Omgevingsvisie Westerveld (januari 2022) - met arceringen
Tekst van het document
We willen de (toeristische) verbinding tussen Havelte de Toegangspoort Holtingerveld verder versterken.
Havelte kent een breed en actief verenigingsleven met diverse voorzieningen. We maken ons sterk om die voorzieningen voor het dorp te behouden.
Evenementen (op het Piet Soerplein) dragen bij aan de (recreatieve) aantrekkelijkheid van Havelte. We bieden daarvoor meer ruimte.
31
2.6
Dwingeloo
Dwingeloo in breder perspectief (Bron: bing.com/maps)
Bijzondere vermelding geldt voor het Westeinde. Het Westeinde is een streek die Karakter
valt onder Dwingeloo maar een geheel eigen dynamiek kent. Kenmerkend en uniek
Dwingeloo is een voorzieningendorp met, naast de functie wonen, een grote
voor dit gebied is de landgoederengordel die het Westeinde met Dwingeloo
diversiteit aan centrale voorzieningen. Op 31 december 2020 telde het dorp 2.460
verbindt. Naast de havezate Westrup en de bijzondere havezate Oldengaerde
inwoners exclusief omliggende buurtschappen.
bevinden zich ook de voormalige havenzaten Bathinge en Enthinge in deze landgoederengordel. Deze terreinen zijn, evenals de nog bestaande havenzaten, grotendeels aangewezen als beschermd rijksmonument.
Sinds 1967 is de Brink in Dwingeloo een beschermd dorpsgezicht. De bescherming omvat niet alleen de historische brink, maar ook een deel van de Enthingeweg en het gebied binnen de Brinkweg waar zich een typische Drentse ‘binnenweide’
Waarden
bevindt. Naast de afmetingen en de vorm is de brink in Dwingeloo bijzonder
veel groen in het dorp
vanwege de vaak statige bebouwing rondom de brink. Veel panden hebben de
toeristisch aantrekkelijk
status van beschermd rijksmonument.
hoge kwaliteit van de openbare ruimte, in het bijzonder rond de brink/beschermd dorpsgezicht
32
brede middenstand en horeca
cultuurhistorisch waardevol dorpscentrum
Samen met de organisatoren willen we zoeken naar mogelijkheden
actief verenigingsleven, veel sportvoorzieningen
om welzijn te bevorderen en overlast te voorkomen.
cultuurhistorisch waardevolle landgoederengordel (Enthinge, Bathinge en
o
Er ligt een duidelijke link tussen Dwingeloo en Astron/Lofar. We
Oldengaerde)
zullen initiatieven ondersteunen die leiden tot een sterkere
de brink als belangrijke plek voor ontmoeting en activiteiten
verbinding. We denken bijvoorbeeld aan een experimentele
economische waarde vanwege bedrijventerrein De Valderse
kenniswerkplaats of het opzetten van een netwerk van zzp’ers op het gebied van hightech. o
Koers voor Dwingeloo
In Dwingeloo zien we de eerste aanzetten van de verbinding van diverse
op de beleving en in combinatie met het historisch erfgoed. We
toeristische functies. Deze koers willen we faciliteren. Ook willen we de
ondersteunen daarom initiatieven die hier een bijdrage aan leveren. o
unieke recreatieve waarde van Dwingeloo, namelijk de beleving van
Dwingeloo wil zich meer profileren als kunstdorp, zo blijkt uit de
duisternis en sterren, extra benutten.
Dorpsvisie. Wij vinden dat passend en ondersteunen initiatieven op
De verbinding tussen het dorp Dwingeloo en het Nationaal Park is erg
dat vlak.
belangrijk en willen we verder verbeteren. We zijn blij met het feit dat
Er is behoefte aan een meer gevarieerd toeristisch aanbod, gericht
Dwingeloo kent een breed en actief verenigingsleven met diverse
Recreatieschap Drenthe en Marketing Drenthe het Planetron in gebruik
voorzieningen. We maken ons sterk om die voorzieningen voor het dorp te
hebben genomen en zien op dat vlak grote kansen.
behouden.
Op het gebied van woningbouw zien wij kansen in beperkte aantallen op inbreidingslocaties. Hierbij staan kwalitatieve inpassing en aansluiting bij de gewenste doelgroepen (Woonvisie) – met specifieke aandacht voor de doelgroep starters/jongeren en ouderen - voorop. Woningbouw op uitbreidingslocaties wordt op voorhand overigens niet uitgesloten. Wij kiezen bij dit alles voor deze volgorde: inbreiding gaat voor uitbreiding.
Enkele jaren geleden is een Dorpsvisie opgesteld. Samen met Dwingeloo willen we werken aan de uitvoering daarvan. Hieronder een aantal voorbeelden: o
Vrijkomende bestaande gebouwen kunnen geschikt worden gemaakt voor speciale doelgroepen zoals starters/jongeren, ouderen, aangepast wonen of midden- en kleinbedrijf.
o
We zetten ons in voor voldoende ontmoetingsplekken voor Dwingeloo (Foto: Marius Visser)
jongeren. Ook faciliteren we initiatieven voor jeugdactiviteiten.
33
34
2.7
richting. In noordelijke richting liggen landschappelijk en archeologisch
Diever
waardevolle esgronden.
Diever (Foto: Marius Visser
Diever ligt ingeklemd tussen verschillende essen. De hoofdverbindingen lopen
Karakter
door het historische centrum. Het dorp ligt ten zuiden van het Drents-Friese Wold.
Het voorzieningendorp Diever is een oorspronkelijk es- of brinkdorp. Op 1 januari
Het vormt de entree tot dit Nationaal Park. Ten noorden van Diever ligt een van de
2021 telde het dorp 2.715 inwoners. Bijzonder aan Diever zijn de twee brinken: de
cultuurhistorische parels: het hunebed van Diever. Aan de zuidzijde ligt
kleine brink in het centrum waaraan het voormalige gemeentehuis (provinciaal
Oldendiever, het oudste gedeelte, dat nog het kenmerkende karakter van een
monument), het Schultehuis en de Pancratiuskerk (beiden rijksmonument) liggen.
oorspronkelijk essendorp heeft.
Aan de ontsluiting tussen de Bosweg en de Groningerweg ligt de grote brink. Hier ligt de historische openbare begraafplaats met o.a. oorlogsgraven van het
Waarden
Gemenebest en ligt het marktterrein met daarop een historisch lijkwagenhuisje. Diever is ontstaan uit het vroegmiddeleeuwse Oldendiever. Tussen Oldendiever en
entree voor het Nationaal Park het Drents-Friese Wold
rijke cultuurhistorie, tot uitdrukking komend in o.a. de authentieke brinken en karakteristieke bebouwing in en rond het centrum
Diever ligt de korenmolen De Vlijt: een belangrijke landmark vanuit zuidelijke
35
rijk verenigingsleven
Het gebied rondom het Toeristisch Informatiepunt (TIP) is een belangrijke
Koers voor Diever
plek voor activiteiten en evenementen.
In het Visiedocument brinkenplan ‘Diever op Dreef’ zijn de gemeentelijke
De Kerkbrink (biedt kansen als plek voor dynamiek)
ambities voor (de openbare ruimte van Diever helder neergelegd. De
aanwezigheid school voor Voorgezet Onderwijs (Stad en Esch)
komende jaren willen we samen met het dorp stappen zetten op deze
grote gemeenschapszin
punten:
Shakespearetheater (met nationale aantrekkingskracht)
1)
een veilige verkeerssituatie creëren
toeristische trekpleister
2)
bijdragen aan een gezonde leefomgeving
uitvalsbasis voor allerhande evenementen en (sport)activiteiten
3)
recreatie en toerisme in Diever bevorderen
langs bijna alle invalswegen naar het centrum vormt de boombeplanting
4)
de beleving met behulp van de cultuurhistorie vergroten
5)
een klimaatbestendige inrichting maken
een groene verbinding met het buitengebied; brinken fungeren daardoor
Deze vijf punten, en de uitwerking in concrete doelstellingen (zie hfdst. 3
als groene knooppunten
Brinkenplan), geven concreet invulling aan de vijf integrale ambities die de
Stad en Esch als brede ontmoetingsplek met allerlei activiteiten en
kapstok vormt van deze Omgevingsvisie.
voorzieningen
Voor specifieke waarden in de openbare ruimte wordt verwezen naar de Visie op
Diever heeft de potentie om verbreding te zoeken in de toeristische functies. Deze recreatieve verbreding willen wij faciliteren. Ook willen we
de Openbare Ruimte (BrinQ, 2018).
de unieke recreatieve waarde van Diever, namelijk Diever als ‘Village of Shakespeare’, benutten.
Diever: entree naar het Drents-Friese Wold (bron: bing.com/maps)
36
ton, die hier in 1945 is geplaatst als oorlogsmonument voor de slachtoffers van WO
2.8
Vledder
II. Aan de noordwestrand van het dorp staan nog enkele barakken van het vroegere werkkamp Vledder. De algemene begraafplaats ligt buiten het dorp. Het oudste gedeelte van de begraafplaats heeft een hoge cultuurhistorische waarde, inclusief het baarhuisje en het lijkwagenhuisje.
Karakter
Vledder (1.960 inwoners per 1 januari 2021) kent, net als vele andere Drentse brinkdorpen, een lange geschiedenis. Vledder wordt vermeld vanaf 1404. Belangrijk landmark is de Johannes de Doperkerk (15e eeuw) op het Lesturgeonplein (vernoemd naar de predikant en auteur Alexander Lodewijk Lesturgeon), maar ook de relatie van Vledder met de in 1818 opgerichte Maatschappij van Weldadigheid. Het dorp breidde zich na 1850 in oostelijke richting uit. De kern bestaat uit twee Johannes de Doperkerk Vledder (Foto: archief gemeente Westerveld)
brinken, Grote en Kleine Brink, beiden begroeid met eiken, met ertussen het voormalige gemeentehuis. Op de Grote Brink ligt een grote zwerfkei (1903) van 17 37
Waarden
recreatieve waarde van Vledder, namelijk nabijheid van de Koloniën van
rust, ruimte en fraaie natuurgebieden dichtbij
Weldadigheid, benutten.
Kruisbrink (grote en kleine brink)
gevarieerd winkelbestand
verbondenheid en bereidheid er samen de schouders onder te zetten. Op
grote sociale cohesie
het niveau van de dorpsgemeenschap als geheel is de sociale samenhang
breed voorzieningenniveau
kwetsbaarder. We ondersteunen het dorp bij initiatieven om de brede
toeristisch aantrekkelijk, onder andere door de musea
sociale samenhang te behouden en te versterken.
Vledder vormt door haar voorzieningen een goede uitvalsbasis voor
In Vledder is de sociale samenhang sterk. Er is sprake van onderlinge
We zien aan de noordzijde van Vledder kansen voor uitbreiding van het woonbestand van hoge kwaliteit.
bezoekers van de voormalige kolonie van de Maatschappij van
Weldadigheid
We zijn van mening dat in Vledder een zelfstandige dorpshuisfunctie moet blijven.
Voor specifieke waarden in de openbare ruimte wordt verwezen naar de Visie op
de Openbare Ruimte (BrinQ, 2018).
Het doorgaande verkeer door Vledder is al jaren een aandachtspunt. De drukke doorgaande weg leidt tot verkeersonveilige situaties. Zoals eerder al aangegeven in de Omgevingsvisie blijven we ons inzetten voor het oplossen van (toekomstige) knelpunten in de oost-westverbinding door onze gemeente, primair binnen het bestaande tracé.
We zetten in op versterking van het toeristische aanbod. Met name zien we kansen in het versterken van de verbinding tussen Vledder en de Koloniën van Weldadigheid.
We zijn blij met het brede winkelaanbod in Vledder en willen dit graag voor het dorp behouden. We kiezen daarbij een faciliterende rol.
Impressie Vledder (bron: bing.com/maps)
Koers voor Vledder
Samen met het dorp willen we de kernwaarden behouden en de aantrekkelijkheid van Vledder verder vergroten. We zien in dat kader kansen wat betreft de aspecten kunst, cultuur en de centrale ligging ten opzichte van de drie omliggende natuurgebieden. Ook willen we de unieke
38
2.9
Tot de woondorpen worden gerekend: Boschoord, Doldersum, Havelterberg,
Overige dorpen
Leggeloo, Lhee, Lheebroek, Oldendiever, Oude Willem, Wateren, Wittelte en Zorgvlied. 2.
Dynamische dorpen
Dynamische dorpen liggen qua omvang tussen de woondorpen en de voorzieningendorpen in. Naast de woonfunctie zijn er nog een paar voorzieningen aanwezig zoals een (door de gemeente ondersteund) dorpshuis of een basisschool. Of ze hebben een strategische ligging ten opzichte van bepaalde dynamische locaties. Voor voorzieningen zoals hoger onderwijs of grotere winkels moeten de inwoners het dorp uit. Tot de dynamische dorpen worden gerekend: Darp, Dieverbrug, Eemster, Geeuwenbrug, Nijensleek, Uffelte, Vledderveen, Wapse en Wapserveen. Ook Frederiksoord en Wilhelminaoord worden gerekend tot de dynamische dorpen. Vanwege de onlosmakelijk cultuurhistorische, geografische en functionele link met de Kolonie Maatschappij van Weldadigheid, zijn Frederiksoord en Wilhelminaoord opgenomen in Gebiedskompas 2.1. Wel geldt voor beide dorpen de beleidskoers zoals hieronder verwoord onder ‘Koers voor de overige dorpen. Karakter
Waarden
De gemeente Westerveld kent een groot aantal dorpen en buurtschappen. Ieder
Voor specifieke waarden per dorp wordt verwezen naar de Visie op de Openbare
dorp is uniek, kent zijn eigen geschiedenis en heeft daardoor een eigen identiteit
Ruimte (BrinQ, 2018).
ontwikkeld. Grofweg zien we – naast de voorzieningendorpen Diever, Havelte, Dwingeloo en Vledder – twee typen dorpen in onze gemeente. 1.
Woondorpen
Rustig, groen en landelijk wonen in fraaie authentieke dorpen met een belangrijke rol voor gemeenschapszin en zelfredzaamheid. Voorzieningen zijn zeer kleinschalig aanwezig, bijvoorbeeld een rijdende winkel of gastouder. De centrale voorzieningen elders zijn bereikbaar door buurtbus en leerlingenvervoer.
39
van collectief particulier opdrachtgeverschap. Hierbij kijken we goed wat bij onze waarden voor het betreffende dorp past.
Naast deze visie formuleren we een visie op de voorzieningen in onze dorpen, die te beschouwen is als een nadere uitwerking van deze Omgevingsvisie wat betreft de ambitie ‘Een leefbaar en inclusief Westerveld’.
We stimuleren initiatieven vanuit de dorpen die als doel hebben de sociale betrokkenheid en de leefbaarheid te verbeteren. Ook initiatieven op het gebied van collectieve verduurzaming worden door ons gestimuleerd.
Dieverbrug (Foto: Marius Visser)
Koers voor de overige dorpen
Omdat ieder dorp uniek is, vinden we maatwerk erg belangrijk. Dit betekent dat we samen met de dorpen kijken waar de behoeften liggen en hoe we daarin als gemeente ruimte kunnen bieden via regelgeving of kunnen faciliteren. Een aantal dorpen heeft (in eigen beheer) een Dorpsvisie opgesteld. Die Dorpsvisies kunnen dienen als leidraad.
Het 'dorpse en groene karakter' van onze dorpen is een belangrijke pijler van onze woonkwaliteit. Het behouden van de ruimtelijke kwaliteit van de woon- en leefomgeving is een belangrijk uitgangspunt.
Voor het goed functioneren van een dorp is het belangrijk dat er voldoende ruimte voor ontmoeting is. We willen ons ervoor inzetten om deze voorziening voor de dorpen te behouden.
We willen de aantrekkelijkheid van de dorpen vergroten door ruime(re) mogelijkheden te bieden voor werken aan huis.
In alle dorpen is ruimte voor (beperkte) woningbouw. Wat betreft woningbouw in de overige dorpen kiezen we hoofdzakelijk voor een vraag gestuurde aanpak. We juichen eigen initiatief toe, bijvoorbeeld om het eigen huis aan veranderende woonwensen of familiesamenstelling aan te passen. Ook experimenteel en exclusief wonen is mogelijk, zoals in de vorm
40
3.
Idee
41
In deze Omgevingsvisie leest u onze koers voor de komende 20 jaar. U treft hierin
En goed nieuws: als uw plan past binnen het bestemmingsplan - al dan niet met
aan wat we belangrijk vinden, wat onze ambities zijn en waar we aan gaan werken.
een in het bestemmingsplan aangewezen afwijking – is verdere toetsing aan de
Dat kunnen we als gemeente niet alleen. Initiatieven komen lang niet altijd bij de
Omgevingsvisie niet nodig! U kunt dan contact opnemen met de gemeente over
gemeente vandaan. Integendeel, veel vaker zijn het (onze) ondernemers, inwoners
uw plan en wat u precies moet indienen.
en partners die met goede plannen rondlopen. De conclusie kan ook zijn dat uw plan niet past binnen het bestemmingsplan. Ga Als u van plan bent om iets te doen dat gevolgen heeft voor onze leefomgeving – zoals een huis bouwen of verbouwen of een bedrijf uitbreiden - dan kunt u te maken krijgen met de Omgevingsvisie. Uitgangspunt van de gemeente bij de afweging van initiatieven is het “ja, mits” principe. Een initiatief krijgt medewerking mits het in voldoende mate bijdraagt aan kwaliteiten en opgaven die in de omgevingsvisie zijn beschreven.
dan door naar stap 2. Stap 2: Waar wilt u uw plan realiseren?
Zoek allereerst het gebiedskompas dat hoort bij de locatie van uw plan. Kijk daarna naar de waarden die bij dat gebied horen (wij vinden het namelijk erg belangrijk dat onze waarden en kwaliteiten behouden blijven). In het vervolg van het gebiedskompas leest u over onze ambities en keuzes voor het gebied. Laat u
Hieronder vindt u een stappenplan. Dit stappenplan helpt bij het lezen van deze
inspireren door het gebiedskompas en gebruik de informatie om uw plan nog
omgevingsvisie, helpt u in het vormgeven van uw idee en het gesprek met ons. In
sterker te maken!
dat gesprek kijken we dan verder wat er kan en hoe uw plannen realiteit kunnen worden.
Stap 3: Uitwerken van uw plan
Kijk vervolgens in hoofdstuk 1 van deze Omgevingsvisie, waar onze
3.1
Stappenplan
overkoepelende ambities zijn beschreven. In hoeverre geeft uw plan invulling aan
U ziet hier welke stappen u kunt zetten voor het realiseren van uw plan. Ook laat
één (of wellicht meerdere) ambities?
het zien waarvoor en wanneer u de gemeente om hulp kunt vragen. De omgevingsvisie bouwt voort op bestaand beleid dat door de gemeenteraad is Stap 1: Past uw plan in het bestemmingsplan?
Kijk
altijd
eerst
in
het
bestemmingsplan.
vastgesteld. De hoofdlijnen van het gemeentelijke beleid voor de fysieke Ga
daarvoor
naar
leefomgeving zijn verwerkt in deze omgevingsvisie. Het onderliggende beleid kan
www.ruimtelijkeplannen.nl5 en zoek de locatie van uw plan. U leest daar heel
een nadere uitwerking of toelichting bevatten van de hoofdlijnen. Die kunnen
concreet wat u mag bouwen en hoe u gronden en/of gebouwen mag gebruiken.
helpen bij het indienen van initiatieven en het afwegen ervan (zie beleidsanalyse
Ook ziet u daar in welke gevallen u een vergunning nodig heeft.
in bijlage 4).
5 Na invoering van de Omgevingswet (thans voorzien 1 juli 2022) komt deze website te vervallen en
vervangen door het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en bestemmingsplannen worden dan Omgevingsplannen.
42
Stap 4: Draagvlak
Wij vinden het belangrijk dat u in een vroeg stadium in gesprek gaat met uw buren of andere omwonenden. De input van buren en omwonenden kunt u gebruiken om uw plan verder te detailleren. Natuurlijk kunt u ons vragen om daarin met u mee te denken. Stap 5: Toets aan wet- en regelgeving
Naast de Omgevingsvisie zijn er nog veel wetten en regels waar uw plan aan moet voldoen. Ook het beleid van (hogere) overheden speelt een rol bij ontwikkelingen. Al die wetten en regels hebben we niet opgenomen in deze Omgevingsvisie, maar zijn uiteindelijk wel van invloed op de haalbaarheid van uw plannen. We maken graag een afspraak om er samen naar te kijken. Tot slot
Hebt u een goed beeld van uw plan en hoe het aan kan sluiten bij onze Omgevingsvisie? Maak dan een afspraak met ons. We informeren u dan graag we welke stappen nog nodig zijn om een eventuele vergunning te krijgen.
3.2
Disclaimer
Bij dit stappenplan hoort wel een disclaimer. Deze Omgevingsvisie is onze visie richting 2040. Dit betekent dat onze ambities op onderdelen verder kunnen gaan dan beleid en regels van hogere overheden. We willen al onze ambities realiseren. Als daarvoor beleidsruimte nodig is bij hogere overheden, dan maken we ons daar sterk voor. Daarmee is de Omgevingsvisie een belangrijk vertrekpunt voor het toetsen van uw plan. We hopen dat u voldoende aanknopingspunten ziet voor uw plan. Echter, op enig moment zal uw plan moeten worden getoetst aan beleid- en wetgeving van hogere overheden. Denk bijvoorbeeld aan de Omgevingsverordening van de provincie, of wetgeving op het gebied van natuur, stikstof, milieu, etc. Uw plan zal ook in overeenstemming moeten zijn (of worden gebracht) met alle relevante wet- en regelgeving om daadwerkelijk te kunnen worden uitgevoerd.
43
4.
Uitvoering en monitoring
44
4.1
Werken in een beleidscyclus
Als de Omgevingswet is ingevoerd, gaan we op een andere manier plannen maken dan we daarvoor deden. Voorheen werkten we met aparte bestemmingsplannen en structuurvisies voor gebieden, met een einddatum. Waarna nieuwe ambities en plannen voor een los gebied werden geformuleerd. Nu denken en werken we vanuit één Omgevingsvisie voor het hele gebied, welke sturing en richting geeft voor alle specifieke omgevingsplannen. We gaan denken en werken in een beleidscyclus. Deze cyclus staat nooit stil. Daardoor kunnen we onze plannen steeds aanpassen aan actuele vragen. Hieronder hebben we een plaatje opgenomen van de beleidscyclus. De beleidscyclus start met de Omgevingsvisie. De cyclus start namelijk bij ambities en wensen. Die vertalen we in programma’s, in het Omgevingsplan en uiteindelijk in de vergunningverlening.
4.2
Monitoring van de Omgevingsvisie
De insteek van de Omgevingswet is dat beleidsstukken integraal worden opgesteld, steeds actueel zijn en worden bijgesteld. Ook de Omgevingsvisie moet altijd ‘bij de tijd’ zijn. Daarom monitoren we tussentijds de Omgevingsvisie en passen deze zo nodig aan. Dat doen we door iedere twee jaar een nieuwe leefomgevingsfoto (zie
De beleidscyclus van de Omgevingswet
onderdeel 5) te maken. Door de leefomgevingsfoto’s vervolgens over elkaar te leggen krijgen we een goed beeld van de veranderingen in de leefomgeving. Daardoor kunnen we zien waar we op koers liggen om onze ambities te realiseren. Ook zien we dan waar aanvullende acties nodig zijn. Door die tweejaarlijkse leefomgevingsfoto gaat de beleidscyclus draaien. Overigens, als we tussendoor met een belangrijke, soms onverwachte, ontwikkeling te maken krijgen, kan het zijn dat we genoodzaakt zijn om al eerder ons beleid bij te stellen. Dat is ook altijd mogelijk.
45
4.3
Samenhang tussen Omgevingsvisie, Programma’s en 4.4
Omgevingsplan
Samenhang met milieubeginselen Milieu is een thema dat van oudsher centraal geregeld is en waarbij in de
4.3.1
laatste decennia ook de Europese Unie een grotere rol is gaan spelen. In
Programma’s
In deze Omgevingsvisie leest u over onze ambities. Om ambities om te zetten in
Europees verband zijn de zogenoemde vier milieubeginselen vastgelegd. Dit
tastbare resultaten gebruiken we na invoering van de Omgevingswet het
zijn afspraken over de manier waarop we zorgen voor ons milieu. Deze
instrument ‘Programma’. Het Programma is (net zoals de omgevingsvisie), een
milieubeginselen, welke letterlijk zijn overgenomen uit het milieubeleid van
instrument voor beleidsontwikkeling. De Omgevingsvisie is echter één integraal,
de Europese Unie, staan in artikel 3.3 van de Omgevingswet en luiden: 1.
samenhangend strategisch plan over de fysieke leefomgeving. Het Programma kan
Het voorzorgsbeginsel. Dit betekent dat (vergunningsplichtige) activiteiten
worden gezien als een concrete uitwerking van de Omgevingsvisie. In een
kunnen worden voorkomen als er goede redenen zijn om te vrezen dat de
Programma geven we concreet aan hoe we een bepaald doel willen bereiken en
betreffende activiteit negatieve gevolgen kan hebben voor het milieu. 2.
waarmee dat wordt gemeten. Programma’s zijn dus niet integraal en kunnen
Het beginsel van preventief handelen. Dit betekent dat milieuvervuiling zoveel als mogelijk dient te worden voorkomen.
speciaal voor een (deel)gebied of een bepaald milieuthema worden gemaakt. 3.
Het ligt voor de hand dat we als vervolg op deze Omgevingsvisie een of meerdere
Het beginsel van bestrijding aan de bron. Dit betekent dat bij een negatief
Programma’s zullen opstellen. Op termijn willen we al ons sectorale beleid
gevolg als eerste dient te worden gekeken of er iets bij of in de directe
‘Omgevingswet-proof’ maken. Dat doen we:
omgeving van de activiteit zelf kan worden veranderd.
1. 2.
4.
door de strategische componenten uit het sectorale beleid te verwerken in
Het beginsel de vervuiler betaalt. Dit betekent dat degene die de activiteit
de Omgevingsvisie;
uitvoert ook moet betalen voor het voorkomen of opruimen van de
en de uitvoeringsaspecten uit het sectorale beleid onder te brengen in
negatieve gevolgen.
Programma’s. 4.3.2
In de Omgevingswet staat dat de Omgevingsvisie moet laten zien hoe we als gemeente omgaan met de vier milieubeginselen. Naast het werken binnen de nationale en Europese kaders op het gebied van milieu krijgen gemeenten meer ruimte voor het stellen van kwaliteitsnormen voor het milieu. Het Rijk stelt hiervoor inhoudelijke kaders in de vorm van instructieregels. Die kunnen een standaardnorm en een bandbreedte meegeven (op het gebied van lucht, geluid, externe veiligheid, trilling, geur van veehouderijen en bodem). Eventuele gebiedsgerichte normen bewegen zich aldus altijd binnen wettelijke bandbreedtes.
Omgevingsplan
Het Omgevingsplan is de opvolger van het bestemmingsplan. In het Omgevingsplan leggen we de bestaande situatie en de bestaande waarden vast. In het Omgevingsplan geven we ook kaders voor bijvoorbeeld wat u mag bouwen. Ook vindt u in het Omgevingsplan regels over het gebruik van gronden en gebouwen. We zorgen dat het Omgevingsplan een uitwerking is van deze Omgevingsvisie. Het Omgevingsplan is er nog niet. Als de Omgevingswet ingaat (in juli 2022), worden de bestaande bestemmingsplannen samengevoegd en omgedoopt tot het ‘tijdelijke gemeentelijke Omgevingsplan’. De gemeente heeft daarna tot 2029 om een Omgevingsplan te maken dat aan alle eisen voldoet 46
Als gemeente hebben we kennis van de vier milieubeginselen en beschouwen we milieu als een integraal onderdeel van de fysieke leefomgeving. Vanuit dit oogpunt hanteert de gemeente Westerveld de volgende uitgangspunten:
De door de Rijksoverheid wettelijk vastgestelde kwaliteitseisen vormen het minimale
niveau
voor
de
gemeente
Westerveld.
Daar
waar Belangrijke constatering is dat de gemeente (nu en straks) de milieukwaliteitseisen op Rijksniveau hanteert. Het is voor een Omgevingsvisie echter een te hoog detailniveau om normen op te nemen. Dit komt aan bod bij de nadere uitwerking in Programma’s.
afwegingsruimte beschikbaar is vanuit milieu, hanteren we voornamelijk het ‘ja, mits’ uitgangspunt. Met als doel dat meer functies in elkaars nabijheid kunnen voorkomen, zonder beperkingen op te leveren.
Bij een ruimtelijk initiatief zou de mogelijkheid kunnen worden onderzocht om sturing door middel van milieuzoneringen te vervangen door sturing van functies op de daadwerkelijke milieubelasting die ze hebben. Dat biedt voor bedrijven die investeren op duurzaamheid meer kansen.
De milieukwaliteit wordt per saldo niet onevenredig aangetast. Onevenredige aantasting van milieukwaliteit treedt op als wettelijke
4.5
normen worden overschreden. Tussen aantasting en onevenredige
Effecten op het milieu
aantasting van de milieukwaliteit ligt delicate afwegingsruimte. Daar waar
Om de gevolgen voor het milieu in beeld te brengen, worden zogenaamde
deze afwegingsruimte bij de gemeente ligt, wordt een integrale benadering
milieueffectrapportages (MER) opgesteld. Voor deze Omgevingsvisie is geen
van belangen gevraagd. Waar nodig én mogelijk wordt de milieukwaliteit
milieueffectrapport (MER) gemaakt. Die keuze is gemaakt op basis van de
verbeterd;
antwoorden op deze vragen:
Bij de bescherming en de verbetering van de milieukwaliteit zoeken naar synergie met ruimtelijke ontwikkelingen en andere beleidsvelden;
Gebiedsgericht milieubeleid: de milieukwaliteit in een gebied is passend voor de functie van dat gebied. Dit kan betekenen dat we gebiedsgerichte normen zullen overwegen en/of opleggen. Het mengpaneel binnen de Omgevingswet kan ons in staat stellen om op sommige milieuaspecten wat strenger en op andere wat minder strenge regels te hanteren (waarbij bedacht dient te worden dat de bandbreedtes in de Omgevingswet zodanig zijn gekozen dat altijd sprake blijft van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat). Het mengpaneel kan ons helpen gebiedsgerichte doelen te halen. Dit vraag te allen tijde nadere uitwerking, waarbij de Omgevingsvisie de grondslag vormt.
We bieden ruimte om te experimenteren. We laten nieuwe ontwikkelingen onder voorwaarden toe en monitoren daarbij de milieukwaliteit nauwgezet om zo nodig in een lader stadium bij te kunnen stellen. Deze variant leent zich voor tijdelijke en/of flexibele ruimtelijke initiatieven binnen een gebied met een dynamisch karakter. 47
1.
Is de Omgevingsvisie kaderstellend voor toekomstige m.e.r.-(beoordelings)plichtige-activiteiten?
Activiteit
Drempelwaarde
Toelichting opgaven omgevingsvisie
Een landinrichtingsproject dan wel een
In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op
wijziging of uitbreiding daarvan.
1°. een functiewijziging met een oppervlakte van
1°. Concrete doelen of acties of invulling van dit voornemen wordt in de
125 hectare of meer van water, natuur, recreatie of
Omgevingsvisie niet gegeven.
landbouw of 2°. vestiging van een glastuinbouwgebied of
2°. Concrete doelen of acties of invulling van dit voornemen wordt in de
bloembollenteeltgebied van 50 hectare of meer.
Omgevingsvisie niet gegeven.
De aanleg, wijziging of uitbreiding van
In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op:
een stedelijk ontwikkelingsproject met
1°. een oppervlakte van 100 hectare of meer,
inbegrip van de bouw van winkelcentra
2°. een aaneengesloten gebied en 2000 of meer
1°. Er zijn in de Omgevingsvisie geen concrete plannen voor een stedelijk
of parkeerterreinen.
woningen omvat, of
ontwikkelingsproject van deze omvang opgenomen. De ambitie om Diever
3°. een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of
en Dwingeloo functioneel aan elkaar te verbinden vraagt nadere
meer.
uitwerking. Daarnaast is deze ambitie een voortzetting van bestaand beleid, zoals opgenomen in de Structuurvisie. 2°. Ten aanzien van woningbouw wordt aangesloten bij de huidige Woonvisie. Concrete woningbouwprojecten worden in de Omgevingsvisie niet genoemd. Er is geen sprake van plannen voor een aaneengesloten gebied met 2000 nieuwbouwwoningen of meer. 3°. Er zijn in de Omgevingsvisie geen plannen voor een project van deze omvang opgenomen.
De aanleg, wijziging of uitbreiding van
In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op
In de Omgevingsvisie wordt niet voorzien in de aanleg van een
een industrieterrein.
een oppervlakte van 75 hectare of meer.
industrieterrein van een dergelijke omvang
De oprichting, wijziging of uitbreiding
In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op:
In de Omgevingsvisie wordt niet voorzien in de oprichting van een
van een windturbinepark.
1°. een gezamenlijk vermogen van 15 megawatt
windturbinepark
(elektrisch) of meer, of 2°. 10 windturbines of meer. Het antwoord op de eerste vraag is dan ook ontkennend: de Omgevingsvisie is niet kaderstellend voor toekomstige m.e.r.-(beoordelings)plichtige-activiteiten.
48
2.
Leidt de Omgevingsvisie tot significant negatieve effecten op de
doorverkopen van de grond. Het vestigen van een voorkeursrecht kan daarbij helpen,
instandhoudingsdoelstellingen van nabijgelegen Natura 2000-gebieden?
omdat het doorverkopen van de grond zonder dat dit bijdraagt aan de beoogde
Wat betreft deze vraag geldt dat de omgevingsvisie onvoldoende concrete uitspraken
ontwikkeling daarmee wordt tegengegaan. Als gemeente kunnen we een zogenaamd
doet. Er worden geen locaties voor woningbouw of woningaantallen vastgelegd. Op
‘voorkeursrecht’ vestigen op gronden van anderen. Besluit een eigenaar tot verkoop,
deze punten is nadere studie en uitwerking nodig. Of er sprake is van negatieve
dan wordt die grond eerst aan de gemeente aangeboden. De gemeente mag de grond
effecten in omliggende Natura 2000-gebieden is derhalve afhankelijk van de precieze
daardoor als eerste aankopen. Hiermee kan de gemeente waarborgen dat bepaalde
locatie van een ontwikkeling en van de aard en omvang van de ontwikkeling.
gronden – bijvoorbeeld op basis van de beoogde koers van de Omgevingsvisie - een
Het antwoord op de tweede vraag is daarom eveneens ontkennend: de
andere toekomstige functie krijgen.
Omgevingsvisie
leidt
niet
tot
significant
negatieve
effecten
op
de
instandhoudingsdoelstellingen van nabijgelegen Natura 2000-gebieden
De Omgevingswet biedt meerdere grondslagen om een voorkeursrecht te kunnen vestigen. Een Omgevingsvisie kan een van de vestigingsgrondslagen zijn, maar ook
3.
Overige overwegingen
gedacht kan worden aan een programma of omgevingsplan of een zelfstandig besluit
Bedacht dient te worden dat deze Omgevingsvisie voor een belangrijk deel is
van de gemeenteraad op basis van ruimtelijke plannen of een voornemen hiertoe.
gebaseerd op bestaande beleidsdocumenten, waarover de raad reeds eerder een besluit heeft genomen. Te denken valt aan de Woonvisie, de Structuurvisie en de
4.7
Kadernota Buitengebied. Daarnaast is er de Leefomgevingsfoto (zie onderdeel 5). In
In deze Omgevingsvisie hebben we op papier de koers voor Westerveld uitgezet. Maar
de Leefomgevingsfoto zijn diverse milieuthema’s tegen het licht gehouden. Gebleken
natuurlijk willen we dat de visie straks ook in de praktijk wordt uitgevoerd. Alleen dan
is dat er in de huidige situatie geen milieuknelpunten zijn. De huidige staat van de
worden onze ambities immers werkelijkheid! Een uitvoeringsparagraaf is daarom een
Leefomgeving is goed.
verplicht
Uitvoeringsagenda
onderdeel van
de omgevingsvisie. De gemeente moet
in
de
uitvoeringsparagraaf aangeven op welke manier de visie wordt gerealiseerd. Conclusie
Hieronder hebben we een overzicht opgenomen van de projecten die in deze
Op basis van de vragen 1 en 2 luidt de conclusie dat de Omgevingsvisie niet plan m.e.r.-
Omgevingsvisie worden benoemd.
plichtig is. 4.7.1 Samenhang met lopende trajecten
4.6
Samenhang met de Wet voorkeursrecht6
Niet alle ambities en acties zijn nieuw. Veel van de genoemde acties en doelen worden
Wanneer meer ruimte wordt geboden aan organische gebiedsontwikkeling en
al opgepakt en uitgevoerd vanuit lopende trajecten. De Samenlevingsagenda kan
initiatieven van burgers en bedrijven is het belangrijk dat die ruimte niet leidt tot
daarbij niet ongenoemd blijven. Een aantal van de hieronder genoemde acties en
speculatief gedrag en een stijging van de grondprijzen door het meermaals 6 De Wvg vervalt zodra de Omgevingswet in werking treedt. De regels over het voorkeursrecht uit de Wet
voorkeursrecht gemeenten (Wvg) gaan – via de Aanvullingswet grondeigendom - over naar de Omgevingswet in de vorm van de regeling voorkeursrecht.
49
doelen sluit daar namelijk volledig bij aan. Zo worden in de Samenlevingsagenda
Realisatie door externe partijen/maatschappelijke initiatieven
aspecten benoemd als:
Daar waar de regierol bij de externe partijen wordt gelegd (zie kolom ‘regie bij) neemt
het verbeteren van de mobiliteit en bereikbaarheid;
de gemeente geen initiërende rol, maar worden externe partijen uitgenodigd om deze
het vasthouden van jongeren;
rol te pakken. De gemeente zal – naar gelang de opgave – daarbij een stimulerende,
Westerveld als de beweegtuin van het noorden;
ondersteunende of faciliterende rol pakken waar nodig (zie kolom ‘rol gemeente’).
Behoud van dorpshuizen;
Westerveld als gezonde omgeving.
4.7.3 Toelichting termijn
Op deze manier wordt via meerdere sporen uitwerking gegeven aan onze ambities en
In de Uitvoeringsagenda worden verschillende termijnen genoemd: kort, middellang
doelen.
en lang. Deze kunnen als volgt worden geconcretiseerd:
Kort:
1 tot 5 jaar
4.7.2 Toelichting rollen
Middellang:
5 tot 10 jaar
Onze doelen en ambities kunnen we niet alleen behalen. Soms gaan onze doelen verder dan onze gemeentelijke taak, ons gemeentelijk eigendom of onze gemeentelijke bevoegdheid. Daarnaast hebben we als gemeente moeten prioriteren om een realistische uitvoeringsagenda te verkrijgen. Hierbij is gelet op de (maatschappelijke)urgentie en de mate van algemeen belang voor de gemeente. In het verleggen van rollen zien we als gemeente ook een vorm van prioritering. We nodigen externe partijen op bepaalde doelen en ambities uit om een voortrekkers rol te pakken. Op die manier beogen we om binnen eenzelfde termijn meer voor elkaar te krijgen. Dit vraagt om een nauwe samenwerking met de samenleving en stakeholders.
Lang:
langer dan 10 jaar
Realisatie door de gemeente Dit houdt dat in dat de gemeente primair aan zet is om het doel binnen de gestelde termijn te behalen. Dit betekent echter niet altijd in dat de gemeente dit alleen uitvoert. Op onderdelen is de gemeente afhankelijk van externe partijen. Die externe partijen kunnen bedrijven zijn, maar ook zorg- en onderwijsinstellingen, maatschappelijke
partners,
andere
overheden
en
private
groepen
zoals
bewoners(groepen) en dorpsverenigingen. Wat de gemeente doet om deze doelen en ambities – al dan niet in gezamenlijkheid te behalen is aangegeven in de kolom ‘rol gemeente’. 50
Ambitie 1 - Een bereikbaar en veilig Westerveld Ambities / doelen
Rol gemeente
Termijn
Realisatie
Optimaliseren digitale bereikbaarheid
Organiseren
Kort
Externe partijen in samenwerking met de
Externe partijen faciliteren Goede oost-westverbinding door de gemeente
gemeente
Stimuleren en actief uitdragen
Lang
Externe partijen onder regie van de gemeente
Doorlopend
Gemeente in samenwerking met andere
Faciliteren via regelgeving Duurzame veiligstelling openbare
Uitvoeren
drinkwatervoorziening
relevante bevoegde gezagen
Ambitie 2 – Een bedrijvig en gastvrij Westerveld Ambities / doelen
Rol gemeente
Termijn
Realisatie
Vestigingsmogelijkheden voor lokale bedrijven
Faciliteren via regelgeving
Kort
Gemeente
Kort
Externe partijen
Middellang
Externe partijen
Middellang
Gemeente in samenwerking met externe
Stimuleren via promotie Over 5 jaar moet 25% van de economische activiteit
Stimuleren
circulair zijn
Indien nodig aanpassen regelgeving Goede voorbeeld geven
Verbeteren kwaliteit bestaande recreatieterreinen
Ondernemers faciliteren via regelgeving
Aanpak permanente bewoning recreatiewoningen
Regisseren
via
Programma
Vitale
Vakantieparken Thematiseren 4 grote kernen op het gebied van
partijen
Stimuleren via promotie
Kort
toerisme en marketing Transitie landbouw
Gemeente in samenwerking met externe partijen
Faciliteren via regelgeving
Lang
Externe partijen
Ambities / doelen
Rol gemeente
Termijn
Realisatie
Elk dorp een plek voor ontmoeting
Regisseren
Middellang
Gemeente
Middellang
Gemeente
Lang
Gemeente
Ambitie 3 - Een leefbaar en inclusief Westerveld
Faciliteren via regelgeving Clustering van voorzieningen en activiteiten binnen
Regisseren
de dorpen
Faciliteren via regelgeving
Minimaal twee multifunctionele locaties
Regisseren 51
Ondersteunende
commerciële
activiteiten
bij
Faciliteren via passende regelgeving in het
maatschappelijke voorzieningen
Omgevingsplan
Hogere voorzieningen clusteren in het centrum van
Regisseren
Kort
Gemeente
Lang
Gemeente in samenwerking met externe
de gemeente Passende
partijen woningbouw
als
drager
van
voorzieningen
Faciliteren van externe partijen
Middellang
Sturen op doelgroep
Externe partijen in samenwerking met de gemeente
Faciliteren via regels Woonruimte voor starters
Faciliteren van externe partijen
Kort
Sturen op doelgroep
Externe partijen in samenwerking met de gemeente
Faciliteren via regels Ruimte voor vernieuwende woonconcepten
Faciliteren via regelgeving
Kort
Externe partijen
Faciliteren via regelgeving
Kort
Externe partijen
Faciliteren via regelgeving
Kort
Externe partijen
Ambities / doelen
Rol gemeente
Termijn
Realisatie
Beschermen bodemwaarden
Uitvoeren
Doorlopend
Gemeente in samenwerking met andere
Promoten Voorzieningen binnen wijken voor mensen met psychische kwetsbaarheid Ruimte
voor
diverse
nieuwe
functies
in
vrijkomende agrarische gebouwen Ambitie 4 – Een gezond en groen Westerveld
relevante bevoegde gezagen Voorzieningen moeten goed toegankelijk zijn
Regisseren
Kort
Uitvoeren School- en sportomgevingen moeten veilig en
Faciliteren
gezond zijn
Uitvoeren
Werken aan verbeteren biodiversiteit
Uitvoeren
Gemeente in samenwerking met externe partijen
Middellang
Gemeente
Doorlopend
Via beheer openbare ruimte en voorlichting
Stimuleren Overal een goede milieukwaliteit
Regisseren
Externe partijen onder regie van de gemeente
Faciliteren via regelgeving en indien wenselijk/nodig een Programma
52
Bijdrage aan pilot verminderd gebruik van
Meewerken
beschermingsmiddelen
Stimuleren
Transitie naar duurzame (kringloop)landbouw
Faciliteren via regelgeving
Kort
Gemeente
Middellang - Lang
Primair door agrarische sector.
Kort
Gemeente in samenwerking met externe
Stimuleren Invullen ontbrekende schakels fietspadennetwerk
Regisseren Uitvoeren
partijen
Ambitie 5 – Een herkenbaar en toekomstgericht Westerveld Ambities / doelen
Rol gemeente
Termijn
Realisatie
Erfgoed: behoud door ontwikkeling
Stimuleren en promoten
Middellang
Externe partijen in samenwerking met de
Faciliteren via regelgeving Verdere beleefbaarheid oorlogserfgoed
gemeente
Regisseren
Middellang
Uitvoeren Lokale duurzaamheidsinitiatieven
Gemeente in samenwerking met externe partijen
Faciliteren
Kort
Externe partijen
Kort
Gemeente al dan niet in samenwerking met
Promoten In de openbare ruimte rekening houden met klimaatadaptatie
Uitvoeren
Voor 2030 minimaal drie potentiële gebieden energieneutraal
Faciliteren met regelgeving
Goede voorbeeld geven
externe partijen Middellang
Promoten
Gemeente in samenwerking met externe partijen
Regisseren Verduurzamingen gebouwen en gronden Defensie
Faciliteren
Kort
Externe partijen
Behouden duisternis en stilte
Regisseren
Kort
Externe partijen
Middellang
Externe partijen en gemeente
Middellang
Externe partijen
Opstellen regels + handhaven 98% recyclebare afvalstromen voor 2030
Regisseren Stimuleren en promoten Goede voorbeeld geven
Versterken link tussen Dwingeloo en Astron/Lofar
Faciliteren
53
De Omgevingsvisie beweegt zich op meerdere schaal- en detailniveaus, van globaal tot meer concreet. Als aanvulling op de uitvoeringsagenda van paragraaf 4.7 wordt een uitnodigingskader geschept voor enkele meer concrete ruimtelijke initiatieven, waarbij we nadrukkelijk een rol voor de externe partijen zien. Als gemeente willen we daarmee ruimte bieden aan de samenleving om eigenaarschap en invulling te geven aan de fysieke leefomgeving.
54
4.8
naar wonen is één van de door de Omgevingswet wettelijk aangewezen activiteiten
Kostenverhaal
In artikel 13.22 van de Omgevingswet 7 is aangegeven dat het college van
waarvoor verevening met de kosten voor een ruimtelijke ontwikkeling mag
burgemeester en wethouders in een overeenkomst bepalingen kunnen opnemen over
plaatsvinden.
financiële bijdragen voor ontwikkelingen van een gebied op basis van een De gemeente Westerveld gaat, mede op basis van deze Omgevingsvisie door met het
Omgevingsvisie of programma.
doen van investeringen die bijdragen aan een algemene verbetering van de woon-, Bovenplanse verevening
leef-, werk- en recreatieve kwaliteiten. Het betreft bijvoorbeeld investeringen gericht
Het totaal aan projecten moet er voor zorgen dat de gemeente Westerveld een goede woon-, werk-, en recreatiegemeente is en blijft. De condities en programmamogelijkheden daarvoor zijn niet voor alle projecten gelijk. Deze verschillen kunnen tot gevolg hebben dat sommige projecten een negatief planresultaat hebben, terwijl andere locaties daardoor een extra positief resultaat kunnen hebben. Door bovenplanse verevening ontstaat de mogelijkheid om tekorten op de ene locatie te verrekenen met overschotten op een andere locatie. Het is daarbij wel verplicht een fonds in te stellen (of gebruik te maken van bestaande fondsen). Zonder een Omgevingsvisie is kostenverhaal van bovenplanse kosten niet mogelijk.
op: 1.
de belevingskwaliteit van de woonomgeving (uitzicht, groen, water en de inrichting van de openbare ruimte);
2.
de functionele kwaliteiten van de woonomgeving (parkeren, sporten, spelen, wandelen, bereikbaarheid en basisvoorzieningen);
3.
de sociale kwaliteiten van de woonomgeving (sociale veiligheid, buurtcontact en het verminderen van overlast);
4.
de bereikbaarheid van woningen, voorzieningen en bedrijvigheid voor inwoners, ondernemers en toeristen;
5.
De gemeente Westerveld wil, wanneer daarvoor aanleiding is, positieve en negatieve grondexploitatieresultaten tussen plannen met een duidelijk onderlinge relatie met elkaar verevenen. Verevening vindt plaats via een fonds dat gevoed wordt vanuit de plannen met een positief exploitatieresultaat.
het imago, de uitstraling en de aantrekkelijkheid van Westerveld als recreatiegemeente, waardoor toeristen verleid worden om langer te verblijven en bestedingen te verrichten.
De gemeente wil de investeringen in de aanleg van maatschappelijke functies en de Financiële bijdrage aan ruimtelijke ontwikkelingen
uitvoering van reconstructies in het stedelijk en landelijk gebied mede bekostigen
Wanneer een grondeigenaar de gemeente verzoekt om de bestemming van zijn grond
door, op basis van vrijwilligheid en in de gevallen waarin de wet dat toe staat, een
te wijzigen, dan mag de gemeente haar medewerking afhankelijk stellen van de mate
financiële bijdrage te vragen.
waarin deze eigenaar bereid is een bijdrage te leveren aan de kosten voor ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente. Ruimtelijke ontwikkelingen zijn bijvoorbeeld, waterberging, natuur en recreatie of de opwek van hernieuwbare energie zijn voorbeelden van ruimtelijke ontwikkelingen. De transformatie van recreatieparken 7
Tot de invoeringsdatum van de Omgevingswet blijft de oude wetgeving van kracht. De zogenoemde kostenverevening wordt tot die tijd aangestuurd vanuit de Wet ruimtelijke ordening (artikel 6.24). 55
5.
Achtergrond
56
5.1
De twee vragen vormden vervolgens de basis voor de vele gesprekken die
Het proces
medewerkers van de gemeente en raadsleden op straat, in de verschillende dorpen
De Omgevingsvisie is een product van onze samenleving. We hebben samen met onze
en bij evenementen, hebben gevoerd met voorbijgangers.
inwoners, ondernemers, betrokkenen en experts gebouwd aan deze Omgevingsvisie. Dit hebben we gedaan in een aantal stappen.
Campagne deel 2 ‘Westerveld Natuurlijk’: gerichte gesprekken Met de uitkomsten van het eerste deel van de campagne is na de zomer 2019 het
Campagne deel 1 ‘Westerveld Natuurlijk’: breed verzamelen van informatie
verdiepende gesprek aangegaan. Tijdens vier dorpenavonden is samen met inwoners,
Het proces van de Omgevingsvisie is in mei 2019 gestart met een brede campagne
aan de hand van een aantal trends, gezocht naar opgaven en concrete ideeën voor de
onder de naam ‘Westerveld Natuurlijk’. Het doel van de campagne was om zoveel
leefomgeving en hoe de gemeente en inwoners samen hiermee aan de slag kunnen
mogelijk inwoners en bezoekers van de gemeente te consulteren en te betrekken aan
gaan. De opbrengst van deze avonden heeft mede de input gevormd voor de
de hand van twee vragen: •
Ik ben trots op mijn dorp/omgeving omdat ...
•
Mijn dorp/omgeving zou nog beter zijn als ...
Samenlevingsagenda. De Samenlevingsagenda is opgesteld voor de korte termijn (circa vijf jaar) en bestaat uit een selectie van concrete ideeën en ambities die naar voren zijn gekomen tijdens de campagne ‘Westerveld Natuurlijk’.
Uitsnede factsheet resultaten campagne, deel 1
Ansichtkaart campagne, deel 1
57
Met de ketenpartners van de gemeente is op 23 september 2019 aan de hand van
Gemeente aan de slag: analyseren en Ambitiedocument
trends doorgesproken over de toekomst van de gemeente. Voor de scholieren van de
De gemeente is zelf aan de slag gegaan met de analyse van het bestaande beleid, het
middelbare school Stad & Esch in Diever is op 24 september 2019 een dag
inventariseren van allerlei informatie (zie volgende paragraaf). Ook heeft de raad een
georganiseerd om van hen te horen wat zij belangrijk vinden voor de gemeente, voor
aantal avonden nagedacht over de inhoud van de Omgevingsvisie.
nu en de toekomst. Hieruit hebben we een Ambitiedocument opgesteld, waarin we de hoofdlijnen van de Omgevingsvisie schetsen. Inwoners zijn in de gelegenheid gesteld op dit document te reageren, schriftelijk, per e-mail of via een digitale inloopbijeenkomst waar bezoekers in gesprek konden met ons. Vervolgens zijn de hoofdlijnen uit het Ambitiedocument verder uitgewerkt in de Omgevingsvisie zoals u die nu voor u heeft.
5.2
Gebruikte informatie
We hebben bij het maken van de Omgevingsvisie gebruik gemaakt van veel informatie die al in eerdere fasen van het proces is verzameld. Het gaat om de volgende onderdelen: Resultaten campagne Westerveld Natuurlijk Zie bijlage 1 Leefomgevingsfoto
Visueel verslag opbrengst Scholierendag Stad en Esch
Zie bijlage 2 Na afronding van de campagne WesterveldNatuurlijk is de Samenlevingsagenda opgesteld. De Samenlevingsagenda bevat een aantal op uitvoering gerichte
Trends en ontwikkelingen
onderwerpen, afkomstig uit de campagne.
Zie bijlage 3
In bijlage 1 vindt u een overzicht van de uitkomsten van de campagne.
58
5.3
Toekomstbestendig
Relatie met bestaand beleid
wonen
De ambities die in onze Omgevingsvisie zijn opgenomen, hebben een relatie met
herkenbaar en
Regionale economie als
paragraaf een overzicht hiervan.
Circulaire economie
Bedrijvig en gastvrij
Naar een vitaal
Toekomstbestendige duurzame
Gezond en groen, bedrijvig
platteland
landbouw, Leader project
en gastvrij
versneller
Relatie met de opgaven vanuit hogere overheden
Nederland staat de komende tijd voor een aantal grote opgaven. Omdat die opgaven
Zuidwest Drenthe en RegioDeal
zich niet beperken tot de grenzen van een gemeente of regio, hebben het Rijk,
Zwolle
gemeenten, provincies en waterschappen afgesproken om – middels het
Merkbaar beter in het
Interbestuurlijk Programma (IBP) – samen tien grote maatschappelijke opgaven aan te
sociaal domein
pakken. Van die tien maatschappelijke opgaven hebben zes een link naar de fysieke leefomgeving: 1.
Samen aan de slag voor het klimaat
2.
Toekomstbestendig wonen
3.
Regionale economie als versneller
4.
Naar een vitaal platteland
5.
Merkbaar beter in het sociaal domein (o.a. aanpak eenzaamheid)
6.
Goed openbaar bestuur in een veranderende samenleving (o.a. aanpak
Sportakkoord, Preventieakkoord
Leefbaar en inclusief
Goed openbaar bestuur
Implementatieprogramma
Bereikbaar en veilig. Zie
in een veranderende
Omgevingswet, invulling ‘ja,
ook paragraaf 1.1
samenleving
mits-benadering’
5.3.2
Relatie met het provinciaal beleid
Het ruimtelijke beleid van de provincie is vastgelegd in de Provinciale Omgevingsvisie en bijbehorende Omgevingsverordening. Hierbij gaat het om gemeente-overstijgende belangen. Net als de gemeente werkt de provincie vanuit waarden en kwaliteiten: voor beide zijn de unieke waarden leidend voor ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving.
ondermijningsgevoelige gebieden en het benutten van kansen door beter digitale
De Omgevingsvisie Drenthe heeft als missie: ‘het waarderen van de Drentse
bereikbaarheid)
kernkwaliteiten en het ontwikkelen van een bruisend Drenthe passend bij deze kernkwaliteiten’.
Hieronder is een overzicht opgenomen van deze zes maatschappelijke opgaven en de
In de periode van 2018 tot 2030 ziet de provincie twee grote integrale opgaven:
wijze waarop Westerveld hier uitvoering aan geeft. Daarbij is tevens een link gelegd met de 5 integrale ambities uit de Omgevingsvisie. Opgave IBP
Leefbaar en inclusief, toekomstgericht
beleid van hogere overheden en ons eigen, bestaande, sectorale beleid. In deze
5.3.1
Woningbouwimpuls rijk
1.
Adaptatie:
aan de gevolgen van klimaatverandering,
Omgevingsvisie:
aan de transitie naar een duurzame energievoorziening en
Regionale Energiestrategie (RES),
Herkenbaar en
voor het behoud van biodiversiteit.
Warmtetransitievisie,
toekomstgericht
Maatschappelijke opgave
Koppeling met ambitie
uitgewerkt in: Samen aan de slag voor het klimaat
Klimaatadaptatie, Watervisie
2.
Waterschap
De economische structuur:
59
het versterken van een uitnodigend en aantrekkelijk vestigingsklimaat.
hebben opgesteld. Deze analyse hebben we gebruikt bij het afwegen en formuleren Deze strategische opgaven komen ook terug in de Westerveldse Omgevingsvisie. De
van onze ambities.
conclusie luidt dan ook dat de Omgevingsvisies van gemeente en provincie goed op elkaar aansluiten.
Ambitie
Sectoraal beleidsdocument/spoor
Bereikbaar en veilig
Gemeentelijk Verkeer en Vervoersplan, Beleidsplan openbare verlichting, Smart mobility (Regiodeal Regio Zwolle)
De provinciale Omgevingsverordening bevat vervolgens de regels ter uitwerking van Bedrijvig en gastvrij
de provinciale Omgevingsvisie. Deze regels hebben een verplichte doorwerking naar
Vitale Parken, Duurzame landbouw, Dashboard Impact
gemeentelijke bestemmingsplannen en omgevingsplannen. De gemeentelijke
Toerisme (Regiodeal Regio Zwolle)
Omgevingsvisie heeft deze verplichting niet. 5.3.3
Economisch uitvoeringsplan, Circulaire economie, Aanpak
Leefbaar en inclusief
Woonvisie, Sociale Structuurvisie, Visie op de openbare ruimte (BrinQ), Handboek openbare ruimte, Cultuurvisie,
Relatie tussen Omgevingsvisie en overig gemeentelijk beleid
Beheerplan kunstobjecten in de openbare ruime, Sociaal plan
De Omgevingsvisie is het strategische document waarin we al onze ambities op
eenzaamheid, Speelbeleid, Grondstoffenplan, Nota
hoofdlijnen met elkaar afwegen, vanuit één overkoepelende langetermijnvisie. Er mag
Grondbeleid
geen strijdigheid ontstaan tussen de Omgevingsvisie en beleidsstukken die al bestaan
Gezond en groen
Lokaal sport- en preventieakkoord, Bomenbeleid, beleid
of in ontwikkeling zijn. De ambities moeten naast elkaar realistisch zijn en bijdragen
jeugdketen, Landschapsontwikkelingsplan, transitie Nationale
aan de langetermijnvisie. Op termijn integreren we de sectorale beleidsstukken in de
Parken
Omgevingsvisie. Dat doen we door:
Herkenbaar en
Erfgoedvisie, Kerkenvisie, Warmtetransitievisie,
-
toekomstgericht
Watertakenplan, Regionale Energiestrategie (in ontwikkeling),
door de strategische componenten uit het sectorale beleid te verwerken in de
Nota Samenwerken aan Duurzaamheid, Energievisie,
Omgevingsvisie, en: -
Beeldkwaliteitsplan Buitengebied
de uitvoeringsaspecten uit het sectorale beleid onder te brengen in
Van ons bestaande beleid hebben we een analyse en samenvatting gemaakt. Die
Programma’s.
beleidsanalyse vindt u in bijlage 4.
Dit zal niet van vandaag op morgen gerealiseerd zijn. Tot die tijd vormen Omgevingsvisie en sectoraal beleid samen het regie- en afwegingskader waarmee de
5.4
gemeente zorg draagt voor een goede ruimtelijke ordening, gericht op het versterken
Achtergrond
van de ruimtelijke kwaliteit, de leefbaarheid en de vitaliteit van de gemeente. Bij
In opdracht van de Stuurgroep Regionaal Landschap Drents-Friese Grensstreek wordt
tegenstrijdigheden gaan de ambities uit deze Omgevingsvisie voor. Hieronder
is
een
overzicht
weergegeven
van
de
relevante
Link met Landschapsbiografie
gewerkt aan een Landschapsbiografie. In de landschapsbiografie wordt het verhaal van het landschap op een samenhangende manier verteld. Kennis uit verschillende
sectorale
vakgebieden – zoals aardkunde, ecologie en historische geografie – wordt daarin bij
beleidsdocumenten die vooralsnog naast de Omgevingsvisie blijven bestaan en
elkaar gebracht, waarmee het verleden en heden van het landschap in beeld wordt
gefaseerd zullen worden geïntegreerd in de Omgevingsvisie. In bijlage 4 is een beleidsanalyse opgenomen die we aan het begin van ons proces tot de Omgevingsvisie 60
gebracht. De Landschapsbiografie is bedoeld als bouwsteen voor de landschapsvisie voor het gebied. Link met de Omgevingsvisie De Landschapsbiografie geeft een beschrijving van het ontstaan, de ontwikkeling en de huidige staat van het landschap. Het document vormt de opmaat voor een op te stellen Landschapsvisie voor de Drents-Friese grensstreek en bevat geen beleidskeuzes. Het concept van de Landschapsbiografie is op 25 juni 2021 vastgesteld door de Stuurgroep Regionaal Landschap en is daarmee vrijgegeven voor openbaring. Op het moment van schrijven moet de Landschapsbiografie nog worden beoordeeld door de gemeenteraad. Vanuit de stuurgroep wordt beoogd om in het najaar van 2021 in gesprek te gaan met de inwoners van Westerveld. Op dit moment is het te vroeg om in te schatten of het waardevol is om de Landschapsbiografie – op termijn - als achtergronddocument te benoemen in de Omgevingsvisie. Daarmee zou het kunnen dienen als handvat en inspiratiedocument bij ruimtelijke initiatieven.
61
Bijlagen Bijlage 1 – Opbrengst campagne Westerveld Natuurlijk Bijlage 2 – Leefomgevingsfoto
Bijlage 3 – Trends en ontwikkelingen Bijlage 4 – Beleidsanalyse
62
Bijlage 1 – Resultaten Campagne Westerveld Natuurlijk
Campagne, deel 2
Campagne, deel 1
Zie ook: https://youtu.be/zpbaX-grPG8
63
64
Bijlage 2 – Leefomgevingsfoto
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
80
81
82
83
84
85
63 parken met bestemming recreatie (2019) 1.200.000 overnachtingen in 2019 Besteding per persoon per dag: € 49,-- (2019)
86
87
88
Verder is sprake van verandering in type huishoudens. Er zal de komende jaren sprake zijn van huishoudensverdunning: steeds minder personen per huishouden. Er is sprake van een groei van eenpersoonshuishoudens en een afname van gezinnen met kinderen.
Bijlage 3 – Trends en ontwikkelingen Het inzichtelijk maken van trends is een noodzakelijke stap richting het formuleren van integrale ambities en opgaven. Zij beschrijven de context waaruit een gedegen onderbouwing van de ambities en opgaven geformuleerd kunnen worden. Daarmee geven zij belangrijke ontwikkelingen weer voor de gemeente Westerveld. 1.
Demografische en sociale trends
Demografie In een groot deel van Nederland neemt de groei van de bevolking af, in sommige delen van het land is er zelfs sprake van bevolkingskrimp. Een aantal Drentse gemeenten hebben hier al mee te maken. Opvallend voor de gemeente Westerveld is dat het aantal inwoners redelijk stabiel is, maar met een verschuiving in de leeftijdsopbouw. Sinds 1998 is de bevolking toegenomen met 4%: van 18.497 in 1998 naar 19.348 in 2019. Er wordt een daling verwacht naar circa 18.000 in 2040 (krimp van bijna 4,7%). In de laatste decennia is de leeftijdsopbouw veranderd en ook in de komende twee decennia worden veranderingen verwacht. Waar het aantal inwoners in de leeftijdscategorie 0-19 jaar afneemt (ontgroening), groeit het aantal inwoners in de leeftijdscategorieën 65+ en 80+ (vergrijzing).
Bevolkingsontwikkeling Westerveld tot 2040 (Trendbureau Drenthe)
Bevolkingsopbouw Westerveld 2018 en 2040 (Trendbureau Drenthe)
89
voorzieningen. Dit betekent dat inwoners relatief lang moeten reizen om bij een voorziening te komen.
Afstand tot voorzieningen Westerveld (Trendbureau Drenthe) Het percentage mantelzorgers in Westerveld is 17,8% en ligt ten opzichte van het Drentse gemiddelde hoger (14,6%). De verwachting is dat door vergrijzing er een toenemende vraag is naar zorg en ondersteuning, ook wat betreft mantelzorg (Trendbureau Drenthe). Huishoudensontwikkeling Westerveld tot 2040 (Trendbureau Drenthe) Eenzaamheid is één van de factoren die bepaalt hoe inwoners de leefbaarheid van een gebied ervaren. Door GGD Drenthe (2016) is onderzoek gedaan naar eenzaamheid in Drenthe. Uit het onderzoek blijkt dat het aandeel mensen dat zich in meer of mindere mate eenzaam voelt, in Drenthe rond de 40% ligt. Voor 19- tot 65-jarigen is dit 39% en voor de 65-plussers 45%. De afgelopen 10 jaar is dit percentage voor beide leeftijdsgroepen gestegen. In de gemeente Westerveld is de mate van eenzaamheid ten opzichte van andere Drentse gemeenten het laagst. Wel zijn er in de gemeente een aantal dorpen waar het eenzaamheidpercentage hoger is dan gemiddeld. Uit onderzoek van het CBS blijkt dat er in de grote tot middelgrote dorpen een hoge kans op eenzaamheid wordt verwacht en een groot aantal eenzame personen. Dit zijn: Havelte, Dwingeloo, Diever, Vledder, Uffelte, Wilhelminaoord en Darp. Ook Frederiksoord valt in dit onderzoek op omdat zij de grootste kans op eenzaamheid laat zien.
Sociaal Gezondheid en vitaliteit is een thema dat meer aandacht krijgt in de samenleving en wordt gelinkt aan de fysieke leefomgeving. Ook in de gemeente Westerveld is er aandacht voor gezondheid in de fysieke leefomgeving (zie ook het hoofdstuk ‘Waar werken we al aan?’ voor het huidige beleid). Door GGD Drenthe is een gezondheidsmonitor voor de gemeente Westerveld uitgevoerd, waarin gezondheidsfactoren zijn opgenomen. Uit de monitor blijkt dat de gemeente op veel thema’s neutraal scoort, zoals alcoholgebruik, bewegen en sport, overgewicht, ervaren veiligheid en geur- en geluidhinder. Verder ‘scoort’ de gemeente positief op het gebied van vrijwilligerswerk en op de fysieke leefomgeving omdat deze gezond gedrag stimuleert, bijvoorbeeld door de aanwezigheid van veilige loop- en fietsroutes en plekken om te sporten en te spelen. Een negatieve afwijking van het gemiddelde is de nabijheid van
2 90
Economische trends
In Westerveld is er aandacht voor verduurzaming en het zoeken naar nieuwe vormen van energiewinning (zon, wind) en mobiliteit om het verbruik van fossiele brandstoffen te verminderen. Dat is te zien in de veranderende energievoorziening in de gemeente. Het gebruik van hernieuwbare energiebronnen neemt toe en het gebruik van fossiele energiebronnen neemt af.
De sector met de meeste arbeidsplaatsen in de gemeente Westerveld is de overheid. Dit heeft onder andere te maken met de werkgelegenheid die de kazerne in Havelte en de gemeente biedt. Een andere grote sector is de zorg. De verwachting is dat de werkgelegenheid in deze sectoren redelijk stabiel blijft. De sector landbouw is op lange termijn minder stabiel, het aantal arbeidsplaatsen in deze sector neemt af door automatisering, verbeterde techniek, schaalvergroting en bedrijfsbeëindiging.
Wat betreft duurzaam energieverbruik geldt dat de gemeente Westerveld op bepaalde aspecten voor loopt op het Nederlands gemiddelde (zonne-energie en energielabel woningen), maar op andere aspecten weer achterloopt (gebruik auto’s op aardgas en gebruik elektriciteit). Verder geldt dat in de gemeente, net als in de rest van Nederland, het elektriciteitsgebruik en gasverbruik van woningen de laatste jaren behoorlijk afneemt.