het Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie in de zomer 2022 ingestemd door de raad met het beschikbaar stellen van gelden voor uitvoering van dit plan. De kosten voor maatregelen ten behoeve van wateroverlast en droogte worden bekostigd uit het Watertakenplan. De maatregelen voor hittestress mogen niet uit het Watertakenplan worden bekostigd en zijn daarom beschikbaar gesteld bij de behandeling in de Voorjaarsnota. De kosten voor maatregelen hittestress uit het Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie voor scenario B bedragen in 2023: € 29.356. Naast de maatregelen uit het Uitvoeringsprogramma zijn er in Westervoort meer ambities. Deze zijn opgenomen in de “Westervoortse Oplegger” die is bijgevoegd bij het Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie. Ook hier worden de kosten voor maatregelen ten behoeve van wateroverlast en droogte bekostigt uit het Watertakenplan. De maatregelen voor hittestress mogen niet uit het Watertakenplan worden bekostigd. Deze zijn ook beschikbaar gesteld in de Voorjaarsnota. De kosten voor maatregelen hittestress in de “Westervoortse Oplegger” bedragen bovenop de kosten scenario B uit het Uitvoeringsprogramma in 2023: € 12.500. Participatie

We kunnen de ambities voor alle de drie programmalijnen alleen realiseren met grote inzet en betrokkenheid van inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Om hen actief te betrekken is communicatie & participatie in het ‘hart’ van het programma geplaatst. Hiertoe is een Communicatiestrategie, het beeldmerk en platform ’Samen1Nergie’ en een Participatie strategie ontwikkeld. Daarnaast werken we met ondernemersverenigingen samen om te komen tot een gedragen aanpak richting bedrijven(terreinen),bereiden we samen met de klankbordgroep en juniorklankbordgroep nieuw beleid voor en halen we nieuwe ideeën op en hebben we een stap gezet richting verenigingen en maatschappelijke organisaties.

55

Programmabegroting 2023 - 2026 2.5.2.B.2 Revitalisering winkelgebied Westervoort Doel

Toelichting

Risico’s

Planning

Financiën

Participatie

Revitaliseren van het winkelgebied door met alle betrokken partners en belanghebbenden te komen tot een gedeeld plan waarmee leegstand aangepakt wordt en het centrum aantrekkelijk, ondernemend, leefbaar en toekomstbestendig wordt. In 2021 is samen met de betrokken belanghebbenden de centrumvisie Westervoort opgesteld. In het jaar 2022 stond het concretiseren van de centrumvisie en het uitwerken van de varianten centraal zodat in 2023 toegewerkt kan worden naar besluitvorming omtrent een gedragen definitief plan qua invulling en toekomstbestendigheid van het winkelgebied. In het winkelgebied komen enkele verschillende belangen en ontwikkelingen samen. Naast de uitwerking van de varianten is het daarom van belang om alle ontwikkelingen in het gebied, van winkels tot leegstand tot transformatie van het gemeentehuis en locatie van de bibliotheek, er bij te betrekken. Het betreft het uitvoeren van een visie voor een langere termijn en niet sec het revitaliseren van de winkels. Nauw contact met de partners is essentieel alsmede de tijd en middelen om hier de komende jaren uitvoering aan te kunnen geven vanuit de gemeente als facilitator in dit proces. Er is daarom richting 2023 gewerkt aan concretisering van de varianten en er wordt toegewerkt naar besluitvorming met betrekking tot de planvorming richting de gemeenteraad.

Er is een grote afhankelijkheid van derden zoals de vastgoedeigenaren, de winkeliers als mede bibliotheek, de eigen accommodatie en huisvestingsplannen, in de uitwerking van de varianten en de planvorming. In 2022 hebben de gesprekken met de betrokkenen plaatsgevonden; verschillende partijen hebben daar onder begeleiding van een procesbegeleider aan tafel gezeten. Als resultaat hiervan hebben zowel de betrokken ondernemers als de vastgoedeigenaar aangegeven dat zij in de huidige uitwerking van het voorkeursscenario voldoende kwaliteiten zien om de volgende fase in te gaan. Hierover is de gemeenteraad in 2022 per kennisgeving geïnformeerd. Gelet op de besluitvorming; eensgezindheid over de variant c.q. planvorming voor de toekomst van het winkelgebied vindt in 2023 plaats inclusief besluitvorming van de gemeenteraad alvorens over gegaan kan worden tot invulling van de benodigdheden qua ruimtelijke plannen, bestemmingsplanwijzigingen indien van toepassing etc.. Gezien bovenstaande is duidelijk dat de gemeente Westervoort een grotere en actievere rol gaat spelen in de revitalisering van het centrum dan de afgelopen jaren voorzien was. Door deze veranderende scope (lees complexer en risicovoller) wordt het daarmee van groot belang om de eigen positie en belangen in dit krachtenveld te bepalen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westervoort&id=669ad629-5dee-46d5-b44e-5fe36a2001f8