Bijlage 1 Ontwerp Programma Vitaal Platteland concept
Tekst van het document
te leiden dat de behoefte voor sloop met herbouw van een woning groot is. Omdat er steeds meer agrarische bedrijven stoppen zal de vraag naar de VAB mogelijkheden alleen maar toenemen. Leegstand in ons buitengebied draagt niet bij aan de gewenste ruimtelijke kwaliteit, economische vitaliteit en leefbaarheid van het gebied. Het is daarom van belang om de mogelijkheden voor VAB te verruimen.
In het Actieplan voor internationale werknemers in West Maas en Waal is gekozen om bij vrijkomende agrarische bebouwing de mogelijkheid te bieden om deze te transformeren naar huisvesting van internationale werknemers voor andere ondernemers. Deze mogelijkheid moet worden opgenomen in het VAB-beleid.
Nieuw beleid De huidige regels voor VAB in stand kunnen blijven maar de compensatie sloop – nieuwbouw behoeft verruiming. Daarnaast hebben we de zonering aangepast. De zonering gaat over waar welke nieuwe hoofdfuncties mogelijk zijn en waar herbouw in de vorm van nieuwe woningen mogelijk is. Zie het kader voor beleidsregels voor de regels, de kaart en bijlage 1.
Daarnaast zijn in gesprekken met agrariërs en belangenvertegenwoordigers diverse opmerkingen op het beleid naar voren gekomen: • Er is meer behoefte is aan maatwerk; • De kosten van sloop van alle bebouwing wegen vaak niet op tegen het financieel rendement van één nieuw te realiseren woning. • Voorkom dat de nieuwe (woon)functie botst met omliggende agrarische bedrijvigheid. Als laatste hebben we een inventarisatie gedaan van de initiatieven die circa de afgelopen 15 jaar gebruik hebben gemaakt van de VAB regeling. Hieruit blijkt dat er 20 keer is gekozen voor sloop in combinatie met herbouw in de vorm van compensatiewoningen en 6 keer gekozen voor functieverandering. Hieruit is dus af
Door de zonering in dit nieuwe beleid is sloop en herbouw van compensatiewoningen in de kom niet meer mogelijk. Er mag wel gesloopt worden en het omzetten van de voormalige bedrijfswoning naar wonen wel is toegestaan, maar nieuwbouw moet plaatsvinden op de oeverwal of in de overgangszone oeverwalkom. Dit geeft de intiatiefnemer de uitdaging om een geschikte plek te vinden op de oeverwal om op te bouwen. Hierbij heeft de initiatiefnemer verschillende opties: • Zelf grond aankopen op de oeverwal in een ontwikkelingslint of uitbreidingsplek rondom de kern en hier bouwen; • Samenwerken met andere intiatiefnemer(s) die gebruik willen maken van het VAB-beleid en 25
BELEIDSREGELS VAB-beleid Alleen van toepassing op vrijkomende en vrijgekomen agrarische bedrijfsbebouwing in het buitengebied die met een vergunning is opgericht en minstens vijf jaar rechtmatig is gebruikt (d.w.z. conform de bestemming uit het vigerende omgevingsplan). Hergebruik voor andere functie: • Zie bijlage 1 ‘overzicht van hoofd- en nevenactiviteiten’ voor de toegestane functies als nieuw hoofdgebruik. • Functieverandering van vrijgekomen agrarische bedrijfsgebouwen mag niet leiden tot een beperking van de ontwikkelingsmogelijkheden voor omliggende agrarische bedrijven. De belangen van in de omgeving aanwezige functies en waarden mogen niet onevenredig worden geschaad; • Bij functieverandering moet de bestaande infrastructuur toereikend zijn voor de nieuwe functie; nieuwe functies mogen geen grote verkeersaantrekkende werking hebben; • Nieuwe bebouwing wordt alleen toegestaan wanneer deze op een goede landschappelijke en stedenbouwkundige wijze kan worden ingepast in het buitengebied; • De vestiging van bepaalde typen bedrijvigheid wordt alleen toelaatbaar geacht wanneer het deel van de vrijgekomen agrarische
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
•
•
bedrijfsbebouwing dat niet voor de nieuwe functie wordt gebruikt wordt gesloopt. De te behouden oppervlakte bedrijfsgebouwen is afhankelijk van de functie van het bedrijf dat zich er wil vestigen en is te zien in het ‘overzicht van hoofd- en nevenactiviteiten’ in bijlage 1; Bij functieverandering naar huisvesting voor internationale werknemers moet er voldaan worden aan de aanbevelingen in het Actieplan internationale werknermers van West Maas en Waal en van het Aanjaagteam bescherming Arbeidsmigranten, zoals beschreven in de handreiking effectrapportage van het VNG. Hergebruik voor wonen kan alleen bij karakteristieke of beeldbepalende bedrijfsbebouwing. Hierbij dient alle vrijgekomen (agrarische) bedrijfsgebouwen zonder karakteristieke of monumentale waarde gesloopt worden.
Sloop en herbouw van compensatiewoningen: • De initiatiefnemer heeft bij sloop van alle (voormalige) agrarische bedrijfsgebouwen de keuze zijn bestaande woning uit te breiden, een extra woning te bouwen of nieuwe bijbehorende bouwwerken op te richten. • Bij sloop mag worden gekozen om de (voormalige) bedrijfswoning tot maximaal 1.200 m3 uit te breiden. De toegestane inhoud van de uitbreiding is gerelateerd aan de totale oppervlakte van de gesloopte gebouwen, zoals vermeld in de volgende tabel:
•
gesloopte oppervlakte bedrijfsgebouwen in m2
extra uitbreiding woning in m3
0-750 m2
0,5 m3 per gesloopte m2
>750 m2
0,35 m3 per gesloopte m2
Bij sloop mag worden gekozen voor vervangende herbouw in de vorm van compensatiewoningen: gesloopte oppervlakte bedrijfsgebouwen in m2
compensatiewoningen
0-1000 m2
geen woningbouw
1000-2000 m2
1 vrijstaande woning
2000-3000 m
2 vrijstaande woningen
2
3 vrijstaande woningen
>3000 m2
De bouw van compensatiewoningen is gekoppeld aan een zonering: • Compensatiewoningen mogen worden gerealiseerd op de oeverwal en in de overgangszone oeverwal-kom. Hier mogen ze gerealiseerd worden op het erf waar de agrarische bedrijfsbebouwing wordt gesloopt of in de aangewezen uitbreidingslocaties rondom de kernen en ontwikkellinten. • Er mogen geen compensatiewoningen gerealiseerd worden in het komgebied. Om bij de bouw van een extra woning voor saldering in aanmerking te komen gelden voor elk van de bij de saldering betrokken percelen de volgende voorwaarden: • voor elk perceel geldt dat alle vrijgekomen agrarische bedrijfsgebouwen moeten worden
26
gesloopt met een minimum van 250 m2; •
de extra woning wordt gerealiseerd daar waar dat uit ruimtelijke oogpunt het meest passend is.
Om ongewenste situaties, functioneel gezien of vanuit het oogpunt van ruimtelijke kwaliteit, kan van de grenswaarde van 1000 m2 worden afgeweken om toch in aanmerking te komen voor de bouw van één compensatiewoning. Daarvoor in ruil kan de gemeente wel extra maatregelen eisen voor het verwijderen van verharding en/of versterking van natuur en landschap. Voorstellen voor sloop en herbouw moeten aan volgende randvoorwaarden voldoen: • Goede landschappelijk en stedenbouwkundig inpassing conform de spelregels uit de dorpskwaliteitsplannen en landschapskwaliteitsplan • De huidige bedrijfswoning met bijbehorende bouwwerken, tuin en erf krijgt een bestemming wonen. De rest van het perceel behoudt de agrarische bestemming, maar dan zonder bouwvlak.
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
samen grond aankopen op de oeverwal in een ontwikkelingslint of uitbreidingsplek rondom de kern en met behulp van de salderingsregeling hier gezamenlijk bouwen; Samenwerken met een initiatiefnemer van het VAB-beleid op de oeverwal en op het vrijkomende erf op de oeverwal en met behulp van de salderingsregeling gezamenlijk bouwen.
op de oeverwal die willen verplaatsen naar de kom kunnen ook gebruik maken van het VAB-beleid om de leegstaande schuren die ze achterlaten te slopen. Ook is hergebruik van leegstaande schuren mogelijk, onder andere voor huisvesten van internationale werknemers. De ambitie van de omgevingsvisie om niet meer te bouwen in de kom maar op de oeverwal, is nu ook geintegreerd in de beleidsregels.
In de praktijk moet blijken of initiatiefnemers met deze zonering wel tot uitvoering kunnen komen. De gemeente zal monitoren en evalueren of dit lukt en of er onderzoek gedaan moet worden of er nog aanvullingen in beleid of mogelijkheden nodig zijn. Er liggen bijvoorbeeld kansen om dit vraagstuk regionaal aan te pakken door uitwisseling van sloopmeters. Hierbij kunnen sloopmeters van de te slopen agrarische bebouwing binnen de regio worden verkocht aan een initiatiefnemer die wil bouwen. Dit wordt nu al toegepast in de regio Food Valley. Voorwaarde hierbij is dat de deelnemende gemeenten gelijke VAB-regels hebben.
Sturingsfilosofie Met deze voorstellen faciliteert de gemeente ondernemers met vrijkomende agrarische bebouwing om hier een nieuwe functie voor te vinden of te slopen. Ook reguleert de gemeente dat er geen nieuwe woningen worden toegevoegd in de kom.
•
Actieve rol
Zelf uitvoeren
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
Functieverandering van agrarisch bedrijf naar huisvesting voor internationale werknemers is in dit nieuwe beleid op de oeverwal onder voorwaarden toegestaan. In het komgebied en buitendijks is het niet toegestaan. Hoe draagt dit bij aan de ambities? Met de aanpassingen in het VAB-beleid biedt de gemeente uitgebreidere mogelijkheden aan stoppende agrariërs. Hierdoor wordt het makkelijker om leegstaande schuren te slopen. Intensieve bedrijven 27
Reguleren
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
4.3 Projecten en programma’s Biodiversiteitsplan Eenvoudig gezegd is biodiversiteit de variatie aan in het wild levende organismen op de wereld: planten, dieren, schimmels, bacteriën, enzovoorts. In het biodiversiteitsplan noemen we biodiversiteit ook wel de soortenrijkdom. Niet alle soorten zijn voor de mens direct zichtbaar, denk bijvoorbeeld aan bacteriën. Als soorten verdwijnen en populaties kwetsbaarder worden heeft dat een effect op de leefomgeving. Dat heeft nadelige effecten op onze samenleving. Bijdrage aan ambities • Het waar mogelijk ondersteunen van agrariërs in het overschakelen naar kringloop-/natuurinclusieve landbouw • Helpen van agrariërs bij het verduurzamen en vergroenen van hun bedrijf • Het ontwikkelen van ecologische verbindingen in noord-zuid richting, zo mogelijk gekoppeld aan fietspaden tussen de dorpen • Het ontwikkelen van een fijnmazig groen netwerk Aanleiding West Maas en Waal wil zich de komende jaren samen met inwoners en organisaties inzetten voor het verbeteren van biodiversiteit in dorpen en buitengebied.
Doel van het project Doelen van het project zijn: 1. te zorgen voor meer ruimte waar (wilde) planten en dieren kunnen leven; 2. te zorgen dat de kwaliteit van die plekken beter wordt, zodat ze geschikt worden voor meerdere soorten planten en dieren; 3. te zorgen dat al deze plekken zo goed mogelijk met elkaar verbonden zijn, zodat planten en dieren er ook kunnen komen en er tussen populaties voldoende genetische uitwisseling is.
Sturingsfilosofie De gemeente is zelf uitvoerend.
Trekker van het project Gemeente West Maas en Waal
Bijdrage aan ambities • Het ontwikkelen van ecologische noord-zuid verbindingen, zo mogelijk gekoppeld aan fietspaden • Het ontwikkelen van een fijnmazig groen netwerk door herstel landschapselementen
Samenwerkingen en stakeholders Collectief Rivierenland, Vereniging Streekbeheer, agrariërs, ZLTO, IVN Beschikbaarheid financiering Jaarlijks €20.000 vanuit de gemeente en €20.000 vanuit de provincie (mits subsidie wordt toegekend). Indicatie uitvoeringstermijn In uitvoering.
Actieve rol
Zelf uitvoeren
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
Reguleren
Ecologisch bermbeheer Het project ecologisch bermbeheer is onderdeel van het biodiversiteitsplan. Deze is op 10 oktober 2024 vastgesteld door de raad.
Doel van het project Doel is het verbeteren en uitbreiden van het ecologisch bermbeheer, dat nu plaatsvindt met een reguliere maai-zuigcombinatie. Er zijn streefbeeldkaarten gemaakt waar suggesties op staan voor bermen waarvan het wenselijk is dat ze in de toekomst ecologisch beheerd worden. Het verbeteren van het ecologisch bermbeheer houdt
28
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
in dat het wordt uitgevoerd volgens “Kleurkeur” van de Vlinderstichting. In het kort komt dit erop neer dat er: • Eén- tot driemaal per jaar gemaaid wordt, waarbij het maaisel wordt afgevoerd. • Gebruik wordt gemaakt van materieel dat zo min mogelijk schade toebrengt aan de insecten in de berm, dus geen klepelmaaier. Voor biodiversiteit is maaien met een schijvenmaaier of maaibalk en enkele dagen later afvoeren het beste, maar kostentechnisch, qua overlast en voor wat betreft energieverbruik (en dus CO2- uitstoot) is een maai-zuigcombinatie met een zogenaamde eco-kop (een schijvenmaaier of maaibalk, zoals bijvoorbeeld een Bolex-maaier) beter. • Gefaseerd wordt gewerkt. De uitvoerders van het maaibeheer moeten op termijn beschikken over het certificaat Kleurkeur, waarvoor ze de eendaagse cursus van de Vlinderstichting moeten hebben gevolgd. Op dit moment zijn er nog weinig aannemers die beschikken over dit certificaat.
De volgende onderdelen worden in het project uitgewerkt om het ecologische bermbeheer invulling te geven: • Het opstellen van een nieuw bermbeheerplan, waarin het aantal bermen dat ecologisch wordt beheerd wordt vergroot en waarin wordt beschreven hoe het maaibeheer wordt uitgevoerd (maaifrequentie, maaiperiodes, gefaseerd maaien, te gebruiken maaimaterieel); • Op basis van het verschil in kosten tussen regulier beheer en ecologisch beheer met de maaizuiger met ecokop bepalen welke bermen ecologisch
•
kunnen worden beheerd; Het opnemen van de nieuwe beheereisen uit het bermbeheerplan in de aanbestedingsdocumenten en contracten (gefaseerd werken, gebruik materieel en certifikaat uitvoerders, of kortgezegd: werken volgens Kleurkeur).
Trekker van het project Het project wordt uitgevoerd door de gemeente. Samenwerkingen en stakeholders Biodiversiteitswerkgroep, agrariërs, ZLTO Beschikbaarheid financiering Financiering vindt plaats vanuit het reguliere budget voor het bermbeheer. Indicatie uitvoeringstermijn Het project wordt uitgevoerd zodra dat planningstechnisch mogelijk is. De praktische uitvoering van het nieuwe maaibeheer vindt plaats op het moment dat de nieuwe beheercontracten zijn afgesloten. Sturingsfilosofie De gemeente draagt zelf zorg voor uitvoering. Actieve rol
Zelf uitvoeren
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
29
Reguleren
Gebiedsplan Bijdrage aan ambities • Het ontwikkelen van ecologische noord-zuid verbindingen, zo mogelijk gekoppeld aan noord-zuid lopende fietsverbindingen • Het ontwikkelen van een groen-agrarische zone langs de Grote Wetering (Groene ontwikkelingszone) • Het ontwikkelen van een fijnmazig groen netwerk • Verbeteren en toevoegen fietsroutes tussen Gouden Ham, dorpen en buitengebied • Het inzetten op de ontwikkeling klimaatbuffers in de overgangszone oeverwal-kom • Gezamelijk werken aan een klimaatbestendig buitengebied (hitte, droogte en wateroverlast) Aanleiding Binnen de thema’s ‘Natuur en Landschap’ en ‘Water en Klimaatadaptatie’ vallen een zestal ambities, opgenomen in de omgevingsvisie, die allemaal een ruimtelijke uitwerking behoeven. Het verlies van landbouwgrond om deze ambities te verwezenlijken kwam als centrale zorg naar voren tijdens de gesprekken met agrariërs. Ze hebben aangegeven dat er in de gemeente zo veel mogelijk landbouwgrond behouden moet blijven. Daarbij is tevens aangegeven dat er perspectief moet zijn om voor lange termijn gebruik te kunnen blijven maken van de agrarische natuurbeheerregelingen. Dit draagt bij aan de bereidheid en financiele mogelijkheid als agrarier natuurvriendelijk ingerichte zones langs landbouwpercelen aan het aanleggen en onderhouden.
Vanuit zowel het waterschap als de gemeente zijn er regelingen en/of projecten voor klimaatadaptatie.
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
Door integraal naar de ambities te kijken ontstaan veel mogelijkheden tot het koppelen van kansen. Door ambities te stapelen wordt er zo efficiënt mogelijk omgegaan met de ruimte, waardoor er ook meer landbouwgrond behouden kan worden. Omdat er daarnaast veel stakeholders betrokken zijn bij het uitwerken van deze ambities, zoals agrariërs, het waterschap, de provincie en de gemeente, wordt vanuit het doorlopen proces van programma Vitaal Platteland een gebiedsplan voorgesteld. Door een gebiedsplan op te stellen kan er onderzocht worden waar deze stapelingen op welke manieren mogelijk zijn, onder welke voorwaarden, en welke gebieden als kansrijk worden bevonden om deze op het gebied van landbouw, natuur, landschap, water en klimaatadaptatie te ontwikkelen. Doel van het project Het doel van het gebiedsplan is dat er een helder, integraal en robuust plan komt te liggen voor ambities op het gebied van landbouw, natuur, landschap, water en klimaatadaptatie in het buitengebied. Het gebiedsplan moet zowel inhoudelijk als procesmatig worden uitgewerkt. Dit geeft inzicht in de gebieden waar ambities elkaar het beste kunnen versterken, welke ontwikkelingen we per gebied willen stimuleren welke stakeholders we per gebied nodig hebben en welke middelen ingezet kunnen worden om in een gebied samen een ontwikkeling te realiseren.
Door middel van een pilot kan een specifiek gebied binnen West Maas en Waal worden uitgewerkt. Het doel van deze pilot is enerzijds om te laten zien
hoe de ambities in een concreet gebied gestapeld kunnen worden zodat ze elkaar versterken en er een aantrekkelijk landschap wordt gecreerd. Als stakeholders zien hoe dit uitpakt, kunnen ze eerder bereid zijn om mee te doen aan een volgend onderdeel van het gebiedsplan. Anderzijds is het doel om te testen hoe verschillende stakeholders met behulp van verschillende middelen (subsidies provincie en waterschap, plussenbeleid, grondruil etc.) tot een gezamenlijk plan kunnen komen. Zowel de projectgroep en de gebiedsdenkers benadrukken hierbij om in te zetten op een plek waar de kansen het grootst zijn en er een aanzienlijk gedeelte van de grond in handen is van de gemeente. Een mogelijke locatie voor de pilot kan de Hommelstraat bij Wamel zijn. Hier kan klein worden begonnen, zodat er een voorbeeld ontstaat waarmee draagvlak gecreeerd kan worden voor grotere projecten. Een alternatief is de Nieuwstraat-Lindelaan. Het is aan het project om hier een afgewogen keuze in te maken. Vanuit de input van het proces Vitaal Platteland wordt benadrukt dat het van belang is om over de randvoorwaarden van het netwerk ook langdurige afspraken te maken en een stabiel beleid te ontwikkelen.
Verder zijn er een aantal andere belangrijke aandachtspunten meegegeven: Hoe zorgen de ecologische netwerken niet voor het op slot zetten van de landbouw? Welke maatregelen kunnen agrariërs op eigen land nemen en kunnen er verdienmodellen worden bedacht voor het onderhouden van bijvoorbeeld landschapselementen?
30
Daarnaast kunnen een groot aantal nader te bepalen onderzoeksvragen helpen om de ambities te concretiseren. Het is in het gebiedsplan bijvoorbeeld interessant om te onderzoeken hoe de maatregelen bijdragen aan een klimaatbestendig buitengebied. Met name de noord-zuid verbindingen in het buitengebied lenen zich goed om ambities te stapelen. Hier zien wij kansen om de ambities voor ecologische verbindingen, versterken van landschapsstructuren, aanleg van fietsverbindingen en bevorderen van klimaatbestendigheid te stapelen. Door deze ambities te stapelen in specifieke gebieden maak je de verbindingen robuuster en aantrekkelijker. Trekker van het project Het zou goed zijn als de gemeente de pilot trekt. Hier is nog geen verantwoordelijke voor benoemd. Samenwerkingen en stakeholders Tijdens de projectgroep is benadrukt dat het gebiedsplan tot stand moet komen in samenwerking met agrariërs en partners in het gebied. Door de beperkte ruimte moet je al gelijk beginnen samen met het gebied, omdat je ook grond van derden nodig zult hebben. De agrariërs hebben tijdens de gebiedsdenkerssessies ook aangegeven betrokken te willen worden bij de ontwikkeling van het gebiedsplan. Het waterschap Rivierenland, de Provincie Gelderland en/of de regio zijn belangrijke samenwerkingspartners.
Daarnaast zou men nog kunnen denken aan ruimtelijk adviseurs of experts op het gebied van bijvoorbeeld ecologie of cultuurhistorie.
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
Beschikbaarheid financiering Er zijn nog geen budgetten gereserveerd voor dit specifieke project. Mogelijk kunnen er combinaties worden gezocht met andere programma’s (zoals het financiering voor klimaatadapatie vanuit de regio) en het plussenbeleid, maar aanvullende financiering zal nodig zijn voor de uitvoering van het project en zodat er waar nodig ook compensatie geboden kan worden aan ondernemers. Een andere mogelijkheid is om subsidie van de provincie voor groenblauwe dooradering te krijgen. Ondernemers die meedoen kunnen kijken naar budget voor agrarisch natuurbeheer. Vanaf 2026 komen hier nieuwe gelden voor. Indicatie uitvoeringstermijn Bij voorkeur start het project, met allereerst de pilot, op korte termijn. Dit is afhankelijk van de financiering, zoals het toekennen van de subsidie van de provincie. Sturingsfilosofie Als het gebiedsplan wordt getrokken door de gemeente zal deze het project zelf uitvoeren. Actieve rol
Zelf uitvoeren
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
verminderen. Dat betekent voor West Maas en Waal dat (ruimtelijke) ontwikkelingen zo worden uitgevoerd dat deze het veranderende klimaat het hoofd kunnen bieden én een energie-opwekking realiseren waarbij uitstoot tot een minimum wordt teruggebracht. Het gaat om het vergroten van het aanpassingsvermogen (adaptatiecapaciteit) van de ruimtelijke omgeving bij een veranderend klimaat (definitie uit Klimaatadaptatieplan gemeente West Maas en Waal, IMOSS, 2022). De gemeente is actief bezig met klimaatadaptatie, zowel lokaal als regionaal samen met partners. Regionaal is de provincie Gelderland trekker. Lokaal is de gemeente West Maas en Waal trekker. Met het Klimaatadaptatieplan gemeente West Maas en Waal (IMOSS, 2022) geeft de gemeente inspiratie voor welke klimaatadaptieve maatregelen mogelijk zijn in het buitengebied. Daarnaast heeft de gemeente een visie voor klimaatadaptatie, die deel uitmaakt van de omgevingsvisie. Als vervolg hierop is het Lokaal Uitvoeringsprogramma (LUP) Klimaatbestendig West Maas en Waal opgesteld. Hierin staat wat West Maas en Waal voor de periode 2024-2029 doet en gaat doen om de gemeente klimaatbestendig te maken.
Reguleren
Klimaatadaptatie West Maas en Waal Klimaatadaptatie is een verzameling van ingrepen met als doel onze leefomgeving klimaatbestendig te maken, waarbij we ernaar streven de negatieve gevolgen door hevige neerslag, droogte en hitte te
Bijdrage aan ambities • Het inzetten op de ontwikkeling klimaatbuffers in de overgangszone oeverwal-kom • Gezamelijk werken aan een klimaatbestendig buitengebied (hitte, droogte en wateroverlast) • Benutten van klimaatadaptatie als vliegwiel
31
Doelen Klimaatadaptatie West Maas en Waal In de omgevingsvisie benoemd de gemeente de ambitie om gezamenlijk te werken aan een klimaatbestendig buitengebied. Dit buitengebied bestaat uit de oeverwallen, komgronden en uiterwaarden. Hierbij gaat het enerzijds om keuzes maken voor het juiste grondgebruik op de juiste plek. De landschapstypes vormen hierbij de basis. In principe volgen we de redenering functie volgt peil, waar vroeger peil volgt functie gold. De oeverwallen liggen hoog en droog, terwijl de kom lager en natter is, met name rond de Grote Wetering. Kenmerkend voor de oeverwallen zijn de bosschages, waterpartijen en lanen als onderdeel van (voormalige) kastelen en landgoederen. De oude wielen en kolken herinneren aan dijkdoorbraken en er zijn de veel boomgaarden. Door veranderingen in het klimaat komen deze onderdelen meer onder druk te staan. De droogte heeft onder meer invloed op de stabiliteit en inrichting van (natuurvriendelijke) oevers en naastgelegen wegen. Daar waar natte natuur aanwezig is moet worden voorkomen dat langdurige droogte leidt tot onherstelbare schades aan de natuurwaarden. Op de komgronden vinden veel agrarische activiteiten plaats die afhankelijk zijn van voldoende wateraanvoer en een goede waterberging en -afvoer. We zien steeds vaker hevigere en/of langdurige neerslag en kwelperioden voorkomen.
De komgronden liggen laag in het landschap en door de dikke kleilaag blijven deze langer nat. Dit heeft invloed op de bedrijfszekerheid in het gebruik van de gronden, met name voor de akkerbouw. Percelen zijn in deze perioden moeilijker bereikbaar en risico op rijsporen (schades) zijn
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
aanwezig wat invloed heeft op de bodemstructuur en op de gewassen. Het sterke wisselende karakter in extremen vraagt om een robuust en adaptief watersysteem. Het komgebied kent een zeer open, doch groen karakter. Bij (langdurige) perioden van extreme hitte, kan de zonintensiteit en hoge gevoelstemperaturen leiden tot overlast, schades en gezondheidsproblemen. Voor toekomstbestendig recreatief gebruik een cruciaal aandachtspunt. De gemeente heeft in de uiterwaarden minder bevoegdheden en eigendommen dan achter de dijken. Daarom ligt de focus in de uiterwaarden vooral op samenwerking en co-creatie en communicatie. Relatie programma Vitaal Platteland en Programma Klimaatbestendig West Maas en Waal De programma’s Vitaal Platteland en Klimaatbestendig West Maas en Waal dragen samen met hun maatregelen bij aan een toekomstbestendig buitengebied. Het programma Vitaal Platteland doet dit o.a. door beleid hier op aan te passen. Het programma Klimaatbestendig West Maas en Waal zet in op samenwerking met de regio en op uitvoering. De gemeente heeft al de keuze gemaakt om op de oeverwallen te ontwikkelen richting en kleinschalige mozaiek met verschillende functies. Nieuwe (kwetsbare) functies (zoals wonen) worden, waar dat kan, op een hoger peil aangebracht of buiten kwetsbare zones.
Dit heeft onder andere consequenties voor het beleid voor hoofd- en nevenactiviteiten en het VAB-beleid zoals opgenomen in dit programma Vitaal Platteland. De ambitie om agrariërs te helpen met het meer klimaatbestendig maken van hun bedrijf krijgt
vervolg in het plussenbeleid van het programma Vitaal Platteland. • Daarnaast vragen de ambities voor een klimaatbestendige gemeente om ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied. Deze acties worden opgepakt in het project gebiedsplan en in het programma Klimaatbestendig West Maas en Waal. Op dit moment wordt al gewerkt aan de realisatie van 5ha waterbuffers (regionale opgave) waarvan inmiddels 3,5 ha is/wordt gerealiseerd in West Maas en Waal. Het programma voor klimaatbestendigheid zet verder voor het buitengebied in op het behouden van de haarvaten in het gebied, het vergroten van de zelfvoorzienendheid van agrariers in waterzekerheid (wij kunnen niet altijd voldoende leveren of afvoeren) en het zoeken van verbindingen met recreatie i.c.m. de economische voordelen voor agrariers. Samenwerking met stakeholders Wij zijn ons bewust dat de grondpositie voor klimaatadaptatie veelal bij derden ligt. Samenwerking met derden is hierin noodzakelijk. Dat betekent dat we aan de juiste tafels deelnemen (proces) en dat we de kwetsbaarheden en handelingsperspectieven voor onze regio (inhoud) inbrengen. •
•
Agrariërs: zij ervaren mogelijk klimaatproblemen en zullen maatregelen doen om hier op aan te passen. Anderzijds kunnen zij bijdragen aan het oplossen van problemen op grotere schaal, door bijvoorbeeld klimaatbuffers op hun grond te realiseren of hun watergebruik te beperken. Waterschap Rivierenland: het waterschap is 32
•
beheerder van het watersysteem en daarom een belangrijke stakeholder. Provincie Gelderland: De provincie is verantwoordelijk over het grondwater. Belangenorganisaties: voor de vertegenwoordiging van belangen uit het gebied kunnen belangenorganisaties als LTO worden meegenomen.
Beschikbaarheid financiering Regionaal is er een onderzoeksbudget beschikbaar en gedeeltelijke financiering voor de uitvoering, lokaal is er een uitvoeringsbudget aangevuld met subsidies en co-financiering. Indicatie uitvoeringstermijn Er lopen al projecten hiervoor. Deze uitvoering is hieraan gekoppeld: • regionaal 2025-2030 • lokaal 2024-2029 • daarna nog 1x termijn van 6 jaar Sturingsfilosofie Een deel zal door waterschap en provincie worden uitgevoerd. Een ander deel van de maatregelen kunnen door agrariërs worden uitgevoerd op hun eigen terrein. De gemeente zet zich in om agrariers waar mogelijk te ondersteunen. Er is ook een deel dat in de openbare ruimte door de gemeente kan worden uitgevoerd. Actieve rol
Zelf uitvoeren
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
Reguleren
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
Kwaliteitsplan buitengebied Bijdrage aan ambities • Het ontwikkelen van ecologische noord-zuid verbindingen, zo mogelijk gekoppeld aan noord-zuid lopende fietsverbindingen • Het ontwikkelen van een groen-agrarische zone langs de Grote Wetering (Groene ontwikkelingszone) • Het ontwikkelen van een fijnmazig groen netwerk • Het inzetten op de ontwikkeling klimaatbuffers in de overgangszone oeverwal-kom • Gezamelijk werken aan een klimaatbestendig buitengebied (hitte, droogte en wateroverlast) Aanleiding De gemeente West Maas en Waal is een gemeente met veel cultuurhistorische kwaliteiten die kenmerkend zijn voor de identiteit van de gemeente. Het vastleggen en beschrijven van de omgevingswaarden is van belang onder de nieuwe omgevingswet. In 2019 zijn de dorpskwaliteitsplannen voor de kernen in de gemeente vastgesteld. In deze dorpskwaliteitsplannen geeft de gemeente aan wat de identiteit van de kernen bepaalt en nog belangrijker: hoe die unieke kenmerken behouden en versterkt kunnen worden, om zo samen met initiatiefnemers aan de ruimtelijke kwaliteit van de dorpen te werken. Het beschrijven en vastleggen van essentiële kwaliteiten en waarden in het buitengebied is al gedaan in het inventarisatiedocument van het kwaliteitsplan in 2019. Hiermee ligt er al een goede basis voor het kwaliteitsplan voor het buitengebied.
De Omgevingsvisie beschrijft ambities en keuzes voor verschillende deelgebieden en thema’s. Nu de Omgevingsvisie van West Maas en Waal gereed is, ligt de opgave om het beoogde kwaliteitsplan voor het
buitengebied en buurtschappen, in navolging van de dorpskwaliteitsplannen voor de kernen, vorm te geven. Doel van het project Het doel van het kwaliteitsplan is om initiatieven en ontwikkelingen vanuit een integrale benadering tot stand te laten komen, met aandacht voor de ruimtelijke kwaliteit en identiteit van het gebied. Hiervoor worden de kenmerken en unieke kwaliteiten van het buitengebied beschreven die bepalend zijn voor de identiteit van de gemeente. Vervolgens worden voor de opgaven en ambities uit de omgevingsvisie uitgangspunten en spelregels ontwikkeld. Het kwaliteitsplan moet enerzijds handvatten en inspiratie bieden aan initiatieven en ontwikkelingen over hoe zij kunnen bijdragen aan de ambities van de omgevingsvisie. Anderzijds moet het criteria bieden waaraan plannen getoetst kunnen worden. Het kwaliteitsplan kan daarbij ook als aanvullend document gebruikt worden voor het maken van afwegingen en keuzes van het al dan niet toestaan van initiatieven. Het kan bijvoorbeeld aanvullend werken op het Plussenbeleid. Een document waarin welstand, cultuurhistorie en ruimtelijke kwaliteit integraal worden opgepakt. Trekker van het project De gemeente is trekker van het project, waarbij het gebruik kan maken van adviesbureaus.
Samenwerking met stakeholders Belangrijke stakeholders zijn bewoners in het buitengebied, agrariërs, Gelders Genootschap, provincie Gelderland en de RCE. 33
Beschikbaarheid financiering Er is financiering beschikbaar, mits spreiding over meerdere jaren. Indicatie uitvoeringstermijn Het project start bij voorkeur op korte termijn, om op korte termijn ook richting te kunnen geven aan het Plussenbeleid. Sturingsfilosofie De gemeente zorgt zelf voor uitvoering. Actieve rol
Zelf uitvoeren
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
Reguleren
Monitoren verkeersstromen Bijdrage aan ambities • Het goed monitoren van de (recreatieve) verkeersstromen • Voorkomen dat niet agrarische activiteiten in het buitengebied zorgen voor overlast Aanleiding Tijdens de gesprekken die gevoerd zijn met de projectgroep en de agrariërs komt naar voren dat het verkeer in het buitengebied een belangrijk aandachtspunt is. Zowel voor de verkeersveiligheid in het buitengebied als voor de overlast voor landbouwverkeer moet zorg worden gedragen. Bij teveel verkeer worden er bermen stukgereden met gevolgen voor de verkeersveiligheid.
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
Door de ontwikkeling van onder andere de recreatieve poorten, maar ook door de veranderende functies in het buitengebied door bijkomende nevenactiviteiten kunnen de (recreatieve) verkeersstromen in het buitengebied gaan veranderen. Een toename van (recreatief) verkeer op landbouwwegen en dijken kan tot overlast zorgen voor de agrarische bedrijfsvoering en een onveilig gevoel geven. Doel van het project Het doel van het monitoren van verkeersstromen is een beter inzicht krijgen in de verkeersstromen van de gemeente. Met het monitoren kunnen de veranderingen in de hoeveelheid en de veiligheid van het verkeer in beeld worden gebracht waardoor knelpunten en overlast inzichtelijk worden. Dit dient als basis om mogelijke maatregelen te onderbouwen. Tijdens het proces van Vitaal Platteland kwam als idee naar voren om agrarische kavels te herstructureren. Wegen die niet meer gebruikt worden voor auto- of landbouwverkeer kunnen ingericht worden als fietsroute. Dit is een voorbeeld van een verkeersmaatregel die met behulp van het project kan worden onderzocht. Trekker van het project De gemeente West Maas en Waal. Samenwerkingen en stakeholders Er kunnen aanvullende samenwerkingen worden gezocht met bewoners en agrariërs uit de gemeente om input op te halen over de waargenomen problematiek.
Beschikbaarheid financiering Er zijn nog geen budgetten gereserveerd. Er is op dit moment 1 verkeerskundige bij de gemeente West Maas en Waal in dienst. Dit is niet voldoende capaciteit om dit project uit te voeren. Indicatie uitvoeringstermijn Het project kan starten op middellange of lange termijn, afhankelijk van de capaciteit binnen de gemeente. Sturingsfilosofie De gemeente zal als trekker van het monitoren van de verkeersstromen het project zelf uitvoeren. Actieve rol
Zelf uitvoeren
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
Reguleren
Recreatieve poorten Bijdrage aan ambities • Ontwikkelen recreatieve poorten aan de Waalzijde en bij de samenkomst van Maas en Waal in het westen van de gemeente Aanleiding In de omgevingsvisie van West Maas en Waal is benoemd dat het vinden van een balans tussen de recreatiebehoefte en de impact op de inwoners van de gemeente van belang is. Met de ontwikkeling van verschillende recreatieve ‘poorten’, met ieder hun eigen karakter, kwaliteiten en aantrekkingskracht, wordt recreatie beter verdeeld over de gemeente 34
en de seizoenen en kan de inwoner mee profiteren van de aanwezige voorzieningen. Dit betekent onder andere het inzetten op kleinschalige recreatie in het buitengebied, bijvoorbeeld in de vorm van nevenactiviteiten van agrarische ondernemers. Tijdens de gesprekken kwam naar voren dat er veel mooie plekken zijn in de gemeente, deze kunnen bijvoorbeeld beter zichtbaar gemaakt worden. Samenwerken met lokale organisaties is daarbij een kans. Daarnaast is aangegeven dat het van belang is om meer ‘slecht weer’ voorzieningen te hebben zodat er jaarrond gerecreëerd kan worden. Ook het toevoegen van een grootschalige dagattractie met regionale aantrekkingskracht kwam als idee aan bod. Als aandachtspunt werd er echter ook aangegeven dat deze recreatieve voorzieningen geen hinder mogen opleveren voor de agrarische ondernemer, en dat de komgrond zijn agrarische karakter moet behouden. Doel van het project Het doel van het project is om in samenwerking met bewoners, agrariërs en lokale organisaties in het zoekgebied te onderzoeken welke mogelijkheden en kansen benut kunnen worden voor de ontwikkeling van de recreatieve poorten. Door met elkaar in gesprek te gaan kunnen ambities vanuit de omgevingsvisie, zoals het verbeteren en toevoegen van (recreatieve) fietsroutes en het verbeteren van wandelverbindingen, worden meegenomen.
Zo kan er ook beter worden ingezet op het laten meeprofiteren van lokale inwoners van de
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
recreatieve voorzieningen. Trekker van het project De gemeente West Maas en Waal. Samenwerkingen en stakeholders Het project kan in samenwerking met bewoners, agrariërs en (lokale) ondernemers gedaan worden. Beschikbaarheid financiering Het project is onderdeel van onderzoek i.r.t. visie (vrijetijds)economie. Van hieruit is financiering beschikbaar. Indicatie uitvoeringstermijn Het project start op korte termijn. Sturingsfilosofie Doordat het ontwikkelen van de recreatieve poorten gefaciliteerd is binnen bestaande regelgeving en beleid zal het project voornamelijk agrariërs en ondernemers stimuleren om bij te dragen aan een recreatieve zone. Actieve rol
Zelf uitvoeren
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
Reguleren
Verplaatsen intensieve landbouwbedrijven Met intensieve landbouwbedrijven worden niet-grondgebonden landbouwbedrijven bedoeld. Wanneer een agrarisch bedrijf niet afhankelijk is van de grond als productiefactor geldt het bedrijf als niet-grondgebonden. Voor zover het een veehouderij betreft: een intensieve veehouderij; Voor zover het
een agrarisch bedrijf, niet zijnde een veehouderij betreft: een agrarisch bedrijf dat functioneel niet of nagenoeg niet afhankelijk is van grond als productiefactor, maar waarvan de productie geheel of nagenoeg geheel plaatsvindt in gebouwen, zoals een champignonkwekerij of pot- en containerteelt. In verband met de onduidelijkheid die ontstaat bij de beoordeling of een specifieke veehouderij als grondgebonden of niet-grondgebonden moet worden beschouwd, is ervoor gekozen om voor een limitatief aantal diersoorten aan te geven dat uitsluitend deze bedrijven als intensief moeten worden beschouwd. Dit zijn agrarische bedrijven gericht op het houden van varkens, kippen, vleeskuiken, vleeskalveren, stieren voor roodvleesproductie, geiten, eenden, pelsdieren, konijnen, kalkoenen, of parelhoenders.1 In 2020 heeft de gemeente met de thematische herziening Agrarische bedrijven nieuw beleid voor intensieve landbouwbedrijven vastgesteld. Hiermee hebben de bestaande intensieve landbouwbedrijven een bestemmingsplanwijziging gekregen, waarvan bijna alle bedrijven intensieve veehouderijen zijn en enkele bedrijven andere niet-grondgebonden agrarische bedrijven zijn. Een deel van deze bedrijven ligt op de oeverwal of in de overgangszone oeverwal-kom. Er is vastgelegd dat er geen nieuwe plekken voor niet-grondgebonden agrarische bedrijven bij mogen komen.
De gemeente kiest voor deze beperkingen om een veilige, duurzame en gezonde leefomgeving voor haar inwoners te kunnen borgen, maar ook om de ruimtelijke kwaliteit en het onderscheid tussen kom, oeverwal en uiterwaarden te beschermen. In deze 35
bestemmingsplanwijziging wordt specifiek benoemd: • Intensieve landbouwbedrijven (intensieve veehouderijen en andere niet-grondgebonden agrarische bedrijven) zijn uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding ‘intensieve veehouderij’ of ‘niet grondgebonden’. Deze bedrijven mogen hun bedrijfsvoering voortzetten conform hun huidige, geldende rechten. • Voor bestaande nietvolwaardige grondgebonden veehouderijen (gemengde bedrijven) buiten de aanduiding ‘intensieve veehouderij’ geldt dat alleen de huidige situatie mag worden voortgezet. Voor deze bedrijven geldt dat het aantal dieren in de niet grondgebonden tak niet mag worden vergroot, zodat ze niet doorontwikkelen naar intensieve niet-grondgebonden bedrijven. • In de uiterwaarden zijn niet grondgebonden bedrijven in zijn geheel niet toegestaan. (Voor deze wijziging gold dit verbod ook al in het geldende bestemmingsplan.) • Etagestallen zijn in het gehele buitengebied niet meer toegestaan. Bijdrage aan ambities • Verplaatsen op vrijwillige basis van intensieve landbouwvormen van de oeverwal naar de kom. Aanleiding Met de nieuwe omgevingsvisie kiezen we voor om op de oeverwal en op de overgangszone rondom de dorpen een levendige, kleinschalige groene buffer tussen de dorpen te ontwikkelen. Intensieve landbouwbedrijven worden hierin niet als passend gezien. De ambitie van de gemeente is dat deze
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
bedrijven vrijwillig extensiveren of verplaatsen naar een intensieve locatie in de kom. De financiële ruimte om te extensiveren kunnen bijvoorbeeld gezocht worden in de ontwikkeling van een nevenactiviteit, zie hiervoor het beleid voor nevenactiviteiten. Financiële ruimte voor verplaatsen kan worden gezocht in het VAB-beleid. Uit gesprekken met stakeholders komen de volgende aandachtspunten: • Verplaatsen van een bedrijf kost geld, slopen en nieuwbouwen is immers duur. Ook moet er wel een nieuwe plek gevonden worden, dit is niet eenvoudig. Er is dus echt ondersteuning nodig om de financiering en locatie voor elkaar te krijgen. • Niet elke ondernemer wil verbreden en extensiveren. • Zorg ervoor dat verplaatsen makkelijk gaat. Maak er maatwerk van en ga als gemeente actief samenwerken met de intensieve bedrijven die nu op de oeverwal en in de overgangszone zitten. Doel van project Op het moment dat er een intensief landbouwbedrijf in de kom stopt, is er plek voor een bedrijf op de oeverwal om te verplaatsen. De gemeente moet hier een actieve rol innemen en in gesprek gaan met de intensieve bedrijven op de oeverwal en in de overgangszone om te onderzoeken hoe ze te laten verplaatsen.
paragraaf 4.4, dan zou deze ook dit project kunnen uitvoeren. Samenwerking en stakeholders Samenwerking met de intensieve landbouwbedrijven op de oeverwal en in de overgangszone. Ook moet de gemeente op tijd op de hoogte zijn wanneer een intensief bedrijf in de kom de ambitie heeft om te stoppen. Beschikbaarheid financiering Er is nog geen geld beschikbaar vanuit de gemeente hiervoor. Indicatie uitvoeringstermijn Afhankelijk van de ontwikkeling van de intensieve bedrijven in de kom. Sturingsfilosofie De gemeente neemt hiermee een stimulerende rol op zich. Actieve rol
Zelf uitvoeren
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
Trekker van het project Gemeente West Maas en Waal. Wanneer er een bedrijfscontactfunctionaris voor agrariërs komt, zie 36
Reguleren
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
4.4 Inzet middelen en mensen Bedrijfscontactfunctionaris Bijdrage aan ambities • Ondersteunen agrariërs in overschakelen kringloop-/natuurinclusieve landbouw • Helpen van agrariërs bij het verduurzamen en vergroenen van hun bedrijf • Goed contact tussen agrariër en gemeente • Het ontwikkelen van een fijnmazig groen netwerk door herstel landschapselementen
bedrijfscontactfunctionaris.
Aanleiding Vanuit de gesprekken die gevoerd zijn in het proces zijn signalen afgegeven dat er een afstand bestaat tussen de agrariër en de gemeente. De papieren tijger van de gemeente is vaak te ingewikkeld, tijds- en energierovend. Agrariërs zien de administratieve taken steeds groter worden in verhouding tot de gewone operationele taken van het bedrijf. Eenvoudige zaken zouden makkelijker te organiseren moeten zijn en voor ingewikkelde zaken zou ondersteuning van de gemeente welkom zijn, zoals bedrijfsovername door volgende generatie. De gemeente geeft aan know-how te missen over de agrarische sector. Om de afstand tussen de agrariër en de gemeente te verkleinen en regelzaken te vereenvoudigen zou een bedrijfscontactfunctionaris behulpzaam zijn. Agrariërs hebben aangegeven graag gebruik te willen maken van een
Het doel van een bedrijfscontactfunctionaris is om agrariërs te ondersteunen en helpen bij het procedurele aspect van de bedrijfsvoering. Een bedrijfscontactfunctionaris verkleint de afstand tussen de gemeente en de agrariër, en vervult een expertise gerichte rol bij de gemeente om lopende zaken effectief te navigeren.
Doel Een bedrijfscontactfunctionaris (voor de landbouw) kan een centraal aanspreekpunt zijn voor de agrariër bij de gemeente. Deze bedrijfscontactfunctionaris kan meedenken met de agrariër en binnen de gemeentelijke organisatie effectief procedures organiseren.
Beschikbaarheid financiering Er is al een bedrijfscontactfunctionaris binnen de gemeente, maar deze heeft niet voldoende tijd voor alle werkzaamheden. Er zijn nog geen budgetten gereserveerd voor een extra bedrijfsfunctionaris. Indicatie uitvoeringstermijn Er is onderzoek nodig hoe er vorm worden gegeven aan de wens voor een bedrijfscontactfunctionaris. Hierbij kan gekeken worden naar de mogelijkheden binnen 37
de gemeente, maar ook naar de mogelijkheden bij bijvoorbeeld de provincie Gelderland. Sturingsfilosofie De sturingsfilosofie hangt af van de uitvoering, hier is nu nog geen uitspraak over te doen.
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
4.5 Communicatie- en informatie instrumenten Communicatieplan agrariërs en inwoners Bijdrage aan ambities • Verbeteren contact tussen agrariërs en inwoners • Voorkomen dat niet agrarische activiteiten in het buitengebied zorgen voor overlast
over hun bedrijfsvoering. Binnen het onderwijs stimuleren om bij de agrariër langs te komen werd ook geopperd, om het contact tussen kind en de leefomgeving te versterken. Laat ook kinderen uit de stad meekijken op de boerderij.
Beschikbaarheid financiering Er zijn nog geen budgetten gereserveerd.
Aanleiding TIjdens de gesprekken met de agrariërs werd benoemd dat het contact tussen de agrariër en de burger versterkt kan worden. Agrariërs geven aan dat ze een groeiende negatieve maatschappelijke positie ervaren, mede omdat er veel negatieve aandacht in de media is. De maatschappelijke wensen veranderen sneller dan dat de agrarische ondernemer kan bijbenen. De agrariërs doen hun best, maar ontvangen soms veel commentaar vanuit de omgeving. Goed contact tussen de burger en de agrariër mist.
Belangrijk in het communicatieplan is dat de gemeente faciliteert en stimuleert om contact te verbeteren, maar niet inhoudelijk voor de boer zal gaan spreken. De gemeente kan bijvoorbeeld met lokale organisaties zoals Boerenbewust samenwerken om leuke activiteiten tot stand te brengen, of faciliteren in de communicatie van activiteiten die door ondernemingen worden georganiseerd. De gemeente kan eventueel kijken of budgetten gereserveerd kunnen worden om acties of activiteiten te subsidieëren.
Sturingsfilosofie De gemeente kan het contact tussen agrariër en burger stimuleren met hulp van stakeholders.
Doel van het communicatieplan Een communicatieplan is gericht op het informeren, betrekken en engageren van de inwoners van de gemeente, met als doel de burger dichter bij de agrariër te brengen. Via verschillende kanalen kan informatie worden gedeeld of kunnen activiteiten worden gecommuniceerd. Inwoners kunnen zo bijvoorbeeld agrariërs uit de buurt leren kennen.
Trekker van het communicatieplan Boert Bewust zet zich in voor het contact tussen burger en agrariër. Hiermee kan samenwerking worden gezocht. Zij hebben hier veel ervaring mee en zouden daardoor een goede trekker kunnen zijn. Samenwerkingen en stakeholders • Gemeente West Maas en Waal • Boert Bewust • Agrariërs
Agrariërs hebben aangegeven dat ze graag vertellen 38
Indicatie uitvoeringstermijn Stichting Boert Bewust is al actief in de gemeente.
Actieve rol
Zelf uitvoeren
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
Reguleren
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
Communicatieplan leegstaande schuren Bijdrage aan ambities • Tegengaan leegstaande schuren en verloedering in het buitengebied Aanleiding Om het buitengebied mooi te houden is het van belang dat verloedering wordt tegengegaan. Leegstaande schuren in het buitengebied zijn gevoelig voor verloedering, maar ook voor illegale of verdachte activiteiten. De gemeente heeft te weinig capaciteit en mankracht om hierop te handhaven. Tijdens de gesprekken met agrariërs is echter aangegeven dat het onderhouden van panden duur is, en sloop onrendabel. Het mogelijk maken van passende andere activiteiten in de leegstaande schuren, of het versoepelen van de sloop is dus erg belangrijk om leegstand tegen te gaan. Met het programma Vitaal Platteland is het VAB-beleid en het beleid voor nevenactiviteiten onder de loep genomen. Met de aanpassingen van dit beleid worden de mogelijkheden voor sloop en hergebruik verruimd. Dit geeft kansen om leegstaande schuren in het buitengebied aan te pakken. Doel van het communicatieplan Met de aanpassingen voor het VAB-beleid en het beleid voor de nevenactiviteiten zijn er meer mogelijkheden
om leegstaande schuren invulling te geven of te slopen, om leegstand tegen te gaan. De gemeente kan eigenaren van leegstaande schuren via het communicatieplan stimuleren om deze een nieuwe invulling te geven of te slopen door ze te informeren over de mogelijkheden. Wanneer het nieuwe beleid is vastgesteld is het goed om een informatieavond te organiseren om de agrariërs van de nieuwe mogelijkheden op de hoogte te brengen. Ook kan eventueel een flyer worden gemaakt waarin de nieuwe mogelijkheden helder worden uitgelegd. Ook kan deze informatieavond aandacht besteden aan voorlichting over criminele activiteiten. Wat doe je als er iemand voor je deur staat die iets schimmigs wil doen? Hoe ga je daarmee om? Een laatste manier is om bijvoorbeeld ook eigenaren van leegstaande schuren worden benaderd om samen in gesprek te gaan over de mogelijkheden. Trekker van het communicatieplan De gemeente is trekker. Samenwerkingen en stakeholders • Agrariërs zijn de belangrijkste groep om te betrekken, zij moeten immers met het nieuwe beleid gaan werken. • Voor de organisatie van een informatieavond kan worden samengewerkt met de LTO. Zij kunnen dan 39
•
hun leden uitnodigen en zo zorgen voor een goede opkomst. Stakeholders binnen en buiten de gemeente die zich inzetten voor een veilig buitengebied.
Beschikbaarheid financiering Er zijn nog geen budgetten gereserveerd. Indicatie uitvoeringstermijn Bij voorkeur worden er op de korte termijn budgetten gereserveerd om het project na vaststelling te kunnen uitvoeren. Sturingsfilosofie De gemeente zal door middel van een communicatieplan stimuleren om leegstaande schuren een nieuwe invulling te geven/te slopen. Dit communicatieplan wordt door de gemeente ontwikkeld. Actieve rol
Zelf uitvoeren
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
Reguleren
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
4.6 Afspraken met organisaties Veerdiensten Bijdrage aan ambities • Veerponten instandhouden (deelambitie samenredzame dorpen) Aanleiding De (Maas)veren zijn van groot belang voor de leefbaarheid en bereikbaarheid in deze regio. Tijdens de gesprekken is aangegeven dat deze veerponten in stand moeten worden gehouden, voor de inwoners, de ondernemers en de recreant, maar ook om een leefbaar platteland te kunnen waarborgen. Op dit moment zijn de veerdiensten in de gemeente van verschillende stichtingen en organisaties. Hierdoor loopt de communicatie naar gebruikers toe via verschillende kanalen. Dit is niet altijd handig. Er is daarnaast aangegeven dat deze dienst niet alleen van vrijwilligers zou moeten afhangen, en dat schippers een passende beloning zouden moeten ontvangen. Doel van de afspraken Er kunnen afspraken worden gemaakt tussen de gemeenten, de veerdiensten en de provincie over financiering en communicatie. Op dit moment draagt de provincie via het Gelders Verenfonds bij aan het financieren van de veerdiensten. De provincie ondersteunt de gemeente voor 50% bij het dekken van tekorten van de veerdiensten. Deze ondersteuning
is echter alleen voor veren met een tekort boven € 50.000. Niet alle veren maken hier dus gebruik van. Door afspraken te maken tussen de provincie, gemeente en de organisaties kunnen veerdiensten beter worden ondersteunt.
Sturingsfilosofie Door afpraken te maken met organisaties faciliteert de gemeente het instandhouden van de veerdiensten. Actieve rol
Zelf uitvoeren
Daarnaast is het belangrijk om afspraken te maken met de veerdiensten over de communicatie naar buiten toe, om deze voor de gebruikers helderder en toegankelijker te maken, bijvoorbeeld over de beschikbare vaartijden. Trekker van de afspraken Gemeente West Maas en Waal Samenwerkingen en stakeholders De gemeente West Maas en Waal werkt samen met de gemeente Oss en Maasdriel. Beschikbaarheid financiering De gemeente draagt bij aan de financiering voor de veerdiensten. Indicatie uitvoeringstermijn Er zijn afspraken gemaakt met Maasdriel en Oss om komende tijd de veren tussen deze gemeenten financieel te ondersteunen.
40
Passieve rol
Stimuleren
Faciliteren
Reguleren
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
5. Globaal uitvoeringsplan Overzicht met maatregelen Maatregel
Trekker
Benodigde stakeholders
Financiering
Termijn uitvoering
Huisvesting internationale werknemers
Gemeente West Maas en Waal
Agrariërs, regio Rivierenland, ZLTO
n.v.t.
Aanpassing op korte termijn, na vaststelling
Nevenactiviteiten
Gemeente West Maas en Waal
Agrariërs, ZLTO
n.v.t.
Aanpassing op korte termijn, na vaststelling
Plussenbeleid
Gemeente West Maas en Waal
Agrariërs, provincie Gelderland, ZLTO
n.v.t.
Aanpassing op korte termijn, puntensysteem uitwerken op korte termijn (binnen twee jaar).
Vrijkomende agrarische bebouwing (VAB)
Gemeente West Maas en Waal
Agrariërs, ZLTO
n.v.t.
Aanpassing op korte termijn, na vaststelling. Monitoring tussentijds en evaluatie na twee jaar.
Biodiversiteitsplan
Gemeente West Maas en Waal
Collectief Rivierenland, Vereniging Streekbeheer, agrariërs, ZLTO, IVN
Jaarlijks €20.000 vanuit de gemeente en €20.000 vanuit de provincie (mits subsidie wordt toegekend)
In uitvoering
Ecologisch bermbeheer
Gemeente West Maas en Waal
Biodiversiteitswerkgroep, agrariërs, ZLTO
Financiering vindt plaats vanuit het reguliere budget voor het bermbeheer
Uitvoering op korte termijn
Gebiedsplan
Gemeente West Maas en Waal
Agrariërs, provincie Gelderland, waterschap Rivierenland
Nog geen financiering beschikbaar. Mogelijk koppelingen te leggen met plussenbeleid en subsidies voor groenblauwe dooradering van de provincie
Start project op korte termijn mits de subsidie van de provincie wordt toegekend
Klimaatbestendig West Maas en Waal
• Regionaal: waterschap RIvierenland in samenwerking met provincie Gelderland • Lokale uitvoering: gemeente West Maas en Waal
Agrariërs, provincie Gelderland, waterschap Rivierenland, belangenorganisaties agrariërs en natuur (ZLTO, etc.)
Regionaal is er een onderzoeksbudget beschikbaar en gedeeltelijke financiering voor de uitvoering, lokaal is er een uitvoeringsbudget aangevuld met subsidies en co-financiering
Uitvoering: • regionaal 2025-2030 • lokaal 2024-2029 • daarna nog 1x termijn van 6 jaar
Kwaliteitsplan buitengebied
Gemeente West Maas en Waal
Bewoners, agrariërs, Gelders Genootschap, provincie Gelderland, RCE
Financiering beschikbaar mits spreiding over meerdere jaren.
Start project op korte termijn
Monitoren verkeersstromen
Gemeente West Maas en Waal
n.v.t.
Er is 1 verkeerskundige bij de gemeente West Maas en Waal, om dit project uit te voeren is meer capaciteit nodig, hier is nog geen financiering voor beschikbaar
Start project op middellange of lange termijn, afhankelijk van capaciteit binnen de gemeente
Recreatieve poorten
Gemeente West Maas en Waal
Bewoners, agrariërs, (lokale) ondernemers
Onderdeel van onderzoek i.r.t. visie (vrijetijds)economie, financiering beschikbaar
Start project op korte termijn
Beleid
Projecten en programma’s
41
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
Maatregel
Trekker
Benodigde stakeholders
Financiering
Termijn uitvoering
(vrijwillig) Verplaatsen intensieve bedrijven
Gemeente West Maas en Waal
Agrariërs
Nog geen financiering beschikbaar, kijken naar mogelijkheden vanuit VAB-beleid en bedrijfscontactfunctionaris
Start voorbereidingen op korte termijn, uitvoering als een intensieve bedrijfslocatie in de kom beschikbaar is
Gemeente West Maas en Waal
Provincie Gelderland
Er is nog geen financiering beschikbaar voor een bedrijfscontactfunctionaris specifiek voor agrariërs
Onderzoek op korte termijn, uitvoering afhankelijk van resultaten van dit onderzoek en financieringsmogelijkheden
Inzet middelen en mensen Bedrijfscontactfunctionaris
Communicatie- en informatieinstrumenten Communicatieplan agrariërs en inwoners
Stichting Boert Bewust
Gemeente West Maas en Waal, agrariërs
Stichting Boert Bewust is al actief in de gemeente, er is nog geen financiering beschikbaar vanuit de gemeente
In uitvoering
Communicatieplan leegstaande schuren
Gemeente West Maas en Waal
ZLTO, agrariërs, stakeholders binnen en buiten de gemeente die zich inzetten voor een veilig buitengebied
Er is nog geen financiering beschikbaar
Uitvoering op korte termijn, na vaststelling beleid
Gemeente West Maas en Waal
Gemeente Oss, gemeente Maasdriel, provincie Gelderland
Financiering beschikbaar
In uitvoering
Afspraken met organisaties Veerdiensten
42
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
Bijlage 1 Toegestane hoofd- en nevenactiviteiten Overzicht met toegelaten hoofd- en nevenactiviteiten per zone in het buitengebied H = als hoofdactiviteit mogelijk, N = als nevenactiviteit mogelijk Functies
tot een maximale vloeroppervlakte tot max. 350 m2 tenzij bij een specifieke functie anders is vermeld
Komgebied
Oeverwal
Uiterwaard
Overgangszone oeverwalkom
Recreatieve overgangszone
GNN en ecologische verbindingszone1
Overig
Recreatieve overgangszone
GNN en ecologische verbindingszone
Overig
Overal
Kleinschalig kampeerterrein Max. 25 standplaatsen en alleen in het kampeerseizoen (15-3 t/m 31-10), waarbij gebouwde voorzieningen zoals sanitair en recreatieruimte/kantine op het bouwvlak moeten staan, kampeerplaatsen op of in aansluiting op het bouwvlak en het geheel landschappelijk zorgvuldig ingepast dient te zijn.
H/N
H/N
N
N
H/N
N1
H/N
-
Verenigings- /groepskamperen
N
H/N
-
-
H/N
-
Kleinschalige verblijfsrecreatie Recreatieappartementen en recreatiewoningen alleen mogelijk in bestaande bebouwing. Als nevenactiviteit max. 5 overnachtingsplaatsen, als hoofdactiviteit mogelijk tot een grootte van 500 m2.
H/N
H/N
N
N
Bed & breakfast Max. 10 overnachtingsplaatsen
H/N
H/N
N
Extensieve verblijfsaccommodatie, zoals groepsaccommodaties en kampeerboerderijen Max. 30 overnachtingsplaatsen
H/N
H/N
Kleinschalige horeca gericht op het verstrekken van maaltijden en dranken voor gebruik ter plaatse (bijv. een thee en koffieschenkerij, theetuin, ijs en snackverkooppunt) Als nevenactiviteit max. 50 m2, als hoofdactiviteit max. 250 m2.
H/N
Bezoekerscentrum Verhuur van paarden, fietsen, kano’s enz. ten behoeve van dagrecreatie
Verblijfsrecreatie
N
-
H/N
1
N
H/N
N1
N
H/N
N1
H/N
N1
-
N
H/N
-
H/N
-
H/N
N
N
H/N
N
H/N
N
H/N
H/N
-
H/N
H/N
-
H/N
-
H/N
H/N
-
N
H/N
-
H/N
-
Dagrecreatie
1 Mits is aangetoond dat de nevenfunctie de ecologische kernkwaliteiten en omgevingscondities van de natuur niet aantast.
43
Programma Vitaal Platteland | Concept | Gemeente West Maas en Waal
Functies
tot een maximale vloeroppervlakte tot max. 350 m2 tenzij bij een specifieke functie anders is vermeld
Komgebied
Oeverwal
Uiterwaard
Overgangszone oeverwalkom
Recreatieve overgangszone
GNN en ecologische verbindingszone1
Overig
Recreatieve overgangszone
GNN en ecologische verbindingszone
Overig
Overal
Loonbedrijven
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
N
Opslag agrarische producten (bv. veevoer)
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
N
Hoveniersbedrijven en landschapsbeheer
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
-
Verwerking agrarische producten (bv. ijsmakerij, kaasmakerij)
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
-
Detailhandel in eigen vervaardigde producten en streekgeproduceerde producten (bv. boerderijwinkel) Max. 80 m2.
N
H/N
N
N
H/N
N
N
N
Activiteiten met dieren (bv. manege, dierenasiel/-pension)
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
-
Zorgbedrijven en dagopvang (bv. agrarisch kinderdagverblijf, zorgboerderij) Als nevenactiviteit geen overnachtingsplaatsen.
H/N
H/N
N
N
H/N
N
H/N
-
Opslag2
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
H/N
-
Huisvesting internationale werknemers (IW’ers) niet werkzaam op eigen bedrijf Als hoofdactiviteit alleen mogelijk in voormalige agrarische bedrijfsbebouwing onder de regels van het VAB-beleid en tot max. 50 IW’ers en tot een grootte van 500 m2. Als nevenactiviteit max. 8 IW’ers.
H/N
H/N
N
N
H/N
N
H/N
-
Agrarisch verwante bedrijven
Overige aan het buitengebied gebonden bedrijven